CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

Transcript Commissie Samenleving 06.06.2024

commissie Samenleving 6 juni 2024, gemeente HaarlemBij agendapunt: 20.20u Opening en mededelingen voorzitter21.631 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

TRANSCRIPT VAN DE COMMISSIE SAMENLEVING VAN GEMEENTE HAARLEM d.d. 6 juni 2024 1.

Opening en mededelingen voorzitter De voorzitter: Dames en heren, ik wil u opnieuw van harte … O, nou de mededelingen die strooien ons al om de oren. Ik wil u van harte welkom heten hier bij de commissie Samenleving op deze zesde juni. We hebben twee berichten van verhindering. Eén van mevrouw Moedt van de Partij voor de Dieren en één van mevrouw Özogul van de SP. Ik heb voor u in uw agenda's een hele waslijst. Wij hebben zo meteen een hele stapel papieren. Er gaan vijf intekenlijsten rond vanaf nu. Ik ga ze in de tussentijd even voor u oplezen. Eén gaat over de Haarlemse jongerenraad. Dat gaat plaatsvinden op 12 juni van vier tot half zes over menstruatiearmoede, mentale gezondheid, uitgaansgelegenheden achttien min en over life skills. De locatie is de Antoniusgemeenschap en ook wethouder Van Leeuwen is daarbij aanwezig. Bent u wat later, is dat geen probleem. U kunt vrijelijk inlopen. Dan het tweede gaat over de technische sessie over de Verordening Maatschappelijke Ondersteuning, gaat plaatsvinden op 17 juni van half zeven tot half acht. Op dit moment hebben we vijf aanmeldingen hiervoor en het zou mooi zijn om er daar nog een paar bij te krijgen. Die verordening bespreken we binnenkort in de commissie. De derde intekenlijst gaat over de technische toelichting op de Kadernota, die gaat plaatsvinden op maandag 10 juni van zes tot half zeven in De Enschede.

De vierde gaat over de presentatie van het financieel beleid van Haarlem door de accountant op 13 juni van vijf tot zes. En de laatste is een sessie over de uitkomsten van het 213A-onderzoek armoede en deze vindt plaats op maandag 1 juli van half zeven tot half acht en de bespreking hiervan gaat plaatsvinden op 4 juli. En ik wil u er wel op wijzen dat de termijn dat dit stuk is aangeleverd is iets later dan u gewoon bent, aangezien dit stuk pas de 25e uit het college komt. Alsnog hebben we een week voorbereiding, inclusief dan de technische sessie, voordat we het op 4 juli gaan bespreken. Goed. Tot zover alle … O, een vraag. Mevrouw Van der Windt, ga uw gang. Mevrouw Van der Windt: Ja, dank u wel voorzitter. Ja, ik ben langzamerhand een beetje in verwarring, maar in mijn agenda staat voor volgende week dinsdag ook nog iets over kinderarmoede. Is dat ten onrechte? Gaat die door of niet? Ik ben een beetje de draad kwijt, merk ik. De voorzitter: Uit mijn hoofd hebben we dan … We hebben nog wel een digitale sessie met jongeren, mits daar voldoende aanmeldingen voor zijn, want dat is op 11 juni. Dat is de sessie waar u denk ik op doelt. Dat is een digitale sessie, alleen op dit moment hebben we daar nog maar één aanmelding voor ontvangen.

We zijn er druk aan bezig om te kijken of we daar nog extra aanmeldingen voor krijgen, maar dat is inderdaad waar jongeren op een digitale wijze kunnen inspreken en hun verhaal kunnen delen over hun situatie, dus hun situatie in armoede. Ik verwacht u daar komende maandag over te kunnen informeren of die sessie uiteindelijk door gaat gaan. Ja, nogmaals mevrouw Van der Windt. Mevrouw Van der Windt: En die aanmeldingen, is die dan op aanmelding van deze commissie of aanmeldingen van kinderen die komen inspreken? De voorzitter: Kinderen die komen inspreken. Daar gaat het om. Ja. Dus dat is de elfde. Ja oké, helemaal goed. Anders nog vragen over deze mededelingen, lijsten? Nee. Mooi.

1

2.

Vaststellen van de agenda De voorzitter: Gaan we naar het vaststellen van de agenda. Kan de agenda conform worden vastgesteld? Ja. Helemaal goed.

3.

Mededelingen commissieleden en wethouder(s) De voorzitter: Dan de mededelingen van commissieleden en wethouders. Zijn er commissieleden met een mededeling? Ja, de heer Visser. Ga uw gang. De heer Visser: Mevrouw Linder is ziek, dus daarom ben ik er. De voorzitter: En aan u van harte welkom. Dan heeft ook wethouder Van Leeuwen aangegeven een mededeling te hebben, sowieso over de aangepaste planning over de jeugdhulp en misschien wel nog één. Wethouder. Wethouder Van Leeuwen: Ja, zeker weten wel nog één, voorzitter, dank u wel. Geachte commissie, allereerst de aangekondigde mededeling. Het vaststellen van de Regionale Verdeling Jeugdhulp doorloopt in de zeven gemeentes van IJmond en Zuid-Kennemerland een gelijk proces en planning. Zoveel als mogelijk natuurlijk, want u vergadert niet allemaal op dezelfde dagen. Het bleek alleen niet mogelijk om in alle commissies de zienswijzen op de conceptverordening volgens planning op te halen. En daarbij is de volgende stap in het proces, namelijk om ouders en jeugdigen over de verordening te bevragen, vertraagd. Dit heeft gevolgen voor de verwerking van de informatie en de planning voor de agendering in de raad, in uw raad en de commissie. Daarom verschuift de planning om de verordening in september in de raad te laten vaststellen naar december. En de volgende, dat heeft u wellicht al kunnen zien.

Ik weet natuurlijk niet wie van u allemaal heel actief de besluitenlijst van het college in de gaten houdt, maar als u kijkt naar de besluitenlijst van het college van afgelopen dinsdag 4 juni, dan kunt u zien dat de account aan de regio Zuid-Kennemerland, dat de vier colleges daar besluitvormingen hebben gehad over de jeugdhulpinstelling Kenter. Dat gaat over het treffen van een noodmaatregel en ook over het herstelplan van Kenter. Dat kunt u allemaal lezen in het collegebesluit. De voorzitter: En dank daarvoor. Ja, de heer Visser. De heer Visser: Puur een reactie, ik wil hem alleen geven aan de wethouder naar aanleiding van de mededeling over Kenter. Ik denk dat het echt belangrijk is om onrust onder ouders te voorkomen, dus dat er ook communicatie komt naar ouders, omdat er over afschaling gepraat wordt en dan kunnen ouders zich zorgen maken dat ineens zorg stopt. Dus ik zou echt de oproep willen doen: goede communicatie richting ouders. De voorzitter: Wethouder, heel kort. Wethouder Van Leeuwen: Ja voorzitter, voor alle duidelijkheid. Ik heb het hier eerder met u over gehad. Dit ligt allemaal vast in een Draaiboek Continue Jeugdhulp, waarbij ieder zijn of haar eigen rol heeft. Wij als account aan de gemeente, regievoerder namens de Jeugdhulpregio Zuid-Kennemerland, hebben een rol richting alle gemeentes die kinderen in zorg hebben bij Kenter. Dat doen wij.

Wij hebben een systemische verhouding tot de coördinatoren van de IKC’s, dus die heb ik hier ook over telefonisch ingelicht, van zowel Zuid-Kennemerland als IJmond. De communicatie over de zorg voor de kinderen, want de meeste volumemaatregelen zijn afgewend, dat kan ik hier ook hardop zeggen, met het treffen van deze

2

noodvoorziening. Dat verloopt allemaal via Kenter. Zij hebben een verhouding tot hun cliënten, tot de ouders en ook tot aanpalende instellingen. Dus de communicatie daarover verloopt via de jeugdhulpinstelling. Dat is de rolverdeling die hierin is gemaakt. De voorzitter: Goed. 4.

Informatie uit (regionale) samenwerkingsverbanden De voorzitter: Dan gaan we door naar agendapunt 4, de informatie uit de regionale samenwerkingsverbanden. Eén van de wethouders die updates heeft uit één van de samenwerkingsverbanden? Nee? Oké, helemaal goed.

5.

Transcript commissie d.d. 23 mei 2024 (alleen naar aanleiding van) De voorzitter: Dan agendapunt 5, het transcript van de vergadering van 23 mei. Heeft iemand naar aanleiding van het transcript opmerkingen of aanmerkingen? Mooi.

Overige punten ter bespreking 6.

