Bijlage 1 Jaarverslag 2022 Spaarnesant
Tekst van het document
Jan Aalberts, bestuurder
“ We dagen onszelf de in 2013 onze ogen voor een duurzaam huisvestingsbeleid. We constant uit om nóg rekenden uit dat een energiebesparing van 15% in vier jaar haalbaar was voor heel Spaarnesant en maakten daar 20% van om onszelf uit meer te besparen.” “De bouw van Plein Oost, onze eerste klimaatneutrale school, open-
te dagen. Samen met Tom van Hooijdonk, adviseur huisvesting, en
– Jan Aalberts, bestuurder
onze vaste samenwerkingspartners Borms Elektrotechniek en NSN Service zetten André en ik vol in op energiebesparing. Met kleine maatregelen, zoals het verwijderen van boilers in klaslokalen waar alleen koud water werd gebruikt, tot isolatie, slimme meters en op afstand uitleesbare installaties. Bij elke renovatie en verbouwing maakten we duurzame keuzes. André bracht ook alle aansluitingen, leveranciers en contracten in kaart en zodra het kon, stapten we stichting breed over op Energie voor Scholen, een landelijk inkoopcollectief. Het gasverbruik nam snel af, maar de elektra bleef achter. In dezelfde periode kwam namelijk een gigantisch aantal nieuwe stroomverbruikers de scholen binnen: ventilatiesystemen, digiborden, laptops, iPads. Door de aanleg van zonnepanelen realiseerden we in 2018 uiteindelijk een besparing van 25%. Daar stopte het niet: in de volgende vier jaar bespaarden we 25% elektra en 14% gas H[WUDHQLNVFKDWLQGDWZHGHNRPHQGH jaren nog eens 20 tot 30% kunnen bereiken. Ondertussen waken we ervoor dat de scholen enkel de voordelen ervaren. Het stafbureau bekommert zich over GH ȴQDQFLHULQJ KHW RQGHUKRXG YDQ GH gebouwen en de kostenverdeling over alle scholen.”
André van der Snoek, energiecoördinator
“ 2022 was een Minder verbruik is minder verspilling, zowel van geld als van uitzonderlijk goed natuurlijke hulpbronnen. Bij Spaarnesant zit dat goed tussen de oren. Door het duurzame huisvestingsbeleid heeft de huidige ener- zonnejaar.” “Energie is een schaars goed, daar moeten we zuinig mee omgaan.
giecrisis weinig impact op de scholen. 2022 was vooral een jaar van vertraging, met lange wachtlijsten voor zonnepanelen en bouwma-
– André van der Snoek, energiecoördinator
terialen. De prijsverhoging van energie bleef beperkt doordat onze leverancier lang geleden heeft ingekocht en onze scholen hoeven de verwarming niet lager te zetten omdat het energieverbruik door goede isolatie en goed afgestelde installaties al optimaal is. Ik monitor maandelijks het verbruik per school en overleg met de installateur of elektricien als het ergens bovengemiddeld is. Zij kennen alle gebouwen op hun broekzak. De afgelopen tien jaar zijn we intensief met elkaar opgetrokken en onderweg hebben we veel geleerd. Met 30 gebouwen konden we verschillende oplossingen goed met elkaar vergelijken. Vooral de PVT-zonnepanelen, die ook het water verwarmen, bleken een gamechanger. In het begin plaatsten we alleen panelen op schoolgebouwen die daar heel geschikt voor waren, nu zoeken we overal naar dakoppervlak waar we nog een systeem kwijt kunnen. 2022 was een uitzonderlijk goed zonnejaar. Op 17 locaties wekten we maar liefst 600.000 kWh elektra op. Daarmee voorzien we in ruim 40% van onze eigen vraag.”
3. Verantwoording YDQGHƬQDQFLÆQ
3.1 Ontwikkeling in meerjarenperspectief Leerlingen Voor de komende jaren gaat Spaarnesant uit van een lichte groei van het totaal aantal leerlingen. Het basisonderwijs groeit licht, het speciaal basisonderwijs en het speciaal onderwijs nemen iets af. Deze afname komt doordat leerlingen minder overstappen van het reguliere onderwijs naar het speciaal basisonderwijs of speciaal onderwijs. De geanticipeerde groei is bescheiden. De gemeente Haarlem voorziet op langere termijn een sterkere groei, maar die wordt steeds later in de tijd geplaatst. Pas als het aantal woningen daadwerkelijk fors toeneemt, zal Spaarnesant de groei gaan meenemen. Dit om behoudend te plannen voor de toekomst.
Aantal leerlingen op peildatum 1 oktober
2021 2022
2023
2024
2025
2027
6.292
6.515
6.526
6.580
6.657
6.717
6.731
Speciaal basisonderwijs
237
238
229
224
218
209
200
(Voortgezet) speciaal onderwijs
301
301
310
310
306
305
305
7.054
7.114
7.231
0,2%
0,7%
0,9%
0,7%
0,1%
Aantal leerlingen op peildatum 1 februari Basisonderwijs
Totaal Percentage verschil
Fte De formatie binnen Spaarnesant is gebaseerd op de beschikbare bekostiging. In 2021 is het NPO aangeNRQGLJGHHQJURWHȴQDQFLOHLPSXOVLQKHWRQGHUZLMVRPFRURQDDFKWHUVWDQGHQLQWHORSHQ'HPLGGHOHQ worden door OCW verstrekt in de twee schooljaren 2021-2022 en 2022-2023. Voor de besteding hebben de scholen vier schooljaren, tot en met 2024-2025. Wat in die periode nog niet is uitgegeven, blijft behouden voor de school en mag daarna nog worden ingezet. Het stoppen van de NPO-middelen is de oorzaak van de personeelsterugloop die we inschatten voor 2025.
Aantal fte
2021
2022
2023
2024
2025
2027
Bestuur/management
36,5
35,7
37,5
37,4
37,1
36,7
36,6
Onderwijzend personeel
404,0
404,3
408,2
407,0
401,7
391,9
391,7
Ondersteunend personeel
187,3
202,6
200,0
199,1
193,4
185,5
185,3
Totaal
3.2 Staat van baten en lasten en balans Staat van baten en lasten in meerjarenperspectief, t.o.v. begroting & t.o.v. vorig jaar Bedragen x €1.000
Realisatie Begroting Realisatie
Raming
Raming
Raming
Raming
Raming
2021
2022
2022
2023
2024
2025
2027
56.647
55.649
61.795
61.005
58.066
58.885
60.362
61.461
590
597
604
603
Baten Rijksbijdragen Overige overheidsbijdragen en subsidies Overige baten
630
591
686
596
2.472
2.360
2.890
2.437
2.484
2.546
2.598
2.641
59.749
Personeelslasten
45.572
49.161
51.561
53.350
54.529
55.306
55.297
56.662
Afschrijvingen
1.456
2.660
2.554
2.454
2.493
2.478
2.441
2.305
Huisvestingslasten
4.705
3.561
3.945
3.921
4.150
4.493
4.631
4.841
Overige lasten
3.762
4.267
4.504
4.016
3.668
3.731
3.740
3.685
Totaal lasten
55.495
4.254
-1.049
2.807
298
-3.701
-3.980
-2.546
-2.787
-71
-30
14
-5
-5
-5
-5
-5
-1.079
293
-2.551
-2.792
Totaal baten
Lasten
Saldo Saldo baten en lasten 6DOGRȴQDQFLOHEDWHQHQODVWHQ Totaal resultaat
Toelichting staat van baten en lasten in meerjarenperspectief De begroting voor 2022 was opgesteld met de doelstelling van een negatief resultaat. Voor de jaren 2021 tot en met 2025 was per saldo neutraal begroot. Dit neutraal begroten was wel na eliminatie van twee ELM]RQGHUHHHFWHQGHȴQDQFLOHLPSXOVYDQKHW132HQGHNRUWLQJGRRUKHWYHUYDOOHQYDQGHYRUGHULQJ op OCW aan het einde van het boekjaar. De inschatting van het verloop van het resultaat was vorig jaar bij het opstellen van het jaarverslag daardoor als volgt. Realisatie 2021
Raming 2022
Raming 2023
Raming 2024
Raming 2025
Raming
2021 t/m
Totale resultaat
4.183
-1.079
-570
-2.824
-2.476
50
-2.716
(HFW132 LQVFKDWWLQJQRYHPEHU
2.900
1.500
-2.200
-2.300
(HFWYHUYDOOHQYRUGHULQJ2&: 5HVXOWDDW]RQGHULQFLGHQWHOHHHFWHQ
-100
-2.400
-179
-2.400 -570
50
+HWYHUORRSYDQKHWHHFWYDQKHW132ZRUGWLQPLGGHOVZDWDQGHUVLQJHVFKDW+HWHHFWYDQKHWZHJYDOOHQYDQGHYRUGHULQJLVJURWHUJHZHHVWGDQLQJHVFKDW%HLGHHHFWHQ]LMQ]LFKWEDDULQ KHWPHHUMDUHQSHUspectief van) de balans.
Toelichting staat van baten en lasten ten opzichte van 2021
Net als in 2021 zijn ook in 2022 de baten veel hoger dan het voorafgaande jaar. In onderstaand overzicht ]LMQGHPHHVWVLJQLȴFDQWHIDFWRUHQRSJHQRPHQGLHKLHUDDQKHEEHQELMJHGUDJHQ x € 1.000 Personele en materiële bekostiging
4.500
Vervallen vordering OCW
-300
Samenwerkingsverbanden
500
Masterplan basisvaardigheden
340
Extra rijksbijdragen 2022 t.o.v. vorig jaar en begroot
5.040
In 2022 is, zoals ieder jaar, de bekostiging van het afgeronde schooljaar bijgesteld, in dit geval 2021-2022. Voor de zomer werd de nieuwe cao voor het primair onderwijs afgesproken en daarbij is de loonkloof tussen het personeel in het voortgezet en primair onderwijs gedicht. Bij het bijstellen van de bekostiging hiervoor zijn ook middelen opgenomen voor kosten die pas in 2023 zullen worden gemaakt. De hogere pensioenlasten die volgen uit een dergelijk grote salarisverhoging worden bijvoorbeeld in 2023 afgedragen; de impact is circa € 1,7 miljoen. Naast het dichten van de loonkloof is ook de regeling rond de bekostiging van nieuwkomers bijgesteld. Het gevolg voor Spaarnesant waren meer inkomsten: € 370.000 ten opzichte van begroot binnen de € 4,5 miljoen hierboven. De ophoging voor schooljaar 2021-2022 is doorgezet naar de toekomst. De inschatting van de bekostiging voor 2022-2023 was dus ook te laag. Het vervallen van de vordering op OCW heeft een grotere impact gehad dan begroot. Dit volgt direct uit het drastisch ophogen van de ontvangen bekostiging voor schooljaar 2022-2023. De vordering is namelijk een percentage van de middelen die worden ontvangen voor het lopende schooljaar (7%). De hogere opbrengsten van het Samenwerkingsverband PO Zuid-Kennemerland zijn gerelateerd aan budgetbijstelling en een afrekening met betrekking op 2021 (€ 80.000).
Daarnaast is in 2022 het Masterplan basisvaardigheden geïntroduceerd. De eerste tranche van dit plan loopt van 1 september 2022 tot en met 31 januari 2024. In december 2022 vond toekenning en direct ook uitkering van die middelen plaats. Spaarnesant ontving de subsidie voor twee scholen, Camelot en De :LOJHQKRHN'HPLGGHOHQZRUGHQ]RLQJH]HWGDWDOOH6SDDUQHVDQWVFKROHQQDNHQQLVGHOLQJHUSURȴMWYDQ hebben. De overige overheidsbijdragen en subsidies zijn wat hoger dan vorig jaar. Dit komt door meer ontvangen budget van met name de gemeente voor Scholen in de Wijk (SIDW) en het NPO-budget van de gemeente voor sport- en spelactiviteiten op de M.L. Kingschool. De hogere overige baten komen vooral door hogere baten van de Eigen Fondsen, bijdragen uit het Jeugd Educatiefonds die niet waren begroot, meer vergoeding voor door Spaarnesant geleverde administratieve dienstverlening en opbrengsten van de overname van MacBooks door medewerkers en teruglevering aan de leverancier. De baten uit Eigen Fondsen zijn de eigen middelen die de scholen zelf beheren. Na twee coronajaren zijn in 2022 de schoolactiviteiten weer op gang gekomen. Deze hogere baten zijn rechtstreeks gekoppeld aan de hogere lasten Eigen Fondsen, die ook zichtbaar zijn. De vergoeding voor overige dienstverlening die de administratie van Spaarnesant levert aan andere partijen is toegenomen ten
opzichte van vorig jaar en begroot door een tariefsverhoging die is doorgevoerd aan Onderwijsstichting =HOIVWDQGLJH*\PQDVLD 26=* HQGHKRJHUHGRRUEHODVWLQJYDQGHH[WHUQHLQKXXUYRRUGHRQGHUVWHXQLQJ bij AFAS, omdat daar meer gebruik van wordt gemaakt dan vorig jaar en verwacht. Het verschil in de personeelslasten van vorig jaar ten opzichte van begroot en de realisatie van 2022 komt met name door de nieuwe cao waarin de loonkloof tussen PO en VO is gedicht. Daarnaast zijn de dotaties op de personeelsvoorzieningen groter dan begroot. Het verloop van de voorziening voor langdurig zieken blijft moeilijk in te schatten. Daarnaast is de dotatie voor de jubileumuitkering groter dan vorig jaar door de salarisverhoging. De afschrijvingskosten zijn fors toegenomen vanwege de stelselwijziging die is doorgevoerd met betrekking tot groot onderhoud. Investeringen in groot onderhoud worden sinds 1 januari 2022 geactiveerd en afgeschreven (voor vergelijkende cijfers hebben we dit in de jaarrekening per 1 januari 2021 doorgevoerd). Voorheen werd gebruik gemaakt van een voorziening groot onderhoud (ruim € 1 miljoen).
De huisvestingslasten zijn hoger dan vorig jaar door met name hogere lasten voor klachtenonderhoud (€ 60.000), het plaatsen van CO2–meters (€ 60.000), nulmetingen gevraagd door de gemeente (€ 25.000) en een uitgebreide assetinspectie voor het meerjarenonderhoudsplan door Facilicom (€ 50.000). Daarnaast is de grootste afname van de huisvestingslasten ten opzichte van vorig jaar het wegvallen van de voorziening groot onderhoud door de stelselwijziging. De overige kosten zijn ruim hoger dan vorig jaar. Dit komt vooral doordat in deze kostencategorie de materiële uitgaven voor het NPO zijn opgenomen. In 2021 is het NPO gestart, maar toen werd er nog heel weinig op uitgegeven. In 2022 is dit wel het geval, de realisatie bedraagt € 410.000. Deze NPO-uitgaven waren al onderdeel van de begroting. Daarnaast is in 2022 duidelijk meer uitgegeven aan inventaris en ICT (€ 100.000). Tot slot zijn er hogere uitgaven gerelateerd aan de eerdergenoemde hogere subsidieopbrengsten vanuit de gemeente (Scholen in de Wijk en NPO) en hogere uitgaven van de middelen in Eigen Fondsen door het oppakken van de activiteiten na twee coronajaren.
