2021.0001948 RV Verklaring van geen bedenkingen voor realisatie van een zonnepark ten noorden van de A9 tussen het knooppunt Rotterpolderplein (A9/A200) en het knooppunt Raasdorp (A9/A5).
Tekst van het document
gemeente Haarlemmermeer
raadsvoorstel
Onderwerp
Portefeuillehouder Steller Collegevergadering
Verklaring van geen bedenkingen voor realisatie van een zonnepark ten noorden van de A9 tussen het knooppunt Rotterpolderplein (A9/A200) en het knooppunt Raasdorp (A9/A5) mr. Mariëtte Sedee-Schuitemaker Jolanda Dam 31 augustus 2021
Raadsvergadering Raadsvoorstelnummer
2021.0001948 1. Voorstel Collegebesluit(en)
Het college besluit de raad voor te stellen om: 1. gedeeltelijk in te stemmen met de zienswijze 4 van De Groene Energie Corridor door in te stemmen met de plaatsing van zonnepanelen op de waterleidingstroken; 2. niet in te stemmen met de zienswijzen onder nummer 1, 2, 3, 5 tot en met 20 overeenkomstig de beantwoording van de zienswijzen in de nota van beantwoording; 3. een verklaring van geen bedenkingen af te geven voor de realisatie van een zonnepark ten noorden van de A9 tussen het knooppunt Rotterpolderplein (A9/A200) en het knooppunt Raasdorp (A9/A5). 2. Samenvatting
Wij willen een omgevingsvergunning verlenen voor een periode van 25 jaar voor de realisatie van het zonnepark 'De Groene Energie Corridor' (DGEC) ten noorden van de A9 tussen het knooppunt Rotterpolderplein (A9/A200) en het knooppunt Raasdorp (A9/A5). Wij kunnen deze omgevingsvergunning slechts verlenen nadat de raad heeft verklaard geen bedenkingen tegen het plan te hebben. 3. Uitwerking
3.1 Wat willen we bereiken? Wij willen voor een periode van 25 jaar een omgevingsvergunning verlenen voor de realisatie van een zonnepark met een omvang van ongeveer 100 hectare. Het zonnepark is geprojecteerd in het gebied dat in het 'Beleidskader zonneakkers Haarlemmermeer' (2020.0000707, 24 mei 2020) is aangewezen als zoekgebied voor grootschalige zonneakkers. Wij kunnen deze omgevingsvergunning slechts verlenen nadat de raad heeft verklaard daartegen geen bedenkingen te hebben. Er kan geen gebruik worden gemaakt van de categorieën van gevallen waarvoor geen verklaring van geen bedenkingen (vvgb) is vereist volgens het raadsvoorstel
Verklaring van geen bedenkingen voor realisatie van een zonnepark ten noorden van de A9 tussen
pagina 2
het knooppunt Rotterpolderplein (A9/A200) en het knooppunt Raasdorp (A9/A5)
'Aanwijzen categorieën van gevallen waarin geen verklaring van geen bedenkingen vereist is (artikel 6.5 lid 3 Besluit omgevingsrecht)', raadsbesluit van 3 oktober 2019 (2019.0040560). 3.2 Wat gaan we daarvoor doen? Aanvraag DGEC heeft aan aanvraag omgevingsvergunning ingediend voor realisatie van een zonnepark met een omvang van ongeveer 100 hectare. De verwachte opbrengst is 100.000 kWh, genoeg voor ongeveer 40.000 huishoudens.
Indicatie plangebied ten noorden van de A9 en situatietekening
De zonnepanelen zullen worden geplaats op de percelen A tot en met D. Om het zonnepark wordt een transparant hekwerk geplaatst van maximaal 2 meter hoog. Aan de onderzijde wordt 10 cm vrijgehouden voor de doorgang van dieren. Er worden 18 transformatoren geplaatst met een afmeting van ongeveer 15 m2 en een bouwhoogte van 2,9 meter. De randen van het zonnepark worden aan de buitenzijde van het hekwerk groen ingepast. Aan het Bottelierspad is een recreatief rustpunt bedacht dat bereikbaar is voor fietsers en voetgangers. De gronden voor dit rustpunt maken onderdeel uit van de aanvraag omgevingsvergunning, de inrichting daarvan niet. De exacte invulling is aan omwonenden en zal worden gefinancierd vanuit het op te richten omgevingsfonds.
De zonnepanelen worden in een dakopstelling met een hellingshoek van 12 graden rug aan rug geplaatst. De opstelling van de panelen volgt de kavelgrenzen. Tussen de rug aan rug geplaatste panelen wordt 38 centimer vrijgelaten om licht en water door te laten. De afstand tussen de rijen is 3,5 meter. Ondergeschikte aanpassing aanvraag Ten tijde van de ter inzagelegging van de ontwerpverklaring van geen bedenkingen en de ontwerp-omgevingsvergunning was geen sprake van het plaatsen van zonnepanelen om de leidingstroken van Waternet. In de periode van de terinzagelegging heeft DGEC alsnog toestemming verkregen van de leidingbeheerder om panelen te plaatsen op deze stroken. Wij
Verklaring van geen bedenkingen voor realisatie van een zonnepark ten noorden van de A9 tussen
pagina 3
het knooppunt Rotterpolderplein (A9/A200) en het knooppunt Raasdorp (A9/A5)
hebben geoordeeld dat er sprake is van een ondergeschikte wijziging, die in de beoordeling van de verklaringen van geen bedenkingen en de verlening van de omgevingsvergunning kan worden meegenomen. Dat sprake is van een ondergeschikte wijziging baseren wij op het volgende: de omvang van de locatie van het zonnepark wordt niet vergroot; wel worden er meer zonnepanelen geplaatst. Er is geen sprake van een andere ruimtelijke uitstraling; het karakter van de strijdigheid met het bestemmingplan wijzigt niet; leidingbeheerder 'Waternet' is akkoord gegaan met de bebouwing op deze stroken. Het positief advies van de leidingbeheerder is betrokken bij de beoordeling of er sprake is van een goede ruimtelijke ordening; verder wordt er nog steeds voorzien in voldoende watercompensatie; de Veiligheidsregio Kennemerland bevestigt het eerder afgegeven positief advies, ook met de toevoeging van de extra panelen; Tenslotte zullen derden, door deze wijziging, niet verder in hun belangen worden geschaad. Bestemmingsplantoets Van toepassing zijn de bestemmingsplannen 'De Liede' en 'Buitengebied Noord'. In beide plannen hebben de gronden een agrarische bestemming en is sprake van een dubbelbestemming vanwege de bescherming van de leidingen die door het plangebied lopen. Een zonnepark is niet toegestaan omdat geen sprake is van een agrarische bedrijfsactiviteit.
Op de leidingtracés zijn geen zonnepanelen en/of hekwerken geplaatst, zonder toestemming van de leidingbeheerders. Goede ruimtelijke ordening Met behulp van een ruimtelijke onderbouwing, het landschapsplan zonnepark Haarlemmermeer en het ecologisch beheerplan landschappelijke inpassing (inclusief memo bodemkwaliteit) is onderbouwd dat sprake is van een goede ruimtelijke ordening. Het plan voldoet aan de provinciale inpassingsvoorwaarden die gesteld zijn in de Omgevingsverordening NH2020 en de Omgevingsregeling NH2020. Tevens voldoet het plan aan het beleidskader zonneakkers Haarlemmermeer en het 'Beeldkwaliteitsplan Zonnecarré' (2021.0000819,10 juni 2021). De onderbouwing zoals deze nu voorligt is getoetst aan de relevante milieu- en omgevingsaspecten. Wij kunnen ons hierin vinden en komen tot de beoordeling dat sprake is van een goede ruimtelijke, landschappelijke en ecologische inpassing van het zonnepark. Lokaal eigenaarschap Het plan voldoet aan de voorwaarde van het 'Beleidskader lokaal eigenaarschap in zon- en windprojecten' (2021.0000755, 10 juni 2021) inhoudend dat een zonnepark waarde moet toevoegen aan de directe omgeving in de vorm van lokaal eigenaarschap.
