2026-01-08 Sessiedebat RV Beleidsplan Schuldhulpverlening 2026-2029
Tekst van het document
VERSLAG VAN DE SESSIE VAN DE RAAD DER GEMEENTE HAARLEMMERMEER OP DONDERDAG 8 JANUARI 2026 Onderwerp:
RV Beleidsplan Schuldhulpverlening 2026-2029 (12806361)
Voorzitter:
dhr. M. Achterbergh
De leden: dhr. M.L. Beusenberg, mw. M.K. Denie, mw. K. van Goethem, dhr. H.C.M. Koning, mw. A.N. Mees-Marhe, mw. S. van de Meeberg, dhr. F. Sidali, dhr. J.C. Soellaart, dhr. E. Vermeulen, mw. M. Woolthuis Griffier: mw. V.L. Bauer Portefeuillehouder: dhr. C. El Idrissi Insprekers: Geen
De VOORZITTER: Goedenavond allemaal, ik open dit eerste sessiedebat van 2026. Ik wil u vanaf deze plek in ieder geval het beste voor 2026 wensen en we gaan er weer een mooi jaar van maken, althans dat hoopt deze voorzitter. Welkom bij het sessiedebat over het raadsvoorstel Beleidsplan Schuldhulpverlening 2026-2029 waarmee het bestaande beleid wordt geactualiseerd. Het doel is om de bestaanszekerheid van inwoners die financiële problemen hebben of daarin dreigen te komen, te versterken en door dat te doen tijdig, effectief en wanneer nodig duurzaam te ondersteunen. Hierbij zijn drie concrete actielijnen: schulden voorkomen, schulden aanpakken en beperken en schulden snel en duurzaam oplossen. Voor dit sessiedebat hebben zich geen insprekers gemeld. Graag wil ik alle deelnemers aan deze sessie verzoeken om niet het woord rechtstreeks tot elkaar te richten, maar dit altijd via de voorzitter te doen en u weet, deze voorzitter houdt u daar graag aan. Tot zover de technische mededeling. Technische vragen zijn natuurlijk niet toegestaan, dat weet u ook. Wie mag ik als eerste het woord geven? Dat is D66, mevrouw Van de Meeberg. Mevrouw VAN DE MEEBERG: Dank u wel voorzitter.
Goed, de laatste keer dat wij met deze raad over schuldhulpverlening spraken was in november 2024 en toen kregen we de toezegging van wethouder El Idrissi dat er eind Q2 2025 een beleidsstuk zou liggen maar helaas is dat niet gelukt. We hebben toen inhoudelijk over een aantal zaken gesproken en daar wil ik het graag nu weer over hebben. Preventie was toen in dat gesprek voor meerdere fracties een heel belangrijk onderwerp en het is goed om te lezen dat dit ook in het beleid is verwerkt, maar voorzitter, ik heb een probleem met de toegankelijkheid van het beleidsstuk zelf. Het is natuurlijk een beleidsstuk, maar het gaat wel over inwoners. Het taalgebruik is op academisch niveau terwijl we allemaal weten dat heel veel mensen, ook mensen die met schulden worstelen, die ook worstelen met brieven, formulieren en digitale systemen… Waarom schrijven we nou niet gewoon ook ons beleidsstuk al op B1, samen met ervaringsdeskundigen? Dan nog een aantal thema's dat ik wil bespreken. De rol van de overheid als schuldeiser. We weten allemaal dat de rijksoverheid de grootste schuldeiser is, ook van mensen met problematische schulden, en het is goed dat we zijn aangesloten bij het Convenant Lokale Overheid en dat we zijn aangesloten bij de Landelijke pauzeknop.
Zodra een inwoner bij de gemeente om hulp komt vragen, worden schulden bevroren maar we lezen dat schuldhulpverleners een pauze kunnen aanvragen. Voorzitter, ik zou willen weten of het mogelijk is om die pauzeknop standaard aan te zetten zodra een inwoner zich meldt. In 2025 spraken we over de rommelige uitvoering van de schuldhulp, we spraken over een gebrek aan structuur, versnippering, over het belang van vaste herkenbare locaties zoals, en daar hebben we het Conceptverslag Sessiedebat RV Beleidsplan Schuldhulpverlening 2026-2029 8 januari 2026
1
toen ook over gehad, Maatvastlocaties in de kernen. Ik lees het niet terug in het voorstel. Kan de wethouder aangeven waarom hier niet op wordt teruggekomen en wat de concrete plannen op dat onderwerp zijn? Nog een belangrijk thema, wantrouwen. Bij veel inwoners is er diepgeworteld wantrouwen richting de overheid als het gaat om geldzaken en het is opvallend dat het woord 'vertrouwen' niet in het plan voorkomt. Welke stappen gaat de wethouder op dit gebied zetten? Voorzitter, wat D66 betreft is de schuldhulpverlening niet alleen een wettelijke taak, maar ook een morele opdracht, een opdracht om mensen in financiële nood niet te veroordelen maar te ondersteunen. De maatschappelijke opbrengsten van goede schuldhulpverlening worden vooralsnog niet besproken. Waarschijnlijk zijn die maatschappelijke opbrengsten groter dan de kosten die ermee zijn gemoeid en ik vroeg me af hoe de wethouder dat ziet. Graag deel ik afsluitend complimenten uit over het programma MoneyWays dat door de gemeente wordt ondersteund. Met dat programma leren peer educators jongeren over geldzaken en ik kan uit ervaring vertellen dat dit heel veel impact heeft. Tot zover, dank u wel. De VOORZITTER: Dank u wel mevrouw Van de Meeberg. Dan gaan we naar het Lid Sidali, u hebt het woord. De heer SIDALI: Dank u wel voorzitter.
Voorzitter, het is mooi dat het college nu eindelijk overgaat tot het in eigen beheer nemen en uitvoeren van het traject Schuldhulpverlening. Ik heb hier samen met andere raadsleden al sinds 2022 aandacht voor gevraagd en het heeft te lang geduurd voordat we op dit punt zijn gekomen. In 2021 waren er toenemende klachten over PLANgroep, lange wachttijden, gebrek aan transparantie, onvoldoende grip op kwaliteit, en toch schreef het college op 9 november 2022 in zijn brief en ik citeer "Het advies is dan ook om het proces opnieuw uit te besteden. Gezien de klachten en de ervaren knelpunten in het proces heeft dit scenario het potentieel om deze op te lossen met de minste investering." Het college was er dus niet van overtuigd voorzitter, dat zelf uitvoeren beter zou zijn. Sterker nog, het college ging opnieuw met PLANgroep in zee. Voorzitter, het college denkt er nu gelukkig anders over. Dat waardeer ik, maar, en dat is een grote maar, het college gaat niet ver genoeg, het college toont te weinig ambitie als het gaat om een aantal punten. Een is de vroegsignalering. De VOORZITTER: Mag ik… Dat is een mooie knip. U krijgt een interruptie van mevrouw Van de Meeberg en daarna is uw tijd op. Mevrouw VAN DE MEEBERG: Heel goed, dank u wel voorzitter.
Ik hoorde mijnheer Sidali iets zeggen over het in eigen hand nemen van de regie terwijl we in het vorige evaluatiestuk hebben gelezen dat de uitvoering bij de gemeente door interne strubbelingen juist helemaal niet zo lekker liep. Is het dan wel een goed idee, vindt mijnheer Sidali het dan een goed idee, om toch die regie in eigen handen te nemen terwijl we de uitvoering zelf niet helemaal goed onder controle hebben? De VOORZITTER: Mijnheer Sidali. De heer SIDALI: Ik weet niet wat u hebt gelezen maar volgens mij is het college nu echt bezig om het juist in eigen beheer te nemen, gefaseerd. Er is een deel dat gewoon nog echt bij Verder ligt, de intake komt bij de gemeente te liggen, dus heel veel gaat nu in eigen beheer. Dus ik weet niet welk stuk u aanhaalt maar ja voorzitter, ik ben het er ongelooflijk mee eens dat we het in eigen beheer gaan nemen. De VOORZITTER: De volgende keer wel graag via de voorzitter. De heer SIDALI: Ja, dank u wel voorzitter, dat zal ik zeker doen. Ik was gebleven bij een aantal ambities dat wat mij betreft onvoldoende is en dat is de vroegsignalering. De participatieraad is enigszins Conceptverslag Sessiedebat RV Beleidsplan Schuldhulpverlening 2026-2029 8 januari 2026
2
verbaasd dat pas halverwege 2027 verder uitwerking aan vroegsignalering in eigen hand wordt gegeven. Tot slot. De participatieraad mist de motivatie van waarom de gemeente niet aansluit bij het Jongerenperspectief Fonds en Geldfit, beide bewezen effectieve instrumenten. Het college zegt dat er geen middelen beschikbaar zijn, maar waar is dan de ambitie? Het college antwoordt met 'we begrijpen uw standpunt, maar ons budget is niet onbeperkt'. Dat is natuurlijk ook zo voorzitter, maar dan maak je volgens mij dus de verkeerde politieke keuzes wanneer armoedebestrijding echt een prioriteit is. Waarom wil het college geen extra middelen uittrekken voor de topprioriteit armoedebestrijding? Ik laat het hierbij voorzitter. De VOORZITTER: Dank u wel. De heer SIDALI: En gezien de discussie straks kunnen we nog altijd kijken of we nog met een motie komen of niet. Ik hou dat in... De VOORZITTER: Dank u wel mijnheer Sidali, u hebt geen spreektijd meer. Dan gaan we naar HAP of H A P, zoals wij vanmiddag begrepen. Mevrouw Woolthuis. Mevrouw WOOLTHUIS: Dank u wel voorzitter. In naam van financiële bestaanszekerheid is het beleidsplan Schuldhulpverlening een logische en noodzakelijke stap. Als gemeente hebben we jarenlang onder het landelijk gemiddelde gelegen als het gaat om huishoudens met problematische schulden.