Toelichting staat van baten en lasten ten opzichte van begroting De afwijkingen tussen de begrote opbrengsten en kosten hebben op vrijwel alle punten dezelfde oorzaken als de afwijkingen tussen de realisatie van 2021 ten opzichte van 2022, zoals toegelicht in voorgaande paragraaf. Enkele aanvullingen op deze informatie zijn er wel. Voor personeelslasten was in de begroting DOHHQLQVFKDWWLQJYDQHHQVLJQLȴFDQWHVDODULVVWLMJLQJRSJHQRPHQ%LMGHDIVFKULMYLQJHQHQKXLVYHVWLQJVlasten is de afwijking ten opzichte van begroot ook veel beperkter dan ten opzichte van de realisatie 2021, omdat in de begroting een inschatting was opgenomen voor de impact van de stelselwijziging met betrekking tot het groot onderhoud. Bij de overige kosten is de afwijking van de realisatie 2022 ten opzichte van begroot veel kleiner dan de afwijking van de realisatie 2022 ten opzichte van de realisatie 2021, omdat in de begroting rekening was gehouden met de uitgaven met betrekking tot het NPO.
Balans in meerjarenperspectief, t.o.v. begroting & t.o.v. vorig jaar Bedragen x € 1 mln.
Realisatie Begroting Realisatie 2021 2022 2022
Raming 2023
Raming 2024
Raming 2025
Raming
Raming 2027
21,6
21,6
21,2
20,7
20,0 1,1
Activa Materiële vaste activa
15,7
17,7
Vorderingen
3,7
1,8
1,2
1,1
1,1
1,1
1,1
- Liquide middelen publiek
11,1
9,9
13,3
9,6
6,0
4,0
2,1
- Liquide middelen privaat
0,6
0,6
0,6
0,6
0,6
0,6
0,6
Liquide middelen
11,7
10,5
17,5
13,9
10,2
6,6
4,6
2,7
Totale Activa
31,1
30,0
32,9
-
-
-
-
-
-
-
-
- Publiek vermogen
19,7
16,2
19,5
19,6
18,2
15,7
14,5
11,7
- Bestemmingsreserve NPO
1,8
4,4
5,0
5,1
2,8
1,3
-
-
- Privaat vermogen
0,6
0,6
0,6
0,6
0,6
0,6
0,6
Eigen vermogen (reserves)
22,1
21,2
25,0
25,3
21,6
17,6
15,1
12,3
Voorzieningen (jubilea & onderhoud)
1,1
0,9
1,2
1,2
1,2
1,2
1,2
1,2
Kortlopende schulden
7,9
7,9
10,2
10,1
10,1
10,1
10,1
10,2
Totale Passiva
31,1
30,0
32,9
waarvan gebouwen en terreinen
17,7
Passiva
Langlopende schulden
Toelichting balans in meerjarenperspectief Bovenstaand meerjarenperspectief is gebaseerd op de meerjarenbegroting 2023-2027 en slechts aangepast voor de realisatie van 2022. Het op termijn begrote negatieve resultaat is wenselijk in verband met het afbouwen van het eigen YHUPRJHQ(ULVQRJJHHQGXLGHOLMNJHGHȴQLHHUGHJUHQVDOOHHQHHQVLJQDOHULQJVZDDUGHPDDUGDDUPHHLV wel duidelijk dat het eigen vermogen van Spaarnesant (te) hoog is. Daarnaast is de constante afname van de liquide middelen te zien. Dat komt deels door de al ontvangen NPO-middelen die in de komende jaren moeten worden uitgegeven. Bovendien investeert Spaarnesant RRNLQGHNRPHQGHMDUHQQRJVLJQLȴFDQWLQGXXU]DDPKHLG2SGLWPRPHQW]LMQGHOLTXLGHPLGGHOHQ historisch hoog. Bij de toelichting op de kasstroomontwikkeling lichten we de ontwikkeling van de liquide middelen verder toe.
Toelichting balans 31 december 2022 ten opzichte van balans 31 december 2021 De toename bij de materiële activa ten opzichte van 2021 komt door het investeringsniveau dat in 2022 veel hoger lag dan de afschrijvingen. Ook in 2023 zal er veel geïnvesteerd worden, daarna zal het investeringsniveau naar verwachting gelijke tred houden met de afschrijvingen. De afname van de vorderingen tussen 2021 en 2022 wordt voor het grootste deel veroorzaakt door het wegvallen van de vordering op OCW van circa € 2,7 miljoen.
'HOLTXLGHPLGGHOHQ]LMQȵLQNJHVWHJHQWHQRS]LFKWHYDQYRULJMDDU'LWNRPWPHWQDPHGRRUYHHOYRRUXLtontvangen middelen van OCW. De NPO-middelen worden in twee jaar ontvangen (schooljaar 2021-2022 en 2022-2023) en over een periode van vier jaar uitgegeven. Het eigen vermogen is ook dit jaar toegenomen door een positief resultaat. Dit positieve resultaat is vrijwel geheel veroorzaakt door de NPO-middelen die zijn ontvangen om in de komende jaren uit te geven. Deze middelen zijn toegevoegd aan de bestemmingsreserve NPO. Naar verwachting zal de bestemmingsreserve in 2023 nagenoeg constant zijn, omdat de middelen die in 2023 worden ontvangen ook in 2023 zullen worden ingezet voor het NPO. De voorzieningen zijn licht gestegen. Dit komt voor een groot deel door de salarisstijging die in 2022 is doorgevoerd. Dat zorgt ook voor een deel van de toename van de kortlopende schulden. De nog af te dragen belastingen en premies sociale verzekeringen zijn hierdoor toegenomen, net als het uit te keren vakantiegeld. Daarnaast is er ook een toename in de vooruitontvangen subsidies. De crediteuren laten een toename zien ten opzichte van vorig jaar door met name de timing van afrekeningen rond de bouwprojecten.
Kasstroomoverzicht in meerjarenperspectief X € 1.000
Realisatie
Begroting
Realisatie
Raming
Raming
Raming
Raming
Raming
2021
2022
2022
2023
2024
2025
2027
Kasstroom uit operationele activiteiten
Resultaat
-1.049
-3.701
Aanpassingen voor: Afschrijvingen Mutaties eigen vermogen Mutaties voorzieningen
2.109
2.660
0 -269
-200
2.209
2.454
2.493
2.478
2.441
2.305
0
0
0
0
0
0
155
326
0
0
0
0
2.493
2.441
2.305
Veranderingen in vlottende activa: Vorderingen
-499
1.900
2.475
100
0
0
0
0
Kortlopende schulden
1.899
0
2.032
-100
0
0
0
0
1.400
1.900
4.507
0
0
0
0
0
Kasstroom uit bedrijfsoperaties: Ontvangen interest
0
0
0
0
0
0
0
Betaalde interest
-71
-30
-45
-5
-5
-5
-5
-5
-71
-30
14
-5
-5
-5
-5
-5
Kasstroom uit investeringsactiviteiten: Investeringen: Materiële vaste activa
-2.925
-5.197
-6.300
-2.500
-2.100
-1.900
-1.600
74
0
344
0
0
0
0
0
Desinvesteringen: Materiële vaste activa
-5.197
-2.500
-2.100
-1.900
Kasstroom uit ȴQDQFLHULQJVDFWLYLWHLWHQ Mutaties kredietinstellingen Mutaties overige langlopende schulden
0
Mutaties liquide middelen
0
0
0
0
0
0
0
0
0
5.010
-3.227
-3.713
-2.010
Beginstand liquide middelen
6.690
11.700
11.700
17.552
14.325
10.612
7.005
4.995
Mutaties liquide middelen
5.010
-1.916
-3.227
-3.713
-3.607
-2.010
-2.087
Eindstand liquide middelen
11.700
17.552
14.325
7.005
4.995
De liquide middelen zijn eind 2022 op een nieuw hoogtepunt. De positieve kasstroom van een kleine € 6 miljoen is uitzonderlijk. Dit komt door veel vooruitontvangen middelen. In de prognose is te zien dat deze zullen worden uitgegeven. Er wordt in de nabije toekomst nog fors geïnvesteerd, daarna zullen investeringen en afschrijvingen met elkaar in evenwicht gebracht worden.
9RRUGHMDUHQWRWHQPHWLVHHQVLJQLȴFDQWQHJDWLHIUHVXOWDDWEHJURRW'LWNRPWGHHOVGRRUKHW blijven inzetten van formatie in de huidige omvang en het begroten van de inkomsten op basis van de nu voorhanden zijnde informatie. Daarin is voor die jaren nog relatief veel onduidelijk. Door voorzichtig inschatten van de inkomsten wordt een forse terugloop in middelen getoond. Deze terugloop eindigt lager dan de door Spaarnesant bepaalde ondergrens van de benodigde bankmiddelen. De inschatting is gebaseerd op uitschieters naar boven in het uitgavepatroon. Hieruit volgt een minimum banksaldo van € 3,5 miljoen.
Gewenste benodigde bankmiddelen
X € 1.000
seizoenspatronen in personele baten en lasten
€ 1.700
seizoenspatronen in leermiddelen (50% ineens)
€ 200
seizoenspatronen in investeringen gebouw en meerjarenonderhoudsplanning 15%
€ 650
YRRUVFKRWȴQDQFLHULQJNUHGLHWHQDQGHUHSURMHFWHQ
€ 300
ȴQDQFLOHPDUJH YDQGHEDWHQ
€ 650
Gewenste benodigde bankmiddelen
€ 3.500
Op basis van de huidige inschattingen daalt het verwachte banksaldo in 2027. Toch is ervoor gekozen deze meerjarenprognose te handhaven. Nu gaan werken met een taakstelling voor de kosten of investeringen, terwijl er tot die tijd ook aan de inkomstenkant nog veel kan veranderen, wordt niet gezien als zinvol. De ontwikkelingen van de inkomsten zijn de afgelopen jaren grillig geweest. De realisatie was steeds duidelijk positiever dan van tevoren ingeschat. Daarnaast zijn er voor 2027 meerdere begrotingsronden waarin zal worden bijgestuurd. De liquide middelen komen voor 2023 op een erg hoog niveau. In deze situatie loopt Spaarnesant de NRPHQGHWZHHMDDUQDJHQRHJJHHQULVLFR'DDURPZDFKWHQZHDIRILQGLHMDUHQGHȴQDQFLOHUXVWWHUXJkeert in het onderwijs.
3.3 )LQDQFLÆOHSRVLWLH Begroting 2022
Realisatie 2022
Raming 2023
Raming 2024
Raming 2025
Raming
Raming 2027
75%
74%
72%
72%
69%
65%
62%
57%
Signalering voor inspectie ondergrens
Weerstandsvermogen
37%
40%
35%
28%
24%
19%
Gemiddelde 2020 bij besturen van vergelijkbare grootte = 15%
Liquiditeit (current ratio)
1,95
1,49
1,12
0,76
0,56
0,37
Signalering voor inspectie ondergrens < 0,75
Rentabiliteit
7,0%
4,3%
0,5%
-6,1%
-6,4%
-4,0%
-4,3%
Afhankelijk van reservepositie van het schoolbestuur Voor positie Spaarnesant meerjarig richten op 0
2-jarige rentabiliteit
3,5%
5,4%
-0,6%
-0,7%
-3,0%
-4,9%
-5,2%
3-jarige rentabiliteit
1,4%
3,8%
-0,3%
-4,0%
-5,4%
-4,8%
Normatief publiek eigen vermogen
18,7
21,0
24,8
24,7
24,3
23,9
23,2
normatief publiek eigen vermogen
21,5
24,5
24,7
21,0
17,0
14,5
11,7
Spaarnesant totaal
19,7
19,5
19,6
18,2
15,7
14,5
11,7
Spaarnesant gecorrigeerd voor bestemmingsreserve NPO
nee
ja
ja
ja
ja
ja
ja
ja
tie 2021
Realisa-
Solvabiliteit 2
binnen de norm
De kengetallen representeren de volgende berekenwijze en doelstelling.
Solvabiliteit 2
(eigen vermogen + voorzieningen)/totale vermogen. 'HWRHUHLNHQGKHLGYDQKHWHLJHQYHUPRJHQRPRSODQJHWHUPLMQȴQDQFLOH risico’s op te vangen.
Weerstandsvermogen
eigen vermogen/totale baten. 'HLQGLFDWLHYDQGHȴQDQFLOHUHVHUYHRPFRQWLQX±WHLWWHZDDUERUJHQ
Liquiditeit
vlottende activa/kortlopende schulden. De toereikendheid om op korte termijn aan verplichtingen te kunnen voldoen.
Rentabiliteit
resultaat/totale baten. Het resultaat van de gewone bedrijfsvoering per jaar en gemiddeld over een aantal jaren.
Normatief publiek
boekwaarde MVA + 5%* totale baten.
eigen vermogen
'RRULQVSHFWLHYDVWJHVWHOGHQRUP PD[LPXP QRGLJRPEH]LWWLQJHQWH ȴQDQFLHUHQHQULVLFRȇVRSWHYDQJHQ
9ULMZHODOOHNHQJHWDOOHQODWHQHHQEHHOG]LHQYDQHHQȴQDQFLHHOJH]RQGHVWLFKWLQJ Het belangrijkste aandachtspunt is de liquiditeit. Die toont een terugloop die voor de jaren 2026 en 2027 QLHWPHHUDOVYHUDQWZRRUGZRUGWJH]LHQΖQGHYRULJHSDUDJUDDIKHEEHQZHWRHJHOLFKWGDWGHȴQDQFLHULQJ van het onderwijs op dit moment grillig is en dat de kosteninschattingen daar niet op zijn aangepast om de rust in de organisatie te bewaren. We hebben nog veel tijd om voor 2026 bij te sturen. Naar verwachWLQJ]DOKHWYRRUGLHWLMGZHHUUXVWLJ]LMQLQGHȴQDQFLHULQJYDQKHWSULPDLURQGHUZLMV 70
Een ander punt dat aandacht vraagt is de ontwikkeling van het normatief eigen vermogen. De inspectie KHHIWVLQGVGLWYHUPRJHQJHGHȴQLHHUGPHWHHQVLJQDDOZDDUGH$OVGHUHVHUYHVYDQHHQEHVWXXUWH hoog zijn, dan ziet de inspectie dit als een indicatie voor het oppotten van reserves, wat niet wenselijk is. In 2021 was het normatief eigen vermogen lager dan het gerealiseerde eigen vermogen, ook als gecorrigeerd wordt voor de bestemmingsreserve NPO. In 2022 is het eigen vermogen, gecorrigeerd voor de bestemmingsreserve NPO, lager dan het normatief eigen vermogen. In 2024 is naar verwachting het eigen vermogen al voordat gecorrigeerd is voor de NPO-reserve lager dan het normatief eigen vermogen.