Jaarverslag en Jaarrekening 2023 (DL,ER,BL) De voorzitter: Gaan we door naar het eerste agendapunt, waarin wij ter bespreking hebben het Jaarverslag en de Jaarrekening van 2023. Door diverse partijen zijn er technische vragen gesteld en die zijn ook beantwoord. Wie kan ik over de Jaarrekening als eerste het woord geven? Ja, mevrouw Lammertse, ga uw gang, namens GroenLinks. Mevrouw Lammertse: Dank u wel, voorzitter. De bespreking van de jaarstukken is een mooi moment om terug te kijken op alles wat er het afgelopen jaar in Haarlem is gebeurd en zeker voor mij als commissielid, die begonnen is in de laatste maand van het vorige jaar. Kijkend naar het overzicht van de behaalde doelstellingen zien we vooral heel veel groen, heel veel behaalde doelen en heel veel uitgevoerde prestaties. En voorzitter, groen is uiteraard voor ons als GroenLinks onze lievelingskleur, dus we zijn blij dit te zien. En als we dan verder kijken in het Jaarverslag, dan klopt het ook dat er enorm veel positiefs gebeurd is, zeker in het sociaal domein. We zien nieuwe preventieakkoorden gericht op gezondheid, er zijn stappen gezet voor het vergroten van de kansengelijkheid, voor diversiteit en inclusie, er is geïnvesteerd in sport en steeds meer Haarlemmers vinden een baan, ook bijvoorbeeld door middel van de nieuwe Social Impact Bond.

En er is ook ingezet op samenwerking tussen partijen, bijvoorbeeld in de Wmo en in de Jeugdzorg en ook regionaal, bijvoorbeeld op de arbeidsmarkt en voor beschermd wonen. Toch is het niet alles groen dat blinkt, voorzitter. Vooral in programma twee zien we ook dat er zaken niet gelukt zijn. Zo zien we in de ondersteuning voor volwassenen dat men lang moet wachten op hulp, op woningaanpassingen of hulpmiddelen, en de doorstroom vanuit beschermd wonen stagneert. Mijn vraag aan de wethouder is dan: is er zicht op dat we hier in 2024 verbetering zullen gaan zien? En dan de voorzieningen voor jeugd. Daar is het de afgelopen week natuurlijk al veelvuldig over gegaan. 2023 was het eerste jaar voor de consortia in perceel één, wat niet zonder slag of stoot is gegaan, en voor perceel twee bleek het een overbruggingsjaar, in afwachting op de definitieve gunning. Het verrast mij dat we in het jaarverslag daar eigenlijk heel weinig over teruglezen. We lezen vooral activiteiten van het CJG, niet zozeer over de consortia of de rol van de gemeente zelf in dit strategisch partnerschap. Er wordt slechts in één zin benoemd dat er na een jaar nog geen eenduidige toegangsroute is en dat de wachtlijsten niet zijn verkort. En dat zijn wat mij betreft toch wel basiselementen van de zorg die wij

3

moeten bieden. Aan de wethouder dan ook de vraag waarom ervoor gekozen is om de uitdagingen rondom perceel één en twee niet expliciet in het Jaarverslag op te nemen en in hoeverre hij verwacht dat we verbetering zullen gaan zien in 2024? Dan tot slot. We zien een lichtgroene beoordeling voor de hulp bij huiselijk geweld en kindermishandeling. Tegelijkertijd staat daar ook geschreven dat er een flinke wachtlijst is op veiligheidsbeoordelingen en dat er daardoor maar weinig zaken naar het lokale veld worden overgedragen. En dat klinkt mij als een behoorlijk cruciaal punt in de oren en dus niet een basis voor een lichtgroene beoordeling. Vandaar de vraag of de wethouder kan toelichten waar die wachtlijst vandaan komt en of die inmiddels is geslonken? Dank u wel. De voorzitter: En u ook dank. Wie dan? Mevrouw Van der Windt, namens D66. Mevrouw Van der Windt: Ja, dank u wel voorzitter. Ja, als het goed is, is een Jaarrekening en een Jaarverslag geen verrassing, want in de ideale wereld heeft het bestuur of in dit geval het college in de begroting plannen gemaakt om de organisatie of de uitvoering een bepaalde kant op te duwen. En dan krijg je tussendoor in de loop van het jaar updates hoe het dan gaat met die uitvoering en is een Jaarverslag de bevestiging eigenlijk van iets wat je al wist en had gezien in die tussentijdse berichten.

Helaas, en ik weet, dit is een beetje mijn stokpaardje, is dat in Haarlem niet het geval. Ik herhaal weer dat ik het spijtig vind dat het college niet bij de begroting echt plannen maakt voor het aan het werk helpen van mensen in de bijstand of als dat niet mogelijk is, ervoor te zorgen dat mensen een zinvolle dagbesteding hebben en niet thuis verpieteren. Omdat we niet weten waar het college naartoe wil en welke plannen er worden gemaakt, krijgen we ook geen tussentijdse berichten hoe het gaat met die uitvoering en levert de Jaarrekening ook geen antwoord op op de vraag of die plannen effect hebben gehad. Hetzelfde geldt voor de jeugdhulp en de Wmo. Het lijkt er, als je naar de Jaarrekening en ook naar de begroting kijkt, bijna op dat het enige doel is dat de aanvraaggolf tijdig wordt verwerkt. En dat is op zich super loffelijk en ook enorm belangrijk, maar D66 verwacht wel wat meer. We zien bijvoorbeeld dat de kosten voor de hulp in de huishouding zijn gestegen. En natuurlijk is het belangrijk en vindt D66 het belangrijk dat mensen die niet goed voor zichzelf kunnen zorgen hulp in de huishouding krijgen. Maar we misen zo wel de innovatie. Ik zal een voorbeeld geven.

Onlangs had ik een college van Rudi Westendorp, een hoogleraar ouderengeneeskunde, die vertelde: ja, in Nederland ziet het erop om die golf weg te werken, maar in Denemarken, waar hij ook actief is, gaat dat anders. En hij vertelde dat hij daar werd rondgeleid in een centrum, waar hij aan tafel acht oude, bejaarde mannen zag zitten die, naar het leek aanzien, de was aan het vouwen waren. En toen hij in een ander centrum kwam, zag hij zeven oude mannen die aan het koken waren. En toen hij afvroeg: wat gebeurt hier? Toen zeiden ze in Denemarken: ja, wat wij merken is dat veel oude traditionele mannen als hun vrouw overlijdt huishoudelijke hulp aanvragen omdat ze het nooit hebben geleerd. Die zijn eenzaam, die wachten op iemand die één keer per dag hen eten komt geven. En dat vinden wij niet goed. Dus daarom hebben wij voor mannen die daar aanvraag voor doen, geven wij een achtweekse cursus. Na drie maanden, als ze een beetje boven Jan zijn, krijgen ze een achtweekse cursus, elke dag van half tien tot half drie. En daar zitten dan dus acht mannen, die net allemaal weduwnaar zijn geworden, die krijgen in die dagen les om te leren hoe je je huishouden runt. En wat dat oplevert na acht weken is niet alleen dat die mannen nieuwe vrienden voor het leven hebben gevonden, maar ook dat ze in staat zijn om zelf het huishouden te doen.

Want dit zijn mannen die daarvoor nog geen ei konden koken. Dat is interessant en ik vind dat we in Haarlem, ik vind dat mooi en innovatief en ik denk: dat zou echt iets kunnen zijn waar misschien hier ook wel behoefte aan is. Maar dat missen we, want we hebben het er eigenlijk te weinig over. En voor jeugdhulp en de bijstand geldt eigenlijk hetzelfde, want we geven er niet alleen heel veel geld aan uit, maar belangrijker, dit geld is echt van vitaal belang voor Haarlemmers die in de knel zitten. En wij zouden gewoon graag zien dat we vaker inhoudelijk het gesprek aangaan. Ja, er gaat veel geld naartoe. Het is belangrijk voor de mensen die er gebruik van maken. Wat zijn nu de plannen om dat zinvol in te zetten, wat

4

zijn nu concrete plannen om te kijken of we mensen toch vanuit de bijstand naar zinvolle dagbesteding of misschien een baan kunnen helpen? Wat zijn de plannen om niet alleen maar te kijken: het wordt heel erg, we hebben te weinig mensen om de hulp te geven en heel veel aanvragen voor de Wmo. Maar ook: wat kunnen we concreet doen? Zijn er misschien andere ideeën zoals in Denemarken om mensen zelf te empoweren om dat te doen? Dus ik zou het eigenlijk prettig vinden als het college kan toezeggen dat ze in oktober dit jaar met een raadsinformatiebrief komen over de plannen voor zowel mensen met een bijstandsuitkering, maar ook voor de Wmo en ook voor jeugdhulp voor volgend jaar, welke plannen er nu zijn om dat op een andere manier te doen en welke plannen er zijn om dat te verbeteren. En dan gaat het mij niet alleen om de financiën, maar ook gewoon vooral voor het levensgeluk van de mensen. Die toezegging zou ik heel graag willen krijgen. Dat was mijn bijdrage. Dank u wel. De voorzitter: En u ook dank voor uw bijdrage. Wie dan? Wie wil het woord voeren in deze eerste termijn over de Jaarrekening? De heer Trompetter. Ja, ga uw gang. De heer Trompetter: Voorzitter, dank u wel. Dank voor de jaarstukken. Ik ben er een beetje doorheen gegaan.