Echter, we zien dat we in de laatste vier jaar langzaam richting het landelijk gemiddelde groeien, een signaal om over te gaan op dit beleidsplan om inwoners in deze kwetsbare situatie beter te kunnen dienen. Dat is een compliment waard, voor ons als raad en voor het college, maar ook zeker voor de voorgangers die al de wens hadden om de schuldhulpverlening in eigen beheer te nemen. Toen waren we er nog niet klaar voor, maar nu gaan we het toch echt doen. Daarnaast spreken we onze complimenten en dank uit aan alle betrokken ambtenaren, ervaringsdeskundigen, ketenpartners en de participatieraad voor de geleverde input en inzet. Voorzitter, dit beleid is erop gericht om schulden voor inwoners te voorkomen, om schulden aan te pakken en te beperken en om schulden sneller en duurzaam op te lossen. Dit hele stuk ademt dat de kwetsbare doelgroep centraal staat en ondanks dat HAP volmondig met dit beleidsplan kan instemmen, hebben wij ook een puntje van kritiek. Wij vinden de formulering van het volgende meetbare doel ongelukkig gekozen. Met het zelf uitvoeren van de schuldhulpverlening verwachten wij dat de kwaliteit van de dienstverlening zal verbeteren. Voorzitter, dat is een mooi streven, betere dienstverlening, dat willen we allemaal en dan ook nog eens voor deze kwetsbare groep inwoners. Daar kunnen we natuurlijk niet tegen zijn.
Echter, deze formulering lijkt zijn doel voorbij te schieten en doet voor ons afbreuk aan de drie actiepunten van dit beleidsplan. Dit beleid is niet om de dienstverlening te verbeteren, dit plan is er om de meest kwetsbare inwoner te dienen. Dat de dienstverlening binnen de schuldhulpverlening erdoor verbetert, is voor HAP een logisch gevolg, of is deze formulering puur en alleen gekozen om het doel meetbaar te maken en hoe zit het dan bij de evaluatie als er toch onverhoopt meer en hogere schulden zijn of mensen langer in de schuld zitten, hebben wij dan gefaald, zegt dat dan ook iets over het beleidsplan en zo ja, welke conclusies zouden hieraan verbonden moeten worden? We horen graag een reactie van de portefeuillehouder. Voorzitter, tot slot. Helaas is gebleken dat problematische schulden ook steeds meer jongeren raken. HAP is dan ook blij te zien dat de jongeren apart in het beleidsplan zijn opgenomen en dat scholen hier ook actief in betrokken zullen worden, mede omdat het hebben van schulden vaak een gevolg is van onderliggende problematiek en daarom nooit alleen komt. Mooi dat de verschillende handen ineen worden geslagen om deze doelgroep ook beter te gaan helpen. Tot zover. De VOORZITTER: Dank u wel en uw spreektijd is op. Dan gaan we naar de ChristenUnie-SGP, de heer Soellaart.
Conceptverslag Sessiedebat RV Beleidsplan Schuldhulpverlening 2026-2029 8 januari 2026
3
De heer SOELLAART: Voorzitter, we zullen dit raadsvoorstel steunen. Wij zijn blij dat de pilot Eropaf wordt doorgezet en we zijn benieuwd of de regierol van de gemeente zijn vruchten gaat afwerpen. Wat ons als ChristenUnie-SGP echter van het hart moet, is dat wij de wethouder kennen als iemand die is begaan met de medemens en zich erg inzet voor de mensen in moeilijkheden en daar zijn we dankbaar voor. Wij verbazen ons echter over hoe er in dit raadsvoorstel bijna achteloos wordt geconstateerd dat het aantal huishoudens met problematische schulden lager is dan het landelijke gemiddelde. Zoals ik in de anderhalf jaar dat ik nu commissielid ben vaak heb gezien, wordt dat gepresenteerd in de trant van 'wij in Haarlemmermeer zijn goed bezig' terwijl ik zelf schrik van 8,7% van de huishoudens, hoeveel personen, hoeveel kinderen, zijn dat? Wat een ramp is dat voor hen. Wij begrijpen de reactie van de participatieraad dan ook heel goed en wij hopen dat met hetzelfde budget meer kan worden bereikt. We zijn benieuwd of de actualisatie meer mensen uit de schulden zal houden, een deel van onze inwoners heeft dat heel hard nodig. Tot zover voorzitter. De VOORZITTER: Dank u wel mijnheer Soellaart. Dan gaan we naar het CDA, de heer Koning. De heer KONING: Voorzitter, voor ons ligt het beleidsplan Schuldhulpverlening 2026-2029 ter vaststelling, dat is een wettelijke verplichting.
Wij hebben de verschillende opgenomen uitgangspunten hiervan al eens eerder besproken, zo is al eerder besloten om intake, stabilisatie en nazorg zelf te gaan doen en dus bij de externe partij weg te halen. Dat vindt het CDA nog steeds een goed voornemen. Ook wordt in 2026 een voorstel verwacht om de vroegsignalering zelf te gaan doen. We wachten eerst de praktijkuitkomsten van de eerste drie overdrachten af, dat vinden we verstandig. Het eerste waar je van schrikt, is dat in onze gemeente 6060 huishoudens geregistreerde schuldenproblematiek hebben. Wat is er met dit land aan de hand? Het hele beleidsplan staat vol voornemens om financiële problemen bij gezinnen te voorkomen, we richten ons met verschillende initiatieven op jongeren en statushouders, er wordt middels een netwerk intensief samengewerkt met partners, vrijwilligersorganisaties, ervaringsdeskundigen, lokale ondernemers, maatschappelijk werk en bewindvoerders, maar ook qua monitoring met de Benchmark Armoede & Schulden van Divosa en met het CBS. Het CDA is blij dat het project Eropaf wordt voortgezet, we hebben hier bij de vorige bespreking ook op aangedrongen. Van de 137 aangemelde ontruimingen zijn er tot 2024 121 voorkomen. Dat is een enorme kostenbesparing, preventie door snel acteren loont dus.
Nu we het toch over geld hebben, gelukkig blijven we met de voornemens uit het beleidsplan binnen de nu geldende financiële kaders. Ook mooi om vast te stellen dat alle saneringskredieten waar wij garant voor staan door de gesaneerden zelfstandig aan de Kredietbank Nederland zijn terugbetaald. Ook heeft goede participatie met de participatieraad plaatsgevonden. Ten slotte hebben wij nog een opmerking bij de overdrachtsmomenten. Vroeger deed een externe partij alles en nu doet de gemeente drie onderdelen. Als de gemeente bijvoorbeeld de intake heeft gedaan en deze aan de externe partij die de schuldenregeling uitvoert moet worden overgedragen, kost dat allemaal tijd; er moet een overdrachtsdocument worden gemaakt en besproken en het is ook denkbaar dat bij de intake zaken niet zijn meegenomen. De externe partij die de volgende stap uitvoert, wordt hierdoor onaangenaam verrast en dat kan over en weer tot een hoop gezeur leiden. Het CDA wil graag dat de overdracht… De VOORZITTER: Rondt u af mijnheer Koning? De heer KONING: Ja ik ben met mijn laatste zin bezig, dus dat gaat lukken. Het CDA wil graag dat de overdracht onderdeel wordt van de evaluatie die in 2028 zal plaatsvinden, blijkt in de praktijk dat deze soepel genoeg plaatsvindt? Tot zover voorzitter. De VOORZITTER: Dank u wel mijnheer Koning. Dan gaan we naar GroenLinks, mevrouw Van Goethem.
