2023-04-06 Sessiedebat RV Adviesrecht gemeenteraad delegatie van bevoegdheden enz.docx
Tekst van het document
VERSLAG VAN HET SESSIEDEBAT VAN DE RAAD DER GEMEENTE HAARLEMMERMEER OP DONDERDAG 6 APRIL 2023 Onderwerp:
RV Adviesrecht gemeenteraad, delegatie van bevoegdheden en verplichte participatie onder de Omgevingswet (7398174)
Voorzitter:
mw. M. Woolthuis
De leden: dhr. M. Achterbergh-Copier, mw. B.M. Antolini, dhr. T.M. Beusenberg, mw. J.M. Hup, mw. G. Knikker, mw. J. Koolmoes, dhr. J.A. Kos, mw. A.P. Maat, dhr. A. de Ruiter, dhr. F. Sidali, dhr. H.P. Spijker, dhr. K. Sulmann, dhr. D.P.F. Zuyderwijk Griffier: dhr. M.H.H. Gerding Portefeuillehouders: dhr. J.N.J. Nobel, mw. M.H. Ruigrok Insprekers: Geen
De VOORZITTER: Goedenavond allemaal, na een korte pauze moeten we nu toch beginnen en ik ben blij dat u hier allen bent. We gaan zo beginnen met de bespreking van het raadsvoorstel Adviesrecht van de gemeenteraad, delegatie van bevoegdheden en verplichte participatie onder de Omgevingswet. We hebben geen insprekers, daarom kunnen we zo direct beginnen met de eerste termijn. U heeft, zoals u allen bekend, spreektijd. Politieke vragen kunt u stellen in de eerste termijn, technische vragen graag schriftelijk. Ik attendeer u erop dat het niet de bedoeling is om die technische vragen te stellen. In de tweede termijn is er ruimte voor vrij debat en namens het college zit wethouder Nobel hier voor de beantwoording van de vragen. En ik zie meteen een eerste aanmelding om te beginnen. De heer Beusenberg, SRH. De heer BEUSENBERG: Dank u wel voorzitter. Voorzitter, participatie is het enige dat nog draagvlak creëert voor de politiek. Dat gaat heel vaak fout. Ik ben gestopt met tellen hoe vaak insprekers hier wel niet komen en melden dat er geen, weinig of slechte participatie is geweest. Zoals ik al zei, is het de enige manier waarop wij draagvlak kunnen creëren in onze gemeente. Want we weten allemaal wel dat er geen vertrouwen meer is in de politiek, landelijk noch op regionaal niveau.
Daar moeten we echt wat aan gaan doen, want als inwoners zich niet gehoord voelen, zitten wij hier maar zullen we alleen nog maar afgerekend worden op wat wij hier doen zonder hun instemming. In dit voorstel staat een besluit over verplichte participatie onder de Omgevingswet. Voorzitter, mijn partij is daar tevreden mee en ik kies mijn woorden zorgvuldig, want blij zijn we nog niet. Want wanneer kunnen wij verbeterde participatie verwachten op andere onderwerpen waar wij in dit huis regelmatig over spreken? Het college schetst dat na het besluit van de gemeenteraad de ontwikkeling sneller zal verlopen, maar is sneller ook beter in dit geval? Want we willen natuurlijk dat het snel gaat, maar ik heb liever dat het beter gaat. En ik hoop dat de portefeuillehouder het daarin eens is met SRH. Dank u wel. De VOORZITTER: Dank u wel mijnheer Beusenberg, dan zal ik even de volgorde van de volgende aanmeldingen vast opnoemen. Als eerste mevrouw Koolmoes van HAP, dan gaan we door naar de heer Sulmann, daarna de heer Kos, daarna de heer Sidali en daarna mevrouw Antolini. Mevrouw Koolmoes van HAP, gaat uw gang. Verslag Sessiedebat RV Adviesrecht gemeenteraad, delegatie van bevoegdheden en verplichte participatie onder de Omgevingswet 6 april 2023
1
Mevrouw KOOLMOES: Dank u wel voorzitter De Omgevingswet is tot nog toe een lange en zware bevalling waarover zelfs de leden van de Tweede Kamer hun verdeeldheid lieten blijken. De nieuwe wet die ooit werd opgezet toen duidelijk werd dat inwoners meer wilden participeren. Alles moest makkelijker worden onder de nieuwe wet en bij alle initiatieven moest er geparticipeerd zijn. Ga er maar aanstaan als maestro, de zevende symfonie van Beethoven is er niets bij. Zelfs de Tweede Kamer heeft zo veel twijfels bij de nieuwe wet dat er zeer verdeeld werd gestemd. We hopen dat er toch muziek zit in de toekomst van de Omgevingswet. Want het is een zware taak om onze ambtenaren, beleidsadviseurs, adviescommissies, raadsleden, wethouders en bovenal onze inwoners te laten begrijpen hoe het gaat werken onder de Omgevingswet. Als voorbeeld noem ik 1CD in Rijsenhout. Kunnen we onder de nieuwe Omgevingswet dit soort problemen sneller oplossen? Misschien kan het college hier iets over zeggen. Dan de participatie. Nog steeds op los zand gebaseerd in de nieuwe wet. Geen inspanningsverplichting. Men hoeft alleen maar een verklaring af te geven of er überhaupt geparticipeerd is of juist niet. Wanneer is er genoeg draagvlak en wie bepalen straks dat er genoeg participatie is gedaan? En wie krijgt de uitzondering op de regel? HAP heeft er moeite mee.
De nieuwe Omgevingswet is bedoeld om sneller en overzichtelijker besluiten te kunnen nemen ter bescherming van onze leefomgeving. Dan denk ik hardop aan de reservering van de Tweede Kaagbaan, zal die er dan eindelijk afgaan? Kunnen we dan snel en overzichtelijk besluiten dat er gebouwd mag worden in het zuiden van onze polder? De fractie van HAP las bij welke situaties of bevoegdheden te delegeren zal zijn aan ons college. Lastig voorzitter, want ook voor ons is het nieuw. Wat is wijsheid als men nog niet weet wat dit gaat brengen? Moeten we ja zeggen en het zo laten gebeuren? Moeten we nee zeggen en elke week stukken onder onze neus krijgen? We gaan ervan uit dat deze vragen ook bedacht zijn door het college en dat we daarom in kunnen stemmen met wat voor ons ligt, want pas met voortschrijdende inzichten kunnen we misschien over een jaar zeggen dat we het anders hadden moeten doen. En gelukkig hebben we dan als raad instrumenten om de aanpassingen te maken. Voor wat betreft punt ad d over toevoegen dat ons college verplicht is om de raad te informeren wanneer wij gebruikmaken van een voorbereidingsbesluit, daar is de fractie van HAP uiteraard voorstander van. En een jaar na de indiensttreding van de Omgevingswet doen we een evaluatie. Mooier kan ik het niet maken, want als die zin er niet in had gestaan, had ik hem voorgesteld.
Graag horen we wel van het college hoe ver de betrokken ambtenaren zijn om de overgang ordentelijk te laten verlopen, niet alleen de mensen achter de bureaus, maar ik denk ook aan handhavers en toezichthouders. Ook die zullen te maken krijgen met de vernieuwde werkwijze onder de Omgevingswet. Afsluitend wil HAP benadrukken dat we hopen dat de nieuwe Omgevingswet ook weer meer ruimte gaat geven aan ontwikkelingen aangevraagd door onze inwoners. De 'ja, het kan'mentaliteit. Die moet vaak nog uitgevonden worden door de ambtenaren en vaak worden spijkers op laag water gezocht om innovatieve plannen af te schieten. Tot zover voorzitter. De VOORZITTER: Hartelijk dank, dan gaan we nu over naar mijnheer Sulmann, GEZOND Haarlemmermeer. De heer SULMANN: Ja, dank u wel voorzitter. Het doel van de Omgevingswet is besluitvorming over initiatieven sneller en overzichtelijker te laten verlopen. Overzichtelijker is natuurlijk prima. En sneller is te begrijpen, maar gaat dat dan niet ten koste van de kwaliteit? Er wordt zelfs voorgesteld om niet te wachten tot de start van de Omgevingswet, maar alvast te beginnen, zelfs met lopende projecten. Bijkomend voordeel is natuurlijk de ambtelijke capaciteit. Ons bekruipt dan toch het gevoel dat op deze manier een aantal projecten erdoorheen gedrukt wordt. Maar niet getreurd. Er komt een jaar na inwerkingtreding een evaluatie.