DGEC zal hiertoe een omgevingsfonds instellen, groene stroom aanbieden aan de inwoners van Zwanenburg en een obligatielening aanbieden zodra de omgevingsvergunning is verleend en er SDE ++ subsidie (Stimulering duurzame energieproductie en klimaattransitie) is toegekend. Borginfi De verplichtingen die voortvloeien uit de van toepassing zijnde beleidskaders en die gaan over de landschappelijke ecologische inpassing en het bodembeheer worden geborgd in de omgevingsvergunning met een voorwaardelijke verplichting. Niet alle uitgangspunten van de
Verklaring van geen bedenkingen voor realisatie van een zonnepark ten noorden van de A9 tussen
pagina 4
het knooppunt Rotterpolderplein (A9/A200) en het knooppunt Raasdorp (A9/A5)
geldende beleidskaders lenen zich voor een vertaling naar een vergunningsvoorschrift of een voorwaardelijke verplichting. Voor de vergunningverlening is het wel van groot belang dat ook aan deze uitgangpunten wordt voldaan. Ter borging hiervan hebben wij met DGEC een anterieure overeenkomst gesloten (nota van B&W Anterieure overeenkomst zonnepark De Groene Energie Corridor, 2021.0001949). Deze overeenkomst ziet op de vrijwaarding van de gemeente van planschade, het na afloop van de termijn in oorspronkelijke staat terugbrengen van de gronden (met uitzondering van de landschappelijke inpassing), het behoud van de bodemkwaliteit en de verplichtingen voortkomend uit het beleidskader lokaal eigenaarschap. Subsidieregelinfi Stimulering Duurzame Energieproductie Voor de uitvoering van zonnepark DGEC is een bijdrage uit de subsidieregeling Stimulering Duurzame Energieproductie en Klimaattransitie (SDE++) een belangrijk financieringsinstrument. Om een subsidieaanvraag te kunnen indienen in 2021, is het kunnen beschikken over een omgevingsvergunning voor 5 oktober 2021 noodzakelijk. Wetteliik kader Wij willen met toepassing van artikel 2.12 lid onder a onder 3 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) een omgevingsvergunning verlenen.
Dit is mogelijk als het gevraagde niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening en de motivering van het besluit een goede ruimtelijke onderbouwing bevat. Bovendien is in artikel 2.27, lid 1 van de Wabo geregeld dat de omgevingsvergunning slechts kan worden verleend nadat de gemeenteraad heeft verklaard geen bedenkingen tegen het project te hebben. Op grond van artikel 6.5 lid 3 van het Besluit omgevingsrecht (Bor) heeft de raad categorieën van gevallen aangewezen waarvoor geen verklaring nodig is. Geen van de categorieën is op dit geval van toepassing. Daarom is een verklaring van de raad nodig. De vvgb maakt onderdeel uit van de te verlenen omgevingsvergunning. Met dit raadsvoorstel wordt de vvgb vastgesteld. Procedure De ontwerp-vvgb heeft samen met het ontwerpbesluit omgevingsvergunning vanaf 5 juni 2021 zes weken ter inzage gelegen. Tegen beide ontwerpbesluiten zijn zienswijzen ingediend en deze zienswijzen zijn ontvankelijk. De raad besluit met dit besluit over de afgifte van een vvgb onder afweging van de ingediende zienswijzen. Zienswijzen Er zijn 20 zienswijzen ingediend en daarom is een weergaven van de inhoud van de zienswijzen en de beantwoording hiervan in de bijlage 'Nota van beantwoording zienswijzen omgevingsvergunning zonnepark DGEC' opgenomen. Deze bijlage maakt onderdeel uit van het besluit.
De ingediende zienswijzen hebben onder andere betrekking op het participatieproces, de locatiekeuze, de landschappelijke inpassing, de (milieu)effecten op de omgeving en de vliegveiligheid. De zienswijzen zijn ontvankelijk, maar leiden niet tot wijziging in het besluit over de vvgb. Voor de vvgb is van belang dat DGEC heeft in haar zienswijze heeft aangegeven dat zij alsnog toestemming hebben verkregen zonnepanelen boven de waterleidingstroken te plaatsen. Zij vragen het plan op dit punt aan te passen. Wij hebben geconcludeerd dat de aanpassing van het plan een wijziging van ondergeschikte aard is, die in de definitieve omgevingsvergunning kan worden meegenomen. De overige door DGEC ingediende zienswijzen leiden, voor zover daarmee wordt ingestemd, tot een aanpassing in de tekst van de nog te verlenen omgevingsvergunning.
Verklaring van geen bedenkingen voor realisatie van een zonnepark ten noorden van de A9 tussen
pagina 5
het knooppunt Rotterpolderplein (A9/A200) en het knooppunt Raasdorp (A9/A5)
3.3 Wat mag het kosten? Aan de uitvoering van dit besluit zijn, naast de beschikbare ambtelijke capaciteit, geen kosten verbonden. 3.4 Wie is daarvoor verantwoordelijk? Op grond van de Wabo is de raad bevoegd te besluiten over een vvgb. De bevoegdheid te besluiten over een aanvraag omgevingsvergunning ligt bij het college. Binnen ons college is de portefeuillehouder Ruimtelijke Ordening het eerste aanspreekpunt. 3.5 Welke overige relevante informatie is beschikbaar? Een opstelling voor zonne-energie in het landelijk gebied met een omvang van ongeveer 100 hectare kan alleen mogelijk worden gemaakt als Gedeputeerde Staten (GS) het gebied aanwijst als stimuleringsgebied voor zonne-energie. Wij hebben GS bij brief van 2 februari 2021 (kenmerk x.2021.100174) verzocht de procedure tot aanwijzing van het benodigde stimuleringsgebied te starten. Bij besluit van 30 maart 2021, verzonden 1 april 2021, heeft GS besloten het gebied aan te wijzen als stimuleringsgebied. 3.6 Wanneer en hoe zal de raad/het college over de voortgang worden geïnformeerd? De raad zal in kennis worden gesteld van een eventuele beroepsprocedure. 4. Ondertekening
FORMULIER BEOORDELING AANVRAAG BEOORDELING AANVRAAG OMGEVINGSVERGUNNING ZONNEAKKER ZWANENBURG DE GROENE ENERGIE CORRIDOR Jolanda Dam Naam steller cluster RED Robert Brussee/Hans Poulssen Manager Datum behandeling WRA Datum behandeling staf PRO
12 april 2021
Gegevens aanvraag d.d. 29 maart 2021 ten noorden van de A9 tussen het knooppunt Rotterpolderplein (A9/A200) en het Adres knooppunt Raasdorp (A9/A5). Z10067848 Zaaknummer 5747133 OLO nummer Artikel 2.12 lid 1 onder 3 Wabo Procedure Op 15 januari 2021 heeft De Groene Energie Corridor B.V. (DGEC) een aanvraag Aanvraag omgevingsvergunning ingediend voor realisatie van een zonneakker ten noorden van de A9 tussen het knooppunt Rotterpolderplein (A9/A200) en het knooppunt Raasdorp (A9/A5).
De zonnepanelen zullen worden geplaats op de percelen A t/m D; samen een omvang van ongeveer 100 hectare. De verwachte opbrengst is 100.000 kwH, genoeg voor ongeveer 40.000 huishoudens. Om het zonnepark wordt een transparant hekwerk geplaatst van maximaal 2 meter hoog. Aan de onderzijde wordt 10 cm vrijgehouden voor de doorgang van dieren. Er worden 18 transformatoren geplaatst met een afmeting van ongeveer 15 m² en een bouwhoogte van 2,9 meter. De randen van de zonneakker worden aan de buitenzijde van het hekwerk groen ingepast. Aan het Bottelierspad is een recreatief rustpunt bedacht dat bereikbaar is voor fietsers en voetgangers. De gronden maken onderdeel uit van de aanvraag omgevingsvergunning de inrichting niet. De exacte invulling is aan omwonenden en zal worden gefinancierd vanuit het op te richten omgevingsfonds. Gekozen opstelling
Gekozen is voor zonnepanelen in een dakopstelling met een hellingshoek van 12 graden. De panelen worden rug aan rug geplaatst. De opstelling van de panelen volgt de kavelgrenzen. Tussen de rug aan rug geplaatste panelen wordt 38 centimer vrijgelaten om licht en water door te laten. De afstand tussen de rijen is
3,5 meter. De panelentafels, schroefpalen en hekken zijn uitgevoerd in staal en aluminium. Tijdelijkheid
De aanvraag omgevingsvergunning is overeenkomstig het gemeentelijke en provinciale beleid aangevraagd voor een periode van 25 jaar. Na afloop van de termijn wordt de exploitatieovereenkomst beëindigd en moeten de zonneakkers met installaties en hekwerken worden verwijderd. De percelen kunnen daarna weer agrarisch in gebruik worden genomen. De leverancier van de zonnepanelen is aangesloten bij PV CYCLE. Bij aanschaf van de panelen wordt een bijdrage betaald voor de recycling van de panelen en de omvormers. PV CYCLE haalt de panelen en omvormers zelf op en zorgt voor recycling conform de wettelijke verplichtingen met betrekking tot afvalbeheer. De kosten van de afvoer van de transformatorhuizen en het verwijderen van kabels en leidingen komen voor rekening van exploitant. De meeste onderdelen hiervan zijn ook recyclebaar. Het schoon opleveren van de gronden wordt in de vergunning geborgd.