Conceptverslag Sessiedebat RV Beleidsplan Schuldhulpverlening 2026-2029 8 januari 2026
4
Mevrouw VAN GOETHEM: Yes, dank u wel voorzitter. De actualisatie Schuldhulpverlening die voor ons ligt, is wat ons betreft een vervolg op de twee discussies die we eerder in deze raadsperiode over schuldhulpverlening hebben gevoerd. Daar hebben we duidelijk aangegeven wat we als raad wilden, integraler kijken naar armoede en schulden binnen het Sociaal Domein, zelf overnemen van de trajecten schuldhulp en vervolgens duidelijke meetbare doelen binnen dit beleid. Medio 2025 zou naar de raad worden teruggekomen om de voortgang en gedeeltelijke overname van aanbieder verder te bespreken. Nu heeft de wethouder uiteraard in de herfst van 2025 in een brief verklaard waarom het later is en dat is echt te begrijpen, maar het verklaart niet helemaal de inhoud van dit stuk. We zien de meetbare doelen die de vorige keer werden benoemd nergens meer terug en we lezen nergens meer hoe de overdracht tussen de gemeente en Verder duidelijk wordt geborgd. Hoe voorkomen we straks dat we mensen in die overdracht kwijtraken? Daarnaast lezen we dat er intensievere vroegsignalering plaatsvindt maar hoe dan, wat gaan we dan echt anders doen en wanneer zijn we daar als gemeente tevreden over? Als de enige indicator het landelijk gemiddelde is, gaat de lat dus fluctueren en kun je je afvragen hoeveel je nou echt preventief aan het bereiken bent.
Voorzitter, deze sessie van medio 2025 kon misschien wachten tot 8 januari 2026, maar de mensen die in dit soort trajecten zitten kunnen dat niet. We stellen deze vragen niet om het vragen, we stellen ze omdat we het hier hebben over de meest kwetsbare inwoners, inwoners die echt niet voor hun lol en vaak door pech of problemen in dit soort trajecten terechtkomen. Als we deze inwoners niet op tijd bereiken zonder verbinding met de rest van het Sociaal Domein is de weg omhoog alleen maar zwaarder en ingewikkelder en kost het ons als samenleving alleen maar meer. Als de overdracht tussen Verder en gemeente niet duidelijk is, haken mensen af en kom je hen pas weer tegen als ze echt met hun rug tegen de muur staan. Kan de wethouder toezeggen dat die overdracht in een driehoeksgesprek tussen de inwoner, Verder en de gemeente plaatsvindt? Wat ons betreft is zo snel mogelijk helemaal geen sprake meer van een overdrachtsmoment en nemen we als gemeente het gehele traject over, zodra we daar klaar voor zijn. We lezen alleen in het antwoord aan de participatieraad dat uitleg over deze verdere uitrol medio 2027 naar ons toekomt. We houden ons hart vast en horen dan ook graag van de wethouder of dat deze keer maart 2027 of ook januari 2028 betekent. Tot zover. De VOORZITTER: Dank u wel mevrouw Van Goethem. Dan gaan we naar mevrouw Mees, VVD.
Mevrouw MEES: Voorzitter, het beleidsplan Schuldhulpverlening voelt voor mijn fractie als een belangrijk kantelpunt. Wie onze eerdere inbreng bij de evaluatie Schuldhulpverlening 2023 en de pilot Eropaf terugleest, ziet dat wij al langer pleiten voor meer regie, meer preventie en meer effectiviteit. Het is goed om te zien dat die lijn nu duidelijker terugkomt. Wat de VVD betreft is het doel helder: iedere inwoner moet perspectief op financiële zelfredzaamheid hebben en schulden mogen niet onnodig tot hogere maatschappelijke kosten leiden, dat onderschrijven wij. Tegelijkertijd willen wij iets zeggen over de ambitie. De huidige streefwaarde is om onder het landelijk gemiddelde van het aantal huishoudens met problematische schulden te blijven. Formeel is dat verdedigbaar, maar inhoudelijk vinden wij dat wat te voorzichtig. Zeker in een gemeente als Haarlemmermeer met relatief gunstige sociaaleconomische omstandigheden mogen we van onszelf verwachten dat we beter dan gemiddeld scoren. Bovendien blijkt uit het beleidsstuk dat het verschil tussen Haarlemmermeer en het landelijk gemiddelde kleiner wordt, kennelijk deden we het eerder beter. De vraag is dan hoe we zorgen dat we die voorsprong weer terugpakken. We zouden het college willen uitdagen om die ambitie scherper te formuleren, bijvoorbeeld door ons expliciet aan vergelijkbare gemeenten te spiegelen.
Voorzitter, positief is dat monitoring en evaluatie goed zijn geborgd, het is goed dat de raad via de reguliere begrotingscyclus wordt geïnformeerd en dat in 2028 een evaluatie van het zelf uitvoeren van intake, stabilisatie en nazorg volgt. Ook de keuze om aan te sluiten bij bestaande benchmarks juichen wij toe, dat helpt om op resultaten en niet alleen op intenties te sturen. Voor de VVD Haarlemmermeer is daarbij essentieel dat ambities ook meetbaar worden gemaakt zodat de raad kan sturen op wat daadwerkelijk werkt. Dan preventie en vroegsignalering, voor de VVD het hart van dit beleidsplan. We lezen dat Conceptverslag Sessiedebat RV Beleidsplan Schuldhulpverlening 2026-2029 8 januari 2026
5
vroegsignalering essentieel is, maar ook dat Haarlemmermeer hier momenteel onder het landelijk gemiddelde scoort. Landelijk leidt 20% van de signalen tot contact en 35% daarvan tot hulpacceptatie. In onze gemeente is dat respectievelijk 13% en 24%. Dat is geen verwijt, maar wel een duidelijke verbeteropgave. Wij zijn positief over de inzet van meerdere vindplaatsen en instrumenten om inwoners in beeld te krijgen, tegelijkertijd is voor ons de kernvraag, hoe we inwoners eerder en effectiever met zo licht mogelijke middelen bereiken, juist daar zit wat ons betreft de grootste winst voor inwoners en voor de gemeenschap. Voorzitter, wat ons in dit beleidsplan aanspreekt is dat ambitie niet automatisch wordt vertaald naar meer systemen of meer geld, maar ook naar slimmer en mensgerichter werken, kleine interventies kunnen grote effecten hebben, heldere communicatie en een persoonlijke benadering zijn soms bepalender dan nog een extra overdrachtsmoment in de keten. Ook waarderen wij de inzet op ketensamenwerking, samenwerken met vrijwilligersorganisaties, maatschappelijk werk, bewindvoerders en andere experts is cruciaal. Goed dat suggesties uit het veld zijn meegenomen en de participatieraad wijst er terecht op dat werkgevers hierin een rol kunnen spelen, bijvoorbeeld door werknemers actief te wijzen op ondersteuning bij dreigende schulden.
Fijn dat de gemeente dit punt heeft overgenomen. In dat licht wil ik de wethouder nog een concrete vraag stellen. Initiatieven als Geldfit en het Jongeren Perspectief Fonds worden in het beleidsplan genoemd en ook de participatieraad heeft er vragen over gesteld. De gemeente kiest ervoor zich hier niet formeel bij aan te sluiten, kan de wethouder toelichten waar hij in het Haarlemmermeerse beleid de raakvlakken met dit soort initiatieven ziet en hoe deze doelen binnen onze eigen aanpak lokaal worden ingevuld? Tot slot voorzitter. Wij delen de analyse dat het op termijn logisch is om vroegsignalering onder onze eigen regie te brengen, minder overdrachtsmomenten en meer samenhang. Tegelijk begrijpen we dat dit zorgvuldig moet gebeuren, maar ambitie hoeft niet altijd te betekenen 'eerst een nieuw plan en dan extra middelen', soms begint het met creativiteit, communicatie en doen wat werkt. Wij willen daarom in de tweede termijn een conceptmotie die precies daarop inzet bespreken en die alle woordvoerders en de wethouder hebben ontvangen: hoe bereiken we de inwoners eerder, hoe zorgen we dat zij onze communicatie daadwerkelijk openen en hoe versterken we vroegsignalering op een laagdrempelige manier? We horen graag de reactie van de wethouder met het oog op deze motie.