Mevrouw Koolmoes zei het ook al. Aangezien we dus nu eigenlijk al zijn begonnen kunnen we wellicht de evaluatie ook eerder ontvangen. Dat zou mooi zijn. Voorgesteld wordt om de lijst waarover de gemeenteraad advies dient te geven aan het college en de Verslag Sessiedebat RV Adviesrecht gemeenteraad, delegatie van bevoegdheden en verplichte participatie onder de Omgevingswet 6 april 2023
2
activiteiten waarvoor participatie verplicht wordt gesteld te combineren. Dit omdat de advieslijst betrekking heeft op ruimtelijke ontwikkelingen met een grote impact op de omgeving. En inderdaad, juist op die ontwikkelingen is participatie van groot belang, dus dit kunnen wij volledig steunen. Nu is het wel zo dat deze participatie vormvrij is, maar het moet wel op basis zijn van gestelde participatiebeginselen en kaders. Dus helemaal vormvrij zal het dan ook weer niet zijn. Maar toch, wat gebeurt er als de raad van mening is dat de participatie niet op een juiste manier is uitgevoerd, maar nog net wel past binnen de kaders? Verder steunen wij het voorstel om de advieslijst en de verplichte participatie te combineren met de uitgebreide procedure. Afsluitend toch nog even een technische vraag over de bijlage adviesrecht gemeenteraad en verplichte participatie. Is deze lijst in lijn met wat andere gelijksoortige gemeenten doen in Nederland. Of is Haarlemmermeer afwijkend? We horen het graag. Tot zo ver. De VOORZITTER: Dank u wel. Over technische vragen hebben we al gezegd dat die schriftelijk kunnen worden beantwoord. Dan gaan we naar de heer Kos van Forza! De heer KOS: Voorzitter, dank u wel. Wij waren nog even in de discussie over de vraag of het wel of geen technische vraag was, maar dat oordeel zal ik aan u laten. Laat ik het maar bij mijn eigen bijdrage houden.
Dat lijkt me verstandiger. Ja, dat vindt de rest ook. De fractie van Forza! heeft kennisgenomen van de ideeën rond de Omgevingswet. Natuurlijk is het belangrijk om te weten wanneer een vvgb wel of niet vereist is en natuurlijk moet het voor raad en college duidelijk zijn welke bevoegdheden gedelegeerd worden naar het college. Maar veel belangrijker voor de fractie van Forza! is: waar worden de burgers van onze gemeente en ontwikkelaars die initiatieven willen ontplooien mee geconfronteerd de komende jaren? Wat Forza! betreft, heeft de gemeente voor haar burgers vooral een faciliterende rol. Dat vergt dus een open houding en geen dictaat waarin alles tot achter de komma wordt vastgelegd. De aanzienlijke wijzigingen zijn nieuw en als het goed is, werken ze op het gebied van procedures rond ruimtelijke ontwikkelingen versnellend. De fractie van Forza! zou het college willen vragen of we de snelheidsverhoging kunnen monitoren de komende jaren. Als we goed bijhouden waar processen onder het huidige voorstel sneller en soepeler lopen dan voorheen, moeten we dat vooral in stand houden.
Daar waar, ondanks de vandaag aangeboden goede bedoelingen, processen in de praktijk stranden en onnodig frustrerend werken op langetermijnopgaven in Haarlemmermeer, wil de fractie van Forza! ook op de hoogte gehouden worden, zodat we de mogelijkheid hebben bijsturing te geven op het verder versnellen van processen. Tot slot voorzitter, of het nu nodig is om een klein beetje van een omgevingsplan af te wijken of dat juist een buitenplanse omgevingsvergunning beter past… laten we er met de nieuwe wet in de hand vooral voor zorgen dat er weer intensiever ontwikkeld kan worden in de gemeente Haarlemmermeer. Tot zover. De VOORZITTER: Hartelijk dank. Dan gaan we naar PvdA, mijnheer Sidali. De heer SIDALI: Dank u wel voorzitter. Allereerst de complimenten aan het college, want we zijn met dit onderwerp eigenlijk al een voorloper in den lande. We zijn lang en breed klaar om de Omgevingswet te implementeren, dus nogmaals de complimenten. We wachten alleen nog op Den Haag en we hopen dat we dat deze raadsperiode nog meemaken. Dan het voorstel zelf over de participatie, voorzitter. Daar zijn we groot voorstander van maar het hinkt wat ons betreft toch wel op twee gedachten.
Ik neem u mee naar pagina 5 van het raadsvoorstel waar op een gegeven moment onder het kopje 'verplichte participatie bij een buitenplanse omgevingsplanactiviteit' staat 'Participatie is geen verplichting en is geheel vormvrij. Initiatiefnemers die aan participatie doen zullen moeten beschrijven hoe de participatie heeft plaatsgevonden', et cetera. Dan staat een Verslag Sessiedebat RV Adviesrecht gemeenteraad, delegatie van bevoegdheden en verplichte participatie onder de Omgevingswet 6 april 2023
3
alinea verder, of nog een alinea verder, in de laatste alinea van die pagina, 'In aansluiting op de verplichting voor het bevoegd gezag om een belangenafweging te maken, kan de gemeenteraad ervoor kiezen om activiteiten aan te wijzen waarvoor participatie verplicht wordt gesteld.' Ja, dan denk ik bij mezelf 'welke spelregels gaan we nu eigenlijk hanteren met elkaar?' Is dat voor de initiatiefnemer zo duidelijk, als hij eerst leest 'ik ben niet verplicht om participatie te doen, als ik dat doe, dan moet ik wel even aangeven hoe ik dat ga doen', maar er is nog een bevoegd gezag dat kan zeggen 'nou, we vinden dat voor deze activiteit toch nog wel participatie nodig is'. Ja, voorzitter, het kan allemaal wel, maar is het niet belangrijk – dat vraag ik het college – en is het niet handig om met elkaar gewoon spelregels af te spreken vooraf, zodat de initiatiefnemer vooraf gewoon weet waar hij aan toe is wanneer iets wel kan of wanneer iets niet kan, maar niet tijdens het spel nog eens een keer teruggeroepen kan worden met 'u zult toch participatie moeten doen'? Dit is even een vraag: kunnen wij spelregels in het leven roepen omtrent dit participatiedeel? Dank u wel voorzitter. De VOORZITTER: Hartelijk dank dan gaan we naar FVD, mevrouw Antolini. Mevrouw ANTOLINI: Dank u voorzitter.
Vandaag hebben we het over de delegatie van bevoegdheden en verplichte participatie onder de Omgevingswet. Dit is niet zomaar een wet, deze wet heeft een enorme impact op de procedures rond de ruimtelijke ordening van Nederland. Hierbij krijgen gemeenten een grotere rol bij de aanvraag van vergunningen in nieuwe projecten. Er zijn positieve aanpassingen. Zo worden voor aanvragers procedures en wetten gestroomlijnd en vereenvoudigd waardoor nieuwe projecten sneller gerealiseerd kunnen worden. Wij moeten echter als raad blijven opletten dat belanghebbenden die met een nieuw project geconfronteerd worden, naast voldoende inspraak, ook adequate bezwaar- en beroepsmogelijkheden houden om tegenwicht te geven aan overijverige overheden en projectontwikkelaars. De raad is nu dan ook gevraagd door het college om bij verschillende situaties en/of bevoegdheden te delegeren aan het college. En dit is een risico. We zien een grote druk en snelheid bij het bouwen van nieuwe huizen op dit moment. Dit vereist wel zorgvuldigheid en een goede democratische en juridische controle. Ik twijfel dan ook of deze controle er zal zijn. We moeten niet willen dat projectontwikkelaars straks in onderling overleg met de gemeente de burger kunnen omzeilen voor snellere realisatie van hun project.
FVD wil geen situatie waarbij colleges en hun ambtenaren vrij spel krijgen om ieder gewenst project, waar bijvoorbeeld een bestemmingsplanwijziging voor nodig is, redelijk simpel gerealiseerd te krijgen. De burger moet immers te allen tijde zijn recht kunnen halen, zeker als het gaat over de inrichting van de directe omgeving. Tot zover voorzitter. De VOORZITTER: Hartelijk dank. Dan gaan we naar D66, mevrouw Knikker. Mevrouw KNIKKER: Dank u wel voorzitter. Laat ik beginnen met het feit dat D66 het doel van de Omgevingswet onderschrijft, want besluitvorming over initiatieven kan en moet sneller en overzichtelijker. Voor ons is het dus van belang dat we zorgvuldig kijken naar het adviesrecht van de gemeenteraad, waarbij leidend is dat we niet te veel op de stoel van de uitvoerder, in dit geval het college, moeten gaan zitten, maar dat we ons als raad vooral uitspreken over politiek en maatschappelijk gevoelige initiatieven. Het voorstel van vanavond doet daar recht aan, want het adviesrecht van de raad in combinatie met die verplichte participatie kan op onze instemming rekenen. We zijn blij dat we hier als gemeente zo proactief mee aan de slag zijn gegaan en ook al vooruitlopend op de invoering van de Omgevingswet hiermee willen starten. Twee vragen naar aanleiding van de stukken.