Urgentie beoordeling
Om de haalbaarheid van het project te borgen is de toekenning van SDE++ subsidie noodzakelijk. Om de aanspraak op de subsidie in 2021 veilig te stellen dient, zoals het er nu naar uitziet, op 21 september 2021 een subsidie verzoek te worden ingediend. Om subsidie te kunnen aanvragen moet een omgevingsvergunning zijn verleend. Voor de omgevingsvergunning is een verklaring van geen bedenkingen (vvgb) van de raad vereist.
Achtergrond informatie
Exploitatie van het project gebeurt door de aanvrager van de vergunning, zijnde DGEC B.V. Dit is een samenwerkingsverband van lokale grondeigenaren/boeren. Deze lokale partijen zullen ook het beheer van het zonnepark op zich nemen. De technische ondersteuning en het technische onderhoud gebeurt door gespecialiseerde en gecertificeerde bedrijven die hiertoe worden ingehuurd.
Toetsing aanvraag Bestemmingsplan De Liede en Buitengebied Noord
De Liede In het bestemmingsplan hebben de gronden de bestemming ‘Agrarisch’. Een deel van de gronden heeft tevens de dubbelbestemming ‘Leiding-Gas’. Gebouwen en bouwwerken zijn op de dubbelbestemming niet toegestaan zonder instemming van de betreffende leidingbeheerder. Strijdigheden Het project is in strijd met de planregels omdat: er geen sprake is van een agrarische bedrijfsactiviteit en er nog geen schriftelijke toestemming van Gasunie aanwezig is voor de plaatsing van hekwerken op de belemmeringen stroken (wordt wel verwacht). Opmerking Door het projectgebied loopt tevens een leiding die door Waternet wordt beheerd. Deze leiding is niet in het bestemmingsplan ‘De Liede’ opgenomen (In het provinciale beleid is wel geregeld dat er geen panelen op de leidingstroken geplaatst mogen worden).
Buitengebied Noord
In het bestemmingsplan hebben de gronden de bestemming ‘Agrarisch’. Het project is gesitueerd op gronden met de bestemming ‘Agrarisch’. Een deel van de gronden heeft tevens de dubbelbestemming ‘Leiding-Water’ en ‘Leiding-Riool’. Gebouwen en bouwwerken zijn niet toegestaan zonder instemming van de leidingbeheerder.
Omgevingsverordening NH2020 (OVNH2020)
Omgevingsregeling NH2020 (ORNH2020)
Strijdigheden Het project is in strijd met de planregels omdat: er geen sprake is van een agrarische bedrijfsactiviteit en er panelen en/of hekwerken zijn geprojecteerd op de belemmeringenstrook van Waternet, Hoogheemraadschap van Rijnland en PWN en de leidingbeheerders hier nog niet mee akkoord gaan (wordt wel verwacht). De OVNH2020 stelt regels aan opstellingen voor zonne-energie in het landelijk gebied. Overeenkomstig het beleid wordt een aantal voorwaardelijke verplichtingen opgenomen in de omgevingsvergunning en indien nodig te sluiten overeenkomst die zien op: een zorgvuldige ruimtelijke inpassing. Hiervoor is een landschapsplan opgesteld dat onderdeel uitmaakt van de ruimtelijke onderbouwing; een maximale instandhoudingstermijn van 25 jaar; het herstel van de gronden na afloop van deze termijn en er wordt een financiële zekerheid gesteld voor het daadwerkelijk kunnen verwijderen van de opstellingen en het herstel van de agrarische gronden. In artikel 6.30, lid 3 is geregeld dat opstellingen voor zonne-energie niet mogelijk gemaakt worden op leidingtracés voor gas, water of elektriciteit. Het voorliggende plan past binnen de regels van de OVNH2020.
Overeenkomst het provinciale beleid worden geen opstellingen voor zonne-energie mogelijk met de daarbij behorende bouwwerken gemaakt op gronden van de leidingtracés van Waternet, Gasunie, Hoogheemraadschap van Rijnland en PWN, zonder dat daar schriftelijk toestemming voor is verleend. De ORNH2020 stelt nadere regels over de locatie, omvang en landschappelijk inpassing voor opstellingen voor zonne-energie. Een opstelling voor zonne-energie in het landelijk gebied met een omvang van ongeveer 100 hectare kan worden mogelijk gemaakt als Gedeputeerde Staten het gebied aanwijst als stimuleringsgebied voor zonne-energie. Het college van burgemeester en wethouders hebben hiertoe een verzoek ingediend. Het voorliggende plan voldoet aan de nadere eisen van de regeling: de bodem onder de opstelling wordt niet verhard of verdicht en wordt zoveel mogelijk ecologisch ingericht en beheerd. Hiervoor is een ecologisch beheerplan landschappelijke inpassing opgesteld; in het landschapsplan is opgenomen welke terreinafschermingen worden gebruikt en hoe het terrein inclusief de randen wordt ingericht; aan de gestelde minimum afstand van 50 meter tot de woonbebouwing wordt voldaan.
Stimuleringsgebied
Strijdigheid LIB, zoja welke zone (beperkingen benoemen)
Het college heeft GS bij brief van 2 februari 2021 (kenmerk x.2021.100174) verzocht de procedure tot aanwijzing van het benodigde stimuleringsgebied te starten. Op 2 februari 2021 is het plan in de Adviescommissie Ruimtelijke Ontwikkeling (ARO) besproken. De gronden liggen in het beperkingengebied van het Luchthavenindelingbesluit. Van toepassing zijn de bouwbeperkingen voor geluidgevoelige, kwetsbare en beperkt kwetsbare gebouwen (LIB 1,2,3,4 en 5). Het zonnepark wordt niet gezien als een dergelijk kwetsbaar object op basis waarvan het LIB beperkingen stelt ten aanzien van het gebruik. De realisatie van de zonneakker is op basis van het LIB toegestaan.
Er is onderzoek gedaan door het NLR op het punt van vliegveiligheid. Bij de ontwikkeling van het zonnepark is rekening gehouden met de uitkomsten van het onderzoek: Er zal gebruik gemaakt worden van de hierboven benoemde zonnepanelen die zorgen voor verminderde reflectie. Het onderzoek toont aan dat er zeer beperkte mate van reflectie optreedt voor de luchtverkeerstoren wat formeel niet voldoet aan de FAA richtlijnen. Het NLR beschouwd de reflectie als verwaarloosbaar. Tussen de rijen met zonnepanelen wordt een ruimte van 3,5 meter vrijgehouden, tussen deze rijen kunnen hulpdiensten in geval van een crash naar de getroffen locatie rijden. Het plan voorziet in een noodstop die per deelgebied alle installaties spanningsloos kan maken. Bij de wijze van bevestiging rekening is gehouden met de turbulentie die als gevolg van overvliegende vliegtuigen kan plaatsvinden op de panelen.
Omdat de gronden in LIB 5 zijn gelegen moet in de onderbouwing van de omgevingsvergunning gemotiveerd worden op welke wijze rekening is gehouden met de mogelijke gevolgen van een vliegtuigongeval met meerdere slachtoffers op de grond als gevolg van ruimtelijke ontwikkelingen. Afgewogen wordt dat het aantal aanwezige personen niet toeneemt ten opzichte van het huidige agrarische gebruik van de gronden. De hoogtebeperking en de beperkingen die gelden voor de vogelaantrekkende werking vormen geen belemmering voor het project. Het plan is in het kader van de vliegveiligheid voor advies voorgelegd aan de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT). Deze hebben aangegeven dat het als het plan niet in strijd is met het LIB het geven van advies niet tot het (wettelijke) takenpakker behoort.
Kwetsbare/geluidsgevoelige functie? Aangewezen monument? In beschermd stads- of dorpsgezicht?