Voorzitter, de richting is goed, nu komt het aan op uitvoering, ambitie en het daadwerkelijk eerder bereiken van de mensen. Dank u wel. De VOORZITTER: Dank u wel mevrouw Mees. Dan gaan we naar SRH, de heer Beusenberg. De heer BEUSENBERG: Dank u voorzitter. Er is al een heleboel gezegd wat ik ook wilde zeggen, dus daar ga ik maar niet aan beginnen. SRH zal dit raadsvoorstel in ieder geval volledig steunen, maar we vinden die 8,7% van de huishoudens die in de narigheid zitten veel te hoog en wij zouden graag willen zien dat het oude college, dat zit nog maar een paar maanden, het nieuwe college het dusdanig gaat aanpakken dat die cijfers, die hoge cijfers, van mensen die in de problemen zitten naar beneden gaan. Echter, gezien de hoge prijzen, kijk maar in de supermarkten wat er op het ogenblik moet worden betaald, dat is ook voor die groep mensen…, die prijzen stijgen de pan uit. Wat mij betreft of wat SRH betreft, zullen we het college, en het nieuwe college ook, aan alle kanten steunen maar ik houd mijn hart vast dat deze cijfers in plaats van naar beneden omhoog zullen gaan. Laten we hopen van niet. Wat SRH betreft, mochten er meer middelen nodig zijn om de doelstelling te halen, om die cijfers naar beneden te brengen, dan zullen wij dat steunen. Dank u. De VOORZITTER: Dank u wel mijnheer Beusenberg.
Dan gaan we naar de heer Vermeulen van Forza! Ik had u eigenlijk niet gezien, u bent stiekem naar binnen geslopen, een beetje jammer. U hebt het woord, mijnheer Vermeulen. De heer VERMEULEN: Nou voorzitter, daar dank ik u voor. Ja, we hebben hier een beleidsplan Schuldhulpverlening, maar we moeten niet vergeten dat dit een plan is dat uit nood werd geboren want Conceptverslag Sessiedebat RV Beleidsplan Schuldhulpverlening 2026-2029 8 januari 2026
6
wij doen dit niet omdat we het zo graag willen of omdat we denken dat we het beter kunnen, maar omdat we tot op heden geen partij hebben gevonden die het op een aanvaardbaar niveau voor ons doet. Maar goed, Forza! ziet wel dat dit beleidsplan inzet op continuïteit en beheersbaarheid en wij missen de urgentie, wat ik ook bij alle anderen al heb gehoord, die de schuldenproblematiek in onze gemeente inmiddels vraagt. Haarlemmermeer beweegt zich richting het landelijk gemiddelde van problematische schulden en dan is de ambitie om onder het gemiddelde te blijven geen koerswijziging maar het accepteren van stilstand. Forza! vindt dat onze inwoners mogen rekenen op een overheid die zichtbaar vooruitgang nastreeft en niet op minimale schadebeperking, we hebben het inmiddels over ruim 6000 gezinnen in onze gemeente. Wij delen de zorgen van de participatieraad over het tempo van de vroegsignalering, juist hier kunnen veel persoonlijk leed en maatschappelijke kosten worden voorkomen. Het uitstellen van volledige implementatie tot 2027 is misschien wel begrijpelijk maar toch moeilijk te verantwoorden, zeker nu de signalen uit de praktijk laten zien dat betalingsachterstanden snel escaleren. Capaciteit en organisatie mogen geen structureel excuus worden, ze moeten aanleiding zijn voor politieke keuzes en prioriteiten.
Positief is dat het college op preventie en samenwerking met werkgevers inzet. Forza! benadrukt daarbij dat preventie alleen effectief is als deze laagdrempelig zichtbaar en meetbaar is. Het afhouden van bewezen instrumenten zoals Geldfit of het Jongeren Perspectief Fonds roept bij ons de vraag op of beheersing van het eigen systeem hier zwaarder weegt dan de belangen van inwoners, met name jongeren die al met schulden kampen. Forza! staat voor een nuchtere maar daadkrachtige aanpak, duidelijke doelen, meetbare verbeteringen en sneller ingrijpen waar problemen ontstaan. Wij roepen het college op om de ambities te verhogen, vroegsignalering te versnellen en expliciet te kiezen voor resultaten die inwoners daadwerkelijk uit de schulden helpen en niet alleen voor plannen die bestuurlijk comfortabel zijn. Tot zover. De VOORZITTER: Dank u wel voor uw inbreng mijnheer Vermeulen. Dan gaan we naar de PvdA, mevrouw Denie. Mevrouw DENIE: Ja, dank u wel voorzitter. Ik ben eigenlijk heel blij te horen dat vele collega's met mij over wantrouwen beginnen, dat is dan ook waar mijn fractie zich zorgen over maakt. Mensen in armoede zijn doorgaans ook mensen die wat meer wantrouwen richting de overheid ervaren, dat is inmiddels best wel bij iedereen bekend en met de huidige inzet vragen wij ons af of deze mensen überhaupt wel bereikt gaan worden.
In de beantwoording van de technische vragen van GroenLinks staat dan ook dat met vroegsignalering wordt bedoeld dat we middels een kaartje, sms, e-mail of huisbezoek proberen contact te krijgen en dan vraag ik me toch af wie doet de deur open als ze al wantrouwig zijn. En dat is dan ook een beetje het volgende punt. Die berichten, mevrouw Van de Meeberg van D66 begon er al over, het taalniveau van onze communicatie. Wij zijn heel erg benieuwd hoe het nou kan dat we al meerdere moties hebben ingediend, die door de raad zijn aangenomen, over het taalniveau van de gemeentelijke communicatie en dat die blijkbaar niet worden uitgevoerd. Wij zijn ook benieuwd of dergelijke berichten, die via een kaartje of een sms, wel op een begrijpelijk taalniveau worden verstuurd. Daarnaast waren wij ook verbaasd over de streefwaarde, waarom is die niet nul, waarom nemen wij genoegen met onder het landelijk gemiddelde? Graag ook daarop een reactie. Dan zijn wij blij om te zien dat Eropaf wordt voortgezet. Wel willen wij het college vragen om de inzichten van de pilot te koesteren en ook te gebruiken in de vervolgaanpak. Tot zover. De VOORZITTER: Dank u wel mevrouw Denie. Als het goed is, zijn dan zijn alle aanwezige partijen aan het woord geweest of er moet nog iemand naar binnen gesneakt zijn. Dat is niet het geval.
Voor de notulen, niet aanwezig zijn GEZOND Haarlemmermeer, BVNL, Forum voor Democratie, het Lid Koolmoes en EEN Haarlemmermeer. Dan wil ik nu het woord aan de wethouder geven. Wethouder EL IDRISSI: Het is toch even vervelend denk ik, deze plek. Allereerst namens het college de beste wensen voor alle partijen die hier vanavond zijn. Meestal hebben we er een mooi moment voor Conceptverslag Sessiedebat RV Beleidsplan Schuldhulpverlening 2026-2029 8 januari 2026
7
en helaas is dat nu niet doorgegaan, maar vooralsnog via deze weg de beste wensen voor 2026 en hopelijk gaan we straks bijtijds naar huis en zijn we nog voor de storm die dreigt te komen veilig weer thuis. Er is een aantal mooie complimenten over het stuk gegeven en ook een aantal punten waaraan we zeker ook aandacht moeten besteden. Er ligt wel een belangrijke stap voor ons en die is dat we schuldhulpverlening ook in huis gaan oppakken. Dat is iets waarmee we al een aantal jaren bezig zijn, ook verschillende periodes, Lid Sidali gaf dat ook aan, en eindelijk is het zover. We zijn het al aan het doen, sterker nog de eerste aanmeldingen zijn al binnen, het team stond al klaar en het registratiesysteem werkt goed. Ik denk dat het heel belangrijk is om dat ook aan te geven, vooral met dit soort nieuwe trajecten is het belangrijk dat je een goed registratiesysteem hebt dat werkt en dat doet het. De ICT-mensen die daar ook bij betrokken zijn, geven aan dat alles voortvarend goed loopt. Dan de vragen want ik denk dat het gezien de tijd goed is dat we wel naar de vragen gaan. D66 vroeg of het mogelijk is om die pauzeknop standaard te gebruiken. Ik denk dat het goed is om u te vertellen dat we altijd uitgaan van die saneringskredieten.
