Transcript commissie Samenleving d d 4 juli 2024
Tekst van het document
De voorzitter: Mevrouw Özogul. Mevrouw Özogul-Özen: Vervalt bij 67 jaar. Wethouder Van Loenen: Dat weet ik niet zeker. Nou, goed, oké. Dat weet u zeker? Nou ja, goed, dat weet ik dus niet zeker maar we hebben dus ook nog een aantal andere optie zoals de bijzondere bijstand. Maar goed, wij hebben wel gezien dat dat bereik dus laag is en dat we dat eigenlijk moeten vergroten. Even kijken, dan nog over de HaarlemPas. Ja, eens dat de HaarlemPas an sich niet het doel is. Het is wel moeilijk om te achterhalen hoeveel die precies wordt gebruikt. Je zou kunnen zeggen, we gaan naar een digitale pas. Maar ja, dat hebben we ook aangegeven in onze reactie, hij brengt best wel veel kosten met zich mee en ook wel de consequentie dat we mensen wat minder goed in zicht hebben. Daarom hebben wij vooralsnog ervoor gekozen om dat niet te doen. Neemt niet weg dat we wel bijvoorbeeld via Jeugdfonds Sport & Cultuur horen
18
hoeveel gebruik ervan wordt gemaakt en natuurlijk ook via andere regelingen ook dat mensen het makkelijker kunnen aanvragen met de HaarlemPas. Dus ik denk ook dat je op die manier eigenlijk zou moeten zien, de HaarlemPas is juist een heel makkelijk instrument om eigenlijk in één keer zeker te weten dat je in die doelgroep zit. En dat is ook het bewijs wat voor ons makkelijk ook voor de administratie is. Mevrouw Hartman, interruptie. Mevrouw Hartman: Dan hoor ik waarschijnlijk goed dat het inderdaad een middel is de HaarlemPas. Maar waarom wordt die dan gebruikt als indicator bij de doelstelling? Het is niet het doel, het is scheef. Wethouder Van Loenen: Nou ja, kijk, het helpt natuurlijk wel als je die HaarlemPas hebt, dat is wel natuurlijk een eerste begin. Ik denk dat wel degelijk zien we natuurlijk dat die veel gebruikt wordt, zeker bij wat ik zei, Jeugdfonds Sport & Cultuur bijvoorbeeld. Maar het is, ik denk dat het een goede indicator is maar je bent er nog niet. En ik denk dus ook interessant is om te zien dat we nog veel meer mensen bereiken als je kijkt naar alle regelingen bij elkaar. Maar wij denken nog steeds wel dat de mensen die dus gebruikmaken van de regelingen en geen HaarlemPas hebben, er wel bij gebaat zouden zijn om de HaarlemPas te hebben. Dus ik denk dat we nog steeds zouden moeten inzetten op het vergroten van het bezit van de HaarlemPas.
Mevrouw Hartman: Wat is volgens de wethouder daadwerkelijk het doel van het minimabeleid? Wethouder Van Loenen: Ja, ik weet niet, volgens mij hebben we het daar net over gehad. Volgens mij zeggen wij als gemeente, en u ook want het is ook uw beleid, dat wij willen dat mensen kunnen rondkomen en kunnen meedoen. En daarvoor zijn, is ons minimabeleid ook gelukkig doeltreffend maar ook gewoon nodig voor heel erg veel mensen in de stad. We weten allemaal dat bijvoorbeeld kinderarmoede leidt tot ook armoede later dus dat het eigenlijk overerfelijk is. Dus we zijn ook enorm bij gebaat om te investeren in onze jeugd en ervoor te zorgen dat zij optimaal mee kunnen doen en zo min mogelijk afstand hebben op de andere klasgenoten. Even kijken wat ik dan nog mis. Ik weet het niet eigenlijk. Misschien nog wel even over de wat betere wijken, waar dan een beperkt aantal mensen is die wel met een laag inkomen zitten. Dat was de vraag van de Actiepartij. En hoe bereiken we die toch? Nou ja, dat is dan bijvoorbeeld de opzet dat we meer met Cocensus samen gaan kijken hoe we die huishoudens kunnen bereiken. De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Amand. De heer Amand: Dank u wel, voorzitter. De betere wijken, welke bedoelt u precies, dat wil ik wel eens weten.
Wethouder Van Loenen: Nou ja, u heeft het aangegeven, u ziet het ook het in het overzicht, er zijn gewoon wijken bij waar heel weinig mensen met een laag inkomen wonen. Dus dat lijkt mij voor jezelf ook beter eerlijk gezegd als je niet een laag inkomen hebt maar een hoog inkomen. Even kijken, volgens mij is dat een beetje wat het ‘…’ dan heb ik alles wel gehad. De voorzitter: Ja, ik geloof dat we nog wel een paar open vragen. We gaan ze even snel langs. Mevrouw Ozogul. Mevrouw Özogul-Özen: Vervoerkosten voor kinderen. De voorzitter: Check en dan …
19
Wethouder Van Loenen: Die weet ik niet. Ja, nee, dat is te technisch. Dat zou misschien even bij jeugd, ja, weet ik niet. De voorzitter: Bespaart u uw spreektijd, deze technische vraag noteren we en die … Wethouder Van Loenen: Nee, maar ik weet niet, dat is jeugd, dat weet ik niet. De voorzitter: Andere wethouder. Even kijken, verder nog iemand in de tweede termijn? Ja, mevrouw Wegman. Mevrouw Wegman: Ja, dank u wel, voorzitter. O, sorry. Toch nog eventjes over de tool. Ik heb hem inmiddels gevonden maar dan wel alleen op het Nibud en hij staat niet op onze site. Tenminste, ik heb hem nog niet kunnen vinden. Mevrouw Moedt: Ik wel. Mevrouw Wegman: Ja, heb je wel kunnen vinden? Mevrouw Moedt: Ja, helemaal onderaan. Mevrouw Wegman: O, helemaal onderaan. Zou die dan bovenaan kunnen staan? Want als je bijvoorbeeld naar de pagina uitkering en regelingen bij weinig geld dan zie je hem eigenlijk niet. Dus dat zou wel fijn zijn als je gewoon gelijk een link hebt. Dan over de animaties. De wethouder gaf al aan dat we die wel hebben maar dat die eigenlijk alleen in schuldverlening en bij Buurts worden gebruikt en nog niet op de website staan. En ik vroeg me af of die dan ook wel, de animaties en filmpjes die we nu hebben, of die dan ook al op de website kunnen geplaatst worden die er nu zijn? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel.
Anders nog commissieleden in tweede termijn? Wethouder, reactie op de Partij van de Arbeid. Wethouder Van Loenen: Ja, ik zal hier niet uitweiden wat voor, hoe ingewikkeld het soms is om iets op onze website te krijgen. Maar ik vond dit als een enorme steun in de rug om dat wel voor elkaar te krijgen. Nee, ik denk dat eens hè, ik denk dat we meer instrumenten moeten gebruiken inderdaad om het toegankelijk te maken. Dus ik weet niet zozeer of dat is dan van de tool van beneden naar boven maar ik denk dat we over het geheel moeten gaan kijken hoe we ook onze website meer makkelijker toegankelijk maken om sneller te vinden wat je nodig hebt. En ik denk dat die filmpjes daar enorm bij helpen dus helemaal eens dus daar gaan we mee, daar gaan we naar kijken. Ja. De voorzitter: Ja, dat is dan een mooie toezegging dat de wethouder daarnaar gaat kijken. Dan hebben we denk ik zo deze evaluatie voldoende besproken. 7.
(concept) Raadsvoorstel A-Dossier: Aanpak Kinderarmoede Haarlem De voorzitter: Gaan we door naar het volgende agendapunt waarvoor ik in ieder geval van stoel ga wisselen en de wethouder op de publieke tribune. Ja, ja, we doen even de change, vijf minuten. De voorzitter: Goed, dames en heren, dan gaan wij verder met agendapunt 7 en dat is het agendapunt (concept) raadsvoorstel A-Dossier: Aanpak Kinderarmoede in Haarlem. Het advies van de Haarlemse Alliantie
20
tegen Kinderarmoede is toegevoegd aan de agenda dus daar heeft u kennis van kunnen nemen. Waar gaat het over? Om meer als raad in positie te zijn hebben we gezegd van, nou, we willen A-dossiers kenmerken dus we hebben gekozen voor kinderarmoede. En dit voorstel is dus een voorstel wat niet door de organisatie geschreven is en aan ons is voorgelegd maar waar we mee aan schrijven als raad. Ik neem vanavond het voorzitterschap waar, mag ik doen van, ik neem het even over van de heer Aerssens, Eloy Aerssens omdat hij meeschrijft en betrokken is bij de totstandkoming van dit concept en hij zal straks ook vragen beantwoorden. Naast hem zit mevrouw Angelica Van der Kraan en zij is van de afdeling schuldenminima en sociale recherche en zij kan ook vragen beantwoorden als dat nodig is. We gaan zo dit stuk bespreken en aan wie mag ik als eerste het woord geven? Niet allemaal tegelijk. Dat is mevrouw Scholten van Jouw Haarlem, gaat uw gang. Mevrouw Scholten: Ik moet het wel kort houden helaas want de spreektijd gaat hard. Wat mij is opgevallen, we hebben het al een heel tijdje over dit A-dossier over toxische stress, de stress die je ervaart van armoede, over dat armoede van generatie op generatie wordt doorgegeven. We hebben het daarnaast ook heel vaak over de zelforganisaties en ervaringsdeskundigheid.
