Transcript commissie Samenleving d d 4 juli 2024
Tekst van het document
TRANSCRIPT VAN DE COMMISSIE SAMENLEVING VAN GEMEENTE HAARLEM d.d. 4 juli 2024 1.
Opening en mededelingen voorzitter De voorzitter: Goed, dames en heren, wij gaan beginnen. Ik heet u van harte welkom bij de vergadering voor de commissie Samenleving op deze vierde dag in juli. Iedereen op de publieke tribune, thuis meeluisterend, et cetera, allemaal van harte welkom. Ja, ik galm. O, wat heerlijk, de deur die staat nog open. Ja. Ja, nou ja, ik en alles wat tot mij spreekt. Grootheidswaanzin, dat zegt dan de wethouder. Dat is ook wel bijzonder. Goed. Dames en heren, nogmaals dus van harte welkom ditmaal zonder gegalm. Wij hebben ontvangen bericht van verhindering van mevrouw Otten van Hart voor Haarlem, die is vanavond afwezig. En een wisseling. Wij zeggen gedag tegen mevrouw Jacobs. Ik wilde bijna zeggen vaarwel maar dat is helemaal niet van toepassing. Gedag tegen mevrouw Jacobs en wij heten welkom de heer Procee namens de fractie van OPHaarlem. Ik heb voor u een mededeling over de bijeenkomsten in uw ... Ja, o, nee ja, ja, helaas, helaas. Ja, mevrouw Çimen. Mevrouw Van der Wind heeft natuurlijk afscheid genomen want die is zojuist benoemd in Bloemendaal. Ja. Ik ga niet meer luisteren, ik ga niet meer luisteren naar de wethouder die naast mij zit. Nee. Goed, dames en heren, we gaan weer rustig verder. Dit is dus hoe wij de commissie Samenleving insteken, altijd gezellig vrolijk. En mevrouw Çimen, welkom. Zeker, nu er bent dan wordt alles beter.
Op 24 september een technische sessie voor u in de agenda. Wij hebben dan een technische sessie met of eigenlijk een gesprek met Buurts. Het stukje technische sessie hebben we ervan afgehaald en het wordt echt een gesprek samen waarin wij samen met Buurts het gesprek aangaan over hun uitdagingen en waar we als gemeente staan en wat we als gemeente kunnen betekenen. Dat gesprek gaat plaatsvinden in de raadszaal, hebben we anderhalf uur voor waarin Buurts eerst kort zal vertellen iets over waar zij staan. En vervolgens hebben we dan samen zoals inmiddels degenen die hier wat langer meegaan in deze commissie gewend zijn een goed gesprek met elkaar. Opgeven hiervoor kan via het griffiebureau.
2.
Vaststellen van de agenda De voorzitter: Dan gaan we door naar punt 2, het vaststellen van de agenda. Kan de agenda conform worden vastgesteld? Mevrouw Moedt, u heeft aangekondigd een vraag te hebben over de, even kijken, punt 2.1 de memo over de onderzoek ondersteuning minima. Is dat waar u een punt over wil maken? Dat kan, als u niet het inhoudelijke punt bespreekt want als het goed is is er contact geweest. Mevrouw Moedt: Ja, dat klopt, voorzitter. Dank u wel. Ik heb contact gezocht met de griffie omdat ik een drietal inhoudelijke niet geheel correcte dingen in deze memo terugzag en daar input op heb geleverd. Ik zou willen verzoeken of deze memo met instemming van de commissie onder de actieve informatieplicht op de agenda van de vergadering van 10 juli zou kunnen worden geplaatst zodat we het desgewenst kunnen agenderen. De voorzitter: Dat doe ik gewoon bij deze. Dus daar hoeven we geen toestemming voor te vragen. U heeft gewoon dat agendaverzoek en die bespreken we volgende week. Dan kan erover gestemd worden, kan de hele commissie daar kennis van nemen. Dus bij deze. Dan iemand anders nog iets over de agenda of kan die conform worden vastgesteld? Ja? Mooi.
1
3.
Mededelingen commissieleden en wethouder(s) De voorzitter: Dan de mededelingen van commissieleden en wethouders. Zijn er commissieleden met een mededeling? Nee? Dan hebben we de wethouder die één mededeling heeft over het woonzorgcomplex De Roos. Wethouder. Wethouder Van Loenen: Ja, buurt en de gemeente hebben samen met betrokken organisaties een afvaardiging van bewoners van De Roos en inwoners van de Rozenprieel een belangrijke stap gezet. Er is besloten dat de activiteiten in De Roos blijven. Er wordt nog bekeken of er op korte termijn ook verbouwd kan worden, dat hangt onder andere af van lopende subsidieaanvragen. Maar ongeacht of er verbouwd wordt of niet blijven de activiteiten in De Roos bestaan. Goed nieuws denk ik. De voorzitter: Dank u wel voor die mededeling. U krijgt zelfs applaus vanuit de commissie dus dat is heel mooi. Waren dat de mededelingen.
4.
Informatie uit (regionale) samenwerkingsverbanden De voorzitter: Gaan we door naar agendapunt 4, de informatie uit de regionale samenwerkingsverbanden. Wethouder, zijn er samenwerkingsverbanden? Nee? Geen geweest dus ook niks over te rapporteren.
5.
Transcript commissie d.d. 6 en 20 juni 2024 De voorzitter: Door naar punt 5, het transcript van de vergadering van 26 juni inclusief het besloten gedeelte. Zijn er naar aanleiding van het openbare gedeelte vragen, opmerkingen, aanmerkingen? Besloten gedeelte, als dat het geval is mag u alleen uw hand opsteken en dan moeten we dat besloten gaan bespreken maar dat is niet het geval. Mooi.
6.
Vaststellen 213a onderzoek evaluatie minimabeleid (DL) De voorzitter: Gaan we door naar agendapunt 6, het vaststellen van het 123a onderzoek evaluatie minimabeleid. Er zijn al technische vragen gesteld tijdens de sessie door de fractie van Jouw Haarlem, die zijn beantwoord en gekoppeld aan deze agenda. Wie mag ik als eerste van de commissie het woord geven? Mevrouw Wegman namens Partij van de Arbeid, gaat uw gang. Mevrouw Wegman: Dank u wel, voorzitter. Vandaag bespreken we de resultaten van het onderzoek naar het minimabeleid. Het onderzoek geeft aan dat het beleid doelmatig en doeltreffend is en een belangrijke ondersteuning biedt aan inwoners met een laag inkomen. Dit is een mooie erkenning van de inspanningen die wij als gemeente leveren om armoede te bestrijden. Het is goed om te zien dat bijvoorbeeld 98 procent van de kinderen met ouders die een inkomen hebben tot 130 procent van het minimumloon gebruikmaken van één of meerdere minimaregelingen. Deze cijfers onderstrepen de effectiviteit van ons beleid. Nou, ondanks deze positieve resultaten is er nog volop ruimte voor verbetering. Een groot knelpunt is de complexiteit en de stress die gepaard gaan met het aanvragen van regelingen. Onze huidige website lijkt soms meer op een doolhof van verschillende regelingen waardoor het voor inwoners moeilijk is om de juiste ondersteuning te vinden en ook te krijgen.
PvdA stelt voor om te onderzoeken of we een tool kunnen ontwikkelen waarin inwoners hun gegevens kunnen invullen en vervolgens een overzicht krijgen van de regelingen waarvoor zij in aanmerking komen. Idealiter biedt deze tool ook mogelijkheid om die gelijk aan te vragen. Kijk bijvoorbeeld eens naar De
2
Voorzieningenwijzer die in sommige gemeenten al succesvol wordt gebruikt. Nou, ik zou graag van de wethouder willen horen dat dit wordt meegenomen in de verdere uitwerking van ons minimabeleid. De voorzitter: U heeft een interruptie van mevrouw Çimen van D66. Mevrouw Çimen: Ja, dank u wel, voorzitter. Kan de collega van de PvdA uitleggen hoe deze tool dan effectiever is dan de website? Want het voelt nu gewoon als een nieuwe tool waarbij mensen weer het zelf moeten gaan invullen en uitzoeken. Mevrouw Wegman: Nou, bij De Voorzieningenwijzer vul je al je gegevens in en dan zie je eigenlijk op een rijtje welke regelingen je gebruik van kan maken. Op dit moment zie je eigenlijk alle regelingen die er maar zijn en dat zijn er echt wel heel veel die ook niet voor iedereen geldig zijn dus in die zin. De voorzitter: Dan heeft u ook nog een interruptie van de heer Trompetter van de Actiepartij. De heer Trompetter: Dank, voorzitter. Denkt u dan bijvoorbeeld ook aan wat ze in de gemeente Den Haag doen. Namelijk een brief sturen met drie vragen. Als je drie kruisjes zet, dus voor de mensen die wat minder digitaal vaardig zijn, dan heb je automatisch recht op een aantal regelingen. Dus zou dat ook een onderdeel kunnen zijn van uw voorstel? Mevrouw Wegman: Het zou zeker een onderdeel kunnen zijn van het voorstel. Ik ken het systeem niet maar zo makkelijk mogelijk denk ik dus ja, zeker.
