Bijlage 1 Startnotitie incl PvE, KES en PvE-schets
Tekst van het document
7.3
Subsidies
Belangrijkste en meest kansrijke subsidies voor aanlegkosten van het project zijn weergegeven in tabel 7.1. Daarnaast is er een subsidie voor de instandhouding van een (groen) rijksmonument (de SIM) welke wellicht interessant is voor de periode na uitvoering. Deze is bestemd voor reguliere onderhoudskosten op basis van een 6-jarig onderhoudsplan. Er is in maart 2024 een voorgesprek geweest tussen gemeente Haarlem en de provincie Noord-Holland om te kijken naar subsidiemogelijkheden voor project de Kleine Houtweg.
Tabel 7.1 Belangrijkste en meest kansrijke subsidies voor project de Kleine Houtweg Thema
Regeling
Doelstelling
klimaatadaptatie
subsidie klimaatadaptatie voor fysieke uitvoeringsprojecten (UKNH22)
Noord-Hollandse gemeenten te stimuleren om uitgebreide maatregelen te nemen die de effecten van lastige maatregelen te nemen
mobiliteit
uitvoeringsregeling subsidie kleine infrastructuur Noord-Holland 2023 (KINH2023)
is het stimuleren van kleine infrastructuurprojecten die de verkeersveiligheid effectief, of die ertoe leiden dat het regionale fietsnetwerk wordt verbeterd, of waarmee doorfietsroutes worden gerealiseerd
29 | 33
Witteveen+Bos | 136108/24-007.495 | Definitief 04
Thema
Regeling
Doelstelling
mobiliteit
gemeenschappelijke Regeling Bereikbaarheid Zuid-Kennemerland
de regeling dient om de door de raden van de deelnemers (Bloemendaal, Haarlem, Heemstede en Zandvoort) genomen besluiten inzake samenwerking op het gebied van bereikbaarheid in onderlinge afspraken vast te leggen en aldus over een langdurige periode te borgen
erfgoed
provinciale regeling: restauratie Rijksmonumenten Noord-Holland, groene monumenten
stimuleren van het behoud van rijksmonumenten via restauratie dat publiektoegankelijk is
30 | 33
Witteveen+Bos | 136108/24-007.495 | Definitief 04
8 JURIDISCH 8.1
Eigendomsgrenzen
Voor het bekijken van de eigendomsgrenzen in het projectgebied is gebruik gemaakt van de open data van gemeente Haarlem (www.haarlem.nl/open-data). In de themalaag kadaster (BRK) - gemeente eigendom is te zien dat het projectgebied van Kleine Houtweg volledig in eigendom is van de gemeente Haarlem.
8.2
Vergunningeninventarisatie
In de definitiefase is een vergunningenscan uitgevoerd. Hieruit is gebleken dat voor uitvoering van het plan (zoals nu voorzien in de PVE schets) mogelijk in meerdere categorieën vergunningen verkregen dienen te worden. Een en ander kan verder gespecificeerd worden in de volgende fasen als het ontwerp verder is uitgewerkt en de (bouw)activiteiten beter te specificeren zijn. Een beknopt overzicht van benodigde publieksrechtelijke vergunningen, ontheffingen, beschikkingen en toestemming is weergegeven in tabel 8.1.
Tabel 8.1 Overzicht van mogelijke vergunningen, ontheffingen, beschikkingen en toestemmingen Categorie
Bevoegd gezag
Proceduretijd
binnenplanse omgevingsplanactiviteit
gemeente Haarlem
8 weken behandeltermijn of 6 maanden behandeltermijn als dit is aangewezen in de omgevingsweg en/of het omgevingsbesluit, op verzoek van de aanvrager of als het bevoegd gezag deze van toepassing verklaart
gemeente Haarlem
8 weken + 6 weken bezwaartermijn
sloopmelding
gemeente Haarlem
4 weken
omgevingsvergunning -
gemeente Haarlem
8 weken behandeltermijn + 6 weken bezwaartermijn
omgevingsvergunning omgevingsplanactiviteit gemeentelijke monumenten
gemeente Haarlem
8 weken behandeltermijn + 6 weken bezwaartermijn
omgevingsvergunning Waterschapsverordening met betrekking tot een grondwateronttrekkingsactiviteit
Rijk/Waterschap/Hoogheemraadschap
8 weken behandeltermijn + 6 weken bezwaartermijn
omgevingsvergunning - (technische) Bouwactiviteit
Rijksmonumentactiviteit
31 | 33
Witteveen+Bos | 136108/24-007.495 | Definitief 04
Categorie
Bevoegd gezag
Proceduretijd
omgevingsvergunning - Natura 2000activiteit
provincie of Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) bij een activiteit van nationaal belang (artikel 4.12, lid 2 Omgevingsbesluit)
6 maanden behandeltermijn + 6 weken beroepstermijn
omgevingsvergunning - flora en fauna activiteit
provincie of Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) bij een activiteit van nationaal belang (artikel 4.12, lid 3 Omgevingsbesluit)
8 weken behandeltermijn + 6 weken bezwaartermijn
omgevingsvergunning Omgevingsplanactiviteit kappen
gemeente Haarlem
8 weken behandeltermijn + 6 weken bezwaartermijn
verkeersbesluit
wegbeheerder
8 weken behandeltermijn + 6 weken bezwaartermijn
asbestmelding
inspectie Leefomgeving en Transport
4 weken
instemmingsbesluit of vergunning kabels en leidingen
in afstemming met netbeheerders
8 weken behandeltermijn + 6 weken bezwaartermijn
maatwerkvoorschriften geluid- en trillinghinder (uitvoering)
gemeente
8 weken behandeltermijn + 6 weken bezwaartermijn
melding - Milieubelastende activiteit toepassen van bouwstoffen (uitvoering)
gemeente
1 tot 4 weken
verkeersbesluit (tijdelijk, uitvoering)
wegbeheerder
8 weken behandeltermijn + 6 weken bezwaartermijn
bouwplaats (uitvoering)
32 | 33
Witteveen+Bos | 136108/24-007.495 | Definitief 04
9 PLANNING EN VERVOLG Met het vaststellen van deze startnotitie is de definitiefase afgerond. Na de definitiefase gaat het project over naar de ontwerpfase en vervolgens de voorbereidingsfase en realisatiefase. Zie afbeelding 9.1 voor de planning van het vervolg van het project.
Afbeelding 9.1 Planning vervolg herinrichting Kleine Houtweg
Tabel 9.1 Planning herinrichting Kleine Houtweg Fase
Tussenresultaten/ producten
Bevoegdheid
Planning
definitie
startnotitie inclusief Programma van Eisen en schetsontwerp
raad
Q2 2024
ontwerp
participatie vrijgave Voorlopig Ontwerp (VO) inspraak vaststellen Definitief Ontwerp (DO)
bespreken in CIE
Q3 2024 Q1 2025
raad
Q4 2025
voorbereiding
uitvoeringsontwerp (UO), aanvragen vergunningen en opstellen uitvoeringscontract
Q1-Q3 2026
realisatie
uitvoering werkzaamheden
Q3 2026 - Q2 2027
33 | 33
Witteveen+Bos | 136108/24-007.495 | Definitief 04
Bijlage(n)
I BIJLAGE: PROGRAMMA VAN EISEN
Witteveen+Bos | 136108/24-007.495 | Bijlage I | Definitief 04
Meer ruimte voor monumentaal groen Herinrichting Kleine Houtweg Programma van Eisen
Gemeente Haarlem 24 mei 2024
Project
Opdrachtgever
Document Status Datum Referentie
Projectcode Projectleider Projectdirecteur
Auteur(s) Gecontroleerd door Goedgekeurd door
Meer ruimte voor monumentaal groen Herinrichting Kleine Houtweg Gemeente Haarlem
Programma van Eisen Definitief 03 24 mei 2024 136108/24-007.500
136108 T.S. Raap BSc Ir. R.P.N. Pater
M.B. Asbroek BSc T.S. Raap BSc T.S. Raap BSc
Paraaf
Adres
Witteveen+Bos Raadgevende ingenieurs B.V. Leeuwenbrug 8 Postbus 233 7400 AE Deventer +31 (0)570 69 79 11 www.witteveenbos.com KvK 38020751
Het kwaliteitsmanagementsysteem van Witteveen+Bos is gecertificeerd op basis van ISO 9001. © Witteveen+Bos Niets uit dit document mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt in enige vorm zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van Witteveen+Bos noch mag het zonder dergelijke toestemming worden gebruikt voor enig ander werk dan waarvoor het is vervaardigd, behoudens schriftelijk anders overeengekomen. Witteveen+Bos aanvaardt geen aansprakelijkheid voor enigerlei schade die voortvloeit uit of verband houdt met het wijzigen van de inhoud van het door Witteveen+Bos geleverde document.
