Bijlage 2 Rapport van bevindingen Migratie Haarlemmermeer - BBSO
Tekst van het document
De populaDe in de opvanglocaDes in Haarlemmermeer omvat zowel asielzoekers als statushouders, waarbij de populaDe asielzoekers het grootst is (op het azc Planeetbaan is 83% asielzoeker en 17% statushouder, op de locaDe Rijksweg A4 is 91% asielzoeker en 9% statushouder en op de locaDe Lijnden is 93% asielzoeker en 7% statushouder)28. In de ‘Bestuursovereenkomst inzake de vesDging van een opvanglocaDe’ met de lokale overheid geeM het COA aan dat zij zal zorgdragen voor een evenwichDge samenstelling van de populaDe asielzoekers op de locaDe voor wat betreM herkomst, geslacht, leeMijd en gezinssituaDe. De gemeente Haarlemmermeer zelf heeM geen zicht op de samenstelling van de asielpopulaDe op de COA-opvanglocaDes binnen de gemeente, naar naDonaliteit, leeMijd of andere 26 De verdeling van opvangplekken over gemeenten in Nederland gebeurt op basis van het aantal inwoners en de sociaaleconomische statusscore, rekening houdend met financiële welvaart, het opleidingsniveau en het recente arbeidsverleden van huishoudens van gemeenten. Zie voor de verdeling van opvangplekken naar gemeenten in 2024: Ministerie van Jus//e en Veiligheid (2024). Capaciteitsraming, provinciale opvangopgave en indica/eve verdeling per gemeente 2024, 31 januari 2024, Staatscourant Nr. 5191969. hqps://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt2024-3320.pdf.
De negen gemeenten in de regio Kennemerland hebben maart 2024 een conceptplan ‘Regionaal plan opvang asielzoekers’ gepresenteerd. Het plan beschrijU 14 mogelijke loca/es om in totaal 2.108 asielzoekers op te vangen. Het college heeU het concept-regionaal plan vastgesteld op 23 april 2024 en ter informa/e naar de gemeenteraad gestuurd. De raad heeU in 2022 al besloten over de duurzame loca/e Planeetbaan; de andere loca/es zijn /jdelijke loca/es. Voor de jaren 2025 en 2026 is een defini/ef Regionaal plan opvang asielzoekers Kennemerland opgesteld. 27 hqps://www.noord-holland.nl/bestanden/pdf/Bouwen_Wonen/Bijlage%203.%20Regioplan%20asielopvang%20Kennemerland.pdf#:~:text=Op%201%20februari%202024%20is,de%20Commissaris%20van%20de%20Koning. 28 In mei 2025 is de popula/e op loca/e Planeetbaan 447 bewoners totaal, waarvan 74 vergunninghouders, loca/e Rijksweg A4 439 bewoners waarvan 41 vergunninghouders en loca/e Lijnden 197 totaal, waarvan 14 vergunninghouders (in totaal 129 vergunninghouders op drie COA-loca/es).
29
persoonskenmerken. Deze samenstelling verandert conDnu en de gemeente geeM aan het ook niet noodzakelijk te achten om hiervan op de hoogte te zijn. Het COA besluit wie er in welke opvang geplaatst wordt en er is een regelmaDge in- en uitstroom van asielzoekers. Pas na het verkrijgen van een verblijfsstatus komen asielzoekers die statushouder zijn geworden onder de beleidsverantwoordelijkheid van een gemeente. Asielzoekers die een verblijfsvergunning krijgen worden gekoppeld aan een gemeente en deze gemeente is vervolgens verantwoordelijk voor huisvesDng. Wanneer een statushouder gehuisvest is, is de gemeente waarin zij gehuisvest zijn verantwoordelijk. Sommige statushouders die in opvanglocaDes in Haarlemmermeer verblijven, zijn gekoppeld aan andere gemeenten. Zij vallen onder het COA tot zij door hun gemeente gehuisvest zijn; de gemeente Haarlemmermeer is voor hen niet beleidsverantwoordelijk.
3.3
Organisa7e en beleid asiel gemeente Haarlemmermeer
Gemeentelijke organisaDe asiel In januari 2023 is binnen de gemeentelijke organisaDe een programmateam Asiel en Oekraïne opgezet. Dit programmateam opereerde onder de verantwoordelijkheid van de teamleiding van de cluster Samenleving, Sport en Cultuur (SSC) en cluster Veiligheid. Er was vóór 2023 geen (aparte) afdeling of team Asiel binnen de gemeente. Het (gezamenlijk) programmateam is in juli 2024 ontbonden, waarbij de verantwoordelijkheden zijn gesplitst: het team Asiel is overgaan naar het cluster SSC en de aandacht voor de opvang van Oekraïense ontheemden is bij het cluster Veiligheid gebleven. Het (sub)team Asiel (3,8 Me), als onderdeel van het bredere team Wonen en Asielopgaaf, houdt zich bezig met de opvang van asielzoekers, de huisvesDng statushouders, integraDe van asielzoekers en statushouders, en nieuwkomersonderwijs. Gemeentelijk beleid asiel De opvang van asielzoekers in Haarlemmermeer wordt voornamelijk uitgevoerd op basis van landelijk beleid, landelijke wet- en regelgeving en regionale afspraken. De gemeente heeM geen zelfstandig beleidskader voor asiel ontwikkeld en er is over de periode 2021-2024 geen documentaDe waarin een gemeentelijke visie op asielbeleid inhoudelijk is verwoord. Ook is er geen beleidskader of beleidsagenda waarin asiel binnen de bredere context van integraDe nader wordt belicht.
Op dit moment is voor de lokale overheid de Spreidingswet van belang in het kader van de opvang van asielzoekers. De gemeente Haarlemmermeer heeM de bestaande taakstelling hieromtrent tot nu toe volledig ingevuld. Met de drie locaDes die momenteel beschikbaar zijn, kan de gemeente aan de eisen voor voldoende plekken voldoen. De uitdaging is dat meer duurzame plekken worden gerealiseerd voor de opvang van asielzoekers, waarbij wordt uitgegaan van opvangplekken die tenminste vijf jaar door het COA kunnen worden gebruikt. Op dit moment
30
gaat het veelal om flexibele plekken die in geval van nood kunnen worden aangewend. De gemeente dient in dit kader de komende jaren een transiDe te verwezenlijken naar blijvende opvangplekken.
3.4
Aandachtspunten asielmigranten en gemeentelijk beleid
Ofschoon een belangrijk deel van het beleid inzake asiel landelijk wordt bepaald en in de opvang sprake is van een centraal geregelde structuur door het COA, zijn er aandachtspunten die voor het beleid van de gemeente van belang zijn of worden. We bespreken hier de huidige inzet en de beleidsraakvlakken van de gemeente op het terrein van opvang, onderwijs, arbeid, zorg en veiligheid in het licht van de asielopvang in Haarlemmermeer. Daarmee krijgen we zicht op de vraag welke beleidsruimte de gemeente bij asielmigraDe heeM, welk beleid de gemeente hierbij voert en in hoeverre de gemeente op dit moment binnen dit onderwerp geen beleid voert. 1. Asiel en opvang In de gemeente Haarlemmermeer zijn er twee locaDes voor de (nood)opvang van asielzoekers waarvoor het COA huurovereenkomsten met parDculiere parDjen (hotels) heeM afgesloten en van een van de locaDes (een voormalig hotel) is de gemeente zelf eigenaar. In de opvangtaak richDng asielzoekers ligt, zoals gezegd, de verantwoordelijkheid (volledig) bij het COA. De noodopvang van asielzoekers in de hotels heeM, naast de relaDef hoge kosten voor het Rijk voor deze vorm van opvang, het inhoudelijke nadeel dat de zelfredzaamheid van asielzoekers niet wordt gesDmuleerd aangezien het voor de bewoners bijvoorbeeld niet mogelijk is om zelf te koken en boodschappen te doen.
De gemeente en het COA zoeken gezamenlijk naar geschikte locaDes voor de opvang van asielzoekers. Het beoordelen van het maatschappelijk draagvlak voor de opvang van asielzoekers op een bepaalde locaDe door de gemeente is een van de aspecten die in de gemeentelijke besluitvorming een rol spelen. Enerzijds wordt in dit kader door parDjen gewezen op de mogelijke maatschappelijke meerwaarde van de aanwezigheid van een COA-locaDe voor de gemeente, voor ondernemers, vrijwilligers en voor de betreffende wijk, anderzijds zijn er mogelijke bezwaren die door bewoners vanuit de omgeving worden geuit. De huidige opvanglocaDes liggen onder meer aan een Rijksweg en aan een spoorlijn en op afstand van een woonwijk. De integraDe van de azc’s met de wijken en bevolking is in dit kader niet groot. De gemeente Haarlemmermeer heeM in voorgaande jaren een klankbordgroep opgezet met inwoners en ondernemers uit de omgeving van de locaDe op de Planeetbaan om hen te betrekken bij de opvanglocaDe. Deze groep is in een beginperiode acDef geweest maar inmiddels is er geen noodzaak en behoeMe meer om samen te komen.