71
Thema Integratie onderwijs en zorg
Een planning van jewelste In De Parel, onze school voor speciaal onderwijs, revalidatie en zorg, werkt het onderwijsteam van Spaarnesant nauw samen met het revalidatieteam van expertisecentrum Reade. Elke dag opnieuw kijken ze samen wat ieder kind nodig heeft. De behoeftes veranderen voortdurend.
Judith Jordan, moeder van Bas (9 jaar)
“ De rolstoel kwam geen minuut te zouden moeten zonder De Parel. Bas heeft de spierziekte Duchenne. Het team kent het pad dat we belopen beter dan wij en begeleidt ons vroeg.” “It takes a village to raise a child, zeggen ze. Dat geldt helemaal als je een kind hebt met een chronische ziekte. Ik weet eigenlijk niet wat we
de hele weg. Soms is dat best confronterend. De ergotherapeut raadde
– Judith Jordan, moeder
ons al aan om een rolstoel aan te vragen toen Bas nog gewoon kon lopen. De procedure duurt lang, zei ze. En inderdaad: de stoel kwam geen minuut te vroeg. De ergotherapeut komt ook aan huis om ons te adviseren over aanpassingen. Onder schooltijd gaat Bas naar de fysiotherapeut, de logopedist, de ergotherapeut en psycholoog. Dat wordt allemaal voor ons geregeld. Als ouder merk je pas dat je met twee organisaties in de school te maken hebt als je bijvoorbeeld een gesprek hebt met de revalidatiearts en zelf moet vragen of de juf aanschuift. Er zijn momenten dat je echt iedereen nodig hebt. Dit jaar had Bas na een leuke zomervakantie een heftige terugkeer naar school. Hij was maandenlang boos. Volgens de arts was dat een gevolg van zijn handicapverwerking en het feit dat hij zich fysiek moeilijk kan uiten. Het beste was zijn woede te erkennen. Dan is het belangrijk dat iedereen hem begripvol benadert: de juf, de onderwijsassistent, de behandelaren en de naschoolse opvang. Een goede samenwerking is goud waard.”
Esther Stutterheim, manager revalidatie
“ Revalidatie en onderalle mogelijke gebieden. Ook thuis en in de klas. Het mooie van de wijs ondersteunen en LQWHJUDWLHYDQRQGHUZLMVHQ]RUJLQ'H3DUHOLVGDWGHWZHHH[SHUWLses elkaar ondersteunen en versterken. Onze focus ligt altijd op het versterken elkaar.” “Revalideren is een kind leren participeren in de maatschappij, op
kind: wat heeft hij of zij op dit moment nodig? Als het van belang is dat een kind veel tijd in de klas doorbrengt, bijvoorbeeld omdat
– Esther Stutterheim, manager revalidatie
hij net leert lezen, dan kunnen we besluiten de therapieën tijdelijk af te schalen. Heeft een kind veel spasticiteit en moet hij zes keer in de week naar fysiotherapie, dan passen we de leerdoelen daar op aan. We werken veel samen met de ouders, die komen vaker voor een gesprek naar school dan in het reguliere onderwijs. Het onderwijs en de revalidatie hebben elk een eigen cyclus voor oudergesprekken. Daarnaast bespreken de teams op gezette tijden alle klassen en stellen ze samen voor ieder kind een behandelplan op. Bij een acute hulpvraag vormen we een kindteam met de leerkracht en de behandelend therapeuten. Met 120 leerlingen en 90 medewerkers is dat een planning van jewelste. Ook omdat de behoeftes van onze leerlingen voortdurend veranderen en er altijd wel iets speelt. Het is een continue zoektocht naar de beste manier van werken.”
4. Bijlagen
74
Bijlage I
Verantwoording raad van toezicht
In 2022 is Spaarnesant aan de slag gegaan met het nieuwe Kompas 2022-2025. Voor alle betrokkenen, ook voor de raad van toezicht, is het een ontdekkingstocht om het Kompas naar de praktijk te vertalen. Wij merken daarbij dat het Kompas goed aansluit op de huidige tijdsgeest en uitdagingen. Ook in 2022 speelde corona Spaarnesant parten. In de eerste helft van het jaar was er veel kunst- en vliegwerk nodig om het onderwijs zoveel mogelijk door te laten gaan. Leerlingen, ouders, leerkrachten en directeuren hebben zich hier volop voor ingezet. De RvT heeft daar veel waardering voor. Hoe om te gaan met de leerachterstanden die sommige leerlingen hebben opgelopen, is de volgende uitdaging waar alle betrokkenen hard aan werken. Eind 2022 heeft de voorzitter van de RvT, Janneke Koch, afscheid genomen. Zij heeft 8 jaar deelgenomen aan de RvT, eerst als lid, later als voorzitter. Ook op deze plek willen we haar bedanken voor haar zorgvuldige, betrokken en open manier van werken.
Invulling taken De RvT ziet erop toe dat Spaarnesant de doelstellingen behaalt die wettelijk en maatschappelijk van de stichting mogen worden verwacht. Op basis van het toezichtkader en het toezicht via de goedkeurings- en verantwoordingsbesluiten en de managementrapportages, ziet de RvT erop toe dat de algemene gang van zaken plaatsvindt op een verantwoorde wijze en dat middelen rechtmatig en doelmatig worden verworven en besteed. De RvT houdt ook toezicht op het functioneren van het college van bestuur en de organisatie als geheel. De RvT adviseert het CvB gevraagd en ongevraagd en fungeert als klankbord. De RvT is de werkgever van de bestuurders. De RvT van Spaarnesant werkt vanuit het Policy Governance Model van Carver en voert het gesprek met het CvB aan de hand van verantwoordingsrapportages van het bestuur.
Overzicht toezichttaken en activiteiten De RvT kwam in 2022 vier keer bijeen voor een reguliere vergadering. In deze vergaderingen is naast de formele besluitvorming over de verantwoordingsrapportages en de planning-en-controlcyclus van Spaarnesant ook gesproken over diverse relevante thema’s binnen de stichting.
75
De RvT heeft in 2022 besluiten genomen c.q. goedkeuring verleend aan: • · de aanpassing Toezichtkader raad van toezicht Spaarnesant • · de vaststelling WNT-klasse 2022 • · het jaarverslag en de jaarrekening 2021 • · updates van de verantwoordingsrapportages Mensen en Bedrijfsvoering • · de samenstelling van de RvT en de werkwijze van de commissies binnen de RvT • · het rooster van aftreden van de leden van de RvT • yGHNHX]HYRRUHHQH[WHUQHDFFRXQWDQWYRRUMDDU • · de midterm review 2022 – verantwoording Onderwijs en Innovatie • · de jaarplanning RvT schooljaar 2022–2023 • · het jaarplan 2023 en de meerjarenbegroting 2023-2027 • · het treasuryplan 2023 • · de risicoanalyse en gewenste reserves • · de beoordeling van de leden van het college van bestuur • yGHZHUYLQJVSURFHGXUHHQKHWSURȴHOOLGFROOHJHYDQEHVWXXU In informatieve zin heeft de RvT gesproken over onder meer: • yGHȴQDQFLOHYRRUWJDQJVUDSSRUWDJHVHQPDQDJHPHQWUDSSRUWDJHV • · een aanvulling op de verantwoording Onderwijs en Innovatie • · het bestuursformatieplan 2022-2023 • · de organisatie van een netwerkdiner met raden van toezicht en besturen • · de stand van zaken Scholen van Morgen. 2RNKHHIWKHW&Y%GH5Y7PRQGHOLQJHQVFKULIWHOLMNJH±QIRUPHHUGRYHULQHQH[WHUQHRQWZLNNHOLQJHQHQ de stand van zaken op de scholen van Spaarnesant.
Schoolbezoeken Gelukkig konden de schoolbezoeken dit jaar weer fysiek plaatsvinden. Iedere toezichthouder heeft 2 à 3 scholen bezocht. We werden rondgeleid en spraken met leerlingen, ouders, leerkrachten en de directie. De RvT dankt alle betrokkenen voor de goede voorbereiding en de openhartige gesprekken. Schoolbezoeken zijn voor ons een belangrijke bron van informatie.
Herijking toezichtkader Spaarnesant en zelfevaluatie RvT De leden van de RvT en het CvB zijn buiten de reguliere vergaderingen nog twee keer bijeengeweest. ΖQIHEUXDULYDQGLWYHUVODJMDDULVRQGHUEHJHOHLGLQJYDQHHQH[WHUQGHVNXQGLJHJHVSURNHQRYHUHHQKHULMking van het toezichtkader die past bij het Kompas. Er is gekeken hoe de principes van policy governance VSHFLȴHN]LMQWRHJHSDVWELM6SDDUQHVDQW'LWKHHIWJHUHVXOWHHUGLQHHQKHU]LHQWRH]LFKWNDGHUDOVJHGHHOG houvast voor de leden van de RvT en het CvB. In september zijn de leden van de RvT en het CvB bijeengeweest voor een zelfevaluatie. Deze was toegespitst op de rollen van de RvT: toezicht, klankbord, werkgever en ambassadeur. Per rol is gekeken naar wat goed gaat en wat beter kan.
Ook de samenstelling van de commissies van de RvT is opnieuw bepaald. Met het aftreden van Janneke Koch per 1-1-2023 komt de functie van voorzitter van de RvT vacant. De RvT heeft er unaniem de voorkeur aan gegeven met zes leden te blijven en een nieuwe voorzitter uit eigen gelederen te kiezen. Na een zorgvuldige procedure is Eveline Kroezen gekozen tot nieuwe voorzitter van de RvT.
Contact met de morele eigenaren De RvT vindt het waardevol om op informele wijze met ouders te kunnen spreken. Deze dialoog is gevoerd tijdens de schoolbezoeken en tijdens het jaarlijkse overleg met de Gemeenschappelijke Medezeggenschapsraad.
Overleg met de Gemeenschappelijke Medezeggenschapsraad De RvT hecht belang aan het contact met de leden van de GMR. Dit jaar was er een gezamenlijke bijeenkomst over het thema kansengelijkheid. Ook is er overleg geweest tussen de voorzitters van de GMR en RvT. De verslagen van de RvT en GMR worden over en weer ter kennisneming gedeeld.
Functioneren college van bestuur De werkgeverscommissie van de RvT heeft beoordelings-/functioneringsgesprekken gevoerd met het college van bestuur, zowel individueel als met beide bestuurders gezamenlijk. Voorafgaand aan deze gesprekken hebben de leden van de RvT input gegeven. De RvT heeft, op basis van het advies van de werkgeverscommissie, het functioneren van de leden van het college van bestuur in 2022 als uitstekend beoordeeld.
Werving nieuw lid college van bestuur De procedure voor de werving van een nieuw lid voor het CvB is in december van start gegaan. Dit in verEDQGPHWGHSHQVLRQHULQJYDQ-DQ$DOEHUWV(HQH[WHUQEXUHDXEHJHOHLGWGHSURFHGXUH'H5Y7KHHIWHHQ SURȴHOYDVWJHVWHOGHQHHQEHQRHPLQJVDGYLHVFRPPLVVLH %$& JH±QVWDOOHHUG'H]H%$&EHVWDDWXLWWZHH leden van de RvT, de voorzitter van het CvB, een directeur, een vertegenwoordiger van het stafbureau en twee leden van de GMR (ouder- en personeelsgeleding).
Samenstelling raad van toezicht De samenstelling van de raad van toezicht was in 2022 als volgt: • · Janneke Koch (voorzitter en lid werkgeverscommissie) • · Henk Tulner (vicevoorzitter en lid commissie onderwijs en kwaliteit) • y6DQGUD6FKRRQKRYHQ OLGȴQDQFLOHFRPPLVVLH • y'LGLHU'RKPHQ OLGȴQDQFLOHFRPPLVVLH • · Elvira Sweet (commissie onderwijs en kwaliteit) • · Eveline Kroezen (lid werkgeverscommissie) • y-RFKHP6WUHHINHUN OLGȴQDQFLOHFRPPLVVLH De hoofd- en nevenfuncties van de leden van het intern toezichtsorgaan en het schoolbestuur worden, overeenkomstig de Code Goed Bestuur, onderstaand vermeld.
77
Leden raad van toezicht Janneke Koch
Hoofdfunctie: strategisch adviseur en interim-manager in onderwijs en overheid vanuit KO CHI. Nevenfunctie: meditatieleraar en coach bij Stichting zen.nl.
Henk Tulner
Hoofdfunctie: adviseur/interim-manager onderwijs en ICT vanuit Connict B.V. Nevenfunctie: lid RvT Stichting Auro (primair onderwijs).
Sandra
Hoofdfunctie: Lead Climate Risk Initiative, ING Bank N.V.
Schoonhoven
Nevenfuncties: geen.
Didier Dohmen
Hoofdfunctie: bestuurder ad interim uit hoofde van InControl Management Services B.V. Nevenfuncties: lid college van bestuur ad interim Onderwijsgemeenschap Venlo & Omstreken, lid RvT stichting Jeugdteam Zaanstad.
Elvira Sweet
Hoofdfunctie: interim-bestuurder, adviseur, coach en mediator bij EMS Consultancy. Nevenfuncties: lid RvT Prodemos en BABS bij de gemeente Amsterdam, lid raad van commissarissen omroeporganisatie EO.
Eveline Kroezen Hoofdfunctie: zelfstandig coach en adviseur bij EKIM. Nevenfunctie: lid bestuur Stichting Huisartsenpost Amstelland. Jochem
Hoofdfunctie: advocaat bij Streefkerk Onderwijsrecht.
Streefkerk
Nevenfuncties: fractievoorzitter PvdA Leidschendam-Voorburg, lid RvT stichting Samenwerkingsverband VO Zuidoost Utrecht.
College van bestuur Marten
Hoofdfunctie: voorzitter college van bestuur Stichting Spaarnesant.
Elkerbout
Nevenfuncties: lid RvT ProBiblio, lid adviescommissie SLO.
Jan Aalberts
Hoofdfunctie: lid college van bestuur Stichting Spaarnesant. Nevenfuncties: geen.
Vergoeding De leden ontvangen een vergoeding gebaseerd op het advies van de Vereniging van Toezichthouders in Onderwijsinstellingen (VTOI) en een vergelijking (benchmark) van vergelijkbare onderwijsorganisaties.
