4. Bijlage 3 2021-05-17 nota van beantwoording inspraakreacties TVW
Tekst van het document
ons op moeten voorbereiden; u college moet onze samenleving handvaten aanreiken om adaptief in het leven te staan. De volgende zin is zelfs nog belastender en kan een simpele ziel aanzetten tot het hebben van depressieve gedachten of zelfs erger: ‘Om het tij te keren, kunnen we niet snel genoeg iets doen’. In het vervolg wordt gesproken over het maken van plannen en het zoeken naar goede oplossingen, maar de gemeente neemt geen enkele verantwoording. Inwoners wordt gevraagd initiatieven te nemen, leidend tot acties. Toch vindt u college dat de aangeboden lege huls ’een formele status krijgt die hét kompas voor de plannen is’. Te veel pretentie voor een college dat een coalitie vertegenwoordigt die over een jaar wordt vervangen door een nieuw college met hoogstwaarschijnlijk andere speerpunten en schaarse financiële middelen. De wethouder sluit af met ‘het urgente klimaatprobleem levert druk op (?!?)’. In uw visie komt u college niet verder dan elke Haarlemmer te wensen dat ‘u de beschikbare mogelijkheden benut om zelf aan de slag te gaan’. Nooit lazen we een waziger visie met een onzichtbare inhoud. 2. De ‘samenvatting’ Dat de gemeente Haarlem al in 2040 van het gas af wil, terwijl landelijk 2050 wordt nagestreefd is ambitieus en lovenswaardig, maar de (financiële) situatie van de gemeente Haarlem kennende, volledig onhaalbaar.
De samenvatting komt niet verder dan het aandragen van verschillende oplossingen voor individuele woning- of gebouwbeheerders. In bijlagen geeft de gemeente handvaten aan woningeigenaren om zelf met concrete oplossingen te komen. De gemeente coördineert niet en komt niet verder dan te melden dat de transitievisie warmte elke 2-5 jaar zal worden bijgesteld, afhankelijk van omstandigheden. De woningeigenaar wordt niets concreets geboden en de gemeente wenst geen enkele consessie te doen omtrent specifieke invulling van de ontwikkelplannen. Het college wensdroomt over het afhankelijk maken van de
54
warmtevoorziening voor de stad van een particulier datacenter. Een restproduct van een niet-duurzaam proces. De aangeboden visie wordt mogelijk rond de zomer van 2021 bekrachtigd, waarna hij slechts effectief blijft tot begin 2022, als de gemeenteraadsverkiezingen van maart 2022 zijn afgerond en een nieuw en mogelijk ingrijpend gewijzigd coalitieakkoord zal leiden tot een ander verhaal over energietransitie voor de stad Haarlem. Het verheugt wijkraad de Krim en betrokken stakeholders dat de gemeente melding maakt van het ‘de Krim/Zonneplaneet’ initiatief. Het in ontwikkeling zijnde project, dat ook als ‘buurtenergiehub’ is vastgesteld in de Orionzone Ontwikkelvisie heeft als belangrijkste doel om bij te dragen aan stroomopwekking door zonne-energie, waardoor oa. het Pim Mulier Sportpark, het Mendelcollege en wijkbewoners significant kunnen besparen op hun elektriciteitsrekening. Dat als onderdeel van een integraal plan dat ook de leefbaarheid in de wijk ten goede komt. Dit wordt onze bijdrage aan de transitievisie warmte. AS Nr. 1
opmerking
antwoord
aanpassing
Beste heer de Guchteneire, beste Sam, De Groene Kroon herkent de juiste stappen voor onze buurten in de visie: eerst isoleren passend binnen de bouwkundige kaders van ventilatie en erna passend in het beleid rondom beschermd stadsgezicht met (hybride) warmtepomptechniek het gasverbruik verder terugbrengen. Hierbij wordt behoud van de ruimtelijke kwaliteit van de wijken en uitbouw van het wooncomfort meegenomen. De Groene Kroon zal de komende jaren actief aan de transitievisie Warmte aangehaakt blijven inzake mogelijke onderzoeken van de Gemeente Haarlem rondom thermische warmtopwekking en het ontwikkelen van een warmtenet op z'n vroegst vanaf 2035 inclusief de voorbereidingen die in de jaren ervoor zullen starten. De Groene Kroon zal ook actief komende collectieve aankoopacties van/via de Gemeente Haarlem
Wat fijn dat jullie meewerken aan deze opgave. En ook dat jullie je herkennen in de stappen die voor uw buurt in de visie staan. We werken graag samen met de Groene Kroon om bewoners hun gasverbruik terug te laten brengen. De Groene Kroon geeft in lijn met de visie prioriteit aan isoleren en gaat kennis en ervaring delen voor en door de buren.
nee
55
(bijvoorbeeld voor (hybride) warmtepompen en (pv)zonnepanelen) via haar website, themabijeenkomsten en gesprekken van de Energiecoaches communiceren met haar leden en andere huiseigenaren van Koninginnebuurt en Bosch & Vaart.
