1. RV Vaststelling bestemmingsplan Badhoevedorp Quatrebras west 2021.0002196.pdf
Tekst van het document
gemeente Haarlemmermeer
raadsvoorstel
Onderwerp
Portefeuillehouder Steller Collegevergadering
Vaststelling bestemmingsplan Badhoevedorp Quatrebras west mr. Mariëtte Sedee-Schuitemaker mr. Jeroen Oosterhof 21 september 2021
Raadsvergadering Raadsvoorstelnummer
2021.0002196 1. Voorstel Collegebesluit(en)
Het college besluit de raad voor te stellen om: 1. geen exploitatieplan vast te stellen voor het bestemmingsplan Badhoevedorp Quatrebras west, omdat het kostenverhaal anderszins is verzekerd; 2. het bestemmingsplan Badhoevedorp Quatrebras west met planidentificatie NL.IMR0.0394.BPGbadquatrebraswe-C001, bestaande uit een verbeelding en bijbehorende regels met bijlagen, conform de artikelen 1.2.1 tot en met 1.2.5 Besluit ruimtelijke ordening in elektronische vorm vast te leggen en in die vorm vast te stellen, één en ander overeenkomstig de bij dit besluit gevoegde bescheiden en op grond van de overwegingen genoemd in het voorstel van het college van burgemeester en wethouders; 3. het college van burgemeester en wethouders te machtigen het verder nodige te verrichten. 2. Samenvatting
Badhoevedorp zal de komende jaren sterk veranderen. Om de leefbaarheid van Badhoevedorp te verbeteren, de oude dorpsstructuur te herstellen en de bereikbaarheid van de regio te vergroten, is de rijksweg A9 uit het dorp verdwenen en omgelegd. Op en rondom de vrijkomende gronden in het dorp worden woningen, bedrijven en voorzieningen ontwikkeld. Hiermee wordt het dorp weer één en uit de grondinkomsten dragen wij bij aan de kosten voor de omlegging. De gebiedsontwikkeling Quatrebras bestaat uit de deelplannen A, B, C en D. De beoogde ontwikkeling van de gronden in deelplan D wijkt af van de oorspronkelijke plannen voor 49 grondgebonden woningen in dit deelgebied. Er worden nu meer woningen gebouwd en in andere woningcategorieën. Om de voorgenomen ontwikkeling van in totaal 186 woningen mogelijk te maken, is een nieuw bestemmingsplan nodig. Het bestemmingsplan Badhoevedorp Quatrebras west voorziet in deze gewijzigde ontwikkeling. Van de 186 woningen worden er 143 gerealiseerd in twee appartementencomplexen, die aan weerszijden van de Oleanderlaan en
Vaststelling bestemmingsplan Badhoevedorp Quatrebras west
pagina 2
langs de Schipholweg worden gebouwd. Daarnaast worden in het plangebied 43 grondgebonden woningen mogelijk gemaakt. 3. Uitwerking Aanleiding
De nieuwe woonwijk Quatrebras wordt een groene, ruim opgezette en dorpse wijk in Badhoevedorp, gelegen aan een centraal park en vijver. Het park is onderdeel van de wijk, zichtbaar vanaf de lanen en de zogenaamde 'groene vingers' die vanuit het park diep in de woonwijk doordringen. De lanen, de groenstructuur en het ruim opgezette wonen zijn karakteristiek voor Quatrebras. De gebiedsontwikkeling Quatrebras bestaat uit de deelplannen A, B, C en D. In deelplan D liggen de gronden die eigendom zijn van ontwikkelaar Bertelli. In september 2018 zijn wij een anterieure overeenkomst met deze ontwikkelaar (raadsvoorstel, 2018.0058690) aangegaan ten behoeve van de ontwikkeling en realisatie van 49 grondgebonden koopwoningen op deze gronden, conform het Definitief Stedenbouwkundig Ontwerp Quatrebras (nota van B&W, 2011.0010169). De ontwikkelaar heeft in dat kader ook gronden aan ons verkocht. Hierdoor kunnen wij de Oleanderlaan en het kruispunt met de Schipholweg realiseren. Bij het aangaan van de anterieure overeenkomst bestond bij partijen al de wens om een meer gevarieerd woningbouwprogramma te onderzoeken, met name de mogelijkheid om meer huurappartementen te realiseren. Hierover zijn afspraken gemaakt in de allonge op de anterieure overeenkomst (nota van B&W inzake allonge, geheim, 2020.0001602).
Hierop heeft de ontwikkelaar in 2019, in overleg met ons, een nieuw plan ontwikkeld, dat in totaal uit 186 woningen bestaat, namelijk 40 sociale huurwoningen, 15 middenhuur woningen, 88 huurwoningen in het dure segment en 43 koopwoningen in het dure segment. Dit plan vervangt de 49 woningen uit het Definitief Stedenbouwkundig Ontwerp Quatrebras uit 2011 (nota van B&W, 2011.0010169). We vinden dit een positieve ontwikkeling omdat hiermee een programma wordt gerealiseerd waaraan behoefte is en dat elders in de gebiedsontwikkeling Badhoevedorp niet wordt ontwikkeld. 3.1 Wat willen wij bereiken?
Met de vaststelling van het bestemmingsplan Badhoevedorp Lijnden Oost in 2013 is voorzien in een grote gebiedsontwikkeling in en rondom Badhoevedorp. De ontwikkeling van woningbouw in deelgebied Quatrebras, aan de westzijde van de kern Badhoevedorp, is als eerste gestart en thans volop in uitvoering. Een deel van de gronden in dit gebied is echter nog niet voorzien van een bestemming die de ontwikkeling van 186 woningen en bijbehorende voorzieningen mogelijk maakt. Ten aanzien van de gronden die al voorzien in een bestemming voor woningbouw, wijkt de beoogde ontwikkeling af van de kaders die in 2011 (Definitief Stedenbouwkundig Ontwerp Quatrebras, nota van B&W, 2011.0010169) respectievelijk 2013 (bestemmingsplan Badhoevedorp Lijnden Oost, 2013.0029418) zijn gesteld. Met dit nieuwe bestemmingsplan voorzien wij in een actueel juridisch planologisch kader voor de ontwikkeling van in totaal 186 woningen in de zuidwesthoek van Quatrebras. Ligging en begrenzing plangebied
Het plangebied van dit bestemmingsplan bevindt zich aan de westzijde van Badhoevedorp. Van het deelgebied Quatrebras ligt dit plangebied het meest zuidwestelijk. Het plangebied wordt begrensd door de Schipholweg aan de zuidzijde, de nieuwe watergang aan de westzijde, het voor woningbouw te ontwikkelen deel aan de noord- en noordoostzijde en de bestaande bebouwing van Badhoevedorp aan de oostkant. In de huidige situatie doorkruist de
Vaststelling bestemmingsplan Badhoevedorp Quatrebras west
pagina 3
Amsterdamse laan het plangebied. In onderstaande afbeelding is de ligging van het plangebied weergegeven.
Ligging plangebied, luchtfoto google mops 3.2 Wat gaan wij daarvoor doen?
Om de voorgenomen ontwikkeling van woningen op de gronden van het plangebied mogelijk te maken, is het nodig een nieuw planologisch juridisch kader vast te stellen. Dat doen wij met het nieuwe bestemmingsplan Badhoevedorp Quatrebras west, waarvoor wij de wettelijk voorgeschreven stappen hebben doorlopen. De eerste stap van deze procedure was het wettelijk vooroverleg in het kader van artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro). Het voorontwerpbestemmingsplan Badhoevedorp Quatrebras west is in het wettelijk vooroverleg toegestuurd aan de provincie Noord-Holland, het Hoogheemraadschap van Rijnland, de Veiligheidsregio Kennemerland en de Vereniging Dorpsraad Badhoevedorp. De ingekomen reacties hebben geleid tot enkele inhoudelijke aanpassingen van de plantoelichting. De resultaten van het vooroverleg zijn samengevat en beantwoord in hoofdstuk 6.2 van de plantoelichting. Nadat het wettelijk vooroverleg was afgerond en het plan was aangepast, hebben wij het ontwerpbestemmingsplan Badhoevedorp Quatrebras west vastgesteld en ter inzage gelegd. In de periode van zes weken dat het ontwerpbestemmingsplan ter inzage lag, van 18 maart 2021 tot en met 28 april 2021 kon eenieder een zienswijze op het plan indienen.