Tot slot Spaarnesant is zich als organisatie bewust van de maatschappelijke meerwaarde die zij kan en moet bieden. Dat reikt voor sommige thema’s verder dan alleen de eigen organisatie en daar spelen zowel het CvB als de RvT hun rol in. De RvT ziet de gerichtheid op de maatschappelijke meerwaarde ook terug bij de medewerkers van de stichting. De RvT dankt iedereen voor zijn/haar betrokkenheid en inzet daarbij.
Eveline Kroezen, voorzitter raad van toezicht
Bijlage II
Verantwoording GMR
Medezeggenschap bij Spaarnesant Spaarnesant vindt het belangrijk dat ouders en personeelsleden meedenken over het onderwijs op de scholen. Dit gebeurt via 25 medezeggenschapsraden en de Gemeenschappelijke Medezeggenschapsraad. Spaarnesant heeft op bestuursniveau de GMR als gesprekspartner, de medezeggenschapsraden zijn gesprekspartner voor de 25 schooldirecties. In deze organen, elk met een eigen rol, zetten zeer betrokken personeelsleden en ouders zich in om medezeggenschap vorm te geven. De GMR overlegt met het college van bestuur op grond van de Wet medezeggenschap op scholen, uitgewerkt in het medezeggenschapsreglement voor de GMR. Om actief te kunnen meedenken bij relevante ontwikkelingen binnen de stichting worden de GMR-leden in een vroeg stadium betrokken bij de voorbereiding van de diverse onderwerpen. Daarnaast wordt de GMR door het CvB regelmatig geïnformeerd en geraadpleegd over diverse ontwikkelingen en onderwerpen waarbij de medezeggenschap van belang is.
Verantwoording 2022 De GMR van Spaarnesant vervult de rol van actief opererend medezeggenschapsorgaan en de leden komen op voor de belangen van alle leerlingen, ouders en medewerkers. Naast de reguliere vergaderingen met het CvB voeren de leden onderling overleg over lopende ontwikkelingen en ter voorbereiding van de vergaderingen.
Leden en commissies De GMR bestaat uit tien leden. De oudergeleding heeft vijf leden, waarvan één kwaliteitszetel voor een ouder van een school voor SBO/SO. De personeelsgeleding wordt gevormd door de andere vijf leden, waarvan één lid vanuit het stafbureau. Voorafgaand aan de vergaderingen van de GMR bereiden commissies de diverse onderwerpen voor. In GHFRPPLVVLHVȴQDQFLQHQSHUVRQHHOZRUGHQRQGHUZHUSHQWRHJHOLFKWHQEHVSURNHQLQKHWELM]LMQYDQ vertegenwoordigers van het bestuur en/of het stafbureau. De commissie communicatie wordt door de GMR-leden zelf gevoerd, veelal voor de communicatie met de achterban, de uitgave van de nieuwsbrief en het uitzetten van vacatures voor de GMR. In dit verslagjaar is een ad hoc commissie reglementen medezeggenschap ingesteld om mee te denken over de herziening van het medezeggenschapsstatuut van de stichting, het GMR-reglement, het MR-reglement en het huishoudelijk reglement GMR. In 2022 hebben twee leden uit de personeelsgeleding afscheid genomen. De vacatures waren voor het einde van het jaar weer ingevuld. De GMR wordt ondersteund door een ambtelijk secretaris. Vragen aan de GMR kunnen worden gesteld via gmr.spaarnesant@spaarnesant.nl.
Advies en instemming De GMR heeft in 2022 zes keer vergaderd, met de onderwerpen van de planning-en-controlcyclus van Spaarnesant als basis voor de agenda. Tussentijds vergaderen werkgroepen of de hele GMR als dat nodig is.
79
De GMR verleent op basis van het GMR-reglement instemming of advies op de diverse onderwerpen.
In 2022 is instemming verleend op: • afspraken quarantaine personeel (conform RIVM-voorschriften) • benoemingsbeleid schooldirectie • bestuursformatieplan 2022-2023 • wijziging benoemingsbeleid schooldirectie • jaarrekening 2021 • actualisering functiebouwwerk • medezeggenschapsstatuut (per 1 januari 2023) • GMR-reglement (per 1 januari 2023).
'H 2 *05KHHIWDGYLHVXLWJHEUDFKWRS • bestuursformatieplan 2022-2023.
De GMR heeft een neutraal advies uitgebracht op de onderwerpen: • onderwijstijd • meerjarenbegroting 2023-2027. De GMR heeft aangegeven dat de omvang van het werk behoorlijk is toegenomen. Hieruit is een voorstel RQWVWDDQYRRUHHQȴQDQFLOHYHUJRHGLQJYRRURXGHUV'LWYRRUVWHOKHHIWKHW&Y%JRHGJHNHXUG'DDUQDDVW KHHIWGH*05YRRUJHVWHOGRPGHUDDGXLWWHEUHLGHQPHWHHQH[WUDRXGHUHQHHQH[WUDOHHUNUDFKW'H]H uitbreiding is meegenomen in het nieuwe GMR-reglement (per 1 januari 2023). 'H*05LVGRRUKHWEHVWXXUJH±QIRUPHHUGRYHUHQEHWURNNHQELMVSHFLȴHNHRQGHUZHUSHQZDDURQGHU de procedure van Koers naar Kompas, de analyse interne mobiliteit, het jaarverslag 2021, de midterm review 2022, het jaarplan 2023, de stand van zaken omtrent maatregelen coronavirus (enquêtes) en het Nationaal Programma Onderwijs. De projectleider Anders Organiseren heeft de GMR geïnformeerd over het Programma Scholen van Morgen. Op maandag 14 maart vond de gezamenlijke bijeenkomst plaats van de leden van de RvT en de GMR.
