27 Bijlage 2 - NvB masterplan Centrum Schalkwijk tbv publicatie
Tekst van het document
25
Bijlage b: Nota van Beantwoording masterplan Centrum Schalkwijk een draagkrachtiger doelgroep aan te trekken De woningen worden gerealiseerd voor minimaal 50 jaar. We zien de corporatiedoelgroep steeds zwakker worden. De verhouding 1/3 tweekamerwoningen en 2/3 driekamerwoningen biedt meer flexibiliteit om te sturen op de instroom bij aanvang maar ook tijdens de lange levensduur van de gebouwen. gemengde wooncomplexen te realiseren De ontwikkeling van een goed functionerend gemengd wooncomplex waarin vragende en dragende bewoners samenleven in een community lukt niet binnen de minimale eisen van 2/3 50m2 en 1/3 60m2. De realisatie van een dergelijk complex vraagt meer lucht en ruimte in het gebouw om een prettig woonklimaat te ontwikkelen en ontmoeting te faciliteren. doorstroom vanuit en in omliggende wijken Schalkwijk bevorderen De realisatie van zowel een voorzieningenaanbod als levensloopbestendige woningen maakt Schalkwijk centrum zeer geschikt voor ouderen. Dit biedt kansen om zowel zorg en welzijn prettig en efficiënt te organiseren, als de doorstroom van senioren uit eengezinswoningen te bevorderen. In de omliggende wijken wonen veel ouderen voor wie het verstandig is om te verhuizen naar een gelijkvloerse woning.
Ervaring uit eerdere nieuwbouwprojecten laat zien dat ouderen graag verhuizen naar een woning met minimaal drie kamers maar bij tweekamerwoningen deze stap niet 26
Bijlage b: Nota van Beantwoording masterplan Centrum Schalkwijk maken. Wanneer eengezinswoningen vrijkomen, biedt dit weer kansen voor andere bewoners van Schalkwijk om in de wijk wooncarrière door te maken. Hiermee kan sociaal kapitaal in de wijk behouden blijven. • Ruimte te bieden aan kleine gezinnen De grotere woningen bieden ook de mogelijkheid om kleine gezinnen te huisvesten. Dit is om meerdere redenen interessant. De huishoudenssamenstelling is relevant voor de participatiegraad en overlast in een buurt. Uit onderzoek blijkt dat dat op buurtniveau de participatiegraad hoog is bij meerpersoonshuishoudens met kinderen en bij senioren maar juist laag bij eenpersoonshuishoudens en eenoudergezinnen. Uit ander onderzoek blijkt dat overlast gemiddeld genomen vaker wordt ervaren in gebieden waar weinig gezinnen met kinderen wonen. Toekomstig beheer In het masterplan is er enige aandacht voor beheer. Bij de wensen staat opgenomen ‘ Bij het ontwerp van complexen en woningen wordt nadrukkelijk rekening gehouden met (de organisatie van) toekomstig beheer’. Naar mening van de corporaties is dit geen wens maar een eis. Daarnaast gaat het niet enkel om het ontwerp van de complexen en woningen, maar moet in het gehele masterplan het sociaal- en fysiek beheer een stevige plek krijgen. Wanneer grote groepen mensen in een klein gebied met elkaar samenleven is goed beheer essentieel.
Dit wordt nog eens versterkt omdat in Schalkwijk veel kwetsbare bewoners zullen instromen,
De genoemde wens met betrekking tot toekomstig beheer van complexen en woningen wordt opgewaardeerd naar een eis. Ten aanzien van het bredere toekomstige sociale en fysieke beheer van het totale stadsdeelcentrum; dit zal worden opgepakt bij de onderlinge afstemming over het oprichten van een gebiedsorganisatie voor zowel de commerciële, publieke en maatschappelijke voorzieningen en de openbare ruimte. De corporaties geven terecht aan dat naast de gemeente ook de ontwikkelaars, eigenaren en zorg-welzijnsorganisaties hierbij een rol spelen. Voor de gemeente geldt daarnaast dat er goed gekeken moet worden naar de bestaande gebiedsmanagement en beheer en onderhoud structuren en hoe die zich verhouden tot het vernieuwde Centrum Schalkwijk.