INHOUDSOPGAVE
1
INLEIDING
5
1.1
Projectomschrijving
5
1.2
Scope rapportage
5
1.3
Doelstelling rapportage
7
1.4
Procesbeschrijving
7
1.5
Leeswijzer
9
2
SYSTEEMANALYSE
10
2.1
Objectenboom
10
2.2
Topeisen
11
3
EISEN UIT BELEID EN PARTICIPATIE
12
3.1
SOR 2040
12
3.2
HIOR Haarlem
13
3.3
Mobiliteitsbeleid
14
3.4
Omgevingsvisie 2045
14
3.5
Ecologisch beleidsplan
15
3.6
Groen beleidsplan
16
3.7
Geveltuintjes beleid
17
3.8
Aanvullende eisen
18
4
ONDERZOEKEN
22
4.1
Archeologie
22
4.2
Quickscan Flora en Fauna
23
4.3
Parkeerdrukonderzoek en verkeerstelling
24
4.4
Vooronderzoek bodem
26
4.5
Verkennend onderzoek bodem
27
4.6
Bomeninventarisatie
27
4.7
Kabels & leidingen
28
5
GROENVOORZIENINGEN
29
5.1
Bestaande situatie
29
5.2
Ontwerpadvies
29
6
WEGINFRASTRUCTUUR
31
6.1
Huidige situatie
31
6.2
Ontwerpadvies
32
6.2.1 6.2.2
32 35
Noordelijk deelgebied Zuidelijk deelgebied
7
RIOLERING
39
7.1
Huidige situatie
39
7.2
Aanvullende uitgangspunten
39
7.3
Ontwerpadvies
40
8
VRAAGSTUKKEN EN CONCLUSIE
41
8.1
Vraagstukken
41
8.2
Conclusie
42
Laatste pagina
43
1 INLEIDING 1.1
Projectomschrijving
De Kleine Houtweg is op meerdere fronten toe aan groot onderhoud. Vanuit de domeinen riool/water, verharding en groen zijn diverse ingrepen voorgesteld om de openbare ruimte weer op het gewenste kwaliteitsniveau te brengen. Het groot onderhoud zal ook gebruikt worden om de openbare ruimte in te richten naar het vigerende beleid van de gemeente Haarlem. Zo zullen thema’s als mobiliteit, klimaatadaptatie, biodiversiteit en ruimtegebruik opnieuw tegen het licht gehouden worden bij het maken van de PVE schets. Doelstelling herinrichting Het doel van het project is op te delen in de onderstaande punten: - het verbeteren van de verkeersveiligheid voor automobilisten, fietsers en (overstekende) voetgangers; - het versterken van de fietsmobiliteit; - het behouden en waar mogelijk versterken van historische structuren van de rijksmonumenten de Haarlemmerhout en het Frederikspark (voor zover gelegen binnen het projectgebied); - het beschermen en versterken van de (bestaande) groenstructuur; - het vergroten van de klimaatbestendigheid van het gebied door het inpassen van klimaatadaptatiemaatregelen; - het versterken van de biodiversiteit.
1.2
Scope rapportage
Dit programma van eisen (PvE) is onderdeel van de definitiefase van het HCPP. In de definitiefase zijn de uitgangspunten en randvoorwaarden verzameld en vertaald naar een PvE. Hiervoor zijn beleidsstukken bekeken en klant-eis gesprekken (KES) gevoerd met stakeholders.
5 | 43
Witteveen+Bos | 136108/24-007.500 | Definitief 03
Afbeelding 1.1 Projectscope in de omgeving
De projectgrens van het gebied is weergegeven in afbeelding 1.2. Vanwege de verschillende karakters van het gebied ten noorden en ten zuiden van de N205 Kamperlaan wordt in het project onderscheid gemaakt tussen deelgebied noord en deelgebied zuid (zie afbeelding 1.3). Deze verwijzing komt regelmatig terug in de diverse rapportages.
6 | 43
Witteveen+Bos | 136108/24-007.500 | Definitief 03
Afbeelding 1.3 Grens projectgebied (rood)
1.3
Afbeelding 1.2 Deelgebieden project
Doelstelling rapportage
Dit Programma van Eisen (PvE) is een resultaatsproduct van de definitiefase conform het Haarlems Civiel Planproces (HCPP). Het doel van deze rapportage is de vastlegging van uitgangspunten en randvoorwaarden voor het ontwerp.
1.4
Procesbeschrijving
Project fases In afbeelding 1.4 is de procesbeschrijving weergegeven. Hierbij wordt gewerkt van grof naar fijn en worden de stappen gevolgd zoals beschreven in het Haarlems Civiel Plan Proces (HCPP) voor een project met veel impact. Het opstellen van het programma van eisen behoort bij de definitiefase in het HCPP. De fasen waarin het SO, VO en DO worden opgesteld, behoren tot de ontwerpfase conform het HCPP.
7 | 43
Witteveen+Bos | 136108/24-007.500 | Definitief 03
Afbeelding 1.4 Proces
Politiek proces Conform het Haarlems Civiel Plan Proces (HCPP) wordt de politiek betrokken in het ontwerpproces. Dit PvE wordt opgesteld conform het HCPP. Het PvE zal daarom ter vaststelling voorgelegd worden aan de staf, het college en de raad. In de volgende fase wordt het Voorlopig Ontwerp vrijgegeven voor inspraak door het college en vervolgens vastgesteld door de raad. Participatie Conform het HCPP worden in de ‘definitiefase’ de uitgangspunten en randvoorwaarden nader verkend en vertaald naar een eisenverzameling (klanteisen en programma van eisen) en een schets. Mogelijke dilemma’s die hierbij naar voren komen worden vertaald in varianten en daartussen wordt een keuze gemaakt. Onderstaande paragrafen bevatten de participatie voor de definitiefase: Versturen brief over start project en opzetten projectpagina In het najaar van 2023 worden er onderzoeken uitgevoerd in het projectgebied. Om bewoners hiervan op de hoogte te stellen is een brief verstuurd. Hierbij wordt ook beknopt de doelstelling van het project beschreven. Daarbij moet er ook een projectpagina opgestart worden. Ophalen wensen bij stakeholders De tweede stap is het ophalen van wensen bij stakeholders. Beleid schrijft een aantal zaken voor. Wij gaan bij de stakeholders na of zij aanvullende en/of tegenstrijdige wensen hebben. De stakeholders in tabel 1.1 worden in de definitiefase benaderd.
Tabel 1.1 Te benaderen stakeholders in definitiefase Stap
Met wie
Communicatiemiddel
1
wijkraden Welgelegen en Zuiderhout Vredenhof
mailcontact
2
fietsersbond
een-op-een-gesprek
3
evenementen organisatie (gemeente, onder andere bevrijdingspop)
een-op-een-gesprek
4
verkeerspolitie Haarlem
een-op-een-gesprek
6
platform Groen
mailcontact (ook via adviescommissie)
7
kabels en leiding partijen
K&L overleg
8
adviescommissie Haarlemmerhout en Frederikspark
een-op-een-gesprek
9
provincie Noord-Holland
een-op-een-gesprek
8 | 43
Witteveen+Bos | 136108/24-007.500 | Definitief 03
Stap
Met wie
Communicatiemiddel
10
BBOR (verkeersadviseur, groenadviseur, etc.)
een-op-een-gesprek
11
Rijksdienst Cultureel Erfgoed (RCE)
een-op-een-gesprek en projectbezoek
12
beheervereniging Mariastichting
een-op-een-gesprek
13
ondernemer Theehuis de Haarlemmerhout
mailcontact
Opstellen PVE, KES, Varianten en startnotitie Er wordt een KES opgesteld welke wordt bijgevoegd in de startnotitie. Naar aanleiding van de opgehaalde wensen, beleid en ontwerpruimte worden één of meerdere schetsen met varianten opgesteld. Door de KES onderdeel te maken van de startnotitie worden de opgehaalde (tegenstrijdige) wensen en beleidsvoorschriften inzichtelijk en kan de commissie hierover een keuze maken. De KES is onderdeel van startnotitie die ook openbaar wordt. Voordat de deze openbaar wordt, wordt er contact opgenomen met de gesproken stakeholders over hun ingediende wensen en hoe hier in het project mee is omgaan. Daarbij wordt ook benoemd wanneer de startnotitie in de commissie of raad besproken wordt zodat eventuele inspreekbijdragen gedaan kunnen worden. Voor een uitgebreide omschrijving van de participatie in het project wordt verwezen naar de stakeholdersanalyse en participatiestrategie welke voor het project is opgesteld.
1.5
Leeswijzer
Dit programma van eisen (PvE) is een resultaatsproduct van de Definitiefase Conform het HCPP. In het volgende hoofdstuk wordt eerst een analyse van de Kleine Houtweg gemaakt waarin onderscheid wordt gemaakt in de verschillende objecten in het plan. Ook worden hier de topeisen geformuleerd die de opgave van het project vormen en de basis vormen voor de onderliggende eisen per object. Vervolgens worden de eisen vanuit beleid, onderzoeken en objecten geformuleerd. Er wordt afgesloten met een uitleg van de ontwerpafwegingen en een conclusie.