Dan ga ik even verder. Ja, bovendien stelt de PvdA ook nog voor om regelingen en hulp van onze partners op te nemen in onze communicatiekanalen. Dit gebeurt bijvoorbeeld al op de website van Hatka maar nog niet op de site van de gemeente zelf. En over de communicatie heeft de PvdA nog één vraag en dat is, tijdens de technische sessie is al eerder voorgesteld om animaties en filmpjes te gebruiken maar ik heb deze middelen nog niet gezien op de website. Dus ik zou graag van de wethouder horen of deze gerealiseerd worden? Wat betreft het digitale HaarlemPas heeft de PvdA gemengde gevoelens. Natuurlijk biedt digitalisering voordelen maar we moeten ons ook bewust zijn van het persoonlijke contact dat verloren gaat bij het digitaliseren. En bovendien zijn natuurlijk de kosten ook aanzienlijk. Een belangrijk aspect voor de PvdA is wel dat we inzicht krijgen in hoe de pas wordt gebruikt. En kan de wethouder bevestigen dat met de huidige pas het mogelijk is om dat te ontdekken, bijvoorbeeld door een onderzoek? Nou, tot slot zou ik willen weten waarom ervaringsdeskundigen niet zijn meegenomen in het onderzoek? Hun input kan van onschatbare waarde zijn, dat zagen we al bij verschillende sessies die we ook hadden bij het kinderarmoededossier.
En andere gemeenten laten ook zien dat ervaringsdeskundigen een waardevolle bijdrage kunnen leveren aan het beleid en ik geloof dat dit voor Haarlem ook een verrijking zou zijn. Dus ik zou de wethouder graag willen vragen om in het vervolg ervaringsdeskundigen te betrekken bij de verdere ontwikkeling van dit beleid. Ik zie uit naar de antwoorden en ik kom misschien nog met een tweede termijn. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Trompetter namens de Actiepartij. De heer Trompetter: Dank u wel, voorzitter. Dank aan het college voor dit onderzoek. Het is goed om te zien dat we voor een aantal type huishoudens de armoedeval gedaald is. Dit geldt dan wel niet voor mensen met een inkomen tot ongeveer 110 procent van het minimum. In huizen met minderjarige kinderen is het zelfs pas boven de 130 procent. Verwacht de wethouder nog verdere verbetering van deze cijfers? De technische sessie over het onderdeel was zeer duidelijk. Ik heb toch nog een vraag. Het gebruik van minimaregelingen in de wijken Te Zaanen, Kleverpark en Bomenbuurt, daar zijn wat minder mensen die van een minimuminkomen
3
leven maar het gebruik daarvan is erg laag. Kan de wethouder daar misschien nog een actie opzetten bijvoorbeeld via een brief of een folder om toch mensen wat meer daarvan in kennis te stellen? Zou het kunnen zijn dat mensen misschien wat schaamte hebben in zo’n wijk maar dat is wel een vraag. Dank u wel. De voorzitter: En u ook dank voor uw bijdrage. Mevrouw Hamzad namens de fractie van GroenLinks. Mevrouw Hamzad: Dank, voorzitter. Allereerst willen wij ontzettend bedanken voor alle betrokkenen voor hun inzet en voor dit mooie overzichtelijk resultaat. Wij zijn blij met het onderzoek. Voorzitter, het onderzoek schat dat er in totaal 9.394 huishoudens in Haarlem zijn met een inkomen tot 130 procent van het wettelijke sociale minimum. Dit komt neer op 11,7 procent van alle huishoudens in onze stad. Het is mooi dat de gemeente bijna alle huishoudens met een minimuminkomen in kaart heeft gebracht en alle minimagezinnen in beeld heeft. En dat er een overzicht is van het gebruik van gemeentelijke regelingen. We weten hoeveel kinderen in gezinnen tot 130 procent van de bijstandsnorm in aandachtswijken vallen. Het is belangrijk een duidelijk beeld te hebben van het aantal kinderen dat er in armoede opgroeien. Wij zijn blij dat de gemeente nu ook zzp'ers met een laag inkomen opspoort om hun toegang te geven tot HaarlemPas.
Daarnaast hebben wij ook nog een aantal urgente punten die wij in kaart willen brengen maar die zal ik in agendapunt 7 verder toelichten. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Çimen als eerste namens D66. Mevrouw Çimen: Ja, dank u wel, voorzitter. Dank voor het opleveren van het 213a onderzoek. Ik denk dat het ontzettend mooi nieuws is dat het minimabeleid doelmatig en doeltreffend is. En ik denk dat het ook, hoe, nou ja, vervelend ook dat dit überhaupt nodig is dit type beleid in een rijk land als Nederland, maar dat het er wel is en dat er ook zoveel mensen gebruik van maken. En dat het beleid ook met name voor gezinnen met kinderen enorm veel goeds doet. Tegelijkertijd, de collega van de PvdA zei ook al, er is nog wel degelijk verbetering mogelijk, zowel in het bereiken van mensen maar ook bijvoorbeeld het dossier kinderarmoede. Wat we tot A-dossier hebben bestempeld en waar we het straks nog over gaan hebben en waar ik inderdaad ook nog wat suggesties voor zou willen doen. Tegelijkertijd had ik hierbij nog eigenlijk één vraag. De inkomenseffectrapportage 2024 zit erbij opgeleverd. Nou hebben wij sinds een paar dagen een nieuw kabinet en ik ben benieuwd hoelang dat kabinet gaat zitten. Maar goed, dat daargelaten.
De plannen zijn wel om een aantal zaken ten aanzien van het inkomen te gaan verbeteren die ook impact zullen gaan hebben op deze groep zoals het verhogen van de huurtoeslag vanaf volgend jaar en ook het kindgebonden budget. Gaat het college ook kijken in een volgende inkomenseffectrapportage wat dat eventueel voor positieve effecten heeft en kan dat ook bijvoorbeeld bij de kinderarmoede worden betrokken? De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Özogul van de SP. Mevrouw Özogul-Özen: Ja, dank je wel, voorzitter. Het is goed dat ons beleid doelmatig en doeltreffend is. Tegelijkertijd is het natuurlijk schrijnend dat er veel armoede is in Nederland en ook in Haarlem. In ons beleid hebben wij wel dat wij kinderen met betrekking tot armoede goed kunnen bereiken maar wij zien ook dat een aantal Haarlemmers niet bereikt worden of in ieder geval het slechter hebben. Dat zijn vooral mensen waarvan de kinderen zeg maar 18 worden, waarvan dan de toeslagen vervallen en tegelijkertijd de kinderen naar school gaan en geen inkomen hebben. Dus dan zie je echt een armoedeval. Ik ben benieuwd wat wij daartegen in Haarlem in ieder geval nog kunnen doen? Het is belangrijk dat ook deze kinderen, ondanks dat ze 18 worden en naar school gaan, in ieder geval kunnen sporten, kunnen meedoen door middel van Muziekfonds of al dat soort dingen.
Op dit moment is het volgens mij nog niet zover maar ik ben benieuwd of daar vorderingen in zijn? Daarnaast wil ik het ook hebben over armoede met betrekking tot ouderen. Vooral
4
de 65-plus, daar vervalt ook het een en ander wanneer ze 65 worden. En dan heb ik het over de, vroeger heette dat de langdurigheidstoeslag, ik weet niet hoe dat nu heet. Maar het is in ieder geval een toeslag wat ze één keer per jaar krijgen. Sorry? Ja, precies. Maar dus daar zitten ook wat problemen. Kinderen kunnen we heel goed bereiken, hebben we gelezen. Alleen niet iedereen maakt gebruik van de HaarlemPas, in ieder geval niet van die 130 procent. Ik was benieuwd hoe we dat in ieder geval kunnen versterken, dat ze er wel gebruik van maken? En waar ik ook een beetje van geschrokken ben is dat bijvoorbeeld de armoede in Meerwijk en in Europawijk vergeleken met de rest van Haarlem zo hoog is. Nou ja, ik kan geen redenen bedenken waarom dat zo is maar ik ben wel benieuwd of we als gemeente extra daar inzetten om die mensen daar te bereiken? En daarnaast kan ik me voorstellen dat er wat meer problemen komen met betrekking tot het aanvragen en dergelijke. En daar is toch een wat hogere capaciteit van de buurt- of wijkteams zoals we dat noemen nodig. Dus dat zou belangrijk zijn om die mensen goed te kunnen bereiken. Een ander iets wat ik ook wil aankaarten is de toeslagen, energietoeslagen.