31
Een van de knelpunten die binnen een van de opvanglocaDes in Haarlemmermeer speelde, was dat naast de opvang van asielzoekers, vanwege het gebrek aan doorstroom van statushouders naar reguliere huisvesDng, ook statushouders werden opgevangen vanuit de Hotel- en accommodaDeregeling (HAR). Het ging om een ‘Besluit Djdelijk onderdak in hotels en andere accommodaDes’ om statushouders woonruimte te bieden, in dit geval op de vijfde verdieping van de COA-locaDe op de Planeetbaan. In de Bestuursovereenkomst met het COA (maart 2023) is door de gemeente aangegeven dat zij een deel van de ruimte van de locaDe op de Planeetbaan wilde reserveren voor het realiseren van de wePelijke verplichDng voor het opvangen van andere, ‘bijzondere doelgroepen’ (statushouders, spoedzoekers, studenten en jongeren). Daarmee was het oorspronkelijk de bedoeling dat de 5e en later ook de 4e verdieping zouden worden gebruikt voor huisvesDng van andere doelgroepen, zoals studenten, spoedzoekers, en andere doelgroepen. Na onderzoek bleek dit niet echter mogelijk te zijn vanwege verschillende redenen, waaronder de HuisvesDngswet29. In het voorjaar 2025 is vervolgens in overleg met het COA besloten dat de locaDe op de Planeetbaan vanaf zomer 2025 volledig voor de doelgroepen van het COA (en niet meer voor andere bijzondere doelgroepen) beschikbaar zou komen. Het COA huurt nu de gehele locaDe van de gemeente.
Voor de gemeente heeM de Spreidingswet tot gevolg dat men in de asielopvang, samen met het COA, beleid zal dienen te voeren waarin extra opvangplekken worden gecreëerd die vooral duurzaam dienen te zijn. Daarnaast zal op basis van regionale afspraken een flexibele schil van (crisis)noodopvangplekken dienen te worden gerealiseerd. In het beleid kan bovendien het sDmuleren van de doorstroom van asielstatushouders naar reguliere woningen een oplossing bieden voor de druk op de asielopvang. 2. Asiel en onderwijs Het COA en de gemeente werken samen op het gebied van onderwijs voor kinderen van asielzoekers. Er zijn momenteel gesprekken opgestart om te verkennen welke mogelijkheden er zijn op het MBO om een onderwijsvoorzieningen in te richten voor meerderjarige asielzoekers (jongvolwassenen zonder status). Minderjarige asielzoekers moeten binnen drie maanden na aankomst in Nederland naar school. Zodra zij geplaatst worden op een locaDe schrijM het COA hen, via het Onderwijsmeldpunt nieuwkomers onderwijs, in bij taalklassen: voor het basisonderwijs is dat de ITK (internaDonale taalklas) en voor het voortgezet onderwijs is dat de ISK (internaDonale schakelklas). Hier krijgen de kinderen één of twee jaar taallessen.
De gemeente is bij het onderwijs van leerplichDge kinderen van asielzoekers betrokken door onder andere de extra inzet in nieuwkomersonderwijs; de beleidsadviseur zorgt voor afstemming met het COA en de onderwijsinstellingen over de instroom van kinderen. Er worden extra subsidies verleend voor verschillende acDviteiten zoals nazorg bij doorstroom naar regulier
29 Zie ook: Raadsvoorstel Tijdelijke exploita/e Planeetbaan 2 Hoofdorp; nummer 11634810, februari 2025.
32
onderwijs. Er zijn perioden geweest waarin sprake is geweest van een grote toestroom van nieuwkomers, waaronder asielzoekers, waardoor het niet mogelijk was om alle kinderen in een reguliere taalklas te plaatsen. De instroom was dusdanig groot dat er onvoldoende ruimtelijke en personele capaciteit was voor het onderwijs aan nieuwkomers. Dit heeM geleid tot een advies voor een nieuwe aanpak voor dit type onderwijs. Om het capaciteitstekort in ruimte op te vangen zijn er noodlokalen geplaatst bij twee bestaande schoollocaDes. Inmiddels is de ISK deels verhuisd naar de nieuwe school, AvanDs College in Hoofddorp. Omdat de aantallen nieuwkomers voor de ISK nog steeds groter is dan de geraamde capaciteit op de nieuwe school (ongeveer 100 leerlingen), is de Djdelijke locaDe van de ISK nog steeds in gebruik. Om stabiliteit en regelmaat te behouden voor kinderen van asielzoekers is het ongewenst dat kinderen verhuisbewegingen maken tussen (nood)opvanglocaDes. Hierdoor kan het risico op onderwijsachterstanden toenemen. 3. Asiel en arbeid Vluchtelingen die in Nederland in de asielprocedure ziPen, en derhalve nog geen verblijfsvergunning hebben, mogen zes maanden na de aanvraag voor asiel aan het werk.
Asielzoekers mogen sinds eind 2023 ook langer dan 24 weken per jaar werken.30 Aangezien een groot deel van de asielzoekers uiteindelijk een status ontvangt31 en dan als vergunninghouder onder de verantwoordelijkheid van een gemeente valt, is er een maatschappelijk belang om hen zo snel mogelijk aan het werk te krijgen32. Als een statushouder geen werk heeM, heeM hij/zij recht op een bijstandsuitkering van de gemeente. Naast het financiële belang van arbeid, ondersteunt een baan ook het inburgeringsproces van vluchtelingen: men leert via het werk de taal sneller als ook de omgangsregels in Nederland. De gemeente Haarlemmermeer heeM in 2023-2024 een pilot uitgevoerd waarin het toeleiden van asielzoekers naar werk centraal stond. Het Werkgeverservicepunt (WSP) binnen het team Werk heeM vanuit de gemeente, samen met het COA en met werkgevers uit de omgeving, uitvoering gegeven aan deze pilot. De gemeentelijke pilot is na 1 november 2024 niet meer verlengd.
30 De Raad van State gaf in november 2023 aan dat de bestaande 24-weken-beperking in strijd was met Europese regels en niet meer mocht worden toegepast. 31 Het percentage asielzoekers dat statushouder (vergunninghouder) wordt wisselt per jaar, ook naar omvang instroom, na/onaliteit en is mede axankelijk van meerdere factoren waaronder de werkvoorraad bij de IND per jaar. Van alle asielzoekers die tussen 2014 en 2022 in de asielopvang van het COA zijn ingestroomd, heeU gemiddeld 76 procent na twaalf maanden een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde /jd (Bron: CBS, 2025. Asiel en integra/e 2025. Cohortonderzoek asielzoekers en statushouders). 32 Op het moment dat een asielzoeker een verblijfsvergunning krijgt, is de COA als regievoerder verantwoordelijk voor de koppeling van deze persoon aan een gemeente. De koppeling wordt gemaakt op basis van verschillende factoren, waaronder de taakstelling van gemeenten, verdeling over regio’s en de kans op succesvolle par/cipa/e. Ook belangen van de statushouder, zoals de aanwezigheid in een bepaalde gemeente van een eerstegraads familielid, arbeid en onderwijs/studie of medische noodzaak (harde criteria) en opleidingsachtergrond, werkervaring, sociaal netwerk en ambi/es (zachte criteria) spelen een rol.
De gemeente waar de voormalige asielzoeker woonde, is derhalve niet per defini/e ook de gemeente waar de (kersverse) statushouder gaat wonen. Het is niet bekend hoeveel procent van de (nieuwe) statushouders in de gemeente blijU wonen waar ze ook in een azc zaten.