Doel was met elkaar te kijken hoe het onderwerp kansengelijkheid verbreed kan worden naar alle scholen van Spaarnesant: wat willen de leden van de RvT en GMR meegeven aan het bestuur en de scholen en hoe zien zij hun eigen rol hierin? Op basis van het reglement werving en selectie leden raad van toezicht is de GMR ook betrokken geweest bij de werving en selectieprocedure voor een nieuw lid van de raad van toezicht.
Medezeggenschapsraden De GMR hecht grote waarde aan goed contact met de achterban. Het is belangrijk om contact te hebben met de MR’s en te weten wat er speelt op de scholen. Op die manier kan de GMR de kwaliteit van de advisering naar het bestuur verbeteren. De leden hebben zich laten uitnodigen in vergaderingen van de MR’s om nader kennis te maken en een toelichting te geven op het werk van de GMR. Hiermee wordt het contact verbeterd en kunnen de leden van de MR’s en GMR elkaar over en weer beter vinden. Daarnaast heeft de GMR op dinsdag 17 mei een zogenaamde ‘GMR meets MR’s’-bijeenkomst georganiseerd met het thema Van Koers naar Kompas. De bijeenkomst was een groot succes en werd door de deelnemers als nuttig ervaren.
Bijlage III
Referentiemodel schoolkwaliteit per school
5HVXOWDWHQb
De school behaalt met haar leerlingen leerresultaten die ten minste in overeenstemming zijn PHWGHJHVWHOGHQRUPb
Sociale en maatschappelijke FRPSHWHQWLHVb
De leerlingen behalen sociale en maatschappelijke competenties op het niveau dat ten minste in overeenstemming is met de JHVWHOGHGRHOHQb
.$b
.:$/Ζ7(Ζ76=25*(1$0%Ζ7Ζ(b
.$b
.ZDOLWHLWV]RUJb
Het bestuur en de school hebben een stelsel van kwaliteitszorg ingericht en verbeteren op basis GDDUYDQKHWRQGHUZLMVb
.$b
.ZDOLWHLWVFXOWXXUb
Het bestuur en zijn scholen kennen een professionele kwaliteitscultuur en functioneren WUDQVSDUDQWHQLQWHJHUb
.$b
Verantwoording en GLDORRJb
De school legt intern en extern toegankelijk en betrouwbaar verantwoording af over doelen en resultaten en voert daarover DFWLHIHHQGLDORRJb
De Parel SO
21'(5:Ζ-65(68/7$7(1b
Van Voorthuijsenschool SO
25b
Hildebrand SBO
De school heeft een ondersteuQHQGSHGDJRJLVFKNOLPDDWb
De Zuidwester
3HGDJRJLVFKNOLPDDWb
IKC Schalkwijk SBO
6.b
De Zonnewijzer
Schoolleiding en leraren dragen zorg voor een veilige omgeving OHHUOLQJHQb
De Zuiderpolder/Camelot
9HLOLJKHLGb
De Wilgenhoek
6&+22/./Ζ0$$7b
6.b
De Spaarneschool
6.b
De school werkt samen met relevante partners om het onderwijs voor haar leerlingen YRUPWHJHYHQb
De Piramide, nevenvestiging
6DPHQZHUNLQJb
De Peppelaer
23b
De Erasmus, zelfst. dislocatie
([WUD RQGHUVWHXQLQJ Leerlingen die dat nodig hebben ontvangen extra aanbod, RQGHUVWHXQLQJHQEHJHOHLGLQJb
Molenwiek Dalton
23b
Het didactisch handelen van de leraren stelt leerlingen in staat tot OHUHQHQRQWZLNNHOHQb
De Wijde Wereld Montessori
'LGDFWLVFKKDQGHOHQb
De Kring
23b
Hannie Schaftschool
=LFKWRSRQWZLNNHOLQJb De school volgt de ontwikkeling van haar leerlingen zodanig dat zij een ononderbroken ontwikkeling NXQQHQGRRUORSHQb
De Globe
23b
Het aanbod bereidt de leerlingen voor op vervolgonderwijs en VDPHQOHYLQJb
M.L. Kingschool
$DQERGb
7HU&OHH
23b
'H'ROȴMQ
ONDERWIJSPROCES
De Cirkel
OP
Cruquiusschool
beschrijving
Bos en Vaart
Spaarnesant
De Beatrixschool
schoolkwaliteit
IKC De Argonauten
Inspectiestandaard
referentiemodel
G
V
G
V
V
V
V
V
V
V
V
V
V
V
G
V
V
V
V
V
G
V
V
V
G
V
V
G
V
V
V
V
V
V
V
V
V
V
G
G
G
V
V
G
V
G
V
V
V
G
G
V
G
V
V
V
V
V
V
G
G
G
V
G
G
G
V
V
G
G
G
V
V
V
G
V
V
V
V
V
V
V
V
V
V
V
V
V
V
G
V
V
V
V
V
V
V
V
V
G
V
V
G
V
V
V
V
V
V
V
V
V
V
G
G
G
V
V
V
G
V
V
V
V
G
G
V
G
V
V
V
V
V
V
G
G
V
G
G
G
G
V
V
G
G
G
V
V
V
G
V
V
G
V
V
V
V
V
V
V
V
V
V
G
V
V
V
V
G
V
V
V
V
V
G
V
V
G
V
V
V
V
V
V
V
V
V
V
V
G
G
V
V
G
V
G
V
V
V
G
V
V
G
V
V
V
V
V
V
V
V
V
V
V
V
V
V
V
V
V
V
V
V
V
G
V
V
G
V
V
V
V
V
V
V
V
V
G
V
V
V
V
V
V
G
V
V
V
V
G
G V
G
V
V
V
V
V
V
V
V
V
G
G
G
G
V
V
G
V
G
V
V
V
G
V
G
V
V
V
V
V
V
V
V
V
G
V
V
V
V
V
G
V
G
V
V
V
V
V
Bijlage VI
Leerlingenprognoses per school
Telling 1 oktober
BRIN
2021
Telling 1 februari
2022
2023
2024
2025
2027
Basisonderwijs Bos en Vaart
15SB
527
548
536
536
536
536
536
Cruquiusschool
15SB
122
136
164
189
214
239
239
De Kring
15UJ
508
515
497
507
517
497
497
Hannie Schaftschool
15UJ
221
231
235
235
235
235
235
De Cirkel
15WQ
291
296
279
281
289
294
294
M.L. Kingschool
16KG
241
244
254
259
265
274
283
7HU&OHH
16AR
591
603
605
578
572
572
572
IKC De Argonauten
16AR
180
189
209
219
219
219
219
De Wilgenhoek
16CH
209
214
216
221
221
220
220
De Beatrixschool
16DS
421
448
452
452
452
452
452
'H'ROȴMQ
16GK
269
279
278
275
275
278
278
De Zonnewijzer
16HS
442
456
439
439
449
454
454
De Zuidwester
16JB
412
427
423
419
416
