25 Bijlage 1 23 Luchthavenindelingsbesluit
Tekst van het document
> Retouradres Postbus 16191 2500 BD Den Haag
College van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Haarlem t.a.v. dhr. M. Smith Stadskantoor Raakspoort Zijlvest 39 2011 VB HAARLEM
Inspectie Leefomgeving en Transport Vergunningverlening Postbus 16191 2500 BD Den Haag Nederland www.ilent.nl T 088 489 00 00
Ons kenmerk LO_LIB_2025_10000
Datum Onderwerp Betreft
26 februari 2025 Aanvraag verklaring van geen bezwaar (vvgb) LIB Goedkeuring
Geachte heer Smith, Op 22 januari 2025 heeft de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) uw aanvraag ontvangen voor een verklaring van geen bezwaar (vvgb) op grond van het Luchthavenindelingbesluit Schiphol (LIB). De aanvraag is voor het realiseren van Masterplan centrum Schalkwijk fase 3 aan de Riviéradreef 24 te Haarlem. Besluit Uw aanvraag is goedgekeurd. Beoordeling Het betreft hier een aanvraag in verband met het mogen afwijken van artikel 2.2.2 van het LIB. Het woongebouw krijgt na voltooiing een maximale hoogte van 77.4 meter NAP. De ILT heeft de aangeboden plannen in verband met de doorsnijding van hoogtebeperkingsvlakken van elektronische navigatie-, communicatie en landingshulpmiddelen ter advies aangeboden aan de Luchtverkeersleiding Nederland (LVNL). De LVNL heeft de plannen getoetst aan de correcte werking van de communicatie, navigatie en surveillanceapparatuur (CNS apparatuur) in beheer van de LVNL, indien dit plan wordt gerealiseerd. De beoordeling vindt plaats aan de hand van internationale burgerluchtvaartcriteria in het bijzonder Annex 10 van ICAO. De LVNL heeft schriftelijk te kennen gegeven, in de brief van 23 januari 2025 (kenmerk P&D/BS/A2025/005), op basis van de beoordeling geen bezwaar te hebben tegen uw aanvraag met bijlagen kenmerk LO_LIB_2025_10000.
De ILT toetst daarnaast of de te realiseren objecten gevolgen hebben voor de veiligheid van de burgerluchtvaart. Uit het meegestuurde LIB rapport blijkt dat de geplande obejcten door de Ínner Horizontal Surface’steken. Dit vlak is gedifnieerd in ICAO Annex 14 als een Obstacle Limitation Surface (OLS). Bij een doorsnijding van een dergelijk vlak is een ‘Aeronautical Study’vereist om de effecten op de hoogtebeperking en
Uw kenmerk -
Inspectie Leefomgeving en Transport Vergunningverlening Datum 26 februari 2025
vliegprocedures te analyseren. Voor deze beoordeling is een ‘Aeronaurical Study’ uitgevoerd en vastgelegd in het rapport van To70 met kenmerk 24.655.01. Op basis van dit rapport kan worden geconcludeerd dat de geplande objecten geen significant effect hebben op de hoogtebeperking en vliegprocedures van luchthaven Schiphol. Conclusie en beslissing Gezien de uitkomst van de bovenstaande beoordelingen en gezien het gestelde in artikel 8.9 van de Wet luchtvaart, heb ik geen bezwaar tegen de voorgenomen afwijking van artikel 2.2.2 van het LIB zoals voorgelegd in de bijlagen van uw aanvraag van 22 januari 2025, geregistreerd onder kenmerk LO_LIB_2025_10000.
Hoogachtend,
DE MINISTER VAN INFRASTRUCTUUR EN WATERSTAAT, namens deze, De inspecteur ILT/Leefomgeving Bedrijven, Infra en Stoffen
Ir. J.K. Verweij Bezwaarclausule Indien u het niet eens bent met deze beslissing kunt u hiertegen binnen zes weken na de datum waarop deze beslissing is verzonden bezwaar maken. Het bezwaarschrift moet worden ondertekend en moet ten minste bevatten: de naam en het adres van de indiener; de dagtekening; een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar is gericht; de gronden van het bezwaar. U wordt verzocht om bij het bezwaarschrift een kopie van deze beschikking en eventuele andere op de zaak betrekking hebbende stukken te voegen. Tevens ontvangen wij graag uw telefoonnummer dan wel e-mailadres. Inspectie Leefomgeving en Transport Afdeling Juridische Zaken Team Bezwaar en Beroep Postbus 16191 2500 BD Den Haag U kunt uw bezwaarschrift ook per e-mail verzenden aan: bezwaren@ilent.nl Bijlage Het advies van het LVNL met kenmerk P&D/BS/A2025/005 is meegenomen bij het opstellen van deze brief. Indien gewenst kunt u deze brief opvragen bij de ILT.
Defence, Safety & Security Oude Waalsdorperweg 63 2597 AK Den Haag +31 88 866 10 00 Postbus 96864, 2509 JG Den Haag
Gemeente Haarlem Afdeling Project- en Contractmanagement (PCM) T.a.v. Dhr. M. Smit Postbus 511 2003 PB HAARLEM
www.tno.nl onno.vangent@tno.nl +31 6 1019 32 32 Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024-100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
Onderwerp Radarhindertoetsing hoogbouw Masterplan Schalkwijk,
Haarlem
Geachte heer Smit, Bijgaand ontvangt u onze rapportage aangaande het radarverstoringsonderzoek van drie woontorens, die deel uit maken van het Masterplan Schalkwijk, gelegen in de gemeente Haarlem, Noord-Holland. Het bouwplan Het bouwplan betreft alle wijzigingen ten opzichte van de huidige situatie die betrekking hebben op het te realiseren hoogbouw. In dit rapport zullen deze wijzigingen worden aangeduid als ‘het bouwplan’. Voor de huidige aanvraag betreft dit de bouw van drie woontorens, deel uitmakend van het Masterplan Schalkwijk in Haarlem. De coördinaten en bouwhoogtes van de hoekpunten van de bouwwerken zijn verderop gegeven. De uitgevoerde berekeningen TNO heeft de verstoring op zowel de primaire secundaire radars als gevolg van het schaduweffect berekend met behulp van het radarhinder simulatiemodel PERSEUS, volgens de toetsingsmethode, die op 1 oktober 2012 is ingevoerd. Het bouwplan bevindt zich binnen de 15 km cirkels van de primaire en secundaire Terminal Approach radar (TAR) West radar bij Schiphol en binnen de secundaire TAR 1 of TAR Centrum radar bij Schiphol. Het bouwplan bevindt zich buiten 15 km cirkels van de Military Approach Surveillance System (MASS) verkeersleidingsradars en buiten de 15 km cirkels rond de locaties van de gevechtsleidingsradars. De analyse is uitgevoerd voor de volgende radarsystemen: 1.
Het primaire verkeersleidingsradarnetwerk, bestaande uit een zestal MASS verkeersleidingsradarsystemen verspreid over Nederland, aangevuld met de Terminal Approach radar (TAR) West bij Schiphol en de infill radar te Wemeldinge.
Op opdrachten aan TNO zijn de Algemene Voorwaarden voor Opdrachten aan TNO, zoals gedeponeerd bij de Griffie van de Rechtbank Den Haag en de Kamer van Koophandel Den Haag van toepassing. Deze algemene voorwaarden kunt u tevens vinden op www.tno.nl. Op verzoek zenden wij u deze toe.
1/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
2. Gezien de korte afstand van het bouwplan tot de TAR West radar en de speciale ondersteunende taak van de MASS radar bij Soesterberg voor de beeldopbouw boven Schiphol, zijn ook radardekkingsberekeningen uitgevoerd voor deze afzonderlijke primaire radarsystemen. 3. De secundaire radarsystemen TAR West en TAR Centrum gelegen bij Schiphol.
