CConstaterende datHaarlemmermeer
Koppel je AI →
Document · PDF

2021.0000018 Ontwerpprogramma Circulaire Economie 2020-2025 MRA.pdf

Raadsplein: Agenda en raadsstukken 11 februari 2021, gemeente HaarlemmermeerBij agendapunt: Raadsvoorstellen en nota's22.731 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

3.4

Wat gaan we bereiken op de ondersteunende activiteiten?

Naast deze drie strategieën zet het MRA-programma Circulaire Economie ook in op ondersteunende activiteiten om de gestelde doelen te bereiken. Deze staan ten dienste van de drie hiervoor genoemde strategische keuzes. Het gaat om de volgende ondersteunende activiteiten voor 2020-2025:

3.4.1

Competenties en skills voor de circulaire economie

Naarmate er meer activiteiten in de circulaire economie ontstaan, is er zowel behoefte aan hiervoor opgeleide werknemers, maar ook inbedding van circulair skills en competenties op alle denk- en ontwikkelniveaus: vanaf primair onderwijs tot aan op de werkvloer. Het belangrijkste is dat hiervoor een Human Capital Agenda ontwikkeld wordt. 12

november 2020

3.4.2 De monitor circulaire economie Opzetten en uitvoeren van twee MRA-brede monitors via een standaardmodel met landelijke afstemming: de monitor Duurzaamheid en de monitor Circulaire Economie. Ook monitoren van de jaarlijkse voortgang van circulair inkopen en opdrachtgeven.

3.4.3

Het platform belemmerende wet- en regelgeving

Wegnemen van belemmerende wet –en regelgeving voor circulaire bedrijfsvoering en bepleiten van wet- en regelgeving die de transitie versneld, waardoor ondernemers geholpen worden. Ook delen van kennis over uitvoering van VTH taken bij Omgevingsdiensten, zodat ondernemers met een eenduidige toepassing tegemoet worden getreden. Tot slot: op een rij zetten van concrete voorbeelden van benodigde (verandering in) wet- en regelgeving om circulaire economie te versnellen en vertalen naar lobbytrajecten.

3.4.4 Public Affairs Opstellen van een lobbyagenda samen met de Amsterdam Economic Board, gemeente Amsterdam, provincies Noord Holland en Flevoland, VNG, IPO en andere partijen rond gewenste wet- en regelgeving, om circulaire economie te versnellen. Profileren van MRA als koploper op het gebied van circulaire inkoop en textiel, landelijk en internationaal.

3.4.5

Communicatie

Positioneren van MRA als duurzame regio met concrete iconen en positieve resultaten voor de verschillende doelgroepen bij overheden en relevante partners, maar ook op bijeenkomsten en congressen de resultaten die de MRA bereikt delen.

3.4.6 Inzet op financiering van verduurzaming De verduurzamingsambities stuiten nog vaak op een gebrek aan financiële middelen. Het binnenhalen van Rijks- of Europese subsidies dan wel de inzet van diverse fondsen die beschikbaar zijn (zoals PNDH, Innovatiefonds, MIT, GONH en PIM) maar ook Invest MRA en ander financieel instrumentarium (garantstelling of participatie), kunnen een belangrijke impuls opleveren deze ambities te helpen realiseren.

3.5

Samenhang met MRA-Agenda 2.0

In 2020 is de MRA-agenda 2.0 gepubliceerd. Het MRA-programma Circulaire Economie hangt op verschillende vlakken samen met de MRA-agenda en levert de bouwstenen op voor de uitvoeringslijnen van hiervan: -

13

Alle inhoudelijke strategieën vormen onderdeel van uitvoeringslijn 1.4. Human Capital Agenda vormt een bouwsteen voor uitvoeringslijn 1.3. Circulaire gebiedsontwikkeling levert bouwstenen en draagt bij aan de uitvoeringslijnen 2.1, 2.2, 2.3, 2.4 en 3.3. Samen met de programma’s Energietransitie en Klimaatbestendigheid wordt een gezamenlijke inzet gepleegd op de monitor, platform wet- en regelgeving, Public Affairs en Communicatie en vormen onderdeel van de uitvoeringslijn 1.4.

november 2020 Uitvoeringslijn MRAagenda

Inzet vanuit de programma’s Circulaire Economie, Energietransitie en Klimaatadaptie

Rol

Andere partijen

1.3 Human Capital

Opstellen en uitrollen van HCA Klimaatopgave

Initiërend en (mede)trekkend voor een onderdeel

House of Skills, beide provincies, AmecBoard, platform Economie

1.4 Circulaire economie, energietransitie en klimaatbestendigheid

Herijken en verbinden van ‘eigen’ programma’s

In de lead

Huidige partners van lopende programma’s, zoals Provincies, netbeheerders, Rijk, waterschappen

1.5 Energieinfrastructuur en data-infrastructuur

Opstellen en uitwerken datacenter strategie; inzet op toekomstbestendige energieinfrastructuur

Ondersteunend en input leverend

Provincies, netbeheerders, Rijk,

2.1 Verstedelijkingsstrategie

Input vanuit duurzaamheidsperspectief voor koers voor ruimtelijke ontwikkeling in de MRA (zie ook 1.5)

Ondersteunend en input leverend

Partners in verstedelijkingsstrategie

2.2 Wonen

In min. 3 MRA-wijken zorgen voor integrale aanpak (incl. verduurzaming) van sociaalfysieke wijkvernieuwing

Ondersteunend en input leverend

MRA-programma Bouwen en Wonen

2.4 Transitie leefomgeving

Aanjagen van de transitieopgaven in de gebouwde omgeving en het landschap; toekomstbestendige nieuwbouw en gebiedsontwikkeling; verduurzaming bestaande gebouwen en werklocaties

Medevormgever samen met MRAprogramma Bouwen en Wonen

MRA-programma Bouwen en Wonen

3.3 Duurzame en innovatieve mobiliteit

Inzet op verduurzaming mobiliteit

Ondersteunend en input leverend

Vervoerregio, Platform Mobiliteit, Amec Board

14

november 2020

4 Programmaorganisatie De MRA is een samenwerkingsorganisatie die gedragen wordt vanuit de MRA-partijen zelf (zie bijlage 1, organogram). Vanuit het convenant dat aan de MRA-organisatie ten grondslag ligt is er een klein en slagvaardig MRA-bureau dat basistaken uitvoert via programmamanagement, secretariële ondersteuning en de begeleiding van de ambtelijke en bestuurlijke platforms.

4.1

Kernteam

Vanuit deze MRA-organisatie is ook voor het programma Circulaire Economie een klein programmateam opgezet. Dit is het zogenaamde kernteam dat bestaat uit de programmamanager, een programma-adviseur (medewerker), een grondstoffenregisseur, een regisseur circulaire inkoop en een regisseur circulaire gebiedsontwikkeling. Dit kernteam is de trekker van de drie inhoudelijke strategieën en de ondersteunende lijnen ‘public affairs’ en communicatie. Actieve participatie vanuit de deelnemende overheden is nodig om de gezamenlijke doelen en activiteiten uit te werken en te realiseren. Dit gebeurt via diverse werkgroepen, platforms en communities of practise per inhoudelijke strategie en ondersteunende lijnen (zie bijlage 1 Organogram). Het kernteam draagt zorg voor de dagelijkse voortgang van dit programma en de voorbereiding van organisatorische keuzes en de bestuurlijk te nemen besluiten. Het kernteam is ook direct aanspreekpunt voor de wethouders Duurzaamheid van de gemeenten Haarlem en Almere, die voor dit programma als bestuurlijk trekkers optreden. Deze functies in het kernteam worden deels gedekt uit het MRA-bureau en de werkbegroting MRAprogramma Circulaire Economie, en deels door inzet om niet.

4.1.1

Borging samenhang

Het is de taak van de trekkers om de samenhang te borgen tussen de tussen de drie inhoudelijke strategieën en ondersteunde activiteiten, en daarnaast om te zorgen voor onderlinge uitwisseling van aanpak, acties en resultaten. Actieve participatie vanuit deelnemende overheden via de betrokken werkgroepen, platforms en communities of practise is nodig om bij te dragen aan deze samenhang.