De gemeente heeft To70 onderzoek laten doen naar effecten op vliegveiligheid voor het hele zonnecarré. To70 voorziet een risico voor extra schade aan een vliegtuig in geval van een crash in LIB zones 1 en 2. De voorgestelde mitigerende maatregelen worden grotendeels overgenomen in het plan, behalve een ‘makkelijk breekbare constructie’. In principe gaat het LIB niet over het genoemde risico maar juist over externe veiligheid (mensen op de grond). De hoogtebeperkingen gaan wél over dit risico en daar voldoet het plan aan. Dit is aangekaart bij het Rijk met daarbij aangegeven dat het initiatief aan de huidige kaders rondom vliegveiligheid lijkt te voldoen. Daar gaat het ILT over en die geeft aan dat het plan niet strijdig is. Nee Nee Nee
Agrarisch Beleidstoets en ruimtelijke aspecten voor zover deze van toepassing zijn. DGEC heeft een ruimtelijke onderbouwing aangeleverd (laatste versie 26 maart 2021). In deze onderbouwing motiveert aanvrager dat sprake is van een goede ruimtelijke ordening. De gemeente onderschrijft dit standpunt. Op een aantal beleidspunten wordt onderstaand nog specifiek ingegaan. Historisch gebruik locatie?
Beleidskader Zonneakkers Haarlemmermeer
Op 14 mei 2020 heeft de raad het ‘Beleidskader Zonneakkers Haarlemmermeer’ vastgesteld. Het voorliggende plan past binnen de grenzen van het zoekgebied voor grootschalige zonneakkers.
Na vaststellen van het beleidskader is gestart met de uitvoeringsstrategie. Onderdeel hiervan zijn het beleidskader lokaal eigenaarschap in zon- en windprojecten en het Beeldkwaliteitsplan voor het zonnecarré. Het plan van de DGEC is getoetst aan de beleidsregels, de ontwikkelprincipes, het concept Beeldkwaliteitsplan Zonnecarré en het concept Beleidskader lokaal eigenaarschap.
Concept Beeldkwaliteitsplan Zonnecarré
Het plan past in voldoende mate binnen de beleidsregels om de raad voor te stellen een ontwerp verklaring van geen bedenkingen af te geven. De vaststelling van het raadsvoorstel hiervoor wordt gelijk met het raadsvoorstel voor de vaststelling van het beeldkwaliteitsplan en het beleidskader lokaal eigenaarschap in procedure gebracht. Met het beeldkwaliteitsplan wil de gemeente: richting geven aan te ontwikkelen zonneakkers binnen het zonnecarré; de ruimtelijke kwaliteit van het gebied behouden en versterken; de samenhang tussen initiatieven borgen. De uitgangspunten hierbij zijn onder andere: rustig ruimtelijk beeld vanaf de grond én vanuit de lucht; zichtlijnen langs kavelsloten en tochten; omlijsting door groen van het verder te realiseren van de ‘Groene Carré’; inpassingsmaatregelen: ecologische oevers, kruidenrijke randen, beplanting, vergroten natuurwaarden; inpassing polderlint als bijzondere opgave; aansluiting ‘kwaliteitsimpuls zonneparken door de provincie Noord-Holland’;
Concept beleidskader lokaal eigenaarschap in zon- en windprojecten
In het landschapsplan zonnepark Haarlemmermeer 4 maart onderbouwt aanvrager waarom het plan past binnen deze beleidsregels. Zie apart kader. De gemeente vindt het belangrijk dat inwoners en ondernemers meeprofiteren van de grootschalige ontwikkelingen op gebied van wind- en zonprojecten. De gemeente stelt initiatiefnemers verantwoordelijk voor het vormgeven daarvan, in samenspraak met de omgeving. Het beleidskader beschrijft hiervoor regels voor ‘lokaal eigenaarschap’ en de te volgen stappen. Aangegeven is dat: De gemeente regie voert op gebiedsniveau om tot samenhangende plannen te komen. Een initiatiefnemer verantwoordelijk is voor de ruimtelijke inpassing en participatie bij het initiatief en de invulling van lokaal eigenaarschap; De gemeente zorgt voor een gedegen participatieproces op gebiedsniveau. Een initiatiefnemer verantwoordelijk is voor het participatieplan op projectniveau. De initiatiefnemer een voorstel maakt voor lokaal eigendom, collectief voordeel en individueel voordeel, op basis van een verkenning naar wensen in de omgeving. Het participatieplan en het voorstel voor lokaal eigenaarschap geformaliseerd worden in de omgevingsvergunning en de omgevingsovereenkomst tussen initiatiefnemers en belanghebbenden. Er een goede informatievoorziening is, een duidelijk klachtenloket en effecten op de omgeving worden gemonitord.
Initiatiefnemer heeft het verslag van de financiële participatie en de uitkomsten daarvan, weergegeven in het eindverslag financiële participatie van 4 maart 2021. Het eindverslag maakt onderdeel uit van de ruimtelijke onderbouwing.
Regionale Energiestrategieën
Nederland wil in 2050 energieneutraal zijn om opwarming van de aarde tegen te gaan. Hierover staan afspraken in het Klimaatakkoord. Het doel: de CO2-uitstoot in
2030 met 49% verminderen ten opzichte van het jaar 1990. In het Klimaatakkoord is aangegeven dat elke regio op 1 juli 2021 een Regionale Energiestrategie (RES) heeft. Haarlemmermeer is onderdeel van de regio Noord-Holland Zuid. In de RES beschrijven energieregio’s hoe en waar duurzame elektriciteit (zon en wind) wordt opgewekt en welke warmtebronnen (duurzame alternatieven voor aardgas) mogelijk zijn. Haarlemmermeer heeft het zonnecarré aangewezen als zoekgebied voor 300 hectare zon tot 2030. Landschappelijke inpassing
In het landschapsplan zonnepark Haarlemmermeer van 4 maart heeft aanvrager onderbouwd dat het plan past binnen de regels voor ruimte, landschap. Toetsing aan het beleid leert dat overeenkomstig het beleidskader: De panelen worden geplaatst op voldoende afstand van de polderlinten; Er geen zonnepanelen worden geplaats in de ringdijkzone; De beleefbaarheid van de zonneakker wordt mogelijk gemaakt vanuit een speciaal daarvoor ingericht recreatief rustpunt; Dat de minimale afstand tussen de rijen 3,5 meter bedraagt en sprake is van uniformiteit van de opstellingen die maximaal 2 meter hoog zijn en de panelen worden niet direct op de grond geplaatst; Dat de zonneakker langs de linten wordt ingepast met struweel en bloemrijke randen. Langs de overige randen met olifantengras en dat de paden worden ingezaaid met een mengsel bloemrijk/kruidenrijk grasland. In afwijking van het beleidskader; Wordt de gehele zonneakker omsloten door een transparant hekwerk. Deze afscheiding is noodzakelijk om een verzekering te kunnen afsluiten. Met deze hekwerken kan worden ingestemd omdat deze landschappelijk worden ingepast. Worden de technische installaties niet geheel aan het zicht onttrokken. Hiermee kan worden ingestemd omdat sprake is van standaard maatvoering en het feit dat ze niet ingegraven kunnen worden.
Gekozen is voor een kleurstelling die geen afbreuk doet aan de landschappelijke inpassing. Op een aantal plekken zijn de installaties tussen de rijen in de zichtlijnen geplaatst. Voordat de vergunning ter inzage wordt gelegd, dient dit aangepast te zijn. Ook de twee trafo’s aan de IJweg zijn ongewenst. Conclusie: Op de plaatsing van de technische installaties na voldoet het landschapsplan aan de beleidsuitgangspunten. De plaatsing van de technische installaties moet worden aangepast op de situatietekening en in het landschapsplan.