De zelforganisaties zijn in het 213a onderzoek niet bevraagd, dat bevreemdt ons eigenlijk best wel. Dus ik zou wel wat meer aandacht in ons A-dossier willen voor zelforganisaties en ervaringsdeskundigheid zodat je op die manier ook kinderen zelf erbij kunt betrekken hopelijk. Dan willen we de gezonde ontwikkeling gaan monitoren maar wat gaan we doen om die gezonde ontwikkeling te stimuleren? Hatka heeft daar, dus de Haarlemse Alliantie heeft daar best al wel een aantal aanbevelingen voor gegeven die ik van harte kan onderschrijven ook zonder ze allemaal te herhalen. Wat ik eigenlijk ging doen als ik nog vijf minuten had maar dat heb ik niet. Dus wat Hatka zegt, eigenlijk komt het daarop neer. Maar graag echt aandacht voor intergenerationele problematiek hier want daar komt zo ongelooflijk veel bij samen, 18-plus, 18-min, dat je inderdaad echt onderuit schuift op het moment dat je 18 wordt als je ouders ook al niet zo vermogend zijn. En dan heb ik mijn tijd keurig volgepraat. De voorzitter: U heeft zelfs nog twee seconden maar dank u wel. Wie mag ik dan het woord geven? De heer El Aichi van het CDA, gaat uw gang. De heer El Aichi: Dank je wel, voorzitter. Ik sluit me volledig aan bij dat stuk van Hatka die zij gestuurd hebben. Daar staat echt heel veel in waar wij heel veel aan.
Tegelijkertijd heb ik ook het stukje over zelforganisaties die ook een hele bijdrage kunnen leveren om de doelgroep te bereiken. Het belang van scholen, je ziet bij sommige scholen dat zij zeg maar uren voor vrijmaken om de doelgroep te kunnen bereiken. Dan heb ik een vraag over schulden minima sociale ‘…’. Veel ambtenaren zitten in de sociale wijkteams. Ik heb begrepen dat aan hun de keus is voorgelegd om toch terug te komen naar de gemeente. Dus dan die laagdrempeligheid in de wijk van de schuldhulpverleners zeg maar, die komt weer terug naar de gemeente. Of blijft het wel bij de sociale wijkteams zo dat het voor hun laagdrempelig blijft? Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Wie mag ik dan het woord geven. Mevrouw Hamzad van GroenLinks, gaat uw gang. Mevrouw Hamzad: Dank, voorzitter. Als eerst sluit ik me ook aan bij mijn collega mevrouw Scholten dat zelforganisaties spelen een cruciale rol in het vinden van doelgroepen. Voorzitter, zoals ik in punt 6 al aangaf willen wij met deze agendapunt enkele urgente zaken toelichten die ons grote zorgen baren en absoluut prioriteit verdienen. Zoals het schoolontbijt. Wij hebben allemaal gelezen dat volgens het nieuwe regeringsakkoord de financiering voor het schoolontbijt per december dit jaar stopt. Dit baart ons grote zorg, kritisch verwoord, omdat het nieuwe problemen binnen het onderwijs in onze samenleving meebrengt.
Voorzitter, dat betekent dat kinderen hun schooldag met een lege maag moeten beginnen wat een ontzettend negatieve impact heeft op hun concentratie, leerprestatie. Daarnaast leidt deze situatie tot ongelijke kansen in het onderwijs. GroenLinks staat voor gelijke kansen voor alle kinderen en wij vinden dat elk kind verdient de
21
kans om zich optimaal mogelijk te ontwikkelen en te groeien. Voorzitter, om alle kinderen die kans te geven om op te groeien in een rechtvaardige samenleving is schoolontbijt of lunch van groot belang. Aangezien dat wij vanavond het nieuwe beleid van Aanpak Kinderarmoede gaan bespreken en vaststellen is het een mooi moment om deze urgente punten te bespreken. We stellen voor dat het schoolontbijt kan opgenomen worden in het kinderarmoedebeleid en die kosten daarvoor worden eventueel gedekt uit het armoedegeld. Voorzitter, ook uit het onderzoek blijkt dat na verhoging van minimagrens tot 130 het nog steeds moeilijk is om gezinnen die in armoede leven en recht hebben op HaarlemPas te vinden. Ook het is lastig om gezinnen met schoolgaande kinderen te vinden die wel een HaarlemPas hebben maar uit schaamte, taboe geen gebruikmaken van gemeentelijke regelingen. In dit onderzoek missen wij de rol van onderwijs dus wij vinden het aansluiten bij familie is gewoon ook een kansrijk alternatief. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan mevrouw Çimen, D66, gaat uw gang. Mevrouw Çimen: Ja, dank u wel, voorzitter. Ik val lekker midden in dit A-dossier proces dus ik heb weer fijn bijgelezen en ik ben eigenlijk heel erg blij met wat ik hier lees in het stuk. Dus wij kunnen ons ook goed vinden in de hoofddoelstellingen van het A-dossier Kinderarmoede.
Er wordt in het stuk ook aangegeven van, wij hebben eigenlijk geen heel specifiek kinderarmoede in Haarlem of kinderarmoedebeleid, excuus. Dat heeft denk ik ook te maken met het feit dat ons minimabeleid ook veel regelingen heeft wat ook gericht is op kinderen en gezinnen met kinderen dus dat is enigszins ook wel verklaarbaar. Tegelijkertijd toont dit ook wel de urgentie aan die wij ook ervaren ook als fractie en zeker als je het hebt over specifieke wijken waar het echt, nou ja, echt om één op twee kinderen gaat die dan in armoede opgroeien. Dus alleen maar goed dat we hier extra de nadruk op leggen. Wij hebben wel een aantal punten. Het schoolontbijt of de schoolmaaltijd, dat is zojuist ook benoemd. Dat vinden wij een terecht aandachtspunt en dat zouden wij ook heel graag willen ondersteunen. Het waren de landelijke collega's van Volt en D66 die een paar jaar geleden deze motie hadden laten aannemen en dat er landelijk geld voor zou vrijkomen. Nou, de regeling loopt nog tot en met eind dit jaar maar vanaf 2025 is het geld op. Even voor de cijfers om aan te geven hoe urgent het is. In heel Nederland maken 2100 scholen hier gebruik van en gaat het om in totaal 330.000, 335.000 kinderen die hier gebruik van maken van of het schoolontbijt of de schoollunch. Dus het gaat om ontzettend veel kinderen.
Tegelijkertijd heb ik vandaag nog wel gehoord bij een interruptie van het vreselijke debat wat vandaag is geweest maar de huidige premier die heeft wel aangegeven positief te staan tegenover het schoolontbijt en daar toch nog naar te willen kijken alleen er is nog geen financiering voor. Dus wij zouden toch willen kijken hoe wij vanuit inderdaad armoedegelden ook hier echt aandacht voor zouden kunnen maken. En wij horen ook graag om hoeveel, nou ja, om ongeveer wat voor bedragen dat dan zou gaan om daar ook het gesprek over aan te gaan met de schoolbesturen. Wellicht kunnen we daar een coproductie en een cofinanciering van maken. Om als toch een brede Haarlemse maatschappelijke coalitie om die kinderen toch niet hongerig naar school te laten gaan. Zeker ook als je het hebt over gelijke kansen, dat je ziet uit onderzoek dat die schoolprestaties met tot wel 90 procent kunnen verbeteren als die kinderen dus toch nog een maaltijd op school kunnen krijgen. Dat voor zover. Ik heb ook de bijdrage van Hatka gelezen, volgens mij hele terechte en goede punten. Wellicht kunnen jullie daar ook op reageren ten aanzien van hoeveel budget daar überhaupt voor beschikbaar is, zouden we daar meer voor moeten regelen? Dat weet ik niet, dat kan ik zo niet beoordelen maar ik hoor graag de reactie. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel ook.