9 | 43
Witteveen+Bos | 136108/24-007.500 | Definitief 03
2 SYSTEEMANALYSE Dit hoofdstuk bevat een analyse van het systeem ‘Kleine Houtweg' waarin een objectenboom is opgenomen op basis van het technische programma van eisen (TPvE) van de gemeente Haarlem. De objectenboom wordt gebruikt om eisen, randvoorwaarden en uitgangspunten te alloceren. Vervolgens zijn de doelstellingen uit het plan van aanpak en het scopewijzigingsbesluit vertaald naar topeisen voor het project.
2.1
Objectenboom
Afbeelding 2.1 bevat de objectenboom van toepassing op het project op basis van de objectenboom uit het standaard TPvE van Haarlem.
Afbeelding 2.1 Objectenboom Kleine Houtweg
verhardingen groen spelen K&L Kleine Houtweg
water VRI afval en reiniging kunstwerken en oevers openbare verlichting
10 | 43
Witteveen+Bos | 136108/24-007.500 | Definitief 03
2.2
Topeisen
Tabel 2.1 bevat de topeisen van het project herinrichting Kleine Houtweg en zijn afgeleid uit de hoofddoelstellingen van het project. De topeisen bevatten de opgave van het project en vormen de basis voor de onderliggende eisen.
Tabel 2.1 Topeisen herinrichting Kleine Houtweg ID
Klanteis
Object
KE-001
Het ontwerp dient de verkeersveiligheid van weggebruikers te waarborgen en waar mogelijk te verbeteren.
alle objecten
KE-002
Het ontwerp dient de fietsmobiliteit noord-zuid te versterken.
alle objecten
KE-003
Het ontwerp dient de historische structuren van de rijksmonumenten de Haarlemmerhout en het Frederikspark te behouden en waar mogelijk te versterken.
alle objecten
KE-004
Het ontwerp dient de bestaande groenstructuur en hoofdboomstructuur te beschermen en waar mogelijk te versterken.
groen
KE-005
Het ontwerp dient de klimaatbestendigheid van het gebied te vergroten.
alle objecten
KE-006
Het ontwerp dient de biodiversiteit van het gebied te versterken.
alle objecten
KE-007
In het nieuwe beleid is de Kleine Houtweg aangewezen als wegcategorisering erftoegangsweg (ETW) met een maximumsnelheid van 30 km/u. De weg dient als zodanig te worden ingericht.
alle objecten
11 | 43
Witteveen+Bos | 136108/24-007.500 | Definitief 03
3 EISEN UIT BELEID EN PARTICIPATIE In dit hoofdstuk staan de uitgangspunten beschreven die volgen uit het beleid van de gemeente Haarlem en uit de gesprekken met stakeholders in de definitiefase (zie tabel 1.1) Vervolgens zijn op basis van de uitgangspunten eisen afgeleid, die bij de ontwerpfase voor toetsing gebruikt kunnen worden. De volgende beleidsstukken (inclusief bijlagen) vanuit de gemeente Haarlem, vormen input voor het PvE: - structuurvisie Openbare ruimte 2040; - HIOR Haarlem versie 20 oktober 2023; - mobiliteitsbeleid; - omgevingsvisie 2045; - ecologisch beleidsplan; - groenbeleidsplan; - bomenbeleidsplan; - participatiebeleid; - geveltuintjesbeleid. Daarnaast zijn er eisen van toepassing uit documenten die geen officieel gemeentelijk beleid zijn, maar die wel relevant zijn voor het project. Deze documenten zijn genoemd in hoofdstuk 3.8.
3.1
SOR 2040
Met de Structuurvisie Openbare Ruimte (SOR 2040) wordt de gemeente verdeeld in drie zones; de binnenstad, het centraal stedelijk gebied, en het stedelijk gebied. Het projectgebied is gecategoriseerd als stedelijk gebied, met de volgende richtlijnen vanuit de SOR: - de inrichting van de openbare ruimte nodigt uit om voor verplaatsingen in de wijk de fiets te pakken; - aantrekkelijke routes door de wijken brengen ook het buitengebied binnen handbereik van fietsers en voetgangers; - de ruimere opzet van de openbare ruimte biedt kansen voor uitbreiding van het waternetwerk en voor de berging van hemelwater; - de maatgevende snelheid is 30 km/u zodat een combinatie van fietsers en gemotoriseerd verkeer mogelijk is. Uitzondering zijn de HOV-assen en gebiedsontsluitingswegen voor gemotoriseerd verkeer; - bij voorkeur hebben kruispunten met verkeerslichten maximaal twee opstelstroken voor het autoverkeer. Ook hier geldt dat voor fietsers en voetgangers voldoende opstelruimte nodig is. De herinrichting van de Kleine Houtweg draagt bij aan het creëren van een gezonde aantrekkelijke leefomgeving door het toepassen van begroeiing en bomen. Dit sluit aan bij de ambitie voor een klimaatbestendige stad waarbij waterhuishouding en verkoeling door groen van belang zijn.
12 | 43
Witteveen+Bos | 136108/24-007.500 | Definitief 03
Tabel 3.1 Eisen afgeleid uit SOR 2040 ID
Klanteis
Object
KE-011
De inrichting van de openbare ruimte dient uit te nodigen om voor verplaatsingen in de wijk de fiets te gebruiken.
alle objecten
KE-012
Indien mogelijk dient het waternetwerk te worden uitgebreid en dient hemelwater geborgen te worden in het projectgebied.
alle objecten
KE-013
De maatgevende snelheid in de Kleine Houtweg is 30 km/u.
alle objecten
KE-014
Kruispunten met verkeerslichten hebben maximaal twee opstelstroken voor autoverkeer.
alle objecten
KE-015
Kruispunten met verkeerslichten hebben voldoende opstelruimte voor fietsers en voetgangers.
alle objecten
KE-016
Voor het toewijzen van ruimteclaims in de openbare ruimte dient gebruik gemaakt te worden van de afwegingsmethodiek uit de SOR.
alle objecten
3.2
HIOR Haarlem
Zeer recent zijn de 5 HIOR’s voor de verschillende delen van de stad geactualiseerd en teruggebracht tot 1 HIOR voor de hele stad Haarlem. Deze HIOR is recent vastgesteld en is voor dit project als uitgangspunt gebruikt. Het HIOR biedt principes en standaarden waarmee de openbare ruimte van Haarlem kan worden ingericht en beheerd met ruimtelijke kwaliteit. Deze principes en standaarden zijn de weerslag van een integrale afweging van het Haarlems beleid en bieden tegelijkertijd de mogelijkheid om binnen het project specifieke keuzes en afwegingen te maken. Terwijl er door de geboden ruimte voor flexibiliteit in het indicatief straatprofiel nog veel te kiezen valt binnen het project liggen aan een Haarlems ontwerp altijd vier basisuitgangspunten ten grondslag. Deze basisuitgangspunten zijn opgenomen als eisen in het PvE.
Tabel 3.2 Eisen afgeleid uit het HIOR ID
Klanteis
Object
KE-021
Opgaven en ruimteclaims in het ontwerp dienen integraal afgewogen te worden.
alle objecten
KE-022
Ingetogen en logische inrichting; eenheid, samenhang en continuïteit dienen terug te komen in het ontwerp.
alle objecten
KE-023
Reeds in de ontwerpfase dient rekening gehouden te worden met de drie-eenheid ontwerp, uitvoering en beheer.
alle objecten
KE-024
Objecten in de openbare ruimte (bushokjes, afvalcontainers, schakelkasten, fietsparkeervoorzieningen etc.) dienen weloverwogen geplaatst te worden.
alle objecten
KE-025
In alle straten wordt het HWA afgekoppeld, tenzij de straat 8 m of smaller is.
K&L
KE-026
In wijken waar volgens de transitievisie warmte een warmtenet zal komen dient bij de herinrichting van de ondergrond rekening te worden gehouden met de te verwachte benodigde kabels en leidingen ten behoeve van dit warmtenet.