Ecologisch beheerplan landschappelijke inpassing
Borging: Om de aanleg overeenkomstig het landschapsplan te borgen wordt een voorwaardelijke verplichting in de omgevingsvergunning opgenomen/wordt de plicht hiertoe vastgelegd in de op te stellen overeenkomst. In het ecologisch beheerplan landschappelijk inpassing zonnepark A9 De Groene Energie Corridor van 25 maart 2021 heeft aanvrager onderbouwd: Hoe de natuur en biodiversiteit kan worden versterkt. Op welke wijze de groenelementen toegepast en beheerd zullen worden. De groenelementen zijn: struweelhaag met inheemse beplanting, olifantsgras, bloemrijkgrasland. Dat vanwege de biodiversiteit de zonneakker - met uitzondering van de toegangspoorten - ‘s nachts niet verlicht zal worden om lichtvervuiling te voorkomen. Dat er maatregelen worden genomen om de bodemkwaliteit en de ecologische waarde niet te laten afnemen. Belangrijk onderdeel hiervan is het
onderzoek naar de bodemkwaliteit. Vooraf wordt een nulmeting uitgevoerd van bodem en natuurwaarde met een standaard monitoringsprotocool. De eerste 5 jaar wordt ieder jaar gemonitord. Daarna minstens iedere 5 jaar. In het ecologisch beheerplan is opgeschreven dat de maatregelen die voor het behoud van de bodemkwaliteit worden genomen staan opgeschreven in de memo bodemkwaliteit: ‘MEMORANDUM: DE OPSTELLING VAN ZONNEPANELEN BINNEN DGEC EN DE RELATIE MET BODEMKWALITEIT/-ECOLOGIE’. Conclusie: Het ecologisch beheerplan is akkoord. De memo bodemkwaliteit moet hier nog wel aan toegevoegd worden. Aanvrager is in het kader van de zorgplicht verplicht zich te houden aan de Wet Natuurbescherming. In dit kader is een verwijzing naar de verantwoordelijkheid van Rijkswaterstaat bij de sloop van de opstallen aan de Kromme Spieringweg niet voldoende. Het voorliggende plan gaat uit van de sloop van deze opstallen. Om die reden moet voor de vergunningverlening duidelijk zijn of het gebied natuurwaardes herbergt. Voor de monitoring van de bodem wordt gebruik gemaakt van standaardprotocollen. In het beheerplan moet opgenomen welke gebruikt gaan worden. Per soortgroep (of soms, soort) zijn er standaard protocollen, om over 25 jaar de soorten met de nulmeting te kunnen vergelijken.
Borging: Om het gebruik van de gronden overeenkomstig het ecologisch beheerplan landschappelijke inpassing inclusief de memo bodemkwaliteit te borgen wordt een voorwaardelijke verplichting in de omgevingsvergunning opgenomen/wordt de plicht hiertoe vastgelegd in de op te stellen overeenkomst. Participatie/ lokaal eigenaarschap
Om aan te tonen dat wordt voldaan aan de richtlijnen van het beleidskader beleidskader lokaal eigenaarschap in zon- en windprojecten heeft aanvrager de volgende stukken overlegd (bijlagen ruimtelijke onderbouwing): uitvoeringsplan omgevingsdialoog eindverslag financiele participatie In het uitvoeringsplan is geregeld op welke wijze DGEC met de directe omgeving communiceert. Tevens wordt informatie verstrekt via website https://www.dgec.nl/. Voor de start van de realisatie wordt door DGEC een klachtenloket ingesteld dat bereikbaar is per e-mail en telefoon. In de omgevingsdialoog is het participatieproces beschreven. Het proces was gericht op het bieden van de mogelijkheid mee te praten over de inpassing in het landschap. De gemaakt verslagen zijn aan het document toegevoegd. Het eindverslag ‘ Financiële participatie De Groene Energie Corridor’ beschrijft de aanleiding, de totstandkoming en de inhoud van het ‘Financiële aanbod van DGEC voor de omgeving. Het aanbod is vastgelegd in de informatiebrochure ‘Financiele aanbod aan de omgeving van de Groene Energie Corridor. DGEC doet het volgende aanbod: Er wordt een omgevingsfonds ingesteld met als doel ‘Versterking van de recreatieve voorzieningen bij het zonnepark en van de voorzieningen in en rond het dorp in het algemeen’. Samen met Tegenstroom wordt de opgewekte groene stroom aangeboden aan inwoners van Zwanenburg.
Er wordt een obligatielening aangeboden.
Gesteld is dat het financiële aanbod pas definitief wordt zodra de omgevingsvergunning is verleend en zodra de SDE++ subsidie is toegekend. Dan zal er een informatiememorandum beschikbaar worden gesteld waarin de regels en de termijnen staan voor de concrete inschrijvingen. Tevens zullen we het financiële aanbod dan aanmelden bij de AFM. Borging: Om de verplichting tot financiële participatie te borgen wordt een voorwaardelijke verplichting in de omgevingsvergunning opgenomen/wordt de plicht hiertoe vastgelegd in de op te stellen overeenkomst. Geluid
Rho heeft op 7 januari 2021 de memo geluidsreflectie zonnepanelen opgesteld. De conclusie is dat aanwezigheid van het zonnepark niet zal leiden tot een relevante verhoging van de geluidbelasting bij de woningen in Zwanenburg, ten gevolge van luchthaven Schiphol. Zelfs als het gehele zonnepark wordt voorgesteld als een reflecterend vlak, is de toename van het geluidniveau niet waarneembaar met het menselijk gehoor. De memo is getoetst door de geluidsdeskundige van gemeente Haarlemmermeer en akkoord bevonden.
Water
De ontwikkeling moet voldoen aan de Keur van Rijnland 2020. Als meer dan 500 m² van het grondoppervlak wordt verhard is voor de gehele verharding 15% watercompensatie noodzakelijk. In de berekening van de verharding is rekening gehouden met de plaatsing van de transformatoren, de poten van de tafels waarop de panelen rusten en de palen van het hekwerk en de sloop van de opstallen aan de Kromme Spieringweg 74. Per saldo moet 415 m² watercompensatie plaatsvinden. Dit gebeurt door één of meer reeds aanwezige sloten te verbreden. Op 29 maart 2021 is HHR akkoord gegaan met de berekende watercompensatie, de gekozen oplossing en de tekst in de ruimtelijke onderbouwing.
Flora en Fauna
Archeologie
Milieu (bedrijven- en milieuzonering
Wel moet worden opgemerkt dat initiatiefnemer vanwege de watercompensatie nu afziet van de verharding van toegangs-/onderhoudspaden. Deze maken dan ook geen onderdeel meer uit van de vergunning. De paden zullen worden uitgevoerd met houtsnippers/snippers olifantengras. Aangegeven is dat als op termijn blijkt dat dit onvoldoende blijkt voor de bereikbaarheid van het park, waardoor toch verharding noodzakelijk is, een aparte watervergunning zal worden aangevraagd. In de quickscan is aangegeven dat negatieve effecten op beschermde planten- en diersoorten worden uitgesloten. De ontwikkeling van het zonnepark is niet in strijd met het gestelde binnen de Wet natuurbescherming. De locatie Kromme Spieringweg is opgenomen in het plangebied. Op deze locatie zijn opstellen aanwezig die door Rijkswaterstaat worden gesloopt. Om voor de zonneakker te kunnen toetsen of het plan uitvoerbaar is in het kader van de Wet Natuurbescherming dient alsnog inzichtelijk gemaakt te worden of het gebied (potentieel) natuurwaardes herbergt. De bevindingen voor dit perceel moeten worden toegevoegd aan de quickscan. Voor de realisatie van de zonneakker worden enkele grondroerende werkzaamheden worden, maar dit zal niet leiden tot een bodemverstoring van 10.000 m² of meer. Er zijn daarmee geen relevante effecten te verwachten van het project op de archeologie.
De dichtstbijzijnde woningen zijn gelegen ten oosten van het beoogde park aan de IJweg. De stellingen met panelen hebben zelf geen uitstraling van geluid of andere
Aerius-berekening Externe veiligheid Verkeer, ontsluiting Parkeren Luchtkwaliteit
effecten op de omgeving. De effecten transformatorstations op de omgeving worden vergeleken met de uitstraling van een bedrijfscategorie 3. De richtafstand op basis van de VNG-richtlijn bedraagt hierbij 50 meter voor geluid. De locaties van de transformatoren liggen op meer dan 50 meter van de woningen. Het zonnepark levert daarmee geen aantasting van het woon- en leefklimaat op voor deze woningen. Bij de vergunningaanvraag zijn AERIUS-berekeningen overgelegd. Deze worden voor de vergunningverlening getoetst door de Omgevingsdienst. Niet van toepassing. Er wordt gebruik gemaakt van bestaande ontsluitingen. Parkeren vindt plaats op eigen terrein. Niet in betekenende mate; de zonneakker heeft geen negatieve effecten op de luchtkwaliteit.
Procedures Verzoek aanwijzen stimuleringsgebied
Ja
Vvgb van toepassing?
Ja Nee Een zonnepark wordt niet gezien als een activiteit die is opgenomen in de bijlagen C en D van het besluit MER. Het is dan ook niet noodzakelijk om een MER of m.e.r.beoordeling uit te voeren. Omdat sprake is van een grote ontwikkeling heeft de initiatiefnemer er voor gekozen om voor de ontwikkeling van het zonnepark een aanmeldnotitie op te stellen. Op 23 maart 2021 is hierover een besluit genomen door B&W en is geoordeeld dat het opstellen van een milieueffectrapport niet nodig is. Ja, in het kader van een goede ruimtelijke ordening.
