b2. Vaststellen ontwerp-omgevingsvisie Haarlemmermeer - omgevingseffectrapportage.pdf
Tekst van het document
Omgevingsvisie Haarlemmermeer Omgevingseffectrapport
projectnummer 0463238.100 Definitief ontwerp-OER 29 april 2021
Omgevingsvisie Haarlemmermeer Omgevingseffectrapport
projectnummer 0463238.100 Definitief ontwerp-OER 29 april 2021
Auteurs W.J. Daggenvoorde M.L. Kornet
Opdrachtgever Gemeente Haarlemmermeer Raadhuisplein 1 2132 TZ HOOFDDORP
datum vrijgave 29-04-2021
beschrijving revisie Definitief ontwerp-OER
gecontroleerd M.L. Kornet
vrijgave J.J. Verhoeven
Inhoudsopgave
Blz.
1
Inleiding
1
1.1 1.2 1.3 1.4
Aanleiding Van structuurvisie naar omgevingsvisie Rol van het OER Leeswijzer
1 2 3 3
2
Opzet en methodiek van het OER
4
2.1 2.2 2.2.1 2.2.2 2.2.3 2.2.4 2.2.5 2.3
Het OER als aanvulling op het MER Opzet van het OER De leefomgevingsfoto Het beoordelingskader Beoordeling van woningbouwontwikkelingen Beoordeling ontwikkeling Bennebroekerwegen Beoordeling opgave duurzame energie Van het OER naar de omgevingsvisie
4 5 6 7 8 9 9 9
3
Woningbouwopgave Haarlemmermeer
10
3.1 3.2 3.3 3.3.1 3.3.2 3.3.3 3.4 3.4.1 3.4.2 3.4.3 3.4.4 3.5 3.5.1 3.5.2 3.5.3
Ontwikkelingen uit de omgevingsvisie Globale effectbeoordeling Effecten vanuit omgevingsaspecten Geluid Omgevingsveiligheid Conclusie Verkeer en verkeergerelateerde effecten Verkeersgeneratie en -afwikkeling Verkeergerelateerde omgevingseffecten Kansen om verkeerseffecten te verminderen Conclusie Effecten door verdichting van het plangebied Woonmilieus Verdichting: horizontaal of verticaal Conclusie
10 11 12 12 20 22 24 24 28 30 34 35 35 36 38
4
Ontwikkeling Bennebroekerwegen
39
4.1 4.2 4.3 4.4
Inleiding Knelpunten op de Bennebroekerwegen Effecten van de ontwikkelingen op de Bennebroekerwegen Conclusie
39 40 43 44
5
Duurzame ontwikkeling
45
5.1 5.2
Inleiding Energieopwekking in de bebouwde omgeving
45 48
5.3 5.4 5.5
Grootschalige zonneakkers Windturbines Conclusie
49 51 53
6
Conclusie
55
6.1 6.1.1 6.1.2 6.1.3 6.2 6.2.1 6.2.2 6.2.3 6.2.4 6.3
Overzicht van de beoordeling Uitbreiding van woningbouwontwikkelingen Ontwikkeling Bennebroekerwegen Duurzame ontwikkeling Algehele aandachtspunten en aanbevelingen Ambities voor groen en recreatie binnen de gemeente Alternatieven voor autogebruik Autoluwe straten of wijken creëren Gemeentebrede aanpak voor stikstof Monitoring en evaluatie
55 55 56 56 57 57 58 59 59 60
Omgevingsvisie Haarlemmermeer Omgevingseffectrapport projectnummer 0463238.100 29 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer
1
Inleiding
1.1
Aanleiding Met het oog op de komst van de Omgevingswet stelt de gemeente Haarlemmermeer een omgevingsvisie op. Met de Omgevingswet wil de overheid de regels voor de ruimtelijke ordening vereenvoudigen en samenvoegen. Beleid met betrekking tot de fysieke leefomgeving wordt hierdoor gebundeld. De omgevingsvisie is het instrument dat bij het inwerking treden van de Omgevingswet de geldende structuurvisie(s) moet gaan vervangen. De omgevingsvisie is de strategische visie voor de gehele fysieke leefomgeving. Aspecten zoals ruimte, natuur, landschap, water, milieu en infrastructuur moeten hierin integraal en in samenhang met elkaar een plek krijgen.
Figuur 1.1: Ligging gemeente Haarlemmermeer
Met de omgevingsvisie stelt de gemeente kaders voor toekomstige ontwikkelingen. Het gaat hierbij niet alleen om nieuwe ontwikkelingen, maar ook om nieuwe kaders voor ontwikkelingen die reeds opgenomen zijn in de huidige (deel)structuurvisies. Bij het opstellen van de kaders wil de gemeente de effecten op de fysieke leefomgeving meenemen in de afwegingen. Het Omgevingseffectrapport (OER) beschrijft deze effecten. Het OER helpt de gemeente om bij het opstellen van de omgevingsvisie de effecten op de fysieke leefomgeving volwaardig mee te wegen.
Blad 1 van 60
Omgevingsvisie Haarlemmermeer Omgevingseffectrapport projectnummer 0463238.100 29 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer
1.2
Van structuurvisie naar omgevingsvisie In juli 2012 is de Structuurvisie Haarlemmermeer 2030 vastgesteld1. In de structuurvisie is de koers voor de gemeente Haarlemmermeer tot 2030 vastgelegd. De structuurvisie beschrijft diverse stedelijke ontwikkelingen binnen de gemeente. Ten behoeve van de structuurvisie is de m.e.r.procedure doorlopen en een PlanMER opgesteld, waarin de effecten van de structuurvisie op het milieu zijn beoordeeld. Met de komst van de Omgevingswet (waarschijnlijk 1 januari 2022) dient de structuurvisie echter te worden vervangen door een omgevingsvisie. De omgevingsvisie wordt daardoor halverwege de doorlooptijd van de structuurvisie van kracht. Aangezien de structuurvisie grote ontwikkelingen met een lange doorlooptijd bevat, wordt een deel van de opgaven uit de structuurvisie overgenomen in de omgevingsvisie. Nieuwe opgaven en inzichten Na vaststelling van de structuurvisie zijn er ook nieuwe opgaven en inzichten naar voren gekomen, die een plaats moeten krijgen in de omgevingsvisie. Thema’s zoals gezondheid en klimaatadaptatie staan nadrukkelijk op de agenda. In de omgevingsvisie vindt daarom een herijking plaats van de ontwikkelingen uit de Structuurvisie Haarlemmermeer 2030, Deelstructuurvisie Hoofddorp 20302 én de Structuurvisie Haarlemmerliede en Spaarnwoude 20353.
Deze herijking geldt voornamelijk voor ontwikkelingen waarvoor de planologische procedures nog niet doorlopen zijn. Ontwikkelingen die al verder in de planvormingsfase, het vergunningentraject of zelfs in ontwikkeling zijn, worden wel benoemd in de omgevingsvisie, maar hiervoor vindt geen herijking plaats. Dit geldt voor tal van woningbouwlocaties, alle werklocaties en diverse groengebieden. In bijlage I is een overzicht van de ontwikkelingen opgenomen. Ontwikkelingen als een eventuele tweede terminal voor Schiphol, de doortrekking van de Noord-Zuidlijn, studie voor verdichting Stationsgebied Hoofddorp, de gehele of gedeeltelijke transformatie Graan voor Visch-Zuid en de mogelijke veranderingen in programma op werklocaties in de Oostflank (in relatie doortrekking Noord-Zuidlijn) zijn nog niet voldoende uitgekristalliseerd om in dit OER mee te nemen of er wordt een aparte milieueffectrapportage-procedure doorlopen. Als het gaat om ontwikkelingen waar ten opzichte van de structuurvisies relevante wijzigingen plaatsvinden, komen er drie (typen) ontwikkelingen nadrukkelijk naar voren: (uitbreiding van) de woningbouwopgave, ontwikkeling Bennebroekerwegen4 en realisatie van duurzame energievoorzieningen.
1
Gemeente Haarlemmermeer; Structuurvisie Haarlemmermeer 2030; juli 2012
2
Gemeente Haarlemmermeer; Deelstructuurvisie Hoofddorp 2030; oktober 2013
3
Gemeente Haarlemmerliede en Spaarnwoude; Structuurvisie 2035; juli 2012
4
Met de Bennebroekerwegen worden zowel de Nieuwe Bennebroekerweg als de ‘oude’ Bennebroekerweg bedoeld. Deze wegen lopen parellel aan elkaar. Hier wordt nader op ingegaan in hoofdstuk 4.