We lezen dat ons huidige bestuurlijke proces eigenlijk niet is ingericht op een snellere procedure als de raad er in een beslissingstermijn van acht weken nog tussen moet zitten. De vraag aan het college is dan ook: op welke wijze kan de gemeenteraad op het Verslag Sessiedebat RV Adviesrecht gemeenteraad, delegatie van bevoegdheden en verplichte participatie onder de Omgevingswet 6 april 2023
4
moment dat er een vergunningaanvraag wordt ingediend en gepubliceerd al geïnformeerd worden en kunnen wij al tijdig in positie worden gebracht? En de tweede vraag in het verlengde daarvan, maar misschien ook wat meer richting mijn collega's: kunnen we niet ook tot een procesafspraak komen dat we op een vast moment dit soort adviezen, die wij als raad dan toch moeten geven op basis van die lijst, en die vergunningaanvragen behandelen, zodat we die termijn van acht weken zo veel mogelijk in stand kunnen houden? De VNG-handreiking doet daar een aantal mooie suggesties voor. Een daarvan zouden wij wel willen overnemen en ik hoor graag hoe daar door het college naar wordt gekeken en ook door mijn collega's. Dat is namelijk de instelling van een zogenaamde Hoorcommissie, waarbij de gemeenteraad initiatiefnemers en betrokkenen de mogelijkheid biedt om een initiatief, dan wel hun zienswijze toe te lichten op het moment dat er zo'n aanvraag wordt ingediend. Ik denk dat we daarmee ook tot een goed en simpel proces kunnen komen zonder dat we dus in de knel komen. Een laatste opmerking. Van belang is dat we die samenhang en die consistentie van die verschillende ontwikkelingen met elkaar goed in beeld houden. We lezen ook dat het college in principe vijf jaar de tijd heeft om als een vergunningaanvraag wordt goedgekeurd, dat op te nemen in het omgevingsplan.
Hoe kunnen wij als raad, als er dan een omgevingsplan komt… De VOORZITTER: Ik was aan het wachten op de punt, mevrouw Knikker, maar u krijgt een interruptie van de heer Kos. De heer KOS: Ja, dank u wel, voorzitter. Het was op het vorige punt, maar u ging prachtig verder. Dat stukje over die hoorzitting. Wanneer zou u dat dan willen, zodat het wel versnellend blijft? Mevrouw KNIKKER: Volgens mij is het heel erg interessant als je zo'n Hoorcommissie zou instellen, dat dus buiten de reguliere raadsvergadering kan. Dus dan zou je dat gewoon in het proces van die weken kunnen doen zodat je dan met een advies naar de gemeenteraad kunt komen. Ik denk dat we daarmee kunnen waarborgen dat we die versnelling van de beslistermijn bewaken. Dat was hoe ik de VNGhandreiking interpreteerde, dus los van de reguliere raadscyclus. De VOORZITTER: Gaat u verder met uw betoog? Mevrouw KNIKKER: Ik wil eigenlijk alleen nog even mijn punt af maken. Als we als gemeente vijf jaar de tijd hebben om initiatieven die vergund zijn toe te voegen aan een omgevingsplan en wij als raad vervolgens adviesrecht hebben en we initiatieven moeten toetsen aan het omgevingsplan, hoe zorgen we er dan voor dat dat omgevingsplan ook altijd up-to-date is? Dus dat we zicht hebben op die samenhang van al die verschillende initiatieven? Dat was het. De VOORZITTER: Dank u wel. Dan gaan we naar mijnheer Achterbergh, VVD.
De heer ACHTERBERGH: Dank u wel voorzitter. Het doel van dit raadsvoorstel is helder: we zorgen dat de spelregels van de Omgevingswet duidelijk zijn zodat, wij als die van kracht wordt, aan de bak kunnen. De gemeenteraad stelt het omgevingsplan vast. Het college voert de verlening van de omgevingsvergunningen uit. Door dit raadsvoorstel worden vooraf duidelijke verwachtingen geschapen en worden teleurstellingen hopelijk voorkomen. En dat is top. We kunnen volgens ons als gemeenteraad op dit moment aan drie knoppen draaien. De eerste is het verplichte advies voor de BOPA, de buitenplanse omgevingsplanactiviteit. Er is sprake van een flinke verkorting van de behandeltermijn, mevrouw Knikker van D66 refereerde daar net ook al aan, van 26 naar acht weken teruggaan klinkt natuurlijk top. Je bent sneller geholpen en er wordt sneller een beslissing genomen over de BOPA. Echter, de VVD Haarlemmermeer vreest dat de termijnen op dit Verslag Sessiedebat RV Adviesrecht gemeenteraad, delegatie van bevoegdheden en verplichte participatie onder de Omgevingswet 6 april 2023
5
moment niet realistisch en haalbaar zijn. We hebben bij de Wet open overheid, de Woo, in de praktijk al gezien dat de wetgever ook flink is gaan knijpen in de behandeltermijnen, met als doel een snellere afhandeling, maar zonder daarbij voldoende na te denken over de gevolgen voor de bedrijfsvoering. We zien nu dat de behandelaren van Woo-verzoeken niet uitkomen met termijnen en daardoor enorm uit de tijd lopen. Nu de behandeltermijnen vanuit de Omgevingswet ook flink teruggeschroefd zijn, willen wij het college vragen of onze gemeentelijke bedrijfsvoering hier eigenlijk wel klaar voor is 1 januari a.s. Je kunt de behandeling van aanvragen, wat ons betreft, op twee manieren oplossen. De eerste is om de termijn te verlengen. Maar daar gaan wij niet over. Dat is door het rijk vastgesteld. En de andere is meer ambtenaren aannemen. Het probleem is dat we die niet hebben en die ook lastig te vinden zijn. Dus het wordt heel lastig om die termijnen dan te gaan halen. En wat betekent dat dan voor de rechtszekerheid van die aanvragers? Maar wat kunnen wij nu dan wel doen als raad? Wat de VVD Haarlemmermeer betreft, gaan we in ieder geval niet als raad op de stoel van de uitvoering zitten. Ik wil in tweede termijn wel even op die Hoorcommissie terugkomen, want dat is op zich wel interessant, maar ik ben nog niet helemaal overtuigd van de versnelling.
Ik denk eerder dat het vertragend werkt als wij toch op die stoel gaan zitten. Wij willen in ieder geval niet op de uitvoeringsstoel gaan zitten en dus moeten we zorgvuldig afwegen over welke specifieke zaken, die wij vanavond bespreken, wij dringend advies willen uitbrengen. Dat staat in de bijlage die we gaan vaststellen en we moeten daar zorgvuldig mee omgaan. We willen als VVD Haarlemmermeer in ieder geval geen situaties toevoegen aan die lijst. Wij gaan daarom ook akkoord met die die bijlage. Dan gaat het over de verplichte participatie bij de omgevingsvergunning voor een BOPA. Vanuit de Omgevingswet wordt een initiatiefnemer gestimuleerd om derden actief te betrekken bij de totstandkoming van zijn aanvraag voor een omgevingsvergunning. Ergo, dat is natuurlijk participatie. De stelregel is dat participatie vrijwillig is en vormvrij. Ik heb meerdere partijen erover gehoord. Wij zijn daar wel blij mee. Het geeft namelijk de aanvrager de mogelijkheid om zelf te bepalen en in te schatten wat daarvoor de beste vorm is. Er zijn echter ook situaties denkbaar, waarvan wij als raad zullen zeggen 'we vinden dat zo'n impact hebben op de maatschappij of de omgeving, daarvan vinden wij dat het verplicht is'.
