CConstaterende datHaarlemmermeer
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1.3 Quickscan flora & fauna (openbaar)

Raadsplein: Agenda en raadsstukken 11 juni 2026, gemeente HaarlemmermeerBij agendapunt: RV Gewijzigde vaststelling Tijdelijke Alternatieve Maatregel-omgevingsplan Hoofddorp Boslaan–Kruisweg (13262402)10.916 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Vogels Als gevolg van de voorgenomen activiteiten tijdens de voortplantingsperiode , wordt mogelijk een bezet vogelnest beschadigd en vernield met als gevolg dat mogelijk vogels gedood worden of eieren beschadigd of vernield worden. Van de in het plangebied nestelende soorten is uitsluitend het bezette nest beschermd , niet het oude nest of de nestplaats. Voor het beschadigen/vernielen van een bezet nest (eieren) of het doden van een vogel kan geen ontheffing van de verbodsbepalingen verkregen worden omdat de voorgenomen activiteit niet als een in de wet genoemd belang wordt beschouwd. Werkzaamheden die kunnen leiden tot het verstoren/vernielen van vogelnesten dienen daarom buiten de voortplantingsperiode van vogels uitgevoerd te worden. De meest geschikte periode om de voorgenomen activiteiten uit te voeren is augustus-februari. Voorgenomen werkzaamheden mogen juridisch beschouwd wel plaats vinden tijdens het broedseizoen van vogels , mits geen bezette vogelnesten beschadigd/vernield worden. Wettelijke consequenties in het kader van de Wnb: rooien beplanting (kap van bomen en verwijderen struweel) buiten de voortplantingsperiode (of broedvogelscan uitvoeren).

Overige soorten

28

Quickscan Ecologisch Onderzoek Boslaan-Kruisweg te Hoofddorp

10 oktober 2023

(geanonimise rd) J

Het

onderzoeksgebied

behoort niet tot functioneel

leefgebied van andere beschermde flora- of faunasoorten. Vanwege de lokale invloedsfeer heeft de voorgenomen activiteit geen negatief effect op andere beschermde soorten. Nader onderzoek of het aanvragen

In tabel 5.1

29

>

en

van

een

ontheffing is niet noodzakelijk.

tabel 5.2 worden de wettelijke consequenties samengevat weergegeven.

Quickscan Ecologisch Onderzoek Boslaan-Kruisweg

te Hoofddorp

>

10 oktober

2023

cens

Tabel 5. 1: Samenvatting van de wettelijke consequenties. Soortgroep

Functie

AmfibieÇn

Foerageergebied

Beschermde soorten planlocatie Diverse soorten

AmfibieÇn

Vaste rustplaats

Diverse soorten

AmfibieÇn AmfibieÇn

Voortplantingsplaats Doden van dieren

Niet aanwezig Diverse soorten

Grondgebonden zoogdieren Grondgebonden zoogdieren

Foerageergebied

Diverse soorten

Vaste rust- en voortplantingsplaats

Grondgebonden zoogdieren

Vaste rust- en voortplantingsplaats

Diverse soorten m. u. v. kleine marterachtigen Kleine marterachtigen

Grondgebonden zoogdieren

Doden van dieren

Grondgebonden zoogdieren

Doden van dieren

Vleermuizen

Verbodsbepalingen (Wet natuurbescherming) Niet van toepassing ; vrijstelling i. v. m. ruimtelijke ontwikkeling Niet van toepassing ; vrijstelling i. v. m. ruimtelijke ontwikkeling Niet van toepassing Art. 3. 10 lid 1a

Niet van toepassing ; vrijstelling i. v. m. ruimtelijke ontwikkeling Niet van toepassing ; vrijstelling i. v. m. ruimtelijke ontwikkeling Art. 3. 10 lid 1a