4.2

Ambtelijk overleg MRA Circulaire Economie

In het ambtelijk overleg MRA Circulaire Economie worden voortgang, afstemming en bestuurlijk te nemen besluiten voorgelegd ter finale afronding. De ambtenaren in dit overleg vertegenwoordigen hun deelregio en zijn voor de daarin opererende gemeenten coördinerend en afstemmend voor het programma Circulaire Economie. In dit ambtelijk overleg, dat zes keer per jaar bij elkaar komt, worden inhoudelijke keuzes voorgelegd door de trekkers van de inhoudelijke strategieën en ondersteunede lijnen aan dit ambtelijk overleg en vanuit de deelregio’s inhoudelijke input ingebracht.

15

november 2020

4.3

Afstemming met andere MRA-programma’s

Via het kernteam en ook via het MRA-bureau zelf vindt afstemming met andere programma’s van de MRA plaats. Waar nodig worden extra afstemmingsmomenten ingepland. Met de Amsterdam Economic Board bestaat reeds een goede afstemming, zowel procesmatig als inhoudelijk. Binnen de regionale governance van Circulaire Economie treedt de Board op als transitiemakelaar. Ze verbindt partijen om gezamenlijk de systeemverandering richting circulaire economie mogelijk te maken. Daarbij staat het bouwen van nieuwe circulaire business met een coalitie van partijen centraal. Het programma ‘Vervolgstappen Programma Circulaire Economie 2020-2022’ van de Amsterdam Economic Board verwoordt de inhoudelijke speerpunten voor de komende jaren, welke zijn afgestemd op de activiteiten van de MRA.

4.4

Bestuurlijke besluitvorming

Bestuurlijk worden MRA-afspraken bevestigd in het portefeuillehoudersoverleg duurzaamheid, dat bestaat uit portefeuillehouders die elk een deelregio vertegenwoordigen. Daarnaast is er voor alle MRA-activiteiten gezamenlijk een besluitvormingsstructuur die loopt langs drie platforms. Voor het programma Circulaire Economie is dat het platform Economie. Veel kan binnen dit programma zelf worden bepaald, in afstemming met het Portefeuillehouder overleg Duurzaamheid. Alleen zaken die een belangrijke beleidsmatige impact kennen of financiële consequenties kennen, moeten daarnaast ook aan het platform Economie worden voorgelegd. Dit geldt in ieder geval voor het vaststellen van de jaarlijkse werkbegroting voor dit programma.

4.5

Werkbegroting

Per jaar is voor dit programma een werkbudget van € 300.000, beschikbaar, waaruit deels de formatie voor het kernteam wordt gedekt. De begroting 2021 is als bijlage 2 opgenomen. De ambities en het tempo van de uitvoering wordt niet alleen bepaald door de financiële middelen maar vooral, zoals in het MRA-convenant is afgesproken, de inzet van capaciteit die vanuit MRA partijen zelf beschikbaar is. Dat geldt in ieder geval voor:   

4.6

het trekkerschap van circulaire gebiedsontwikkeling, het platform ‘Wet- en regelgeving’, ‘Monitor’ en de invulling van het programma management. deelname vanuit de zeven deelregio’s aan het ambtelijk overleg MRA Circulaire Economie. per strategie deelname aan diverse werkgroepen, platforms en communities of practises om de genoemde acties in dit programma tot uitvoering te brengen.

Tot slot

De ambities en keuzes die in dit programma worden gemaakt, houden rekening met de voor dit programma beschikbare inzet vanuit het kernteam. Dit kan alleen met inzet vanuit MRA-partijen zelf, wat op dit moment niet op alle onderdelen gegarandeerd is. De voortgang op de genoemde activiteiten is hier wel van afhankelijk. Is de inzet in de praktijk minder dan waar nu van wordt uitgegaan, dan zullen ambities bijgesteld moeten worden.

16

november 2020

Bijlage 1: Organogram

17

november 2020

Bijlage 2 Begroting 2021 2021

2021

Capaciteit

Circulaire Inkoop  Regisseur  Expertpool Aanpak materiaal stromen  Regisseur  Onderzoek Circulaire gebiedsontwikkeling  Regisseur  RPC kennis  Bijdrage RPC Monitoring & Data Platform wet- en regelgeving  regisseur Public Affairs Communicatie Programma Management

Middelen

fte

k

0,5

54

0,5

0,5 0,2

k Begroting (k)

60

114

30

84

10

10

30

51,6

54

Om niet Om niet

0,2

Om niet

0,2

Om niet

0,2

21,6

1,0

MRA bureau 0,5 inzet om niet 0,5

Overig Totaal

40,4 3,3

129,6 (1,2 fte)

170

300 (incl. 1,2 fte)

3,3 fte wordt als volgt gedekt: 1,2 fte via deze werkbegroting, 0,5 via personeelskosten MRA bureau, en 1,6 om niet. Om niet wil zeggen: worden op eigen kosten van betrokken MRA overheden ingezet. Dit betreft provincie Flevoland 0,2, provincie Noord Holland 0,4 en gemeente Almere 1,0). Tarieven zijn conform uitgangspunt MRA Bureau 1,0 fte: 108k.

18

Ontwerp MRA Uitvoeringsagenda 2021-2022 November, 2020

november 2020

Uitvoeringsagenda 2021-2022 In dit deel wordt het MRA-programma Circulaire Economie 2021-2022 uitgewerkt. De Uitvoeringsagenda gaat achtereenvolgens in op ‘aanpak materiaalstromen, ‘circulaire inkoop’, ‘circulaire gebiedsontwikkeling’ en ‘ondersteunende activiteiten’. Voor elke aanpak beschrijft deze agenda de doelen, de gewenste resultaten en de te ondernemen acties. Om bij te dragen aan een economisch herstelprogramma, biedt dit MRA programma voorwaarden om circulaire economische activiteiten aan te jagen. De kansen en mogelijkheden zijn met name van betekenis bij aanpak van de materiaalstromen en circulaire gebiedsontwikkeling. Bij de aanpak van materiaalstromen gaat het om het stimuleren van lokale en regionale ketenvorming voor het hoogwaardiger verwerken van huishoudelijke grondstofstromen. Een belangrijke stap daarin is het verkennen van een samenwerkingsmodel voor het gezamenlijk verwerken van alle 22 huishoudelijke stromen. Bij circulaire gebiedsontwikkeling gaat het om het bieden van een impuls aan circulaire bouweconomie door het versnellen van kennisdeling en het bepalen van gezamenlijke ambities met de versnelling van de woningbouwopgave en de renovatieopgave bestaande bouw in het kader van de energietransitie.

1. Circulaire Inkoop 1.1 Klimaatneutrale en circulaire inkoop en opdrachtgeverschap Klimaatneutrale en circulaire inkoop vormt een cruciale strategie voor overheden om bij te dragen aan de marktwerking voor circulaire economie. Op dit moment zijn reeds talrijke voorbeelden te noemen van klimaatneutrale en circulaire inkoop en -aanbesteding, waaronder circulaire gronduitgifte, circulaire bedrijfskleding, klimaatneutrale voertuigen en circulaire catering. De afgelopen periode zijn al de volgende resultaten gerealiseerd:    

De intentieverklaring circulair inkopen is in juni 2018 breed ondertekend en vastgesteld De Roadmap circulair inkopen is in juni 2019 vastgesteld Er zijn afspraken gemaakt over monitoring, te starten met een nulmeting Tijdens de Duurzaamheid Top van 18 oktober 2019 zijn vijf inkooppakketten vastgesteld waarop vanaf 2020 circulair wordt ingekocht. Dit als eerste start van de ruim 100 inkooppakketten die nog zullen volgen om tot 100% circulair inkopen te komen.