K&L
KE-027
Indien voor een deel van het fietsnetwerk de afweging wordt gemaakt elementenverharding toe te passen (in gebieden met beschermd stadsgezicht en in sommige woonstraten) dan wordt voor een straatbaksteen met label EQ+ gekozen. EQ+ stenen zijn strak tegen elkaar aan te straten, met minimale voeg zodat trillingen minimaal zijn.
verhardingen
13 | 43
Witteveen+Bos | 136108/24-007.500 | Definitief 03
3.3
Mobiliteitsbeleid
Het mobiliteitsbeleid beschrijft dat bij herinrichtingen oude oplossingen als het verbreden of toevoegen van wegen en parkeerplaatsen geen toereikend antwoord meer biedt voor hedendaagse problematiek. Hierdoor moet worden ingezet op de mobiliteitstransitie. In het mobiliteitsbeleid wordt de Kleine Houtweg voor fietsers genoemd als ‘Hoofdnet’. De route maakt een noord-zuid verbinding tussen ‘Stedelijke Plusroute’ Gedempte Oude Gracht (noord) en de ‘Regionale Plusroute’ Zuiderhoutlaan (zuid). Het hoofdnet neemt een minder prominente plaats in dan de regionale- en stedelijke plusroutes. De categorisering ‘hoofdnet’ maakt dat er eisen voor fietsers gesteld worden aan de inrichting van het profiel. Bij 50 km/u wegen dienen altijd vrij liggende fietspaden aangelegd te worden. Ook dienen routes in het hoofdnet extra comfortabel voor fietsers te worden gemaakt, denk aan een fietsstraat of rijlopers in asfalt, in plaats van een standaard 30 km/u woonstraat profiel. Alleen als de lokale situatie daarom vraagt kan (binnen beschermd stadsgezicht) hiervan worden afgeweken. Het projectgebied is volledig gelegen binnen de grenzen van beschermd stadsgezicht. Tabel 3.3 Eisen afgeleid uit Mobiliteitsbeleid ID
Klanteis
Object
KE-031
Door aanleg van brede trottoirs en verbetering van de aantrekkelijkheid van wandelroutes (waarbij specifiek aandacht is voor sociale veiligheid van de routes, met name in de avonduren) dient voetgangersmobiliteit gestimuleerd te worden.
alle objecten
KE-032
In het hoofdnet fiets horen bij 50 km/u wegen altijd vrij liggende fietspaden. Ook overige routes in het hoofdnet dienen extra comfortabel gemaakt te worden, zoals een fietsstraat, of rijlopers in asfalt, in plaats van een standaard 30 km/u woonstraat profiel.
alle objecten
KE-033
Fietspaden, fietsstroken en fietsstraten worden in principe uitgevoerd in een gesloten verharding zonder oneffenheden (asfalt of beton). Alleen in het centrum en in het beschermd stadsgezicht kan daarvan worden afgeweken (de Kleine Houtweg valt hieronder).
verhardingen
KE-034
Fietsroutes zijn goed verlicht. Soms botst dit met uitgangspunten van andere domeinen. Voor deze routes wordt gezocht naar mogelijkheden waarbij de route wel beter zichtbaar wordt in de duisternis, maar er zo min mogelijk verstoring voor de omgeving optreedt.
openbare verlichting
KE-035
Er wordt ingezet op 30 km/u als standaardsnelheid in de stad. Dit kan als de intensiteit in de huidige situatie dermate laag (<6.000 motorvoertuigen/etmaal) is dat een herinrichting van 50 km/u naar een woonstraat 30 km/u mogelijk is.
alle objecten
3.4
Omgevingsvisie 2045
De omgevingsvisie is een brede integrale visie voor Haarlem en bouwt voort op een aantal al bestaande brede documenten, zoals de Structuurvisie Openbare Ruimte. In de omgevingsvisie wordt niets specifiek genoemd over de Kleine Houtweg of de Haarlemmerhout. Wel wordt het belang van diverse thema’s onderstreept welke ook voor project Kleine Houtweg van belang zijn.
Tabel 3-4 Eisen afgeleid uit Omgevingsvisie 2045 ID
Klanteis
Object
KE-041
Binnen tien minuten kunnen Haarlemmers te voet de belangrijkste dagelijkse voorzieningen bereiken, met de fiets de grotere stedelijke voorzieningen, of overstappen naar het regionale OV-netwerk.
alle objecten
KE-042
Er dient ruimte gecreëerd te worden voor klimaatadaptatie (groen, waterberging etc.) ten koste van ruimte voor de auto.
alle objecten
KE-043
Indien mogelijk dient de boezemwaterstructuur versterkt te worden door de aanleg van waterverbindingen of de verbreding van bestaande waterverbindingen. Deze verbindingen kunnen gecombineerd worden met groen en het tien-minuten netwerk.
water
14 | 43
Witteveen+Bos | 136108/24-007.500 | Definitief 03
ID
Klanteis
Object
KE-044
In Haarlem zijn verschillende plekken met grote ecologische waarde en een aantal plekken waar potentieel ecologische waarde aanwezig is. Deze plekken dienen met elkaar verbonden te worden om de ecologische waarde en daarmee de biodiversiteit te vergroten.
alle objecten
KE-045
Er moet nagedacht worden over de hergebruikmogelijkheden van de vrijkomende materialen bij het project .
alle objecten
KE-046
Er moet worden gezocht naar mogelijke verkoelingsmiddelen, bijvoorbeeld het planten van bomen en groen.
groen
3.5
Ecologisch beleidsplan
Het ecologisch beleidsplan is recent nog geactualiseerd en aangevuld. Een belangrijke bijlage van het ecologisch beleidsplan is het NNH (Natuur Netwerk Haarlem), de uitwerking van een robuust ecologisch netwerk. Het document geeft een goed overzicht waar waardevolle natuur aanwezig is en welke ontwikkelingskansen er liggen in de huidige groenstructuur. De grootste stap is de vertaling van uitgangspunten, via de gebiedseigenschappen naar maatregelen in de deelgebieden (versterking van de natuur, benoemen van verbindingen en wegnemen van barrières). De Kleine Houtweg bevindt zich aan de oostkant van één van de grootste ecologische hotspots van Haarlem, namelijk de Haarlemmerhout. Hieruit komen op projectniveau een aantal eisen naar voren in het ecologisch beleidsplan.
Tabel 3-5 Eisen afgeleid uit het ecologisch beleidsplan ID
Klanteis
Object
KE-051
Bij het vervangen en nieuw plaatsen van verlichting, indien verkeersveiligheid dit toelaat en het effectief is, overstappen naar een diervriendelijke variant.
openbare verlichting
KE-052
Het zuidelijk deel van de Kleine Houtweg is in de maatregelenkaart aangewezen als ‘te realiseren route EB’ als een oost-west verbinding.
alle objecten
KE-053
Als er zich kansen voordoen voor het verbeteren van een al redelijk goede ecologische kwaliteit moeten deze worden benut; bij slechte ecologische kwaliteit moet er altijd verbetering plaatsvinden.
alle objecten
KE-054
Groen dient in principe ecologisch ingericht en beheerd te worden. De inrichting en het beheer zijn dan ook niet alleen afgestemd op menselijke functies, maar ook op leefvoorwaarden van flora en fauna.
groen
KE-055
Voor projecten geldt het gebruiken van een afwegingskader op de ecologische impact van plannen (zie hiervoor bijlage 5 van ecologisch beleidsplan actualisatie 2019).
alle objecten
KE-056
Bij het aanplanten van groen dient gebruik gemaakt te worden van inheemse soorten. Indien met kiest voor niet-inheemse soorten moet hiervoor een goede onderbouwing zijn (bijvoorbeeld luchtvervuiling, fijnstof etc.). Het gebruik van uitheemse plantensoorten die invasief zijn op nationaal niveau of in en rond Haarlem dient vermeden te worden.
groen
KE-057
Oevers dienen waar mogelijk natuurvriendelijk ingericht en beheerd te worden (zie richtlijn natuurvriendelijke oevers bijlage 10 van ecologisch beleidsplan actualisatie 2019).
water
KE-058
Groenstroken langs de weg dienen bij voorkeur aansluitend te zijn (dus geen hoge stoepen of stoepranden).
alle objecten
15 | 43
Witteveen+Bos | 136108/24-007.500 | Definitief 03
3.6
Groen beleidsplan
Het Groenbeleidsplan 2030 van de gemeente Haarlem geeft invulling aan de strategische keuzes uit de Omgevingsvisie 2045 middels vier groenspeerpunten met concrete doelen, vertaald naar handvatten, en vier groene sporen. De speerpunten zijn als volgt: 1 naar een kwalitatievere, groenere woonomgeving; 2 naar een klimaatbestendige stad; 3 naar een meer bio diverse stad; 4 naar een groen bewustere stad. Binnen het projectgebied bevinden zich vele monumentale, cultuurhistorische en zeldzame bomen. De Kleine Houtweg is dan ook onderdeel van de hoofdbomenstructuur van de gemeente Haarlem. Omdat het behoud van de bestaande bomen een zeer belangrijk uitgangspunt is voor het nieuwe ontwerp is er voor het project een bomeninventarisatie uitgevoerd (zie ook hoofdstuk 4.5). De volgende aanvullende eisen zijn uit het groen beleidsplan afgeleid.
