CConstaterende datHaarlemmermeer
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 Behoefte sportaccommodaties gemeente Haarlemmermeer (Mulier Instituut, 2024)

Raadsplein: Agenda en raadsstukken 19 februari 2026, gemeente HaarlemmermeerBij agendapunt: SESSIEDEBAT 1 – Raadzaal 19.30 – 21.00 uur: NOTA Startnotitie sportaccommodatiebeleid en integraal huisvestingsplan sport en bewegen (12926740)24.067 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Daniëlle Ruikes Amilia Aarnink Eef Hollander

Mulier Instituut | 2024

In opdracht van gemeente Haarlemmermeer Mulier Instituut Daniëlle Ruikes Amilia Aarnink Eef Hollander Voor meer informatie kunt u contact opnemen met het Mulier Instituut. © Mulier Instituut Utrecht, 19 april 2024 www.mulierinstituut.nl info@mulierinstituut.nl Disclaimer U mag delen uit deze publicatie overnemen op voorwaarde van bronvermelding: auteur(s), de titel van de publicatie en het jaar van uitgave. Er gelden gebruiksvoorwaarden voor de foto's in deze publicatie. Neem foto's daarom niet over zonder toestemming van het Mulier Instituut.

Het Mulier Instituut doet sportonderzoek voor

Ons doel is bijdragen aan goed onderbouwd beleid,

beleid en samenleving. Voor overheden,

gericht op de bevordering van sport, sportief

maatschappelijke organisaties,

bewegen en versterking van de sportsector. Dit doen

onderwijsinstellingen, sportorganisaties en

we op verschillende manieren:

bedrijven onderzoeken we allerlei thema’s op het gebied van sport en sportief bewegen: van de

We verzamelen data en monitoren de Nederlandse

sportdeelname van (groepen) Nederlanders tot de

sportsector en beleidsprogramma’s.

motorische vaardigheden van kinderen, en van diversiteit en inclusie in de sport tot de economische impact van sportevenementen.

We ontwikkelen kennis en onderzoeksmethoden via verkennende en verdiepende studies. We duiden onderzoeksuitkomsten en vertalen deze

Het Mulier Instituut is een onafhankelijke stichting zonder winstoogmerk.

naar de beleidspraktijk. We onderbouwen beleidsbeslissingen met expertise en advies. We bieden gevraagd en ongevraagd duiding en reflectie in de rol van ‘kritische vriend’ van de sportsector. We zetten ons in voor de bevordering van de sportwetenschap.

DSA

NSO

Database

. Bewegingsonderwijs

Sporthal

Gymzaal

SportAanbod

De gymlessen bedoeld om de

Overdekte sportruimte van

Overdekte sportruimte van

wettelijke kerndoelen te halen.

minimaal 40 bij 20 meter, in

circa 21 bij 12 meter, in

principe geschikt voor alle

beginsel geschikt voor het

zaalsporten.

bewegingsonderwijs, geschikt

Nationaal Sportonderzoek

Zaalsporten

voor beperkt aantal

Sporten die in principe in een VTO

Vrijetijdsomnibus

sporthal, sportzaal of gymzaal

Sportzaal

worden beoefend.

Overdekte sportruimte van circa 28 bij 22 meter, geschikt voor meerdere zaalsporten.

zaalsporten.

Samenvatting

De gemeente Haarlemmermeer wil inzicht in de sportaccommodatiebehoefte van haar inwoners, om zicht te houden op de ruimtelijke opgave voor de breedtesport en het bewegingsonderwijs. Met dit inzicht kan de gemeente dit optimaal (blijven) faciliteren.

In deze rapportage brengen we de verhouding tussen het aanbod en de behoefte aan binnen- en buitensportaccommodaties en zwembaden, en normatieve knelpunten in beeld. We beantwoorden de volgende onderzoeksvragen: Hoe verhoudt het huidige aanbod (2023) zich tot de huidige en toekomstige (2030, 2040 en 2050) behoefte in Haarlemmermeer voor (i) binnensportaccommodaties, (ii) buitensportaccommodaties en (iii) overdekte zwembaden? Wat is het aanbod? Wat is de huidige (2023) en toekomstige (2030, 2040 en 2050) normatieve behoefte? Wat is het huidige gebruik?

Druk op binnensportaccommodaties In de gemeente is een normatief tekort aan sporthallen, en de druk op de huidige sporthallen is hoog. Op de piekuren (18:00-22:00 uur) in de wintermaanden loopt dit bij bijna alle sporthallen tegen een organisatorische grens aan. Het aanbod aan sporthallen en gymzalen is wel in lijn met de gemeentebrede behoefte vanuit het bewegingsonderwijs. In het schooljaar 2023-2024 heeft één school in de gemeente onvoldoende zaalcapaciteit binnen de normafstand. Ruimte voor sportverenigingen Gemeentebreed is per sport voor alle sportverenigingen voldoende ruimte voor de huidige behoefte van de verenigingen. Wel heeft een aantal verenigingen op het eigen sportpark onvoldoende capaciteit om te voorzien in de behoefte van de huidige leden. Door de verwachte bevolkingsgroei neemt de behoefte naar verwachting toe. Dit leidt tot blijvende of oplopende tekorten op sportparken waar we knelpunten constateren en tot verwachte nieuwe tekorten. Zwemwater In de gemeente is in de huidige situatie geen tekort aan zwemwater voor de verschillende activiteiten. Door de verwachte bevolkingsgroei ontstaat in de

toekomst een klein tekort in de openbare overdekte zwembaden voor leszwemmen als er geen zwemles in de semi-openbare zwembaden gegeven wordt.

Toets resultaten lokaal Het is zinvol om de resultaten van dit onderzoek lokaal te toetsen. Het gesprek met verenigingen en scholen kan inzicht geven in of de verenigingen deze capaciteitsknelpunten herkennen. Ook kunnen dan mogelijke oplossingen besproken worden. Verken opties voor uitbreiding sporthallen Uit de analyses komt een dermate hoge druk op de huidige sporthallen naar voren dat het aanbevelenswaardig is om opties te verkennen om het aanbod verder uit te breiden. Hierbij kan ook kritisch gekeken worden naar hoe het gebruik momenteel wordt ingeroosterd en de mogelijkheden om het gebruik (op bepaalde momenten) te optimaliseren. Bij uitbreiding van het aanbod is het vanuit het oogpunt van efficiënte benutting aan te raden om bewegingsonderwijs en sportbeoefening in een accommodatie te integreren. Optimaliseer capaciteitsgebruik verenigingen Een aantal van de buitensportverenigingen maakt suboptimaal gebruik van de aanwezige capaciteit. Een deel van de knelpunten bij de buitensport kan opgelost worden door de zondagtak te vergroten. Ook kan er gekeken worden naar flexibele en verlengde speeldagen. In gesprek met de verenigingen kan bezien worden op welke manier het gebruik van de sportvelden geïntensiveerd kan worden.

Houd semi-openbare zwembaden beschikbaar voor leszwemmen Voor het aanbod aan zwemwater is het van belang dat de semi-openbare zwembaden beschikbaar blijven voor leszwemmen. Als deze extra plekken voor het leszwemmen wegvallen, komt alle druk op de openbare zwembaden te liggen.

Hoofdstuk 1

In dit onderzoek geven we inzicht in het aanbod en de behoefte aan sportaccommodaties in Haarlemmermeer. In dit hoofdstuk bespreken we de onderzoeksvragen en de afbakening en werkwijze van het onderzoek. De gemeente Haarlemmermeer ziet ruimte voor breedtesport als een belangrijke basisvoorziening in de gemeente. Zij wil beschikken over inzichten in de accommodatiebehoefte van haar inwoners om zicht te houden op de ruimtelijke opgave voor de breedtesport om dit te kunnen blijven faciliteren.

In 2019 hebben wij een eerste behoefteonderzoek in Haarlemmermeer uitgevoerd. In 2021 hebben we dit deels geactualiseerd, waarbij we veelal gebruik hebben gemaakt van cijfers uit 2019 (Schadenberg et al., 2021). Dit behoefteonderzoek is volledig gebaseerd op nieuwe cijfers. We beantwoorden de volgende onderzoeksvragen: Hoe verhoudt het huidige aanbod (2023) zich tot de huidige en toekomstige (2030, 2040 en 2050) behoefte in Haarlemmermeer voor (i) binnensportaccommodaties, (ii) buitensportaccommodaties en (iii) overdekte zwembaden? Wat is het aanbod? Wat is de huidige (2023) en toekomstige (2030, 2040 en 2050) normatieve behoefte? Wat is het huidige gebruik?

Binnensportaccommodaties definiëren we als overdekte sportruimtes die worden benut voor het geven van bewegingsonderwijs en de beoefening van meerdere zaalsporten (sporthallen, sportzalen en gymzalen). De behoefte aan andere typen overdekte sportaccommodaties, zoals denksportcentra, valt buiten de scope van dit onderzoek. Buitensportaccommodaties definiëren we als sportparken waar buitensport beoefend kan worden. Bij buitensportaccommodaties houden we de volgende selectie van sporten aan: atletiek, hockey, handbal, honk- en softbal, korfbal, padel, rugby, tennis en voetbal. Zwembaden definiëren we als overdekte sportruimtes waar men verschillende zwemactiviteiten kan beoefenen: leren zwemmen (leszwemmen en schoolzwemmen), banenzwemmen, doelgroepenzwemmen, zwemsport en recreatief zwemmen. De zwembaden die overdekt en openbaar zijn, nemen we mee in het onderzoek voor het bepalen van de behoefte. Semi-openbare zwembaden geven we wel weer als aanbod in de omgeving, maar analyseren we niet in detail.

Waar mogelijk en zinvol vergelijken we de resultaten van dit onderzoek met de resultaten van het onderzoek uit 2021.