Kortom, de basis voor de uitrol naar 2022 (10% circulair inkopen en opdrachtgeven) en 2025 (50% circulair inkopen en opdrachtgeven), is in deze periode gelegd. Met name het proces om te komen tot een Roadmap die samen met gemeenten tot stand is gekomen en daarmee ook echt draagvlak bezit, heeft veel tijd en inzet gevergd. De Roadmap blijkt een dermate bruikbaar product, dat deze ook buiten de MRA wordt toegepast en nu ook in het Engels is vertaald. Op basis van de Roadmap komt de komende jaren de focus te liggen op implementatie en de uitwerking van circulaire inkoopcriteria voor alle inkooppakketten. Ook de Amsterdam Economic Board heeft circulaire inkoop in haar 4 jaars-aanpak voorop staan. De Board zet zich in om de Roadmap in de regio ook door andere stakeholders breed gedragen te krijgen. Daarbij wordt gekeken naar welke inkooppakketten en langere termijn ontwikkelingen de Board kan aanjagen en hoe we komen tot het uitwisselen van de resultaten. 2

november 2020 Resultaten 2021-2022 1. Implementatie van de Road Map bij alle MRA-overheden, als basis voor klimaatneutrale en circulaire inkoop- en aanbestedingstrajecten 2. Starten met het monitoren van circulair inkopen na een eerste nulmeting in 2020 en met een eerste monitor circulaire inkoop in 2021. In deze monitor wordt ook een doorkijk gegeven naar kwantitatieve effectmonitoring. 3. Versterken van de gezamenlijke inkoopkracht, door per inkooppakket een gezamenlijke ambitie te bepalen en eisen en criteria op te stellen. Iedere overheid kan zelf besluiten hoe deze ambitie, eisen en criteria wel of niet te gebruiken. 4. Delen van kennis, door Communities of Practice op te richten binnen specifieke inkooppakketten waar daar behoefte aan is. Acties 2021-2022

1.2 Implementatie Road Map Circulaire Inkoop en opdrachtgeverschap. Implementatie van de Road Map vraagt om interne samenwerking tussen de afdelingen inkoop en aanbesteding en de afdelingen vastgoed (maatschappelijk vastgoed, cultureel erfgoed), en tussen gebiedsontwikkeling, beheer en onderhoud openbare ruimte, facilitaire zaken (wagenpark, bedrijfskleding, meubilair, ICT, catering) en het sociaal domein. Het betekent daarmee ook bestuurlijke en ambtelijke afstemming binnen de overheidsorganisatie zelf. Om te komen tot daadwerkelijke implementatie van circulair inkopen en opdrachtgeverschap zijn in hoofdstuk vijf van de Road Map tevens verschillende handreikingen opgenomen. Het MRA-programma CE ondersteunt dit door: 

Het bijeenbrengen van managers en budgethouders rond verschillende inkoopdomeinen (voorbeeld: vastgoed, openbare ruimte, facilitaire zaken) om hen mee te nemen in wat er vanuit de interne organisatie nodig is om klimaatneutraal en circulair in te kopen. Het bieden van intervisiebijeenkomsten aan kwartiermakers die verantwoordelijk zijn voor het proces van implementatie van de Road Map in hun eigen organisatie, om hen te helpen bij implementatie van de Road Map. De inzet van een expertpool, om met name de kleinere gemeenten te ondersteunen bij het meenemen van klimaatneutrale en circulaire ambities in hun inkooptrajecten.

1.3 Monitor Voor de Monitor staan de volgende acties gepland:  

3

Uitvoering van een nulmeting in 2020. Eerste vervolgmonitor in 2021, waarbij zowel aandacht wordt besteed aan de monitoringsmethodiek conform de Roadmap als een doorkijk wordt gegeven naar effectmonitoring waar dat al mogelijk is. Stellen van informatie-eisen op het gebied van milieu-impact en de mate van circulariteit voor zo veel mogelijk aanbestedingen van fysieke producten binnen de MRA, zodat op termijn kan worden toegewerkt naar effectmonitoring.

november 2020

1.4 Gezamenlijke inkoopkracht Voor de gezamenlijke inkoopkracht gaat de MRA in 2020 inkoopcriteria ontwikkelen voor vijf inkooppakketten, conform de afspraak op de Duurzaamheid Top van 18-10-2019. Voor asfalt en beton worden klimaatneutrale en circulaire inkoopcriteria ontwikkeld met minimaal de eisen zoals opgenomen in het Betonakkoord. Dit leidt tot de volgende acties: 

Het in kaart brengen van de momenten waarop de verschillende MRA-overheden de verschillende inkooppakketten gaan aanbesteden, mede op basis van de regionale inkoopkalender.  Het ontwikkelen van een gezamenlijke ambitie en bijpassende criteria: eind 2021 heeft de MRA dit voor in totaal 25 inkooppakketten ontwikkeld.  Het valideren van de gezamenlijke ambitie op specifieke inkooppakketten met marktpartijen, om de ambitie aan te scherpen en te borgen dat deze reëel is;  Het laten toepassen van de gezamenlijke ambitie en criteria door zo veel mogelijk MRAoverheden, waarbij de keuze voor toepassing bij de individuele overheid blijft. Verkennen van de mogelijkheden om private partijen te betrekken bij de gezamenlijke circulaire ambitie en criteria binnen inkooptrajecten die ook voor hen relevant zijn (voorbeeld: catering, bedrijfskleding), in samenwerking met de Amsterdam Economic Board

1.5 Delen kennis & innovatie Op het gebied van kennis en innovatie en het delen hiervan zijn de volgende acties gepland: 

  

Inzet expertpool voor het ondersteunen van individuele inkooptrajecten en inhoudelijk begeleiden van werkgroepen. In 2020 is een expert ingehuurd; voor 2021 wordt een voorstel gemaakt over de voortzetting. Bijeenkomsten van de werkgroep Circulaire Inkoop, intervisiebijeenkomsten, leerbijeenkomst nulmeting, en bijeenkomst met managers/budgethouders. Evalueren van de gestelde ambities en toegepaste criteria binnen aanbestedingen in Communities of Practice (subwerkgroepen) op specifieke inkooppakketten. Bijdragen aan kennisontwikkeling elders (andere regio’s, landelijk, internationaal), onder meer door het delen van inzichten via PIANOo en terugkoppelen van gebruikte criteria aan MVIcriteria.

Bijdragen aan opstellen Human Capital Agenda (samen met House of Skills).

2

Aanpak materiaalstromen

2.1 Materialenaanpak breed De MRA zet voor 2020-2021 in op een totale strategie van de materiaalstromen. De eerste inventarisatie heeft de huidige inzamel- en verwerkingswijze van de 22 huishoudelijke grondstofstromen in kaart gebracht. Dit is een verdieping op de bestaande grondstoffenatlas en geeft inzicht in de manier waarop de MRA-gemeenten keuzes hebben gemaakt hoe het apart ingezamelde huishoudelijk afval verwerkt wordt. Uitkomsten van deze eerste inventarisatie zijn in elk geval dat voor een groot deel van de 22 grondstofstromen gebruik wordt gemaakt van dezelfde verwerker van die grondstof. 4

november 2020 Bij een deel van de gemeenten is de verwerkingswijze van sommige grondstoffen niet direct duidelijk. Ook vindt er geen structureel contact plaats over de wijze waarop de gemeenten deze grondstofstromen laten verwerken. Tot slot blijkt dat de meeste grondstoffen regionaal worden verwerkt. Doelen -

Verkennen van een samenwerkingsmodel voor gezamenlijke verwerking van huishoudelijke grondstofstromen: welke meerwaarde heeft een samenwerkingsmodel ten opzichte van huidige situatie ten aanzien van hoogwaardiger verwerking op de 10R-ladder, kostenvoordeel, stimuleren van innovaties, werkgelegenheid. - Vooralsnog is de focus op de grondstofstromen in eigendom van de overheden, om deze uit te bouwen naar vergelijkbare grondstofstromen (bedrijfsafval). Dit doet de MRA samen met de publieke en private inzamelaars en verwerkers, met de overheidsgedomineerde inzamelaars en aanbestedende gemeenten als belangrijkste partners. Resultaten 2021-2022: -

-

Een houtskoolschets van de kansen en meerwaarde van een MRA-samenwerking op de verwerking van de 22 huishoudelijke grondstofstromen en materiaalstromen afkomstig uit beheer en onderhoud van de openbare ruimte. De schets is inclusief een waardering van de meerwaarde op rendement, innovatie, hoogwaardiger verwerking van grondstoffen, aanbesteding/ contractering, kennisdelen en de mogelijke governance (bijvoorbeeld een ‘grondstoffenalliantie’). Duidelijkheid over de meerwaarde van het onderscheid tussen huishoudelijk en bedrijfsafval voor circulaire economie in de MRA.

Acties 2021-2022: -

-

Onderzoek naar de meerwaarde van samenwerking bij het verwerken van huishoudelijk afval: wat kan een dergelijke samenwerking opleveren voor meer rendement, innovatie en hoogwaardiger verwerking en hoe kan dit worden georganiseerd? MRA-breed: analyse huidige contracten met inzamelaars en verwerkers op 22 grondstofstromen MRA-breed: analyse huidige contracten onderhoud en beheer openbare ruimte Opstellen hogere duurzaamheidseisen bij nieuwe contracten vanwege schaalgrootte Jaarlijks 4 bijeenkomsten tussen MRA-gemeenten om kennis te delen over en te vertalen in opties voor aanbestedingen.