Blad 2 van 60
Omgevingsvisie Haarlemmermeer Omgevingseffectrapport projectnummer 0463238.100 29 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer
1.3
Rol van het OER Het doel van het OER is het beoordelen van (de herijking van) de ontwikkelingen op de effecten op de fysieke leefomgeving. De rol van het OER bestaat uit drie stappen: 1. In beeld brengen van de staat van de fysieke leefomgeving. 2. Beoordelen en afwegen van de effecten op de fysieke leefomgeving. 3. Aandachtspunten, aanbevelingen en kansen signaleren. In hoofdstuk 2 is de opzet van het OER nader toegelicht.
1.4
Leeswijzer Het OER is opgebouwd uit zes hoofdstukken. In hoofdstuk 2 wordt ingegaan op de opzet en methodiek van het OER. Vervolgens zijn in de hoofdstukken 3 t/m 5 de effectbeoordelingen beschreven. Hoofdstuk 3 richt zich op de effecten van de woningbouwontwikkelingen, hoofdstuk 4 op de ontwikkeling Bennebroekerwegen en in hoofdstuk 5 wordt ingegaan op de effecten van het bod in de concept-RES (Regionale Energiestrategie). Het OER sluit af met de conclusie in hoofdstuk 6; hierin is een overzicht gegeven van de effectbeoordelingen en de adviezen die hieruit volgen.
Blad 3 van 60
Omgevingsvisie Haarlemmermeer Omgevingseffectrapport projectnummer 0463238.100 29 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer
2
Opzet en methodiek van het OER
2.1
Het OER als aanvulling op het MER De omgevingsvisie is een vervolg en aanvulling op de Structuurvisie Haarlemmermeer 2030 en Structuurvisie Haarlemmerliede en Spaarnwoude 2035. Het OER sluit daarbij aan; het is een aanvulling op het MER dat is opgesteld bij de Structuurvisie Haarlemmermeer. De ontwikkelingen van de omgevingsvisie, die reeds in deze structuurvisie zijn benoemd, zijn daarom niet in zijn geheel beoordeeld maar enkel op de extra opgave die in de omgevingsvisie is benoemd. Het advies van de Commissie m.e.r. bij het MER voor de Structuurvisie Haarlemmermeer 2030 wordt hier ook in meegenomen. Dat advies richt zich op twee aspecten: 1. Opstellen van een Passende Beoordeling waarin de effecten van de ontwikkelingen op beschermde natuurwaarden onderzocht worden. 2. Het in beeld brengen van de gevolgen voor de kwaliteit van het leefmilieu en tussentijds te actualiseren en toetsing op doelbereik toe te passen. 1. Opstellen van een Passende Beoordeling Significante effecten op het Natura 2000-gebied Kennemerland-Zuid kunnen op voorhand niet worden uitgesloten. Daarom is het opstellen van een Passende beoordeling noodzakelijk. De Passende Beoordeling is als bijlage bij het OER opgenomen. 2. Gevolgen voor de kwaliteit van het leefmilieu Het bepalen van de huidige en toekomstige kwaliteit van het leefmilieu (de fysieke leefomgeving) is een belangrijke taak van het OER.
Het vormt de basis om de gevolgen van de ontwikkelingen uit de omgevingsvisie in beeld te brengen en te beoordelen. En - zoals de Commissie m.e.r. ook adviseert - helpt het om de effecten en het doelbereik van ontwikkelingen te monitoren en te evalueren. Het OER richt zich hier dan ook op. In het MER dat bij de Structuurvisie Haarlemmermeer is opgesteld (d.d. januari 2012) is onderzoek gedaan naar de effecten van ontwikkelingen in de voormalige gemeente Haarlemmermeer. Een overzicht van de ontwikkelingen op het vlak van wonen, werken, energieopwekking en infrastructuur die in deze structuurvisie zijn onderzocht is weergegeven in bijlage 1. Hieronder is een samenvatting van het MER uit 2012 beschreven. Samenvatting MER Structuurvisie Haarlemmermeer In het PlanMER is onderzoek gedaan naar de effecten van het maximale programma dat mogelijk wordt gemaakt met de Structuurvisie Haarlemmermeer. Eerst zijn de globale effecten beoordeeld. Vervolgens zijn twee alternatieven nader onderzocht. Alternatief A richt zich op het binnenstedelijk realiseren van de woonopgave in Hoofddorp en voor een deel in Nieuw-Vennep. Dit alternatief bevat enkele uitleglocaties en transformatieprojecten, maar richt zich ook met name op de herstructurering van verouderde bedrijven- en kantoorlocaties. Het bestaande stedelijk gebied wordt hiermee plaatselijk verder verdicht.
Het doel is om meer diversiteit in woonmilieus te realiseren. Om dit te bereiken worden hoogstedelijke dichtheden rond het station toegevoegd en nieuwe woon-werkmilieus geïntroduceerd waar werken, wonen en voorzieningen veel meer met elkaar gemengd zijn. Het dorpse karakter van het
Blad 4 van 60
Omgevingsvisie Haarlemmermeer Omgevingseffectrapport projectnummer 0463238.100 29 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer
centrum van beide kernen blijft zoveel als mogelijk behouden maar krijgt wel een kwaliteitsimpuls. De verstedelijking leidt tot een grotere vraag naar recreatieve voorzieningen. Park21 biedt ruimte voor nieuwe recreatieve voorzieningen. Dit park zal ook ruimte gaan bieden voor grootschalige voorzieningen passend bij de hoogdynamische oostzijde van de polder. In alternatief B wordt de woningbouwopgave gerealiseerd door ontwikkeling van het westelijk deel van Haarlemmermeer. Aanvullend op de locatie Cruquiushoeve (inmiddels genoemd Cruquius Wickevoort), dat als onderdeel van de autonome ontwikkeling nu in ontwikkeling is, wordt in dit alternatief het agrarisch gebied aan de westzijde van de polder getransformeerd tot groene en waterrijke woongebieden. De woningbouwontwikkeling maakt onderdeel uit van een integrale gebiedsontwikkeling waarbij ook een water-, groen- en bereikbaarheidsopgave gerealiseerd worden. In het MER zijn de effecten op de leefomgeving van drie scenario’s/alternatieven onderzocht: het voorontwerp van de structuurvisie met het maximale programma, alternatief A en alternatief B. Op basis van deze effectbeoordeling wordt geconcludeerd dat alternatief A over het geheel genomen beter scoort dan alternatief B. Het voorontwerp (maximale programma) scoort over het geheel het meest negatief.
Dit is niet verwonderlijk, omdat het voorontwerp elementen van zowel alternatief A als B bevat. Het voorontwerp scoort met name negatief op het thema leefmilieu, zoals de belasting ten aanzien van geur, geluid, externe veiligheid, luchtkwaliteit en gezondheid. Naast de beoordeling van de milieueffecten zijn de alternatieven ook beoordeeld op de mate waarin zij bijdragen aan de gestelde doelen uit de voorontwerp structuurvisie. Ten aanzien van het doelbereik wordt geconcludeerd dat in alternatief A de meeste doelen behaald worden. Echter blijkt uit de structuurvisie Haarlemmermeer 2030 geen duidelijke keuze voor alternatief A, zoals uit het volgende citaat blijkt: “Uit de rapportage kan daarnaast geconcludeerd worden dat het gecombineerde scenario (zowel binnenstedelijk verdichten als aan de slag met de uitleggebieden) zeer positief scoort ten aanzien van de differentiatie in woon- en werkmilieus en de mogelijkheden voor recreatie, maar over het geheel het slechtst scoort: het leidt ertoe dat er geen flexibiliteit meer is voor het gebruik van de ruimte. Ook het in stand houden van het droogmakerijlandschap staat in dit alternatief sterk onder druk. Met het alternatief met het accent op de binnenstedelijke verdichting worden daarentegen de meeste doelen behaald.
Het realiseren van knooppunten op plekken waar vervoers- en plaatswaarde samenkomen, leidt ertoe dat zowel de doelstelling duurzame mobiliteit als de doelstelling ontmoeten en verbinden behaald wordt.” Op basis van de beoordeling van de milieueffecten en het doelbereik van de verschillende alternatieven zijn aanbevelingen meegegeven. Deze aanbevelingen betreffen onder andere om de omgevingsaspecten beter in beeld te brengen en een passende beoordeling uit te voeren. In het verleden is dan ook een landbouweffectrapport (LER) opgesteld en gelijktijdig met dit OER is een passende beoordeling opgesteld.
2.2
Opzet van het OER De eerste stap in het OER is het in beeld brengen van de huidige en (verwachte) toekomstige kwaliteit van de fysieke leefomgeving. Hiervoor is een leefomgevingsfoto opgesteld. Deze vormt de basis voor de beoordeling van de ontwikkelingen van de omgevingsvisie.