Die zijn natuurlijk niet zomaar in het leven geroepen, het belangrijke van zo'n saneringskrediet is dat er rust komt binnen het gezin of degene die de schulden heeft en dat heeft te maken met het feit dat diegene zich ook op andere leefgebieden kan gaan ontwikkelen. Daar valt dus een soort pauzeknop in te benoemen, namelijk dat er maar één schuldeiser is en niet tientallen schuldeisers die aan de deuren kloppen, dat de Kredietbank Nederland de schulden aflost waardoor er maar één schuldeiser is, namelijk de Kredietbank Nederland en wij als gemeente staan daar borg voor. De tweede vraag van D66 ging over de plekken, daar hebben we het in de voorgaande sessie over gehad, namelijk: kunt u onderzoeken of kan het college onderzoeken waar in het schuldhulpverleningstraject het uitvalpercentage het meest voorkomt? Dat hebben we bekeken en we hebben we ook aan Verder meegegeven: ga dat onderzoeken. Zij komen ook terug. In de intake zie je de meeste uitval en daarvan zegt Verder ook dat ze niet goed duidelijk kan aangeven wat daar de oorzaak van is, dat kan verschillende redenen hebben. We hebben in de vorige sessie ook aangegeven: ligt dat dan aan de plek? Wellicht is het zo dat ze vanuit kleine kernen een ontzettend grote afstand moeten afleggen om richting het gemeentehuis of richting Verder te komen.
Dat is niet bewezen, maar wij gaan dat wel meenemen omdat wij natuurlijk onze intake nu in huis gaan doen. Dat gaan we scherp monitoren om eens te kijken: ligt het nou aan die afstand of niet? Dan het vertrouwen, dat is ook door twee partijen zo expliciet benoemd. Dat klopt, er is ontzettend veel wantrouwen, ook richting de gemeente, om te worden geholpen. Het feit dat wij het in huis gaan doen zegt natuurlijk ook al dat wij het vertrouwen hebben dat wij dit goed zouden kunnen doen. In onze communicatie richting de mensen proberen we dat wantrouwen weg te nemen en juist het taboe te doorbreken; dat je je hier niet hoeft te schamen als er schulden zijn. De laatste vraag van D66 ging over de kosten en opbrengsten en daar kan ik heel kort over zijn. De maatschappelijke opbrengsten zijn hoger dan de kosten, dus elke euro die je aan schuldhulpverlening spendeert, gaat je rond de € 1,70 - € 2,60 aan opbrengsten opleveren en op vroegsignalering is dat niet anders. Dus elke euro die we hieraan besteden, gaat ons zeker opbrengsten opleveren. De VOORZITTER: Mijnheer El Idrissi, ik ga u heel even onderbreken want u bent bij partij één van tien en u hebt nog twee minuten. Ik wil u vragen wat concreter op de vragen te antwoorden. Wethouder EL IDRISSI: Dank voorzitter. De vragen die zijn gesteld moet ik helaas wel langslopen. Lid Sidali, waarom er geen extra middelen zijn vrijgemaakt.
We proberen altijd binnen de budgettaire kaders te blijven, we hebben er zelfs voor gezorgd dat we Eropaf structureel mee hebben kunnen financieren. Dat was ook de vraag van de raad en dat is vooralsnog binnen budgettaire kaders gebleven. Dan HAP over de dienstverlening. Ja, ik kan daar niets anders over zeggen dan dat wij zo goed als het kan proberen die dienstverlening zo goed mogelijk neer te zetten. Dat heeft zeker te maken met die kwaliteit van dienstverlening want als je de mensen zo goed als dat kan benadert en ook de hulp biedt die we voor ogen hebben, brengt dit ook een stukje vertrouwen met zich mee. Ik kijk heel eventjes naar de resterende vragen. ChristenUnie-SGP, 8,7%. Dat is hoog, zeker waar en dat zijn ontzettend veel Conceptverslag Sessiedebat RV Beleidsplan Schuldhulpverlening 2026-2029 8 januari 2026
8
mensen en gezinnen die daarbij betrokken zijn. Uiteindelijk willen we natuurlijk dat er geen mensen in de schulden geraken, maar dat is helaas in deze tijd niet het geval. Het CDA kwam met het overdrachtsdocument. Dat gaan we zeker in de evaluatie 2028 meenemen, daar zitten we echt bovenop. De contacten met Verder zijn ook goed, we houden wekelijks contact, dus ook die overdracht van Verder en de gemeente gaat goed, dat was ook de vraag van GroenLinks. Medio 2027 komen we met vroegsignaleringsbeleid, dat gaat hopelijk niet later worden en als ik er nog zit dan ga ik daar mijn stinkende best voor doen. De VOORZITTER: Mevrouw Van Goethem, een interruptie. Mevrouw VAN GOETHEM: Ja dank u wel voorzitter. Ik vind medio 2027 een beetje vaag, dus zou de wethouder iets in kwartalen kunnen toezeggen. De VOORZITTER: Mijnheer El Idrissi. Wethouder EL IDRISSI: Ik ga geen toezegging doen, maar ik denk dat medio 2027 eind Q2 is, dus reken daar maar ongeveer op. Even kijken, dan over die streefwaarde, waarom is die niet nul? We gaan nu natuurlijk ook beginnen met de intake, stabilisatie en nazorg. Dat betekent dat wij hier voor het eerst mee te maken gaan krijgen, dus dat betekent dat we eind 2026 ook een nulmeting gaan vaststellen. Ik denk dat we er eerst mee bezig moeten zijn om een nulmeting, een streefwaarde en indicatoren vast te stellen.
Ik wil nog wel even terugkomen op het verhaal over de indicator die wij hebben toegevoegd. Dat heeft te maken met het feit dat we de methode Duisenberg toepassen, ook op het programma Zorg en Werk waarvan schuldhulpverlening een onderdeel is. Daar heeft de raad geen indicator toegevoegd op schuldhulpverlening, wel op de bijstandsuitkering en op de minimaregelingen maar niet op schuldhulpverlening. Ik denk dat dit een gemiste kans is en wij hebben geprobeerd dat met die landelijke indicator toe te voegen. De VOORZITTER: Ik ga eerst naar de heer Beusenberg en dan mevrouw Van Goethem. Mijnheer Beusenberg. De heer BEUSENBERG: Ja dank u voorzitter. 2027, eind Q2, dan zit je al bijna in Q3. Ik heb net aangegeven... U stelt zelf ook 'voor iedere euro die wij investeren komt € 2,20 tot € 2,60 terug'. Mijn vraag of wat ik als SRH heb aangeboden: als u geld nodig hebt om het sneller terug te dringen dan staan wij daarvoor open. Hoe staat u daar zelf in? De VOORZITTER: Graag via de voorzitter mijnheer Beusenberg. De heer BEUSENBERG: Voorzitter, via. De VOORZITTER: Nee, zo werkt het niet. De heer BEUSENBERG: Nee. De VOORZITTER: U praat in de derde persoon. Mijnheer El Idrissi. Wethouder EL IDRISSI: Ik ben zeker van mening, en dit college ook, dat vroegsignalering zeker wat meer body kan krijgen.
Ik denk wel dat het echt iets voor het nieuwe college en voor de nieuwe raad is om hier stappen in te zetten. Het gaat aanzienlijk meer geld kosten, dat kan ik u wel vertellen. Als vroegsignalering wordt uitgezet zoals wij denken dat het zou moeten zijn, dus ook kijkend naar Geldfit
Conceptverslag Sessiedebat RV Beleidsplan Schuldhulpverlening 2026-2029 8 januari 2026
9
en kijkend naar het Jongeren Perspectief Fonds, dan zit je op ontzettend veel geld dat erbij moet en ik denk dat dit iets voor het nieuwe college is. De VOORZITTER: Mevrouw Van Goethem. Mevrouw VAN GOETHEM: Ja dank u wel voorzitter. Ik wil graag reageren op wat de wethouder net aangaf over dat we bij de methode Duisenberg zijn aangesloten. Ik denk dat de wethouder en ik nogal verschillen wat betreft meetbare doelen in een beleid en dat die automatisch precies hetzelfde moeten zijn als de indicatoren die je in een P&C-product neerzet. Schijnbaar hebben we door als raad te zeggen 'we gaan via de methode Duisenberg bij de P&C-cyclus een aantal meetbare doelen neerzetten' een streep gezet onder heel veel andere meetbare doelen op het gebied van armoede die we hadden en dat geldt niet alleen bij schuldhulpverlening, maar ook bij armoede en bij het minimabeleid. Sorry, ik kom naar mijn vraag voorzitter. Mijn vraag aan de wethouder is: herkent u dat deze raad eigenlijk net in alle bijdragen aangaf 'wij willen meer meetbare doelen en wij vinden de ambitie om onder het landelijke gemiddelde te blijven niet genoeg en kunnen we daar misschien nog meer in doen?' De VOORZITTER: Mijnheer El Idrissi. Wethouder EL IDRISSI: Ik heb u net ook aangegeven dat u daar de kans voor had. U hebt daar als raad… De VOORZITTER: Via de voorzitter mijnheer El Idrissi.