Tabel 3.6 Eisen afgeleid uit het groen beleidsplan ID
Klanteis
Object
KE-061
De vuistregel 3-30-300 dient nagestreefd te worden: vanuit elke woning zijn drie bomen te zien is 30 % aan openbaar groen als percentage van het totale oppervlak in de wijk aanwezig is in de nabijheid van 300 m van een woning een groen park of plantsoen toegankelijk
groen
KE-062
De groenstructuren in de stad dienen tot in de haarvaten van de wijk goed verbonden te zijn met het omringende landschap.
groen
KE-063
De inrichtingsplannen dienen rekening te houden met het behoud van het bestaande groen.
groen
KE-064
Er dienen heldere keuzes te worden gemaakt voor aantrekkelijk en duurzaam groen.
groen
KE-065
De richtnormen voor een duurzame standplaats dienen te worden gevolgd. De juiste boom op de juiste plek, met een groeiplaats afgestemd op boomgrootte.
groen
KE-066
Huidig groen oppervlak voor de (her)inrichting/reconstructie dient minimaal gelijk te zijn gebleven en/of in kwaliteit te zijn verbeterd (bijvoorbeeld kwalitatieve verbetering ten behoeve van onder- en bovengrondse groeiomstandigheden van bomen).
groen
KE-067
Stadsparken binnen het robuust netwerk aan groenstructuren dienen niet verder bebouwd of verhard te worden.
groen
KE-068
De Kleine Houtweg is onderdeel van de hoofdbomenstructuur van Haarlem. Deze dient behouden en waar mogelijk versterkt te worden.
groen
KE-069
De overgang van Kleine Houtweg naar Vijverlaan wordt gezien als een ontbrekende schakel in de hoofdbomenstructuur. Mogelijkheid voor vergroening dient hier onderzocht te worden
groen
16 | 43
Witteveen+Bos | 136108/24-007.500 | Definitief 03
Afbeelding 3.1 Hoofdbomenstructuur Haarlem met rode cirkel Kleine Houtweg. Bron: groenbeleidsplan
3.7
Geveltuintjes beleid
Er is gemeentelijk beleid dat invulling geeft aan de spelregels die gelden bij de aanleg van geveltuintjes. In principe mogen geveltuinen in elke straat worden aangelegd, met uitzondering van winkelstraten, bij terrassen of andere uitstallingen. De volgende eisen uit het geveltuintjes beleid zijn van toepassing.
Tabel 3.7 Eisen afgeleid uit het geveltuintjes beleid Haarlem ID
Klanteis
Object
KE-071
De geveltuin mag maximaal 60 cm breed zijn en heeft maximaal de gevellengte van de woning of het gebouw.
groen
KE-072
Een geveltuin mag maximaal 30 cm diep gegraven zijn.
groen
KE-073
Het trottoir moet breed genoeg blijven. De doorgang moet na aanleg van de geveltuin minimaal 1,50 m blijven, ook als er paaltjes en bomen zijn.
verhardingen
KE-074
Het is verplicht de geveltuin aan te leggen met een opstaand randje (kantopsluiting) om verzakking van de stoeptegels te voorkomen.
verhardingen
17 | 43
Witteveen+Bos | 136108/24-007.500 | Definitief 03
ID
Klanteis
Object
KE-075
Openbare verlichting en toebehoren (zoals electriciteitskastjes) moeten zichtbaar en bereikbaar blijven.
openbare verlichting
KE-076
Geveltuinen mogen in elke straat worden aangelegd, met uitzondering van winkelstraten, bij terrassen of andere uitstallingen.
groen
KE-077
Bomen, breed groeiende struiken en vijvers zijn niet toegestaan. Deze kunnen schade toebrengen aan gebouwen, kabels en leidingen.
groen
3.8
Aanvullende eisen
In dit hoofdstuk worden alle aanvullende eisen omschreven die niet uit het gemeentelijk beleid komen, maar wel relevant zijn voor het project. Deze eisen komen onder andere van diverse stakeholders dus het is mogelijk dat eisen elkaar tegenspreken. In de KES lijst (welke is bijgevoegd als bijlage van de kaderstellende startnotitie) is toegelicht wat het honoreringsbesluit is per eis. Brondocumenten voor de aanvullende eisen zijn: - beheerplan Haarlemmerhout en Frederikspark 2023-2033; - technisch programma van eisen (TPvE) Gemeente Haarlem; - beleidsnotitie; Afweging 30 km/u Haarlem d.d. 1 november 2023; - cultuurhistorisch onderzoek & visie voor de Haarlemmerhout (Copijn, maart 2008); - eisen uit gesprekken met medewerkers BBOR Gemeente Haarlem (Beheer Beleid Openbare Ruimte) - eisen uit gesprekken met diverse stakeholders (zie tabel 1.1).
Tabel 3.8 Aanvullende eisen ID
Klanteis
Object
KE-081
Bij nieuw ontwerp dient goed gekeken te worden naar de bestaande wortelzones. Deze mogen niet beschadigd raken. Nieuw wegprofiel dus zoveel mogelijk positioneren boven de bestaande fundering.
alle objecten
KE-082
Kans om te vergroenen op het pleintje bij Kleine Houtweg huisnummer 85 t/m 99 dient onderzocht te worden.
groen
KE-083
De Kleine Houtweg is als laanstructuur altijd onlosmakelijk van De Hout geweest, maar kent in haar huidige gedaante een matige relatie met De Hout. De Kleine Houtweg dient op inrichtingsniveau hersteld te worden, waarbij de toegang tot de Kleine Hout verder ontwikkeld dient te worden.
alle objecten
KE-084
De laanstructuur van de Kleine Houtweg dient versterkt te worden.
groen
KE-085
De relatie met de Kleine Hout dient versterkt te worden door de randen deels te openen.
alle objecten
KE-086
De uitstraling van de Kleine Houtweg dient te verbeteren met elementenverharding; nieuwe verbeterde recreatieve kern van de Kleine Hout dient toegankelijk gemaakt te worden vanaf de Kleine Houtweg.
groen
KE-087
Mantel- en zoombegroeiing langs de Kleine Hout dient versterkt te worden en de bermbegroeiingen van de lindelanen dient hierbij betrokken te worden. Rijk bloeiende kruiden als dagkoekoeksbloem, fluitenkruid, gewone berenklauw, margriet en voorjaarszonnebloem dienen gestimuleerd te worden. De aanwezigheid van dagvlinders is hierbij een kwaliteitscriterium.
groen
KE-088
Herstel (oude) lanen met monumentenstatus door inboet, verbetering groeiplaats, gefaseerde renovatie en aansluiten van de structuren binnen het park.
verhardingen
KE-089
Creëren van bezoekluwe delen is voor planten en diersoorten van toegevoegde waarde. Spontaan ontstane ‘olifantenpaadjes’ maar ook andere aanwezige paden dienen te worden beoordeeld op wenselijkheid in een ‘padenplan’.
verhardingen
KE-090
De entree van de Haarlemmerhout gelegen tegenover de Kleine Houtweg 131 en 133 wordt meerdere keren per jaar gebruikt voor de aanvoer van materiaal ten behoeve van evenementen. Het grootste evenement is bevrijdingspop. Aanvoer gebeurt met grote
verhardingen
18 | 43
Witteveen+Bos | 136108/24-007.500 | Definitief 03
ID
Klanteis
Object
opleggers. De voertuigen rijden aan de Dreefzijde weer het park uit. De aanvoerroute dient toegankelijk te blijven in het nieuwe ontwerp of er dient een alternatieve route te zijn voorzien zodat toegankelijkheid is geborgd. KE-091
De parkeergarage van de Mariastichting dient tijdens de werkzaamheden toegankelijk te zijn/blijven.
verhardingen
KE-092
De parkeergarage van de Mariastichting dient in het nieuwe ontwerp toegankelijk te blijven.
verhardingen
KE-093
De Bellevuelaan dient toegankelijk te zijn voor verhuiswagens. Rekening houden met bochtstralen (vanaf de Kleine Houtweg) in het ontwerp.
verhardingen
KE-094
De beheervereniging Mariastichting ondervindt hinder van verzakking van bestratingsmateriaal bij de entree van de parkeergarage. De bestrating ligt op terrein van de Gemeente Haarlem. Wellicht kan hier in het nieuwe ontwerp iets aan gedaan worden.
verhardingen
KE-095
Het ontwerp dient te voorzien in veilige oversteekplekken die aansluiten op het ontwerp van het park.
alle objecten
KE-096
Verzoek om te onderzoeken of de invalideparkeerplaats ter plaatse van Theehuis de Haarlemmerhout behouden kan blijven.
verhardingen
KE-097
In het nieuwe ontwerp dient aandacht te zijn voor laden en lossen ter plaatse van Theehuis de Haarlemmerhout.
verhardingen
KE-098
Verzoek om te onderzoeken of er mogelijkheden zijn voor elektrische laadpalen voor fietsen bij de Haarlemmerhout, en om deze in te passen in het ontwerp.
alle objecten
KE-099
Het projectteam neemt de RCE mee in alle fases van het project en houdt hen geïnformeerd. De volgende fase dat input van RCE gewenst is, is bij het SO.
alle objecten
KE-100
Probeer met iedere ingreep bij te dragen aan het herstel van het beeld van de historische laanstructuur.
alle objecten
KE-101
Probeer de eenheid van de Kleine Houtweg/laan te versterken en sluit qua inrichting en ontwerp goed aan op aansluitende tracés.
alle objecten
KE-102
Breng de huidige situatie goed in beeld, en doe onderzoek. Zeker ook m.b.t. de bomen. Denk aan: soorten, plantverband, conditie, ouderdom, historische waarde, toekomstwaarde, groeiverwachting etc. Kennis is de basis voor de keuzes die straks gemaakt moeten worden.
groen
KE-103
Onderzoek het hoogteverschil van de Kleine Houtweg en breng dit in kaart. Het hoogteverschil is (zeer vermoedelijk) een historisch gegeven en draagt bij aan de laanbeleving, ruimtelijke kwaliteit en afwatering en markeert het onderscheid tussen laan en parkaanleg. Dit is iets om mee te nemen in de nieuwe inrichting. Voorkom dus een plat tracé.