2.2 Materialenaanpak specifiek 2.2.1 Textiel Samen met de Amsterdam Economic Board positioneert de MRA zich als koplopersregio in Nederland bij de aanpak van textiel, aangezien dit voor de regio een belangrijke materiaalstroom is in termen van werkgelegenheid en bruto regionaal product. Dit doen we door de aanpak vanuit het MRA-programma (vooral gericht op wat overheden kunnen) te combineren met de aanpak uit het programma van de Amsterdam Economic Board (gericht op bedrijven en instellingen).

5

november 2020 De volgende figuur beschrijft de ketenaanpak op dit moment , waarbij partijen nadrukkelijk uitgenodigd zijn om bij te dragen en te versterken. Doelen

Resultaten 2021-2022 1. De Metropoolregio Amsterdam als één van de koplopers op circulair textiel in Nederland en Europa. 2. De partijen in de schakels uit de textielketen (productie—gebruik-inzameling-verwerking) zijn met elkaar in verbinding gebracht om ketenvorming te bereiken en daarmee circulair textiel. 3. Verbeteren van de kwaliteit van ingezameld textiel 4. Transparantie over de verwerkingswijze van textiel 5. Samenwerking met kennisinstellingen. 6. Zichtbaarheid van de MRA voor bedrijven als inspirerende, circulaire hub voor mode en textiel. Acties 2021-2022 1. Uitwerken van een visie op circulair textiel samen met de Amsterdam Economic Board, als invulling van de acties om tot ketenvorming te komen op de verschillende deelaspecten van de textielketen. 6

november 2020 2. Opstellen van een discussiedocument voor samenwerking bij het aanbesteden van textielinzameling en verwerking. 3. Uitwerken van een lobbydocument en -strategie gericht op fiscale maatregelen om het sluiten van textielketens (circulaire mode en textiel) aantrekkelijk te maken. 4. Het trekkerschap van de Amsterdam Hub binnen de Dutch Circular Textile Valley (DCTV), samen met Economic Board en gemeente Amsterdam, vorm en inhoud geven en zo te komen tot een visie over het sluiten van textielketens samen met ketenpartijen. De rol en bijdrage van de MRAoverheden hierin te versterken door jaarlijks 4 bijeenkomsten gericht op: a. kennisdelen over de kwaliteit van textiel; b. delen van informatie en vergroten van transparantie over de verwerking van ingezameld textiel; c. meer inzicht in partijen die kunnen bijdragen aan het sluiten van textielketens (circulaire mode en textiel). 5. Via het International Centre for Circular Textiles (ICCT) in Zaanstad, de circulaire economische activiteiten aanjagen, door de regionale en textielgerelateerde industrie te wijzen op renderende business cases. 6. Intentieverklaring Transparantie in de Textielketen: uitvoeren van de afspraken van de Duurzaamheid Top over textielverwerking na inzameling. 7. Icoonprojecten benutten voor de boodschap over circulair textiel zoals Sail Amsterdam (wanneer dat weer kan).

2.2.2 Luiers In de periode 2018-2019 is een MRA-brede businesscase verkend voor het inzamelen en verwerken van luiers. Ook is het project Mazzelkontjes geïnitieerd, waarbij het gebruik van wasbare luiers gestimuleerd wordt. Resultaten 2021-2022 -

Ontwikkelen van recyclecapaciteit in de MRA voor luiers en incontinentiemateriaal. Verminderen van de hoeveelheid gebruikte luiers en incontinentiemateriaal.

Acties 2021-2022 -

Een gezamenlijke aanbesteding door MRA-partijen om de recyclecapaciteit voor luiers te realiseren. Uitvoeren en evalueren van het project Mazzelkontjes

2.2.3 Plastic Wereldwijd is sprake van een exponentieel groeiende hoeveelheid geproduceerd plastic1. Elk jaar wordt er meer plastic geproduceerd dan het jaar ervoor. Tegelijkertijd neemt de maatschappelijke aandacht voor plastic – of kunststoffen – toe:

1

7

Zie rapportage Plastics Europe 2019.

november 2020 er zijn steeds meer initiatieven gericht op het voorkomen en verminderen van plasticgebruik, is duidelijk dat er iets moet gebeuren voor wat betreft de duurzaamheid en is de relevantie als verpakkingsmateriaal voor de logistieke bedrijven in de MRA groot. Op verschillende manieren wil de MRA bijdragen aan een trendbreuk in de exponentiele groei van plasticproductie en gebruik. Door ketenvorming zien de MRA-partijen kansen om deze trendbreuk in te zetten en aan te vullen op bestaande afspraken (zoals de Raamovereenkomst Verpakkingen). Resultaten 2021-2022 - Trendbreuk in gebruik van plastic materialen door MRA-overheden: geen single use plastics meer bij overheden in de MRA; -

Samenwerking tussen bedrijven en onderwijs op gebied van product-verpakkingscombinaties: welke verpakking past het beste bij een product? Uitstel einde-levensfase door toepassing van plastics in producten voor de openbare ruimte; Geen plastic-evenementen meer in de MRA.

Acties 2021-2022 In het volgende schema worden de verschillende acties in samenhang gepresenteerd, waarbij de rode teksten de acties zijn waar de MRA op inzet.

Centraal in deze aanpak staan de volgende activiteiten: -

8

Aansluiten overheden op de business case moeilijk recyclebaar plastic (Plasticfabriek) door afname producten; Ontwikkeling visie circulair plastic voor de MRA, waarbij er ingezet wordt om ketenvorming tussen productie-gebruik-inzameling-verwerking tot stand te brengen;

november 2020 -

Implementatie Single Use Plastics-richtlijn (EU) in de MRA bij enkele pilot-gemeenten; Rondetafel gesprek met plasticverwerkende industrie in de MRA om gezamenlijke thema’s te verkennen en te zien waar MRA-overheden kunnen ondersteunen; Webinar met plexiglas producenten (in samenwerking met Amsterdam Economic Board).

2.2.4 Biogrondstoffen De categorie biogrondstoffen kent zeven te onderscheiden stromen. Dit zijn: snoeihout, afvalhout, houtpellets, GFT van huishoudens, restproducten uit de voeding en genotsmiddelenindustrie, mest en bermgras. Eindbeeld voor de Metropoolregio Amsterdam is de hoogwaardige verwerking van biogrondstoffen. Vanwege de terughoudendheid bij het inzetten van biogrondstoffen voor energietransitie en het besluitvormingsproces wat hier omtrent nog gaande is, ligt de keuze vanuit het MRA programma Circulaire Economie op het uitwerken van kansen en business cases via hoogwaardige verwerking voor renderende circulaire activiteiten, met name rond mest, slib (met name cellulose) van waterzuiveringsinstallaties en gft. Samen met de Amsterdam Economic Board wordt de inzet van bermgras verder uitgewerkt, voortbouwend en aansluitend op het Grasbloxx project . De aanpak van voedselketens is geborgd via het platform Voedsel Verbindt (waar diverse MRA partijen aan verbonden zijn) en vormt om die reden geen onderdeel van dit programma. Uiteraard vindt wel afstemming plaats met dit platform. Acties 2021-2022 -

-

Het uitwerken van de voornoemde onderdelen rond de hoogwaardige verwerking van biogrondstoffen in een advies aan het Portefeuillehoudersoverleg Duurzaamheid, onder andere op basis van expertsessies. Het afstemmen met het ministerie I&W over de koppeling van de MRA inzet aan het Rijks brede programma (transitieagenda) Circulaire Economie.

2.3 Materialenaanpak overige Tegelijkertijd beseffen we ook dat over een periode van 5 jaar er veel kan veranderen. We willen daarom ruimte creëren voor een overige materialenaanpak. Voor de komende twee jaar zal in elk geval de kansen worden verkend die er liggen bij een gezamenlijke aanpak van bedrijfsafval. 2.3.1

Bedrijfsafval

Actie 2021-2022 -

Aan de hand van een maatschappelijke kosten baten analyse (MKBA) laten zien wat gezamenlijke inzameling van huishoudelijk afval en bedrijfsafval bijdraagt aan kostenbesparing en efficiency en welke rol gemeentes hier zelf in kunnen spelen.

2.3.2 Materiaalstromen verbonden aan de energietransitie Nieuwe materiaalstromen zijn te verwachten in het kader van de energietransitie zoals windmolens, zonnepanelen, batterijen en de diverse installaties voor energieopslag en -distributie.