Ik krijg heel veel vragen van mensen die zeggen van, komen die toeslagen? Kunnen we daar in ieder geval iets mee doen ook voor de aankomende jaren van mensen die heel schrijnend zijn, dat we ze kunnen helpen? En als laatste wil ik aandacht vragen voor iets wat … De voorzitter: Wacht u heel even, u heeft een interruptie van mevrouw Çimen. Mevrouw Çimen: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, ten aanzien van de energietoeslagen, heeft de SP daar zelf een voorstel voor hoe dat zou moeten, om hoeveel mensen dat ongeveer gaat? Mevrouw Özogul-Özen: Nou ja, daar ben ik dus eigenlijk benieuwd naar en daar wil ik wel vragen over stellen en eventueel bij de begroting iets mee doen. Maar ik ben benieuwd wat al bekend is bij de gemeente en wat de wethouder daar zelf van vindt? We hebben natuurlijk cijfers van afgelopen jaren en ik kan me voorstellen dat we niet dezelfde regeling kunnen doen. Maar als er hele schijnende zaken zijn ben ik benieuwd of dat bijvoorbeeld via een bijzondere bijstand of iets nog kan? Ik heb nog een andere specifieke vraag. De voorzitter: U heeft nog een interruptie van de heer Van der Vliet van de VVD. De heer Van der Vliet: Ja, dank u wel.
Heeft u ook een idee om hoeveel Haarlemmers het ongeveer gaat? Mevrouw Özogul-Özen: Ik niet maar we kunnen er wel achter komen via Buurts want die hebben wel al die mensen in beeld want daar komen die mensen met alle schrijnende gevallen. Dus ik zou eigenlijk willen weten net als u over hoeveel mensen we het hebben en hoe we ze in ieder geval kunnen bijstaan in moeilijke leefomstandigheden. De voorzitter: Gaat u verder. Mevrouw Özogul-Özen: Ik heb één vraag met betrekking, dat heeft te maken met armoede maar ook met jeugdzorg en dergelijke. Er zijn veel minimagezinnen waarvan het kind hulp nodig heeft en waarvan zeg maar de hulp ergens wordt geboden bijvoorbeeld buiten Haarlem. En dan heb ik het bijvoorbeeld over kinderen die te maken hebben met jeugdzorg of scheidingen en dergelijke en die moeten dan bepaalde zorg krijgen buiten Haarlem. Wat ik dan merk is dat de ouders vaak niet het geld hebben om erheen en terug te reizen. En dat geeft heel veel knelpunten dat het zelfs soms gestopt wordt met hulp. Dus ik ben benieuwd of de wethouder dit in beeld heeft en of er mogelijkheden zijn voor deze gezinnen? De voorzitter: Dank u wel. Dan de heer Van der Vliet van de VVD.
5
De heer Van der Vliet: Dank u wel, voorzitter. Uit het rapport van het 213a onderzoek blijkt dat de gemeente effectief is in het uitvoeren van het eigen vastgestelde beleid. Veel rechthebbenden maken gebruik van de HaarlemPas, veel rechthebbenden maken gebruik van minimaal één of meerdere minimaregelingen en het overgrote deel van de beoogde kinderen wordt bereikt. Maar welk probleem lost de gemeente nou daadwerkelijk op met dit beleid? Minimaregelingen beogen mensen financieel te ondersteunen die niet zelfstandig dit kunnen doen. Maar lukt dat ook? Uit de uitgevoerde berekening blijkt slechts drie van de elf huishoudtypes niet uitkomt met beschikbare inkomens zonder gemeentelijke regelingen. Twee van die drie huishoudens zijn met inwonende meerderjarige kinderen. In het onderzoek wordt verondersteld dat deze meerderjarige kinderen niet bijdragen aan het inkomen maar in praktijk kunnen wij eigenlijk daar wel grote vraagtekens bij zetten. Is het daadwerkelijk zo dat deze kinderen niet bijdragen? Als dat wel zo is zouden deze gezinnen ook moeten uitkomen met het inkomen dat hebben, dus zonder gemeentelijke regelingen. De VVD kan daarom ook niet anders concluderen dat als we de rekenmodellen hierop naslaan dat er feitelijk niet of nauwelijks een probleem is om rond te komen zonder gemeentelijke regelingen.
De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Trompetter van de Actiepartij. De heer Trompetter: Ja, dank u wel voor uw bijdrage. Maar bent u het met mij eens dat de Europese Unie gezegd heeft dat het minimumloon in Nederland 16 euro per uur zou moeten zijn. De huidige coalitie in Nederland dat niet overeen te vinden is, dan is 14 euro al te veel. En daaraan gekoppeld ook die 16 euro ook daar het minimuminkomen op gebaseerd zou moeten zijn op basis van de kosten die wij in het land hebben. Bent u het met die cijfers eens en met dat advies en hoe ziet u dan de bijdragen in dat licht? Of bent u het ermee eens dat het minimuminkomens gewoon te laag zijn? De heer Van der Vliet: Ik ken het rapport niet dus dat zou ik er een keer moeten bijhalen. Maar ik ga uit van dit rapport en het onafhankelijk onderzoek wat wij nu voor ons hebben liggen. Ik ga weer verder met mijn betoog. Natuurlijk is het prettig wanneer je als gemeente toch ondersteuning biedt. Alleen laten de cijfers wel zien dat we als gemeente daarmee ook een probleem aan het creëren zijn. Als de minimaregelingen er niet zijn, dat is namelijk het probleem van de armoedeval. Zo valt uit het onderzoek op te maken tot vijf van de elf huishoudtypes een armoedeval ervaren als gevolg van de gemeentelijke regelingen. Voor hen loont het dus niet om extra te gaan werken.
Bij sommige huishoudens is het zelfs zo schrijnend dat zij zonder gemeentelijke regelingen meer dan 105 procent van het wettelijk sociaal minimum moeten verdienen om meer over te houden dan 130 procent met de gemeentelijke regelingen. De voorzitter: Heeft u nu een interruptie van mevrouw Çimen. Mevrouw Çimen: Ja, dank u wel. Wat stelt de collega van de VVD dan voor? Zou de gemeente moeten stoppen met het aanbieden van dit type regelingen? De heer Van der Vliet: Ik kom daar zo terug op in mijn betoog. Ja, de conclusie hierbij is eigenlijk, we demotiveren mensen om zelf hun schouders eronder te zetten. Als VVD kunnen we ook daarom na het lezen van dit onderzoek, concluderen we het volgende. Uit gepresenteerde cijfers blijkt nagenoeg dat iedere Haarlemmer financieel zou moeten kunnen rondkomen zonder gebruik te maken van de minimaregelingen. Er is dus feitelijk niet een probleem van onvoldoende inkomen. Door de introductie van deze … De voorzitter: U heeft een interruptie van mevrouw Hamzad van GroenLinks.
6
Mevrouw Hamzad: Dank. Dank voor de bijdrage. Maar we vroegen ons af, is VVD op de hoogte dat er zijn heel veel Haarlemmers die zonder gemeentelijke regeling 50 euro per week overhouden om daarvan te overleven met twee kinderen en misschien ook een huisdier. Dank. De heer Van der Vliet: Ik ga uit van de cijfers in het onafhankelijk onderzoek wat we gekregen hebben dus dat is mijn scope in ieder geval. De voorzitter: Ja, gaat u verder. Mevrouw Hamzad: Dank. Vanuit onderzoek blijkt of onderzoek maakt duidelijk dat er zijn heel veel gezinnen die zonder gemeentelijke regeling niet rond kunnen komen. De voorzitter: De heer Van der Vliet. De heer Van der Vliet: In dit onderzoek laat het juist wel zien dat zij zonder gemeentelijke regelingen gewoon rond kunnen komen. Ik ga weer verder als het mag. De VVD kan daarom ook niet anders concluderen dat … Sorry. Door de introductie van deze regelingen veroorzaken we als gemeente wel een probleem, namelijk armoedeval en demotivatie voor zelfredzaamheid. Daarom heeft de VVD ook twee vragen voor de wethouder. Welk probleem tracht de wethouder op te lossen met de minimaregelingen? Is dat dat mensen geld tekort hebben of niet afdoende met hun geld kunnen omgaan? En ten tweede, hoe is de wethouder voornemens om de door de regeling ontstane armoedeval op te lossen? Dank u wel. De voorzitter: U heeft toch nog een interruptie van mevrouw Çimen.