Hoewel op het ontwerpbestemmingsplan één schriftelijke zienswijze is ingediend, door de Vereniging Dorpsraad Badhoevedorp, is die zienswijze ingetrokken per e-mail van 30 juli 2021. Met de Vereniging Dorpsraad Badhoevedorp hebben wij op 27 juli 2021 een uitvoerig gesprek gevoerd
Vaststelling bestemmingsplan Badhoevedorp Quatrebras west
pagina 4
over de onderwerpen die zij in de zienswijze aan de orde had gesteld en hebben wij een aantal aspecten toegelicht, wat aanleiding heeft gegeven om de zienswijze in te trekken. Voordat het bestemmingsplan Badhoevedorp Quatrebras west wordt vastgesteld, stellen wij voor om de volgende ambtshalve wijzigingen aan te brengen in het plan: 1. In paragraaf 3.1 en 3.2 van de plantoelichting van het ontwerpbestemmingsplan stonden inmiddels geactualiseerde beleidsstukken van het Rijk en de provincie NoordHolland. Beide beleidsparagrafen zijn aangepast en bevatten nu het actuele ruimtelijke beleid van zowel het Rijk als de provincie Noord-Holland. 2. In paragraaf 5.3 van de plantoelichting zijn de resultaten van het onderzoek naar stikstofdepositie verwerkt. Het plan leidt niet tot een significante toename van stikstofdepositie en negatieve effecten kunnen worden uitgesloten. 3. Het plangebied van het ontwerpbestemmingsplan Badhoevedorp Lijnden Oost 2e herziening, dat vanaf 3 september 2021 ter inzage is gelegd, overlapte een smalle strook grond aan de noordoostzijde van de Oleanderlaan die in het ontwerpbestemmingsplan Badhoevedorp Quatrebras west was opgenomen. Door het plangebied hierop aan te passen, sluiten de plangrenzen weer op elkaar aan. 4.
In artikel 6.2.1 sub d van de planregels is bepaald dat balkons vanaf 1,5 meter boven maaiveld zijn toegestaan, terwijl in het ontwerpbestemmingsplan 3 meter was voorgeschreven. Echter, vanwege de half verdiepte parkeergarage ligt de begane grond op 1,5 meter hoogte en het is wenselijk dat die appartementen ook worden voorzien van een balkon. Met deze aanpassing wordt dat toegestaan. Nadat het bestemmingsplan is vastgesteld, wordt het nogmaals ter inzage gelegd. Gedurende die terinzagelegging kan beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. 3.3 Wat mag het kosten?
Artikel 6.12 lid 1 Wet ruimtelijke ordening (Wro) bepaalt dat de gemeenteraad een exploitatieplan vaststelt voor gronden waarop een bij algemene maatregelen van bestuur aangewezen bouwplan is voorgenomen. In vervolg op artikel 6.12 lid 1 wordt in artikel 6.12 lid 2 Wro bepaald dat de gemeenteraad geen exploitatieplan vaststelt als het verhaal van kosten anderszins is verzekerd. Voor dit bestemmingsplan is een anterieure overeenkomst gesloten met de ontwikkelaar van de gronden. Daarmee is het verhaal van kosten anderszins geregeld en hoeft geen exploitatieplan te worden vastgesteld. 3.4 Wie is daarvoor verantwoordelijk?
Op grond van de Wro stelt de gemeenteraad het bestemmingsplan vast. De portefeuillehouder Ruimtelijke ordening is namens het college het eerste aanspreekpunt voor het opstellen van het bestemmingsplan. Door ons college te machtigen het verder noodzakelijke te verrichten, zijn wij bevoegd op te treden in een eventuele beroepsprocedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. 3.5 Welke overige relevante informatie is beschikbaar?
In september 2018 zijn wij een anterieure overeenkomst (2019.0058690) aangegaan met Bertelli Vastgoed (hierna: de ontwikkelaar) ten behoeve van de ontwikkeling van 49 grondgebonden koopwoningen in deelplan D van Quatrebras. Hierin zijn toen ook afspraken gemaakt over het mogelijk wijzigen van het programma. De ontwikkelaar heeft inmiddels een plan met een meer gevarieerd woningbouwprogramma ontwikkeld van in totaal 186 woningen. Hierover zijn aanvullende afspraken gemaakt met de ontwikkelaar en deze zijn vastgelegd in
Vaststelling bestemmingsplan Badhoevedorp Quatrebras west
pagina 5
een allonge op de anterieure overeenkomst (2020.0001602, Nota van B&W inzake allonge geheim). De ontwikkelaar heeft een nieuw plan ontwikkeld voor 40 sociale huurwoningen, 15 middenhuur woningen, 88 huurwoningen in het dure segment en 43 koopwoningen in het dure segment. Wij zien de ontwikkeling van grondgebonden woningen én appartementen, sociale woningbouw en woningen in het middensegment in deelplan D als een positieve ontwikkeling. In Badhoevedorp is hieraan veel behoefte. 3.6 Wanneer en hoe zal de raad/het college over de voortgang worden geïnformeerd?
Met de vaststelling van het bestemmingsplan is het plan afgerond. Na vaststelling van het bestemmingsplan bestaat de mogelijkheid om beroep in te stellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De gemeenteraad zal in kennis worden gesteld van de uitspraak van de Raad van State in een eventuele beroepsprocedure. 4. Ondertekening
Bijlage(n): • Planregels bestemmingsplan Badhoevedorp Quatrebras west s Plantoelichting bestemmingsplan Badhoevedorp Quatrebras west • Planverbeelding bestemmingsplan Badhoevedorp Quatrebras west
Quatrebras west Bestemmingsplan – September 2021 Toelichting 1
Inhoudsopgave 1
2
Inleiding .............................................................................................................................. 4 1.1
Aanleiding ............................................................................................................................... 4
1.2
Ligging en begrenzing plangebied .......................................................................................... 4
1.3
Doel en planvorm ................................................................................................................... 5
1.4
Geldende bestemmingsplannen en regelingen...................................................................... 5
1.5
Planproces .............................................................................................................................. 5
1.6
Leeswijzer ............................................................................................................................... 6
Beschrijving huidige situatie ................................................................................................ 7 2.1
3
4
5
6
Ruimtelijke structuur .............................................................................................................. 7
Beleid en regelgeving .......................................................................................................... 9 3.1
Rijksbeleid ............................................................................................................................... 9
3.2
Provinciaal en regionaal beleid............................................................................................. 13
3.3
Gemeentelijk beleid .............................................................................................................. 15
Nieuwe situatie ................................................................................................................. 23 4.1
Visie op het plangebied ........................................................................................................ 23
4.2
Ruimtelijke structuur ............................................................................................................ 23
4.3
Functionele structuur ........................................................................................................... 24
Onderzoek en beperkingen ................................................................................................ 25 5.1
Water .................................................................................................................................... 25
5.2
Bodem ................................................................................................................................... 28
5.3
Flora en fauna ....................................................................................................................... 29
5.4
Cultuurhistorie en archeologie ............................................................................................. 31
5.5
Geluid .................................................................................................................................... 32
5.6
Lucht ..................................................................................................................................... 35
5.7
Externe veiligheid ................................................................................................................. 37
5.8
Geur ...................................................................................................................................... 40
5.9
Licht....................................................................................................................................... 40
5.10
Bedrijven en milieuzonering ............................................................................................. 41
5.11
Luchtvaartverkeer ............................................................................................................. 42
5.12
Kabels, leidingen en telecommunicatie installaties .......................................................... 42
5.13
Explosieven ........................................................................................................................ 43
5.14
Milieueffectrapportage ..................................................................................................... 44
Uitvoerbaarheid ................................................................................................................ 47 2
7
6.1
Financiële uitvoerbaarheid ................................................................................................... 47
6.2
Maatschappelijke uitvoerbaarheid ....................................................................................... 47
Juridische aspecten ........................................................................................................... 51 7.1
Opzet regels en verbeelding ................................................................................................. 51
7.2
Inleidende regels .................................................................................................................. 51
7.3
Bestemmingsregels ............................................................................................................... 51
7.4
Algemene regels ................................................................................................................... 53
7.5
Overgangs- en slotregels ...................................................................................................... 53
7.6
Handhaafbaarheid ................................................................................................................ 53
Quatrebras West
3
1 Inleiding 1.1 Aanleiding Met de vaststelling van het bestemmingsplan Badhoevedorp Lijnden Oost in 2013 is voorzien in een grote gebiedsontwikkeling in en rondom Badhoevedorp. De ontwikkeling van woningbouw in deelgebied Quatrebras, aan de westzijde van de kern Badhoevedorp, is als eerste opgepakt en volop in uitvoering. Een deel van de gronden in dit gebied is echter nog niet voorzien van een bestemming die woningbouw mogelijk maakt, terwijl de beoogde ontwikkeling van deze locatie afwijkt van de kaders die in 2013 zijn uitgezet. De voorgenomen ontwikkeling van het zuidwestelijk deel van Quatrebras bestaat uit een combinatie van zowel grondgebonden als gestapelde woningbouw. Weliswaar biedt het geldende bestemmingsplan al een mogelijkheid om gestapelde woningen te realiseren, alleen is de ontwikkelaar van plan om ook aan de oostzijde van de nieuwe Oleanderlaan appartementen te ontwikkelen. Daarnaast neemt het totaalaantal te realiseren woningen in dit deel van Quatrebras toe. Met dit bestemmingsplan wordt de voorgenomen ontwikkeling van het plangebied van een juridisch planologisch kader voorzien.