Resultaten primaire verkeersleidingsradarnetwerk
Op de locatie van de windturbines eist het Ministerie van Defensie voor het verkeersleidingsradarnetwerk een minimale detectiekans van 90% voor een doel met een radaroppervlak van 2 m2. Statisch bouwwerken veroorzaken geen vermindering van de detectiekans boven of in de directe nabijheid van bouwplan. Om die reden is alleen de reductie van het maximum bereik berekend. Reductie van het maximum bereik op 1000 voet ten gevolge van de schaduwwerking van het bouwplan: De MASS radar te Soesterberg, De Kooy en de TAR West ondersteunen elkaar volledig in de gebieden waar door de schaduwwerking van het bouwplan een verlies aan bereik kan ontstaan. Na realisatie van het bouwplan is er op de toetsingshoogte van 1000 voet geen verlies aan bereik geconstateerd. Het bouwplan voldoen dus aan de gehanteerde 2024 norm. Het bouwplan ligt in de controlled traffic region (CTR) van Schiphol. Om die reden is er ook een berekening uitgevoerd op 500 voet. Na realisatie van het bouwplan is er op 500 voet geen verlies aan bereik geconstateerd binnen de CTR van Schiphol.
Resultaten afzonderlijke primaire verkeersleidingsradars TAR West en MASS Soesterberg
Ook voor deze afzonderlijke radarsystemen is de radardetectiekans uitgerekend voor een doel met een radaroppervlak van 2 m2. Voor beide radars gelden geen afzonderlijke normen. Daarom wordt in deze rapportage alleen het maximum verlies aan bereik weergegeven op 1000 voet. De TAR West primaire radar staat op circa 5.5 km afstand tot het bouwplan. Het maximaal verlies aan bereik op 1000 voet bedraagt maximaal: − Circa 20 km ten gevolge van de schaduwwerking van de woontoren 1 van 67.8 m NAP. − Circa 22 km ten gevolge van de schaduwwerking van de woontoren 2 van 74.2 m NAP. − Circa 25 km ten gevolge van de schaduwwerking van de woontoren 3 van 77.4 m NAP. Voor de primaire MASS radar bij Soesterberg bevindt het bouwplan zich voor het grootste gedeelte achter de radarhorizon. Het maximaal verlies aan bereik voor deze radar op 1000 voet blijft daardoor beperkt tot 900 m ten gevolge van de schaduwwerking van alleen de hoogste woontoren 3 van 77.4 m NAP.
Resultaten secundaire verkeersleidingsradars TAR West en TAR Centrum gelegen bij Schiphol
De resultaten van de berekende peilingsfouten of Off Boresight Errors (OBE) zijn voor de secundaire radars TAR West en TAR Centrum samengevat in Tabel 1. De maximale fout, het 90ste, 50ste percentiel en de standard deviatie in de azimutsector met de grootste maximale peilingsfout worden gegeven. Tabel 1 De peilingsfout statistieken voor de TAR West en TAR Centrum MSSR in de azimutsector met de grootste peilingsfout, berekend voor 100, 90 en 50ste percentiel en de standaard deviatie (σ). 100 %
90 %
50 %
σ
Azimut Sector (°)
0.58
0.20
0.05
0.12
309-310
0.38
0.12
0.04
0.08
300-301
TAR West Met bouwplan TAR Centrum Met bouwplan
2/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
Details vindt u in bijgaande documentatie. Voor de achtergronden van de toegepaste rekenmethode wordt kortheidshalve verwezen naar de toelichting die is te downloaden van de TNO-website: http://www.tno.nl/perseus. Met vriendelijke groet, Digitaal ondertekend door Onno van Gent op 2024-10-25 12:38:51
Ing. O.J. van Gent Senior Research Engineer
3/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
1
Locatie- en radargegevens Het Ministerie van Defensie hanteert voor hoogbouw anders dan windturbines een zogenaamd toetsingsvolume dat reikt tot aan 15 km rondom zowel de militaire als de civiele verkeersleidingsradars en de gevechtsleidingsradars. Het profiel van het toetsingsvolume is weergegeven in Figuur 1. Er dient getoetst te worden indien het dak van de hoogbouw hoger is dan de rode lijn. Bouwplannen die verder verwijderd zijn dan 15 km kunnen zondermeer geplaatst worden.
15 km 0.25°
65 m Antennehoogte t.o.v. NAP Maaiveld NAP
Figuur 1 Het toetsingsprofiel voor hoogbouw anders dat windturbines (niet op schaal) zoals gehanteerd door het Ministerie van Defensie rondom elk van de militaire radarsystemen.
Er wordt binnen de regeling op dit moment rekening gehouden met de zes Military Approach en Surveillance System (MASS) verkeersleidingsradars (te Leeuwarden, Twenthe, Soesterberg, Volkel, Woensdrecht en De Kooy in den Helder), de infill radar bij Wemeldinge en de civiele TAR West radar bij Schiphol. Ten behoeve van de extra ondersteuning van de radardekking boven zuidoost Nederland is ook de nieuwe Belgische militaire ASR-M verkeersleidingsradar bij Kleine Brogel in het primaire verkeersleidingsradarnetwerk opgenomen. Deze radar wordt vanaf 1 november 2020 meegenomen in de berekeningen indien er een normoverschrijding aanwezig is zonder de steun van deze radar. Naast de verkeersleidingsradars zijn er ook twee militaire gevechtsleidingsradars te Wier (Noord Friesland) en Nieuw Milligen (op de Veluwe), opgenomen in de regeling. Deze laatste zal op termijn worden vervangen door een nieuwe SMART-L radar op de locatie Herwijnen. De locatiegegevens van de verkeersleidingsradars en de gevechtsleidingsradars worden weergegeven in Tabel 2. In deze tabel zijn zowel de antennehoogtes aangegeven die aangehouden worden voor de bepaling van het toetsingsprofiel als ook de feitelijke antennehoogtes van de primaire radarantenne, toegepast in de detectiekansberekeningen.
Tabel 2 Locatiegegevens van de zes MASS radars, de TAR West, de TAR Centrum, de infill radar en de gevechtsleidingsradars te Nieuw Milligen en Wier De gevechtsleidingsradars zullen worden vervangen, waarbij de radarpositie Nieuw Milligen wordt verplaatst naar Herwijnen. Naast de locatiegegevens staan ook de aangehouden antennehoogte voor het toetsingsprofiel en de toepaste feitelijke hoogte van de primaire radarantenne aangegeven. Radar
Coördinaten Rijksdriehoekstelsel
Leeuwarden
X [m] 179139
Y [m] 582794
Antennehoogte toetsingsprofiel t.o.v. NAP [m] 30
Feitelijke antennehoogte t.o.v. NAP [m] 27.3
Twenthe
258306
477021
71
68.8
Soesterberg
147393
460816
63
60.2
Volkel Woensdrecht De Kooy TAR West Schiphol TAR Centrum* Schiphol Infill radar Wemeldinge
176525
407965
49
46.9
083081 113911 109603 113877 059912
385868 548781 482283 480571 392950
48 27 37 19 30
45.2 27.1 34.0 18.5 30.4
4/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
Radar
Coördinaten Rijksdriehoekstelsel
ASR-M Kleine Brogel (B) Nieuw Milligen (MPR) Wier (SMART-L) Herwijnen (SMART-L)
X [m] 160417 179258 170513 137106
Y [m] 353466 471774 585673 427741
Antennehoogte toetsingsprofiel t.o.v. NAP [m] n.v.t.** 53 24 25
Feitelijke antennehoogte t.o.v. NAP [m] 84.0 Gerubriceerd*** Gerubriceerd*** Gerubriceerd***
* Dit is alleen een secundaire radar, ook bekend als TAR 1. ** Dit is een buitenlandse radar en is daarom niet opgenomen in de Omgevingswet. *** Deze gegevens zijn bekend bij Defensie,
Aangezien er nog geen volledige zekerheid is over de plaatsing van de gevechtsleidingsradar op de beoogde locatie Herwijnen, is een onderzoek uitgevoerd naar alternatieve locaties. Daar zijn drie locaties uitgekomen die in deze rapportage eveneens worden getoetst. De coördinaten van deze drie locaties is opgenomen in Tabel 3. Tabel 3
Locatiegegevens van de drie alternatieve locaties voor de SMART-L radar te Herwijnen.
