Informatiebrief inzake de Polderlinten Haarlemmermeer_Deel2.pdf
Tekst van het document
6.5 Waterstructuur De menselijke hand heeft al bij het ontstaan van de Haarlemmermeerpolder een dominante rol gespeeld. In de hedendaagse waterstructuur van de polder zien we dat nog steeds terug. Het oorspronkelijke water systeem van de droogmakerij stamt uit 1852 toen het Haarlemmermeer werd drooggemalen. Een stelsel van strakke, rechtlijnige sloten, tochten en vaarten werd aangelegd en omringd door de hoger gelegen Ringvaart. In de noordelijke polders is sprake van oude veengrond, wat terug te zien is in de kleinschaliger er organischer opgezette waterstructuur.
het water afvoeren naar de Ringvaart. Door het waterbeheer en de toename van grondeige naren van 743 naar 1759 (tussen 1881 en 1923) was verbrokkeling van de kavels, en daarmee de watergan gen, het gevolg. De watergangen zijn (deels) gedempt, versmald of verlegd.
Historie watersysteem droogmakerij Na drooglegging werd om het Haarlemmermeer een ringvaart gegraven om het water af te voeren. Daarbin nen werd op zeer pragmatische wijze een regelmatig stelsel van tochten, vaarten en sloten aangelegd. Het primaire doel was dat grond beschikbaar kwam voor de landbouw. De Hoofdvaart en Kruisvaart liggen centraal in het stelsel haaks op elkaar. Evenwijdig aan de Hoofd vaart liggen zes lengtetochten en aan de Kruisvaart zes dwarstochten. De tussengelegen sloten voeren het wa ter af richting de tochten en vaarten die op hun beurt
Waterstructuur 18S2
Waterstructuur heden
Legenda
Legenda
ANALYSERAPPORT POLDERLINTEN
08 12-2020 -
58
Huidig watersysteem De polderlinten liggen vrijwel allemaal langs een (historische) tocht of een vaart. In de polder vallen de tochten en vaarten onder de primair watergangen, dit is oppervlaktewater met een belangrijke (regionale) functie in de wateraan- en afvoer en/of waterberging en/of voor de instandhouding van de waterkering verstaan. Dit is oppervlaktewater met een voornamelijk lokale transportfunctie en/of welke een zekere droog legging (ontwatering) dienen te geven. De sloten bij de erven vallen onder overig water.
Watersysteem Haarlemmermeerpolder
Watergangen langs de polderlinten
08 12-2020 -
59
6.6 Polderlinten als onderdeel ecologisch raamwerk De lange lijnen in het landschap vervullen momenteel al een bijdrage aan de biodiversiteit. De potenties zijn echter veel groter. Het streven binnen Haarlemmer meer is naar een volwaardig, functioneel raster van ecologische verbindingen. De kaart op de rechter pagi na geeft een samenhangend netwerk van ecologische verbindingen zowel oost-west als noord-zuid georiën teerd. Niet alle verbindingen hoeven hierbij gelijkwaar dig te worden ingericht om bij te kunnen dragen aan een functioneel netwerk. Voor het NNN gelden wel uitgangspunten voor de breedte en invulling gericht op de doelsoorten. Voor de overige verbindingen, zoals de polderlinten geldt dat ze doorgaans voor specifieke soorten (groep) geschikt zijn of gemaakt kunnen wor den. De Rijnlanderweg bijvoorbeeld is met de huidige bomenrij al geschikt als droge verbinding voor onder andere vogels en vleermuizen en zou met wat aanpas singen van de ondergroei ook geschikt kunnen worden voor terrestrische soortgroepen. Huidige ecologische waarden De polderlinten zorgen door de continuïteit van de bermen en bomenrijen voor lange groene lijnen in het landschap. Onder andere vleermuizen profiteren hier van, zij gebruiken de bomenrijen als foerageergebied en vliegroute en oriënteren zich tijdens het navige ren op deze groene lijnen.
Voor verschillende kleine fauna-soorten vormen de bermen verbindingen tussen leefgebieden. De linten gaan namelijk door stedelijke en agrarische landschappen heen. Ook erfbeplantingen en oeverzones langs watergangen zijn belangrijk voor de biodiversiteit. De beplantingen aan de polderlinten bieden daarbij zelf ook rust-, foerageer- en voortplantingsplaatsen. In de huidige vorm is de ecologische kwaliteit minder groot dan mogelijk: met een variatie in ondergroei, bloemrijk beheer en in een ideale situatie aansluiting op (herstelde) beplanting op en rond erven kunnen de polderlinten een grotere bijdrage leveren aan de biodi versiteit in Haarlemmermeer.
Streefbeeld volgens Natuurvisie De Natuurvisie (concept) 2020 geeft voor verschillende plekken een beeld aan waar we de komende jaren naar toe willen. Rond 2040 is er langs de polderlinten een lommerrijk geheel ontstaan van grote bomen, hagen, heggen, struiken en kruiden. Niet alleen vlak langs de weg, maar ook achter de bermsloot. De oude boom gaarden zijn grotendeels in ere hersteld of opnieuw aangelegd, en de erven zijn allen voorzien van groene erfbeplanting van bomen, struiken en kruiden. Deze dienen bij het juiste beheer als reservoir voor func tionele biodiversiteit: allerlei insecten die de boeren helpen bij het bestrijden van plagen in hun gewas, waardoor bespuiting vrijwel niet meer nodig is. In het open agrarisch polderlandschap vormen deze groen ingerichte erven met boomgaarden en heggen belang rijke biodiversiteithotspots. Zij bieden onderdak aan allerlei dieren die rondom boerderijen leven (vleermui zen, marters, kerkuilen, zwaluwen en mussen) of als schuilplekken benutten (patrijzen, fazanten, vossen, buizerds).
ANALYSERAPPORT POLDERLINTEN
08 12-2020 -
60
Natuurvisie Legenda
r" ] Snuamlecn gcpjodc go:<igcbecJrr< 'l'**'*’ [ I «*« i--^! ewUit)^ c»pl4i«Sf <r<\W JwmJltvSwtfi' etategwl» «Kb 'Klir.gfi AmOinr-. voor ccoJogiichr kcrb-ndr^pn bonen het netwerk
E3»*
09 llVJOfC
De groen-blauwe structuur van ecologische verbindingen zoals we die graag behouden, gerealiseerd dan wel versterkt zouden willen zien in Haarlemmermeer (Concept Kaart Natuurvisie)
08 12-2020 -
61
7. Invloed van omgeving op polderlint In de gemeente zijn door de ontwikkeling van landbouw, woningbouw, recreatie, bedrijven terreinen, glastuinbouw en Schiphol in de tijd gebiedstypes ontstaan die elk een andere invloed hebben op het lint. Hoe deze ervaren worden en er ruimtelijk uitzien is in dit hoofdstuk beschre ven.
1. Agrarisch getransformeerde droogmakerij Het grootste gedeelte van Haarlemmermeer bestaat uit een agrarisch getransformeerde droogmakerij. De polderlinten hebben een agrarisch karakter door de agrarische functie van het open gebied en de boerener ven die aan de linten gevestigd zijn. Tussen de boe renbedrijven zijn woonerven gevestigd. In het verloop van de tijd zijn er langs de linten ook andere functies bijgekomen, zoals enkele kwekerijen en loonbedrijven. Naast de oorspronkelijke woonerven en boerenerven zijn er ook loodsen te vinden. Er is een onderscheid te zien tussen de noord- zuid ge oriënteerde polderlinten en de oost-west georiënteer de polderlinten. De verkavelingsstructuur loopt parallel aan de polderdwarswegen. Aan deze wegen liggen nagenoeg geen boerenerven of woonerven. De erven die er wel liggen zijn vaak smaller en de lengte van de percelen liggen vaak parallel aan de verkaveling. De meeste erven zijn gevestigd aan de noord-zuid wegen. De laanbeplantingen langs de oost-west georiënteerde polderlinten zijn vanaf de omliggende infrastructuur vaak goed ervaarbaar.
