Bijlage 2.1 - Stedenbouwkundig Kader Stadscentrum Hoofddorp
Tekst van het document
We maken onderscheid tussen de buitenzijde van het centrumgebied (langs de Burgemeester van der Willigenlaan) en de overige zijden. Voor de Apriscolocatie en het Voorzetgebouw geldt aan de pleinzijde dat er een gebouw uit één stuk wordt gerealiseerd zoals ook bij het Cultuurgebouw en nieuwe gemeentehuis het geval is.
Buitenzijde Doordat de buitenzijde van het centrumgebied de rand van het centrum markeert stellen we hier andere eisen aan. Gebouwen aan deze zijde krijgen een grotere schaal en zijn zoveel mogelijk doorlopend. Aan de Burgemeester van der Willigenlaan mag er per bouwblok maximaal 1 gebouwknip worden gemaakt, waardoor
Korrelgrootte Burgemeester van der Willigenlaan
2 of 3 gebouwen 1 of 2 gebouwen
• •
Aan de Burgemeester van der Willigenlaan zijn de bouwblokken opgebouwd uit maximaal twee gebouwen Er mag niet direct ná een hoek geknipt worden
Gebouwdelen aan de Burgemeester van der Willigenlaan
60 | STADSCENTRUM HOOFDDORP • STEDENBOUWKUNDIG KADER
er dus maximaal twee gebouwen ontstaan. Aan deze zijde mag ook niet direct ná de hoek geknipt worden, om te voorkomen dat er een kop- en langsgevel ontstaan aan deze zijde.
Het onderscheid tussen de verschillende gebouwen binnen het bouwblok is van belang. Ieder gebouw heeft zijn eigen entree en onderscheidende architectuur om dat te benadrukken (zie thema’s ‘entrees’ en ‘materialisering’).
Binnenzijde Aan woonstraten en aan de binnenzijde is een kleinere schaal wel wenselijk en mogen meer gebouwknippen gemaakt worden. Hier geldt het uitgangspunt dat er maximaal twee gebouwknippen mogen worden gemaakt, wat maximaal 3 gebouwen oplevert.
• •
Een uitzondering op de eisen die aan de korrelgrootte worden gesteld vormen de Apriscolocatie, Voorzetgebouw en de Post Nl- locatie. Deze zullen als een gebouw gerealiseerd.
Aan de overige zijden zijn de bouwblokken opgebouwd uit maximaal 3 gebouwen Ieder gebouw heeft zijn eigen identiteit, architectuurtaal en entree
Gebouwdelen aan de woonstraten en binnenzijde
STADSCENTRUM HOOFDDORP • STEDENBOUWKUNDIG KADER | 61
HOEKEN Een gebouw gaat altijd de hoek om. Met andere woorden, gebouwen die de hoek om gaan zijn alzijdig. Hierdoor ontstaan bouwblokken die geheel alzijdig zijn. De vormgeving van de hoogteaccenten draagt hieraan bij, deze liggen altijd in het vlak van de gevel en zijn eveneens alzijdig. Set backs mogen ook de hoek omgaan en hoeven niet uitgevuld te worden op de hoeken.
Gebouwen gaan de hoek om
Hoogteaccenten vormen een verbjizondering
Gebouw gaat altijd de hoek om
• •
Gebouwen gaan altijd de hoek om Bouwblokken zijn alzijdig
62 | STADSCENTRUM HOOFDDORP • STEDENBOUWKUNDIG KADER
PLINTEN Plinten - oftewel de begane grond van de gebouwen - zijn belangrijk om de bouwblokken van een menselijke maat te voorzien. Er wordt gestreefd naar levendige plinten, met een programmatische invulling die past bij het stadscentrum. Om dit te benadrukken onderscheiden de plinten zich niet alleen in programmatische zin, maar ook in beeld en vormentaal. Hoewel de plint zich onderscheidt van het volume erboven is het belangrijk dat de plint zich niet losmaakt van het gebouw. De ritmiek van de gevel loopt daarom door in de plint. Plinten zijn zoveel mogelijk transparant en toegankelijk. Ze zijn op een
Hoogte plint
• • • • • •
goede manier aangesloten op maaiveld en kunnen zich per gebouw van elkaar onderscheiden. We maken onderscheid tussen niet-woon functies en woonfuncties op de begane grond. Bij plinten van niet-woonfuncties lopen ramen en entrees door tot de grond. Bij plinten van woonfuncties is er meer keuzevrijheid en mogen ramen opgetild worden ten opzichte van maaiveld.