1.2 Ligging en begrenzing plangebied Het plangebied van dit bestemmingsplan bevindt zich aan de westzijde van Badhoevedorp. Van het deelgebied Quatrebras ligt dit plangebied het meest zuidwestelijk. Het plangebied wordt begrensd door de Schipholweg aan de zuidzijde, de nieuwe watergang aan de westzijde, het voor woningbouw te ontwikkelen deel aan de noord- en noordoostzijde en de bestaande bebouwing van Badhoevedorp aan de oostkant. In de huidige situatie doorkruist de Amsterdamse laan het plangebied. In onderstaande afbeelding is de ligging van het plangebied weergegeven.
Afbeelding 1: Ligging plangebied Quatrebras West
4
1.3 Doel en planvorm De doelstelling van het bestemmingsplan Badhoevedorp Quatrebras west (NL.IMRO.0394.BPGbadquatrebraswe-C001) is het bieden van een actueel juridisch-planologisch kader voor het plangebied zoals beschreven in paragraaf 1.2. Het bestemmingsplan maakt het mogelijk om in het plangebied 43 grondgebonden woningen evenals 143 gestapelde woningen, verspreid over drie appartementencomplexen, te bouwen. De planopzet sluit aan op de systematiek van de geldende plannen.
1.4
Geldende bestemmingsplannen en regelingen
Het bestemmingsplan Badhoevedorp Quatrebras west vervangt – geheel of voor een gedeelte – de volgende bestemmingsplannen: Plannaam Badhoevedorp Lijnden Oost Badhoevedorp Lijnden Oost 1e herziening Badhoevedorp Lijnden Oost Quatrebras
Vastgesteld 04-07-2013 17-03-2016 19-12-2017
Onherroepelijk 02-04-2014 13-05-2016 08-02-2018
Afbeelding 2: vigerende plannen rondom plangebied
1.5 Planproces Een bestemmingsplan doorloopt de procedure zoals bedoeld in de Wet ruimtelijke ordening (Wro). Het voorontwerp bestemmingsplan wordt ex artikel 3.1.1 Besluit ruimtelijke ordening (Bro) voor advies voorgelegd aan Rijk, provincie en waterschap. Door de gemeente Haarlemmermeer wordt in dit stadium van planvorming ook de betreffende dorps- of wijkraad in de gelegenheid gesteld op Quatrebras West
5
het voorontwerp bestemmingsplan te reageren. Binnengekomen reacties uit het wettelijk vooroverleg worden verwerkt in het ontwerp bestemmingsplan. Tijdens de ter visie legging van het ontwerp bestemmingsplan kan eenieder schriftelijk of mondeling een zienswijze kenbaar maken. De ingediende zienswijzen worden verwerkt in het vast te stellen bestemmingsplan. Het vastgestelde bestemmingsplan wordt nogmaals ter inzage gelegd. Gedurende deze terinzagelegging kan beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Dit kan uitsluitend door belanghebbenden die ook een zienswijze op het ontwerpbestemmingsplan hebben ingediend, of door eenieder voor zover het onderdelen betreft die door de gemeenteraad gewijzigd zijn vastgesteld.
1.6 Leeswijzer Het tweede hoofdstuk van deze toelichting geeft een beeld van de bestaande situatie in het plangebied. Er wordt een beschrijving gegeven van de ruimtelijke en functionele structuur van het gebied. In het derde hoofdstuk wordt ingegaan op het relevante beleid en de regelgeving en de invloed hiervan op het bestemmingsplan. Het vierde hoofdstuk gaat in op de nieuwe situatie met de te verwachten ontwikkelingen en de gewenste ruimtelijk-functionele structuur. Het vijfde hoofdstuk gaat in op de onderzoeksgegevens en beperkingen. In het hoofdstuk zes komt de uitvoerbaarheid aan bod en in het laatste hoofdstuk wordt ingegaan op de juridische aspecten van dit bestemmingsplan.
Quatrebras West
6
2 Beschrijving huidige situatie 2.1 Ruimtelijke structuur 2.1.1 Algemeen Het plangebied van dit bestemmingsplan grenst aan het voormalige tracé van de A9 en ligt tussen het bedrijventerrein Lijnden Oost en de wijk Rietland. Het gedeelte waar het plangebied tegen de wijk Rietland ligt bestaat uit kantoorbebouwing. De omlegging van het tracé van de A9 ten zuiden van Badhoevedorp heeft er mede toe geleid dat het plangebied grotendeels braak ligt. Voorheen hadden de gronden een agrarische bestemming (weiland). Halverwege de 20e eeuw is een groot aantal sloten gedempt en in de jaren ’60 zijn de Amsterdamse Baan, de A9 en de afslag naar de A9 vanaf de Amsterdamse Baan aangelegd. In 2017 zijn deze afslag en de A9 verlegd richting het zuiden van het huidige plangebied.
2.1.2 Bebouwingsstructuur Het plangebied grenst aan de wijk Rietland en het bedrijventerrein Lijnden-Oost en maakt deel uit van de nog te ontwikkelen wijk Quatrebras. Rietland Rietland ligt aan de westkant van de Kamerlingh Onneslaan. De Schipholweg begrenst de wijk in het zuiden en de Amsterdamse Baan (T106) vormt de westgrens. De bebouwing van de wijk Rietland wordt naar het westen afgerond door kantoren. Het deel ten noorden van de Robert Kochstraat is overwegend groen ingericht met enkele gebouwen en een zorgcomplex. De wijk Rietland bestaat uit buurtjes met villa's en bungalows. De bungalows in Rietland zijn één laag hoog en plat afgedekt. Het buurtje ten westen van de Prins Johan Frisolaan bestaat uit geschakelde villa's met een samengesteld volume. Het buurtje dankt de naam ’Groene Daken dorp’ (officieel: Bouwlust) aan de met groene bitumen shingles beklede daken. Het meest westelijk gelegen deel van de wijk bestaat uit kantoorgebouwen. Tussen de kantoorgebouwen en de Amsterdamse Baan is sprake van een waterpartij en een groene overgang (het talud). Bedrijventerrein Lijnden-Oost Het bedrijventerrein Lijnden-Oost ligt ten noordwesten van het plangebied en is aan het begin van deze eeuw in ontwikkeling genomen. Het bedrijventerrein is vooral bedoeld voor de vestiging van Schipholgebonden bedrijvigheid.
