CConstaterende datHaarlemmermeer
Koppel je AI →
Document · PDF

2021.0001380 b7 achtergrondrapport landbouwperspectieven.pdf

Raadsplein: Agenda en raadsstukken 8 juli 2021, gemeente HaarlemmermeerBij agendapunt: SESSIE 3. 19.00 - 20.30 uur (Heijezaal) Nota Vaststelling voorontwerpbestemmingsplan en concept-MER Park 21 (2021.0001380) - geheime bijlagen17.428 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

De positieve externe effecten van biologische producten worden door consumenten niet ervaren als iets waar zij aan bij willen dragen. De negatieve externe effecten van de gangbare landbouw worden niet meegenomen in de prijsvorming, waardoor het prijsverschil tussen de twee soorten producten (gangbaar en biologisch) wordt vergroot (van Galen et al., 2020). Ook vanuit de supermarkt bestaan er belemmeringen voor de verkoop van biologische producten. Op de meeste biologische producten wordt verlies gedraaid. Dit wordt gecompenseerd door winst uit andere producten (van Galen et al., 2020).

Blad 20 van 44

Landbouwperspectieven voor PARK21 projectnummer 0417636.107 23 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer

4

Duurzame landbouw in PARK21 De uitdagingen waarmee de landbouw in Nederland wordt geconfronteerd spelen ook in de gemeente Haarlemmermeer en, meer specifiek, in PARK21. Dit hoofdstuk gaat verder in op de ontwikkeling naar duurzame landbouw in PARK21.

4.1

Huidige situatie Op dit moment bevinden zich twee (gedeeltelijk) biologisch akkerbouw bedrijven die (ook) bedrijfsvoering hebben in het plangebied van PARK21 (Tabel 4.1). Tabel 4.1. Indicatief overzicht type teelt in PARK21

Aantal Akkerbouw Bloemen (deels als gemengd) Veeteelt (melkkoeien) Paarden (deels als gemengd) Overig veevoer

19 4 1 3 1

Met boerderij in PARK21 16 4 1 3 1

4.2

Bijdrage PARK21 aan behalen duurzame landbouw

4.2.1

Kringlooplandbouw

Biologisch/kringl oop 2

De landbouwsector is in transitie richting kringlooplandbouw. Deze stip aan de horizon kan (op termijn) binnen de agrarische sector goed ontwikkelt worden binnen PARK21. Het park- en landbouwgebied binnen PARK21 kunnen hand in hand functioneren, zowel als recreatie-als landbouwgebied. Biodiversiteit, natuurontwikkeling, akkerranden en wandelpaden in en rond het agrarische gebied kunnen een uitgangspunt vormen voor de transformatie van de bedrijfsvoering. De keuze om wel of niet te transformeren zal komende jaren gemaakt worden door de agrarisch ondernemers, al dan niet ingeleid door veranderend landelijk beleid. Het mag duidelijk zijn dat met PARK21 ook ingezet wordt op een klimaatadaptief en toekomstbestendig gebied. In de parklaag wordt het verbeterde droogmakerij systeem (VDS) ingericht om zo het watersysteem naar de toekomst houdbaar te maken. Mede ingegeven om juist watergevoelige functies als landbouw in de toekomst toe ook te kunnen voorzien van voldoende en kwalitatief water en de verzilting tegen te gaan. PARK21 bestaat uit drie lagen: een polderlaag, een parklaag en een leisurelaag. Elk van deze lagen biedt unieke kansen om aan te haken bij duurzamere landbouwvormen. De polderlaag van PARK21 heeft tot doel om het huidige polderlandschap en de agrarische functie van het gebied te behouden.

In dit deel van het landschap vindt voedselproductie plaats en is er ruimte voor verbredende activiteiten. De parklaag heeft een verbindende functie, waarbij er ook specifiek aandacht is voor een recreatief netwerk. In de parkkamers is er ruimte voor verschillende

Blad 21 van 44

Landbouwperspectieven voor PARK21 projectnummer 0417636.107 23 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer

recreatieve functies o.a. ligweides, paviljoenen en evenementen. In de leisurelaag is er ruimte voor een meer (inter)nationaal georiënteerd gebruik met oog voor regionale en lokale bezoekers. De recreatieve en toeristische aantrekkingskracht van PARK21 maakt het mogelijk voor de landbouw om in te zetten op ketenverkorting voor het sluiten van kringlopen. Producten geproduceerd door agrariërs gelokaliseerd in de polderlaag kunnen geconsumeerd worden door toeristen en recreanten welke PARK21 bezoeken. Dit kan op verschillende verder te verkennen manieren gebeuren: agrariërs kunnen hun producten op het erf verkopen; een centraal verkooppunt, farmer’s market, kan ontwikkeld worden en/of producten kunnen gebruikt worden in lokale horeca. Reststromen, zoals organisch afval, kunnen teruggekoppeld worden om op lokaal niveau de kringloop tot op zekere hoogte te sluiten. In de polderlaag kan ook ingezet worden op het sluiten van kringlopen tussen agrarische bedrijven. Bijvoorbeeld, in het gebied bevindt zich een melkveebedrijf. Dit biedt kansen om deze dieren te voeden met lokaal geteeld veevoer. De mest kan ingezet worden op lokaal aanwezige akkerbouwbedrijven. Gewasresten van lokale akkerbouwbedrijven kunnen gebruikt worden voor compost welke gebruikt kan worden voor bemesting van akkers.

Voor het sluiten van kringlopen zal ingezet kunnen worden op het sluiten van kringlopen welke op een groter schaalniveau spelen. Agrarische bedrijven in PARK21 zullen namelijk ook voedsel voor gebieden buiten PARK21 produceren. De nutriënten welke hiermee buiten het park gebracht worden, kunnen teruggebracht worden. Hiervoor zou een verkenning uitgevoerd kunnen worden naar de verschillende mogelijkheden, zoals hergebruik van resten uit de voedingsmiddelenindustrie; gebruik van compost uit organisch afval van huishoudens en/of gebruik van slib uit RWZI’s. Een eerste schets van de mogelijkheden om kringlopen aan elkaar te linken is getoond in Figuur 4.1. Verdere inventarisatie is nodig om deze eerste schets aan te vullen met al aanwezige reststromen in het gebied en te inventariseren hoe bepaalde reststromen ingezet kunnen worden.

Figuur 4.1. Schets kringlopen voor PARK21

Uit de voorgaande analyse kunnen verschillende aanbevelingen gevormd worden. Voor de omschakeling naar kringlooplandbouw kunnen verschillende aandachtspunten verder ontwikkeld

Blad 22 van 44

Landbouwperspectieven voor PARK21 projectnummer 0417636.107 23 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer

worden. Ten eerste, Figuur 4.1 brengt een eerste inventarisatie van mogelijke reststromen binnen PARK21 in kaart. Aanbevolen wordt om een verdere inventarisatie te doen om een completer beeld van reststromen per bedrijf; en de hergebruikmogelijkheden van deze reststromen te krijgen. Binnen biologische landbouw is er al aandacht voor kringlopen door het koppelen van een melkvee- en een akkerbouwbedrijven. Deze strategie is lastig te implementeren in PARK21, aangezien het aantal melkvee- en akkerbouwbedrijven niet in balans is. Maatregelen om kringlooplandbouw te stimuleren Om meer inzicht te verkrijgen in deze mogelijkheid voor het sluiten van kringlopen wordt de gemeente geadviseerd om een bredere inventarisatie dan alleen het plangebied van PARK21 uit te voeren. Ten tweede, het merendeel van de reststromen kan niet direct gebruikt worden, maar dient omgezet in een bruikbare vorm. Bijvoorbeeld, organisch afval kan niet direct gebruikt worden op akkerland, maar dient gecomposteerd te worden of m.b.v. schimmels en/of insecten omgezet worden in veevoeder. Aanbevolen wordt om hiervoor faciliteiten uit te denken. Ten derde, het gebruik van reststromen komt met een eigen set aan risico’s. Niet goed gescheiden organisch afval kan tot vervuiling van akkers leiden. Het checken van de kwaliteit van input op akkers dient goed geregeld te worden.

Naast uitwerking van (het gebruik van) de reststromen wordt aanbevolen om de rol van de park- en leisurelaag in de verkoop van producten verder te inventariseren. Aspecten die hierbij van belang zijn, zijn het aantal bezoekers, en daardoor het aantal potentiële consumenten voor agrarische producten uit PARK21.