9

november 2020 Omdat het hier voor een belangrijk deel gaat om nieuwe materiaalstromen, liggen hier kansen om hoog op de R ladder, met elkaar te verkennen welke strategieën mogelijk zijn om materiaalstomen te beperken en te voorkomen. Actie 2021-2022 -

3

In afstemming met het Programma Energietransitie bepalen of en zo ja welk vraagstuk zich mogelijk in de (nabije) toekomst gaat voordoen met deze materiaalstromen; Mogelijk vervolg: In afstemming met het Programma Energietransitie bepalen op welke wijze vanuit de rol van MRA overheden en de meerwaarde die de MRA samenwerking biedt, strategieën voor het voorkomen, beperken en hoogwaardig verwerken van deze nieuwe materiaalstromen kunnen worden aangejaagd en hiertoe een voorstel te agenderen voor het Portefeuillehoudersoverleg Duurzaamheid.

Circulaire gebiedsontwikkeling

Voor de uitvoeringsagenda 2021- 2022 maakt de MRA de keuze om binnen circulaire gebiedsontwikkeling de focus te leggen bij circulaire bouw en werklocaties. Voor de periode daarna (2023-2025) zal de focus mogelijk worden verlegd naar openbare ruimte, infrastructuur en ondergrond, als zich daar mogelijkheden aandienen.

3.1 Circulaire gebiedsontwikkeling algemeen Resultaten 2021-2022 In afstemming met MRA-programma’s Versnelling woningbouw, Energietransitie en Klimaatbestendigheid en verstedelijkingsstrategie zijn de volgende resultaten geformuleerd:  

Kennis is uitgewisseld tussen koplopers in de MRA met de overige MRA partners, waardoor het handelingsperspectief van alle MRA-overheden wordt versterkt. Een verkenning naar mogelijke gezamenlijke ambities en aanpak om te komen tot een level playing field is voorbereid en de (eerste) resultaten hiervan zijn besproken met de bestuurlijk trekkers. Een Congres Circulaire Gebiedsontwikkeling 2022 is uitgevoerd, waar de leerervaringen met circulaire gebiedsontwikkeling, circulaire bouw (inclusief ondersteunende infrastructuur) en werklocaties worden gepresenteerd, waarbij de gezamenlijke ambities en commitment bevestigd worden.

Acties 2021-2022   

10

Het ontwikkelen en uitvoeren van een kennisuitwisselingsproces circulaire gebiedsontwikkeling. Verkenning opstellen naar mogelijke gezamenlijke ambities rond circulaire gebiedsontwikkeling MRA breed en verwerken tot een bestuurlijk voorstel. Voorbereiden en organiseren van bovengenoemd Congres Circulaire Gebiedsontwikkeling (mogelijk gekoppeld aan het Floriade-evenement in 2022).

november 2020

3.2 Circulaire bouw De inzet is de komende jaren gericht op het Regionaal Leerprogramma Cirkelstad. Dit is een samenwerkingsprogramma tussen bedrijfsleven (vier marktpartijen) en vijf grote MRA gemeenten, begeleid door C-creators als ‘spinner’ van de Stichting Cirkelstad - een deskundig (non-profit) advies orgaan. Dit leidt tot bundeling van kennis en het aantonen van redenen voor noodzakelijke wijziging van wet- en regelgeving. Het Regionaal Programma Cirkelstad is als driejarig leerprogramma op 23 januari 2020 van start gegaan. Resultaten 2021-2022 

Kennis en inzicht zijn uitgewisseld rond concrete circulaire bouwprojecten, waaronder de wijze waarop deze kunnen bijdragen aan versnelling van de woningbouw dan wel grootschalige renovatie van bestaande bouw. Wensen, behoeften en mogelijkheden voor een financieel, fiscaal en juridisch (incl. normering) instrumentarium waarmee circulaire bouw op grote schaal mogelijk wordt gemaakt, als basis voor een mogelijk lobbytraject, zijn in beeld gebracht. Deze voorstellen kunnen tevens bouwstenen opleveren voor het landelijke convenant Cirkelstad in 2023. Wensen en behoeften naar een fysieke en data infrastructuur (logistiek en opslag) ten behoeve van circulaire bouw zijn in beeld gebracht.

Acties 2021-2022  

Uitvoering van het Regionaal Programma Cirkelstad (RPC), inclusief een jaarlijkse MRA-brede bijeenkomst, met terugkoppeling van de resultaten uit dat jaar. Eind 2022 de voorbereiding van een slotbijeenkomst van het RPC (te plannen eerste helft van 2023) met alle MRA partijen. Tijdens deze slotbijeenkomst worden de leerervaringen gedeeld en een voorstel voorgelegd over hoe vanaf dat moment door MRA-overheden met duurzaam bouwen kan worden omgegaan. Alle MRA-partijen committeren zich om uitkomsten op die bijeenkomst te bespreken, daaraan bij te dragen en zich in te spannen om MRA-breed tot gelijkluidende bouwafspraken voor de periode daarna te komen. Uitvoering van een verkenning naar wensen, behoeften en mogelijkheden voor de uitbreiding van de toepassing van materialenpaspoorten. Dit gebeurt mede op basis van de eerste ervaringen met de ontwikkeling van materialenpaspoorten in de periode 2019-2020 en de kwaliteitseisen zoals die landelijk worden vastgesteld in 2020. In de werkgroep Circulaire Gebiedsontwikkeling worden de resultaten van de verkenning naar materialenpaspoorten en de resultaten van het onderzoek naar wensen en behoeften van fysieke infrastructuur (logistiek en opslag) zoals die is uitgevoerd in 2020 besproken en vertaald in een bestuurlijk voorstel.

3.3 Duurzame werklocaties Resultaten 2021-2022 In afstemming met het platform bedrijventerreinen en kantoren (Plabeka) en het Projectbureau Herstructurering Bedrijventerreinen (PHB) en de MRA-programma’s energietransitie en klimaatbestendigheid wordt kennis gedeeld over het verduurzamen van bedrijventerreinen. Kern is leren door te doen en te delen, gericht op versnelling en opschaling met alle middelen en bestaande netwerken die er zijn. 11

november 2020 Acties 2021-2022 De wijze van kennisdelen wordt in afstemming met betrokken platforms bepaald.

4 Ondersteunende activiteiten 4.1 Competenties en skills voor de circulaire economie Een vooruitgang van de circulaire economie is ondenkbaar zonder aandacht en investering in het ontwikkelen van talent. De nieuwe economie vraagt ook om nieuwe kennis en kunde. Naarmate er meer activiteiten in de circulaire economie ontstaan, is er behoefte aan hiervoor opgeleide werknemers, maar ook inbedding van circulair skills en competenties op alle denk- en ontwikkelniveaus: vanaf primair onderwijs tot aan op de werkvloer. Het belangrijkste is dat hiervoor een Human Capital Agenda ontwikkeld wordt. In de Human Capital Agenda krijgen 3 thema’s aandacht: a. Onderwijs: het creëren van nieuwe opleidingen en het inbedden van circulariteit in bestaande opleidingen. Hierbij moeten een aantal vragen beantwoord worden: o Welke circulaire opleidingen zijn noodzakelijk? o Welke aanpassingen in de bestaande opleidingen zijn noodzakelijk? o Hoe zorgen we dat circulaire skills en competenties onderdeel worden van alle bestaande opleidingen in alle lagen van het onderwijs? b. Ondernemerschap: sociaal ondernemerschap is brandstof voor de circulaire economie. Hoe zorgen we dat er meer focus op de ontwikkeling van sociale ondernemerskills in het onderwijs komt? c. Omscholing en bijscholing: vormen van om-, bij- en nascholing met aandacht voor diverse doelgroepen en sectoren.