Wie mag ik dan het woord geven? De heer Baars, VVD, gaat uw gang. De heer Baars: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, de VVD is in tegenstelling tot bij het vorige onderwerp bijzonder enthousiast over dit rapport of in ieder geval over deze kaders ook. Allereerst natuurlijk het uitgangspunt
22
gelijke kansen voor alle Haarlemse kinderen. Nou, daar zijn wij natuurlijk helemaal voor en mee eens. En ook mooi dat daarbij oog is voor de toegang tot culturele en sportactiviteiten want zoals u weet is VVD de sportpartij. Dan de kaders die gesteld zijn. Nou, binnen de bestaande financiële kaders, dat is een van de kaders die bij dit project hoort of in ieder geval bij dit dossier hoort. Het sluit ook aan bij het overkoepelende armoedebeleid, vinden we ook een prachtig kader. Er wordt ook een tijdskader aan verbonden, vinden we ook een heel goed kader of een goede stelregel. En er wordt ingezet op participatie. Nou, dat lijkt me ook uitstekend. Het enige aandachtspunt wat de VVD nog heeft is dat we toch iets meer oog zouden willen hebben voor mogelijke zelfredzaamheid. Nou ja, goed, daar hebben we het in het volgende onderwerp of het vorige onderwerp ook al over gehad dus misschien dat we daar nog iets meer naar zouden kunnen kijken. Maar ja, wat mij betreft complimenten. De voorzitter: Dank u wel. En dan de heer Amand van Trots Haarlem. De heer Amand: Dank u wel, voorzitter. Het is natuurlijk een prachtstuk en ik heb toch wel een paar aantekeningen te maken. Mevrouw Çimen zei het al, de overheid gaat toch denk ik een beetje helpen.
Het zal wringen wezen maar ik wil toch wel aan Haarlemmers, bijvoorbeeld Rebup, complimenten geven die ook altijd al kinderen helpt die 's morgens geen eten hebben om te stimuleren. Dat moet dus even gezegd worden want dat wordt altijd maar gedaan dat die clubjes maar niks doen maar dat zijn de enige clubjes die in Haarlem toch ook wel voor de maaltijd voor de kleine kinderen die naar school gaan in Oost. Dus ik wil dat niet bagatelliseren maar dat is toch een heel goed punt. Verder hebben wij natuurlijk ook wat we zeiden net al van ja, sporten is natuurlijk ook een dingetje wat meespeelt, daar kan je ook verbroedering in zien. Ik heb zelf altijd gesport, nu niet meer maar vroeger wel dus ik heb nog wel een dingetje, dat je daar verbroedert. Dus daar moeten we toch ook een beetje heen werken want dan kan je ook zien wat de kinderen missen of niet missen dus dat is ook een dingetje. En daar wil ik het verder bij laten. Maar de wethouder of de wethouder die moet er maar wat mee doen maar het is in ieder geval positief om dat te besluiten. De voorzitter: Ja, nee, dat is, als je een stoel opschuift ben je meteen wethouder, dat gaat heel snel hier. Mevrouw Moedt, Partij voor de Dieren, gaat uw gang. Mevrouw Moedt: Dank u wel, voorzitter. Ja, ook de Partij voor de Dieren is enthousiast over dit en kan achter de doelstellingen staan. Een aantal punten, ik zal ze even per doel afgaan.
Doel één is gelijke kansen voor ieder kind en we lezen daar dat 12,5 procent van de Haarlemse kinderen in 2023 opgroeit in een gezin met een inkomen tot 130 procent van het wettelijk sociaal minimum. Daarvoor zijn dan ook de minimaregelingen. Maar het is goed om in beeld te hebben welke Haarlemse kinderen in een situatie van verborgen armoede verkeren omdat bijvoorbeeld het gezin een inkomen van meer dan 130 procent van het sociaal minimum heeft maar wel klem zit vanwege stijgende kosten voor eten, huur, energie, enzovoort. Doel twee, ondersteuning en versterking gezinnen vinden we natuurlijk een prima doel. Maar we vragen ons ook af van, hebben we goed in beeld of er kinderen zijn die eigenlijk onbedoeld buiten dat beleid vallen bijvoorbeeld omdat ze in onmin leven met hun ouders of de ouders misschien de sociale gelden aan iets heel anders uitgeven dan aan een kind of dat die ouders om wat voor reden dan ook geen toegang krijgen tot die voorzieningen. Wat de Hatka betreft, allemaal goede punten. Ik heb nog geloof ik wel wat spreektijd om er één uit te lichten. Ze zeggen bijvoorbeeld bij het versterken van gezinnen hoort ook de leefomgeving in de wijk en dat vinden we natuurlijk ook heel belangrijk. Want bijvoorbeeld een groene leefomgeving is stressreducerend, dat is bewezen.
Dus laten we ook vooral kijken hoe we in kunnen zetten op groene natuurlijke speelplekken, ook juist in de wijken die dat extra nodig hebben. Wat betreft het schoolontbijt, daar is al meerdere dingen over gezegd, steunen wij natuurlijk van harte om te verkennen wat daar mogelijk is.
23
Maar dan wel liefst zoveel mogelijk plantaardig want dat is niet alleen het gezondst maar ook het diervriendelijkst en het duurzaamst. Wat betreft doel drie, toegankelijkheid en regie. Ja, terechte opmerking van Hatka dat informele organisaties en zelforganisaties cruciaal zijn. En verder bedacht ik me dat er in de Metropoolregio Amsterdam een regionale kinderombudspersoon is maar Haarlem valt daarbuiten. Ik geloof dat Amsterdam, Almere, Amstelveen, Zaanstad, noem maar op, zich er wel bij hebben aangesloten en kunnen wij dat dan ook niet in Haarlem doen of zelf iets regelen? Ja, en wat betreft het laatste doel, gezonde ontwikkeling. Ja, daar hebben we ook de landelijke politiek bij nodig, ik heb het al eerder gezegd vanavond. Want we kunnen nog zo ons best doen als gemeente maar wat het Rijk kan doen is veel fundamenteler zoals het minimumloon verhogen, de bijstand verhogen, de kinderregelingen verhogen of een basisinkomen instellen, dat lijkt ons nog veel interessanter. Maar daar twijfelen we over naar aanleiding van de laatste verkiezingen of dat allemaal gaat gebeuren. We lezen wel bij de kanttekeningen dat het belangrijk is dat we die punten blijven benadrukken bij de landelijke politiek dus ik neem aan dat we dat ook blijven doen. Dank u wel. De voorzitter: Echt precies op nul. Heel netjes, dank u wel. De heer Trompetter van de Actiepartij, gaat uw gang.
De heer Trompetter: Dank u wel. Bij het vorige punt gaf ik al aan, bij het 213a onderzoek dat de armoede vooral begint met kinderen groot is als de ouders een inkomen hebben tussen 110 en 150 procent van het sociale minimum. De minimuminkomens zijn domweg te laag en dat geeft ook het volgende punt aan. Het rapport armoedefonds, dat kun je er duidelijk in lezen. Het is van belang om te kijken hoe de ouders ondersteund kunnen worden. Er zijn al wel goede dingen gezegd. De adviezen van de Hatka kan mijn fractie onderschrijven. Ten aanzien van het schoolontbijt en de schoollunch zouden er bij het maken daarvan ook mensen met enige afstand tot de arbeidsmarkt kunnen worden ingezet, bijvoorbeeld via uitbreiding van social bonds. Ik weet dat TommyTomato bijvoorbeeld daar al wel in geïnteresseerd is. Dat is mijn bijdrage, dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Wie mag ik dan het woord geven? Mevrouw Wegman, PvdA. Mevrouw Wegman: Ja, dank u wel, voorzitter. Wat de PvdA betreft ligt er een mooi stuk met duidelijke doelen, waar het college zeker goed mee aan de slag kan. Ik heb ook de nota of het advies eigenlijk van Hatka gelezen met goede adviezen en voorbeelden. Wat mij betreft zouden we het advies van Hatka kunnen meenemen, misschien als bijlage in plaats van echt in de nota zelf.