Ik heb nog wel een vraag over de wachtlijsten van Veilig Thuis, daar hebben we het net in Bestuur ook over gehad, en de behandeltermijn daarvan, of dat wat beter kan en wat het college daarmee van plan is. En ik zie ook dat de doorstroming en de maatschappelijke opvang niet helemaal op orde is geraakt en dat eigenlijk het aantal mensen in de opvang stijgt en er volgens mij ook nog een wachtlijst beschermd wonen is. En de vraag is of daar ook nog ideeën voor zijn, misschien met de Kadernota of later, dat we toch misschien wat meer beschermde woonplekken kunnen krijgen, omdat we toch meestal geld op dat punt overhouden. Dank u wel. De voorzitter: En u ook dank. Ja, mevrouw Wegman. Mevrouw Wegman: Dank u wel, voorzitter. Ik wil me eigenlijk achter de bijdrage van de Actiepartij scharen, want wij hadden eigenlijk precies dezelfde vragen. Dank u wel. De voorzitter: Kijk, lekker kort en bondig. Daar houden we van. De heer El Aichi namens het CDA. De heer El Aichi: Ja, dank u wel voorzitter. Er is heel veel gezegd. Dat Veilig Thuis, dat stond bij mij ook op het lijstje, dat er heel veel wachtlijsten zijn. Ik ben benieuwd wat de stand van zaken is op dit moment. Wat betreft de sociale basis. Aan het begin van vorig jaar waren er veel personeelstekorten bij de sociaal wijkteams. Ik ben benieuwd hoe dat nu loopt. En als het om onderwijs gaat.

Ik lees bijna niets over de havoschool op het Haarlems College. Daar wil ik graag meer over weten. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Otten namens Hart voor Haarlem. Mevrouw Otten: Ik zit een beetje ver weg. Kunt u mij verstaan zo? Ja. Het lijkt er eigenlijk op alsof we niet werkelijk in control zijn. Wij zouden liever een begroting zien die we zo stipt mogelijk uitvoeren, met een apart lijstje voor incidentele posten, baten en lasten voor ad-hocbeleid. De Jaarrekening. Sorry, ja. Dat zich in een jaar kan voordoen. Hoe kunnen de kosten in de huishouding inderdaad zo gestegen zijn? Ziet de wethouder mogelijkheden deze kosten in te dammen? Mevrouw Van der Windt van D66 gaf u een paar mooie tips. En de wachtlijsten voor de jeugdhulp zijn nog enorm en zorgwekkend. Zijn er geen mogelijkheden om lighttrajecten aan te bieden, wellicht door Haarlemmers een training te geven om jongeren te helpen? Hoewel ik het niet als mijn taak zie als raadslid om allerlei oplossingen aan te dragen, kan ik me zeker vinden in de ideeën van mevrouw Van der Windt van D66. Dank u wel.

5

De voorzitter: Dank u wel voor uw bijdrage. Het is mevrouw Van der Windt. Ja. Nee, dat maakt niet uit, maar dan hebben we dat bij deze rechtgezet. De heer Baars namens de VVD. De heer Baars: Ja, dank u wel voorzitter. Ook de VVD heeft hiervoor een aantal zinnige dingen gehoord, onder andere van GroenLinks op het gebied van investeringen in sport en samenwerking, zijn wij ook erg voor. En mevrouw Van der Windt van D66 heeft ook een aantal zinnige dingen gezegd, met name om mensen uit de bijstand te krijgen en een cursus voor oude mannen om te koken spreekt mij eigenlijk ook wel aan. Maar goed, ik ben geen weduwnaar, dus gelukkig niet en dat gaat ook hartstikke goed. En ook niet zo oud. Maar goed, De voorzitter: Misschien wordt er wel voor u een uitzondering gemaakt. De heer Baars: Ik wil best meedoen aan een pilot. Maar dan zijn er ook wat serieuze zorgpunten die wij zien en die zijn ook al aangehaald voor een deel. Jeugdhulp komen we zo op terug bij dit punt. Maar in ieder geval het voortijdig schoolverlaten, die is ernstig gestegen, het hoogste in vier jaar en het is ook 0,4 procent boven de streefwaarde. En voor de VVD zijn natuurlijk gelijke kansen erg belangrijk en daarbij helpt een opleiding. Dus mijn vraag aan de wethouder, of onze vraag aan de wethouder, is: wat gaan we hier aan doen om die streefwaarde wel te halen? Want het aantal schoolverlaters is nu te hoog.

We zien dat overigens wel vaker, dat is een vraag in zijn algemeenheid, dat de streefwaarde niet wordt gehaald. En waar ligt dat nu eigenlijk aan? Is die streefwaarde dan te hoog of zijn de resultaten gewoon onvoldoende? Dan opnieuw over schoolverlaten. Er zijn te veel jongeren die dus te vroeg de school verlaten. En we hebben dus die problemen bij jeugdhulp en ons idee is: als je zorgt voor een goede educatie en jongeren een goede opleiding krijgen, dat ze in een later stadium ook misschien minder behoefte hebben aan jeugdhulp. En ik ben benieuwd hoe de wethouder dat ook ziet, dat daar een verband tussen is, tussen de behoefte aan jeugdhulp en een goede educatie. Dus met name het schoolverlaten vindt de VVD zorgelijk. En het tweede zorgelijke punt wat ik zag: ondanks dat er wordt geïnvesteerd in sportverenigingen en sportfaciliteiten loopt het aantal vrijwilligers op sportclubs terug. En dat gaat mij aan het hart. Dus ik ben erg benieuwd of de wethouder daar nog bepaalde acties in wil ondernemen. Dank u wel. De voorzitter: En u ook dank voor uw bijdrage. Mevrouw Scholten namens Jouw Haarlem. Mevrouw Scholten: Dank u wel, voorzitter. Wij hebben een aantal dingen uit de Jaarrekening gehaald, maar het groene gras is mij bijzonder keihard voor de voeten weggemaaid door GroenLinks. Dus ik haal er een paar andere puntjes uit die we ook hadden, daar heb ik dan wat meer tijd voor.

Maar verder: wat zij zei. Wat ons opvalt is dat mensen best nog lang moeten wachten op hulpmiddelen en woningaanpassingen en dat is eigenlijk al best langjarig een probleem. Is daar een reflectie op, is er al een idee of een begin om dat te gaan keren? Hetzelfde geldt eigenlijk voor de RegioRijder. We blijven tegen problemen aanlopen in capaciteit, zowel dus op hulpmiddelen, als woningaanpassingen, als op vervoer voor mensen die wat meer moeite hebben om zelfstandig te reizen. Dan zouden wij, dat hebben we net bij Beheer ook aangestipt, heel graag zien dat er langjarig dezelfde indicatoren zijn, zodat je ook inderdaad kunt monitoren: wat gebeurt er nu op jouw gebied? Dat je een beetje kunt volgen: waar sturen we op, krijgen we dan ook inderdaad datgene waar we op sturen en hoe loopt het daarmee? Nu is dat vaak heel lang zoeken voordat je een beetje boven water krijgt wat er allemaal speelt en moet je vaak appels met peren vergelijken. Dan willen we veel inzetten op preventie, maar loopt het aan de preventiekant vaak ook vast op budgetproblemen. Dus dan wil je aan de ene kant bijvoorbeeld je jeugdhulp verbeteren en aan de andere kant ben je bezig met meer preventie. En die twee dingen, die lopen niet soepel in elkaar over. En waar we echt wel problemen zien en ook misschien wel langjarig al problemen in zien, is de match tussen Wlz en Wmo.

