Informatiebrief inzake de Reactienota 'Op weg naar RES 1.0'_Deel2.pdf
Tekst van het document
Zon en wind en de waterkwaliteit De relatie tussen de energietransitie en het watersysteem vraagt om nadere uitwerking en onderzoek. De waterschappen bieden daarom aan de waterschapexpertise, voor zover aanwezig, over de effecten op het gebied van waterkwaliteit en biodiversiteit van zon op water te benutten bij de verdere concretisering van zoekgebieden.
Zon en wind op de keringen De waterschappen zien ideeën opkomen over mogelijkheden voor ontwikkeling van zonne- en windenergie op de waterschapsassets, zoals dijken, waterbergingen en oppervlaktewateren. De waterschappen gaan graag het gesprek aan over welke mogelijkheden hiervoor zijn. Hierbij is het behoud of versterking van taakuitvoering van de waterschappen van belang, maar ook de ecologie, de biodiversiteit en de cultuur- en landschappelijke waarden.
Biomassa In de regio wordt naast de opwek van zonne- en windenergie, ook biogas (covergisting, stortgas, GFT, VGI en RWZI) geproduceerd. Dit gas wordt soms als groengas benut, en soms verbrand voor de opwek van warmte en elektriciteit. Daarnaast kan biomassa worden verbrand voor de opwek van warmte en elektriciteit. De opwek van groengas, warmte of elektriciteit uit biomassa telt niet mee in de opgave voor 35 TWh grootschalige opwek (zon/wind) van de RES. De vraag of de inzet van biomassa voor energieopwekking duurzaam is, is een landelijke discussie. Het kabinet heeft hiervoor onlangs een duurzaamheidskader biogrondstoffen opgesteld. Hierin geeft de Rijksoverheid aan dat zij de inzet van biomassa voor laagwaardige toepassingen, zoals het verbranden van biomassa voor het bieden van basislast voor warmtenetten of het opwekken van elektriciteit, niet langer wenselijk vindt. Dit duurzaamheidskader zal ook voor de RES-regio gelden.
98 Reactienota Noord-Holland Zuid
NOORD HOtflNDSE ENERGIE REGIO
Waterstof Waterstof is geen duurzame productietechnologie, maar een transport- en conversietechnologie. Voor het produceren van groene waterstof is zon of windenergie nodig. Op termijn is waterstof een goed middel om grote hoeveelheden energie op te slaan of te transporteren. De productie van waterstof en eventueel weer terug omzetten naar (bijvoorbeeld) elektriciteit geeft wel conversieverliezen. Groene waterstof speelt een belangrijke rol in de energietransitie, maar de productie ervan is nog duur en het aanbod is beperkt. De inschatting is dat dit niet voor 2030 opgeschaald kan worden. In de concept-RES NHZ zijn nog geen cijfers opgenomen over de huidige productie van groene waterstof, omdat het productieniveau nog beperkt is. Onderzoek naar en productie van (groene) waterstof maakt geen deel uit van de RES 1.0. De uitwerking hiervan vindt plaats op de klimaattafel Industrie. In de RES 1.0 en verder zullen de ontwikkelingen in NHZ verder in beeld worden gebracht.
Kernenergie De RES gaat in op oplossingen die binnen de invloedsfeer en de mogelijkheden van de regio liggen. Bij kernenergie komt de landelijke overheid in beeld (Tweede Kamer). Die zal moeten besluiten of kernenergie wel of niet mogelijk te maken, bijvoorbeeld door financiering van onderzoek of door subsidies. Minister Wiebes van Economische Zaken en Klimaat (EZK) heeft in september jl. bij de Algemene Beschouwingen de Tweede Kamer laten weten - naar aanleiding van de motie-Dijkhoff c.s. - dat het kabinet een marktconsultatie zal houden over de voorwaarden waaronder marktpartijen bereid zijn te investeren in kerncentrales in Nederland, dat het kabinet zal onderzoeken welke publieke ondersteuning daarvoor nodig is en welke regio's er belangstelling voor hebben. De Tweede Kamer wordt voor het kerstreces over de voortgang geïnformeerd. Op 22 september jl. heeft de minister het zogenoemde ENCO-rapport naar de Tweede Kamer gestuurd. Dit is een onderzoek naar de mogelijke rol van kernenergie in de toekomstige energiemix. Het rapport concludeert dat kernenergie op langere termijn en onder bepaalde voorwaarden zou kunnen concurreren met zon en wind. Op dit rapport is veel kritiek gekomen, het laatste woord is er dan ook nog niet over gezegd.
99 Reactienota Noord-Holland Zuid
NOORDHOiANDSE ENERGIE REGIO
In een eerdere reactie op Kamervragen9 is door de minister aangegeven dat om de doelen van het Klimaatakkoord te halen, nieuwe kerncentrales voor de periode tot 2030 niet in beeld zijn. Kernenergie is mogelijk een oplossing voor de lange termijn (vanaf 2030) en niet voor de korte termijn (tot 2030), gezien de tijd die het kost om een kerncentrale te bouwen. Met name het vergunningstraject voor een nieuwe centrale is zeer lang. Nieuwe centrales moeten zorgvuldig ingepast worden in het belang van de nationale veiligheid. Nieuwe technologieën, zoals Thoriumreactoren en minikerncentrales, zijn momenteel nog niet onder marktomstandigheden te produceren. De technologische ontwikkeling is nog niet ver genoeg en ook deze centrales zullen met de nodige voorzichtigheid ingepast moeten worden in het belang van de nationale veiligheid. De verwachting is dus dat qua technologische ontwikkeling en qua vergunningen deze opwektechnologie geen rol gaat spelen tot 2030.
Nieuwe technieken: innovatie In Noord-Holland Zuid zijn veel partijen actief bezig met innovaties op het gebied van duurzame energie. In het RES-proces wordt met innovaties rekening gehouden, doordat de RES iedere twee jaar wordt geactualiseerd. Zo kunnen nieuwe technologische ontwikkelingen worden meegenomen. In de RES 1.0 wordt in de bijlagen een overzicht opgenomen van lopende innovaties in de regio op het gebied van duurzame energieopwekking. Voor de RES 1.0 wordt een thematafel ingericht. Zie bijlage 1 voor de onderzoeksvragen die daarbij worden besproken. Hierbij wordt nadrukkelijk de samenwerking gezocht met het MRA Bureau.
9 Zie https://www.riiksoverheid.nl/documenten/kamerstukken/2020/10/07/beantwoordingkamervragen-over-betaalbaarheid-kernenergie.
100 Reactienota Noord-Holland Zuid
NOORDHOtANDSE ENERGIE REGIO
2
Bijlage 4: Beantwoording van reacties over de uitvoering en overige zaken Een aantal reacties bevat vragen of opmerkingen over de andere klimaattafels en thema’s die samenhangen met de energietransitie. In de reacties worden bijvoorbeeld zorgen geuit over de energiebehoefte van datacenters. Ook worden er vragen gesteld over de energie-infrastructuur, hoe wordt deze geregeld en zijn de plannen haalbaar? Een aantal actieve inwoners en ondernemers geeft in de reacties aan waar zij in de regelgeving of vergunningverlening tegenaan lopen. De reacties geven aan dat een terugkerend knelpunt de onduidelijkheid in de politiek is, zowel landelijk en gemeentelijk als provinciaal. Daarnaast zijn de voorwaarden voor realisatie niet altijd duidelijk.
Andere opgaven Klimaatakkoord De RES 1.0 wordt aangevuld door de actuele stand van zaken van de andere thema’s uit het Klimaatakkoord: mobiliteit, industrie en land- en tuinbouw. Deze thema's maken geen deel uit van (de berekende opwek van) de RES 1.0, maar hebben wel een relatie met de RES.
Datacenters De RES richt zich hoofdzakelijk op de vraag op welke locaties hoeveel zonne en windenergie kan worden opgewekt. Deze ‘groene stroom’ wordt in het net gebracht waar het zich ‘vermengd’ met de rest van de aanwezige elektriciteit en wordt verkocht op de elektriciteitsmarkt. Iedereen, particulier of bedrijf, kan hier stroom kopen, ook datacenters. Het aandeel groene stroom neemt toe door hernieuwbare opwekking van energie, bedrijven kunnen met een zogenoemde garantie van oorsprong (GVO) administratief een deel van dit 'aandeel' kopen. In Nederland neemt de discussie over de wenselijkheid van datacenters toe. De Nederlandse overheid bepaalt onder welke voorwaarden bedrijven - en dus ook datacenters - zich hier in Nederland kunnen vestigen. In de nationale Ruimtelijke Strategie Datacenters zijn uitgangspunten bepaald voor de vestiging van nieuwe datacenters. Hierbij gaat het onder meer om energieefficiëntie, de impact op het elektriciteitsnet, ruimtelijke inpassing en het gebruik van restwarmte. Dit beleid wordt momenteel op regionaal niveau
101 Reactienota Noord-Holland Zuid
NOORDHOiANDSE ENERGIE REGIO
verder uitgewerkt; zo werken de gemeenten Amsterdam en Haarlemmermeer momenteel samen met de MRA aan een vestigingsbeleid voor datacenters.