Denk bijvoorbeeld aan: overheden (inkopers, stedenbouwkundigen, planologen, gebiedsontwikkelaars), contracten (inzameling en verwerking materiaalstromen, onderhoud & beheer openbare ruimten), medewerkers VTH, processen bij overheden en omgevingsdiensten, ontwerpers (gebouwde omgeving, openbare ruimte, producten), financial engineers, juristen en vakmensen (nieuwe maakindustrie, ambachtscentra). Daarbij hoort ook de vraag naar kansrijke initiatieven van praktijkgerichte vakopleidingen voor zij-instromers. Daarnaast is het belangrijk om een plan van aanpak met betrekking tot talent te ontwikkelen voor circulair inkopen, een grote strategische opgave voor de MRA in de komende jaren. De juiste skills en competities zijn cruciaal voor het versnellen van deze circulaire inkopen. Zo zorgen we dat iedereen (ongeacht of het een bedrijf, overheid, kennisinstelling of zzp’er is) koopt om de noodzakelijke marktvraag aan te jagen. Het is daarom van essentieel belang om het leren over circulair inkopen op te schalen, effectieve kennisuitwisseling te ondersteunen en nieuwe manieren van ‘learning at the point of need’ te vinden. Resultaten 2021-2022: 

12

Opstellen van een Human Capital Agenda (HCA) voor circulair talent, als onderdeel van de HCA Klimaatopgave (trekker van de Human Capital Agenda), zoals bestuurlijk afgesproken tijdens de Duurzaamheid Top op 18 oktober 2019.

november 2020 

Er is een plan van aanpak voor de ontwikkeling van skills en competenties voor circulair inkopen.

Acties 2021-2022: 

De ontwikkeling van een Human Capital Agenda die zowel vormgeeft aan de aanpak voor talent voor de circulaire economie als dient als verbindend platform voor de nodige samenwerkingen. Het bouwen en versterken van netwerken (bijv. onderwijs-koplopers, CE-koplopers), neerzetten van (pilot) werk-leertrajecten, het aantrekken en matchen van mensen met banen in CE (bijv. met gebruik van House of Skills-instrumentarium) en het faciliteren van de samenwerking tussen bedrijfsleven en kennisinstellingen. Samen met: HCA Klimaatopgave (trekker) Het ontwikkelen van een plan van aanpak talentontwikkeling circulair inkopen. Samen met: Amsterdam Economic Board (trekker). De Board pakt Talents of the Future CE breed op, met circulair inkopen als een van de speerpunten.

4.2 Monitor en digitale infrastructuur Het volgen van de voortgang van de transities vraagt om monitoring op twee gebieden: de transities in de maatschappij en de impact van ons beleid op versnelling van die transities. Voor de maatschappelijke transitie is door het Rijk opdracht gegeven aan het Planbureau voor de leefomgeving (PBL), om te komen tot een landelijk monitor over circulaire economie. Ook de provincies hebben voor hun monitoringswens samenwerking gezocht met het PBL. Voor de monitoring van de impact van ons eigen beleid op de transities staat de MRA per definitie zelf aan de lat, als integraal onderdeel van het geformuleerde beleid. Voorwaarde voor monitoring is daarmee de bereidheid van diverse MRA-overheden en relevante stakeholders om data te gaan verzamelen en beschikbaar te stellen. In 2019 heeft de MRA, samen met de gemeente Amsterdam, een eerste onderzoek uitgevoerd als basis voor monitoring, van zowel circulaire economie als het meten van circulaire banen. Uitgangspunt is dat data en datagedreven dienstverlening een belangrijke drager vormen voor de circulaire economie. Er is kennis nodig over materiaalstromen en -voorraden; denk aan materiaalpaspoorten van gebouwen en de openbare ruimte, platforms voor uitwisseling van materiaalstromen en waardebehoud van wat nu nog afvalstromen heten.

In de MRA heeft de CTO Office van de gemeente Amsterdam het voortouw genomen om te komen tot een monitor voor de circulaire economie, afgestemd op de landelijke en provinciale ontwikkelingen. Deze monitor is gericht op het meetbaar maken van in-, door- en uitstroom van materialen, evenals het inzichtelijk maken hoe deze stromen leiden tot circulaire economische activiteiten. Onderdelen daarvan betreffen metingen meteen op MRA schaal. De bestuurlijke afspraak tijdens de duurzaamheidstop 18 oktober 2019 is om te komen tot een MRA-brede duurzaamheidmonitor. In theorie zijn er veel mogelijkheden om met data de circulaire economie te sturen aan te jagen. Vraag en aanbod worden echter sector-overstijgend, op verschillende schaal en tijdstip inzichtelijk. Dit vraagt in eerste instantie een geschikte, gevulde en actuele dataset, en in tweede instantie een goede digitale infrastructuur waarbij de juiste data toegankelijk zijn. 13

november 2020 Voor beiden geldt dat de theorie een mooi vergezicht geeft, terwijl de weg ernaartoe nog vele tussenstappen kent. Om concreet actie te kunnen generen is veel data nog onvoldoende specifiek, onvolledig of gemodelleerd. Beleidsmatig wordt in de analyse van deze data een lonkend perspectief gelezen. De discrepantie tussen indicaties uit de analyse en de feitelijke data zal zich gedurende de transitie uitkristalliseren. Punt van aandacht hierbij is het beschikbaar komen van data (bedrijfsgevoelige info, inspanning voor registratie) en kwaliteitsborging (certificering data). Resultaten/ acties 2021-2022 De monitoring van de transities zal zich de komende jaren ontwikkelen met het aanvullen en verbeteren van dataregistratie. Op basis van aansluiting met de landelijke en provinciale definities, dataverzameling en modellen komt er een regionale uitwerking. De impact van beleid, gebaseerd op de nu bekende data en modellen, zal tegelijk gemonitord worden volgens de in het beleid benoemde output en outcome. Het identificeren van essentiële, missende data voor beleidsdoelen krijgt prioriteit (realitycheck). Voor zinvolle monitoring moeten afspraken gemaakt worden over het organiseren van dataverzameling en de rapportage daarover. Monitoring zal daarmee bestaan uit een viertal bronnen:    

Reeds beschikbare concrete data (zoals Landelijk Meldpunt Afvalstoffen (LMA), Madaster bij sommige nieuwbouw, arbeidsplaatsen, studentenplaatsen). Beschikbare globale modelmatige data (PBL, Metabolic) die regionaal te maken zijn. Aanvullende nieuwe, specifieke dataverzameling, te organiseren om tot realistisch, effectief en gericht beleid te komen. Data over in beleid gestelde verwachtingen van impact op de transities, geformuleerd in output en outcome.

4.3 Platform wet- en regelgeving Het loket Platform wet –en regelgeving is een essentieel onderdeel in de MRA-aanpak. Hier kunnen bedrijven aangeven waar zij in hun circulaire activiteiten tegenaanlopen. Heel praktisch en oplossingsgericht wordt vervolgens in samenwerking met het ministerie I&W en andere relevante organisaties naar een oplossing gezocht. Als het kan binnen bestaande wetten en regels, waar nodig in de lobby om regels en wetten te wijzigen. Inmiddels functioneert het Kennisplatform Belemmerende wet- en regelgeving, met medewerking van alle betrokken omgevingsdiensten, met één loket via de website van MRA Duurzaamheid. Dit kennisplatform behandelt casussen van diverse partijen die willen komen tot circulaire ketens en toepassingen. Kennis uitdragen van belemmeringen die al opgelost zijn, en lobby op die belemmeringen die op Rijks of Europees niveau moeten worden opgepakt, is ook een taak van dit platform. Resultaten 2021-2022 

14

Wegnemen van belemmeringen voor betrokken ondernemers om businesscases mogelijk te maken.

november 2020 Acties 2021-2022 

  

Meer en beter bereiken van marktpartijen door het digitaal loket beter bekend te maken en actief ophalen van casussen bij circulaire inkoop, aanpak materiaalstromen en circulaire gebiedsontwikkeling. Via bijeenkomsten van het platform verkennen van interpretatieruimte en het delen van de leerervaringen. Het helder krijgen van de diverse (vermeende) belemmeringen die er gevoeld worden door ondernemers en daarvoor oplossingen zoeken. In lijn van het advies van de Taskforce herijking afvalstoffen vanuit beleid en uitvoering samen oplossingen zoeken bij circulaire innovaties.

4.4 Public Affairs Public Affairs voor het programma Circulaire Economie kent sporen richting het Rijk en Europa, langs de vier Public Affairs-pijlers: beïnvloeding, kennisuitwisseling, financiering en positionering. Voor beïnvloeding van (belemmerende) wet- en regelgeving en beleidsvorming kan voor verschillende onderwerpen de lobby worden ingezet, zoals een grondstoffen-en CO2-belasting, dossiers zoals de afvalstatus, een begrotingssystematiek die circulaire businessmodellen mogelijk maakt (true-pricing), bouwbesluit 2012 aanpassen voor circulaire ontwikkeling, implementatie EU richtlijn stedelijk afval, belasting op grondstoffen en minder op arbeid, producentverantwoordelijkheid, aanpak textiel etc.. Mede omdat de MRA geen formele status heeft, is het van belang om relevante partners hierin te betrekken zoals de VNG, IPO, G40 en G4/5. Voor (co-)financiering zijn kansen mogelijk bij het Rijk en in Europa. Europa biedt een bredere en meer continue waaier van co-financieringsmogelijkheden. (Co-)financiering gaat meestal samen met kennisuitwisseling, het betreft vaak internationale samenwerkingsprojecten. Positionering is medebepalend voor de mate en kwaliteit van kennisuitwisseling, (co-)financiering en beïnvloeding. Signalering van ontwikkelingen om daar tijdig op de participeren eveneens.