Daarnaast wordt een deel van het gebied benut voor uitplaatsing van bedrijven uit de kern van Badhoevedorp. Het bedrijventerrein heeft een hoogwaardig karakter, wat zich uitdrukt in een strakke - maar ruime - verkaveling, het gebruik van hoogwaardige bouwmaterialen, stedenbouwkundige eenheid en een bouwhoogte die hoger ligt dan gebruikelijk in Badhoevedorp.
2.1.3 Groenstructuur Badhoevedorp is een groene enclave aan de rand van de polder. Eén van de opvallende kwaliteiten van Badhoevedorp is het ontspannen ogende groene woonmilieu. De stedenbouwkundige structuur Quatrebras West
7
wordt gedragen door een aaneengesloten netwerk van bomenlanen, singels, plantsoenen en vijvers. De kern van het dorp is opgezet volgens het ‘tuindorp-principe’. De huidige hoofdgroenstructuur in Badhoevedorp bestaat uit een aaneengesloten netwerk van slingerende lanen, buurt- en wijkparken, beplante wegen en brede groenstroken. Badhoevedorp kent een aantal markante groene parken: De Badhoeve aan de Ringdijk, de Groene Zoom in het oosten en het Wandelbos in het westen. In de Groene Zoom is het Vierbuizenmeertje een opvallende plek. De belangrijkste beplanting staat langs de hoofdwegen. Groenstroken, voornamelijk gras, die door het hele dorp heen liggen zorgen voor de verbinding van het groen in Badhoevedorp. In het tuindorpdeel is vooral de lanenstructuur belangrijk terwijl in de andere delen privétuinen, incidentele straatbomen, speelveldjes en de grotere parken het groenbeeld bepalen. In de groenstructuur van Badhoevedorp nemen de Burgemeester Amersfoordtlaan en de Pa Verkuijllaan een bijzondere positie in. De wegen vormen door de zware beplanting (platanen), grasvelden en struiken een kenmerkende groene lijn in het dorp. De vaak royale voor- en achtertuinen versterken het groene lanenprofiel.
In de groenstructuur van Badhoevedorp spelen ook de oorspronkelijke polderwegen, tochten en vaarten zoals de Ringvaart, Hoofdweg en Hoofdvaart, de Schipholweg met Spaarnwoudertocht, de Sloterweg en de Kagertocht een belangrijke rol. Zij vormen de schakels tussen dorp en omliggend landschap. De Ringdijk vormt de begrenzing van de droogmakerij en de overgang naar het oude land en is tevens onderdeel van een ecologische verbindingszone. Badhoevedorp is in te delen in een aantal wijken afhankelijk van de ligging en de ruimtelijke opbouw. Ze verschillen op detailniveau van elkaar, niet alleen in stedenbouwkundige opzet, maar ook in groenopzet. Elke wijk heeft zo zijn eigen groenkenmerken. Daarnaast zijn door het dorp heen een aantal opvallende lijnen en zichtassen aanwezig: de Burgemeester Amersfoordtlaan en Pa Verkuijllaan, vanaf de Badhoeve naar het zuiden en naar het zuidoosten, de Stevinstraat / Badhoevelaan en de Keizersweg. De Badhoeve is een bijzondere plek en vormt vanaf de dijk een belangrijke entree van het dorp. Badhoevedorp heeft een aantal karakteristieke en waardevolle bomen, boomgroepen en bomenlanen. Deze staan in de gemeentelijke lijst met monumentale en waardevolle bomen.
2.1.4 Waterstructuur De waterstructuur in Badhoevedorp is vaak gecombineerd met groen. Opvallende waterelementen in Badhoevedorp zijn de centrale waterpartij van het tuindorp (uitmondend in het Vierbuizenmeertje), de wateras langs de Keizersweg (naar het Wandelbos en Akerveld) en het Generaal Snijdersplantsoen. Daarnaast zijn er drie belangrijke watergangen in het gebied aanwezig. In het zuiden langs de Schipholweg ligt de Spaarnwoudertocht, in het noorden de Ringvaart en aan de westzijde de Hoofdvaart. De watergangen vervullen een essentiële rol bij de aan- en afvoer van water in Badhoevedorp. Via de Spaarnwoudertocht wordt het overtollige water afgevoerd naar de Hoofdvaart. Vanaf de Hoofdvaart wordt het water via het gemaal Lijnden uitgeslagen op de Ringvaart. Via hetzelfde systeem kan ook water worden ingelaten in droge perioden.
Quatrebras West
8
3 Beleid en regelgeving 3.1 Rijksbeleid 3.1.1 Nationale Omgevingsvisie De Nationale Omgevingsvisie (NOVI) ‘Duurzaam perspectief voor onze samenleving’ komt voort uit de Omgevingswet, die naar verwachting in 2022 in werking treedt. Uitgangspunt is dat ingrepen in de leefomgeving niet los van elkaar plaatsvinden, maar in samenhang. Zo worden in gebieden betere, meer geïntegreerde keuzes gemaakt. Vier prioriteiten hierin zijn: • • • •
Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie; Duurzaam economisch groeipotentieel; Sterke en gezonde steden en regio’s; Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied.
Binnen deze prioriteiten worden drie afwegingsprincipes gehanteerd, die helpen om beleidskeuzes te maken. Dit zijn: • • •
Combinaties van functies hebben voorrang op enkelvoudige functies; Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal; Afwentelen wordt voorkomen.
Tot het moment dat de Omgevingswet in werking treedt (naar verwachting op 1 juli 2022) geldt de Nationale Omgevingsvisie als structuurvisie en zijn ruimtelijke belangen geborgd in het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro, zie §3.1.2). In het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is het Rijksbelang opgenomen dat verstedelijking op duurzame wijze plaatsvindt. Wanneer een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk wordt gemaakt, moet er getoetst worden aan de ‘ladder voor duurzame verstedelijking’ (zie §3.1.3).
3.1.2 Besluit algemene regels ruimtelijke ordening In het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) staat een aantal onderwerpen waarvoor het Rijk uit het oogpunt van de nationale belangen in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte regels stelt. Voor de gemeente Haarlemmermeer is hierin van belang: • Toekomstige uitbreiding van het hoofdwegennet en hoofdspoorwegennet. • De ruimte reservering voor de parallelle Kaagbaan. • Zones onder hoogspanningsverbindingen worden gevrijwaard. • Aan de provincies is opgedragen om herijkte EHS te beschermen. • Primaire waterkeringen buiten het kustfundament krijgen ruimtelijke bescherming. • Nationale landschappen zoals het erfgoed van de Stelling van Amsterdam, worden ruimtelijk beschermd.
Quatrebras West
9
•
Kaders voor onder meer het bundelen van verstedelijking en voor de bufferzones.
3.1.3 Besluit ruimtelijke ordening In het Besluit ruimtelijke ordening (Bro, 2017) is de ladder voor duurzame verstedelijking opgenomen. Met de ladder voor duurzame verstedelijking wordt een zorgvuldige afweging en transparante besluitvorming bij alle ruimtelijke en infrastructurele besluiten nagestreefd. De Ladder voor duurzame verstedelijking is geregeld in artikel 3.1.6 lid 2 Bro en luidt: ‘De toelichting bij een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, bevat een beschrijving van de behoefte aan die ontwikkeling, en, indien het bestemmingsplan die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien.’ De begrippen “bestaand stedelijk gebied” en “nieuwe stedelijke ontwikkeling”, zijn opgenomen in artikel 1.1.1 lid 1 aanhef en onder h en i Bro. De 'behoefte' is de aantoonbare vraag naar de voorgenomen ontwikkeling (de komende tien jaar looptijd van een bestemmingsplan) verminderd met het aanbod in planologische besluiten, ook als het feitelijk nog niet is gerealiseerd (harde plancapaciteit). De Ladder bepaalt niet voor welke regio de behoefte in beeld moet worden gebracht. De aard en omvang van de stedelijke ontwikkeling bepaalt op welk niveau de afweging moet worden gemaakt.