Onderwijs en arbeidsmarkt De staat van het onderwijs en de arbeidsmarkt is belangrijk voor de uitvoering van de RES. Binnen provincie Noord-Holland is een samenwerkingsagenda (Human Capital Agenda MRA). In de RES 1.0 zal de verbinding worden gelegd naar de relevante onderdelen van deze samenwerkingsagenda.
Energie-infrastructuur De groeiende en veranderende economie zorgt voor een snelle toename van de vraag naar vermogen. Ook het groeiend aanbod (terugleveren) van duurzame elektriciteit vraagt om extra capaciteit van het elektriciteitsnetwerk. Dit netwerk werd zo’n honderd jaar geleden aangelegd, gebaseerd op centrale energiecentrales. Nu wordt decentraal steeds meer energie opgewekt. Daarom werkt de netwerkbeheerder aan aanpassing en uitbreiding van het energienet, daar waar de druk op het net toeneemt. Bijvoorbeeld door extra elektriciteit-verdeelstations te bouwen. Een proces dat vaak jaren duurt. Niet alleen vanwege de bouw zelf, maar ook doordat bezwaar- en beroepsprocedures voor vertraging zorgen. Een flinke uitdaging dus om vraag en aanbod goed op elkaar af te stemmen, zowel in locatie (vraag en aanbod zo dicht mogelijk bij elkaar) als in tijd (wanneer is het elektriciteitsnet aangepast voor extra opwek?). Systeemefficiëntie is een van de beoordelingscriteria van de RES. Dus in de RES 1.0 wordt rekening gehouden met het antwoord op de vraag of het elektriciteitsnetwerk de gekozen oplossingen aankan. De netwerkbeheerders zitten hiervoor aan tafel. Zij zijn partner van de samenwerkingsverbanden Energieregio Noord-Holland Noord en Energieregio Noord-Holland Zuid. Zij rekenen alles door en denken mee, ook over de mix van hernieuwbare energiebronnen en toekomstige innovaties.
Hernieuwbare energiebronnen, zoals windturbines of zonnepanelen, leveren niet continu energie. Daarbij leveren deze energiebronnen niet altijd de energie op de momenten dat ze gebruikt worden. Om deze scheefte in energievraag en energieopwekking op te vangen, is opslag van energie een belangrijk oplossing. Gezien de omvang van onze energievraag zullen opslagmethoden op zeer grote schaal en met zo min mogelijk verliezen
102 Reactienota Noord-Holland Zuid
NOORDHOlANDSE ENERGIE REGIO
mogelijk moeten worden. Hoewel er al verschillende technieken beschikbaar zijn, is grootschalige toepassing nog moeilijk. Elektrische opslag in batterijen geeft de kleinste conversieverliezen, maar grondstoffen om batterijen op grote schaal voor energieopslag te produceren zijn duur. Bij het opstellen van de RES 1.0 is de stand der techniek nog onvoldoende ver om grootschalige energieopslag al mee te nemen. Wel wordt er op de klimaattafel Industrie nagedacht over grootschalige energieopslag, wat dit betekent voor de energie-infrastructuur en hoe deze grootschalige energieopslag ruimtelijk kan worden ingepast. Om de stabiliteit op het elektriciteitsnet te waarborgen bij de grootschalige inpassing van hernieuwbare bronnen als zonne- en windenergie, zijn verschillende nieuwe technologieën nodig. Aan de klimaattafel Elektriciteit worden verschillende thema’s uitgewerkt die de stabiliteit van het elektriciteitsnet moeten waarborgen. •
. or
■
• MM n-on ♦UOO-'
• fc-f'P-tKHm*. t>*wO~r, d«k«, .n doen
Veiligheid Op het gebied van veiligheid lopen diverse trajecten waarin wordt gewerkt aan een kader om verantwoord, consistent en proportioneel om te gaan met
103 Reactienota Noord-Holland Zuid
NOORDHOtANDSE ENERGIE REGIO
de veiligheids- en gezondheidsrisico’s van de overgang naar duurzame energie. Onderzoeksopdrachten Het ministerie van EZK heeft in 2019 twee onderzoeksopdrachten uitgezet inzake de feitelijke en verwachte risico’s van de energietransitie. Het RIVMrapport beschouwt de verdwijnende gezondheids- en veiligheidsrisico’s door de afbouw van fossiele energie.10 Daarnaast beschouwt het Analistennetwerk Nationale Veiligheid de veiligheidsrisico’s van nieuwe energietechnologieën.11 Samen zorgen deze rapporten voor een eerste globale vergelijking tussen de verdwijnende en verschijnende risico’s als gevolg van de energietransitie. Beleidsuitgangspunten In reactie op Kamervragen12 is aangekondigd dat de minister van EZK dit jaar een brief zal sturen aan de Tweede Kamer met daarin de beleidsuitgangspunten die hem voor ogen staan bij het omgaan met veiligheids- en gezondheidsrisico’s van de energietransitie. Bestuurlijke werkgroep In 2020 is een bestuurlijke werkgroep ingesteld die een handreiking voor bestuurders gaat ontwikkelen.13 De handreiking is bedoeld om bestuurders te helpen bij het omgaan met de dilemma’s rondom veiligheidsrisico’s van de energietransitie. Denk aan thema’s als de acceptatie en communicatie over onzekerheid, al doende leren en verbeteren, of de invulling van het voorzorgprincipe bij pilots.
Naar verwachting wordt deze handreiking begin 2021 afgerond en aangeboden aan verschillende organisaties.
Belemmerende regelgeving zon en agrarisch Vaak is de wil aanwezig om energie door middel van zonnepanelen of windturbines op te wekken, maar wordt de regelgeving als belemmerend ervaren. Wat precies wel en niet kan en welke gevolgen individuele keuzes hebben is vaak heel situatieafhankelijk. Het RVO heeft op een rij gezet wat een installatie van zonnepanelen voor agrarische bedrijven kan betekenen, de uitwerking daarvan volgt hieronder. 10 Zie httDsV/www.rivm.nl/nieuws/klimaatakkoord-levert-winst-op-voor-veiligheid-engezondheid. 11 Zie https://www.rivm.nl/sites/default/files/201910/Verkenning<%20risicos%20energietransitie%202019.pdf. 12 Kamerstukken 2019-2020, Aanhangsel nr. 852. 13 De werkgroep bestaat uit vijf burgemeesters, vier wethouders, twee gedeputeerden en één dijkgraaf.
104 Reactienota Noord-Holland Zuid
NOORD HOtflNDSE ENERGIE REGIO
Hoofdlijnen zonnepanelen Op hoofdlijnen geldt voor het plaatsen van zonnepanelen op dak dat dit doorgaans niet vergunningplichtig is. Ook gelden geen welstandsnormen. Vergunningvrij maakt niet regelvrij. Er moet wel worden voldaan aan de voorwaarden voor vergunningvrij bouwen en aan bijvoorbeeld het Bouwbesluit, waarin onder meer technische voorschriften staan omtrent bouwen, constructieve veiligheid, (brand)veiligheid, gezondheid en installaties. Voor gevels geldt meestal wel een vergunningplicht, maar is doorgaans geen grote procedure of bestemmingsplanwijziging nodig. Bij nietgebouwgebonden zon geldt bijna altijd een vergunningplicht en is ook vaak een uitgebreide procedure nodig of bestemmingsplanwijziging. Fiscale gevolgen van zonnepanelen op agrarische gronden Voor agrariërs kunnen zonnepanelen op het agrarische bedrijf fiscale gevolgen hebben. Als een agrariër zelf zonnepanelen realiseert kan hij of zij gebruikmaken van diverse (subsidie)regelingen, waaronder ook fiscale regelingen zoals de saneringsregeling, de milieu-investeringsaftrek (Mia), de energie-investeringsaftrek (EIA) en de vervroegde afschrijving milieuinvesteringen (Vamil). Veel van deze fiscale regelingen gaan niet samen met de subsidieregeling SDE+(+). Dit kan dan een negatieve uitwerking op het bedrijfsresultaat hebben.
