20221442683 2. Bijlage 1 Jaarverslag
Tekst van het document
neelswerkruimte te realiseren. De school heeft hier de hulp voor ingeschakeld van het bedrijf Ha12. De ruimte is in 2021 naar volle tevredenheid in gebruik genomen.
Met twee docenten wordt er bekeken hoe wij een gestructureerd en systematisch opgebouwd internationaliseringsprogramma - dat de school in het verleden al had - op te bouwen. Er wordt o.a. ook gekeken naar een samenwerking met Nuffic om dit verder vorm te geven. Deelname aan het zogenaamde Global CÍtizen Network van Nuffic lijkt de p'ljler onder dit uit te bouwen project te gaan worden. Door corona is er vertraging gekomen in de uítvoering van dit project. lnmiddels is dit weer hervat. Om leerlingen van de basisschool die meer uitdaging nodig hebben iets te bieden zijn wij het project Delphi gestart. Na een pilotfase zijn wij inmiddels zo ver dat zo'n 15 leerlingen deelnemen aan dit
project.
BV 78
3 Personele zaken 3.1 Formatie in fte (teldatum formatieplan begroting schooljaar) Formatieoverzicht
2m9-24
2020-21
2021-22
3
3
3
OP
36.31
32,906
33,115
ooP
r3,72
13.66
14.443
Tiideliik
7,28L
5,585
8,7788
Vast
45,77
43,98
4I,767
Aantal mannen
29
28
33
Aantal vrouwen
45
41
40
Directie
De afname van het aantal leerlingen heeft ook geleid tot een afname van het aantal Fte's
met een vaste aanstelling. Het aantal tijdelijke Fte's (de flexibele schil) ligt bij de start van het schooljaar 2AZL - 2O22 op ca. 15%. Deze maatregel is genomen om bij een mogelijk opnieuw tegenvallende aanmelding het perso-
neelsbestand mee te laten bewegen met het aantal leerlingen. Daarnaast zijn er in het kader van het
wegwerken van de onderwijsachterstanden extra tijdelijke uren ingezet. De verhouding aantal mannen versus aantal vrouwen is iets verbeterd. ldealiter zou die op 5O/S0
moeten liggen. Ten slotte constateren wij, niet zichtbaar in dit overzicht, dat veel medewerkers parttime werken.
Naast beschikbaarheid voor de school geeft dat problemen bij de (ervaren)werkdruk (immers 1 uur vergaderen is anders voor iemand die 40 uur werkt dan voor iemand die b'rjvoorbeeld 20 uur werkt),
bereikbaarheid voor leerlingen en collega's en inzet in de les (lees: druk op het lesrooster). De school lukt het tot op heden om in haar vacatures te voorzien. Wel moet er aanzienlijk vaker een
beroep gedaan worden op uitzendbureaus. Dit leidt automatisch tot hogere kosten (gemiddelde kos-
tenfactor 1.8).
3.2 Functiemíx Ín % (teldatum formatieplan begroting schooljaar) Er was ruimte in de functiemix. Formeel is de bandbreedte van Gymnasium Bernrod e LI2-L24, maar omdat op dit moment de schoolfínancieel gezond is, heeft de schoolleiding met de MR afgesproken dat zolang het kan wij een verdeling hanteren van2OTo 18,30 % LC en 50%LD,wat leidt tot een bandbreedte van 130. Het afgelopen schooljaar hebben wij via een intern promotietraject twee docenten kunnen bevorderen van schaal LB naar LC en een docent van LC naar LD. Daarnaast was aan een docent toegezegd dat zij b'rj het afronden van haar masteropleiding doorgeschoven zou worden naar een LD-functie.
BV 79
Functiemix
2019-20
2020-2t
202L-22
LB
22,4
26.7
23.0
LC
2t,l
22.2
24,6
LD
56,5
51.1
52.4
Totaal
100
100
100
Functiemixgetal
134
t24
129
172-724
112-124
tr2-L24
Bandbreedte OSZG
3.3
ScholingenProfessionalisering
Het budget voor (nalscholing is conform de bepalingen in de CAO. Het budget was vastgesteld op € 70.000 en er is een realisatie van € 66.000. Helaas konden gezamenlijke studiedagen vanwege corona
niet doorgaan. Aangezien er vorig jaar € 45.000 was begroot en € 49.000 was gerealiseerd, zijn wij toch zeer tevreden. Gelet op het ingezette beleid van medio 2OL7 is het een ontwikkeling die door de school van harte wordt toegejuicht en waar wij ook in de toekomst (financiële) ruimte aan willen blÍjven bieden.
