CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

Transcript Commissie Samenleving 17.10.2024

commissie Samenleving 17 oktober 2024, gemeente HaarlemBij agendapunt: Vaststellen van de agenda20.921 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

16

komt? Dat is de eerste vraag. En tweede, zorg voor voldoende ondersteuning ten behoeve van omgang met instanties. Ik zie ook een groene smiley, maar de onafhankelijke cliëntenondersteuning die door organisaties mede hierin en cliëntenbelang worden uitgevoerd verlopen volgens deze rapportage goed. Dit is niet bekend bij Haarlemmers, al met al de onafhankelijk cliëntenondersteuning daar moet eigenlijk meer reclame voor gemaakt worden. Zodat Haarlemmers precies weten wat dit is. Is het college bereid om hier iets aan te doen? Dank je wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Trompetter, Actiepartij. De heer Trompetter: Dank u wel. Ik kan me aansluiten bij de heer Al Aichi, mijn voorganger, zijn vraag over de cliëntenondersteuning. Het financiële beeld is redelijk positief. Het is een vrij beleidsarme begroting. Behalve als het gaat over ontwikkelingen in de openbare ruimte, maar daar gaat deze commissie niet over. Mijn fractie wil aandacht vragen voor onderwijs gericht op het verbeteren van de arbeidsmarktmarktpositie van bijstandsgerechtigden en in het algemeen verwachte besparing op het sociaal domein. En dan met name als het gaat om voorzieningen van volwassenen. En waar ik dan op doel, is het EVC-traject wat we vroeger aanboden aan mensen. Doen we dat nog steeds? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Baars, VVD, welkom. Ga uw gang.

De heer Baars: Dank u wel, voorzitter. U weet als de VVD naar dit soort plannen kijkt welke twee thema's dan naar voren komen. Natuurlijk sport. CDA is er reeds over begonnen en daar zijn wij ook erg druk mee. Wij zijn ook verontrust over het oranjerode gezichtje wat we daar zien. We zijn inderdaad ook voor het stimuleren van bewegen en sport in de openbare ruimte. En dat zien we trouwens ook uit onze enquête komen. Vult u hem ook allemaal nog in, de sportenquête. Hij is in omloop, dus graag aandacht daarvoor. Wij zijn inderdaad erg benieuwd wanneer deze plannen naar de commissie komen. En het tweede punt zijn natuurlijk de jongeren. Daar hebben we het ook al eens eerder over gehad en daar zien we zelfs twee hele rode sippe gezichtjes. Jongeren groeien zoveel mogelijk thuis op in een gezinsvervangend verblijf. De twee rode gezichtjes baren ons ook zorgen. Misschien kan de wethouder ons enigszins geruststellen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Wegman, ook welkom, PvdA. Ga uw gang. Mevrouw Wegman: Dank u wel, voorzitter. Ik heb mijn betoog in meerdere delen opgedeeld. En ik begin even met jeugdzorg en wonen. Jongeren verdienen een veilige omgeving om in op te groeien. Helaas is dit niet voor iedereen vanzelfsprekend. En voor hen die niet naar hun thuissituatie kunnen terugkeren, zijn kleinschalige woonvoorzieningen belangrijk.

Toch zijn er simpelweg te weinig plekken beschikbaar. Ondanks onze technische vragen blijven de antwoorden over de beschikbare middelen onbevredigd. Zonder helderheid over de financiële mogelijkheden kunnen wij niet goed bijsturen, wat ons wel wat zorgen baart en daarom wachten we ook wel op de resultaten van de analyse in 2025. Dan over onderwijs, taalvaardigheid vormt de basis voor zelfstandigheid en toegang tot de arbeidsmarkt. We zijn dan ook blij met de uitbreiding van de functie van de taalcoördinator bij het Taalhuis. Wat heeft geleid tot meer deelnemers in de taalklassen. Toch blijven er zorgen, met name over de kansen in het volwassenenonderwijs. Mensen die al lang in Nederland wonen, maar de taal nog steeds niet goed beheersen, moeten extra aandacht krijgen. We zien hier de samenwerking tussen buurt en het Taalhuis als een belangrijke schakel. En dan over het minimabeleid en schuldhulpverlening. De korte aflossingstermijn naar 18 maanden en de inzet van de saneringskredieten van de gemeente zijn positieve ontwikkelingen voor Haarlemmers met schulden. Deze maatregelen verdienen onze steun. Toch blijft het zorgelijk dat veel mensen die recht hebben op de Haarlempas er geen gebruik van maken. Dit laat zien dat de regelingen nog steeds onvoldoende toegankelijk zijn en we willen dat we hier aandacht aan wordt

17

besteed, maar dat gaan we binnenkort ook doen bij de herziening van het minimabeleid. En als laatste niet te vergeten, sport. De staat van onze sportaccommodaties is een terugkerend punt van zorg. Zwembaden zoals de Houtvaart en het Boerhaavebad kampen met achterstallig onderhoud. Hoewel er natuurlijk geen grote investeringen meer worden gedaan in het Boerhaavebad, vanwege de bouw van het nieuwe zwembad in Schalkwijk, willen we wel ook benadrukken dat de Houtvaart van grote historische waarde is en onderhoud verdient. Ook de Spaarnehal kampt met problemen, zoals het kapotte luchtverwarmingssysteem. En het is ook bijna niet uit te leggen eigenlijk aan sportclubs dat ze nog steeds ongewijzigde huurprijzen hebben, terwijl de faciliteiten, de voorzieningen eigenlijk achterblijven, het onderhoud. En we willen ook de wethouder vragen, de wethouder is er op dit moment niet, van sport. Maar misschien kan dit meegenomen worden, om te kijken naar bijvoorbeeld een onderzoek. In het Haarlems dagblad stond bijvoorbeeld een artikel over de Rekenkamer of die zich ook kan buigen over de doelmatigheid en de gelden die naar de SRO gaan. En wat betreft sport in de openbare ruimte kunnen we ons ook aansluiten bij de VVD. We zouden moeten aanmoedigen dat sportaanbieders zoals fitnessclubs en boksscholen in de lente en zomer zonder nodige bureaucratie buitenlessen kunnen aanbieden.

En dat zou de toegankelijkheid van sport en beweging in onze stad verder vergroten. Daar wil ik het even bij laten. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De wethouders zit hier voor de volledige 14 pagina's. Dus ik hoop dat hij ook de vraag rond sport kan beantwoorden, maar we kijken hoever we komen. De 11 tot en met, waarvoor we hier zitten. Ik kijk naar andere eerste termijnen nog. Als die er zijn. Mevrouw Moedt, Partij voor de Dieren. Ga uw gang. Mevrouw Moedt: Er zijn al goede dingen gezegd, voorzitter. Ik zag voornamelijk budget neutrale aanpassingen in deze bestuursrapportage. Goed om te zien dat er heel veel gebeurd is afgelopen jaren dat er ook dingen in werking zijn gezet, zoals de start van de MRA West Beter in balans Regio Deal. Daar zijn we benieuwd naar. Er is ook heel veel gebeurd in het kader van de LHBTQ+-gemeenschap, staan goed in de spotlights. Dat is hartstikke hard nodig, want we zagen onlangs ook weer dat in Nieuw-Vennep geloof ik zo'n regenboogpad was onder gekalkt met hakenkruisen. Dat baart natuurlijk vreselijk zorgen. We delen ook de zorgen die andere partijen al noemden over de rooie smileys bij de jongeren groeien zo veel mogelijk thuis op en het herstellen van veiligheid en het voorkomen van verder ontsporing van jongeren. Dus daar horen we ook graag antwoorden van de wethouder van.

En ook goed om te horen dat de vrouwenopvang in Haarlem-Noord steeds dichterbij komt. We nemen aan als Partij voor de Dieren dat net als in andere vrouwenopvang ook de huisdieren daar mee mogen. Dank u wel. De voorzitter: Dan zag ik dacht ik nog een eerste termijn van mevrouw Scholten. Ja, ga uw gang. Mevrouw Scholten: Ik kan niet aantekeningen maken en nadenken tegelijk. Dat gaat niet. Ik houd het kort, want ik wil bij gewoon in de wijk ook nog een beetje tijd overhouden en de wethouder vast ook. Andere wethouder. We hebben het over de regionale aanbesteding MO en beschermd wonen, dus maatschappelijke opvang en beschermd wonen en dan over trajectbegeleiding. Wij vragen ons af, is er nu inderdaad echt meer trajectbegeleiding beschikbaar? Want dat werd uit de antwoord op mijn technische vraag ook niet helemaal duidelijk. Dus trajectbegeleiding om te zorgen dat mensen weer integreren in hun wijk, in hun stukje van de maatschappij. Dan over de uitbreiding van de kleinschalige woonvormen. Dat is hartstikke hard nodig dat die uitbreiden. Daar zijn nu 40 plekken voor gereserveerd. Lijkt wel, maar ik vraag me af of die nou allemaal gerealiseerd worden of dat daadwerkelijk nu in 2024 nog van de grond gaat komen, dat er meer kleinschalige woonvormen, meer plekken komen. Misschien weten wethouder daar al iets meer over te vertellen.