Blad 5 van 60
Omgevingsvisie Haarlemmermeer Omgevingseffectrapport projectnummer 0463238.100 29 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer
2.2.1
De leefomgevingsfoto De leefomgevingsfoto geeft een overzicht van hoe de fysieke leefomgeving in de gemeente Haarlemmermeer ervoor staat. De fysieke leefomgeving is in de leefomgevingsfoto opgedeeld in vier thema’s, die ook terugkomen in het rad van de leefomgeving uit de omgevingsvisie: • • • •
Veilige en gezonde fysieke leefomgeving Goede omgevingskwaliteit Economisch vitale werkomgeving Aantrekkelijke woonomgeving
Onder deze vier overkoepelende thema’s zijn verschillende aspecten van de fysieke leefomgeving onderverdeeld (zie ook tabel 2.1). Via de link [PM nog invullen] is de leefomgevingsfoto van de gemeente Haarlemmermeer te vinden. De leefomgevingsfoto biedt in de eerste plaats belangrijke inzichten in de staat van de fysieke leefomgeving. De indeling in thema’s en aspecten vormt daarnaast ook het beoordelingskader voor dit OER. De belangrijkste aandachtspunten uit de leefomgevingsfoto zijn hieronder toegelicht. Aandachtspunten vanuit de leefomgevingsfoto De gemeente Haarlemmermeer wordt gekenmerkt door een open landschap met enkele grote kernen zoals Hoofddorp en Nieuw-Vennep. In de gemeente zijn verschillende cultuurhistorische waarden aanwezig, waaronder de Stelling van Amsterdam. De Stelling van Amsterdam is aangewezen als UNESCO Werelderfgoed en is met meerdere forten en de Geniedijk een visitekaartje voor Haarlemmermeer. Het behoud en de beleving van dergelijke cultuurhistorische waarden is een aandachtspunt voor de omgevingsvisie. Het buitengebied is groen met een agrarisch karakter, maar met een beperkte toegankelijkheid. In de kernen is relatief minder groen te vinden. Een groene woonomgeving kan positieve effecten hebben op de omgevingskwaliteit, maar ook op de gezondheid. Zo nodigt groen uit tot beweging en heeft het een verkoelend effect op warme dagen.
Het vergroenen van de woonomgeving vormt daarom een van de aandachtspunten voor de omgevingsvisie. Landschap en groen met grote kwaliteiten dragen bij aan een uitstekend vestigingsklimaat voor bedrijven. Het buitengebied staat echter onder druk door de behoefte naar meer woon- en werklocaties binnen de gemeente. Haarlemmermeer heeft na Amsterdam het grootste aantal banen binnen haar gemeentegrenzen. Een aanzienlijk deel van de werkgelegenheid in Haarlemmermeer is verbonden aan Schiphol. Hierdoor zijn de sectoren vervoer, opslag en communicatie aanzienlijke werkgevers in de polder. Door de grote werkgelegenheid wordt er veel gependeld richting de gemeente. Natuurlijk gaat een deel van de inwoners juist naar andere gemeenten om te werken, zoals Amsterdam, maar de inkomende stroom forenzen is groter dan de uitgaande stroom. Mede door de grote verkeersstromen en werklocaties in de gemeente heeft Haarlemmermeer te maken met een hoge geluidbelasting. Geluid wordt veroorzaakt door wegverkeer, treinverkeer, vliegverkeer en industrie. De gemeente heeft op veel plekken te maken met een hoge geluidbelasting, denk bijvoorbeeld aan Schiphol en de A4. Deze bronnen hebben niet alleen effect op de geluidbelasting maar ook op de luchtkwaliteit in de gemeente. Dit is bijvoorbeeld te zien in de gemiddelde jaarconcentratie stikstofdioxide, waarvan wegverkeer en vliegverkeer belangrijke
Blad 6 van 60
Omgevingsvisie Haarlemmermeer Omgevingseffectrapport projectnummer 0463238.100 29 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer
emissiebronnen zijn. Een hoge geluidbelasting en/of een hoge concentratie luchtverontreinigende stoffen kunnen leiden tot gezondheidsklachten. Een van de aandachtspunten voor de omgevingsvisie is dan ook het verbeteren van de milieukwaliteit. Er bestaat een grote behoefte aan extra woon- en werklocaties in de regio. De gemeente Haarlemmermeer kan onder voorwaarden in een deel van deze behoefte voorzien. Deze uitbreiding en verdichting van stedelijk gebied zoals voorzien in de omgevingsvisie kan leiden tot extra druk op het HOV-, fiets- en wegennet, waardoor de bereikbaarheid van de gemeente beperkt kan worden. Dit vraagt niet alleen aandacht voor de doorstroming op het wegennet, maar ook om extra inzet op alternatieve vervoerswijzen zoals het OV, fiets- en wandelroutes. Nederland staat voor een grote uitdaging: de energietransitie. Deze transitie bestaat enerzijds uit energiebesparing door onder andere de bebouwde omgeving energieneutraal te maken en in te zetten op duurzame vervoerswijzen. Anderzijds is meer duurzame energieopwekking nodig. Een van de aandachtspunten voor de omgevingsvisie is dan ook de ruimtelijke inpassing van energieopwekking.
2.2.2
Het beoordelingskader De vier thema’s uit de leefomgevingsfoto vormen het beoordelingskader. Hieronder is een overzicht weergegeven waarin te zien is welke aspecten en indicatoren onder de thema’s vallen. De indicatoren zijn niet afzonderlijk beschreven en beoordeeld, maar -indien relevant- gebruikt als onderbouwing van de beoordeling in het OER. Bij de beoordeling is ook gekeken naar thema’s zoals gezondheid en veiligheid. Dit sluit aan bij de eisen vanuit de Omgevingswet. Tabel 2.1: Overzicht van thema’s, aspecten en indicatoren (beoordelingskader) Thema Aspect Indicator Veilige en gezonde fysieke leefomgeving
Milieukwaliteit en gezondheid
Luchtkwaliteit Geluid Combinatie van geluidbelasting en luchtkwaliteit Bodem en ondergrond Grondwater Oppervlaktewater Trillinghinder Geurbelasting Lichthinder Contouren elektromagnetische velden Bewegen en sporten in een gezonde omgeving Slagschaduw windturbines Overstromingsrisico
Veiligheid
Externe veiligheid Verkeersveiligheid Klimaat
Uitstoot broeikasgassen Hittestress Verdroging Wateroverlast
Blad 7 van 60
Omgevingsvisie Haarlemmermeer Omgevingseffectrapport projectnummer 0463238.100 29 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer
Goede omgevingskwaliteit
Natuurlijke systemen en processen
Grondwatersysteem Bodemdaling
Natuur en landschap
Natura 2000 (buiten de gemeente) Natuurnetwerk Nederland (NNN) Biodiversiteit buiten NNN Verbondenheid natuurgebieden Landschappelijke waarden Cultuurhistorie Archeologie
Economisch vitale omgeving
Natuurlijke hulpbronnen
Duurzaam landgebruik
Aantrekkelijke woonomgeving
Ruimtelijkeconomische structuur Wonen en woonomgeving
Aandeel hernieuwbare energiebronnen Energiegebruik Bereikbaarheid Energienetwerk Woningaanbod Voorzieningenniveau Woonomgeving
Tabel 2.2 Wijze van beoordeling
Beoordeling + 0/+ 0 0/-
Omschrijving Verwacht positief effect Mogelijk positief effect Neutraal Mogelijk negatief effect Verwacht negatief effect
Bij de beoordeling is op twee manieren gekeken naar de effecten op de fysieke leefomgeving: 1. Een omgevingsaspect beïnvloedt de ontwikkeling. De aanwezigheid van een hogedruk aardgasleiding kan bijvoorbeeld aanleiding zijn om (nieuwe) aandachtsgebieden op te nemen. Het OER signaleert dit en geeft aan hoe hiermee omgegaan kan worden. 2. De ontwikkeling beïnvloedt een omgevingsaspect. De uitbreiding van woningbouw leidt bijvoorbeeld tot een hogere energiebehoefte. Het OER geeft aanbevelingen hoe hiermee om te gaan. Een verwacht groot effect op de fysieke leefomgeving of mogelijke samenhang met (effecten van) overige ontwikkelingen kunnen aanleiding zijn om de effecten of de samenhang nader te onderzoeken. Verkeer (mobiliteit) is hiervan een goed voorbeeld. De ontwikkelingen leiden in meer of mindere mate tot toename van voertuigbewegingen. In plaats van elke ontwikkeling afzonderlijk te beoordelen, biedt een gezamenlijke beoordeling betere inzichten.
2.2.3
Beoordeling van woningbouwontwikkelingen De beoordeling van de woningbouwontwikkelingen vindt stapsgewijs plaats. De eerste stap is een ‘globaleʼ beoordeling op de vier thema’s. Deze beoordeling geeft een beeld van de aandachtspunten in de gemeente Haarlemmermeer. Vervolgens worden deze aandachtspunten
Blad 8 van 60
Omgevingsvisie Haarlemmermeer Omgevingseffectrapport projectnummer 0463238.100 29 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer
nader uitgewerkt en wordt ingezoomd op specifieke ontwikkelingen. Dit resulteert in gemeentebrede en enkele locatiespecifieke aanbevelingen.