Wij blijven als Gymnasium Bernrode inzetten op de eerder uitgezette koers, d.w.z. dat alle medewerkers gestimuÍeerd en uitgedaagd worden om invulling te geven aan hun deskundigheidsbevordering. De schoolleiding heeft geconstateêrd dat er door medewerkers steeds vaker gebruik wordt gemaakt
van de mogelijkheden. Dat stemt tot tevredenheid.
Wel moet de kanttekening geplaatst worden dat veel medewerkers te kennen geven dat het volgen van cursussen/opleidingen/bijeenkomsten als werkdrukverhogend ervaren wordt. De schoolleiding
heeft hier al eerder aandacht aan besteed door een werkdrukonderzoek uit te laten voeren door DUO. Dat heeft opgeleverd dat veel zich in de persoonlijke ervaringssfeer afspeelt en dat er behoefte is aan aandacht hiervoor van de leidinggevende. Het MT van Gymnasium Bernrode is hiermee aan de slag gegaan en probeert daar bij voortduring aandacht aan te geven. W'rj zijn voornemens om nog dit
kalenderjaar opnieuw een werkdrukonderzoek af te laten nemen.
4 Verbonden Partijen 4.1 Gemeente (leerplicht en projecten) Bernrode ontvangt, evenals andere scholen, van de gemeente Bernheze €. L2,5O per leerling per jaar om te besteden aan culturele en maatschappelijke doelen. Met de leerplichtambtenaar (RBL-NBO) is
regelmatig contact over de juiste handhaving van de wade wet op het vlak van leerplícht en geoorloofd verzuim. Op dit moment lopen er nog steeds gesprekken met de gemeente m.b.t. het onderhoud van het ge-
bouw. Een jarenlang probleem, vanaf de oplevering in 2008, betreft het binnenklimaat. lnmiddels is er een oplossing bedacht, evenals een verdeling van de kosten. }n 2O2t wordt er hopelijk gestart met
de uitvoering, waardoor de school zalvoldoen aan de eisen van Frisse Scholen b (de Rijksoverheid heeft daar ook een subsidie voor toegekend). De school heeft al enige jaren een bedrag gereserveerd voor de kosten die ten laste van de school kunnen vallen.
BV 80
4.2 Samenwerkingsverbanden (incl. Verantwoording passend Onderwijsf Bernrode is in het kader van Passend Onderwijs lid van het Samenwerkingsverband in de regio rond Oss {SWV 30.06). Het Samenwerkingsverband kent een bestuurlijk overleg (waar de rector bij aanwe-
zig is) en een directeurenoverleg (dat de conrector bezoekt). Daarnaast maakt de coórdinator van het OT deel uit van het gezamenlijk overleg van de ondersteuningsteams van de betrokken scholen.
Vanuit het Samenwerkingsverband wordt op aanvraag ondersteuning verleend, naast de basisondersteuning die elke school geacht wordt te bieden. Daarnaast ontvangt Bernrode een vergoeding van leerlingen die hier onderwíjs volgen, maar die mogelijk onderw'rjs zouden moeten volgen in het VSO. De totale baten vanuit het SWV bedroegen ca. € 138.000,-. Daar staat tegenover dat met 2,7 fte (waarvan 2,2vast dienstverband) OT, een uitgebreid scholings- en ondersteuningsprogramma voor
het OP en werden wij gekort door DUO voor een bedrag van € 40.000,- (Vermindering bekostiging
personeel bij uitputting zware ondersteuning SWV ZOZL-àOIZ\.