Investeringen in een zonne-installatie en daaruit voortkomende inkomsten of opbrengsten uit het exploiteren van een zonne-installatie tellen mee in het bedrijfsresultaat en de daarbij behorende fiscale regelgeving en kwalificatie. Bij grotere zonne-installaties (vooral veldopstellingen) komt het voor dat de financiële inkomsten uit zon zodanig groot zijn in verhouding tot de inkomsten uit agrarische activiteiten dat de fiscus de onderneming of gronden niet langer als (hoofdzakelijk) agrarisch beoordeeld. Daardoor rijst de vraag of de onderneming of de gronden nog langer in aanmerking komt/komen voor specifieke fiscaliteiten voor de agrosector in beeld. De landbouwvrijstelling (vrijstelling overdrachtsbelasting bij verkrijging) geldt enkel onder de voorwaarde dat de grond nagenoeg volledig agrarisch in gebruik blijft gedurende een aantal (meestal tien) jaren. Daarmee kan plaatsing van panelen binnen die periode betekenen dat eerdere vrijstellingen alsnog afgedragen moeten worden. Als eenmaal panelen op de grond staan,
105 Reactienota Noord-Holland Zuid
NOORDHOlANDSE ENERGIE REGIO
is er ook geen landbouwvrijstelling (vrijstelling belasting over waardeverandering) meer van toepassing bij toekomstige verkoop of staking van het bedrijf. Zolang de exploitant van de zonne-installatie dezelfde is als de eigenaar van de grond, hoeft over eventuele waardestijging van de grond niet direct belasting afgedragen te worden. Dit zal uiteindelijk wel het geval zijn bij staking of overdracht van het bedrijf. Ingeval de exploitant van de zonne-installatie een derde is, geldt dat eventuele waardestijging direct fiscaal belast wordt. Een ander voorbeeld is de bedrijfsopvolgingsregeling waarin de voorwaarde geldt dat het bedrijf minimaal een aantal jaren ongewijzigd voortgezet moet worden om voor belastingvrijstelling in aanmerking te komen. Afbouwen of stoppen met het agrarisch bedrijf heeft fiscale gevolgen voor boekwaarde, stakingswinst en dergelijke, en afhankelijk van de rechtsvorm van het agrarisch bedrijf kan dit financieel grote gevolgen hebben. Waar voor landbouwgronden een vrijstelling kan gelden voor de onroerendezaakbelasting, geldt die vrijstelling niet voor een veld met zonnepanelen: zowel grond als zonne-installatie wordt belastingplichtig. Bij toepassing van gebouwen was al geen sprake van vrijstelling voor de onroerendezaakbelasting, daar is hoogstens sprake van verhoging door toevoeging van de panelen.
Bij verhuur van dak of gronden wordt de zonne-installatie vaak als apart WOZ-object aangemerkt en komt de onroerendezaakbelasting van de installatie dan ook voor rekening van de huurder en exploitant van de zonneinstallatie. Gevolgen voor gebruik van andere, niet-fiscale agrarische regelingen Naast fiscale gevolgen kunnen zonnepanelen op het agrarisch bedrijf ook leiden tot verlies in productieruimte, mestrechten en/of toeslagen. Zolang de ruimte (in vierkante meters) voor de agrarische functie niet verandert, heeft de installatie van zonnepanelen geen gevolgen voor agrarische rechten als productie- of mestruimte en landbouwtoeslagen. Met name bij toepassingen anders dan op daken of gevels is er al snel sprake van een beperking van de normale agrarische gebruiksfunctie en dit kan wel gevolgen hebben.
106 Reactienota Noord-Holland Zuid
NOORD HOtflNDSE ENERGIE REGIO
Bij mestruimte en toeslagen is de praktijk dat een (kleine) beperking in het agrarisch gebruik of kleine vermindering van agrarische opbrengst toch betekent dat het recht op mestruimte of toeslagen voor het gehele perceel volledig wegvalt. Voor melkveebedrijven bepaalt de Wet grondgebonden groei melkveehouderij de hoeveelheid grond van de productieruimte en telt grond in gebruik voor een zonnepark hiervoor niet mee. De hierboven genoemde rechten zijn veelal grondgebonden rechten die niet van toepassing zijn op de (grond onder) gebouwen, waardoor bij zon op daken geen sprake van verlies is. Bovendien is bij zon op daken meestal ook geen enkele beperking van de agrarische functie van het gebouw waarop de panelen worden toegepast.
Kansen in de ondergrond De uitvoering van de energietransitie vindt ook in de ondergrond plaats; denk daarbij aan de aanleg van nieuwe warmtenetten, transformatorstations en elektriciteitstracés. Het is wenselijk dat bij de uitvoering ook ‘ondergrondse koppelkansen’ worden benut. Zo kunnen werkzaamheden aan het elektriciteitsnet mogelijk gecombineerd worden met onderhoud aan het drinkwaternetwerk, waardoor kosten bespaard kunnen worden. Deze kansen worden onderzocht bij de concretisering van de zoekgebieden en de gebiedspaspoorten.
107 Reactienota Noord-Holland Zuid
NOORDHOtANDSE ENERGIE REGIO
Bijlage 5: Beantwoording van reacties over zoekgebieden In dit hoofdstuk vindt u de antwoorden van de gemeenten, provincie en waterschappen op de reacties die gaan over specifieke zoekgebieden of lokaal beleid. De beantwoording is in de meeste gevallen gedaan door de gemeente(n) waar de reactie over gaat. Waar nodig, is een aanvulling gedaan door de provincie of de waterschappen. Sommige reacties leiden tot wijzigingen ten opzichte van de concept-RES. In deze bijlage zijn de teksten die wijzigingen in de zoekgebieden aankondigen onderstreept. Een overzicht van de wijzigingen vindt u in hoofdstuk 3. Gedurende de reactieperiode zijn ook veel algemene vragen gesteld over en reacties gegeven op de RES. Deze reacties zijn in deze reactienota niet individueel beantwoord, maar worden per onderwerp behandeld in bijlage 1, 2, 3 of 4. Daarom vindt u de reacties 3, 4, 5, 11, 12, 14, 23, 26, 27, 30, 31, 38, 41, 43, 44, 45, 46, 48, 49, 51, 52, 60, 69, 70, 75, 83, 90, 95, 96, 102, 113, 116 niet terug in deze bijlage. Een overzicht van de wensen en bedenkingen in de Energieregio NoordHolland Zuid vindt u hier. De volledige lijst met reacties is hier te vinden.
108 Reactienota Noord-Holland Zuid
NOORDHOiANDSE ENERGIE REGIO
Amstelland In dit hoofdstuk vindt u de antwoorden van de gemeenten, provincie en waterschappen op de reacties die gaan over specifieke zoekgebieden of lokaal beleid in deelregio Amstelland. De beantwoording is in de meeste gevallen gedaan door de gemeente(n) waar de reactie over gaat. Waar nodig, is een aanvulling gedaan door de provincie of de waterschappen. Sommige reacties leiden tot wijzigingen ten opzichte van de concept-RES. In dit document zijn de teksten die wijzigingen in de zoekgebieden aankondigen onderstreeot. Een overzicht van de wijzigingen vindt u in hoofdstuk 3. Gedurende de reactieperiode zijn ook veel algemene vragen gesteld over en reacties gegeven op de RES. Deze reacties zijn niet individueel beantwoord, maar worden per onderwerp behandeld in bijlage 1, 2, 3 of 4. Daarom vindt u de reacties 3, 4, 5, 11, 12, 14, 23, 26, 27, 30, 31, 38, 41, 43, 44, 45, 46, 48, 49, 51, 52, 60, 69, 70, 75, 83, 90, 95, 96, 102, 113, 116 niet terug in deze bijlage. De volledige lijst met reacties is hier te vinden.
109 Reactienota Noord-Holland Zuid
Reacties op schaal van de deelregio Nr. 6. PWN
Reactie uit reactieformulier met locatie Reactie PWN RES NHZ
HotANDSE ENERGIE HUJIU
/ PWN zet zich als regionale partner, vanuit haar passie voor drinkwater en natuur, in om de energietransitie te versnellen. Natuurlijk kijken we daarbij vanuit de belangen van onze bronnen, infrastructuur en natuur zodat we ook straks, in een energieneutraal Noord-Holland, kunnen zorgen voor uitstekend drinkwater en prachtige natuur. Dit neemt niet weg dat er veel mogelijkheden zijn om de energietransitie te versnellen. Zo zijn we druk bezig met de installatie van meer dan 90.000 zonnepanelen, hebben veel van onze parkeerterreinen al uitgebreide laadvoorzieningen en verkennen we mogelijkheden op het gebied van aquathermie.