Noord-zuid linten
Agrarisch getransformeerde droogmakerij Het droogmakerij landschap beslaat het grootste deel van de Haarlemmermeer
Oost-west georiënteerde polderlinten ANALYSERAPPORT POLDERLINTEN
08 12-2020 -
62
Kenmerken polderlinten in agrarische droogmakerij • Verkaveling bestaat uit een vast grid • Onderscheid tussen noord-zuid en oost-west geori ënteerde polderlinten • Aanwezigheid van boerenerven en woonerven • Bijna alle erven liggen aan de noord-zuid polderlin ten. Enkele liggen aan de oost-west georiënteerde polderlinten • Bebouwingsdichtheid: de polderlinten hebben een lage bebouwingsdichtheid. De afstand tussen de erven is niet vast, maar varieert bijvoorbeeld van circa 80 tot 500 meter. Tevens is er op meerdere plekken een clustering van erven te vinden. Achter de erven is geen bebouwing te vinden waardoor
• •
• •
er vele doorzichten naar het open landschap zijn. De mate van openheid verschilt per plek. De oostwest georiënteerde polderlinten zijn minder dicht bebouwd. Vele doorzichten naar het open landschap Het parkeren vindt over het algemeen plaats op het eigen erf. Sporadisch zijn er parkeerplaatsen gerealiseerd in de berm van het polderlint. Duidelijke herkenbaarheid van doorgaande bomen rijen Beleving van het oorspronkelijke 2x3 km patroon
08 12-2020 -
63
2. Veenpolder
De noordelijke polders zijn voor een groot deel agra rische veenpolders en maken deel uit van het Recrea tieschap Spaarnwoude. Dit poldergebied ziet er anders uit dan het droogmakerij landschap. Dit komt onder andere door het ontstaan en dat deze ouder is. In 1288 werd het dorp Spaarnwoude namelijk al voor het eerst genoemd. (Noord-Hollands Archief, z.d). De veenweidepolders kennen een slagenlandschap: de verkaveling van het landschap heeft plaats gevonden in smalle banen of slagen. Tussen deze slagen ligt een waterstructuur bestaande uit sloten. Het lijkt op een strokenverkaveling. Het landschap heeft, op enke le boerderijen na, weinig bebouwing, waardoor de openheid goed te ervaren is. De openheid is ook goed te ervaren door het kronkelige verloop van de wegen, waardoor je blik telkens op de omgeving gericht wordt. Aan de westzijde, langs de Lagedijk, en in het noorden zijn enkele kleine kernen te vinden zoals Spaarndam en Penningsveer. In de polder ligt Spaarnwoude wat een clustering van boerderijen is. De erven liggen direct aan het lint of er leidt een oprijlaan naar het erf waardoor de bebouwing hier verder in de polder ligt ten opzichte van het lint.
Veenpolder In het noorden ligt een agrarische veenpolder die stamt uit ca. 1000
'M m '
Nabij Abbenes, Vijfhuizen en Lisserbroek zijn ook enke le veenpolders aanwezig. Dit zijn gebieden die als oud bovenland met het droogmaken van het Haarlemmer meer zijn mee ingepolderd.
Kerkweg
Lagedijk ANALYSERAPPORT POLDERLINTEN
08 12-2020 -
64
Kenmerken agrarische veenpolder • Slagenlandschap: smalle stroken met verschillend formaat en oriëntatie. De verkaveling volgt de waterlopen. • Afwisseling meanderende en rechte linten • De polderlinten in dit gebiedstype hebben een lage bebouwingsdichtheid die varieert per plek. De Spaarndammerdijk heeft bijvoorbeeld weinig tot geen bebouwing waardoor er een grote mate van openheid is. Andere polderlinten, zoals de Kerkweg, hebben meer erven waardoor deze dichter bebouwd zijn. De afstand tussen deze erven vari eert van bijvoorbeeld 300 meter tot 50 meter. Ook in de veenpolder is er op enkele plekken sprake van een clustering van erven. Achter de erven is er open agrarisch gebied te zien waardoor er vele doorzichten zijn.
•
• • • •
•
Doorzichten vanaf het polderlint naar openheid in het landschap. Daar waar een clustering van erven te vinden is zijn er minder doorzichten. Langs de dijken in dit gebied is ook bebouwing gekomen. Afwisselend woonerven en boerenerven Vanaf de dijk is de verkaveling en waterstructuur goed te ervaren (door het hoogteverschil) Bij Turfspoor is sprake van kleinschalige glastuin bouw. Voor dit gebied zijn woningbouwplannen in ontwikkeling, hierbij zal het polderlint Turfspoor behouden blijven. Er wordt geparkeerd op eigen erf. Heel sporadisch zijn er parkeerplekken gerealiseerd op eigen erf in de voortuin. In de bermen van het polderlint wordt niet geparkeerd.
08 12-2020 -
65
3. Bedrijventerreinen
Na de eerste grote uitbreiding van Schiphol werden er steeds meer bedrijventerreinen in de Haarlemmermeerpolder gebouwd. Deze liggen voornamelijk dicht bij de A4 en rond Zwanenburg. De ligging van bedrij venterreinen aan het polderlint heeft invloed op hoe het polderlint eruit ziet. Ruimtelijke invloed op het polderlint Er zijn grofweg twee typen bedrijventerreinen te vin den langs de polderlinten: • Bedrijventerreinen die achter het bebouwingslint liggen en waar bijvoorbeeld een groothandel ge huisvest is. De terreinen liggen vaak aan een zijde van het polderlint en in een woonkern. Ook zijn de bedrijven in enkele gevallen georiënteerd op het polderlint. • Ten tweede komen er kantoorlocaties langs het lint voor. Dit zijn vaak grote, vormgegeven kantoorpan den. De maatvoering is anders dan de oorspron kelijke boerderijenmaat. Vooral het gebied bij de Aalsmeerderweg is door de komt van Schiphol Logistic Park veranderd. Ontsluiting vindt niet via het lint plaats, maar via een weg evenwijdig aan het lint. Hierdoor konden de bomenrijen zoveel mogelijk gehandhaafd blijven. Door het toevoegen van bebouwingsblokken zijn de karakteristieke open tussenruimtes tussen de erven en de door zichten naar de open gebieden voor een groot deel verdwenen.
Bedrijventerreinen Langs de polderlinten, vooral rond de A4, zijn er bedrij venterreinen aanwezig.
ANALYSERAPPORT POLDERLINTEN
08 12-2020 -
66
Kenmerken polderlint langs bedrijventerrein Bedrijventerrein achter polderlint • Huisvest diversiteit aan bedrijven zoals tuincentra, groothandel en autogarages. • Aan het polderlint ligt een zone met lintbebouwing. Dit is een kleine bebouwingskorrel met voorname lijk vrijstaande of twee onder een kap woningen en afwisselend open stukken. • Bedrijven zijn in enkele gevallen georiënteerd naar het polderlint. In de meeste gevallen niet. • Vanaf het polderlint zijn de loodsen te zien. • Liggen in een kern • Bedrijventerrein aan een zijde van het polderlint • Het polderlint is bij de bedrijventerreinen relatief dicht bebouwd. Aan het polderlint zelf is vaak een kleine korrel, bebouwing met een kleine maat voering, te vinden waarbij er nog enige afstand zit tussen de gebouwen variërend van 10 meter tot 100 meter. Achter de lintbebouwing zijn de loodsen aanwezig.
Kantoorlocaties aan het polderlint • Kantoorpanden van redelijk groot formaat • Oriëntatie en ontsluiting niet via het lint • Het polderlint met de bomen is behouden als zelf standige landschappelijke structuur • Kantoorpanden zijn aan een zijde aanwezig • De kantoorpanden zijn groot en hebben een vrij smalle onderlinge afstand van ongeveer 20 a 30 meter. De kantoorpanden liggen op een bedrijven terrein of kantoorlocatie. Doorzichten naar open landschap zijn er dan ook niet. De kantoorpanden zijn aan een zijde te vinden waardoor er aan de overzijde van het lint meestal nog wel doorzichten te vinden zijn. • Parkeren vindt plaats op het eigen terrein en niet aan het polderlint of in het zicht van het polderlint.
08 12-2020 -
67
4. Glastuinbouw
In de Haarlemmermeerpolder zijn twee concentraties van glastuinbouw te vinden, een in Buitenkaag en de ander in Rijsenhout. In Rijsenhout ligt het grootste glastuinbouwgebied en deze heeft dan ook de meeste weerslag op het polderlint. Ruimtelijke invloed op het lint De glastuinbouw ligt op verschillende manieren aan het polderlint gesitueerd. Het komt voor dat er lintbebou wing, met bebouwing van kleine omvang, aan het lint ligt waarachter glastuinbouw te vinden is. De bedrijven zijn dan vanaf het polderlint ontsloten. Het komt ook voordat kassen met de achterzijde aan het lint liggen waardoor de ontsluiting niet via het polderlint plaats vindt. De grootte van de kassen varieert van 1 hectare tot 20 hectare. De kleinere kassen hebben vaak nevenfunc ties, zoals een winkel en horeca. Het glastuinbouwge bied kent verder een afwisseling tussen open gebied en kassengebied. Door de kassen zijn de open relaties met de achterliggende open gebieden verdwenen. Omdat ertussen de kassen geen opgaande beplantingen aan wezig is, dragen de luchten wel bij aan de beleving.