Mevrouw Çimen: Ja, volgens mij is mijn vraag overigens nog niet beantwoord maar ik maak tussen de bedrijven door erop uit dat we eigenlijk zouden moeten stoppen dan denk ik volgens de collega met deze regelingen? Want ze zijn of lui of ze werken niet of armoede bestaat niet. De heer Van der Vliet: Luister, ik snap wel uw opmerking en ik voel hem ook en ik vind ook dat we mensen ook wel moeten ondersteunen. Maar wat je in dit onderzoek heel duidelijk ziet terugkomen is dat mensen een armoedeval op een gegeven moment ervaren waardoor ze niet gedemotiveerd zijn om gewoon te werken en zelf rond te komen. Uit onderzoek blijkt dat ze gewoon kunnen rondkomen. De voorzitter: Dat is trakteren. Die staat genoteerd bij deze. Griffier, de heer El Aichi gaat trakteren volgende week. U was nog aan uw antwoord bezig. Zet u het geluid wel even af. De heer Van der Vliet: Ja, dank u wel. De voorzitter: Ik zie meerdere interrupties, de heer Van de … Goed, tot zover de IT-support van uw voorzitter. De heer Van der Vliet gaat zijn antwoord afmaken en vervolgens gaan wij naar de drie interrupties die wachten. De heer Van der Vliet: Nou, leuk ieder geval. Ik ga in ieder geval van de gegevens uit het onderzoek uit en het onderzoek laat wel zien dat ze zonder gemeentelijke regeling ook rond kunnen komen.
Dat het geen vetpot is, dat snap ik uiteraard maar we moeten bekijken met het beleid wat voor effect het heeft. En nu zien we juist dat we met dit beleid ook de armoedeval creëren waardoor we mensen ook bijvoorbeeld die, sommige groepen zelfs die 150 of meer dan 150 procent van het sociaal minimum verdienen, die zelfs met 130 of die
7
zelfs minder overhouden dan mensen met 130 procent en gemeentelijke regelingen. En daar lijkt me in ieder geval het beleid niet op gedoeld te zijn. De voorzitter: Ja, u mag nog want u wil hierop reageren en dan gaan we toch echt het rijtje af daarna. Mevrouw Çimen: Ja, ik snap op zich, kijk, dat probleem van de armoedeval dat is een erkend probleem dat wordt herkend. En dat je op een gegeven moment ergens de grens moet maken van, wanneer loont werken nou en dat werken loont. Maar als je ook kijkt naar bijvoorbeeld het landelijk kabinet wat nu ook allerlei maatregelen aan het nemen is in ieder geval ten aanzien van de huurtoeslag, van het kindgebonden budget. Juist omdat mensen niet rondkomen, juist omdat we iets moeten doen aan die bestaanszekerheid. Hoe rijmt u dat dan met uw betoog dat u dan eigenlijk zegt van, ja, doordat we die armoedeval hebben, nou ja, dus je moet maar leven op water en crackers of zo en dan kom je er wel. De voorzitter: De heer Van der Vliet. En graag interrupties kort. De heer Van der Vliet: Dank u wel, voorzitter. Leven op water en crackers lijkt me een beetje overdreven. Klopt, dat is juist met, je ziet juist door de maatregelen die het Rijk al vanaf dit jaar genomen heeft, het oude kabinet en het kabinet waarschijnlijk dat voort gaat zetten, dat juist mensen beter rond kunnen komen.
Wat wij nu zien dat het effect is van de gemeentelijke regelingen juist, dat dat voor heel veel mensen, we dragen juist nu bij aan huishoudens waar geen extra bijdrage hoeft te hebben waardoor alleen de val of de armoedeval groter wordt. De voorzitter: Punt. Mevrouw Scholten, interruptie. We gaan even tempo erin brengen. Mevrouw Schouten: Ik hou hem kort. Ja. Voor mijn gevoel draait de collega van de VVD hier de zaken om namelijk een armoedeval voor dat werken niet zou lonen omdat er gemeentelijke regelingen zijn. Maar die gemeentelijke regelingen zijn er omdat mensen niet rond kunnen komen van wat ze krijgen omdat bijvoorbeeld het minimumloon nog steeds niet op een living wage basis is gemaakt. Dus volgens mij draait de collega de zaken hier eigenlijk om. De voorzitter: Dat is een opmerking en niet per se een vraag. U mag er wel op reageren. Ja, nee, dat mag tegenwoordig hè, dat weten we. Wilt u daarop reageren? De heer Van der Vliet: De VVD constateert dat het beleid gewoon contraproductief is. De voorzitter: Ja, mevrouw Wegman, Partij van de Arbeid. Mevrouw Wegman: Ja, dank u wel, voorzitter. Ik zou nog graag van de VVD willen weten over de armoedeval want het onderzoek geeft juist aan dat dat maar bij twee huishoudens is.
Bij drie gaan ze niet vooruit maar bij twee is het maar dus dat eigenlijk meer huishoudens worden juist geholpen of hebben, die worden niet geholpen maar verdienen meer wanneer ze gaan werken. De heer Van der Vliet: Als je in de detailpagina kijkt van de rapportage 2024 valt te lezen dat vijf van de elf type huishouden een armoedeval ervaren als gevolg van de gemeentelijke regelingen. De voorzitter: Mevrouw Moedt, wilt u nog? Het hoeft niet, mag wel.
8
Mevrouw Moedt: Ja, het is eerder gezegd maar ik vroeg me af of u zich een beetje, ja, de landelijke VVD, onder aanvoering van de landelijke VVD is er beleid gevoerd waarop arbeid meer wordt belast bijvoorbeeld en vermogen juist minder. Voelt u zich een beetje verantwoordelijk voor het creëren van dit probleem? Want mensen hebben gewoon niet genoeg geld om in hun bestaan te voorzien. De heer Van der Vliet: Het kabinet heeft dit jaar of het oude kabinet heeft dit jaar maatregelen genomen juist om dat mensen die minder hebben beter kunnen rondkomen. De voorzitter: Ja, mevrouw Özogul, gaat uw gang. Mevrouw Özogul-Özen: Heel kort. De voorzitter: Ja, graag. Mevrouw Özogul-Özen: Typisch VVD-standpunt wat u hier houdt. Als uurloon naar 16 zou gaan dan hadden we hierover kunnen spreken. Maar we weten dat werken ook niet loont op dit moment omdat je heel weinig verdient en de kosten heel hoog zijn en mensen gedwongen zijn om minimaregelingen te nemen. De heer Van der Vliet: Klopt, en die minimaregelingen veroorzaken ook armoedeval. De voorzitter: Mevrouw Hamzad, ook een interruptie. Mevrouw Hamzad: Dank maar het is al verwoord door mijn collega. De voorzitter: Oké, uitstekend. Dan de heer Trompetter. Oké, uitstekend. Dan was u klaar met uw betoog? U bent al wel aardig door uw spreektijd heengegaan met al deze interrupties. Dat is leuk debat jongens, heerlijk.
Mevrouw Hartman, ja, gaat uw gang namens Forum voor Democratie. Mevrouw Hartman: Dank u wel, voorzitter. We spreken vandaag veelvuldig over het minimabeleid. De evaluatie kinderarmoede, wat tevens in deze commissie een A-dossier is, en ook het Armoedefonds. Vooral in de evaluatie van het afgelopen jaar maar ook in onze plannen voor de toekomst valt ons één ding wel erg op, dat is dat we wel heel erg focussen op de HaarlemPas. Deels komt dat doordat we de HaarlemPas gebruiken als een indicator van hoe groot het armoedeprobleem is maar ook dat we de HaarlemPas gebruiken als indicator hoe goed ons armoedebeleid uitgevoerd wordt. Dat vinden wij wat vreemd. Bij de doelstellingen en prestaties zie je bijvoorbeeld heel duidelijk terug dat wanneer onze doelstelling is het bieden van meer kans op bestaanszekerheid voor financieel kwetsbare Haarlemmers we dit meten aan de hand van hoeveel mensen gebruikmaken van minimaregelingen. De prestatie hierin is bijvoorbeeld het vinden en het aanvragen van zo’n HaarlemPas. Dan lijkt het dus alsof ons minimabeleid slaagt op het moment dat meer mensen zo'n pas aanvragen. Forum voor Democratie is voorstander van een vangnet, absoluut, maar we denken wel dat de wijze waarop we dit meten en kwalificeren vreemd is.
Wat ons betreft zou ons beleid echt slagen op het moment dat niet meer mensen zo'n pas weten te vinden maar deze pas niet meer nodig hebben. Dat ons beleid erop gestuurd is om deze mensen zo zelfredzaam mogelijk te maken en ze daarin te begeleiden. De voorzitter: U heeft een interruptie. Uitstekend, dank u. Ja, een punt. Ik dacht dat de punt net twee woorden eerder was. Mevrouw Scholten.