Reactie Hartelijk dank voor uw reactie en dat u als partij actief betrokken bent bij het RES proces. Namens de Amstelland deelregio zullen wij PWN bij de uitwerking van de -voor u- relevante zoekgebieden tijdig als samenwerkingspartner betrekken. Daarnaast staat het u altijd vrij om contact op te nemen met de RES vertegenwoordiger(s) van de deelregio c.q. gemeenten.
In de energietransitie zoeken we altijd naar mogelijkheden om werk te combineren en functies te stapelen. Op die manier zorgen we voor de laagste maatschappelijke kosten en creëren we meer ruimte voor landschap en natuur. Zo maken we zelf bijvoorbeeld voor onze zonnepanelen optimaal gebruik van de beschikbare ruimte door zonnepanelen te plaatsen op onze daken, boven parkeerterreinen en op onze spaarbekkens. Vanuit de hierboven beschreven focus op water, natuur en slim combineren kijken we ook naar de RES. Vandaaruit zijn er een aantal generieke en specifieke aandachtspunten die we graag mee willen geven. Onderstaand worden deze weergegeven daarbij focussen we op aandachtspunten vanuit onze drinkwaterlevering en onze natuurgebieden. Drinkwater Wanneer we vanuit onze drinkwaterassets en infrastructuur naar de kaart kijken zien we een aantal zoekgebieden boven onze leidingen. Bij de verdere uitwerking van de zoekgebieden in de RES kunnen we samen specifieker kijken naar de invulling maar er zijn een aantal concrete voorbeelden van zoekgebieden waarbinnen drinkwatertransportleidingen liggen: • In de Haarlemmermeer, nabij Schiphol, staan op dit moment grote velden ingetekend boven transportleidingen van PWN. Dat vraagt nauwkeurige afstemming en gezamenlijk ontwerp om problemen te voorkomen. • Rondom Heemskerk Lagrand is een vlak ingetekend voor zon en wind.
Hier ligt een knooppunt van ons leidingnet en deze moet helaas echt vrij blijven van zon- en windenergie. We kijken hier graag samen naar alternatieven. • Weesperkarspel: Ten oosten van de productielocatie Weesperkarspel zijn plannen voorzon en wind. Hier liggen een aantal grote transportleidingen die ’t Gooi voorzien van drinkwater het is belangrijk om hier vroeg in het proces over af te stemmen. Vaak is er veel mogelijk met maatwerk. We zijn groot voorstander van het combineren van werkzaamheden op het gebied van duurzame energie, warmte, drinkwater en andere ondergrondse activiteiten. Dit beperkt de overlast en reduceert de maatschappelijke kosten. In alle gevallen zijn er echter een aantal randvoorwaarden waar in ieder geval aan moet worden voldaan. • Het is belangrijk om bij de realisatie van wind en of zon stroken boven de drinkwaterleidingen vrij te houden. Afhankelijk van het tracé en de diameter van de drinkwaterleidingen kan die Vrije strook' variëren van 2 meter tot 15 meter. • Bij de verdere uitwerking van de plannen is het noodzakelijk dat er conform de WIBON (Wet Informatie uitwisseling Bovengrondse en Ondergrondse netten) een oriëntatiemelding wordt gedaan om ligging gegevens op te vragen. Met deze liggingsgegevens moet rekening gehouden worden in de plankaarten.
• De activiteiten rondom de realisatie van zon en wind (werkwegen, bouwplaatsen, kabeltracés) kunnen invloed hebben op de ligging van de waterleidingen. Hoogspanning tracés naast leidingen kunnen zelfs zorgen voor ongewenste opwarming van het drinkwater. We sluiten daarom graag aan de voorkant aan in het ontwerpproces zodat we kunnen zoeken naar een optimale inpassing. Voor de volledigheid verwijzen we daarom voor de procesgang rondom graafwerkzaamheden naar de WIBON en de CROW500 "Richtlijn zorgvuldig grondroeren van initiatief- tot gebruiksfase"
110 Reactienota Noord-Holland Zuid
HOtflNDSE ENERGIE REGIO
z Natuur Zoals eerder aangegeven zijn we als PWN zelf continu opzoek naar mogelijkheden om onze energievoorziening te verduurzamen en kijken we hierbij naar mogelijkheden om functies te combineren zodat we slim opwekken en meer ruimte creëren voor natuur en landschap. We zoeken daarbij graag de samenwerking op. Zo delen we graag kennis over onze 'zon op water' opstellingen in het RES proces zodat eventuele nieuwe locaties kunnen leren van de kennis die we bij deze projecten opdoen. Tegelijk zijn er ook op het gebied van natuur een aantal randvoorwaarden waar, vanuit het behoud van natuur en recreatiewaarden, aan moet worden voldaan. Daarbij vragen we specifiek aandacht voor onze duinparkeerplaatsen. Deze bevinden zich midden in of pal naast onze natuurgebieden. Het overkappen van de parkeerterreinen doet een te grote inbreuk op de natuur en recreatiewaarden van deze gebieden. We zijn zeker voorstander van zonnepanelen boven parkeerterreinen en zijn zelf één van de eerste partijen die deze gerealiseerd hebben maar dat doen we altijd op locaties waar onze natuurwaarden niet in het geding komen vandaar dat het voor ons geen optie is om zonnepanelen boven deze duinparkeerterreinen te realiseren.
Daarbij vragen we specifiek aandacht voor: • Geversduin (Heemskerk) • Wind en zongebied zoekgebied over het Kieftenvlak • _____Oudendijk___________________________________________________________________________________________
Gemeente Aalsmeer Nr. 1. Bewoner
47. Werkgroep Aalsmeer Gasloos
Reactie uit reactieformulier met locatie Hulde voor alle inzet om de transitie mogelijk te gaan maken, ik ondersteun de inzet om breedschalig duurzame energie op te wekken in de regio en waardeer de plannen die daarvoor op tafel liggen, ik denk wel dat het plannen niet het probleem zal zijn, maar dat dat in de uitvoering nog wel tot de nodige perikelen zal leiden, ik hoop echter op een sterk doorzettingsvermogen van de overheden samen met de burgers om dit ook echt te realiseren. Reactie Werksroeo Aalsmeer Gasloos (zie Biilaee 13 - Werksroeo Aalsmeer Gasloos) a) Het door de Regio Noord-Holland Zuid gedane bod van 2,7 TWh is slechts indicatief. Zonder noodzaak/plicht tot compensatie zal de 2,7 TWh niet gerealiseerd gaan worden. b) Communiceer duidelijk wat de ruimtelijke impact is van zonneweides en het verschil in ruimtegebruik tussen een windturbine en een equivalent aan zonnepanelen. c) De opwek van nieuwe energie vindt in de transitieperiode plaats met behulp van Biomassa. Je kan niet ongestraft een element uit het Klimaatakkoord trekken zonder alternatief. d) Zon en wind zijn niet het hele jaar voor handen. Er zal leveringszekerheid geboden moeten worden voor de perioden in het jaar dat de zon niet schijnt en het windstil is.
Reactie Hartelijk dank voor de 'hulde'. Gemeente Aalsmeer zet zich i.s.m. de regio, Provincie Noord-Holland en de lokale samenleving in om duurzame-energie-opwek in Aalsmeer passend te realiseren. Gemeente Aalsmeer heeft hiertoe ook 'Kader Zonne-energie Aalsmeer' in voorbereiding. Deze kaders maken duidelijk waar en onder welke voorwaarden duurzame energie-opwek mogelijk is.
a) b)
c) d) e)
Gemeente Aalsmeer waardeert de reactie van de Werkgroep Aalsmeer Gasloos. Het is heel fijn dat er vanuit de lokale samenleving constructief wordt meegedacht over de wijze waarop de Energietransitie vorm kan worden gegeven. Hiervoor verwijzen wij u naar bijlage 2, 3 en 4 van dit document. Gemeente Aalsmeer heeft kennis van en aandacht voor de ruimtelijke impact en ruimte gebruik van zowel zon- en windenergie, bij verdere concretisering van de zoekgebieden, waaronder participatie, zal hier wanneer relevant aandacht voor zijn. Hiervoor verwijzen wij u naar bijlage 2, 3 en 4 van dit document. Hiervoor verwijzen wij u naar bijlage 2, 3 en 4 van dit document. Gemeente Aalsmeer legt, mede op basis van de lokale kaders Zonne-energie, de focus op het stimuleren van ‘Zon op dak’ op dit moment onderzoekt de gemeente de mogelijkheden voor een stimuleringsaanpak. Minister Wiebes heeft aangekondigd dat de opvolger van het Bouwbesluit, het BBL, onder de Omgevingswet gemeenten meer mogelijkheden biedt om eisen te stellen ten aanzien van energetische kwaliteit van gebouwen en zonne-energie-opwek. Wij zien uit naar de uitwerking hiervan en volgen dit op de voet.