4.2.2

Pachtbeleid en duurzame landbouw Het overschakelen van een regulier naar een biologisch landbouwregime is de keuze van elke individuele boer zelf. De gemeente kan echter enkele maatregelen nemen waardoor bepaalde belemmeringen worden weggenomen. Het huidige pachtbeleid van de gemeente, het uitgeven van geliberaliseerde pachtcontracten, belemmert duurzamere landbouwvormen, zoals biologische landbouw en kringlooplandbouw1. Kortlopende pachtcontracten stimuleren boeren om op de korte termijn zoveel mogelijk uit een bodem te halen. Een regeltechnische oplossing is, waar mogelijk, landbouwgronden voor langere pachtermijnen uit te geven. Landbouwgronden zijn twee jaar in omschakeling naar een biologisch regime, voordat de producten van deze gronden biologisch genoemd mogen worden. Dit betekent dat dit een lange termijn investering is waarbij op de korte termijn een inkomensverlaging wordt geaccepteerd. Aangezien bij kortlopende pachtcontracten dit terugverdientermijn niet lang genoeg is, zullen boeren niet de overstap maken naar biologische productie. Ten tweede kan de gemeente duurzaam bodemgebruik stimuleren door aanpassing van de huidige regels welke de gemeente als verpachter opstelt omtrent gebruik van de bodems (gebruik van meststoffen en bestrijdingsmiddelen).

Hierbij kunnen gebruikseisen meer richten op een biologisch regime, zoals het gebruik van biologische bestrijdingsmiddelen en (biologische) mest. Ten derde wordt aanbevolen dat de gemeente een actieve rol inneemt in de omschakeling van bepaalde gronden 1

Het probleem bestaat deels voor beide vormen van landbouw. Biologische landbouw gaat gepaard met bijvoorbeeld regels over de tijdspanne dat er biologisch geboerd moet worden tot producten van een bepaalde landbouwgrond biologisch genoemd mogen worden. Biologische landbouwproductie wordt daarom veel eerder gelimiteerd door het pachtbeleid. Een kringloopboer zal een stuk land direct kunnen pachten en zijn/haar manier van landbouw kunnen toepassen.

Blad 23 van 44

Landbouwperspectieven voor PARK21 projectnummer 0417636.107 23 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer

die zij verpachten naar een biologisch/duurzaam regime. Waarbij stimulerende manieren ontwikkeld kunnen worden, zoals het tegemoetkomen in het verschil tussen de gemaakte kosten en de opbrengsten van de landbouwgrond in omschakeling of het reduceren van pacht voor de te omschakelen percelen.

Blad 24 van 44

Landbouwperspectieven voor PARK21 projectnummer 0417636.107 23 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer

5

Bedrijfsstrategieën voor de landbouw In het licht van de eerder uitgewerkte uitdagingen is duidelijkheid cruciaal om als ondernemer een goede afweging te maken. De volgende bedrijfsstrategieën zijn denkbaar. • (Vervroegd) beëindigen. • Schaalvergroting • intensiveren • Waardecreatie • Werkzaamheden buiten bedrijf • Verbreden (multifunctionele landbouw). Op elk van deze bedrijfsstrategieën wordt ingegaan in dit hoofdstuk, aangegeven in welke mate deze strategie kansrijk is in PARK21 en hoe de gemeente en andere partijen hierin een rol kunnen vervullen.

5.1

(Vervroegd) beëindigen Van de ruim 27000 agrarische bedrijven in Nederland met een bedrijfshoofd boven de 55 jaar oud had in 2020 59 procent geen bedrijfsopvolger. Bedrijfsopvolging was voor grotere agrarische bedrijven vaker beschikbaar dan voor kleine agrarische bedrijven (CBS, 2021-a). PARK21 zijn er verschillende bedrijven waarbinnen er (mogelijkerwijs) geen bedrijfsopvolging aanwezig is (Tabel 4). Een hogere leeftijd gecombineerd met geen bedrijfsopvolging is een veelvoorkomende reden om een agrarisch bedrijf te eindigen. Zo was in 2005 60 procent van de stoppende agrariërs boven de 55 jaar oud (Geerling & van der Meulen, 2008). Van (vervroegd) beëindigen kan daarom verwacht worden dat dit een strategie is welke ook verschillende agrariërs in het plangebied voor PARK21 zullen uitvoeren. Binnen het plangebied voor PARK21 kan er op twee manieren op deze bedrijfsstrategie ingespeeld worden. Voor de ontwikkeling van PARK21 is ruimte nodig welke op dit moment een agrarische functie heeft. De gronden die vrijkomen wanneer een bedrijf beëindigd wordt, kunnen door de gemeente of initiatiefnemers opgekocht worden voor de ontwikkeling van de park- en leisurelaag (dus beëindiging van de agrarische functie).

Een tweede manier om in te spelen op de vrijkomende agrarische gronden is het aantrekken van agrariërs welke geïnteresseerd zijn in het realiseren van verbrede landbouw (dus behoud van agrarische functie, maar omschakeling naar een vorm die aansluit bij het karakter van PARK21). Beslissingen over vervroegd beëindigen liggen voornamelijk in handen van de stoppende agrariër. De gemeente kan hier wel een rol in spelen. Aanbevolen wordt dat de gemeente, in eerste instantie, inzet op het verkrijgen van inzicht in de “status” van de agrarische bedrijven in het gebied: zijn er agrariërs waarvoor het beëindigen van de agrarische functie een overweging is? Als die er zijn, kan de gemeente stimuleren dat juist hun grond onderdeel wordt van de park- of leisurelaag. Met een goed overzicht van de status van bedrijven kan de gemeente bovendien adviseren over kansen voor bestaande en nieuwe ondernemers die in PARK21 met kringlooplandbouw, biologische landbouw en/of multifunctionele landbouw aan de slag willen.

Blad 25 van 44

Landbouwperspectieven voor PARK21 projectnummer 0417636.107 23 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer

5.2

Schaalvergroting Een tweede bedrijfsstrategie waarop ingezet kan worden is schaalvergroting. Gezien de ontwikkelingen in en rond de landbouw, zoals de afbouw van het EU-landbouwbeleid (lagere of geen garantieprijzen, ontkoppelde bedrijfstoeslagen, met onzekerheden over de handhaving ervan in de toekomst) en de mogelijkheden van het gebruik van machines (automatisering en dergelijke) hebben bedrijven in de regel voor hun continuïteit behoefte aan ruimte (meer grond) voor schaalvergroting. Om voldoende inkomen te blijven genereren in de toekomst kiest in de Nederlandse landbouw het merendeel van de ondernemers voor toename van de bedrijfsomvang (schaalvergroting), zodanig dat de productie-eenheden voldoende omvang hebben. Voor een concurrerende landbouw is schaalvergroting de meest gevolgde strategie in de Nederlandse landen tuinbouw. Binnen de gemeente Haarlemmermeer kenden de 527 bedrijven in 2000 een areaal van 10.901 hectare, wat een gemiddelde bedrijfsgrootte van 20,7 hectare betekende. De 328 bedrijven kende in 2010 een areaal van 8563 ha, wat een gemiddelde bedrijfsgrootte van 26,1 hectare betekende. Een groei in omvang (schaalvergroting) per bedrijf van ongeveer 26 procent. De 225 bedrijven kende in 2018 een areaal van 8292 hectares, wat een gemiddelde bedrijfsgrootte van 36,8 hectare betekende. Een groei ten opzichte van 2010 per bedrijf van ongeveer 41%.

In Nederland is een gemiddeld bedrijf 34,7 hectare groot in 2018. In Haarlemmermeer 36,8 hectare. De schaalvergroting in Haarlemmermeer is vergelijkbaar met de gemiddelde schaalsprong in Nederland. De ontwikkeling van PARK21 heeft een significant effect op de ruimte welke aanwezig is voor landbouw. Ruim 300 hectare blijft behouden voor de landbouw in het eindbeeld voor 2040, maar daarmee gaat maximaal zo’n 600 hectare landbouwgrond verloren, indien sprake is van volledige transformatie. De ontwikkeling gaat vrijwillig, organisch en kavelgewijs. Het volgt het ritme van agrariërs die willen transformeren, verplaatsen of stoppen. De reductie van het landbouw areaal zal schaalvergroting binnen PARK21 als bedrijfsstrategie niet in de kaart spelen. Gezien de plannen voor de inrichting van het gebied kan (in beginsel) de teelt van de meeste gewassen in het gebied worden voortgezet, maar dan uiteraard wel op een kleiner totaal areaal. De toekomstige inrichting ziet er op toe dat agrarische kavels vanaf de bestaande linten (en erven) goed toegankelijk blijven voor de hoofdfunctie (voor agrarische bedrijfsmiddelen, vrachtwagens en bestemmingsverkeer), terwijl parkbezoekers (te fiets, te voet en met de auto) via een alternatieve verkeersstructuur bij hun bestemming kunnen komen.