Art. 3. 10 lid 1a

Mogelijk

Art. 3. 5 lid 1

Niet aanwezig

Niet van toepassing

Vleermuizen

Rust- of voortplantingsplaats Essentieel foerageergebied Vliegroute

Mogelijk

Art. 3. 5

Vleermuizen

Doden van dieren

Mogelijk

Art. 3. 5 lid 1a

Vogels

Foerageergebied

Diverse soorten

Vogels

Bezette nesten (niet jaarrond beschermd)

Diverse soorten

Niet van toepassing ; vrijstelling i. v. m. ruimtelijke ontwikkeling Art. 3. 1 lid 2

Vogels

Jaarrond beschermde nest- en rustplaats Doden van dieren

Niet aanwezig

Niet van toepassing

Diverse soorten

Art. 3. 1 lid 1

Dieren en overige functies

Niet aanwezig

Niet van toepassing

Vogels

Overige soorten

30

Art. 3. 10 lid 1a

Quickscan Ecologisch Onderzoek Boslaan-Kruisweg te Hoofddorp

Geen Geen Geen Geen dieren doden: werken volgens Gedragscode of ontheffing aanvragen Geen Geen

Nader onderzoek naar de functie van het plangebied voor kleine marterachtigen verplicht Geen dieren doden: werken volgens Gedragscode of ontheffing aanvragen Nader onderzoek naar de functie van het plangebied voor kleine marterachtigen verplicht Nader onderzoek naar verblijfplaats verplicht Geen

Diverse soorten m. u. v. kleine marterachtigen Kleine marterachtigen

Vleermuizen

Aandachtspunt

Nader onderzoek naar vliegroute verplicht Nader onderzoek naar verblijfplaats verplicht Geen Werken buiten voortplantingsperiode of broedvogelscan uitvoeren Geen Werken buiten voortplantingsperiode of broedvogelscan uitvoeren Geen

10 oktober 2023

Tabel 5. 2: Vereenvoudigde samenvatting van de wettelijke consequenties per diergroep. Soortgroep

Vaste rust plaats

Vliegroute (vleermuizen) n. v. t.

Essentieelfoerageergebied Nee

Wettelijke consequenties

Ja

V oortplantingsplaats Nee

Nee

Nader onderzoek vereist Nee

AmfibieÇn Grondgebonden zoogdieren

Ja

Ja

n. v. t.

Nee

Nee

Ja

Vleermuizen

Ja , mogelijk

Ja , mogelijk

Ja

Nee

Ja

Ja

Vogels

Nee

Ja

n. v. t.

Nee

Ja

Nee

5. 7.

Historische gegevens en overige bronnen

Er zijn geen historische gegevens van het plangebied bekend.

5. 8.

Volledigheid van het onderzoek

Het onderzoek is volledig uitgevoerd met geschikte weersomstandigheden.

31

Quickscan Ecologisch Onderzoek Boslaan-Kruisweg te Hoofddorp

10 oktober 2023

Ontheffing vereist

Nee , tenzij dieren gedood worden Nader onderzoek naar kleine marterachtigen verplicht Nader onderzoek naar verblijfplaats en vliegroute verplicht Nee , tenzij vogels gedood , bezette nesten verstoord , beschadigd of vernield worden

6. Houtopstanden Voor de te rooien bomen is de bomenverordening van de desbetreffende gemeente van kracht. Er dient te worden nagegaan of een (omgevings-)vergunning aangevraagd moet worden voor het rooien van de desbetreffende bomen. Indien er een vergunning nodig is , dient , afhankelijk van de gemeente , een Bomen Effect Analyse en een Boomwaardebepaling te worden uitgevoerd. Eveneens geldt er een herplantplicht voor de bomen die gerooid worden. In hoeverre deze plicht geldt , is ook afhankelijk van de desbetreffende gemeente.