5. Zaken met een behoorlijke politieke en maatschappelijke impact Het jaar 2O27 is onlosmakelijk verbonden met de maatschappelijke impact van corona. Vanuit de po-
litiek en maatschappij zijn er veel zorgen over onderwijsachterstanden. De NPo-gelden zien wij als een financiële impuls om dit aan te pakken. Daarbij vermijden wÍj structurele investeringen. Dit omdat hetvoor ons de onvoorspelbaarheid van de politieke besluitvorming een bron van zorg is. De regio verwacht een krimp van de bevolking. Dit zou ook tot een verminderde instroom van leer-
lingen op Bernrode moeten leiden. Dat is in 2020 (gL aanmeldingenlook voor Bernrode het gevalgeweest. 2021 liet echter weer een opleving zien (107 aanmeldingen) waarbij ook het marktaandeel
vergroot werd. De ervaring leert dat dit het lastig maakt om betrouwbare meerjarenprognoses op te stellen (wij maken gebruik van de gegevens van DUO, Voion én de gemeente). De langeterm'rjnprognoses laten een daling zien tot circa 530 leerlingen in 2030 t,o.v. 608 leerlingen nu {in 2019 telde Bernrode nog 671 leerlingen). Curriculum.nu gaat gevolgen hebben voor de opzet en inrichting van ons onderwijs. Ook hier is nog veel onduidelijkheid. Op dit moment is er alleen een opzet bekend voor de onderbouw en daarbij
ontbreekt het ook nog aan concrete inhoud. De schoolleiding bezoekt de bijeenkomsten die de gemeente organiseert rondom "maatschappelijk
vastgoed" (met onder meer toekomstscenario's voor het geval leegstand zich voordoet). Bij collega-scholen in de omgeving zijn er een aantal ontwikkelingen díe wellicht een negatieve impact kunnen hebben op de instroom van het aantal leerlingen aan onze school. Zo is het Udens College vorig jaar begonnen met een gymnasiumbrugklas, gaat het nabijgelegen Ro-
denborch College over tot nieuwbouw, evenals het nabÍjgelegen Gymnasium Beekvliet.
BV 81
6. lnvesterÍngen - Materiële zaken 6.1 Huisvesting en Onderhoud
ln2O2l is evenals in de voorgaande jaren het binnenklimaat onderzocht, dit vanwege aanhoudende klachten van leerlingen en medewerkers. lnmiddels is er een subsidie toegekend, neemt de ge-
meente een deelvan de kosten voor haar rekening (wij hebben aan kunnen tonen dat de bouw niet voldeed aan het dest'rjds geldende bouwbesluit en niet aan het opgestelde bestek). De verwachting is dat in 2022 kan worden begonnen met het installeren van het nieuwe binnenklimaatsysteem. De gemeente heeft hierin een leidende rol als eigenaar van het gebouw. ln2O2L is gehele gebouw van binnen geschilderd. Het meerjarenonderhoudsplan wordt samen met de Gemeente Bernheze opgesteld en uitgevoerd. Er ís periodiek overleg tussen de gemeente en de school.
6.2 Apparatuur, ICT en Inventaris Na eerdere investeringen in het netwerk, devices voor leerlingen en medewerkers hebben wij dit jaar
m.n. geihvesteerd in smartborden (ca € 65.000,-). Dit was mede mogelijk door de NPO-gelden, maar ook nodig om ons afstandsonderwijs te kunnen realiseren.
S.3leermiddelen Met een totale uitgave van € 75.000 is het budget van €120.000 ruimschoots onderschreden. Dit is m.n. toe te schr'tjven aan het naar voren halen van een aantal aankopen van lesmethodes het vorige schooljaar en het uitblijven van de aankoop van nieuwe methodes bij een aantal secties. De kosten voor lesmethodes hebben een enorme prÍjsopdrijvende werking laten zien als gevolg van het invoeren van abonnementsvormen door verschillende uitgeverijen. Dat geeft ook zorgen voor de toekomst.