418
418
De Zuiderpolder/Camelot
16LF
148
156
161
166
171
176
176
De Globe
16NG
125
122
122
127
132
137
137
De Erasmus
16NG
284
293
294
299
304
319
319
De Piramide
16NG
157
160
154
154
154
154
154
Molenwiek Dalton
16WT
444
466
472
481
481
481
481
De Wijde Wereld Montessori
16WT
156
166
170
175
185
190
195
De Spaarneschool
16YQ
148
151
143
145
147
149
149
De Peppelaer
16ZF
396
415
423
423
423
423
423
Totaal BAO
Mutatie t.o.v. voorgaand jaar
-0,6%
3,5%
0,2%
0,8%
1,2%
0,9%
0,2%
SBO en SO Hildebrand
18QX
54
54
38
29
18
9
0
IKC Schalkwijk
18RW
183
184
191
195
200
200
200
Totaal SBO
237
229
224
209
200
Mutatie t.o.v. voorgaand jaar
1,7%
0,4%
-3,8%
-2,2%
-8,0%
-12,2%
-12,7%
Van Voorthuijsenschool
18IS
180
180
190
190
188
185
185
De Parel
18LW
121
121
120
120
118
120
120
Totaal SO
301
301
310
310
305
305
Mutatie t.o.v. voorgaand jaar
-2,6%
0,0%
3,0%
0,0%
1,7%
1,3%
-1,6%
Totaal SBO en SO
539
539
534
524
514
505
Mutatie t.o.v. voorgaand jaar
-0,7%
0,2%
0,0%
-0,9%
-2,6%
-4,6%
-6,3%
Totaal Spaarnesant
7.054
7.114
7.231
Mutatie t.o.v. voorgaand jaar
-0,6%
3,3%
0,2%
0,7%
0,9%
0,7%
0,1%
Bijlage V
Verantwoording Samenwerkingsverband PO Zuid-Kennemerland
sĞƌĂŶƚǁŽŽƌĚŝŶŐƉĂƐƐĞŶĚŽŶĚĞƌǁŝũƐŵŝĚĚĞůĞŶ
<ĂůĞŶĚĞƌũĂĂƌϮϬϮϮͮƌĞƚŽƵƌĂĂŶƐĂŵĞŶǁĞƌŬŝŶŐƐǀĞƌďĂŶĚǀŽŽƌϭϱŵĂĂƌƚϮϬϮϯĂĂŶƌ͘ƌŽďŝƐŽŶΛƉŽͲnjŬ͘Ŷů
'ĞŐĞǀĞŶƐƐĐŚŽŽůďĞƐƚƵƵƌ EĂĂŵƐĐŚŽŽůďĞƐƚƵƵƌ KŶƚǀĂŶŐĞŶŵŝĚĚĞůĞŶ^tsŬĂůĞŶĚĞƌũĂĂƌϮϬϮϮ KŶĚĞƌƐƚĞƵŶŝŶŐƐŵŝĚĚĞůĞŶ͗ ^ƉĂĂƌŶĞƐĂŶƚ d>sŽƉK͗ /ŶnjĞƚĞdžƉĞƌƚŝƐĞŐĞƐƉĞĐŝĂůŝƐĞĞƌĚŽŶĚĞƌǁŝũƐŽƉďĂŽ͗
dŽƚĂĂů
ΦϮ͘Ϭϭϱ͘ϮϮϭ ΦϳϮ͘ϱϵϬ Φϭϵϲ͘ϬϬϬ
ΦϮ͘Ϯϴϯ͘ϴϭϭ
sƌĂĂŐϭ ,ŽĞŝƐƉĂƐƐĞŶĚŽŶĚĞƌǁŝũƐŐĞƌĞĂůŝƐĞĞƌĚŵĞƚĚĞŽŶƚǀĂŶŐĞŶŽŶĚĞƌƐƚĞƵŶŝŶŐƐŵŝĚĚĞůĞŶ͍ ,ŽĞnjŝũŶĚĞŽŶƚǀĂŶŐĞŶŽŶĚĞƌƐƚĞƵŶŝŶŐƐŵŝĚĚĞůĞŶ ,ĞƚďĞĚƌĂŐƉĞƌůĞĞƌůŝŶŐŐĂĂƚǀŽůůĞĚŝŐŶĂĂƌĚĞ ƐĐŚŽůĞŶ͘Ğt^ĞŶd>s͛ƐǁŽƌĚĞŶƌĞĐŚƚƐƚƌĞĞŬƐ ǀĞƌĚĞĞůĚŽŶĚĞƌƵǁƌĞŐƵůŝĞƌĞƐĐŚŽůĞŶ͍DŝĚĚĞůƐ ǀĞƌƌĞŬĞŶĚŵĞƚĚĞĚĞƐďĞƚƌĞĨĨĞŶĚĞƐĐŚŽŽů͘ ǁĞůŬĞǀĞƌĚĞůŝŶŐƐƐLJƐƚĞŵĂƚŝĞŬ͍ ,ŽĞŚĞďƚƵnjŝĐŚƚŽƉĚĞƌĞƐƵůƚĂƚĞŶǀĂŶƉĂƐƐĞŶĚ ,ĞƚŬǁĂůŝƚĞŝƚƐƐLJƐƚĞĞŵďŝŶŶĞŶ^ƉĂĂƌŶĞƐĂŶƚďĞŚĞůƐƚ ŽŶĚĞƌǁŝũƐŽƉƵǁƐĐŚŽůĞŶ͍ ĚĂƚĞƌũĂĂƌůŝũŬƐĞnjĞůĨĞǀĂůƵĂƚŝĞƐǁŽƌĚĞŶŐĞĚĂĂŶĞŶ ŽƉďƌĞŶŐƐƚĞŶǁŽƌĚĞŶŐĞŵŽŶŝƚŽƌĚ͘ůůĞƐĐŚŽůĞŶ ǁŽƌĚĞŶĞĞŶƐŝŶĚĞĚƌŝĞũĂĂƌďĞnjŽĐŚƚǀŽŽƌĞĞŶĂƵĚŝƚ͘ ĞƐĐŚŽůĞŶǀĞƌĂŶƚǁŽŽƌĚĞŶnjŝĐŚũĂĂƌůŝũŬƐǀŝĂŚĞƚ ũĂĂƌǀĞƌƐůĂŐ͘ ƌŝƐƐŝŶĚƐǀŽƌŝŐƐĐŚŽŽůũĂĂƌĞĞŶŶĞƚǁĞƌŬŐĞƐƚĂƌƚŵĞƚ ĚĞŬǁĂůŝƚĞŝƚƐŵĞĚĞǁĞƌŬĞƌƐǀĂŶĚĞǀĞƌƐĐŚŝůůĞŶĚĞ ďĞƐƚƵƌĞŶƵŝƚƵŝĚ<ĞŶŶĞŵĞƌůĂŶĚĞŶĞĞŶĂĂŶƚĂů ĐŽŶƐƵůĞŶƚĞŶǀĂŶŚĞƚ^ts͘ƌnjŝũŶŝŶŵŝĚĚĞůƐĞĞŶ ĂĂŶƚĂůďŝũĞĞŶŬŽŵƐƚĞŶŐĞǁĞĞƐƚ͘ĞnjĞďŝũĞĞŶŬŽŵƐƚĞŶ ƐƚĂĂŶŝŶŚĞƚƚĞŬĞŶǀĂŶǀĞƌŬĞŶŶŝŶŐǀĂŶŐĞnjĂŵĞŶůŝũŬĞ ƚŚĞŵĂ͛ƐĞŶĞĞŶŐŽĞĚĞĂĨƐƚĞŵŵŝŶŐŚŝĞƌŽƉ͘ĞnjĞ ŐƌŽĞƉŬŽŵƚǀŝĞƌŬĞĞƌƉĞƌũĂĂƌďŝũĞůŬĂĂƌ͘ sĞƌĚĞƌŚĞĞĨƚĚĞŬǁĂůŝƚĞŝƚƐŵĞĚĞǁĞƌŬĞƌǀĂŶ ^ƉĂĂƌŶĞƐĂŶƚŵŝŶŝŵĂĂůĠĠŶŬĞĞƌƉĞƌƐĐŚŽŽůũĂĂƌ͕ŵĞƚ ĚĞĐŽŶƐƵůĞŶƚĞŶǀĂŶŚĞƚƐĂŵĞŶǁĞƌŬŝŶŐƐǀĞƌďĂŶĚ͕ĞĞŶ ĂĨƐƚĞŵŵŝŶŐƐŽǀĞƌůĞŐ͘ŝƚŽŵƐĂŵĞŶƚĞďĞŽŽƌĚĞůĞŶ ǁĂĂƌĚĞŽŶĚĞƌƐƚĞƵŶŝŶŐƐďĞŚŽĞĨƚĞůŝŐƚǀĂŶĚĞƐĐŚŽůĞŶ ĞŶĚĞnjĞnjŽŶŽĚŝŐŽƉĞůŬĂĂƌĂĨƚĞƐƚĞŵŵĞŶ͘
,ŽĞǁŽƌĚĞŶĚĞƌĞƐƵůƚĂƚĞŶͬŝŶnjĞƚǀĂŶƉĂƐƐĞŶĚ ĞƌĞƐƵůƚĂƚĞŶĞŶŝŶnjĞƚǀĂŶŵŝĚĚĞůĞŶnjŝũŶŽŶĚĞƌĚĞĞů ŽŶĚĞƌǁŝũƐŵŝĚĚĞůĞŶďĞƐƉƌŽŬĞŶŵĞƚĚĞZǀd͍ ǀĂŶŚĞƚũĂĂƌǀĞƌƐůĂŐĚĂƚŵĞƚĚĞZǀdǁŽƌĚƚďĞƐƉƌŽŬĞŶ͘ ĂĂƌŶĂĂƐƚŬŽŵƚŚĞƚƚĞƌƵŐŝŶĚĞ ǀĞƌĂŶƚǁŽŽƌĚŝŶŐƐƌĂƉƉŽƌƚĂŐĞǀĂŶŚĞƚďĞƐƚƵƵƌĂĂŶĚĞ ZǀdŝŶŚĞƚŬĂĚĞƌǀĂŶŽŶƐWŽůŝĐLJͲ'ŽǀĞƌŶĂŶĐĞƐLJƐƚĞĞŵ͘ KŵĚĂƚĞĞŶƉĂƐƐĞŶĚŽŶĚĞƌǁŝũƐĂĂŶďŽĚǀŽŽƌŬŽŵƚŝŶ ĚĞŵŝƐƐŝĞǀĂŶ^ƉĂĂƌŶĞƐĂŶƚ͕ŵŽĞƚĚĂĂƌƐƉĞĐŝĨŝĞŬŽƉ ǀĞƌĂŶƚǁŽŽƌĚǁŽƌĚĞŶ͘ŝƚŐĞďĞƵƌƚũĂĂƌůŝũŬƐ͘ ĂĂƌŶĂĂƐƚŝƐĚŝƚŽŽŬŽŶĚĞƌĚĞĞůǀĂŶĚĞŵŝĚͲƚĞƌŵ ƌĞǀŝĞǁ͘EŝĞƚĂůƐĞĞŶƐĞƉĂƌĂĂƚŽŶĚĞƌǁĞƌƉŵĂĂƌǁĞů ďŝŶŶĞŶŚĞƚŽǀĞƌŬŽĞƉĞůĞŶĚĞŽŶĚĞƌǁĞƌƉ͗KŶĚĞƌǁŝũƐ <ǁĂůŝƚĞŝƚ;ŵĞƚĚĞƚŚĞŵĂ͛ƐKŶĚĞƌǁŝũƐΘ/ŶŶŽǀĂƚŝĞ͕
ϭ
sĞƌĂŶƚǁŽŽƌĚŝŶŐƉĂƐƐĞŶĚŽŶĚĞƌǁŝũƐŵŝĚĚĞůĞŶ
<ĂůĞŶĚĞƌũĂĂƌϮϬϮϮͮƌĞƚŽƵƌĂĂŶƐĂŵĞŶǁĞƌŬŝŶŐƐǀĞƌďĂŶĚǀŽŽƌϭϱŵĂĂƌƚϮϬϮϯĂĂŶƌ͘ƌŽďŝƐŽŶΛƉŽͲnjŬ͘Ŷů
&
' ,
/ :
<
<ĂŶƐĞŶŐĞůŝũŬŚĞŝĚ͕/ŶĐůƵƐŝǀŝƚĞŝƚĞŶĚƵĐĂƚŝĞĨ ƉĂƌƚŶĞƌƐĐŚĂƉͿ ,ŽĞǁŽƌĚĞŶĚĞƌĞƐƵůƚĂƚĞŶͬŝŶnjĞƚǀĂŶƉĂƐƐĞŶĚ ĞƌĞƐƵůƚĂƚĞŶĞŶŝŶnjĞƚǀĂŶŵŝĚĚĞůĞŶnjŝũŶŽŶĚĞƌĚĞĞů ŽŶĚĞƌǁŝũƐŵŝĚĚĞůĞŶďĞƐƉƌŽŬĞŶŵĞƚĚĞ;'ͿDZ͍ ǀĂŶŚĞƚũĂĂƌǀĞƌƐůĂŐĚĂƚŵĞƚĚĞ'DZǁŽƌĚƚ ďĞƐƉƌŽŬĞŶ͘ tĞůŬĞĚŽĞůĞŶͬƉƌŝŽƌŝƚĞŝƚĞŶƵŝƚƵǁƐƚƌĂƚĞŐŝƐĐŚ KŶĚĞƌǁŝũƐΘ/ŶŶŽǀĂƚŝĞ͕<ĂŶƐĞŶŐĞůŝũŬŚĞŝĚ͕/ŶĐůƵƐŝǀŝƚĞŝƚ ďĞůĞŝĚĚƌĂŐĞŶďŝũĂĂŶŚĞƚĂĨƐƚĞŵŵĞŶǀĂŶŚĞƚ ĞŶĚƵĐĂƚŝĞĨƉĂƌƚŶĞƌƐĐŚĂƉ͕ĚĞŝũŬƉƵŶƚĞŶǀĂŶŽŶƐ ŽŶĚĞƌǁŝũƐĂĂŶďŽĚĂĂŶĚĞůĞĞƌůŝŶŐ;ĞŶͿ͍ ďĞůĞŝĚŽƉKŶĚĞƌǁŝũƐĞŶ<ǁĂůŝƚĞŝƚĚƌĂŐĞŶĂůůĞŶďŝũĂĂŶ ĚĞĂĨƐƚĞŵŵŝŶŐǀĂŶŽŶƐŽŶĚĞƌǁŝũƐĂĂŶďŽĚ͘ dŝũĚĞŶƐnjĞůĨĞǀĂůƵĂƚŝĞƐĞŶĂƵĚŝƚƐƐƚĂĂƚĚĞƐƚĂŶĚĂĂƌĚ ,ĞďƚƵďƵŝƚĞŶĚĞǁĞƚƚĞůŝũŬĞǀĞƌƉůŝĐŚƚŝŶŐĞŶ ĞdžƚƌĂďĞŐĞůĞŝĚŝŶŐĐĞŶƚƌĂĂů͘,ŽĞǀĞƌůŽŽƉƚĚĞƌŽƵƚĞ ĂĂŶǀƵůůĞŶĚďĞůĞŝĚŵ͘ď͘ƚ͘ĚĞďĞƚƌŽŬŬĞŶŚĞŝĚǀĂŶ ŶĂĂƌĞĞŶKWW͕ŚŽĞŝƐĚĞďĞƚƌŽŬŬĞŶŚĞŝĚǀĂŶŽƵĚĞƌƐ ůĞĞƌůŝŶŐĞŶĞŶŚƵŶŽƵĚĞƌƐďŝũŚƵŶůĞĞƌƉƌŽĐĞƐ͍ ĞŶůĞĞƌůŝŶŐĞŶďŝũŚĞƚƉƌŽĐĞƐǀĂŶĞĞŶKWW͘tĂŶŶĞĞƌ ĚĞƐĐŚŽŽůŶŝĞƚĂĂŶĚĞŽŶĚĞƌǁŝũƐďĞŚŽĞĨƚĞǀĂŶĞĞŶ ůĞĞƌůŝŶŐŬĂŶǀŽůĚŽĞŶŝƐŚĞƚďĞůĂŶŐƌŝũŬĚĂƚƐĐŚŽůĞŶ ŚŝĞƌĞĞŶĚƵŝĚĞůŝũŬĞǀŝƐŝĞĞŶďĞůĞŝĚŽƉŚĞďďĞŶ tĂƚŝƐƵǁďĞĞůĚǀĂŶĚĞŬǁĂůŝƚĞŝƚǀĂŶƉĂƐƐĞŶĚ ŝĞŽǀĞƌnjŝĐŚƚŬǁĂůŝƚĞŝƚƵŝƚnjĞůĨĞǀĂůƵĂƚŝĞŝŶũĂĂƌǀĞƌƐůĂŐ ŽŶĚĞƌǁŝũƐŽƉƵǁƐĐŚŽůĞŶŽƉĚŝƚŵŽŵĞŶƚ͍ ϮϬϮϮ͘ tĂƚŝƐƵǁďĞĞůĚǀĂŶĚĞŽŶƚǁŝŬŬĞůŝŶŐǀĂŶĚĞ ƌŝƐŚĂůĨũĂĂƌůŝũŬƐĐŽŶƚĂĐƚƚƵƐƐĞŶĚĞĐŽŶƐƵůĞŶƚĞŶǀĂŶ ŬǁĂůŝƚĞŝƚǀĂŶƉĂƐƐĞŶĚŽŶĚĞƌǁŝũƐŽƉƵǁƐĐŚŽŽůŝŶ