32

Quickscan Ecologisch Onderzoek Boslaan-Kruisweg te Hoofddorp

10 oktober 2023

7. Conclusie De voorgenomen activiteiten worden gezien als ┥ruimtelijke ontwikkeling┦. Voor een aantal algemeen voorkomende en talrijke faunasoorten geldt in Noord-Holland een vrijstelling van de verbodsbepalingen ┥doden┦ , en het opzettelijk ┥verstoren , beschadigen en vernielen van rust- en voortplantingsplaats┦ , als gevolg van werkzaamheden die in het kader van een ruimtelijke ontwikkeling worden uitgevoerd. Voor beschermde soorten die niet op deze vrijstellingslijst staan , is een ontheffing vereist om ze te mogen verstoren of te doden en om opzettelijk de vaste rust- en voortplantingsplaats te mogen beschadigen en te vernielen. Afhankelijk van de status van de beschermde soorten , kan soms ook gewerkt worden conform een door de Minister goedgekeurde , en op de situatie toepasbare , gedragscode. In het kader van de zorgplicht moet rekening worden gehouden met alle in het plangebied aanwezige planten en dieren en moet er gekozen worden voor een werkmethode en/of planning in de tijd , waardoor planten en dieren zo min mogelijk schade ondervinden als gevolg van de voorgenomen activiteiten.

Conclusie m. b. t. gebiedsbescherming Het plangebied behoort niet tot Natura 2000-gebied , het Natuurnetwerk Nederland , natuurverbindingen of Bijzonder Provinciaal Landschap. Door de voorgenomen activiteiten worden de wezenlijke kenmerken en waarden van deze gebieden in de omgeving van het plangebied niet negatief beËnvloed en leiden daarom niet tot wettelijke consequenties. Een negatief effect van stikstof op Natura 2000-gebied , als gevolg van de voorgenomen activiteiten , kan op basis van voorliggende studie niet uitgesloten worden. Om de wettelijke consequenties te kunnen vaststellen , is een stikstofberekening nodig.

Conclusie m. b. t. soortenbescherming De inrichting en het gevoerde beheer maken het plangebied niet tot een geschikte groeiplaats voor beschermde planten , maar wel tot een geschikt functioneel leefgebied van verschillende beschermde diersoorten. Beschermde diersoorten benutten het plangebied hoofdzakelijk als foerageergebied , maar mogelijk bezet een beschermd grondgebonden zoogdier en vleermuis er een vaste (winter)rust- en/of voortplantingsplaats , bezet een amfibie er een (winter)rustplaats en nestelen er vogels. AmfibieÇn bezetten geen vaste voortplantingsplaats in het plangebied. Verblijfplaatsen van vleermuizen zijn jaarrond beschermd en mogen alleen met een ontheffing beschadigd of vernield worden en vleermuizen mogen alleen verstoord , verwond of gedood worden indien daarvoor een ontheffing is verkregen. Om de functie van de bebouwing voor vleermuizen vast te kunnen stellen is specifiek vervolgonderzoek vereist. Een volledig onderzoek , conform het vleermuisprotocol , bestaat uit minimaal vijf bezoeken aan het plangebied in de periode half mei-september. Daarnaast wordt mogelijk een essentiÇle vliegroute aangetast. Hiervoor dient de functie van het bos en de Kaagtocht ten oosten van het plangebied te worden onderzocht.

Een volledig onderzoek naar de functie van vliegroute , conform het vleermuisprotocol , bestaat uit minimaal twee veldbezoeken aan het plangebied in de periode half april tot half oktober.