alle objecten
KE-104
Probeer waar mogelijk verkeersstomen (fiets-brom-auto) te bundelen op een centrale verkeersbaan en te scheiden van voetgangers (dus bij voorkeur geen separaat fietspad buiten het historische tracé).
alle objecten
KE-105
Wandelpaden aan weerszijden hebben de voorkeur en kunnen bijdragen aan goede koppeling tussen de Kleine Houtweg en aangrenzende monumenten en parkaanleg.
verhardingen
KE-106
Voor wandelpaden heeft een semi-verharding (padvast/schelpen) de voorkeur boven een asfaltverharding. Dit past beter in de historische context, markeert het onderscheid met gemotoriseerd verkeer en draagt bij aan de klimaatadaptatie.
verhardingen
KE-107
Probeer qua materiaal en kleur een eindbeeld te creëren dat past binnen een historische groenaanleg en deze niet domineert. Het groen is de dominante factor, de inpassing van de verkeersroute moet zich daar naar voegen.
alle objecten
KE-108
Breng de huidige verrommeling in kaart en probeer dit op te lossen in de nieuwe inrichting (parkeren, signalering, afwisseling verhardingen, paaltjes etc.).
alle objecten
KE-109
Neem bebording en verlichting mee in het ontwerp (opruimen wat weg kan).
alle objecten
KE-110
Denk niet in standaard oplossingen bij elementverharding of snelheidsbeperkende maatregelen. Wellicht biedt de (cultuur)historie passende en bijzondere oplossingen.
verhardingen
KE-111
Probeer zichtlijnen op bijzondere bouwwerken langs de route en richting de Haarlemmerhout in beeld te brengen en vrij te maken/houden en of te benadrukken in de nieuwe inrichting.
alle objecten
19 | 43
Witteveen+Bos | 136108/24-007.500 | Definitief 03
ID
Klanteis
Object
KE-112
Probeer aanpalende eigenaren mee te nemen en onderzoek of er rondom de erfgrens ingrepen mogelijk zijn die de ruimtelijke kwaliteit en eenheid verbeteren.
alle objecten
KE-113
Laat een onafhankelijk flora en fauna onderzoek doen naar de laanbeplanting.
alle objecten
KE-114
Onderzoek de mogelijkheden, gevolgen en kosten voor het verplaatsen van de bomen, mocht dit straks nodig/wenselijk zijn.
groen
KE-115
Bekijk referentieprojecten zoals de Maliebaan in Utrecht (https://www.utrecht.nl/wonen-enleven/verkeer/verkeersprojecten/maliebaan-verbeteren-straat/) en de Velperweg in Arnhem (https://www.erfgoeddeal.nl/projecten/wonen-en-mobiliteit/renaissance-velperweg-arnhem) contact: k.flore@arnhem.nl; Zie ook: https://www.cultureelerfgoed.nl/onderwerpen/groenerfgoed.
alle objecten
KE-116
Herstel van cultuurhistorie en klimaatadaptatie gaan vaak heel goed samen bij keuzes voor verhardingstype, beplantingssoorten, herstel historische waterstructuren voor opvang piekbelasting, wadi’s etc.
alle objecten
KE-117
Onderzoek de mogelijkheden voor de restauratiesubsidie bij de Provincie Noord-Holland.
alle objecten
KE-118
Wellicht is ook de instandhoudingssubsidie interessant (SIM). Deze moet echter door de eigenaar (gemeente) aangevraagd worden en geldt voor een termijn van 6 jaar (gericht op instandhouding). Wellicht is dit ook al gedaan. Wat is instandhoudingssubsidie en voor wie is het bedoeld? | Subsidie instandhouding rijksmonumenten | Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.
alle objecten
KE-119
Voorkeur voor de variant met vrij liggend fietspad. Verzoek van de fietsersbond om te onderzoeken of deze variant beter ontworpen kan worden ter plaatse van de aansluitingen bij de kruising Kamperlaan en de zuidelijke aansluiting Churchilllaan.
alle objecten
KE-120
Indien de variant met vrij liggend fietspad niet uitvoerbaar blijkt akkoord met de variant met fietsstroken.
alle objecten
KE-121
Verzoek om de fietsstroken breder uit te voeren dan de nu ingetekende 1,75 m.
verhardingen
KE-122
Verzoek om de rijweg uit te voeren in 5,80 m breed i.p.v. de nu ingetekende 5,40 m breed.
verhardingen
KE-123
Tegen het toepassen van alleen klinkers in het profiel. Dit biedt de fietser weinig comfort en het voldoet niet aan de eisen die gesteld worden aan het hoofdnet fiets in het mobiliteitsbeleid van de Gemeente Haarlem.
verhardingen
KE-124
Voor het projectgebied ten zuiden van de Kamperlaan geldt dat de fietser op de weg nodig is om het motorverkeer af te remmen en duidelijk te maken dat 30 km/u hier de snelheid is. Wat betreft de verkeerspolitie valt de variant met het vrij liggend fietspad dus af.
verhardingen
KE-125
Projectgebied ten zuiden van de Kamperlaan inrichten als een erftoegangsweg met klinkers (dus geen fietsstroken). Breedte minimaal 4,80 m maximaal 5,80 m.
verhardingen
KE-126
Akkoord met keuze voor haaksparkeren in deelgebied noord, mits deze keuze goed wordt
alle objecten
onderbouwd. KE-127
Maak een ontwerp voor het gedeelte Kleine Houtweg wat tussen de Rustenburgerlaan en de
alle objecten
Kamperlaan zit dat correspondeert met de brandweerrichtlijn voor de bereikbaarheid van panden en woonwijken. KE-128
Als je richtingen of afslaan-bewegingen gaat verbieden, in het gedeelte Kleine Houtweg wat
alle objecten
tussen de Rustenburgerlaan en de Kamperlaan zit, moet je dit wel fysiek onmogelijk maken en niet denken dat alleen een bord plaatsen voldoenden is. KE-129
Maak voorsorteerstrook voor het stoplicht voor automobilisten die van de Kamperlaan
alle objecten
(komende vanaf oost) linksaf willen de Kleine Houtweg op kleiner, om de afslag de Kleine Houtweg op te ontmoedigen. KE-130
Geen zebrapaden ter plaatse van de voetgangersoversteken toepassen. Dit wordt niet
alle objecten
toegepast op een erftoegangsweg. Daarnaast is interval tussen auto’s ruim genoeg voor voetgangers om veilig over te kunnen steken. KE-131
Het is het overwegen waard om de bestaande parkeerverbodszone van de binnenstad zuidelijker uit te breiden. Dan is parkeren buiten de vakken niet toegestaan.
20 | 43
Witteveen+Bos | 136108/24-007.500 | Definitief 03
alle objecten
ID
Klanteis
KE-132
Het is van groot belang dat de historische kenmerken van de barok-lindenlaan langs de oostrand van de Haarlemmerhout worden behouden en waar nodig hersteld. Bij vervanging van bomen in dit gedeelte heeft een keuze voor de historische boomsoort prioriteit.
KE-133
De bermen van de Kleine Houtweg hebben een voor de stad en de Hout uitzonderlijke biodiversiteit aan stinzenplanten en andere bloeiende planten die in het kader van de herinrichting behouden en waar mogelijk hersteld dienen te worden
KE-134
Maak bij het pleintje ten noorden van de Paviljoenslaan gebruik van breedkruinige bomen (tegengaan hittestress)
KE-135
Houd in het ontwerp nabij Haarlemmerhout rekening met voorzieningen voor zwaar verkeer in de aanrijroute voor Bevrijdingspop
KE-136
Zorg voor een verbeterde waterafvoer vanuit de relatief natte Kleine Hout richting Spaarne
KE-137
Zorg voor een verbetering van de onoverzichtelijke en verwarrende situatie voor fietsers bij het kruispunt Paviljoenslaan (aansluiting van het diagonaal door de Hout lopende fietspad op het kruispunt).
KE-138
Graag aandacht voor voetgangers en aansluiting met het theehuis. Ook graag aandacht voor het tien-minutennetwerk
21 | 43
Witteveen+Bos | 136108/24-007.500 | Definitief 03
Object
4 ONDERZOEKEN Onderstaande onderzoeken zijn uitgevoerd in het projectgebied om meer inzicht te creëren in eventuele eisen en randvoorwaarden waarmee tijdens de ontwerpfase (en uitvoeringsfase) rekening moet worden gehouden.