Omdat zoals D66 al aangaf, weten we niet of er echt budget is voor alle ideeën en hoe het college het zou uitwerken. Nou, ik sluit me verder aan bij GroenLinks en bij Jouw Haarlem. Of tenminste bij GroenLinks over het schoolontbijt en bij Jouw Haarlem over de zelforganisaties en ervaringsdeskundigen want er zijn gewoon heel veel verschillende zelforganisaties in Haarlem zoals bijvoorbeeld SchuldHulpMaatje, Humanitas en zo heb je nog heel veel zelforganisaties of zelfhulporganisaties. En daar zit ook wel echt de kracht denk ik waar we echt zeker wel iets mee kunnen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan mevrouw Özogul van de SP, gaat uw gang. Mevrouw Özogul-Özen: Doelen kunnen we steunen. Hatka-advies staan wij achter. Zoals Jouw Haarlem zegt, zelforganisaties en eventueel moskeeën kunnen helpen bij de vindplaats. Daarnaast is het heel belangrijk dat schoolontbijt doorgaat want er zijn heel veel kinderen die zonder ontbijt jammer genoeg naar school gaan. Dus daar wil ik het bij laten.
24
De voorzitter: Dank u wel. Nog andere in de eerste termijn? De heer Procee van OPHaarlem. De heer Procee: Zo straks ging het zo goed. Dank u wel, voorzitter. Ja, ook wij zijn positief, inclusief ook de aanvullingen van Hatka. Ook goed dat zelforganisatie gezien wordt dat de leefwereld centraal staat want uiteindelijk gaat het toch om mensen zelf. Ik kreeg zelf wat kortsluiting van de doelen en dat ligt ongetwijfeld aan mij maar ik wil toch uitleggen. Als hoofddoel willen dat in Haarlem ieder kind gelijke kansen heeft. Nou ja, natuurlijk. En dan als eerste subdoel gelijke kansen voor iedereen. En dan ben je wel klaar met alle doelen want dan, maar goed, dat is meer een soort semantische opzet. Het doel an sich, dat steunen wij natuurlijk. Daarbij, het concept rondkomen en meedoen, dat is heel fijn. En dan kom je wat ons betreft al de kwestie, wat doe je door, waar kun je middelen aanvullen van mensen die weinig geld hebben en wat kun je doen aan voorzieningen? Ik denk dat het heel wijs is om daar een soort onderscheid of daar nog iets verstandigs over op te nemen in het stuk. Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Procee. Nog anderen die het woord willen voeren? Nee? Nou, dan geef ik het woord aan niet de wethouder maar wel de project, ja, de schrijver, medeschrijver, de heer Aerssens, gaat uw gang. De heer Aerssens: Ja, dank u wel, mevrouw de voorzitter.
Leuk om op deze manier in ieder geval ook een keer in deze commissie te mogen zijn. Ik zou eigenlijk willen beginnen met zeggen hoe positief ik vanuit heel erg veel kanten dit proces tot nu toe heb gehoord als feedback. Van zowel de organisaties die elke keer aanwezig zijn geweest bij al onze sessies, als van Hatka, als van die ervaringsdeskundigen waar ook over gesproken is. En iedereen die vindt wat wij hier in Haarlem aan het doen zijn op het dossier kinderarmoede, heel erg fijn voor alle aandacht die daarvoor geldt. Dus ik denk dat dat iets is wat zeker gezegd moet worden. Ook een heleboel input vanuit de kant van de commissie en ik hoop dat ik er enigszins recht aan ga doen in uw opmerkingen en vragen langs te lopen. Mocht ik er vergeten zijn, nou, dan hoor ik dat graag aan het einde natuurlijk. Even kijken, vanuit de fractie van Jouw Haarlem, toxische stress en het doorbreken van generaties. Daar zetten we inderdaad volop op in. Dat is ook een van de pijlers van het stuk, dat dat iets is waar we echt mee aan de slag gaan en dat komt ongetwijfeld ook heel erg terug in de uitwerking. Evenals dat, nou ja, onder andere het advies van de Hatka, dat is heel erg breed, daar staat heel erg veel in maar dat willen we zonder meer betrekken bij de verdere uitwerking.
Ik zou wel inderdaad willen adviseren om het punt van de Hatka in ieder geval als bijlage toe te voegen en niet per se over te nemen in het stuk zelf. Dat heeft ermee te maken met dat het één, financieel best wel heel erg lastig gaat zijn. En een van de opdrachten binnen het A-dossier was, doe het nou binnen de bestaande financiële kaders. En twee, er staan ook heel veel specifieke maatregelen al in en dat is eigenlijk hetgeen wat de stap hierna is en hetgeen wat we na de zomer aangeleverd krijgen in de uitwerking van het dossier kinderarmoede. Maar ik heb ook afgelopen maandag weer gesproken en zij waren in ieder geval heel enthousiast over hetgeen wat er nu lag en vonden dit een hele mooie toevoeging om te doen. En ik denk dat we het zo ook als commissie het beste kunnen zien. Het betrekken van zelfhulporganisaties, daar hebben we het in de afgelopen maanden natuurlijk met de wethouder ook al een aantal keer over gehad. Ik denk dat dat ook goed met de wethouder is besproken in eerdere situaties dus dat we hier verder bij dit dossier dat niet nog specifiek hoeven op te nemen. Maar dat zou in ieder geval dan mijn advies zijn. Het betrekken van scholen overigens is natuurlijk iets wat echt als een paal boven water staat voor iets wat we gaan doen. Want scholen zijn een heel erg belangrijk middel die wij kunnen inzetten om kinderen in ieder geval te bereiken.
De voorzitter: U heeft een interruptie van mevrouw Scholten.
25
Mevrouw Scholten: Kunt u het punt over de zelforganisaties iets concreter maken want ik snapte niet helemaal wat u bedoelt? De heer Aerssens: Ja, kijk, dan hebben we het over onder andere Buurts natuurlijk betrekken bij het plaatsen van, of althans het signaleren van armoede. En het betrekken van zo'n organisatie in het hele armoededossier, dat zien we in ieder geval terugkomen ook na de zomer in de uitwerking van het armoedebeleid breed. Dus ik hoop het in ieder geval daar zo in terug te gaan zien maar dat is aan de wethouder. Dat ben ik zoals u net al constateerde in ieder geval niet. Het schoolontbijt, dat is er ook eentje inderdaad op 1 januari ‘25 is dat iets wat eindig is op dit moment met het huidige beleid en waar geen budget voor is op dit moment. Maar is wel iets wat we natuurlijk goed in de uitwerking kunnen meenemen of daar misschien een van de onderdelen gaat zijn van het uit te werken kinderarmoedebeleid. In reactie op GroenLinks, u zegt dat … De voorzitter: U heeft een interruptie van mevrouw Çimen, D66. Mevrouw Çimen: Ja, dank u wel, voorzitter.
En, nou ja, fijn dat we in ieder geval dan de uitwerking krijgen want dan kunnen we ook in ieder geval met elkaar vaststellen van hoeveel scholen gaat het nou, om hoeveel kinderen gaat het en ook om wat voor budget we het dan hebben? Krijgen wij dat dan ook nog voor de begrotingsbehandeling binnen want dan zouden we daar ook nog eventueel actie op kunnen ondernemen per 2025? Dat weet ik niet. De heer Aerssens: Gaan we even uitzoeken hier zo, daar hebben we het antwoord niet op paraat. Maar dan is het goed dat de vertegenwoordiging hiernaast zit. Als u mij toestaat dan, ja, in reactie op GroenLinks, u zei dat we nu nieuw beleid vaststellen, dat is nog niet het geval. Dit is echt uw visie op het kinderarmoededossier. En vanuit de visie is het de bedoeling dat we het verder uitwerken. De voorzitter: U heeft een interruptie van mevrouw Hamzad. Mevrouw Hamzad: Volgens mij heb ik, had ik gezegd bespreken. De voorzitter: U bedoelt bij de vraag had u ... Nou, de heer Aerssens, gaat u verder. De heer Aerssens: Ja, nee, inderdaad, we gaan verder. De rol van de scholen heeft u ook benoemd en dat is ook iets wat we echt terug gaan zien in de uitwerking van het beleid. Dat is in zoveel sessies teruggekomen dat dat echt iets gaat zijn wat in de uitwerking van het kinderarmoedebeleid ongetwijfeld boven zal komen. De voorzitter: U heeft nog een vraag van mevrouw Hamzad, GroenLinks.
Mevrouw Hamzad: Dank, voorzitter. De rol van scholen, inderdaad de scholen spelen een cruciale rol in aanpak van kinderarmoede en signalen op te halen. Maar om specifieker te maken, in Amsterdam zijn 44 scholen aangesloten bij het Familie School wat heeft aangetoond dat aanwezigheid van professionals op school bijdraagt aan verbinding laagdrempelig tussen gemeenten. En die maakt de drempel veel lager dat mensen die door schaamte of taboe niet durven hulp te vragen. De voorzitter: Mevrouw Hamzad, het is een interruptie, wat is uw vraag? Mevrouw Hamzad: Nou, de vraag is of wij kunnen aansluiten bij het Familie School zoals Amsterdam? De voorzitter: De heer Aerssens.