De afbakening van het onderzoeksgebied is dus afhankelijk van het beoogde programma in het bestemmingsplan. De ladder voor duurzame verstedelijking is van toepassing op het bestemmingsplan Badhoevedorp Quatrebras west omdat de voorgenomen ontwikkeling voorziet in een groter aantal te realiseren woningen. Ten opzichte van de geldende plannen (49 woningen) is sprake van een toename van 137 woningen, met name appartementen. Hoewel de ontwikkeling plaatsvindt op gronden waarvoor in 2008 reeds het Masterplan Badhoevedorp is vastgesteld en de geplande ontwikkelingen onmiskenbaar voorzien in een behoefte, wordt opnieuw ingegaan op de ladder voor duurzame verstedelijking. Regionale woningbehoefte De provinciale 'Prognose 2015‐2040, Concentratie in Steden (2015) en de 'Regionale samenwerkingsagenda 2016 ‐ 2020 (2016) van de SRA, vormen de grondslag voor het Regionaal Actieprogramma Wonen 2016-2020 (RAP 2016). Hierin maakt de gemeente Haarlemmermeer binnen de woonregio (Stadsregio) Amsterdam deel uit van deelregio Zuid / Amstelland‐Meerlanden. De RAP 2016 is in alle deelnemende gemeenten van de woonregio Amsterdam vastgesteld. Voor een afdoende regionale afstemming is door de provincie gevraagd om een aanvulling hierop om de binnenstedelijke productie beter in beeld te hebben. Hiertoe is de planmonitor in de provinciale Monitor Woningbouw door de gemeenten nader ingevuld.
Kwantitatieve woningbehoefte Uit de RAP 2012 bleek al dat in de Stadsregio te weinig wordt gebouwd waardoor de druk op de woningmarkt oploopt. De deelregio Amstelland Meerlanden is daarbij populair bij het beter opgeleide, welvarender deel van de Amsterdamse huishoudens met een verhuiswens naar de regio. Quatrebras West
10
Uit de Prognose 2015‐2040, Concentratie in Steden blijkt dat de woningbehoefteprognose in Amstel‐Meerlanden tussen 2015 en 2040 uitkomt op 40.000 woningen. De prognose gaat voor de gemeente Haarlemmermeer in periode 2015‐2040 uit van een kwantitatieve woningbehoefte van 18.700 woningen. Deze prognoses zijn onderlegger geweest voor de RAP 2016 en hieruit blijkt dus een grote woningbehoefte in de deelregio Amstelland Meerlanden. Aangedrongen wordt op het snel realiseren van woningbouwplannen. De planmonitor 2017 liet zien dat de locaties die de gemeente Haarlemmermeer had voorzien in totaal ruim 19.000 woningen omvatten, zowel harde (vastgestelde) als zachte (in voorbereiding zijnde) plannen). De ontwikkeling van Quatrebras met 550 woningen is hierin als hard plan opgenomen. Kwalitatieve woningbehoefte De woningbehoefte is zo groot in de Stadsregio, dat in de marktregio’s in alle segmenten tekorten zijn. De Samenwerkingsagenda geeft aan dat de opgave is om het aanbod middensegment huur in de Stadsregio te bevorderen. Er is behoefte aan minimaal 5.000 woningen in het middensegment huur tot prijsgrens € 900. Ook wordt aangegeven dat gewerkt moet worden aan een gezonde woningmarkt: een 'complete metropool', met aanbod in de verschillende woonmilieus, prijssegmenten en type woningen.
Het plan voorziet in de volgende samenstelling van woningen: • 40 sociale huurwoningen; • 15 middenhuurwoningen; • 88 huurwoningen in het dure segment; • 43 koopwoningen in het dure segment. Daarmee speelt het plan gedeeltelijk in op de grote behoefte aan huurwoningen in het lage- en middensegment, terwijl ook sprake is van een kleine afname van het aantal koopwoningen in het dure segment (43 in tegenstelling tot 49). Op grond van de grote woningbehoefte en het voorgenomen programma kan gesteld worden dat de beoogde ontwikkeling voldoet aan de kwalitatieve woningbouwbehoefte. Binnenstedelijk bouwen Het plangebied kan als binnenstedelijk worden aangemerkt. Conclusie Gezien het vorenstaande is sprake van zowel een kwantitatieve als een kwalitatieve behoefte aan woningen waarin het plan voorziet. Er wordt voldaan aan de ladder voor duurzame verstedelijking.
3.1.4 Luchthavenindelingbesluit Schiphol De ruimtelijke consequenties van het rijksbeleid voor Schiphol zijn geformuleerd in het Luchthavenindelingbesluit (LIB). In dit besluit is een beperkingengebied opgenomen waarbinnen beperkingen worden gesteld ten aanzien van het gebruik en de bestemming van de grond voor zover deze noodzakelijk zijn met het oog op veiligheid en geluidsbelasting. In paragraaf 5.11 wordt verder Quatrebras West
11
ingegaan op de gevolgen van de aanwezigheid van Schiphol en de beperkingen van het LIB voor dit bestemmingsplan. Informatieplicht nieuwe bewoners De gemeente zorgt ervoor dat nieuwe inwoners in een zo vroegtijdig mogelijk stadium deugdelijk en objectief geïnformeerd worden over geluidsbelasting en mogelijke hinder door vliegtuiggeluid (of –uitstoot en kerosinegeur) door de aanwezigheid van de luchthaven Schiphol.
3.1.5 Nationaal waterplan 2016-2021 Het Nationaal Waterplan (2015) geeft de hoofdlijnen, principes en richting van het nationale waterbeleid in de planperiode 2016-2021, met een vooruitblik richting 2050. Het kabinet speelt proactief in op de verwachte klimaatveranderingen op lange termijn, om overstromingen te voorkomen. Het Nationaal Waterplan gaat in op het robuust en toekomstgericht inrichten van het Nederlands watersysteem, gericht op een goede bescherming tegen overstromingen, het voorkomen van wateroverlast en droogte en het bereiken van een goede waterkwaliteit en een gezond ecosysteem als basis voor welzijn en welvaart. De volgende onderdelen komen in het plan naar voren: • De Deltabeslissingen (waterveiligheid, zoetwatervoorziening en ruimtelijke adaptatie). • De Beleidsnota Noordzee. • De verankering van afspraken die betrekking hebben op water vanuit het Energieakkoord. • De Natuurvisie. • De Internationale Waterambitie. • De geactualiseerde plannen en maatregelenprogramma’s om te voldoen aan de Europese eisen voor waterkwaliteit, overstromingsrisico's en het mariene milieu. Het plan omvat een integrale benadering door natuur, scheepvaart, landbouw, energie, wonen, recreatie, cultureel erfgoed en economie (inclusief verdienvermogen) zo veel mogelijk in samenhang met de wateropgaven te ontwikkelen.
De ambitie is dat overheden, bedrijven en burgers zich in 2021 meer bewust zijn van de kansen en bedreigingen van het water in hun omgeving.
3.1.6 Beleidsnota mainport en metropool Het Rijk heeft in samenwerking met de zogenaamde regiopartijen en de partijen uit de luchtvaartsector een beleidsnota (2016) opgesteld voor de Schipholregio. Deze beleidsnota is een uitwerking van het programma SMASH (Structuurvisie Mainport Amsterdam Schiphol Haarlemmermeer) en is erop gericht de mainport Schiphol en haar regio te versterken en helderheid te bieden wat betreft de mogelijkheden voor de verdere ruimtelijke en infrastructurele ontwikkeling. De nota heeft de ambitie om de kracht en kwaliteiten van de regio verder uit te bouwen, de economische ontwikkeling van de regio en Schiphol te stimuleren en kansen en potenties in de regio beter te benutten. Daarnaast willen de partijen binnen de regio de verwachte woningbehoefte van 440.000 geschatte woningen accommoderen. De kracht en kwaliteit van de Schipholregio komt voort uit de compactheid ervan en haar diversiteit aan functies. De focus ligt hierbij op vier beleidsopgaven: Quatrebras West
12
• • •
het versterken van de ruimtelijk-economische structuur; het ruimte bieden voor verstedelijking, kwaliteit van leefomgeving en leefbaarheid; het ruimte bieden voor verdere ontwikkeling van een veilige, concurrerende en duurzame luchtvaart in combinatie met een optimale netwerk- en mainportkwaliteit. meer en betere samenwerking tussen Rijk, regio, marktpartijen en luchtvaartsector.