We hebben het aanbod aan sportaccommodaties geïnventariseerd en weergegeven op kaart. We hebben landelijke databases benut om te bezien in hoeverre het aanbod en gebruik afwijken van referentiecijfers. De normatieve behoefte aan sportaccommodaties voor de (georganiseerde) binnenen buitensport hebben we bepaald door vastgelegde en algemeen geaccepteerde landelijke richtlijnen toe te passen. De normatieve behoefte vanuit het onderwijs bepalen we aan de hand van de gemeentelijke zorgplicht, zoals vastgelegd in de gemeentelijke onderwijsverordening. Ramingen van de ontwikkeling in de behoefte baseren we op bevolkings- en leerlingenprognoses. Ook maken we (lokale) trends in de sportdeelname inzichtelijk (zie ook bijlage 1). Om de normatieve behoefte aan binnensportruimte te duiden, hebben we verhuuroverzichten van gemeentelijke accommodaties geanalyseerd. De behoefte aan zwemwater bepalen we aan de hand van het planningsinstrument zwembaden dat het Mulier Instituut heeft ontwikkeld in samenwerking met de KNZB, Vereniging Sport en Gemeenten (VSG) en Werkgevers in Zwembaden en Zwemscholen (WIZZ) (Floor et al., 2020). Ramingen van de ontwikkeling in de behoefte baseren we op bevolkingsprognoses. Hierbij houden we (in kwantitatieve zin) geen rekening met eventuele (lokale) trends in de sportdeelname en het sportaccommodatiegebruik.

We presenteren de resultaten op verschillende niveaus, waaronder kernniveau. De gemeente Haarlemmermeer bestaat uit achttien kernen (zie kaart in bijlage 2). We vergelijken de cijfers voor binnen- en buitensport en zwemwater in Haarlemmermeer in dit rapport met de volgende referentiecijfers: het landelijke gemiddelde (Nederland); het gemiddelde van de VSG-regio Kennemerland, bestaande uit de gemeenten Beverwijk, Bloemendaal, Haarlem, Heemskerk, Heemstede, Uitgeest, Velsen en Zandvoort; het gemiddelde van referentiegemeenten die vergelijkbaar zijn met Haarlemmermeer op basis van stedelijkheid en bevolkingsomvang, namelijk: Alkmaar, Alphen aan den Rijn, Amersfoort, Apeldoorn, Arnhem, Breda, Ede, Enschede, Leeuwarden, Nijmegen, ’s Hertogenbosch, Venlo, Zaanstad en Zwolle.

Leeswijzer In hoofdstuk 2 beschrijven we de beleidscontext, trends en ontwikkelingen die relevant zijn voor de sportcapaciteitsvraagstukken. In hoofdstuk 3 behandelen we de binnensportaccommodaties en in hoofdstuk 4 de buitensportaccommodaties. In hoofdstuk 5 bespreken we de overdekte zwembaden. Hoofdstuk 6 vormt het afsluitende hoofdstuk, waarin we alle resultaten samenbrengen en aanbevelingen meegeven.

Hoofdstuk 2

In dit hoofdstuk schetsen we de context waarbinnen de aanbodbehoefteanalyses plaatsvinden en geven we relevante trends en ontwikkelingen voor sportaccommodatiebeleid en accommodatiebehoefte weer.

Sport Trends bij gemeenten en sportbonden Gemeenten rekenen het tot hun verantwoordelijkheid om sportbeoefening te faciliteren, ook al is er geen wettelijk kader dat dit verplicht. In beginsel doen ze dit vanuit de gedachte van marktfalen en het sociaal-maatschappelijke belang van sport (Hoekman, 2018). Sportaccommodaties zijn het belangrijkste instrument dat de overheid inzet om sportbeoefening te faciliteren (Van der Poel & Hoekman, 2023). Waar in de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw een bouwgolf van gemeentelijke sportaccommodaties plaatsvond, richt het gemeentelijke sportaccommodatiebeleid zich tegenwoordig veelal op het beter benutten van de bestaande infrastructuur (Van der Poel & Hoekman, 2023). De laatste twee decennia zit vernieuwing van het landschap vooral in de hoek van de commerciële initiatieven (Hoekman & Schadenberg, 2023). Om de bestaande infrastructuur beter te laten renderen staat multifunctionaliteit en meervoudig gebruik hoog op de gemeentelijke agenda (Hoekman & Van der Maat, 2017; Hoogendam et al., 2021). Steeds meer sportparken worden opengesteld of er worden vrij toegankelijke voorzieningen toegevoegd (calisthenics, survivalparcours). In sporthallen zien we steeds vaker dat modules worden toegevoegd (urban sports-elementen, gamification).

Gemeenten introduceren flexibele exploitatiemodellen (uurtarieven) voor sportvelden, waardoor ze beter kunnen sturen op mede-/deelgebruik van de velden (Schots & Schadenberg, 2020). Sportbonden nemen hun verantwoordelijkheid in de landelijke ambitie om de benutting van de sportaccommodaties te verhogen door bijvoorbeeld flexibele speeldagen te introduceren, doordeweekse competitie te stimuleren of normen en planningsregels aan te passen (Hoekman & Schadenberg, 2023). Uitbesteding en verzelfstandiging De gemeente is in de meeste gevallen niet langer de partij die financiert, beheert én coördineert. Steeds meer gemeenten besteden de uitvoering van het sportbeleid uit aan andere organisaties (Schadenberg, 2022). In het Nederlandse sportlandschap

neemt de rol van externe uitvoeringsorganisaties toe, met name voor de uitvoering van het sportaccommodatiebeleid. In 2023 is van ruim de helft van de binnensportvoorzieningen de gemeente eigenaar. Met name bij sporthallen is dit vaak het geval. Bij een groot deel van de buitensportvoorzieningen is ruim 90 procent in eigendom van de gemeente, maar hockeyvelden (ca. twee derde) en openlucht tennisvoorzieningen (ca. een derde) zijn hier een uitzondering op. Bij tennisvoorzieningen is de niet-gemeentelijke partij relatief vaak een sportvereniging. Het verzelfstandigen of uitbesteden zien we voornamelijk bij een groot deel van binnensportvoorzieningen. Bij het overgrote deel van de buitensportvoorzieningen ligt de exploitatie bij gemeenten, met weer als grootste uitzondering de openlucht tennisvoorzieningen (Van Eldert & Van der Heijde, 2023). De overdekte zwembaden in Nederland zijn voor de helft in eigendom van de gemeente en voor de helft in eigendom van een niet-gemeentelijke partij. Het merendeel van de Nederlandse zwembaden wordt door een niet-gemeentelijke partij geëxploiteerd (Hollander & Aarnink, 2023). Verzelfstandiging of privatisering van gemeentelijke sportaccommodaties is in de afgelopen collegeperiode (2018-2022) wel minder vaak gebeurd dan in de collegeperiode daarvoor (2014-2018).

Gemeenten verwachten dat er in de huidige collegeperiode (2022-2026) nog minder vaak sprake gaat zijn van verzelfstandiging of privatisering van één of meerdere binnensportaccommodaties. Voor buitensportaccommodaties verwachten ze dat dit gelijk blijft (Van Eldert & Van der Heijde, 2023). Rol van verenigingen De rol van verenigingen bij het beheer en de exploitatie van sportaccommodaties is de laatste decennia toegenomen. Met name zijn meer onderhoudstaken bij veldsportverenigingen komen te liggen (Hoekman et al., 2022). Er wordt meer van verenigingen verwacht om de maatschappelijke waarde van de sportaccommodatie te verhogen. Bijvoorbeeld door de accommodatie rookvrij te maken, gezonde alternatieven in de sportkantine aan te bieden of activiteiten open te stellen voor niet-leden (Lucassen et al., 2018). Integraal sportbeleid Bij de totstandkoming van het sportbeleid wordt samengewerkt met andere beleidsterreinen of gemeentelijke afdelingen. Sportbeleid wordt (daarmee) vaker integraal ingestoken (Hoogendam et al., 2021). Andere gemeentelijke domeinen dragen vaker financieel bij aan het sportbudget. De financiële bijdrage is meestal voor activiteiten die ook voor de andere domeinen baten realiseren en komt niet zozeer direct ten goede van sportaccommodaties.

Haarlemmermeer In de ‘Sport- en beweegvisie 2019-2029’ van Haarlemmermeer en het daarbij aansluitende ‘Haarlemmermeers Sportakkoord II’ staat dat het aanbod aan sportvoorzieningen, zowel accommodaties als aanbieders, over het algemeen goed is en de kwaliteit hoog is. De sportvoorzieningen zijn bereikbaar, toegankelijk, veilig, duurzaam en aantrekkelijk en moeten goed benut worden. De gemeente Haarlemmermeer stimuleert verenigingen om een bredere maatschappelijke rol te vervullen door ofwel hun accommodaties voor initiatieven/organisaties beschikbaar te stellen, ofwel gerichte activiteiten te organiseren voor andere doeleinden. Binnensport heeft momenteel de specifieke aandacht in de gemeente Haarlemmermeer, omdat zij qua capaciteit tegen de grenzen aanlopen (Gemeente Haarlemmermeer, 2019; Gemeente Haarlemmermeer, 2023). In de gemeentelijke omgevingsvisie is deze aandacht voor sport ook opgenomen. Voor sportaccommodaties staat de ambitie tot een sterke en toekomstbestendige sportinfrastructuur centraal, met belang voor voldoende, goede en bereikbare sportaccommodaties in combinatie met vitale sportaanbieders (Gemeente Haarlemmermeer, 2022).