9
Mevrouw Scholten: Is de collega van Forum zich ervan bewust dat de gemeente geen inkomensbeleid mag voeren, dus dat we niet kunnen zorgen dat mensen meer inkomen hebben. En dat we dan op een of andere manier moeten zoeken naar manieren om te zorgen dat mensen rond kunnen komen? Mevrouw Hartman: Ja, daar ben ik me van bewust. Dat is niet het punt dat ik wilde maken. Ik ga verder met mijn betoog, dan kom ik daarop terug. Dat ons beleid erop gestuurd is om deze mensen zo zelfredzaam mogelijk te maken en ze daarin te begeleiden. Het is bijvoorbeeld iets goeds dat mensen na bijvoorbeeld schuldhulpverlening niet meer in de schulden komen. Natuurlijk is preventie in deze situaties het gunstigste. Daar is minimabeleid niet op gericht en dat zou ook enigszins vreemd zijn want dan zou het niet nodig zijn. Minimabeleid zou erop gericht moeten zijn om de mensen die in armoede zitten of dreigen te komen zo snel en zo goed mogelijk daar blijvend uit te begeleiden. Dus daarom … De voorzitter: U heeft een … O. Gaat u verder. Mevrouw Hartman: Niet? Oké. Daarom onze vraag aan de wethouder, wat vindt de wethouder van de manier waarop we nu kwalificeren of ons beleid goed gaat? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer El Aichi namens CDA. De heer El Aichi: Dank je wel, voorzitter. Ik ben dit keer mijn aantekeningen kwijt dus ik ga het toch uit mijn hoofd doen.
De voorzitter: Dat zijn de beste pleidooien die u kunt geven. De heer El Aichi: Dat zijn de beste pleidooien inderdaad. Er is heel veel gezegd en goed dat het onderzoek er is. Er zijn heel veel resultaten naar boven gekomen. Wat mij opvalt in het onderzoek is dat er heel veel gesproken is met professionals, met iedereen maar behalve de doelgroep zelf. Ik had toch een beetje verwacht dat het onderzoek, ja, bepaalde sessies in de wijken gaat organiseren om toch input te halen uit de wijken wat er leeft bij de doelgroepen en dat mis ik in dit onderzoek. Graag, ja, misschien is er hier bewust voor gekozen. Wat er ook in het onderzoek is toen wij van 115 procent naar 130 procent verhoogd hebben merk je dat deze categorie mensen niet zoveel gebruikmaken van de HaarlemPas. De vraag is van, wat kan de gemeente hieraan doen om deze mensen te bereiken? Want in het onderzoek staat dat deze mensen niet moeilijk bereikbaar zijn omdat ze misschien geen uitkering hebben, omdat ze zzp’er zijn en andere inkomsten hebben. Tot zover, voorzitter. Dank. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Moedt van de Partij voor de Dieren. Mevrouw Moedt: Ja, dank u wel, voorzitter. Er zijn al een hele hoop goede dingen gezegd waar ik me graag bij aansluit. Onder andere over het bereik van de minimaregelingen.
Ik vond het best wel shockerend om te lezen bijvoorbeeld in Meerwijk één op de twee kinderen, bijna één op de twee kinderen in armoede opgroeit. Dat vind ik echt best een schande in zo'n rijk land als Nederland. En ja, wat betreft die HaarlemPas, ik zag daar ook een leuke suggestie waarom niet elke Haarlemmer een HaarlemPas verstrekken maar die gedifferentieerd op basis van inkomen toegang geven tot bepaalde voorzieningen. Zo kan je hem niet alleen inzetten voor het minimabeleid maar ook bijvoorbeeld voor ander beleid van de gemeente zoals circulaire economie bijvoorbeeld of de eiwittransitie of cultuur. Dus ik ben wel benieuwd hoe de wethouder naar die suggestie kijkt?
10
De voorzitter: U heeft een interruptie van mevrouw Hartman. Mevrouw Hartman: Hoe ziet mevrouw Moedt dat voor zich met een eiwittransitie aan een HaarlemPas gekoppeld? Mevrouw Moedt: Nou ja, je hebt, we zitten niet in commissie Beheer maar je hebt bijvoorbeeld hele leuke stads, ja, in mijn element ben ik dan, stadslandbouwinitiatieven en daar kan je bijvoorbeeld een aantrekkelijke kennismakingsactie op die HaarlemPas zetten zodat mensen in contact worden gebracht met andere Haarlemmers die lokaal groenten verbouwen. En de eiwittransitie houdt in dat we veel meer eiwitten gaan consumeren uit plantaardige bronnen dus daar helpt stadslandbouw bij. De voorzitter: Ja, debat over beheer word ik vrolijk van. Mevrouw Hartman, gaat uw gang. Mevrouw Hartman: En zou dat plantaardig eten dan vooral voor onze minima zijn of kan iedereen nog een lapje vlees betalen zo? Mevrouw Moedt: Nou, het leuke is dat je aan die HaarlemPas gedifferentieerde dingen kan koppelen. Bijvoorbeeld als je een minimuminkomen hebt, dan krijg je wat extra korting op zo'n abonnement bij een stadslandbouwinitiatief. De voorzitter: Interruptie van de heer Van der Vliet. De heer Van der Vliet: Maken we het dan niet ongewoon, ongelofelijk ingewikkeld qua uitvoering? Mevrouw Moedt: We hebben een hele goede ICT-afdeling waar we een hele hoop in geïnvesteerd hebben dus dat komt vast helemaal goed.
Maar het belangrijkste van iedereen zo'n HaarlemPas verstrekken is dat je niet meer te maken hebt met mogelijke schaamte omdat je dat ding tevoren moet trekken. Of het nou digitaal is of niet want iedereen heeft er één dus dat pleit hiervoor. De voorzitter: Ja, nog een interruptie. De heer Van der Vliet: Wat zou dan mogelijk moeten zijn voor mensen die het wel kunnen betalen met de HaarlemPas? Mevrouw Moedt: Nou, dan hoef je als gemeente er niks aan bij te dragen maar dan kan je initiatieven, het initiatief laten om daar zelf wat korting op aan te bieden om een soort marketing te doen. Als in beleid, als hun initiatief bijdraagt aan het beleid van de gemeente, dat wel. De voorzitter: Mevrouw Hartman, ook een interruptie. Mevrouw Hartman: Ja zeker, het is een keer een debat hier. De voorzitter: Heerlijk, dat moedig ik alleen maar aan. Kom op, laten we doorgaan. Mevrouw Hartman: Absoluut. Nou, een van onze kritiekpunten op dit punt is dus dat die HaarlemPas als deels indicator wordt gebruikt van hoe goed wij ons beleid uitvoeren. Ik weet niet of mevrouw Moedt dat punt deelt? Maar in deze casus dat iedereen die zou hebben, zo’n HaarlemPas, hoe zouden we daar nog dingen mee kunnen meten?
11
Mevrouw Moedt: Ja, dat wordt dan lastig dus dan zullen we een andere indicator moeten vinden. Namelijk hoeveel mensen maken gebruik van een bepaalde regeling, hoeveel mensen hebben er recht op en hoeveel mensen maken er gebruik van? De voorzitter: Ja, nog eentje dan en daarna zijn we echt wel klaar. De heer Van der Vliet. De heer Van der Vliet: Is goed, dank u wel, voorzitter. En hoe moeten we dan kijken naar privacy? Want we gaan een pas verspreiden onder alle Haarlemmers, hoe moeten we daarmee omgaan als gemeente dan? Mevrouw Moedt: Hoe gaan we nu om met privacy? We weten nu toch ook welke mensen wat nodig hebben, dat verandert dan toch niet? De voorzitter: Was u klaar met uw betoog? Ja? Mevrouw Moedt: Ja, dank u wel. De voorzitter: Uitstekend. Nee, nee, ik denk ik vraag het even. De heer Procee van OPH. De heer Procee: Dank u wel, voorzitter. Ja, nadat de commissie Beheer hier binnengetrokken is dacht ik, laten we dan commissie Bestuur ook maar eens doen. Die hele goede ICT-afdeling, die hebben we op dit moment ook wel heel hard nodig omdat nog steeds keihard bij de ICT-afdeling gewerkt wordt om te voorkomen dat alle ICT van de gemeente instort als de datacenters niet tijdig vervangen worden. We zitten vrij risicovol en nou ja, als die transitie niet doorgaat dan zou zomaar de eiwittransitie ook in gevaar kunnen komen. Voorzitter.