27
Bijlage b: Nota van Beantwoording masterplan Centrum Schalkwijk de grote hoeveelheid kleine woningen met name in het middensegment tot een relatief hoge mutatiegraad leiden en het om een centrum-stedelijk woonmilieu gaat waar ook andere groepen gebruik van maken. Dit leidt tot meer drukte en anonimiteit. Zoals aangegeven zien we in Schalkwijk Centrum kansen voor de realisatie van een stukje inclusieve stad. Maar dat gaat niet vanzelf. Samenlevingsopbouw en participatie moet je in veel gevallen blijven stimuleren. Voor de afspraken over het fysiek en sociaal beheer is het van belang dat hier vroegtijdig afspraken over worden gemaakt zodat dit meegenomen kan worden in afspraken tussen gemeenten, ontwikkelaars, corporaties, zorg- en welzijnsorganisaties en eventuele beleggers bij de ruimtelijke en sociale vormgeving van de gebouwen, openbare en collectieve buitenruimten en collectieve binnenruimten. Deel 3 - Overzicht aanpassingen masterplan Centrum Schalkwijk Masterplan Nr. Hoofdstuk Hoofdstuk 1. Inleiding
Hoofdstuk 2. Opgave en visie Pagina 13 Pagina 17
Aanpassing Paragraaf 1.6; herschreven, waarbij de samenstelling van het Q-team en de rol van de supervisor bij de selectie van de architecten is verduidelijkt.
Voorzieningenoverzicht, achter ‘supermarkten’; verwijderen de tekst “en verscluster” Laatste alinea ‘Groen en Ecologie’ 28
Bijlage b: Nota van Beantwoording masterplan Centrum Schalkwijk Oorspronkelijke tekst: Het is de ambitie om in Centrum Schalkwijk een robuust ecosysteem te krijgen. Wat daarvoor nodig is, is een combinatie van vergroening van de openbare ruimte, vitale bodem, vergroening van daken en gevels en ruimte voor nestlocaties in de gebouwen. Elke diersoort is weer gebaat bij andere ingrepen. Daarom krijgt Centrum Schalkwijk een verscheidenheid van beplanting en nestelplekken. Het doel is om bestaande soorten in het gebied te behouden en nieuwe soorten aan te trekken. De inspiratiegids Natuurinclusief ontwikkelen geeft hiervoor de handvatten. In bijlage 6 wordt dit nader uitgewerkt. Aangepaste tekst: Het is de ambitie om in Centrum Schalkwijk een robuust ecosysteem te krijgen. Dat begint met een vitale bodem (vruchtbaar, open structuur, rijk bodemleven en vermogen tot vasthouden en gedoseerd afgeven van water en voedingsstoffen), maar betekent ook vergroening van openbare ruimte, daken en gevels (met deels inheemse bomen, struiken en planten) en ruimte voor nestlocaties in de gebouwen. Elke diersoort is weer gebaat bij andere ingrepen. Daarom krijgt Centrum Schalkwijk een verscheidenheid van beplanting en nestelplekken. Het doel is om bestaande soorten in het gebied te behouden en nieuwe soorten aan te trekken. De inspiratiegids Natuurinclusief ontwikkelen geeft hiervoor de handvatten.
In bijlage 6 wordt dit nader uitgewerkt. Hoofdstuk 3. Masterplanontwerp 3.5.2 Updaten plankaart rond supermarkt
3.5.3 3.6.1 Eigendommen- en bouwveldenkaart
De kaart op blz. 31 paragraaf 3.5.2 Overzicht programma-indeling is geactualiseerd met betrekking tot de entreepartij van de supermarkt, de naastgelegen entreepartij naar het kinderdagverblijf en de tegenovergelegen uitgang van de parkeergarage en fietsstalling conform de gesprekken die hierover met de CVvE en de ander betrokken partijen zijn gevoerd. Ook worden de toegang tot de traforuimte van de bioscoop aan de tekening toegevoegd. Daarnaast zijn indicatieve locaties voor mogelijke doelgroepensupermarkten toegevoegd aan de kaart. In de tabel zijn de vierkante meters van het beoogde verscluster ondergebracht bij ‘detailhandel’ i.p.v. ‘supermarkten’. Ook is aangegeven in welke bouwblokken maximaal drie doelgroepensupermarkten gerealiseerd kunnen worden. De themakaart wordt aangepast waardoor het duidelijker is van wie de gronden zijn en wat de bouwvelden zijn. 29