AT Nr. 1
opmerking
antwoord
aanpassing
Zienswijze van Milieudefensie afdeling Haarlem op het document “Transitievisie warmte". Uitgestelde ambitie
1. Deze vraag wordt door de gemeente Haarlem beantwoord: de gemeente Haarlem heeft 6 plannen die samen 15% van de woningequivalenten aardgasvrij maken in 2030. Van deze aanpakken is de ondersteuning aan individuele bewoners vanaf 2018 al een continue proces met acties, communicatie, begeleiding, advisering etc. De plannen van de drie warmtenetten vergen een (lange) voorbereidingstijd. Op p 38 staat de curve met het verwachte tempo. Deze curve laat een aanloopperiode tot 2030 zien. In die tijd worden de warmtenetten voorbereid en worden de eerste woningen aangesloten. Vanaf 2030 laat de grafiek een opschaling zien. Als de warmtenette eenmaal gestart zijn, kunnen ze bijna de helft van de stad in 2040 van duurzame warmte voorzien. De curve is ambitieus maar niet overdreven steil. De ambitie om 15% van de bestaande woningen aardgasvrij te maken in 2030 is haalbaar. Van deze projecten kunnen wij leren, en we verwachten meer middelen van het Rijk om de doelen van het Klimaatakkoord te behalen. Ook zijn er nog onvoldoende subsidies en financieringsmogelijkheden om nu een hogere ambitie voor 2030 te formuleren.
Ja, in de Bronnenstrategie wordt enkele aanpassingen gedaan.
Samenvatting van de zienswijze: 1. 15% woningequivalenten aardgasvrij in 2030 is een veel te lage ambitie 2. Hoe komt men aan 12.700 woningequivalenten? 3. “Aardgasvrij” is niet aardgasvrij en zeker niet CO2neutraal 3. 15% van de woningen is niet 15% van het aardgas 4. WKK niet genoemd 5. Onbegrijpelijkheden en tegenstrijdigheden 6. Gebruik periode tot 2030 voor aardgasvrij-ready maken van de wijken Met dit programma wordt een aardgasvrij Haarlem in 2040 zeker niet gehaald. Ook neemt de CO@-uitstoot door ruimteverwarming nauwelijks af voor 2030. Hieronder lichten wij dit toe en doen we voorstellen voor versnelling en verbetering. 1. 15% woningequivalenten aardgasvrij in 2030 is een veel te lage ambitie: Als de bedoeling is om in 2040 100% van de woningequivalenten aardgasvrij te krijgen dan moet dus
— Het warmtenet Schalkwijk sluit in eerste fase sluit 5200 gestapelde corporatiewoningen (zowel van Meerwijk als de rest van Schalkwijk) en in uitbreidingsperiode 2022-2027 wordt 1/4de van de overgebleven appartementen in Schalkwijk 56
tussen 2030 en 2040 de resterende 85% worden gedaan. Dat zadelt de toekomstige gemeentebesturen op met een onmogelijke opgave. In de 9 jaar tot 2030 kan men immers het laaghangende fruit plukken, zoals de gestapelde woningen in Meerwijk. Dat is relatief eenvoudig vergeleken wat er in de 10 jaar na 2030 moet worden gepresteerd. De laatste 30 a 40% zijn veel moeilijker te realiseren. Want met is in te zien hoe het mogelijk is dat toekomstige stadsbesturen een tienmaal zo grote prestatie zouden leveren als het huidige. Dit lijkt toch wel heel erg op het afschuiven van de verantwoordelijkheid naar de toekomst. De ambitie van aardgasvrij in 2040 is best hoog, maar deze wordt nu helaas uitgesteld. 2. Hoe komt men aan 12.700 woningequivalenten? Op blz 38 staat: "We verwachten dat met de plannen zoals die nu zijn vormgegeven in de periode tot 2030 circa 12.700 woningequivalenten (waarvan 10.400 woningen en 2.300 weq aan overige gebouwen) van het aardgasnet los kunnen worden gekoppeld. “ Tellen we echter op wat er op de voorgaande pagina’s is opgesomd, dan komt men op: 5200 corporatiewoningen in Meerwijk, blz 34 3300 woningen bouwjaar vanaf 1995 (30% van 11000 woningen, blz 35) 2300 andere woningen (blz 38) dan komt men op 10800 woningequivalenten. Maar op blz 32 wordt gezegd dat in Meerwijk slechts 2000 van deze 5200 woningen staan.
De rest staat elders in Schalkwijk, maar daar komt voor 2030 geen warmtenet, blijkens het kaartje op blz 30. Ook zijn die 5200 Meerwijk-woningen niet terug te vinden in het Excel-bestand dat genoemd wordt op blz 6
aangesloten (1.348 woningen) en 1/4de van de utiliteit in Schalkwijk (558 weq). Dit geeft in totaal 7106. — Het aantal woningen in het Ramplaankwartier dat zich zal aansluiten op het Spaargasinitiatief is 385. — In de Waarderpolder zal 20% van de weq zich aansluiten op een warmtenet. In totaal 1.718 weq waarvan 1365 weq industrie. — Tot slot zullen er ook 3.465 woningen bouwjaar vanaf 1995 overgaan op een aardgasvrij alternatief. Samenvattende tabel:
Overzicht
Aantal woningequivalenten
Schalkwijkwijk
7.106
Ramplaankwartier
385
Waarderpolder
1.718
Vanaf jaren '95woningen
3.465
Totaal
12.674
Verschillen met de bronnenstrategie komen voort uit het feit dat de bronnenstrategie een ruwer beeld schetst dan de TVW. In de TVW zijn de waarden concreter bepaald op basis van de huidige projecten in ontwikkeling. Om deze verwarring te verhelpen maken we enkele aanpassingen aan de bronnenstrategie zodat beide documenten op de korte termijn (tot 2030) volledig in lijn liggen).