33
Gezien het belang dat aan het thema ‘asiel en werk’ op basis van landelijk beleid en lokale prakDjk kan worden toegekend, is hier in een verdiepingsfase van het rekenkameronderzoek specifiek aandacht aan besteed (zie deel 2 van deze rapportage). 4. Asiel en gezondheidszorg Asielzoekers hebben recht op opvang en op toegang tot medische zorg. Het COA is verantwoordelijk voor de organisaDe en de financiering van die toegang. Het COA is daarmee in eerste instanDe verantwoordelijk voor het faciliteren van de gezondheidszorg voor asielmigranten op een COA-locaDe. Voor de opvanglocaDes is in principe zorgpersoneel, waaronder huisartsen, beschikbaar. De InspecDe Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) houdt toezicht op de kwaliteit van de medische zorg op de azc’s. Sinds 1 januari 2019 zijn voor de minderjarige asielzoekers gemeenten verantwoordelijk voor het regelen van jeugdhulp en jeugd-ggz voor kinderen op een locaDe van het COA. De GGD en jeugdgezondheidszorginstellingen zijn verantwoordelijk voor de prevenDeve zorg voor vluchtelingen tussen 0 en 19 jaar. Deze kinderen en jongeren hebben, door onder andere hun vluchtverleden, vaak een groter gezondheidsrisico dan andere kinderen en jongeren33.
Ofschoon uit landelijk onderzoek naar voren komt dat er binnen de opvang nu meer aandacht is voor de hygiëne, de medische intake en toegang tot jeugdgezondheidszorg, zijn er nog steeds grote zorgen over de gezondheidssituaDe van asielzoekers, met name van kinderen, in de noodopvanglocaDes. De InspecDe Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) concludeert dat de situaDe van kinderen in de opvangketen nog steeds te vaak ernsDge risico’s geeM en hun gezonde en veilige ontwikkeling belemmert34. Ook de volwassenen met een asielachtergrond lopen meer risico op gezondheidsklachten, mogelijk als gevolg van geweld en traumaDsche ervaringen. De specifieke zorg hiervoor is niet voorhanden op een azc maar dient veelal extern te worden aangevraagd35. Het langere verblijf op Djdelijke (nood)opvanglocaDes en de doorplaatsingen naar andere azc’s vergroten het risico op gezondheidsschade voor kwetsbare bewoners in de asielopvang. 5. Asiel en veiligheid Voor de veiligheid binnen de opvanglocaDe is eerste instanDe het COA verantwoordelijk. Het personeel in de opvang is getraind om mogelijke spanningen onder asielzoekers te voorkomen. Het COA zorgt dat een opvangplek veilig is voor de bewoners en iedere asielzoeker ondertekent daarvoor de huisregels van het COA en krijgt voorlichDng. Bij ongewenst gedrag spreken
33 Gemeenten worden gecompenseerd voor kosten die gemaakt worden voor jeugdzorg. Voor jeugdzorg is jaarlijks decentraal een bedrag van €5,1 miljoen beschikbaar voor jeugdhulp aan kinderen op COA loca/es, dat verdeeld wordt over gemeenten, gebaseerd op het gemiddelde aantal minderjarige asielzoekers in hun gemeente (op loca/e). Deze regelingen zijn niet per defini/e dekkend, maar kan als compensa/e worden beschouwd. 34 Zie Inspec/e Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ), Uitkomsten toezicht asielopvang 2024. Het risico op blijvende gezondheidsschade vereist nu verbetering voor de meest kwetsbare asielzoekers, februari 2025. 35 hqps://www.pharos.nl/thema/gezondheid-en-migranten/
34
medewerkers van het COA de bewoners aan; het COA kan ook straf opleggen (zoals een geldboete, overplaatsing of in het uiterste geval beëindiging van opvang). De gemeente heeM een verantwoordelijkheid voor de veiligheid in de openbare ruimte rondom asiellocaDes. Daartoe is een veiligheidsoverleg tussen verschillende organisaDes (gemeente, COA, poliDe) ingesteld. In dit overleg zijn geen incidenten rondom de azc’s gemeld.
35
4
Statushouders en gezinsmigranten Haarlemmermeer
4.1
Statushouders en gezinsmigranten
Van asielzoeker naar statushouder Asielzoekers worden statushouders (ook wel asielstatushouders of vergunninghouders genoemd) op het moment dat ze via de IND een verblijfsvergunning krijgen (dit is een Djdelijke verblijfsvergunning voor meestal vijf jaar). De eerste vijf jaar kan de asielvergunning van een statushouder worden ingetrokken als de situaDe in het land van herkomst verbetert. Als de statushouder een aanvraag doet voor een vergunning voor onbepaalde Djd en deze aanvraag wordt ingewilligd, krijgt men een vergunning voor onbepaalde Djd.36 GezinsmigraDe GezinsmigraDe kan verschillende vormen omvaPen, namelijk het herenigen van een gezin, het meemigreren van gezinsleden en het vormen van een gezin37. Onder gezinshereniging wordt de vesDging in Nederland verstaan van personen uit gezinnen die al vóór de immigraDe bestonden, waarbij één of meer gezinsleden bij gezinsleden gaan wonen die eerder naar Nederland zijn gekomen38. Gezinshereniging volgt vaak op asielmigraDe of arbeidsmigraDe wanneer een verblijfsvergunning is toegekend. Meemigrerende gezinsleden zijn gezinsleden, zoals van een arbeidsmigrant, die in hetzelfde jaar als de arbeidsmigrant immigreren.
Gezinsvorming betreM de vesDging in Nederland van personen die hier komen om te trouwen, een partnerschap af te sluiten, of te gaan samenwonen met een al in Nederland wonende partner, met wie betrokkene nooit eerder heeM samengewoond39. Na het krijgen van een verblijfsvergunning heeM een statushouder drie maanden de Djd om gezinshereniging aan te vragen. Hij of zij moet dan aan verschillende voorwaarden voldoen. Zo is gezinshereniging in de basis alleen voor geregistreerde partners of mensen die getrouwd zijn, en voor minderjarige kinderen. 36 Het beleid van het (demissionaire) kabinet Schoof is op dit thema sterk in beweging; zo zijn onder meer voorstellen gedaan om de /jdelijkheid van de vergunning te verkorten van vijf jaar naar drie jaar en om de asielvergunningen voor onbepaalde /jd af te schaffen. Ook zijn er op het migra/ethema maatregelen voorgesteld voor een verbod op voorrang bij de huisves/ng van statushouders, de intrekking van de Spreidingswet en het afschaffen van de huisves/ngstaakstelling voor statushouders. 37 Omschrijving gezinsmigra/e van het CBS, 2025. hqps://www.cbs.nl/nl-nl/achtergrond/2012/40/begrippenlijstmigra/e-en-asiel/gezinsmigra/e#:~:text=Gezinsmigra/e%20omvat%20gezinshereniging%2C%20meemigrerende%20gezinsleden,eerder%20naar%20Nederland%20zijn%20gekomen. Nareizigers horen niet bij de groep gezinsmigranten.
Nareizigers zijn de partner, ouder of het (pleeg)kind van een asielstatushouder die bij hem/haar in Nederland wil komen wonen. De aanvraag voor gezinshereniging moet kort na het verkrijgen van de verblijfsvergunning worden ingediend. Nareizigers krijgen meestal een verblijfsvergunning asiel, die is afgeleid van de vergunning van de eerst gekomen statushouder. Nareizigers worden in het kader van de Wi2021 als ‘asielstatushouder’ beschouwd, want zij hebben dezelfde rechten en plichten. 38 Hierbij kan het onder andere gaan om huwelijks(partners), minderjarige kinderen (niet gehuwd, geen geregistreerd partner) of ouders die bij hun kinderen gaan wonen. 39 Bij stellen die zonder vader of moeder naar Nederland komen wordt één persoon als gezinsmigrant getypeerd en één persoon als arbeidsmigrant. Hierbij wordt de persoon die als eerste aan het werk gaat, getypeerd als arbeidsmigrant, de andere persoon als gezinsmigrant.
36
Beleid gemeente voor statushouders en gezinsmigranten Bij statushouders en gezinsmigranten zijn in eerste instanDe drie hoofdthema’s aan te geven die mede vanwege de landelijke wetgeving van belang zijn voor het beleid van de gemeente: • de huisvesDng van statushouders; gemeenten moeten volgens de wet- en regelgeving, i.c. de HuisvesDngswet, zorgen voor passende woonruimte voor statushouders; • de inburgering van statushouders en gezinsmigranten; gemeenten voeren de Wet Inburgering 2021 uit om inburgeringsplichDgen zo snel mogelijk te laten meedoen in Nederland. De wet is van toepassing op statushouders en gezinsmigranten, maar de taken die de gemeente onder deze wet heeM lopen uiteen voor deze doelgroepen; • arbeid en toepassing van de ParDcipaDewet; Een statushouder mag in Nederland werken en heeM dezelfde rechten en plichten als een Nederlander op de arbeidsmarkt. De meeste statushouders zonder werk ontvangen een bijstandsuitkering van de gemeente en vallen onder de ParDcipaDewet. De gemeente heeM vanuit de ParDcipaDewet de taak om zoveel mogelijk mensen met arbeidsvermogen naar werk toe te leiden of te ondersteunen bij het werk. Daarin zijn ook duale trajecten van belang waarin het leren van de Nederlandse taal wordt gecombineerd met (toeleiding naar) parDcipaDe, zoals werk, stage of andere acDviteiten.