Glastuinbouwgebied Concentraties van glastuinbouw langs de polderlinten
ANALYSERAPPORT POLDERLINTEN
08 12-2020 -
68
Kenmerken polderlint langs glastuinbouwgebied • Aan het polderlint is afwisselend bebouwing met een kleine maatvoering te vinden met daarachter glastuinbouw. In andere gevallen is de achterkant van de kas aan het lint gelegen. De afstand tussen de kassen en het lint varieert van circa 40 tot 200 meter. • Afwisselend open agrarisch gebied en kassengebied • Grootte van kassen variëren van een tot twintig hectare • Kleine kassen hebben vaak nevenfuncties • Noodzaak voor water zorgt ervoor dat sloten vaak zijn behouden • Ruime afstand tussen achterkanten kassen en het polderlint • Het parkeren vindt plaats op eigen erf.
08 12-2020 -
69
5. Historische kern
Tussen de drooglegging en de tweede wereldoorlog zijn de eerste kernen en bebouwingsiinten ontstaan. Hier lopen de polderlinten nog door de historische kernen of centra. Ruimtelijke invloed op het lint Aan de polderlinten liggen op verschillende plekken de historische kernen. Deze zijn nu gelegen in de steden, middelgrote dorpen en kleine dorpen. In de steden, zoals Hoofddorp, is de historische kern het minst duide lijk ervaarbaar. Op deze plek zijn vaak centra ontstaan waardoor er schaalvergroting heeft opgetreden. Vaak is het profiel van het polderlint hier verbreed. In de middelgrote dorpen, zoals Badhoevedorp, is de histori sche kern nog goed terug te zien. Hier heeft in mindere mate schaalvergroting plaats gevonden. Ten slotte is de historische kern in de dorpen, zoals Cruquius en Spaarndam, nog goed terug te zien.
Historische kernen en centra Tussen 1853 en 1960 zijn de eerste kernen organisch gegroeid. Dit zijn de huidige historische centra.
Langs enkele polderlinten in oost-westrichting kom je min of meer aaneengesloten bebouwing tegen. Dorp jes met eigen namen zoals Boesingehliede, 't Kabel, De Hoek, Weteringbuurt (opgenomen in Hoofddorp Overbos), Cruquius-oost. Hier was een landbouwkavel langs een polderlinten in oost-westrichting opgedeeld in kleinere percelen en vestigden zich mensen. OOUPf.H
«•DMLGBOIEOGflPtfc
Historische kernen Haarlemmermeer
rcaN
Historische kernen Haarlemmerliede Spaarnwoude
Voorbeeld historische kern Cruquius ANALYSERAPPORT POLDERLINTEN
08 12-2020 -
70
Kenmerken polderlint langs historische kern Haarlemmermeerpolder • Organisch gegroeid tussen de drooglegging en de tweede wereldoorlog • Onderscheid tussen steden, middelgrote dorpen en dorpen Steden en middelgrote dorpen • Er is een hoge bebouwingsdichtheid. In de centra, van bijvoorbeeld Hoofddorp, zijn er grote winkel panden te vinden. De onderlinge afstand tussen de bebouwing is klein of aaneengesloten. Doorzichten zijn er dan ook (bijna) niet. In dorpen als Badhoevedorp is de bebouwingsdichtheid minder hoog. De maatvoering van de bebouwing is kleiner en losser en het aandeel grote winkelpanden is lager. Door de afstand tussen de bebouwing is er meer lucht en ruimte voor kleine doorzichtjes naar de daar achter gelegen panden. • Afwisseling kleine en grote maatvoering • Schaalvergroting, zoals winkels en appartementen complexen • Bebouwing aan weerzijde van het polderlint en bebouwing achter het polderlint. • In grotere centra vindt het parkeren veel plaats langs de linten. Bijvoorbeeld voor haaks parkeren, schuin parkeren of parallel parkeren. Tevens zijn er op enkele plekken grote parkeerplaatsen aanwezig. Het lint en de parkeerplekken zijn bestraat waar door het polderlint zelf minder goed herkenbaar is. In middelgrote dorpen wordt de vroegere berm van het polderlint gebruikt om te parkeren.
Dorpen • De bebouwingsdichtheid is in vergelijking met de grotere kernen relatief laag. De bebouwing heeft een kleine maatvoering met een onderlinge afstand van circa 6 meter tot 20 meter. Achter de lintbebouwing ligt vaak het dorp waardoor er geen doorzichten zijn naar het open landschap. • Sommige percelen aan het polderlint zijn diep • Kleine uitbreidingswijken achter het lint uit andere tijdsperiode • Bebouwing heeft een kleine maatvoering • Gevarieerde bebouwing • De berm van het polderlint is vaak verhard en wordt gebruikt om parallel in te parkeren. Noordelijke polders • De bebouwing langs het polderlint is organisch gegroeid • De polderlinten lopen enkel door kleine dorpen • Bebouwing aan een of aan beide zijden van het polderlint. • Kleine maatvoering van de bebouwing • Gevarieerde rooilijnen • Zichtlijnen naar het open landschap • Meanderend polderlint • De onderlinge afstand tussen de bebouwing vari eert van enkele meters tot grotere afstanden als 30 meter. Achter de lintbebouwing is open landschap te vinden waardoor er hier en daar doorzichten te vinden zijn. • Parkeren vindt plaats op eigen erf. Deze grenzen echter wel vaak aan het polderlint.
08 12-2020 -
71
6. Uitbreidingswijken
Na de tweede wereldoorlog begon een snelle groei van de woonkernen. In de jaren 70 werden grote uitbrei dingswijken gebouwd die ook langs de polderlinten, met name in Hoofddorp en Nieuw-Vennep lopen. Deze hebben een ander karakter dan de organisch gegroeide historische kernen. Rond het jaar 2000 kwam er een tweede grote uitbreiding, namelijk de Vinexwijken. De invloed van deze wijken op de polderlinten is van beide periodes nagenoeg hetzelfde. Ruimtelijke invloed op het polderlint De jaren 70 wijken en de Vinex wijken liggen op ver schillende manieren aan het lint. Grofweg komen de onderstaande situabes voor. • Tussen de uitbreidingswijk en het polderlint ligt lintbebouwing als buffer tussen de woonwijk en het polderlint. • De woonwijk is op het polderlint georiënteerd maar wordt ontsloten via een ventweg. • De woonwijk wordt direct ontsloten via het polder lint. • De woonwijk ligt met de achterzijde naar het pol derlint, waarbij soms ook erfafscheidingen te zien zijn. Langs verschillende delen van de polderlinten zijn parkeerplaatsen in de berm aanwezig, bijvoor beeld bij de Hoofdvaart in Nieuw-Vennep. • In de noordelijke polders en bij de oost-west geo riënteerde polderlinten is vaak een groene zone te vinden tussen de woonwijk en het lint.
Bij enkele oost-west georiënteerde polderlinten (Venneperweg, Bennebroekerweg) die door de bebouwde kom lopen zijn de oorspronkelijke polderlinten en de sloten langs het polderlint flink op de schop gegaan. De Vennepertocht en de Bennebroekertocht zijn verbreed en opgenomen in een parkachtige structuur. De oor spronkelijke tochten langs de polderlinten zijn ten dele nog herkenbaar. Daar waar bebouwing is toegevoegd is het ervaren van de oorspronkelijke openheid gemi nimaliseerd tot enkele doorzichten over (voormalige) erven en nog aanwezige watergangen. De bomenrijen zijn vaak gedeeltelijk nog aanwezig.
De eerste grote en kleine uitbreidingswijken werden gebouwd in de jaren 70, zoals Bornholm.
Na het jaar 2000 zijn er nog meer grootschalige uitbrei dingswijken gebouwd, zoals Floriande.