Het is hiervoor van belang om de invloed van de woningbouwontwikkelingen en hiermee gepaard gaande demografische ontwikkelingen op de behoefte aan sportaccommodaties inzichtelijk te hebben, om ook in de toekomst een sterke en duurzame sportinfrastructuur te kunnen waarborgen. Bewegingsonderwijs Wettelijke verplichtingen Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de huisvesting van scholen in het basisonderwijs, speciaal onderwijs en voortgezet onderwijs. Hieronder vallen ook voorzieningen voor het bewegingsonderwijs. Scholen in het primair onderwijs zijn vanaf het schooljaar 2023-2024 verplicht om voor alle leerlingen wekelijks twee gymlessen van 45 minuten te verzorgen. Dit betekent dat gemeenten vanuit scholen meer aanvragen voor zaalruimte (kunnen) krijgen. Vanuit de Wet op primair onderwijs was het voor scholen al voor schooljaar 2023-2024 mogelijk om ruimte aan te vragen om dit verplichte aantal gymlessen te geven. In het schooljaar 2020-2021 gaf slechts 53 procent van de scholen in Nederland aan alle groepen wekelijks twee gymlessen. (Slot-Heijs et al., 2021). Uit landelijk onderzoek blijkt dat een vijfde van de schoolleiders in het primair onderwijs verwacht niet te kunnen voldoen aan de deugdelijkheidseis in het schooljaar 2023-2024.

De meest genoemde reden hierbij, die ruim de helft van deze schoolleiders noemde, is te weinig beschikbare ruimte in de binnensportaccommodaties. Het tekort aan financiële middelen en bevoegde

leerkrachten noemt ruim een derde als belemmering. Bij een kwart vormt de afstand tot het gymnastieklokaal een belemmering (Slot-Heijs et al., 2021). Veel gemeenten kijken naar andersoortige (sport)accommodaties om het verplichte aantal gymlessen te laten plaatsvinden (Vrieswijk & Schadenberg, 2023). De Koninklijke Vereniging voor Lichamelijke Opvoeding (KVLO) heeft in een leerlijnanalyse inzichtelijk gemaakt hoe ze deze accommodaties als aanvullende gymlocatie kunnen inzetten (KVLO, 2023). Hierbij is het advies om 30 minuten gymles te geven bij deze aanvullende gymlocatie en 60 minuten in een binnensportaccommodatie. De wettelijke zorgplicht heeft betrekking op gymzalen, sportzalen en sporthallen. Deze accommodaties zijn geschikt voor alle leerlijnen van het bewegingsonderwijs. Dynamische schooldagen De laatste jaren is er meer aandacht voor het dynamischer maken van de tijd die leerlingen op school doorbrengen, zowel in het primair onderwijs (Slot-Heijs et al., 2021) als in het voortgezet onderwijs (Slot-Heijs et al., 2022). Tijdens schooltijd organiseren nagenoeg alle scholen in het primair onderwijs beweegmomenten tussen of tijdens de lessen. In het voortgezet onderwijs vinden op steeds meer scholen sportactiviteiten tijdens de pauze plaats, maar is het aanbod vrijblijvender.

De gemeente heeft geen zorgplicht voor het mogelijk maken van de aanvullende sport- en beweegactiviteiten tijdens of buiten schooltijd. De meeste activiteiten kunnen goed plaatsvinden in het (bestaande) klaslokaal of schoolgebouw of op het schoolplein. Wel kijkt ze, zeker bij nieuwbouw, steeds vaker naar vergrote speellokalen, ruimere schoolpleinen en beweegpleinen rondom het schoolgebouw. De schoolomgeving wordt hiermee breder inzetbaar, eventueel ook voor de reguliere gymlessen. Schoolzwemmen De gemeente is niet verplicht om schoolzwemmen aan te bieden. Op de scholen in het primair onderwijs waar wel schoolzwemmen wordt aangeboden, wordt schoolzwemmen ingericht als vervanging voor een les bewegingsonderwijs (Hollander & Slot-Heijs, 2021). Dit wordt ook wel ‘natte gymles’ genoemd. Diplomazwemmen wordt minder aangeboden tijdens schoolzwemmen. Haarlemmermeer In het Integraal Huisvestigingsplan (IHP) onderwijs 2017-2025 (Gemeente Haarlemmermeer, 2017) streeft de gemeente naar het zo multifunctioneel mogelijk inzetten van onderwijshuisvesting voor activiteiten op het gebied van opvang, zorg, ondersteuning, welzijn, sport en cultuur. In het IHP is opgenomen dat de planning en inzet van accommodaties voor bewegingsonderwijs (gymzalen) in het Integraal Accommodatieplan (IAP) wordt verzorgd.

Dit biedt kansen om gebruik voor zowel sport als bewegingsonderwijs in accommodaties te laten plaatsvinden.

In het IAP is opgenomen dat bewegingsonderwijs voornamelijk plaatsvindt in gymzalen, maar ook in sportzalen en sporthallen. Voor de gymzalen zijn dan ook de locaties van de scholen leidend (Gemeente Haarlemmermeer, 2020). In de gemeente Haarlemmermeer wordt hiernaast ook schoolzwemmen aangeboden.

Bevolkingsopbouw- en prognoses De bevolkingsontwikkeling is van directe invloed op de behoefte aan en het gebruik van sportaccommodaties. Haarlemmermeer heeft in 2023 circa 162.350 inwoners. Het is de verwachting dat de bevolking van Haarlemmermeer flink gaat toenemen tot 2030 (+12%), 2040 (+27%) en 2050 (+33%). In alle leeftijdsgroepen blijft de bevolking toenemen tot 2050, maar het aandeel ouderen groeit het hardst (figuur 2.1). Figuur 2.1 Verwachte ontwikkeling bevolking gemeente Haarlemmermeer t.o.v. 2023 (in procenten) 125

108

100 71

75 50 25

35

36 25

13

10

13

10

16

22

37

28

10

26

32

16

0 -5

-25 11 jaar en jonger

12 tot 18 jaar

18 tot 27 jaar 2030

2040

27 tot 65 jaar

65 tot 75 jaar

2050

Bron: Gemeente Haarlemmermeer, team onderzoek, gebiedsprognose Haarlemmermeer (kernprognose), 2023.

In het onderzoek van 2021 verwachtten we op basis van de bevolkingsprognoses een sterkere groei richting 2035 (+30%) met daarna een afvlakking van de groei richting 2050. Op basis van de huidige prognoses verwachten we circa 8.600 meer inwoners in 2050 dan in 2021 de verwachting was. Het verwachte aandeel jongeren daalt juist sneller. Kernen In tabel 2.1 is de verwachte bevolkingsontwikkeling per kern in de gemeente Haarlemmermeer te zien. Op basis van de bevolkingsprognoses van de gemeente gaat de groei naar verwachting in elke kern plaatsvinden. In aantallen groeien de kernen Hoofddorp en Nieuw-Vennep het hardst. Relatief gezien verwachten we de grootste groei in Cruquius en Lisserbroek.

75 jaar en ouder

In het onderzoek van 2021 verwachtten we nog in een groot deel van de kernen een (kleine) afname van de bevolking richting 2050. De bevolkingsprognoses van gemeente Haarlemmermeer zijn gebaseerd op de woningbouwplanning. Hierbij hebben we de kernprognose gebruikt, die uitgaat van 70 procent van de geplande woningen. Deze woningbouwprognoses staan in bijlage 3. Tabel 2.1 Aantal inwoners kernen gemeente Haarlemmermeer in 2023 en 2050 (in aantallen en procentuele groei) Kern Aalsmeerderbrug, Oude Meer, Rozenburg, Schiphol Rijk

2023

2050

2023-2050

870

910

+4%

Abbenes, Buitenkaag

1.710

1.770

+4%

Badhoevedorp

14.470

15.930

+10%

Beinsdorp

1.020

1.070

+5%

Burgerveen, Leimuiderbrug, Weteringbrug

780

820

+5%

1.770

6.540

+270%

330

390

+18%

Halfweg

2.610

2.680

+3%

Hoofddorp

79.660

110.830

+39%

Lijnden, Boesingheliede

1.100

1.120

+2%

Lisserbroek

3.400

9.840

+189%

Nieuw-Vennep

31.610

40.960

+30%

Rijsenhout

4.330

4.520

+4%

Schiphol

90

-

-

Spaarndam

3.550

3.590

+1%

Vijfhuizen

4.860

5.010

+3%

Zwaanshoek

2.160

2.250

+4%

Zwanenburg

8.030

8.400

+5%

162.350

216.620

+33%

Cruquius Haarlemmerliede

Gemeente Haarlemmermeer

Bron: Gemeente Haarlemmer, team onderzoek, gebiedsprognose Haarlemmermeer, 2023.

Leerlingenaantallen en -prognoses De omvang van de gemeentelijke huisvestingsplicht voor het onderwijs is onder andere afhankelijk van het aantal leerlingen dat staat ingeschreven op de scholen. De verwachting is dat het aantal leerlingen van de scholen in Haarlemmermeer van ruim 21.600 toeneemt naar circa 23.800 (+10%). Dit komt met name door een verwachte toename van het aantal leerlingen in het basisonderwijs (figuur 2.2)

Figuur 2.2 Verwachte ontwikkeling totaal aantal leerlingen scholen gemeente Haarlemmermeer (in aantallen) 16.000 14.000 12.000 10.000 8.000 6.000 4.000 2.000 0 Basisonderwijs

Speciaal onderwijs 2023

2030

Voortgezet onderwijs

2040

Bron: Pronexus, leerlingenprognoses basisonderwijs, speciaal onderwijs en voortgezet onderwijs, 2024.