Wij volgen het voorstel van het college dan ook om de lijst van de ruimtelijke ontwikkelingen waar de gemeenteraad advies over moet uitbrengen, te combineren met in welke gevallen participatie noodzakelijk is. Dat schept in ieder geval duidelijkheid. De VOORZITTER: Mijnheer Achterbergh, u krijgt een Interruptie van de heer Sidali. De heer SIDALI: Ja, ik was zeer geïnteresseerd, want daar had ik het dus over. Wanneer bepalen wij dat? Kunt u eens een voorbeeld geven wanneer u zegt 'nou, ik vind dat wij als raad dan even moeten bepalen dat daar echt wel iets mee moet gebeuren'? Wanneer is dat? De VOORZITTER: Mijnheer Achterbergh. De heer ACHTERBERGH: Als ik 'm dicht bij huis houd, zou ik bijvoorbeeld zeggen, een enorm zonnepark naast een dorp. Dat is bijvoorbeeld een voorbeeld waarvan ik zeg 'dat heeft mogelijk impact op de directe omgeving'. Als iemand bijvoorbeeld zijn dakpannen wil verwisselen of een uitbouw wil doen, dan zeg ik 'nou, participatie is wel een heel zwaar middel'. Maar als het echt gaat over een hele nieuwe wijk midden in een wijk neerzetten, Pionier-Bols is daar een goed voorbeeld van, betekent dat wat voor verkeersveiligheid, voor de verkeersdruk, voor de faciliteiten.
Hebben we wel genoeg huisartsen? Daarvan zeg ik 'hé, dat is wel dusdanig van impact op de buurt, daarvan zou je moeten zeggen 'als je dat project wilt, dan moet je daar ook participatie toepassen'.
Verslag Sessiedebat RV Adviesrecht gemeenteraad, delegatie van bevoegdheden en verplichte participatie onder de Omgevingswet 6 april 2023
6
De VOORZITTER: U krijgt nog een vervolgvraag van de heer Sidali en daarna zie ik mijnheer De Ruiter. De heer SIDALI: Ja. Helder, dank u wel. En bent u het dan ook eens met de PvdA dat we dan daarover helderheid moeten scheppen naar de mensen toe? Dat je dan ook van tevoren zegt 'dit wel en dit niet'? De VOORZITTER: Ik zal de andere twee vragen ook even ophalen, misschien is dat handig. Mijnheer De Ruiter. De heer DE RUITER: Ja dank u, voorzitter. Mijn vraag sluit eigenlijk aan bij die van mijnheer Sidali want mijn vraag zou dan zijn: hoe gaan we objectief vaststellen wanneer het wel impactvol genoeg is en wanneer niet? En hoe gaan we dat omschrijven? De VOORZITTER: Mevrouw Koolmoes, heeft u een vraag in dezelfde trant? Mevrouw KOOLMOES: Ja, datzelfde, want mijnheer Achterbergh kan heel goed aangeven wanneer er wel geparticipeerd moet worden, maar wanneer niet? Bij een tweede Kaagbaan, ik noem maar iets, hoeft het daar niet van VVD? Een dakkapel wordt genoemd, maar als die dakkapel daardoor uitzicht geeft door mijn tuin, zou ik het toch wel fijn vinden als de buurman mij ook even wat heeft gevraagd. Dus ik vind het lastig. Ik denk dat het zo'n grijs gebied is, mijnheer Achterbergh, dat we er misschien in de tweede termijn nog eens over door moeten bomen. De VOORZITTER: Ik hoor de vraag dan of het… Mevrouw KOOLMOES: Of mijnheer Achterbergh het met mij eens is.
De VOORZITTER: Ik geef het woord weer door aan mijnheer Achterbergh. De heer ACHTERBERGH: Ik zit inmiddels op de stoel van het college, heb ik het idee. Maar om eerst op mevrouw Koolmoes terug te komen: voor een dakkapel is op dit moment geen vergunning nodig, dus die kun je gewoon op je op je dak zetten, dus er is ook geen participatie nodig. Maar het is een voorbeeld waarvan ik zeg 'dat vind ik zo een geringe uitbreiding dat daarvoor voor mij in ieder geval niet een heel participatiecircus hoeft te worden opgetuigd'. Wat betreft mijnheer Sidali, voorzitter: we kunnen niet alles in beton gieten. Dat wordt heel lastig dus we zullen met elkaar in gesprek moeten en daar zal de tweede termijn misschien een mooi moment voor zijn, om te kijken 'waar willen we nou wel die verplichte participatie en waar niet?' Ik heb net een paar voorbeelden gegeven waarvan ik zeg, bijvoorbeeld maatschappelijke impact, 'dat is een indicatie waarvan we zeggen daar is participatie wel nodig'. De VOORZITTER: Dank u wel, dat is volgens mij voldoende beantwoord. Dan kunt u verdergaan met uw betoog. De heer ACHTERBERGH: Volgens mij had mijnheer De Ruiter ook nog iets gevraagd, maar dat was volgens mij niet specifiek aan mij, voorzitter.
De VOORZITTER: Mijnheer De Ruiter, kunt u uw vraag herhalen? De heer DE RUITER: Ja, mijn vraag was: hoe gaan we dan objectief vaststellen wat wel en niet voor participatie in aanmerking komt en hoe gaan we dat opschrijven, eigenlijk ook aansluitend op wat mijnheer Sidali vroeg, zodat het ook duidelijk is voor de burgers wanneer wel en wanneer niet? Verslag Sessiedebat RV Adviesrecht gemeenteraad, delegatie van bevoegdheden en verplichte participatie onder de Omgevingswet 6 april 2023
7
De VOORZITTER: Dat is nu niet meer een directe vraag, maar ik denk dat we dit onderwerp even parkeren voor de tweede termijn. Dan vraag ik nu of u verder kunt gaan met uw betoog, mijnheer Achterbergh. De heer ACHTERBERGH: Dank u wel. Ik was bij de stelregel dat participatie vrijwillig en vormvrij is. En toen kwam het vragenuurtje. Wij staan er dus achter. Er zijn situaties denkbaar waar dat wel noodzakelijk is. Wij volgen het college, dat had ik gezegd. Oké. Dat schept in ieder geval duidelijkheid voor zowel de aanvrager als voor de behandelaar. Dan tot slot het delegatiebesluit voor het aanpassen van het omgevingsplan. Daarmee geven we een bepaalde regie uit handen aan het college. Dan moet je als raad altijd even goed nadenken, willen we dat wel? In dit geval vinden wij dat een uitstekend idee, want het zijn allemaal praktische delegaties, bestaande zaken die in een nieuw vormpje gegoten worden. Daar moeten we ons niet te druk over maken. En we kunnen het later altijd nog aanpassen. Mocht het niet blijken te werken, dan kunnen we ervoor kiezen om het er weer eens over te hebben. De bijlage Adviesrecht gemeenteraad en de verplichte participatie is zichtbaar zorgvuldig opgesteld. En hoewel het technisch is, is het goed leesbaar en duidelijk. Wij zullen dan ook instemmen met het vaststellen hiervan. Tot zover voorzitter.
De VOORZITTER: Hartelijk dank, dan is nu het woord aan mevrouw Maat van het CDA. Mevrouw MAAT: Dank u wel voorzitter. De Omgevingswet zal volgend jaar, zoals het er nu naar uitziet, dan toch echt intreden. In ieder geval, daar gaan we vanuit. Wij zijn als gemeente inmiddels al een hele poos bezig met de voorbereiding hierop. Het stuk waar we het vandaag over hebben, is het vraagstuk waarover wij als raad willen meebeslissen binnen de Omgevingswet en de omgevingsplannen. Dit heet het adviesrecht en de verplichte participatie. Om dit voor elk project de los te beslissen, is niet te doen, want dan kunnen we hier elke avond wel gaan zitten. Dus het is goed dat we van tevoren afspreken wanneer dan wel en wanneer niet. De verklaringen van geen bedenkingen behoren dan tot het verleden. We bepalen dan nu waar het adviesrecht van de raad dan voor nodig is en wanneer wij vinden dat participatie verplicht is, oftewel de gevoelige onderwerpen. Wij willen in ieder geval even benoemen vanavond dat het CDA blij is te zien dat er onderscheid wordt gemaakt in de lijst tussen onze grotere en kleinere kernen. Het kan dus niet dat we een woningproject van 75 woningen zonder participatie in een van onze kleinere kernen zomaar doorgang laten krijgen.