Wethouder EL IDRISSI: Mevrouw Van Goethem en de raad hebben bij het programma Zorg en werk en het vaststellen daarvan met betrekking tot de methode Duisenberg de kans gehad om ook verschillende indicatoren op schuldhulpverlening te realiseren en dat is niet gebeurd. Wij hebben dat dus op eigen initiatief gedaan en als u zegt 'we willen er graag een aantal indicatoren bij' dan bent u natuurlijk vrij om dat te doen, in een meerderheid van de raad. De VOORZITTER: Nog een korte vraag van mevrouw Van Goethem. Mevrouw VAN GOETHEM: Ja dank u wel voorzitter. Is de wethouder het met mij eens dat wij niet veertien doelen die we hadden, veertien meetbare doelen, zomaar in een Duisenbergmethode kunnen vullen maar dat die doelen voor het beleid wel degelijk van belang zijn? De VOORZITTER: Een korte reactie mijnheer El Idrissi. Wethouder EL IDRISSI: Ik heb geen idee waar de veertien meetbare doelen die mevrouw Van Goethem nu noemt vandaan komen, maar het is wel zo dat wij de landelijke indicator die we stellen om onder dat percentage te blijven vasthouden als indicator en we daar nu mee aan de slag gaan. De VOORZITTER: Mevrouw Denie. Mevrouw DENIE: Ja, dank u wel voorzitter. De wethouder poogde antwoord te geven op mijn vraag, maar ik denk dat ik hem niet duidelijk heb geformuleerd, dus ik ga dat eventjes opnieuw doen.
Mijn vraag was waarom de ambitie niet hoger ligt dan onder het landelijk gemiddelde blijven, bijvoorbeeld met de waarde nul. De vraag is dan ook: is de wethouder het met mij eens dat als het landelijk gemiddelde 8,9% is en het gemiddelde in Haarlemmermeer 8,7% is, het college zichzelf met dit beleid indekt om eigenlijk vervolgens niks te kunnen doen want het doel is al bereikt.
Conceptverslag Sessiedebat RV Beleidsplan Schuldhulpverlening 2026-2029 8 januari 2026
10
De VOORZITTER: Mijnheer El Idrissi. Wethouder EL IDRISSI: Nou ja goed, we blijven ons altijd inzetten om een zo laag mogelijk percentage te hebben. Ik zou eigenlijk niet in percentages willen denken, je wilt eigenlijk dat zo min mogelijk mensen in die schuldsaneringstrajecten terechtkomen want dat is een ontzettend akelige periode. Desalniettemin is het ook zo dat we in een tijd leven waarin prijzen ontzettend hoog en boodschappen ontzettend duur zijn. We zitten hier met zijn allen maar met alle respect, het kan ons allemaal overkomen, rijk, arm, je kunt een ongeluk krijgen of in een scheiding terechtkomen en je kunt al in de schulden geraken. Dus het is eigenlijk even los van het feit of je in een welvarende gemeente of in een wat armere gemeente woont, daar staat dat los van. We proberen eigenlijk zoveel als kan de mensen die in dat schuldhulpsaneringstraject zitten zo snel mogelijk perspectief te bieden en zo snel mogelijk uit de schulden te laten komen. De VOORZITTER: Ik zie nog drie interrupties, daarna ga ik ze niet meer toestaan. Dan wil ik ook mijnheer El Idrissi de kans geven om zijn verhaal af te maken. We gaan eerst naar mevrouw Woolthuis van HAP. Mevrouw WOOLTHUIS: Ja, dank u wel voorzitter. De wethouder heeft ook gereageerd op de vraag die wij hebben gesteld en die heeft ook betrekking op doelen. Ik denk dat die niet helemaal goed is begrepen.
Onze vraag was eigenlijk waarom ervoor is gekozen om de verbetering van de dienstverlening als meetbaar doel te nemen want eigenlijk gaat het over schulden effectiever, duurzamer en kwalitatief beter maken of verminderen voor inwoners en hen sneller begeleiden naar het leven zonder schulden. Dus dienstverlening an sich zou niet het doel moeten zijn, het doel zou het verminderen van de schuld of het aantal mensen met problematische schulden moeten zijn. Misschien kunt u daar nog op terugkomen, via de voorzitter. De VOORZITTER: Mijnheer El Idrissi. Wethouder EL IDRISSI: Ik denk dat het een semantische discussie gaat worden want de dienstverlening die je aan de mensen die in de schulden zitten probeert te leveren, heeft ook te maken met de communicatie die je levert en met de behandeling die je probeert te geven als ze eenmaal binnen zijn, binnen de intake, de stabilisatie en de nazorg. Dat is wat we bedoelen met goede kwalitatieve dienstverlening. Ik ben het met u eens dat het uit die schulden krijgen van mensen ontzettend belangrijk is, maar de kwaliteit van dienstverlening is ook proberen mensen deze kant op te krijgen en daar hoort ook het stukje vertrouwen bij. De VOORZITTER: Als ik dan kort nog samenvatten, is volgens mij het verbeteren van de dienstverlening het middel om een doel te bereiken, minder mensen in de schulden. Volgens mij hebben we hem dan afgerond.
Mevrouw Van de Meeberg, D66. Mevrouw VAN DE MEEBERG: U moet woordvoerder worden. Dank u wel voorzitter. Ik hoor mijnheer EI Idrissi iets zeggen over de kwaliteit van dienstverlening en het vertrouwen dat we van onze inwoners moeten krijgen. Dat wil ik even combineren met een vraag die ik in mijn eerste termijn stelde. We hebben het de vorige keer gehad over locaties in de gemeente om mensen sneller te bereiken en ik hoor nu mijnheer El Idrissi zeggen 'ja, daar kunnen we naar gaan kijken', maar dat was de vorige keer dat we dit bespraken al een toezegging. Zo lag er ook een toezegging over wanneer er beleid zou liggen, ik hoor nu weer een toezegging en ik vraag me af, want ook wij moeten dat vertrouwen in de wethouder hebben, wat er met deze toezeggingen gaat gebeuren en hoe we ervoor gaan zorgen dat die wel worden nagekomen.
Conceptverslag Sessiedebat RV Beleidsplan Schuldhulpverlening 2026-2029 8 januari 2026
11
Wethouder EL IDRISSI: Ik heb geprobeerd daar antwoord op te geven. Ik denk dat het niet goed is aangekomen en ik ga het nogmaals proberen. U vroeg zich af waar mensen in de fase van het schuldhulpverleningstraject het meeste uitvielen. Daarvan heb ik gezegd, dat we dat Verder gaan vragen want de achterliggende gedachte van uw vraag was: als dat de afstand is... Stel iemand uit Abbenes moet deze kant op komen, heeft het geld niet om deze kant op te komen en zegt 'ik doe niet meer mee', dan heeft het te maken met die specifieke afstand die hij moet overbruggen en daar het geld niet voor heeft. Dat is een valide reden. We hebben tegen Verder gezegd 'kijk nou of dat klopt' en die geeft aan 'ja, het terugvalpercentage is heel hoog binnen de intake, maar we kunnen niet een causale relatie leggen met de afstand die mensen moeten afleggen'. Daarvan hebben wij gezegd dat wij dat strakker gaan monitoren omdat wij de intake nu zelf gaan doen, juist om wat u zegt en ook aangeeft, om daar die causale relatie wel te leggen. De VOORZITTER: Ja, ik wil toch nog een keer een punt van orde maken, dat we via de voorzitter praten. Dus de woorden 'u', 'je' en 'jij' zijn bij dezen niet meer toegestaan, ik wil alleen maar achternamen horen. Waarom ik er zo scherp op ben en waarom het een beetje kinderlijk begint te worden, is dat het de vorige keer daarom juist fout ging in de discussie.