SMART-L radar
Coördinaten Rijksdriehoekstelsel X [m] Y [m]
Antennehoogte t.o.v. NAP [m]
Goudriaan
121286
436321
Gerubriceerd*
Meerkerk
126684
437319
Gerubriceerd*
Nieuwpoort
121789
438142
Gerubriceerd*
* Deze gegevens zijn bekend bij Defensie.
Variaties in de hoogte van het terrein worden bepaald uit het Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN2) en AHN3 voor alleen Friesland, Zeeland en delen van Zuid-Holland. In dit bestand bevindt zich bebouwing zoals aanwezig tijdens de opnames tussen 2007 en 2012 voor AHN2 en 2014 voor AHN3. Naast dit hoogtebestand met bebouwing hanteert TNO eveneens een bestand voor het maaiveld bepaald met alleen het AHN2 bestand. Beide bestanden bezitten een ruimtelijke resolutie van 10 m. Buiten Nederland gebruikt TNO terreinhoogtegegevens afkomstig van de NASA Shuttle Radar Topography Mission (SRTM1) met een resolutie van 1 boogseconde (ongeveer 30 m langs een meridiaan). Het kan voorkomen dat een deel van het bouwplan wordt afgeschermd door het tussenliggende terrein of door bebouwing en dus niet wordt belicht door de radar. In dat geval wordt dit deel van het bouwplan niet meegenomen in de berekening. De 15 en 75 km cirkels rond de MASS radarsystemen en de stedelijke gebieden volgens het AHN-1 bestand zijn weergeven in Figuur 2. De 15 en 75 km cirkels rond de gevechtsleidingsradars en de stedelijke gebieden volgens het AHN-1 bestand zijn weergeven in Figuur 3. De 15 en 75 km cirkels rond de gevechtsleidingsradar te Herwijnen en de drie alternatieve locaties Goudriaan, Meerkerk en Nieuwpoort zijn weergegeven in Figuur 4.
5/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
Figuur 2 Locaties van de zes MASS verkeersleidingsradarsystemen (groene ruit) met daaromheen de 15 cirkels. De TAR West radar bij Schiphol is aangegeven met een oranje ruit en de infill radar te Wemeldinge met een paarse ruit. De oranje vlakken zijn de in de AHN-1 gedefinieerde stedelijke gebieden. De ligging van het te toetsen bouwplan is aangegeven met een roze ster.
6/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
Figuur 3 Locaties van de nieuwe SMART-L EWC GB gevechtsleidingsradars (rode ruit) en de bestaande MPR (oranje ruit) met daaromheen de 15 km cirkels. De oranje vlakken zijn de in de AHN-1 gedefinieerde stedelijke gebieden. De ligging van het te toetsen bouwplan is aangegeven met een roze ster.
7/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
Figuur 4. Locaties van de drie alternatieve locaties Goudriaan, Meerkerk en Nieuwpoort (paarse ruit) voor de nieuwe SMART-L EWC GB gevechtsleidingsradar te Herwijnen (rode ruit). De oranje vlakken zijn de in de AHN-1 gedefinieerde stedelijke gebieden. De ligging van het te toetsen bouwplan is aangegeven met een roze ster.
Het bouwplan ligt binnen de 15 km cirkel rond de primaire TAR West radar bij Schiphol. Daarnaast ligt het buiten de 15 km cirkel rond de gevechtsleidingsradars. Tot slot zijn de bouwhoogtes van de te toetsen hoogbouw groter dan de in Figuur 1 aangegeven hoogte. Het onderhavige bouwplan dient derhalve getoetst te worden voor alleen het primaire verkeersleidingsradarnetwerk. In Figuur 5 wordt de locatie van het bouwplan weergegeven in relatie met de afstand tot de beide secundaire verkeersleidingsradars TAR West en TAR Centrum van Schiphol. Het bouwplan ligt binnen de 15 km cirkels rond beide secundaire radars. Om die reden heeft LVNL verzocht om ook de radarhinder voor deze beide radars vast te stellen.
8/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
Figuur 5. Locaties van de twee secundaire verkeersleidingsradars TAR West en TAR Centrum met daaromheen de 15 km cirkels. De oranje vlakken zijn de in de AHN-1 gedefinieerde stedelijke gebieden. De ligging van het te toetsen bouwplan is aangegeven met een roze ster.
9/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
2
Rekenmethode primaire verkeersleidingsradarnetwerk Het radarsimulatiemodel PERSEUS berekent voor elk radarsysteem de detectiekans van een doel met een radardoorsnede van 2 m2, fluctuatiestatistiek Swerling case 1, en loos alarmkans 1×10-6. Afhankelijk van de locatie van het bouwplan moet de detectiekans geëvalueerd worden op een normhoogte van 300, 500 of 1000 voet ten opzichte van het maaiveld. Indien op 1000 voet geëvalueerd wordt, zal middeling van detectiekansen binnen een cirkel met een straal van 500 m toegepast worden. De 300 en 500 voet normhoogtes liggen over het algemeen rond de verschillende militaire vliegvelden in Nederland. Op een hoogte van 1000 voet dient er, met enige uitzonderingen, landelijke dekking te zijn. In Figuur 6 worden de normhoogtegebieden getoond.
Figuur 6 De ligging van het te toetsen bouwplan aangegeven met een ster en de ligging van de thans gehanteerde 2024 normhoogtes op 300 voet (rood) en 500 voet (blauw). Op 1000 voet (paars) dient het verkeersleidingsradarnetwerk, op enkele uitzonderingen na, een landelijke dekking te hebben. Tevens zijn op deze kaart met een groene markering de
10/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
locaties aangeven van het primaire verkeersleidingsradarnetwerk bestaande uit een zestal MASS radarsystemen en in oranje de TAR West radar te Schiphol en in paars de infill radar te Wemeldinge.
Het bouwplan valt binnen de normhoogte van 500 voet. De detectiekans van de zes MASS radarsystemen te Leeuwarden, Twenthe, Soesterberg, Volkel, Woensdrecht en De Kooy, aangevuld met de TAR West van Schiphol en de infill radar te Wemeldinge is conform de met Defensie overeengekomen rekenmethode gesimuleerd in één radarnetwerk, waarbij de radars elkaar eventueel ondersteuning kunnen bieden bij de detectie van radardoelen. Daarbij wordt rekening gehouden met de upgrade van de MASS primaire radar en het Wind Farm Filter (WFF) in de TAR West radar, zoals TNO die op dit moment in PERSEUS gemodelleerd heeft. De Belgische militaire ASR-M verkeersleidingsradar wordt vanaf 1 november 2020 meegenomen in de berekeningen indien er een normoverschrijding aanwezig is zonder de steun van deze radar. Hoogbouw veroorzaakt geen Doppler reflecties, daarom zal in de toetsing van de primaire radars alleen gekeken worden naar het eventuele verlies aan bereik door de schaduwwerking van de hoogbouw. Gezien de ligging van het bouwplan op korte afstand van Schiphol zal naast de radardetectiekansdiagrammen van het verkeersleidingsradarnetwerk, ook de afzonderlijke radardetectiekansdiagrammen van de TAR West en Soesterberg worden berekend.
Als referentie zijn ook de radardetectiekansdiagrammen berekend voor de zogenaamde baseline situatie, dat wil zeggen, rekening houdend met alle bestaande windturbines en dus voor realisatie van het bouwplan. Het baseline-bestand van windturbines geeft de situatie aan binnen Nederland, vastgelegd in het begin van januari 2024, door Windstats.nl. De voor de simulatie noodzakelijke afmetingen van de windturbines zijn afgeleid van de in dit bestand opgenomen gegevens, zijnde: fabrikant, opgewekt vermogen, ashoogte en rotordiameter. Het bouwplan wordt daar vervolgens aan toegevoegd en voor beide situaties (baseline en baseline met bouwplan) worden detectiediagrammen berekend. Door een vergelijking van beide diagrammen kan het detectieverlies worden vastgesteld in de directe nabijheid van het bouwplan veroorzaakt door reflecties van het bouwplan en het eventuele verlies aan radarbereik ten gevolge van de schaduwwerking van het bouwplan.