3. Klopt. Let op dat vermogen en warmtelevering niet helemaal overeenkomen. Een piekketel levert veel vermogen maar gedurende beperkte tijd op koude winterdagen. De warmtelevering (in GJ) is dus beperkt. 57
van de bronnenstrategie. In kolom S van het werkblad Collectieve warmtevraag vinden wij voor Meerwijk slechts 3146 woningen. Voor de Waarder polder staan daar slechts 1474 woningequivalenten in 2030. Genoemd wordt ook het Ramplaankwartier (400 woningen, blz 32). Telt men dit bij elkaar op dan komt men op 3146+1474+400+3300 = 8320 woningen.
De warmtepomp heeft een veel lager vermogen maar werkt nagenoeg het hele jaar door in basislast. De warmtelevering is dus een heel stuk hoger.
Men telt dan ook nog 940 aardgasvrij-ready-woningen mee, maar dat is niet aardgasvrij. Het percentage woningen dat van het gas is gehaald in 2030 komt daarmee op nog geen 10%. Op die 10% zijn de hierna volgende bedenkingen ook nog van toepassing. De aardgasbesparing zal daarmee rond de 5% uitkomen.
4 U heeft hierin gelijk. De ambitie van de gemeente Haarlem is om in 2040 alle woningen van het aardgas te halen. Op p38 van de transitievisie warmte is gekeken welk aandeel van de woningen in 2030 wordt bereikt, en wat er dan nog nodig is om deze ambitie te behalen. Het klopt dat daarmee niet 15% van het aardgasverbruik wordt gereduceerd.
De piekvoorziening kan in de toekomst geleverd worden door groengas, waterstof of elektrodeboiler. Momenteel is aardgas nog de norm bij de piekvoorziening van warmtenetten, op dit vlak zijn verschillende ontwikkelingen gaande.
Wij pleiten dan ook voor een aanzienlijk hogere ambitie. 3. “Aardgasvrij” is niet aardgasvrij en zeker niet CO2neutraal: Uit de “Bronnenstrategie” blijkt dat de warmtenetten voor zo’n 20% gevoed zullen worden door piekketels. Op blz. 20 van dit document wordt gesteld dat dit verder buiten beschouwing kan worden gelaten. Dat is natuurlijk onjuist. Deze piekketels zijn gewoonlijk gasketels. Het betekent dat het warmtenet voor 20% op aardgas draait. De woningequivalenten zijn daardoor niet aardgasvrij. Dat wordt verergerd doordat de warmte, die afkomstig is van de datacenters op een hogere temperatuur moet worden gebracht middels warmtepompen. Blz. 19 vermeldt: “De warmtepompen voegen daar nog energie aan toe, zodat het beschikbare vermogen 25 MWth bedraagt”. Dat betekent dat er 6 MW elektriciteit moet worden toegevoegd om de output van 25 MW te krijgen. 58
Dus dat 24% van de warmte uit elektriciteit komt en dus grotendeels toch fossiel van oorsprong is.Gevoegd bij de 20% aardgas voor piekketels betekent dit dat 40% van de warmte in het warmtenet van fossiele oorsprong is. Van CO2-neutraliteit is dus geen sprake. 4. 15% van de woningen is niet 15% van het aardgas: Het gaat hier om gestapelde woningen. Die gebruiken van nature veel minder gas dan grondgebonden woningen. Dat komt omdat er weinig buitenmuren zijn. Essent geeft het volgende lijstje: (https://www.essent.nl/kennisbank/energiebesparen/inzichtinverbruik/gemiddelde-gasverbruik) Type woning Gemiddeld gasverbruik per jaar: Appartement 900 m3 Tussenwoning 1.350 m3 Hoekwoning 1.600 m3 2 onder 1 kap 1.650 m3 Vrijstaande woning 2.200 m3
2
Doordat men begint met gestapelde woningen is de gasbesparing relatief klein. Gezien het verschil in gasgebruik tussen appartementen en tussenwoningen (de meest voorkomende soort in de rest van Haarlem) zal de gasbesparing flink minder zijn dan de genoemde 15%. Telt men dit op bij wat in punt 2 hierboven is benoemd over gas- en elektriciteitsgebruik in de warmtenetten, dan mag men eigenlijk niet rekenen op meer dan zo’n 7% gasvermindering door het geplande warmtenet. 5. WKK niet genoemd: Wij stellen voor om de gasketels voor piekwarmte, die nodig worden geacht in het warmtenet te vervangen voor WKK eenheden. Dat levert een fors lagere CO2 uitstoot op en lost een groot probleem op van de netbeheerder.