Dit doet de MRA samen met Public Affairs MRA en in afstemming met Amsterdam Economic Board, andere regio’s en gemeente Amsterdam, provincies Noord-Holland en Flevoland. Resultaten 2021-2022  

Een lobbyagenda is opgesteld gericht op het beïnvloeden van de beleidsontwikkelingen en aanpassing van belemmerende wet- en regelgeving op nationaal en Europees niveau. Kansen op subsidies en andere vormen van publiek- en/of private (co-)financiering zowel op landelijk als internationaal (EU) niveau zijn in beeld gebracht.

Acties 2021-2022 

15

Het opstellen van een lobby agenda i.s.m. genoemde organisaties, met een besluit over inzet van mensen en middelen - randvoorwaarde is ondersteuning vanuit de PA-functie op zowel Rijk als Europa. Het is een bestuurlijke keuze om hier voor het vervolg capaciteit en middelen op in te zetten. Deelname aan ACR+netwerk, gericht op EU-financiering en –kennisuitwisseling. (ACR+ staat voor Association of Cities and Regions for sustainable Resource management).

november 2020   

Road Map Circulaire Inkoop (Engelse versie), dit draagt bij aan alle 4 de PA-pijlers. Publicatie in Europese nieuwsbrieven en op (ACR+-) evenementen. Laten screenen van het MR-programma CE op kansen voor financiering, inschakelen externe expertise en expertise binnen Amsterdam. Inschrijving op 1 of 2 ‘calls’, internationale projecten.

4.5 Communicatie De communicatie naar MRA-partijen (zowel ambtelijk als bestuurlijk) is aangepakt door het opstellen van een bestuurlijke nieuwsbrief na afloop van ieder portefeuillehouderoverleg. Deze kunnen door bestuurders ook naar raads- en statenleden ter informatie worden doorgestuurd. Daarnaast wordt ook periodiek een ambtelijke nieuwsbrief opgesteld. Tot slot is een MRA-website duurzaamheid ontwikkeld en deze wordt inhoudelijk bijgehouden. Hiermee zijn alle instrumenten voor informatieoverdracht in werking gezet. Communicatie gaat samen met MRA-programma’s Energietransitie, Klimaatbestendigheid en andere stakeholders. Resultaten 2021-2022 

MRA als duurzame regio met concrete iconen en positieve resultaten voor de verschillende doelgroepen als kernboodschap (inter)nationaal, regionaal en lokaal is op verschillende manieren uitgezet. Betrokken bestuurders, raads- en statenleden en medewerkers MRA breed zijn maximaal geïnformeerd over afspraken, besluiten, voortgang en resultaten van het programma Circulair Economie Doelgroepen zijn geïnformeerd welke bijdrage van ieder wordt verwacht om tot resultaten te komen.

Acties 2021-2022  

Tenminste acht nieuwsbrieven per jaar (waarvan vier na afloop van het portefeuillehouderoverleg, gericht op bestuurders en ambtenaren van MRA-partijen). Actueel houden van de website MRA Duurzaamheid. De website is drager in de communicatie naar de achterban en levert ook artikelen en bijdragen voor de periodieke nieuwsbrief. Een jaarlijks ‘festival’ in nauwe samenwerking met MRA Communicatie om alle betrokken netwerken te informeren over elkaars activiteiten binnen het programma Circulaire Economie.

4.6 Inzet op financiering van verduurzaming De verduurzamingsambities stuiten nog vaak op een gebrek aan financiële middelen. Het binnenhalen van Rijks- of Europese subsidies dan wel de inzet van diverse fondsen die beschikbaar zijn (zoals PNDH, Innovatiefonds, MIT, GONH en PIM) maar ook Invest MRA en ander financieel instrumentarium (garantstelling of participatie), kunnen een belangrijke impuls opleveren deze ambities te helpen realiseren.

16

november 2020 Waar dit relevant is, worden vanuit de betrokken programma activiteiten de verbindingen gemaakt met genoemde fondsen. Op basis van onder andere de lobby agenda worden kansen benut voor het binnenhalen van subsidies.

5

Verder proces

Met het MRA-programma Circulaire Economie 2020-2025 wordt aangesloten op de door het Rijk vastgestelde horizon, waarbij in 2050 het gebruik van de meeste primaire grondstoffen volledig circulair is. Dit wordt opgebouwd door te werken met een uitvoeringsprogramma van steeds twee jaar vooruit. Dit biedt de ruimte om eind 2022 opnieuw tot keuzes te komen op basis van een evaluatie met resultaten van deze uitvoeringsagenda eind 2022 en nieuwe inzichten die dan beschikbaar zijn.

17

Retouradres: Strawinskylaan 1779, 1077 XX Amsterdam

Colleges van burgermeesters en wethouders t.a.v.de wethouders Duurzaamheid en Economie Vervoerregio Amsterdam

Datum

29 oktober 2020

Onderwerp

MRA Handreikingen circulaire Inkoop

Geacht College, Bijgaand ontvangt u de MRA-handreikingen voor klimaatneutrale en circulaire inkoop voor vier inkooppakketten, conform de afspraak tijdens de eerste MRA Duurzaamheid Top van 18 oktober 2019. Deze afspraak vloeit voort uit de gezamenlijke ondertekening MRA breed van de intentieverklaring om als MRA toe te werken naar 10% circulaire inkoop in 2022 en 50% in 2025. Deze vier handreikingen betreffen: 1) Asfalt en beton (gecombineerd); 2) Catering; 3) Kantoorinrichting. Deze handreikingen bieden alle MRA-overheden praktische handvatten om daadwerkelijk aan de slag te gaan met circulaire inkoop en -aanbesteding. Het is van belang om als MRA-overheden een gezamenlijke duurzame en circulaire inkoopmacht (purchasing power) te vormen en zo bij te dragen aan de transitie naar een circulaire economie. Deze handreikingen zijn tijdens de tweede MRA Duurzaamheid Top van 29 oktober j.l. door wethouder Jan Hoek, als een van de bestuurlijke trekkers van de MRA Programma Circulaire Economie, overhandigd aan Cora Smelik, als voorztter van het MRA Portefeuillehoudersoverleg Duurzaamheid. De handreiking voor asfalt en beton is bovendien overhandigd aan Jacqueline Cramer, voorzitter van het landelijke Betonakkoord, omdat de MRA-handreiking de uitgangspunten en eisen van dit landelijke Betonakkoord volgt.

Strawinskylaan 1779 (WTC, I-toren)

info@metropoolregioamsterdam.nl

1077 XX Amsterdam

www.metropoolregioamsterdam.nl

Wat wij u vragen Om deze belangrijke stap in het vormen van een gezamenlijke inkoopmacht op MRA schaal te bewerkstelligen wil ik u de volgende vragen voorleggen: a. Bent u bereid als opdrachtgever om de aangeboden handreikingen voor klimaatneutrale en circulaire inkoop te hanteren, als basis bij inkooptrajecten voor asfalt&beton, catering en kantoorinrichting, waarmee u aangeeft vooral koplopers te willen stimuleren in deze markten? b. Bent u bereid om met het hanteren van de handreiking voor asfalt en beton, tevens formeel het landelijke Betonakkoord te ondertekenen ? Wanneer alle 35 MRA-overheden zich formeel aansluiten bij het Betonakkoord, in lijn met andere overheden die dit eerder gedaan hebben, schept dit duidelijkheid naar marktpartijen. Circulaire inkoop van asfalt en beton levert, gegeven de volumes die daarmee gepaard gaan, veel milieu-impact op. Duidelijkheid naar marktpartijen, niet alleen regionaal maar ook landelijk, is om die reden relevant. Wij roepen u vanuit ons programma Circulaire Economie daarom op om hierop een concreet besluit te nemen. Vervolg Deze handreikingen vormen de start van handelingsrichtlijnen in concrete stappen, als ondersteuning om daadwerkelijk aan de slag te gaan met circulaire inkoop en aanbesteding. Begin volgend jaar verwachten we een handreiking voor bewegwijzering en verkeersborden beschikbaar te hebben.