11/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
3
Gegevens bouwplan Het Masterplan Schalkwijk bestaat uit een groot aantal afzonderlijke bouwwerken, zoals aangegeven binnen het blauwe kader in Figuur 7. Binnen dit plan bevinden zich een aantal hogere bouwwerken. De afstand van het bouwplan tot aan TAR West radar bedraagt circa 5.5 km en tot TAR Centrum circa 10 km. Op basis van het toetsingsprofiel voor hoogbouw uit Figuur 1 en de aan te nemen antennehoogtes uit Tabel 2, kan worden vastgesteld dat de hoogbouw toetsingsplichtig is op moment dat het bouwwerk hoger is dan 37 + 5500 x Tan (0.25º), oftewel 61 m NAP. Uitgaande van een maximale maaiveldhoogte ter plekke van 1 m NAP, betekent dit een bouwhoogte van 60 m t.o.v. het maaiveld of hoger. Voor het onderhavige bouwplan geldt dit dus voor drie woontorens, zoals met rode pijlen aangegeven in Figuur 7.
Figuur 7 Masterplan Schalkwijk met de voorgenomen rijksdriehoek coördinaten bouwhoogtes ten opzichte van het maaiveld, zoals ontvangen van de gemeente Haarlem. Het te toetsen bouwplan ligt binnen de blauwe omkadering. De drie met rode pijlen aangegeven woontorens zijn gelijk of hoger dan 60 m ten opzichte van het maaiveld of 61 m NAP en zijn dus toetsingsplichtig [Bron: Gemeente Haarlem].
De hoekpunten en de bouwhoogtes van de te toetsen hoogbouw van het Masterplan Schalkwijk zijn weergegeven in Tabel 4. De weergegeven rijksdriehoekcoördinaten en bouwhoogtes ten opzichte van het maaiveld zijn afkomstig van de opdrachtgever. De WGS 84 coördinaten en de bouwhoogtes ten opzichte van NAP zijn hiervan afgeleid.
12/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
Tabel 4 Locatiegegevens van het bouwplan zoals opgegeven door de opdrachtgever. Toren
Hoekpunt
RDS coördinaten X Y
WGS 84 coördinaten Latitude [º] Longitude [°]
Bouwhoogte t.o.v. maaiveld [m]
Bouwhoogte t.o.v. NAP [m]
1
A
104970
486008
52.35968
4.65276
66.8
67.8
B
104994
486011
52.35971
4.65311
66.8
67.8
C
104998
485984
52.35947
4.65318
66.8
67.8
D
104975
485980
52.35943
4.65284
66.8
67.8
A
105003
486071
52.36025
4.65324
73.2
74.2
B
105027
486075
52.36029
4.65359
73.2
74.2
C
105032
486046
52.36003
4.65367
73.2
74.2
D
105008
486042
52.35999
4.65332
73.2
74.2
A
105199
486071
52.36027
4.65611
76.4
77.4
B
105225
486071
52.36027
4.65650
76.4
77.4
C
105225
486046
52.36005
4.65650
76.4
77.4
D
105199
486046
52.36004
4.65612
76.4
77.4
2
3
De posities van de te realiseren hoogbouw zijn weergegeven in Figuur 8.
13/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
Figuur 8 Alleen het blauw omlijnde deel van het Masterplan Schalkwijk wordt in deze toetsing meegenomen. Daarbinnen valt de hoogbouw bestaande uit drie woontorens 1 t/m 3. De hoekpunten daarvan zijn weergegeven met gele stippen. De posities komen overeen met de coördinaten vermeldt in Tabel 4 [Bing].
4
Berekeningen radardetectiekans diagrammen primaire verkeersleidingsradarnetwerk Detectiekans in de schaduw van het bouwplan op 1000 voet In Figuur 9 is de detectiekans op 1000 voet van het primaire verkeersleidingsradarnetwerk uitgerekend voor de gebieden waar schaduw kan ontstaan ten gevolge van het nog te realiseren bouwplan. Op deze resultaten is detectiekansmiddeling toegepast met een straal van 500 m. De stippellijnen afkomstig van de MASS positie van Soesterberg en De Kooy en de TAR West bij Schiphol, lopend over het bouwplan, geven de zone aan waartussen een verminderde detectiekans zou kunnen ontstaan als gevolg van de schaduwwerking. In Figuur 10 is de detectiekans berekend voor hetzelfde gebied na realisatie van het bouwplan en in Figuur 11 is het gebied vergroot weergegeven. De figuren tonen aan dat er geen verlies aan bereik is ontstaan door de schaduwwerking van het bouwplan. Het bouwplan voldoet dus aan de thans gehanteerde 2024 norm.
14/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
Figuur 9 Detectiekans van het primaire verkeersleidingsradarnetwerk op 1000 voet in het schaduwgebied van het bouwplan voordat deze is gerealiseerd (baseline). Op dit figuur is detectiekansmiddeling toegepast. De stippellijnen geven aan waartussen de schaduw kan gaan ontstaan
15/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
Figuur 10 Detectiekans van het primaire verkeersleidingsradarnetwerk berekend op 1000 voet in het schaduwgebied van het bouwplan nadat deze is gerealiseerd. Op dit figuur is detectiekansmiddeling toegepast. De stippellijnen geven aan waar de schaduw kan ontstaan.
16/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
Figuur 11 Het gebied waar een verlies aan bereik kan ontstaan groter weergegeven. De stippellijn geeft het bereik aan zonder bouwplan (baseline 2024).
17/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
Detectiekans in de schaduw van het bouwplan op 500 voet Omdat het bouwplan in de controlled traffic region (CTR) van Schiphol ligt, is er ook een berekening uitgevoerd naar de schaduwwerking op 500 voet. In Figuur 12 is de detectiekans op 500 voet van het primaire verkeersleidingsradarnetwerk uitgerekend voor de gebieden waar schaduw kan ontstaan ten gevolge van het nog te realiseren bouwplan. De stippellijnen afkomstig van de TAR West bij Schiphol, lopend over het bouwplan, geven de zone aan waartussen een verminderde detectiekans zou kunnen ontstaan als gevolg van de schaduwwerking. In Figuur 13 is de detectiekans berekend voor hetzelfde gebied na realisatie van het bouwplan. De figuren tonen aan dat er ook op 500 voet geen verlies aan bereik is ontstaan door de schaduwwerking van het bouwplan. Het bouwplan voldoet dus aan de thans gehanteerde 2024 norm.
Figuur 12 Detectiekans van het primaire verkeersleidingsradarnetwerk op 1000 voet in het schaduwgebied van het bouwplan voordat deze is gerealiseerd (baseline). De stippellijnen geven aan waartussen de schaduw kan gaan ontstaan.
18/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
Figuur 13 Detectiekans van het primaire verkeersleidingsradarnetwerk berekend op 500 voet in het schaduwgebied van het bouwplan nadat deze is gerealiseerd. De stippellijnen geven aan waar de schaduw kan ontstaan.
.
19/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
5
Berekeningen radardetectiekans diagrammen voor alleen de primaire verkeersleidingsradar TAR West Detectiekans voor alleen de TAR West in de schaduw van het bouwplan op 1000 voet In Figuur 14 is de detectiekans op 1000 voet van de primaire verkeersleidingsradar TAR West uitgerekend voor de gebieden waar schaduw kan ontstaan ten gevolge van het nog te realiseren bouwplan. Op deze resultaten is detectiekansmiddeling toegepast met een straal van 500 m. De stippellijnen afkomstig van de positie van TAR West, lopend over het bouwplan, geven de zones aan waartussen een verminderde detectiekans zou kunnen ontstaan als gevolg van de schaduwwerking. In Figuur 15 is de detectiekans berekend voor hetzelfde gebied na realisatie van het bouwplan. Tot slot wordt in Figuur 16 het verlies aan bereik van de TAR West in detail weergegeven. De figuur toont een verlies aan bereik aan van circa 20, 22 en 25 km, ten gevolge van de schaduwwerking van, respectievelijk woontoren 1 (67.8 m NAP), woontoren 2 (74.2 m NAP) en woontoren 3 (77.4 m NAP).