De ParDcipaDewet biedt gemeenten de mogelijkheid om inburgeraars die een bijstandsuitkering ontvangen te ondersteunen bij hun re-integraDe, wat duale trajecten mogelijk maakt. We bespreken de gemeentelijke inzet op deze thema’s in het volgende nader.
4.2
Huisves7ng statushouders door gemeente
Regelgeving huisvesDng statushouders Gemeenten moeten volgens de wet- en regelgeving zorgen voor passende woonruimte voor statushouders. De Rijksoverheid bepaalt elk half jaar hoeveel statushouders gemeenten een plaats moeten geven om te wonen. Dit aantal staat in de taakstelling voor huisvesDng statushouders. De verdeling over gemeenten hangt af van hoeveel mensen er in een gemeente wonen. Grotere gemeenten moeten meer statushouders woonruimte bieden dan kleinere gemeenten. Gemeenten beslissen zelf wat voor soort woning ze aanbieden; het kan een zelfstandige (huur)woning zijn, een flexwoning of een gedeelde woning met meer mensen. Vaak wordt door gemeenten een beroep op sociale huurwoningen van woningcorporaDes gedaan. Een statushouder mag ook zelf naar woonruimte zoeken.
37
Een gemeente bepaalt (tot op heden) zelf of mensen met een verblijfsvergunning recht hebben op voorrang bij een sociale huurwoning, hetgeen de gemeente regelt in een huisvesDngsverordening. Ongeveer de helM van de gemeenten in Nederland heeM een regeling waarmee ze voorrang verlenen aan bepaalde groepen woningzoekenden, waaronder statushouders. De wePelijke verplichDng om statushouders voorrang te geven is in 2017 vervallen. De gemeente Haarlemmermeer heeM in de HuisvesDngsverordening opgenomen dat er voor statushouders de mogelijkheid is van directe bemiddeling40. Dit is ook opgenomen in de Beleidsregel doorstroming vergunninghouders gemeente Haarlemmermeer 2023. Het wetsvoorstel ‘Nieuwe regels inzake huisvesDng vergunninghouders’ van de (demissionaire) minister van VolkshuisvesDng en Ruimtelijke Ordening, dat 17 februari 2025 in consultaDe is gegaan, houdt in dat gemeenten niet langer via het toewijzen van sociale huurwoningen middels directe bemiddeling (al dan niet met urgenDeverklaring) in de huisvesDngsbehoeMe van mensen met een asielstatus kunnen voorzien. Er wordt met andere woorden een verbod op voorrang voor statushouders voor huisvesDng voorgesteld. Taakstelling en invulling huisvesDng statushouders Haarlemmermeer De gemeente Haarlemmermeer heeM in 2023 in eerste instanDe de taakstelling gekregen in totaal 453 statushouders te huisvesten.
Deze taakstelling is eind 2023 naar beneden bijgesteld met 88 personen en werd derhalve voor 2023 365 personen. Dat was de hoogste taakstelling voor de gemeente sinds voorgaande jaren, in 2022 was de taakstelling 222 personen. 41 De provincie Noord-Holland ziet er op toe dat gemeenten hun wePelijke taken op het gebied van de huisvesDng van statushouders uitvoeren. Onder de huisvesDng van statushouders vallen ook de alleenstaande minderjarige vreemdelingen (amv). Net als in andere gemeenten heeM de gemeente Haarlemmermeer moeite om voor alle statushouders huisvesDng te vinden. Een aantal statushouders is via de Hotel- en AccommodaDeregeling (HAR) opgevangen op de 5e verdieping van de COA-opvanglocaDe op de Planeetbaan. De taakstelling voor de gemeente voor de huisvesDng van statushouders bedroeg in 2024 in totaal 324 personen (exclusief een achterstand van 26 van het jaar 2023). De taakstelling voor de eerste helM 2025 bedroeg in eerste instanDe 161 statushouders (waaronder 30 amv’ers). Deze taakstelling is halverwege het eerste kwartaal verlaagd met 25 personen, waardoor deze voor de eerste helM 2025 136 personen is geworden.
40 Huisves/ngsverordening gemeente Haarlemmermeer 2022. Daarin staat dat: “In afwijking van het bepaalde in
ar/kel 2.4.4, eerste lid, kan de woonruimte via directe bemiddeling worden aangeboden indien het betreU de huisves/ng van woningzoekenden voor wie geldt dat het naar het oordeel van burgemeester en wethouders niet doelma/g is om hen via een aanbodinstrument naar woonruimte te laten zoeken. Dit betreU in ieder geval: a. vergunninghouders, mits de huisves/ng dient voor de taakstelling van vergunninghouders als bedoeld in ar/kel 28 van de Huisves/ngswet”. Ar/kel 28 van de Huisves/ngswet luidt: “Burgemeester en wethouders dragen zorg voor de voorziening in de huisves/ng van vergunninghouders in de gemeente overeenkoms/g de voor de gemeente geldende taakstelling”. 41 hqps://haarlemmermeergemeente.nl/informeer-online/nog-nooit-zo-veel-statushouders-gehuisvest# Dit aantal wijkt af van de registra/e van het COA, dat 236 personen voor Haarlemmermeer heeU geregistreerd. Deze afwijking heeU te maken met een achterstand in 2021 en onderscheid in berekeningen tussen gemeente en COA. Zo is er een verschil in berekeningen van de HAR huisves/ngen in 2021 en 2022.
38
Door achterstanden in plaatsingen in de voorgaande periode is de (resterende) totale taakstelling in 2025 248 personen.42 43
4.3
Inburgering statushouders en gezinsmigranten
Inzet vanuit de Wet Inburgering 2021 De Wet Inburgering 2021 is op 1 januari 2022 in werking getreden en heeM betrekking op personen die vanaf 1 januari 2022 inburgeringsplichDg zijn. Nieuwkomers die voor 1 januari 2022 al inburgeringsplichDg waren, vallen meestal nog onder de Wet inburgering 2013. Dat betekent dat zij in principe zelf hun inburgering moeten regelen, maar gemeenten kunnen deze groep wel met persoonlijke begeleiding helpen. Vanaf 1 januari 2022 is de lokale overheid verantwoordelijk voor het vernieuwde inburgeringsproces. Het college van B&W heeM hieraan voorafgaand in mei 2021 een raadsvoorstel ingediend voor de ‘Aanpak implementaDe nieuwe Wet inburgering’. De gemeente en de inburgeraar maken afspraken over hoe men gaat inburgeren en over de onderdelen van het inburgeringsprogramma; ook worden in het persoonlijk Plan Inburgering en ParDcipaDe (PIP) afspraken gemaakt met de consulent over planning en voortgang van de inburgering. Het doel van de Wet inburgering 2021 is dat inburgeringsplichDgen zo snel mogelijk meedoen in Nederland. Een van de uitgangspunten van de wet is de ‘Djdige start’. Het idee is dat nieuwkomers vanaf het begin meedoen in Nederland om zo integraDe te sDmuleren. Gemeenten moeten statushouders hierin begeleiden.
De wet is van toepassing op statushouders en gezinsmigranten, maar de taken die de gemeente onder deze wet per doelgroep heeM, verschillen.44 Zo wordt van gezinsmigranten meer zelfredzaamheid op basis van het sociale netwerk verwacht. In het stroomschema is het onderscheid in procedure voor de asielmigrant/statushouder en voor de gezinsmigrant goed te herkennen. Het stroomschema geeM daarbij met name de verplichDngen weer tot de start van de inburgering, maar niet de verschillen Djdens de inburgering (in bijvoorbeeld wat gezinsmigranten zelf moeten bekosDgen).