7. Klachten ln2A2L zijn er geen klachten ontvangen.
BV 82
5.6 Stedelijk Gymnasium's-Hertogenbosch 1. Algemene Financiële Ontwikkelingen
1.1 Exploitafie 2A21 Werkelijk
Begroot
Werkelijk
2021
2021
2420
€
€
€
6.192.700 85.500 0 492.800
6.168.845 85.473 0 190.286
3. BATEN
3.1 Rijksbijdragen OCW 3.2 Overige overheidsbijdragen 3.4 Opbrengst werk voor derden 3.5 Overige baten
6.879.009 86.959 0 269.268
Totaal baten
7.235.236 6.771.000 6.444.604
4. LASTEN.
4.1 Personele lasten 4.2 Afschrijvingen 4.3 Huisvestingslasten
5.675.836 194.124 361.853 1.474.267
4-4 Overige materiële lasten Totaal lasten
5.533.100 226.O00 362.500 846.600
5.602.891 191.387 359.248 829.837
7.302,080 6.968.200 6.983.364
-66.844 -197.200 -538.760
Saldo baten en lasten
4.511 4.500
5. FINANCIËLE BATEN EN LASTEN
7.831
Resultaat
-62.333 -',192.700 -530.929
Netto resultaat
-62.333 -192.700 -530.929
1.2 Analyse Exploitatie Resultaat De exploitatíe van het Stedelijk Gymnasium van het begrotingsja ar 2O27 Den Bosch komt uit op eên negatief resultaat van € 62.333. Begroot was een tekort van €L92.700. Dit l|kt positiever dan het is. Als we de corona-inkomsten en uitgaven weg zouden laten, dan Ís het resultaat € 242.000 negatief, met andere woorden een afwijkíng van de begroting van € 50.000.
BV 83
De baten zijn ten opzichte van de begroting hoger door de boeking van het volledige bedrag van
het
Nationaal Programma Onderwijs in de jaarrekening van 2027. De lasten zijn ten opzichte van de begroting van € 350.000 hoger uitgevallen. Een flink deel hiervan is te verklaren door de inzet van extra personeel op basis van de NPO-gelden voor extra lessen, het maken van extra groepen (met als gevolg klassenverkleiníng) en uitgaven aan derden (Lyceo). Een belangrijke verdere verklaring komt uit het gegeven dat dalende leerlingenaantallen en de mindere inkomsten die dat gegeven veroorzaakt heeft nog onvoldoende geresulteerd heeft in minder personele inzet. Een volgende afwijking van de begroting is te verklaren uit het niet doorgaan van geplande (en dus be-
grote) excursies en reizen. Dat heeft zowel voor de totale baten als lasten dezelfde consequenties. Dit alles resulteert in een verlaging van het weerstandsvermogen van 53 naar 46,7Yo. Dat is nog steeds zeer hoog, maar we zullen toch moeten bijsturen om de daling van de baten beter in balans te krijgen
met de lasten. Er is in de school groeiend besef van urgentie om de noodzakelijke versobering van de begroting onder ogen te zien en daar onvermijdelijke maatregelen voor de begroting mee aanvaardbaar te maken. Tegelijk is het helpend dat ons weerstandsvermogen van 46.7 o/o ruim ligt boven de vastgestelde norm van 25%bij de OSZG. Dat geeft enig respijt ten aanzien van het toegroeien naar
een begroting in balans, maar dat doet ondertussen niets af aan de ervaren urgentie.
1.3
Baten
De inkomsten gerelateerd aan ons leerlingenaantal komen uit de RÍjksbegroting en vormen het leeu-
wendeel van de baten. Daar zijn overheidssubsidies aan toe te voegen om coronagevoigen te bestrijden en gelden die we ontvangen van het Samenwerkingsverband. Overheidssubsidies die voorheen als prestatiebox binnenkwamen zijn intussen voor 2/3 deel onderdeel geworden van de lumpsum, waarmee dat bedrag is verdwenen van de post overige Ríjksbijdragen. Strategisch verzuim en voorkomen van uitval van leerlingen zijn uit de prestatiebox nog als een aparte post bij de Rijksbijdragen opgenomen. De vrijwillige ouderbijdragen bestaan uít een vast basisbedrag van € 90 en een variabel
deel. Uit de basisbijdrage worden zaken als mediatheekaanbod, de oudervereniging, de extra activÍteiten voor de hele school zoals de musical, en vieringen bekostigd. De variabele bedragen omvatten per jaarlaag de aanschaf van het CJP, de mentoractiviteit,
introductie
/ eindejaarsactiviteíten, excursies per jaarlaag (variërend van € 35 tot € 95), een spaardeel voor de klassieke reis en een bedrag voor buitenschoolse sportactiviteiten in het examenjaar. Alle bíjdragen zijn vrijwillig en leerlingen worden conform de wet (en al daarvoor) niet van deelname aan activíteiten
uitgesloten. De MR krijgt jaarlíjks het verzoek om in te stemmen met de uitgaven en verantwoording daarvan. De begrotíng voorzag in uitgaven voor de buitenlandse reizen en excursies voor een bedrag van € 234'A00. Normaliter vallen uitgaven en inkomsten voiledig tegen elkaar weg. De afgelastingen (vooral
in schooljaar 2oza-202!l veroorzaakten een fors lagere post in de lasten, al gingen de geplande
Klassíeke reizen in december alsnog door (met als gevolg van corona ook een aantal late annuleringen
zonder restitutie, die eveneens ten laste komen van de exploitatie). De restituties die vanuit de schooÍorganisatie plaatsvonden, betreffen vooralsnog het schoolja ar 2A2A-2A21, waardoor de effecten van het huidige schooljaar nog zullen na-ijlen in de realisatie van de exploitatievan2022. Per saldo vallen
hierbij begrote en ontvangen bedragen weg tegen de restitutie veroorzaakt door de vele afgelastingen. Dat de inkomsten van de een flink deel van het jaar vanwege corona gesloten kantine achterblijven de begroting (verschil: € 14.000) zal níet verbazen.