Mevrouw Moedt: Nou, daar zorgen we wel voor. De voorzitter: Ja, gaat u terug naar het onderwerp 213a onderzoek, dat … Ja. De heer Procee: O, jammer. Nee, ik wou eigenlijk de wethouder en het college danken voor dit goede diepgaande onderzoek, het heldere overzicht. Maar ja, toen bleek dat de VVD toch een heel ander onderzoek heeft gelezen dan in elk geval wij en mogelijk ook andere partijen. Toch, ja, voor ons leek het wel helder en het is goed nieuws dat een groot deel natuurlijk van de doelgroep bereikt wordt. Het beleid lijkt daarmee niet onaardig in elkaar te zitten maar uiteindelijk gaat het natuurlijk om de praktijk. Hoe zit het met de mensen die die afhankelijk zijn, die een laag inkomen hebben, die in armoede leven en die afhankelijk zijn om te kunnen overleven van de mogelijkheden en de middelen die de gemeente verstrekt? En dan, ja, zijn we het wel eens met wat mevrouw Wegman van de PvdA zei en de heer El Aichi ook. Ja, dan is het fijn als er toch ook de inbreng van de ervaringsdeskundigen is. En ongetwijfeld is daarover nagedacht door bij het doen van dit onderzoek. Maar oké, ja, hoe kunnen we erop, is er een manier om toch die ervaring van mensen in te brengen? Dan de, en daarmee ook de vraag, ja, daar begon de heer Van der Vliet een beetje mee voordat die naar mijn gevoel een beetje een afslag nam die ik niet helemaal kon volgen.
Als mensen bereikt worden, worden ze dan ook effectief geholpen? Dat is een vraag. Want inderdaad, nou ook mevrouw Hartman leek wat die kant op te gaan, de HaarlemPas, als mensen een HaarlemPas hebben dan zijn we er. Dan hebben we de finish bereikt dan is het gelukt. En ja, dat kan het ook weer niet helemaal zijn. Een HaarlemPas is niet de oplossing voor alles maar wat zit erachter? Dus dan komen we weer terug op het punt, de ervaringsdeskundigen. Hoe ervaren mensen in armoede nou het leven in Haarlem en wat kunnen we voor hen doen? Ik denk dat dat uiteindelijk de vraag moet zijn. Dan is dit onderzoek een belangrijke pijler om verder te
12
komen en Haarlem wat beter te maken. En nou, dat moesten we dan ook maar gaan doen. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Mevrouw Scholten namens Jouw Haarlem. Mevrouw Scholten: Dank u wel, voorzitter. In de aanbevelingen, er zijn heel veel dingen al gezegd, ik ga dat niet allemaal herhalen natuurlijk, maar in de aanbevelingen vinden we dat het verstandig is om het dashboard armoede verder door te ontwikkelen. Nou, daar staan we als één fractie achter. En vervolgens ook dat er … Sorry. Ja, één fractie. Er staat wel degelijk, is er gevraagd aan mensen die in armoede zitten naar hun ervaringen? En daar komt ook bij echt wel heel duidelijk uit, neem deze mensen ook verder mee in alle ontwikkelingen die er gaan komen. Dus krijg echt meer inzicht in de behoefte die de doelgroep zelf heeft. We hebben het tijdens de sessie gehad over 25 procent van de kinderen in een Jeugdwetvoorziening zitten in de inkomens tot 130 procent. Daar zit ook vaak vervoersarmoede. Dus inderdaad, hoe krijg je je kind naar de zorg of naar uiteindelijk een activiteit die voor dat kind steunend kan zijn? Dat is niet altijd in Haarlem dus daar wil ik ook nog wel een lans voor breken. Laten we eens kijken of we daar nog iets meer mee kunnen doen met die vervoersarmoede. Dan is de armoedeval in 2024 verminderd, behalve voor mensen met … Ja? De voorzitter: Nee, nee, maakt u even uw zin af.
Mevrouw Scholten: Behalve voor mensen met net meerderjarige kinderen, die vaak ook niet durven te gaan werken omdat ze dan bang zijn dat ze inderdaad hun ouders in de armoede storten. Dat kwam ook uit de technische sessie heel duidelijk naar voren. Dus ik vraag me af of de wethouder daarop kan reflecteren, reageren. Kunnen we daar nog iets voor bedenken zodat het inderdaad gaat lonen om te werken? De voorzitter: Ja, dan hebben we nu een punt. De heer Van der Vliet, een interruptie. De heer Van der Vliet: Dank u wel. Bent u ook op de hoogte dat de armoedeval afgenomen is dit jaar ook omdat de energietoeslag niet meer meegenomen is dit jaar? Mevrouw Scholten: Maar ik ben het gewoon hardgrondig met de VVD oneens dat je allerlei regelingen zou moeten afschaffen om te zorgen dat mensen die armoedeval uitkomen, je moet het minimumloon verhogen. De heer Van der Vliet: Maar daar ga ik niet over. De voorzitter: Nee. Mevrouw Scholten: Dit is succes. De voorzitter: En dat is al feitelijk weer correct inderdaad. En geldtekort als de wethouder de opmerking maakt over dat de VVD de enige partij in de regering is, we hebben ook nog Trots die een BBB-bondgenoot is dus past u op met wat u zegt. Ja, ja. De heer Amand: Gaat u solliciteren, voorzitter, of … De voorzitter: Daar ga ik geen uitspraak over doen, dat lijkt me de beste uitspraak. Goed. Jazeker, gaat uw gang. Alle liefde hier, ja.
13
Mevrouw Scholten: Bedragen zijn in het onderzoek gestandaardiseerd, ook dat kwam uit de technische sessie naar voren. Dus als jij in een slecht geïsoleerd huis woont, je hebt bijvoorbeeld veel zorgkosten, je loopt aan tegen wachtlijsten waardoor je dingen duurder moet inkopen of wat dan ook, dan val je eigenlijk niet helemaal onder de regelingen. Dus hebben wij die mensen ook voldoende in beeld en kunnen we daar alsjeblieft ook ervaringsdeskundigheid op betrekken? Want dat moet toch lukken lijkt mij. Dan zzp'ers, die zijn ook met enige regelmaat genoemd. Daar zitten er een hele hoop bij die ook bijvoorbeeld met het aankomende nulemissiebeleid behoorlijk in de rats zitten van, hoe ga ik mijn busje omzetten? Er is heel veel onrust over alles wat er de komende tijd over minima, of dat nou werkende minima zijn of mensen met een bijstandsuitkering, die eraan gaan komen. Is dat het isoleren van je huis, inderdaad een nulemissiezone voor je bedrijfsauto, hoe gaan deze mensen dat doen? Hebben we dat voldoende in beeld? Studenten zonder kinderen krijgen geen HaarlemPas want ja, als je studeert dan, nou ja, hé, heb ik ook gedaan hoor, krijgen mijn katten eten of ikzelf. Nou ja, de katten en ik ga wel bij mijn ouders eten maar dan moet je wel ouders hebben die iets meer eten voor je kunnen maken nog.
Hebben we studenten voldoende in beeld, is daar dan ook een beetje de vraag bij? Dan, wij kunnen de gemeentelijke belastingen niet kwijtschelden boven de 100 procent van het minimum. We kunnen misschien wel hier en daar wat compenseren. Hebben we ook daar voldoende ideeën bij zo langzaamaan? En de communicatie cultureel sensitief maar vooral ook simpele taal op de website, dan kom ik ook van harte uit bij het betoog van mijn collega van de PvdA. Het is echt heel belangrijk dat er een tool komt, hoe dan ook, waardoor mensen makkelijker kunnen zien wat ze gaan doen zodat ze ook wat minder last krijgen van alle toxische stress die met armoede te maken heeft. En de rest hou ik over voor kinderarmoede. De voorzitter: Ja, heel goed. U heeft een interruptie, dat mag. Mevrouw Özogul, gaat uw gang. Mevrouw Özogul-Özen: Goed, ik ben het eens met betrekking tot de website, het is heel onduidelijk als je wat zoekt. Maar volgens mij is er een soort van potjescheck waarbij je dus invoert Haarlem en zo en dan krijg je alles. De vraag is, doet Haarlem daarin mee en promoten we dat? Mevrouw Scholten: Ik heb geen idee. De voorzitter: Dat is ook een helder antwoord op deze interruptie maar misschien heeft de wethouder wel een idee. Mevrouw Scholten, let u er wel op want u heeft nog 48 seconden voor de rest van de vergadering. Ja, mijnheer Amand, gaat uw gang namens Trots.