42 Zie overzicht per 1 mei 2025; hqps://open.overheid.nl/documenten/c156761e-d054-4fe1-961b-5f2c1f33e87c/file
43 In 2022 werd landelijk beschouwd bijna 7 procent van alle vrijgekomen corpora/ewoningen toegewezen aan huishoudens met statushouders. Van de 1095 sociale huurwoningen die in 2022 in Haarlemmermeer zijn vrijgekomen, gingen er 85 naar statushouders. Dat is 8 procent van alle vrijgekomen sociale huurwoningen (bron CBS en ABF; hqps://www.cbs.nl/nl-nl/nieuws/2025/10/7-procent-vrijgekomen-corpora/ewoningen-in-2022-naar-statushouders). Zie ook: Gemeente Haarlemmermeer, Programmabegro/ng 2025-2028; Beleidsdoel B: Door woonbeleid waarborgen van een toegankelijke en toekomstbestendige woningmarkt voor huidige en nieuwe inwoners van Haarlemmermeer. 44 Voor de volledigheid: nareizigers asiel zijn geen gezinsmigranten; zij worden in het kader van de Wi2021 als ‘asielstatushouder’ beschouwd en hebben dezelfde rechten en plichten.
39
Stroomschema inburgeringsplich&ge asielmigrant/statushouder en gezinsmigrant Wi2021
Beleidsregels inburgering gemeente Haarlemmermeer In het kader van de wet- en regelgeving heeM de gemeente Beleidsregels inburgering gemeente Haarlemmermeer 2024 opgesteld45. Dit volgde op het vastgestelde raadsvoorstel 'Aanpak implementaDe nieuwe Wet inburgering'46. De gemeente heeM als doel het volgende aangegeven: “We willen bereiken dat inburgeringsplichDgen zich in Haarlemmermeer thuis voelen en de weg weten te vinden. Ze beheersen de Nederlandse taal voldoende, behalen binnen drie jaar het inburgeringsexamen en nemen volwaardig deel aan de Nederlandse samenleving”47. De taken voor de gemeente zijn48: - het verzorgen van een 'Brede Intake' op basis waarvan een 'Persoonlijk Inburgerings- en ParDcipaDeplan' (PIP) wordt gemaakt;
45 Zie: Beleidsregels inburgering gemeente Haarlemmermeer 2024. hqp://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR723516 In de beleidsregels is uitwerking gegeven aan de invulling van de bevoegdheden op grond van de Wi, het Besluit en de Regeling Inburgering. In februari 2025 is een aanpassing opgesteld voor beleidsregels in het sociaal domein, waaronder de Beleidsregels inburgering gemeente Haarlemmermeer 2025. 46 Gemeente Haarlemmermeer, Raadsvoorstel Aanpak implementa/e nieuwe Wet inburgering, 18 mei 2021; hqps://haarlemmermeer.bestuurlijkeinforma/e.nl/Agenda/Document/553481e5-785c-4481-a40cfce8411760c9?documentId=43d0aa55-176d-422f-8258-d7126113eb02&agendaItemId=8c472816-4baa-4099-9c0417c5ca9b72d3 47 Nota van B&W, Beleidsregels Wet inburgering gemeente Haarlemmermeer 2022, 24 mei 2022. Recent is ook een beleidsdoel over inburgering opgenomen in de gemeentelijke Programmabegro/ng 2025-2028, namelijk Beleidsdoel E: Inburgeringsplich/gen voelen zich thuis in Haarlemmermeer en doen volwaardig mee in de samenleving. hqps://programmabegro/ng.haarlemmermeer.nl/2025/programma-s/zorg-en-werk/beleidsdoel-e-inburgeringsplich/gen-voelen-zich-thuis-in-haarlemmermeer-en-doen-volwaardig-mee-in-de-samenleving 48 Idem.
40
-
-
het bieden van een financieel ontzorgingstraject aan uitkeringsgerechDgde inburgeringsplichDgen49 en maatschappelijke begeleiding; het aanbieden van de verschillende leerroutes die binnen drie jaar moeten leiden naar een volwaardige inburgering, het aanbieden van Kennis Nederlandse Maatschappij (KNM), de Module Arbeidsmarkt en ParDcipaDe (MAP) en het ParDcipaDeverklaringstraject; het handhaven van de meewerkplicht (toezien op deelname en medewerking aan het traject op basis van het PIP); de monitoring en evaluaDe van het inburgeringsproces.
Gemeenten zijn verantwoordelijk om statushouders een sluitend inburgeringsaanbod te doen. De gemeente ontvangt een uitkering voor het aanbieden van inburgeringsvoorzieningen, via de SPUK Inburgeringsvoorzieningen50. Er is een SPUK voor reguliere inburgeringsvoorzieningen en een SPUK speciaal voor de inburgeraars die de Onderwijsroute volgen. Ook gezinsmigranten kunnen in principe gebruik maken van alle beschikbare routes 51(in de prakDjk maken volgens de gemeente naar verwachDng de meeste gezinsmigranten gebruik van de Z- of B1-route). Voor de verschillende routes gelden verschillende trajecten: - personen in de Zelfredzaamheidsroute moeten 800 uur taalles volgen en 800 uur parDciperen. Onder deze 800 uur parDcipaDe valt ook de 40 uur van de Module Arbeidsmarkt ParDcipaDe; - personen in de B1-route moeten een bepaald taalniveau halen (A2, B1 of B2) en 40 uur parDciperen voor de Module Arbeidsmarkt ParDcipaDe; - personen in de onderwijsroute moeten persoonsahankelijk een bepaald taalniveau halen en bepaalde vakken (bijvoorbeeld Engels of Wiskunde). Maatschappelijke begeleiding van statushouders De gemeente heeM als taak om statushouders die op grond van arDkel 28 van de HuisvesDngswet 2014 in haar gemeente worden gehuisvest gedurende de eerste fase maatschappelijk te begeleiden.
De maatschappelijke begeleiding, zoals vastgelegd in de Wet inburgering 2021, is een gemeentelijke taak die nieuwkomers helpt bij de prakDsche zaken van een nieuw leven in Nederland, zoals wonen, werk en inkomen, en ondersteunt bij parDcipaDe en integraDe in de maatschappij. Het doel is om zelfredzaamheid te vergroten door middel van hulp bij basisvoorzieningen, voorlichDng over de samenleving en het opbouwen van een eigen netwerk. De begeleiding biedt ook de randvoorwaarden voor statushouders om zo snel mogelijk met de inburgering te kunnen starten. Met randvoorwaarden wordt in dit verband bedoeld dat de asielstatushouder geholpen wordt met het regelen van prakDsche zaken om te voorkomen dat 49 Het financieel ontzorgen houdt in de gemeente Haarlemmermeer in dat elke bijstandsgerech/gde asielstatushouder budgetcoaching en de cursus omgaan met geld krijgt van de S/ch/ng VluchtelingenWerk (zie Beleidsregels Wet inburgering gemeente Haarlemmermeer 2025, mei 2025). 50 SPUK staat voor Specifieke Uitkering. Het bedrag van de SPUK Inburgeringsvoorzieningen is bedoeld voor het uitvoeren van de taken van de gemeente in de Wet inburgering 2021. 51 De gemeente is voor gezinsmigranten verantwoordelijk voor het Par/cipa/everklaringstraject (PVT), de module Arbeidsmarkt en Par/cipa/e (MAP) en begeleiding bij de inburgering.
De gemeente wordt door het Rijk bekos/gd voor de taken die ze voor gezinsmigranten uitvoeren. Gezinsmigranten betalen zelf het taalonderwijs (inclusief KNM) en de inburgeringsexamens.
41
onzekerheid of zorgen over basisvoorzieningen in de beginfase afleidt van een Djdige start van de inburgering. In de prakDjk vinden de maatschappelijke begeleiding en inburgering (grotendeels) gelijkDjdig en naast elkaar plaats. Als personen na de maatschappelijke begeleiding extra hulp nodig hebben op bepaalde onderwerpen (bijvoorbeeld financiën52 of eenzaamheid53) zal Vluchtelingenwerk deze personen naar de juiste plek begeleiden en overdragen. Men zal dan gebruik maken van het aanbod dat voor inwoners van Haarlemmermeer beschikbaar is. De gemeente is vrij om binnen de wePelijke kaders te bepalen hoe zij invulling geeM aan deze taak, dus: hoe zij de begeleiding vormgeeM en hoelang de begeleiding duurt. Wel is het de bedoeling dat de gemeente maatwerk levert en de begeleiding afstemt op de behoeMen en persoonlijke situaDe van de statushouder. De gemeente heeM hierbij de ruimte om de maatschappelijke begeleiding te laten aansluiten op de lokale situaDe en andere onderdelen van de inburgering.