26
De heer Aerssens: Ja, u noemde de Amsterdamse Familie School. Dat is ook in de afgelopen technische sessie naar voren gekomen dat we als gemeente niet gaan in die zin over het specifiek plaatsen van een Familie School, dat is aan scholen zelf. Dus daar kan ik in ieder geval u niet aan helpen. De voorzitter: Nog een vraag van mevrouw Hamzad, GroenLinks. Mevrouw Hamzad: Bedankt voorzitter. Met Familie School wij als gemeente beïnvloeden niet de inhoud van het onderwijs. Juist wij ontlasten onderwijs om stukken zorg van het onderwijs over te nemen zoals aanvraag van een sport of doorverwijzen naar juist, ik bedoel Veilig Thuis, GGZ, schoolarts. Dank u. De voorzitter: De heer Aerssens. De heer Aerssens: Ja, kijk, een van de onderdelen van de Familie School is een brugfunctionaris. Die is al op heel erg of in een aantal scholen in Haarlem is die er momenteel al. En ik denk dat dat momenteel de eerste stap is in ieder geval in antwoord op uw vraag. Ga ik verder. De voorzitter: Gaat u verder met de beantwoording. De heer Aerssens: Ja, ga ik verder inderdaad, dat fijn. Even kijken. Ja, D66 benoemt de urgentie voor nieuw beleid. Ja, dat is inderdaad dit A-dossier dus dat zijn we zeker aan het doen. En met het benoemen van het Adossier voor kinderarmoede geven we er ook echt de urgentie aan die dit onderwerp wat mij betreft in ieder geval verdient.
Het budget voor alle maatregelen van Hatka is onvoldoende. Als u kijkt naar de dingen die Hatka voorstelt van alles wat zij eigenlijk zouden willen dat we doen, dan komt hier een behoorlijk financieel plaatje bij te liggen. En dat heb ik één, hebben we één nu niet in kaart. Maar ook past niet echt binnen het Adossier omdat het A-dossier altijd ervan uit is gegaan dat het binnen de bestaande financiële kaders zou moeten. De voorzitter: U heeft een vraag van de heer Trompetter, Actiepartij. De heer Trompetter: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, ik heb er een vraag over. Ieder jaar noteren wij best wel een flink bedrag aan de algemene middelen dat we altijd geld overhouden voor participatie. Zou daar misschien, zou u daarnaar kunnen kijken of daar nog misschien iets mogelijk is? De voorzitter: De heer Aerssens. De heer Aerssens: Ja, dat is uiteindelijk aan deze commissie en aan de raad. Wij zijn het A-dossier gaan aanvliegen vanuit een van de basisprincipes, dat is, het moet binnen de financiële kaders. Dat is ook wat er in deze visie staat omdat dat de duidelijke opdracht is geweest aan het begin. En als u zegt van, ja, ik wil daar nog extra financiële middelen aan toevoegen, dan zou ik dat volgende week inbrengen bij de Kadernota. De voorzitter: U heeft ook een vraag van mevrouw Çimen, D66. Mevrouw Çimen: Ja, dank u wel, voorzitter.
Ja, wat mij betreft wordt het een beetje complex om het volgende week in te brengen omdat we dus ook nog niet weten om welke bedragen het gaat. Maar vandaar ook inderdaad mijn vraag van, als die uitwerking er is zou het denk ik wel fijn zijn als we in september, uiterlijk oktober een beeld hebben van hoeveel lucht er nog zit binnen het bestaande budget wat wij nu hebben hè, dus conform de opdracht. En wat daar nog eventueel daarbovenop nodig zou kunnen zijn want dan kunnen
27
wij ook richting de begroting met elkaar het gesprek aan. Want nu, ja, voelt dat nog een beetje als een blanco cheque en ik weet het ook niet. De voorzitter: De heer Aerssens. De heer Aerssens: Ja, dat is het natuurlijk wel. Wat uiteindelijk altijd het idee is geweest is om na de zomer een soort van keuzemenu te krijgen met, dit zou u als commissie kunnen kiezen om te gaan doen en dan zou dit er onderdeel van kunnen zijn. Het detailniveau natuurlijk waar u nu om vraagt, dat zou wel kunnen betekenen dat we uiteindelijk langer bezig zijn met het aanleveren van het hele dossier omtrent kinderarmoede en uiteindelijk dat keuzemenu. Dus daar moet u misschien dan ook even aangeven, maar dat is misschien een mooi punt voor in de tweede termijn, of u inderdaad op dat niveau wil en dan het risico loopt dat we eventueel vertraging oplopen. Of dat u zegt van, goh, ik heb er nu liever het tempo in en wij volgen de huidige planning inderdaad met dat we na de zomer het kinderarmoedebeleid bespreken. En dan zouden we het altijd nog in de verdere uitwerking misschien nog kunnen bekijken als u specifiek zegt van, dit is er één wat er sowieso in zou moeten zitten.
De voorzitter: Goed, lijkt me dat u verder wil gaan met de beantwoording? De heer Aerssens: Ja, ja, we zijn … De voorzitter: We zouden ook om tien uur even een kleine pauze hebben maar ik denk dat we verder gaan met de beantwoording en dan voor de tweede termijn eventjes pauze doen. Ja? De heer Aerssens: Dat lijkt me een goed idee. De voorzitter: Gaat u verder. De heer Aerssens: Even kijken, de heer Amand is inmiddels weg. Die heeft een opmerking gemaakt over sport en het onderzoek van meekomen bij sport. Nou, daar is het Sportfonds natuurlijk een ideale voor waar we als gemeente verder daar zo vooral ons werk inzetten. Even zien, de Partij voor de Dieren heeft een opmerking gemaakt over, kijk nou ook naar de gezinnen die boven de 130 procent zitten en die alsnog in de knel komen met betrekking tot hun financiën. Daar hebben we de budgetcoach voor. Die helpt in ieder geval gezinnen die wel het geld hebben en die de mogelijkheden ook hebben om op die manier geholpen te worden. Die kunnen dan met de budgetcoach toch al wel de eerste stappen maken in wat meer financiële rust. Maar die vallen dan wel buiten die 130 procent dus er wordt in die zin aandacht aan besteed. Die komen weer niet terug in het dossier kinderarmoede omdat we daar heel erg juist uitgaan van eigenlijk alles wat onder de 130 procent zit.
Even kijken, dan hebben we, heeft u ook een opmerking gemaakt over de leefomgeving en voornamelijk, of althans, de wijkleefomgeving. Ik zou kunnen verwijzen naar de huidige Kadernota waar in ieder geval ruim 6 miljoen wordt vrijgegeven voor speelplekken en groen, groene bankjes en samenkomplekken in ieder geval, dat zou daar onderdeel van zijn. Wijkleefomgeving zit in die zin niet in een heel dossier beheer in het kinderarmoedebeleid, ook omdat het weer niet binnen de financiële kaders past. Even kijken, kinderombudsman is er eentje die we nog niet eerder hebben gehoord. Dat is er wel eentje waarvan ik zelf zou zeggen van, nou, daar kunnen we best eens naar kijken. Wat mij betreft gaan we dat bezien in de toekomst of we daar eventueel ofwel bij aan kunnen sluiten of dat we zelf wat kunnen doen. Maar het lijkt me goed dat we die meenemen voor in het keuzemenu voor de verdere uitwerking. Even kijken, het puntje van de Actiepartij over social bonds. Ja, daar weet ik zelf niet heel erg veel van maar ik heb wel net vernomen dat scholen daar heel erg veel zelf in mogen bepalen. Dus dat dat verder ook iets is wat echt bij scholen ligt en niet
28
zo heel erg bij ons. Dan de Partij van de Arbeid verwijst ook weer naar de Hatka en vooral dat het een bijlage moet zijn. Ja, dat zou ik inderdaad ook adviseren. En dat een ervaringsdeskundige erg belangrijk is, die hebben we in dit proces natuurlijk ook een aantal keer echt terug zien komen. Ik denk echt dat zij dat in ieder geval met verve doet en heel erg veel passie voor alle kinderen en verdere situaties die zij kan helpen. Ja dan qua Hatka om nog eventjes daar als laatst op in te gaan. Dat onderstreept dus heel erg het belang van het punt wat mevrouw Scholten noemde over het generatie doorbrekend werken, een breed beleid voor het hele gezin en het regelen van een sleutelfiguur. Of in ieder geval, als er iemand binnenkomt bij een gezin die problemen heeft, dat die persoon een heel gezin kan helpen. Ik denk dat dat inderdaad in ieder geval de eerste stap is naar hulp. En dan hebben zij ook gezegd, ook met betrekking tot het schoolontbijt overigens van, betrek nou ook eventueel degenen die buiten het stadhuis zijn zoals ondernemers. Ik denk dat dat natuurlijk ook altijd een goede kan zijn zodat we niet als gemeenteraad per se helemaal zelf al die kosten hoeven te dragen. Ik denk dat ik er dan redelijk ben. Rest mij dat ik in ieder geval nog wel even specifiek een aantal mensen zou willen bedanken voor dit proces.