Plinten zijn onderscheidend en doen mee met de ritmiek van de gevel
Plinten hebben een minimale hoogte van 4 meter Plinten onderscheiden zich ten opzichte van de rest van het gebouw Plint doet mee in ritmiek van de gevel Plinten zijn zoveel mogelijk transparant Bij plinten met niet-woonfuncties lopen ramen en entrees door tot de grond Bij plinten met woonfuncties mogen ramen worden opgetild ten opzichte van maaiveld
STADSCENTRUM HOOFDDORP • STEDENBOUWKUNDIG KADER | 63
ENTREES Net als de plinten dragen ook goede entrees bij aan een menselijke maat en aangenaam milieu op ooghoogte niveau. Goede entrees zijn van belang voor de vindbaarheid (van bijvoorbeeld parkeergarage en werkruimten) maar dragen ook bij aan een hoogwaardige uitstraling van de architectuur en een interessant en levendig gevelbeeld. We maken onderscheid tussen entrees voor woonfuncties, voetgangersentrees tot de parkeergarages, en tussen de entrees voor overige niet-woonfuncties.
Entrees wonen Het belangrijkste uitgangspunt is dat ieder gebouw binnen het bouwblok voor wonen zijn eigen entree krijgt. De entrees zijn een verbijzondering in de gevel en hebben een hoogwaardige uitstraling. De entrees hebben een minimale hoogte van de volledige plinthoogte en zijn herkenbaar als entrees voor de woningen. De entrees zijn zoveel mogelijk transparant en brievenbussen zijn integraal ontworpen.
Entrees parkeergarages De voetgangers in- en uitgangen van de parkeergarages zitten niet op dezelfde plek als de in- en uitgangen voor auto’s. Door de entrees van elkaar te splitsen worden ook de verkeersstromen van elkaar gesplitst. Dit is veiliger en een goede plaatsing van voetgangersentrees zorgt daarnaast voor de gewenste looproutes van- en naar het centrum. Om te zorgen voor een goede vindbaarheid van de voetganger entrees zijn ook deze entrees vormgegeven als een verbijzondering van de gevel. Ze hebben evenals de entrees voor woonfuncties een entree die minimaal de hoogte heeft van de plint en zijn zoveel mogelijk transparant. Daarbij geldt dat een eventuele naam aanduiding integraal mee-ontworpen is. Entrees parkeergarage
Ieder gebouw heeft zijn eigen entree
Verbijzondering van entree bij woon -en parkeerfunctie
• • •
64 | STADSCENTRUM HOOFDDORP • STEDENBOUWKUNDIG KADER
Ieder gebouw binnen een bouwblok heeft zijn eigen entree voor wonen Entrees voor wonen vragen om een verbijzondering van de gevel en hebben een minimale hoogte van de volledige plint Entrees voor parkeergarages vragen om een verbijzondering van de gevel tbv een goede vindbaarheid en hebben een minimale hoogte van de volledige plint
Niet-woonfuncties Het aantal entrees voor deze functies houdt verband met de programmatische invulling van de plint en is veranderlijk in de tijd. Te veel afwijkingen in de gevel heeft een onrustig effect op het gevelbeeld. Om ervoor te zorgen dat het bouwblok zijn eenheid behoudt is het niet gewenst iedere entree te articuleren en aan te duiden met een verbijzondering in de gevel. Entrees voor deze functies zijn een vanzelfsprekend onderdeel van de plint en doen mee in de ritmiek van de plint en gevelopeningen.
Mininmale niet-woon programma in de plint Wonen mogelijk
Entree bij niet-woonfuncties
•
Entrees voor niet-woonfuncties zijn een vanzelfsprekend onderdeel van de plint en vormen geen verbijzondering van de gevel
Entree bij woonfuncties
Entree bij niet-woonfuncties STADSCENTRUM HOOFDDORP • STEDENBOUWKUNDIG KADER | 65
RECLAME-UITINGEN Gevelreclame is alleen toegestaan bij panden met een winkel-, kantoor- of bedrijfsfunctie en dient verband te houden met de diensten en/of producten die in het betreffende pand worden aangeboden. Reclame is een geïntegreerd onderdeel van het architectonisch concept van het gebouw en mag niet de samenhang en ritmiek van de gevel verstoren. Gevelreclame is daarmee ondergeschikt aan de architectuur en is alleen toegestaan op de begane grond. Om de hoeveelheid reclame te beperken zijn er per winkel, kantoor of bedrijf maximaal twee reclame-uitingen toegestaan op/aan de gevel: één evenwijdig aan de gevel in de vorm van losse, open letters en één haaks op de gevel in de vorm van een bord. Er wordt gestreefd naar een zoveel mogelijk transparante plint, waarbij etalages en ramen zo min mogelijk dichtgeplakt zijn.
Gevelreclame
• • • • •
•
Ingetogen gevelreclame
66 | STADSCENTRUM HOOFDDORP • STEDENBOUWKUNDIG KADER
Gevelreclame is alleen toegestaan bij panden met een winkel-, kantoor- of bedrijfsfunctie. Gevelreclame dient verband te houden met de diensten of producten welke in het pand plaatsvinden of worden verkocht. Gevelreclame is ondergeschikt aan de architectuur. Gevelreclame dient beperkt te blijven tot de eerste bouwlaag en mag niet op de (woon)verdieping worden aangebracht. Per pand zijn maximaal twee reclame-uitingen op/aan de gevel toegestaan. Maximaal één evenwijdig aan de gevel in de vorm van losse, open letters en maximaal één haaks op de gevel in de vorm van een bord. Etalages en ramen zijn zoveel mogelijk transparant.