111 Reactienota Noord-Holland Zuid
NOORDHOtANDSE ENERGIE REGIO
e)
f)
g)
h) i)
j)
k) l)
Zon op bedrijfspanden dient gestimuleerd te worden. Bij toekomstige vergunningverlening van bedrijfspanden dient dan ook expliciet de vergunningverlening opgenomen te worden dat de constructie van het dak geschikt moet zijn om zonnepanelen te dragen. Tevens dient de gemeente de mogelijkheid te krijgen om bedrijven te verplichten hun dak beschikbaar te stellen voor de opwek van nieuwe energie. Zon op huizen behoort niet tot de RES doelstelling. Desondanks stelt de werkgroep voor het plaatsen van zonnepanelen op woningen sterk te stimuleren. Niet alle ingetekende locaties voor zon op parkeerplaatsen zijn realistisch (Praamplein en Raadhuisplein). Zoekgebied zon en wind Zuider-Legmeerpolder sluit niet aan bij de concept Zonneladder die de Gemeente Aalsmeer heeft gepresenteerd. Zon op landbouwgrond past dan niet meer. Onderzoek naar windturbines langs de dijk Bilderdam/Herenweg kan op instemming van de Werkgroep rekenen waarbij 50% mede-eigenaarschap van de omwonenden via een energiecoöperatie voorwaarde moet zijn. De Werkgroep adviseert om terughoudend te zijn met plaatsen van zonnepanelen in natuurgebied Oosteinde. De werkgroep adviseert de Gemeente Aalsmeer een actief communicatieplan op te stellen in aanloop naar de vaststelling van de RES 1.0 om inwoners en ondernemers mee te krijgen in de uitgangspunten van de RES.
f)
g)
h)
i)
j)
k)
l)
Minister Wiebes heeft aangekondigd dat de opvolger van het Bouwbesluit, het BBL, onder de Omgevingswet gemeenten meer mogelijkheden biedt om eisen te stellen ten aanzien van energetische kwaliteit van gebouwen en zonne-energie-opwek. Wij zien uit naar de uitwerking hiervan en volgen dit op de voet. Gemeente Aalsmeer heeft een stimuleringsaanpak en ondersteuningsaanpak voor 'Zon op Huizen’. Via groepsaankopen worden woningeigenaren gestimuleerd en ontzorgd bij de aanschaf van zonnepanelen. De Duurzaamheidslening ondersteunt woningeigenaren bij de financiering van deze investeringen. Gemeente Aalsmeer deelt deze zienswijze en verzoekt de parkeerplaatsen Praamplein en Raadhuisplein te verwijderen als onderdeel zoekeebieden ‘Zon op parkeerplaatsen’ in Aalsmeer en dit te verwerken in de RES 1.0. Gemeente Aalsmeer is het eens met de constatering van zonne-energie in de Zuiderlegmeer Polder niet aansluit bij de Kaders Zonne-energie waar naar verwachting in december 2020 besluitvorming over plaats vindt. Gemeente Aalsmeer stelt in haar afwegingen om zonne-energie al dan niet toe te staan het toepassen van de lokale kaders Zonne-energie voorop. Toch zal er bij het nader concretiseren van dit zoekgebied ook aandacht zijn voor eventuele mogelijkheden voor zonne-energie.
Gemeente Aalsmeer vindt ook dat de lokale samenleving moet kunnen profiteren van lokale energieopwek in de besluitvormingsstukken aangaande de concept-RES is dit dan ook als uitgangspunt benoemd. Bij de verdere concretisering van dit zoekgebied worden zowel ruimtelijk als qua draagvlak de mogelijkheden voor zonne-energie verder onderzocht. De gemeente is bekend met huidige ruimtelijke beperkingen bijvoorbeeld als gevolg van NNN. Gemeente Aalsmeer legt bij de uitwerking van de RES de focus op generieke zoekgebieden zoals Zon op dak. Pas na vaststelling van de RES 1.0 wordt gewerkt aan het concretiseren van de specifieke zoekgebieden. Zowel bij de uitvoering van het stimuleren van zon op dak of participatie i.k.v. concretiseren van specifieke zoekgebieden is een plan van aanpak in ontwikkeling, communicatie en participatie maken daar een belangrijk onderdeel van uit.______________________________________
Gemeente Diemen Nr. 25
Reactie uit reactieformulier met locatie Ik mis de opmerking dat er rekening gehouden moet worden met de vliegroutes van vogels en vleermuizen. Ook zijn er locaties met veel ringslangen.
Reactie Vanuit de gemeente Diemen nog de volgende toevoeging: Uitgebreid locatie-onderzoek naar vogeltrekroutes en het leefgebied van ringslangen is in deze fase (naar de RES 1.0) niet voorzien. Wel zal er worden gekeken naar bestaande wet- en regelgeving (zoals bijvoorbeeld NNN, BPL) en andere bestaande informatie, bijvoorbeeld over ecologische verbindingszones in Diemen en internationale vogeltrekroutes. We willen de concretisering van de zoekgebieden voor de RES 1.0 in overleg met Diemense en regionale natuurorganisaties vormgeven. Indien daarna daadwerkelijk een windpark en/of zonneparken moeten worden gerealiseerd dan kan er mogelijk een plan-m.e.r. worden uitgevoerd met diepgaander onderzoek. Ook wordt het dan het doel om locaties in het beleid te verwerken. Er dient in dat kader verder onderzoek te worden gedaan naar de ecologie van het betreffende gebied. Hierbij wordt dan grondig bekeken welke consequenties er zijn voor de plaatselijke flora en fauna inclusieve de ringslang.
112 Reactienota Noord-Holland Zuid
NOORDHOtANDSE ENERGIE REGIO
28. Bewoner
81.Bewoner
Regeringsbeleid, klimaatakkoord, gemeentelijk beleid en aanwijzingsbeleid provincie maken het houden van inspraakbijeenkomsten tot een lachertje. Wat is er gebeurd met de uitkomst van de bijeenkomst. Zoekgebied langs het Amsterdam Rijnkanaal is belangrijke uitgansgebied voor Diemense inwoners. Daar massaal masten plaatsen is het recreatiegebied vermoorden. Uw tekst bij .infrastructuur waarschuwt hier ook voor. Plaatsing van windmolens in en rondom stammerdijk regio is onwenselijk vanwege gezondheidsaspecten en omgevingsvervuiling. Er moeten ook alternatieve duurzame energie maatregelen mogelijk zijn.
Het houden van inspraakbijeenkomsten is voor de gemeente Diemen een belangrijke manier om erachter te komen wat er leeft. De uitkomsten van het Lokale Scenario Atelier zijn uitgebreid gedocumenteerd fkiik hier) en worden meegenomen in het vervoletraiect. Zoeksebieden waarvoor veel enthousiasme bestaat (bijvoorbeeld zon op daken) krijgen prioriteit. Voor controversiële zoekgebieden (bijvoorbeeld langs het Amsterdam-Rijnkanaal) geldt dat er extra aandacht aan moet worden besteed. Bezwaren van inwoners en andere stakeholders moeten zorgvuldig worden meegewogen. De gemeente Diemen heeft zoekgebieden voor wind- en zonne-energie in en rond het Diemerbos gedefinieerd. Nader onderzoek moet uitwijzen of er daadwerkelijk windmolens geplaatst kunnen worden en of de gemeente Diemen er planologische medewerking aan gaat verlenen. Hierbij wordt rekening gehouden met alle wettelijke normen.