2.2.4
Beoordeling ontwikkeling Bennebroekerwegen Voor de ontwikkeling van de Bennebroekerwegen wordt een separate planprocedure en m.e.r.procedure doorlopen. In dit OER is op hoofdlijnen onderzocht waar de aandachtspunten zitten voor de mogelijke effecten op de fysieke leefomgeving. Ook eventuele raakvlakken met de woningbouwontwikkelingen en de opgave voor duurzame energie worden hier onderzocht. Het OER vormt hiermee als het ware de onderzoeksagenda voor dit project.
2.2.5
Beoordeling opgave duurzame energie De opgave voor duurzame energie in Haarlemmermeer is een derde grote opgave uit de omgevingsvisie. De opgave bestaat uit het terugdringen van het energiegebruik en het opwekken van duurzame energie. De mogelijkheden hiervoor en de kansen en risico’s die dit met zich meebrengt zijn onderzocht en uitgewerkt in de Regionale Energiestrategie (RES). De concept-RES heeft geleid tot een ‘bod’, de bijdrage die deze regio levert aan de nationale klimaatplannen. Het bod voor de opwekking door zonne-energie op land is gebaseerd op het gemeentelijke Beleidskader Zonneakkers. In de concept-RES zijn diverse onderzoeken uitgevoerd, globale zoekgebieden aangewezen en vervolgstappen geschetst. Het OER is niet bedoeld om het werk vanuit de RES te herhalen of te controleren. In het OER is gekeken naar de impact van deze opgave op de fysieke leefomgeving en de aandachtspunten en kansen voor de ontwikkelingen uit de omgevingsvisie.
2.3
Van het OER naar de omgevingsvisie Met het OER wil de gemeente de effecten op de fysieke leefomgeving nadrukkelijk betrekken bij de totstandkoming en uitwerking van de omgevingsvisie. De aanbevelingen voor de omgevingsvisie, in de vorm van aandachtspunten, kansen en risico’s vormen dan ook het sluitstuk van het OER. Dit kan bestaan uit: Aanscherpingen of aanvullingen voor de omgevingsvisie De omgevingsvisie bevat de ambities en doelstellingen voor de fysieke leefomgeving. De beoordeling in het OER kan aanleiding geven om ambities aan te scherpen of nieuwe ambities of doelstellingen te stellen. Aanbevelingen voor de verdere uitwerking Niet alle bevindingen van het OER hoeven een plek te krijgen in de omgevingsvisie zelf. Sommige aandachtspunten zijn bedoeld om mee te nemen in de verdere uitwerking van de omgevingsvisie. Bijvoorbeeld bij het planvormingsproces voor een woningbouwontwikkeling, of in het algemeen bij het opstellen van het omgevingsplan. Aanbevelingen kunnen zich ook richten op mogelijke (al dan niet wettelijk verplichte) programma’s. Met programma’s kan de gemeente gericht invulling geven aan de aanpak van gebiedsgerichte of thematische opgaven, zoals luchtkwaliteit of groen.
Blad 9 van 60
Omgevingsvisie Haarlemmermeer Omgevingseffectrapport projectnummer 0463238.100 29 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer
3
Woningbouwopgave Haarlemmermeer
3.1
Ontwikkelingen uit de omgevingsvisie In een grote gemeente als Haarlemmermeer (meer dan 150.000 inwoners) vinden veel en omvangrijke woningbouwontwikkelingen plaats. Met de omgevingsvisie zet de gemeente in op uitbreiding van het woningaanbod. Figuur 3.1 toont de woningbouwontwikkelingen in Haarlemmermeer die gewijzigd zijn ten opzichte van de structuurvisie en waarvoor nog geen afzonderlijke m.e.r.-procedure doorlopen is, zoals bij Hydepark en Badhoevedorp. De begrenzingen en woningaantallen zijn indicatief. N.B. Tussen ontwerp en definitieve vaststelling van de omgevingsvisie / OER wordt getracht de begrenzing te actualiseren.
Hoofddorp Noord 2030-2040** Structuurvisie 7.300 Omgevingsvisie 10.000*** Verschil +2.700 Cruquiushof en Cruquius, Bennebroekerdijk* Structuurvisie 850 Omgevingsvisie 1.500 Verschil +650
Hoofddorp Noord korte termijn* Structuurvisie 1.400 Omgevingsvisie 540 Verschil -860
Nieuw-Vennep West Structuurvisie 2.750 Omgevingsvisie 3.000 Verschil +250
Lisserbroek Structuurvisie Omgevingsvisie Verschil
2.150 2.400 +350
De Pionier Bols Structuurvisie Omgevingsvisie Verschil
700 1.800 +1.100
Stadscentrum Hoofddorp Structuurvisie 400 Omgevingsvisie 1.660 Verschil +1.260
Hoofddorp-Zuid (Rooseveltpark, Lincolnpark 2e fase) Structuurvisie 800 Omgevingsvisie 1.130 Verschil +330
Figuur 3.1 De woningbouwplannen in Haarlemmermeer die meegenomen worden in dit OER (bron: monitor plancapaciteit). * Met de ontwikkeling “Cruquius” wordt de ontwikkeling aan de Bennebroekerdijk bedoeld. **De woningenbouwplannen in Hoofddorp-Noord op de korte termijn zijn ten opzichte van de structuurvisie in omvang afgenomen. Hierdoor worden in beperkte mate effecten op de leefomgeving verwacht. In het OER zijn de plannen in Hoofddorp-Noord voor de korte en lange termijn daarom als één ontwikkeling beschouwd. *** Dit aantal woningen (10.000) is niet gebaseerd op de monitor plancapaciteit (daar staat de ontwikkeling nog niet in) maar op de vastgestelde ontwikkelstrategie voor Hoofddorp-Noord.
Blad 10 van 60
Omgevingsvisie Haarlemmermeer Omgevingseffectrapport projectnummer 0463238.100 29 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer
De woningbouwaantallen die als toevoeging in de omgevingsvisie benoemd zijn, zijn geen definitieve aantallen. Het is een indicatie van de voorgenomen uitbreiding van de ontwikkelingen. Verdere stedenbouwkundige uitwerkingen en verkeer- en milieustudies moeten de haalbaarheid van deze uitbreiding onderbouwen. Uit de Verdichtingsvisie en de studie Stationsomgeving Hoofddorp kunnen nieuwe inzichten voor woningbouwlocaties en -aantallen komen.
3.2
Globale effectbeoordeling Voor alle ontwikkelingen geldt dat de omvang van het plangebied ten opzichte van de structuurvisie ongewijzigd blijft. De relevante omgevingsaspecten zijn in beeld gebracht in de leefomgevingsfoto. De thema’s en aspecten die hiervoor gebruikt zijn, zijn opgenomen in onderstaande tabel. Per aspect is beoordeeld welke relevante contouren aanwezig zijn. Tabel 3.1 Globale effectbeoordeling voor de thema's en aspecten uit de leefomgevingsfoto Thema Aspect Veilige en Milieukwaliteit en De grote wegen binnen de gemeente Haarlemmermeer zijn gezonde fysieke gezondheid een voorname geluidbron. Het toevoegen van woningen in leefomgeving gebieden waar de voorkeursgrenswaarde (48 dB) overschreden wordt, vraagt mogelijk om maatregelen5. Een andere belangrijke bron van geluid is vliegverkeer, hiervoor geldt het Luchthavenindelingbesluit (LIB). Veiligheid Op het gebied van veiligheid zijn er risicocontouren, waarbij de omvang van het aantal woningen een rol speelt. Het toevoegen van woningen binnen contouren van bijvoorbeeld een hogedrukaardgasleiding kan leiden tot overschrijding van de oriëntatiewaarde van het groepsrisico. Klimaat Als de extra woningen ten koste gaan van openbare ruimte kan dit leiden tot toename van hittestress en wateroverlast. Dit wordt meegenomen bij de effecten door verdichting.
Goede Natuurlijke systemen Doordat de toevoegingen van woningen plaatsvindt binnen omgevingsen processen het ruimtebeslag dat reeds in de structuurvisie benoemd is, kwaliteit vindt er geen uitbreiding van stedelijk gebied plaats ten opzichte van de structuurvisie. Hierdoor worden er geen nieuwe effecten op natuurlijke systemen en processen verwacht. Natuur en landschap Uitbreiding van het aantal woningen leidt tot meer voertuigbewegingen, wat weer kan leiden tot een toename van stikstofdepositie. De omvang van het verkeer en de afstand tot stikstofgevoelige natuurgebieden speelt hierbij een rol.