De heer Amand: Dank u wel. Ik sluit even aan voor de armoede natuurlijk. Ik kom ook veel in Haarlem-Noord en dan toets ik ook toch wel de armoede die hier niet altijd ter tafel komt. Dus wij willen toch wel eens even weten, is er nou echt een heel goed rapport ook voor Schalkwijk, Meerwijk, Molenwijk, hoe zit dat nou echt precies? En die HaarlemPas, het is natuurlijk een heel goed idee maar dan heb je natuurlijk toch weer een dingetje dan ook, zie ik ook bij sportverenigingen dat mensen toch wel moeite hebben om dat te bekennen dat ze het eigenlijk niet kunnen betalen. Ze hebben toch een beetje, ja, hoe moet ik het zeggen, veel spanning feeling dat ze dat niet altijd willen. Dus en dan heb ik nog wel een dingetje ook voor die ondernemers, die benaderen me ook nu. Ja, ik moet een nieuwe bus kopen maar hoe gaan we nu Haarlem weer binnen, ik kan dat niet financieel allemaal rondbreien. Nou ja, dan is mijn advies, risico neem je en dan krijg je maar een bekeuring. Want als je het niet kan betalen heb je toch een probleem. Dus wij willen toch dat er meer gecommuniceerd wordt. Ook wat mevrouw van de SP zegt, dat er meer naar buiten goede communicatie komt. En dat missen wij een beetje. Ook qua ook op de website, dat zijn toch dingen die meespelen. Ik zal nog een voorbeeldje geven ook weer van het bellen naar 14023. Wij testen het één keer in de maand of één keer in de zes weken.
En dat vinden de mensen niet leuk maar dan gaan we toch doorvragen, kunt u me
14
doorverbinden? Nee, wij wachten, we hebben lang dit en dat willen de mensen niet meer. Niet iedereen die wil hier naar de Raaks lopen of is digitaal zoals wij vaardig en dat is toch wel een dingetje. Dus ik wou vragen aan de wethouder, geeft u eens een rapportje waar dat allemaal een beetje goed gecommuniceerd in staat. Dank u. De voorzitter: Ja, ik zou bijna zeggen, het rapport wat hier voor u ligt. Oké, heel goed, fijn. Dan denk ik dat we zo iedereen hebben gehad. Wethouder, aan u het betoog op deze prachtige bespreking. Wethouder Van Loenen: Dank u, voorzitter. Nou, laat ik beginnen met natuurlijk een hele belangrijke kwestie, waarom hebben wij dit beleid eigenlijk? Nou, ik denk dat wij als Haarlem heel trots mogen zijn dat we een sociale stad zijn, dat we het belangrijk vinden dat mensen niet alleen kunnen rondkomen maar ook kunnen meedoen in deze samenleving. En als ik kijk naar dit rapport dan denk ik dat we blij mogen zijn inderdaad dat het inderdaad leidt tot dat doel hè. Dus we zien inderdaad een aantal huishoudtypes, dat klinkt altijd wel weer meteen in die soort van vagere plaatjes maar goed hè, laten we toch even daarbij blijven. We zien toch een aantal huishoudens die zonder de gemeentelijke regelingen echt door het ijs zakken. Maar voor de rest geldt, nou ja, je wil ook dat iedereen meedoet.
Niet iedereen kan werken bijvoorbeeld of niet iedereen kan meer uren werken. Ik vind het ook wel wat denigrerend om te zeggen, nou ja, leidt dit echt tot iets substantieels waar mensen bij geholpen zijn of is dit gewoon dat die mensen niet goed met geld om kunnen gaan? Wat de VVD net vroeg. Ja, dat denk ik dat het echt een misvatting is. De voorzitter: Ik denk dat u daar een interruptie op heeft. De heer Van der Vliet. De heer Van der Vliet: Ja, laat ik vooropstellen dat het wat ons betreft niet om die insteek gaat maar het gaat juist om de insteek dat we juist mensen aan het werk willen helpen. En laten we vooral ook benadrukken, mensen die geholpen moeten worden, dat ze ook de hulp krijgen. Want dat is het allerbelangrijkste, de mensen die echt daadwerkelijk de hulp nodig hebben. Wethouder Van Loenen: Ja, kijk, dit is een verhaal waar we natuurlijk allemaal mee eens zijn eerlijk gezegd. Dat is wel net iets anders volgens mij dan wat u net zei. Maar natuurlijk is het zo, en we zien ook in dat rapport, dat het eigenlijk voor mensen in de bijstand altijd loont om te gaan werken en dat het ook voor heel veel andere mensen loont om meer te gaan werken.
Maar dat we wel zien dat door de landelijke regelingen, en dat hoor ik ook vaak terug, daar hebben we het hier ook wel eens eerder over gehad, bij bijvoorbeeld onze huishoudelijke ondersteuners organisaties, dat het inderdaad heel moeilijk is ook door de landelijke regeling om meer dan 12 uur per week bijvoorbeeld, 12, 15 uur per week meer dan dat te gaan werken. De voorzitter: U heeft nog een interruptie, wethouder. Wethouder Van Loenen: En mag ik nog misschien even mijn zin afmaken? Kijk, en het is natuurlijk een gotspe eigenlijk dat we hier met zijn allen een hele avond praten over armoedebeleid en minimabeleid, armoedebeleid ook voor kinderen. Want dat zou allemaal helemaal niet nodig zijn als het Rijk zich zou houden aan het advies van de onderzoekscommissie naar het sociaal minimum en gewoon het sociaal minimum naar de juiste hoogte zou brengen. De voorzitter: Dat was wel meer dan nog één zin en een punt. De heer Van der Vliet, gaat uw gang. Nee, geen. Oé, wethouder, gaat u verder.
15
Wethouder Van Loenen: Kijk, en ik denk wel dat het gunstig is dat er een aantal dingen zijn veranderd ook op Rijksniveau hè het afgelopen jaar. Dat is ook de reden waarom we echt hebben uitgevraagd ook naar de inkomenseffectrapportage voor 2024 want dat geeft ook een veel vollediger beeld. Maar het is ook weer niet zo dat je kunt stellen, nou ja, dit is hem nu. Er werd net ook even gerefereerd aan het Hoofdlijnenakkoord. Nou, daar staan denk ik twee gunstige regelingen in waar u al, waar D66 al aan refereerde die wat verhoogd worden. Dat zie je ook terugkomen in de koopkrachtplaatjes alleen van het Hoofdlijnenakkoord. Aan de andere kant zal wel het schoolontbijt sneuvelen en wat juist weer heel erg relevant is voor de gezinnen waar we het hierover hebben. Ik denk dus dat het gunstig is inderdaad, fijn om te zien dat het werkt, ons minimabeleid, maar het is zeker voor verbetering vatbaar. En dan hebben we het ook heel erg over de toegankelijkheid van onze regelingen. En daar trapte de Partij van de Arbeid mee af. We hebben inderdaad een doel, dat is van het Nibud, dat is BerekenUwRecht. Staat ook op onze website. Daar kun je eigenlijk mee invullen, nou, wat het inkomen is, wat de situatie is. Vergt wel even wat omdat het ook best wel specifiek is.
De situatie dat maakt het wel bepalend voor waar je recht op hebt maar daar zie je dus ook zowel landelijk als gemeentelijk waar je recht op hebt. Neemt niet weg denk ik dat we echt nog wel veel beter kunnen kijken naar, hoe maken we dat zo laagdrempelig mogelijk om toegang te krijgen tot die kennis? En dan ging het ook over de filmpjes, die hebben wij nu zelf als gemeente voor schulddienstverlening. Ik denk dat dat ook heel gunstig is. We hebben wel bij Buurts meerdere filmpjes ook over toegang tot de verschillende minimaregelingen. Maar ik denk dat het goed is dat we bij de herijking van het minimabeleid in het najaar dat we echt gaan focussen op niet zozeer inderdaad meer regelingen, want volgens mij zijn we het wel redelijk over eens dat we er al heel veel hebben als Haarlem, maar wel de toegankelijkheid. Hoe maken we dat beter bekend, hoe komen we meer op de vindplaatsen zoals dat heet? Dus ik denk dat dat een hele goede suggestie is. Het gaat ook over ervaringsdeskundigheid. Wij hebben toevallig juist bij dit beleidsveld een ervaringsdeskundige bij gemeente Haarlem. Die hebben jullie ook bij de A-dossiersessies wel eens kunnen ontmoeten. Zij zijn ook vanuit de afdeling en ook zeker zij is ook in gesprek met juist heel veel mensen uit de doelgroep. Kinderen ook specifiek uit de doelgroep of jongeren eigenlijk en dat is echt een groot goed.
