Transcript commissie Bestuur van 25 september 2025
Tekst van het document
Kijk, we zijn in 2023, begin 2023 hier, hebben we hier een gesprek gehad in de raad hoe te voldoen aan de Spreidingswet. Om te zorgen, dat we naar structurele opvanglocaties konden komen en onze bijdrage konden leveren aan de opvang die het Rijk ook ons vraagt. Dat is goed denk ik, ook omdat het gewoon stabiele locaties zijn. Dat is uiteindelijk denk ik beter voor de wijk, kan je meer maatregelen nemen. En ook niet onbelangrijk, veel goedkoper op dit moment. Werd al genoemd in, zitten asielzoeker in cruiseboten, in hotels. En dat is eigenlijk een situatie die we als land niet willen hebben. Vandaar ook, dat het Rijk de Spreidingswet heeft aangenomen. We hebben hier in maart discussie gehad in beslotenheid, ook in openbaarheid. En vanaf toen is eigenlijk De Dreef, Meesterlottelaan aangewezen als een van de twee locaties waarvan we als stad zeiden, dit zijn wat ons betreft goede locaties. En ik denk dat dat nog steeds zo is. Het was een leegstaand kantoorpand, had verder geen invulling. Het is een groot gebouw. Het is, ligt in een hele sterke wijk, een van de sterkste wijken van Haarlem. En ik denk dat dat ook wel belangrijk argument hier is geweest. Er werd genoemd over, had het dan in Schalkwijk gemoeten? Volgens mij niet, want dat is misschien juist een wat minder sterke wijk waarvan we zeggen, daar is het misschien ook wel goedkoper trouwens.
Maar waar we zeggen, we denken dat het goed is dat we ook kijken naar de wijken met veel draagkracht. Volgens mij was dat een heel goed proces, transparant. De voorzitter: Wethouder, u heeft een interruptie van mevrouw Jacobsz van OPH.
34
Mevrouw Jacobsz: Ik heb even een vraag, want heeft u het nu over Meesterlottelaan of over De Dreef nummer 40? De voorzitter: De heer Roduner. De heer Roduner: Het is een hoekpand, dus het is aan elkaar geknoopt. De voorzitter: Mevrouw Jacobsz. Mevrouw Jacobsz: Want Meesterlottelaan die ving toch al, werden toch al Oekraïners in opgevangen? Dus er was toch al iets met dat pand. De voorzitter: Wethouder Roduner. De heer Roduner: Zeker. Daar hebben we tijdelijke opvang van Oekraïners gehad, dus dat was tijdelijk. Dat liep ook af dus dat die, daarna zouden we weer met leegstand hebben gezeten. Dus volgens mij was dat een goed en duidelijk proces. Er zijn ook WOB-verzoeken gedaan, Woo-verzoeken geloof ik, die documenten. Voor zover ze niet op de site, de route te vinden zijn, zullen we nog een keer zorgen dat die er goed op staan. Maar er is verder ook niks geheimzinnigs aan. Het COA is inderdaad verantwoordelijk geweest voor de aanschaf van die locatie, hebben wij verder geen betrokkenheid bij gehad. Is ook echt hun verantwoordelijkheid. En misschien dat wel. Er wordt hier gesuggereerd door de heer Rademaker en ook door een inspreker, dat ik persoonlijk betrokken zou zijn geweest bij gesprekken over ik weet niet, het buurpand. Dat is denk ik echt, ik snap niet waar die verhalen dan vandaan komen. Het is absolute onzin. En ik vind het ook wel lastig, want ik zit hier ook maar.