Economisch vitale omgeving
Natuurlijke hulpbronnen
Doordat er ten opzichte van de structuurvisie geen uitbreiding van ruimtebeslag plaatsvindt, leidt de toevoeging van woningen niet tot aantasting van landschappelijke kwaliteiten. Met uitbreiding van het aantal woningen stijgt ook de energiebehoefte. Om energieneutraal te worden, dient met
5
Met de komst van de Omgevingswet vervalt de term ‘voorkeursgrenswaarde’. Er worden nieuwe grens- en standaardwaarden opgesteld.
Blad 11 van 60
Omgevingsvisie Haarlemmermeer Omgevingseffectrapport projectnummer 0463238.100 29 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer
Aantrekkelijke woonomgeving
Ruimtelijk-economische structuur Wonen en woonomgeving
de uitbreiding van het aantal woningen ook de opwekcapaciteit uitgebreid te worden. Effecten op de bereikbaarheid worden meegenomen bij de verkeerseffecten. Het toevoegen van woningen binnen het plangebied (verdichting) kan ten koste gaan van de openbare ruimte, groen en water, en de kwaliteit van de woonomgeving.
De globale effectbeoordeling geeft een beeld van de aandachtspunten in de gemeente Haarlemmermeer. In de komende paragrafen worden deze aandachtspunten nader uitgewerkt en wordt ook ingezoomd op de specifieke ontwikkelingen. Daarbij wordt beoordeeld wat de effecten zijn van het uitbreiden van het aantal woningen, binnen de reeds bestaande woningbouwontwikkeling. De effecten zijn grofweg in te delen in drie categorieën: 1.
2.
3.
3.3
Effecten vanuit omgevingsaspecten (leefomgevingsfoto) a. Geluid b. Externe veiligheid Toename van verkeer en verkeergerelateerde effecten (geluid, luchtkwaliteit, stikstof) a. Verkeerseffecten (doorstroming en verkeersveiligheid) b. Wegverkeersgeluid c. Stikstofdepositie Effecten door verdichting van het plangebied a. Klimaat (hittestress, wateroverlast) b. Ruimtelijke kwaliteit
Effecten vanuit omgevingsaspecten Het toevoegen van woningen vindt plaats op een locatie en in een gebied dat geschikt is voor woningbouw. Dat is in het planvormingsproces ten behoeve van de initiële ontwikkeling reeds onderzocht. Er zijn echter aspecten van de fysieke leefomgeving waarbij de omvang van het woningbouwprogramma een rol speelt. In de ruimtelijke plannen wordt dit doorgaans bepaald aan de hand van contouren, zones rond bronnen die overlast of risico’s met zich meebrengen. Als (uitbreiding van) woningbouw plaatsvindt binnen deze contouren, is er nader onderzoek nodig.
3.3.1
Geluid Geluid vanuit de omgeving kan de leefkwaliteit negatief beïnvloeden. Voor de geluidbelasting op woningen wordt in de eerste plaats gekeken naar de geluidbelasting op de gevel. Dit geeft inzicht in het omgevingsgeluid. De volgende bronnen van omgevingsgeluid zijn relevant voor de woningbouwontwikkelingen in Haarlemmermeer: • Industrie • Vliegverkeer • Wegverkeer • Spoorwegverkeer Industrie Activiteiten op industrie- en bedrijventerreinen kunnen zorgen voor geluidbelasting op de omgeving. Wanneer op een industrieterrein een bedrijf of industrie is gevestigd dat veel geluid
Blad 12 van 60
Omgevingsvisie Haarlemmermeer Omgevingseffectrapport projectnummer 0463238.100 29 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer
veroorzaakt, kan de geluidzone ruimtelijk vastgelegd worden. In het kader van een goede ruimtelijke ordening zijn geluidsgevoelige bestemmingen (zoals woningen) onwenselijk in deze geluidsgezoneerde gebieden. Dit geldt bijvoorbeeld voor Schiphol-Oost en De Liede. Op onderstaande figuur zijn de zonegrenzen (50 dB(A) grens) rondom geluidgezoneerde industrieterreinen weergegeven. Op de figuur zijn alleen de industrieterreinen binnen de gemeente Haarlemmermeer te zien. Industrieterreinen in andere gemeenten met een geluidzone die deels binnen de gemeente Haarlemmermeer valt, zijn hier niet in meegenomen.
Figuur 3.2 Zonegrenzen (50 dB(A) grens) rondom geluidgezoneerde industrieterreinen in Haarlemmermeer (bron: gemeente Haarlemmermeer)
Ook buiten geluidgezoneerde industrieterreinen bevinden zich bedrijven die geluid uitstoten. Om een indruk te krijgen van de uitstraling naar de omgeving worden doorgaans de richtafstanden van de VNG-brochure Bedrijven & milieuzonering gebruikt. Op basis van de milieucategorie kan de hinderafstand bepaald worden. Wanneer woningbouw buiten de hindercontouren plaatsvindt kan er meestal vanuit worden gegaan dat er geen sprake is van onaanvaardbare hinder. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen een rustige woonwijk en een gemengd gebied. Een gemengd gebied is bijvoorbeeld een locatie met diverse voorzieningen (onder andere detailhandel, maatschappelijke voorzieningen) in de directe omgeving.
Blad 13 van 60
Omgevingsvisie Haarlemmermeer Omgevingseffectrapport projectnummer 0463238.100 29 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer
Tabel 3.2 Richtafstanden per milieucategorie Milieucategorie Rustige woonwijk Milieucategorie 1 10 meter
Gemengd gebied 0 meter
Milieucategorie 2 Milieucategorie 3.1 Milieucategorie 3.2
30 meter 50 meter 100 meter
10 meter 30 meter 50 meter
Milieucategorie 4.1 Milieucategorie 4.2 Milieucategorie 5.1 Milieucategorie 5.2 Milieucategorie 5.3 Milieucategorie 6
200 meter 300 meter 500 meter 700 meter 1.000 meter 1.500 meter
100 meter 200 meter 300 meter 500 meter 700 meter 1.000 meter
Figuur 3.3 Bedrijventerreinen op basis van de maximaal toegestane milieucategorie in 20196 (bron: IBIS)
Voor milieuhinder is met name de afstand tussen de woningbouw en de bedrijven van belang. Doordat met de ontwikkelingen in de omgevingsvisie het plangebied niet wijzigt ten opzichte van de structuurvisie kan ervan uit worden gegaan dat de afstand tussen de (nieuwe) woningen en bestaande bedrijven gelijk blijft. Voor ontwikkelingen die binnen de richtafstanden van bedrijven gelegen zijn, geldt dat bij het bepalen van de geluidbelasting industrielawaai meegenomen moet worden.
6
Na 2019 hebben enkele veranderingen plaatsgevonden in de maximaal toegestane milieucategorie. Deze wijzigingen zijn niet op de kaart weergegeven.
Blad 14 van 60
Omgevingsvisie Haarlemmermeer Omgevingseffectrapport projectnummer 0463238.100 29 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer
Vliegverkeer Luchthavenindelingbesluit Schiphol Het Luchthavenindelingbesluit Schiphol (LIB) heeft betrekking op een zone rond luchthaven Schiphol. Het LIB regelt welk gebied aangewezen is voor gebruik als luchthaven en voor welk gebied daaromheen beperkingen gelden ten behoeve van de veiligheid (risico) en geluidbelasting (overlast en gezondheid). Het LIB stelt regels voor gebruik en bestemming van de gronden in deze gebieden. Er kan alleen van het LIB afgeweken worden wanneer het er vanuit het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat een verklaring van geen bezwaar afgegeven is, zodat nieuwe bebouwing of een functiewijziging mogelijk is. Concreet betekent het LIB dat de ontwikkelingen Hoofddorp-Noord en Hoofddorp-Zuid binnen het gebied met bouwbeperkingen ligt (zie Figuur 3.4).
Figuur 3.4 Het gebied waar beperkingen voor bebouwing gelden op basis van het LIB
In bijlage 3 van het LIB Schiphol zijn binnen het gebied met bouwbeperkingen verschillende categorieën opgesteld. Dichterbij Schiphol gelden beperkingen voor woningbouw en op grotere afstand van Schiphol gelden beperkingen voor de bouw van kwetsbare en geluidgevoelige objecten. Een zone rond het gebied met bouwbeperkingen is aangewezen als ‘afwegingsgebied geluid en externe veiligheid’ (LIB zone 5). Hoofddorp-Noord en Hoofddorp-Zuid liggen binnen dit afwegingsgebied. Er gelden geen bouwbeperkingen; er dient wel afgewogen te worden of er op deze locaties een veilig leefklimaat gerealiseerd kan worden. Hier wordt in de volgende paragrafen op ingegaan.