BV 84
bij
I.4
Personele lasten
De personele lasten in de begroting van € 5,533.100 vallen in de realisatíe hoger uit dan begroot. Extra
uitgaven waren er in het NPO {zie 1.6) die nog doorlopen in de komende jaren. De totale inkomsten díe daar tegenover staan, zijn opgenomen in de exploitatie van 2021 en leveren een bestemmingsreserve op voor de uitgaven die daaruit in de jaren 2022-2025 worden gedaan, waardoor het hierdoor
op dat moment veroorzaakte tekort is gedekt. Vervangingskosten voor zwangerschapsvervanging zíjn gedekt vanuit het UWV; het in de ZiZo begrote bedrag is doorgaans voor het opvangen van vervangingskosten afdoende, aangezien het ziekteverzuim en dus de noodzaak tot vervanging in het afgelopen jaar opnieuw laag was. Tegenover detachering van personeelsleden (WON, CITO) staan inkomsten
en hetzelfde geldt voor vervangingen die op basis van leraren- of promotiebeurzen worden ingezet. De verdubbeling van de kosten voor incidenteel personeel (€100.000, begroting: € 50.000) komen
vooral door incidentele inhuur bij een detacheringsbureau bij een op een andere manier moeilijk in te vullen vacature en door de inzet van Klassestudent (deze laatste gedeeltelijk gedekt vanuit de NpOgelden).
1.5
Materiêle lastên
De materiële lasten overschrijden de begroting in geringe mate. Sterk verhoogde kosten bij admi-
nistratie en beheer zijn te relateren aan de inkoop van Lyceo (NPO), leerlingbegeleiding (NpO), de aanloopkosten van Zermelo en vooral diverse ICT-voorzieningen, laptopkarren (€ 60.000 meer). Een deel van deze kosten wordt veroorzaakt doordat de school in de lockdown over moest gaan op online lessen. De hogere kosten van de toch al in prijs stijgende leermiddelen in het boekenfonds (+€ 39.000) hebben deels met licenties te maken en in het algemeen met de voorkeur van secties voor volledige boekenpakketten met licenties. Een onverwacht hoge post bij overige kosten is voor een belangrijk deel toe te schrijven aan de werving van een nieuwe rector. ln onderhoud waren geen extra hoge kosten. Wel bracht de coronacrisis aan het licht dat er ventilatieverbeteringen nodig waren.