Onze adviseur de heer Snelting die ook aanwezig is op de publieke tribune. Natuurlijk zowel Angelica als Corine en ik ga gewoon even zo aanspreken. Als ook bijvoorbeeld de Hatka als die ervaringsdeskundige die heel erg hebben bijgedragen aan dit proces. Dank u wel, mevrouw de voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Ik weet niet, heeft u nog aanvullingen of nee? Dan, er is al uitgebreid geantwoord. Dan was dit de eerste termijn en de beantwoording. Er stond een pauze gepland om tien uur even kort. Ik heb ook wel gezien dat voordat we met dit agendapunt begonnen mensen even wegliepen. Is er behoefte aan een pauze of kunnen we gewoon doorgaan? Even vijf minuten, dan zie ik u over vijf minuten terug. Tot zo. De voorzitter: Goed, als u allemaal weer plaats wilt nemen? Goedenavond, hallo, allemaal, wilt u weer plaatsnemen? Dan gaan we verder met onze vergadering. Ik roep het nu heel hard. Dat doen wethouders niet, mijnheer Aerssens. Goed, neemt u allemaal plaats, dan gaan wij verder. We hebben net de eerste termijn gehad en de beantwoording. Kan iemand even de deur dichtdoen ook want dan klinkt het weer zo, ja, precies, dan is het een galm. Kunt u misschien even de deur dicht? O, ik dacht dat die mevrouw ging opstaan. Even ... Ja. Goed, de rust is weergekeerd, iedereen zit weer. We zijn klaar voor de tweede termijn.
Wie mag ik in tweede termijn het woord geven over dit onderwerp, het A-dossier Kinderarmoede. Ja, de heer El Aichi van het CDA. Gaat uw gang. De heer El Aichi: Nou, ik wil toch even inhaken op dat die zelforganisaties, Jouw Haarlem heeft het genoemd, u heeft een antwoord hierop gegeven. Maar ik vind eigenlijk dat het stuk gewoon of die, het belang van zelforganisaties in het stuk moet niet als bijlage bij dat stuk van Hatka. Ik hoop dat de rest dat ook vindt? Nou, bij deze ja. De voorzitter: Goed, dank u wel. Wie kan ik verder het woord geven? De heer Baars van de VVD, gaat uw gang. De heer Baars: Ja, dank u wel, voorzitter. Zoals u weet is de VVD niet alleen de sportpartij maar ook de ondernemerspartij. Daardoor was ik enorm getriggerd door de Actiepartij en het werd al een klein beetje genoemd, kunnen we niet wat meer ondernemers betrekken, al dan niet met social bonds? En het werd gezegd, ja, dat is meer aan de scholen. Maar misschien ligt daar ook nog wel een rol voor onszelf om te kijken van, hé, kunnen we de lokale ondernemers, zonder dat we discriminerend willen zijn, meer bij dit project betrekken? Want dat vind ik zelf wel een interessante en zeker toen ik bijvoorbeeld een TommyTomato hoorde. Nou, ik vond het een goed idee en ik zou daar toch nog eens naar willen kijken.
Ik zie ook wel heel veel instemmende gezichten dus voor de mensen die geen spreektijd hebben, de lokale ondernemers.
29
De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Baars. Dan wie kan ik dan het woord geven. De heer Trompetter nog van de Actiepartij, gaat uw gang. De heer Trompetter: Ja, ik wil me graag aansluiten bij het betoog van de heer El Aichi om toch wel in het stuk zelf het belang van die zelforganisaties te noemen. Dank. De voorzitter: Dank u wel. Nog anderen in tweede termijn? Geen vragen, opmerkingen? Mevrouw Çimen, D66, gaat uw gang. Mevrouw Çimen: Ik ben aan het multitasken, excuus. Dank voor de beantwoording van die vragen. Ik denk dat het inderdaad goed is dat de punten van Hatka ook als bijlage meegaan bij het stuk en ook worden betrokken in de verdere uitwerking. Ik denk dat het in ieder geval fijn is om het schoolontbijt ook echt mee te nemen in de uitwerking. En dan, nou ja, dan snap ik dat het niet tot in de puntjes gedetailleerd naar ons toe kan komen. En ik denk dat wij ook volgende week even bij de Kadernota nog iets moeten gaan bekijken. Maar goed, dat komt, dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan nog anderen? De heer Trompetter, Actiepartij. De heer Trompetter: Ja, ik vergat nog de VVD te bedanken voor de steun voor mijn bijdrage om lokaal ondernemers te betrekken, eventueel via social bonds. De voorzitter: Kijk eens aan. Nou, waarvan akte. Mevrouw Hamzad, GroenLinks. Mevrouw Hamzad: Dank. Een heel korte aanvulling naar aanleiding van Familie School Amsterdam.
De gemeente kan natuurlijk niet zelf initiatief nemen maar we kunnen wel scholen verleiden of ondersteunen bijvoorbeeld. Er zijn wel scholen in Haarlem die al vanuit eigen initiatief zijn aangesloten bij het Familie School Amsterdam zoals De Talenten. Dus tot zover, dank. De voorzitter: Dank u wel. De heer Procee, OPHaarlem. De heer Procee: Dank u wel, voorzitter. Dank ook aan de penvoerder voor de beantwoording en helder. Eens dat we ook Hatka als bijlage toevoegen en ook steun voor het voorstel van het CDA om zelforganisaties in het stuk zelf op te nemen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Wegman, PvdA. Mevrouw Wegman: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, ook heel kort steun voor het CDA om ook zelfhulporganisaties mee te nemen. De voorzitter: Dank u wel. Nog andere in tweede termijn? Als u nog spreektijd heeft. Nee? Dan gaan we naar de beantwoording door de heer Aerssens, gaat uw gang. De heer Aerssens: Ja, dank u wel. Ja, de Familie School, wat mevrouw Hamzad zegt klopt inderdaad. Kijk, als gemeente kunnen we niet het initiatief daartoe nemen maar als een school dat zelf wil dan zou dat natuurlijk wel kunnen. Die kunnen we er dan bij ondersteunen maar dat is heel erg de portefeuille van wethouder Van Leeuwen. Dus ik zou daar zelf absoluut op dit onderwerp geen uitspraak over doen maar dat is in ieder geval het enige juiste en correcte antwoord.
Het punt over de zelfhulporganisaties. Ik denk dat we dat toe kunnen voegen in het stuk. En dan is het aan u natuurlijk de vraag of vertrouwt op dat we dat op een juiste manier
30
doen en het stuk wel door durven te sturen naar de raad. Maar ik zorg in ieder geval voor samen met het projectteam dat dat een toevoeging is want ik merk daar brede steun voor. De heer El Aichi: Ik heb nooit aan u getwijfeld. De voorzitter: U heeft nog een … De heer El Aichi. Ja, u wilde wat maar u heeft dat ‘…’. De heer Aerssens: Echt, de steun van de heer El Aichi is fantastisch. Het punt ondernemers betrekken. Ja, de Hatka heeft al contact met lokale ondernemers, zoals onder andere grote ondernemers zoals de Rabobank maar ook kleine mkb'ers in Haarlem. Daar wordt al mee samengewerkt vanuit dus de Hatka. Dus dat is zeker iets wat al gebeurt en ook in dit stuk staat het natuurlijk specifiek ook nog benoemd dat we dat doen. Even kijken, de planning, zeker met betrekking tot het punt wat mevrouw Çimen maakte over het schoolontbijt. We gaan ervoor zorgen dat we in ieder geval een inventarisatie hebben qua cijfers. Nu hoorde ik net in de pauze dat de Tweede Kamer heel erg enthousiast was over het principe van het schoolontbijt en dat daar mogelijk vanuit landelijk middelen komen maar dat weten we natuurlijk niet. We zorgen er in ieder geval voor dat wat er ook landelijk besloten wordt, dat u in ieder geval de cijfers krijgt. Dat wordt na de zomer, dat wel. Die gaan we niet meer voor die tijd kunnen regelen omdat die uitgevraagd moeten worden.