Blad 15 van 60
Omgevingsvisie Haarlemmermeer Omgevingseffectrapport projectnummer 0463238.100 29 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer
Geluidcontouren vliegverkeer Op figuur 3.5 is de indicatieve geluidbelasting van het vliegverkeer weergegeven. Hieruit valt af te leiden dat vrijwel geen enkele woningbouwontwikkeling nabij de aanvliegroutes wordt gerealiseerd. Wel geldt voor de ontwikkelingen Hoofddorp-Noord en Hoofddorp-Zuid dat er volgens het LIB bijlage 3 een afweging gemaakt moet worden met betrekking tot vliegverkeerslawaai. Een uitbreiding van het woningbouwprogramma op deze locaties kan ervoor zorgen dat het aantal inwoners dat overlast ervaart toeneemt.
Figuur 3.5 Indicatieve geluidbelasting door vliegverkeer in 2016 (bron: RIVM en gemeente Haarlemmermeer)
Grondgeluid Grote, startende vliegtuigen veroorzaken grondgeluid. Grondgeluid is het geluid dat vliegtuigen maken op het moment dat ze nog niet vliegen. Dit is laagfrequent geluid dat onder andere in Hoofddorp-Noord gehoord kan worden, maar bijvoorbeeld ook in Badhoevedorp en Overbos. De mate waarin grondgeluid ervaren kan worden is enerzijds afhankelijk van de windrichting en de mate waarin de grond geluid kan absorberen. Ter beperking van het grondgeluid zijn, aan het begin van de Polderbaan, ribbels in het landschap aangebracht. Deze ribbels beperken een deel van de hinder. Daarnaast zijn er voor grondgeluid geen wettelijke normen vastgesteld. Omwonenden (onder andere in Hoofddorp-Noord) kunnen hinder ervaren van grondgeluid. Wegverkeer Grote wegen waar veel verkeer over rijdt zorgen voor geluidbelasting op de omgeving. Naast de omvang van verkeer speelt ook de snelheid een belangrijke rol bij geluidbelasting van wegverkeer. Wegen met een snelheidsregime van 50 km/uur of meer zijn daarom ‘geluidgezoneerd’. Er geldt een zone langs de weg waar geluidgevoelige objecten niet zondermeer mogelijk zijn en onderzoek naar geluidbelasting vereist is.
Blad 16 van 60
Omgevingsvisie Haarlemmermeer Omgevingseffectrapport projectnummer 0463238.100 29 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer
Tabel 3.3 Zones waarbinnen geluidsgevoelige objecten niet zondermeer mogelijk zijn en onderzoek naar geluidbelasting vereist is. Binnen stedelijk Buiten stedelijk 1 of 2 rijstroken 200 meter 250 meter 3 of meer rijstroken 350 meter 400 meter 5 of meer rijstroken 350 meter 600 meter
Binnen de gemeente Haarlemmermeer zijn diverse geluidgezoneerde wegen gelegen. De voornaamste bronnen van wegverkeersgeluid zijn -logischerwijs- de rijkswegen en de provinciale wegen. In figuur 3.6 is de indicatieve geluidbelasting van wegverkeer (2018) weergegeven.
Figuur 3.6 Indicatie wegverkeersgeluid in 2018 (de omlegging van de A9 is hier niet in opgenomen)
Alle ontwikkelingen grenzen aan een of meerdere geluidgezoneerde wegen. Indien de nieuwe woningen toegevoegd worden binnen de betreffende geluidszone, is onderzoek naar de geluidbelasting door wegverkeer noodzakelijk. Hierbij dient ook rekening gehouden te worden met de toename van verkeer als gevolg van de nieuwe woningen (zie paragraaf 3.4.2). Spoorwegen Voor het geluid van spoorwegen geldt eenzelfde systematiek als voor wegverkeer. Alleen de ontwikkeling van Hoofddorp-centrum is binnen de geluidszone van het spoor gelegen.
Blad 17 van 60
Omgevingsvisie Haarlemmermeer Omgevingseffectrapport projectnummer 0463238.100 29 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer
Gecumuleerde geluidbelasting Op onderstaand figuur is de gecumuleerde geluidbelasting weergegeven. Dit betekent dat een inschatting is gemaakt van de gezamenlijke geluidbelasting van wegverkeer, railverkeer, vliegverkeer, industrie en windturbines. Alle woningbouwontwikkelingen hebben te maken met een geluidzone van bijvoorbeeld wegverkeer, railverkeer of vliegverkeer. Dit betekent dat bij elke woningbouwontwikkeling een akoestisch onderzoek noodzakelijk is om uit te wijzen of de woningbouw past binnen de wettelijke norm voor geluidbelasting van diverse bronnen.
Figuur 3.7 Indicatie gecumuleerde geluidbelasting (bron: Atlas van de Regio)
Maatregelen voor geluid Bij de woningbouwontwikkelingen moet akoestisch onderzoek bepalen wat de daadwerkelijke geluidbelasting binnen het gebied is. In dit onderzoek dienen ook maatregelen onderzocht te worden. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen bronmaatregelen, overdrachtsmaatregelen en gebouwmaatregelen. Bronmaatregelen Bij de woningbouwontwikkelingen liggen de relevante geluidsbronnen grotendeels buiten het plangebied. Bronmaatregelen voor wegverkeer op rijks- of provinciale wegen, vliegverkeer of spoorweglawaai zijn daarom lastig te realiseren. Op lokale wegen kan de gemeente maatregelen treffen door stiller asfalt toe te passen. Daarnaast dragen maatregelen die leiden tot afname van
Blad 18 van 60
Omgevingsvisie Haarlemmermeer Omgevingseffectrapport projectnummer 0463238.100 29 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer
wegverkeer, zoals het stimuleren van fiets of OV-gebruik, ook tot een lichte afname van het wegverkeersgeluid. Overdrachtsmaatregelen De gemeente heeft wel mogelijkheden om de overdracht van geluid van de bron naar de woningen te verminderen. Een bekende overdrachtsmaatregel is de toepassing van een geluidscherm langs grote wegen. Met name langs auto(snel)wegen zijn geluidschermen een doelmatig middel om de geluidbelasting terug te dringen. Bij grote woningbouwontwikkelingen in de nabijheid van de provinciale wegen kan een geluidscherm leiden tot een forse reductie van de geluidbelasting in het gehele woongebied. Vliesgevels7 hebben een vergelijkbaar effect voor de gebouwen waar dit toegepast wordt, maar leiden tot minder afname van geluidbelasting in het woongebied. Tot slot kan ingezet worden op de toepassing van diffractoren (zie kader). Gebouwmaatregelen Door gebouwmaatregelen te treffen wordt niet zozeer de geluidbelasting op de gevel verminderd, maar moeten de maatregelen leiden tot een aangenaam binnenklimaat. Door bijvoorbeeld het toepassen van goede gevelisolatie wordt voorkomen dat de hoge geluidbelasting op de gevel de woning ‘binnendringt’. Daarnaast kan geluidadaptief gebouwd worden. Dit houdt in dat maatregelen getroffen worden in de fysieke leefomgeving, die de hoorbaarheid van grondgeluid en/of overvliegende vliegtuigen verminderen (zie kader).
7
Een vliesgevel wordt ook wel gordijngevel of glasgevel genoemd. Een vliesgevel is een niet-dragende gevel, waardoor deze van bijvoorbeeld glas kan worden gemaakt. Serres en logia’s zijn voorbeelden van vliesgevels die volledig gesloten kunnen worden, waarmee de geluidbelasting binnenshuis beperkt blijft.
Blad 19 van 60
Omgevingsvisie Haarlemmermeer Omgevingseffectrapport projectnummer 0463238.100 29 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer
Diffractoren Een relatief nieuwe overdrachtsmaatregel om geluidbelasting van wegverkeer te verminderen is de toepassing van diffractoren. Wegverkeersgeluid wordt voornamelijk veroorzaakt door het geluid van de banden op het wegdek. Dit geluid verplaatst zich horizontaal. Diffractie is het natuurkundige fenomeen dat geluidgolven af kunnen buigen. Een diffracterend element langs de weg buigt de geluidgolven in meer verticale richting in plaats van horizontaal. Dit element kan een strook of een half hoge afscheiding (circa 1 meter) zijn langs de weg (zie figuur 3.5).