Tevens wordt binnen de plannen een aaneengesloten parklaag beoogd om te voorkomen dat er een versnippering van het areaal in vele kleine percelen optreedt. Zo worden goed bereikbare kavels van voldoende afmetingen als belangrijke voorwaarde voor een economisch rendabele voortzetting van bestaande akker- en tuinbouwteelten behouden. Tegelijkertijd zal het totaal areaal en waarschijnlijk ook de gemiddelde perceelsgrootte afnemen. Schaalvergroting binnen het plangebied als bedrijfsstrategie wordt daarmee minder interessant. Een deel van de huidige agrariërs binnen PARK21 kan schaalvergroting mogelijk vormgeven buiten PARK21 door bedrijven zonder opvolging over te nemen. Bijna de helft van de akkerbouwbedrijven heeft immers gronden buiten PARK21.

5.3

Intensiveren Afgezien van de (beperkte) optie van schaalvergroting via vergroting van de bedrijfsoppervlakte, is schaalvergroting mogelijk via intensivering. PARK21 zal leiden tot een reductie in teeltgronden. De

Blad 26 van 44

Landbouwperspectieven voor PARK21 projectnummer 0417636.107 23 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer

opname en uitbreiding van andere intensieve tuinbouwteelten, zoals bloementeelt in plaats van de traditionele gemiddeld extensievere akkerbouwgewassen levert zeker kansen voor een aantal bedrijven. Hierbij kan met minder teeltgrond eenzelfde inkomen gerealiseerd worden. Mogelijke teelten zijn potplanten, bloemen, pioenrozen e.d. of een combinatie van een intensiever gewas met de meer gangbare akkerbouwproducten om minder conjunctuur gevoelig te zijn. Ook een verkleuring naar ‘het vierde gewas’ valt hieronder. Onder het vierde gewas wordt verstaan dat er gezocht wordt naar alternatieve gewassen voor het land, zoals gewassen die gebruikt kunnen worden als groene grondstoffen voor industriële producten, zoals vlas en olifantsgras. Voorwaarde voor het vierde gewas is dat het passend is in het geldende beleid. Al met al, zou de reductie in beschikbare gronden mogelijk kunnen leiden tot een intensiever gebruik van de aanwezige gronden in PARK21. Duurzame energieproductie door zonnepanelen is een bijzondere vorm van ‘het vierde gewas’. Binnen PARK21 is duurzame energieopwekking voor verschillende randen van percelen een optie. Dit gaat met name om percelen die door de aanleg van het park minder bruikbaar worden voor agrarische productie. De omvang dient kleinschalig en ondergeschikt aan andere functies te zijn.

Volgens het zonneakker beleid is er voor maximaal 20 ha zonneakkers ruimte in PARK21. Er kan ook gekeken worden naar mogelijkheden voor innovatieve teelten onder zonnepanelen. De woonpercelen kunnen ook ingezet worden voor zonne-energie door het plaatsen van zonnepanelen op daken.

5.4

Waardecreatie Het creëren van meerwaarde voor de producten biedt naast schaalvergroting of intensivering ook kansen voor de bedrijfsvoering. Het creëren van meerwaarde houdt in dat landbouwproducten niet meer onder de huidige marktcondities worden afgezet, dus niet langer als (bulk)product via de momenteel vooral benutte afzetkanalen als groothandel, verwerking, retail en dergelijke. Gezocht wordt naar het verkrijgen van een meerwaarde, dus een hogere prijs van het product. Dat kan bijvoorbeeld door de wijze van afzet te veranderen (richting speciaalzaken, restaurants en dergelijke), respectievelijk de aard van en/of de wijze van productie aan te passen (assortiment producten aanpassen aan de vraag, etc.) of een combinatie van beide. Het ontwikkelen van streekproducten door een of meer bedrijven gezamenlijk kan een voorbeeld hiervan zijn. Het Indicatief voorbeeld van ketenverkorting en waardecreatie

Samen Duurzaam Voedsel produceren Elke week verse groenten van het seizoen, lekker fruit, eitjes en (voor wie wil) heerlijk vlees en lekkere vleeswaren. En dat gewoon van je ‘eigen’ boerderij, verzorgd door je ‘eigen’ boer. Herenboeren weten dat het kan, en hoe het voelt. Als Herenboer pak je eigenlijk een stukje regie terug op zoiets belangrijks als je eigen eten; behalve lekker en gezond is dat ook leuk en leerzaam. Want van iets meer kennis van je dagelijkse eten, word je niet slechter toch? Herenboeren zijn ondernemend, want gedeeld eigenaar van hun eigen boerderij. Als huishouden investeer je eenmalig in je lidmaatschap. Verder delen de Herenboeren alle kosten die nodig zijn om hun bedrijf te laten draaien. Hoeveel precies, daarover besluiten ze samen, maar een tientje per persoon per week is een aardig richtbedrag.

Blad 27 van 44

Landbouwperspectieven voor PARK21 projectnummer 0417636.107 23 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer

aantal landbouwbedrijven dat op de boerderij producten verkoopt aan consumenten of direct levert aan horeca en detailhandel, groeide tegelijkertijd naar 7,2 duizend, bijna drie keer zoveel als vier jaar eerder (CBS, 2020). De mogelijkheid voor het realiseren van waardecreatie bij agrarische producten wordt binnen PARK21 positief beïnvloed. PARK21 zal als recreatiegebied met een gevarieerd aanbod aan leisure activiteiten een breed publiek trekken, binnen enkele jaren worden meer dan 500.000 bezoekers per jaar verwacht. Het agrarisch cluster binnen PARK21 behoort ook tot dit recreatiegebied. Een van de doelstellingen is de stad weer met het platteland verbinden. De bekendheid van mensen met het gebied en de producten uit het gebied bieden goede kansen voor ketenverkorting maar ook voor ‘belevingsevenementen’ als oogstfeesten, zaaidagen etc. De recreatieve structuur van het gebied zal bij uitstek deze kansen versterken. Dit kan een verleidend perspectief zijn waarbij het recreatieve gebied en de getransformeerde agrariërs elkaar versterken. De gemeente zal inzetten op extra planologische (verbredings)ruimte voor agrariërs die transformeren op een wijze passend bij de doelstellingen van PARK21. Een mogelijke vorm van waardecreatie binnen PARK21 is de ontwikkeling van een lijn streekproducten.

Bij streekproducten wordt vanuit de ruwe grondstoffen door een agrarische onderneming, mogelijk in kleinschalig samenwerkingsverband, een specialiteitsproduct ontwikkeld. Verschillende productcategorieën zijn: aardappelen, groente en fruit; vlees en vleesproducten; zuivel; drank en sap; broodbeleg en compotes; en smaakmakers (Venema et al., 2009). Het succes van streekproducten is afhankelijk van vier punten: De herkomst van het product moet bekend zijn. Het product moet herleidbaar zijn naar één boer of een specifieke groep boeren. Er moet een duidelijke streek aan het product gekoppeld zijn. Er moet geen sprake zijn van massaproductie. De producten moeten op meerdere plekken te koop zijn; bijv. bij de boer; bij een restaurant en bij winkels. PARK21 biedt een kans om producten welke in en rondom het gebied verbouwd/gemaakt worden te vermarkten met een herkenbaar merk (branding). De producten zijn dan herleidbaar naar de boeren in het gebied. Aanbevolen wordt om verdere inventarisatie uit te voeren naar o.a. op welke manier deze producten aangeboden kunnen worden. Actie verloopt voornamelijk op initiatief van individuele agrariërs. Gemeente kan door regelgeving (toestaan van agrarische nevenactiviteiten en verkoop van producten in het bestemmingsplan) faciliteren, maar kan ook beleidsmatig sturen (wat een politieke afweging is).