GEVELGELEDING De gebouwen hebben een verticale geleding. Gevelopeningen zijn verticaal georiënteerd: oftewel, ramen zijn hoger dan breed. Plinten onderscheiden zich van de rest van het gebouw in architectuur en beeldtaal. Daarnaast zijn de ramen van de plint hoger dan de ramen van de verdiepingen daarboven.
•
Gebouwen hebben een verticale geleding
STADSCENTRUM HOOFDDORP • STEDENBOUWKUNDIG KADER | 67
GEVELMATERIAAL Om te zorgen voor eenheid in het plangebied worden de verschillende gebouwen in de basis uitgevoerd in baksteen met aardetinten (zie kleurenpallet). Baksteen zorgt voor een warme uitstraling en geeft textuur aan de gevel. Binnen de gebouwen mag daarvan worden afgeweken bij zowel de plint als bij de dakopbouw en/of set back. De plint mag ook in andere steenachtige materialen worden uitgevoerd, zoals beton of natuursteen.
•
De plint mag van kleur verschillen met daarboven gelegen lagen, maar dat hoeft niet. De eventuele dakopbouw en/of set back mag ook in andere materialen worden uitgevoerd. Voor de herkenbaarheid van de verschillende gebouwen mogen naastgelegen gebouwen niet dezelfde kleur hebben. Te grote kleurschakeringen binnen een gekozen baksteentype zijn niet gewenst.
• • •
Gebouwen worden in de basis uitgevoerd in baksteen met aardetinten De plinten mogen worden uitgevoerd in steenachtige materialen Materiaalkeuze voor dakopbouw en/of setback is keuzevrij
•
Verschillende (naastgelegen) gebouwen hebben een andere kleur
Te grote kleurschakeringen binnen een gekozen baksteentype is ongewenst
68 | STADSCENTRUM HOOFDDORP • STEDENBOUWKUNDIG KADER
Kleurenpallet gebouwen STADSCENTRUM HOOFDDORP • STEDENBOUWKUNDIG KADER | 69
DETAILLERING De gebouwen worden ontworpen in ambachtelijke baksteenarchitectuur. Het gevelmateriaal is leidend in de vormgeving van de gebouwen. De plastiek van de gevel is belangrijk om schaal en maat aan te brengen in de gebouwen. Er wordt gestreefd naar een interessante dieptewerking van de gevel. Om daaraan bij te dragen mogen ramen niet in of buiten het gevelvlak liggen.
• • •
Ramen liggen terug tov het gevelvlak Gebouwen zijn ontworpen in baksteenarchitectuur Dieptewerking in de gevel wordt nagestreefd
Dieptewerking en plaatsing van gevelopeningen
70 | STADSCENTRUM HOOFDDORP • STEDENBOUWKUNDIG KADER
BUITENRUIMTEN Er wordt zoveel mogelijk eenheid nagestreefd in beeld- en vormentaal om een zo sterk mogelijke identiteit van het stadscentrum te vormen. Er wordt daarbij onderscheid gemaakt tussen de verschillende zijden van de blokken; buiten- en binnenzijde. De buitenzijde is de representatieve zijde. Deze zijde begeleidt enerzijds de Burgemeester van der Willigenlaan en anderzijds de stationsroute en de pleinen (Raadhuisplein, Schakelplein). Het toepassen van uitkragende balkons aan deze zijde is ongewenst om een rommelig beeld te voorkomen. Buitenruimtes aan de buitenzijden van de blokken mogen slechts binnen het gevelvlak als loggia’s worden uitgevoerd. Aan de binnenzijde van de blokken, grenzend aan de binnentuinen, zijn uitkragende balkons wel toegestaan.
• •
Binnen- en buitenzijde
Aan de buitenzijde van de blokken mogen buitenruimtes alleen inpandig worden uitgevoerd Aan de binnenzijde van de bouwlokken mogen buitenruimtes ook uitkragen
Buitenruimtes buitenzijde van de blokken STADSCENTRUM HOOFDDORP • STEDENBOUWKUNDIG KADER | 71
BINNENTUINEN Binnentuinen zijn groen en collectief. Daarvoor is voldoende gronddekking vereist zodat niet alleen laag groeiend groen, maar ook groen kan groeien dat meer gronddekking nodig heeft zoals kleine bomen en struiken.
Er is geen ruimte voor privétuinen. Het is wel toegestaan om terrassen te maken voor de direct aan de tuin grenzende woningen. Om zoveel mogelijk openheid te garanderen en het groene karakter in het binnenblok te behouden moeten de afscheidingen worden mee ontworpen met het gebouw.
De binnentuinen zijn niet openbaar toegankelijk maar slechts toegankelijk voor bewoners en gebruikers. Ieder gebouw in het bouwblok heeft een eigen entree tot de binnentuin, zodat alle bewoners eenvoudig toegang hebben tot de binnentuinen.