De maatschappelijke begeleiding bestaat in ieder geval uit prakDsche hulp bij het regelen van en voorlichDng over de basisvoorzieningen in de Nederlandse samenleving.54 Voor de maatschappelijke begeleiding van statushouders in Haarlemmermeer ontvangt de sDchDng Vluchtelingenwerk jaarlijks een projectsubsidie; voor het jaar 2024 was dit subsidiebedrag € 1.425.495.55 Hierbij wordt uitgegaan van een aanbod aan maatschappelijke begeleiding voor 420 statushouders in Haarlemmermeer. Bij de inzet van Vluchtelingenwerk gaat het onder meer om begeleiding van statushouders bij eerste opvang, doorverhuizingen, maatschappelijke begeleiding, financiële begeleiding (waaronder de cursus Eurowijzer om met geld om te gaan en Budgetcoaching), parDcipaDeverklaring, juridische begeleiding, taalontwikkeling, binding en ontmoeDng en mentale ondersteuning (waaronder de trainingen Mindfit en Mindpower). De maatschappelijke begeleiding die voor de inburgeraar door Vluchtelingenwerk wordt uitgevoerd heeM een doorloopDjd van 1,5 jaar. De kosten voor deze maatschappelijke begeleiding van inburgeraars worden betaald vanuit de middelen die de gemeente van de rijksoverheid ontvangt (in 2024 € 953.230) en gemeentelijke middelen (€ 472.265)56.
52 Hiervoor krijgen zij in eerste instan/e budgetcoaching en Eurowijzer training; indien meer exper/se en/of onder-
steuning nodig is dan worden zij naar andere organisa/es doorverwezen. 53 Vluchtelingenwerk heeU hierin een aanbod waaronder Mindfit. 54 De maatschappelijke begeleiding van statushouders bij de inburgering is in februari 2024 onderwerp geweest van een informa/eve bijeenkomst in de gemeenteraad Zie: hqps://haarlemmermeer.bestuurlijkeinforma/e.nl/Agenda/Index/98e17b9b-54f2-4019-9bb9-4183958073f2#563b110d-b01a-4ab2-8952-d5e8b46a70ee 55 Deze gemeentelijke subsidie voor Vluchtelingenwerk bedroeg in 2023 € 1.036.836 en in 2024 € 1.425.495; voor het jaar 2025 is dit subsidiebedrag bepaald op € 1.212.552. 56 De gemeentelijke kosten worden gedekt uit het in de programmabegro/ng beschikbare budget van beleidsdoel C: Inwoners nemen in hun buurt of kern, ac/ef deel aan de samenleving van het programma Maatschappelijke Ontwikkeling, taakveld 6.81 en beleidsdoel C: Onze inwoners zijn economisch zelfstandig; werk boven uitkering van het programma Zorg en Werk, taakveld 6.1.
42
Aantallen deelnemers inburgering De aantallen inburgeraars worden cijfermaDg bijgehouden en opgenomen in zogenoemde Spiegelrapporten StaDsDek Wet Inburgering, die ieder kwartaal door het CBS op basis van gemeentelijke data worden opgesteld. Uit de beschikbare informaDe komt onder meer naar voren dat het aantal geregistreerde inburgeraars in de loop van Djd sterk cumuleert. In het eerste kwartaal 2025 stonden in totaal 1.006 migranten in het inburgeringsprogramma van Haarlemmermeer geregistreerd (in het eerste kwartaal 2023 ging het om 78 inburgeraars)57. Tabel 4 Aantal inburgeraars Haarlemmermeer Totaal aantal inburgeraars naar geslacht Totaal
2025 2024 2024 2024 2024 2023 2023 2023 2023 2022 2022 -Q1 -Q4 -Q3 -Q2 -Q1 -Q4 -Q3 -Q2 -Q1 -Q4 -Q3 1006
925
764
574
574
376
203
77
78
75
59
man
468
447
374
272
272
182
102
22
23
21
16
vrouw
538
487
390
302
302
193
101
55
55
54
43
In de Spiegelrapporten zijn ook cijfers opgenomen over onder meer de aantallen personen in de maatschappelijke begeleiding, in het traject ‘ontzorgen’, de brede intake, de PVT, de MAP, de PIP en de gevolgde leerroutes58. Zo hadden van het totaal van de inburgeraars in het bestand (in het derde kwartaal 2024) 366 personen een brede intake gehad voor wie ook een PIP is opgesteld, ontvingen 132 personen maatschappelijke begeleiding en voor 134 personen was er een ontzorgingstraject. Van 366 personen in de leerroutes volgden 266 personen de B1route, 41 personen de onderwijsroute en 59 personen de Z-route59.
57 De gegevens in de tabel zijn deels gebaseerd op Spiegelrapporten die de gemeente aan het CBS aanlevert en die de Rekenkamer heeU ontvangen. De gepresenteerde cijfers zijn aldus door de onderzoekers gedes/lleerd uit de Excel-rapportages van de gemeente aan het CBS. Daarnaast heeU de gemeente meer recente gegevens aan de Rekenkamer beschikbaar gesteld over het vierde kwartaal 2024 en eerste kwartaal 2025. 58 Het gaat onder meer om het Persoonlijk Inburgerings- en Par/cipa/eplan (PIP), leerroutes, de maatschappelijke begeleiding van asielstatushouders, het organiseren van het traject rond de par/cipa/everklaring (PVT) en de Module Arbeidsmarkt en Par/cipa/e (MAP). 59 Een deel van de inburgering omvat het leren van de Nederlandse taal. Er zijn daarbij 3 leerroutes bij de inburgering: De B1-route. Een inburgeraar leert binnen 3 jaar de Nederlandse taal op niveau B1. Dit niveau staat voor eenvoudig Nederlands. Daarnaast werkt de inburgeraar of doet vrijwilligerswerk. De onderwijsroute. Dit is bedoeld voor inburgerende jongeren om snel een schooldiploma te halen. De zelfredzaamheidsroute. Deze route volgt de inburgeraar als niet een van de 2 andere routes kunnen worden gevolgd. De hier gepresenteerde aantallen hebben betrekking op het derde kwartaal 2024.
De gemeente heeU ook van Q4 2024 en Q1 2025 meer specifieke informa/e aan het CBS aangeleverd, maar door aanpassingen in de soUware is deze informa/e nog niet verwerkt in een spiegelrapportage door het CBS.
43
InformaDevoorziening en monitoring inburgering Gemeentelijke informaDe over met name de financiering van inburgering in Haarlemmermeer is opgenomen in de jaarstukken 2023 en jaarstukken 2024. In deze jaarstukken is bij het beleidsprogramma Zorg en werk bij ‘beleidsdoel C: Onze inwoners zijn economisch zelfstandig’ ook het thema Inburgering statushouders benoemd en zijn acDviteiten kort beschreven60. In de jaarstukken en programmabegroDngen is ook aangegeven dat vanwege de toename van het aantal statushouders er meer financiën voor personele capaciteit nodig zouden zijn om de opdrachten voor de gemeente voor onder meer inburgering aan te kunnen. In de jaarstukken wordt inzake de informaDevoorziening op de informatieve bijeenkomst met de Raad in januari 2024 gewezen over de maatschappelijke zorgplicht ten opzichte van asielstatushouders61. ‘Inburgering’ is inmiddels, in de programmabegroDng 2025-2028, als een zelfstandig beleidsdoel geformuleerd onder het thema Zorg en werk. Het betreM doel E: ‘InburgeringsplichDgen voelen zich thuis in Haarlemmermeer en doen volwaardig mee in de samenleving’. De jaarstukken en programmabegroDngen bevaPen informaDe over financiële aspecten van de inburgering, er is geen recente inhoudelijke monitoringinformaDe voorhanden over de uitvoering, voortgang en opbrengsten van de inburgering62.
De raad heeM niet om aanvullende (monitoring)informaDe gevraagd en het college heeM hierin geen toezeggingen gedaan. In de nieuwe programmabegroDng, 2025-2028, is in dit kader (wel) aangegeven dat de gemeente de monitoring van de inburgeringstrajecten zal professionaliseren.