1.6 Nationaal Programma Onderwijs Het NPo heeft in 2027 toï een toevloed van middelen en een menukaart van toegestane toepassingen geleÍd. Het plan dat hieruit voorkwam, is met de MR-leden besproken en met hun goedkeuring (en
monitoríng tijdens de MR-vergaderingen) in uitvoering gebracht. Op dit moment is € 365.S00 van de € 538,140 ingezet. lntern is allereerst ín beeld gebracht wat de situatie van de kinderen was door vragenlijsten van docenten, leerlingen en ouders te ínventariseren op ondersteuningsbehoefte en cognitieve vertraging. ln de praktijk is gekozen voor ondersteuningsuren in het rooster (1-'t" uren), waar vraag - aanbod en advies zoveel mogelijk gematched werden, Daarnaast is ingezet op begeleiding door docenten in de ont-
wikkeling van executíeve vaardigheden, door kleine groepenbeleid op een enkele jaarlaag, en voor externe ondersteunÍng door Lyceo op bijspijkerdagen, huiswerkbegeleiding en examentrainingen (kosten hiervan € 73.000, ongeveer 2a%van de in dit schooljaar ingezette middelen) Leerlingen en ouders werden en worden tussentijds bevraagd naar hun ervaringen en daarop wordt steeds voor een periode het nieuwe aanbod bepaald. Er is gestart vanuit een (formatieve) nulmeting, De Ls" klas is in een later stadium aangehaakt, aangezien we deze groep nog niet in beeld hadden tijdens de voorbereidingen.
BV 85
Ook op het gebied van sociaal-emotionele begeleiding is een aantal interventies voorzien en uitge-
voerd. De SVL is afgenomen in klassen 216 om het wel bevinden te bepalen. Er is danscoaching en drama ingezet om de mentale weerbaarheid van leerlingen te vergroten terwijl peerbegeleiders (i.c. de tutoren) langer hun lstu klassers onder hun hoede nemen. Voor de tweedeklassers werd het uitge-
stelde Zonnewendekamp in najaar'21 uitgevoerd. Ouders van de oudervereniging en tijdens de algemene ouderavonden álle ouders zijn van informatie
voorzien en worden betrokken bij het invullen van de vragenlijsten door hun kinderen.
1.6
Convenantsmiddelen
|n2021, waren er nog € 74.000 te besteden aan convenantsgelden, die conform de afspraken vooral zijn ingezet op de inzet van Klassenstudenten die tíjdens onlinelessen surveilleren in de klassen.
Gelden voor extra hulp in de klas zijn ingezet voor opvang van zorgleerlingen, KlasseStudent, huiswerkklasondersteuning en extra roostering. Van deze gelden resteert vaor 2022 nog ongeveer € 13.000.
2
Onderwijsprestaties
2.1 lnstroom Het aantal leerlingen in klas 1 is sinds enige jaren dalend. Maatschappelijk gezien liggen (categoriale) gymnasia als gemiddeld genomen "witte scholen" onder een vergrootglas binnen de discussie rondom kansengelÍjkheid. Het is van groter belang dan voorheen dat de school binnen de Bossche regio zichtbaarder wordt als een aantrekkelijke plek om in allerlei opzichten tot bloei te komen voor leerlingen van diverse komaf metveelcapaciteiten en veel interesses. Nu is deze "merkbelofte" nog onvol-
doende bekend en in dit en komend kalenderjaar wordt daarop extra geïnvesteerd om hierin verandering aan te brengen. Tabel: lnstroom (teldotum 7 oktober joort-7]
# leerlingen
2.2
2020
2021
2022
2023
2024
L27
118
130
130
130
Onderwijsresultaten
Door de jaren heen was het Stedelijk met een enkele uitschieter (in 2018) een van de beter presterende scholen, maar in het afgelopen jaar komt de school onder het gemiddelde van de zelfstandige gymnasia uit. ln het lopende schooljaar is er ook extra ondersteuning voor de examenkandidaten, in de hoop en verwachting dat hiermee het resultaat in elk geval constant blijft of líever nog weer boven het gemiddelde u itstíjgt. Examenresultaat
jaar 20L9
2420 202L
CE-cijfers gemiddeld
Slagingspercentages school ZG 95,4 91,3 99,2 95.8 93,1 94,4
Tobel Slogingspercentoges en CE-cijfers
BV 86
school
ZG
6,s
6,78
6,7
6,7
Schooljaar
2018-19
20L9-20
2020-2r
Onderbouwsnelheid
93,98%