4.1
Archeologie
In deze fase van het project is een archeologisch bureauonderzoek uitgevoerd. Doel van het bureauonderzoek is een gespecificeerde archeologische verwachting te geven voor het plangebied door te kijken naar de archeologische verwachting en de opbouw/intactheid van het landschap. Kort samengevat is de conclusie van het onderzoek als volgt. Conclusies Op basis van het bureauonderzoek geldt voor het plangebied Kleine Houtweg een middelhoge tot hoge verwachting voor archeologische resten vanaf het laat-neolithicum. Archeologische resten kunnen aanwezig zijn vanaf circa 0,50 m -mv (direct onder de huidige bouwvoor) en dieper. Archeologische resten zullen naar verwachting matig tot goed zijn geconserveerd. De exacte ligging, omvang en diepte van de uit te voeren bodemingrepen zijn nog niet volledig bekend. Een deel van de bodemingrepen is relatief ondiep (vervangen van wegprofiel en -funderingen, diepte circa 0,50 m) of beperkt in omvang (planten van een aantal bomen, doorsnede en diepte circa 1,00 m per boomgat). Omdat de bodem terplekke waarschijnlijk reeds tot circa 0,50 m -mv geroerd is, is het aannemelijk dat deze ingrepen geen of zeer beperkte invloed zullen hebben op de kwaliteit van het aanwezige archeologisch bodemarchief. Eén van de bodemingrepen is omvangrijker en kan in potentie wel tot een aanzienlijke verstoring van het aanwezige bodemarchief leiden.
Het betreft de vervanging van de riolering in het noorden van het plangebied tussen de Kamperlaan en de Rustenburgerlaan, en de parallelweg tussen de Kamperlaan en Spijkmanslaan. Deze bodemingreep gaat gepaard met het graven van circa 2,00 m brede sleuven tot een diepte van meer dan 2,00 - mv. Dit betekent dat met de aanleg van de riolering niet alleen het hoogste archeologische niveau bedreigd wordt (middelhoge verwachting), maar ook de goed geconserveerde dieper gelegen niveaus (hoge archeologische verwachting). De opdrachtgever heeft aangegeven dat men zal trachten de verstoring van het bodemarchief te voorkomen door de nieuwe riolering te plaatsen in de huidige (reeds geroerde) rioolsleuf. Het is overigens nog niet zeker of de vervanging van de riolering noodzakelijk is. Aanbevelingen Op basis van gespecificeerde archeologische verwachting en de inschatting van de mogelijke bodemingrepen op de te verwachte archeologische waarden, wordt voor het plangebied Kleine Houtweg geen vervolgonderzoek geadviseerd, mits de aanleg van de riolering plaatsvindt in de huidige (reeds geroerde) rioolsleuf. Mocht de rioolvervanging toch in ongeroerde grond gaan plaatsvinden, wordt een vervolgonderzoek in de vorm van archeologische begeleiding (protocol opgraven, variant archeologische begeleiding) geadviseerd.
De aanleg van nabijgelegen boomgaten dient bij de archeologische begeleiding te worden meegenomen.
22 | 43
Witteveen+Bos | 136108/24-007.500 | Definitief 03
Voor de volledige rapportage archeologie wordt verwezen naar het archeologisch bureauonderzoek plangebied Kleine Houtweg te Haarlem, d.d. 7 november 2023.
4.2
Quickscan Flora en Fauna
In deze fase van het project is een quickscan Flora en Fauna (wet natuurbescherming) uitgevoerd. De ingreep aan de Kleine Houtweg wordt gezien als een ruimtelijke ontwikkeling. De initiatiefnemer van een ruimtelijke ontwikkeling (Gemeente Haarlem) dient er zorg voor te dragen dat de Wet Natuurbescherming niet wordt overtreden. Om deze reden is een toetsing van de geplande ontwikkeling aan de wet natuurbescherming noodzakelijk. Hiervoor dient onderbouwd te worden of er door de beoogde ontwikkeling geen beschermde soorten of natuurgebieden negatief worden beïnvloed. Indien overtreding niet zonder meer kan worden uitgesloten is mogelijk aanvullend onderzoek en/of een ontheffing noodzakelijk In de quickscan Flora en Fauna wordt geadviseerd over de vervolgstappen. Kort samengevat is de conclusie van het onderzoek als volgt: Conclusies In de bomen binnen het projectgebied zijn holtes aanwezig die mogelijk potentiële verblijfplaatsen voor boombewonende vleermuizen kunnen bieden. De groenstructuren in het projectgebied zorgen voor luwte, trekken insecten aan en kunnen onderdeel uitmaken van een foerageergebied van vleermuizen. De bomenrijen in het projectgebied vormen lijnvormige structuren en kunnen onderdeel zijn van een vliegroute van vleermuizen.
Het dichte struweel langs de weg biedt mogelijkheden voor verblijfplaatsen van de kleine marterachtigen de bunzing, hermelijn en de wezel. Tijdens de habitatscan zijn geen nestlocaties van de eekhoorn en jaarrond beschermde nesten van vogels waargenomen. Mogelijk waren deze aan het zicht onttrokken door het blad aan de bomen. Het is daarom niet uit te sluiten dat deze beschermde nesten voorkomen in het projectgebied. De struiken en bomen in het projectgebied kunnen deel uitmaken van een functioneel leefgebied van de huismus. Andere beschermde soorten worden door het ontbreken van geschikt habitat niet verwacht voor te komen. In het projectgebied kunnen mogelijk algemene amfibieën, broedvogels en zoogdieren voorkomen. Alle bomen bevinden zich binnen de grenzen van de Gemeente Haarlem. Hierdoor zijn bepalingen uit de Wet Natuurbescherming ten aanzien van houtopstanden niet van toepassing. Aanbevelingen Afhankelijk van de exacte plannen in het projectgebied is nader onderzoek naar kleine marterachtigen, huismus en vleermuizen benodigd (zie tabel 4.1) Indien bomen worden gekapt is het aan te bevelen om in de winter, als er geen blad aan de bomen aanwezig is, te controleren op de aanwezigheid van beschermde nestlocaties van de eekhoorn, boomholtes en potentieel jaarrond beschermde nesten van vogels.
Daarnaast worden de boomholtes met een endoscoop onderzocht op de geschiktheid als verblijfplaats en de aanwezigheid van overwinterende vleermuizen. Afhankelijk van de uitkomst van dit onderzoek wordt bepaald of aanvullend onderzoek benodigd zal zijn. Tijdens grondverzet kunnen er mogelijk individuen van algemene amfibieën en zoogdieren worden gedood. Hiervoor geldt een meldplicht bij de omgevingsdienst Noord-Holland Noord, omdat er gebruik wordt gemaakt van de provinciale vrijstelling. Indien de werkzaamheden in het broedseizoen van vogels (globaal maart-augustus) plaatsvinden kunnen mogelijke nestlocaties van algemene broedvogels worden vernietigd. De vermelde periode is niet leidend, elk broedgeval is beschermd. Ook broedgevallen buiten deze periode mogen niet verstoord worden. Indien werkzaamheden tijdens het broedseizoen plaats moeten vinden dient een aanvullende inspectie op broedvogels door een ecoloog te worden uitgevoerd om overtredingen te voorkomen.
23 | 43
Witteveen+Bos | 136108/24-007.500 | Definitief 03
Tabel 4.1 Te verwachten beschermde soorten en aanbevolen inventarisaties (bron; quickscan Kleine Houtweg d.d. 29 november 2023) Soort/soortgroep
Aanvullend onderzoek
Onderzoeksperiode
algemene broedvogels
nesten, indien niet buiten het broedseizoen gewerkt wordt
binnen de periode maart t/m augustus
kleine marterachtigen
verblijfplaatsen, indien struweel wordt verwijderd
mei t/m augustus
eekhoorn en jaarrond beschermde nesten
nestlocaties bomencheck nestlocaties gebruik
december t/m maart maart t/m juli
huismus
essentieel leefgebied, indien struiken worden verwijderd
1 april t/m 15 mei
vleermuizen
zomer- en kraamverblijfplaatsen, indien bomen met holtes worden gekapt
1 juni t/m 15 juli
vleermuizen
paarverblijfplaatsen, indien bomen met holtes worden gekapt
15 augustus t/m 1 oktober
vleermuizen
winterverblijfplaatsen, indien bomen met holtes worden gekapt
1 december t/m 28 februari
4.3
Parkeerdrukonderzoek en verkeerstelling
Parkeerdrukonderzoek In november 2023 is een parkeerdrukonderzoek uitgevoerd in de Kleine Houtweg (zie afbeelding 4.1). Alleen in de secties 2, 5 en 7 zijn parkeervakken aanwezig. Het noordelijk deelgebied valt binnen de bestaande parkeerverbodszone van de binnenstad, wat betekent dat parkeren buiten de vakken niet is toegestaan. In het zuidelijk deelgebied geldt geen parkeerverbod en zou (buiten de vakken in sectie 5 en 7) op de rijbaan geparkeerd mogen worden, al is dit niet uitnodigend.
24 | 43
Witteveen+Bos | 136108/24-007.500 | Definitief 03
Afbeelding 4.1 Onderzoeksgebied en sectienummers parkeerdrukonderzoek
Tijdens dit parkeerdrukonderzoek is gedurende een aantal dagen (verdeeld over de week, namelijk dinsdag, donderdag en zaterdag) op zes verschillende tijdstippen per dag geteld hoeveel procent van de parkeervakken in gebruik is. In het onderzoek is te zien dat er relatief weinig parkeerplaatsen aanwezig zijn in het projectgebied (namelijk 32 stuks). De resultaten van het onderzoek zijn opgenomen in tabel 4.2. In de secties die niet genoemd zijn in de tabel werd niet of door een enkel voertuig geparkeerd. In de secties 2 en 5 is de parkeervraag groter dan de capaciteit (meer dan 100 % bezetting) en stonden er ook voertuigen buiten de parkeervakken geparkeerd.