4.4
Par7cipa7e statushouders
Een statushouder mag in Nederland werken en heeM dezelfde rechten en plichten als een Nederlander op de arbeidsmarkt. Voor statushouders is werk steeds vaker de belangrijkste bron van inkomsten als ze langer in Nederland zijn. Volgens landelijke CBS-cijfers waren in hun eerste jaar bijna alle statushouders die in 2014 een vergunning kregen ahankelijk van een uitkering of hadden geen inkomen. In 2023, negen jaar nadat ze hun verblijfsvergunning kregen, had van de statushouders uit 2014 47 procent werk als belangrijkste inkomstenbron. Statushouders
60 Zie Gemeente Haarlemmermeer, Jaarstukken 2023, p.59; Gemeente Haarlemmermeer Jaarstukken 2024, p. 54.
61 Daarin is informatie gegeven over de verschillende routes binnen het inburgeringstraject en de begeleiding door
Vluchtelingenwerk. hqps://haarlemmermeer.bestuurlijkeinforma/e.nl/Agenda/Index/98e17b9b-54f2-4019-9bb94183958073f2#563b110d-b01a-4ab2-8952-d5e8b46a70ee; hqps://haarlemmermeer.bestuurlijkeinforma/e.nl/Agenda/Document/98e17b9b-54f2-4019-9bb9-4183958073f2?documentId=c5210631-414e-43a7-ac6808098b861a74&agendaItemId=563b110d-b01a-4ab2-8952-d5e8b46a70ee. Hierin wordt verwezen naar een ‘sessiedebat’. 62 De raad heeU november 2022 een voortgangsrapportage met de stand van zaken bij de gemeentelijke uitvoering van de Wet Inburgering 2021 in Haarlemmermeer ontvangen (Met de /tel: Hoe staan we ervoor? Voortgang van de uitvoering van de Wet inburgering 2021); zie: hqps://haarlemmermeer.bestuurlijkeinforma/e.nl/Agenda/Document/002723ea-8646-4d39-a87c-a0835099270e?documentId=6e607329-f216-4492-840e-302e339f4e0a&agendaItemId=1f7818ed-5f32-4c12-ab5a-3150c931f53e.
44
die in de afgelopen jaren een verblijfsvergunning kregen, hadden sneller een baan dan de groep die langer geleden een vergunning ontving63. Ofschoon de werkloosheid onder statushouders de afgelopen jaren is gedaald, met steeds meer statushouders die binnen enkele jaren na het verkrijgen van een verblijfsvergunning een baan vinden en minder ahankelijk worden van een uitkering, blijken er nog veel hobbels te zijn voor deze groep om aan het werk te komen64. Uit onderzoek komt naar voren dat dit onder meer samenhangt met het niet erkennen van behaalde diploma's, met mismatches op de arbeidsmarkt, een taalbarrière en een gebrek aan sociaal netwerk65. Ook is het vanwege de inburgeringsplicht en gezinscontext niet alDjd mogelijk om te werken (met name voor vrouwen) en kunnen bijvoorbeeld werkgevers terughoudend zijn66. In de gemeente Haarlemmermeer ligt bovendien in de uitvoering de focus op ‘éérst inburgeren, dan werken’. Vanuit team Inburgering ondersteunt de consulent de statushouder om ‘werkfit’ te worden in het kader van duale trajecten, met een gecombineerde aandacht voor taal en parDcipaDe. In dit kader is team Inburgering verantwoordelijk voor het inburgeren (taal en maatschappelijke worteling) tot aan het werkfit maken. Dit betekent een CV hebben, sollicitaDetrainingen hebben gevolgd en ervaring met vrijwilligerswerk.
Statushouders zonder werk ontvangen veelal een bijstandsuitkering van de gemeente en vallen daarmee onder de ParDcipaDewet. In Haarlemmermeer is het merendeel van de statushouders ahankelijk van een bijstandsuitkering: van de 437 statushouders die in de gemeente Haarlemmermeer woonachDg en inburgeringsplichDg zijn, hebben er 357 een uitkering (82%) en 80 geen uitkering (18%)67. Om statushouders aan het werk te helpen zijn specifieke subsidieregelingen opgesteld die werkgevers moeten aanmoedigen om statushouders aan te nemen en begeleiding in te kopen. Een van de regelingen is de Subsidieregeling Ondersteuning Werkgevers Inzet Statushouders (SOWIS). De subsidieregeling van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, die in 2024 is ingegaan, is er om werkgevers te ondersteunen om statushouders duurzaam in dienst te nemen. Deze subsidie is bedoeld voor de extra begeleiding van statushouders op de werkvloer, gericht op het verkleinen van taal- en cultuurverschillen. De regeling biedt werkgevers een subsidie tot € 24.000 voor het duurzaam begeleiden van statushouders op de werkvloer.
63 hqps://www.cbs.nl/nl-nl/nieuws/2025/16/werk-steeds-vaker-belangrijkste-inkomstenbron-voor-statushouders 64 Zie onder meer: hqps://www.ser.nl/nl/thema/werkwijzer-vluchtelingen/feiten-en-cijfers/arbeidsmarkt
65 Diverse organisa/es, waaronder het CBS, de Algemene Rekenkamer en het NIDI, doen onderzoek naar de stand van zaken en de oorzaken van deze par/cipa/e. Het onderzoek richt zich op het iden/ficeren van succesfactoren voor een effec/eve begeleiding naar duurzaam werk. Zie ook: hqps://www.kis.nl/sites/default/files/2022-06/watwerkt-arbeidspar/cipa/e-statushouders.pdf 66 In 2023 is landelijk een plan van aanpak ‘Statushouders aan het werk’ gemaakt door de rijksoverheid, gemeenten, partners en uitzenders om statushouders sneller aan het werk te helpen. Bijvoorbeeld door deze groep in het asielzoekerscentrum al te koppelen aan poten/ële werkgevers en te zorgen voor startbanen. 67 Cijfers juni 2025. Statushouders die in het AZC verblijven, zijn hier buiten beschouwing gelaten, zij hebben ook nog geen recht op uitkering. Een uitkering wordt geregistreerd voor 1 persoon of als het een koppel betreU krijgen zij samen 1 uitkering.
45
Het is niet bekend in hoeverre door werkgevers in de gemeente Haarlemmermeer gebruik wordt gemaakt van (subsidie)regelingen om werkzoekende statushouders uit Haarlemmermeer aan werk te helpen en te begeleiden.
4.5
Organisa7e en beleid gemeente statushouders en gezinsmigranten
In de organisaDe van het gemeentelijk beleid voor statushouders en gezinsmigranten zijn het team Asiel, het team Inburgering en het team Werk betrokken. Het (sub)team Asiel (cluster Samenleving, Sport en Cultuur; zie ook paragraaf 3.3) vormt het aanspreekpunt voor de locaDes van het COA in Haarlemmermeer en heeM zicht op de aan de gemeente Haarlemmermeer gekoppelde statushouders binnen de COA-locaDes die nog geen reguliere huisvesDng hebben. Het asielteam werkt samen met medewerkers die vanuit het cluster SDV (Sociale Dienstverlening) bij onder meer de huisvesDng van statushouders betrokken zijn. Bij SDV is hiertoe onder andere een coördinator huisvesDng en een woonbegeleider beschikbaar. Het team Inburgering, ondergebracht bij het cluster SDV, is primair verantwoordelijk voor de uitvoering van de gemeentelijke inburgeringstaak voor met name asielstatushouders en gezinsmigranten. Het uitvoeringsteam bestaat uit een teammanager, consulenten, een woonbegeleider, een kwaliteitsmedewerker en een processpecialist voor de uitvoering van de inburgeringstaken. De verantwoordelijkheid voor het gemeentelijk beleid inzake inburgering en voor (voortgangs)rapportages heeM in de afgelopen periode met name bij de beleidsclusters MOZ (team Ontwikkeling en Advies) en SSC gelegen.
De functie van beleidsadviseur Inburgering was daarbij ondergebracht bij MOZ, maar deze wordt per oktober 2025 overgeheveld naar het cluster SSC, in het team Asiel. De gemeentelijke organisaDe rondom inburgering is in de afgelopen jaren onder meer door reorganisaDes binnen het sociaal domein en onderbezenng van funcDes bij Inburgering zowel bij het beleid als bij de uitvoering sterk in beweging geweest. De personeelstekorten bij de uitvoering van de inburgeringstaak en de beperkte inzet en de posiDonering van de beleidsadviseursfuncDe hebben in de afgelopen jaren invloed gehad op de invulling van de inburgeringstaak van de gemeente. In combinaDe met een toename van het aantal statushouders voor wie een inburgeringstraject wordt aangeboden, heeM dit onder meer tot langere wachtlijsten bij inburgering geleid. Door het nemen van een aantal maatregelen vanuit het managemenPeam van het cluster SDV is hierin vanaf begin 2025 verandering gebracht. Zo kent het team Inburgering inmiddels een nieuwe invulling van bestaande funcDes en uitbreiding van formaDeplaatsen en een verhoging van de caseload voor de uitvoerende medewerkers. Ook heeM men de samenwerking met een externe aanbieder van taalcursussen (Toptaal) versterkt om de instroom van inburgeraars in de taaltrajecten te versnellen.