5. Het balanceren van het elektriciteitsnet is een aspect waar inderdaad rekening mee moet gehouden worden bij de warmtetransitie. Zoals blijkt bij de bronnenstrategie is voor opwaardering van collectieve warmte elektriciteit nodig. En individuele warmtepompen belasten het 59
Wat betreft de mindere CO2 uitstoot komt dat doordat bij WKK gecombineerd warmte en elektriciteit wordt opgewekt. De restwarmte die in fossiele centrales ongeveer 50% van de energie uit de toegevoerde gas of kolen bedraagt, wordt in zulke centrales in zee of ander water geloosd en gaat dus verloren. Bij WKK wordt die nuttig gebruikt in het warmtenet. Het gevolg is een vermindering van bijna 50% op de C02-uitstoot bij deze gecombineerde opwek van elektriciteit. Het voordeel voor de netbeheerder is dat de opgewekte stroom synchroon loopt met de warmtevraag. Op koude dagen is de stroomvraag extra hoog, ondermeer door de warmtepompen. De warmtepompen die nodig zijn voor de datacenters kunnen hier op draaien, maar ook die elders in de stad. Deze lokaal opgewekte stroom hoeft dus niet van ver te worden aangevoerd en vermindert de belasting op het elektriciteitsnet. Door het samenvallen van deze opwekking en de piekvraag naar stroom hoeft her net minder hoge pieken te kunnen opvangen. Bouwt men de warmtepompen voor de datacenterwarmte en de WKK’s dicht bij elkaar, dan wordt ook het lokale stroomnet minder belast. 6. Onbegrijpelijkheden en tegenstrijdigheden: Onder deze kop noemen wij een aantal zaken die naar onze mening niet kloppen of die we niet begrijpen. 6.1 Woningaantallen en warmtevraag kloppen niet met elkaar: Op blz.
8 van de bronnenstrategie, tabel 1, worden 5 woonbuurten genoemd waar in de periode 2020-2030 het warmtenet actief zou moeten worden. Bij elkaar is de warmtevraag in die 5 buurten 119 TJ. Volgens die tabel komt 100 TJ overeen met 3000 woningen. Dan komt 119 TJ dus overeen met 3213 woningen. Elders in de stukken gaat het steeds over 5200 woningen.
elektriciteitsnet nog meer op een meer verspreidde manier. Het balanceren van het elektriciteitsnet is echter een erg complex vraagstuk dat de netbeheerders sterk bezig houden. Het gaat hierbij over het behouden van leveringszekerheid met meer flexibiliteit van zowel de elektriciteitsproductie als de elektriciteitsafname. WKK’s zouden hier mogelijk een van de mogelijke oplossingen in kunnen zijn. Overigens zullen de door u benoemde CO2 voordelen van elektriciteit uit WKK’s richting 2030 snel verminderen. Volgens de Klimaat- en Energieverkenning van het PBL daalt de emissiefactor van elektriciteit uit het net richting 2030 erg snel. Dit komt voort uit de enorme toename van hernieuwbare elektriciteit (zon- en wind). De WKK wekt uiteindelijk nog steeds op een fossiele manier elektriciteit op. Elektriciteit die dus minder duurzaam is dan volledig hernieuwbare energie. Om dan een deel van je warmte in te zetten voor je elektriciteitsproductie kan daarmee leiden tot een minder duurzame energieproductie dan de combinatie van een gasketel en gebruik van duurzame elektriciteit uit het net. Hoe de emissiefactor van elektriciteit er precies zal uitzien gedurende het jaar is nog afwachten. Het systeem is, zoals gezegd, een complexe samenhang is van omstandigheden met veel mitsen en maren.
6.1 Verschillen met de bronnenstrategie komen voort uit het feit dat de bronnenstrategie een ruwer beeld schetst dan de TVW. In de TVW zijn de waarden concreter bepaald op basis van de huidige projecten in ontwikkeling. Om deze verwarring te verhelpen maken we enkele aanpassingen aan de bronnenstrategie zodat beide documenten op de korte termijn (tot 2030) volledig in lijn liggen. De warmtevraag in tabel 1 is de totale warmtevraag die met het vooropgesteld deelnamepercentage in 2040 bereikt kan worden. 2040 en verder is de tijdshorizon 60
Voor de Waarderpolder wordt 150 TJ genoemd, wat overeen komt met 4500 woningen. Elders wordt steeds gesproken over 2300 woningequivalenten. Het schept geen vertrouwen in de betrouwbaarheid van de voorgestelde ontwikkelingen als er zulke grote onderlinge verschillen zijn. 6.2 Geothermie laat inzetten: Op diverse plekken in de bronnenstrategie wordt gesteld dat men de geowarmte pas kan inzetten als er een aanzienlijk aantal woningen op kan worden aangesloten. Dat begrijpen wij niet. Zodra die warmte beschikbaar is kan hij worden ingezet. De kosten bestaan immers voornamelijk uit kapitaallasten en die zijn dan al gemaakt. Het is beter om deze bron te gebruiken dan de datacenters, want daarvoor is veel elektriciteit nodig tbv. de warmtepompen. 6.3 Drempelwaarde datacenter: Op blz. 17 van de Bronnenstrategie lezen wij: “— Er is minimaal 2 MW-basislastvermogen nodig voordat de drempelwaarde van de rest-warmtebron (datacenter) wordt bereikt. In het geval van de restwarmte van de datacenters wordt vervolgens aangenomen dat deze geleidelijk de vraag kan volgen (na de drempelwaarde). — Voor de drempelwaarde wordt de warmte geleverd door een tijdelijke warmtecentrale (aardgas).” Hoe moeten we dit zien in relatie tot voor- en naseizoen? Bij minder koud weer is immers minder warmte nodig.