En ik heb een vraag gesteld over de frictiekosten bij de vrouwenopvang. En uit het antwoord daar blijkt dat ze wat

18

hebben moeten inkrimpen ten opzichte van de bezetting die ze hadden, maar hebben zij nu wel voldoende mensen? Dat vroeg ik me naar aanleiding daarvan nog af. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Otten, Hart voor Haarlem. Mevrouw Otten: Ik mis nog een concrete onderbouwing, waar vooral de geestelijke problematiek bij jongeren vandaan komt. En behalve de zorg voor dit probleem en de ernst ervan heb ik ook zorg hoe dit gaat drukken op de financiën in de komende tijd. Er zal toch steeds meer extra zorg moeten komen. Een vraag voor de wethouder is: kunt u daarop vooruitblikken? Zodat we niet voor verrassingen komen te staan. De voorzitter: Ga ik nog naar de heer Jonker, D66. De heer Jonker: Dank u wel. Wij sluiten ons ook zeker aan bij de geuite zorgen voor jongeren en ook hun mentale gezondheid. Maar daar gebeuren gelukkig ook in ieder geval als fundamenten een aantal positieve dingen, die wij ook uit de rapportage halen. En dat is eigenlijk dingen waar we ook denk ik als coalitie heel veel in investeren, is de onderwijshuisvesting en ook toch de sportfaciliteiten. Wij hebben daar ook wel een aantal kritiekpunten. We zijn de laatste tijd ook bij een aantal verenigingen natuurlijk geweest, maar er gebeurt ook veel en we gaan twee nieuwe zwembaden natuurlijk in principe aanleggen. En we waren woensdag allemaal of de meesten bij de Houtvaart en daar investeren we ook 1,6 miljoen in.

Dus we doen best wel wat, maar het kan altijd beter. We hadden ook het politieke Sportdebat deze week en daar werden toch ook wel zorgen geuit. Ik hoorde al van de VVD, die maakt zich zorgen over smileys bij sport. Ik hoop ook echt dat zij zich zorgen maken over de echte donkerrode smileys die zij landelijk zien. Want er komt nog echt … Als we een beetje doorkijken, komt er heel veel negatiefs aan voor de sport in Haarlem, 30, 40 procent van de Haarlemse sport is commercieel. Dat wil niet zeggen dat ze woekerwinst te maken, maar die zijn op enige manier commercieel gelabeld. En die krijgen dus straks, mede dankzij de VVD, die btw-verhoging op zich afkomen. SRO moet ook 12 procent meer gaan berekenen. Los van indexatie en extra kosten vanwege die btw. Dus als we een beetje doorkijken, zien we daar ook al kosten op de verenigingen en de sport in Haarlem afkomen. Nou, misschien kan de wethouder alvast een doorkijkje geven hoe hij dat voor komende begrotingen ziet of het college eigenlijk, maar deze wethouder die hier zit is toevallig van onderwijs en onderwijs en sport was ook een punt wat in dat Sportdebat naar voren kwam. En wat mij en D66 ook heel erg aanspreekt: hoe kunnen we onderwijs en sport meer combineren? Dat heeft ook weer met die mentale gezondheid te maken.

Dus als wij jongeren, maar eigenlijk kinderen zo vroeg mogelijk kennis laten maken met sport, maar vooral met verschillende sporten en van allerlei sporten laten proberen, kunnen zij ontdekken wat ze kunnen, een beetje aanleg voor hebben, maar vooral wat ze leuk vinden, wat ze leuk vinden om te doen. Ze raken actief, ze leren in een team of alleen sporten, maar in ieder geval komen ze in een soort vereniging, ze ook leren daar een cultuur kennen. Dus ik zou graag ook in dit geval specifiek van de wethouder misschien willen horen van ziet hij ook kansen, want dat dat kwam echt naar voren ook woensdagavond, om onderwijs en sport meer te verbinden, scholen en sportverenigingen meer te laten samenwerken? De voorzitter: U heeft nog een interruptie van de heer Baars, VVD. De heer Baars: Dank u wel, voorzitter. Ik wilde eerder al interrumperen, maar u was zo lekker aan het praten. U ziet inderdaad landelijk donkere wolken aankomen en ik heb daar eigenlijk twee vragen over. U wil ze aan de wethouder stellen, maar ik ben ook wel benieuwd of u daar ideeën over heeft. Komen die donkere wolken zeker en welke ideeën heeft u daar zelf over? En dat vraag ik uit oprechte interesse. De voorzitter: De heer Jonker.

19

De heer Jonker: Het is lastig. Kijk, wij hebben er natuurlijk ook voor gepleit dat we juist meer hebben uitgegeven aan sport of nu meer uitgeven aan sport deze periode, maar we kunnen natuurlijk niet alsmaar meer aan sport blijven uitgeven. Dus als die donkere wolken echt de werkelijkheid worden. En ik doe ook nog steeds een beroep via de voorzitter op de VVD om daar landelijk zich hard voor te maken. Dat dat niet doorgaat. Maar anders moeten wij hier ook het gesprek hebben van in hoeverre kunnen wij verenigingen en Haarlemse sporters ondersteunen, dat zij wel zoveel mogen kunnen blijven bewegen? De voorzitter: Nog andere eerste termijnen? Mevrouw Özogul, ik wil u eraan herinneren, u heft nog 54 seconden. Mevrouw Özogul: De zorgen van de commissie, met name over jeugdzorg. De voorzitter: Kijk, dat houdt wat tijd over. Helemaal goed. Mevrouw El Bluny, GroenLinks. Mevrouw El Bluny: Dank u wel, voorzitter. Eigenlijk kan ik het kort houden. Ik deel de zorgen over jeugdzorg en sport natuurlijk ook, maar met name jeugdzorg. Dank u wel. De voorzitter: U had het niet per se kort hoeven houden met uw 6 minuten, maar toch dank. Ik kijk naar andere termijnen. Die zijn er niet meer. Dan ga ik naar het college. Een aantal vragen waren soms licht technisch van aard. Maar goed, de wethouder weet veel. Wellicht zijn te beantwoorden en anders komt hij daar vast later op terug.

We gaan nu naar de eerste termijn van het college, ga uw gang. De heer Van Leeuwen: Voorzitter dank en dank commissie voor al uw waardevolle bijdragen. Een goed deel van de zorgen ... Het is ook een rapportage die wij voor u maken. Dus de smiley-kleur dat is onze eigen organisatie, dat wij als college aan u aangeven, dat zou wat ons betreft beter moeten en beter kunnen, ook met wat in de begroting is gesteld als doel. Dus als u een oranje of een rode smiley ziet dan zeggen wij ook van: dit gaat niet goed genoeg ten aanzien van de doelen die we hebben gesteld. Dus veel van de zaken, als het over smiley-kleuren gaat, dat u zegt: het is oranje. dus dat gaat niet goed. Dat is ook wat we met deze bestuursrapportage proberen te vertellen. Dus daar hoef ik niet helemaal op in te gaan. Omwille van gewoon het naar de navolgbaarheid probeer ik gewoon even de volgorde van het document en van de begrotingsnummers aan te houden, want anders dan ga ik hak op de tak en vlieg ik overal heen. Als we kijken naar sport en dat is natuurlijk ook uw rol als raadscommissie, sport in de bestuursrapportage pagina 15, kent een vijftal smileys, waarvan er een Oranje is, twee donkergroen en twee lichtgroen. En natuurlijk heeft u het dan even over die oranje, stimuleren van bewegen en sport in de openbare ruimte, maar eigenlijk de zorg voor de accommodaties. En daar kwamen wat vragen over.