Binnentuinen
• • •
Binnentuinen zijn groen en collectief Binnentuinen zijn niet openbaar toegankelijk Ieder gebouw heeft een eigen entree tot de binnentuin
• •
Privé tuinen zijn niet toegestaan, terrassen wel Eventuele afscheidingen tussen terrassen zijn mee ontworpen met het gebouw
•
De binnentuinen hebben voldoende gronddekking
72 | STADSCENTRUM HOOFDDORP • STEDENBOUWKUNDIG KADER
DUURZAAMHEID Groene gevels Groene gevels zijn alleen toegestaan aan de binnenzijden van de bouwblokken. Ze zijn een structureel onderdeel van de façade of worden geïntegreerd met buitenruimten toegepast als voorzetgevel.
Groene daken Daken zijn groen. Dit heeft een gunstig effect op de waterberging en isolatie van de bebouwing. Groene daken zijn te combineren met PV-cellen.
PV cellen PV-cellen worden alleen toegepast op het dak en mogen niet zichtbaar zijn vanaf de straat. Groene gevels aan de binnenzijde van de blokken
Wateropvang gebouwen Wateropvang is wenselijk maar niet zichtbaar in de gevel.
•
Groene gevels zijn slechts toegestaan aan de binnenzijden van de bouwblokken
• • •
Daken zijn groen PV-cellen mogen alleen worden toegepast op de daken PV-cellen zijn niet zichtbaar vanaf de straat
STADSCENTRUM HOOFDDORP • STEDENBOUWKUNDIG KADER | 73
9. TAL VAN UITWERKINGSMOGELIJKHEDEN Het stedenbouwkundig kader voor het Raadhuisplein en omgeving is uitgewerkt in het licht van de motie “smoel geven” (5 oktober 2017). In deze motie geeft de gemeenteraad twee belangrijke signalen af: enerzijds constateert zij dat de planuitwerking ruimte moeten bieden aan de creativiteit van marktpartijen, anderzijds dat het plan meer smoel en allure moet krijgen.
BOUWVLAK GEMEENTEHUIS
BOUWHOOGTE
In het stedenbouwkundig kader staat de openbare ruimte van het gebied centraal. Er ligt een voorstel voor de toevoeging van levendige en aangename plekken in het centrum waarbij de menselijke maat het uitgangspunt vormt. De openbare ruimtes werken verbindend in alle windrichtingen. Een belangrijk deel van de ambitie om smoel en allure te maken wordt waargemaakt in het publieke domein.
Om ruimte te geven aan een goed ruimtelijk samenspel van het nieuwe gemeentehuis en het nieuwe Raadhuisplein is een zone van 25 meter diep aangegeven waarbinnen de gevel van het gemeentehuis aan het Raadhuisplein gerealiseerd kan worden. De ontwerpen van het nieuwe gemeentehuis en het nieuwe plein dienen daar op afgestemd te worden. Stedenbouwkundig heeft het de voorkeur dat het Raadhuisplein wat groter wordt door het gemeentehuis naar achteren te plaatsen. Dit dient in balans te zijn met een goed ontwikkelbare bouwvlek voor het realiseren van een kosteneffectief en compact gemeentehuis. Hierbij is het hergebruiken van de kelder onder het raadhuis een ruimtelijk en bouwtechnisch aandachtspunt.
In de basis is de bouwhoogte overal hetzelfde. Daarboven kan gevarieerd worden met een extra bouwlaag. Deze extra bouwlaag kan vele vormen hebben, en de materiaalkeuze voor deze bouwlaag is vrij. Om de verscheidenheid te vergroten mogen op een aantal hoeken hoogte accenten worden gemaakt tot 29 meter. Deze hoogteaccenten kunnen met of zonder verspringing worden gerealiseerd. Het gemeentehuis kan qua bouwhoogte, vanwege de ligging aan het Raadhuisplein, een verbijzondering vormen.
VRIJHEID VOOR VERDERE UITWERKING Voor de bebouwing geldt hetzelfde. Uitwerking binnen het stedenbouwkundig kader (actualisatie) moet leiden tot gebouwen met een kwalitatief hoogwaardige uitstraling. De essentie is vastgelegd met de beeldkwaliteitsprincipes. Tegelijkertijd bieden deze principes op veel punten de nodige flexibiliteit aan de markt om tot creatieve oplossingen te komen. Zo hebben zij vrijheid bij de invulling van het plint- en woonprogramma, is er ruimte om wel of niet tot hoogteaccenten te komen, is de maatvoering van gebouwen onderdeel van uitwerking en komen zij met voorstellen voor intelligente parkeeroplossingen. Voor drie hoofdthema’s wordt in dit hoofdstuk verbeeld hoe deze op verschillende manieren uitgewerkt kunnen worden. Dit zijn: bouwhoogte, korrelgrootte en programma.