5.5

Werkzaamheden buiten het bedrijf Werkzaamheden buiten het eigen bedrijf is een bedrijfsstrategie om extra inkomen te verwerven. Door betaalde (bij)banen buiten het eigen bedrijf, kunnen agrariërs of hun partner het gezinsinkomen aanvullen. Zo kan een (kleiner) agrarisch bedrijf in stand worden gehouden, ook wanneer dit niet voldoende inkomen genereert voor het gehele gezin. Een voorbeeld van werkzaamheden buiten het eigen bedrijf is loonwerk voor derden. Bijna 10 procent van de agrarische bedrijven in Noord-Holland haalde inkomsten uit loonwerk in 2020 (CBS, 2020). Werkzaamheden buiten het bedrijf zijn uiteraard niet gebonden aan de sector, een huishouden met twee verdieners in verschillende sectoren is heel gebruikelijk. Het verwerven van inkomen buiten het landbouwbedrijf komt al vrij veel voor onder de ondernemers en hun gezinsleden in PARK21. De overgang van de huidige naar de nieuwe gebiedsinrichting houdt hiervoor geen

Blad 28 van 44

Landbouwperspectieven voor PARK21 projectnummer 0417636.107 23 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer

verandering in. De mogelijkheden om elders werkzaam te zijn, blijven na de inrichting van PARK21 in beginsel gelijk. Veel van de agrarisch ondernemers in het gebied hebben neveninkomsten buiten het eigen bedrijf. Een aantal doen aan loonwerk voor derden. De potentie voor deze werkzaamheden wordt niet beperkt door PARK21 maar biedt mogelijk versterkingskansen. De aard van de werkzaamheden buiten het eigen bedrijf kan echter wel veranderen. Loonwerk, zeker het type loonwerk dat hand in hand gaat met grootschalige akkerbouw, kan als gevolg van de afname van landbouwareaal in omvang afnemen. De inrichting als metropolitaan park levert daarentegen (neven)banen op in de toeristische sector, park- en natuurbeheer en educatie. Het past naadloos bij de doelstellingen van PARK21 wanneer agrariërs die hun bedrijfsvoering in PARK21 hebben, ook (een deel) van het natuurbeheer doen. Eerder hebben ondernemers binnen PARK21 deze kansen ook verkend. PARK21 kan deze kans bieden en het is goed om deze kansen samen met gemeente en de (toekomstige) recreatieve ondernemers in PARK21 te verkennen en te stimuleren.

5.6

Verbreding Een perspectief dat samenhangt met het voorgaande is de verbreding van de activiteiten met ‘nieuwe’ activiteiten die samen gaan met de agrarische functie, multifunctionele landbouw genaamd. Multifunctionele landbouw is een verzamelbegrip voor bedrijven die hun agrarische productie en omgeving combineren met het leveren van diensten aan de samenleving. Multifunctionele landbouw kan dus verschillende vormen aannemen: zorglandbouw; recreatie en toerisme; paardenhouderij; duurzame energie opwekking; streekproducten en kinderopvang (Venema et al., 2009). Bij deze diensten gaat het om de relatie tussen de boerderij en burgers/consumenten. Het aantal agrarische bedrijven dat door verbredingsactiviteiten een aanvullende inkomstenbron heeft, is in Nederland gestegen naar 22.000 in 2020. Dat is een toename van 60 procent vergeleken met 2016. Daarmee halen ongeveer vier op de tien boeren inkomsten uit verbreding. Vooral het aantal bedrijven dat duurzame energie produceert voor derden liet in vier jaar tijd een groei zien. Dit blijkt uit de resultaten van de Landbouwtelling van het CBS.

Blad 29 van 44

Landbouwperspectieven voor PARK21 projectnummer 0417636.107 23 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer

Figuur 5.1. Landbouwbedrijven met verbredingsactiviteiten in Noord-Holland in tijd bezien (CBS, 2020)

Huidige verbredingsactiviteiten op akkerbouwbedrijven focussen zich met name op loonwerk voor derden (18 procent); agrarisch natuur- en landschapsbeheer (11 procent); verkoop van producten aan huis (8.5 procent); energieproductie (6.1 procent)de stalling van goederen of dieren (5.8 procent) en agrotoerisme (3.1 procent). Binnen graasdierbedrijven vormen agrarisch natuur- en landschapsbeheer (23.5 procent); verkoop aan huis (9.1 procent); loonwerk voor derden (8.6 procent); energieproductie (6.7 procent); stalling van goederen en dieren (6.6 procent) en agrotoerisme (4.6 procent) veelvoorkomende bronnen van neveninkomsten.

Blad 30 van 44

Landbouwperspectieven voor PARK21 projectnummer 0417636.107 23 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer

Figuur 5.2. Soorten agrarische bedrijven en verbredingsactiviteiten

Binnen PARK21 valt op dat een groot aantal bedrijven reeds verbrede activiteiten kent (11 van de 26 is 42%, gelijk aan het Nederlands gemiddelde in 2020). Ook heeft een groot aantal bedrijven neveninkomsten buiten de eigen bedrijfsvoering. Dit kan uiteenlopen van loonwerk tot taxaties/ makelaarswerk en is divers te noemen. In totaal is bij 13 van de 26 bedrijven nevenactiviteiten waargenomen. 50% van de bedrijven heeft neveninkomsten buiten het eigen bedrijf. Bij de akkerbouwbedrijven is dit getal hoger, namelijk 58% van de bedrijven heeft neveninkomsten buiten het eigen agrarische bedrijf. Tabel 5.1. Indicatief overzicht van aanwezige bedrijven en bedrijfsactiviteiten binnen PARK21 verbrede l andbouw:

Akkerbouw Bl oemen (deel s al s gemendgd) Veeteel t (mel kkoei en) Paarden (deel s al s gemengd) overi g (veevoer)

met boerderi j bi ol ogi s ch/ aantal : i n PARK21: kri ngl oop: 19 16 2 4 4 1 1 3 3 1 1

ja 8 1 2

neven i nkoms ten: nee 11 4

ja 11

1 1

2

nee 8 4 1 1 1

PARK21 wordt een recreatief verblijfsgebied waarin mensen ontspannen in een groene omgeving. Voor sommige aspecten van multifunctionele landbouw ontstaat zo een optimaal uitgangspunt. Dicht op een grootstedelijke regio met een breed recreatief gebied als achtertuin voor de agrarische bedrijven. Een ideale basis om een gevarieerd aanbod aan verschillende

Blad 31 van 44

Landbouwperspectieven voor PARK21 projectnummer 0417636.107 23 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer

verbredingsactiviteiten te faciliteren. Voor het bieden van ruimte voor maatschappelijke behoeften (bijvoorbeeld een zorgboerderij, kinderdagverblijf of dagbesteding), het faciliteren van recreatieve behoeften (verblijfs- en dagrecreatie) en het ontwikkelen van nieuwe commerciële concepten biedt de vermenging van park, leisure en landbouw een ideale uitgangspositie. Er ontstaat een verleidend perspectief waarbij het recreatieve gebied en de getransformeerde agrariërs elkaar versterken. De gemeente zal inzetten om extra planologische verbredingsruimte te bieden aan agrariërs die transformeren binnen de doelstellingen van PARK21. Enkele mooie voorbeelden van multifunctionele landbouw zijn er nu al met de Parklandboeren, Klein Vennep, Van Zanten Evenementen, maar ook de kaaswinkel en andere aan huis verkooppunten.

5.6.1

Zorglandbouw Zorglandbouw kan verschillende doelgroepen hebben; elk met hun eigen behoeften en wensen. Een mogelijke doelgroep is jongeren met problemen thuis of gedragsproblemen. Deze groep heeft baat bij de structuur, uitdaging en prikkelloosheid van een agrarische omgeving. Een tweede doelgroep voor zorglandbouw zijn ouderen. De zorglandbouw biedt voor hen een manier om uit huis te komen; sociale contacten aan te gaan en te genieten van het buitenleven. Een derde groep is zijn deelnemers aan de psychiatrie en verslavingszorg. Bij deze groep staat het aannemen van een standaard dagritme en het aanpassen aan het normale gezinsleven centraal. De ruimte en rust op de boerderij biedt hiervoor de ruimte (Hassink, 2006). De verschillende doelgroepen passen in meer of mindere mate bij de recreatieve functie van PARK21.

5.6.2

Kinderopvang Agrarische kinderopvang is tevens een manier waarop verbreding van landbouw activiteiten kan plaatsvinden. Er is zowel zeer kleinschalige kinderopvang d.m.v. gastouderschap; als meer grootschalige kinderopvang van bedrijven welke aangesloten zijn bij de Verenigde Agrarische Kinderopvang (VAK) mogelijk. PARK21 vormt voor de verdere ontwikkeling van agrarische kinderopvang maar deels een kans. Kinderopvang is afhankelijk van mensen uit de regio; en vindt voor het grootste deel op eigen terrein plaats. Op deze factoren heeft de ontwikkeling van PARK21 geen impact. De locatie van PARK21 tussen Nieuw-Vennep en Hoofddorp biedt daarentegen wel de kans voor agrariërs om kinderopvang als verbredingsactiviteit op te zetten, omdat er genoeg potentiële gebruikers in de buurt wonen.