Is het dan de bedoeling dat bij een vraag van minder dan 2 MW de datawarmte niet wordt gebruikt? Dan zou het aandeel aardgas in het warmtenet wel erg groot worden. 6.4 Onnavolgbaar gebruik eenheden: Er wordt afwisselend met vermogenseenheden gewerkt (MW) en energie-eenheden (TJ, kWh). Die kan men niet
waarop de bronnenstrategie kijkt. De TVW kijkt naar 2030 dit is een wezenlijk verschil. 6.2 Dit raakt een essentieel punt van de bronnenstrategie. Het gaat erover hoe een warmtebron mee kan groeien met een warmtenet. Je sluit niet op één dag 5000 woningen aan op een warmtenet, ook niet in één jaar. Terwijl je geothermiebron, waarvoor je zulk een grote investering uitgeeft, vanaf dag 1 wel warmte levert voor 5000 woningen. Er zou dus veel warmte en potentiële opbrengst verloren kunnen gaan. Je wil geleidelijk het groeiende warmtenet volgen met je bron. Dit effect heet de volloop van het warmtenet. Dit lukt veel beter met de datacenterwarmte, Je plaatst geleidelijk meer warmtepompvermogen. Daarnaast is de potentie van geothermie nog hoogst onzeker zolang de proefboringen nog niet zijn uitgevoerd. 6.3 De drempelwaarde gaat over de volloop zoals beschreven bij de reactie op 6.2. Vanaf het moment dat een duizendtal woningen (basislast van 2 MW) op het warmtenet aangesloten zijn is het financieel interessant om de warmtepompen in te zetten voor de warmtelevering. Ervoor is het eenvoudiger om de volloop (geleidelijke aansluiting) te voorzien met een eenvoudig opschakelbare en tijdelijke gascentrale. Dit heeft dus niets te maken met zomer en winter. In de winter is ook bij inzet van de duurzame warmtebronnen een piekvoorziening nodig. In welke vorm zal nog blijken.
6.4 MW en TJ zijn 2 verschillende eenheden die verschillende dingen aangeven. TJ is een energiemaat die verteld hoeveel warmte gedurende een tijdsperiode, bijvoorbeeld een jaar, wordt verbruikt (in de huidige situatie te vergelijken met het gasverbruik). MW is een maat voor vermogen die instantaan gebruikt wordt, of kan worden.
61
onderling vergelijken. Omdat warmte niet kan worden opgeslagen1) is het niet interessant hoeveel energie er geleverd of gebruikt wordt. Wat zegt het dat de Erasmusbuurt 34 TJ vraagt? De grootste warmtevraag is in de winter en je wilt weten hoeveel er maximaal op een koude dag geleverd moet en kan worden. Men kan alleen wat met het geleverde vermogen. Dat geeft immers aan hoeveel warmte er geleverd kan worden op het moment dat men het nodig heeft. Het verdient aanbeveling om alleen vermogenseenheden te gebruiken, tenzij het echt om energietotalen gaat. En liefst steeds dezelfde eenheden. 1) Althans, in de plannen voor het zonnewarmtenet voor het Ramplaankwartier is WKO (Warmte Koude Opslag) voorzien, in de andere warmtenetplannen niet.