U bent bij de Houtvaart geweest, daar gaan de installaties vervangen worden. Spaarne wordt een opdracht voor gegeven. En ook na de begroting komt, zoals u gewend bent, in december het IP van de sportaccommodaties ook bij u terug. Dus ja, daar zit structureel onderhoud in. Daar zitten ook nu incidenten in als bijvoorbeeld zo'n luchtbehandeling uitvalt. Dus daar acteert de gemeente natuurlijk ook op. En dat is dus inderdaad zo'n lichtgroene smiley en inderdaad ook Esro krijgt een waardering van een 7,6, staat ook in deze bestuursrapportage. Zoals u weet gaat de Rekenkamer zelf over haar eigen onderzoeken. We hebben wel als college natuurlijk twee 13A onderzoeken, dus ik zal deze suggestie ook daarnaartoe meenemen. Dat doelmatigheid die wij zelf onderzoeken. De Rekenkamer gaat er zelf over, maar zoals bekend luistert de Rekenkamer ook regelmatig mee. Dan over die oranje smiley bij sport. Dat gaat in over dat plan. Nou, dat plan is iets vertraagd. We hopen het zo snel mogelijk te leveren, maar ik krijg mee dat het Q1 echt naar u toekomt. Dus dan is het ietsje vertraagd. Daar zit altijd ons Kerstreces tussen. Want we hadden gehoopt dat dit nog eind van dit jaar zou kunnen, maar het lijkt nu op in het eerste kwartaal van 2025 naar u toe te komen. Dan ga ik rustig door naar 1.3 en daar zit natuurlijk de sociale basis, waar ook

20

cliëntenondersteuning inzit. Ik krijg mee dat dat u het daar recent uitgebreider over heeft gehad met elkaar en dat er juist ook … Dus in september was dat. Ik moest even de datum terugzoeken. En daarin is juist aangegeven dat het werkelijk gebruik van de cliëntenondersteuning veel meer zegt dan de cijfers over de bekendheid, maar het is inderdaad wel zo dat het aantal betreft, wat heb je er nou precies aan? Op de website hebben we het recent er ook over gehad van hoe bied je nou aan van welke waarde dat is? Dat kan altijd onder de aandacht gebracht worden, maar daar heeft u met elkaar dus in september ook over gesproken. Meer over de inhoud. Dan kom ik zo meteen, want dat heb ik nog niet helemaal scherp. De oranje smiley over taalonderwijs aan volwassenen. Daar kom ik straks nog even op terug. Er werd ook nog een vraag gesteld over inkrimping van de vrouwenopvang. Dat ging niet zo. Volgens mij lijkt daar een verschil van inzicht. Het ging over de frictiekosten bij Veilig Thuis, maar inkrimping van de vrouwenopvang daar zou geen sprake van zijn. Maar dat is misschien als u dat nog precies wilt weten, kunt u dat natuurlijk altijd technisch uitvragen. Ook voorzitter, want dat is hoe ik hem nu zo zie. De voorzitter: Interruptie. De heer Van Leeuwen: Mag ik gewoon door? De voorzitter: Zeker. De heer Van Leeuwen: Wat fijn. Dan Haarlemmers ervaren een goede gezondheid.

Daar is veel over gezegd. Ja, uiteindelijk is natuurlijk dit soort indicatoren stelt u zelf met elkaar vast bij de begroting. Is daar een onderscheid zinvol? Daar kan ik mij iets bij voorstellen. Ik herken totaal niet dat er geen cijfers over zouden zijn en totaal niet dat daar geen inzicht in zou zijn. We hebben de GGD Gezondheidsmonitor jeugd, die zowel over de verklaringen als ook de achterliggende cijfers, als ook de symptomen, ga zo maar door, heel veel zegt. Je kunt het ook allemaal benaderen. Dus die heeft u al stuk gehad, maar ook de rapportage daarbij. Die is eigenlijk veel vollediger. Dus dat staat ook allemaal op de website van de GGD. Kunt u zelf zoeken hoe dat precies gaat. Kijk, als u zegt, deze indicator … De voorzitter: Dan ga ik u toch even onderbreken. Ik dacht: dit is een mooi punt. Mevrouw Hartman, interruptie, Forum. Ga uw gang. Mevrouw Hartman: Dank u wel, voorzitter. Het was ook niet per se mijn punt om te zeggen van: die informatie bestaat niet, maar het is hierin niet terug zien. Dus inderdaad, wellicht stellen we dat met elkaar vast wat indicatoren zijn. Maar dan is daarbij mijn suggestie, laten we dat dan aanpassen, want dat kunnen we doen. De voorzitter: Wethouder. De heer Van Leeuwen: Ja. En dat kunt u, volgens mij heeft u als raad met elkaar een indicatorconferentie gehad.

Daar was ik zelf als college niet bij, maar u heeft volgens mij anderhalf jaar terug heeft zo’n conferentie gehad van wat willen we nu? Toen is daar wat in herschikt. Dus dat is ook echt aan u als raad. Dus kijk, als u zegt van: dat vinden wij van waarde, dan moet u dat vooral doen. Ik denk dat de onderliggende informatie anders dan een andere bijdrage net zei, voorzitter, dat die er niet zou zijn. Ja, dat herken ik niet. Maar als u zegt: wij willen daar graag op een andere wijze over rapporteren. Dit is wat er nu staat. Dus zorg voor voldoende ondersteuning ten behoeven van ervaren gezondheid, er zit natuurlijk ook nog een verschil tussen 18 plus en 18 min en dat scheelt ik weet van 18 min wat meer en wethouder van Loenen weet van 18 plus wat meer. Dus wellicht wilt u daar ook een onderscheid in, maar dat is natuurlijk aan en dat zijn ook net weer andere begrotingsnummers, want we hebben het hier over vijf, Haarlemmers ervaren een goede gezondheid.

21

Dat is dan de indicator. En later, zoals ook net werd gezegd, is jeugd, daar kom ik zo meteen nog op terug. Is weer een aparte. Dus iets van richting daarbij wat u met elkaar als raad daar zou willen, geef het aan. Dit is uiteindelijk hoe het nu in de begroting staat en we dus op rapporteren. De voorzitter: Dat roept een vervolgvraag op van mevrouw Hartman. Ga uw gang. Mevrouw Hartman: Een praktische. Er was dan inderdaad een conferentie hierover, wat zou nu de praktische route zijn om dat aan te passen? De heer Van Leeuwen: U ziet mij heel hard nadenken, maar daar kunnen we technisch bij op terugkomen. Kijk, ik weet dat toen met u als raad een heel uitgebreid gesprek is gevoerd. Ik weet niet tot op welk detailniveau. Dus daar kunnen we even naar kijken op welke wijze dat zou kunnen. Daar komen we technisch op terug, wat de politiek bestuurlijke besluitvorming doet als we zo’n soort indicator zouden willen wijzigen of dat iets is wat wij als college kunnen, als u dat met elkaar in meerderheid van ons vraagt of dat u daar als raad iets mee moet, maar dat antwoord blijf ik u voor nu even verschuldigd. Daar komen we dan technisch bij op terug. De voorzitter: Wellicht ook een vraag voor de griffie, maar daar komen dan even op terug. We hebben meerdere raadsconferenties hierover gehad, meen ik me re herinneren, maar wellicht is het, meerdere inderdaad. Wethouder, gaat u door.

De heer Van Leeuwen: Ondertussen scrol ik door en dan komen wij bij programma 2, ondersteuning en zorg. Ik kijk, ik heb net alle antwoorden voor wethouder Van Loenen ongeveer gegeven. En dan kom ik bij mijn eigen dossiers. Want dan ga ik naar de voorzieningen jeugd. En zoals u zegt en volgens mij velen van u van deze commissie waren ook bij de technische sessie die een van de afgelopen weken hadden. Waarbij ook een kinderpsychiater vertelde over wat nou normaliseren nou echt inhoudt. Ja daar ziet u inderdaad een oranje smiley. En die zorg heb ik ook, want ik zie natuurlijk dat u heeft met elkaar voor de zomer noodmaatregelen genomen om inderdaad extra geld ter beschikking te stellen. Terwijl als we doen wat we deden, krijgen we wat we kregen en dan zal die zorgvraag blijven stijgen. Dus de zorg die u met elkaar uitspreekt, hoe keren we nou die sector? Daar heeft u volgens mij ook een inspirerend verhaal gehoord van die kinderpsychiater, die dat u heeft toegelicht. En dat is eigenlijk wat onder die 2.2 1A normalisatie en opvoedvragen, licht waar kan, zwaar waar moet. Waar we echt nog wat met elkaar te doen hebben. Wat kan nou echt terug naar het gezin? Naar de sociale omgeving, naar school? En waar moeten we zwaar en nabij en langer of misschien wel permanent instappen als overheid? Dat is een discussie die overal speelt.