ŚĞƚƐĂŵĞŶǁĞƌŬŝŶŐƐǀĞƌďĂŶĚĞŶĚĞ ĚĞĂĨŐĞůŽƉĞŶũĂƌĞŶ͍ ŬǁĂůŝƚĞŝƚƐŵĞĚĞǁĞƌŬĞƌǀĂŶ^ƉĂĂƌŶĞƐĂŶƚ͘,ĞƚĚŽĞůŝƐ ŽŵĚĞĂĨƐƚĞŵŵŝŶŐĞŶŬǁĂůŝƚĞŝƚǀĂŶƉĂƐƐĞŶĚ ŽŶĚĞƌǁŝũƐŽƉĚĞƐĐŚŽůĞŶŝŶŬĂĂƌƚƚĞďƌĞŶŐĞŶĞŶĚĞ ŽŶĚĞƌƐƚĞƵŶŝŶŐƐďĞŚŽĞĨƚĞǀĂŶĚĞƐĐŚŽůĞŶŵĞƚĞůŬĂĂƌ ĂĨƚĞƐƚĞŵŵĞŶ͘ >ƵŬƚŚĞƚŝŶĂůůĞŐĞǀĂůůĞŶŽŵĂĂŶƵǁnjŽƌŐƉůŝĐŚƚ 'ĞĞŶƐŝŐŶĂůĞŶŐĞŬƌĞŐĞŶĚĂƚŚĞƚŶŝĞƚůƵŬƚ͘tĞů ƚĞǀŽůĚŽĞŶ͍'ƌĂĂŐƚŽĞůŝĐŚƚĞŶ͘ ďĞůĂŶŐƌŝũŬŽŵŚĞůĚĞƌƚĞďůŝũǀĞŶŚŽƵĚĞŶǁĂƚ njŽƌŐƉůŝĐŚƚǀŽŽƌƐĐŚŽůĞŶƉƌĞƐŝĞƐďĞƚĞŬĞŶƚ͘ tĞůŬĞƉŽƐŝƚŝĞǀĞĞŶŶĞŐĂƚŝĞǀĞƚƌĞŶĚƐĞƌǀĂĂƌƚƵ͍ ŝũĞĞŶĂĂŶƚĂůƐĐŚŽůĞŶŝƐĚĞůĞĞƌůŝŶŐƉŽƉƵůĂƚŝĞĂĂŶŚĞƚ ǀĞƌĂŶĚĞƌĞŶ͘ƌŝƐĞĞŶďƌĞĚĞƌĞƐƉƌĞŝĚŝŶŐĞŶŚĞƚ ĂĂŶďŽĚnjĂůŚŝĞƌŽƉŵŽƚĞŶǁŽƌĚĞŶĂĂŶŐĞƉĂƐƚ͘ ^ĐŚŽůĞŶƐŝŐŶĂůĞƌĞŶĚŝƚĞŶƐƉĞůĞŶŚŝĞƌŽƉŝŶ͘ KǀĞƌŝŐĞŽƉŵĞƌŬŝŶŐĞŶ
sƌĂĂŐϮ ,ŽĞŝƐĚĞŝŶnjĞƚǀĂŶĞdžƉĞƌƚŝƐĞǀĂŶƵŝƚƵǁŐĞƐƉĞĐŝĂůŝƐĞĞƌĚŽŶĚĞƌǁŝũƐĂĂŶƌĞŐƵůŝĞƌĞďĂƐŝƐƐĐŚŽůĞŶŐĞƌĞĂůŝƐĞĞƌĚ͍ sĂŶsŽŽƌƚŚƵŝũƐĞŶƐĐŚŽŽů WĞƌƐŽŶĞůĞŝŶnjĞƚ dǁĞĞĂŵďƵůĂŶƚďĞŐĞůĞŝĚĞƌƐǀĂŶĚĞsĂŶsŽŽƌƚŚƵŝũƐĞŶƐĐŚŽŽů͕njŝũŶ ďĞŝĚĞŶǀŽŽƌϭĚĂŐƉĞƌǁĞĞŬǀƌŝũŐĞƌŽŽƐƚĞƌĚŽŵǀƌĂŐĞŶĞdžƚĞƌŶƚĞ ďĞĂŶƚǁŽŽƌĚĞŶĞŶĞdžƉĞƌƚŝƐĞƚĞĚĞůĞŶ͘ŝƚŐĞďĞƵƌƚŽƉůŽĐĂƚŝĞŽĨǀŝĂ dĞĂŵƐ͕ŵĂŝůŽĨƚĞůĞĨŽŽŶ͘ DĞĞƐƚĂůƐƚĂƌƚĞŶǁĞŵĞƚĞĞŶŽďƐĞƌǀĂƚŝĞǁĂĂƌŶĂĞĞŶŐĞƐƉƌĞŬŵĞƚ ĚĞůĞĞƌŬƌĂĐŚƚǀŽůŐƚ͘KƉǀĞƌnjŽĞŬnjŝũŶĞƌŐĞƐƉƌĞŬŬĞŶŵĞƚůĞĞƌŬƌĂĐŚƚ ĞŶŽƵĚĞƌƐ͘ƌnjŝũŶnjŽǁĞůŬŽƌƚĚƵƌĞŶĚĞĂůƐůĂŶŐĚƵƌĞŶĚĞƉƌŽũĞĐƚĞŶ͘
Ϯ
sĞƌĂŶƚǁŽŽƌĚŝŶŐƉĂƐƐĞŶĚŽŶĚĞƌǁŝũƐŵŝĚĚĞůĞŶ
<ĂůĞŶĚĞƌũĂĂƌϮϬϮϮͮƌĞƚŽƵƌĂĂŶƐĂŵĞŶǁĞƌŬŝŶŐƐǀĞƌďĂŶĚǀŽŽƌϭϱŵĂĂƌƚϮϬϮϯĂĂŶƌ͘ƌŽďŝƐŽŶΛƉŽͲnjŬ͘Ŷů
DĂƚĞƌŝĞůĞŝŶnjĞƚ
ĂŶŚŽĞǀĞĞůƐĐŚŽůĞŶŝƐĚŽŽƌŚĞƚ ŐĞƐƉĞĐŝĂůŝƐĞĞƌĚŽŶĚĞƌǁŝũƐ ŽŶĚĞƌƐƚĞƵŶŝŶŐŐĞďŽĚĞŶ͍
tŝũŚĞďďĞŶĞĞŶůĞƐŽŶƚǁĞƌƉŐĞŵĂĂŬƚŽŵĞĞŶůĞĞƌůŝŶŐŵĞƚ ůĞĞƌŵŽĞŝůŝũŬŚĞĚĞŶ͕njŽĂůƐďŝũǀŽŽƌďĞĞůĚ^LJŶĚƌŽŽŵǀĂŶŽǁŶ͕ĞĞŶ ďĞƚĞƌĞƐŽĐŝĂůĞĂĂŶƐůƵŝƚŝŶŐŝŶĚĞŐƌŽĞƉƚĞůĂƚĞŶǀŝŶĚĞŶ͘ĞnjĞ ŚĞďďĞŶǁĞƵŝƚŐĞƉƌŽďĞĞƌĚďŝŶŶĞŶĞĞŶŐƌŽĞƉϱ͘tĞnjŝũŶďĞnjŝŐŵĞƚ ŚĞƚŽŶƚǁĞƌƉĞŶǀĂŶĞĞŶĞdžƉĞƌƚŝƐĞŵŝĚĚĂŐ͕ŚŽĞŵĂĂŬŝŬĞĞŶKWW͘ ĨŐĞůŽƉĞŶũĂĂƌŚĞďďĞŶǁŝũŵĞĞŐĞĚĂĐŚƚŽǀĞƌĚĞŝŶŚŽƵĚǀĂŶĚĞ ĞdžƉĞƌƚŝƐĞŵŝĚĚĂŐǀŽŽƌĚĞƉƌŽĨĞƐƐŝŽŶĂůƐŝŶĚĞĞdžƉĞƌƚŝƐĞƉŽŽů͘Ğ ĞdžƉĞƌƚŝƐĞŵŝĚĚĂŐǀŽŶĚƉůĂĂƚƐŽƉĚĞsĂŶsŽŽƌƚŚƵŝũƐĞŶƐĐŚŽŽůĞŶĚĞ ĚŝƌĞĐƚĞƵƌŚĞĞĨƚĞĞŶƉƌĞƐĞŶƚĂƚŝĞŐĞŐĞǀĞŶ͘ĂĂƌŶĂĂƐƚǁĂƐĠĠŶ͛Ğƌ ĂĂŶǁĞnjŝŐďŝũĚĞWĂƐƐĞŶĚKŶĚĞƌǁŝũƐŵĂƌŬƚŽŵŽŶnjĞĞdžƉĞƌƚŝƐĞŽƉĚĞ ŬĂĂƌƚƚĞnjĞƚƚĞŶ͘ >ĞĞƌŬƌĂĐŚƚĞŶŬƌŝũŐĞŶŚĂŶĚǀĂƚƚĞŶǁĂƚďĞƚƌĞĨƚŵĂƚĞƌŝģůĞŝŶnjĞƚ͕ ŬƌŝũŐĞŶǀŽŽƌďĞĞůĚŵĂƚĞƌŝĂĂůĞŶĂĂŶŐĞƉĂƐƚĞůĞĞƌŵŝĚĚĞůĞŶ͘ ŝƚũĂĂƌŝƐĞƌŶŽŐŐĞĞŶŐĞďƌƵŝŬŐĞŵĂĂŬƚǀĂŶĚĞ/YƚĞƐƚĞŶĚŝĞǁŝũŽƉ ƐĐŚŽŽůŬƵŶŶĞŶĂĂŶďŝĞĚĞŶ͘ tĞĂĚǀŝƐĞƌĞŶŽŽŬŽǀĞƌŚĞƚŝŶnjĞƚƚĞŶǀĂŶĚĞůĞĞƌůŝũŶĞŶǀŽŽƌĞĞŶ ůĞĞƌůŝŶŐĞŶŚŽĞĚŝƚƚĞĚŽĞŶ͘ tĞnjŝĞŶĚŝƚũĂĂƌĞĞŶǀĞƌƐĐŚƵŝǀŝŶŐŝŶǁĞůŬĞǀƌĂŐĞŶǁŝũŬƌŝũŐĞŶ͘EŽŐ ƐƚĞĞĚƐnjŝũŶĞƌƐĐŚŽůĞŶĚŝĞŽŶƐƚĞǀŝŶĚĞŶǁĞƚĞŶǀŽŽƌĞĞŶůĞĞƌůŝŶŐ ŵĞƚƐLJŶĚƌŽŽŵǀĂŶŽǁŶ͘ ĨŐĞůŽƉĞŶũĂĂƌnjŝũŶĚŝƚϭϬƐĐŚŽůĞŶŐĞǁĞĞƐƚǁĂĂƌǁŝũϭŽĨŵĞĞƌĚĞƌĞ ůĞĞƌůŝŶŐĞŶŐĞnjŝĞŶŚĞďďĞŶ͘,ŝĞƌǀĂŶůŽŽƉƚŽƉϰƐĐŚŽůĞŶĞĞŶ ůĂŶŐĚƵƌŝŐƚƌĂũĞĐƚǁĂĂƌŽƉƌĞŐĞůŵĂƚŝŐĞďĂƐŝƐĐŽŶƚĂĐƚŝƐǀŽŽƌ ŚƵůƉǀƌĂŐĞŶ͘ĞĂŶĚĞƌĞƐĐŚŽůĞŶŬŽŶĚĞŶŵĞƚĞĞŶŬŽƌƚĚƵƌĞŶĚƚƌĂũĞĐƚ
ǀŽůĚŽĞŶĚĞǁŽƌĚĞŶŐĞŚŽůƉĞŶĞŶƐƚĞůůĞŶŽŶƐĂĨĞŶƚŽĞĞĞŶŶŝĞƵǁĞ ŚƵůƉǀƌĂĂŐ͘
,ŽĞƚĞǀƌĞĚĞŶnjŝũŶĚĞnjĞƐĐŚŽůĞŶ ŽǀĞƌĚĞŐĞďŽĚĞŶŽŶĚĞƌƐƚĞƵŶŝŶŐ͍ ŶŚŽĞǁŽƌĚƚĚŝƚŐĞŵĞƚĞŶ͍
KŽŬŐĞǀĞŶǁŝũďĞŐĞůĞŝĚŝŶŐŽƉŐƌŽĞƉĞŶǀĂŶǀĞƌƐĐŚŝůůĞŶĚĞ ŬŝŶĚĞƌĚĂŐĐĞŶƚƌĂ͘,ŝĞƌĂĚǀŝƐĞƌĞŶǁŝũŽǀĞƌƉĂƐƐĞŶĚĞĂĐƚŝǀŝƚĞŝƚĞŶ ǀŽŽƌůĞĞƌůŝŶŐĞŶĚŝĞƋƵĂŐĞĚƌĂŐŽĨƉƌŝŬŬĞůǀĞƌǁĞƌŬŝŶŐƐĐŚŽŽůŶŝĞƚ ĂĂŶŬƵŶŶĞŶ͕ŵĂĂƌĐŽŐŶŝƚŝĞĨǁĞůǀŽůĚŽĞŶĚĞƵŝƚĚĂŐŝŶŐŶŽĚŝŐŚĞďďĞŶ͘ tĞďŝĞĚĞŶŵĂƚĞƌŝĂĂůĂĂŶŽŵŚŝĞƌĂĂŶƚĞǀŽůĚŽĞŶ͕ĚŽĞŶ ŽďƐĞƌǀĂƚŝĞƐ͕ŐĞǀĞŶĂĚǀŝĞƐŽƉŐĞďŝĞĚǀĂŶƚĂĂŬĂĂŶƉĂŬ͕ůĞƌĞŶůĞƌĞŶ͕ ƐƚƌƵĐƚƵƵƌďŝĞĚĞŶŝŶƌƵŝŵƚĞ͕ƚŝũĚĞŶŵĂƚĞƌŝĂĂůĞŶnj͘KŽŬŚĞďďĞŶǁĞϮ ĂĂŶǀƌĂŐĞŶŐĞŚĂĚǀŽŽƌůĞĞƌůŝŶŐĞŶĚŝĞŶŝĞƚƚŽĞnjŝũŶĂĂŶĞĞŶ ŽŶĚĞƌǁŝũƐǀŽƌŵ͕ŵĂĂƌǁĞůĂĂŶƐĐŚŽŽůƐĞĂĐƚŝǀŝƚĞŝƚĞŶ͘ ĞŵĞĞƐƚĞƐĐŚŽůĞŶŚĞďďĞŶǁŝũŐŽĞĚŬƵŶŶĞŶŚĞůƉĞŶƌŝƐĠĠŶ ƐĐŚŽŽůĚŝĞĚĞŚƵůƉŶŝĞƚĂůƐƉƌĞƚƚŝŐŚĞĞĨƚĞƌǀĂƌĞŶ͘ŝƚŚĞďďĞŶǁŝũ ƚĞƌƵŐŐĞŬƌĞŐĞŶǀĂŶŚĞƚƐĂŵĞŶǁĞƌŬŝŶŐƐǀĞƌďĂŶĚ͘tĞŚŽƉĞŶĚĂƚŚŝĞƌ ĞĞŶǀĞƌǀŽůŐŽƉŬŽŵƚ͕ǁĂĂƌŝŶƌƵŝŵƚĞŝƐǀŽŽƌŐĞƐƉƌĞŬŚŽĞŶƵǀĞƌĚĞƌ͘ ĞŶĂŶĚĞƌĞƐĐŚŽŽůŚĞĞĨƚŐĞǀƌĂĂŐĚŽĨĞĞŶǀĂŶŽŶƐĂĂŶǁŝůƐůƵŝƚĞŶďŝũ njŽƌŐŐĞƐƉƌĞŬŬĞŶƚƵƐƐĞŶůĞĞƌŬƌĂĐŚƚĞŶ͕/ĞŶĚŝƌĞĐƚŝĞ͘ŝƚŽŵnjŽ ĚŝƌĞĐƚƉŽƐŝƚŝĞĨŬƌŝƚŝƐĐŚĞǀƌĂŐĞŶƚĞŬƵŶŶĞŶƐƚĞůůĞŶĞŶŬŽƌƚĞůŝũŶĞŶƚĞ ŚĞďďĞŶďŝũŚĞƚŽŶƚƐƚĂĂŶǀĂŶĞĞŶŚƵůƉǀƌĂĂŐ͘ ϯ
sĞƌĂŶƚǁŽŽƌĚŝŶŐƉĂƐƐĞŶĚŽŶĚĞƌǁŝũƐŵŝĚĚĞůĞŶ
<ĂůĞŶĚĞƌũĂĂƌϮϬϮϮͮƌĞƚŽƵƌĂĂŶƐĂŵĞŶǁĞƌŬŝŶŐƐǀĞƌďĂŶĚǀŽŽƌϭϱŵĂĂƌƚϮϬϮϯĂĂŶƌ͘ƌŽďŝƐŽŶΛƉŽͲnjŬ͘Ŷů
KǀĞƌŝŐĞŽƉŵĞƌŬŝŶŐĞŶ
/ŶŽǀĞƌůĞŐŵĞƚŚĞƚƐĂŵĞŶǁĞƌŬŝŶŐƐǀĞƌďĂŶĚŚĞďďĞŶǁŝũĠĠŶƐĐŚŽŽů ŐĞnjĞŐĚĂůůĞĞŶŶŽŐŽƉŐĞƌŝĐŚƚĞŚƵůƉǀƌĂĂŐƚĞŬŽŵĞŶĞŶŶŝĞƚŵĞĞƌ ƐƚĂŶĚĂĂƌĚďŝũnjŽƌŐŐĞƐƉƌĞŬŬĞŶ͘ŝƚǀĂŶǁĞŐĞĞĞŶŚƵůƉǀĞƌůĞŶĞƌŵĞƚ ĞĞŶĞŝŐĞŶďĞĚƌŝũĨĚŝĞŚĞƚnjĞůĨĚĞǁĞƌŬĞŶŽŶĚĞƌƐƚĞƵŶŝŶŐĂĂŶďŝĞĚƚ͘ ĞǁĞƌŬƐĨĞĞƌǁŽƌĚƚŚŝĞƌĚŽŽƌŶŝĞƚǁĞŶƐĞůŝũŬ͘ĞnjĞƐĐŚŽŽůŚĞĞĨƚ ĞĐŚƚĞƌŬŽƌƚŐĞůĞĚĞŶŐĞďĞůĚ͘ƌŝƐĞĞŶŶŝĞƵǁĞŝŶƚĞƌŶďĞŐĞůĞŝĚĞƌĚŝĞ ŐƌĂĂŐŽŶƐĂĚǀŝĞƐǁĞĞƌǁŝůĞŶŽŶƐǁĞĞƌŝŶŚĞƚƚƌĂũĞĐƚŽƉǁŝůŶĞŵĞŶ͕ ŐĞnjŝĞŶŽŶƐĂĚǀŝĞƐƉĂƐƐĞŶĚĞƌŝƐďŝũŚƵŶǀŝƐŝĞŽƉŐŽĞĚŽŶĚĞƌǁŝũƐ͘ tĞǁŝůůĞŶĚĞǀŽůŐĞŶĚĞĞdžƉĞƌƚŝƐĞŵŝĚĚĂŐŽƉnjĞƚƚĞŶ͗,ŽĞŵĂĂŬŝŬ ĞĞŶǁĞƌŬďĂĂƌ;ůĞǀĞŶĚͿKWWǀŽŽƌĞĞŶůĞĞƌůŝŶŐĚŝĞŶŝĞƚŵĞĞŬŽŵƚŝŶ ĚĞŐƌŽĞƉ͍tĞnjŝĞŶǀĞĞůƐĐŚŽůĞŶǁĂĂƌŚĞƚKWWĞĞŶǁĞƌŬďĂĂƌĚĞĞů ŚĞĞĨƚ͘,ŝĞƌƐƚĂĂŶǀĂĂŬĚĞĚŽĞůĞŶŝŶǀŽŽƌĚĞŬŽŵĞŶĚĞƉĞƌŝŽĚĞ͘ ĞůĂŶŐƌŝũŬŝƐĚĂƚŚĞƚKWWǁĞƌŬnjĂĂŵŝƐĞŶŽŶĚĞƌƐƚĞƵŶŝŶŐďŝĞĚƚŝŶĚĞ ĚĂŐĞůŝũŬƐĞƉƌĂŬƚŝũŬ͘ tĞǁŝůůĞŶƐƉĂƌƌĞŶŽǀĞƌǁĞůŬĞŚƵůƉǀƌĂĂŐǀŽŽƌǁŝĞŝƐ͘ĞŬĞƌĚĞ ƐĐŚĞŝĚŝŶŐƚƵƐƐĞŶ/<ĞŶD>ŚƵůƉǀƌĂĂŐŝƐƐŽŵƐůĂƐƚŝŐ͘/ŶĞĞŶ ǀŽůŐĞŶĚĞĞdžƉĞƌƚŝƐĞďŝũĞĞŶŬŽŵƐƚǁŝůůĞŶǁĞŚŝĞƌŐƌĂĂŐŽǀĞƌƐƉĂƌƌĞŶ͘