Er is namelijk best wel vaak overlap en misschien kan die overlap, als we die goed inzetten, wat geld schelen, maar vooral zorgen voor verbinding in

6

buurten en voor misschien, zoals mevrouw Van der Windt net al zei, op het moment dat je mensen op een plek waar veel Wlz is, maar ook ruimte is voor Wmo, aan elkaar koppelt, dan voorkomt dat eenzaamheid en kun je mensen misschien ook wat makkelijker bij elkaar brengen om samen inderdaad aan de slag te gaan met koken en huishoudelijke of algemeen dagelijkse handelingen. Maar vooral verbinding in die buurten. Dan staat de uitstroom uit de vrouwenopvang onder druk en zijn er eigenlijk in Haarlem te weinig plekken, waardoor mensen toch regelmatig in hotels moeten worden opgevangen. Voornamelijk voor vrouwen met kinderen, naar we begrepen, is dat best nog wel een probleem, want de opvang in Haarlem zelf heeft daar eigenlijk te weinig plek voor. Dus die moeten dan in andere gemeentes worden opgevangen. Kan heel prima zijn om te doen, maar er lijken toch wel echt te weinig plekken te zijn. En dan wil ik als laatste nog even een oproep doen om toch ook nog eens goed te kijken naar pgb, dus het persoonsgebonden budget. Er wordt nu heel makkelijk, wat ons betreft te makkelijk, gezegd: pgb roept fraude op, moeten we niet meer doen. Terwijl we eigenlijk weten, alle onderzoeken tonen dat al heel lang aan, dat pgb een heel goede aanvulling kan zijn voor mensen om hun eigen regie te hebben. En ze moeten nu vaak wel door heel veel hoepels heen springen om die regie aan te tonen.

Dat vinden we zonde. Dus daar ook graag nog wat aandacht voor. De voorzitter: Dank u wel. Iemand anders nog het woord in de eerste termijn? Nee? Wethouder Van Loenen. Wethouder Van Loenen: Ik trap gewoon af en dan kijken we even wie wat beantwoordt. Even kijken. Ja, misschien een paar volgens mij rode draden die ik heb gehoord, die misschien ook wel soms al een aantal jaar terugkomen. Dus dat is ook niet zo makkelijk op te lossen. En dan heb ik het bijvoorbeeld over de wachttijden voor de Wmo, de voorzieningen, de aanpassingen. En dat is eigenlijk een beetje hetzelfde verhaal als vorig jaar ben ik bang. Dat ligt toch grotendeels aan arbeidsmarktkrapte en ook aan grondstoffentekort. En dat maakt dat niet alleen hier, maar overal in Nederland, dat dat best lastig is om sneller te leveren. En daar wordt natuurlijk wel naar gekeken. Daar hebben we het wel eens eerder over gehad: wat kan ook echt niet wachten? Wat moet snel gerepareerd worden of wat moet snel geleverd worden? Dus daar zit wel een soort triage in, waardoor het wel acceptabel is. Maar ja, dat is helaas waar we mee te maken hebben. De voorzitter: Heeft u een interruptie van de heer Trompetter van de Actiepartij. De heer Trompetter: Dank u wel, voorzitter.

Kijkt de wethouder ook naar mogelijkheden van hergebruik van trapliften die uit woningen worden gesloopt en dat soort zaken? Wethouder Van Loenen: Jazeker, dat gebeurt ook. Ja. Maar goed, de vraag stijgt eerder dan dat hij daalt. Dus het is niet dat je dan dus over hebt, maar zeker, dat wordt hergebruikt. Zeker. Veilig Thuis. Uiteraard een heel belangrijk onderwerp, hebben we ook een aantal keer over gesproken bij Geweld hoort nergens thuis, bijvoorbeeld. Komt ook in het najaar weer wat uitgebreider terug. Daar is inderdaad, dit is natuurlijk een Jaarverslag, dus we kijken terug. Daar is inderdaad wel sprake van een wachtlijst bij de beoordeling. Daar hebben we het ook al eerder over gehad. Ze hebben ook een ander systeem daarvoor gebruikt ook een tijdje, ook in de zomer, dat is eigenlijk wel goed bevallen, waarmee ze met de capaciteit die ze hebben sneller een analyse kunnen maken. Zij maken dus ook echt stappen en ook in de afgelopen maanden zijn daar ook stappen in gezet om die wachtlijst terug te dringen. Neemt niet weg dat wij ook als stuurgroep, want er moet nog een bestuurscommissie worden gevormd, die ziet op Veilig Thuis straks in de VRK, maar er is nog wel een stuurgroep van wethouders uit de regio en daarbij hebben we gezegd: nou ja, laten we eens goed in de gaten houden wat daar gebeurt.

Het zou kunnen zijn ook dat je misschien eenmalig tot een project komt om nog te kijken of je eventuele wachtlijsten kunt wegwerken. Maar zeker ook gezien dat er een behoorlijke opgave ligt voor Veilig Thuis, zoals een aantal jaar geleden al is besloten in de formatie, moeten we echt goed kijken: wat is daar aan de hand en hoe gaat dat? En daarom hebben wij dus als stuurgroep ook echt veel meer rapportage

7

gevraagd om dat in de gaten te houden. Maar dat gaat dus al wel een stuk beter dan deze peildatum, wat natuurlijk dan toch dat terugkijken is. Er werd ook een vraag gesteld over de huishoudelijke ondersteuning en of mensen misschien niet toch wat meer zelf kunnen doen en de kosten. Nou, sowieso de kosten. Enerzijds kun je zeggen: de cao is behoorlijk gestegen. Dat zien we eigenlijk bij heel het sociaal domein, en dat zorgt ook soms voor een kostenstijging. Aan de andere kant zien we dat het nieuwe beleid, vooral op de huishoudelijke ondersteuning, dat gaat ook juist heel erg, zoals mevrouw Van der Windt ook zegt, eigenlijk juist heel erg op wat kunt u zelf en dat het inderdaad belangrijk is om actief te blijven. Dat helpt enorm, zeker voor bijvoorbeeld dementerende mensen, om juist nog heel erg veel zelf te blijven doen. Ik ken de voorbeelden die u noemt. Het is ook heel interessant om te kijken, ook in woningen uiteindelijk, dus in de toekomst: hoe maak je nu woningen, waardoor het eigenlijk makkelijker wordt om lang thuis te blijven wonen en ook thuis dingen te kunnen blijven doen, zodat je dus minder hulpbehoevend bent? Want dat houdt je ook langer fit. Maar hier gaat het eigenlijk echt om: wat kunnen ze zelf doen? Volgens mij hebben we nog geen kookcursus voor mannen. Ik zal dat eens vragen.

Misschien kunnen we dat wel eens bekijken of we daar in de wijkteams iets mee kunnen. Het is best een interessante gedachte. Ik weet niet, misschien zijn de Nederlandse mannen ook al wel wat meer geëmancipeerd. Dat weet ik niet. Maar goed, dat zouden we dus kunnen bekijken of zij de piepers kunnen schillen en koken. Maar als je het hier hebt over huishoudelijk ondersteuning, gaat het dus echt alleen over wat is er nodig om het huis schoon te maken, dus schoon te houden. En dan wordt er natuurlijk echt vooral gekeken: wat is de fysieke beperking die je hebt om dat echt zelf te kunnen? Maar helemaal eens dat die zelfstandigheid en die zelfredzaamheid, dat we dat zo lang mogelijk in stand moeten houden en dat we daar ook zeker moeten kijken welke innovatieve voorstellen en ideeën daarover leven. Een andere opmerking die gemaakt is door mevrouw Van der Windt … De voorzitter: Er is op het vorige onderwerp ook een interruptie van mevrouw Van der Windt. Ga uw gang. Mevrouw Van der Windt: Nee, heel fijn dat u zegt, dat de wethouder zegt dat ze daar graag het gesprek met ons over aangaat, maar voor mij is het gewoon belangrijker dat we dat ook gewoon op gestructureerde momenten doen, omdat het echt … er gaat niet alleen heel veel geld in om, maar het raakt mensen ook heel erg direct.