Figuur 14 Detectiekans van alleen de primaire verkeersleidingsradar TAR West op 1000 voet in het schaduwgebied van het bouwplan voordat deze is gerealiseerd (baseline). Op dit figuur is detectiekansmiddeling toegepast. De stippellijnen geven aan waartussen de schaduw kan gaan ontstaan.
20/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
Figuur 15 Detectiekans van de primaire verkeersleidingsradar TAR West berekent op 1000 voet in het schaduwgebied van het bouwplan nadat deze is gerealiseerd. Op dit figuur is detectiekansmiddeling toegepast. De stippellijnen geven aan waar de schaduw kan ontstaan.
21/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
Figuur 16 Het verlies aan bereik voor de TAR West op 1000 voet in detail ten gevolge van de schaduwwerking van het bouwplan. De stippellijn geeft het bereik aan voor de huidige situatie, dus baseline 2024.
22/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
Detectiekans voor alleen de TAR West in de schaduw van het bouwplan op 500 voet Omdat het bouwplan in de controlled traffic region (CTR) van Schiphol ligt, is er ook een berekening uitgevoerd naar de schaduwwerking op 500 voet. In Figuur 17 is de detectiekans op 500 voet van de primaire verkeersleidingsradar TAR West uitgerekend voor de gebieden waar schaduw kan ontstaan ten gevolge van het nog te realiseren bouwplan. De stippellijnen afkomstig van de positie van TAR West, lopend over het bouwplan, geven de zones aan waartussen een verminderde detectiekans zou kunnen ontstaan als gevolg van de schaduwwerking. In Figuur 18 is de detectiekans berekend voor hetzelfde gebied na realisatie van het bouwplan. De figuur toont een verlies aan bereik aan, maar deze valt buiten de CTR van Schiphol.
Figuur 17 Detectiekans van de primaire verkeersleidingsradar TAR West op 500 voet in het schaduwgebied van het bouwplan voordat deze is gerealiseerd (baseline). De stippellijnen geven aan waartussen de schaduw kan gaan ontstaan.
23/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
Figuur 18 Detectiekans van de primaire verkeersleidingsradar TAR West berekent op 500 voet in het schaduwgebied van het bouwplan nadat deze is gerealiseerd. De hoekpunten van de hoogbouw zijn aangegeven met een gele stip. De stippellijnen geven aan waar de schaduw kan ontstaan.
24/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
6
Berekeningen radardetectiekans diagrammen voor alleen de MASS Soesterberg Detectiekans voor alleen de MASS Soesterberg in de schaduw van het bouwplan op 1000 voet Aangezien deze radar een speciale ondersteunende taak heeft bij de beeldopbouw boven Schiphol, zijn er ook afzonderlijke berekeningen uitgevoerd voor deze radar. In Figuur 14 is de detectiekans op 1000 voet van de primaire verkeersleidingsradar MASS Soesterberg uitgerekend voor de gebieden waar schaduw kan ontstaan ten gevolge van het nog te realiseren bouwplan. Op deze resultaten is detectiekansmiddeling toegepast met een straal van 500 m. De stippellijnen afkomstig van de positie van de MASS Soesterberg, lopend over het bouwplan, geven de zones aan waartussen een verminderde detectiekans zou kunnen ontstaan als gevolg van de schaduwwerking. In Figuur 15 is de detectiekans berekend voor hetzelfde gebied na realisatie van het bouwplan. Tot slot wordt in Figuur 16 het verlies aan bereik van de MASS Soesterberg in detail weergegeven. De figuren tonen aan dat er alleen line-ofsight is tussen de MASS radar bij Soesterberg en de hoogste woontoren 3 van 77.4 m NAP. Ten gevolge van de van de schaduwwerking van deze toeren is er een verlies aan bereik van circa 900 m.
Figuur 19 Detectiekans van de primaire verkeersleidingsradar MASS Soesterberg op 1000 voet in het schaduwgebied van het bouwplan voordat deze is gerealiseerd (baseline). Op dit figuur is detectiekansmiddeling toegepast. De stippellijnen geven aan waartussen de schaduw kan gaan ontstaan.
25/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
Figuur 20 Detectiekans van de primaire verkeersleidingsradar MASS Soesterberg berekent op 1000 voet in het schaduwgebied van het bouwplan nadat deze is gerealiseerd. Op dit figuur is detectiekansmiddeling toegepast. De stippellijnen geven aan waar de schaduw kan ontstaan.
26/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
Figuur 21 Het verlies aan bereik voor de MASS Soesterberg op 1000 voet in detail ten gevolgde van de schaduwwerking van het bouwplan. De stippellijn geeft het bereik aan voor de huidige situatie, dus baseline 2024.
27/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
7
Line of Sight berekeningen secundaire verkeersleidingsradars TAR Centrum en TAR West Uitgangspunten Naast verstorende effecten op de primaire radar, hebben windturbines ook mogelijk een verstorend effect op de secundaire radar (Monopulse Secondary Surveillance Radar, of MSSR). Een secundair radarsysteem verschilt van een primair radarsysteem op een aantal vlakken. Primaire radarsystemen zijn non-coöperatief en meten de afstand en peilingshoek van het doel. Secundaire radarsystemen, daarentegen, zijn coöperatief, dat wil zeggen, het doel werkt actief mee aan de detectie. De secundaire radar zendt ondervragingssignalen uit met een frequentie van 1030 MHz. Het doel, uitgerust met een radar transponder, antwoordt vervolgens door signalen uit te zenden met een frequentie van 1090 MHz. Het antwoord bevat aanvullende informatie, zoals hoogte (mode C) en een identiteitscode (mode A). In het geval van een monopulse SSR is het systeem ook in staat om een nauwkeurige peiling te doen van het doel uit een enkel antwoord. De peiling kan, over het algemeen, tot op een fractie van een graad (~0.05°) nauwkeurig worden bepaald. De ligging van het bouwplan in Schalkwijk ten opzichte van de TAR West en TAR Centrum MMSR is weergegeven in Figuur 22. De afstand tot de radar bedraagt circa 5.5 km voor de TAR West en circa 10 km voor de TAR Centrum.
Figuur 22
De ligging van het bouwplan in Schalkwijk ten opzichte van de TAR West en TAR Centrum MMSR.
Zoals aangegeven in paragraaf 3 zijn alle bouwwerken boven de 61 m NAP toetsingsplichtig. De bestaande bebouwing in de omgeving van het bouwplan en gelegen in dezelfde sector gezien vanuit de beide radars TAR West en TAR Centrum is weergegeven in Figuur 23. De weergegeven bouwhoogtes zijn bepaald met de AHN viewer en bepaald op basis van het meest recente AHN4 bouwhoogtebestand. Zoals kan worden vastgesteld zijn de bouwhoogtes van de bestaande hoogbouw deze niet hoger dan
28/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
50 m NAP. Daarom hoeven ze dus niet meegenomen worden in deze de toetsing voor de secundaire radars.
Figuur 23 De bestaande hoogbouw in de directe omgeving van het bouwplan, zoals aangegeven in de AHN viewer. De twee rode stippellijnen geven de zichtlijnen aan tussen het bouwplan en TAR West en TAR Centrum. Zoals zichtbaar is, is de bestaande hoogbouw in dezelfde sector als beide radars niet hoger dan 50 m NAP.
Bepaling van radarhorizon In deze paragraaf wordt de azimutzone vastgesteld van het bouwplan en het hoogteprofiel voor beide MSSRs. Deze resultaten laten zien of het bouwplan invloed heeft op de radarhorizon. Hoogbouw beïnvloedt de radarhorizon wanneer de elevatiehoek naar het hoogste punt van de turbine groter is dan de elevatiehoek naar alle andere objecten met dezelfde azimuthoek, bekeken tot aan het maximale bereik van de MSSR (256 NM voor deze radar). Gegeven de elevatiehoek naar het hoogste punt van de woontoren, worden luchtvaartuigen op verschillende vlieghoogtes beïnvloed op verschillende afstanden tot de radar, zie Figuur 24.