Tabel 4.2 Resultaten parkeerdrukonderzoek Sectienummer
Aantal vakken
Gemiddelde bezetting
Drukste moment
Rustigste moment
2
13
90 %
dinsdag 23:00-0:30 (108 %)
dinsdag 15:30-17:00 (69 %)
5
10
71 %
dinsdag 19:30-0:30 (110 %)
donderdag 15:30-17:00 (30 %)
7
9
27 %
zaterdag 14:00-15:30 (89 %)
dinsdag 19:30-21:00 (0 %) donderdag 15:30-21:00 (0 %)
Voor de volledige rapportage en databestanden wordt verwezen naar het parkeeronderzoek Kleine Houtweg te Haarlem, d.d. november 2023.
25 | 43
Witteveen+Bos | 136108/24-007.500 | Definitief 03
Verkeerstellingen Naast het parkeeronderzoek is er gedurende 2,5 week (1 t/m 20 november 2023) een verkeerstelling uitgevoerd in de Kleine Houtweg, verdeeld over meerdere locaties. Dit is gedaan door het plaatsen van meerdere pneumatische telslangen op de rijweg. Er zijn twee telslangen geplaatst (één voor fietsers en één voor gemotoriseerd verkeer) ter hoogte van huisnummer 73, en er zijn twee telslangen geplaatst (één voor richting noord-zuid en één voor richting zuid-noord) ter hoogte van huisnummer 135. De intensiteiten voor gemotoriseerd verkeer zijn opgenomen in tabel 4.3. Opvallend daarbij is het grote verschil in intensiteit tussen beide rijrichtingen op de het noordelijke wegvak. Richting het zuiden rijdt circa drie keer zoveel verkeer als richting het noorden. Dit heeft vermoedelijk te maken met éénrichtingsverkeer op een verderop richting het noorden gelegen brug. De avondspits is op beide tellocaties drukker dan de ochtendspits. Het percentage vrachtverkeer ligt vrij hoog op het noordelijke deel van de Kleine Houtweg.
Tabel 4.3 Intensiteiten gemotoriseerd verkeer, met tussen haakjes het percentage vrachtverkeer. Periode
Kleine Houtweg ten noorden N205 (huisnr 73)
Kleine Houtweg ten zuiden N205 (huisnr 135)
Doorsnede
ri noord
ri zuid
Doorsnede
ri noord
ri zuid
Etmaal
1.399 (9,9 %)
329 (18,8 %)
1.069 (7,1 %)
3.252 (4,9 %)
1.569 (4,6 %)
1.683 (5,2 %)
Ochtendspits 79 uur
161 (16,1%)
42 (28,6 %)
119 (10,0 %)
514 (6,2 %)
287 (3,8 %)
227 (9,3 %)
Avondspits 1618 uur
239 (14,2 %)
50 (22,0 %)
189 (6,3 %)
527 (3,6 %)
229 (2,6 %)
298 (4,4 %)
De fietsintensiteiten zijn opgenomen in tabel 4.4. Voor het wegvak ten zuiden van de N205 zijn de tellingen voor het fietsverkeer minder betrouwbaar, omdat het een gecombineerde telling was met het gemotoriseerd verkeer. Voor fietsers is de categorie tweewielers aangehouden, maar hier kunnen ook motoren onder vallen. Op het noordelijke wegvak wordt meer gefietst dan op het zuidelijke wegvak. De verdeling in rijrichting is op beide wegvakken ongeveer gelijk. De avondspits is over het algemeen iets drukker dan de ochtendspits.
Tabel 4.4 Intensiteiten fietsverkeer Periode
Kleine Houtweg ten noorden N205 (huisnr 73) Doorsnede
Etmaal
ri noord
Kleine Houtweg ten zuiden N205 (huisnr 135)
ri zuid
Doorsnede
ri noord
ri zuid
1.300
654
646
453
196
257
Ochtendspits 79 uur
186
109
77
87
44
43
Avondspits 1618 uur
219
105
114
89
37
52
Voor de volledige rapportage en databestanden wordt verwezen naar de verkeerstellingen Kleine Houtweg te Haarlem telperiode 2-20 november 2023.
4.4
Vooronderzoek bodem
Voorafgaand aan het uitvoeren van het verkennend bodemonderzoek conform de NEN 5740 dient een vooronderzoek conform NEN 5725 uitgevoerd te worden. Met een vooronderzoek wordt door archief- en dossieronderzoek informatie verzameld over het voormalig, huidig en toekomstig bodemgebruik, de bodemopbouw en geohydrologie en de financieel-juridische situatie.
26 | 43
Witteveen+Bos | 136108/24-007.500 | Definitief 03
Kort samengevat is de conclusie van het uitgevoerde onderzoek als volgt: 1 ten behoeve van het opstellen van het boorplan asfalt is een inspectie van het werk uitgevoerd. Op basis van de inspectie zijn tien te onderzoeken vakken gedefinieerd. Een aantal asfaltboringen worden als constructieboring uitgevoerd en tot minimaal 0,5 m onder de (eventuele) fundering uitgevoerd; 2 uit voorgaande onderzoeken blijkt dat, formeel, binnen de contour van de onderzoekslocatie en 25 m rondom geen geval van ernstige bodemverontreiniging (voormalige Wbb) is aangetoond. Wèl zijn, verspreid binnen de onderzoekslocatie, licht tot plaatselijk sterk verhoogde gehalten in de grond gemeten; 3 ter plaatse van de Hildebrandlaan 2 is, na sanering, in de grond en grondwater een restverontreiniging met minerale olie en/of vluchtige aromaten achtergebleven.
Ter plaatse van de Linnaeuslaan 19 zijn ter voorbereiding van civieltechnische werkzaamheden in de grond sterk verhoogde gehalten PAK en zink gemeten; 4 op basis van de resultaten van het uitgevoerde vooronderzoek in relatie tot de voorgenomen werkzaamheden wordt het uitvoeren van een milieu hygiënisch bodemonderzoek ter plaatse van de twee verdachte locaties (Hildebrandlaan 2 en Linnaeuslaan 19) en een asfalt-/constructie onderzoek als meest doelmatig beoordeeld om de actuele milieu hygiënische kwaliteit van de bodem (grond en grondwater) vast te stellen. Het overig gedeelte van de onderzoekslocatie wordt op basis van de resultaten van het vooronderzoek als onverdacht aangemerkt en kan zonder het uitvoeren van een milieuhygiënisch bodemonderzoek onder de reikwijdte van de Nota bodembeheer en de bodemkwaliteitskaart van de gemeente Haarlem worden geschaard.
4.5
Verkennend onderzoek bodem
In navolging van het vooronderzoek conform NEN 5725 is een verkennend bodemonderzoek (NEN 5740) i.c.m. een constructieonderzoek (NEN 5897), een chemisch analytisch onderzoek en een asfaltonderzoek (CROW 2010) uitgevoerd. De resultaten van dit onderzoek waren ten tijde van het opstellen van deze startnotitie helaas nog niet bekend. Om de reden is gewerkt met een aantal aannames in de kostenraming voor wat betreft teerhoudendheid van asfalt en kosten voor eventuele bodemsaneringen. Dit is niet ongebruikelijk in een schetsontwerp fase van een project. Als de resultaten van de onderzoeken bekend zijn kunnen deze posten (in de ontwerpfase) verder gespecificeerd worden.
4.6
Bomeninventarisatie
In deze fase van het project is een inventarisatie en VTA (Visual Tree Assessment) uitgevoerd. De resultaten zijn belangrijk om mee te nemen in het nieuwe ontwerp, omdat hiermee goed gekeken kan worden in welke conditie de bomen verkeren, en welke maatregelen genomen kunnen worden om de boomstructuur te behouden en waar mogelijk te versterken. Kort samengevat is de conclusie van het onderzoek als volgt: De Kleine Houtweg ligt aan de oostzijde van het Haarlemmerhout en het hertenkamp. De weg wordt gekenmerkt door de grotere linden aan weerszijden van de weg en in de middenberm. Binnen het plangebied zijn 201 bomen gecontroleerd. De Hollandse Linde is met 34 % de meest voorkomende soort in het projectgebied. Over het algemeen is de conditie, kwaliteit en toekomstverwachting van de bomen redelijk tot goed. Bij zes bomen was enkel een stobbe aanwezig. Deze bomen zijn in de tabellen aangegeven als dood. De bomen zijn visueel beoordeeld op verplantbaarheid. Hierbij is gekeken naar de conditie van de boom en de grootte van de boom. Hierbij is verder ook onderscheid gemaakt tussen verplantbaar zonder en met voorbereiding. Bij bomen die verplantbaar zijn met voorbereiding betekent dit dat de bomen 1 á 2 groeiseizoenen moeten worden voorbereid voordat ze verplant kunnen worden. De bomen die zonder voorbereiding te verplanten zijn, zijn mogelijk direct verplantbaar.