5.6.3

Recreatie en toerisme Binnen verbredingsactiviteiten m.b.t. recreatie en toerisme valt een tweedeling te maken tussen dagrecreatie en verblijfsrecreatie(Venema et al., 2009). (Tabel 5.2) toont een kort overzicht van verschillende mogelijkheden. In het kader van het behoud van de openheid van het polderlandschap zullen verblijfsrecreatie mogelijkheden waarvoor extra bebouwing buiten het agrarische bouwkavel gerealiseerd dient te worden afvallen. De recreatieve en toeristische functie van PARK21 biedt kansen voor agrarische bedrijven om hier verder op in te spelen.

Blad 32 van 44

Landbouwperspectieven voor PARK21 projectnummer 0417636.107 23 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer

Tabel 5.2. Vormen van dag- en verblijfsrecreatie op agrarische bedrijven (Venema et al., 2009).

Dagrecreatie Boerengolf Poldersport Kinderfeestjes Rondleidingen, workshops Educatie Restaurant, café Ontvangst- en vergaderruimten Wandelpaden over boerenland Verhuur recreatiegoederen (kano’s, roeiboten, fietsen) Paardenpensions voor vakantie Huifkartochten Verhuur van visvijvers

5.6.4

Verblijfsrecreatie (Mini)camping Bungalows, huisjes of stacaravans Bed and Breakfast Pension Holtelkamers Hooihotel Appartementen Groepsaccomodatie Trekkershutten

Ambachtelijke productieketens PARK21 biedt kansen voor de verkorting van productieketens, waarbij groothandelaren en andere tussenpersonen worden gepasseerd. Doordat de consument en de producent fysiek dicht bij elkaar worden gebracht, wordt het als het ware mogelijk om producten direct van het land te verkopen. Dit speelt verbreding met een boerenlandwinkel of verkoopstalletje in de hand. De agrariër kan via directe verkoopkanalen een hogere waarde voor zijn producten krijgen. De nabijheid van een recreatiegebied biedt daarnaast potentie door waardecreatie, zoals hiervoor in paragraaf 5.4 is beschreven. Lokale producten kunnen naast het ruwe of verse landbouwproduct ook hoogwaardige producten zijn, waarvoor lokale grondstoffen worden gebruikt. De gehele productieketen voor ambachtelijke producten kan in PARK21 een plek krijgen, zoals in zekere zin al gebeurt op de kaasmakerij aan de Rijnlanderweg. Deze ambachtelijke productieketens kunnen zich specifiek richten op het sluiten van kringlopen, waarbij ook de restproducten vanuit de parken leisurelaag een rol spelen. Het identificeren van grondstofstromen en van kansrijke ambachtelijke productieketens op basis van vraag en aanbod kan helpen om de benodigde stappen in de keten te integreren op bestaande bedrijven.

5.6.5

Paardenhouderij Verschillende bedrijfstypen kunnen onderscheiden worden binnen de paardenhouderijen. Voor recreatie en toerisme zijn de volgende bedrijfstypen van belang: Pensionstallen: het houden van paarden van derden (stalling en verzorging) Manege: instructie in het gebruik van paarden voor verschillende disciplines. Het kan gaan om paarden in eigendom van het bedrijf of derden met eigen paarden (Venema et al., 2009). In het plangebied van PARK21 bevinden zich op dit moment 3 (gedeeltelijke) paardenhouderijen (pensionstallen). De toename in toeristisch en recreatief gebruik van de regio biedt voor deze bedrijven kans om in te spelen op dagrecreatie. Verdere inventarisatie hierbinnen is nodig, maar

Blad 33 van 44

Landbouwperspectieven voor PARK21 projectnummer 0417636.107 23 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer

potentiële activiteiten kunnen o.a. de volgende punten omvatten: dagverhuur van paarden en georganiseerde buitenritten.

5.6.6

Samenvatting verbrede landbouw Om de potentie te benutten is het essentieel dat multifunctionele landbouw planologisch mogelijk is. De invulling van die voorwaarde wil gemeente concreet oppakken in overleg met de agrarische ondernemers, waarbij transformatie naar de doelstellingen van het park voorwaardelijk is. De bedrijfsvoering en daarmee het wel of niet transformeren blijft een afweging van de agrarisch ondernemer. De keuze voor een (verbredings)strategie wordt mogelijk wanneer hiervoor planologische flexibiliteit is, aanvullend kan samenhang binnen PARK21 door branding, gesloten ketens en complementaire voorzieningen het perspectief voor verbreding flink verbeteren. In PARK21 wordt via het bestemmingsplan ruimte gegeven aan multifunctionele landbouw. Dit betekent dat op het erf en de landbouwgrond een omschakeling kan plaatsvinden. Binnen de kaders en randvoorwaarden, die ook in het bestemmingsplan verankerd worden, kunnen particuliere en private initiatieven ontplooid worden. Zowel agrariërs uit het gebied als externe ondernemers kunnen daarin het voortouw nemen. Belangrijk uitgangspunt voor transformatie is en blijft dat agrariërs zelf de keuze maken of ze omschakelen. Ook gedeeltelijk of geleidelijk omschakelen van een agrarisch bedrijf is mogelijk.

Blad 34 van 44

Landbouwperspectieven voor PARK21 projectnummer 0417636.107 23 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer

6

Conclusies en aanbevelingen Door de aanleg van de park- en leisurelaag van PARK21 verandert de context van de agrarische bedrijven die in de polderlaag actief blijven. De gemeente ziet graag dat zij middels hun bedrijfsstrategie meebewegen, om de recreatieve functie van de parklaag te versterken en zo tot één samenhangend PARK21 te komen. Dit vraagt flexibiliteit en ondernemersdrift van de zittende agrariërs, waarbij de gemeente ze wil faciliteren in het verlengde van de ontwikkeling van PARK21, door o.a. te ondersteunen met planologische mogelijkheden. Gezamenlijk zullen de agrariërs en de gemeente de landbouwperspectieven verder moeten verkennen en deze op de juiste manier omarmen, zowel planologisch en beleidsmatig. Uit dit rapport kunnen verschillende aanbevelingen gedestilleerd worden. Deze worden onderverdeeld in de twee focuspunten van het rapport: de transitie naar duurzame landbouwstrategieën en het perspectief voor verschillende bedrijfsstrategieën.

6.1

Aanbevelingen duurzame landbouw Dit rapport richt zich op twee mogelijke vormen van duurzame landbouw: biologische en kringlooplandbouw. Biologische landbouw is een agrarische productie welke geen gebruik maakt van zowel kunstmest als chemische gewasbeschermingsmiddelen. Er bestaan verschillende belemmeringen voor deze vorm van landbouw, o.a. een inkomensdaling gedurende de omschakelperiode; een onzekere afzetmarkt en hoge desinvesteringen. Voor de transitie naar biologische landbouwvormen is het aan te bevelen om, ten eerste, te zoeken naar mogelijkheden om via aanpassing van het pachtbeleid binnen de gemeente duurzame landbouwvormen te stimuleren. Specifiek kan worden onderzocht of het mogelijk is om gronden voor langere periodes uit te geven voor pacht. Dit is een keuze welke deel is van een politiek besluitvormingsproces. De gemeente kan daarbij gebruiksvoorwaarden vastleggen welke duurzaam (bodem)beheer stimuleren. Gedacht kan worden aan een certificeringssysteem voor bodems waarbij de bodem dezelfde score aan het begin als aan het eind van de pachtperiode moet hebben. Ten tweede kan de gemeente onderzoeken of er mogelijkheden zijn om boeren op pachtgronden tegemoet te komen wanneer zij willen omschakelen naar biologische landbouw.

Deze aanbevelingen zijn niet binnen PARK21 toe te passen, maar vragen om de ontwikkeling van nieuwe beleidskaders voor de gehele gemeente en de toepassing daarvan in samenwerking met lokale grondeigenaren en ondernemers. Kringlooplandbouw focust op kringlopen van energie, nutriënten, maar streeft ook naar een landbouwsysteem dat financieel rendabel is voor agrariërs. Op dit moment vormen de perceptie van kringlooplandbouw; beleidskaders en verschillende financiële en praktische aspecten belemmeringen voor de implementatie van kringlopen. Lokale kringlopen zijn makkelijker te sluiten dan kringlopen op hogere niveaus. Korte ketenverkoop biedt een kans om lokale kringlopen te creëren. Aanbevolen wordt om mogelijkheden voor verkoop van lokale producten verder te verkennen. De gemeente wordt, in samenwerking met bijvoorbeeld de LTO, aanbevolen om het concept voor kringlooplandbouw in PARK21 verder uit werken door de reststromen en mogelijkheden voor hergebruik in het plangebied en daarbuiten in kaart te brengen. Hierbij kan specifiek gedacht worden aan het verbinden van akkerbouw en melkveebedrijven in de regio. Voor het implementeren van kringlooplandbouw is het benodigd dat faciliteiten voor het omzetten van reststromen in bruikbare vormen uitgedacht worden.