25
SMOEL EN ALLURE
Zoekgebied rooilijn gemeentehuis
74 | STADSCENTRUM HOOFDDORP • STEDENBOUWKUNDIG KADER
BOUWHOOGTE
STADSCENTRUM HOOFDDORP • STEDENBOUWKUNDIG KADER | 75
KORRELGROOTTE Door de bouwblokken op te knippen in verschillende gebouwen ontstaat er een menselijke schaal die voor een aangenaam woonklimaat zorgt. De verschillende gebouwen die zijn ontstaan hebben hun eigen identiteit, en kunnen variëren in architectuur en materialisering. Er wordt onderscheid gemaakt tussen de rand langs de Burgemeester van der Willigenlaan en de overige zijden. Aan de Burgemeester van der Willigenlaan kan het blok bestaan uit 1 of 2 gebouwen. Aan de overige zijden kan er per blok gekozen worden voor 2 of 3 kleinere gebouwen.
76 | STADSCENTRUM HOOFDDORP • STEDENBOUWKUNDIG KADER
KORRELGROOTTE
STADSCENTRUM HOOFDDORP • STEDENBOUWKUNDIG KADER | 77
PROGRAMMA Voor een levendig stadscentrum is een goede invulling van de plinten van groot belang. Op de meeste plekken is de invulling van de plint flexibel. De ontwikkelende (markt)partijen zijn hier vrij te kiezen voor wonen, wonen-werken, commercieel of maatschappelijk programma zolang dit per functie niet de bovenkant van de bandbreedte overstijgt.
78 | STADSCENTRUM HOOFDDORP • STEDENBOUWKUNDIG KADER
PROGRAMMA
STADSCENTRUM HOOFDDORP • STEDENBOUWKUNDIG KADER | 79
VOORBEELDUITWERKING De voorbeelduitwerking laat zien hoe Stadscentrum Hoofddorp zich de komende jaren zou kunnen ontwikkelen. Zoals hier wordt weergegeven is er een range aan mogelijkheden denkbaar, bijvoorbeeld door te variëren met de hoogteaccenten. De verscheidenheid aan mogelijkheden is in te vullen door de ontwikkelaars. Ook voor het nieuwe gemeentehuis geldt dat dit een voorbeelduitwerking is slechts ter illustratie. De architectonische uitwerking, de optimale verdeling tussen de programmaonderdelen en gebouwtypologie zullen door de architect verder worden uitgewerkt.
80 | STADSCENTRUM HOOFDDORP • STEDENBOUWKUNDIG KADER
STADSCENTRUM HOOFDDORP • STEDENBOUWKUNDIG KADER | 81
BIJLAGE 1. ZONNESTUDIE Bezonningsstudie op basis van een bouwhoogte van 17 meter voor het gemeentehuis
De zonnestudie laat zien dat de positie van de hoogteaccenten minimaal effect heeft op het aantal zonuren op de pleinen, zowel in de zomer als in de winter. Het Schakelplein ligt gedurende de dag – tot ongeveer vier uur - in de zon. Het Raadhuisplein ontvangt
de gehele dag direct zonlicht. Zowel het Voorzetgebouw als de nieuwbouw op het Apriscoterrein liggen gunstig op de zon en lenen zich uitstekend voor horeca met terrassen.
21 MAART - 09.00 u
21 MAART - 12.00 u
21 MA
21 JUNI - 09.00 u
21 JUNI - 12.00 u
21 JUN
82 | STADSCENTRUM HOOFDDORP • STEDENBOUWKUNDIG KADER
21 MAART - 15.00 u
21 MAART - 18.00 u
21 JUNI - 15.00 u
21 JUNI - 18.00 u
STADSCENTRUM HOOFDDORP • STEDENBOUWKUNDIG KADER | 83
21 SEPTEMBER - 09.00 u
21 SEPTEMBER- 12.00 u
21 SEP
21 DECEMBER- 09.00 u
21 DECEMBER - 12.00 u
21 DE
84 | STADSCENTRUM HOOFDDORP • STEDENBOUWKUNDIG KADER
21 SEPTEMBER - 15.00 u
21 SEPTEMBER - 18.00 u
21 DECEMBER - 15.00 u
21 DECEMBER - 18.00 u
STADSCENTRUM HOOFDDORP • STEDENBOUWKUNDIG KADER | 85
RAADHUISPLEIN HOOFDDORP
BIJLAGE: ZONNESTUDIE Bezonningsstudie op basis van een bouwhoogte van 20 meter voor het gemeentehuis, rooilijn deels teruggeschoven.