Uitbreidingswijken aan het lint ANALYSERAPPORT POLDERLINTEN
08 12-2020 -
72
Kenmerken polderlint door uitbreidingswijk • Verschillende manieren van positionering aan het lint: • Direct gelegen aan en ontsloten vanaf het lint • Oriëntatie naar het lint maar ontsluiting vanaf de parallelle ventweg • Achterzijde aan het polderlint. Ontsluiting van af de wegen binnen de wijk. • Groene zone als overgang tussen de wijk en het polderlint. • Achter lintbebouwing met een kleine maatvoe ring gelegen. • Uitbreidingswijken bestaan veelal uit rijwoningen. • De bebouwingsdichtheid aan het polderlint is vrij hoog maar varieert wel per plek. Op enkele plekken
•
is nog lintbebouwing met een kleine maatvoering te vinden met daar achter een uitbreidingswijk. Hier zijn kleine doorzichtjes tussen de bebouwing door te vinden. Waar de uitbreidingswijk aan het polderlint gelegen is zijn er geen doorzichten en is de bebouwingsdichtheid vrij hoog. Waar kleine bebouwing, zoals vrijstaande wo ningen of twee onder een kapwoningen, aan het polderlint te vinden zijn wordt er op eigen erf ge parkeerd en niet in de berm van het lint. Op andere plekken, waar de uitbreidingswijken ontsluiten op het lint, zijn er wel parkeerplekken in de bermen te vinden.
08 12-2020 -
73
7. Schiphol
Schiphol beslaat een groot deel van de Haarlemmermeerpolder en heeft invloed op de polderlinten die erlangs of erdoorheen lopen. Ruimtelijke invloed op het polderlint Verschillende polderlinten lopen langs Schiphol of liggen voor een klein gedeelte op het terrein van de luchthaven. Voor het overgrote deel zijn de polder linten daar waar Schiphol ligt verdwenen. Op enkele plekken prikken de polderlinten nog een stuk in de luchthaven. Langs deze polderlinten liggen verschil lende functies behorende bij de luchthaven, zoals loodsen, parkeerplaatsen en de marechaussee. Tevens zijn er langs het polderlint nog plekken met een enkele historische boerderij. Het oorspronkelijke karakter met lintbebouwing is op meerdere plekken verdwenen. Wel zijn er zichtlijnen, open stukken en waterstructuren die nog terugverwijzen naar het oorspronkelijke agrarische karakter.
Schiphol De landingsbanen en bijbehorende bebouwing van Schiphol beslaat een groot deel van de gemeente.
______
Ten slotte lopen er verschillende polderlinten langs de landingsbanen. Hier is het agrarische karakter, en de lintbebouwing vaak nog terug te vinden. Wel brengt de nabijheid van de landingsbaan beperkingen met zich mee bij het toestaan van functies en bomen langs de polderlinten.
Polderlint door Schiphol
Polderlint langs landingsbaan ANALYSERAPPORT POLDERLINTEN
08 12-2020 -
74
Kenmerken polderlint langs Schiphol • Polderlinten lopen langs of gedeeltelijk over het terrein van de luchthaven • Langs de polderlinten zijn verschillende functies, behorende bij de luchthaven, te vinden. Dit betref fen grote gebouwen, zoals een kazerne, maar ook kleinere lintbebouwing. Verder zijn er grote parkeervelden te vinden. • Polderlinten langs de landingsbanen hebben een veelal agrarisch karakter. • De waterstructuren zijn veelal behouden. De type rende bomenrijen zijn vaak verdwenen. • De bebouwingsdichtheid varieert doordat er een verscheidenheid aan functies langs het lint geves tigd is. Er zijn loodsen te vinden, kantoorpanden, parkeervelden en enkele open agrarische gebieden. Bij het open agrarisch gebied zijn er nog doorzich ten te vinden. • Doordat de bomen zijn verdwenen is er sprake van een zeer grote open ruimte rondom Schiphol. Vanaf de polderlinten en andere infrastructuur, zo als de Driemerenweg, is deze openheid heel goed ervaarbaar. • Er zijn langs het polderlint meerdere grote parkeer velden te zien. Op enkele plekken wordt er ook in de bermen geparkeerd.
08 12-2020 -
75
8. Recreatiegebieden
Samen met de groei van de woonkernen zijn er steeds meer recreatiegebieden aangelegd. Deze gebieden, met een vaak groen karakter, hebben een effect op de polderlinten. Parkgebied Spaarnwoude bestaat uit ter reinen voor dagrecreatie met omliggende recreatieve parken, bossen, landgoederen en weidevogelgebieden. Alle noordelijke polders en een deel van de westzijde van de Haarlemmermeerpolder is in beheer bij het Recreatieschap Spaarnwoude. PARK21, gelegen tussen Hoofddorp en Nieuw-Vennep is nog in ontwikkeling. Ruimtelijke invloed op het polderlint Daar waar de recreatiegebieden bestaan uit opgaande en dichte beplantingen is de karakteristieke beleving van het open landschap niet meer aanwezig. Het beleven van groene bosachtige zones is hiervoor in de plaats te komen. In de Haarlemmermeerpolder zijn oorspronkelijke kenmerken, zoals de waterstructuren en bomenrijen vaak behouden. In de agrarische weide vogelgebieden in de noordelijke polders is de beleving van de openheid goed ervaarbaar. Aan de zijde van Houtrak wordt het beeld wel door opgaande beplan tingen bepaald. Het groene karakter van deze recrea tiegebieden zorgt ervoor dat de polderlinten een groen karakter hebben.
Recreatiegebieden Bij de grootschalige uitbreiding van de kernen werden er ook meerdere recreatiegebieden aangelegd.
ANALYSERAPPORT POLDERLINTEN
08 12-2020 -
76
Recreatieve netwerken Naast de functie voor autoverkeer vervullen de polderlinten ook een belangrijke functie voor het fietsverkeer, zowel voor het dagelijkse woon-werk-schoolvervoer, maar ook voor recreatie. Met name aan de westzij de van de Haarlemmermeerpolder is veel recreatief gebruik van de polderlinten. Alle polders hebben een recreatief netwerk, zie ook in Hoofdstuk 6.1 de ge bruiksfunctie ontsluiting voor recreatief verkeer. Er zijn losliggende recreatieve paden, zoals fietspaden en ruiterpaden te vinden. Daarnaast zijn er ook veel recreatieve netwerken die over de rijbaan lopen. De meeste polderlinten hebben een recreatieve route over de rijbaan of een fietsstrook. Tevens zijn er meer dere polderlinten waarbij er een losliggend fietspad naast het polderlint te vinden is. Daar waar het polderlint langs een recreatief gebied loopt, en het aansluiting heeft op dit gebied, heeft het lint een kans om recrea tief te worden. Dit geldt bijvoorbeeld voor de polderlin ten langs PARK21 en het Haarlemmermeerse bos. £ Ül
Wh** (f'i*pc«4d 4 «9*« fr**4ta«rtUar-)
Huidige situatie groen-recreatieve gebieden (indicatief)
Recreatief netwerk Legenda Vrij fietspad Fietsstrook of fietsers op rijbaan Ruiterpad 4^4 Bestaande recreatieve pont O
Nieuwe recreatieve pont Nieuwe fietsbrug
Polderlinten maken veelal on derdeel uit van een recreatief netwerk. Dit netwerk loopt over de rijbaan of er is een losliggend fietspad te vinden. Daar waar het polderlint recreatieve netwerken kruist ontstaat een kans voor een recreatieve functie Recreatieve netwerken
08 12-2020 -
77
8. Ontwikkelcriteria in bestaand beleid 8.1 Haarlemmermeerpolder Over de toekomst van de linten is al veel geschreven in allerlei gemeentelijke visies en ruimtelijke kaders. In deze documenten is veelal het uitgangspunt dat de polderlinten een belangrijk onderdeel zijn van de ont staansgeschiedenis van Haarlemmermeer. Samen met de vaarten en tochten vormen zij het raamwerk van Haarlemmermeer waarlangs boerderijen zijn gevestigd en kernen en bedrijven zijn ontwikkeld. De polderlinten worden in de visies nog altijd als be langrijke schakels gezien in de ontsluiting van die ker nen en het agrarisch gebied. Daarbij wordt in de visies ook waarde toegedicht aan het gebruik van de polder
linten voor fietsers, aan de beleving van de boerderijen en de erven, de verkaveling van het agrarisch gebied en de grootschalige openheid van de polder die nog op verschillende plekken vanaf de polderlinten goed zichtbaar zijn. Verder worden de lange loodrecht op elkaar staande lijnen, de typerende bomenrijen langs de polderlinten en smalle profielopbouw in veel visies genoemd als belangrijke elementen van de polderlin ten. Kortom, de polderlinten worden in de visies van de ge meente gezien als belangrijke landschappelijke elemen ten en daarom gekoesterd. Alle visies en ruimtelijke
Beleidsaspecten langs de polderlinten Legenda Beeldkwaliteitsplan Vijfhuizen, 2020 .