Dus ik zou het echt ontzettend mooi vinden als wij één keer per jaar spreken: wat zijn nu de speerpunten, om maar een heel lelijk woord te noemen, wat zijn nu de speerpunten? Waar gaan we op inzetten voor komend jaar? Heeft de commissie nog ideeën? Zijn er uit de samenleving nog ideeën? En dan ligt er een plan: nou, hier gaan we volgend jaar, met kookcursussen, cursussen voor mannen gaan we aan de slag. Sprekend voor mijn eigen vader is dat terecht, die kan nog geen ei koken, maar … En dan dat je een terugkoppeling krijgt op een gegeven moment van hoe gaat dat nu? En dat mis ik. Wethouder Van Loenen: Ja. Overigens, mijn vader slaagt daar wonderwel goed in na het overlijden van mijn moeder, bijna tien jaar geleden, om toch zelf te gaan koken, wat hij nooit had gedaan. Dus ze kunnen ook wel flexibel zijn, als ze maar moeten. Mevrouw Van der Windt: Mijn vader houdt het al 25 jaar voor dat hij geen ei kan koken, dus er zijn ook echt andere verhalen hoor. Wethouder Van Loenen: Ja. Misschien moet uw vader een keer met mijn vader bellen of misschien niet hè? Dat zou ook kunnen, want dan doet mijn vader misschien niets meer. Maar goed. Sowieso goed om de mensen in contact met elkaar te brengen. Ja nee, u geeft aan: ik zou heel graag op een bepaald moment het daar met elkaar over willen hebben. Ik denk wel dat dat iets is. We hebben dat afgelopen jaar geprobeerd natuurlijk.

Want u gaf ook aan: ik heb daar behoefte aan op het gebied van bijstandsuitkeringen, hoe krijgen we die aan het werk et cetera. Toen hebben we in het najaar daar een uitgebreide memo over gestuurd, om

8

ook te laten zien: welke trajecten hebben we, wat doen we, en daar een gesprek over gehad. We hebben dat ook wel gedaan op een ander deel van het sociaal domein, maar we kunnen daar natuurlijk weer ook komend jaar eens naar kijken: wat is nu een goed moment daarvoor om eens over na te denken. En ik denk wel dat het verstandig is om dat ook best wel te koppelen aan Buurts en de hele sociale basis, de wijkteams, wat daar gebeurt. Want daar wordt ook veel meer ingezet nu dit jaar op: hoe organiseer je nu dat collectieve aanbod, waar is vraag naar in de buurten en hoe organiseer je dat op een andere manier dan nu en ook hoe organiseer je meer activiteiten? Dus misschien eens in het najaar gaan we hier wel ook weer uitgebreid in gesprek met Buurts. Misschien ook wel iets om daar eens even over na te denken. Dan gaat het ook over de doorstroming uit de maatschappelijke opvang eigenlijk twee kanten op. Eigenlijk zien we dat het ook wel wat stagneerde in het kader van het Pact voor Uitstroom. Dus daar kwamen we eigenlijk eind 2023 achter en toen zijn wel alle alarmbellen afgegaan. Toen hebben we een aantal aanpassingen gemaakt in de regio met andere wethouders en de corporaties in de regeling. En ik kan vertellen dat dat in ieder geval in afgelopen vier maanden heeft geleid tot echt een hele goede uitstroom.

Nou, hopelijk zetten we dat de rest van dit jaar door en dan zult u zien inderdaad in het Jaarverslag van volgend jaar of al misschien in het najaar als we het uitvoeringsprogramma Opvang, Wonen en Herstel gaan bespreken, kunnen we daar wat langer bij stilstaan. Maar dan hoop ik ook nog te blijven zien dat dat dus echt een stuk verbeterd is. Dan hebben we ook nog beschermd wonen. Dat is natuurlijk echt een hele specifieke uitstroom en daar hebben we het ook al vaker over gehad, dus dat is best een ingewikkeld onderwerp. Want wat we hebben gezien is dat we al vrij veel beschermd-wonen-plekken hebben in Haarlem en dat we enerzijds, ook in het kader van de Woonzorg, het actieplan, daar een prognose hebben gemaakt. Daar zijn we nu bijna mee klaar, ik denk ergens in de komende weken. Dan ga je zien wat de prognose is de komende jaren wat er aan beschermd-wonen-plekken nodig is. En dan hebben we het over beschermd wonen intramuraal. Nou, neem bijvoorbeeld een Domus Plusvoorziening, wat wel een hele specifieke soort is, maar zeer nodig. Maar ook Beschermd Thuis eigenlijk, dus het beschermd wonen met meer ambulante begeleiding.

Nou, die prognose, die is dus nagenoeg klaar en dan zal de vertaalslag moeten worden gemaakt: wat betekent dat nu voor de regiogemeenten? En dat is ook eigenlijk waar iedereen wel heel erg naar kijkt, omdat we ook een gemeenschappelijk orgaan hebben natuurlijk inmiddels voor beschermd wonen. Maar de gemeenten willen ook weten: wat is de opgave? Voor nu is de inschatting denk ik dat dat in Haarlem best wel beperkt is, maar dat betekent wel dat we extra hard aan de slag moeten met de regio om ervoor te zorgen dat die plekken er wel zijn. Ik heb dus wel goede hoop dat we echt in 2024 daar stappen op kunnen zetten, ook omdat we dat eerder niet zo scherp in beeld hadden. En ook omdat we bezig zijn, zoals u weet, met die strategie, het uitbannen van dakloosheid 2030. Hoe komen we daar? En daar, nou dat gaat ook al best voorspoedig. Dus daar komen we ook dit jaar nog over te spreken met u. Eens even kijken. Misschien ook nog de sociale wijkteams. Ja, zoals wij die zien is het behoorlijk op orde qua capaciteit die nodig is. Vorig jaar was dat echt een groot aandachtspunt. We hebben natuurlijk ook daar een grote cao-stijging gezien. Dat ziet u ook natuurlijk straks terug in de Kadernota, het geld wat daar ook mee gemoeid gaat, waarmee we de opdracht voor Buurts moeten ophogen.

Maar je ziet dus ook dat het denk ik ook wel aantrekkelijker wordt om in de wijkteams te werken en er is ook echt veel gedaan door Buurts om die wijkteams goed te bemensen. Dus dat lijkt grotendeels op orde. Binnenkort ga ik zelf ook weer even een rondje doen om eens even te kijken hoe het gaat. De vrijwilligers werd genoemd door de VVD. Er komt binnenkort, want dat is destijds een motie geweest van de ChristenUnie, om te vragen naar een soort actieplan voor vrijwilligers. Wij scoren eigenlijk als Haarlem niet slecht. Sterker nog, best wel goed landelijk gezien, maar het neemt wel af. Dat zien we eigenlijk dus in heel Nederland. En dat actieplan komt ik denk deze week of volgende week richting de raad. Dus daar kunt u ook zien wat we nog doen om dat dus te stimuleren. Maar het is wel, als we echt kijken naar de landelijke trend, is het wel lastig dat wij het dus al best wel goed doen en er zit ook weer niet superveel rek in. Dus even de verwachtingen wel scherp hebben. Jouw Haarlem vroeg ook een aantal dingen over bijvoorbeeld de RegioRijder. Nou ja, dit is dus het Jaarverslag. We zijn

9

natuurlijk op 1 januari van start gegaan met een nieuwe opdracht. Dat had natuurlijk even een turbulente eerste paar weken, maar dat gaat echt ontzettend goed op dit moment. Dus daar kan ik met blijdschap melden dat het dus echt een stuk beter is dan ten aanzien van deze peildatum. De vrouwenopvang. Nou, er wordt een nieuwe vrouwenopvang gebouwd straks in Haarlem-Noord. Daar wachten we ook wel met smart op, want het is wat u zegt. We hebben vooral weinig plekken voor vrouwen met kinderen. En nu gaat dat op zich ook best goed, we zitten ook in een regionaal verband, dus het is ook logisch dat er andere opvanglocaties zijn. Maar het is ontzettend mooi dat wij straks in Haarlem deze voorziening, zo’n Oranjehuis, zelf hebben. Pgb's. Ja, u gaf aan: nou ja, dan moeten mensen wel door veel hoepels. Maar ja, daar hebben we het eerder ook wel over gehad. Het is wel belangrijk dat mensen echt die juiste zorg krijgen en dat je dus ook echt pgbvaardig bent, los van het feit dat wij natuurlijk heel veel in algemene voorzieningen hebben gemaakt, dus dat er ook veel minder noodzaak is om maatwerk of pgb's aan te vragen, denk ik dat het ook echt wel belangrijk is om juist mensen te beschermen die kwetsbaar zijn. En zo’n pgb, dat is … Ja, daar hebben we toch ook wel een aantal keer van gezien dat dat niet goed gaat en dat niet de juiste zorg wordt geleverd.