De gemeente wordt daarnaast aanbevolen om de risico’s van verschillende kringlopen (zoals van organisch afval) uit te werken; en manieren

Blad 35 van 44

Landbouwperspectieven voor PARK21 projectnummer 0417636.107 23 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer

in kaart te brengen om deze risico’s weg te nemen. Naast het verder uitwerken van (het gebruik van) de reststromen wordt ook aanbevolen om de impact van de ontwikkeling van de park- en leisurelaag op de consumptie van agrarische producten uit PARK21 in kaart te brengen. Tabel 6.1. Duurzame landbouw aanbevelingen

Landbouwstrategie

Ontwikkeling

Duurzame landbouw (o.a. biologische landbouw; kringlooplandbouw)

Langer pachttermijn stimuleert duurzamere landbouwvormen Regels omtrent pacht

Kringlooplandbouw

Ketenverkorting

Inventarisatie van (hergebruikmogelijkheden van) reststromen Hergebruik reststromen

Regelen kwaliteit van reststromen

6.2

Gewenste rol gemeente Pachtgronden voor een langere periode uitgeven Duurzaam bodemgebruik als gebruiksvoorwaarde vastleggen Inventarisatie verkooppunten lokale producten Inventarisatie reststromen Ontwikkelen faciliteiten om reststromen in bruikbare vormen om te zetten Uitwerken van risico’s en manieren in kaart brengen om deze weg te werken

Mogelijke verdere actoren Agrariërs, LTO, grondeigenaren Grondeigenaren, andere overheden Lokale ondernemers in horeca en detailhandel Lokale ondernemers in de breedte Commerciële initiatiefnemers

N.n.b.

Aanbevelingen bedrijfsstrategieën Dit rapport richt zich op de verschillende bedrijfsstrategieën welke agrariërs in het plangebied kunnen hanteren: (vervroegd) beëindigen; schaalvergroting; intensiveren; waardecreatie; werkzaamheden buiten bedrijf of verbreden. Schaalvergroting is nu de meest gehanteerde strategie, maar zal door de afname van landbouwareaal in het gebied minder aantrekkelijk worden. Daar staat tegenover dat voor de overige strategieën extra perspectief wordt geboden door een combinatie van de verruiming van planologische mogelijkheden voor agrarische bedrijven en de geleidelijke transformatie naar een metropolitaan park met vermenging van park, landbouw en leisure. Het (vervroegd) beëindigen van bedrijven wordt als strategie interessanter, doordat zich naast de bestaande potentiële kopers ook initiatiefnemers kunnen melden die in de leisurelaag van PARK21 willen ontwikkelen. Dit zal leiden tot een reductie van het totale landbouwareaal en mogelijk tot een kleinere gemiddelde perceelsoppervlakte. Dit is de voornaamste reden dat het perspectief

Blad 36 van 44

Landbouwperspectieven voor PARK21 projectnummer 0417636.107 23 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer

voor de bedrijfsstrategie schaalvergroting binnen PARK21 wordt beperkt. Buiten het plangebied blijft schaalvergroting als strategie mogelijk. Intensivering van het gebruik van landbouwgronden, waarbij nieuwe teelten worden geïntroduceerd, blijft als strategie beschikbaar. Niet alleen nieuwe gewassen voor de voedselproductie zijn mogelijk, ook productie van grondstoffen voor de industrie en de productie van energie op een gedeelte van de grond bieden extra perspectief. De strategie van waardecreatie zal door de transformatie van PARK21 sterk in aantrekkelijkheid winnen. De toename van het recreatief gebruik met meer dan 500.000 bezoekers per jaar, biedt kansen om landbouwproducten buiten de bestaande marktcondities te verkopen en zodoende een hoger aandeel van de toegevoegde waarde richting het agrarisch bedrijf te laten stromen. Zeker wanneer de transformatie verder gevorderd is, kan in (en rond) PARK21 een lokale landbouweconomie ontstaan rondom streekproducten en nicheproducten, die via horeca en detailhandel aan recreanten worden verkocht. De werkgelegenheid die wordt gecreëerd door de aanleg van een metropolitaan park, bijvoorbeeld in het beheer van de parklaag, maatschappelijk werk, dagrecreatie en verblijfsrecreatie, biedt kansen voor agrariërs en hun gezinsleden om werkzaamheden buiten het bedrijf uit te voeren en zo een extra inkomensstroom op gang te brengen.

Deels zal de nieuwe werkgelegenheid ook binnen de agrarische bedrijven worden gerealiseerd, doordat bedrijven kunnen verbreden met zorglandbouw, kinderopvang en recreatie. Verbreding van agrarische bedrijven is ook buiten de dienstensector mogelijk, doordat meer stappen in ambachtelijke productieketens binnen het bedrijf worden uitgevoerd. Kringlooplandbouw en biologische landbouw hebben een belangrijke rol in het perspectief voor de landbouw in PARK21. De omschakeling naar deze vormen van landbouw en waardecreatie zijn van elkaar afhankelijk. Een lokale markt voor streekproducten, biologische producten en ambachtelijke producten kan het vehikel zijn voor zowel de transformatie van de landbouwsector in PARK21 als geheel, als voor de verbreding en/of omschakeling van individuele bedrijven. In aanvulling daarop is de verbreding van het agrarisch bedrijf met nevenactiviteiten in een breed scala aan sectoren een kansrijk perspectief als alternatief voor schaalvergroting. De gemeente wil het verbreden van en waardecreatie binnen de landbouw faciliteren om agrariërs te verleiden in te zetten op deze bedrijfsstrategieën. Door (beleids)maatregelen te treffen kan het perspectief voor de landbouwsector in PARK21 meebewegen met de gewenste transformatie van het plangebied, inclusief de polderlaag.

De volgende aanbevelingen worden voor de verdere ontwikkeling van verbrede landbouw en waardecreatie gedaan: • Verruimen van de landbouwbestemming in het bestemmingsplan om meer vormen van landbouw (multifunctionele landbouw) toe te staan op agrarische gronden en verbredingsmogelijkheden te bieden. • De juridische definitie van de agrarische bestemming t.b.v. verbredingsactiviteiten aanpassen, aangezien dit op dit moment als belemmerend wordt ervaren door agrariërs in de gemeente Haarlemmermeer. • In kaart brengen welke boeren welke bedrijfsstrategie willen inzetten en welke verbrede activiteit mogelijk verder zouden willen ontwikkelen. Op deze manier kan ervoor gezorgd worden dat een divers aanbod aan verbredende activiteiten wordt aangeboden.

Blad 37 van 44

Landbouwperspectieven voor PARK21 projectnummer 0417636.107 23 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer

•

•

•

PARK21 vormt een uitgelezen kans voor op den duur de ontwikkeling van een streekproductenlijn en lokale gesloten productieketens. Wanneer dit wordt opgepakt door de gemeente i.s.m. geïnteresseerde agrariërs dient ook specifiek aandacht te zijn voor mogelijke verkooppunten van deze producten. De gemeente kan hier ook als aanjager van het initiatief fungeren. Een gezamenlijke inzet van de agrariërs is voor dit perspectief wenselijker dan de overstap van individuen. In Nederland bestaan reeds voorbeelden van agrariërs die zich in gezamenlijkheid aansluiten bij een initiatief om lokale producten op de markt te brengen. Het oppakken van (een deel van) het park- en natuurbeheer van PARK21 vormt een specifieke kans voor nieuwe inkomensstromen voor agrariërs. De gemeente kan dit in samenwerking met geïnteresseerde agrariërs en parkmanagement verder verkennen binnen de kaders die gelden voor overheden. Duurzame energieopwekking kan voor agrariërs een aanvulling op de reeds bestaande agrarische activiteiten zijn

In de onderstaande tabel is op basis van het voorgaande een overzicht gegeven van de bedrijfsstrategieën en hoe deze binnen PARK21 passen. De agrariërs, zowel individueel als gezamenlijk via de LTO en andere belangenorganisaties, zijn hierin vanzelfsprekend de belangrijkste actoren, mede omdat de transformatie zich op basis van vrijwilligheid zal plaatsvinden. Desalniettemin kunnen deze aanbevelingen door de gemeente en andere actoren gebruikt worden om synergie te ontwikkelen en agrariërs te verleiden te transformeren. Tabel 6.2. Bedrijfsstrategieën aanbevelingen