Dat is een discussie die in heel Nederland speelt en die ook hier speelt. En waarbij dan en dan ga ik naar die andere Smileys, naar die donkerrode, kleinschalige woonvoorzieningen eigenlijk daar komt veel in samen. Want we hebben met elkaar als samenleving gezegd, de jeugdzorg plus, de oude gesloten jeugdzorg willen we niet meer, want veel kinderen kwamen daar zieker uit dan dat ze erin gingen. Nou, dat willen we anders doen. Daar is landelijk van afgesproken door de gemeentes door het ministerie en de branchevereniging kleinschalige, woonvoorzieningen worden goedkoper en dat leidt dus ook nog tot een kostenbesparing. En daar heb ik het vaker met u over gehad, het wordt niet goedkoper, het wordt duurder. En uiteindelijk is het voor de kinderen wel beter. Maar dat is wel natuurlijk ook hoe wij, hoe u ook van de rijksoverheid via het gemeentefonds geld krijgt. De besparingen worden al een beetje doorgerekend en het wordt niet goedkoper, het wordt duurder. Dat is natuurlijk ook boeiend hoe we dat als samenleving doen tussen gemeenten. Want dit speelt voor alle gemeentes en de rijksoverheid. Ingeboekt als bezuiniging, maar de bezuinig wordt niet gerealiseerd. Dat zie je ook hier spelen. Dus voor nu en dat is dan gelijk antwoord op die hele concrete vraag, zouden 40 plekken voldoende moeten zijn, is nu het beeld, maar die zijn nog niet allemaal gerealiseerd.

Ook omdat gewoon sommige zorgaanbieders zeggen: wij krijgen dit niet rond gerekend. Nou, dat is een gesprek wat wij natuurlijk

22

met ze hebben. We kijken nu hoe dat dan ambulant opgepakt kan worden. U heeft ook gezien, hoe gaan we dan om met … Volgens mij is binnenkort weer de week van de pleegzorg. Wat kan inderdaad in een crisis pleegezin of in een regulier pleegezin? Om uiteindelijk dan met ambulante zorg eromheen iets te doen. Maar die kleinschalige woonvormen met die plekken die zijn nodig en daar hebben we natuurlijk gesprekken over hoe we die realiseren. Dus dat is over punt 2, jongeren groeien zoveel mogelijk thuis op in een gezinsvervangend verblijf. Dus ook daar, wat ik al in het begin zei: die donkerrode smiley die hebben wij zelf ook opgeschreven, want is inderdaad nog meer inzet op nodig en hoe dat op dit moment financieel uitgaat, dat is echt een ontzettend taaie vraag. Daar heb ik ook nog niet een makkelijk antwoord op. Ik ga nog even kijken of ik nog vragen gemist heb. Heel concreet. Jongeren heb ik veel over gezegd. Wellicht kan wethouder Van Loenen vertellen hoe het zit met taalonderwijs, want heb ik niet gelijk paraat. Sportaccommodatie heb ik veel over gezegd. Kleinschalige woonvormen ook. En nog Hart voor Haarlem, voorzitter, die zei: onderbouwing van geestelijke gezondheid jongeren. Wat mij betreft staat dat het heel uitgebreid in die Gezondheidsmonitor jeugd van de GGD.

Is dat ook in de technisch sessie, waar volgens mij Hart voor Haarlem niet aanwezig was, voorzitter, waarin de kinderpsychiater heeft verteld. Hebben daar bijzonder veel inhoud aangeboden. Maar zoals ik zei: gelukkig is veel ook terug te lezen op de website van de GGD. Dus daarmee heb ik denk ik wel veel bijdragen uit de eerste termijn gehad en wellicht alleen nog voor wethouder Van Loenen als die dat zo met mijn summiere aanwijzing kan, over de oranje smiley bij taalonderwijs voor ouderen. De voorzitter: Dan wil ik allereerst natuurlijk wethouder Van Loenen welkom heten bij de vergadering, bij de commissie samenleving en wellicht gaat er ook nog een antwoord komen op die smiley. Mevrouw Van Loenen: Kijk, even zonder enige voorkennis, begrijp ik dat het gaat over taalonderwijs voor volwassenen. Ik weet niet of ouderen, klinkt een beetje als ouderen, maar volwassenen. De heer Van Leeuwen: Als wethouder jeugd heb ik het dan over ouderen natuurlijk, dat snapt u. Dan bedoel ik 18 plus. Mevrouw Van Loenen: Het doel was om 310 mensen te laten slagen. Heb ik hier staan. En 293 mensen hebben een certificaat gehaald. Nou ja, dat lag dus aan een personeelstekort, waardoor er minder groepen waren en inmiddels is dat gelukkig opgelost en zijn er weer meer groepen. De voorzitter: Kijk, dat gaat snel. Nog behoefte aan een tweede termijn? De heer Trompetter nog kort, Actiepartij.

De heer Trompetter: Voorzitter, ik zei in mijn eerste termijn dat we aandacht aan gaan vragen voor het EVCtraject voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. De vraag is of we dat nog steeds doen of dat niet meer doen. Als u dat niet weet, ga ik het nog technisch nader uitvragen en dan kom ik er even op terug. De voorzitter: Wethouder Van Loenen. Mevrouw Van Loenen: Ja, de Europese subsidie voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt, bedoelt u dat? De heer Trompetter: Nee, ik heb het over een ervaringscertificaat, eerder verworven competenties, waar de mensen die de opleiding niet hebben, daarvan kan wel vastgesteld worden wat ze kunnen.

23

De heer Van Leeuwen: Dan komt u toch weer bij mij terecht. Voorzitter, als ik mag. Het is nat zo dat wij vanuit het praktijkonderwijs maar ook vanuit het NOVA-college kijken we naar dit soort trajecten. Dat is eigenlijk een samenwerking tussen de portefeuille onderwijs en ook de arbeidsmarkt. Want we zien dat dat voor sommige mensen om zichzelf te ontplooien is het onderwijssysteem niet passend. En dan kan inderdaad een EVC, ervaring verworden competenties heel goed zijn. Helaas is het zo dat het nog niet altijd echt als diploma werd gezien, maar die gesprekken voeren wij zowel vanuit de arbeidsmarkt als vanuit het onderwijs, waarbij ook onze praktijkscholen hele mooie voorbeelden zijn die opleiden tot gastheer of gastvrouw in zorginstellingen, tot mensen die ook gewoon onze fiets kunnen maken. Dat inderdaad het traject naar een diploma niet passend is, maar zo'n EVC heel passend kan zijn. Dus dat heeft onze volle aandacht vanuit beide portefeuilles. Ook onze belanghebbenden, de onderwijsorganisaties, maar ook brancheorganisaties en werkgevers denken er actief in mee. Daar hebben wij ook nog een half jaar geleden de toenmalig minister van onderwijs is toen langs geweest bij praktijkschool Schakel om het zoveelste certificaat uit te rijken aan een leerling, die nu een prachtige baan heeft bij een van onze zorginstellingen.

Dus ja, wat ons betreft proberen wij op dit dossier voor te lopen binnen Nederland. De voorzitter: Helemaal goed. Dan ga ik dit onderwerp afronden. Hier moet ik natuurlijk wel aan u vragen: hoe gaat dit naar de raad? Alleen hoef ik het ook weer niet te vragen, want het is al ter bespreking geagendeerd in een andere commissie, dus het gaat naar de raad ter bespreking. Dan ga ik wel even kort schorsen. Ik zou zeggen: haal een kop koffie, dan schorsen we even 5 minuten, omdat wethouder Van Loenen er is betekent dat beneden is afgelopen. Dus ik ga het stokje overdragen aan mevrouw Van Zetten. Ik ga naar beneden en dan zien we u over 5 minuten terug. 9.

Trendrapportage Gewoon in de Wijk 2024 De voorzitter: Welkom in de commissie samenleving onder leiding van een andere voorzitter. De andere is naar beneden gegaan, naar een andere vergadering. Er zijn al heel veel punten behandeld, maar we zijn nu blijkbaar bij agendapunt 9, Trendrapportage Gewoon in de Wijk. Ik heb gezien dat er aardig wat stukken bij zitten. Het jaarverslag van Buurts demografische ontwikkeling Haarlem en de Trendrapportage. Wie van u kan ik hierover als eerst het woord geven? Mevrouw Verhagen van Trots Haarlem, ga uw gang. Mevrouw Verhagen: Dank u wel, voorzitter. Bij het lezen van dit rapport van Buurt dringt zich de vraag op of Buurts nu eigenlijk bezig is met het oplossen van daadwerkelijke problemen en het faciliteren van initiatieven in de wijk of met het voorschrijven van de manier waarop mensen in de wijk moeten leven. In lijn met de SDGdoelen. De prachtig lijkende termen als brede welvaart, inclusiviteit, weerbaarheid, kansengelijkheid zijn daar immers regelrecht uit afkomstig. Het beleidsdoel meer in de eigen leefomgeving en wijk, meer preventief en collectief, lijkt toch een beetje op voorsorteren op de 15-minutenstad uit agenda 2030. Voor organisaties en initiatieven die geboren zijn uit de behoefte van de inwoners is in ieder geval niet veel plaats meer.