'
Gebiedsvisie Penningsveer, 2018 Beeldkwaliteitsplan PARK 21, 2015
E
Groenstructuurplan Haarlemmerliede en Spaarnwoude, 2014 Groenstructuurplan Badhoevedorp en .... Lijnden-Oost, 2013 Beeldkwaliteitsplan A4 Zone West, 2013 Structuurvisie 2030 Haarlemmermeer, 2012 Hoofdvaartvisie, 2001 Uwegvisie, 2000 Bebouwing langs polderwegen, 1998
A
4km H—■—I---- •-
ANALYSERAPPORT POLDERLINTEN
08 12-2020 -
78
kaders geven dan ook richtlijnen of criteria mee voor de toekomst van de polderlinten. Een weergave van alle visies en ruimtelijke kaders is verwerkt in een los document dat bij het opstellen van het ruimtelijk kader zal worden gebruikt. Onderstaand een overzicht van de belangrijkste punten. De richtlijnen voor de toekomst in de bestaande visies van de gemeente zijn: Haarlemmermeer: • Behoud de beleving van de polderstructuur en het landelijke karakter, de doorzichten, de bomenrijen; • Behoud de functie voor het landbouwverkeer. Bij herinrichting wordt rekening gehouden met landbouwverkeer, zonder dat dit ten koste mag gaan van het karakteristieke profiel van de polder wegen. Polderwegen worden niet zonder meer verbreed ten behoeve van landbouwverkeer. Aanleg van 'rammelstroken' en indien noodzakelijk uitwijkhavens (zoveel mogelijk gecombineerd met bestaande uitritten) is mogelijk.
Bij plaatsing van bijvoorbeeld bomen, lantaarnpalen of bebording wordt rekening gehouden met (de breedte van) landbouwverkeer; • Ontwikkel de recreatieve waarde door meer ruimte te bieden voor langzaam verkeer op de polderlin ten, herstel van de monumentale kwaliteit van de Hoofdvaart, de aanleg van achterweteringen in het kader van de wateropgave, ruimte voor nieuwe functies op rustig gelegen kavels, afstanden in acht te nemen van de bebouwing ten opzichte van de polderlinten, richtlijnen voor de inrichting van de erven, waardevolle boerderijen herbestemmen en bijdrage van de groenstructuur langs de polderlin ten aan de biodiversiteit. • Versterk de biodiversiteit. De Natuurvisie (concept) geeft als streefbeeld voor de oude polderlinten dat er een lommerrijk geheel ontstaat, van gro te bomen, hagen, heggen, struiken en kruiden. Niet alleen vlak langs de weg, maar ook achter de bermsloot (zie ook H 6.6. Ecologie). De oude boomgaarden zijn grotendeels in ere hersteld of opnieuw aangelegd, en de erven zijn allen voorzien van een groene omwalling van bomen, struiken en kruiden. Gemeentelijke bermen en waterlopen van het Hoogheemraadschap worden ecologisch be heerd en bieden de ruggengraat voor de agrarische biodiversiteit.
Veel polderwegen hebben in 2040 aan minimaal één zijde een ecologisch beheerde grasberm waarin een divers assortiment inheemse bomen staat of de berm bevat een haag van in
•
heemse bloeiende struiken. De bermen vormen zo een voedselbron voor insecten en bieden dekking aan kleine zoogdieren en vogels; Voorkomen: dat de oost west georiënteerde pol derlinten een gebiedsontsluiting functie krijgen.
Ook de Leidraad voor Landschap en Cultuurhistorie van de provincie Noord-Holland geeft ontwikkelprincipes mee voor de polderlinten. Het poldergrid van vaarten, tochten, polderwegen en de boombeplanting is daar voor het uitgangspunt. Ontwikkelprincipes voor de ruimtelijke kwaliteit met betrekking tot de polderlinten zijn: • Versterk het poldergrid: Houd bij de inpassing van ruimtelijke ontwikkelingen rekening met de bestaande kenmerken van de polder: vaarten, tochten, noord-zuid en oost-west georiënteerde polderlinten en het onderliggend verkavelingspatroon. Aanvullingen op deze structuur moeten kwaliteit toevoegen; • Accentueer het verschil tussen het poldergrid en de bovenlanden (restanten veengebied): Houd de overgang tussen bovenlanden en poldergrid herkenbaar en beleefbaar (denk aan de verschillen in verkaveling, hoogteverschillen, gestuwde water huishouding en grondgebruik). • Respecteer het verschil tussen de noord-zuid geo riënteerde polderlinten en de oost-west georiën teerde polderlinten: Situeer eventuele ruimtelijke ontwikkelingen aan de polderlinten en houd de oost-west georiënteerde polderlinten juist vrij van bebouwing. De noord-zuid georiënteerde polderlin ten worden gekenmerkt door boerenerven, een zijdige laanbeplanting en sloten langs de weg.
Een oost-west georiënteerd polderlint wordt geken merkt door een naastgelegen tocht, laanbeplanting tussen de tocht en de weg en heeft (op een paar uitzonderingen na) nauwelijks bebouwing; • Hou het zicht op de historische gemalen De Lynden, De Cruquius en De Leeghwater vrij: plaats in de nabijheid van de gemalen geen elementen die afbreuk doen aan de dominantie in beeld van het gemaal. Zorg voor vrij zicht vanaf gemalen naar de Hoofdvaart/Kruistocht en vice versa.
08 12-2020 -
79
8.2 Noordelijke polders Ook in de noordelijke polders vormen de dijken pro minente ruimtelijke dragers in het veenlandschap. De historische dijklinten zijn essentieel voor het landschap en het landelijke karakter van dit gebied. Over de toekomst van de dijken geeft de 'Structuurvisie 2035. Samen naar een groene, duurzame en econo mische sterke gemeente in 2035' (2012) nog niet veel houvast. De structuurvisie is globaal gericht op het be houd van de landschappelijke en natuurwaarden en de groene en kleinschalige gemeentelijke identiteit: een centraal metropolitaan parklandschap. Daartoe dient de bereikbaarheid naar dit parklandschap en de interne infrastructuur voor langzaam verkeer te verbeteren. Het 'Groenstructuurplan gemeente Haarlemmerliede en Spaarnwoude , Ruim baan voor groen!', (2014) werkt de Structuurvisie 2035 concreter uit voor de dijken. Het groenstructuurplan gaat daarbij uit van de waterkerende werking, de ontsluitende functie voor de woonlinten en het functioneren als onderdeel van de openbare ruimte in de woonlinten. Daarnaast is de beleving van het landschap vanaf de dijken een belang rijke waarde.
Het groenstructuurplan geeft de volgende ontwikke lingsrichtingen mee voor de dijken in de woonlinten: Algemeen: • Behoud de historische uitstraling van de dijken en helgroene landschappelijke karakter van de bewoonde dijklinten door gerichte aanplant van hagen (op de dijken zelf zijn bomen ongewenst, zij kunnen namelijk het dijklichaam verzwakken); • Versterk de landschappelijke identiteit en het verblijfskarakter van de historische dijklinten met hagen in de binnenbochten van de dijk; • Behoud genoeg plekken voor auto's om elkaar te passeren. Die plekken moeten lang genoeg zijn en duidelijk zichtbaar. In de woonkernen • Spaarnwoude: Koester de bestaande populie ren, kastanjes en linden in de bermen langs de Kerkweg en versterk de landschappelijke eenheid van Spaarnwoude met de Koningshoeve door het aanbrengen van gelijksoortige beplanting langs een deel van de Kerkweg vanaf de kern van het buurt schap tot aan het viaduct; • Versterk de sfeer van het buurtschap door de Kerk weg tussen de Koningshoeve en de kerk eenzijdig te beplanten met essen of eiken. De bulderende grootschaligheid van de A9 wordt daardoor van het buurtschap geweerd; • Versterk de sfeer van het buurtschap door te
•
• •
•
•
genover de erven aan de Kerkweg meidoorn- of veldesdoornhagen te planten. Dat kan ook een aangepast rijgedrag van automobilisten uitlokken; Haarlemmerliede: De dijk is de openbare ruimte van het dorp. Richt de Liedeweg in als groene landschappelijke verblijfsruimte door het wegbeeld meer een erf-uitstraling te geven en de weg optisch te versmallen met stukken haag langs of tegenover aanliggende erven. Versmal daarmee visueel het dijkprofiel om een rustiger rijgedrag uit te lokken. Beplant de binnenbochten met hagen van voorna melijk liguster- en beukenhagen gekoppeld aan de erven aan de dijk; Spaarndam: Inlaagsedijk: zorg voor een landschappelijke afronding naar de polder door een beplanting van knotwilgen langs de waterkant en appel- en perenboompjes in het dijktalud. Dit levert behalve een leuk wandelpad ook een mooier beeld vanuit de polder op. De Ringweg is de ruggengraat van Spaarndam. Voor het toekomstbeeld zijn drie delen te onder scheiden: • vanaf het viaduct tot voorbij sportvelden: maak van al de bermen, parkeerplaatsen en velden één grote gemeenschappelijke mul tifunctionele boomweide waarbinnen o.a. geparkeerd kan worden; • vanaf de sportvelden tot aan de basisschool: versterk dit deel tot 'dorpsdreef' met ruime gazons en boomgroepen; • van de St.