33

Quickscan Ecologisch Onderzoek Boslaan-Kruisweg te Hoofddorp

10 oktober 2023

Kleine marterachtigen (bunzing , hermelijn en wezel) en de vaste rust- en voortplantingsplaats van de kleine marterachtigen zijn beschermd. Kleine marterachtigen mogen niet gedood worden en de vaste rust- en/of voortplantingsplaats mogen niet zonder ontheffing beschadigd of vernield worden. Voor het mogen uitvoeren van activiteiten , met negatieve effecten voor de kleine marterachtigen (met uitzondering van verstoring) , dient een ontheffing van de verbodsbepalingen van de Wnb verkregen te zijn. Om een ontheffing te verkrijgen dient eerst nader onderzoek te worden uitgevoerd naar de functie van het plangebied voor kleine marterachtigen. Een volledig onderzoek , conform handreiking kleine marters in relatie tot soortbescherming (Bouwens , S. , versie 11 oktober 2017) , bestaat uit minimaal zes weken aaneengesloten onderzoek met wildcamera┦s in de actieve periode (maart-augustus). Overige beschermde grondgebonden zoogdieren en amfibieÇn die in het plangebied aanwezig zijn mogen niet (opzettelijk) gedood worden. Om te voorkomen dat grondgebonden zoogdieren of amfibieÇn gedood worden , mogen ze weggevangen of verjaagd worden. Indien niet voorkomen kan worden dat beschermde dieren gedood worden , dient een ontheffing van de verbodsbepalingen (doden) aangevraagd te worden.

Van de in het plangebied nestelende vogelsoorten , is uitsluitend het bezette nest beschermd , niet het oude nest of de nestplaats. Bezette vogelnesten zijn beschermd en mogen niet beschadigd of vernield worden. Gelet op de aard van de werkzaamheden kan geen ontheffing verkregen worden voor het beschadigen of vernielen van bezette vogelnesten. Indien de voorgenomen activiteiten uitgevoerd worden tijdens de voortplantingsperiode , dient een broedvogelscan uitgevoerd te worden om de aanwezigheid van een bezet vogelnest uit te sluiten. In het kader van de zorgplicht moet rekening worden gehouden met alle in het plangebied aanwezige planten en dieren en moet er gekozen worden voor een werkmethode en/of planning in de tijd , waardoor planten en dieren zo min mogelijk schade ondervinden als gevolg van de voorgenomen activiteiten. Door het uitvoeren van de voorgenomen activiteiten , wordt de functie van het plangebied als foerageergebied , voor de in het plangebied foeragerende diersoorten , aangetast. Dit leidt echter niet tot wettelijke consequenties in het kader van soortenbescherming.

Conclusie m. b. t. houtopstanden Voor de te rooien bomen is de bomenverordening van de desbetreffende gemeente van kracht. Er dient te worden nagegaan of een (omgevings-)vergunning aangevraagd moet worden voor het rooien van de desbetreffende bomen. Indien er een vergunning nodig is , dient , afhankelijk van de gemeente , een Bomen Effect Analyse en een Boomwaardebepaling te worden uitgevoerd. Eveneens geldt er een herplantplicht voor de bomen die gerooid worden. In hoeverre deze plicht geldt , is ook afhankelijk van de desbetreffende gemeente.

34

Quickscan Ecologisch Onderzoek Boslaan-Kruisweg te Hoofddorp

10 oktober 2023

8. Bronnen AERIUS. (2020). AERIUS-Calculator. Opgehaald van aerius. nl: www. aerius. nl Broekhuizen , S. , Spoelstra , K. , Thissen J. B. M. (2016) , Atlas van de Nederlandse Zoogdieren. -Natuur van Nederland 12. Naturalis Biodiversity Centre & EIS Kenniscentrum Insecten en andere ongewervelden , Leiden. BIJ12 (2017). Kennisdocument. BIJ12 , versie 1. 0. Creemers , R. C. M. & J. J. C. W. van Delft (2009). De amfibieÇn en reptielen van Nederland , - Nederlandse fauna 9. Nationaal Natuurhistorisch Museum Naturalis , European Invertebrate Survey -Nederland , Leiden. Floron (2011). Nieuwe Atlas van de Nederlandse Flora , Knnv Uitgeverij , Utrecht. Limpens , H. , K. Mostert en W. Bongers (1997). Atlas van de Nederlandse Vleermuizen. Utrecht: KNNV Uitgeverij. Ministerie van Economische Zaken (2016). Soortenbescherming bij ruimtelijke ingrepen. Ministerie van Economische Zaken , versie 1. 3. SOVON Vogelonderzoek Nederland (2002). Atlas van de Nederlandse broedvogels , - Nederlandse fauna 5. Leiden , Nederland: KNNV Uitgeverij & European invertebrate Survey ┡ Nederland. Soort- en gebiedsinformatie: www. eurobats. org www. natura2000. nl www. nederlandsesoorten. nl www. pdok. nl www. ravon. nl www. ruimtelijkeplannen. nl www. sovon. nl www. verspreidingsatlas. nl www. vogelbescherming. nl www. zoogdiervereniging. nl Omgevingsverordening Waarnemingen: ndff-ecogrid. nl