Je dimensioneert je warmtelevering en bronnenstrategie op vermogen, je wil namelijk dat je de aangesloten woningen steeds warm kan krijgen, ook op koude dagen. De volgende keuze is wanneer je de bronnen inzet. Hier worden energietotalen zeer belangrijk. De piek zet je enkel in tijdens de winter op koude dagen. De geothermiebron wil je zoveel mogelijk benutten (want die levert continu duurzame warmte die je niet hoeft op te waarderen. En ook de datacenterwarmte wil je vaker dan de piek benutten. Wat telt is hoeveel warmte (energie) uit duurzame bronnen geleverd kan worden. Zie ook onderstaand figuur. Het oppervlak van het gele, donkerblauwe en lichtblauwe deel (vermogen x tijdsduur) geeft de warmtelevering (energie). Dus ook al heeft de geothermiebron een beperkt vermogen (MW), de warmtelevering (TJ) is hoog omdat deze continu gebruikt wordt. Warmtenet Cluster Zuid 120 100
MW
80 60
Piek Datacenter
40
Geothermie 20
1 382 763 1144 1525 1906 2287 2668 3049 3430 3811 4192 4573 4954 5335 5716 6097 6478 6859 7240 7621 8002 8383
-
Uren
3
7. Gebruik periode tot 2030 voor aardgasvrij-ready maken van de wijken Tussen nu en 2030 zijn lange perioden waarin gewacht wordt op ontwikkelingen, zoals de aanleg van het warmtenet en het boren van de putten voor de geothermie. Tegelijk wordt dan (hopelijk) het particuliere initiatief Spaargas project in het Ramplaankwartier gerealiseerd en het warmtenet Waarderpolder. Er is dan
7. De gemeente Haarlem werkt aan de plannen die het meest bijdragen aan CO2 reductie. De gemeente baseert zich daarbij op onafhankelijk onderzoek, zoals de energiestrategie en de transitievisie warmte. De beschikbare capaciteit en middelen worden ingezet op deze plannen. Er wordt niet gewacht en de gemeente heeft niet volop tijd voor het ontwikkelen van nieuwe plannen. 62
volop tijd bij de gemeente voor het ontwikkelen van nieuwe projecten, die voor 2030 ook resultaten kunnen afwerpen. In het voorliggende plan doet de gemeente dat niet en laat de tijd ongebruikt verstrijken. We stellen in ieder geval voor om in die 9 jaar tot 2030 een programma op te zetten om de wijken die pas na 2030 aan de beurt zijn aardgasvrij-ready te maken. Daarmee wordt bedoeld dat een groot deel van de woningen geïsoleerd wordt tot het niveau waarop met lage-temperatuur warmte kan worden volstaan. Dit kan door grootscheepse ontzorgingsprogramma’s op te zetten. Daarbij wordt het initiatief niet aan de bewoners gelaten, maar gaat de gemeente actief naar de burger toe met het isolatieplan. De technische details worden de bewoners uit handen genomen, evenals de subsidieaanvragen. Op die manier wordt de drempel om te beginnen bij de bewoners weggenomen en door collectieve aanpak ook de kosten gedrukt.
De gemeente biedt nu al een isolatieactie aan bewoners, via collectieve inkoop en geven we advies op maat (de bespaarbon.nl). In de tvw staat dat isoleren, zonnepanelen plaatsen en overstappen op elektrisch koken altijd een goed idee is. Dat blijft de gemeente actief uitdragen via haar communicatiemogelijkheden.
Door deze aanpak wordt het werk dat in deze transitievisie pas na 2030 zou plaatsvinden deels naar voren gehaald. Tevens neemt het aardgasgebruik af, waardoor de CO2-vermindering, waar het allemaal om begonnen was, al deels wordt bereikt.
AU Nr. 1
opmerking
antwoord
U heeft met elkaar een prachtige Haarlemse Transitievisie Warmte (HTW)geschreven. Een ambitieuze, gedegen en mooie visie. Complimenten hiervoor! Een sterke visie en solide strategie, waarbij de gemeente Haarlem in 2040 al van het aardgas af wil
Dank voor de complimenten over de Haarlemse transitievisie warmte.
aanpassing
63
zijn en restwarmte, geothermie en aquathermie een belangrijke rol zullen spelen. Wij juichen dit van harte toe, maar wij hebben onze twijfels over de weg hiernaartoe. Bestudering van uw planning, leidt bij ons tot de conclusie dat er vanaf 2035 nog heel erg veel moet worden uitgevoerd. Naar ons idee, is de doelstelling om in 2040 van het aardgas af te zijn alleen te halen, door meer publiek-private samenwerkingen aan te gaan en minder concessies uit te schrijven. In de Haarlemse Transitievisie Warmte missen wij een open blik naar de markt, waar veel kennis, kunde, maar bovenal kapitaal en daadkracht zit om de warmtetransitie concreet aan te jagen, vanuit dezelfde intrinsieke motivatie om de klimaatproblematiek gezamenlijk op te lossen. U kent Polderwarmte als een lokaal bedrijf dat daadkrachtig en slagvaardig de energietransitie aanjaagt. Polderwarmte is partner van Energie voor elkaar. Dit is de vierde speler op de Nederlandse warmtemarkt, die zorgt voor een stevige financiële en juridische borging voor de warmtenetten van Polderwarmte. Het is onze missie om de energietransitie concreet en snel vooruit te helpen en wij zijn daartoe bereid vergaande langdurige samenwerkingen aan te gaan en risico te dragen.