We hopen hiermee toch echt een slag te kunnen slaan in het actief laten meedenken van onze inwoners en zo ook de unieke karakters van onze kleine kernen te kunnen waarborgen. Wij zien als CDA in ieder geval geen gekke dingen in het stuk en in de lijst en zullen hier dan ook mee instemmen. De VOORZITTER: Dank u wel. Dan is het woord nu aan de heer Spijker van EEN Haarlemmermeer. De heer SPIJKER: Dank u wel voorzitter. Het is een mooi feit dat wij grote stappen hebben gemaakt in de Omgevingswet. Over participatie. Ja, dat is belangrijk. Dat is van heel groot belang. Maar hoe serieus wordt de participatie genomen vanuit de burgers? Aan de andere kant moet participatie zeer goed worden omschreven: wie wordt er betrokken en waarom? In het verleden is het vaker gebeurd, en ik noem dan bijvoorbeeld het zwembad in Hoofddorp, dat de ene kant van de wijk werd gevraagd om mee te participeren. Die mensen hadden er geen last van dat daar een flatgebouw kwam, terwijl de mensen aan de overkant waar de slagschaduw kwam, waren vergeten. Dat soort projecten moeten we dus niet meer hebben. Verslag Sessiedebat RV Adviesrecht gemeenteraad, delegatie van bevoegdheden en verplichte participatie onder de Omgevingswet 6 april 2023
8
Dan heb ik nog een vraag over het adviesrecht van de raad. Als de raad een advies geeft, is dat dan ook bindend? Daar ben ik wel heel benieuwd naar want ik kreeg de gedachte dat dat hetzelfde wordt bij een burgerparticipatie 'ze hebben een mening, maar we kunnen dat naast ons neerleggen'. Dit was het eigenlijk. Het is een goed document. De VOORZITTER: Kort, maar krachtig, dank u wel. Dan gaan we nu naar mevrouw Hup van de ChristenUnie-SGP. Mevrouw HUP: Dank u wel voorzitter. Onze fractie heeft ook het raadsvoorstel ingezien en we zijn er positief over, dus we kunnen er ook wel mee instemmen. Laten we vooropstellen dat wij nauwe betrokkenheid van burgers bij de totstandkoming van beleid gewaarborgd willen hebben en allerlei vormen van vroegtijdige participatie zijn daarvoor goede instrumenten. Belanghebbenden en doelgroepen moeten in de beleidsvoorbereiding een duidelijke plaats krijgen. Vooral binnen welke kaders er kan worden meegedacht, is heel erg belangrijk om op voorhand duidelijk te schetsen. Mevrouw Maat zei het al. Laten we dat dan vanavond ook doen om het op voorhand duidelijk te maken. Voor de ChristenUnie-SGP is echter een principieel punt dat de gemeentelijke overheid altijd de uiteindelijke integrale afweging maakt en de knopen doorhakt. Dus een belangrijke taak voor de gemeenteraad bij de participatie is het bewaken van de kwaliteit van het bestuurlijk proces.
Wij moeten als volksvertegenwoordiging erop toezien dat alle belangen worden meegenomen. En wij denken dus dat dat middels dit raadsvoorstel voldoende geborgd is. Met de Omgevingswet willen we natuurlijk vanuit de landelijke overheid de regels voor ruimtelijke ontwikkeling vereenvoudigen en samenvoegen. Dat betekent waarschijnlijk minder regels, meer overzicht en meer ruimte voor goede initiatieven van inwoners. Maar aan de andere kant is het wel weer een heel flinke operatie om het huidige systeem van bestemmingsplannen te veranderen naar ruimtelijke ordening met middelen van deze nieuwe wet. Ik ben wel benieuwd hoe het college dat dan precies ziet. Mij is nu bijgebleven uit het stuk dat bij de buitenplanse omgevingsplanactiviteit, de BOPA is bepaald dat wij als gemeenteraad ervoor kunnen kiezen onszelf als adviseur aan te wijzen voor het aanvragen van de omgevingsvergunningen voor bepaalde gevallen van buitenplanse omgevingsplanactiviteiten. Dus het gaat dan bijvoorbeeld om het aanvragen van activiteiten die in strijd zijn met het geldende omgevingsplan. Bijvoorbeeld de transformatie van een bedrijf of een kantoor naar woningen. Ik rond af, voorzitter. Ik ben nog een beetje aan het zoeken naar hoe het college dit dan precies in de praktijk ziet.
Betekent dit dat we dat door middel van een stemmingenlijst voor krijgen, of gaan we echt meebeslissen in het proces? Gaan we naar een soort raadswerkgroep? Hoe wordt dit geborgd? Ik hoor de wekker, dus ik rond af, voorzitter. Tot zover. De VOORZITTER: Dank u wel en u heeft scherp gehoord dat uw spreektijd op was. Dan gaan we nu naar BVNL, mijnheer De Ruiter. De heer DE RUITER: Dank u wel voorzitter. De fractie van BVNL kan zich redelijk vinden in het voorstel. Het is natuurlijk nieuw, voor ons ook, en daarom hechten we aan de evaluatie en misschien niet slechts na een jaar, maar zo vaak als en op momenten dat deze raad dat wenselijk acht. Het versnellen van processen vinden we een goed uitgangspunt. Ik heb eerder ook al gehoord dat hier bij een 'ja, tenzij'-houding gehanteerd moet worden in plaats van de bekende bureaucratische 'nee, mits'-attitude. BVNL is voorstander van eenvoudiger en minder regelgeving. Hopelijk gaat dit voorstel daarvoor zorgen. We zullen het moeten beleven. Tegelijkertijd moet de rechtszekerheid van burgers gewaarborgd blijven, dus de snelheid mag nooit ten koste gaan van zorgvuldigheid. Het voorstel van de Hoorcommissie vind ik daarom wel een interessant idee en daar kunnen we zeker in de tweede termijn ook wat BVNL betreft nog over spreken.
Verslag Sessiedebat RV Adviesrecht gemeenteraad, delegatie van bevoegdheden en verplichte participatie onder de Omgevingswet 6 april 2023
9
Dan nog even terugkomend op het betoog van mijnheer Achterbergh, ik voorzie wel problemen als we niet strak en objectief kunnen omschrijven wanneer, hoe en tot hoever participatie dient plaats te vinden. Voor we naar de tweede termijn gaan, kan het college daar wellicht ook zijn visie op geven. En dan tenslotte nog de technische vraag, die mijnheer Sulmann, meen ik, ook al stelde, in welke mate dit voorstel aansluit bij hoe andere gemeenten dit aanpakken, want het zou, wat ons betreft, ook wel wenselijk zijn om daar een soortgelijke lijn in te volgen. Tot zover, dank u. De VOORZITTER: Dank u wel dan gaan we deze eerste termijn afsluiten met mijnheer Zuyderwijk, GroenLinks. De heer ZUYDERWIJK: Dank u voorzitter. Bij dit raadsvoorstel wil ik beginnen met de categorieën die in de bijlage zijn beschreven. Het bindend adviesrecht is een van de weinige bevoegdheden van de raad in de nieuwe Omgevingswet en er staat beschreven op welke manier wij gaan participeren. Als voorbeeld wordt beschreven dat bij gebied 1 vanaf 75 woningen om adviesrecht wordt gevraagd, tenzij dit in overeenstemming is met de vastgestelde visie of beleidskaders. En die laatste zin baart ons zorgen.
Het kan dus voorkomen dat bijvoorbeeld een wijk van 1000 woningen wordt gebouwd, maar niet om de mening van de raad wordt gevraagd, of geparticipeerd hoeft te worden, als dit in overeenstemming is met de beleidskader of de visie. Het bindend advies is dus een van de weinige mogelijkheden die wij hebben om te sturen en om inwoners met participatie bij de plannen te betrekken. Er wordt ook vaak geklaagd over de participatie, dus wij zien dit ook als zorgpunt. De VOORZITTER: U krijgt een interruptie van mevrouw Koolmoes. Mevrouw KOOLMOES: Ja, ik zit zo te luisteren en ik zit het zo te lezen, maar mijnheer Zuyderwijk zegt eigenlijk 'we hoeven niet te participeren als we een vastgestelde visie of beleidskader hebben', maar dat is er dan wel eentje die wij hebben vastgelegd als raad. Bent u zich daar bewust van, mijnheer Zuyderwijk? De VOORZITTER: Mijnheer Zuyderwijk. De heer ZUYDERWIJK: Het gaat om het geval dat er sprake is van een BOPA, dus dat is buiten het omgevingsplan. Als het buiten het omgevingsplan is, dan wordt verwezen naar die bijlage. En dan zijn er dus gevallen wanneer wij wel en niet advies geven en wanneer er dus wel en niet geparticipeerd wordt. En bij een van de punten staat dat als het met de visie of beleidskader in overeenstemming is, wij dus worden overgeslagen. De VOORZITTER: Mevrouw Koolmoes voor een vervolgvraag. Mevrouw KOOLMOES: Nou ja, heel kort.