Adalbartusschool tot aan de dijk met de Zijkanaal C Weg: vorm de Ringweg hier om tot langgerekt dorpsplein op z'n Spaarndams. Penningsveer: Versterk het karakter van de Lagedijk met knotwilgen.
Verder beschrijft de Leidraad Landschap en Cultuurhis torie 2018 (Provincie Noord-Holland) dat de Spaarndammerdijk, Houtrakkerweg en de Ringweg onderdeel zijn van de oude IJdijken. Zij vormen een beeldbepalen de structuur in het polderlandschap door hun continu ïteit. Door de steilheid van het dijkprofiel en de hoogte van de dijken verheffen zij zich boven het maaiveld uit en zijn ze goed herkenbaar in het omliggende veen landschap. De recreatieve betekenis van deze dijken is in de loop van de tijd toegenomen en ze worden steeds belangrijkervoorde landschappelijke beleving als continue linten in een versnipperd landschap. De Spaarndammerdijk vormt bijvoorbeeld een belang rijke recreatieve structuur vanuit Amsterdam richting Spaarnwoude. Deze oude IJdijken zijn deels beschermd op basis van gemeentelijke monumentenverordenin gen.
ANALYSERAPPORT POLDERLINTEN
08 12-2020 -
80
Ambities, kansen en ontwikkelprincipes voor de toe komst van deze dijken zijn volgens de Leidraad Landschap en Cultuurhistorie: • Behoud: de continuïteit van de dijken (voorkom zo veel mogelijk nieuwe doorsnijdingen), het bestaan de dijkprofiel, de samenhang van het dijklichaam met de buitendijkse landen en het oude tracé en 'braken', de open zones aan weerszijden van de dijk voor de herkenbaarheid van de dijk, bij de bebou wing de doorzichten naar het achterliggend open landschap, houdt de dijk vrij ophogingen, plaats de beplanting op enige afstand tot de dijk zodat het verloop van het tracé zichtbaar blijft. • Versterk: de herkenbaarheid van de dijk en de samenhang tussen dijklichaam en bebouwing, de recreatieve functie van de dijken. Ontwikkel de dijk als ecologische schakel. Versterk het visueel con tact vanaf de IJdijken met het Noordzeekanaal.
8.3 Archeologie en de polderlinten In 2020 is er nieuw archeologiebeleid voor de Gemeen te Haarlemmermeer opgesteld. Archeologie is deel van een integraal erfgoedbeleid dat de balans tussen beschermen en benutten zoekt. Dit is ook in het kader van de Omgevingswet 2022 belangrijk, waarin identi teit aan de basis staat van de omgevingsvisie. Archeo logisch onderzoek wordt volgens een vaste methodiek uitgevoerd op plekken waar een bodemverstoring ge pland is en waar archeologische waarden in de bodem worden verwacht. In een nieuwe polder zoals de Haarlemmermeerpolder is de verwachting voor vondsten laag. In de Huigsloterpolder, het oud eiland Abbenes, ingepolderde stukken oud land en het veenweidegebied van Haarlemmerliede en Spaarnwoude daarentegen is de waarschijn lijkheid om overblijfselen uit het verleden te vinden
veel groter. Zowel de historische kern van het dorp Spaarnwoude als ook van Halfweg en Haarlemmerliede zijn van hoge verwachtingswaarde, evenals de forten en hun omgeving. Maar ook langs de polderlinten in het buitengebied is de waarschijnlijkheid voor archeo logische vondsten redelijk hoog. De dijken (Inlaagse-, Spaarndammer-, en Lagedijk) hebben allemaal de hoogste archeologische verwachtingswaarden en ook in aangrenzende weilanden zijn middeleeuwse huisplaatsen vastgesteld. Dit betekent dat bij plannen aan en nabij de polderlinten vooraf onderzoek moet plaats vinden in hoeverre archeologische uitgravingen nodig zijn of de plannen zo aangepast kunnen worden dat de mogelijke vondplaats niet verstoord wordt.
Verwachtingswaarde archeologie Legenda
Geen verwachtingswaarde Lage verwachtingswaarde Middel hoge verwachtingswaarde | Hoge verwachtingswaarde | Zeer hoge verwachtingswaarde Water
A
I------H
4km
Archeologische verwachtingskaart ANALYSERAPPORT POLDERLINTEN
08 12-2020 -
82
Monumenten De Spaarndammerdijk is gemeentelijk monument. Tevens liggen er langs de polderlinten verschillende boerderijen die rijks -of gemeentelijk monument zijn.
Monumenten langs de polderlinten Legenda Polderlinten O
Rijksmonumenten Gemeentelijke monumenten Stedelijk gebied
A
4km —I—i—h
08 12-2020 -
83
9. Polderlintportretten Om een goed beeld te krijgen van de waarden van de polderlinten nu en in de toekomst heeft het Podium voor Architectuur gesprekken gevoerd op verschillen de locaties in de polder met mensen die aan de linten wonen of werken. Het gesprek ging over de betekenis van de polderlinten, waar hechten zij aan en hoe kijken zij tegen de ontwikkeling van de polderlinten aan. In de apart toegevoegde bijlage zijn alle verhalen in de vorm van polderportretten uitgeschreven. Het algemene beeld is dat de polderlinten behouden en herkenbaar moeten zijn. Zij geven het verleden weer, en dat is belangrijk voor nu en voor de toekomst. Er wordt een duidelijke boodschap gegeven: er moet vanuit de gemeente een ontwikkelingsrichting worden neergezet. De ontwikkeling moet een dynamisch klein schalig karakter hebben en kunnen meegaan met de ontwikkelingen van de tijd. De verhalen geven samen het volgende beeld: Het verhaal van de polder moet je kunnen blijven ervaren De polderlinten geven de identiteit van de polder nog weer, ze zijn open en groen. Het is een stukje historie dat mensen niet kwijt willen. Aan de kop van de linten de gemalen Lijnden, Leeghwater en Cruquius, zij horen bij de historie van het gebied. Samen met de bomen rijen, boerderijen en de verkaveling vertellen zij het verhaal van het ontstaan en de ontwikkeling van de polder.
De eerste boeren waren pioniers van de polder, zij zijn een verbeelding van de migratie, een multi culturele broedplaats. Polderjongens groeven met de hand greppels en sloten. De afstanden waren voorheen enorm, de trekpaden waren onbegaanbaar, er was nog geen asfalt. Alle bebouwing hoorde vroeger bij de boerderij, vroe ger werkten er 10-15 mensen op de boerderij, het wa ren dorpjes op zich. De boerderijen werden bewoond van generatie op generatie. Door de tijd heen is er wel het een en ander veranderd. Het gebied evolueert, we evolueren ook meer naar behoefte, het karakteristieke agrarische verdwijnt. Door Schiphol en bedrijfsterreinen zijn linten afgekapt, doodlopend geworden en boerderijen verdwenen en verplaatst. Ook zijn er veel bomen gekapt. In deze snel veranderende polder moet je het verleden de ruimte geven. En we moeten meebewegen met de tijd. Dit is agrarisch gebied, maar er is haast niets agrarisch meer aan. De oorsprong is het verhaal. Dat is voor de jeugd en de toekomst heel belangrijk: terug naar de oorsprong met behoud van herkenbaarheid. Ruimtelijk
heid, doorkijken, bereikbaarheid, dat is belangrijk voor de toekomst. Het landelijke, de polderlinten moeten zichtbaar zijn, en bewaard blijven. De boerderij moet altijd zichtbaar blijven vanaf de weg. Variatie en diversiteit in beleving en gebruik De grote variatie en diversiteit is kenmerkend. De schoonheid zit hem in contrasten: een meneer die naar zijn landje gaat naast een ontzettend groot magazijn. Je hebt ervan alles, stilte en vliegtuigen, zwanen, vleer muizen en de boer oogst zijn gewassen. Ook schoenen dozen en kantoorpersoneel, schapen en fruitgaarden. De omgeving is heel contrastrijk, micro en macro ko men bij elkaar. De polderlinten ontsluiten en omsluiten. Het is duidelijk dat je de seizoenen ziet, dat is best inte ressant. En Schiphol met een eigen beleving blijft leuk en intrigerend. Het beweegt altijd en in de avond altijd lichtjes, het heeft wel iets, dat is juist zo bijzonder, het is open, weinig bebouwing. Juist in die verscheidenheid en dynamiek ligt de kwaliteit. Een belangrijke waarde zit hem in het beleven van de overgangen van het landschap. De afwisseling tussen stukje open en stukje bebouwd. Als je fietst kun je nog ver kijken met uitzicht op groen, er komt geen eind aan.