En dat komt van alle individuele scholen af omdat die dat zelf regelen, soms helemaal zelf, soms in samenwerking met een partner. Maar dat zou dan als we dat na de zomer hebben dan kunnen we dat dan regelen eventueel bij het armoedebeleid. Verder had ik ook nog vernomen dat informatie over het armoedebeleid van de gemeente, los van dat we het zo simpel mogelijk maken, dat kwam bij het vorige agendapunt natuurlijk ook onder de aandacht, dat we ook de informatie over de verschillende regelingen delen op fysieke plekken zoals bijvoorbeeld de huisarts, wijkcentra, et cetera, zodat ook daar voldoende aandacht hiervoor is. De voorzitter: U heeft nog een aanvullende vraag. Mevrouw Hamzad. Mevrouw Hamzad: Nee hoor, een aanvulling. Heel graag op B1-niveau zodat het toegankelijk is voor iedereen, voor alle doelgroepen. De voorzitter: De heer Aerssens. De heer Aerssens: Ja, zonder meer wat mij betreft. Maar dat is ook wat wethouder Van Loenen vorige maand heeft toegezegd, dat we dat in ieder geval, dat we het beleid zo simpel mogelijk verwoorden zodat het voor iedereen begrijpelijk is. En in ieder geval dat men weet wat er staat, wat ze in grote lijnen aanvragen. Niet misschien de specifieke details want die zijn natuurlijk vastgesteld door bepaalde verordeningen maar zoveel mogelijk wat we maar kunnen communiceren gebeurt op een begrijpelijk niveau voor iedereen.
Dat waren geloof ik de vragen die openstonden. Ja, dan ga ik het aan u overlaten, mevrouw de voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Aerssens voor de beantwoording van deze tweede termijn. Nee, dit agendapunt was een concept raadsvoorstel bespreken en het ging er even om, wilt u nog wijzigingen in dit conceptvoorstel? Voor zover ik heb gehoord zijn er geen wijzigingen, wel het voorstel om mee te nemen in het najaar maar dat heeft u allemaal besproken hoe u dat gaat doen. Dus als we dit naar de raad willen brengen kan dit met het stuk wat nu voorligt, het concept raadsvoorstel, kan dat een raadsvoorstel worden? Ik zie knikken. En o, de zelfhulporganisaties komen er nog wel bij dus dat is dan nog de wijziging. Ja. De heer Aerssens: Ja, ik zou voor willen stellen om dat toe te voegen maar wel het stuk naar de raad te brengen, dat we er niet nog volgende week over hoeven te hebben. Maar dat we inderdaad het stukje over de
31
zelfhulporganisaties dat we die nog gaan toevoegen in het stuk maar dat het dan al wel door kan naar de raad. Dan heeft u dat uiterlijk midden volgende week, dan heeft u ruim de tijd om dat te bezien wat mij betreft. De voorzitter: U heeft geen tijd meer maar u heeft één vraag. Ja, punt van orde. Nou, gaat uw gang. Mevrouw Scholten: Is het een idee om de verwerking die Hatka heeft gedaan even een redigeerslag te geven voor de leesbaarheid? Want nu staat het heel erg puntsgewijs en dat leest niet echt lekker dus misschien kan dat even iets strakker. De voorzitter: En mevrouw Hamzad had ook nog, o, was dezelfde vraag. Ik hoor even dat er … Mijnheer Aerssens. De heer Aerssens: Ja, we moeten even kijken of dat voor de bespreking in de raad kan. Het ligt er een beetje aan hoe snel we zijn maar dat we dat uiteindelijk aanleveren dat kan sowieso. Dan zou het bijgevoegd worden bij de uitwerking maar dan zou u wel de huidige bijdrage van de Hatka bij het raadsvoorstel hebben. De voorzitter: Mevrouw Scholten. Mevrouw Scholten: Het leest gewoon wat mooier als het netjes is. De heer Aerssens: Uiteindelijk gaat het ‘…’. De voorzitter: Goed, dus dat wordt toegevoegd en dan hoeft het niet meer besproken te worden volgende week 10 juli in de extra commissie Samenleving.
En dan is alleen nog de vraag, hoe gaat het naar de raad? Hamerstuk, hamerstuk met stemverklaring of bespreekpunt? Ik neem aan hamerstuk als ik het zo hoor? Het is uitvoerig besproken. Dan gaan we dat zo doen, hamerstuk naar de raad. En dan geef ik het stokje, de hamer, de voorzittershamer weer over aan de heer Aerssens en dan dank ik u voor uw toelichting en ook mevrouw Van der Kraan, Angelica. Dank je wel 8.
Rapportage Armoedefonds 2023 (DL) De voorzitter: Goed, dames en heren, we gaan door naar het laatste agendapunt van vanavond. Dat is de rapportage van het Armoedefonds. Op verzoek van de fractie van GroenLinks is dit geagendeerd en uiteraard heeft een meerderheid van de commissie hiervoor ingestemd zodat we het ook daadwerkelijk kunnen gaan bespreken. Het woord is aan mevrouw Hamzad, gaat uw gang. Mevrouw Hamzad: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, GroenLinks heeft dit onderwerp in januari geagendeerd naar aanleiding van het rapport van het Armoedefonds. Met grote blijdschap kijken wij naar het onderzoek van 213a, wij vinden antwoord op veel onze gestelde vragen. Een zorgpunt dat echter blijft bestaan en waar het onderzoek ook op wijst is het vinden van gezinnen die in armoede leven. Worden hulporganisaties gevonden door armoedetaboes of mentale problemen die door geldzorgen ontstaan? En wat te denken van menstruatie-armoede dat ook door jongerenparticipatie als een van de belangrijkste urgente onderwerpen wordt beschouwd. Voorzitter, het aantal inwoners neemt toe en er is een aanzienlijk probleem met menstruatie-armoede onder Haarlemmers, vooral onze jongeren. Zoals bleek uit de recente bijeenkomst van de jongereparticipatie van drie weken geleden.
In 2022 zijn er na aanvraag van GroenLinks bij het Armoedefonds elf locaties ontstaan in … Helaas kan het Armoedefonds geen uitbreiding meer doen omdat zij geen ruimte meer hebben, zoals blijkt uit het verzoek van Share Local al in januari 2024. Voorzitter, er zijn 44
32
gemeentes die aangesloten bij het landelijke regeling en subsidie verstrekken aan het Armoedefonds. In elke stad krijgen lokale organisaties of losse uitgiftepunten maandelijks voldoende producten. Ziet de wethouder mogelijkheden voor Haarlem om aan te sluiten bij de 44 gemeenten en deelnemen aan de landelijke regelingen? Kan de wethouder hier meer over vertellen en bevestigen of Haarlem zal aansluiten. Zo ja, wanneer kunnen wij dit verwachten? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Iemand anders het woord op dit agendapunt? De heer Trompetter, gaat uw gang. De heer Trompetter: Dank u wel, voorzitter. Ja, ik zou zeg maar graag willen aansluiten bij de vraag en de oproep van GroenLinks. Want het is ook ons punt dat we eigenlijk al een tijdje de aandacht voor vragen. De voorzitter: Dank u wel. Anders commissieleden die het woord willen voeren? Ja, mevrouw Wegman. Mevrouw Wegman: Dank u wel, voorzitter. Nou, dit rapport onderstreept een behoefte aan basisbenodigdheden onder kwetsbare groepen. Dit is een trend die niet alleen landelijk maar zeer waarschijnlijk ook binnen onze gemeente zichtbaar is. De eerste vraag die bij mij gelijk opkwam is of we als gemeente een duidelijk beeld hebben van de situatie bij de hulporganisaties? Heeft de wethouder bijvoorbeeld inzicht in het aantal hulpvragen en eventuele toename daarvan? Misschien is het wel technisch.
En belangrijker nog of deze organisaties zelf ook tekorten of moeilijkheden in het bieden van de noodzakelijke hulp ervaren? Nou, dan rust er nog de vraag wat wij als Haarlem kunnen doen? Ik sluit me aan bij het betoog van GroenLinks over menstruatie-armoede. Daarnaast zag ik ook nog zelf een idee, namelijk het plaatsen van weggeefkasten in wijken of wijkcentra. Hier kunnen mensen houdbare producten doneren voor degenen die het echt nodig hebben. Nou, andere gemeenten doen het al en misschien kunnen wij dat ook gaan doen. Ik weet dat er al wat weggeefkasten zelf zijn gemaakt door mensen zelf maar misschien heeft de wethouder hier wat zicht op en misschien kunnen wij deze ook als gemeente plaatsen? Dus ik ben benieuwd naar de mogelijkheden. Dank u wel. De voorzitter: Ging goed, er zat niks in. De heer Procee. De heer Procee: Dank u wel, voorzitter. Ja, praten over armoede is al niet makkelijk en het praten over menstruatie vinden veel mensen ook best lastig. Dat geldt denk ik nog extra voor jongeren. Wanneer je geen geld hebt om menstruatieproducten te kopen kan het stress en schaamte opleveren, negatieve gevolgen hebben voor je gezondheid en ook tot gevolg hebben dat bijvoorbeeld kinderen niet naar school gaan of niet meedoen aan gym.