We moeten niet persoonlijk worden. Het lijkt een eenop-eendiscussie maar dat is het niet, dus ik wil echt nogmaals benadrukken: praat via de voorzitter en dat betekent niet dat u zegt 'via de voorzitter' want dat is een beetje gekkigheid, het betekent dat u elkaar in de derde persoon aanspreekt. Makkelijker kan ik het niet uitleggen. Mijnheer Vermeulen. De heer VERMEULEN: Ik hoop dat ik het begrepen heb voorzitter. Voorzitter, ook een beetje in lijn met vorige vragenstellers. Het aantal mensen dat in een traject terechtkomt, ik heb daarnaar gekeken, is bij de PLANgroep de afgelopen jaren 300 tot 450 aanvragen per jaar en als we dan kijken naar die 8,7% dan gaat het om 6000 gezinnen in onze gemeente. Dus ik denk dat die vroegsignalering onze allergrootste uitdaging is voorzitter, want dan hebben we het over nog 5700 gezinnen die we gewoon niet weten te bereiken. Wat wij nou graag van de wethouder zouden willen horen, is wat de ambitie van het college is om juist die groep te bereiken. Dat de mensen die bij ons komen al dan niet een lange afstand moeten afleggen is tot daaraan toe, die hebben ons in ieder geval gevonden, maar hoe gaan we die 5700 gezinnen bereiken die we nog helemaal niet in beeld hebben? De VOORZITTER: Mijnheer El Idrissi. Wethouder EL IDRISSI: Dat is zeker ook de opdracht die u ons hebt gegeven.
Het beleidsplan is ook uitgestrekt over vier jaar en dat is ook de reden dat we hier goed over gaan nadenken. De intake die wij voor ogen hebben, om die in huis te doen, heeft ook een directe link met de vroegsignalering, we willen namelijk de intake, stabilisatie en nazorg uiterst goed kunnen doen, dat is ook de expertise die we daarin willen pakken. Het is een leerfase, maar er is wel tijd nodig om daar goed op te acteren zodat je de vroegsignalering daar ook goed bij kunt betrekken en dat zal nog wel even wat tijd met zich meebrengen. Verder en MeerWaarde pakken op dit moment de vroegsignalering voor ons op en wij proberen medio 2027 met een goed plan richting de raad te komen. Daar zal echt wel wat meer geld voor moeten worden vrijgemaakt, meer dan op dit moment voor vroegsignalering beschikbaar is. De VOORZITTER: Mijnheer El Idrissi, gezien de tijd verzoek ik u af te ronden, als u dat niet al had gedaan. Wethouder EL IDRISSI: Voorzitter, ik wilde inderdaad nog even terugkomen bij de VVD over de motie. Ik denk dat u uw vraag... Laat ik beginnen met uw vraag, die gaat over het beleid en de raakvlakken. Via de voorzitter, excuus. Het is af en toe toch nog wel heel lastig want je wilt iemand ook aankijken, maar dat is nogal lastig. U vraagt naar raakvlakken.
Als het gaat om initiatieven zoals het Jeugd Perspectief Fonds en Geldfit zijn er ook raakvlakken die we op een andere manier via het beleid ingevuld Conceptverslag Sessiedebat RV Beleidsplan Schuldhulpverlening 2026-2029 8 januari 2026
12
krijgen en het antwoord daarop is 'ja'. Geldfit is een manier om bij mensen kenbaar te maken 'hoe ga je met geld om'. Wij gebruiken daar ook MoneyWays voor en je hebt het Jongeren Perspectief Fonds waarin ook verschillende doelen die we nu ook al in beleid hebben verankerd als het gaat om laagdrempelige toegang, vroeg bereiken en het doorbreken van het taboe. Die hebben wij eigenlijk al op een bepaalde manier ook meegenomen en daar zit ook het stukje communicatie en scholing bij, dus we doen het op verschillende manieren. Dan uw motie. Uw motie roept eigenlijk op om expliciet te bezien of een kleinschalige laagdrempelige pilot mogelijk is binnen bestaande uitvoering en binnen budget. Mevrouw Mees vraagt om te onderzoeken op welke wijze opvallende en persoonlijke communicatievormen mogelijk zijn. Ik denk dat we dat ook kunnen meenemen, ik kan deze motie ook omarmen en medio 2026 nemen we ook de tijd om te onderzoeken welke effectieve communicatiemogelijkheden bestaan om die enveloppen en de brieven echt veel meer aantrekkelijk te maken. Het past ook goed bij het beleid met betrekking tot vroegsignalering dat we medio 2027 naar de raad willen brengen waarin we ook willen meegeven 'hoe kunnen we nou mensen vroegtijdig bereiken', dat we kleurtjes en dat soort zaken in dat onderzoek meenemen, in die gedachte. De VOORZITTER: Bent u verder klaar met uw inbreng? Oké.
Ik zou eigenlijk geen interrupties meer toelaten, maar u hebt nog een verduidelijkende vraag. Ja. Mevrouw WOOLTHUIS: Dank u wel voorzitter dat u mij toestaat om nog een vraag stellen. Ook wij hebben de motie gezien en ik vraag me eigenlijk af of de wethouder misschien iets kan zeggen over of dit onderzoek al voorafgaand aan de pilot Eropaf is gedaan. Volgens mij is daarvoor aan de voorkant ook veel werk gedaan, dus misschien valt daar ook al iets uit te halen en mee te nemen. De VOORZITTER: Mijnheer El Idrissi. Wethouder EL IDRISSI: Als dat zo is dan gaan we dat zeker doen, maar de motie die het nu betreft gaat voornamelijk over de vroegsignalering en niet zozeer bij laatsignalering. Het feit dat we bijvoorbeeld met kaartjes en sms'jes werken, dat doen we nu al. De motie oppert eigenlijk om daar op een andere manier mee om te gaan. Die vraag gaan we gewoonweg onderzoeken en als dat helpt bij het bereiken van mensen gaan we dat zeker meenemen, dus deze motie kan ik zeker omarmen. De VOORZITTER: Dank u wel. Dan eindig ik de eerste termijn van dit sessiedebat, dank wethouder voor de antwoorden op de gestelde vragen. Dan is er in ieder geval één onderwerp, namelijk de motie die u waarschijnlijk wenst te bespreken. Mevrouw Van Goethem. Mevrouw VAN GOETHEM: Ik had ook een voorstel om in de tweede termijn te bespreken. Nog niet genoemd, maar ik wilde daarvoor mijn hand opsteken.
De VOORZITTER: Geeft u het maar meteen aan want dan ga ik meteen inventariseren. Mevrouw VAN GOETHEM: Ja, volgens mij heb ik net Forza! en een aantal andere partijen horen zeggen dat we vroegsignalering heel erg belangrijk vinden en dat we met name de extra inzet daarop misschien nog wel zouden kunnen bespreken of daarvoor voor medio 2027 richtlijnen zouden kunnen meegeven. Daarnaast wil ik het graag nog hebben over de meetbaarheid van dit beleid want we hebben nu een landelijke indicator en ik hoor heel veel partijen zeggen dat we daar niet tevreden mee zijn of dat niet ambitieus genoeg vinden. Wat zouden we dan wel ambitieus genoeg vinden? De VOORZITTER: Ja, die had ik inderdaad ook al als onderwerp opgeschreven. Ik zag eerst mijnheer Sidali, dan mevrouw Denie en dan ook nog D66.
Conceptverslag Sessiedebat RV Beleidsplan Schuldhulpverlening 2026-2029 8 januari 2026
13
De heer SIDALI: Dank u wel voorzitter. Ik had het er eerder in mijn inbreng al over om zaken wat sneller tot ons te nemen in beheer en ik hoor het college eigenlijk zeggen 'we zouden wel willen, maar het kost meer geld', dus een hele simpele vraag: zijn wij als raad bereid meer geld uit te trekken om eerder en meer aan vroegsignalering te kunnen doen? Dat is een hele simpele vraag waar volgens mij een heel simpel antwoord op kan komen. De VOORZITTER: Ja, maar is nu wel als onderwerp genoteerd. Mevrouw Denie. Mevrouw DENIE: Dank u wel voorzitter. Vergeten tijdens mijn bijdrage te noemen, maar wij willen graag nog spreken over het informatiepakket voor jongeren en misschien een amendementje over verplicht B1-communiceren met de inwoners. De VOORZITTER: Sorry, infopakket Jongeren? Mevrouw DENIE: Ja, er staat iets over voor doelgroepen en dan speciaal voor jongeren, hen met een informatiepakket proberen te bereiken. Dat staat in het stuk. De VOORZITTER: Oké, waar wilt u het over hebben? Mevrouw DENIE: Een voorstel om het anders te doen want wij denken dat het niet voldoende is. De VOORZITTER: Helder. Dan zag ik mevrouw Van de Meeberg nog. Het worden wel veel onderwerpen. Mevrouw VAN DE MEEBERG: Ik heb besloten mijn onderwerp bij mijnheer Sidali in te voegen, komt goed. De VOORZITTER: Kijk, het ritsen van onderwerpen is altijd fijn.