Die visie of dat beleidskader hebben wij als raad dan al bepaald, dus dat zijn wij. Wij zijn aan zet daar. Beseft u dat? De VOORZITTER: Mijnheer Zuyderwijk. De heer ZUYDERWIJK: Ik wil graag door met mijn eigen betoog, dus misschien kunnen we het hier even over hebben in de tweede termijn. De VOORZITTER: Gaat u verder met uw betoog. De heer ZUYDERWIJK: Ja, dan heb ik nog drie kleine punten als ik daar aan toe kom. Verslag Sessiedebat RV Adviesrecht gemeenteraad, delegatie van bevoegdheden en verplichte participatie onder de Omgevingswet 6 april 2023
10
Volgens ons staat een van die beslissingen in een juridisch vacuüm. Als we met beslispunten 3 en 4 instemmen, wordt verwezen naar bijlage 1. Bijlage 1 wordt bij beslispunt 6 pas vastgesteld als de Omgevingswet in werking treedt. Maar beslispunten 3 en 4 treden in werking, zoals wij het lezen, als dit raadsvoorstel gepubliceerd wordt. Dus dan hebben wij straks een gat tussen nu en de Omgevingswet. Dan nog twee andere kleine punten. We zouden graag bij beslispunt 2.b wat willen weten. Er wordt gepraat over projecten met een bepaalde omvang. We zouden bij dat 'bepaalde omvang' nog een nadere toelichting willen hebben. En daarnaast wordt bij de delegatie van de bevoegdheid voor het voorbereidingsbesluit snelheid aangegeven als reden om dit te delegeren. Wij zien dit als een van de weinige mogelijkheden om aan het begin van het proces onze visie, onze kaders en sturing mee te geven aan het college. Dus alleen het woord snelheid zien wij niet als enige reden om dit te moeten delegeren, dus daar zouden we ook nog meer duidelijkheid over willen hebben. Dank u voorzitter. De VOORZITTER: Hartelijk dank. Dan dank ik u allen voor uw bijdragen en gaan we voor de beantwoording naar mijnheer Nobel namens het college. U heeft zeven minuten spreektijd. Wethouder NOBEL: Dank u voorzitter.
Ik zal proberen om daar waar mogelijk de vragen samen te voegen, want ik heb een aantal vragen gehoord dat best overeenkomt. Forza! was de eerste spreker, dus het lijkt me wel zo netjes om als eerste antwoord op hun vragen te geven. Een van de vragen was 'kunnen we monitoren welke processen straks stroef gaan lopen – ik probeer u aan te kijken, dat was lastig, maar we hebben oogcontact – zodat we daar lessen uit kunnen trekken, om te kijken 'waar kan het nu sneller?' Dat is eigenlijk wat we nu ook doen, alleen komen we niet terug met een hele lijst 'dit hebben we allemaal gemonitord'. Maar 1CD werd bijvoorbeeld al aangehaald. Uit dat soort processen hoop je natuurlijk gewoon lessen te trekken naar de toekomst toe 'hoe kunnen we ervoor zorgen dat dit niet weer jaren gaat duren, maar eigenlijk aan de voorkant kijken hoe het beter kan'. We hebben ook aangegeven dat we bij bouwprojecten bijvoorbeeld willen kijken naar 'wat kunnen we nu eigenlijk aan de voorkant meegeven?' Als iemand zich bij het ondernemingsloket meldt, ongeacht de omvang van een woningbouwproject bijvoorbeeld, weet je 'ik moet rekening houden met sociale huurwoningen, rekening houden met parkeren, ik moet rekening houden met groen'. Al dat soort zaken zou je aan de voorkant kunnen melden.
En dat zijn zaken waarvan het heel erg helpt in verwachtingsmanagement als mensen aan de voorkant weten 'dit wordt er allemaal verwacht'. Vaak zie je dat als iemand een plan indient, dat dat plan wordt bijgeschaafd en er misschien in plaats van tien woningen, een plan wordt ingediend voor dertig woningen. En dat maakt dat er bij de toetsing natuurlijk ook anders naar wordt gekeken. Een aantal van u vroeg ook 'kunnen we nu vooraf precies aangeven wat er wordt verwacht?' Nee, dat is heel erg lastig, want elk plan is weer een plan op zich. Ik heb het nu alleen nog maar over woningbouw en daarin ziet u al dat een plan heel erg kan verschillen, laat staan als je zonnepanelen wilt neerleggen of misschien wel een transformatorstation wilt neerzetten. U kunt het zelf ook wel bedenken. Er gebeurt ruimtelijk meer dan alleen woningbouw. Forza! vroeg ook, of had eigenlijk meer de opmerking 'hoe sturen we nu?' En een aantal van u had het daar ook over en mevrouw Koolmoes zei ook terecht 'u stelt straks beleidsstukken vast waarmee u aan de voorkant heeft gestuurd, naast de lijst die we aan u hebben meegezonden'.
Ik wil u er wel op wijzen… ik weet niet precies hoe het bij andere gemeenten geregeld is, gewoonweg omdat we allemaal in hetzelfde schuitje zitten, maar dat zouden we misschien bijvoorbeeld bij de evaluatie kunnen betrekken en kijken 'hoe gaan andere gemeenten om met het delegeren van bevoegdheden?' …hadden we niets opgenomen, dan was vrijwel alles bij het college terechtgekomen. Dat hebben we natuurlijk niet gedaan omdat we uw raad niet willen passeren. Daarom hebben we ook die hele lijst opgenomen en hebben we ook onderscheid gemaakt in bijvoorbeeld grote en kleine kernen, zoals het CDA ook al terecht aangaf, omdat we ook begrijpen dat dertig woningen in Hoofddorp misschien niet zo veel is, maar in Verslag Sessiedebat RV Adviesrecht gemeenteraad, delegatie van bevoegdheden en verplichte participatie onder de Omgevingswet 6 april 2023
11
Abbenes wel. En dat onderscheid wil je uiteindelijk wel maken. De PvdA vroeg 'hoe zit het dan met die spelregels en kunnen we daar dan geen afspraken over maken, over waar we wel en niet over participeren?' Het staat ook in die in die lijst, in die bijlage, waar we wel en niet participeren verplicht stellen. FVD maar ook BVNL vroeg zich af 'mooi, die snelheid'. Dat willen we volgens mij allemaal en dit is een van de belangrijkste instrumenten, want eerder hebben we ook het gesprek met elkaar gevoerd over hoe we bijvoorbeeld bouwontwikkelingen kunnen versnellen; of met een zak geld en heel veel extra mensen, maar ook in onze procedures. Daar is dit wel een heel belangrijke knop. Maar als we gaan versnellen, houden mensen dan nog steeds de rechtszekerheid en de beroepsmogelijkheden? Ja, die blijven gewoon van kracht en dat is uiteraard heel, heel erg belangrijk. Dus ik kan, denk ik, FVD en BVNL daar daarin geruststellen. D66 vroeg zich af 'op welke wijze kan de raad eventueel nog geïnformeerd worden over het verstrekken van vergunningen?' Dat vind ik een goede vraag en ook de hoorzitting vind ik een goede vraag. Het eerlijke antwoord is: dat weet ik nog niet precies, maar we voelen wel aan dat we daar wel een modus met elkaar in moeten vinden.
Ik kan me voorstellen dat we uiteindelijk iets van een lijst maken, eens in de zo veel tijd, met vergunningaanvragen, maar ik heb daar nog geen concreet antwoord op voor u. Dus laat me daar nog over nadenken en als daar concrete suggesties voor zijn, dan hoor ik die uiteraard graag. Ik hoop wel dat we het dan niet te breed en te groots optuigen, maar ik snap ook dat u ergens wel gevoel wilt houden bij 'hoe gaat het dan?' Met betrekking tot die Hoorcommissie is het hetzelfde eigenlijk. Ik zou daar graag ook nog even naar kijken en schriftelijk terugkomen op 'wat zijn daar eventuele voor- en nadelen?' Ik hoorde de VVD ook zeggen 'misschien gaan we dan toch op de uitvoerende stoel zitten'. Dat kan, als dat een bewuste keuze is, maar volgens mij is het hele idee van het delegeren van bevoegdheden juist om dat niet te doen om die snelheid te krijgen. En daarin moet u dan een goede afweging kunnen maken. SRH vroeg ook naar de participatie. Wat kunnen we precies verwachten? Dat staat eigenlijk in die lijst; waar gaan we wel en niet verplicht participeren? Ik denk dat dat een heel duidelijk beleid is voor mensen die een initiatief hebben. U vroeg 'wordt het nu beter?' Ja, dat is de gedachte geweest om de Omgevingswet uiteindelijk na heel veel vijven en zessen uiteindelijk toch door te voeren. Maar ja, we weten het pas op het moment dat we het ook echt gaan uitvoeren.