Je kunt oneindig ver lopen of fietsen, ervaren van "ben ik er nou nog niet?" En altijd wind met tegen wind ervaar je de lengte, met de boerderijen erlangs, dat samen bepaald de beleving. Die tussenruimtes zijn belangrijk, de zichtlijnen. Het is kunstmatig, maar toch is het heel eigen en natuurlijk. Handig, dat grid, met hardlopen weetje precies het is 2/3 kilometer. Ook de beplanting is belangrijk. Populieren horen bij de polder, en als ze vervangen moeten worden, gewoon weer terug planten. De groene linten behouden, dat is goed voor de herkenbaarheid. Het houden van het groene effect, dat is belangrijk. Juist de afwisseling tussen groen en industrie is mooi. De mooiste plekken liggen ten zuiden van Nieuw-Vennep, richting Abbenes en Kaagdorp, daar is het nog het originele van Haarlemmermeer. Wat open moet blijven moet open blijven. Juist tussen de verschillende bebou wingen aan de linten, de ruimte tussen de boerderijn en de schuren. Door Schiphol zijn er nog open stukken, zorg dat dat ook open blijft. Dus ook geen bergen do zen onder de aanvliegroutes. Hou het open.
ANALYSERAPPORT POLDERLINTEN
08 12-2020 -
84
Echt Hollands landschap: Haarlemmerliede, Spaamwoude, Spaarndam Dit is echt een ander gebied dan de grote Haarlemmermeerpolder. Het is nu een slagenlandschap, een boerengebied, buitengewoon prettige omgeving. Het is hier een oude strandwal, de veenriviertjes monden indertijd allemaal uit in het Oer-Y. De Spaarndammerdijk was de dijk die het hele achterland veilig hield. De dijk heeft heel veel hoge waterstanden tegengehou den, en er zijn ook delen regelmatig weggespoeld, zoals de Grote Braak bij Halfweg en een kleinere braak bij Spaarnwoude. Een groot deel is in de jaren zestig ontpacht en is nu voor een groot deel recreatieschap geworden. Evenwijdig aan de dijk liggen ook paden en je zie ziet kikkers, een stier, een lepelaar. De Stompetoren is belangrijk voor het dorp. De sociale component is hier heel belangrijk. De identiteit van elk klein dorpje is belangrijk. Er is een redelijk fietscircuit, door de polder en er zijn bankjes neergezet. De lijnen door het land schap, de openheid en de ruimtelijkheid, daar gaat het om. Het is fijn om de dijken te behouden, je hebt mooi uitzicht over het land. De maatvoering is heel erg belangrijk. Omdat het landschap zo vlak is, zie je alles, zoals de datacenters bij het Rottepolderplein.
Toekomst voor de boerderijen en erven De boerderijen tonen een tijd die is geweest, maar het moet geen museumpark worden. Laat de oorspronkelij ke boerderijen goed zien. Maak van enkele boerderijen een beschermt polderzicht. Maak keuzes. Stel bijvoor beeld als voorwaarde voor behoud dat de boerderij voor 1950 gebouwd is. Als je de boerderijen in stand wil houden moetje een goede bestemming geven, dan gaat het platteland ook weer leven. Geef de boerderij en nieuwe kleinschalige functies zoals wonen (tiny houses, landgoederen, wonen voor starters), zorg, sport, moestuin voor gezamenlijk gebruik of cursussen over boerenland zodat de geschiedenis niet verloren gaat.
‘Zonder verleden geen heden. Zeker in zo’n snel veranderende polder moetje het verleden ruimte geven. De oorsprong is het verhaal. Dat is voor de igd en de j •komst h •elangrijk.
‘ e zou het oude poldertempo wat J terug zien te moeten pakken. Het jachtige eruit te halen, zodatje het perspectief en de openheid kunt
Bebouw de erven, laat tussenruimtes leeg, behoud open ruimten, maak het kleinschaliger. Voeg boerderij en toe, met bijvoorbeeld een restaurantje met hollands eten of een picknick weide. Geef een goede leidraad, tot zover mag je gaan. Help de ondernemers met een nieuw verdienmodel, het verkopen van hun bedrijf, met een nieuwe betekenis geven aan de locatie. Faciliteer het recreatief gebruik. Je moet ook durven zeggen, nu is het genoeg, niet meer bouwen. Help bedrijven als er in de omgeving nieuwe ontwikkelingen zijn.
08 12-2020 -
85
Toekomst voor de polderlinten Het is historie dat je niet kwijt wilt. Zonder verleden geen heden. Het was ooit een heel functionele invulling van de landbouwgrond. Nu zeggen we dat de stad en de omgeving leefbaar moet zijn. Maar misschien gaat het wel meer om het ervaren van de polder, de weidse vergezichten, datje de natuur beleefd. We moeten het multidisciplinair insteken. De toekomst vraagt om innovatie en verschuiving van functies in de verschillen de gebieden. De oude stijl vasthouden en een mooie mix maken van oude dingen en Haarlemmermeer laten herleven. Maak gebruik van de kracht en kennis van onderne mers en oorspronkelijke bewoners. We moeten naar nieuwe ontwikkelingen toe, en dat moet de gemeente meenemen in de plannen. Landbouw is over een aantal jaar over. Houdt niet halsstarrig vast aan wat er is. De toekomst van de polderlinten hangt af van wat je er wel of niet mag. Laat de bomen terugkomen, geef weer stukken terug aan de natuur. Laat de polderlinten als verbinding naar het centrum doorlopen. Maak een wandelpad evenwij dig aan de polderlinten voor hardlopen of hond uitla ten. En maakt pauzeplekken en bestemmingsplekken, kleinschalige locaties langs de polderlinten waar je kunt afstappen en een verhaal kunt halen, die zorgen voor levendigheid. Varieer meer buiten het grid, maak ook kronkelige dingen, dan ervaar je meer perspectieven.
Ontwikkel een verdienmodel voor landschapsbeheer. Maak op een slimme manier gebruik van de natuur, versterk de biodiversiteit, opvang piekbuien op een na tuurlijke manier. Laat het landschap niet afhangen van het type ondernemerschap maar van het landschap en de doorgetrokken lijnen.
De Hoofdvaart kan meer worden gebruikt Er ligt een prachtige Hoofdvaart, maar we doen er niets mee. Vroeger waren er kano's, gingen we vissen en maakten we vlotten. De Hoofdvaart functioneert nu niet maar je kunt er wel wat mee. Alleen de lengte al, dat is best een ervaring. Subborden, kanoplekken, terrasjes, zeker nabij het centrum. Af en toe is er wel op geschaatst, en 1 of 2 keer Sinterklaas. Er mogen best meer activiteiten komen, meer terras, meer publiek. Het is fijn dat je dan ergens naar kunt kijken. Stel je voordat je met opblaasbootjes erop mag, kleine kinde ren die spelen, steigers en vlonders, dan kun je er ook even gaan zitten, picknicken. Of suppend naar school. De Hoofdvaart is gewoon een mooi ding. Plant de bomen terug, laat de Hoofdweg zien. Populieren horen bij de polder, en als ze vervangen moeten worden, gewoon weer terug planten. Het enige waar de Hoofd vaart niet zo fraai in is, is waar de bebouwing te dicht op de Hoofdvaart staat. Je kunt er beter groene tunnels van bomen van maken. Aan beide kanten van de weg bomen.