35

Quickscan Ecologisch Onderzoek Boslaan-Kruisweg te Hoofddorp

10 oktober 2023

Bijlage 1: Foto┦s

Bijlage 2: Toelichting Wet natuurbescherming

Drie beschermingsregimes De Wet natuurbescherming kent een apart beschermingsregime voor soorten van de Vogelrichtlijn , een apart beschermingsregime voor soorten van de Habitatrichtlijn (het Verdrag van Bern en het Verdrag van Bonn) en een apart beschermingsregime voor andere soorten , die vanuit nationaal oogpunt beschermd worden. Elk van deze beschermingsregimes kent zijn eigen verbodsbepalingen en vereisten voor vrijstelling of onthe邙ng van de verboden. Alle vogels (ruim 700 soorten) , zijn beschermd. Daarnaast worden ongeveer 230 overige Europese en nationale soorten beschermd. Om af te mogen wijken van de verbodsbepalingen via een onthe遄ing of vrijstelling moet aan drie criteria zijn voldaan: Ten eerste mag alleen van de verbodsbepaling afgeweken worden als er geen andere bevredigende oplossing voor de handeling mogelijk is. Ten tweede moet tegenover de afwijking van het verbod een in de wet genoemd belang staan. De wet geeft voor de verschillende beschermingsregimes aan wat die belangen zijn zoals volksgezondheid of openbare veiligheid. Tenslotte mag de ingreep geen afbreuk doen aan de staat van instandhouding van de soort. Als aan deze drie vereisten voldaan is , kan een onthe邙ng worden verleend. Voor een aantal handelingen zijn bovendien vrijstellingen mogelijk , bijvoorbeeld in de vorm van een provinciale verordening of een gedragscode.

Soortenbescherming en het ┥nee , tenzij principe┦ De verbodsbepalingen voor vogels en Habitatrichtlijnsoorten in de Wet natuurbescherming sluiten vrijwel ÄÄn op ÄÄn aan bij de bepalingen uit de Vogelrichtlijn en de Habitatrichtlijn. De verbodsbepalingen zijn gericht op de bescherming van individuen van soorten. Ook voor de andere soorten , die niet op grond van de Vogel- of Habitatrichtlijn maar vanuit nationaal oogpunt beschermd worden , geldt dat de verbodsbepalingen zien op het individu , maar of onthe邙ng verleend kan worden , wordt afgewogen tegen het e遄ect van de ingreep op het populatieniveau van de soort.

Zorgplicht voor dieren en planten Of dier- en plantensoorten nu wettelijk beschermd zijn of niet , iedereen moet voldoende rekening houden met in het wild levende dieren en planten en hun directe leefomgeving. De wet erkent daarmee de intrinsieke waarde van in het wild levende soorten. De Memorie van Toelichting zegt het zo: ┨De zorgplicht houdt in dat eenieder voldoende zorg in acht moet nemen voor de in het wild levende dieren en planten , alsmede voor hun directe leefomgeving. Overtreding van de zorgplicht is niet strafbaar gesteld ; de zorgplicht kan wel door toepassing van bestuursdwang worden gehandhaafd┩.