Dat blijkt ook uit de ontwikkeling van de beleidsdoelen, waar nog niet de helft van de inwoners voldoende ruimte ervaart voor ontplooiing van eigen initiatieven. Dus geen Knarrenhofje, geen jeugdhonk waar jongeren lekker uit kunnen spelen, geen koffietent meer waar nieuwe Nederlanders geholpen door lotgenoten op hun eigen manier hun weg kunnen zoeken en hulp in natura in plaats van zelfbeschikking met een pgb. Kijken we naar de demografische opbouw, ook zo’n tabel en met name de prognose voor 2044, dan kan Trots zich niet aan de indruk onttrekken dat de bevolkingsgroei geen natuurlijk beloop kent, maar duidelijk is … Sorry, het begint heel erg weg te lopen mijn tekst. Dat kost tijd. Maar duidelijk gepland is. Hoe kan anders voorzien zijn dat er in de oude stad in 2044 veel minder kinderen en heel veel meer jongvolwassenen gehuisvest zullen zijn? De voorzitter: Mevrouw Verhagen, er is een interruptie van mijnheer Van der Vliet van de VVD, ga uw gang.

24

De heer Van der Vliet: Voorzitter, mevrouw Verhagen, bent u op de hoogte dat heel veel mensen in Haarlem willen wonen en daarom dat de bevolking ook toeneemt in de stad? De voorzitter: Mevrouw Verhagen. Mevrouw Verhagen: Ik ben er zeker van op de hoogte en het zijn ook ouderen, mijn leeftijd, wat vooral veel toeneemt. Maar ik heb even gekeken naar de verdeling van de verschillende leeftijdsgroepen. Heb daar een hele tabel van gemaakt, maar die kan ik nu niet presenteren, met groene en rode blokjes waar toename is en afname. En daar gaat het mij vooral om. Dat er dus in bepaalde delen van de stad een grote toename van een bepaalde leeftijdscategorie te zien is. Terwijl dat in andere delen van de stad niet het geval is. En dan vind ik het dus een beetje vreemd dat er vooral in de oude stad vooral heel veel ouderen of mensen van 20 tot 40 bij gaan komen, terwijl er veel minder jongeren zullen zijn. En ik vraag me dus af van hoe komen we eigenlijk straks, dat zal ik ook zeggen, aan die prognose? De voorzitter: Mevrouw Verhagen, u loopt heel erg uit in uw tijd. U moet sneller antwoorden. Mevrouw Verhagen: Nee, daarom. De voorzitter: Mijnheer Van der Vliet. De heer Van der Vliet: Het antwoord vond ik niet helemaal verhelderend. Het is toch vrij logisch dat jongeren juist in het centrum willen wonen? De voorzitter: Heel kort, mevrouw Verhagen.

Mevrouw Verhagen: Het gaat om het beloop. Dat is een groot verschil tussen zoals het nu gegaan is vanaf nu tot 2044. En hoe komen we aan die prognose? En dat is dus echt mijn vraag ook. De voorzitter: Dat was uw vraag ook aan de wethouder? Dank u wel. Wie kan ik vervolgens het woord geven? Mijnheer Trompetter van de Actiepartij, ga uw gang. De heer Trompetter: Dank u wel, voorzitter. Ik houd het iets korter vanwege mijn spreektijd. Het volgende punt. Een opvallend punt is dat de mantelzorgondersteuning maar bij 48 tot 40 procent van de mantelzorgers bekend is. Terwijl het aantal mantelzorgers toeneemt en vanwege de demografische ontwikkeling er steeds meer ouderen zijn. Is hier beleid op of zijn er aanvullende middelen vanuit de raad nodig? Dat is mijn vraag. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Lammertse, GroenLinks. Ga uw gang. Mevrouw Lammertse: Dank u wel, voorzitter. Het jaarverslag, de Trendrapportage en ook de informatiesessie die we recent hebben gehad laten zien dat er echt stappen zijn gezet bij Buurts. Goed om te zien dat er eigenlijk binnen een jaar na de start van de kanteling echt wel positieve effecten te zien zijn. Daarmee werken we aan een toekomstbestendige vorm van ondersteuning. En daarbij kunnen we Haarlemmers, ook ondanks die maatschappelijke trends, waar het al even over ging, zoals bevolkingsgroei en vergrijzing, kunnen blijven helpen.

Dus dat is heel positief. We zijn het ook eens met de aangegeven aandachtspunten voor het komende jaar vanuit de gemeente. In het bijzonder ook die nadruk op gebiedsgericht en datagericht werken. We zien dat het bieden van goede en passende ondersteuning is nu eenmaal niet een onze size fits all Banis situatie. Wel twee vragen aan de wethouder. Tijdens die informatiesessie met Buurts werd er gesproken over

25

beleidsdruk vanuit de gemeente. En dat lezen we eigenlijk ook terug in die Trendrapportage. Het is begrijpelijk dat de gemeente die grip wil houden op dit proces, maar tegelijkertijd willen we ook voorkomen dat Buurts een al te grote beleidsstaf nodig gaat hebben, zodat zoveel mogelijk van het geld bij het primaire proces blijft landen. Mijn vraag aan de wethouder is: hoe ziet u de rol van de gemeente in het verkleinen van die beleidsdruk? Ten tweede, wat minder duidelijk naar voren komt is hoe het er voorstaat met het jeugd- en jongerenwerk, gezien de maatschappelijke ontwikkeling, maar ook de herziening van de reikwijdte jeugdzorg, die eraan komt vanwege de hervormingsagenda kunnen we verwachten dat de druk hierop alleen maar gaat toenemen. En er wordt ook bijvoorbeeld in de Kadernota een programmabegroting aangegeven dat er geïnvesteerd zal worden in preventie, maar juist op dat vlak lijken de plannen minder concreet uitgewerkt. Terwijl er toch ook in 2023 al een adviestraject is gedaan met alle betrokken partners. In hoeverre zijn we hierin op schema? In hoeverre zijn we op schreven met het uitrollen van een gebiedsgericht aanbod en is er sprake van een knelpunt of knelpunten op dit gebied? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Lammertse. Wie? Mijnheer Van der Vliet van de VVD. De heer Van der Vliet: Dank u wel, voorzitter.

Wat de Trendrapportage betreft, wil de VVD aansluiten bij de positieve woorden van GroenLinks. We zien ook dat er stappen zijn gezet, maar wel zouden wij graag aandacht de vraag voor drie zaken. Dat is ten eerste, het ontbreken van een aantal indicatoren in de Trendrapportage. We zien dat rondkomen waardevol werk eigenlijk niet gemeten wordt. We willen aan de wethouder vragen of dat in de volgende rapportage meegenomen kan worden. Ten tweede, lezen we in de Trendrapportage dat het gebiedsgericht werken nog niet erg soepel verloopt en dat er aandacht op wordt gevestigd komend jaar. Van de wethouder zouden we daarom ook willen weten wat er wordt gedaan vanuit de gemeente om dit te versnellen. En als laatst zou de VVD nog aandacht willen vragen voor mantelzorg, met name in het centrum en Haarlem-Oost. Welke concrete maatregelen worden door de gemeente ondernomen en waarom zijn de huidige maatregelen nog niet zo succesvol gebleken? En voor zover mijn bijdrage. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van der Vliet. Mijnheer Visser van de Partij van de Arbeid. Ga uw gang. De heer Visser: Dank u wel, voorzitter. Ja, hij doet het. Allereerst wil de PvdA ook complimenten maken aan Buurts voor de stappen die zijn gezet. En sluiten we ons verder aan bij de woorden van GroenLinks. Dat neemt niet weg dat er bij ons ook zorgen zijn en dat gaat ook over jongerenwerk.