OPHaarlem maar ook de Partij voor de Dieren zou het een goed idee vinden als de gemeente gaat onderzoeken hoe ze op bijvoorbeeld scholen, in apotheken, bij sportverenigingen, bij de bibliotheek en in gemeentelijke gebouwen kan helpen met het verstrekken van menstruatieproducten. En beter nog … De voorzitter: O, wacht even, u heeft een interruptie van mevrouw Hamzad van GroenLinks. Mevrouw Hamzad: Ja, het is meer een aanvulling. Zoals ik in mijn betoog aangaf is in elf locaties in Haarlem, die locaties zijn ontstaan na aanvraag van GroenLinks. Onder andere bibliotheken, Haarlem College en meerdere scholen in Haarlem. Dus, maar op dit moment is meer behoefte aan meer uitbreiding van de locaties dan elf locaties die op dit moment functioneren. De voorzitter: Dank u wel.
33
De heer Procee: Dank u wel. Een wezenlijke aanvulling, dank daarvoor. Beter nog, als de gemeente zal onderzoeken op welke wijze ze het tegengaan van menstruatie-armoede kan combineren met duurzaamheid. Een menstruatiecup bijvoorbeeld kost zo’n twee tientjes maar gaat minstens een decennium mee. Dat scheelt een hoop afval. Of een menstruatie-onderbroek bijvoorbeeld ook een stuk duurzamer dan tampons of maandverband. Wat de gemeente ook zou kunnen doen is het promoten van zero waste natuurvriendelijke producten, zeker wanneer die in bulk worden aangeschaft is het vele malen goedkoper dan producten die in plastic verpakt bij de supermarkt en drogist liggen. Schoonmaken met schoonmaakazijn van ongeveer 40 cent per liter en soda, iets meer dan een euro per kilo werkt prima. Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Ja, ja, punt inderdaad. Zowel u als de Partij voor de Dieren, uw samenwerkingspartner in deze, zijn beiden door de spreektijd heen. Maar u ziet wel hoe erg wij samenwerken in deze commissie en dat gebeurt hier gelukkig veel vaker. Zeker weten. Anders commissieleden die het woord willen voeren op dit punt? Ja, mevrouw Ozogul, u heeft nog 22 seconden. Gaat uw gang. Mevrouw Özogul-Özen: Wij ondersteunen het betoog van GroenLinks met betrekking tot menstruatieproducten. Het feit dat er behoefte is aan uitbreiding geeft al aan hoe nodig het is. De voorzitter: Dank u wel.
Anders commissieleden? De heer Van der Vliet. De heer Van der Vliet: Dank u wel, voorzitter. In het onderzoek komt naar voren dat lokale hulporganisaties cruciaal zijn en waardevol zijn, ook omdat zij een uitgebreid netwerk hebben. De VVD ziet dat eigenlijk ook naar voren komen en de belangrijke rol die bijvoorbeeld hulporganisaties hebben, zoals sociale wijkteams, ook in de preventieve aanpak en vooraan staan bij problematiek. Welke acties heeft de wethouder dit jaar ondernomen erop en gaan nog ondernomen worden, ook op de aanbeveling uit het onderzoek? De voorzitter: Dank u wel. Ja, inderdaad, een brede vraag. Anders commissieleden die nog het woord willen voeren? De heer El Aichi, gaat uw gang. De heer El Aichi: Ja, ook steun voor het betoog van GroenLinks. Afgelopen twee jaar zijn volgens GroenLinks elf plekken aangewezen waar je zeg maar menstruatieproducten kunt ophalen. GroenLinks geeft aan dat er meer behoefte aan is. Ik ben benieuwd waar dit vandaan komt? Hoe weet je dat er meer behoefte aan is, is er onderzoek naar gedaan? De voorzitter: U wilt daarop reageren. Dat kan heel snel want u heeft nog vier seconden. U wil daar toch niet op reageren. Uitstekend. Anders nog commissieleden die het woord willen voeren? Ik zou samenwerken met uw partner op links als ik u was. Ja, nee, inderdaad. Ja, goed. Wethouder, dan is het aan u.
Wethouder Van Loenen: Het wheelen en dealen is al snel vroeg begonnen voordat we in de Kadernotaweek zitten dus dat is hartstikke mooi. Hartverwarmende allianties gebeuren hier waar we bij zitten. Even kijken, misschien even twee dingen. Menstruatie-armoede, daar zijn een hoop vragen over gesteld. We hebben inderdaad elf locaties destijds ingesteld, om het even zo te zeggen. Dat zijn inderdaad, zoals mevrouw Hamzad ook zei, de bibliotheken maar ook de wijkteams. Dus dat zijn natuurlijk onze eigen locaties om ze even zo, want er werd gevraagd over gemeentelijke gebouwen. We hebben dus die elf locaties. De vraag is wel, is er dan meer behoefte aan? Dat werd ook al gevraagd door het CDA. Ja, dat heb ik ook niet scherp eerlijk gezegd of dat nou het geval is. Ik denk dat het goed is als wij, onze organisatie nog een keer in gesprek gaat met Share Local om eens in kaart te brengen van, is er inderdaad daadwerkelijk behoefte aan? En ook, is dat dan logisch om dat via het Armoedefonds te doen of op een andere manier? Ook omdat we natuurlijk allerlei locaties
34
hebben misschien die daar ook nog voor in aanmerking komen of dat we ook kunnen zien van, hé, zijn er niet nog veel meer scholen die dit al doen? Dus ik denk dat dat een goede is. We zullen dan ook wat mij betreft even meenemen dat duurzaamheidsaspect, heel interessant punt van de heer Procee. Ik denk alleen wel dat we even moeten kijken, het moeten wel producten zijn, zeg maar duurzaamheid is natuurlijk belangrijk daarin maar het moet ook wel echt gebruikt worden dus het moeten ook producten zijn die dus ook door de jeugd bijvoorbeeld worden afgenomen. Dus we moeten wel even goed kijken, is dat een goede optie? Nou, laten we dat meenemen en eens kijken, en dan kunnen we later in het jaar komen we natuurlijk weer terug bijvoorbeeld met een minimabeleid. Nou, daar zouden we ook even terug kunnen rapporteren wat daaruit is gekomen. En ook nog de vraag over onze eigen organisaties en ook de financiën daar. Ja, wij hebben geen indicaties, of in ieder geval zijn niet zo even uit mijn hoofd bij mij beschikbaar, signalen dat we zeggen, nou, daar zitten organisaties te springen om geld en die hebben dat niet. Dus nee, dus dat zie ik niet zo. Maar u zou het ook altijd nog, als u wel denkt van, hé, zit daar niet iets, misschien technisch kunnen uitvragen.
We zijn natuurlijk gewoon echt heel veel in contact met eigenlijk alle organisaties, zeker ook via Hatka maar ook gewoon via natuurlijk onze gemeentelijke lijnen dus we krijgen die signalen meestal redelijk snel. De voorzitter: Uitstekend. Dank u wel voor de beantwoording in de eerste termijn. Is er vanuit de commissie behoefte voor een tweede termijn of hebben we het zo voldoende besproken? Ja, u heeft nog spreektijd dus u mag nog. Ja, gaat uw gang, mevrouw Wegman. Mevrouw Wegman: Dank u wel, voorzitter. Nog heel kort nog een antwoord op de weggeefkasten, of u daar iets over kan vertellen? De voorzitter: Anders nog commissieleden die in de tweede termijn nog iets willen zeggen en die nog tijd hebben? Nee? Wethouder, de weggeefkasten. Wethouder Van Loenen: Ja, we hebben inderdaad verschillende weggeefkasten maar ik denk dat we dat dus even mee moeten nemen in dat hele concept, die toezegging die ik net heb gedaan over, we gaan als organisatie kijken met Share Local wat de behoefte is. En dan kunnen we denk ik ook even kijken, want volgens mij hebben wij vaak bij die wijkcentra al weggeefkasten maar dat kunnen we nog even checken. Ja. De voorzitter: Uitstekend. Nou, met die toezegging hebben we dit zo ook voldoende besproken. Dan dank ik u voor deze speciale avond. Speciaal dank aan mevrouw Çimen en de heer Procee voor hun eerste aanwezigheid hier. Ja, ik vergeet u nu niet.