ANALYSERAPPORT POLDERLINTEN
08 12-2020 -
86
08-12-2020
87
10. Authenticiteit Polderlinten 10.1 Authenticiteit van de polder Met dit onderzoek is de ontstaansgeschiedenis, ontwik keling en eigenschappen van de polderlinten in beeld gebracht. Daarbij blijkt uit de polderlintportretten, het advies van de PARK en de bestaande visies dat het blij vend kunnen ervaren van de polderlinten essentieel is. Op basis van dit onderzoek kunnen we concluderen welke herkomstwaarde de polderlinten nu nog heb ben. Welke lintonderdelen zijn nog authentiek en gaaf? Daarvoor gaan we uit van de periode rond 1950. Rond deze tijd was er sprake van het optimaal aanwezig zijn van het polderlint-ensemble: smal wegprofiel - bomen rij - boerderijen - doorzichten. Het beeld in deze tijd is als volgt: • Na het aanplanten van de bomen volgens het plan van de Heidemij is het stramien van 2x3 kilometer zichtbaar aanwezig. • De meeste boerderijen zijn gevestigd, tussen de boerderijen is sprake van open ruimtes. Langs de
•
•
•
oost-west georiënteerde polderlinten is vrijwel geen bebouwing aanwezig. Onderdeel van de boer derijen zijn de aanwezige erfbeplantingen. De wegen hebben allen een smal profiel, er was nog geen sprake van drukke automobiliteit en fietspaden. De polder is open, de bomen zorgen voor herken baarheid aan het 2x3 km stramien en de belijning van de Ringdijk is duidelijk ervaarbaar. Ook de polderlinten in de noordelijke polders zijn als ver hoogde lijnen zonder beplanting in het landschap herkenbaar. Vanaf de linten is de Stelling van Amsterdam met de forten en Geniedijk duidelijk herkenbaar.
ANALYSERAPPORT POLDERLINTEN
08 12-2020 -
88
Herkomstwaarden boerderijen (ca. 1950) Legenda Ringdijk/Ringvaart Geniedijk Hoofdvaan o ( • j
Boerderij Fort
A
4km
Restanten herkomstwaarden boerderijen Legenda r*****’,
Ringdijk/Ringvaart Geniedijk Hoofdvaart
=
Boerderij
*
fon
A
4km
08 12-2020 -
89
Herkomstwaarden bomenrijen (ca. 1950) Legenda
Restanten herkomstwaarden bomenrijen Legenda Ringdijk/Ringvaart Geniedijk Hoofdvaart t****
•
Bomenrij Fort
A
4km
ANALYSERAPPORT POLDERLiNTEN
08 12-2020 -
90
Herkomstwaarden open ruimtes (ca. 1950) Legenda Ringdijk/Ringvaart Geniedijk Hoofdvaart Open ruimte •
Fort
A
4km
Restanten herkomstwaarden open ruimtes Legenda Ringdijk/Ringvaart ' Geniedijk
0*
Hoofdvaart Open ruimte « )
Fort
A
4km
08 12-2020 -
91
Herkomstwaarden wegen (ca. 1950) Legenda
0
Restanten herkomstwaarden Legenda Ringdijk/Ringvaart Geniedijk ^«^i Hoofdvaart Weg •
Fort
A
4km
ANALYSERAPPORT POLDERLINTEN
08 12-2020 -
92
Herkomstwaarden totaal (ca. 1950) Legenda
Restanten herkomstwaarden totaal Legenda
08 12-2020 -
93
10.2 Mate van authenticiteit Voor het bepalen van de herkomstwaarde van de huidige polderlinten zijn op basis van dit onderzoek de volgende beoordelingscriteria relevant: de mate waarin nog sprake is van de aanwezigheid van: • een smal wegprofiel en doorlopende weg; • beeldbepalende bomenrijen; • boerderij/bebouwingserven met erfbeplanting (niet bij de dwarswegen); • openheid en doorzichten (aanwezig in redelijke mate, nergens is de 2x3 km openheid meer 100% aanwezig). De waardering is als volgt: • zeer hoge herkomstwaarde: ensemble is vrijwel nog compleet;
• • •
hoge herkomstwaarde: ensemble grotendeels nog compleet; matige herkomstwaarde: ensemble beperkt aan wezig; beperkte herkomstwaarde: ensemble is nog maar beperkt aanwezig.
Een lagere herkomstwaarde wil echter nog niet zeg gen dat het polderlintgedeelte geen waarde heeft, de gebruikswaarde kan bijvoorbeeld heel groot zijn. Op de onderstaande kaart is te zien dat de herkomst waarde per trajectdeel verschillend is. De Hoofdvaart heeft grotendeels een zeer hoge herkomstwaarde, de vaart met begeleidende bomenrijen zijn zeer duide-
Mate van authenticiteit Legenda Zeer hoge waarde Hoge waarde Matige waarde Beperkte waarde Dijk Water
A
4km —i—-
ANALYSERAPPORT POLDERLINTEN
08 12-2020 -
94
lijk ervaarbaar. Ter plaatse van de kernen is niet altijd optimaal gebruik gemaakt van de kwaliteit van de plek. Hoge waarde hebben ook de linten in de agrarische ge bieden, zowel in de veenpolder als in de droogmakerij. De wegen die nu een doorstroomfunctie hebben, zoals de Kruisweg en de Schipholweg hebben een beperkte herkomstwaarde. De polderlinten in de omgeving van Schiphol zijn of verdwenen of zijn doodlopend. De openheid is wel een belangrijke waarde van deze loca tie. Overal waar ontwikkelingen hebben plaatsgevon den, zoals uitbreidingen van wijken, bedrijventerreinen, glastuinbouw en recreatiegebieden zijn de polderlinten aangetast, de herkomstwaarde is matig. De doorzichten zijn vrijwel verdwenen of smal in omvang, veel boer derijen zijn verdwenen en het oorspronkelijke profiel is gewijzigd.
08 12-2020 -
95
Literatuurlijst • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • •
Bebouwing langs polderwegen. Januari 1998 Uwegvisie, oktober 2000 vastgesteld door B&W Hoofdvaartvisie, mei 2001 vastgesteld door B&W Nota van uitgangspunten Spieringwegzone, 14 oktober 2001 Ruimtelijke Atlas Haarlemmermeer, 2008 (2008/13422) Het Boerderijen boek, 2011, Cruyningen et al. Structuurvisie 2035. Samen naar een groene, duurzame en economisch sterke gemeente in 2035, juli 2012 (vastgesteld door de raad van de voormalige gemeente Haarlemmerliede en Spaarnwoude). Structuurvisie Haarlemmermeer 2030, oktober 2012 (RV 2012.0033712) De agrarisch sector in perspectief, mei 2013, (RV 2013.0015671) Erven en landschappelijke beplanting in de gemeente Haarlemmermeer, april 2013 Groenstructuurplan Badhoevedorp en Lijnden-Oost, 4 juli 2013, (RV 2013.0029501) Groenstructuurplan gemeente Haarlemmerliede en Spaarnwoude, Ruim baan voor groen!, januari 2014, RUI 14/002 A4 zone West, Beeldkwaliteitsplan, maart 2014, (2014.0000999) Beeldkwaliteit Polderlaag PARK21, maart 2015, (RV 2014.0057605) Water in de structuurvisie Haarlemmermeer 2030, april 2015 (RV 2015.0008009: als bijlage bij de Strategi sche Samenwerkingsagenda Haarlemmermeer- Rijnland 2015 - 2030 vastgesteld) Gebiedsvisie Penningsveer, augustus 2018, Opgesteld door H+N+S Mobiliteitsvisie Haarlemmermeer, december 2018, (RV 2018.0065348) Leidraad Landschap en cultuurhistorie, 2018, Provincie Noord-Holland Legger
oppervlaktewateren 2018, Rijnland (www.rijnland.net) 70% versie concept Omgevingsvisie, januari 2020, (B&W nota 2020.0000115) Erfgoed omarmen en beleven, RV 2020.0000051, maart 2020 Beeldkwaliteitsplan Polderlinten Vijfhuizen, november 2020, (RV 2020.0002325, Nota uiterlijk van bouwwerken Haarlemmermeer 2020, november 2020, (RV 2020.0002340). Narratief voor het MRA landschap, 2020, in opdracht van de MRA opgesteld door Steenhuismeurs Beleid monumentale en waardevolle bomen Haarlemmermeer, RV 2020.0002903, november vastgesteld in B&W, naar verwachting januari 2021 in de raad) Startnotitie Kwaliteit in de polder - Nota Omgevingskwaliteit Haarlemmermeer, september 2020, (concept status) Natuurvisie Haarlemmermeer 2020-2040, nog in bewerking Naar Buiten, Landschap en Recreatie, nog in bewerking Beeldenbank Noord Hollands Archief, Noord Hollands Archief, zonder datum
ANALYSERAPPORT POLDERLINTEN
08 12-2020 -
96
Bijlagen Bijlage 1: De totale lengte van de polderwegen Bijlage 2: Polderlintportretten, gesprekken over verleden, heden en toekomst, juni-september 2020, Podium voor Architectuur.