Sportdeelname In 2022 sportte 56,7 procent van de inwoners van Haarlemmermeer van 18 jaar en ouder minstens een keer per week. Dit is hoger dan de wekelijkse sportdeelname in 2020 (55,2%). Landelijk lag in 2022 de sportdeelname op 53,6 procent en in VSGregio Kennemerland op 59,0% (CBS/RIVM, 2022). In Nederland is de afgelopen twee decennia het percentage wekelijkse sporters onder ouderen gestegen. Het percentage wekelijkse sporters onder jongeren is juist gedaald. Volwassenen laten een licht stijgende trend zien (figuur 2.3). De lokale ontwikkeling van de sportdeelname naar leeftijdscategorie is niet bekend. Figuur 2.3 Aandeel wekelijkse sporters in Nederland (in procenten) 100 90 80 70 60 50 40 30 20 10 0 2001 2002 2003 2004 2005 2006 2007 2008 2009 2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019 2020 2021 2022 4 t/m 11 jaar

12 t/m 17 jaar

Bron: Gezondheidsenquête/Leefstijlmonitor, CBS i.s.m. RIVM, 2010-2022.

18 t/m 64 jaar

65 jaar en ouder

Sportbondlidmaatschappen In 2022 was een vierde (25,7%) van de inwoners van Haarlemmermeer lid van een sportbond (via een sportvereniging). Dit percentage is de afgelopen jaren licht afgenomen. Landelijk is het sportbondlidmaatschap onder de bevolking na een periode van afname weer toegenomen. In 2022 was bijna een kwart van de Nederlandse bevolking lid van een of meerdere sportbonden (24,4%) (NOC*NSF, 2023). Relatief veel inwoners van de gemeente Haarlemmermeer waren in 2022 lid van de hockey- en tennisbond ten opzichte van het landelijke gemiddelde. Het aantal inwoners met een lidmaatschap bij de voetbal- en volleybalbond was daarentegen relatief laag. De afgelopen jaren is het aandeel inwoners van de gemeente met een lidmaatschap bij diverse sportbonden (flink) afgenomen (figuur 2.4). Het ledental bij de atletiek-, hockey- en gymnastiekbond is met name hard gedaald. Het aantal leden bij de tennisbond is daarentegen na een periode van daling weer toegenomen. Dit kan niet los worden gezien van de coronamaatregelen die golden in deze jaren en de opkomst van padel in de afgelopen jaren. Ook de lidmaatschappen bij voetbal laten weer een lichte stijging zien. Figuur 2.4 Inwoners met een lidmaatschap van diverse sportbonden in gemeente Haarlemmermeer, 2014-2022 (in procenten t.o.v. 2014) 40 30 20

10 0

-4,5 -4,9

-10

-15,4 -16,2

-20

-24,1 -28,0

-30

-35,4 -40 2014 Atletiek

2015

2016

2017

2018

Gymnastiek

Hockey

Tennis

Bron: NOC*NSF, sportbondleden per gemeente, 2014-2022.

2019 Voetbal

2020 Volleybal

2021

2022 Zwemmen

Accommodatiegebruik Sport Door de jaren heen is een ontwikkeling in accommodatiegebruik van de Nederlandse bevolking (12 jaar en ouder) te zien met minder gebruik van buitensportaccommodaties en met uitzondering van 2018 een afname in het gebruik van binnensportaccommodaties (figuur 2.5). Tijdens de coronamaatregelen in 2020 zijn de grootste schommelingen te zien, toen de openbare ruimte en thuis of in de tuin populairdere locaties werden om te sporten. Deze toename is in 2022 afgevlakt. In 2022 is er weer een lichte toename te zien in het gebruik van binnensport- en buitensportaccommodaties (SCP/CBS, 2012-2022). Het gebruik van binnensportaccommodaties is onder de jeugd relatief hoog. Dit accommodatiegebruik neemt af naarmate de leeftijd toeneemt (niet in figuur). Figuur 2.5 Beoefening van sportactiviteiten naar locatie door Nederlandse bevolking van 12 jaar en ouder (in100 procenten) 90 80 70 60 50

61 53

58 54

24

22 14

59 49

61 53

57

53

47

51

40 30 20 10

14 11

25 20

21 14

4

2

1

2014 (n=2.790)

2016 (n=2.847)

2018 (n=3.125)

0 2012 (n=2.482)

22 15

Sportaccommodatie buiten

(Sport)accommodatie binnen

Thuis

Anders

0

2020 (n=2.726) Openbare ruimte

Bron: SCP/CBS (VTO), 2012-2022.

Bewegingsonderwijs In het bewegingsonderwijs in het primair onderwijs wordt ook steeds vaker gebruik gemaakt van de mogelijkheden om buiten de gymlessen te verzorgen. Gymlessen vinden steeds vaker plaats op een buitenvoorziening, zoals een (sport)veld of (school)plein (figuur 2.6). Deze trend was al ingezet voordat de deugdelijkheidseis van het aantal gymlessen werd aangekondigd.

25 18 0

2022 (n=3.038)

Ook in het voortgezet onderwijs vindt een groot deel van de lessen lichamelijke opvoeding in de buitenlucht plaats. Het accommodatiegebruik in het voortgezet onderwijs is minder veranderd dan in het primair onderwijs (niet in figuur). Figuur 2.6 Voorzieningen die basisscholen structureel gebruiken voor het bewegingsonderwijs (in procenten) 81 82 83

Speelzaal Gymzaal

71

63 32

Schoolplein

41

Sportzaal

25 9

Openbaar plein/veld

19

Sporthal

16 7

Sportveld 0

9

10

79

46

30

22

21

13

20

30

‘12/'13 (n=1.803)

40

50

‘16/'17 (n=788)

60

70

20/'21 (n=839)

Bron: Mulier Instituut, Monitor bewegingsonderwijs en sport in het primair onderwijs, 2023, 2017 en 2021.

80

90

100

Hoofdstuk 3

In dit hoofdstuk zetten we het aanbod en de behoefte aan binnensportaccommodaties voor de (georganiseerde) zaalsport en het bewegingsonderwijs in de gemeente Haarlemmermeer uiteen.

In de gemeente Haarlemmermeer zijn zeven sporthallen en zes sportzalen aanwezig (figuur 3.1; tabel 3.1). De gemeente is eigenaar van de meeste sporthallen en de helft van de sportzalen. Sportfondsen is exploitant van deze sporthallen en sportzalen. De gemeentelijke accommodaties zijn beschikbaar voor de (georganiseerde) zaalsport en het bewegingsonderwijs. De overige accommodaties zijn in eigendom van onderwijsstichtingen of dorpscentra. Daarnaast beschikt de gemeente Haarlemmermeer over 42 gymzalen en een turnhal (zie bijlage 4). 26 van de 42 gymzalen zijn in eigendom van de gemeente. Sportfondsen is exploitant van in totaal 29 gymzalen (26 gemeentelijke en 3 nietgemeentelijke gymzalen). De overige gymzalen zijn veelal in eigendom van onderwijsstichtingen. Een groot deel van de niet-gemeentelijke gymzalen wordt alleen voor het bewegingsonderwijs benut. Tabel 3.1 Aanbod van sporthallen en sportzalen in de gemeente Haarlemmermeer in 2023 Naam

Kern

Eigenaar

Exploitant

De Sporthoeve

Badhoevedorp

Gemeente

Sportfondsen

Fanny Blankers-Koenhal

Hoofddorp

Gemeente

Sportfondsen

Koning Willem-Alexanderhal

Hoofddorp

Gemeente

Sportfondsen SKWA

Het Spectrum

Hoofddorp

Gemeente

Sportfondsen

De Estafette

Nieuw-Vennep

Gemeente

Sportfondsen

SLS-hal

Zwanenburg

Gemeente

Stichting Zwanenburg-Halfweg

Dees Verdurmenhal

Spaarndam

Niet-gemeentelijk

Dorpscentrum Spaarndam

Floriande Midden

Hoofddorp

Gemeente

Sportfondsen

Hoofdvaart College

Hoofddorp

Niet-gemeentelijk

Sportfondsen

Haarlemmermeer Lyceum

Hoofddorp

Niet-gemeentelijk

Sportfondsen

In de Breedte

Hoofddorp

Gemeente

Sportfondsen

Bredenborgh

Nieuw-Vennep

Gemeente

Sportfondsen

Sandestein

Nieuw-Vennep

Niet-gemeentelijk

Sportfondsen

Sporthallen

Sportzalen

Bron: Mulier Instituut, Database SportAanbod (DSA), 2023.

Figuur 3.1 Aanbod sporthallen en sportzalen in de gemeente Haarlemmermeer in 2023

Bron: Mulier Instituut, Database SportAanbod (DSA), 2023. Kaartvervaardiging: Mulier Instituut.

Het aanbod van sporthallen en sportzalen in de gemeente Haarlemmermeer is ongewijzigd ten opzichte van 2021.