•
3.1.7 Conclusie De ontwikkeling van woningbouw in het plangebied is op alle punten in overeenstemming met de genoemde beleidskaders van het Rijk en voorziet in een grote behoefte aan nieuwe woningen.
3.2 Provinciaal en regionaal beleid 3.2.1 Omgevingsvisie Noord-Holland 2050 De Omgevingsvisie Noord-Holland 2050 (2018) is het integrale provinciale beleidsplan voor de gehele provincie Noord-Holland. In deze visie staat beschreven hoe de provincie de ambities wil realiseren voor de belangrijkste ontwikkelingen die op ons afkomen: • • • • • • •
Klimaatverandering Overgang naar duurzame energie Verdere verstedelijking Bereikbaarheid Gezonde leefomgeving Economische transitie Natuur en biodiversiteit
De hoofdambitie van de provincie is het vinden van een goede balans tussen economische groei en leefbaarheid. Zodanig dat bij veranderingen in het gebruik van de fysieke leefomgeving de doelen voor een gezonde en veilige leefomgeving overeind blijven. Met de sturingsfilosofie ‘lokaal wat kan, regionaal wat moet’ heeft de provincie de regionale ruimtelijke consequenties van deze ontwikkelingen grotendeels juridisch verankerd in de Provinciale Ruimtelijke Verordening (PRV). Inmiddels is de PRV in verschillende ronden gewijzigd en opnieuw vastgesteld (zie §3.2.2). Betekenis voor dit bestemmingsplan Het bestemmingplan Badhoevedorp Quatrebras west is gericht op een verdere verstedelijking van het meest zuidelijke deel van de wijk Quatrebras. Met het plan wordt voorzien in een onderscheidend woningaanbod van vooral huurwoningen, waaraan grote behoefte bestaat. Het plangebied is verder uitstekend bereikbaar met een directe aansluiting op de Schipholweg. De ontwikkeling van de vrijgekomen ruimte na het verplaatsen van het tracé van de A9 draagt tenslotte bij aan de leefbaarheid en een overgang naar duurzame energie. Uiteraard leidt het plan tot een bijdrage aan de economische groei en transitie.
Quatrebras West
13
Afbeelding 3, kaart NH2050
3.2.2 Omgevingsverordening De Omgevingsverordening NH2020 vervangt de bestaande verordeningen die betrekking hebben op de leefomgeving zoals de Provinciale Ruimtelijke Verordening, de Provinciale Milieuverordening, de Waterverordeningen en de Wegenverordening. De provincie wil met de omgevingsverordening ontwikkelingen, zoals woningbouw en de energietransitie, mogelijk maken en zet in op het beschermen van mooie en bijzondere gebieden in Noord-Holland. Een evenwichtige balans tussen economische groei en leefbaarheid is daarbij van belang. De ambities voor Noord-Holland, zoals omschreven in de omgevingsvisie, zijn verankerd in de nieuwe Omgevingsverordening NH2020. Zoals in paragraaf 3.1.3 is toegelicht, voldoet het plan aan de ladder voor duurzame verstedelijking en de regionale afspraken. Verder is het bestemmingsplan in overeenstemming met de regels van de Omgevingsverordening NH2020.
3.2.3 Provinciale Woonvisie 2010-2020 Voldoende woningen in 2020, afgestemd op de behoeften van de inwoners van Noord-Holland. Dat is de doelstelling van de provinciale woonvisie (2010). Er is gebrek aan betaalbare huur- en koopwoningen voor starters, jongeren, senioren en zorgvragers. De woonconsument van vandaag neemt geen genoegen meer met zomaar een woning. Doel van de visie is om te komen tot een betere afstemming tussen vraag en aanbod. Samen met de regio’s zijn vier Regionale afstemmingsprogramma’s (RAP’s) ontwikkeld met duidelijke afspraken over de regionale woningbouwprogramma’s.
Quatrebras West
14
3.2.4 Regionaal Actieprogramma Wonen 2016-2020 Eind 2016 heeft de voormalige Stadsregio Amsterdam het Regionaal Actieprogramma Stadsregio Amsterdam 2016-2020 (RAP, 2016) aangeboden aan de provincie Noord-Holland. Dit actieprogramma was geënt op het samenwerkingsprogramma van de gemeenten (Samenwerkingsagenda Regionale Woningmarkt 2016-2020) en gericht op nieuwbouw, betaalbare voorraad en woonruimteverdeling. In overeenstemming met de samenhang op de woningmarkt in deze regio is de volgende indeling in marktregio’s gemaakt: • Plannen voor de deelregio Zaanstreek-Waterland worden getoetst aan de behoefte in de marktregio Zaanstreek-Waterland inclusief Amsterdam. • Voor plannen in Amstelland-Meerlanden is de marktregio het gebied AmstellandMeerlanden inclusief Amsterdam. • Voor plannen in Amsterdam is de gehele stadsregio te beschouwen als marktregio. In het RAP hebben de gemeenten hun gezamenlijke inzet beschreven voor de versnelling van de woningbouw en is een kwantitatieve en kwalitatieve prognose van de woningbehoefte opgenomen per marktgebied in drie scenario’s. Dit ten behoeve van de beschrijving van de behoefte aan binnenstedelijke woningbouw.
Ten behoeve van buitenstedelijke plannen is een handleiding ontwikkeld met daarin nadere analyses en bouwstenen, waarin is aangegeven in welke milieus en marktsegmenten de behoefte niet volledig binnenstedelijk kan worden opgevangen en hoe daarvoor een goede onderbouwing kan worden gemaakt. De Provincie Noord-Holland heeft hierover aangegeven explicieter in beeld te willen hebben wat de buitenstedelijke plannen voor de komende periode zijn en nogmaals goed te kijken wat de binnenstedelijke potentie is voor woningbouw. De gevraagde aanvullingen zowel ten aanzien van het regionale woningbouwprogramma als beleidsmatige onderwerpen op het gebied van wonen, zijn in de vorm van een oplegger bij de RAP 2016-2020 gevoegd. Het plan past binnen de kaders van het RAP. Er worden nieuwbouwwoningen toegevoegd aan het huidige bestaande aanbod in binnenstedelijk gebied.
3.3 Gemeentelijk beleid 3.3.1 Structuurvisie Haarlemmermeer 2030 (2012) In de Structuurvisie Haarlemmermeer 2030 (vastgesteld in oktober 2012) worden de toekomstige ontwikkelingen van de gemeente beschreven. De Structuurvisie gaat over belangrijke structurerende zaken met ontwerpprincipes voor duurzaamheid, een duurzaam en klimaatbestendig watersysteem, energie, netwerk- en ketenmobiliteit, de synergie met Schiphol, ruimte voor attracties, en de cultuurhistorie en diversiteit als drager van de ontwikkelingen. In de toekomst wil Haarlemmermeer de bestaande diversiteit aan woon- en werkmilieus – haar zogeheten atypische stedelijkheid - versterken. Haarlemmermeer wil een gemeente zijn die verbonden is en verbindt, een samenleving met samenhang. Dat betekent ook dat er samenhang moet zijn tussen alle ontwikkelingen die plaats vinden, zowel de ruimtelijke als de sociale ontwikkelingen. Haarlemmermeer positioneert zich ook in de toekomst als een attractieve
Quatrebras West
15
ontmoetings- en vestigingsplaats. Duurzaamheid en oog voor bestaande structuren zijn leidend bij de toekomstige ruimtelijke, economische en sociale ontwikkelingen. De ambities voor Haarlemmermeer in 2030 zijn als volgt benoemd: • • • •
sterk gevarieerd en de atypische stedelijkheid benuttend; duurzaam en klimaatbestendig; fysiek en sociaal verbonden met elkaar en met de omgeving; blijvend gepositioneerd als aantrekkelijke ontmoetingsplaats.