Bijlage b: Nota van Beantwoording masterplan Centrum Schalkwijk Hoofdstuk 4. Openbare ruimte Hoofdstuk 5. Randvoorwaarden, eisen en wensen 5.4.3.1 Onderwijs 5.4.3.2 Cultuur 5.4.4.1 Regulier woonprogramma 5.4.4.1 Regulier woonprogramma 5.5.1 Natuurinclusiviteit en biodiversiteit 5.5.4 Energie 5.6.7 Archeologie 5.7.6 Toegankelijkheid calamiteitendiensten 5.8.1 Sociaal veilige openbare ruimte
5.9.1 Sociaal veilig 5.9.4 Bergingen en stallingsruimte fietsen 5.10 Slotbepalingen
Het streven naar groene schoolpleinen is als wens toegevoegd. Uit de zienswijze blijkt dat er behoefte is aan een stilteruimte in Centrum Schalkwijk. Deze wens wordt toegevoegd aan paragraaf 5.4.3.2. De volgende eis is toegevoegd: In overleg met de woningbouwcorporaties wordt de haalbaarheid onderzocht of minimaal 2/3 van het aandeel sociale huurwoningen gerealiseerd kan worden met drie kamers per woning en een minimaal gebruiksoppervlak van 65-70m². De wens: ‘Bij het ontwerp van complexen en woningen wordt nadrukkelijk rekening gehouden met (de organisatie van) toekomstig beheer.’ Wordt opgewaardeerd naar een eis. “Bij werkzaamheden die van invloed zijn op flora en fauna wordt gewerkt volgens de actuele Gedragscode soortbescherming gemeenten”. Dit is geen randvoorwaarde maar een eis en is als zodanig aangepast.
Toegevoegd extra sub-paragraaf (5.5.4.1) over Bodemenergie. De randvoorwaarden zijn in deze paragraaf zijn omgezet naar eisen. De randvoorwaarden zijn in deze paragraaf zijn omgezet naar eisen. “De openbare ruimte wordt sociaal veilig ontworpen en voldoet aan het Politiekeurmerk Veilig Wonen Nieuwbouw.” Dit is geen randvoorwaarde maar een eis en is als zodanig aangepast. De volgende eis komt daarmee te vervallen: 1.” De openbare ruimte is dag en nacht veilig en wordt zodanig ingericht dat overlastplekken worden voorkomen. “ Deze randvoorwaarde is omgezet naar een eis: 1. Gebouwen worden sociaal veilig ontworpen en voldoen aan het Politiekeurmerk Veilig Wonen Nieuwbouw Tijdens de participatie is meermaals door gebruikers van het winkelcentrum de wens uitgesproken om in Centrum Schalkwijk een openbaar toilet te realiseren. Deze wens wordt toegevoegd aan paragraaf 5.9.4. Deze paragraaf met twee bepalingen zijn toegevoegd. De eerste bepaling betreft een dynamische verwijzing, waarmee geborgd is dat altijd de actuele versie van het document waarnaar in de spelregels wordt verwezen, van toepassing is. Dit verhoogt de toekomstbestendigheid van het masterplan. De tweede bepaling betreft een hardheidsclausule, waarmee de gemeente gemotiveerd 30
Bijlage b: Nota van Beantwoording masterplan Centrum Schalkwijk kan afwijken van een eis, als dit leidt onevenredige gevolgen bij de uitwerking. Deze bepaling formaliseert de bestaande praktijk. Hoofdstuk 6. Beeldkwaliteit De Adviescommissie Omgevingskwaliteit (AOK) beschouwt het masterplan niet als een aanvulling op de Nota Ruimtelijke Kwaliteit, maar als een vervanging van de summiere criteria voor dit welstandsgebied. De AOK is bezorgd over de verhouding tussen de zogenaamde zachte stad en de experimentele stad. Deze lijkt teveel te neigen naar de experimentele stad, waardoor de toch al geringe openbare ruimte gedomineerd dreigt te worden door experimentele gebouwen. Eén of twee experimentele gebouwen zijn voldoende. Met name het gebouw op de hoek van de Europaweg en de Aziëweg staat op een hele prominente plek. Dit overwegende geeft de commissie de volgende drie adviezen:
1. Geef een korte definitie van de zachte stad en de experimentele stad. 2. Zoek het experimentele niet alleen in architectonische eyecatchers maar ook in de ligging, functies (entree als lobby!) relatie met de openbare ruimte, duurzaam en circulair materiaalgebruik en fexibiliteit.