Ik heb in ieder geval de hoop dat processen minder lang gaan duren. Ik denk bijvoorbeeld aan de kleine woningbouwplannetjes waar nu 24 weken voor staan. Die gaan dan naar acht. Dat is op zich al winst. HAP vroeg zich af, een beetje in lijn met SRH, kunnen we problemen eerder oplossen? Of het eerder kan, weet het niet, maar het proces duurt in ieder geval korter. Dus mogelijk kunnen we het dan eerder oplossen, maar er zullen ook in de toekomst complexe vraagstukken zijn. Ik denk dat we net als nu lering proberen te trekken uit bepaalde complexe vraagstukken om te voorkomen dat het in de toekomst weer gebeurt. De raad heeft inderdaad – dat zei HAP, maar ook een aantal andere mensen – zelf de instrumenten in handen om uiteindelijk ook het beleid te wijzen, los van de evaluatie. Als u zegt 'die lijst is toch niet compleet genoeg', dan kunt u dat altijd bij wijze van spreken volgende week aanvullen. Dus ik denk dat we heel veel nu wel aanvoelen dat we ons daar niet zo'n zorgen over hoeven te maken. Die evaluatie heb ik bewust opgenomen omdat ik wist dat ik anders een amendement van HAP om mijn oren zou krijgen, dus ik dacht 'laten we dat maar opnemen, dan zijn we dat in ieder geval voor'. Hoever zijn we met het voorbereiden van de Omgevingswet? De heer Sidali zei het ook, dat doen we eigenlijk best goed. We hebben daar altijd een stapje vooruit gezet.
Maar het wordt natuurlijk straks als die Omgevingswet ook echt van kracht zal zijn wel een uitdaging; is iedereen er ook echt helemaal klaar voor? Dus ook dat durf ik nog niet te garanderen. Ik weet wel dat wij in al die zaken al hebben geprobeerd om bijvoorbeeld zo'n participatieproces op te richten in de geest van de Omgevingswet. Dat soort zaken meer. Verslag Sessiedebat RV Adviesrecht gemeenteraad, delegatie van bevoegdheden en verplichte participatie onder de Omgevingswet 6 april 2023
12
GEZOND Haarlemmermeer vroeg zich af… De VOORZITTER: Momentje, u krijgt een aanvullende vraag van mevrouw Koolmoes. Mevrouw KOOLMOES: Ja voorzitter. HAP begrijpt als geen ander dat we inderdaad al een paar jaar stukken van de Omgevingswet al meenemen in stukken. Ik heb echt specifiek gevraagd naar de handhaving en de toezichthouders, de mensen op straat. In hoeverre worden die al meegenomen? De VOORZITTER: Mijnheer Nobel. Wethouder NOBEL: Voorzitter, bij mijn weten zijn die zijn die ook meegenomen. Straks wordt het natuurlijk wel interessant omdat heel veel van die zaken zich bij de OD afspelen. En hoe gaan we die samenwerking tussen OD en gemeente regelen, zal dat straks ook soepel verlopen? Ik denk dat dat iets is waar we wel echt met elkaar op moeten blijven letten. Laat ik het zo zeggen. Dat is ook iets waar ik van denk 'hé, dit wordt wel spannend, want het zal straks anders zijn'. GEZOND Haarlemmermeer vroeg zich af 'kunnen we die evaluatie eerder ontvangen?' Ik weet niet of het kan, maar ik denk dat het niet handig is omdat we dan nieuw en oud beleid door elkaar krijgen. Volgens mij kunnen we beter wachten tot straks het nieuwe beleid van de Omgevingswet er is en dan de evaluatie doen, dan dat we nu een beetje op twee benen hinken en dan een evaluatie doen die misschien niet het juiste beeld geeft.
Mijn suggestie zou zijn, laat die evaluatie gewoon staan op het moment dat we nu met elkaar hebben gepland. Uw vraag over hoe die lijst is ten opzichte van andere gemeenten, kunnen we dus nog niet zo goed inschatten. Het lijkt me een mooi moment om dat misschien ook mee te nemen bij de evaluatie. De VVD constateerde net als een aantal anderen 'we kunnen altijd wijzigen als we niet tevreden zijn.' En voor de rest was de VVD volgens mij, net als het CDA, content met dit voorstel. GroenLinks vroeg zich af 'hoe zit het nu met de beslispunten 3 en 4 en de bepaalde omvang?' Ik moet even kijken of ik het goed zeg. Nee, ik haal nu twee dingen door elkaar. U vroeg 'hoe zit het met beslispunt 3 en 4? Wanneer gaat dat in?' Dat gebeurt op de dag van de publicatie. En de andere vraag was de bepaalde omvang en daar moet ik dan even op terugkomen, ik denk schriftelijk. De VOORZITTER: U krijgt een beetje hulp. Mijnheer Zuyderwijk, wilt u uw vraag nog even opnieuw stellen? De heer ZUYDERWIJK: Ja. Het gaat erom dat dus beslispunt 3 en 4 in werking treden bij publicatie van, volgens mij, dit raadsvoorstel, maar er wordt verwezen in 3 en 4 naar de bijlage die pas in werking zal treden als de Omgevingswet in werking treedt. Dus we vragen ons af 'klopt dit juridisch?' In de tussentijd hebben we dus niets, hebben we geen categorieën.
De VOORZITTER: Het is wel een vrij technische vraag op dit moment, dus ik kijk even mijnheer Nobel de vraag kan beantwoorden of er anders schriftelijk op terug kan komen. Wethouder NOBEL: Ik denk schriftelijk aangezien het appje niet heel snel doorkomt. Vindt u dat goed? Ik kan kijken, misschien dat ik u straks aan het einde van de tweede termijn als de voorzitter coulant is het antwoord op uw vraag kan geven. BVNL heb ik volgens mij beantwoord. Dat ging over rechtszekerheid en BVNL was tevreden over de versnelling van de processen. Daarmee heb ik op de vraag van GroenLinks na, denk ik, antwoord op de vragen gegeven en dan hoop ik daar straks nog op terug te kunnen komen. Verslag Sessiedebat RV Adviesrecht gemeenteraad, delegatie van bevoegdheden en verplichte participatie onder de Omgevingswet 6 april 2023
13
De VOORZITTER: Ik zie de heer Spijker zijn hand omhoog steken want hij had nog een vraag over het advies van de raad en of dat bindend is. Ik zag ook nog een handje van mevrouw Knikker. Wilt u een vraag stellen? Ik ga even de vragen ophalen en dan gaan we terug naar het college. Ik denk dat dat het makkelijkst is. Mevrouw KNIKKER: Dank u wel voorzitter. Het was mijn derde punt, het gaat over die samenhang en het feit dat de gemeente in principe vijf jaar de tijd heeft om vergunningaanvragen in een omgevingsplan bij te werken. Hoe gaat het dan als wij als raad een advies moeten geven? Hebben wij dan ook zicht op de meest up-to-date versie van een omgevingsplan op het moment dat er zo'n aanvraag bij ons komt? Dat was de vraag. De VOORZITTER: Dank u wel, dan ga ik nu naar mijnheer Sidali voor uw vraag. De heer SIDALI: Ja, dank u wel voorzitter. Ik heb even alle beantwoordingen afgewacht want ik wilde niet interrumperen. Het gaat even over die verplichte participatie en de tabel die erbij geleverd is. Dat is volstrekt helder. Maar mijn vraag ging meer om het moment dat in het stuk staat op pagina 5, laatste alinea, 'kan de gemeenteraad ervoor kiezen om activiteiten aan te wijzen waarvoor participatie verplicht is'. Moet de raad dan vasthouden aan de tabel die meegegeven is? Of kunnen ze shoppen wat ze willen? Dat is eigenlijk de vraag.
De VOORZITTER: Dank u wel, dan heeft mevrouw Hup nog een aanvullende vraag. Mevrouw HUP: Ik weet niet of de heer Nobel klaar was met zijn beantwoording, maar ik had nog een paar vragen gesteld. Heeft u nog wat voor me in petto? De VOORZITTER: Misschien kunt u de vraag herhalen. Mevrouw HUP: Oké? Ik stelde een vraag over artikel 4.21. Als wij als raad op grond daarvan onszelf adviesrecht hebben gegeven, kan een vergunning voor de buitenplanse omgevingsplanactiviteit alleen worden verleend als dat in overeenstemming is met het advies van de raad. Dus het advies van de raad is daarmee een bindend advies, ook wel een verzwaard adviesrecht genoemd. Ofwel, bij een negatief advies zal het college van burgemeester en wethouders de aanvraag om een omgevingsvergunning moeten weigeren. Mijn vraag was: hoe ziet het college dan precies dat wij daarin gaan participeren? Bij stemmingen of in een raadswerkgroep of in een Hoorcommissie of wat was het? Daar zouden we nog op terugkomen. Maar dat vroeg ik me even af. Ik heb nog iets over de Omgevingswet gevraagd en dan heb ik nog een vervolgvraag zo. Of moet ik dat nu doen? De VOORZITTER: Stel hem nu maar dan kan het college straks het lijstje af. Mevrouw HUP: Oké.