Ook deze is een uitwerking van de bestuurlijke afspraken op 18-10-2019. Als MRA-overheden ontwikkelen we – steeds in wisselende samenstellingen – ook handreikingen voor een volgende set inkooppakketten. Daarmee helpen we elkaar versnellen op weg naar 100% circulaire inkoop. Per jaar zijn dat telkens minimaal vijf pakketten waarbij wij, waar relevant, ons aansluiten bij landelijke buyer groups en resultaten uitwisselen met de Amsterdam Economic Board. Wij beseffen ons dat de realisatie van de ambities, op het gebied van circulaire inkoop van de MRA overheden, vraagt om een andere werkwijze en competentieontwikkeling van betrokkenen bij de inkoopketen. Hiervoor bieden wij, vanuit het MRA Programma Circulaire Economie, ondersteuning via een expertpool, een intervisiegroep, per inkooppakket leernetwerken en, specifiek voor asfalt en beton, vanaf januari 2021 ook een online training.

Strawinskylaan 1779 (WTC, I-toren)

info@metropoolregioamsterdam.nl

1077 XX Amsterdam

www.metropoolregioamsterdam.nl

Meten Circulaire Inkoop De eerste mijlpaal van 10% ciruclaire inkoop staat gepland in 2022. Om dit meetbaar te maken biedt de MRA Roadmap Circulaire Inkoop en Opdrachtgeverschap een concrete methodiek. Ervaring leert dat het meten van circulaire inkoop bij veel MRAoverheden nog niet integraal onderdeel is van de bedrijfsvoeringsprocessen. Wij roepen u op om aan te geven welke ondersteuning u nodig heeft om het meten van circulaire inkoop mogelijk te maken. Reactie Graag ontvangen wij op de genoemde vragen uw reactie. Wij verzoeken deze uiterlijk 20 januari 2021 aan ons kenbaar te maken. Dit kan via: p.plokker@amsterdam.nl. Uiteraard kunnen wij desgewenst deze handreikingen en de relatie met het beton akkoord voor uw organisatie, of ten behoeve van uw gemeenteraad, nader toelichten. U kunt hiertoe contact opnemen met de heer Hendriksen, medewerker van het MRA programma Circulaire Economie (mail: ahendriksen@haarlem.nl). Hij is ook bereikbaar voor eventuele vragen of verdere toelichting. In de hoop u voldoende te hebben bericht en uw reactie met belangstelling tegemoet ziende, Met vriendelijke groet,

Jan Hoek, Wethouder Duurzaamheid Almere Robbert Berkhout, Wethouder Duurzaamheid Haarlem Bestuurlijk trekkers van het MRA programma Circulaire Economie Bijlagen Handreiking Klimaatneutrale en Circulaire Inkoop Asfalt en Beton Handreiking Klimaatneutrale en Circulaire Inkoop Catering Handreiking Klimaatneutrale en Circulaire Inkoop Kantoorinrichting Landelijke Beton Akkoord

Strawinskylaan 1779 (WTC, I-toren)

info@metropoolregioamsterdam.nl

1077 XX Amsterdam

www.metropoolregioamsterdam.nl

Beton VYo1.].I BETONAKKOORD voor DUURZAME GROEI Partijen: Rijksoverheid:

1. 2. 3. 4.

De minister van Infrastructuur en Waterstaat, mevrouw Cora van Nieuwenhuizen Wijbenga, namens deze de staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat, mevrouw Stientje van Veidhoven, De minister van Economische Zaken en Klimaat, de heer Eric Wiebes, De minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, mevrouw Carola Schouten, De staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties, de heer Raymond Knops, als verantwoordelijke voor het werk van het Rijksvastgoedbedrijf, handelend in zijn hoedanigheid van bestuursorgaan, namens deze de heer Jürgen Jongkind, plaatsvervangend directeur-generaal.

Ieder handelend in zijn of haar hoedanigheid van bestuursorgaan en als vertegenwoordiger van de Staat der Nederlander, Partijen 1 tot en met 4 samen hierna te noemen: Rijksoverheid; Gemeenten:

5.

De gemeente Den Haag, ten deze rechtsgeldig vertegenwoordigd door wethouder L. van Tongeren, daartoe aangewezen door de burgemeester van Den Haag krachtens artikel 171 Gemeentewet, in uitvoering van collegebesluit van 3 oktober 2017, kenmerk DSB/2017.454, RlSnummer 298037,

6.

De gemeente Amersfoort, ten deze rechtsgeldig vertegenwoordigd door wethouder F. Koer Kaya, daartoe aangewezen door de burgemeester van Amersfoort krachtens artikel 171 Gemeentewet, in uitvoering van collegebesluit van 28juni 2018, kenmerk 5634598,

ProRail:

7.

ProRail B.V., te dezen rechtsgeldig vertegenwoordigd door de heer P. Eringa, voorzitter Raad van Bestuur,

Partijen 1 tot en met 7 samen hierna te noemen: (Publieke) Opdrachtgevers. Toeleveranciers: producenten van primaire en secundaire grondstoffen en additieven, prefab- en beton m o rte 1fabri kanten. 8. BASF Nederland B.V., vertegenwoordigd door de heer P. van Gent, 9. Betoncentrale Wessel B.V., vertegenwoordigd door de heer i. van der Velden, 10. Bork Sloopwerken B.V., vertegenwoordigd door de heer J. Bork, 11. C2Ca technology, vertegenwoordigd door de heer E. van Roekel, 12. Caron Recycling BV, vertegenwoordigd door de heer S. Kloetstra, 13. Cementbouw, vertegenwoordigd door de heer A. Barendregt, 14. Dekkergroep, vertegenwoordigd door de heer R. van den Berg, 15. Ecocem Benelux B.V., vertegenwoordigd door de heer R. Buiter, 16. GBN, vertegenwoordigd door de heer E. van Roekel, 17. K3Delta BV, vertegenwoordigd door de heer D. Evertse en de heer F. Snel, 18. KIWA, vertegenwoordigd door de heer W. van Vreeswijk, 19. Modulo Milieustraten, vertegenwoordigd door de heer R. van Ommeren, 20. Movares, vertegenwoordigd door de heer i. Buisman, 21. NV. Niba, vertegenwoordigd door de heer M. Dankers, 22. NIBE vertegenwoordigd door de heer M. van Leeuwen, 23. SmartCrusher bv, vertegenwoordigd door de heer K. Schenk, 24. Struyk Verwo lnfra B.V., vertegenwoordigd door de heer A. van Woensel, 25. Van Nieuwpoort Groep B.V., vertegenwoordigd, door de heer F. Koote en door de heer G.

van Nieuwpoort, 26. VBI, Verenigde Bouwprodukten Industrie B.V., door de heer E. van de Meer, 27. Vitruvius Building Solutions, vertegenwoordigd door de heer G. Hol, Partijen 8 tot en met 27 samen hierna te noemen: Toeleveranciers. Betonakkoord voor duurzame groei

—

10juli2018

Pagina 1 van 20

Beton

Bouwbedrijven: een ieder die de uitvoering van werken op de markt aanbiedt.

28. VolkerWessels, vertegenwoordigd door de heer W. van der Meer. 29. BAM lnfra Nederland bv, vertegenwoordigd door de heer M. Schimmel, 30. Boskalis Nederland B.V., vertegenwoordigd door de heer A. van Schaik, 31. Bruil, vertegenwoordigd door de heen. Bruil, 32. Heijmans NV, vertegenwoordigd door de heer G. Witzel 33. Strukton Civiel B.V., vertegenwoordigd door de heer F. Bekooij, 34. TBI, vertegenwoordigd door de heer R. Feijen, 35. Van Spijker lnfrabouw B.V., vertegenwoordigd door de heer M. Beukers. Partijen 28 tot en met 35 samen hierna te noemen: Bouwbedrijven. Overige Partijen staan vermeld in bijlage 1; deze bijlage 1 vormt een integraal onderdeel van het Betonakkoord. De bijlage wordt actueel gehouden door Rijkswaterstaat en indien gewijzigd, jaarlijks gepubliceerd in de Staatscourant, zodat voor iedereen kenbaar is welke partijen zich binden aan dit Betonakkoord en welke rol zij daarin vervullen. Overwegende:

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Haarlemmermeer&id=50b9ae43-0ae3-449f-872a-68c3e727acd9