Ik was vorige week ook even langsgegaan bij de Buurtplaats, daar is ook onze ervaringsdeskundige, bijvoorbeeld de Buurtplaats in Bibliotheek Schalkwijk. Dat is zo'n laagdrempelige manier, misschien ook voor mijnheer Amand, om ook als je digibeet bent, want er zit ook daar een heel mooi informatiepunt over hoe je daar hulp bij kan krijgen. Maar dat is een heel erg mooi voorbeeld denk ik, hoe maak je het laagdrempelig voor mensen om gewoon binnen te stappen? Je kunt daar bij allerlei mensen langs eigenlijk, die zitten daar gezamenlijk die van alles en nog wat weten, ook meerdere talen vaak spreken. Ik denk dat dat een heel erg mooie manier is ook om te zien, nou ja, dat we dus op die manier ook heel toegankelijk zijn. En dat helpt ook echt en we zien ook echt wel een hoop mensen daar langskomen. Ik heb ook … De voorzitter: U heeft een interruptie van mevrouw Scholten. Mevrouw Scholten: Maar gaat dat betekenen dat we meer ervaringsdeskundigheid gaan inzetten op meerdere terreinen? Want we hebben er nu één maar we hebben over een tijdje 180.000 inwoners, best veel. Wethouder Van Loenen: Ja, bijvoorbeeld hè ook op andere terreinen, dan zie je dat wij dat vooral inzetten ook bijvoorbeeld bij maatschappelijke opvang beschermd wonen. Dus zeker, ik ben enorme fan van ervaringsdeskundigheid in de organisatie.
Overigens moet je ook weer niet onderschatten dat er ook echt wel meer mensen werken in een gemeentelijke organisatie die zelf uit een achtergrond ook al komen zelf die misschien ook in deze groep valt. Maar zeker dat we daar meer mee doen. En eigenlijk ook, omdat we eigenlijk vooral nu juist ervaringsdeskundigheid hebben op dit vlak denk ik dat we bij de andere terreinen van het sociaal domein dat dat een groot goed is om dat verder uit te breiden. En dat hebben we ook bijvoorbeeld bij
16
‘mowb’ bij de aanbesteding hebben we dat ook opgenomen. Ook nog even over de groep 18-min, 18-plus want dat is echt ook wel een zorgpunt. Dus het ging er net ook over van, hoe zorg je ervoor dat die groep geen terughoudendheid heeft om te gaan werken bijvoorbeeld? Dat is allemaal best ingewikkeld en dat hebben we volgens mij ook in het A-dossier, nou, dat komt misschien straks nog aan de orde, gezien dat dat een hele fragiele groep is. Ook als je het hebt over bijvoorbeeld schulden, dan zie je ook vaak dat daar het knelpunt zit. En wat we willen voorstellen is om in het najaar toch echt wat specifieker te gaan kijken, wat kunnen we met de groep 18-min, 18-plus? Er verandert zoveel en dan zou je dus echt op het huishoudniveau, dus het gezinsniveau moeten kijken, wat kunnen we? Dus ik denk dat we daar zeker op terug moeten komen bij de herijking van het minimabeleid. En dat, ja, goed, dus daar gaat actie op worden ondernomen. Doen we natuurlijk al wel het één en ander maar kan echt zeker een stuk beter. Ging het ook over Meerwijk bijvoorbeeld. Een aantal mensen zeiden ook van, ja, dat is toch wel schokkend hè, 44 procent van de kinderen in Meerwijk groeit op in armoede of in ieder geval met een laag inkomen. Is ook gestegen. Nou ja, goed, we hebben daar ook al in de technische sessie een aantal redenen voor denk ik kunnen vinden.
Maar dit is wel een van de redenen waarom we hebben gekozen voor de nieuwe wijkaanpak Meerwijk. Want dit onderzoek bewijst maar weer hoe nodig het is om echt op wijkniveau te gaan kijken op meerdere vlakken. En dan heb ik het over inderdaad de minimaregelingen, hoe kun je de kinderen mee laten doen? Maar ook, waar kun je op inzetten om mensen bijvoorbeeld toch te stimuleren om meer te werken? En dan heb ik het ook over de mensen die, nou ja, bijvoorbeeld waarvan een van de twee partners ook nog wel misschien zou kunnen werken. En je zou dus echt gerichter denk ik in Meerwijk aan de gang kunnen, ook zeker met deze cijfers als onderlegger. Dus dat loopt maar ik denk dat we dat nog zeker moeten intensiveren. De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer El Aichi. De heer El Aichi: Voorzitter, misschien is het technisch maar de wijkaanpak Meerwijk, is dat voor vijf jaar? Wethouder Van Loenen: Er zit geen einddatum op. Nee. Het zou mooi zijn als we binnen vijf jaar dat het overbodig is. Maar we zijn eigenlijk net begonnen. De heer El Aichi: Als je naar de andere wijken bijvoorbeeld Boerhaavewijk, die is er niet meer dus die is geëindigd dus. Wethouder Van Loenen: Nee, dat is dus geen gekke vraag want het is natuurlijk, ik bedoel, het budget is uiteindelijk wel eindig. Behalve als u met zijn allen beslist om dat door te zetten elke keer.
Maar we hebben nu niet een specifieke einddatum erop zitten. De voorzitter: Dan heeft u nog een interruptie van mevrouw Çimen. Mevrouw Çimen: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, dan nog één vraag want u geeft ook aan om misschien een van de twee partners meer te laten werken. Nou is het ook zo dat in Meerwijk volgens mij het meeste aantal mensen in de bijstand ook zitten qua wijk, ook in de stad. Wordt er dan ook samengewerkt met de andere afdeling om dan die gesprekken ook vaker te voeren om die mensen ook daadwerkelijk weer aan het werk terug te helpen? Wethouder Van Loenen: Ja, ik denk dus dat het interessante van de wijkaanpak Meerwijk is, waar de andere wijkaanpakken een hele grote component hadden van openbare orde en veiligheid hebben we eigenlijk voor Meerwijk gekozen om veel meer een koppeling te maken met het sociaal domein. En zijn we dus specifiek aan het kijken met Spaarne Werkt, wat natuurlijk ook onze partner in eigenlijk het naar werk toe geleiden is. Om
17
juist met Spaarne Werkt te kijken, hoe kunnen we nou in Meerwijk veel gerichter die gesprekken aangaan? Dus ja, ja. Even kijken, er werd ook nog een vraag gesteld over, eens even kijken hoor. De voorzitter: Nou, kijkt u even naar ... Wethouder Van Loenen: Nou, zeg dat wel. De voorzitter: In de tussentijd een interruptie van de heer El Aichi. De heer El Aichi: Dan kunt u erover nadenken wat u wou zeggen. Ja, ik hoor van Meerwijk en ik hoor Spaarne Werkt. Ik weet wel dat er ook mensen zijn die ook ergens anders kunnen werken. Waarom steeds Spaarne Werkt want dat is het stigma die in de wijk ook leeft dat sommige mensen ook zoiets hebben van, goh, voor Spaarne Werkt, ik ga niet bij Spaarne, ik wil ander werk. In hoeverre is de gemeente bereid om mensen te motiveren, te begeleiden om iets anders te gaan doen? Wethouder Van Loenen: Ja, kijk, dit is de reden waarom ik zei, Spaarne Werkt is een partner hierin. Zij zijn, we hebben natuurlijk altijd een onderscheid tussen mensen waarvan we denken, die kunnen binnen hele korte tijd aan het werk. Mensen die wat langer nodig hebben, dus eigenlijk een soort re-integratietraject doen, en dat zit bij Spaarne Werkt. Het hoeft niet zo te zijn dus dat mensen bij Spaarne Werkt gaan werken. Sterker nog, dat is meestal niet het geval. Maar zij zijn wel de partner daarin om dat te begeleiden.
Ging het ook even over de energietoeslag en hoe nu verder? En nou ja, zoals u wellicht ook heeft gezien, het Rijk is niet voornemens om de energietoeslag door te zetten. Er is op zich ook wel natuurlijk een lagere energierekening gelukkig inmiddels maar ik denk wel dat we op twee sporen zitten. Dus enerzijds mochten er echt grote problemen zijn dan is er altijd nog de bijzondere bijstand, ook voor de hele hoge energiekosten. En anderzijds zie je dat wij heel veel hebben ingezet op duurzaamheidsmaatregelen, juist om te proberen dat er gewoon een lagere energierekening is ook op langere termijn. Ik denk dat dat ook een hele duurzame, tweeledig eigenlijk, duurzame manier is om ook de energiekosten naar beneden te krijgen. Nou, daar zijn we natuurlijk nog volledig mee bezig. Ook met de witgoedwissel zoals u weet maar ook het verduurzamen van de woningen, de energielabel aanpak ook met de corporaties want bijna alle HaarlemPashouders hebben een sociale huurwoning. Dus ik denk dat daar ook wel heel erg veel ruimte zit om nog verder te werken aan de verlaging van de energierekening. De SP vroeg ook naar de langdurigheidstoeslag, die is er nog steeds maar die heet nu de individuele inkomenstoeslag. We zeggen ook in een reactie dat die best wel relatief weinig wordt aangevraagd en dat is ook waarom we hebben gezegd, daar willen we meer op inzetten om dat bereik te vergroten.