Want dat zijn een van de drie prioriteiten die Buurts zelf ook aangeeft. Afgelopen week was ik nog in gesprek bij een jongerenorganisatie in Schalkwijk. Waarbij ik hoorde dat zij degenen zijn die af en toe contact leggen met Buurts en dat het eigenlijk andersom niet tot nauwelijks gebeurt. En dat bijvoorbeeld een e-mail van hun om aan te geven dat zij ervaring en specialisatie hebben bij ambulante rondes en daar graag een bijdrage aan zouden willen leveren, na 10 maanden nog steeds niet beantwoord is. Dat kunnen incidenten zijn, maar het geeft de burger niet per se moed. Helemaal niet omdat we op pagina 22 ook zien dat Buurts zelf schrijft dat de samenwerking met ketenpartners op dit vlak nog versterkt moet worden. Want jongerenwerk is ontzettend belangrijk. We kennen de cijfers allemaal over de mentale problemen van jongeren hier in Haarlem. En we weten dat jongerenwerk met het oog op preventie vaak een doorslaggevende rol kan hebben. En dat we in Haarlem het geluk hebben dat er zoveel jongerenwerkers zijn met aantoonbaar jarenlange ervaringen met de doelgroep. Daar blijft dus echt nog te veel liggen wat betreft de Partij van de Arbeid. En we roepen op met spoed en urgentie de samenwerking tussen Buurts en die jongerenwerkers in de stad nog eventjes aan te sporen als gemeente.

Het zou bijvoorbeeld kunnen dat Buurts iemand extra aan zal nemen of in dit werk zou stoppen die iets meer affiniteit heeft met de doelgroep en waar de jongerenwerkers zich ook in herkennen. Doe bijvoorbeeld iets aan diversiteit, vertrouwen op de ervaring en specialisme van jongerenorganisaties in onze

26

stad zelf, met bijvoorbeeld het oog op het geplande outreaching-jongerenwerk. Nogmaals, Buurts doet ontzettend goed werk en heeft ontzettend veel stappen gezet, maar de jeugd is de toekomst en die kunnen wij niet laten wachten. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Visser. Mevrouw Scholten, Jouw Haarlem. Mevrouw Scholten: Dank u wel, voorzitter. Ik probeer de tijd een beetje beperkt te houden. Ik heb min of meer dezelfde punten als GroenLinks en PvdA. We leunen daarnaast in Haarlem heel hard op vrijwilligers en gaan voor mijn gevoel, voor ons gevoel, steeds harder op vrijwilligers leunen. En ook Buurts en gewoon in de wijk bestaat voor een heel belangrijk deel uit vrijwilligers. Dat is goed natuurlijk. Het is heel fijn als iemand betrokken werk kan doen, maar het is ook een beperkte ploeg aan mensen, waar ik me soms van afvraag, die doen vaak ook mantelzorger er bijvoorbeeld naast of ze niet zwaar worden belast en of we dat voldoende voor ogen hebben? En of we dus voldoende professionals hebben om de vrijwilligers te ondersteunen? Daarnaast is een van de speerpunten de dementievriendelijke stad en dementievriendelijk wonen. Wat Buurts vooral doet bij dat speerpunt en dat is ook aan hun, is om collectieve voorzieningen te realiseren.

Maar in wat bredere zin kun je over een dementievriendelijke stad spreken met toch wel wat meer aandachtspunten dan alleen maar collectieve voorzieningen waar ouderen kunnen samenkomen. Dan hebben we het ook echt over respijtzorg. We zijn nu bezig met een logeerhuis, maar misschien kan er bij Buurts toch ook iets meer aandacht nog komen voor respijtzorg voor mantelzorgers, maar ook misschien wel voor de inrichting juist van de route naar een huis van de wijk toe? Dan mentale gezondheid van jongeren, ook ons grote aandachtspunt. Ook hier gaat het naar veel collectieve activiteiten, maar vragen wij ons soms af of er een goede koppeling is naar het signaleren en doorzetten, dat dus inderdaad die verwijzingen vanuit de Wijkhuizen, vanuit het jongerenwerk naar hulpverlening waar nodig ook helder en duidelijk zijn in alle buurten. We vragen ons ook af of er voldoende dekking is, of nu in alle buurten alle wijken dezelfde zorg wordt aangeboden aan jongeren, of dat jongeren in sommige wijken niet aan bod komen. Een laatste punt gaat over bewegen voor ouderen, dan wel mensen met een beperking. Wij hebben dat technisch uitgevraagd. En daarop was het antwoord dat er inderdaad dekkend aanbod is voor ouderen of mensen met een beperking om te kunnen bewegen. En dan wordt verwezen naar de site van Sport Support, waar je dat zou kunnen vinden.

Nou, dat is voor mensen met een beperking al best lastig, maar ik heb zelf gekeken en het aanbod kan ik niet vinden. Dus ik vind een paar dingetjes, maar dat is echt maar heel weinig en zeker niet dekkend. En dat is mijn tijd. De voorzitter: Inderdaad, uw tijd is om. Dank u wel. Wie kan ik nu het woord geven? Mevrouw Özogul, ga uw gang. Mevrouw Özogul: Gezien mijn tijd wil ik aangeven dat ik bij aansluit bij Jouw Haarlem en GroenLinks. De voorzitter: Dat is altijd verstandig. Wie kan ik nog meer het woord geven? Mijnheer El Aichi van het CDA. De heer El Aichi: Dank u wel, voorzitter. In de stukken lees ik dat het college samen met Buurts wil blijven inzetten op de bekende drie speerpunten. Namelijk mentale gezondheid jongeren, dementievriendelijke stad, geldzorgen en rondkomen. Wat mij betreft mag een speerpunt erbij komen. Waarom zeg ik dit? Dat zeg ik om de verdere wachtlijsten in de jeugdzorg, bij Veilig Thuis te voorkomen. Er moet op een eenduidige manier samengewerkt worden met instellingen zoals Buurts, Veilig Thuis en nog veel meer andere organisaties. Op dit moment wordt nog langs elkaar gewerkt en dat is in het nadeel van de Haarlemmers. Dus wat mij betreft mag er nog een speerpunt erbij komen en dat is investeren in de samenwerking tussen instellingen in Haarlem. De jongerenorganisatie waar de heer Visser het over had, heb ik ook gesprek gesproken.

Ik sluit me bij zijn woorden aan en wacht de antwoorden van de wethouder af. Dank u wel.

27

De voorzitter: Dank u wel. Wie nu? Iedereen geweest? Mooi, dan is de wethouder, ga uw gang. Mevrouw Van Loenen: Dank u, voorzitter. Dank ook voor de complimenten die ik dan maar even ook namens Buurts in ontvangst neem. Volgens mij zien we allemaal wel dat er echt heel erg veel werk is verzet sinds we hier vorig jaar over hebben gesproken. Dat is mijn indruk ook. Ik heb afgelopen wee maanden ook een rondje langs alle wijkteams gedaan. En dan merk je ook dat er echt heel veel gebeurd is en dat er ook hele andere soorten gesprekken zij. Veel meer over hoe kunnen we het aanbod in de wijk uitbreiden? Maar ook bijvoorbeeld andere issues waar natuurlijk veel van de wijkteams mee bezig zijn. Het Wonen eerst. Want laten we ook niet vergeten dat ook veel werk daarbij ze neerkomt. Dus de mensen die in de wijk komen Wonen via Wonen eerst. Maar ook de pgb's wordt heel erg druk aan gewerkt. Nou, dan zie je dus echt wel dat dat hele opbouwende gesprekken zijn ook met de wijkteams. Waarbij ze ook veel meer op sterkte zijn dan een jaar geleden. Want daar hadden we het natuurlijk een jaar geleden over, alle vacatures bij de wijkteams. Dus dat is goed om te zien. Ik denk dat terecht wordt gezegd, wat een echt aandachtspunt is het jongerenwerk. Dat gaf Buurts natuurlijk zelf ook aan in de sessie die we een paar weken geleden hier hadden. Buurts met uw commissie.

Daar is denk ik echt nog wel wat te doen. En enerzijds heeft natuurlijk Buurts de opdracht om gebiedsgericht te werken, ook te zorgen dat er in alle gebieden ook een aanbod is, ook van jongerenwerk. En anderzijds zien we dat dat echt nog niet voldoende over de hele stad is uitgerold. En daar loop je ook wel tegenaan, dat misschien het wijkgerichte van het jongerenwerk misschien niet altijd zo evident is en dat het veel meer misschien gaat om groepen of dat er andere dingen spelen eigenlijk dan de aanbiedingskant bij de wijkteams dan bij de andere elementen, andere aspecten. Dus wat we hebben gedaan, is we hebben inderdaad een aantal afspraken gemaakt met Buurts over hoe dat de komende tijd moet worden verbeterd. Daar zijn ze zelf natuurlijk ook heel open in. Dat vind ik ook heel erg fijn dat ze dat zelf ook onderkennen. En het is natuurlijk nu wel eerst aan Buurts om met de onderaannemers, dus met de organisaties in de buurt en tot afspraken te komen. En dan zal op een hele korte termijn ook wel moeten blijken, kun je dan samen op een lijn komen? Ik wil ze natuurlijk wel die ruimte geven, maar dit is wel iets waar we ook in de bestuurlijke contacten met Buurts bovenop zitten, maar het heeft wat meer tijd nodig. Dat is wat ze zelf ook zeggen, dat is inderdaad zo. Ik denk dat dat wel de hoofdmoot is van waar nu de focus naartoe gaat.