Spreiding De inwoners van de gemeente Haarlemmermeer moeten gemiddeld 700 meter afleggen naar de dichtstbijzijnde sporthal (tabel 3.2). Landelijk is de gemiddelde afstand 1,6 kilometer. In sterk stedelijke gemeenten, zoals Haarlemmermeer, is dit gemiddeld 1,4 kilometer (Wezenberg-Hoenderkamp & Rauws, 2023). Drie kilometer wordt over het algemeen beschouwd als de afstand die men bereid is af te leggen voor sportbeoefening (Hoekman et al., 2013). Circa 99 procent van de inwoners van de gemeente Haarlemmermeer woont binnen drie kilometer van de dichtstbijzijnde sporthal. De inwoners in de kernen ‘Aalsmeerderbrug, Oude Meer, Rozenburg, Schiphol Rijk’, ‘Burgerveen, Leimuiderbrug, Weteringbrug’, ‘Haarlemmerliede’ en ‘Schiphol’ wonen gemiddeld meer dan drie kilometer van de dichtstbijzijnde sporthal. Dit zijn nietstedelijke kernen met slechts een klein aandeel van de inwoners van de gemeente (1,3%). Uit recent onderzoek is gebleken dat sporters uit minder stedelijke gebieden bereid zijn om verder te reizen naar de sportaccommodatie dan sporters die wonen in (sterk) stedelijke gebieden (Wezenberg-Hoenderkamp & Rauws, 2023). Tabel 3.2 Gemiddelde afstand inwoners gemeente Haarlemmermeer tot dichtstbijzijnde sporthal in Haarlemmermeer in 2023 (in kilometers, gemeten over de weg) Kern

Gemiddelde afstand

Aandeel inwoners (%)

Aalsmeerderbrug, Oude Meer, Rozenburg, Schiphol Rijk

4,5

0,5

Abbenes, Buitenkaag

0,7

1,1

Badhoevedorp

0,7

8,9

Beinsdorp

2,5

0,6

Burgerveen, Leimuiderbrug, Weteringbrug

4,4

0,5

Cruquius

1,1

1,1

Haarlemmerliede

3,4

0,2

Halfweg

1,4

1,6

Hoofddorp

0,6

49,1

Lijnden, Boesingheliede

2,0

0,7

Lisserbroek

0,6

2,1

Nieuw-Vennep

0,6

19,5

Rijsenhout

0,9

2,7

Schiphol

4,9

0,1

Spaarndam

0,7

2,2

Vijfhuizen

1,1

3,0

Zwaansbroek

0,7

1,3

Zwanenburg

0,6

4,9

Gemeente Haarlemmermeer

0,7

100

Bron: Mulier Instituut, Database SportAanbod (DSA), 2023. Gemeente Haarlemmermeer, team onderzoek, 2023. Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), Statistische gegevens per vierkant 2022.

Voor circa 9 procent van de inwoners van de gemeente Haarlemmermeer is een sporthal buiten de gemeente de dichtstbijzijnde sporthal. In de wijken ‘Aalsmeerderbrug, Oude Meer, Rozenburg Schiphol Rijk’, ‘Cruquius’, ‘Rijsenhout’ en ‘Vijfhuizen’ is voor nagenoeg alle inwoners een sporthal buiten de gemeente Haarlemmermeer dichterbij dan een sporthal binnen de gemeente. Dit gaat dan met name om sporthallen in de gemeenten Aalsmeer, Haarlem, Heemstede en Teylingen. Benchmark De gemeente Haarlemmermeer telt in vergelijking met referentiecijfers relatief weinig sporthallen en gymzalen. Het aantal sportzalen is nagenoeg in lijn met de referentiecijfers (tabel 3.3). Sporthallen en sportzalen hebben de afmetingen voor de meeste zaalsporten. Gymzalen kunnen voornamelijk gebruikt worden voor het bewegingsonderwijs, maar kennen een beperktere functionaliteit voor het accommoderen van de meeste zaalsporten. Tabel 3.3 Benchmark aanbod binnensportaccommodaties in de gemeente Haarlemmermeer in 2023 (in aantallen per 25.000 inwoners) Sporthallen

Sportzalen

Gymzalen

Gemeente Haarlemmermeer

1,1

0,9

6,5

VSG-regio Kennemerland

1,8

0,8

8,4

Referentiegemeenten

1,8

1,0

7,8

Nederland

2,2

1,0

6,5

Bron: Mulier Instituut, Database SportAanbod (DSA), december 2023.

Geplande mutaties Er staan diverse mutaties in het aanbod gepland. Er komt een gymzaal en een sporthal bij. Daarnaast wordt een bestaande gymzaal vervangen door nieuwbouw. Gymzaal Nassaupark: in de wijk Nassaupark komt een nieuwe basisschool met kinderopvang. Er komt een gymzaal bij de school. De oplevering wordt volgens de huidige planning in 2026 verwacht. Gymzaal Dik Trom: er komt nieuwbouw op het terrein Purmerstraat en Wormerstraat in Hoofddorp. Er komt een school met gymzaal. Deze gymzaal vervangt de gymzaal Wormerstraat. De oplevering wordt volgens de huidige planning in 2027/2028 verwacht. Sporthal Lincolnpark: er wordt naar verwachting in 2026 een nieuwe duurzame sporthal opgeleverd in Lincolnpark. De aanleiding is de bouw van de scholen het Hoofdvaart College en De Linie. De sporthal wordt ingezet voor zowel bewegingsonderwijs als sport. Er is nog onbekend wat er gaat gebeuren met de twee gymzalen van het Hoofdvaart College en de gymzaal De Linie.

Sport De behoefte aan sporthallen voor de (georganiseerde) zaalsport berekenen we aan de hand van draagvlakcijfers. Deze draagvlakcijfers vormen een planologische richtlijn. Sporthallen in een stedelijke context (zoals Hoofddorp) moeten een draagvlak hebben van 10.000 tot 17.500 inwoners; voor sporthallen in een minder stedelijke context (dorpen) is dit 6.250 tot 12.500 inwoners (Schadenberg et al., 2020). Deze draagvlakcijfers hebben we herijkt ten opzichte van het rapport uit 2021. We hebben ze zijn verlaagd en verruimd. De draagvlakcijfers voor sportzalen hebben we losgelaten.

Herijking draagvlakcijfers binnensportaccommodaties (Schadenberg et al., 2020) Uit de bevindingen blijkt dat sporthallen in een stedelijk gebied veelal een draagvlak hebben van 10.000 tot 17.500 inwoners; in een minder stedelijk gebied 6.250 tot 12.500 inwoners. De gebruiksgegevens van de gemeentelijke sporthallen laten zien dat in de meeste gevallen een gemiddeld sportgebruik wordt behaald als deze bandbreedte wordt aangehouden in een gebied. Ten opzichte van de ‘oude’ draagvlakcijfers uit de Planologische Kengetallen (15.000 tot 20.000 inwoners) is dit een verruiming; er zijn meer sporthallen nodig. Bij de planning van sportzalen moeten de draagvlakcijfers uit de Planologische Kengetallen worden losgelaten. Het aantal aanwezige sportzalen is in vrijwel alle gebieden beduidend lager dan de Planologische Kengetallen voorschrijven. Sportzalen hebben een beperktere functionaliteit voor de meeste zaalsporten, maar kunnen wel in een specifieke behoefte voorzien. Vanuit het bewegingsonderwijs of vanuit specifieke gebruikers, zoals gymnastiek/turnverenigingen, kan de totstandkoming of instandhouding van sportzalen een logische uitkomst zijn. Lokaal moet deze afweging worden gemaakt, waardoor draagvlakcijfers niet leidend moeten zijn.

De lokale context bepaalt of de minimale of maximale variant het meest van toepassing is (bv. de stedelijkheid van de gemeente (ruraal of urbaan), de sportdeelname en het aanbod aan overige (overdekte) binnensportaccommodaties). In gemeente Haarlemmermeer is in 2023 een normatieve behoefte van minimaal tien en maximaal zeventien sporthallen (tabel 3.4). Het huidige aantal van zeven sporthallen in de gemeente is lager dan de minimale behoefte. De verwachting is dat de behoefte aan sporthallen in de gemeente Haarlemmermeer door de bevolkingsgroei toeneemt met minimaal drie sporthallen

in 2050. Het grote aanbod aan andere accommodaties in de gemeente en de beperktere regionale functie door ook relatief veel aanbod in omliggende gemeenten, zorgt ervoor dat de behoefte naar verwachting meer aan de onderkant van de bandbreedte valt. Net zoals in het onderzoek van 2021 constateren we een normatief tekort aan sporthallen. Met name door de herijking van de draagvlakcijfers is het (verwachte) tekort groter dan we in 2021 veronderstelden. Tabel 3.4 Vraag-aanbodanalyse sporthallen in gemeente Haarlemmermeer in 2023, 2030, 2040 en 2050 (in aantallen) Behoefte Jaar

Aanbod

Minimaal

Maximaal

2023

7

10 (9,6)

17 (17,0)

2030

A

8

11 (10,7)

19 (19,0)

2040

A

8

12 (12,1)

22 (21,5)

2050

8A

13 (12,8)

23 (22,8)

Bron: Mulier Instituut, 2023. A

Ervan uitgaande dat sporthal Lincolnpark in 2026 gerealiseerd wordt.

In tabel 3.5 splitsen we de behoefte uit naar kern om zicht te geven op waar de grootste behoefte aan sporthallen in de gemeente Haarlemmermeer bestaat en gaat bestaan. De kernen waar geen sporthal aanwezig is of onvoldoende behoefte is voor een sporthal in de huidige situatie of in de toekomst, laten we buiten beschouwing.

Tabel 3.5 Vraag-aanbodanalyse sporthallen in kernen gemeente Haarlemmermeer in 2023, 2030, 2040 en 2050 (in aantallen) Behoefte 2023 Max.

2030 Min.

Max.

2040 Min.

Max.

2050

Kern

Aanbod Min.

Hoofddorp

3

5 (4,6) 8( 8,0) 6 (5,2) 9 (9,0) 6 (5,8) 11 (10,1) 7 (6,3) 12 (11,1)

Nieuw-Vennep

1

2 (1,8) 3 (3,2) 2 (1,9) 4 (3,4) 3 (2,3) 5 (4,1)

3 (2,3) 5 (4,1)

Badhoevedorp

1

1 (0,8) 2 (1,4) 1 (0,9) 2 (1,6) 1 (0,9) 2 (1,6)

1 (0,9) 2 (1,6)

Zwanenburg

1

1 (0,5) 1 (0,8) 1 (0,5) 1 (0,8) 1 (0,5) 1 (0,8)

1 (0,5) 1 (0,8)

Vijfhuizen

-

1 (0,3) 1 (0,5) 1 (0,3) 1 (0,5) 1 (0,3) 1 (0,5)

1 (0,3) 1 (0,5)

Rijsenhout

-

- (0,2)

1 (0,4) - (0,2)

1 (0,4) 1 (0,3) 1 (0,4)

1 (0,3) 1 (0,5)

Spaarndam

1

- (0,2)

1 (0,4) - (0,2)

1 (0,4) - (0,2)

- (0,2)

Lisserbroek

-

- (0,2)

1 (0,3) 1 (0,4) 1 (0,7) 1 (0,6) 1 (1,0)

1 (0,6) 1 (1,0)

Halfweg

-

- (0,2)

1 (0,4) - (0,2)

1 (0,4) - (0,2)

1 (0,4)

- (0,2)

1 (0,4)

Zwaanshoek

-

- (0,2)

1 (0,3) - (0,2)

1 (0,4) - (0,2)

1 (0,4)

- (0,2)

1 (0,4)

Cruquius

-

- (0,1)

1 (0,3) 1 (0,3) 1 (0,6) 1 (0,4) 1 (0,8)

1 (0,4)

Bron: Mulier Instituut, 2023.