In 2040 van het aardgas af In onze visie kunnen flexibele kleinere en grotere slimme groene warmtenetten zorgen voor fossielvrije ruimteverwarming voor woningen en utiliteit. Afhankelijk van de hoeveelheid woningen die op een warmtenet willen worden aangesloten, kan de doelstelling net binnen handbereik zijn. Snelheid en betaalbaarheid verbetert door goede publiek-private samenwerkingen aan te gaan, flexibiliteit in bronnen en ‘kavelgrenzen’ te houden en niet voor elk gebied/kavel een concessie uit te schrijven. Ook een goede mix van hoge (HT), midden (MT) en lage (LT) temperatuur warmtenetten nastreven, draagt daaraan bij. In de HTW zegt u vooral MT en LT na te streven; dat is goed, maar sluit geen HT-net uit. Met HT-netten kan namelijk direct
Enkele reacties op de inhoud van uw zienswijze: HT-net U geeft aan dat de gemeente geen HT-net moet uitsluiten. Er zijn in Haarlem geen hoge temperatuurbronnen beschikbaar, dus het ligt niet voor de hand om een HT-net uit te rollen. Wat we wel doen, precies zoals u aangeeft, is starten in Schalkwijk met het leveren van hoge temperaturen als dat nodig is, maar wel met de afspraak dat binnen 10 jaar de woningen voldoende geïsoleerd moeten zijn, zodat vanaf dat moment het warmtenet op een middentemperatuur kan draaien. Draagvlak door keuzevrijheid Keuzevrijheid is en blijft ook een uitgangspunt van de gemeente. De gemeente streeft open warmtenetten na waar, op termijn, meerdere warmteleveranciers warmte aan de consumenten kunnen aanbieden. Daarnaast komt er geen aansluitplicht aan het warmtenet en dus staat het particulieren en bedrijven vrij om al dan niet aan te sluiten. Ruimte voor de markt In de verschillende warmtenetten in Haarlem geven we andere invulling aan de wijze van samenwerking met de marktpartijen. De gemeente neemt een risicodragende rol in de ontwikkeling van het warmtenet in Schalkwijk, om in samenwerking met marktpartijen, te starten met het warmtenet. Op het bedrijventerrein Waarderpolder zal door aanbesteding van een warmteconcessie de rol van de gemeente beperkter zijn. 64
worden gestart om de bestaande gebouwde omgeving aan te sluiten (en dus onmiddellijk CO2 te reduceren). Door óók te gaan isoleren, kan dit temperatuur regime vervolgens worden verlaagd. Daarnaast kan de retourwarmte van een HT- net benut worden voor MT- en LT-netten en worden alle warmtebronnen optimaal benut.
De ontwikkeling van de warmtenetten is een jonge markt met kenmerken van monopolistische eigenschappen. De komende jaren zullen we leren wat de beste manieren zijn om in deze markt de warmtenetten te ontwikkelen. De kennis en ervaring van de marktpartijen is hierbij zeker van belang, naast de ontwikkeling van de regelgeving op dit gebied. In het kader van de concessieverlening van het warmtenet Waarderpolder gaan we graag met elkaar in gesprek.
2
Draagvlak door keuzevrijheid Wij voelen allemaal de plicht om de klimaatproblematiek nu aan te pakken en ‘van het aardgas af' is hierin een van de meest ingrijpende en daadkrachtige oplossingen om de CO2 uitstoof te reduceren. De gebouwde omgeving moet verduurzamen. Kantoorpanden bijvoorbeeld zijn verplicht per 2023 minimaal label C te hebben; u heeft de situatie in uw stad daartoe in kaart gebracht. Maar het ontbreekt nog aan economisch verantwoorde handvatten voor verduurzamen van ruimteverwarming. Snelle aansluiting op een duurzaam warmtenet geeft utiliteit (maar ook (sociale) woningen!) in veel gevallen een betere balans in kosten en baten voor verduurzaming van het pand, dan vele andere (veelal individuele) oplossingen. Uiteindelijk is de energietransitie vooral ook een sociaal vraagstuk. Draagvlak is nodig om transities door te maken. Juist daarom is de visie van Polderwarmte dat er keuzevrijheid moet zijn voor de eindgebruiker. Keuzevrijheid betekent alternatieven bieden en geen verplichte aansluiting (wel verplichte afsluiting van het aardgas op den duur wat ons betreft). Ruimte voor de markt U geeft in uw HTW te kennen dat het realiseren van woonlastenneutraliteit een waardevolle ambitie is, maar dat de 65
uitwerking lastig lijkt. In de visie van Polderwarmte is woonlastenneutraliteit echter wel mogelijk. Om dit te bereiken is een goede samenwerking tussen publiek en privaat nodig. Wij treffen in de HTW verschillende samenwerkingen aan en juichen deze van harte toe. Maar marktpartijen lijkt u niet als stakeholder te definiëren. Dat betreuren wij. Warmtenetten bouwen en exploiteren is een vak, een specialisme. Wij zien graag dat gemeenten en marktpartijen elk vanuit hun eigen kracht opereren. Een publiek- private samenwerking is essentieel. De gemeente bepaalt het "wat” en de marktpartijen realiseren het “hoe". Gezamenlijk worden doelen bepaald en de noodzakelijke snelheid, duurzaamheid en betaalbaarheid gehaald. Hiervoor is verantwoordelijkheid over de gehele keten voor warmte van belang. Naast de technische interactie van de keten is het ook belangrijk om de “overall risico's" te kunnen spreiden. Door het voornemen van Haarlem om deel te nemen in het netwerkbedrijf, wat maar een deel (met het minste risico) van de keten kan invullen, zal de markt het deel met hogere risico helemaal niet meer op kunnen pakken. Risico’s kunnen bovendien worden ingeperkt door de regie over de hele keten in één hand te houden én door langdurig stabiel beleid vast te leggen.