21 MAART - 09.00 u
21 MAART - 12.00 u
21 MA
21 JUNI - 09.00 u
21 JUNI - 12.00 u
21 JUN
86 | STADSCENTRUM HOOFDDORP • STEDENBOUWKUNDIG KADER
21 MAART - 15.00 u
21 MAART - 18.00 u
21 JUNI - 15.00 u
21 JUNI - 18.00 u
STADSCENTRUM HOOFDDORP • STEDENBOUWKUNDIG KADER | 87 RAADHUISPLEIN HOOFDDORP
bouwhoogte 20 m, nieuwe rooilijn
21 SEPTEMBER - 09.00 u
21 SEPTEMBER- 12.00 u
21 SEP
21 DECEMBER- 09.00 u
21 DECEMBER - 12.00 u
21 DE
88 | STADSCENTRUM HOOFDDORP • STEDENBOUWKUNDIG KADER
21 SEPTEMBER - 15.00 u
21 SEPTEMBER - 18.00 u
21 DECEMBER - 15.00 u
21 DECEMBER - 18.00 u
STADSCENTRUM HOOFDDORP • STEDENBOUWKUNDIG KADER | 89 RAADHUISPLEIN HOOFDDORP
bouwhoogte 20 m, nieuwe rooilijn
BIJLAGE: ZONNESTUDIE Bezonningsstudie op basis van een bouwhoogte van 20 meter voor het gemeentehuis, uiterste positie rooilijn.
21 MAART - 09.00 u
21 MAART - 12.00 u
21 MA
21 JUNI - 09.00 u
21 JUNI - 12.00 u
21 JUN
90 | STADSCENTRUM HOOFDDORP • STEDENBOUWKUNDIG KADER
21 MAART - 15.00 u
21 MAART - 18.00 u
21 JUNI - 15.00 u
21 JUNI - 18.00 u
STADSCENTRUM HOOFDDORP • STEDENBOUWKUNDIG KADER | 91 RAADHUISPLEIN HOOFDDORP
bouwhoogte 20 m, oude rooilijn
21 SEPTEMBER - 09.00 u
21 SEPTEMBER- 12.00 u
21 SEP
21 DECEMBER- 09.00 u
21 DECEMBER - 12.00 u
21 DE
92 | STADSCENTRUM HOOFDDORP • STEDENBOUWKUNDIG KADER
21 SEPTEMBER - 15.00 u
21 SEPTEMBER - 18.00 u
21 DECEMBER - 15.00 u
21 DECEMBER - 18.00 u
STADSCENTRUM HOOFDDORP • STEDENBOUWKUNDIG KADER | 93 RAADHUISPLEIN HOOFDDORP
bouwhoogte 20 m, oude rooilijn
BIJLAGE 2. RELEVANTE BELEIDSKADERS Hieronder volgt een overzicht van de vigerende beleidskaders op nationaal en provinciaal niveau en van de gemeente Haarlemmermeer.
LuchthavenIndelingsBesluit (LIb) Voor dit gebied gelden geen beperkingen volgende lIB contouren. De voorgestelde bebouwing past binnen het LIB.
Deelstructuurvisie hoofddorp De deelstructuurvisie uit 2013 is het toetsingskader voor alle ruimtelijke plannen in Hoofddorp tot en met 2030. Hierin staat het volgende: ‘Hoofddorp moet een moderne plaats worden voor wat betreft functies en uitstraling, intensief en levendig, met een goed leef- en werkklimaat, en heeft een centrale verzorgingsfunctie voor Haarlemmermeer. Hoofddorp wordt een centrum met een goede balans tussen kwaliteit van wonen en voorzieningen.’
Woonvisie Haarlemmermeer In 2019 is het ‘Woonbeleidsprogramma 2019-2025: Het verschil maken’ opgesteld en in januari 2020 door de gemeenteraad vastgesteld (2019.0058049). In het Woonbeleidsprogramma staan vier beleidslijnen centraal, die het kader bieden voor onze inspanningen in het woonbeleid. • Divers aanbod door middel van nieuwbouw. • Beschikbaarheid van betaalbare woningen. • Vitale en kwalitatief goede woningvoorraad in wijken en kernen. • Goede huisvesting van aandachtsgroepen. De helft van de woningen bouwen we betaalbaar, oftewel: in de prijssegmenten laag en midden.
LIB contouren
94 | STADSCENTRUM HOOFDDORP • STEDENBOUWKUNDIG KADER
Gemeentelijk uitgangspunt is dat de sociale huurwoningen door een corporatie worden verhuurd en beheerd. Met betrekking tot de woonruimteverdeling is de Huisvestingsverordening Haarlemmermeer van toepassing.
Parkeren Bij de toetsing van nieuwe ontwikkelingen in Haarlemmermeer wordt beoordeeld of er in voldoende parkeergelegenheid wordt voorzien. De Beleidsregel ‘Handboek parkeernormen gemeente Haarlemmermeer 2018’ is hiervoor het toetsingskader. Aan deze normen dient voldaan te worden tenzij de ontwikkelaar met innovatieve/ alternatieve mobiliteitsvoorstellen komt die de parkeervraag verlaagd.