Vormvrije m.e.r. nodig?
Akoestisch onderzoek nodig? Hogere waardebesluit nodig?
Nee, de Wet geluidhinder is op dit project niet van toepassing.
Ontheffing Wet natuurbeheer nodig?
Nee
Afwijkingsbesluit Externe Veiligheid nodig?
Nee
Verantwoording Externe Veiligheid nodig?
Nee
Ruimtelijk Advies (beschrijving van overwegingen en/of randvoorwaarden die leiden tot meewerken of niet meewerken aan een initiatief.) Aan het ruimtelijk advies is een aantal voorwaarden verbonden. Met inachtneming van deze voorwaarden is het ruimtelijk advies positief. Overwegingen De aanvraag omgevingsvergunning ziet op de aanleg van een zonneakker met een omvang van ongeveer 100 hectare. Gezien de strijdigheid met de bestemmingsplanregels, kan het plan alleen mogelijke gemaakt worden met een uitgebreide planologische procedure. De omgevingsvergunning kan niet worden verleend zonder dat de raad verklaard hiertegen geen bedenkingen te hebben. De zonneakker ligt in het gebied dat door de gemeenteraad in het ‘Beleidskader zonneakker Haarlemmermeer’ is aangewezen als zoekgebied voor grootschalige zonneakkers; het zonnecarré. Het plan is getoetst aan de beleidsregels en de ontwikkelprincipes die de raad heeft meegegeven. Het plan is ook getoetst aan het concept ‘Beeldkwaliteitsplan Zonnecarré’ en het concept ‘Beleidskader lokaal eigenaarschap in zon- en windprojecten’. Met de ruimtelijke onderbouwing, het bijbehorende landschapsplan zonnepark Haarlemmermeer en het ecologisch beheerplan landschappelijk inpassing zonnepark A9 De Groene Energie Corridor (inclusief) memo
bodembeheer) is aangetoond dat sprake is van een zorgvuldige ruimtelijke en landschappelijke inpassing en dat in voldoende mate rekening wordt gehouden met het behoud van de bodemkwaliteit. Op basis van de aanwezig informatie kan de raad worden voorgesteld een ontwerpverklaring van geen bedenkingen te verlenen. Voordat de ontwerpomgevingsvergunning ter inzage kan worden gelegd, moet nog het volgende worden gewijzigd/aangevuld: schriftelijke toestemming leidingbeheerders; de plaatsing van de technische intallaties; specificatie van standaardprotocollen per soortgroep of soort; Kromme Spieringweg opnemen in quickscan. Met het uitvoeringsplan, de omgevingsdialoog en het eindverslag fincanciele participatie heeft aanvrager aangetoond te voldoen aan de regels zoals deze zijn gesteld in het concept beleidskader lokaal eigenaarschap in zon- en windprojecten. De zonneakker draagt bij aan de mogelijkheid tot uitvoering van Regionale Energiestrategie. Borging De verplichtingen die voortvloeien uit het Beleidskader zonneakker Haarlemmermeer en die gaan over de landschappelijke ecologische inpassing, het bodembeheer, lokaal eigenaarschap worden geborgd in de omgevingsvergunning met een voorwaardelijke verplichting en/of in de met aanvrager te sluiten overeenkomst.
Dit betreft de: maximale termijn van 25 jaar; het weer in de oude staat terugbrengen van de agrarische gronden; stellen financiële zekerheid hiervoor; inpassing overeenkomstig het landschapsplan; inpassing overeenkomstig het beheerplan; monitoring van de bodemkwaliteit en beheer van de bodem overeenkomstig het beheerplan inclusief memo bodemkwaliteit; het doen van het voorgestelde financiële aanbod (omgevingsfonds, groene stroom, obligaties). Aanvrager heeft bij de aanvraag aangegeven voor de uitvoering van het project afhankelijk te zijn van een te verkrijgen SDE++ subsidie. De openstellingsronde van de SDE++ vindt plaats van 21 september t/m 14 oktober 2021.
ZONNEPARK DE GROENE ENERGIECORRIDOR ruimtelijke onderbouwing 23 augustus 2021
1/2
2/2
DATUM KENMERK
23 augustus 2021 20200923_RO_0006
PROJECT PROJECTLEIDER
Zonnepark De Groene Energiecorridor ir. G.S. van Loenen
OPDRACHTGEVER PROJECTNUMMER
DGEC 20200923
AUTEUR STATUS
Niels Tiekstra Definitief
Inhoud 1.
Inleiding
2
2.
Projectbeschrijving
5
3.
Beleid
15
4.
Resultaten onderzoeken milieu- en omgevingsaspecten
24
1.1. 1.2. 1.3. 1.4. 2.1. 2.2. 2.3. 2.4. 2.5. 2.6. 3.1. 3.2. 3.3. 4.1. 4.2.
4.3. 4.4. 4.5. 4.6. 4.7. 4.8.
5.
Aanleiding Ligging en begrenzing van het project. Bestemmingsplaninformatie en afwijking van het bestemmingsplan. Leeswijzer Bestaande situatie Omschrijving nieuw project en toekomstige situatie Situatie tijdens de aanleg van het project Exploitatie van het project en beëindiging daarvan Participatie Landschappelijke inpassing Rijksbeleid Provinciaal beleid Gemeentelijk beleid Cultuurhistorie en archeologie Bedrijven en milieuzonering 4.2.1. Beleid en normstelling 4.2.2. Onderzoek en conclusie Bodemkwaliteit en milieu Ecologie Kabels en leidingen Water 4.6.1. Toetsingskader 4.6.2. Toetsing Vliegveiligheid Overige sectorale aspecten
Uitvoerbaarheid 5.1. 5.2.
Economische uitvoerbaarheid en planschade Maatschappelijke uitvoerbaarheid
2 2 3 3
5 7 11 11 12 13 15 17 22
24 24 24 24 25 26 29 31 31 31 33 34
35 35 35
Bijlagen:
Bijlage 1: Inrichtingstekening Bijlage 2: Datasheet hekwerken Bijlage 3: Datasheet transformatorhuizen Bijlage 4: Uitvoeringsplan DGEC Bijlage 5: Omgevingsdialoog Bijlage 6: Eindverslag financiële participatie Bijlage 7: Landschapsplan Bijlage 8: Ecologisch beheerplan Bijlage 9: memorandum geluidsreflectie Bijlage 10: Aerius berekeningen Bijlage 11: quickscan ecologie Bijlage 12: Onderzoek NLR Bijlage 13: Aanmeldnotitie MER Bijlage 14: Besluit 23 maart 2021 over aanmeldnotitie MER Bijlage 15: Overzicht watercompensatie
Rho Adviseurs B.V. vestiging Rotterdam
44002931.20200923
1. Inleiding
1.1.
2
Aanleiding
De Groene Energie Corridor, een samenwerkingsverband tussen verschillende agrarische ondernemers aan de IJweg en de Kromme Spieringweg in Zwanenburg, heeft een plan opgesteld om in de omgeving, op eigen gronden, een zonnepark te realiseren. De gemeente Haarlemmermeer heeft een ambitie om de komende jaren substantieel meer duurzame energie op te wekken binnen de eigen gemeente. De gemeenteraad heeft hiervoor het Beleidskader Zonneakkers Haarlemmermeer vastgesteld op 14 mei 2020, waarin zoekgebieden zijn aangewezen voor de aanleg van zonneparken. Onderdeel van dit zoekgebied is een strook grond van circa 600 m ten noorden van de A9. De realisatie van een zonnepark op deze gronden is op basis van de vigerende bestemmingsplannen ter plaatse niet mogelijk. Om de realisatie van het zonnepark mogelijk te maken is dan ook een planologische procedure noodzakelijk. Om de ontwikkeling mogelijk te maken zal gebruik gemaakt worden van de mogelijkheid om met een omgevingsvergunning af te wijken van het bestemmingsplan. Als onderbouwing voor deze afwijkingsprocedure is voorliggende ruimtelijke onderbouwing opgesteld.
1.2.
Ligging en begrenzing van het project.
De projectlocatie betreft vier percelen ten noorden van de A9, tussen de rijksweg en Zwanenburg. De begrenzing van de projectlocatie is met een rode lijn weergegeven in figuur 1.1.
Figuur 1.1 Ligging projectlocatie
Rho Adviseurs B.V. vestiging Rotterdam
44002931.20200923
Inleiding
1.3.