sƌĂĂŐϮ ,ŽĞŝƐĚĞŝŶnjĞƚǀĂŶĞdžƉĞƌƚŝƐĞǀĂŶƵŝƚƵǁŐĞƐƉĞĐŝĂůŝƐĞĞƌĚŽŶĚĞƌǁŝũƐĂĂŶƌĞŐƵůŝĞƌĞďĂƐŝƐƐĐŚŽůĞŶŐĞƌĞĂůŝƐĞĞƌĚ͍ ĞWĂƌĞůĞŶǀĂŶsŽŽƌƚŚƵŝũƐĞŶƐĐŚŽŽů;dWKͿ WĞƌƐŽŶĞůĞŝŶnjĞƚ ƐƚŚĞƌ^ƚƵƚƚĞƌŚĞŝŵǀĂŶĚĞWĂƌĞůǀĞƌĂŶƚǁŽŽƌĚƚĚĞnjĞnjĂŬĞŶŝŶŚĞƚ ũĂĂƌƉůĂŶĞŶĚĞĞǀĂůƵĂƚŝĞǀĂŶŚĞƚũĂĂƌƉůĂŶŶĂĂĨůŽŽƉǀĂŶŚĞƚ ƐĐŚŽŽůũĂĂƌ͘ĞnjĞƉůĂŶŶĞŶĞŶĞǀĂůƵĂƚŝĞƐǁŽƌĚĞŶƌĞĐŚƚƐƚƌĞĞŬƐŵĞƚ ŚĞƚ^tsŐĞĚĞĞůĚ͘sŽŽƌƐĐŚŽŽůũĂĂƌϮϬϮϭͲϮϬϮϮnjŝũŶĚĞnjĞ ŵĞĞŐĞƐƚƵƵƌĚ͘ DĂƚĞƌŝĞůĞŝŶnjĞƚ ĂŶŚŽĞǀĞĞůƐĐŚŽůĞŶŝƐĚŽŽƌŚĞƚ ŐĞƐƉĞĐŝĂůŝƐĞĞƌĚŽŶĚĞƌǁŝũƐ ŽŶĚĞƌƐƚĞƵŶŝŶŐŐĞďŽĚĞŶ͍ ,ŽĞƚĞǀƌĞĚĞŶnjŝũŶĚĞnjĞƐĐŚŽůĞŶ ŽǀĞƌĚĞŐĞďŽĚĞŶŽŶĚĞƌƐƚĞƵŶŝŶŐ͍ ŶŚŽĞǁŽƌĚƚĚŝƚŐĞŵĞƚĞŶ͍ KǀĞƌŝŐĞŽƉŵĞƌŬŝŶŐĞŶ
sƌĂĂŐϯ;ŝŶĚŝĞŶǀĂŶƚŽĞƉĂƐƐŝŶŐͿ ,ŽĞnjŝũŶĚĞůĞĞƌůŝŶŐŐĞďŽŶĚĞŶŽŶĚĞƌƐƚĞƵŶŝŶŐƐŵŝĚĚĞůĞŶϮϬϮϮŝŶŐĞnjĞƚ͍ ^ĐŚŽŽů d>sŽƉK ĞƐĐŚƌŝũǀŝŶŐŝŶnjĞƚĞŶďĞƚƌŽŬŬĞŶŚĞŝĚŽƵĚĞƌƐ ;ŝŶƚĞǀƵůůĞŶĚŽŽƌ^tsͿ ;ŝŶƚĞǀƵůůĞŶĚŽŽƌ^tsͿ ;ŝŶŝƚŝĂůĞŶŐĞďƌƵŝŬĞŶ͕ŐĞĞŶǀŽůůĞĚŝŐĞŶĂŵĞŶͿ ƌŐŽŶĂƵƚĞŶ d>s/ϮϬϭϲͲϬϬϭϲϭ^ ͘^͘ŬƌŝũŐƚϮŬĞĞƌƉĞƌǁĞĞŬĞdžƚƌĂŽŶĚĞƌƐƚĞƵŶŝŶŐǀĂŶ ĞĞŶĞdžƚĞƌŶĞŽƌƚŚŽƉĞĚĂŐŽŽŐ͘ĞĞdžƚƌĂŽŶĚĞƌƐƚĞƵŶŝŶŐ
ϰ
sĞƌĂŶƚǁŽŽƌĚŝŶŐƉĂƐƐĞŶĚŽŶĚĞƌǁŝũƐŵŝĚĚĞůĞŶ
<ĂůĞŶĚĞƌũĂĂƌϮϬϮϮͮƌĞƚŽƵƌĂĂŶƐĂŵĞŶǁĞƌŬŝŶŐƐǀĞƌďĂŶĚǀŽŽƌϭϱŵĂĂƌƚϮϬϮϯĂĂŶƌ͘ƌŽďŝƐŽŶΛƉŽͲnjŬ͘Ŷů
ǁŽƌĚƚŐĞŐĞǀĞŶŽƉŚĞƚŐĞďŝĞĚǀĂŶƐŽĐŝĂĂůĞŵŽƚŝŽŶĞůĞ ĞŶĐŽŐŶŝƚŝĞǀĞŽŶƚǁŝŬŬĞůŝŶŐ͘ DĞƚďĞŚƵůƉǀĂŶĚĞnjĞŽŶĚĞƌƐƚĞƵŶŝŶŐŚĞĞĨƚ^ŐĞǁĞƌŬƚ ŽƉnjŝũŶĞŝŐĞŶůĞĞƌůŝũŶĞŶŐƌŽĞŝĚŽŽƌŐĞŵĂĂŬƚ͘EĂĂƐƚĚĞ ĐŽŐŶŝƚŝĞǀĞŐƌŽĞŝŝƐŵĞƚŚƵůƉǀĂŶĚĞŽƌƚŚŽƉĞĚĂŐŽŽŐ^ ďůŝũǀĞŶǁĞƌŬĞŶĂĂŶnjŝũŶƐŽĐŝĂůĞĐŽŵƉĞƚĞŶƚŝĞƐ͘ ĞŽƌƚŚŽƉĞĚĂŐŽŽŐǁĞƌŬƚƚŚƵŝƐϭŬĞĞƌƉĞƌǁĞĞŬŵĞƚ ͘^͘ŝƚǁŽƌĚƚĚŽŽƌŽƵĚĞƌƐnjĞůĨďĞŬŽƐƚŝŐĚǀĂŶƵŝƚŚĞƚ W'͘ĞŶŬĞĞƌƉĞƌϯŵĂĂŶĚĞŶŝƐĞƌĞĞŶŽǀĞƌůĞŐŵĞƚ ŽƵĚĞƌƐ͕ůĞĞƌŬƌĂĐŚƚ͕/ĞŶŽƌƚŚŽƉĞĚĂŐŽŽŐ͘Ğ ǀŽŽƌƚŐĂŶŐǁŽƌĚƚĚĂŶďĞƐƉƌŽŬĞŶĞŶǁĂĂƌŶŽĚŝŐŚĞƚ ƉůĂŶǀĂŶĂĂŶƉĂŬďŝũŐĞƐƚĞůĚ͘
ŽƐĞŶsĂĂƌƚ
d>s/ϮϬϭϲͲϬϬϭϱϰ,
ĞKƌƚŚŽƉĞĚĂŐŽŽŐŝƐƚĞǀĞŶƐďĞƚƌŽŬŬĞŶŐĞǁĞĞƐƚďŝũ ŚĞƚDKǀŽŽƌŚĞƚǀŽŽƌƚŐĞnjĞƚŽŶĚĞƌǁŝũƐ͘,ĞƚDKŝƐ ƐƵĐĐĞƐǀŽůĂĨŐĞƌŽŶĚ͘^ŝƐĂĂŶŐĞŶŽŵĞŶŽƉŚĞƚ,ĂĂƌůĞŵ ĐŽůůĞŐĞ͘ /,ŚĞĞĨƚĚĞĐŚƌŽŶŝƐĐŚĞŚƵŝĚĂĂŶĚŽĞŶŝŶŐ/ĐŚƚLJŽƐŝƐ͘ĞŝƐ ŶĂ͚<ůĞŝŶĞŵĂĂƚũĞƐ͛ǀĂŶ,ĞůŝŽŵĂƌĞďŝũŽŶƐŽƉƐĐŚŽŽů ŐĞŬŽŵĞŶ͘dŽƚĞŶŵĞƚŐƌŽĞƉǀŝũĨŚĞĞĨƚnjŝũĚĞŚƵůƉ ŽŶƚǀĂŶŐĞŶǀĂŶ&ƌĂŶĐŝĞŶ<ŝĞůĂ͘ŝũ̎ŶĚĞƌƐƚĞƵŶŝŶŐ ŝŶĚĞŬůĂƐ͕ŽƉƐŽĐŝĂĂůĞŵŽƚŝŽŶĞĞůǀůĂŬŵĂĂƌŽŽŬĨLJƐŝĞŬĞ ŽŶĚĞƌƐƚĞƵŶŝŶŐĞŶŽŶĚĞƌƐƚĞƵŶŝŶŐďŝũĚĞůĞƐƐƚŽĨ͘EĂ ŐƌŽĞƉǀŝũĨŝƐĚĞnjĞŚƵůƉŐĞƐƚŽƉƚĚĂĂƌ/njŝĐŚĚƵƐĚĂŶŝŐ ŽŶƚǁŝŬŬĞůĚĞĚĂƚŚĞƚďĞƚĞƌǁĂƐnjŽŶĚĞƌ&ƌĂŶĐŝĞŶĚŽŽƌ ƚĞŐĂĂŶŽŵnjŽŵĞĞƌnjĞůĨƐƚĂŶĚŝŐƚĞǁŽƌĚĞŶ͘tĞůŬƌŝũŐƚ njŝũŽŶĚĞƌƐƚĞƵŶŝŶŐďŝũĚĞŐLJŵůĞƐƐĞŶĞŶŝŶŚĂĂƌ ŽŶĚĞƌǁŝũƐŽŵĚĂƚnjĞĚĂĂƌŽŶĚĞƌƐƚĞƵŶŝŶŐďŝũŬĂŶ ŐĞďƌƵŝŬĞŶŽŵnjŽŶŝĞƚǀĞƌĚĞƌĂĐŚƚĞƌƚĞƌĂŬĞŶ͘ ^ĐŚŽŽůŚĞĞĨƚĞĞŶĂĂŶƚĂůŵĂƚĞƌŝĂůĞŶĂĂŶŐĞƐĐŚĂĨƚǀŽŽƌ/ ŽŵŚĂĂƌnjŽǀĞĞůŵŽŐĞůŝũŬƚĞŐĞŵŽĞƚƚĞŬŽŵĞŶŝŶŚĂĂƌ ďĞƉĞƌŬŝŶŐŝŶƐƉĞů͘tŝũƐĐŚĂĨĨĞŶŽŵĚĞnjŽǀĞĞůƚŝũĚ ŶŝĞƵǁĞŵĂƚĞƌŝĂůĞŶĂĂŶ͘KŽŬnjƵůůĞŶǁŝũďŝŶŶĞŶ ĂĨnjŝĞŶďĂƌĞƚŝũĚŵŽŐĞůŝũŬĞĞŶ;ƚǁĞĞĚĞŚĂŶĚƐͿƌŽůƐƚŽĞů ǀŽŽƌ/ĂĂŶƐĐŚĂĨĨĞŶnjŽĚĂƚnjŝũŵĂŬŬĞůŝũŬĞƌŵĞĞŬĂŶŵĞƚ ƵŝƚƐƚĂƉũĞƐͬƐĐŚŽŽůƚƵŝŶĞŶͬĞƚĐ͘^ŽŵƐŝƐŚĞƚŶŽĚŝŐ ŚŝĞƌǀŽŽƌĞĞŶŽŶĚĞƌǁŝũƐĂƐƐŝƐƚĞŶƚĞŝŶƚĞƐĐŚĂŬĞůĞŶ͘ ůůĞƐŐĂĂƚŝŶŐŽĞĚŽǀĞƌůĞŐŵĞƚŽƵĚĞƌƐĞŶĚĞ ďĞƐůŝƐƐŝŶŐĞŶnjŝũŶĞƌŽƉŐĞƌŝĐŚƚ/njŽǀĞĞůŵŽŐĞůŝũŬĚĞĞůƵŝƚ ƚĞůĂƚĞŶŵĂŬĞŶǀĂŶĚĞŐƌŽĞƉĞŶŽƉŚĞƚǀĞƌŐƌŽƚĞŶǀĂŶ ŚĂĂƌnjĞůĨƐƚĂŶĚŝŐŚĞŝĚ͘
EĂĂƐƚĚŝƚĂůůĞƐůŽƉĞŶĞƌŵĞĚŝƐĐŚĞƚƌĂũĞĐƚĞŶǁĂĂƌǀĂŶ ǁŝũŽƉĚĞŚŽŽŐƚĞǁŽƌĚĞŶŐĞŚŽƵĚĞŶ͕ĞǀĞŶĂůƐŚĞƚ ƚƌĂũĞĐƚďŝũĚĞŬŝŶĚĞƌƉƐLJĐŚŽůŽŐĞ;ĚŝƚŝƐĚĂŶǁĞĞƌ ŝŶƚĞŶƐŝĞĨ͕ĚĂŶǁĞĞƌĞĞŶƉĞƌŝŽĚĞŵŝŶĚĞƌŝŶƚĞŶƐŝĞĨͿ͕ĞŶ ŬƌŝũŐƚ/ŽŶĚĞƌƐƚĞƵŶŝŶŐǀĂŶĨLJƐŝŽƚŚĞƌĂƉĞƵƚ>ƵƵŬǀĂŶĚĞŶ ϱ
sĞƌĂŶƚǁŽŽƌĚŝŶŐƉĂƐƐĞŶĚŽŶĚĞƌǁŝũƐŵŝĚĚĞůĞŶ
<ĂůĞŶĚĞƌũĂĂƌϮϬϮϮͮƌĞƚŽƵƌĂĂŶƐĂŵĞŶǁĞƌŬŝŶŐƐǀĞƌďĂŶĚǀŽŽƌϭϱŵĂĂƌƚϮϬϮϯĂĂŶƌ͘ƌŽďŝƐŽŶΛƉŽͲnjŬ͘Ŷů
ĂŵĞůŽƚ
d>s/ϮϬϮϭͲϬϬϮϱϰ^s
DŽůĞŶǁŝĞŬ
d>s/ϮϬϮϬͲϬϬϮϬϵ
,ĂƚĞƌĚ͕ǀĞƌďŽŶĚĞŶĂĂŶŬŝŶĚĞƌĨLJƐŝŽƚŚĞƌĂƉŝĞ,ĂĂƌůĞŵ͘ >ƵƵŬŽŶĚĞƌƐƚĞƵŶƚ/ŽŽŬďŝũŽŶĚĞƌǁŝũƐƚĂŬĞŶ͘ ^sŝƐƐĞƉƚĞŵďĞƌϮϬϮϭnjŝĞŬŐĞǁŽƌĚĞŶ͘ŝũŝƐ ŽƉŐĞŶŽŵĞŶŝŶŚĞƚD͘ŽǁĞůŝŶŚĞƚDĂůƐŝŶĚĞ ƌĞǀĂůŝĚĂƚŝĞƉĞƌŝŽĚĞĂĂŶƐůƵŝƚĞŶĚĂĂŶĚĞŽƉŶĂŵĞŝƐ ƐƉƌĂŬĞŐĞǁĞĞƐƚǀĂŶŽŶĚĞƌǁŝũƐŽƉĚĞŵŽŵĞŶƚĞŶĚĂƚ ĚŝƚŵŽŐĞůŝũŬǁĂƐ͘ĞŬŽƐƚĞŶǀŽŽƌŽŶĚĞƌǁŝũƐŽƉ͚ĚĞ ŬůĞŝŶĞƉƌŝŶƐ͛njŝũŶďĞŬŽƐƚŝŐĚƵŝƚŚĞƚd>s͘ /ŶϮϬϮϮŝƐ^ĂůŽŵĞƚĞƌƵŐŐĞŬĞĞƌĚŽƉƐĐŚŽŽů͘ŝƚŵĞƚ ŐĞďƌƵŝŬǀĂŶǀĞƌƐĐŚŝůůĞŶĚĞŚƵůƉŵŝĚĚĞůĞŶ͘/ŶŽǀĞƌůĞŐ ŵĞƚŽƵĚĞƌƐŚĞďďĞŶǁĞŐĞŬĞŬĞŶǁĞůŬĞĂĂŶƉĂƐƐŝŶŐĞŶ ĞƌǀŽŽƌŚĂĂƌŶŽĚŝŐǁĂƌĞŶŽƉŚĞƚŐĞďŝĞĚǀĂŶůĞƌĞŶ͕ njĞůĨƌĞĚnjĂĂŵŚĞŝĚďŝũŚĂĂƌďĞƉĞƌŬƚĞŵŽďŝůŝƚĞŝƚ͕ĞŶ ƐŽĐŝĂĂůͲĞŵŽƚŝŽŶĞůĞŽŶƚǁŝŬŬĞůŝŶŐ͘ŽŽƌĚĞĞdžƚƌĂ ŽŶĚĞƌƐƚĞƵŶŝŶŐĚŝĞŝƐďĞŬŽƐƚŝŐĚŚĞĞĨƚ^ĂůŽŵĞŚĂĂƌ ŽƉŐĞůŽƉĞŶĂĐŚƚĞƌƐƚĂŶĚŝŶŐĞŚĂĂůĚĞŶŬĂŶŶƵǁĞĞƌ ŵĞĞĚƌĂĂŝĞŶďŝŶŶĞŶŚĞƚƌĞŐƵůŝĞƌĞĂĂŶďŽĚ͘ ͘ŝƐŝŶƐĐŚŽŽůũĂĂƌϮϬϭϵͲϮϬϮϬŐĞƐƚĂƌƚŽƉĚĞDŽůĞŶǁŝĞŬ ĞŶŝƐŽǀĞƌŐĞŬŽŵĞŶǀĂŶ/<&ŽĐƵƐ͘DŽĞĚĞƌŚĂĚǀŝĂ ,ĞŶƌŝĞƚƚĞ>ĞŵŵĞŶǀĂŶŚĞƚ^ĂŵĞŶǁĞƌŬŝŶŐƐǀĞƌďĂŶĚ ŐĞŚŽŽƌĚĚĂƚĞƌĞdžƚƌĂŐĞůĚďĞƐĐŚŝŬďĂĂƌǁĂƐǀŽŽƌ͘ ǀŽŽƌĚĞƌĞƐƚǀĂŶnjŝũŶƐĐŚŽŽůůŽŽƉďĂĂŶŽƉĚĞ DŽůĞŶǁŝĞŬ͘^ĂŵĞŶŵĞƚŵŽĞĚĞƌŚĞďŝŬŐĞŬĞŬĞŶǁĂƚ ǁĞŶƐĞůŝũŬnjŽƵnjŝũŶƋƵĂŽŶĚĞƌƐƚĞƵŶŝŶŐǀŽŽƌŚĞŵ͘tĞ ŬǁĂŵĞŶƚŽĞŶƚŽƚĚĞǀŽůŐĞŶĚĞŽŶĚĞƌǁĞƌƉĞŶ͗ ͲKŶĚĞƌƐƚĞƵŶŝŶŐƐŽĐŝĂĂůͲĞŵŽƚŝŽŶĞĞů;ǀƌŝĞŶĚĞŶŵĂŬĞŶ͕ ŶĞĞnjĞŐŐĞŶ͕ũƵĨďĞŶĂĚĞƌĞŶĞƚĐ͘Ϳ ͲŽŶĐĞŶƚƌĂƚŝĞƐĐŚĞƌŵ ͲdžƚƌĂŵĂƚĞƌŝĂůĞŶŶŐĞůƐ ͲKŶĚĞƌƐƚĞƵŶŝŶŐƐƉĞůůŝŶŐǀĂŶǁĞŐĞŐĞďƌƵŝŬĂŶĚĞƌĞ
ŵĞƚŚŽĚĞ /ŶƐĐŚŽŽůũĂĂƌϮϬϮϭͲϮϬϮϮǁŽƌĚƚĞƌǀŽůůĞĚŝŐŝŶŐĞnjĞƚŽƉ ĚĞƐŽĐŝĂĂůͲĞŵŽƚŝŽŶĞůĞŽŶƚǁŝŬŬĞůŝŶŐǀĂŶ͘KƵĚĞƌƐĞŶ ůĞĞƌŬƌĂĐŚƚĞŶŐĂǀĞŶĂĂŶĚŝƚŚĞƚďĞůĂŶŐƌŝũŬƐƚĞ ĂĂŶĚĂĐŚƚƐƉƵŶƚƚĞǀŝŶĚĞŶŝŶŐƌŽĞƉϳ͕ŽŽŬŵĞƚĚĞ ŬŽŵĞŶĚĞŽǀĞƌƐƚĂƉŶĂĂƌĚĞŵŝĚĚĞůďĂƌĞƐĐŚŽŽů͘Ğ ŽŶĚĞƌƐƚĞƵŶŝŶŐĚŝĞĞĞƌĚĞƌŝƐŽƉŐĞnjĞƚŝƐǀŽŽƌƚŐĞnjĞƚŵĞƚ ĚĞnjĞůĨĚĞƚƌĂŝŶƐƚĞƌǀĂŶKK<͘ŝũŬŽŵƚǁĞŬĞůŝũŬƐůĂŶŐƐŽƉ ƐĐŚŽŽůŽŵ͘ƚĞŽŶĚĞƌƐƚĞƵŶĞŶďŝũŚĞƚďĞŚĂůĞŶnjŝũŶ ĚŽĞůĞŶ͘KŽŬǁŽƌĚƚĞƌǀĂŶĂĨĨĞďƌƵĂƌŝϮϬϮϮĞĞŶƚƌĂŝŶŝŶŐ ŐĞŐĞǀĞŶŝŶĞĞŶŬůĞŝŶŐƌŽĞƉũĞůĞĞƌůŝŶŐĚŽŽƌĚĞnjĞůĨĚĞ ƚƌĂŝŶƐƚĞƌ͘ĞnjĞŬŝŶĚĞƌĞŶŚĞďďĞŶĚĞnjĞůĨĚĞĚŽĞůĞŶŽŵ ĂĂŶƚĞǁĞƌŬĞŶĂůƐ͘KƵĚĞƌƐĞŶůĞĞƌŬƌĂĐŚƚĞŶnjŝũŶďůŝũ ŵĞƚĚĞŐĞďŽĚĞŶŽŶĚĞƌƐƚĞƵŶŝŶŐ͘