Bedrijfsstrategie

Kans binnen PARK21 (Vervroegd) beëindigen Beëindigen bedrijf Kansrijk, ruimte benodigd voor parken leisurelaag Voortzetting of Kansrijk, stimuleren overname bedrijf kringlooplandbouw/ biologische landbouw Schaalvergroting Uitbreiding van Kansen bedrijfsareaal verminderen, doordat er minder ruimte beschikbaar is Intensiveren Nieuwe teelten Intensivering van teelt/nieuwe teelten om reductie van teeltgronden te compenseren

Gewenste rol gemeente

Mogelijke actoren

Inventarisatie ‘status’ agrarische bedrijven m.b.t. opvolging Stimuleren

Initiatiefnemers in de leisurelaag

-

Grondeigenaren

Kader bieden voor inpasbaarheid van teelten

-

Blad 38 van 44

Nieuwe agrarische ondernemers en bewegingen

Landbouwperspectieven voor PARK21 projectnummer 0417636.107 23 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer

Bedrijfsstrategie Duurzame energie

Vierde gewas

Waardecreatie Lokale verkoop

Streekproductenlijn opzetten

Productieketens verkorten en lokaal sluiten

Organisatie belevingsevenementen

Kans binnen PARK21 Kleinschalige duurzame energie opwekking mogelijk

Gewenste rol gemeente Faciliteren waar dit past binnen gemeentelijk beleid

Nieuwe teelten om reductie van teeltgronden te compenseren

Inventarisatie of het vierde gewas passend is binnen beleid

Kansrijk, meer recreanten en toeristen in het gebied Kansrijk, meer recreanten en toeristen in het gebied

Toestaan van agrarische nevenactiviteiten in het bestemmingsplan Inventarisatie verkooppunten/ branding

Bestaande en nieuwe ondernemers in horeca en detailhandel Ondernemers in de regio

Verkooppunten juridisch-planologisch mogelijk maken

-

Faciliteren van ontmoeting en identificeren van kansen voor lokale ketens Toestaan van agrarische nevenactiviteiten in het bestemmingsplan

Lokale ondernemers en ambachtslieden

Verkennen mogelijkheden samen met agrariërs

LTO, parkmanagement

-

Lokale ondernemers

Kansrijk, potentie voor een nieuwe lokale landbouweconomie

Kansrijk, meer recreanten en toeristen in het gebied Werkzaamheden buiten het bedrijf Park- en Kansrijk door natuurbeheer door behoefte aan agrarische beheer ondernemers Werkgelegenheid in Kansrijk, door de leisurelaag toename bedrijvigheid Loonwerk in de Kansen polderlaag verminderen, doordat er minder grond in agrarisch gebruik is Verbreding

-

Blad 39 van 44

Mogelijke actoren Lokale partijen (draagvlak), grondeigenaren, netbeheerder,energiecoöperaties, -

-

Landbouwperspectieven voor PARK21 projectnummer 0417636.107 23 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer

Bedrijfsstrategie Zorglandbouw

Recreatie en toerisme

Kansrijk, meer recreanten en toeristen in het gebied

Paardenhouderij

Kans voor aanwezige paardenhouderijen Kansen niet versterkt door PARK21, maar de locatie van PARK21 maakt dit een aantrekkelijke verbredingsactiviteit

Kinderopvang

6.3

Kans binnen PARK21 Kansen zijn doelgroep afhankelijk

Gewenste rol gemeente Verruimen van landbouw bestemming om meer vormen van landbouw (multifunctionele landbouw) toe te staan Juridische definitie van de agrarische bestemming t.b.v. verbredingsactiviteiten aanpassen Inventarisatie van verbredingsactiviteiten en -wensen in PARK21

Mogelijke actoren Maatschappelijke instellingen, gezondheidszorg

Initiatiefnemers in de leisurelaag

LTO

Vrijwilligheid en perspectief In hoofdstuk 5 werd reeds geconstateerd dat omschakelen naar andere vormen van landbouw op vrijwillige basis gaat. Dat is een belangrijke voorwaarde voor het perspectief van agrariërs. De vrijwilligheid betekent namelijk dat er, naast een goed concept, ook een verdienmodel gerealiseerd moet worden. Een goed businessmodel is niet altijd evident. Bij het verleiden om bijvoorbeeld niet mee te gaan in schaalvergroting moeten vooral de andere alternatieven (financieel, juridisch etc.) aantrekkelijker worden. Een andere manier om omschakeling aantrekkelijk te maken is de verankering van omschakelingsmogelijkheden in het bestemmingsplan. De vigerende bestemmingsplannen zijn conserverend. Dat wil zeggen dat ze gericht zijn op handhaving van de huidige agrarische bestemmingen met daarbij horende milieuhinder. Verbreding naar bijvoorbeeld kinderopvang (paragraaf 5.6) verhoudt zich niet noodzakelijk goed tot die milieuhinder. Dat vraagt ook om keuzes in het bestemmingsplan: wat wil je onder welke voorwaarden mogelijk maken? Vanuit landbouwperspectief is het voor omschakeling ook nodig dat de gemeente de flexibiliteit biedt om de overstap werkelijk te maken. In het koerszettend beleidsinstrument van de gemeente (“Agrarische sector in perspectief”) hebben agrariërs reeds aangegeven dat zij de juridische definitie van de agrarische bestemming t.b.v.

verbredingsactiviteiten graag aangepast zouden willen hebben. Dit kan hen helpen om over te stappen (en daardoor juist niet in te zetten op de vanuit milieuperspectief minder wenselijke perspectieven als schaalvergroting).

Blad 40 van 44

Landbouwperspectieven voor PARK21 projectnummer 0417636.107 23 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer

Bronnen ABN AMRO. (2018). Zicht op later. https://insights.abnamro.nl/2018/07/zicht-op-later/

Geraadpleegd

op

16-2-2021

via

Agricola, H.J., Hoefs, R. M. A., van Doorn, A. M., Smidt, R. A., van Os, J. (2010). Landschappelijke effecten van ontwikkelingen in de landbouw. Geraadpleegd op 24-2-2021 via https://www.researchgate.net/profile/HermanAgricola/publication/254842588_Landschappelijke_effecten_van_ontwikkelingen_in_de_landbo uw/links/555cff6208ae9963a11210cd/Landschappelijke-effecten-van-ontwikkelingen-in-delandbouw.pdf Buijsman, E., Cassee, F. R., Fischer, P. H., Hoogerbrugge, R., Maas, R.J M., van der Swaluw E., van Zanten, M. C., (2013). Fijn Stof: effecten. Geraadpleegd op 24-2-2021 via https://www.rivm.nl/documenten/effecten CBS. (2021-a). Geen bedrijfsopvolger voor meer dan 16 duizend boerderijen. Geraadpleegd op 192-2021 via https://www.cbs.nl/nl-nl/nieuws/2021/02/geen-bedrijfsopvolger-voor-meer-dan-16duizend-boerderijen CBS. (2021-b). Landbouw haalt 1,5 miljard euro omzet uit korteketenverkoop. Geraadpleegd op 15-2-2021 via https://www.cbs.nl/nl-nl/nieuws/2021/06/landbouw-haalt-1-5-miljard-euroomzet-uit-korteketenverkoop

CBS. (2020). Boeren vinden steeds vaker aanvullende inkomstenbron. Geraadpleegd op 16-2-2021 via https://www.cbs.nl/nl-nl/nieuws/2020/50/boeren-vinden-steeds-vaker-aanvullendeinkomstenbron De Boer, H. C., Dolman, M. A., Gerritsen, A. L., Kros, J., Sonneveld, M. P. W., Stuiver, M., Termeer, C.J.A.M., Vellinga, Th. V., de Vries, W., & Bouma, J. (2012). Effecten van kringlooplandbouw op ecosysteemdiensten en milieukwaliteit: een integrale analyse van People, Planet & Profit, effecten op gebiedsniveau, en de potentie voor zelfsturing, met de Noardlike Fryske Wâlden als inspirerend voorbeeld. Wageningen UR. De Bont, K., Dijkxhoorn, Y., Venema, G., Vogelzang, T., Wisman, A. (2011). Landbouw in PARK21: analyse van de effecten voor de landbouw van de inrichting PARK21 in de Haarlemmermeer. Wageningen UR. Geraadpleegd op 16-2-2021 via https://edepot.wur.nl/168205 Gemeente Haarlemmermeer. (2019). Verkenning agrarische ontwikkeling Grashof-Bokdam, C., Pleijte, M., Potters, J., Vijn, M. (2018). Prikkels voor duurzaam bodembeheer in de Nederlandse landbouw. Geraadpleegd op 19-1-2021 via https://edepot.wur.nl/464319 Grontmij. (2011). Agrarisch structuuronderzoek Haarlemmermeer