29/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
Figuur 24 Een overzicht van de algemene line-of-sight geometrie met een vaste azimut. De elevatiehoek naar het hoogste punt van de woontoren wordt aangegeven met een grijze lijn. MSSR transponders signalen boven deze lijn worden niet beïnvloed door de woontoren. MSSR transponders van vliegtuigen onder deze lijn worden mogelijk beïnvloed door de woontoren.
In de volgende twee figuren worden azimut-elevatie plots van het terrein inclusief de woontorens (de radarhorizon) weergegeven voor beide radarsystemen. Een oranje lijn geeft positie en de hoogte aan van de woontorens. Figuur 25 en Figuur 26 tonen aan dat beide radars line-of-sight hebben naar het bouwplan. De drie woontorens beslaat een sector van ongeveer 3.5°, van 308.5° tot 312º in noordwestelijk richting gezien vanuit de TAR West en eveneens 2°, van 301° tot 303° in noordwestelijke richting gezien vanuit de TAR Centrum. De radarhorizon wordt voor beide radars verhoogd in elevatie. Dit houdt in dat de hoogbouw invloed hebben op de radarhorizon van beide radars.
30/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
Figuur 25 Overzicht van de radar horizon in de richting van het bouwplan, gezien vanuit de TAR West MSSR. De nieuwe woontorens zijn oranje gekleurd.
Figuur 26 Overzicht van de radar horizon in de richting van het bouwplan, gezien vanuit de TAR Centrum (TAR-1) MSSR. De nieuwe woontorens zijn oranje gekleurd.
31/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
Line-of-sight analyse In deze paragraaf worden de zichtlijnen, de zogenaamde line-of-sight of LoS, geanalyseerd. Voor beide radars zijn dit alleen de drie nieuwe woontorens. Voor elk van deze woontoren wordt een figuur gemaakt zoals Figuur 24. Met behulp van deze figuren wordt bepaald op welke doel afstand en vlieghoogte de turbine het functioneren van de MSSR beïnvloed. In alle LoS figuren die volgen wordt de kromming van de aarde weergegeven met een rode lijn. De hoogte van het terrein op de lijn radarantenne-windturbine wordt weergegeven met een zwarte lijn. De radar zelf wordt aangegeven met een rode driehoek aan de linkerkant van de figuur. De woontoren is in elke figuur getekend op een bepaalde afstand. De Fresnel zone van de eerste orde richting het hoogste punt van de woontoren zijn getekend in gestippelde blauwe ellips. Een zwarte stippellijn passeert het punt op de grond met de hoogste elevatie hoek gezien vanuit de radar antenne. Dit is het punt dat de radarhorizon bepaald in afwezigheid van de woontoren. Verder zijn er een oranje zone getekend. Wanneer de oranje zone zichtbaar is, wordt de radarhorizon verslechterd door de woontoren. In elk figuur worden de vlieghoogtes van 3000 ft, 5000 ft en 10000 ft weergegeven. In de oranje zones is de radar niet volledig ‘blind’.
De oranje kleur geeft slechts aan waar de beïnvloeding van de woontoren op de radar performance kan voorkomen. In deze regionen komt het signaal van een SSR transponder richting de antennes nabij Schiphol langs een woontoren. Dit betekent dat het golffront van het signaal, uitgezonden door de transponder, verstoord zal worden door de woontoren. Maar dit betekent echter nog niet dat de impact op de positie bepaling door de MSSR significant wordt beïnvloed. De fout in de positie bepaling door de woontoren in het pad van het signaal wordt verderop vastgesteld. Line-of-sight vanuit de TAR West MSSR In Figuur 27 tot en met Figuur 32 wordt de LoS getoond naar de onderzochte woontorens gezien vanuit de TAR West. Allereerst voor het pad tussen de radar en de woontoren en daarna tot een afstand van 100 km tot de radar. Verdere uitleg wordt onder ieder figuur gegeven.
32/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
Figuur 27
Line-of-sight van de TAR West naar woontoren 1. De woontoren staat volledig in het zicht van de radar.
Figuur 28
Line-of-sight van de TAR West naar woontoren 2. De woontoren staat volledig in het zicht van de radar.
33/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
Figuur 29
Line-of-sight van de TAR West naar woontoren 3. De woontoren staat volledig in het zicht van de radar.
Figuur 30 Line-of-sight van TAR West naar woontoren 1, maar nu doorgetrokken tot 100 km vanaf de MSSR. De oranje lijn geeft een indicatie op welke vlieghoogte de verstoring van de woontoren nog van invloed is. Op 100 km van de radar zal de peiling van vliegtuigen tot een hoogte van circa 3812 voet beïnvloed worden. Zonder de woontoren zou dit ten gevolge van het terrein een hoogte zijn van circa 1947 voet.
34/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
Figuur 31 Line-of-sight van TAR West naar woontoren 2, maar nu doorgetrokken tot 100 km vanaf de MSSR. De oranje lijn geeft een indicatie op welke vlieghoogte de verstoring van de woontoren nog van invloed is. Op 100 km van de radar zal de peiling van vliegtuigen tot een hoogte van circa 3907 voet beïnvloed worden. Zonder de woontoren zou dit ten gevolge van het terrein een hoogte zijn van circa 1911 voet.
Figuur 32 Line-of-sight van TAR West naar woontoren 3, maar nu doorgetrokken tot 100 km vanaf de MSSR. De oranje lijn geeft een indicatie op welke vlieghoogte de verstoring van de woontoren nog van invloed is. Op 100 km van de radar zal de peiling van vliegtuigen tot een hoogte van circa 4490 voet beïnvloed worden. Zonder de woontoren zou dit ten gevolge van het terrein een hoogte zijn van circa 1896 voet.
35/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
Line-of-sight vanuit de TAR Centrum MSSR In Figuur 33 tot en met Figuur 38 wordt de LoS getoond de onderzochte woontorens, gezien vanuit de TAR Centrum. Allereerst voor het pad tussen de radar en de woontoren en daarna tot een afstand van 100 km tot de radar. Verdere uitleg wordt onder ieder figuur gegeven.
Figuur 33
Line-of-sight van de TAR Centrum naar woontoren 1. De woontoren staat volledig in het zicht van de radar.
Figuur 34
Line-of-sight van de TAR Centrum woontoren 2. De woontoren staat volledig in het zicht van de radar.
36/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
Figuur 35
Line-of-sight van de TAR Centrum woontoren 3. De woontoren staat volledig in het zicht van de radar.
Figuur 36 Line-of-sight van TAR Centrum naar woontoren 1, maar nu doorgetrokken tot 100 km vanaf de TAR Centrum. De oranje lijn geeft een indicatie op welke vlieghoogte de verstoring van de woontoren nog van invloed is. Op 100 km van de radar zal de peiling van vliegtuigen tot een hoogte van circa 3474 voet beïnvloed worden. Zonder de woontoren zou dit ten gevolge van het terrein een hoogte zijn van circa 2263 voet.
37/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
Figuur 37 Line-of-sight van TAR Centrum naar woontoren 2, maar nu doorgetrokken tot 100 km vanaf de TAR Centrum. De oranje lijn geeft een indicatie op welke vlieghoogte de verstoring van de woontoren nog van invloed is. Op 100 km van de radar zal de peiling van vliegtuigen tot een hoogte van circa 3530 voet beïnvloed worden. Zonder de woontoren zou dit ten gevolge van het terrein een hoogte zijn van circa 2486 voet.
Figuur 38 Line-of-sight van TAR Centrum naar woontoren 3, maar nu doorgetrokken tot 100 km vanaf de TAR Centrum. De oranje lijn geeft een indicatie op welke vlieghoogte de verstoring van de woontoren nog van invloed is. Op 100 km van de radar zal de peiling van vliegtuigen tot een hoogte van circa 3860 voet beïnvloed worden. Zonder de woontoren zou dit ten gevolge van het terrein een hoogte zijn van circa 2638 voet.