Vrijstelling regelgeving Onder de Wet natuurbescherming is niet altijd een onthe邙ng nodig bij handelingen met gevolgen voor beschermde plant- en diersoorten. In (veel) gevallen kunt u gebruik maken van een vrijstelling. Een vrijstelling is een uitzondering op een wettelijk verbod , die wordt vastgesteld voor een van tevoren bepaalde categorie van gevallen. Er zijn verschillende vrijstellingen van de verboden voor beschermde soorten mogelijk. Een bekende en reeds in de praktijk toegepaste vorm van vrijstelling is die van de gedragscode. In de Wet natuurbescherming zijn voor beschermde soorten ook andere vormen van vrijstelling geËntroduceerd , zoals door middel van een Programmatische Aanpak of via een provinciale verordening. Overigens is ook een vrijstelling in de vorm van een ministeriÇle regeling mogelijk. Provinciale staten kunnen vrijstelling van de verbodsbepalingen verlenen. Dit moet worden geregeld in een provinciale verordening. Gedragscodes die zijn opgesteld onder de Flora- en faunawet kunnen worden uitgebreid ten aanzien van soorten die op grond van de Wet natuurbescherming beschermd worden maar dat op grond van de Flora- en faunawet nog niet waren. Goedkeuring van een gedragscode op grond van de Flora- en faunawet blijft ook onder de Wet natuurbescherming geldig , voor de duur van de goedkeuring.

Daarna dient de gedragscode voor goedkeuring getoetst te worden aan de Wet natuurbescherming.

Welke soorten zijn beschermd? De Wet natuurbescherming kent drie categorieÇn beschermde soorten: Ten eerste worden alle van nature in Nederland in het wild levende vogels beschermd volgens het beschermingsregime van de Vogelrichtlijn ; Ten tweede worden soorten beschermd op grond van de Habitatrichtlijn , het Verdrag van Bern en het Verdrag van Bonn ; Tenslotte is er een beschermingsregime voor ┥andere soorten┦ waaronder soorten vallen die vanuit nationaal oogpunt bescherming behoeven. Figuur B2. 1: Verbodsbepalingen Wet natuurbescherming.

Vrijgestelde soorten In afwijking van de verboden in artikel 3.10 , eerste lid , van de Wet is het toegestaan de onderstaande soorten opzettelijk te doden , en te vangen en de vaste voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van deze soorten opzettelijk te beschadigen of te vernielen wanneer er geen andere bevredigende oplossing bestaat. De vrijstelling is van kracht wanneer de handeling verband houdt met de volgende activiteiten: De ruimtelijke inrichting of ontwikkeling van gebieden , daaronder begrepen het daaropvolgende gebruik van het ingerichte of ontwikkelde gebied ; Het bestendig beheer of onderhoud aan vaarwegen , watergangen , waterkeringen , waterstaatswerken , oevers , vliegvelden , wegen , spoorwegen of bermen , of in het kader van natuurbeheer.

Tabel B2. 1: Lijst met soorten waarvoor een vrijstelling van de verbodsbepalingen geldt als gevolg van handelingen die in het kader van een ruimtelijke ontwikkeling worden uitgevoerd.

Nederlandse naam

Wetenschappelijke naam

AmfibieÇn en reptielen Bruine kikker Rana temporaria Gewone pad Bufo bufo Hazelworm Anguis fragilis Kleine watersalamander Triturus vulgaris Levendbarende hagedis Zootoca vivipara Pelophylax ridibundus Meerkikker (Rana ridibunda) Pelophylax klepton Middelste groene kikker esculentus / Bastaardkikker (Rana esculenta) Grondgebonden zoogdieren Aardmuis Microtus agretis Bosmuis* Apodemus sylvaticus Bunzing Mustena putorius Dwergmuis Micromys minutes Dwergspitsmuis Sorex minutus Egel Erinaceus europaeus Eekhoorn Sciurus vulgaris Gewone bosspitsmuis Sorex ananeus Haas Lepus europeus Hermelijn Mustela erminea Huisspitsmuis* Crocidura russula Konijn Oryctolagus cuniculus Molmuis Arvicola scherman Ondergrondse woelmuis Pitymys subterraneus Ree Capreolus capreolus Rosse woelmuis Clethrionomys glareolus Steenmarter Martes fiona Tweekleurige bosspitsmuis Sorex coronatus Veldmuis* Microtus arvalis Vos Vulpes vulpes Wezel Mustela nivalis Wild zwijn Sus scrofa Woelrat Arvicola terrestris