Daarbij gaat het om verbeteringen in de aanpak door onder meer samenstelling van homogene leergroepen, extra avondgroepen, nieuwe docenten en (meer) communicaDe tussen consulenten van team Inburgering en de taalschool. In de inburgeringstaak werkt het team Inburgering samen met onder meer Vluchtelingenwerk. Deze parDjen overleggen iedere zes weken in een ketenoverleg, met consulenten en
46
beleidsmedewerkers. Vluchtelingenwerk is betrokken bij de maatschappelijke begeleiding van statushouders en voert in het kader van de nieuwe inburgeringswet ook nieuwe taken uit. Zij begeleidt statushouders de eerste 1,5 jaar bij hun inburgering en dit traject loopt naast de begeleiding van de gemeente voor de inburgering. Vluchtelingenwerk biedt ook begeleiding voor de financiële ontzorging, in de vorm van individuele budgetcoaching en de groepscursus omgaan met geld. Na 1,5 jaar begeleiding door Vluchtelingenwerk, worden cliënten ‘warm’ doorverwezen naar de organisaDe MeerWaarde indien ondersteuning nog nodig is. Het team Werk van de gemeente maakt ook deel uit van het cluster SDV en is onder meer betrokken bij de (arbeids)parDcipaDe van statushouders die niet meer inburgeringsplichDg zijn in de gemeente Haarlemmermeer.
4.6
Aandachtspunten statushouders en gezinsmigranten en gemeentelijk beleid
We bespreken hier de huidige inzet en de beleidsraakvlakken van de gemeente in het licht van de opvang van asielstatushouders en gezinsmigranten in Haarlemmermeer. Daarmee krijgen we onder meer zicht op de vraag welke beleidsruimte de gemeente voor statushouders en gezinsmigranten heeM, welk beleid de gemeente hierbij voert en in hoeverre de gemeente op dit moment binnen dit onderwerp geen beleid voert. 1. Huisves7ng statushouders De huisvesDng van statushouders in Haarlemmermeer is beleidsmaDg beschouwd onderdeel van het woonbeleid van de gemeente. Deze huisvesDng ondervindt vertraging waardoor de bestaande taakstelling van de gemeente niet wordt gehaald. Onder de huisvesDng statushouders vallen ook alleenstaande minderjarige vreemdelingen voor wie de huisvesDng in Haarlemmermeer een aandachtspunt is, aangezien landelijk sprake is van een hoge instroom van amv’ers. Het relaDef beperkte aantal toewijzingen van beschikbaar komende woningen vanuit de sociale huursector leidt er toe dat er, ondanks de gemeentelijke voorrangsregeling, weinig doorstroom van statushouders vanuit de azc’s naar reguliere huisvesDng is. Een mogelijk landelijk verbod op de toepassing van een voorrangsregeling in de woningtoewijzing zal de mogelijkheden van huisvesDng van statushouders in de gemeente verder beperken. Er is hierin geen schets van het lange termijn perspecDef.
Uit (landelijk) onderzoek van de InspecDe JusDDe en Veiligheid en Toezicht Sociaal Domein blijkt bovendien dat het tekort aan huisvesDng voor asielstatushouders een negaDef effect heeM op hun (Djdige) inburgering. Een deel van hen verblijM noodgedwongen lang op asielopvanglocaDes waar ze zich niet goed kunnen voorbereiden op hun inburgering. Ook de begeleiding naar onder meer vrijwilligerswerk ontbreekt er meestal68. 68 Dat blijkt uit onderzoek van de Inspec/e Jus//e en Veiligheid (Inspec/e JenV) en Toezicht Sociaal Domein, maart 2025. hqps://www.inspec/e-jenv.nl/documenten/2025/03/25/brief-inburgering-van-statushouders-vanuit-de-asielopvang
47
2. Inburgering statushouders en gezinsmigranten Uitvoering inburgering Een overzicht van bij de gemeente opgevraagde gegevens maakt duidelijk dat de wachtlijst voor de inburgeringstrajecten, ondanks een toename van het aantal inburgeringsplichtigen, na eind 2024 aanzienlijk is ingekort. In de periode november 2024 - mei 2025 is de wachtlijst bijna gehalveerd69. De vermindering van de wachtlijst is onder meer tot stand gekomen door een verhoging van de caseload van de consulenten Inburgering van 65 naar 80 inburgeraars. Daarnaast is een deel van de migranten van de wachtlijst verhuisd of aan een andere gemeente gekoppeld, of is een vrijstelling of ontheffing toegekend. Op de huidige wachtlijst (1 september 2025) staan 21 inburgeraars (de langst wachtende is 1 maand). In de afgelopen periode is de wachtlijst toegenomen met 228 inburgeraars en verminderd met 380 personen. Ofschoon sprake is van een forse toename van het aantal inburgeringsplichtigen is het team Inburgering er in geslaagd de wachtlijst in negen maanden tijd sterk te reduceren70. InformaDe en monitoring inburgering De gemeentelijke informaDevoorziening over inburgering bestond in de afgelopen jaren, naast de opgestelde beleidsregels, met name uit een korte omschrijving van het beleidsdoel, de daarmee gepaard gaande acDviteiten en een financiële verantwoording in de jaarstukken en programmabegroDngen van de gemeente.
In de nieuwe programmabegroDng, 2025-2028, is daarnaast aangegeven dat de gemeente de monitoring van de inburgeringstrajecten zal professionaliseren, waardoor onder andere ook inzicht kan worden gegeven in de voortgang en opbrengsten van het inburgeringsprogramma. 3. Par7cipa7e statushouders De algemene benadering van de gemeente ten aanzien van de statushouders in het licht van werk is, dat zolang het inburgeringsprogramma niet is voltooid de gemeente geen drang uitoefent op de betrokkene om betaald werk te aanvaarden. Een volledige afronding van de inburgering, met daarin onder meer het behalen van een adequaat taalniveau, en ook het
Statushouders moeten na 14 weken doorstromen van de asielopvang van het COA naar een woning in een gemeente; in de prak/jk is de gemiddelde wach€jd voor een woning 40 weken na verlening van de asielvergunning. Er was beperkt zicht op in hoeverre het COA in staat wordt gesteld om de groep statushouders te begeleiden die langer dan de afgesproken 14 weken verblijven in de asielopvang. In dit onderzoek is gekeken naar de taken van het COA vanaf het moment dat asielzoekers statushouders worden en wat de prak/sche (on)mogelijkheden van het COA zijn in de langdurige opvang en begeleiding van statushouders. 69 De wachtlijst eind november 2024 bedroeg 162 inburgeraars (met de langst wachtende van 13 maanden); op 1 mei 2025 stonden 89 inburgeraars op de wachtlijst (met de langst wachtende van 6 maanden). In deze periode is de wachtlijst toegenomen met 122 inburgeraars en verminderd met 184 personen. Op de wachtlijst van 1 mei 2025 stonden 30 asielmigranten en 59 gezinsmigranten. Asielmigranten komen op de wachtlijst zodra zij geves/gd zijn in de gemeente Haarlemmermeer, gezinsmigranten komen op de wachtlijst zodra hun inburgeringsplicht van start gaat. In de aanpak worden met voorrang uitgenodigd: inburgeringsplich/gen met Persoonlijk plan Inburgering en Par/cipa/e (PIP) en inburgeringsplich/gen onder de 30 jaar.
70 Op 1 september 2025 stonden 21 gezinsmigranten op de wachtlijst, er stonden geen asielmigranten (meer) op de wachtlijst.
48
maatschappelijk wortelen (het opbouwen van een sociaal netwerk, weten hoe de samenleving werkt en maatschappelijk acDef zijn), verdienen in de visie van de gemeente de voorkeur boven het aandringen op het naar zoek gaan van werk, nog voordat de statushouder over een aantal basisvaardigheden en -kennis beschikt. Daarin zijn ook de duale trajecten van belang waarin het leren van de Nederlandse taal wordt gecombineerd met (toeleiding naar) parDcipaDe, zoals werk, stage of andere acDviteiten om statushouders op een instroom op de arbeidsmarkt voor te bereiden. Van de statushouders die in de gemeente Haarlemmermeer woonachDg en inburgeringsplichDg zijn, heeM een hoog percentage een uitkering (82%). Het is niet bekend in hoeverre de al dan niet afronding van het inburgeringsprogramma effect heeM op bijvoorbeeld het verkrijgen en behouden van werk en de inhoudelijke beoordeling daarvan. De gemeente geeM aan in dit kader en op dit moment nog onvoldoende zicht te hebben op mogelijke effecten van de gehanteerde aanpak.