Er werd ook aangegeven dat er een aandachtspunt is voor de beleidsdruk vanuit de gemeente. Ja, dat klopt. Dat onderkennen wij ook. Er zijn natuurlijk nog wat oude reflexen. Dus we hebben die opdracht gewoon in de wijk. We sturen natuurlijk op die andere opdracht. We hebben tegelijkertijd ook wel een strategisch partnerschap, maar ik denk dat er inderdaad te veel neergelegd wordt bij Buurts vanuit de gemeente. En we zijn aan het kijken hoe we dat dus integraler kunnen aanpakken en wat meer kunnen stroomlijnen. Dus dat is ook een leerpunt voor de gemeente zelf. Dus daar zijn we inderdaad mee aan de slag actief gegaan. De mantelzorgers werden ook een aantal keer genoemd. Een van de partners van Buurts is natuurlijk Tandem, onze echte mantelzorgorganisatie. Het feit dat ze niet allemaal geregistreerd zijn, wil niet zeggen dat niet in beeld zijn of niet bereikt worden. Er is verschillend aanbod. We hadden natuurlijk de hoop dat we inmiddels ook een extra respijthuis, respijtzorg zouden hebben. Dat was, dat hadden we voorzien in combinatie meteen hospice in Bloemendaal. En zoals u weet is die niet doorgegaan. Laten we daar niet te lang bij stilstaan, maar we zijn daar nog echt zeker wel op zoek naar een andere plek daarvoor. En dat zal ook bijdragen bij het verlagen van die druk die gevoeld wordt door de mantelzorgers. Los van dat er natuurlijk veel dagbesteding is.

Mevrouw Scholten: Mijn vraag is heel simpel. Is er straks dan met de combinatie hospice en respijthuis voldoende en dekkend aanbod? De voorzitter: De wethouder.

28

Mevrouw Van Loenen: Ja, van respijtzorg. Twee jaar geleden hebben we een heel onderzoek laten doen. Hoeveel plek is er nodig? En dan is er inderdaad, er is wel behoefte aan die plekken. Het ging ook even uit mijn hoofd, het ging ook over hoe je dat dus beter organiseert, want soms zijn er wel plekken, maar weet niet iedereen daarvan. Het is wel de verwachting dat dat echt leidt tot, dekkend weet ik niet, maar wel voldoende plekken. Dan nog, even kijken. Een speerpunt erbij, gaf het CDA aan. Dat gaat wel ver, meteen een speerpunt erbij. Wat ik wel vind, dit is eigenlijk gewoon de basis, wat u noemt. Dus jeugdzorg, Veilig Thuis noemt u, die samenwerking, hebben we het ook heel vaak in het kader van Veilig Thuis over gehad, dat loopt nog niet optimaal. En we zien wel dat ook in het toekomstscenario wat door het rijk geschetst is, over de manier van werken door Veilig Thuis. Dan zie je dus dat dat een van de aandachtspunten is om die hele keten te verbeteren. Daar zijn wel behoorlijk wat stappen op gezet de afgelopen periode en we zijn er nog verder mee bezig. Daar hebben we het vorige week nog in de stuurgroep van Veilig Thuis over gehad, om dat nog verder te verbeteren. Om ook nog even scherper te maken waar hem dat dan precies in zit. Want kijk, als dat in Haarlem zo is, dan wil ik dat natuurlijk als eerste weten en kunnen we actie daarop zetten.

Maar ik denk dat wel het voordeel van Buurts is dat het natuurlijk gewoon echt één organisatie is, waarbij je ook makkelijker die kennis kan overbrengen. Dus in die zin minder versnipperd. En dat wordt dus ook veel gedaan. Dus dat is een continu aandachtspunt. Vooral eigenlijk ook inderdaad vanuit Veilig Thuis. Maar ik heb niet het idee dat we nu dus een speerpunt erbij moeten doen, maar weet dat we dat eigenlijk gewoon in de reguliere werkzaamheden is dat een vereiste. Even kijken, dan nog waardevol werk. De indicatoren. De voorzitter: Er is een interruptie van mevrouw Özogul van SP. Ga uw gang. Mevrouw Özogul: Kort. Hoe zit het met respijtzorg voor jongeren? Want er is natuurlijk weinig ruimte, weinig plek qua logeerhuis. De voorzitter: Uw vraag is duidelijk. Een kort antwoord graag. Mevrouw Van Loenen: Voorzitter, dat het duidelijk is, helemaal niet, eerlijk gezegd. Respijtzorg, de plek waar mensen heen kunnen zodat de mantelzorger ontlast wordt, is niet aan een leeftijd gebonden. Dus ik weet niet of u dat bedoelt. Maar het is dus niet dat het een bepaalde leeftijd moet hebben. Het zijn natuurlijk ook de jongere mantelzorgers bijvoorbeeld die daardoor ontlast worden, maar ik weet niet of dat is wat u bedoelt? Mevrouw Özogul: Het Haarlems logeerhuis, er zijn weinig plekken. Mevrouw Van Loenen: Anders kunt u dat nog technisch uitvragen.

In principe gaan we uit van respijtzorg, het hoeveel plekken zijn daarvoor nodig? En we maken nieuwe plekken. Dat is de intentie voor iedereen. Eens even kijken, de indicator waardevol werk. Begreep ik dat dat en dat is wel een beetje technisch eerlijk gezegd, nog niet gelukt is om daar een goede maatschappelijke effectindicator op te formuleren. Dus misschien zijn suggesties welkom. De voorzitter: Dat was uw betoog. Dank u wel. Zijn er nog … U wilt nog wat vragen. Mevrouw Verhagen. Mevrouw Verhagen: Ik had gevraagd naar die demografische ontwikkeling. Hoe is die prognose gemaakt? Hoe weet je nu … De voorzitter: U had kritiek op de prognoses. De wethouder.

29

Mevrouw Van Loenen: Een bron bij die tabel, maar het is natuurlijk zo dat er in de ene wijk meer gebouwd wordt dan in de ander. Bijvoorbeeld Schalkwijk, daar wordt meer gebouwd, dus dan gaat ook de demografische samenstelling veranderen. In het centrum wonen mensen die ook al misschien ouder zijn. Dus het heeft natuurlijk allerlei factoren, maar ook dus wordt er gekeken: waar komen de mensen vooral bij en wat is dan de verwachting welke mensen daarbij komen? Je ziet natuurlijk dat de wat kleinere woningen, dat het vaak of de jonge mensen zijn of de ouderen en niet die tussengroep. Dus dat ligt aan het woningbouwprogramma. De voorzitter: Is er nog verder behoefte aan een tweede termijn? Is alles duidelijk? 10. Gemeentelijke medewerkers in een passende positie in het wijkteam De voorzitter: Dan gaan we over naar het volgende onderwerp. Dat is punt 10, de gemeentelijke medewerkers in een passende positie in het wijkteam. Dat is een agendapunt van de Actiepartij. Mijnheer Trompetter. Dan krijgt u van mij als eerste het woord. Ga uw gang. De heer Trompetter: Ik ga niet voorlezen wat in het agenderingsverzoek staat. De aanleiding voor de vraag was dat ons fractie geluiden bereikte dat mensen die ambtenaar zijn, binnen het sociaal wijkteam werken, wordt aangezegd dat ze voor het sociaal wijkteam moeten gaan werken, omdat het efficiënter zou zijn.

Bij het vorige punt wordt net al genoemd. Dat staat in de Trendrapportage. Over het strategisch partnerschap. Het partnerschap tussen de gemeente en de buurt prettig was. Intensief blijven werken aan de juiste vorm om het partnerschap invulling te geven en om samen te werken. Een prachtig verhaal. Nu sluit dat volgens mij niet heel goed aan bij de gedachte dat de lijnen heel kort zijn. Dus bijvoorbeeld voor werk en inkomen blijven nog wel mensen in het wijkteam zitten, maar van Wmo en Welzijn dus niet. Ik heb nog geen overtuigende argumentatie gehoord, waarom het in Welzijn ze wel moeten, dat de mensen van Werk en Inkomen wel blijven. Dank u wel. De voorzitter: Is er nog iemand? Ja, mevrouw Özogul. Heel kort. Mevrouw Özogul: Ik maak me in ieder geval zorgen om de loonongelijkheid. Bij de gemeente is het natuurlijk wat beter betaald, bij het wijkteam minder en er waren met mensen die het nu contract verloopt en die dus aangenomen worden. Daar maak ik me wel zorgen om. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Visser, Partij van de Arbeid. Dank u wel, voorzitter. De heer Visser: Ik maak me iets wat zorgen over de teksten in het adviesrapport van Hiemstra en De Vries, waarin bijvoorbeeld staat dat medewerkers het gevoel hebben dat er niet meerdere opties blijken open te staan en dat de meerderheid overweegt ander werk te gaan zoeken.