3
Bestemmingsplaninformatie en afwijking van het bestemmingsplan.
Ter plaatse van de projectlocatie vigeren diverse bestemmingsplannen. Onderstaand een overzicht van de vigerende bestemmingsplannen ter plaatse. Bestemmingsplan Buitengebied Noord De Liede Parapluplan Parkeren
Vastgesteld 04-07-2013 08-07-2015 04-10-2014
De ontwikkeling van een zonnepark is niet mogelijk binnen deze bestemmingsplannen. Om de ontwikkeling van het zonnepark mogelijk te maken wordt door middel van een omgevingsvergunning afgeweken van het bestemmingsplan. Procedure Omdat sprake is van een activiteit die is aangewezen in artikel 3.10 lid 1 sub a van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo), dient voor het verlenen van een omgevingsvergunning voor afwijking van het bestemmingsplan de uitgebreide voorbereidingsprocedure uit de Wabo te worden gevolgd. Dit betekent dat een ontwerp van de omgevingsvergunning met de bijbehorende documenten ter inzage wordt gelegd op basis waarvan eenieder een zienswijze kan indienen. Na de periode van terinzagelegging van het ontwerp van de omgevingsvergunning neemt het college van burgemeester en wethouders een besluit over vergunningverlening. Bovendien bepaalt artikel 2.27 van de Wabo in combinatie met artikel 6.5 van het Besluit omgevingsrecht (Bor) dat voor het verlenen van een omgevingsvergunning voor afwijken van het bestemmingsplan eerst een verklaring van geen bedenkingen (vvgb) moet worden aangevraagd bij de gemeenteraad. De gemeenteraad kan categorieën aangeven van gevallen waarbij een vvgb niet vereist is. De realisatie van het zonnepark valt niet in één van deze categorieën. Het is daarom noodzakelijk om voor dit project nog een specifieke VVGB aan te vragen.
Vergunningen Een omgevingsvergunning voor afwijken van het bestemmingsplan is benodigd en deze ruimtelijke onderbouwing is opgesteld ter onderbouwing van de aanvraag van deze vergunning. Daarnaast is een omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen nodig. De gemeente Haarlemmermeer heeft aangegeven de vergunning voor een periode van 25 jaar te verlenen, conform de daartoe in art. 6.30, lid 2, sub a van de provinciale Omgevingsverordening NH2020 gestelde eis. Hiermee is ook voldaan aan de beleidsregel uit het Beleidskader zonneakkers van de gemeente dat er geen permanente functieverandering plaatsvindt.
1.4.
Leeswijzer
In hoofdstuk 2 wordt een beschrijving van de bestaande situatie in het projectgebied en van het project gegeven. In hoofdstuk 3 wordt de ontwikkeling van het zonnepark getoetst aan het relevante beleidskader op de verschillende schaalniveaus. In hoofdstuk 4 worden de milieu- en omgevingsaspecten van het initiatief getoetst. Hoofdstuk 5 behandelt de economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid van het plan.
Rho adviseurs voor leefruimte vestiging Rotterdam
44002931.20200923
2. Projectbeschrijving
2.1.
5
Bestaande situatie
De percelen maken onderdeel uit van de Haarlemmermeerpolder die omgeven is door de Ringvaart. De Haarlemmermeerpolder is een grote droogmakerij met een rechtlijnige verkavelingsstructuur. De komst van Schiphol in het landschap, zorgt voor dynamiek. Doordat de Ringvaart grotendeels met de hand gegraven is, zijn veel stukken oud land binnendijks terecht gekomen. Dit is vooral geval aan de noord- en zuidzijde van de Haarlemmermeerpolder. De Haarlemmermeerpolder ligt 4 tot 6 met onder NAP. De polder wordt op verschillende locaties doorsneden door snelwegen. Verschillende knooppunten, spoortracés en de uitbreiding van Schiphol spelen een grote rol in het polderlandschap. In het vigerende bestemmingsplan Buitengebied Noord en het bestemmingsplan De Liede van de gemeente Haarlemmermeer hebben de percelen de bestemming Agrarisch. De percelen worden momenteel gebruikt voor de teelt van met name aardappelen en olifantsgras. Daarnaast kent het bestemmingsplan Buitengebied Noord aan de gronden ook een aanduiding vanwege de luchtvaartverkeerzone uit het Luchthavenindelingsbesluit Schiphol. De kwaliteit van de ondergrond, met name de aanwezigheid van veenresten, maakt dat de percelen niet geschikt zijn voor alle landbouwteelten. De kwaliteit en de opbouw van de bodem is daarmee een factor die beperkingen oplegt aan de locatie ten aanzien van het agrarisch gebruik.
Perceel A Perceel A betreft een agrarisch perceel dat is gelegen aan de Kromme Spieringweg. De locatie is gelegen in het westelijk deel van de polder nabij het knooppunt Rottepolderplein en de brug over de Ringvaart. Over het perceel lopen verschillende watergangen. Daarnaast ligt direct ten noorden van het perceel een zone waarin een waterkering is gelegen. De opstallen binnen het bestaande bouwblok op dit perceel zijn verworven door Rijkswaterstaat en zullen worden geamoveerd ivm de ligging binnen een sloopzone van het LIB. De locatie heeft een omvang van circa 15 hectare.
Figuur 2.1 Luchtfoto 2019 Perceel A (Bron: Kadaster)
Rho Adviseurs B.V. vestiging Rotterdam
44002931.20200923
6
Projectbeschrijving
Perceel B Perceel B betreft een agrarisch perceel dat is gelegen aan de Kromme Spieringsweg. Dit perceel is gelegen nabij het knooppunt Rottepolderplein en is evenwijdig gelegen aan de rijksweg A9. Het perceel wordt omzoomd door watergangen. Het perceel wordt tevens doorsneden door verschillende waterleidingen. Het perceel heeft een omvang van circa 18 hectare.
Figuur 2.2 Luchtfoto 2019 Perceel B (Bron: Kadaster) Perceel C Perceel C betreft een agrarisch perceel dat is gelegen aan de westzijde van de IJweg. Het perceel grenst aan de zuidzijde aan de rijksweg A9. Het perceel is momenteel agrarisch in gebruik. Over het perceel lopen 2 watergangen. Daarnaast wordt het perceel omzoomd door watergangen. In de zuidwestelijke hoek van het perceel is een waterleiding gelegen. Het perceel heeft een omvang van circa 51 hectare.
Figuur 2.3 Luchtfoto 2019 Perceel C (Bron: Kadaster)
44002931.20200923
Rho Adviseurs B.V. vestiging Rotterdam
Projectbeschrijving
7
Perceel D Het vierde perceel betreft een agrarisch perceel dat is gelegen aan de oostzijde van de IJweg. Het perceel is gelegen in het noordelijke kwadrant van het knooppunt Raasdorp. Tussen het perceel is tevens de RWZI Zwanenburg gelegen. Onder het perceel ligt dan ook een rioolpersleiding. Rondom het perceel zijn diverse sloten gelegen. Het perceel heeft een omvang van circa 15 hectare.
Figuur 2.4 Luchtfoto 2019 Perceel D (Bron: Kadaster)
2.2.
Omschrijving nieuw project en toekomstige situatie
Het project betreft de realisatie van een gezamenlijk zonnepark op de hiervoor beschreven percelen. Hiervoor is een inrichtingstekening opgesteld. Deze inrichtingstekening is opgenomen in Bijlage 1. De zonnepanelen Ten aanzien van de opstelling van het zonnepark is gekozen voor eenzelfde constructie voor de vier percelen. Het zonnepark voorziet in een dak-opstelling. Dit wil zeggen dat de panelen in een soort dakconstructie worden geplaatste waarmee de panelen ruggelings tegen elkaar worden geplaatst. De panelen worden met een hellingshoek van 13 graden geplaatst. Dit is een zeer compacte opstelling, met een relatieve hoge opbrengst en een lage bouwhoogte. De bouwhoogte van de panelen bedraagt maximaal 2 meter vanaf maaiveld, waarbij het laagste punt van de panelen op een hoogte van 0,50 meter boven de grond worden geplaatst. Tussen de rijen met panelen is een vrije ruimte van 3,5 meter vrijgehouden als onderhoudspad en onderlinge afstand.
Rho adviseurs voor leefruimte vestiging Rotterdam
44002931.20200923
8
Projectbeschrijving
Figuur 2.5 Inrichting zonnepark De constructie waar de panelen op worden bevestigd betreft een aluminium constructie die door middel van palen in de grond wordt verankerd. In onderstaand figuur is de doorsnede van de opstelling weergegeven.