Ik schetste al dat er met de Omgevingswet zelf minder regels komen en misschien meer overzicht en meer ruimte voor goede initiatieven, maar aan de andere kant is het een flinke operatie om het huidige systeem van bestemmingsplannen te veranderen in de ruimtelijke ordening met middelen van deze nieuwe wet. Dus hoe ziet het college dit dan precies? Dat was mijn vraag. En anders kan er schriftelijk op worden teruggekomen. De VOORZITTER: Dank u wel mevrouw Hup. We gaan het zo horen van het college. Dan zag ik de heer Zuyderwijk nog met een aanvullende vraag. Verslag Sessiedebat RV Adviesrecht gemeenteraad, delegatie van bevoegdheden en verplichte participatie onder de Omgevingswet 6 april 2023
14
De heer ZUYDERWIJK: Ik had nog twee vragen gesteld over het delegeren van beslispunt 2.b en 2.d 2.b ging over de bevoegdheid voor het vastleggen van een project van een bepaalde omvang in de Omgevingswet te delegeren. Maar we willen graag wat meer duidelijkheid over wat het college bedoelt met 'bepaalde omvang'. En bij 2.d wordt dus aangegeven dat een voorbereidingsbesluit delegeren naar het college wordt gedaan vanwege de snelheid, maar ik had dus aangegeven dat dat een van onze weinige middelen is om aan het begin kaders mee te geven. Dus we willen daar eigenlijk ook nog meer duidelijkheid op waarom het college die bevoegdheid wil. De VOORZITTER: Een aantal vragen voor nog meer duidelijkheid. Mijnheer Nobel. Wethouder NOBEL: Ja. Ik heb ook meteen het antwoord op uw eerdere vraag. Punt 3 en 4 gaan nu in en daarmee dus ook de lijst. En het antwoord op uw vraag 'hoe kunnen wij aan de voorkant dan meesturen?' is dat u nu de lijst vaststelt. Dus het antwoord op uw vraag 'gaat het dan met name om snelheid?' is 'ja, het gaat met name om snelheid'. Want uw raad wilde ook versneld woningen bouwen. Dat kon op twee manieren, de zak geld en de ambtenaren, en aan de andere kant de procedures. Dus als u zegt 'ik mis zaken in die lijst waar ik aan de voorkant bij mee zou willen kijken/denken', dan moet u daarnaar kijken. Dat geeft u hier aan de voorkant af aan het college.
U gaat veel meer sturen op basis van beleid. Dus u dient beleid in waar wij ons dan toe moeten verhouden. Vervolgens stelt u zaken als hoogte en aantallen allemaal hier vast. Dat is ook een antwoord op de heer Sidali, die zich afvraagt 'hoe zit het nu, gaan we dan telkens wel of niet iets extra toe kunnen voegen?' Ja, dan moet u dat toevoegen aan die lijst. In principe zou u elke week die lijst kunnen wijzigen. Ik weet niet of u daar zin in hebt, maar de gedachte is dat op het moment dat er iets voorbijkomt waarvan u zegt 'het staat nu niet in die lijst, maar dat hadden we eigenlijk toch wel bij ons willen houden als raad', u dat kunt toevoegen. Maar we denken dat we over de meeste zaken wel hebben nagedacht, hoogte, bouwoppervlak, allemaal van dat soort zaken meer. Dus we hebben ons best gedaan om alvast na te denken 'met welke zaken zou de raad zich nu willen bemoeien?' Als ik gedacht had 'die raad moet zich maar nergens mee bemoeien', had ik geen lijst aangelegd. En die gedachte had ik niet. Even kijken. Dan vroeg de ChristenUnie-SGP en volgens mij heb ik het antwoord in die zin gegeven, 'waar wordt nou wel en niet op geparticipeerd?' En kunt u de vraag van de Omgevingswet nog een keer herhalen, want die vond ik niet heel duidelijk. Maar het zal aan mij liggen. Mevrouw HUP: Dat mag ik hopen. De VOORZITTER: Mevrouw Hup. Mevrouw HUP: Wilt u het hele betoog? Nee. Wat ik vroeg.
Het is een flinke operatie om het huidige systeem van bestemmingsplannen te veranderen in een ruimtelijke ordening met middelen van deze nieuwe wet. Dus de Omgevingswet zal vanuit het landelijk oogpunt vereenvoudigen en samenvoegen. Dat betekent minder regels, meer overzicht en meer ruimte voor goede initiatieven van inwoners. Maar hoe ziet het college dan precies dat wij dat binnen de gemeente Haarlemmermeer gaan doen? Ik ben bij die informatieve bijeenkomst geweest, maar ik zou het gewoon graag even uit uw mond willen horen. De VOORZITTER: Ik wil u wel vragen om via de voorzitter te praten. Dat geldt ook voor iedereen hier. Mevrouw HUP: Sorry voorzitter. De VOORZITTER: Dank u wel, mijnheer Nobel voor de beantwoording.
Verslag Sessiedebat RV Adviesrecht gemeenteraad, delegatie van bevoegdheden en verplichte participatie onder de Omgevingswet 6 april 2023
15
Wethouder NOBEL: U bent bij die bijeenkomst geweest, dus dan heeft u ook gezien dat we proberen om op een brede manier die participatie toe te passen. Maar veel belangrijker nog, u gaat straks omgevingsplannen vaststellen en daar landen al die zaken in. In plaats van een bestemmingsplan komt er dus een omgevingsplan en dat is hoe het er in de toekomst uit zal zien. En u heeft al van dichtbij een aantal keer kunnen zien hoe we proberen om alvast in de geest van de omgevingsvisie te handelen. De VOORZITTER: Dank u wel, dan wil ik u er nog op attenderen dat er nog een vraag openstaat van EEN Haarlemmermeer. Mijnheer Spijker, wilt u hem misschien dit keer zelf herhalen? Ik kan het ook voor u doen, maar… De heer SPIJKER: Geen probleem hoor. Dank u wel voorzitter. In hoeverre is dat advies van de raad ook bindend? Even voor de duidelijkheid, bij participatie kan de bewoner zijn of haar mening geven. Dat kunnen wij/college naast ons neerleggen. Stel dat wij hier als raad zeggen 'wij zijn tegen een voorstel', bent u dan in staat om te zeggen 'helaas, wij hebben hogere belangen, andere belangen; fait accompli'? De VOORZITTER: Dank u wel. Mijnheer Nobel. Wethouder NOBEL: Nee. Ik dacht dat dat ook heel duidelijk naar voren kwam uit die lijst. Als u een negatief advies geeft, dan is dat gewoon een negatief advies, punt. De VOORZITTER: Hartelijk dank, dan kijk ik nog even rond.
Ik kijk of alle vragen afdoende zijn beantwoord. Dat is niet het geval. Mijnheer Sulmann. De heer SULMANN: Ik heb eigenlijk nog een verduidelijkende vraag maar het wordt wel een beetje technisch. Mijnheer Nobel zegt beslispunten 3 en 4 gaan eigenlijk direct in als we ervoor te stemmen, maar hebben we dan nog oud beleid? We hebben dan toch gewoon nieuw beleid? Dat in het kader van die evaluatie. Kunnen we de evaluatie niet sneller doen? Of hebben we toch oud en nieuw beleid als 3 en 4 gelijk al wel ingaan? Dat is de vraag. De VOORZITTER: Mijnheer Nobel, kunt u daar direct op antwoorden? Wethouder NOBEL: Ja. We hebben nog geen omgevingsplannen om maar iets te noemen. Dus ja, die lijst hebben we dan wel, maar de omgevingsplannen bijvoorbeeld hebben we nog niet en de wet is ook nog niet in werking getreden. Dus we gaan wel handelen op basis van die lijst. Maar alle zaken daaromheen zijn nog niet gewijzigd, want de wet is nog niet in werking getreden. Vandaar mijn advies. Probeer die evaluatie nu niet naar voren te halen, want dan krijg je straks een advies dat nog een beetje naar het oude en een beetje naar het nieuwe kijkt. Ik denk dat dat niet het beeld geeft waar u naar op zoek bent. De VOORZITTER: Hartelijk dank. Dan kijk ik nog een keer rond. Alle vragen voldoende beantwoord? Ja. Dan gaan we door met de tweede termijn. Ik heb twee onderwerpen meegeschreven.