Figuur 3.8 Impressie van de werking van een diffractor langs een autoweg
Het effect van een diffractor is afhankelijk van de afstand tussen de woningen en de weg. Een vermindering van de geluidbelasting op de gevel met 2 tot 4 dB is hiermee mogelijk. Ook kan een diffractor op een geluidscherm toegepast worden. Een geluidscherm van 2 meter hoog kan hiermee een vergelijkbaar effect op de geluidbelasting hebben als een scherm van 4 meter hoog. Een diffractor is een geschikte maatregel bij woningbouw langs drukke wegen, waar woningen op meer dan 10 meter afstand van de weg gesitueerd zijn. Geluidadaptief bouwen De gemeente Haarlemmermeer heeft nauwelijks invloed op het geluid dat veroorzaakt wordt door vliegverkeer. Om geluidsoverlast van vliegverkeer te verminderen kan ingezet worden op geluidbewust bouwen (ook wel geluidadaptief genoemd). Dit wordt gedefinieerd als: in het ruimtelijk plan voor woon- en werkmilieus de locatiespecifieke situatie afstemmen op de geluidsbehoeften van bewoners en gebruikers. De provincie Noord-Holland heeft hiervoor vier algemene ontwerpprincipes opgesteld: • Bouw gebouwen zoveel mogelijk parallel aan de vliegrichting; • Kies zoveel mogelijk voor aaneengesloten en doorlopende bouwvolumes; • Verminder reflecties door absorberende gevelmaterialen; • Buig reflecties af door middel van schuine vlakken.
3.3.2
Omgevingsveiligheid Omgevingsveiligheid (voorheen bekend als externe veiligheid) beschrijft de risico's die ontstaan als gevolg van transport, opslag of handelingen met gevaarlijke stoffen. Ook de risico’s die de nabijheid van een luchthaven geven vallen onder omgevingsveiligheid. Omgevingsveiligheid kan betrekking hebben op inrichtingen (bedrijven), transportroutes en buisleidingen. Met betrekking tot omgevingsveiligheid wordt gesproken over twee typen risico’s: het plaatsgebonden risico en het groepsrisico.
Blad 20 van 60
Omgevingsvisie Haarlemmermeer Omgevingseffectrapport projectnummer 0463238.100 29 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer
Het plaatsgebonden risico (PR) geeft de kans, op een bepaalde plaats, om te overlijden ten gevolge van een ongeval bij een risicovolle activiteit. De kans heeft betrekking op een fictief persoon die de hele tijd op die plaats aanwezig is. Het groepsrisico (GR) is een maat voor de kans dat bij een ongeval een groep slachtoffers valt met een bepaalde omvang. Het GR is daarmee een maat voor de maatschappelijke ontwrichting bij een calamiteit. In figuur 3.9 zijn de risicocontouren weergegeven. Daarnaast zijn op de figuur ook routes weergegeven waarover gevaarlijke stoffen worden getransporteerd. Hieruit blijkt dat de woningbouwontwikkelingen niet plaatsvinden binnen de 10-6 risicocontouren (de kans op een ongeval is daar 1 op de miljoen per jaar). Er ontstaan daarmee geen relevante effecten met betrekking tot het plaatsgebonden risico. Wel is een aantal woningbouwontwikkelingen gelegen in de nabijheid van een buisleiding en/of een route voor gevaarlijke stoffen. Dit betreffen de ontwikkelingen De Pionier Bols, Nieuw-Vennep West en Hoofddorp-Noord. Deze ontwikkelingen zijn alle drie beoogd in de nabijheid van een hoge druk aardgasleiding. Daarnaast geldt voor Hoofddorp-Noord dat de ontwikkeling direct naast de N201 beoogd is. Over deze weg worden gevaarlijke stoffen getransporteerd. Voor de ontwikkelingen De Pionier Bols, Nieuw-Vennep West en Hoofddorp-Noord gelden risico’s.
Met de komt van de Omgevingswet werkt de gemeente Haarlemmermeer in het omgevingsplan de beschermingsdoelstellingen uit de omgevingsvisie verder uit. De hiervoor genoemde ontwikkelingen met een risico met betrekking tot omgevingsveiligheid dienen te worden getoetst aan deze regels. Vervolgens moeten eventuele maatregelen getroffen worden om het plaatsgebonden risico aanvaardbaar te houden. Voor het groepsrisico bestaat geen norm, maar er geldt een verantwoordingsplicht. Met de komst van de Omgevingswet kan gewerkt worden met aandachtsgebieden. Aandachtsgebieden zijn gebieden rondom activiteiten met gevaarlijke stoffen die zichtbaar maken waar mensen binnenshuis, zonder aanvullende maatregelen, onvoldoende beschermd zijn tegen de gevolgen van ongevallen met gevaarlijke stoffen (branden, explosies of gifwolken). Daarmee is het aandachtsgebied een instrument voor bedrijven, bestuur en inwoners om het gesprek over veiligheid en bescherming te starten in een vroegtijdig stadium van het ruimtelijk proces. De regels voor het aanwijzen van aandachtsgebieden staan beschreven in het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) en het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl). Een bijzondere vorm van omgevingsveiligheid is het risico op een vliegtuigongeval. Dit risico is relevant voor de gemeente Haarlemmermeer door de aanwezigheid van luchthaven Schiphol.
In het Luchthavenindelingbesluit (LIB) is een specifieke verantwoordingsplicht voor woningbouw opgenomen. Zone 5 uit het LIB geeft aan waarbinnen deze extra motivering noodzakelijk is (zie figuur 3.4).
Blad 21 van 60
Omgevingsvisie Haarlemmermeer Omgevingseffectrapport projectnummer 0463238.100 29 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer
Figuur 3.9 Risicobronnen met betrekking tot externe veiligheid (bron: Risicokaart en gemeente Haarlemmermeer)
3.3.3
Conclusie Effecten en aandachtspunten per ontwikkeling De effecten van de omgevingsaspecten geluid en omgevingsveiligheid zijn locatie gebonden. De locatie van het plangebied bepaalt of en in welke mate er effecten te verwachten zijn. Dit is in onderstaand overzicht opgenomen. Binnen de ontwikkeling kunnen maatregelen getroffen worden om negatieve effecten te voorkomen of te verminderen.
Blad 22 van 60
Omgevingsvisie Haarlemmermeer Omgevingseffectrapport projectnummer 0463238.100 29 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer
Ontwikkeling Lisserbroek Pionier Bols Nieuw-Vennep West Stadscentrum Hoofddorp Hoofddorp-Noord Cruquiushof en Cruquius Hoofddorp-Zuid
Algemeen Licht negatief Licht negatief
Geluid Met maatregelen Neutraal Licht negatief
Omgevingsveiligheid Algemeen Met maatregelen Neutraal Neutraal Licht negatief Neutraal
Licht negatief
Neutraal
Licht negatief
Neutraal
Licht negatief
Licht negatief
Neutraal
Neutraal
Negatief
Licht negatief
Licht negatief
Neutraal
Licht negatief
Neutraal
Neutraal
Neutraal
Negatief
Licht negatief
Neutraal
Neutraal
Geluid Voor alle ontwikkelingen geldt dat omgevingsgeluid een aandachtspunt is. Op projectniveau is het daarom van belang dat er een geluidberekening wordt uitgevoerd waarin de geluidbelasting wordt getoetst aan de grenswaarden. Uit deze berekeningen zullen naar verwachting verschillen binnen woningbouwontwikkelingen optreden. Woningen in de directe nabijheid van een geluidsbron zullen meer geluidbelasting ervaren dan woningen verder van de bron vandaan. Uit deze onderzoeken op projectniveau volgen eventueel te nemen maatregelen om de geluidbelasting te verminderen en een goed woon- en leefklimaat te creëren. Omwonenden van Schiphol hebben daarnaast te maken met grondgeluid. De gemeente heeft beperkte invloed op het verminderen van grondgeluid en Rijksnormering ontbreekt. In samenwerking met de provincie en het Rijk kunnen passende maatregelen gezocht worden. Voor enkele ontwikkelingen is de verwachting dat ook na het treffen van maatregelen een relatief hoge geluidbelasting blijft bestaan. De ontwikkelingen in Hoofddorp liggen in de directe nabijheid van drukke wegen en/of het spoor en binnen het afwegingsgebied voor geluid van vliegverkeer. Binnen de ontwikkeling zelf zijn er naar verwachting beperkte mogelijkheden om de geluidbelasting terug te dringen.
Gemeentebrede maatregelen, zoals het terugdringen van het autoverkeer of het creëren van rustige parken en binnentuinen of het aanwijzen van stille lokale gebieden waar minder geluidbelasting wordt geaccepteerd kunnen een bijdrage leveren aan het creëren van een goed woon- en leefklimaat voor deze ontwikkelingen. Tot slot kunnen experimenten met geluidadaptief bouwen nieuwe, toepasbare inzichten geven. Omgevingsveiligheid Tot slot geldt dat er geen ontwikkelingen zijn beoogd binnen PR-contouren. Wel geldt voor de ontwikkelingen De Pionier Bols, Nieuw-Vennep West en Hoofddorp-Noord dat deze beoogd zijn direct langs een transportroute voor gevaarlijke stoffen. Deze ontwikkelingen dienen getoetst te worden aan de regels voor het plaatsgebonden risico die uitgewerkt worden in het omgevingsplan. Maatregelen, zoals het niet-toestaan van functies voor kwetsbare groepen binnen de aandachtsgebieden, het aanwijzen en vastleggen van schuillocaties en vluchtroutes, dragen bij aan de veiligheid binnen de woongebieden.