Figuur 2.6 Doorsnede constructie Binnen de belemmerende stroken van de beide waterleidingen (Deelplan A, B en C) en van de bestaande rioolpersleiding (deelplan D) wordt op verzoek van de leidingbeheerders een afwijkende constructie gehanteerd van de tafels met zonnepanelen. Concreet worden de tafels aldaar gefundeerd op betonnen platen van 1 m X 1 m in plaats van op schroefpalen. De reden hiervoor is dat de leidingbeheerders er de voorkeur aan geven dat ter plaatse van de leidingstroken geen palen in de grond worden verankerd. Ook maakt dit het mogelijk om de leidingstroken relatief eenvoudig ‘vrij’ te maken van panelen voor regulier onderhoud of herstelwerkzaamheden aan de leidingen. De bovenbouw en positionering van de tafels is verder gelijk aan die in de rest van het park.
44002931.20200923
Rho Adviseurs B.V. vestiging Rotterdam
Projectbeschrijving
9
Bij de plaatsing van de rijen met tafels wordt rekening gehouden met bestaande kavelstructuur. De rijen worden zodanig geplaatst dat deze met de kavelsloten in het landschap meelopen. Hiermee past het zonnepark zich aan, aan de bestaande kavelstructuur en doet het geen afbreuk aan de aanwezige kavelinrichting. Er is daarom ook niet gekozen voor een traditionele zuid of oost-west opstelling. Er is voor dit zonnepark een nieuw type opstelling gekozen waarvan de panelen de kavelgrenzen volgen. Om voldoende opwekkend vermogen te kunnen realiseren en een lage opstelling te kunnen realiseren is voor een dakopstelling gekozen, waarbij de panelen ruggelings tegen elkaar staan. Om ervoor te zorgen dat onder de panelen voldoende licht en water kan vallen op de onderliggende grond is een opening van 38 cm gecreëerd aan de bovenzijde. Ook wordt tussen alle panelen een tussenruimte aangebracht zodat over de volle breedte van de panelentafels regenwater naar beneden kan vallen. Hiernaast is voorzien in voldoende ruimte tussen elke rij van 3,5m en zijn er beheersmaatregelen voorgeschreven die de conditie van de bodem moeten stimuleren. Voorbeelden zijn de inzaai van schaduwminnende grassoorten en het aanbrengen van maaisel vanuit de tussenpaden onder de panelen (= aanvoer organisch materiaal). Hierdoor is de gekozen opstelling ruimtelijk acceptabel.
Hekwerken Rondom het zonnepark wordt een hekwerk van maximaal 2m hoog opgericht waarbij de eerste 10cm vanaf het maaiveld vrij blijft ivm de doorgang van fauna. Onderzocht is of de hekken bij de sloten / watergangen achterwege kunnen blijven maar dit blijkt op dit moment niet mogelijk te zijn op basis van de voorschriften van de verzekeraar. Daarom wordt ook vergunning gevraagd voor de hekwerken op deze locaties. Mocht de verzekeraar hier later alsnog aan mee willen werken en de situatie voldoende veilig blijken, dan zal deze ruimte worden benut en kan worden volstaan met de watergangen als afscheiding. De gekozen hekken zijn transparant en uniform conform het Beleidskader zonneakkers (zie ook de datasheet in Bijlage 2). Op elke plek waar het hekwerk de leidingstroken van één van de aanwezige waterleidingen kruist, zal een toegangspoort geplaatst worden. Dit gebeurt op verzoek van de leidingbeheerder Waternet, teneinde een goede toegang tot de leidingstroken te borgen. In het landschapsplan wordt nader onderbouwd hoe de toegangspoorten landschappelijk worden ingepast in relatie tot de verdere groene inpassing van het zonnepark.
Figuur 2.7 Hekwerken Transformatoren Op het zonnepark komen 18 transformatoren die de door de zonnepanelen opgewekte energie omzetten en verder transporteren naar het netwerk. De prefab transformatoren hebben een oppervlak van ca. 15m2 en een bouwhoogte van 2,90 meter (zie ook de datasheet in Bijlage 3). Hierdoor worden de transformatoren iets hoger dan de hoogte van de panelen. Echter doordat de transformatoren in het midden van het zonnepark worden geplaatst zal vanaf de zichtpunten er niet tot nauwelijks zicht zijn op de transformatoren. Er is gekeken naar de mogelijkheden om de transformatoren in te graven, maar dat is technisch niet mogelijk vanwege de kabelinfrastructuur van het park en de transformatoren.
Rho adviseurs voor leefruimte vestiging Rotterdam
44002931.20200923
10
Projectbeschrijving
Figuur 2.8 Transformator Recreatief rustpunt Bottelierspad Op de hoek van het Bottelierspad wordt een rustpunt gecreëerd. Deze wens is naar voren gekomen tijdens de participatieavonden. Bewoners gaven aan hier een rustpunt met recreatie, educatie en groen te willen hebben. De hierna beschreven invulling van het rustpunt is een voorstel vanuit de initiatiefnemers. Echter de exacte invulling van het rustpunt is aan het Omgevingsfonds. Het rustpunt is toegankelijk voor fietsers en voetgangers die gebruikmaken van het Bottelierspad. De picknicktafels, het groen en de uitkijktoren zorgen ervoor dat mensen uitgenodigd worden gebruik te maken van deze plek. Hiermee wordt ook voldaan aan de beleidsregel uit het Beleidskader zonneakkers dat zonneakkers bijdragen aan de beleefbaarheid en toegankelijkheid van het landschap en deze worden gecombineerd met recreatieve voorzieningen.
Figuur 2.9 Uitzicht uitzichtpunt Aan de omwonenden en het Omgevingsfonds wordt voorgesteld om een uitkijktoren te plaatsen. Hierdoor wordt de beleefbaarheid van het landschap en de bewustwording van energieopwekking
44002931.20200923
Rho Adviseurs B.V. vestiging Rotterdam
Projectbeschrijving
11
versterkt door een uitkijktoren te plaatsen. Vanuit de toren is er open zicht op de zonnepanelen die in het open polderlandschap liggen. De uitkijktoren heeft een bouwhoogte van 5 meter hoog. Aan de zijde van het Bottelierspad, zal geen hekwerk geplaatst worden. Het terrein is vrij toegankelijk. Ten aanzien van de verlichting zal worden aangesloten bij het type verlichting langs het Bottelierspad. Op het rustpunt zal gebruik gemaakt worden van verlichting dat door middel van beweging geschakeld zal worden. Daarmee wordt onnodige verlichting voorkomen, maar is er wel sprake van een veilige situatie ter plaatse.
Figuur 2.10 Recreatief rustpunt De ruimtelijke effecten van het recreatieve rustpunt zijn beperkt. Het Bottelierspad wordt op dit moment al gebruikt als recreatieve verbinding. Het rustpunt is een toevoeging hieraan. De inrichting van het rustpunt zal extensief zijn en is qua ruimtelijke effecten vergelijkbaar met het huidige gebruik als akkerbouwgrond; er wordt bloemrijk grasland gezaaid en er zullen struiken en bomen zijn. Een paar keer per jaar zal onderhoud worden gepleegd en dat is vergelijkbaar met de huidige situatie waarin een paar agrarische bewerkingen per jaar plaatsvinden. Rondom het recreatieve rustpunt staan geen woningen of andere objecten waarop overlast zou kunnen ontstaan. Hiernaast valt niet te verwachten dat het rustpunt een verkeersaantrekkende werking heeft; het kan slechts bereikt worden via het Bottelierspad (een fietspad).
2.3.
Situatie tijdens de aanleg van het project
Ten behoeve van de aanleg van het project is een Uitvoeringsplan gemaakt dat is bijgevoegd als Bijlage 4 dat tevens onderdeel uitmaakt van het plan. De belangrijkste onderdelen van dit Uitvoeringsplan zijn als volgt: • • •
Omwonenden horen tijdig via een brief en via de website van de aanvrager, wat er wanneer gaat gebeuren en waar ze terecht kunnen met vragen, zorgen en klachten. De aanvrager van de vergunning stelt een klachtenloket in. Deze klachten zullen tijdig worden afgehandeld. Voorafgaande aan de aanleg wordt een monitor vastgesteld waarin wordt vastgelegd hoe effecten op de omgeving in beeld worden gebracht en zoveel mogelijk worden voorkomen. Ook wordt hierin bepaald hoe klachten worden afgehandeld en hoe de monitoring plaatsvindt.