Dan geef ik denk ik daarna het woord aan mijn buurman. De voorzitter: Ja, met dan misschien de opmerking dat u al zei: we gaan met Buurts in gesprek. Dat klopt, dat gaat waarschijnlijk plaatsvinden op 24 september en dan hoop ik dat wethouder Van Leeuwen het goede voorbeeld gaat geven en dat hij snel en puntig antwoordt. Wethouder Van Leeuwen: Ja, er zijn natuurlijk heel veel vragen en we hadden kunnen zeggen: we hebben het over afgelopen jaar en ik ga niet vooruitkijken. Nou, dat doen wij stiekem toch een beetje, omdat u dat als commissie wil met uw goedvinden als voorzitter. Nog aanvullend over de vrijwilligers, over de sportclubs. Want wij zitten hier ook namens natuurlijk collega De Raadt. Ook Sportsupport ondersteunt dus de specifieke sportvereniging nog, met een aanpak met … Ja, dat heet de clubkadercoach, dat heeft u ook als oudsportbestuur wel eens van gehoord. Die kijken welke aanpak helpt om die specifieke club te helpen. En daar zijn ook gewoon heel handige tips en tricks. Je had één leuke die ik vind om te noemen en dat gaat over diezelfde innovatieve ideeën. Vroeger had je een technische commissie of een beheercommissie, die elke tweede zaterdag van de maand bij elkaar kwam.

Ja, doe dat in een weekend, want mensen die vrijwilligerswerk willen doen, willen zich niet meer verbinden voor een heel jaar elke tweede zaterdag van de maand, maar vinden het wel leuk om een weekend met elkaar even dan tempo te maken op beheer. Dus die clubkadercoaches, die helpen echt om ook met praktische tips te kijken bij die sportverenigingen: hoe kan je in die veranderende samenleving, in die veranderende maatschappij, waarbij vrijwilligerswerk vaak veel meer incidenteel vorm krijgt, hoe kunnen we die dan helpen, meedenken met die sportclubs, met eigenlijk gewoon tips en trucs die ook op andere plekken al gewerkt hebben om dat met elkaar beter te doen. Dus daar wordt aan gewerkt. En tegelijkertijd, wat collega Van Loenen ook zei, het blijft en is wel een maatschappelijk probleem. Dan ga ik naar een aantal andere vragen die gesteld zijn. Dat biedt mij ook de kans, want kijk, zoals het altijd gaat met dit soort jaarverslagen, op een gegeven moment stolt de tekst. Over schoolverlaten en jeugdhulp, want het is inderdaad zo en dat heeft u kunnen zien. Schooljaar 2021-2022 waren er 616 nieuwe voortijdig schoolverlaters, maar, en dat krijg ik dus net mee, inmiddels zijn de cijfers van 2022-2023 binnen, dus van dat schooljaar, en dat zijn er 585. En dat zijn er alsnog 585 te veel, maar dat is eigenlijk wel beter dan de landelijke stijging die daarin zit.

Dat staat ook in het Jaarverslag, dat is nog steeds door gevolgen van Corona. En ook, dat noemt men groenpluk, de gunstige arbeidsmarkt. Dat scholieren verleid worden om zonder startkwalificatie wel al te beginnen met werk. Daar zijn ook, zeker voor sommige startfuncties op verschillende niveaus, worden goede salarissen geboden. En dan moeten we echt ons best doen met alle partners en daar hebben we het natuurlijk ook al bij de GR Vroegtijdig Schoolverlaten over gehad, met alle partners opletten: ga nu voor dat diploma, want als je eenmaal aan het werk bent, dan wordt het zo lastig.

10

Dus inderdaad een terecht probleem. De smiley staat ook op geel, zullen we erbij zeggen. Daar is echt nog wat te doen. Als we dan kijken naar jeugd. Ja, dat is eigenlijk een heel technisch antwoord, maar ook wel, die relateert zowel aan het betoog van D66 als aan GroenLinks. Ja, het Jaarverslag reageert op de begroting en reageert dus eigenlijk op de effecten en prestatie-indicatoren en de Doelenboom. Dat is allemaal de wat: wat gaan we bereiken? Niet hoe we dat bereiken. Dus ook even de vergelijking met, als collega Berkhout bij Beheer had gezeten over beheer en onderhoud. Dan staat er dus niets over de raamcontractpartners die het beheer en onderhoud in de stad doen, maar alleen of inderdaad het beeldkwaliteitsplan goed is. Dat zit hier eigenlijk ook zo in. De consortia perceel één, perceel twee, waar we het hier volgens mij met elkaar veelvuldig over hebben. Dat is dus inderdaad de hoe: hoe gaan we dit bereiken? Hier is het inderdaad: wat hebben we bereikt en wat hebben we gedaan? Dus vandaar dat u daar niet veel over terugleest. Als u dat met elkaar anders wilt, dan is ook inderdaad de vraag: hoe neem je dat dan in de begroting op? Want ja, je gaat uiteindelijk rapporteren in de Jaarrekening en het Jaarverslag over de begroting.

Ja, in de huidige opzet zit het niet in de begroting en daar reageer je dus ook niet op en hebben we het daar volgens mij met elkaar hier wel vaak genoeg over hoe we daar onder de motorkap het proberen met elkaar goed te krijgen, want dat moet natuurlijk gewoon beter. Als we het dan nog hebben over: hoe kijken we nu naar creatieve ideeën? Ja, ik snap uw behoefte aan grip en inzicht hierin en ik denk ook dat het heel goed is om dat op een bepaalde manier met elkaar te delen. Tegelijkertijd wil ik ook wel laten zien, en ik denk dat veel van het mooie zowel in meerdere portefeuilles zich wellicht buiten uw blikveld of buiten uw perspectief plaatsvindt. Dus even als innovatief voorbeeld. We hebben ook samen met verschillende externe denkkrachten eigenlijk tussen onze beide portefeuilles in, van collega Van Loenen en ik, een project over het voorkomen van dakloosheid van jongeren, waarbij wij echt inderdaad op een innovatieve manier kijken: ja, hoe kunnen we die jongeren nu aan een kamer helpen? Mij ontschiet nu de naam van het traject, volgens mij heet het Kamers van Waarde. Daar heeft laatst ook een … Kamers met Aandacht, dat was het. Kamers met Aandacht. Er is ook een publicatie over geweest. Nou, dat is echt zo'n project dat wij vanuit een innovatieve manier als Haarlem met maatschappelijke partners vormgeven om dat verschil te maken.

Zo hebben we natuurlijk best meer en om daar samen met onze partners, en of dat dan voor de portefeuille van wethouder Van Loenen, Buurts is, of bij de jeugdhulppartners, die zowel in Buurts zitten voor jongerenwerk alsook natuurlijk de jeugdhulppartners, dus perceel één, perceel twee. Ja, hoe we daar met elkaar grip op kunnen krijgen en ook die inspiratie en ook ideeën kunnen maken, dat is denk ik een heel goede vraag die u vaker aanraakt: hoe hebben we nu dat goede gesprek met elkaar? Want dat loopt allemaal weg achter deze grote cijfers en meer algemene teksten. Maar er gebeuren al hele waardevolle dingen en daar kunnen we natuurlijk nog meer waardevolle dingen doen. Dus ik deel de behoefte en het lijkt me ook heel leuk om met elkaar na te denken wat voor een sessie daarvoor kan zijn. Met Buurts is hij al, maar ook op de portefeuille van Jeugd gebeuren echt al dat soort mooie dingen en daar is ook nog ruimte om dat nog meer te doen, want dat is natuurlijk ook wat we met elkaar willen, die zorginnovatie. Dat is ook wat van ons gevraagd wordt, wat in onze visie staat. Dus de behoefte snap ik, begrijp ik en ondersteun ik inderdaad ook van harte en dat is denk ik vooral ook even kijken met u als commissie, met ons als college en ook met de aanpalende organisaties wat een goede vorm is om daar met elkaar inderdaad die inspiratie, visie en ook goede ideeën al van te delen.

Want daar gebeurt ook al heel veel moois buiten uw blikveld. Tot zover denk ik, voorzitter. De voorzitter: Prachtig. Dat heeft u goed gedaan. Tweede termijn. Iemand nog het woord in de tweede termijn? De heer Trompetter namens de Actiepartij. De heer Trompetter: Nou, dat is alweer eigenlijk een beetje een nieuwe vraag, die gaat eigenlijk over of er nog steeds ambtenaren aanwezig zijn in sociale wijkteams om de lijnen kort te houden en hoe dat eigenlijk gaat?