38/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
Line-of-sight dekking diagrammen in het horizontale vlak De resultaten in de voorgaande paragrafen geven inzicht in welke mate het bouwplan de individuele MSSR systemen nabij Schiphol beïnvloedt in het verticale vlak. In komende paragraaf worden de beïnvloede gebieden met behulp van een line-of-sight dekking diagram bepaald in het horizontale vlak voor de TAR West en in de daaropvolgende paragraaf voor de TAR Centrum MSSR. De dekking diagrammen worden getoond voor doelen op vlieghoogtes van 3000, 5000 en 10000 voet. Een dekkingsdiagram laat beter zien of een secondaire radar een doel kan “zien” op een gegeven vlieghoogte. Een obstakel in het pad van de zichtlijn tussen de radar en het doel beïnvloedt de zichtbaarheid, maar het doel zal in elk geval niet onzichtbaar zijn. Dit principe wordt weergegeven in Figuur 39. Radio golven buigen af rond een obstakel, dit limiteert de schaduwzone direct achter het obstakel.
Figuur 39
Grafische weergave van diffractie effecten
De beïnvloede azimutzone van een woontoren is vastgelegd op 2.5° aan weerzijden van de woontoren, dus 5° in het totaal. Buiten deze 2.5° azimutzone is de impact van de woontoren op de peilingshoek bepaling kleiner dan de MSSR peilingshoek nauwkeurigheid. Dit wordt later uitgebreider besproken. Voor elke vlieghoogte van het doel worden twee situatie in beschouwing genomen zonder woontorens en met woontorens. Door deze figuren te vergelijken wordt het effect van de geplande woontorens op de line-of-sight vastgesteld. Line-of-sight dekking diagrammen in het horizontale vlak voor de TAR West MSSR De line-of-sight dekking diagrammen voor de TAR West MSSR voor doelhoogtes van 3000 voet, 5000 voet en 10000 voet worden getoond in de Figuur 40 tot en met Figuur 42. Gebieden die worden beïnvloed door de woontorens worden in oranje weergegeven. In de figuren kan worden gezien dat de woontorens de verstoorde azimutzone verdiepen. In de zone 308° tot 311° is de dekking verminderd.
39/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
Figuur 40 Line-of-sight dekking diagram voor een doel op 3000 voet boven NAP gezien vanuit de TAR West MSSR, waarbij de drie woontorens nu in beschouwing worden genomen.
40/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
Figuur 41 Line-of-sight dekking diagram voor een doel op 5000 voet boven NAP gezien vanuit de TAR West MSSR, waarbij de drie woontorens nu in beschouwing worden genomen.
Figuur 42 Line-of-sight dekking diagram voor een doel op 10000 voet boven NAP gezien vanuit de TAR West MSSR, waarbij de drie woontorens nu in beschouwing worden genomen.
41/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
Line-of-sight dekking diagrammen in het horizontale vlak voor de TAR Centrum MSSR De line-of-sight dekking diagrammen voor de TAR Centrum MSSR voor doelhoogtes van 3000 voet, 5000 voet en 10000 voet worden getoond in de Figuur 43 tot en met Figuur 45. Gebieden die worden beïnvloed door de woontorens worden in oranje weergegeven. In de figuren kan worden gezien dat de geplande woontorens de verstoorde azimutzone verdiepen. In de zone 301° tot 302° is de dekking verminderd.
Figuur 43 Line-of-sight dekking diagram voor een doel op 3000 voet boven NAP gezien vanuit de TAR Centrum MSSR, waarbij de drie woontorens nu in beschouwing worden genomen.
42/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
Figuur 44 Line-of-sight dekking diagram voor een doel op 5000 voet boven NAP gezien vanuit de TAR Centrum MSSR, waarbij de drie woontorens nu in beschouwing worden genomen.
43/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
Figuur 45 Line-of-sight dekking diagram voor een doel op 10000 voet boven NAP gezien vanuit de TAR Centrum MSSR, waarbij de drie woontorens nu in beschouwing worden genomen.
8
Peilingsfouten berekeningen secundaire verkeersleidingsradars TAR West en TAR Centrum Methode Zoals in de voorgaande paragrafen genoemd, kan een obstakel (zoals een berg, gebouw of windturbine) tussen de MSSR antenne en het doel een fout opleveren bij het bepalen van de peilingshoek van het doel. In deze paragraaf wordt de grootte van deze peilingshoek bepaald aan de hand van een model ontwikkeld door TNO. In Figuur 46 wordt de MSSR antenne van de TAR West weergegeven en in Figuur 47 die van de TAR Centrum. Beide bestaan typisch uit 35 verticale antenne elementen. Hieronder wordt een korte omschrijving gegeven over hoe de peilingshoek metingen door een MSSR worden uitgevoerd gedaan en hoe de turbines deze meting beïnvloeden.
Figuur 46 De secondaire radarantenne gemonteerd op de STAR 2000 primaire radarantenne van de TAR West, bestaande uit 35 verticale antenne elementen.
44/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
Figuur 47 De TAR Centrum MSSR gelegen tussen de taxibanen van Schiphol.
De peilingshoek naar een doel wordt bepaald met de zogenaamde monopulse techniek. Door verschillen weeg-factoren op ieder radarelement toe toepassen worden twee radarbundels gevormd. Een zogenoemde sombundel en een verschilbundel, zie Figuur 48. Het transpondersignaal, afkomstig van het doel, wordt ontvangen in beide bundels. Door de signaalsterkte in het somkanaal te vergelijken met de signaalsterkte in het verschilkanaal, kan een nauwkeurige peilingshoek worden bepaald. De links-rechts dubbelzinnigheid wordt opgelost door te kijken naar de fase van het ontvangen signaal. Stel dat de MSSR bijvoorbeeld een signaal ontvangt met gelijke sterkte in het som- en verschilkanaal, dan betekent dit dat de peiling naar het doel, afhankelijk van de fase, gelijk moet zijn aan +1° of -1°.
Figuur 48 De som (rood) en verschilbundel (blauw) als functie van azimut. De peiling naar het doel wordt bepaald door de signaalsterkte van het transpondersignaal in beide bundels met elkaar te vergelijken.
Als er zich een obstakel, zoals een windturbine, bevindt tussen het doel en de radar, zullen de som- en verschilbundel verschillend worden beïnvloed. Dat betekent dat bij het bepalen van de peilingshoek een fout wordt geïntroduceerd, zie Figuur 49. Deze hoekfout of off-boresight error (OBE) wordt hierna verder gekwantificeerd.
45/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
Figuur 49 De windturbine of andere hoge obstakels tussen het vliegtuig en de MSSR antenne veroorzaakt een verstoring van het golffront van het signaal afkomstig van de transponder, waardoor de peilingsmeting wordt beïnvloed.
Om de peilingsfout te bepalen wordt gebruik gemaakt van een model waarbij de woontorens worden gemodelleerd als (oneindig lange) cilinders. Een inkomende vlakke golf valt in op de cilinder en wordt verstoord. Voor deze verstoring bestaat een analytische oplossing. TNO heeft de methode uitgebreid, zodat nu de verstoring van meerdere obstakels kan worden gekwantificeerd. Hierbij wordt de onderlinge invloed van de woontorens genegeerd. Als twee woontorens, gezien vanaf de radar, achter elkaar staan, wordt alleen de woontoren het dichtst bij de radar meegenomen in de berekening. Aangezien de woontoren worden gemodelleerd als oneindig lange cilinders, kan iedere woontoren in het model worden beschreven door een enkele parameter: de diameter van de cilinder. In de simulaties is ervoor gekozen om de diameter van de cilinder afhankelijk te maken van de projectie van de woonstoren gezien vanuit de radarpositie. In alle gevallen staat deze zichthoek vrijwel loodrecht op de diagonaal van de woontorens lopend tussen de rechter bovenhoek (punt B) en de linker onderhoek (punt D). Zoals zichtbaar is in Tabel 5, is de maximale afwijking op deze loodrechte hoek varieert tussen de 0.2º en 13.8º. Deze grootse waarde resulteert in een versmallingsfactor van de cilinder van cosinus (13.8º) of te wel 0.97.