Blad 41 van 44

Landbouwperspectieven voor PARK21 projectnummer 0417636.107 23 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer

Hassink. (2006). Meerwaarde: landbouw en zorg. Geraadpleegd op 22-2-2021 via https://edepot.wur.nl/16473 Hees, E. M., Otto, A. A. C., & Van der Schans, F. C. (2009). Van top-down naar bodem-up: review van kringlooplandbouw in de melkveehouderij. CLM Onderzoek en Advies. Holster, H. C., van Opheusden, M., Gerritsen, A. L., Kieft, H., Kros, H., Plomp, M., Verhoeven, F., de Vries, W. van Essen, E., Sonneveld, M. & Venekamp, A. (2014). Kringlooplandbouw in NoordNederland: van marge naar mainstream. Wageningen UR. Huijgen, J. (2006). Rapport veelzijdig platteland. WUR/LTO/DHV. Geraadpleegd op 16-2-201 via https://edepot.wur.nl/116950 IFOAM. (2008). Definition of Organic Agriculture. Geraadpleegd op https://www.ifoam.bio/why-organic/organic-landmarks/definition-organic

30-3-2021 via

IFOAM. (n.d.). Principles of organic culture. Geraadpleegd op https://www.ifoam.bio/sites/default/files/2020-03/poa_english_web.pdf

12-2-2021

via

Jukema, G., Ramaekers, P., Berkhout, P. (2020). De Nederlandse agrarische sector in internationaal verband. Wageningen Economic Research en Centraal Bureau voor de Statistiek LNV. (2018). Landbouw, natuur en voedsel: waardevol en verbonden. Geraadpleegd op 16-2-2021 via https://www.rijksoverheid.nl/documenten/beleidsnota-s/2018/09/08/visie-landbouw-natuuren-voedsel-waardevol-en-verbonden Maij, H., Baarsma, B. Koen, C., van Dijk, G., van Trijp, H., Volberda, H., Vermeulen, M., Tijssens, R., Thus, S. (2019). Goed boeren kunnen boeren niet alleen. Geraadpleegd op 25-2-2021 via https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2019/10/07/goed-boeren-kunnen-boerenniet-alleen_rapport-van-de-taskforce-verdienvermogen-kringlooplandbouw Meeusen, M. J. G. (n.d.). Kansen en belemmeringen voor omschakeling naar de biologische sector. Geraadpleegd op 15-2-2021 via https://edepot.wur.nl/364588 Montforts, M. H. M. M., Bodarm C. W. M., Smit, C. E., Wezenbeek, J. M., Rietveld, A. G. (2019). Bestrijdingsmiddelen en omwonenden. Geraadpleegd op 24-2-2021 via https://www.rivm.nl/bibliotheek/rapporten/2019-0052.pdf Motivation. (2020.). De beleving van de transitie naar kringlooplandbouw.

Geraadpleegd op 16-22021 via https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2020/08/26/de-beleving-van-detransitie-naar-kringlooplandbouw-rapport-communicatieonderzoek-1-meting Open Netwerk Voedsel Innovatie Zuid-Holland. (2020). FeedBackFarm: insecten doen de kringlooplandbouw. Geraadpleegd op 11-2-2021 via https://www.voedselfamilies.nl/2020/03/10/feedbackfarm-insecten-doen-dekringlooplandbouw/

Blad 42 van 44

Landbouwperspectieven voor PARK21 projectnummer 0417636.107 23 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer

Polman, N., Linderhof, V., Michels, R. van der Sandt, K., Vogelzang, Th. (2012). Landbouw in een veranderende delta. Geraadpleegd op 24-2-2021 via https://edepot.wur.nl/247475 Provincie Noord-Holland. (2020). Voedselvisie 2020-2030. Geraadpleegd op 16-2-2021 via https://www.noordholland.nl/Actueel/Archief/2020/December_2020/Samen_voor_duurzaam_voedsel/Voedselvisie _2020_2030 Rabobank. (2020). Biologische landbouw. Geraadpleegd op 15-2-2021 https://www.rabobank.nl/bedrijven/cijfers-en-trends/akkerbouw/biologische-landbouw/

via

Radersma. (2010). Brede inventarisatie milieu-effecten van veehouderij en landbouw. Geraadpleegd op 18-2-2021 via https://edepot.wur.nl/161162 Reindsen, H. (2020). Akkerbouwgewassen zuchten onder extreme hitte. Geraadpleegd op 16-22021 via https://www.nieuweoogst.nl/nieuws/2020/08/15/akkerbouwgewassen-zuchten-onderextreme-hitte Rijksoverheid. (n.d.) Wat is een korte keten? Geraadpleegd op 15-2-2021 via https://www.platformkringlooplandbouw.nl/initiatieven-en-inspiratie/korte-ketens/vraag-enantwoord/wat-is-een-korte-keten Sanders, M. E., Westerink, J., Migchels, G., Korevaar, H., Geerts, R. H. E. M., Bloem, J., Van Alebeek, F., Schotman, A., Melman, D., Plomp, M., Muskens, G. & van Och, R. A. F. (2015). Op weg naar een natuurinclusieve duurzame landbouw. Alterra, Wageningen-UR. Scholten, M. C. T., Bianchi, F. J. J. A., de Boer, I. J. M., Conijn, J. G., Dijkstra, J., van Doorn, A. M., van den Ende, E., Fresco, L., Jongschaap, R., van Kernebeek, H., Lesschen, J. P., de Olde, E., Schulte, R., Termeer, K. van der Vorst, J., de Vos, B. & Woltjer, G. B. (2018). Technische Briefing Kringlooplandbouw; Notitie opgesteld op verzoek van de Tweede Kamer Commissie LNV: Wat mogen we verwachten van een circulaire voedselproductie gebaseerd op een kringlooplandbouw, in het perspectief van klimaat-en biodiversiteitdoelen?. Wageningen University and Research. SKAL. (n.d.).

Hoe duidt u uw producten aan tijdens de omschakeling? Geraadpleegd op 12-2-2021 via https://www.skal.nl/certificeren/teelt-van-gewassen/omschakelen/hoe-duidt-u-uwproducten-aan-tijdens-de-omschakeling Van der Schans, F. & van Beek, J. (2020) Natuurinclusieve landbouw hinderende wet- en regelgeving. Geraadpleegd op 25-2-2020 via https://www.clm.nl/uploads/pdf/1019-CLMrapportNatuurinclusieve_landbouw_hinderende_wet_regelgeving.pdf van Galen, M., Baltussen, W., Gardebroek, K., Herceglić, N., Hoste, R., Ihle, R., ... & Stokkers, R. (2020). Agro-Nutri Monitor 2020: Monitor prijsvorming voedingsmiddelen en analyse belemmeringen voor verduurzaming (No. 2020-014). Wageningen Economic Research. Geraadpleegd op 25-2-2021 via https://www.acm.nl/sites/default/files/documents/202010/agro-nutri-monitor-2020.pdf van Steenbergen, J. (2019). Zoönosen, voorkomen in Nederland en dreiging voor de toekomst. Bijblijven, 35(10), 7-25.

Blad 43 van 44

Landbouwperspectieven voor PARK21 projectnummer 0417636.107 23 april 2021 Gemeente Haarlemmermeer

Venema, G., Doorneweert, B., Oltmer, K., Dolman, M., Breukers, A., van Staalduinen, L., Roest, A., Dekking, A. (2009). Wat noemen we verbrede landbouw? Verkenning van definities en informatiebehoeften. Geraadpleegd op 22-2-2021 via https://edepot.wur.nl/4048 Wageningen UR . (2020). Landbouwbedrijven hebben steeds meer bronnen van inkomsten. Geraadpleegd op 16-2-2021 via https://www.wur.nl/nl/nieuws/Landbouwbedrijven-hebbensteeds-meer-bronnen-van-inkomsten.htm Wageningen UR. (n.d.). Landbouw en klimaatverandering. Geraadpleegd op 16-2-2021 via https://edepot.wur.nl/133557

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Haarlemmermeer&id=bf3f2a04-8fa5-43e0-aee2-e48bc44a8985