De structuurvisie beschrijft daarnaast de grondslagen en ontwerpprincipes die als uitgangspunt worden gehanteerd bij de verdere ontwikkeling van Haarlemmermeer. Deze zijn samengevat in zes kernpunten: 1. Een duurzaam en klimaatbestendig watersysteem. 2. Energie als speerpunt. 3. Netwerk (keten)mobiliteit: de knopen benut. 4. Synergie met Schiphol. 5. Ontmoeten en verbinden: ruimte voor attracties. 6. Cultuurhistorie en diversiteit als drager. De ontwikkelingen in dit bestemmingsplan passen binnen de kaders van de structuurvisie. Er worden binnenstedelijk nieuwe woningen ontwikkeld en daardoor wordt de atypische stedelijkheid verstevigt.
3.3.2 Masterplan Badhoevedorp Het Masterplan Badhoevedorp dat op 12 juni 2008 door de gemeenteraad is vastgesteld geldt als ontwikkelingskader voor Badhoevedorp. Het masterplan geeft in grote lijnen weer wat in de toekomst gaat gebeuren in Badhoevedorp en stelt de ruimtelijke, functionele en financiële kaders vast. Het plan toont niet alleen een nieuwe toekomst voor het gebied van het voormalige tracé van de snelweg, maar spreekt zich ook uit over de zuidelijke rand van Badhoevedorp tot aan de omgelegde A9. Een belangrijk uitgangspunt in het masterplan is behoud van het dorpse karakter. De basis van het plan is een raamwerk van groene openbare ruimten met parken, plantsoenen, waterpartijen, bomenlanen, straten en langzaam verkeerroutes. Tussen de Ringvaart en de Schipholweg lopen noord-zuid gerichte lanen. Een route door het dorp (het Groene Lint) verbindt de parken, plantsoenen en woonbuurten met elkaar. Op en langs het oude wegtracé van de A9 komen nieuwe hoogwaardige woongebieden met aantrekkelijke openbare ruimten. In het masterplan zijn verschillende deelgebieden aangewezen; Quatrebras, Centrum, Schuilhoeve, Lijndenhof, De Veldpost en de Rijkstee. Rond het nu enigszins geïsoleerd gelegen Wandelbos aan de westzijde van Badhoevedorp (deelgebied Quatrebras) zijn woningen gepland. Binnen dit deelgebied wordt een aantal voorzieningen verplaatst, waaronder een nieuw dorpshuis.
Het winkelcentrum (deelgebied Centrum) wordt vernieuwd, passend bij het dorpse karakter van Badhoevedorp en er komt een dorpsplein. Het huidige sportpark Schuilhoeve en de Groene Zoom
Quatrebras West
16
(deelgebied Schuilhoeve) veranderen in een eigentijds tuindorp met slingerende bomenlanen en een langgerekt buurtplantsoen.
Afbeelding 4, kaart masterplan
3.3.3 Definitief Stedenbouwkundig Ontwerp Quatrebras Op 29 maart 2011 is het Definitief Stedenbouwkundig ontwerp (DSO) Quatrebras door het college van burgemeester en wethouders vastgesteld. Het DSO is een uitwerking van het Masterplan Badhoevedorp voor deelgebied Quatrebras. Het DSO dient als raamwerk voor de toekomstige bouwplanontwikkeling (woningen en voorzieningen), de inrichting van de openbare ruimte en vormt de basis voor de grondexploitatie. Het plan heeft betrekking op stedenbouwkundige, civieltechnische, planologisch-juridische, financiële en maatschappelijke aspecten. Het DSO legt de structurerende ruimtelijke principes vast: verkeersafwikkeling, water en groenvoorzieningen en bouwlocaties. Tevens geeft het referenties voor de inrichting en kwaliteit van de openbare ruimte (wegen, parkeren, groen en water), de wenselijke positie en uitstraling van de bebouwing. Het DSO vormde de basis voor het bestemmingsplan Badhoevedorp Lijnden Oost en is het kader voor de verdere (bouw)planontwikkelingen binnen Quatrebras (woningen, sport, school, et cetera). Quatrebras wordt een groene en dorpse villawijk, gelegen aan een centraal park en vijver. Het park wordt toegankelijk en zichtbaar gemaakt vanuit de nieuwe Amsterdamse Laan (de Oleanderlaan) en Kamerlingh Onneslaan via het groene Lint.
De lanen, de vernieuwing van het Wandelbos tot park en het exclusief wonen in een groene setting zijn essentiële onderdelen van het plan. Daaraan gerelateerde onderwerpen zijn: een mooie entree van het park, verbindingen vanuit de omgeving met de nieuwe woonbuurten en het park, statig wonen aan het park en aan de laan. Maar er is ook ruimte voor meer besloten wonen in rustige straatjes en hofjes.
3.3.4 Mobiliteitsvisie Haarlemmermeer (2018) Het aantal inwoners en ondernemers groeit zowel in Haarlemmermeer als in de regio. De druk op de verkeers- en vervoersnetwerken zal daardoor toenemen. Daarnaast zet de groei van de verkeersstromen van en naar de luchthaven de bereikbaarheid van de Multimodale Knoop Schiphol onder druk. Quatrebras West
17
Uitganspunt voor de Mobiliteitsvisie Haarlemmermeer 2018 is dat de reiziger zelf het beste bepalen met welke vervoersmiddel hij zijn reis kan maken. De visie zal worden gevolgd door een nieuwe meerjarige investeringsagenda waarbij overgebleven Deltaplanprojecten (uit het voorgaande verkeersbeleid) en middelen worden meegenomen en heroverwogen. Ook worden investeringen beter afgestemd met beheer- en onderhoudsplannen en zullen bereikbaarheidseffecten gemonitord blijven worden. In de Mobiliteitsvisie zijn de volgende ambities opgenomen: • Vrijheid van bewegen en vrijheid om een vervoermiddel te kiezen. • Ruimte voor innovatie voor het 'nieuwe bewegen'. • Een efficiënt en flexibel mobiliteitssysteem: klaar voor de toekomst; door een slimme fasering, wat nodig is wordt aangelegd, ruimte voor toekomstige uitbreiding wordt gereserveerd. Uitgangspunt is ‘eerst bewegen, dan bouwen’. • Bestaande knelpunten in het netwerk oplossen. • Mobiliteit met oog voor de leefomgeving; overlast zoveel mogelijk beperken. • Veilig bewegen. • Evenwichtige ontwikkeling op de juiste plek, met de juiste functies. • Mobiliteit in en door Haarlemmermeer: gedeeld belang van gemeente, regio, rijk en bedrijfsleven. • Faciliteren van schone en stille mobiliteit. • Monitoring en indicatoren. De mobiliteitsvisie benoemt vervolgens een aantal thema’s waarvoor doelstellingen zijn benoemd.