Bewegingsonderwijs In de gemeente Haarlemmermeer zijn vijftig locaties voor basisonderwijs, negen locaties voor speciaal onderwijs (sbo & (v)so) en elf locaties voor voortgezet onderwijs aanwezig. De scholen tellen in totaal circa 21.600 leerlingen in het schooljaar 2023-2024. Het aantal leerlingen stijgt in de toekomst licht tot circa 21.660 leerlingen in 2030 en 23.800 in 2040. We verwachten met name een groei van het aantal leerlingen in het basisonderwijs. De gemeente Haarlemmermeer heeft een taakstelling om te voorzien in gymnastieklokalen, zodat de scholen het verplichte aantal klokuren bewegingsonderwijs voor hun leerlingen kunnen verzorgen. De gemeente kan ervoor kiezen om de huur van niet-gemeentelijke gymnastieklokalen te vergoeden aan schoolbesturen. Het aantal klokuren waarvoor de gemeente een taakstelling heeft, zien we als het aantal normuren of de normatieve behoefte.

Gymnastieklokaal Een gymnastieklokaal is minstens 252 vierkante meter en de hoogte is minstens 5 meter. Dit kan een gymzaal van (minimaal) 21 bij 12 meter zijn, of een af te scheiden zaaldeel in een sporthal of sportzaal.

De basisscholen in Haarlemmermeer hebben een behoefte van 21 zaaldelen in 2023 (tabel 3.6). Deze behoefte stijgt in de toekomst met vier zaaldelen in 2040 op basis van de leerlingenprognoses.

Min.

Max.

1 (0,4)

1 (0,5) 1 (1,0)

De scholen voor het speciaal onderwijs hebben in totaal een behoefte van zeven zaaldelen. Deze behoefte stijgt met een zaaldeel in 2040. Voor de scholen voor het voortgezet onderwijs zijn ten minste 21 zaaldelen nodig om hun behoefte te accommoderen. De behoefte daalt met twee zaaldelen in 2030, om vervolgens weer te stijgen naar twintig zaaldelen in 2040. De gezamenlijke behoefte is 48 zaaldelen. De gemeente kan deze gemeentelijke behoefte opvangen met de 70 zaaldelen als aanbod. Met het huidige aanbod van zaaldelen kan ook de toenemende behoefte aan zaaldelen opgevangen worden. Hierbij hebben we geen rekening gehouden met de bezettingen van de gymzalen en de afstand tot de gymzaal. Tabel 3.6 Normatieve aanbod-behoefteanalyse gymnastieklokalen voor bewegingsonderwijs in de gemeente Haarlemmermeer (in aantallen, tussen haakjes de onafgeronde behoefte) Behoefte

Aanbod

Onderwijstype

Aantal scholen

2023-2024

2030-2031

2040-2041

Basisonderwijs

50

21 (20,8)

23 (22,1)

25 (24,8)

Speciaal onderwijs

9

7 (6,8)

8 (7,3)

8 (8,0)

Voortgezet onderwijs

11

21 (20,1)

19 (18,5)

20 (19,5)

Totaal

70

48 (47,7)

48 (47,9)

53 (52,4)

2023

Bron: Gemeente Haarlemmermeer, Normuren bewegingsonderwijs (S)BO, (V)SO, 2023; Pronexus, leerlingenprognoses basisonderwijs, speciaal onderwijs en voortgezet onderwijs, 2024-2043. Mulier Instituut, Database SportAanbod (DSA), 2023. Bewerking: Mulier Instituut.

Op kernniveau zijn er wel tekorten waar te nemen. In het schooljaar 2023-2024 is er een tekort aan zaaldelen in de kern Cruquius (tabel 3.7). De school in deze kern heeft een eigen gymzaal, maar deze biedt onvoldoende capaciteit. De school heeft geen andere uitwijkmogelijkheden die binnen de normafstand vallen. In 2040 is er ook een tekort aan zaaldelen in Lisserbroek.

70

Tabel 3.7 Normatieve aanbod-behoefteanalyse gymnastieklokalen voor bewegingsonderwijs per wijk in de gemeente Haarlemmermeer (in aantallen, tussen haakjes de onafgeronde behoefte en het aantal gemeentelijke gymnastieklokalen)

Aantal

Behoefte

Aanbod

2023-2024 2030-2031 2040-2041

2023A

Plaats

Onderwijstype

scholen

Hoofddorp

Basisonderwijs

26

Speciaal onderwijs

7

5 (4,5)

6 (5,1)

6 (5,5)

Voortgezet onderwijs

9

16 (15,1)

15 (14,2)

15 (15,0)

30 (30,0)

31 (30,3)

33 (32,5)

Totaal Nieuw-Vennep

11 (10,4)

11 (10,9)

12 (11,9)

Basisonderwijs

10

5 (4,3)

5 (4,2)

5 (5,0)

Speciaal onderwijs

1

1 (0,7)

1 (0,6)

1 (0,8)

Voortgezet onderwijs

2

5 (5,0)

5 (4,2)

5(4,5)

10 (9,9)

10 (9,1)

13 (10,2)

15 (9 4 (3)

Totaal Badhoevedorp

Basisonderwijs

3

3 (2,3)

3 (2,6)

3 (2,7)

Haarlemmerliede &

Basisonderwijs

3

1 (0,9)

1 (0,9)

1 (0,9)

Spaarnwoude

A

38 (26)

2 (0)

Zwanenburg

Basisonderwijs

2

2 (1,2)

2 (1,2)

2 (1,3)

4 (1)

Abbenes

Basisonderwijs

1

1 (0,1)

1 (0,2)

1 (0,2)

1 (1)

Buitenkaag

Basisonderwijs

1

1 (0,1)

1 (0,1)

1 (0,1)

1 (0)

Cruquius

Speciaal onderwijs

1

2 (1,6)

2 (1,6)

2 (1,7)

1 (0)

Lisserbroek

Basisonderwijs

1

1 (0,3)

1 (0,7)

2 (1,3)

1 (1)

Rijsenhout

Basisonderwijs

1

1 (0,4)

1 (0,4)

1 (0,5)

1 (1)

Vijfhuizen

Basisonderwijs

1

1 (0,6)

1 (0,6)

1 (0,7)

1 (1)

Zwaanshoek

Basisonderwijs

1

1 (0,2)

1 (0,2)

1(0,2)

1 (1)

Bron: Gemeente Haarlemmermeer, Normuren bewegingsonderwijs (S)BO, (V)SO, 2023; Pronexus, leerlingenprognoses basisonderwijs, speciaal onderwijs en voortgezet onderwijs, 2024-2043. Mulier Instituut, Database SportAanbod (DSA), 2023. Bewerking: Mulier Instituut. Tussen de haakjes staat het aantal zaaldelen dat in eigendom is van de gemeente Haarlemmermeer.

Het bewegingsonderwijs hoeft niet in dezelfde wijk plaats te vinden als waar de school is gevestigd. Wel moet de afstand die de leerlingen moeten overbruggen van het schoolgebouw tot het gymnastieklokaal binnen bepaalde normen vallen. De gemeente hanteert diverse normafstanden, waarbij de afstand afhankelijk is van het onderwijstype en schoolgrootte.

Normafstand De normafstanden die de gemeente Haarlemmermeer in haar verordening heeft opgenomen, zijn in lijn met die van de modelverordening van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG). De normafstand voor basisscholen en scholen voor speciaal onderwijs (sbo & (v)so) bedraagt 1.000 meter. Voor het voortgezet onderwijs geldt voor alle scholen 2.000 meter als normafstand.

Eén school heeft geen binnensportaccommodatie ter beschikking binnen de normafstand. De dichtstbijzijnde binnensportaccommodatie voor Sint Franciscusschool (basisonderwijs) in Haarlemmerliede is Dorpshuis Spaarndam. De afstand bedraagt ruim 3 kilometer. De school beschikt wel over een eigen speelzaal (~90 m2) in het eigen schoolgebouw. Alle gymlessen vinden in deze speelzaal plaats. In bijlage 6 staat voor alle scholen de af te leggen afstand naar de gymlocatie(s). De zaalbehoefte vanuit het bewegingsonderwijs hebben we in het onderzoek in 2021 niet in beeld gebracht.

Jaargebruik De gemeentelijke sporthallen in Haarlemmermeer werden in seizoen 2022-2023 op jaarbasis gemiddeld circa 2.450 uur gebruikt (figuur 3.2; bijlage 4). Van de vijf sporthallen werd de sporthal Sporthoeve het minst gebruikt. De sporthallen werden voor circa 51 procent voor bewegingsonderwijs ingezet. De gemeentelijke sportzalen en sportzaal Sandestein werden gemiddeld op jaarbasis circa 1.700 uur gebruikt, waarvan 60 procent van de uren voor het bewegingsonderwijs. De gymzalen werden op jaarbasis circa 1.300 uur gebruikt, waarvan 63 procent van de uren voor het bewegingsonderwijs.