Duurzaamheid Gemeente Haarlemmermeer hanteert de Gemeentelijke Prestatie Richtlijn (GPR). Deze GPR geeft streefwaarden aan op vijf verschillende duurzaamheidsthema’s. Onderstaande tabel toont de door de gemeente vastgestelde ambities. In Haarlemmermeer streven we naar een aardgas loze en energieleverende gemeente. Dit is in lijn met de landelijke ambitie om in 2050 volledig aardgas loos te zijn. Om dit voor elkaar te krijgen wordt vanaf 1 februari 2018 in de Metropoolregio Amsterdam aardgas loos gebouwd. Voor het Raadhuis wordt minimaal EPC=0 geëist. De ambitie is om het Gemeentekantoor energieleverend te maken. In Haarlemmermeer streven we naar een circulaire economie waarin we grondstoffen zo lang mogelijk in de kringloop houden en voorkomen dat er afval ontstaat. Daarnaast wordt het gebruik van herbruikbare biobased materialen in de bouw ook aangemoedigd waardoor minder fossiele grondstoffen nodig zijn en CO2 uitstoot wordt verminderd. Naast energie en circulariteit zijn er in Haarlemmermeer polder specifieke wateropgaven. Klimaatverandering zal voor heftigere buien zorgen die niet meer
Streefwaarden GPR
altijd direct door riolering opgevangen kunnen worden. Hierdoor is het van belang om vertraagde afvoer te realiseren en infiltratie van water in de bodem mogelijk te houden. Hiervoor kan groen op dak en tuin worden toegepast, het afkoppelen van regenpijpen, hergebruik van regenwater, oppervlaktewater te creëren en bijvoorbeeld door wadi’s aan te leggen. Deze maatregelen dragen daarnaast bij aan het voorkomen van hittestress, het stimuleren van biodiversiteit en het afvangen van fijnstof. Ontwikkelaars worden gevraagd om verdergaande duurzaamheidsvoorzieningen te realiseren.
Beleid commerciële voorzieningen Op 19 december 2019 heeft de raad nieuw beleid voor Commerciële voorzieningen vastgesteld (2019.0057889). Dit om een passend vervolg te geven aan het in het coalitieakkoord opgenomen uitgangspunt: “Vooral Hoofddorp krijgt een meer stedelijk karakter. In het nieuwe Commerciële voorzieningen beleid krijgen horeca en detailhandel daarom een prominente plek”. In Stadscentrum Hoofddorp vindt de consument een groot aantal functies en voorzieningen. Niet voor niets is het Stadscentrum een regionale trekker van formaat. We zetten in op het compact blijven van het winkelcentrum (binnen het
E&M
Gezond-
Gebruiks-
Toekomst-
Energie
Milieu
(DPG)
heid
kwaliteit
waarde
Woningbouw
8,5
6,5
8
8
7,5
7
Kantoorgebouwen
9
6,5
8
8,5
8
8
Onderwijsgebouwen
8,5
6,5
8
8
7,5
7,5
Bedrijfsgebouwen
8
6,5
n.v.t.
8
7,5
7,5
Logiesbouwen
8,5
6,5
8
8
7,5
7,5
Bijeenkomstgebouwen
9
6,5
8
8,5
8
8
Gemeentelijk vastgoed
10
6,5
8
8,5
8
8
4.3 per categorie
bredere Stadscentrum) met ruimte voor detailhandel en aanvullend programma op het gebied van cultuur, horeca en vermaak. Een attractieve centrumbeleving staat voorop. Een kwalitatieve versterking is nodig om de potentie van het Stadscentrum volledig te benutten en te benadrukken. De belangrijkste onderdelen van de koers zijn: • doorontwikkeling van regionaal koopcentrum naar een stadscentrum met meer ruimte voor ontmoeting en beleving; • denken in deelgebieden en gericht samenwerken; • routing naar en in centrum verbeteren (loop, fiets, OV en auto); • verlengen en verbeteren verblijf, ontmoeten stimuleren; • verhaal Stadscentrum Hoofddorp gezamenlijk verder ontwikkelen.
Maatschappelijk beleid Het maatschappelijk beleid is er onder meer op gericht om een leefklimaat te realiseren waarin onze huidige en toekomstige inwoners kunnen wonen, werken en leven en daarbij waar nodig en wenselijk een beroep kunnen doen op voorzieningen op het gebied van zorg, welzijn, onderwijs, sport en cultuur. Er is gemeentelijk beleid ten aanzien van de vestiging van maatschappelijke voorzieningen, wanneer deze grotendeels door de gemeente gesubsidieerd of gefinancierd worden. Er is een breed scala van beleidskaders beschikbaar, een aantal zeer relevante bij de ontwikkeling van dit gebied zijn: Visie Wonen met Zorg 2030, Spelen, sporten en ontmoeten in de buitenruimte (de normen voor speelruimte zijn opgenomen in de DIOR), Sportnota Haarlemmermeer, Koers en Uitwerking van de Koers Sociaal Domein, Sociale basis, Actualisatie cultuurbeleid 2017-2020, Lokale en regionale nota volksgezondheidbeleid, Lokale Inclusieagenda, Integraal huisvestingsplan onderwijs.