Gemeente Ouder-Amstel Nr. 82.Burgemeester
Reactie uit reactieformulier met locatie Zie bijgaande brief, vastgesteld in het college van B&W van De Ronde Venen op 29 september. Biilage 28 - Reactie de Ronde Venen
Reactie Ouder-Amstel is bijzonder. Tal van snelwegen en spoorlijnen doorkruisen haar grondgebied met effecten op het gebied van geluid en lucht. Ook Schiphol en de oprukkende stedelijke ontwikkelingen mogen daarbij niet vergeten worden. Het nog aanwezige groen en water, daar zijn inwoners trots en zuinig op. Los hiervan is met zo veel mogelijk neutrale houding gekeken wat Ouder-Amstel toch nog kan bijdragen aan de energie-opwek. Hiervoor is in januari een bewonersavond gehouden. Een van de bouwstenen die op instemming van de aanwezigen kon rekenen was ‘windturbines langs snelwegen’. Gezien de wettelijke voorgeschreven afstand tot woningen is de enige mogelijkheid voor windmolens langs de snelwegen, de oksel van de A2/A9. Door de lijn van de snelweg te volgen voor ons zoekgebied, zijn wij van mening dat we hebben voldaan aan een goede ruimtelijke ordening. Op 29 maart 2020 is er een brief verzonden aan de inwoners van De Ronde Venen, die het dichtst bij het zoekgebied wonen. Hierin is aangeboden in gesprek te gaan. U vraagt ons het landschap en de omgeving van zoekgebieden centraal te stellen. Dat was reeds onderdeel van de lokale afweging bij de concept-RES en dit zullen wij meenemen in de impactstudie natuur en landschap die in november uitgevoerd zal worden.
Daarnaast blijven we graag samenwerken met onze omliggende gemeenten, waaronder De Ronde Venen, om te kijken hoe we een zo samenhangend mogelijk beeld kunnen neerzetten met de drie gemeenten. Ook willen we graag samen met de gemeente De Ronde Venen onderzoeken hoe we de inwoners van de gemeente De Ronde Venen kunnen betrekken in het vervolgproces, bijvoorbeeld als het gaat om lokaal eigendom.
113 Reactienota Noord-Holland Zuid
NOORDHOtflNDSE ENERGIE REGIO
Amsterdam In dit hoofdstuk vindt u de antwoorden van de gemeente, provincie en waterschappen op de reacties die gaan over specifieke zoekgebieden of lokaal beleid in deelregio Amsterdam. De beantwoording is in de meeste gevallen gedaan door de gemeente. Waar nodig, is een aanvulling gedaan door de provincie of de waterschappen. Sommige reacties leiden tot wijzigingen ten opzichte van de concept-RES. In dit document zijn de teksten die wijzigingen in de zoekgebieden aankondigen onderstreept. Een overzicht van de wijzigingen vindt u in hoofdstuk 3. Gedurende de reactieperiode zijn ook veel algemene vragen gesteld over en reacties gegeven op de RES. Deze reacties zijn niet individueel beantwoord, maar worden per onderwerp behandeld in bijlage 1, 2, 3 of 4. Daarom vindt u de reacties 3, 4, 5, 11, 12, 14, 23, 26, 27, 30, 31, 38, 41, 43, 44, 45, 46, 48, 49, 51, 52, 60, 69, 70, 75, 83, 90, 95, 96, 102, 113, 116 niet terug in deze bijlage. De volledige lijst met reacties is hier te vinden.
114 Reactienota Noord-Holland Zuid
NOORDHOiANDSE ENERGIE REGIO
Nr. 8. Onderne mer
Reactie uit reactieformulier met locatie 1. Zoeklocaties zijn realistisch. 2 Meer innovatieve, multifunctionele inpassing van zon (wegdek, dammen) is mogelijk. 3. Experimenteren met de verticale rotor turbines nodig. 4. Meer inzet van geothermie is mogelijk, bijvoorbeeld warmte wisseling. 5. Ruimtelijke inpassing voor Amsterdam is realistisch, maar bij alle (100%) plannen kan betrokkenheid van de lokale ondernemers en bewoners worden gevraagd. 6. Meer aandacht voor instrumenten nodig om 'papieren tijger' te voorkomen
Reactie Dank voor uw inbreng. Amsterdam wil een substantiële bijdrage leveren aan de ambities in het nationale klimaatakkoord. De ambitie is 350 MW extra zon op daken en dubbel ruimtegebruik, en 50 MW extra windenergie realiseren in uiterlijk het jaar 2030 (opgesteld vermogen). In het kader van het proces van de regionale energiestrategie (RES) zijn er zoekgebieden voor wind- en zonne-energie door heel Amsterdam aangewezen. Deze bevatten nog geen specifieke locaties voor windmolens. De precieze haalbaarheid, wenselijkheid en invulling van de zoekgebieden worden komende tijd nader onderzocht. Hierbij wordt een brede belangenafweging gemaakt. Bij deze afweging probeert gemeente Amsterdam de hinder zoveel mogelijk te beperken door rekening te houden met de natuur, ruimtelijke inpassing, migratieroutes van vogels, geluidsoverlast en slagschaduw. Met blik op de haalbaarheid wordt rekening gehouden met de capaciteit van de elektriciteitsinfrastructuur. Amsterdam vervolgt in november het participatieproces voor inwoners en belanghebbenden in de zoekgebieden. De aanwezigen wordt gevraagd de gemeente te adviseren over plekken voor windmolens. De adviezen worden in 3D gevisualiseerd en openbaar gedeeld. De resultaten uit de eerdere ateliers en infoavonden zijn beschikbaar op https://energieregionhz.nI/documenten#amsterdam.
Daarnaast is er een enquête onder Amsterdammers en inwoners van buurgemeenten (die wonen in en rond de zoekgebieden) uitgezet om te achterhalen in hoeverre er draagvlak is voor de windambitie van Amsterdam en voor windmolens in de verschillende zoekgebieden. Het resultaat is gepubliceerd op de website van Onderzoek, Informatie en Statistiek van de gemeente Amsterdam.
9. Bewoner
Er is meermaals aangegeven en benoemd dat 1 uitvoerend energiebedrijf monopolist wordt. En dat dit een zeer slecht scenario is. Vind dit nu niet terug. Graag alsnog een bundel van bedrijven.
Tot slot zet de gemeente in op brede betrokkenheid van de omgeving bij de ontwikkeling van windmolens. De gemeente wil dat minimaal 50 procent van een windpark in lokaal eigendom wordt ontwikkeld en dat alle Amsterdammers moeten kunnen profiteren van de opbrengsten. Dank voor uw inbreng. Een monopolie is niet aan de orde. De gemeente zet in op brede betrokkenheid van de omgeving bij de ontwikkeling van windmolens. De gemeente wil dat minimaal 50 procent van een windpark in lokaal eigendom wordt ontwikkeld en dat alle Amsterdammers moeten kunnen profiteren van de opbrengsten.
115 Reactienota Noord-Holland Zuid
NOORD-
HOÏANOSE ENERGIE REGIO
10. Bewoner
De bewoners in de wateren rond IJburg (Bert Haanstrakade) zullen hinder ondervinden in de vorm van horizonvervuiling, geluidsoverlast, waardevermindering van hun huizen en slagschaduw. De noodzaak om de molens zo dicht bij de huizen (binnen 350m!) te plaatsen is er niet, omdat er binnen de gemeente Amsterdam genoeg plek is voor een windmolenpark, nl in het Markermeer. Hier geen overlast voor omliggende bewoners en op ruime afstand van de natuur. Verder meer wind en dus meer rendement. Daarbij is het clusteren van windmolens efficiënter en goedkoper.
Dank voor uw inbreng. Amsterdam wil een substantiële bijdrage leveren aan de ambities in het nationale klimaatakkoord. De ambitie is 350 MW extra zon op daken en dubbel ruimtegebruik, en 50 MW extra windenergie realiseren in uiterlijk het jaar 2030 (opgesteld vermogen). In het kader van het proces van de regionale energiestrategie (RES) zijn er zoekgebieden voor wind- en zonne-energie door heel Amsterdam aangewezen. Deze bevatten nog geen specifieke locaties voor windmolens. De precieze haalbaarheid, wenselijkheid en invulling van de zoekgebieden worden komende tijd nader onderzocht. Hierbij wordt een brede belangenafweging gemaakt. Bij deze afweging probeert gemeente Amsterdam de hinder zoveel mogelijk te beperken door rekening te houden met de natuur, ruimtelijke inpassing, migratieroutes van vogels, geluidsoverlast en slagschaduw. Met blik op de haalbaarheid wordt rekening gehouden met de capaciteit van de elektriciteitsinfrastructuur. Het Markermeer valt buiten de gemeente Amsterdam. Amsterdam onderzoekt de mogelijkheden voor windenergie binnen de gemeentegrenzen. Voor energieopwekking in het IJssel- en Markermeergebied is in het najaar een coördinator aangesteld door het programma RES NHZ. Voordat dit gebied in aanmerking komt voor windmolens zal uitgebreid onderzoek moeten worden gedaan naar de effecten op de natuur. Het gebied is grotendeels een Natura 2000 gebied.