Figuur 3.2 Jaargebruik gemeentelijke binnensportaccommodaties gemeente Haarlemmermeer in seizoen 20222023 (in uren)

Sporthal

Sportzaal Sport en overig

Gemiddelde (n=29)

Breedenborgh

Sandestein

In de Breedte

Floriande Midden

Sporthoeve

Fanny Blankers-Koenhal

SLS-hal

Spectrum

Estafette

Koning WillemAlexanderhal

3.500 3.000 2.500 2.000 1.500 1.000 500 0

Gymzaal

Bewegingsonderwijs

Bron: Sportfondsen Haarlemmermeer, 2023; Sportfondsen SKWA, 2023; Stichting Zwanenburg-Halfweg, 2023. Bewerking: Mulier Instituut.

In vergelijking met de benchmark Het gemiddelde gebruik van de (gemeentelijke) sporthallen in Haarlemmermeer ligt hoger dan in vergelijkbare gemeenten. Voor zowel sport als bewegingsonderwijs worden de sporthallen meer gebruikt. Dit past bij het beeld dat er relatief weinig aanbod aan sporthallen is in de gemeente. De sportzalen en gymzalen worden daarentegen minder gebruikt in vergelijking met vergelijkbare gemeenten, voornamelijk voor sport (tabel 3.8). Tabel 3.8 Jaargebruik gemeentelijke binnensportaccommodaties gemeente Haarlemmermeer en referentiegemeenten (in uren) Sporthal

Sportzaal

Gymzaal

Haarlemmermeer Benchmark Haarlemmermeer* Benchmark Haarlemmermeer Benchmark Sport en overig

1.403

1.187

692

1.060

470

611

Onderwijs

1.052

901

1.024

788

807

865

Totaal

2.458

2.014

1.715

1.849

1.277

1.602

Bron: Sportfondsen Haarlemmermeer, 2023; Sportfondsen SKWA, 2023; Stichting Zwanenburg-Halfweg, 2023. *

Inclusief niet-gemeentelijke sportzaal Sandestein

Maandbezetting De bezetting van de sporthallen in de gemeente Haarlemmermeer varieert gedurende het seizoen (figuur 3.3). Dit komt overeen met landelijke beeld. Zaalcompetities van ‘veldsporten’ (bv. hockey) vinden alleen plaats gedurende de wintermaanden en het bewegingsonderwijs vindt buiten de wintermaanden (deels) op sportvelden plaats. Figuur 3.3 Gemiddelde maandbezetting gemeentelijke binnensportaccommodaties gemeente Haarlemmermeer tussen 8:00 en 23:00 in seizoen 2022-2023 (in procenten) 100 80 60 40 20

2022 Sporthallen (n=6)

*

Juli

Juni

Mei

April

Maart

Februari

Januari

December

November

Oktober

September

0

2023 Sportzalen* (n=4)

Gymzalen (n=29)

Bron: Sportfondsen Haarlemmermeer, 2023; Sportfondsen SKWA, 2023; Stichting ZwanenburgHalfweg, 2023. Bewerking: Mulier Instituut. Inclusief niet-gemeentelijke sportzaal Sandestein.

Doordeweekse bezetting en weekendbezetting De bezetting van de binnensportaccommodaties in de gemeente Haarlemmermeer varieert gedurende de dag (figuur 3.4). In de ochtend en vroege middag (09:0015:00 uur) vindt doordeweeks het meeste bewegingsonderwijs plaats. In de avond zijn doordeweeks de uren tussen 18:00 en 22:00 uur in de sporthallen het meest gewild. Ook dit komt overeen met het landelijke beeld.

Figuur 3.4 Gemiddelde doordeweekse bezetting gemeentelijke binnensportaccommodaties gemeente Haarlemmermeer naar uur en type accommodatie, in seizoen 2022-2023 (in procenten, vakantie- en feestdagen buiten beschouwing gelaten) 100 80 60 40

20 0

Sporthallen (n=6)

Gymzalen (n=29)

Bron: Sportfondsen Haarlemmermeer, 2023; Sportfondsen SKWA, 2023; Stichting Zwanenburg-Halfweg, 2023. Bewerking: Mulier Instituut. Inclusief niet-gemeentelijke sportzaal Sandestein.

Het meeste weekendgebruik van de sporthallen vond plaats tussen 10:00 en 19:00 uur (figuur 3.5). De sporthallen Koning Willem-Alexanderhal en Estafette worden het meest gebruikt in het weekend . De gymzalen werden beduidend minder gebruikt in het weekend (niet in figuur). Het weekendgebruik dat wel in deze accommodaties plaatsvond, beperkte zich veelal tot de ochtend. Figuur 3.5 Gemiddelde weekendbezetting gemeentelijke sporthallen gemeente Haarlemmermeer, naar uur, dag in seizoen 2022-2023 (in procenten, vakantie- en feestdagen buiten beschouwing gelaten, n=6) 100 80 60 40 20

Zaterdag

Zondag

Bron: Sportfondsen Haarlemmermeer, 2023; Sportfondsen SKWA, 2023; Stichting Zwanenburg-Halfweg, 2023. Bewerking: Mulier Instituut.

22:00-23:00

21:00-22:00

20:00-21:00

19:00-20:00

18:00-19:00

17:00-18:00

16:00-17:00

15:00-16:00

14:00-15:00

13:00-14:00

12:00-13:00

11:00-12:00

10:00-11:00

09:00-10:00

08:00-09:00

22:00-23:00

21:00-22:00

20:00-21:00

19:00-20:00

18:00-19:00

17:00-18:00

16:00-17:00

15:00-16:00

14:00-15:00

13:00-14:00

12:00-13:00

11:00-12:00

10:00-11:00

09:00-10:00

0

08:00-09:00

*

Sportzalen* (n=4)

Sportgebruik De meest beoefende sport in de sporthallen in Haarlemmermeer is basketbal (35%). Daarna volgen badminton (15%) en volleybal (12%). De meeste beoefende sporten in sportzalen zijn volleybal (18%), verdedigings-/ en vechtsporten (18%) en badminton (18%). Tabel 3.9 Sportgebruik gemeentelijke sporthallen en sportzalen gemeente Haarlemmermeer in 2022-2023 (in procenten van het sportgebruik) Top drie sporten in meeste uren sportgebruik

*

1

2

3

Estafette

Volleybal (35%)

Korfbal (27%)

Badminton (23%)

Fanny Blankers-Koenhal

Volleybal (35%)

Basketbal (33%)

Handbal (16%)

Koning Willem-Alexanderhal Basketbal (76%)

Badminton (13%)

Gymnastiek (7%)

Spectrum

Badminton (46%)

Basketbal (28%)

Hockey (13%)

Sporthoeve

Voetbal (30%)

Korfbal (23%)

Gymnastiek (17%)

SLS-hal

Basketbal (46%)

Handbal (20%)

Gymnastiek (11%)

Breedenborgh

Diverse sporten (48%)

Verdediging-/vechtsport (29%) Korfbal (23%)

Floriande Midden

Volleybal (40%)

Badminton (31%)

Basketbal (15%)

Haarlemmermeer Lyceum*

Handbal (100%)

Hoofdvaartcollege*

Honk- en softbal (29%)

Handbal (27%)

Badminton (26%)

In de Breedte

Verdediging-/vechtsport (53%) Gymnastiek (47%)

Sandestein*

Volleybal (30%)

Gymnastiek (29%)

Bron: Sportfondsen Haarlemmermeer, 2023; Sportfondsen SKWA, 2023; Stichting Zwanenburg-Halfweg, 2023. Bewerking: Mulier Instituut. Geen gemeentelijke sportzaal.

Bezettingscijfers In figuur 3.6, figuur 3.7 en figuur 3.8 staat de gemiddelde bezetting van de sporthallen en gymzalen voor verschillende tijdsblokken en perioden. Buiten de wintermaanden (maart t/m oktober) zijn de sporthallen doordeweeks overdag (08:00–16:00 uur) gemiddeld 67 procent van de tijd in gebruik, de sportzalen gemiddeld 67 procent van de tijd en de gymzalen gemiddeld 59 procent van de tijd. In de wintermaanden (januari, februari, november en december) is het percentage enkele procentpunten hoger (figuur 3.6). In de namiddag en avond (16:00-23:00 uur) is de gemiddelde doordeweekse bezetting van de sporthallen (49%) en sportzalen (32%) buiten de wintermaanden fors lager dan in de wintermaanden (71% en 44%). De bezetting van de gymzalen is doordeweeks in de namiddag en avond lager dan overdag. In de gymzalen zit minder verschil tussen het reguliere seizoen (16%) en winterseizoen (20%, figuur 3.7).

Korfbal (14%)

Tussen 18:00 en 22:00 uur is doordeweeks de gemiddelde bezetting van de sporthallen het hoogst. Tijdens deze piekuren bestaat een gemiddelde bezettingsgraad van 63 procent buiten de wintermaanden en 93 procent in de wintermaanden (figuur 3.7). Op zaterdag (09:00-19:00 uur) zijn de sporthallen buiten de wintermaanden gemiddeld 35 procent van de tijd in gebruik. In de wintermaanden zijn de sporthallen op zaterdag gemiddeld 68 procent van de tijd bezet (figuur 3.8). In de meeste gevallen is het gebruik van de sporthallen op zondag lager dan op zaterdag. Het gebruik van de gymzalen in het weekend is beperkt (niet in figuur). Ten opzichte van de benchmark De sporthallen in de gemeente Haarlemmermeer hebben doordeweeks zowel overdag als in de namiddag en avond een fors hogere bezetting in vergelijking met de benchmark. De gemiddelde bezetting van de sporthallen in de gemeente Haarlemmermeer tijdens de piekuren is relatief hoog in de wintermaanden (93% om 73%). De weekendbezetting van de sporthallen in Haarlemmermeer is ook relatief hoog, zowel op zaterdag als zondag, met name in de wintermaanden. Deze hoge bezetting past bij het beeld dat in de gemeente Haarlemmermeer relatief weinig sporthallen aanwezig zijn. De sportzalen en gymzalen in de gemeente Haarlemmermeer hebben overdag een hogere bezetting in vergelijking met de benchmark.