STADSCENTRUM HOOFDDORP • STEDENBOUWKUNDIG KADER | 95
VN-verdrag voor de rechten van mensen met een beperking Haarlemmermeer maakt jaarlijks een inclusieagenda om uitvoering te geven aan het VN-verdrag. Om voldoende toegankelijkheid voor onze inwoners te borgen vragen we aan ontwikkelaars om: • Bij planvorming voor woningen, woongebouwen en woonomgeving gebruik te maken van ervaringskennis van de BGH, de Belangengroep Gehandicapten Haarlemmermeer; • Gebruik te maken van het Handboek voor Toegankelijkheid. Het Bouwbesluit voor projecten voor wonen met zorg of bewoners met een beperking voorkomt de tekorten in toegankelijkheid namelijk nog onvoldoende (buitenruimte als balkon of tuin; berging; laadpunten en opstelruimten scootmobielen en electrische rolstoelen; niveauverschillen in gebouwen en gebouwdelen); • Naar de gemeente en de belangenbehartigende organisaties (BGH; Participatieraad) expliciet te maken hoe men met eisen van toegankelijkheid rekening houdt.
Evenementenbeleid Onderdeel van het beleid ‘Toerisme, evenementen en promotie Haarlemmermeer 2020-2025’ (2020.00003800 is een afwegingskader voor evenementen. Het doel is in onze gemeente een kader te creëren en een ambitieniveau vast te stellen waarbij we optimaal baat hebben bij evenementen. Waarbij prioriteiten gesteld kunnen worden bij het samenstellen van een evenwichtig passend aanbod van grote en kleine evenementen. Dat past bij de gemeente en haar inwoners, bezoekers en ondernemers. Evenementen leggen beslag op schaarse middelen: ruimte, tijd, subsidie en inzet van ondersteuning en hulpdiensten. In het huidige (subsidie)beleid worden evenementen ad hoc beoordeeld. Nieuwe initiatieven en uitbreiding van het evenementenaanbod komen daardoor niet altijd van de grond. Met het vaststellen van nieuw beleid, met als onderdeel een
afwegingskader, willen we komen tot een meer integrale, afgewogen beoordeling en keuzes van evenementen. Evenementen zijn belangrijk voor het bevorderen van cohesie. Evenementen dragen bij aan de aantrekkelijkheid die wij willen bieden aan huidige en toekomstige inwoners en bezoekers. Het belangrijkste doel van het evenementenbeleid is blijven inzetten op (kleinere) lokaal georiënteerde evenementen en deze nadrukkelijk stimuleren. Lokaal georiënteerde evenementen dragen bij aan sociale cohesie, lokale levendigheid, cultuur, educatie en/of bewegen en sporten. Winkelen is voor veel mensen een aangename vrijetijdsactiviteit, zeker als dit is te combineren met andere vormen van vrijetijdsbesteding en horeca. Het trekken van bezoekers draagt positief bij aan het in stand houden en verbijzonderen van de commerciële voorzieningen. Vanuit toeristisch oogpunt beogen we versterking van de centrumfuncties door middel van het toevoegen en stimuleren van vrijetijdsvoorzieningen, waarmee de aantrekkelijkheid en aantrekkingskracht voor inwoners en bezoekers wordt vergroot.
DIOR Voor de inrichting van de openbare ruimte hanteert de gemeente de DIOR (Duurzame Inrichting Openbare Ruimte).
Haalbaarheidsonderzoeken en milieu Woningbouw is mogelijk tot de maximaal bepaalde bouwhoogte uit het Luchthaven indeling besluit Schiphol (LIB). De Gevelbelasting op woningen ten gevolge van het verkeer op de Burgemeester van der Willigenlaan valt binnen de wettelijke grenzen. Op het gebied van luchtkwaliteit, kabels & leidingen en externe veiligheid gelden geen beperkingen. Het plangebied bevat geen archeologische verwachtingswaarden. Daarnaast is het plangebied niet gelegen in een beschermd stads- of dorpsgezicht en herbergt het gebied ook geen monumenten.
96 | STADSCENTRUM HOOFDDORP • STEDENBOUWKUNDIG KADER
Bodem Het maaiveld in en rondom het plangebied is redelijk vlak en ligt rond de NAP -4,3 m. Uit onderzoek blijkt dat er geen beperkende vervuiling aanwezig is.
Water en Riolering Om de toename in verharding te compenseren moet nieuw oppervlaktewater (450 m²) worden gerealiseerd binnen het peilvak. De gemeente en het waterschap hebben beiden een voorstel tot compensatie gedaan gelegen bij het plangebied, waarbij voldoende wateroppervlak kan worden gerealiseerd (circa 750 m²). Daarnaast moet gekeken worden naar de invulling van hemelwaterafvoer en waterberging binnen het plangebied. Voor de uitvoering van de parkeerkelder is een hydrologisch advies opgesteld. Conform het beleid van de gemeente moet het vuilwater- en hemelwater gescheiden worden afgevoerd. Hierbij moet het vuilwater naar de rioolwaterzuivering worden geleid en het hemelwater naar een waterberging.
Flora en Fauna Vanuit de wet Natuurbescherming is er geen belemmering om deze gebieden te ontwikkelen, onder de voorwaarden dat bij werkzaamheden dieren de gelegenheid wordt geboden naar elders te ontsnappen en eventuele broedende vogels in de bomen niet worden verstoord.