Ik word hier daar van die kant worden echt best wel onaardige en gekke dingen gezegd, die niet waar zijn. Is lastig om je daartegen te verweren. Maar dat is blijkbaar ook hoe het tegenwoordig gaat en hoe de feiten worden verdraaid. De voorzitter: Wethouder, de heer Rademaker heeft zijn laatste twee seconden nodig voor een vraag, begrijp ik. Dus korte vraag. De heer Rademaker: Dus de wethouder zegt, dat de wethouder en of iemand anders van het college niet betrokken is geweest bij het gesprek met de eigenaar van pand van de Rabobank en het COA? De voorzitter: De heer Roduner. De heer Roduner: Ja, dat zeg ik. En ik heb ook nog even bij mijn ambtenaren gevraagd of er verder ambtenaren betrokken waren geweest bij die gesprekken en dat is niet zo. Dus dat is denk ik een heel helder antwoord. Ook van mij toch nog wel een positieve noot, want ik was zaterdag bij de Meesterlottelaan. En dan vind ik het toch wel bijzonder om te merken dat er, terwijl er rellen zijn in Den Haag over het asielbeleid en het Binnenhof wordt bestormd, wij een hele gezellige buurtpicknick hadden bij de Meesterlottelaan, waarin iedereen wat gebak had meegebracht. Ik had zelf een zak krentenbollen mee en waar buurtbewoners ook klaar stonden om te kijken, wat konden zij betekenen voor hun nieuwe buurtbewoners? En ik denk dat we trots op mogen zijn dat Haarlem zo is.
Ik hoop dat we daarmee een voorbeeld kunnen vormen van, hoe het zou kunnen zijn in het land. En ik denk, dat laat zien dat ook nieuwkomers in Haarlem een warm welkom hebben. De voorzitter: Dank u wel. We hebben nog twee minuten. Is een, de heer Wienen wil nog.
35
De heer Wienen: Ik begreep, mevrouw Klazinga die vroeg van, houd ons op hoogte. Wat wij doen, dat is dat wij iedere zes maanden een brief sturen, zoals u nu ook gehad hebt. En wat ik kan afspreken dat is, dat we in de volgende brief dat we dan ook even kijken naar de situatie van locaties. We lopen ze allemaal even langs en dan hoort deze er ook bij. Want ik vraag me af of het echt uw wens is en of het logisch is om te zeggen, we gaan nu op één locatie terwijl er echt een heleboel locaties zijn, maar op één locatie gaan we zeggen van, daar gaan we aparte rapportages van maken. Maar wat mij betreft zou ik ermee aan tegemoet willen komen door te zeggen, dan nemen we gewoon daar passage over op in die volgende informatiebrief. En als het nodig is omdat er iets gebeurt, dan gaat u natuurlijk eerder van ons horen. De voorzitter: Mevrouw Klazinga, wilt u nog wat zeggen? Mevrouw Klazinga: Ik had nog twee andere vrij concrete vragen. Namelijk, wat u vond van de oplossingen die door mijnheer Meijer werden aangedragen? En hoe het zit met het ondersteuningsteam van beveiligers? Of u daar iets in ziet om die ook hier net als bij maatschappelijke opvanglocaties, om die ook hier te betrekken? De voorzitter: We hebben nog één minuut om dit te beantwoorden.
De heer Wienen: Voor een deel denk ik dat even afgezien van de benamen, de benamingen, dat datgene wat gevraagd wordt, dat dat ook zit in de plannen die wij hebben. Het AOT. Daarvan denk ik dat op dit moment de afspraak over de inzet van handhaving veel relevanter is, want daar is een hele forse inspanning. Met vervolgens ook de afspraak, als het nodig is wordt dat verlengd, kan het nog een keer verlengd worden. En het is zeker mogelijk en daar zullen we dan ook wel naar kijken om daarna als we tot de conclusie komen, dat is allemaal niet meer nodig, om te zeggen van, dan is ook deze locatie een locatie waar het AOT ook naar kijkt. Zoals ook naar andere locaties kijkt op het moment, dat er iets aan de hand is. De voorzitter: Goed. Dank u wel. Dan zijn we hiermee aan het einde gekomen van de bespreking. Dit stuk gaat verder niet naar de raad. Het is hier voldoende besproken. Ik dank de wethouder en de burgemeester en de insprekers voor hun komst ook naar deze vergadering. We hebben nog wel een toezegging gehoord dus net over dat er een, bij de volgende rapportage een overzicht komt. Ik dank u allen hartelijk voor uw aanwezigheid. Over 10 minuten begint hier de vergadering van de commissie Ontwikkeling. Ik wens u verder een prettige avond en dank u wel.
36