Blad 23 van 60
Omgevingsvisie Haarlemmermeer Omgevingseffectrapport projectnummer 0463238.100 29 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer
Gemeentebrede aandachtspunten en aanbevelingen Geluid In en rond de gemeente Haarlemmermeer zijn diverse grote geluidbronnen aanwezig. Zeker bij ontwikkelingen in de nabijheid van het spoor, de rijkswegen en de grote provinciale wegen zal de geluidbelasting ook met het toepassen van maatregelen relatief hoog zijn. Het is daarom aan te bevelen om binnen de gemeente gebieden aan te wijzen of te creëren waar rust en stilte voorop staan. In stedelijke gebieden kunnen autoluwe of -vrije straten bijdragen aan de afname van wegverkeersgeluid. Dit kan gecreëerd worden door bijvoorbeeld centrale parkeergelegenheden aan te leggen of open, groene binnenplaatsen of hofjes te creëren. In het buitengebied kunnen natuur- en recreatiegebieden functioneren als ‘lokaal stilgebied’ door nabije geluidsbronnen goed af te schermen, voldoende begroeiing aan te leggen en evenementen en activiteiten te beperken en te zoneren. Naast de recreatieve functie voor inwoners kan zo’n gebied ook een belangrijke bijdrage leveren aan het verbeteren van de natuur- en landschapswaarden van de gemeente. Natuurwaarden in de directe nabijheid van woongebieden leidt ook tot verbetering van de gezondheid door verbetering van de luchtkwaliteit en afname van hitte-stress. Het is aan te bevelen om hiervoor in de omgevingsvisie ambities te stellen en potentieel geschikte locaties vast te leggen. ➢ ➢
Mogelijkheden voor autoluwe of -vrije zones per ontwikkeling nader onderzoeken en uitwerken (zie ook paragraaf 3.4.3). Ambitie(s) voor natuur- en recreatiegebieden in de nabijheid van woongebieden opnemen.
3.4
Verkeer en verkeergerelateerde effecten
3.4.1
Verkeersgeneratie en -afwikkeling Verkeersbeeld van de referentiesituatie Door de autonome groei van de gemeente Haarlemmermeer en de omliggende gemeenten, neemt het verkeer steeds meer toe. Op basis van het verkeersmodel Noord-Holland-Zuid wordt ten opzichte van 2018 een autonome groei van woningen en arbeidsplaatsen van 33% respectievelijk 14% verwacht. Dat betreft de ontwikkelingen binnen Haarlemmermeer en de ontwikkelingen in de omgeving, zoals de groei van de Metropoolregio Amsterdam, waar Haarlemmermeer deel van uitmaakt, en andere omliggende gemeenten. Met name de groei in de Bollenstreek en ZuidKennemerland is voor Haarlemmermeer relevant, doordat een deel van deze gemeenten via Haarlemmermeer (N201, N207) het hoofdwegennet bereikt. Ook de Bennebroekerwegen zijn een belangrijke ontsluitingsroute voor autoverkeer van en naar het westen. Als het gevolg van deze ontwikkelingen in en rondom de gemeente Haarlemmermeer kunnen knelpunten in de doorstroming van verkeer ontstaan. De woningen en arbeidsplaatsen die worden gerealiseerd hebben namelijk een verkeersaantrekkende werking. Het huidige wegennet kan deze toename niet altijd aan, waardoor knelpunten ontstaan. Onderstaand figuur geeft bijvoorbeeld weer welke verkeerstoename wordt verwacht rondom Hoofddorp.
Blad 24 van 60
Omgevingsvisie Haarlemmermeer Omgevingseffectrapport projectnummer 0463238.100 29 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer
Figuur 3.10 Indicatie van de autonome groei (o.b.v. het verkeersmodel Noord-Holland-Zuid) van het autoverkeer rond Hoofddorp8
De figuur is gebaseerd op het verkeersmodel Noord-Holland-Zuid (2018) en laat een verschilberekening zien tussen de huidige situatie (2018) en de verwachte situatie in 2030 wanneer het aantal woningen en arbeidsplaatsen in de gemeente is toegenomen. Op de figuur is te zien dat vrijwel alle wegen te maken krijgen met een toename van verkeer, zo ook de Bennebroekerwegen. Op het deel van de Bennebroekerweg tussen de A4 en Hoofddorp wordt bijvoorbeeld een toename van circa 5.000 motorvoertuigen per etmaal verwacht. De Nieuwe Bennebroekerweg krijgt naar verwachting te maken met een toename van circa 3.000 motorvoertuigen per etmaal. De prognoses voor verkeer zijn gebaseerd op de woningbouwaantallen uit de structuurvisie. Met de omgevingsvisie nemen de woningbouwontwikkelingen in omvang toe, waardoor ook meer verkeer wordt verwacht. Hierdoor kan de doorstroming van het verkeer verder verslechteren. Daarnaast zijn voor enkele ontwikkelingen verkeersonderzoeken uitgevoerd met recentere verkeerscijfers. Deze onderzoeken zijn meegenomen in de effectbeoordeling.
8
Op de figuur staat de randweg Zwaanshoek, als onderdeel van de Duinpolderweg. Inmiddels is duidelijk dat dit plan geen doorgang vindt.
Blad 25 van 60
Omgevingsvisie Haarlemmermeer Omgevingseffectrapport projectnummer 0463238.100 29 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer
Ontwikkeling Lisserbroek
Pionier Bols
Nieuw-Vennep West Stadscentrum Hoofddorp
Hoofddorp-Noord Cruquiushof en Cruquius Hoofddorp-Zuid
Onderzoek verkeersafwikkeling Deze ontwikkeling ligt direct langs de N207. Hier is voldoende capaciteit aanwezig. De uitbreiding van het aantal woningen vraagt op een gegeven moment wel om een extra aansluiting op de N207. Het verkeersonderzoek (Antea Group, d.d. 8 november 2019) voorziet knelpunten op vier rotondes en kruispunten als gevolg van de initiële ontwikkeling. Door een forse uitbreiding van de plannen (1.100 woningen extra) zal het aantal knelpunten en/of de mate waarin de kruispunten en rotondes een knelpunt vormen toenemen. Deze ontwikkeling grenst direct aan de N205. Hier is voldoende capaciteit aanwezig. Een parallelle structuur aan de IJweg is nodig om de IJweg te ontlasten. Uit het verkeersonderzoek voor het Aprisco terrein en het Post NL-gebouw (Antea Group, d.d. 7 mei 2020) blijkt dat de verkeersaantallen zullen afnemen doordat het huidige parkeerterrein meer verkeer genereert dan de beoogde woningen. Aanvullend onderzoek moet uitwijzen hoe het verkeer zich op de overige locaties in het Stadscentrum Hoofddorp zal ontwikkelen. De eerste fase van de ontwikkeling grenst aan de N201. De capaciteit van deze weg is voldoende. Voor de langere termijn is verlegging van de N201 beoogd. Er is mogelijk een extra aansluiting op de N205 nodig. Aansluiten op bestaande infrastructuur. Ontwikkeling van de Bennebroekerwegen is hierbij van belang.
Bepalen van de verkeersgeneratie De toevoeging van woningen leidt tot een toename van voertuigbewegingen. Bewoners verplaatsen zich om naar het werk te gaan, kinderen naar school te brengen of om boodschappen te doen. Een deel van de verplaatsingen gebeurt met de auto. Hoe groot dit aandeel is en om hoeveel verplaatsingen dit gaat is afhankelijk van diverse aspecten. Het CROW heeft kengetallen opgesteld, waarmee een inschatting gemaakt kan worden van het aantal voertuigbewegingen per woning. Het kengetal is onder andere afhankelijk van: • Het woningtype: grotere woningen en koopwoningen leiden doorgaans tot meer voertuigbewegingen ten opzichte van goedkopere (huur)woningen. • Stedelijkheid van het gebied: grote steden hebben doorgaans meer voorzieningen op loop- of fietsafstand en een uitgebreider OV-netwerk. Het autogebruik per woning ligt dan lager ten opzichte van woningen op grotere afstand van deze voorzieningen. De stedelijkheid wordt bepaald op basis van omgevingsadressendichtheid. • Ligging ten opzichte van centrum: woningen aan de rand van stedelijk gebied hebben minder OV-voorzieningen in de omgeving, terwijl het hoofdwegennet juist snel bereikbaar is. Hier is het autogebruik dan ook hoger. Om de verkeersgeneratie per ontwikkeling in te schatten is de mate van stedelijkheid binnen de gemeente Haarlemmermeer weergegeven op onderstaand figuur.