dn al ov leF

eh tn er D

dn lar ed le G

dn las ier F

ne gn in or G

tn ab ar Bdr oo N

rgu b miL

x x

x x

x x

x x

x x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

DR x x x x x x

FL x x

x x x x x

x x

x x x

dn all oH -d ro oN

le ssij re vO

th ce rt U

VN Le ir et si inM

dn lal oH -d iu Z

dn lae eZ

)1 13. .tr a NR Bv MA (

x x x1 x x2

x x

x x

x x

x x

x x

x x

x x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

FR x x x x x x

GD x x

GR x x x x x x

NB x x

NH x x

OV x x

ZL x x

x x x

x x x

x x

UT x x x x x x

ZH x x x x x x

MLNV x x x x x x

x x x x x

x x

x x

x x

x x

x x

x x

x x

x x x x x

x x

x x

x x x x x

x x x x x

x x x x x

x x x

x x x x

x x x

x x x

LB x x x x x x x3 x x x x x x x x x x4

x x x

x x x

x x x

x x x

x x x

x x

x x x

x x x x

x x x

x x x x

x x x

x x x x

x x x x

x x x

x x x

x x x

x x x x

x x x

x x x

x x x x

x

x

x

x

x

x

x x

x

x

x

x

x

x

x x x

x x

x x x

x x x

x x

Tabel B2. 2: Lijst met soorten waarvoor een vrijstelling van de verbodsbepalingen geldt als gevolg van handelingen die in het kader van een ruimtelijke ontwikkeling worden uitgevoerd. * voor deze soorten daarnaast algemene vrijstelling in/op gebouwen en bijbehorende erven Wnb 3. 10 3e lid x1 = vrijstelling geldt in de periode maart-april en juli tot en met november x2 = vrijstelling geldt in de periode 15 augustus tot en met februari x3 = vrijstelling geldt in de periode juli , augustus en september x4 = vrijstelling geldt in de periode 15 augustus tot en met 15 oktober Opmerking bij Friesland: in de stukken wordt ook vrijstelling gegeven voor de mol , maar deze is niet beschermd onder de Wnb.

3. 10. 2. a / Rnb 3. 31. d ikv RO en gebruik van gebieden 3. 10. 2. d voorkomen onnodig lijden ikv beheer of onderhoud 3. 10. 2. e / Rnb 3. 31. b langbouw of bosbouw 3. 10. 2. f / Rnb 3. 31. a ikv beheer of onderhoud overig ikv beheer of onderhoud landsch 3. 10. 2. g kwaliteiten bepaald gebied 3. 10. 2. i / Rnb 3. 31. c Bestendig gebruik (geldt alleen voor amfibieÇn) ikv bescherming wilde flora , fauna en habitats

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x x

Toelichting grondslagen In dit document kunt u secties vinden die onleesbaar zijn gemaakt. Deze informatie is achterwege gelaten op basis van de Wet open overheid (Woo). De letter die hierbij is vermeld correspondeert met de bijbehorende grondslag in onderstaand overzicht.

J Art. 5.1 lid 2 sub e Het belang van de openbaarmaking van deze informatie weegt niet op tegen het belang van de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer van betrokkenen

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Haarlemmermeer&id=2fdf8661-30e8-4e8f-9307-4d330de35909