In paragraaf 6.1 wordt ‘ als aanvulling op de Nota Ruimtelijke Kwaliteit’ gewijzigd in ‘ ter vervanging van de criteria die in de Nota Ruimtelijke Kwaliteit voor dit welstandsgebied zijn opgenomen’.
Hierop een tweeledig antwoord. Allereerst; de definitie van de experimentele stad wordt verbreed, waarbij in de tekst de nadruk explicieter wordt gelegd op een verfijnde, goed gedetailleerde en kwalitatieve architectuur die mooi veroudert. Het is de bedoeling dat de gebouwen een contrast vormen met de zachte stad, en zo op specifieke plekken een oriëntatiepunt vormen in het gebied en kleur en karakter geven aan de openbare ruimte. Dit contrast zal echter subtiel en geraffineerd moeten zijn en niet allesoverheersend. Dit zal uitgebreider worden omschreven in hoofdstuk 6 in de tekst. Het aantal referentiebeelden wordt beperkt. Ten tweede zijn de gebouwen van de experimentele stad specifiek gekoppeld aan publiek programma. Deze gebouwen hebben een openbaar karakter, waardoor een uitnodigende entree, een sterke relatie met de openbare ruimte en goede leesbaarheid van de functie in de typologie gewenst zijn. Dit is voor vier gebouwen in het plan essentieel; het sportgebouw, het cultuurpodium, het verscluster en de circulaire hub. Voor de hoek Europaweg/Aziëweg geldt dit, zeker als de hotelfunctie niet zeker is, niet zo sterk. Deze zal uit het overzicht op blz. 79 worden gehaald.
In de omschrijvende tekst zal wel vermeld worden dat gebouwen met een bijzondere of publieke functie buiten deze vier, zoals een hotel of IKC dezelfde (extra) ontwerpaandacht verdienen Definitie wordt toegevoegd aan paragraaf 6.1. De bijzonderheid in ligging, functies, relatie met de openbare ruimte, duurzaam en circulair materiaalgebruik en flexibiliteit voegen we explicieter toe aan de omschrijving. Het is wel de bedoeling dat de gebouwen een contrast vormen met de zachte stad, en zo op specifieke plekken een oriëntatiepunt vormen in het gebied en kleur en karakter geven aan de openbare ruimte. Dit contrast zal echter subtiel en geraffineerd moeten zijn en niet allesoverheersend. Dit zal toegevoegd worden aan hoofdstuk 6. 31
Bijlage b: Nota van Beantwoording masterplan Centrum Schalkwijk 3. Beperk het aantal referentiebeelden en breid de bijbehorende teksten uit. De referenties zijn erg precair en kunnen snel verouderen. Omschrijf daarom voor alle referenties wat wordt bedoeld of vermeld erbij dat het alleen ter inspiratie dient (en er dus geen rechten aan kunnen worden ontleend). De commissie heeft met name moeite met de referentiebeelden op pagina 95 [96] vanwege de getoonde materialen die weinig passend worden gevonden. 4. Gezien de lange looptijd van de ontwikkelingen: hoe kan worden ingespeeld op toekomstige innovaties en veranderende inzichten denk bijvoorbeeld aan circulariteit, biobased materialen en de snel veranderende kijk op hergebruik? Wellicht goed om het bkp op kleine punten snel aanpasbaar of flexibeler te maken? 6.5.2 Verharding en 6.5.3 Inrichtingselementen
Hoofdstuk 7. Uitvoeringsparagraaf 7.5 Pagina 107
In paragraaf 6.4 worden de referenties beperkt en omschrijvende tekst uitgebreid.
Wordt toegevoegd aan de omschrijvende tekst in paragraaf 6.4.
In het masterplan worden nog geen principes vastgesteld m.b.t. kleur bestrating (hoofdprincipe 1 van paragraaf 6.5.2) en type straatmeubilair (hoofdprincipe 1 en 3 van paragraaf 6.5.3). De betreffende teksten in paragraaf 6.5.2 en 6.5.3 en de foto’s van het meubilair van Fase 1 worden daarom verwijderd uit het masterplan. Titel aangepast naar Uitvoering. Het goedkeuringstraject van het VO en DO van de gebouwen is nader toegelicht in het groene kader. Er is een lijst toegevoegd met de namen van de ontwerpers van de referentiefoto’s.
32