Bij de sportzalen heeft voornamelijk sportzaal Breedenborgh een erg lage bezetting in de namiddag en avond. In de namiddag en avond is de bezetting van de sportzalen en gymzalen lager dan de benchmark.

Figuur 3.6 Gemiddelde doordeweekse dagbezetting tussen 8:00 en 16:00 uur gemeentelijke sporthallen, sportzalen en gymzalen gemeente Haarlemmermeer, naar periode (in procenten, excl. vakantie- en feestdagen) 0

10

20

30

40

Estafette

Sporthal

SLS-hal

8

80 6

43

Benchmark sporthallen

49

3

Breedenborgh

64

Floriande Midden

2 75

In de Breedte

66

Sandestein*

5

62

Benchmark sportzalen

54

Gemiddelde (n=29)

1

2

59

Benchmark gymzalen

52

Maart-oktober

90

1

41

Spectrum

80

5

85

Sporthoeve

Sportzaal

70

67

Koning Willem-Alexanderhal

Gymzaal

60

86

Fanny Blankers-Koenhal

*

50

2

Januari-februari; november-december

Bron: Sportfondsen Haarlemmermeer, 2023; Sportfondsen SKWA, 2023; Stichting Zwanenburg-Halfweg, 2023. Bewerking: Mulier Instituut. Geen gemeentelijke sportzaal.

100

Figuur 3.7 Gemiddelde doordeweeks namiddag en avondbezetting gemeentelijke sporthallen, sportzalen en gymzalen gemeente Haarlemmermeer, naar tijdsblok en periode (in procenten, excl. vakantie- en feestdagen)

Sporthal

0

10

20

Estafette

48

Fanny Blankers-Koenhal

50

SLS-hal

64

Sportzaal Gymzaal

33 24 23

37

21

In de Breedte

42

Sandestein*

41

5 15

47

16

Benchmark gymzalen

11

4 27

6

Estafette

66

Sporthal

Fanny Blankers-Koenhal

78

18

SLS-hal

76

19

Spectrum

49

Breedenborgh

33 55

8

28

4 47

In de Breedte

34 54

Sandestein*

7

48

Benchmark sportzalen

Gemiddelde (n=29)

51

45

Floriande Midden

Sportzaal

31

Koning Willem-Alexanderhal

Benchmark sporthallen

Gymzaal

30

62

Sporthoeve

18:00-22:00 uur

90

4

Floriande Midden

Gemiddelde (n=29)

80

19

42

9

70

9

32

Benchmark sportzalen

25 61

22

Benchmark gymzalen Maart-oktober

*

60

40

Benchmark sporthallen

Breedenborgh

50

22 62

Spectrum

40

24

Koning Willem-Alexanderhal

Sporthoeve

16:00-23:00 uur

30

12

4 35

7 Januari-februari; november-december

Bron: Sportfondsen Haarlemmermeer, 2023; Sportfondsen SKWA, 2023; Stichting Zwanenburg-Halfweg, 2023. Bewerking: Mulier Instituut. Geen gemeentelijke sportzaal.

100

Figuur 3.8 Gemiddelde weekendbezetting gemeentelijke sporthallen gemeente Haarlemmermeer tussen 9:00 en 19:00, naar dag en periode (in procenten, excl. vakantie- en feestdagen) 0

10

20

Estafette

30

Zaterdag

60

28

SLS-hal

17

51

Spectrum

15 12

21 37 41

Benchmark

29

Estafette

28

21

3

12

41

Koning Willem-Alexanderhal

38

SLS-hal

2

28

Spectrum

80

47 65

Sporthoeve

70

37

Koning Willem-Alexanderhal

Zondag

50

39

Fanny Blankers-Koenhal

Fanny Blankers-Koenhal

40

40

19

Sporthoeve

12

Benchmark

15 Maart-oktober

51 37

27 Januari-februari; november-december

Bron: Sportfondsen Haarlemmermeer, 2023; Sportfondsen SKWA, 2023; Stichting Zwanenburg-Halfweg, 2023. Bewerking: Mulier Instituut.

90

100

Hoofdstuk 4

In dit hoofdstuk zetten we het aanbod en de behoefte aan buitensportaccommodaties voor de (georganiseerde) buitensport in de gemeente Haarlemmermeer uiteen.

Gemeente Haarlemmermeer telt 27 sportparken (tabel 4.1), waarop voorzieningen aanwezig zijn voor de beoefening van atletiek, handbal, hockey, honk- en softbal, korfbal, padel, rugby, tennis en/of voetbal. In bijlage 7 staat een overzicht met de sportvoorzieningen per sportpark. Ten opzichte van ons onderzoek in 2021 zijn voetbalverenigingen RKSV Pancratius en SC Badhoevedorp gefuseerd tot SCPB’22. Het aanbod aan velden is gelijk gebleven. De wijzigingen in het aanbod ten opzichte van 2021 hebben voor het overgrote deel betrekking op het aanbod aan tennis- en padelbanen. Spreiding Het merendeel van de sportparken is geconcentreerd in het midden van de gemeente in de grote kernen Hoofddorp en Nieuw-Vennep. Maar ook aan de randen van de gemeente liggen sportparken met diverse sportvoorzieningen (figuur 4.1). Tennisbanen en voetbalvelden kunnen (samen met sporthallen) gerekend worden tot de basisinfrastructuur van gemeentelijke sportaccommodaties (Hoekman & Schadenberg, 2023). Deze liggen daarom vaak goed verspreid over de gemeente. In Haarlemmermeer liggen deze voorzieningen, maar ook grotendeels de voorzieningen voor de andere buitensporten, goed verspreid over de gemeente. In de volgende paragrafen behandelen we per sport het aanbod (voorzieningen) en de (toekomstige) behoefte. De behoefte baseren we op algemeen geaccepteerde richtlijnen van de diverse sportbonden.

We gaan uit van standaardverenigingsactiviteiten van de bij de bond ingeschreven teams of leden (wedstrijden en trainingen). Eventueel mede-/nevengebruik van de velden nemen we hierin niet mee (zie bijlage 1).

Tabel 4.1 Sportparken in gemeente Haarlemmeer in 2023 Kern

Sportpark

Sporten

Abbenes, Buitenkaag

Van Goethem

Tennis en voetbal

Badhoevedorp

De Schuilhoeve De Veldpost Quatrebras

Honk- en softbal en voetbal Atletiek Korfbal, padel en tennis

Hoofddorp

Arnolduspark De Deugd De IJvelden Hoofddorp Pioniers In den Boogaerd Overbos Tennispark Hoofddorp Toolenburg

Atletiek, hockey, padel en tennis Rugby en voetbal Voetbal Honk- en softbal Padel en tennis Voetbal Tennis Handbal

Lisserbroek

Lisserbroek

Tennis en voetbal

Nieuw-Vennep

Eugenie Previnaireweg Fandango Getsewoud-Noord Jan Schrama Montreallaan Oosterdreef

Korfbal Tennis Hockey Voetbal Voetbal Honk- en softbal, padel en tennis

Rijsenhout

Rijsenhout

Tennis en voetbal

Spaarndam

Hansje Brinker Spaarndam

Hockey Honk- en softbal, tennis en voetbal

Vijfhuizen

De Nieuwe Brug Zijdewinde

Handbal, padel en tennis Handbal, tennis en voetbal

Zwaanshoek

Zwaanshoek

Padel en tennis

Zwanenburg

De Bataaf

Handbal

Zwanenburg

Tennis en voetbal

Bron: Mulier Instituut, Database SportAanbod (DSA), 2023.

Figuur 4.1 Sportparken in gemeente Haarlemmermeer in 2023

Bron: Mulier Instituut, Database SportAanbod (DSA), 2023. Kaartvervaardiging: Mulier Instituut.

De gemeente Haarlemmermeer telt twee atletiekverenigingen. AV Haarlemmermeer is gevestigd op sportpark Arnolduspark in Hoofddorp met een volwaardige atletiekaccommodatie. AV Badhoevedorp is gevestigd op sportpark de Veldpost in Badhoevedorp. Deze accommodatie kent een beperktere functionaliteit. Dit betekent dat de vereniging beschikt over een 400-meterrondbaan en sprintbanen, maar dat voorzieningen voor de meeste werp- en springonderdelen ontbreken. AV Badhoevedorp telt 82 leden en AV Haarlemmermeer 442 leden in het seizoen 2023. Gemiddeld telt een atletiekvereniging in Nederland circa 430 leden. De grootste Nederlandse atletiekvereniging telt bijna 2.000 leden (Ruikes & Schadenberg, 2022). Bij een stabiele sportdeelname in verenigingsverband – dat wil zeggen als in de toekomst hetzelfde aandeel inwoners lid is van een atletiekvereniging als in 2023 – loopt het totale aantal leden van de atletiekverenigingen op naar 670 in 2050 (tabel 4.2). Dit zou tegen de trend van de afgelopen vijf jaar in zijn. Daarin is de atletiekdeelname in de gemeente (-12%; figuur 4.2) en landelijk (-11%; niet in figuur) flink gedaald. Met name AV Haarlemmeer heeft een sterke daling in ledenaantal gekend. Als deze trend doorzet, neemt het aantal leden van de atletiekverenigingen af, ondanks de verwachte bevolkingsgroei.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Haarlemmermeer&id=f8401e3d-6df9-4a4d-8479-00b8727422a7