Het IJmeer en de wateren rond IJburg blijven onderdeel van het zoekgebied #4 voor windmolens in Amsterdam. Algemene uitgangspunten geluid: Het jaargemiddelde geluidniveau Eden dat veroorzaakt wordt door een windturbine of windpark, mag bij een geluidgevoelig object (bijvoorbeeld een woning) niet meer bedragen dan 47 dB. Daarnaast geldt een maximaal toelaatbare waarde voor het jaargemiddelde geluidniveau in de nachtperiode Lnight van 41 dB. Volgens het Rijk zijn de gezondheidsrisico’s bij deze geluidsnormen aanvaardbaar. Voor meer informatie: https://www.rvo.nl/onderwerDen/duurzaam-ondernemen/duurzafne-energieopwekken/windenergie-QD-land/milieu-en-omgeving/geluid-en-windmolens/geluidnormering.
Slagschaduw: In de milieuwetgeving zijn voorschriften opgenomen om hinder door slagschaduw te beperken. In de Activiteitenregeling milieubeheer (Activiteitenbesluit) staat hoe vaak en hoe lang per dag de
116 Reactienota Noord-Holland Zuid
NOOR» HOÏANDSE ENERGIE REGIO
slagschaduw van een windturbine een woning mag raken. Via de vergunning zijn windturbines bijna altijd verplicht voorzien van een stilstandvoorziening. Die schakelt de windturbine uit tijdens de slagschaduw. Een stilstandvoorziening is nodig als: •de afstand van de windturbine tot de woningen en andere ‘gevoelige bestemmingen’ (bijvoorbeeld scholen) minder dan twaalf maal de rotordiameter is. Bij een rotordiameter van 90 meter (blad van 45 meter) geldt dan: binnen een afstand van 1.080 meter (ruim een kilometer) •gemiddeld meer dan zeventien dagen per jaar gedurende meer dan twintig minuten per dag slagschaduw kan optreden Voor meer informatie: https://www.rvo.nl/onderwerpen/duurzaam-ondernemen/duurzame-energie' opwekken/windenergie-op-land/milieu-en-omgeving/slagschaduw-0
13. Onderne mer
Het plaatsen van windmolens in het Diemerpark zien wij als ongewenst. De in het haalbaarheidsonderzoek aangewezen mogelijke locatie 10 maakt deel uit van de Provinciale Ecologische Hoofdstructuur en zou de natuurwaarde van het gebied ernstig verstoren.
In de praktijk zijn er door de wettelijke geluidsnorm geen windmolens mogelijk binnen 350 meter van woningen. Tussen 350 en 500 meter afstand van woningen zijn windmolens in theorie wettelijk mogelijk, maar is de business case voor initiatiefnemers een uitdaging. Windmolens moeten relatief vaker worden stilgezet om te voldoen aan de wettelijke geluid- en slagschaduwnormen. Het stilzetten van windmolens verkleint de opbrengst. Vanaf 500 meter wordt de business case voor initiatiefnemers relatief eenvoudiger. Dank voor uw inbreng. De concept-RES NHZ bevat alleen zoekgebieden voor windmolens en geen specifieke locaties. In Q4 2020 gaan we de zoekgebieden concretiseren met Amsterdammers en inwoners van buurgemeenten. En de netbeheerder, want die kan adviseren over de (kosten van) aansluiting op het net. Het gebied Diemerpark is onderdeel van het Natuur Netwerk Nederland (NNN). Het Natuurnetwerk Nederland (NNN) is vastgelegd in de Wet ruimtelijke ordening. Als een windproject de wezenlijke waarden en kenmerken van het gebied aantast, is het niet toegestaan. Er wordt een uitzondering gemaakt als er geen redelijk alternatief is, er een dwingende reden van openbaar belang is en als er compensatie plaatsvindt: de zogenaamde ADC-toets. Windturbines kunnen onder deze uitzondering vallen, omdat ze worden geplaatst met een dwingende reden van openbaar belang.
Als een windpark of windturbine in het NNN wordt geplaatst, moet een compensatieplan worden opgesteld waarin de compensatie is verankerd.
117 Reactienota Noord-Holland Zuid
NOORDHOtflNDSE ENERGIE REGIO
Voor de Diemerscheg, waar ook het Diemerpark onderdeel van is, wordt gewerkt aan een landschappelijk ontwikkelperspectief. Dit is een samenwerking tussen de gemeenten Amsterdam, Diemen, Gooise Meren, Weesp, Staatsbosbeheer en Waternet. De mogelijke inpassing van duurzame energieopwekking maakt hier integraal onderdeel van uit.
15. Bewoner
Zowel wind- als zonneparken zijn ontsierend en zouden geen plaats moeten hebben in het landschap punt.
16. Maatscha ppelijke organisati e
Amsterdam bedenkt plaats voor windenergie in een andere gemeente nl Ouderamstel. Ik vind dat merkwaardig. Het is trouwens wel de enige plek die in aanmerking komt.
17. Bewoner
1. Amsterdam wil een grotere bijdrage leveren cq invloed hebben op energie transitie. Er wordt in de gemeenteraad besloten terwijl er sprake is van de regio Noord Holland Zuid: 'Amsterdam ontfermt zich over u.? Hoe ziet het verdienmodel eruit in de coöperaties: bestuurlijk (lees: macht) en financieel (lees wie beslist over verkoop belang) 3. Ik ben fel gekant tegen en lokaal beleid aangaande zaken die mi centrale besluitvorming behoeven om versnippering en totale verloedering van het lokale landschap tegen te gaan. De centrale overheid moet regels stellen om te voorkomen dat we overal geïsoleerde windmolens tegenkomen en hele weilanden c.q. bouwgronden opgeofferd zien aan zonnepanelenparken. De kosten van een versnipperend beleid zijn hoger dan van 1, 2 of 3 centrale parken ongeacht wind of zonne-energie. 4. Vattefall bouwt ongesubsidieerd windparken in de Noordzee voor ca 3 miljoen huishoudens. Er zijn 7,1 miljoen huishoudens in NL, waarom daar niet bij aansluiten. 5. Lokaal nog veel te verdienen door bijv. in alle publieke verlichtingen LED toe te passen.
Het gebied blijft onderdeel van het zoekgebied voor windmolens in Amsterdam. Dank voor uw inbreng. Zie voor onze verdere beantwoording het antwoord op reactie 9. Dank voor uw inbreng. Amsterdam heeft alleen zoekgebieden gedefinieerd binnen de gemeentegrenzen. In de verschillende haalbaarheidsstudies is het gebied buiten de gemeentegrenzen meegenomen om te analyseren of er eventueel kan worden samengewerkt met buurgemeenten. Zie voor onze verdere beantwoording het antwoord op reactie 9. Het maken van een RES is noodzakelijk om de landelijke doelen van het Klimaatakkoord te halen. Dit zijn onder andere het verminderen van de C02-uitstoot in 2030 met 49% ten opzichte van 1997 en met 95% in 2050, en om in 2030 35TWh hernieuwbare energie (zon en wind) op land grootschalige op te wekken. In de RES wordt aangegeven wat de mogelijkheden zijn voor grootschalige opwek met wind en zon op land. De ontwikkeling van wind op zee valt buiten de RES en wordt op grond van Klimaatakkoord meegenomen aan de Industrietafel. Beide programma’s zijn nodig om de ambities in het klimaatakkoord te halen. Voor meer informatie over het verdienmodel van windcoöperaties verwijzen we u graag naar Amsterdam Wind, de organisatie van de samenwerkende energie-coöperaties voor wind fwww.amsterdam-wind.nl).