Dan wil ik beginnen bij mevrouw Mees met haar motie. Het verzoek is of uw motie hier kort wilt inleiden en dan het verzoek aan de collega's om in de arena plaats te nemen. Mevrouw MEES: Ja, dank u wel voorzitter, ik denk dat we het heel kort kunnen houden. We hebben het in de eerste termijn over de ambitie, de preventie en de vroegsignalering gehad waarbij we allemaal aangeven dat dit heel belangrijk is. Wij willen eigenlijk dus een motie indienen waarmee we er met een heel laag budget in ieder geval voor kunnen zorgen dat mensen wat eerder geneigd zullen zijn om officiële post open te maken, naar goed voorbeeld van andere gemeenten waar dat al gebeurt en ook bewezen effectief is gebleken. Daarom hebben wij de motie 'Open die envelop' geschreven die eigenlijk gaat over: doe het op een handgeschreven envelop, geen logo van de gemeente weliswaar of een rode envelop, een blauwe, het maakt niet uit. Het gaat erom ervoor te zorgen dat mensen de post durven open te maken, daar waar mensen wellicht wantrouwig zijn. De VOORZITTER: Mijnheer Sidali. De heer SIDALI: Dank u wel voorzitter. Het lijkt mij een heel goed initiatief om dat te doen, de haalbaarheid lijkt me echt groot, als het maar in afstemming met de schuldhulpverlening gebeurt. Effectiviteit lijkt me ook positief tot kansrijk, als een aanvullende interventie zullen we maar zeggen.
Het sluit inderdaad ook aan bij de landelijke aanbevelingen en lokale pilots die al worden gedaan, misschien dat we daar nog iets meer van kunnen leren. Erg positief, alles wat kan helpen moeten we zeker doen. Wat Lid Sidali betreft mag het ook wel wat extra geld kosten want we willen gewoon mensen verder
Conceptverslag Sessiedebat RV Beleidsplan Schuldhulpverlening 2026-2029 8 januari 2026
14
helpen en als dat buiten het budget om moet dan moet dat maar, onze mensen helpen mag best geld kosten. De VOORZITTER: Mijnheer Vermeulen en dan mevrouw Denie. De heer VERMEULEN: Wij betwijfelen of een handgeschreven envelop echt tot extra kosten zal leiden, maar dat gaf de VVD natuurlijk ook al aan. Ik heb ooit een keer zelf als vrijwilliger mensen geholpen om uit de schulden te komen en ben zelf dus actief gaan bellen met degenen die schuldeiser zijn. Daarbij viel mij op dat er weinig tot geen enveloppen van de gemeente bij zitten, maar dat het juist vaak allerhande andere instanties zijn die erom vragen. Wij gaan dit steunen, maar we vrezen dat dit niet de oplossing is waarmee we de mensen gaan helpen en bereiken. De VOORZITTER: Mevrouw Denie. Mevrouw DENIE: Dank u wel voorzitter. Supersympathiek, goed idee en direct een oproep aan de VVD om dit sociale en rode hart graag richting de verkiezingen vast te houden. De VOORZITTER: Dat is een nieuwjaarswens van mevrouw Denie, waarvan akte. Dan gaan we naar mevrouw Van de Meeberg. Mevrouw VAN DE MEEBERG: Als mensen zeggen dat het sympathiek is, gaan ze meestal vervolgens zeggen dat ze er niks mee gaan doen maar dit was verrassend. Ik denk inderdaad ook dat het een heel goed idee is, dat het een stapje is. Dus ja, we zullen dit steunen hoewel het volgens mij ook door het college werd omarmd.
Ik hoop dat het ook een inspiratie voor het college is om op dit soort creatieve manieren te gaan denken, om mensen te bereiken om dat vertrouwen te vergroten want dat is zo ontzettend belangrijk. De VOORZITTER: Mevrouw Van Goethem. Mevrouw VAN GOETHEM: Ja, daar sluit ik me eigenlijk direct bij aan. Wat ons betreft is het inderdaad gewoon een motie waar je niet tegen kunt zijn, het zou een van de vele initiatieven moeten zijn die we nog extra op zowel vroegsignalering als schuldhulpverlening gaan doen. De VOORZITTER: Mevrouw Woolthuis. Mevrouw WOOLTHUIS: Ja dank u wel voorzitter. Ja, een heel mooi initiatief, hij is inderdaad door het college omarmd. In mijn eerdere vraag vroeg ik me eigenlijk af of we niet al eens onderzoek naar de manier waarop we beter contact met inwoners kunnen leggen hadden gedaan. Dus ik hoop dat daar ook al wat informatie over is want we weten uit ervaring ook dat er eigenlijk bijna geen post meer wordt geopend en dat er stapels post bovenop elkaar liggen als er iemand aan de deur komt. Alle beetjes helpen, dus ook dit waarschijnlijk. De VOORZITTER: Mijnheer Vermeulen.
De heer VERMEULEN: We hadden misschien nog een idee, dat het feit dat deze brieven moeten worden verstuurd en dat de adressen waar we die brieven naartoe zouden moeten versturen misschien wel een indicatie voor het feit dat daar een gezin met problematische schulden achter schuilgaat zou kunnen zijn, dat daar dan misschien proactief kan worden opgetreden. De VOORZITTER: Dan heeft iedereen... Oh, toch niet. Mevrouw Denie. Conceptverslag Sessiedebat RV Beleidsplan Schuldhulpverlening 2026-2029 8 januari 2026
15
Mevrouw DENIE: Ja dank u wel, ik heb een toevoeging. Ik bedenk me net, daar hebben we het eerder over gehad, dat heel veel mensen laaggeletterd zijn. Dus als zij een envelop binnenkrijgen dan kun je sowieso vergeten dat die wordt opengemaakt. Misschien kunnen we eens samen nadenken over een alternatieve oplossing voor die doelgroep, die uiteraard ook post ontvangt. De VOORZITTER: Dan ronden we het onderwerp af. Mevrouw Mees. Mevrouw MEES: Dank u wel voorzitter. Dank voor al jullie input, ik denk dat we hem gaan indienen en dat er hopelijk veel mede-indieners zijn. Wij hebben bij de VVD een mooi oranje hart dat ook warm kan zijn of is. Wat de heer Vermeulen aangaf, dat er misschien niet alleen post van de gemeente ligt, laat het een ook een inspiratie zijn voor andere organisaties die met deze mensen communiceren. Dank jullie wel. De VOORZITTER: Dank u wel voor deze toevoeging, dan hebben we het eerste onderwerp besproken. Dan had ik het onderwerp 'Vroegsignalering extra inzet 2027'. Volgens mij was dat… Ik weet niet meer wie het was, was het niet…. Ja sorry, mevrouw Van Goethem. Catastrofe, ik had het niet opgeschreven. Via de voorzitter, u hebt het woord. Mevrouw VAN GOETHEM: Ja, dank u en de verwarring is natuurlijk niet zo gek omdat we het er volgens mij allemaal in onze bijdrage over hebben gehad.
De vroegsignalering, een van de drie pijlers uit het stuk dat nu voorligt en tegelijkertijd een van de drie vaagste pijlers als in dat we nergens de 'hoe dan' lezen. Ik wilde eigenlijk dit moment gebruiken om onszelf uit te dagen en misschien iedereen, inclusief het college, te inspireren om te kijken hoe we die vroegsignalering kunnen verbeteren. Mevrouw Mees van de VVD heeft natuurlijk al een heel mooi afgetrapt, maar wat zouden we nou nog meer kunnen doen? De VOORZITTER: D66, mevrouw Van de Meeberg. Mevrouw VAN DE MEEBERG: Dank u wel voorzitter. Het heeft ook niet echt geholpen dat er niet hele concrete antwoorden kwamen. Wat mij betreft begint vroegsignalering niet alleen bij een huurachterstand of een verzekeringsbetalingsachterstand, maar ook al op bijvoorbeeld het mbo. Dat is ook een vindplaats voor mensen die schuldenproblematiek hebben en ook Jeugdzorg is een vindplaats voor mensen die schuldenproblematiek hebben. Heel veel mensen die in de jeugdzorg terechtkomen of mensen die met jongerenoverlast hebben te maken blijken uit een gezin te komen waar in ieder geval geldproblematiek is. Dus jongerenwerkers, de school, dat soort plekken, zouden wat mij betreft aan de lijst met vindplaatsen kunnen worden toegevoegd. De VOORZITTER: Mijnheer Vermeulen.