Terwijl uit de technische vraag die ik heb gesteld aan de wethouder, blijkt het tegenovergestelde. Dus dan vind ik het een beetje apart hoe dat in dit onderzoeksrapport dan heeft kunnen komen. Ik ben heel erg benieuwd hoe dat dan precies in elkaar steekt. De voorzitter: Dank u wel. Nog iemand een opmerking? Mijnheer Baars, VVD. De heer Baars: Dank u wel, voorzitter. We delen de zorgen van de Partij van de Arbeid, mijnheer Visser, over de zorgen die geuit zijn door werknemers. En tevens vragen we aandacht voor de dekking, waarin staat dat er nog onderhandelingen moeten plaatsvinden. En ik ben benieuwd of de wethouder die zorgen over de dekking deelt.

30

De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Otten, Hart voor Haarlem. Ga uw gang. Mevrouw Otten: Buurts heeft zo'n belangrijke positie voor het welzijn van Haarlemmers, dat het zonde is dat er zoveel energie opgaat aan de eigen posities, die ik overigens wel begrijp. Wethouder, hoe gaat u zorgen voor snel meer duidelijkheid? En ik zou de onderbouwing willen zien, want volgens mij is het zo ingericht dat de medewerkers van de gemeente de brug slaan naar de organisatie. Dus volgens mij zijn er eigenlijk argumenten genoeg om deze medewerkers in dienst van de gemeente te houden. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Otten. Mevrouw Lammertse van GroenLinks, ga uw gang. Mevrouw Lammertse: Dank u wel, voorzitter. Ik begrijp absoluut de zorgen en het is absoluut belangrijk om een passende oplossing te vinden. Aan de andere kant, er ligt een heel uitgebreid adviesrapport en voor mij mijn gevoel missen we hierin een beetje de kwalitatieve informatie over wat de bezwaren zijn van de medewerkers. En dan hebben we ook de technische vragen die gesteld zijn door mijn collega, die lijken daarop te wijzen dat er op dit moment in elk geval geen medewerkers zijn die al hebben aangekondigd dat ze als een resultaat hiervan weg willen gaan. Dus aan de ene kant heel belangrijk om hier een oplossing voor te vinden.

Wat mij betreft is het nu wel wat lastig om hier als commissie tussen te gaan zitten, omdat we informatie missen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Wie kan ik nog meer het woord geven? Dan is het aan de wethouder, ga uw gang. Mevrouw Van Loenen: Ik ga het heel kort houden. Dit is natuurlijk bij het overgaan naar Buurts afgesproken, dat we gaan kijken wat is nou precies de passende positie vanuit de vak-afdelingen? Het principe mens volgt werk lijkt me ook logisch op zich. Waar het werk wordt gedaan, waar ook de mensen echt direct daarmee bezig zijn, dat is ook in dit geval bij twee van deze functies dus veel meer bij Buurts en het wijkteam. Dus dit was een logische uitkomst. Overigens ook een collegebevoegdheid, dus we zijn er natuurlijk ook al vrij ver mee. Even om dat wel mee te geven. We zitten met de bonden aan tafel. Uitgangspunt is dat niemand erop achteruit gaat. Er wordt ook nog gekeken naar alle secundaire arbeidsvoorwaarden. De voorzitter: Een interruptie van mijnheer Trompetter. De heer Trompetter: Dank u wel, voorzitter. Ik ben wel benieuwd hoe de samenwerking dan is geborgd tussen de afdeling Wmo en Buurts. Mevrouw Van Loenen: Daar kom ik nog op, zeker. Want dat is eigenlijk ook een belangrijk punt. Wat we zien, is inderdaad, ik weet dus niet precies hoe dat rapport, het is natuurlijk ook alweer wat langer geleden.

Misschien zaten mensen ook met nog niet duidelijk welk scenario het zou worden en hebben mensen misschien geuit van nou, dat zie ik niet zitten. Ik weet het niet, maar we zien in ieder geval nog niemand die zijn baan heeft opgezegd. Gelukkig, want ik ben helemaal met u eens, schaarse arbeidsmarkt. Ik heb, wat ik net ook al zei, de afgelopen twee maanden een rondje gemaakt langs de wijkteams. Bij elk wijkteam waar ik ben geweest, heb ik dat gesprek gevoerd. Van goh, dit gaat er aankomen en januari komt dichterbij. En wat vinden jullie daar eigenlijk van? En dan gaat het eigenlijk niet … Ik heb niemand gehoord die zegt: ik stop ermee. Gelukkig, maar dan zit er zorg eigenlijk vooral in, hoe richten we nou die brugfunctie in? En dat is natuurlijk echt het sleutelpunt, waar we verschillende opties voor op een rij aan het zetten zijn. Waarbij het echt van belang is, niet alleen dus dat je dus goede afspraken maakt met elkaar. Maar wat ik ook al veel heb terug gehoord uit de wijkteams is dan ook vooral de manier waarop we met elkaar omgaan. Dus als er iemand wordt gebeld vanuit de wijkteams naar de gemeente, dat ook de gemeenteambtenaar meewerkend is en ook

31

zich meewerkend opstelt. En ik denk dat dat, dat is zo'n soort ding waarvan je denkt: dat vergeet je misschien al snel, maar daar is echt wel voor nodig dat we extra aandacht eraan besteden dat dat gebeurt. Los van natuurlijk, hoe zit het precies met de systemen en wie maakt waarvan gebruik? De voorzitter: Mijnheer Trompetter. De heer Trompetter: Dank u wel, voorzitter. Hoe wordt dan gegarandeerd dat die ambtenaar op het gemeentehuis adequaat reageert op een Wmo-vraag vanuit een wijkteam en dat het er geen extra tijd verloren gaat en allemaal vragen opdoemen? Dus hoe gaat dat in zijn werk dan? Want u heeft zelf al aan dat het lastig is en ik wil heel graag heel snel geïnformeerd worden als het begonnen is, hoe het werkt en hoe dat loopt, lijkt mij. De voorzitter: Wethouder, een complexe vraag, lijkt mij. Mevrouw Van Loenen: Wat je ziet, is ook wel dat er natuurlijk veel verandert. Je ziet dus nu die herijking van de pgb's. Dan zie je dus ook dat er nu veel wordt samengewerkt tussen gemeente en Buurts. Nu ook nog de mensen nog bij de gemeente in dienst zijn. Dat proces is natuurlijk bijna afgerond. Je ziet dus ook dat het systeem veel meer in het wijkteam straks plaatsvindt, dus ook de vraag zal wel afnemen. Neemt niet weg natuurlijk dat wel inderdaad die gezamenlijkheid belangrijk is.

Dus ik denk dat het handig is, we komen natuurlijk sowieso met enige regelmaat terug met alles rondom Buurts en dat we daar de volgende keer ook expliciet, ik moet even denken welk stuk dat precies is, in het voorjaar komen we altijd met een stuk. Dat we daar dan nog even expliciet op terugkomen. Dat lijkt me denk ik goed. Ik maak me dus ook geen zorgen over een leegloop aan mensen en ik denk dat dat belangrijk is. Ook overigens niet over de dekking. We zijn al vrij ver in het proces. In november is er een afronding daarvan. En ik ben gerustgesteld dat de bonden er nauw bij betrokken zijn. De voorzitter: Mijnheer Trompetter. Ik zit even naar uw tijd te kijken. Hele kort. De heer Trompetter: Een beetje van de orde. Ik hoor een toezegging dat er iets in het voorjaar komt als een terugkoppeling. De voorzitter: Dat hoorde ik ook. Dat klopt toch, wethouder? Mevrouw Van Loenen: Ja, wel in een bestaand stuk. Dus dat ik niet een aparte evaluatie ga maken. De voorzitter: Wie kan ik nog meer het woord geven, in reactie op het verhaal van de wethouder? Is het allemaal helemaal duidelijk? Daar komen de stukken aan. 11. Sluiting De voorzitter: Volgens mij is het eind van de vergadering. Klopt toch? Ja, laatste punt. Hartelijk dank voor uw komst. We zijn 20 minuutjes te laat, maar het is wel mooi geweest. De vergadering is beëindigd. Bedankt voor uw belangstelling.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14742267/2