Iedereen kan lid worden van een van de burgercoöperaties en meebeslissen over besluiten in de betreffende coöperatie. Bij de totstandkoming van windprojecten zal er mogelijkheid tot inspraak zijn. Dit geldt ook voor NDSM energie en Amsterdam Wind. Deze partijen moeten voor wat betreft RES zoekgebied #2 in overleg met alle belanghebbenden een participatieplan opstellen en ter goedkeuring voorleggen aan het college van B&W. En daarna verantwoording afleggen over de uitvoering van het plan. Zij vragen
118 Reactienota Noord-Holland Zuid
NOORDHOtANDSE ENERGIE REGIO
6. Amsterdam Noord en m.n. landelijke Noord verliest teveel authenticiteit met de installatie van hoeveel windmolens. 7. Windmolens om de IJ-Plas staan haaks op de Zaan-lj oever ontwikkelingen en de intentie om van de IJ-Plas een struin en wandelgebied te maken. 8. De westkant van Amsterdam, m.n. in industriegebied leent zich bij uitstek voor windmolens te beginnen met de vervanging van de huidige molens door molens met een groter rendement. 9. de wijze waarop NDSM energie met Amsterdam Wind zich presenteert geeft weinig vertrouwen in de mogelijkheid tot inspraak, hetgeen volgens de nieuwe wet Omgevingsvisie wel vereist is.
18. Wetlandw acht IJmeer, Vogel besc herming Nederlan d
Mijn inbreng als Wetlandwacht IJmeer van de vogelbescherming is de volgende; Ik zie graag dat Amsterdam het besluit van de gemeente Gooise Meren als voorbeeld neemt bij het voorbereiden van de energietransitie. Wij als natuurorganisatie vinden het plaatsen van windmolens in of nabij natuurgebieden ongewenst. Als wij ons enerzijds ten doel stellen de biodiversiteit te verbeteren dan past daar het plaatsen van windmolens en zonneweiden niet in. Ik heb in de stukken gelezen dat de gebieden buiten de ring A-10 benoemd staan als "nee, tenzij" Het zou beter zijn om deze zinsnede aan te passen in een duidelijk "nee” Dat voorkomt verdere plannenmakerijen in deze toch al kwetsbare gebieden. Landelijk Noord valt onder een beschermd veenweidegebied en daar passen geen windmolens en erger nog windmolenparken in. Windmolens in het IJmeer zijn om bovengenoemde redenen eveneens onwenselijk. Het IJmeer en het Markermeer zijn Natura 2000 gebieden met uitzondering van de eilanden van IJburg. Als men de randen van deze eilanden aanwijst als zoekgebied voor windmolenparken dan komen zij binnen het gebied tussen de molen en het N2000 gebied en vormen een grote bedreiging van de aanvliegroute vanuit de polders ten in de Gooi en Vechtstreek.
Bij de gesprekken in de Gooie en Vechtstreek zijn deze argumenten ook benoemd en wij begrijpen dat men op zoek is naar alternatieve energiebronnen wij hebben derhalve daar de suggestie gedaan deze ruimte te zoeken op daken van gebouwen als het gaat om zonne-energie en industriegebieden. Langs de ring A-10 zijn
nadrukkelijk om uw input op dit plan en streven naar een constructieve dialoog. De Noorder IJ-plas en noordrand ring AIO noord blijven zoekgebieden voor windmolens in Amsterdam. Voor windprojecten geldt dat de gemeente probeert eventuele hinder zoveel mogelijk te beperken door windmolens zo goed mogelijk in te passen in het landschap. Voor bestaande windmolens geldt dat er onderzocht of vervanging ten behoeve van een groter rendement mogelijk is. Ter illustratie: Sinds de zomer van 2019 zijn in het havengebied van Amsterdam alle oude windmolens (20 stuks) van 0,66 MW per stuk verwijderd. Er zijn vier nieuwe windmolens van 2,2 MW per stuk teruggeplaatst. En er worden nog zes nieuwe windmolens van 2,2 MW per stuk bijgeplaatst. Met het Havenbedrijf Amsterdam zijn afspraken gemaakt om meer grote windmolens te plaatsen, maar de ruimte is schaars. Dank voor uw inbreng. Natuurgebieden: Het is niet onmogelijk om windmolens in natuurgebieden als Natuur Netwerk Nederland en Natura 2000 te realiseren. Voor meer informatie zie: httDsV/www.rvo.nl/onderwemen/duurzaamondernemen/duurzame-energie-ODwekken/windenergie-OD-land/milieu-en-omgeving/natuur-enecologie/gebiedsbescherming Amsterdam vervolgt in november het participatieproces voor inwoners en belanghebbenden in de zoekgebieden. De aanwezigen wordt gevraagd de gemeente te adviseren over plekken voor windmolens.
De adviezen worden in 3D gevisualiseerd en openbaar gedeeld. De resultaten uit de eerdere ateliers en infoavonden zijn beschikbaar op https://energieregionhz.nI/documenten#amsterdam. Daarnaast is er een enquête onder Amsterdammers en inwoners van buurgemeenten (die wonen in en rond de zoekgebieden) uitgezet om te achterhalen in hoeverre er draagvlak is voor de windambitie van Amsterdam en voor windmolens in de verschillende zoekgebieden. Het resultaat is gepubliceerd op de website van Onderzoek, Informatie en Statistiek van de gemeente Amsterdam. Tot slot zet de gemeente in op brede betrokkenheid van de omgeving bij de ontwikkeling van windmolens. De gemeente wil dat minimaal 50 procent van een windpark in lokaal eigendom wordt ontwikkeld en dat alle Amsterdammers moeten kunnen profiteren van de opbrengsten.
119 Reactienota Noord-Holland Zuid
HOtflNDSE
ENERGIE REGIO
voldoende geluidswallen aanwezig om deze te transformeren naar hoog rendement zonnepanelen. Het is natuurlijk zeer verleidelijk om de plaatsingen van alternatieve energiebronnen in het open landschap of water te plaatsen maar de kortste en snelste weg om het doel te bereiken is niet altijd de beste.
Het IJmeer en de wateren rond IJburg blijven onderdeel van het zoekgebied #4 voor windmolens in Amsterdam. Zie voor onze verdere beantwoording het antwoord op reactie 10.
Ik hoop dat u deze opmerking wilt meenemen in de besluitvorming en een belangrijke overdenking is; dat we toch al veel druk leggen op onze kostbare natuur en wat eenmaal verdwenen is zal zeer moeilijk te vervangen zijn. Bovendien ligt er voor wat betreft Amsterdam Noord een ambitieus plan op tafel om natuurwaarden te verbeteren en het groen uit te breiden zowel ik kwantiteit als kwaliteit. Het zou toch zonde zijn van die inspanningen als wij vanuit de regio juist aan de natuurwaarde gaat verder knabbelen. Ik hoop op een wijs besluit in deze. Met vriendelijk groeten,
19. Bewoner
Wetlandwacht IJmeer, Vogelbescherming Nederland https://www.vogelbescherming.nl/ Ik ben tegen windmolens in het Amstel Scheg natuurgebied.
Dank voor uw inbreng. Amsterdam wil een substantiële bijdrage leveren aan de ambities in het nationale klimaatakkoord. De ambitie is 350 MW extra zon op daken en dubbel ruimtegebruik, en 50 MW extra windenergie realiseren in uiterlijk het jaar 2030 (opgesteld vermogen). In het kader van het proces van de regionale energiestrategie (RES) zijn er zoekgebieden voor wind- en zonne-energie door heel Amsterdam aangewezen. Deze bevatten nog geen specifieke locaties voor windmolens. De precieze haalbaarheid, wenselijkheid en invulling van de zoekgebieden worden komende tijd nader onderzocht. Hierbij wordt een brede belangenafweging gemaakt. Bij deze afweging probeert gemeente Amsterdam de hinder zoveel mogelijk te beperken door rekening te houden met de natuur, ruimtelijke inpassing, migratieroutes van vogels, geluidsoverlast en slagschaduw. Met blik op de haalbaarheid wordt rekening gehouden met de capaciteit van de elektriciteitsinfrastructuur. De Amstelscheg bliift een zoekgebied voor windmolens in Amsterdam.
120 Reactienota Noord-Holland Zuid
NOORDHOlANDSE ENERGIE REGIO
20. Bewoner Bewoners organisati e
Wind op land heeft als nadeel dat het onherroepelijke schade toebrengt aan kwetsbare gebieden en dat terwijl de techniek ook niet vrij is van (toenemende) bedenkingen t.a.v. energetisch rendement, milieuschade en gezondheidsschade. Argumenten waarop gidsland Duitsland al duidelijk de rem om wind op land heeft gezet. Tegen die achtergrond is het onbegrijpelijk dat men überhaupt overweegt om gebieden als het Gein onherroepelijk te verminken door deze als zoekgebied te overwegen voor het plaatsen van mega windturbines. Het idee van coöperaties als teken van draagvlak gaat in die gebieden die op omdat er dit schijndraagvlak reflecteert. Als je de bevolking echt zou vragen is er nog meer draagvlak voor kernenergie, dan wind op land of biomassa.