In uw visie lijkt ook naar voren te komen dat het "wat” en het “hoe” al gedefinieerd moet zijn en dat daarna door middel van een aanbestedingsprocedure gezocht wordt naar een marktpartij die vervolgens concessiehouder wordt en daarmee gelegitimeerd, langdurig monopolist. In onze visie werkt dit een traditionele bedrijfsvoering in de hand, beperkt het de ruimte voor innovatie en flexibele (gebiedsoverschrijdende) oplossingen, leidt dit tot gebrek aan draagvlak en daarmee tot een vertraging in de energietransitie. 3
Conclusie Kortom, Polderwarmte staat klaar om samen met gemeente Haarlem verder te versnellen in de warmtetransitie. Belangrijk 66
voor de consument, maar ook voor de marktpartij, is dat we de energietransitie duurzaam, haalbaar en betaalbaar kunnen realiseren. Hier is realisme voor nodig. Daarom de volgende punten: 3.1 Geef de markt ook nu de ruimte door met een goed aanbod voor de eindgebruiker te komen, in plaats van door middel van concessies in te gaan op warmtekavels. Creëer draagvlak bij de eindgebruiker met eerlijke keuzevrijheid en alternatieven, collectief en individueel. 3.2 Ga ook voor samenwerking tussen gemeente en private partijen. Er zijn veel gedeelde belangen en iedere partij kan opereren uit eigen kracht. 3.3 Sluit hoge temperatuurniveaus in een warmtenet niet uit, dit maakt midden en lage temperatuur netten sneller mogelijk en houdt het ook betaalbaar. We moeten nu aan de slag met het uitvoeren van de oplossingen, waaronder, het neerleggen van warmtenetten. 3.4 Wij zijn zoals gezegd erg blij met uw ambitie om Haarlem te verduurzamen. Zonder helderheid van het Rijk gaat u door, dat verdient alle lof. Tegelijkertijd nodigen wij u uit voor een gesprek om onze visie en activiteiten nader toe te lichten en vooral ook samen in verschillende delen van Haarlem aan de slag te gaan. AV Nr. 1
opmerking
antwoord
aanpassing
wij hebben als Wijkraad Bosch&Vaart kennis genomen van de transitievisie warmte van de gemeente Haarlem. Wij kunnen ons vinden in de belangrijkste doelstelling: Haarlem aardgasvrij in 2040 om daarmee een substantiële bijdrage te leveren aan het bereiken van de noodzakelijke klimaatdoelstellingen. De visie laat zien welke aardgasvrije technieken voor de hand liggen in de verschillende buurten. Voor wat betreft de uitwerking sluiten wij aan bij de reactie van de Groene Kroon, een initiatief dat mede vanuit onze buurt tot stand is gekomen. Wij merken dat er in onze wijk op zich veel draagvlak bestaat voor het realiseren
Dank voor uw positieve reactie. Wij vinden het prettig om te horen dat er draagvlak bestaat in de wijk voor het realiseren van de doelstellingen van duurzaam energieverbruik. Het is fijn samenwerken en zo zijn bewonersinitiatieven zoals de Groene Kroon en wijkraden onze oren en ogen in de wijk! En wij zetten onze samenwerking op het gebied van communicatie en op het gebied van (uitvoeren van) warmte plannen graag voort! Een goede
nee
67
van de doelstellingen van duurzaam energieverbruik. Dit vraagt echter wel goede en consistente voorlichting en communicatie met de bewoners, zodat zij zich op een verantwoorde manier kunnen voorbereiden op de noodzakelijke en toekomstbestendige veranderingen en de daarmee gepaard gaande investeringen. Wij herkennen ons in het voorstel voor de stappen die gezet zouden moeten worden: eerst isoleren passend binnen de bouwkundige kaders van ventilatie en vervolgens met (hybride) warmtepomptechniek het gasverbruik verder terugbrengen. Hierbij wordt behoud van de ruimtelijke kwaliteit van de wijken en uitbouw van het wooncomfort meegenomen. Daarbij dient rekening gehouden worden met het bijzondere karakter van onze wijk. Bosch en Vaart heeft niet voor niets de status van beschermd stadsgezicht. Wij gaan er vanuit dat de De Groene Kroon de komende jaren actief aangehaakt zal blijven aan de transitievisie warmte, met name waar het gaat om mogelijke onderzoeken van de Gemeente Haarlem rondom thermische warmte-opwekking en het ontwikkelen van een warmtenet op z'n vroegst vanaf 2035, inclusief de voorbereidingen die in de jaren ervoor zullen starten.
De Groene Kroon zal ook actief komende collectieve aankoopacties van/via de Gemeente Haarlem (bijvoorbeeld voor (hybride) warmtepompen en (pv-)zonnepanelen) via haar website, themabijeenkomsten en gesprekken van de Energiecoaches communiceren met haar leden en andere huiseigenaren van Bosch & Vaart en Koninginnebuurt.
samenwerking tussen bewoners en gemeente zal ervoor zorgen dat we samen de huidige uitdaging – verduurzaming – aangaan en tegelijkertijd de historische waarde van wijken zoals Bosch en Vaart beschermen.
Wij hopen dat u onze reactie op de transitievisie warmte zal gebruiken bij de verdere ontwikkeling van de plannen.
68