Auto Toekomstig autonetwerk Met de geplande komst van de Duinpolderweg wordt geïnvesteerd in de verbetering van de oostwestverbindingen en het ontlasten van de dorpen aan de westkant van Haarlemmermeer. Voor de ontsluiting van gebieden voor woningbouwontwikkeling die buiten de invloedssfeer van de Duinpolderweg liggen, zoals de ontwikkeling nabij station Hoofddorp en in Hoofddorp Noord, is aanpassing van de bestaande infrastructuur noodzakelijk. Voor het landbouwverkeer dient het oude netwerk aan polderwegen zoveel mogelijk geschikt te blijven voor landbouwverkeer. De noord-zuid verbindingen zijn van belang voor het in stand houden van de relatie tussen het noordelijk en het zuidelijk agrarisch kerngebied van Haarlemmermeer. De oost-west verbindingen zijn van belang voor de onderlinge relaties en voor het bereiken van gelieerde bedrijven aan de rand van (of buiten) Haarlemmermeer. Wegencategoriseringsplan De mobiliteitsvisie voorziet in een geactualiseerd wegencategoriseringsplan, dat in plaats treedt van het wegencategoriseringsplan 2015. In het wegencategoriseringsplan is vastgelegd welke wegen
Quatrebras West
18
welke functie dienen te vervullen, welke maximumsnelheid daarbij past en wat de maximaal toelaatbare intensiteit op ieder wegtype is. Er zijn drie wegcategorieën: stroomwegen, erftoegangswegen - die toegang verschaffen tot bestemmingen – en gebiedsontsluitingswegen, die een stroomfunctie op wegvakken en een uitwisselfunctie op kruisingen hebben. Als blijkt dat het nodig is om een weg een andere wegcategorie te geven dan wordt dit aangepast bij vaststelling van het jaarlijkse uitvoeringsprogramma. Er zijn aandachtswegen waar zowel de verkeersfunctie belangrijk is als de verblijfsfunctie. Een voorbeeld hiervan is de Ringdijk. In het beleid Ringdijk en Ringvaart is hiervoor een tussenoplossing voorgesteld, namelijk in de dorpskernen erftoegangswegen ingericht als fietsstraten met maximumsnelheid van 30 km/uur en daarbuiten gebiedsontsluitingswegen. Openbaar vervoer Het doel is een qua reistijd, kosten en comfort aantrekkelijk hoogwaardig openbaar vervoer. Dat de vervoerder een grote vrijheid om het netwerk en de dienstregeling in te richten binnen het door de Vervoerregio Amsterdam opgelegde Programma van Eisen heeft hierin resultaat. Voor de bereikbaarheid van kleine kernen en het bereiken van bepaalde doelgroepen wordt onderzocht of vraaggericht OV een oplossing kan bieden.
Fiets Onder andere door het toenemend gebruik van de E-fiets, is het nodig het huidige fietsnetwerk lokaal maar ook regionaal op te waarderen. Snelfietsroutes dienen te worden verbeterd. Voetgangers Voetpaden hebben verschillende doeleinden; speeldomein van kinderen, ontmoetingsruimte voor buurtgenoten en verkeersfunctie om van A naar B te komen. In woonwijken hebben voetgangers langs 50km en 30km-wegen een eigen verkeersruimte nodig. Toegankelijkheid van deze ruimte is van belang. Daar waar schakels ontbreken worden voetpaden aangelegd. Verkeersveiligheid Met de toenemende mobiliteit groeit ook de verkeersonveiligheid en de overlast door sluipverkeer. Er wordt geïnvesteerd om structureel onveilige situaties en ontbrekende schakels weg te nemen. Verkeerseducatie blijft een belangrijk onderwerp. Bij toekomstige infrastructuur staat verkeersveiligheid voorop. Het doorgaande verkeer moet worden geweerd uit de wijken en zo snel mogelijk naar het regionale netwerk worden geleid. Waar nodig moet het regionale netwerk van bus- en wegverkeerverbindingen worden uitgebreid. Strategisch parkeerbeleid De nota Strategisch autoparkeerbeleid Haarlemmermeer (2017) maakt integraal onderdeel uit van de Mobiliteitsvisie Haarlemmermeer.
Met het Strategisch autoparkeerbeleid Haarlemmermeer willen we bereiken dat voorzien wordt in de parkeerbehoefte en dat overlast door onbedoeld gebruik van parkeergelegenheden wordt voorkomen. Om voldoende parkeergelegenheid voor doelgroepen te faciliteren, werkt de gemeente met parkeernormen, als onderdeel van het Quatrebras West
19
autoparkeerbeleid. Het autoparkeerbeleid heeft als doel de parkeercapaciteit optimaal te verdelen; “de juiste parkeerder op de juiste plaats”.
3.3.5 Woonvisie 2012-2015 (2012) In 2012 heeft de gemeenteraad de nota ‘Woonvisie 2012-2015’ vastgesteld. De Woonvisie is het kader voor het woonbeleid van Haarlemmermeer. Voorspelbaarheid en maakbaarheid zijn op de achtergrond gedrongen door de hoge dynamiek in de samenleving en op de woningmarkt. Dit in combinatie met een veranderende rol van de gemeente, vraagt om een Woonvisie die slim inspeelt op marktomstandigheden in plaats van een Woonvisie die pretendeert de marktomstandigheden te bepalen. De Woonvisie heeft als centrale doelstelling: ‘Haarlemmermeer zet zich in voor duurzame en betaalbare woningen in leefbare dorpen in wijken en aangenaam wonen in diverse woonmilieus: stedelijk, suburbaan, dorps en landelijk’. De drie belangrijke pijlers daarin zijn: •
•
•
Woongenot in dorpen en wijken. Maatwerk in regelgeving op lokaal niveau, aandacht voor woonwijken met stadse en suburbane woonmilieus (Hoofddorp, Nieuw‐Vennep) en versterken van uniek karakter in de kernen en het buitengebied. Inspelen op de woningmarkt. De woningmarkt, vraag en aanbod, is het uitgangspunt. Dit heeft zijn weerslag in het woningbouwprogramma en de toewijzing aan woningzoekenden. Nieuwbouwaanbod is minder dan voorheen een ‘draaiknop’ omdat de vraagzijde de markt regeert. Wonen en zorg / bijzondere doelgroepen. De vergrijzing zorgt voor een veranderende woonvraag en het huisvesten van bijzondere doelgroepen heeft onze extra aandacht. Mede door het scheiden van wonen en zorg en de decentralisatie van taken naar de gemeente, spelen partners die gespecialiseerd zijn in wonen, zorg en welzijn hierbij een sleutelrol.
Daarnaast is er facetbeleid: duurzaamheid, inbraakpreventie en toegankelijkheid. Aangezien Haarlemmermeer een integraal duurzaamheidbeleid heeft (programma Ruimte voor Duurzaamheid), volgt de Woonvisie de uitgangspunten van dat duurzaamheidbeleid. De richtlijn voor het gemeentelijk nieuwbouwprogramma is: • Sociaal segment 30% • Derde segment voor middeninkomens 10% • Marktsegment 60% Het aandeel van 30% voor sociale huur wordt gemeentebreed gerealiseerd, echter niet meer in elk individueel woningbouwplan, maar vanuit het oogpunt van een gedifferentieerde bevolkingsopbouw en voornamelijk in plannen van enige omvang. Particulier opdrachtgeverschap wordt een volwaardig onderdeel van de woningbouw in Haarlemmermeer.
Quatrebras West
20
3.3.6 Woonagenda (2015) Sinds de Woonvisie Haarlemmermeer in 2012 is vastgesteld, is er veel veranderd. Met de Woonagenda (2015) wordt naast de nog steeds geldende Woonvisie een verdieping gegeven van het gemeentelijk volkshuisvestelijk beleid. Hierbij zijn vier speerpunten: • •
• •
Relatie gemeente en corporatie: Sturingsmogelijkheden richting woningbouwcorporaties worden beter benut, bijvoorbeeld nieuwe prestatieafspraken. Toegankelijkheid en betaalbaarheid sociale huursegment. Er komen nieuwe afspraken over het aanbod sociale huurwoningen: minstens een nader te bepalen percentage van de vrijkomende sociale huurwoningen wordt weer als sociale huurwoning verhuurd en er komen nieuwe maatregelen ten aanzien van urgenties en bijzondere doelgroepen. Wonen en zorg: Haarlemmermeerders die zorg behoeven moeten langer zelfstandig thuis (kunnen) blijven wonen. Woningbouwontwikkeling in de nieuwe woningmarkt: De nieuwe woningmarkt geen vooraf bepaald percentage in de programmering. Er wordt gekozen voor een gerichte inzet per segment.
3.3.7 Conclusie gemeentelijk beleid Het bestemmingsplan Badhoevedorp Quatrebras west is in overeenstemming met de genoemde gemeentelijke beleidskaders. Weliswaar neemt het aantal woningen in dit deel van Badhoevedorp toe en voorziet de ontwikkeling in een andere samenstelling van woningen dan eerder beoogd, doch deze invulling van het gebied sluit (veel) beter aan op de huidige inzichten en de grote woningbehoefte.