11

De voorzitter: Uitstekend. De heer Baars namens de VVD. De heer Baars: Ja, dank u wel voorzitter. In ieder geval voor wat betreft de sportclub en vrijwilligers voldoende antwoord wat de VVD betreft. Voor wat betreft het schoolverlaten begrijp ik dat het fenomeen van groenpluk en Corona en ook dank u wel voor de laatste cijfers, blij dat het aantal schoolverlaters is teruggelopen, vinden we natuurlijk belangrijk. Er werd ook gezegd: ja, daar moet echt wat gebeuren, maar ik vraag me dan af: wat gaan we hieraan doen? Daar heb ik niet helemaal antwoord op gekregen in mijn beleving. Ook had de VVD gevraagd: er wordt een streefwaarde niet gehaald en is die streefwaarde dan te hoog of te laag, of zijn de resultaten gewoon echt ondermaats? En ik was nog steeds ook wel benieuwd, of de VVD is benieuwd, of er nu een verband is of een connectie is tussen educatie en schoolverlaten en complexe jeugdhulp, of daar nu een verband tussen is. Dus op het moment dat je langer op school blijft, dat je ook minder kans maakt op complexe jeugdhulp of überhaupt jeugdhulp. Die drie vragen had ik eigenlijk gesteld en misschien zijn ze beantwoord en is het bij mij erin geschoten, maar ik zou graag van de wethouder nog een kleine toelichting willen. De voorzitter: Anders commissieleden in de tweede termijn? Nee? Wethouder.

Wethouder Van Leeuwen: Ja, zal ik beginnen? Ja om te beginnen: daar kunnen we een avond over doorpraten. Dat hebben we recent ook al geprobeerd bij de Gemeenschappelijk Regeling Vroegtijdig Schoolverlaten. Ik kan een aantal aspecten aangeven. Het eerste is eigenlijk dat het natuurlijk een brede aanpak is, die zowel via de Gemeenschappelijke Regeling Vroegtijdig Schoolverlaten loopt. Dat gaat over een soort van zorgklas bij het NOVA College tot extra begeleiding bij de overstap. Dus er zitten tal van projecten in, die u ook daar in het Jaarverslag kunt lezen. Ook hier doen we natuurlijk in het onderwijs, dus heb ik recent ook met u besproken en ik zit al te kijken wat ook alweer het haakje daar was dat het langskwam. Volgens mij kreeg ik een vraag van u in het vragenuur van één van u? Nou, in ieder geval hebben we het gehad over dat er bij drie VO-scholen in Haarlem het initiatief loopt voor een soort van structuurklassen, oftewel nog wel onderwijs, maar in iets veiligere setting, iets kleinere setting, zodat kinderen onderwijs kunnen blijven genieten, niet uitvallen, maar met minder stress, minder regeldruk dat kunnen continueren. Wat u zegt de correlatie, die herken ik niet. We gaan nog met elkaar spreken ook eerst bij Bestuur de komende week, maar ook later met de raad over de GGD Gezondheidsmonitor.

En ook, heb ik ook al eerder gezegd: we zijn bezig met het team Aanpak Wachtlijsten Jeugdzorg, waarbij heel veel data-analyse zit, waar je gaat kijken naar de correlaties. Wat ik nu op hoofdlijn kan zien is dat je eigenlijk, ja sociaaleconomisch of opleidingsniveau of langer op de opleiding zit. Het gaat gewoon met heel veel jeugdigen slecht. En die stijging zie je eigenlijk bij jongens tussen de acht en de twaalf en bij dames tussen de twaalf en de achttien. Nou, daar wordt ook veel over gepubliceerd, ook in de landelijke media heeft u dat kunnen lezen, ook in het rapport van GGD Zuid-Kennemerland heeft u dat kunnen lezen. De correlatie, zoals u die aangeeft, die kennen wij nog niet. Wellicht zit er wel iets, maar de samenleving, het onderwijs heeft natuurlijk wel een belangrijke maatschappelijke rol om hier, ja die ziet die kinderen in hun ontplooiing, in het groeien het meest. Want ook dit college is natuurlijk voor eerlijke, gelijke kansen voor alle jongeren om zich zo goed en op hun eigen tempo, op hun eigen wijze te ontplooien. Maar ja, dit is toch voor een goed deel, en dat kunt u ook inderdaad natuurlijk zien in al die rapporten, een black box waar we met elkaar zoeken: ja, wat is nu … Er is niet één oplossing. Er zijn heel veel verschillende dingen. Het is de samenleving, het is Corona, het zijn de smartphones, het is prestatiedruk.

Nou, er zijn tal van maatschappelijke redenen. Zo kunnen we met elkaar nog doorgaan. Dus ik kan u als u geïnteresseerd bent een mooie publicatie van het Trimbosinstituut, die heeft een onderzoeksafdeling over de mentale gezondheid van jongeren en die hebben hier een hele mooie publicatie over wat er allemaal aan ten grondslag ligt. Maar het lijkt me ook van waarde om dat gesprek met elkaar te voeren en dan is even de vraag wat een passende vorm

12

is. Want het Jaarverslag, de Kadernota of de begroting is dan misschien niet de uitgelezen plek, voorzitter, want ik zie u al licht fronsend kijken naar mij. De voorzitter: Nee, ik denk ook niet dat dat precies de plek is om uitgebreide discussies te voeren, maar wel mooi altijd om even terug te kijken. Goed. Ja, wethouder Van Loenen. Wethouder Van Loenen: Ja, er werd een vraag gesteld over de wijkteams en de samenstelling. Nou ja, dat is nog best lastig te zeggen in de zin van dat er een advies is uitgevraagd, dat was ook de afspraak toen Buurts begon, een advies over inderdaad of de mensen die nu vanuit de gemeente in de wijkteams zouden moeten blijven of dat er een verschuiving zou moeten zijn. Dat advies, dat heeft een uitkomst gehad, waarbij er wordt gezegd: nou ja, het zou goed zijn om de Wmo-casemanagers en de mensen van SMSR, dus dat is de Schulden, Minima en Sociale Recherche, om die naar Buurts te laten verhuizen en wel de mensen van werk en inkomen vanuit de gemeente in de wijkteams te houden en ook een bepaalde soort brugfunctie te maken om er nog inderdaad zeker van te zijn dat dat wordt gewaarborgd. Nou, dat advies, dat ligt nu in de ambtelijke organisatie. Dat moet dus nog richting college, dus met het collegebesluit zal dat ook verder worden gebracht. Maar ja, ik heb daar dus ook nog niet over besloten. De voorzitter: Dat mag. De heer Trompetter.

De heer Trompetter: Dank u wel, voorzitter. En dan is de vervolgvraag of er ook iemand van afdeling Wmo en Voorzieningen dan daarbij zit, die ‘…’ met werk en inkomen. ‘…’ kunt meenemen in de gedachten daarover. Daar komen we dan nog wel over te spreken als u ons informeert, denken we, hoe het gaat zijn, voordat het gebeurt ook. Wethouder Van Loenen: Ja nou ja, voordat het gebeurt … Ik weet niet precies wat u daar helemaal mee bedoelt, maar het is natuurlijk zo dat er een hoop is veranderd in die Wmo, ook bijvoorbeeld indicatiestelling et cetera. Dus dat is volgens mij wel de reden geweest waarom het advies is ook: nou ja, dat zou beter gewoon in het wijkteam bij Buurts kunnen. Maar we zijn inderdaad wel aan het kijken, of iemand van de ambtelijke organisaties is aan het kijken: hoe hou je in ieder geval zeker de expertise scherp? Hoe hou je die brugfunctie tussen gemeente en wijkteam? Want daar blijven dus ambtenaren in zitten. Maar hoe versterk je die ook op de andere onderwerpen, waaronder Wmo? Dus volgens mij moet dat er gewoon in terugkomen wat … Ja, hebben we de juiste dienstverlening in de wijkteam straks? De voorzitter: Helemaal goed. U was klaar met uw tweede termijn beantwoording? Uitstekend, helemaal goed.

Toch nog een vraag, ja? De heer Trompetter: Meer een vraag aan u en de wethouder eigenlijk, of de wethouder ons wil informeren over de voortgang van het proces graag, van wat er nu aan het gebeuren is. Wethouder Van Loenen: Ja, er komt dus ook nog, het wordt nog voorgelegd aan het college, dus ik moet even kijken hoe we dat dan richting de raad brengen, maar ja, dus uiteindelijk wordt u daar ook over geïnformeerd. Ja. De voorzitter: Mooi, helemaal goed en dan kijken we te zijner tijd. Ja nee, uiteindelijk … zeker. Helemaal goed. Dan hebben we zo dit agendapunt voldoende behandeld. Dit wordt ook nog op 13 juni in een extra vergadering van de commissie Bestuur besproken, alvorens het dan vervolgens naar de raad komt.

13

Ter advisering aan de raad 7.