Op de lengte van de diagonaal van het gebouw van 36 m, komt dit neer op een verwaarloosbare versmalling van circa 1 m. meterfactor. Om deze reden zijn de toegepaste diameters van de cilinders per woontoren voor de beide radar gelijk gehouden aan de diagonaal, zie Tabel 6. Deze benadering kan worden beschouwd als een worst-case aanname. Tabel 5 Lengte diagonalen, Zichthoek en toegepaste cilinder diameter voor elke woontoren voor TAR West en TAR Centrum Lengte [m]
Hoek [º]
Verschil t.o.v. loodrecht [º]
Verschil [m]
diagonaal
diagonaal
TAR West
TAR Centrum
TAR West
TAR Centrum
Woontoren 1
36.12
308.8
2.5
9.9
0.04
0.54
Woontoren 2
37.64
309.5
0.2
7.5
0.00
0.32
Woontoren 3
36.07
310.7
5.4
13.8
0.16
1.04
Tabel 6 Gezamenlijk toegepaste cilinderdiameter voor elke woontoren voor TAR West en TAR Centrum Ø [m] Woontoren 1
36.1
Woontoren 2
37.6
Woontoren 3
36.1
46/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
Resultaten van de Peilingsfouten berekeningen In deze paragraaf worden de peilingsfout berekeningen gepresenteerd voor beide MSSRs en voor de oranje zone, dus waar het zicht belemmerd wordt door de woontorens. De peilingsfouten zijn weergegeven in Figuur 50 tot en met Figuur 53. Peilingsfouten TAR West MSSR In Figuur 50 wordt de peilingsfout (in het figuur aangeduid met off-boresight error, of OBE) getoond veroorzaakt door de drie woontorens als functie van azimut van de TAR West. Dit is de peilingsfout geplot zoals deze direct in het TNO model wordt bepaald. De rode, oranje en grijze kleur komen overeen met het 50e, 90e en 100e percentiel, respectievelijk. Met andere woorden, de peilingsfout is in 90% van de gevallen kleiner dan de waarde aangegeven met de oranje lijn. Zoals te zien, gedraagt de peilingsfout zich zeer grillig. Alleen de absolute fout is van belang. In Figuur 51 is de absolute peilingsfout geplot per azimutsector van 1.0°. Met de drie kleuren, waarbij rood, oranje en grijs overeenkomen met het 50e, 90e en 100e percentiel. De standaarddeviatie is ook weergegeven met een zwarte stippellijn.
Figuur 50 De peilingshoek fout als functie van azimut veroorzaakt door de drie woontorens voor de TAR West MSSR. De maximale absolute fout voor de oranje zones is 0.57°.
Figuur 51 De cumulatieve verdeling van de absolute peiling fout per azimut sector van 1.0° door de drie woontorens. De maximale peilingshoek fout van de oranje zone van 0.58° komt voor bij een hoek van -50º - -51º (309º - 310º) 38-39°. In 90% van de gevallen is de peilingshoek fout in deze sector onder de 0.20° en in 50% van de gevallen onder de 0.05°.
Peilingsfouten TAR Centrum MSSR
47/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
In Figuur 52 wordt de peilingsfout getoond veroorzaakt door de drie woontorens als functie van azimut van de TAR Centrum. Dit is de peilingsfout geplot zoals deze direct in het TNO model wordt bepaald. De rode, oranje en grijze kleur komen overeen met het 50e, 90e en 100e percentiel, respectievelijk. Met andere woorden, de peilingsfout is in 90% van de gevallen kleiner dan de waarde aangegeven met de oranje lijn. Zoals te zien, gedraagt de peilingsfout zich zeer grillig. Alleen de absolute fout is van belang. In Figuur 53 wordt daarom ook nog dezelfde grafiek op een andere manier gepresenteerd. In dit figuur wordt de absolute peilingsfout weergegeven per azimutsector van 1°. Wederom met de drie kleuren, waarbij rood, oranje en grijs overeenkomen met het 50e, 90e en 100e percentiel. De standaarddeviatie is ook weergegeven met een zwarte stippellijn.
Figuur 52 Boven: de peilingshoek fout als functie van azimut veroorzaakt door het bouwplan bestaande uit drie woontorens voor de TAR Centrum MSSR. De maximale absolute fout voor de oranje zones is 0.38°.
Figuur 53 De cumulatieve verdeling van de absolute peiling fout per azimut sector van 1.0° veroorzaakt door het bouwplan bestaande uit drie woontorens. Voor elke azimut sector worden de waarden van het 50ste, 90ste en 100ste percentiel weergegeven, net als de standaard deviatie (1 σ) van 68%, aangenomen dat de fout normaal verdeeld is. De maximale peilingshoek fout van de oranje zone van 0.38° komt voor bij een hoek van -59º - -60º (300º - 301º). In 90% van de gevallen is de peilingshoek fout in deze sector onder de 0.12° en in 50% van de gevallen onder de 0.08°.
Samenvatting van de peilingsfout resultaten De resultaten van de voorgaande paragrafen zijn samengevat in
48/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
Tabel 7. Het 50ste, 90ste percentiel, de maximale fout en de standaard deviatie in de azimutsector met de grootste maximale peilingsfout worden gegeven voor alle situaties, voor TAR West en TAR Centrum.
Tabel 7 De peilingsfout statistieken voor de TAR West en TAR Centrum MSSR in de azimutsector met de grootste peilingsfout, berekend voor 50, 90 en 100ste percentiel en de standaard deviatie (σ). 100 %
90 %
50 %
σ
Azimut Sector (°)
0.58
0.20
0.05
0.12
309-310
0.38
0.12
0.04
0.08
300-301
TAR West Bouwplan TAR Centrum Bouwplan
Interpretatie van de resultaten Er bestaan vele geometrieën tussen het doel, het obstakel en de MSSR antenne. Dit betekent dat de peilingsfout verschillend kan zijn voor twee targets voor dezelfde azimut op verschillende tijdstippen. Voor elke azimutsector is ook de standaarddeviatie bepaald. Voor een normale verdeling correspondeert de standaarddeviatie met het 68ste percentiel. Hier is de fout data niet normaal verdeeld, maar de standaarddeviatie ligt desalniettemin tussen het 50ste en het 90ste percentiel. Om de fouten in perspectief te plaatsen kunnen de peilingsfout omgerekend worden naar een afstandsfout op een bepaalde doel afstand. Dit is de afstand loodrecht op de afstand naar het doel gezien vanuit de MSSR. Dit is uitgerekend voor de het 50ste, 90ste en 100ste percentiel en voor de afstanden van de MSSR van 50, 100, 200, 222 en 278 km. De grootste peilingsfout uit de resultaten wordt gebruikt. De resultaten voor de TAR West MSSR staan in Tabel 8 en voor TAR Centrum in Tabel 9. De onderstaande tabel. Tabel 8 De peilingsfout, of Off-Boresight Error (OBE) omgerekend naar een afstand loodrecht op de doel afstand of cross range error. De fouten zijn uitgerekend voor verschillende afstanden tot de TAR West MSSR. OBE [°]
Percentiel [%]
Azimut sector [°]
Cross-range error in [m] Doelafstand 50 km 100 km 200 km 27 NM 54 NM 108 NM
222 km 120 NM
278 KM 150 NM
0.58 0.20 0.05 0.12
100 90 50 σ
309-310 309-310 309-310 309-310
937 323 81 194
4162 1435 359 861
5212 1797 449 1078
1875 646 162 388
2812 970 242 582
Tabel 9 De peilingsfout, of Off-Boresight Error (OBE) omgerekend naar een afstand loodrecht op de doel afstand of cross range error. De fouten zijn uitgerekend voor verschillende afstanden tot de TAR Centrum MSSR. OBE [°]
Percentiel [%]
Azimut sector [°]
Cross-range error in [m] Doelafstand 50 km 100 km 200 km 27 NM 54 NM 108 NM
222 km 120 NM
278 KM 150 NM
0.38
100
300-301
614
2727
3415
1228
1842
49/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01
0.12 0.04 0.08
90 50 σ
300-301 300-301 300-301
194 65 129
388 129 259
582 194 388
861 287 574
1078 359 719
50/51
Datum 25 oktober 2025 Onze referentie DHW-DSS-2024100355148 Projectnummer 060.59610/01.25.01