Zienswijze concept begroting Spaarne Werkt 2025 (DL)

7.1 Jaarrekening 2023 Spaarne Werkt De voorzitter: Gaan we door naar agendapunt 7, de zienswijze conceptbegroting van Spaarne Werkt. Technische vragen zijn gesteld door de VVD-fractie, maar voordat we daaraan gaan beginnen geven we weer even tijd voor change. Goed dames en heren, zoals al aangekondigd agendapunt 7, de begroting van het Spaarne Werkt is een punt ter advisering aan de raad, dus uiteindelijk concluderen we of het als hamerstuk, hamerstuk met stemverklaring of als bespreekpunt door kan. Punt 7 bespreken we tegelijkertijd met punt 7.1, de Jaarrekening. Mocht u daar opmerkingen, aanmerkingen bij hebben, dan kunnen die ook onder deze bespreking geplaatst worden. We voegen die twee dus samen. Aan wie mag ik het eerste het woord geven? Ja, de heer El Aichi namens het CDA. De heer El Aichi: Ja, dank u wel voorzitter. Spaarne Werkt staat aan het begin van een transitie richting een toekomstbestendig bedrijf. Deze transitie is noodzakelijk, gezien het aantal ontwikkelingen. Eén van die ontwikkelingen zijn dat de groep die onder de Wet sociale werkvoorzieningen valt neemt af en vergrijst. De toename van de groep Nieuw Beschut is kleiner dan de afname bij de WSW-groep en het aantal reintegratietrajecten is structureel lager dan in het meerjarenkaderprogramma is vastgesteld. Door deze ontwikkelingen ligt de bedrijfsvoering van Spaarne Werkt onder druk.

Het is van groot belang om de kwetsbare doelgroep te blijven helpen om werkzaam te zijn en te blijven, maar ook om dit op een financieel gezonde manier te doen. Dat vraagt om duidelijke keuzes. Gezien de ontwikkelingen van sociale ontwikkelingsbedrijven zijn de gemeentelijke bijdragen noodzakelijk om de begroting sluitend te krijgen. Mede door de gemeentelijke bijdrage laat Spaarne Werkt zien dat de begroting 2025 sluitend is. Wat het CDA betreft … Ja, wij vinden dit stuk redelijk positief. Wij staan positief tegenover de conceptbegroting 2025. Dank u wel. De voorzitter: En u ook dank. Mevrouw Wegman namens de Partij van de Arbeid. Mevrouw Wegman: Dank u wel, voorzitter. Ondanks dat de begroting sluitend is, zijn er enkele zaken waar we graag aandacht voor vragen. Eén van de zorgen is het beëindigen van de diverse activiteiten. Natuurlijk is deze keuze logisch, omdat we naar een financieel gezonde situatie willen, maar mijn vraag is wat het betekent voor werknemers … De voorzitter: Ho, wacht u heel even. Mevrouw Wegman, gaat u verder en excuus voor de onderbreking. Mevrouw Wegman: Kunt u ook niets aan doen, voorzitter. Waar was ik? Mijn vraag is wat dit betekent voor werknemers die nu in deze activiteiten werkzaam zijn? Dit omvat vaak een kwetsbare doelgroep, die misschien eindelijk wel fijn werk heeft gevonden. En verandering kan voor deze doelgroep ook wel lastig zijn.

Zijn er passende alternatieven en begeleiding beschikbaar voor hen? We willen graag in het transitieplan later lezen hoe dit precies wordt aangepakt, maar misschien kan de wethouder er nu ook al iets over zeggen. Daarnaast zijn er natuurlijk financiële onzekerheden. Wat als de Rijksmiddelen voor de transitiekosten niet toereikend blijken te zijn? We horen graag van de wethouder wat plan B is, zodat we voorbereid zijn op dit scenario. En als laatste, daar heeft het CDA het ook al over gehad, over de sociale ondernemingen. Wij willen oproepen om daar nog meer naar te kijken, naar dit soort samenwerkingen. Eerder hebben we ook al samenwerkingen als gemeente zelf, bijvoorbeeld met GAS een tijdje terug in de commissie gehad en dat heeft

14

laten zien dat dit tot goede resultaten kan leiden. Nou, we wachten even de antwoorden van de wethouder af en komen dan wellicht nog met een tweede termijn. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan de heer Trompetter namens de Actiepartij. De heer Trompetter: Dank u wel, voorzitter. Nou, in de aansluiting op het CDA en de PvdA ook nog wat opmerkingen. Het is helaas geen nieuws dat de beschermde werkvoorziening wordt afgebouwd, door de teruglopende bijdrage van het Rijk en anderzijds ook door minder mensen daarin. Het tekort is nu becijferd op 1,1 miljoen. Dat was vorig jaar 4,4 ton, waarvan 3,8 ton ten laste van de gemeente. Nu constateer ik wel dat de overheid ook in lijn wordt gebracht met de afnemende werkzaamheden. Het is wel te hopen voor de deelnemers en de medewerkers dat er goede vervolgoplossingen worden gevonden. Dus waar gaan die mensen dan heen en zo? Zijn er plannen om het werk wat nu wordt afgestoten, zoals Business Post, Parkeerbeheer en Fietsdepot, op een andere manier vorm te geven of hoe gaan we dat in de toekomst doen als dat nu wegvalt? Dank u wel. De voorzitter: U ook dank. Mevrouw Scholten namens Jouw Haarlem. Mevrouw Scholten: Dank u wel, voorzitter. Ja, een aantal dingen zijn al wel aangestipt, maar vinden wij ook erg belangrijk. Het afbouwen van de werksoorten Business Post, Parkeerbeheer en het Fietsdepot en het afstoten van restaurant De Ripper.

Nou, voor zover ons bekend gaat het met de restaurantfunctie via de Kloosterkeuken door, dus dat is prachtig. Maar wat we ons wel afvragen is wat er gaat gebeuren met de mensen die nu op de andere plekken werken en die eigenlijk een hele belangrijke bijdrage leveren aan onze Haarlemse samenleving? Wat gaat er gebeuren met parkeerbeheer van de fietsenstallingen en het fietsdepot? Raken de stallingen nu bijvoorbeeld onbeheerd? Er ligt een aangenomen motie voor fietsstewards en we kunnen de stallingen niet onbeheerd laten. Kunnen we dat combineren? Laten we de stallingen in ieder geval bemensen en de stewards dan ook goed inzetten. Dan over het fietsdepot. Dat brengt ook wel echt geld op. Kunnen we de mensen die er nu werken ook houden en ze een echte baan bieden, zodat ze ook een visitekaartje voor de stad kunnen zijn? Wat ons betreft maken we van de nood die wij zien en erkennen een deugd en kijken we of het mogelijk is deze mensen voor Haarlem in te huren en te behouden. Dank u wel. De voorzitter: Had u een interruptie, mevrouw El Bluny? Nee? Oké, dan was eerst de heer Van der Vliet namens de VVD. De heer Van der Vliet: Dank u wel, voorzitter. Laat ik als eerst de belangrijke rol van Spaarne Werkt in onze stad benadrukken. En bij deze belangrijke functie hoort ook goed financieel beleid.

Op dit moment kan de VVD eigenlijk nog niet instemmen met de begroting en dat heeft er eigenlijk mee te maken voornamelijk dat er geen continuïteitsplan ligt voor Spaarne Werkt. Jarenlang heeft de VVD hier al voor gepleit en nog steeds ligt er geen plan. Ik heb dit ook eerder deze week technisch uitgevraagd en daarin wordt aangegeven dat er aan het plan wordt gewerkt, maar dat die er nog steeds niet ligt. Wel bijzonder dat er verschillende werksoorten worden afgestoten, wat waarschijnlijk gaat leiden tot meer kosten voor Haarlem als gemeente. Dus wethouder, kunt u dit verklaren? Dan ook over de begroting. In de begroting staat natuurlijk dat de begroting sluitend is. Echter wordt ook benoemd dat er financiële onzekerheden zijn, waaronder een ‘…’, want dat is ook begrijpelijk. Maar bijvoorbeeld in de Jaarrekening lees ik dat in 2023 ook de begroting als sluitend werd beoordeeld, terwijl er achteraf een 650.000 euro negatief resultaat is bereikt. Daarnaast wordt rekening gehouden in de begroting met de krimp van de formatie, terwijl de kosten ook weer hoger uitvallen. Voor Haarlem ongeveer 1.8 miljoen meer ten opzichte van ’24. Wethouder, kunt u verklaren hoe we dit als sluitend kunnen beoordelen? En hoe houden we grip op de uitgaven? Dank u wel.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14294029/2