98,42%
88,63 %
Bovenbouwsucces
92,06%
96,2t%
94,55%
Tobel Onderbouvnnelhcld en Bovenbouwsucces
ln het schooliaar 2020-2021 zijn de resultaten gedaald ten opzichte van vorige jaren. Eerder heeft de inspectie ons al eens Bewezen op een rood cijfer voor de onderbouwsnelheid en dat euvel doet zich nu opnieuw voor: we zakken door het resultaat van 2O2A-202L naar 93,6LTo, wat onder de norm van het driejaarsgemiddelde (94,97 %) is. Het is ook onder de door onszelf in het schoolplan geformuleerde norm van 95%. Er was gemiddeld nogal wat meer afstroom dan we gewend zijn, met name uit
klas2: L6Toinvergelijkingmetde 2Yoen5o/avêndetwee jaarervoor. Hetzelfdegeldtvoorde uitstroom uit klas 3(9%tegenover5 %en 4o/oin de jaren ervoor). De doorstroom naar klas 2 uit klas j- is op grond van aangepast beleid van niet in de eerste klas te doubleren positiever geworden (toch weer 4 Yo, tegenover 0 % en 4 Yo van de jaren ervoor). Deze negatieve ontwikkeling plaatst ons op dit mo-
ment diep in het onderste percentiel. Dat is een punt van zorg te meer omdat opstroom gezien het categoriale schooltype niet makkelijk te realiseren is. De bereidheid om ook h/v-adviezen op te nemen kan op langere termijn verschÍl maken. De norm voor het bovenbouwsucces is heel gunstig ten opzichte van de vwo-norm: 93,O3%ten opzichte van de vwo-norm van 8L,2L %. Met andere woorden: als een leerling de bovenbouw haalt,
loopt het in de meer dan 90 % van de gevallen uit op een behaald diploma zonder veel vertraging.
2.3
Extra activiteiten leerlingen
Leerlingen kunnen op het Stedelijk op allerlei manieren met extra's aan de slag. Een waaier aan mogelijkheden omvat o.a. Schaakclub, Leesclub, Schrijfclub, Schoolkrant, Gay Straight Alliance, Schoolorkest, Musicalorkest, Musical, acteren, zang, dans, decorbouw, PR, Honours Programma, Atlasprogramma, Spraakwater (poêzie en voordrachtfestival) en er zijn elk jaar ook weer nieuwe ínitiatieven die leerlingen zelf aandragen (wat ook gestimuleerd wordt). Daarnaast zijn er ook meer 'reguliere' mogelijkheden voor leerlingen om hu'n curriculum uit te breiden: extra vakken, deelname aan Olympiades, sport- en debatwedstrijden, jeugdparlement, tutoring van onderbouwklassen, bijles geven aan
onderbouwleerlingen, plusvarianten bij moderne vreemde talen (Cambridge, Delf, Goethe) etc.. Er is voor leerlingen met extra ondersteuningswensen een huiswerkklas opgezet, er zijn traíningen voor versterking van de weerbaarheid en persoonlijke groei; er is ook aandacht voor executieve vaardigheden (Slim jezelf zijn). ln het kader van het vak burgerschap zijn er ook diverse activiteiten.
2.4
Onderwijskundigeontwikkelingen
Met de komst van een nieuwe rector is er ruimte voor doorontwikkeling van bestaande ontwikkelingen (WON-school, formatief handelen) en het onderzoeken van nieuwe ontwikkelingen die bijdragen aan het goed lesgeven. Het oogmerk is steeds de kwaliteit van de lessen die al goed is op een nog ho-
ger plan te krijgen door het onze leerlingen écht bereiken (nog) belangrijker te maken. ln dit kader zal op redelijk korte termijn ook aandacht uitgaan naar kansen bieden aan leerlingen voor wie de keuze van het gymnasium vanuit hun sociaal-economische achtergrond, wijk, basisschool of andere toevallige factoren niet vanzelfsprekend is. Het is de taak van openbaar onderwijs om juist die plek te zijn waar je je welkom voelt ongeacht al die factoren.
BV 87
ln de nieuwe wetgeving omtrent het vak burgerschap ligt ook een opdracht om het schoolprogramma
te voorzien van doorlopende leerlijnen op diverse vaardigheden die bij een kritisch-positief burgerschap te verwachten zíjn. Dat dit in lijn ligt met het voornemen kansrijker te willen worden voor alle leerlingen is logisch.
2.5
Kwaliteitszorg
Het thema kwaliteitszorg is niet alleen vanuit het bestuur en het nieuwe toezichtkader van de inspec-
tie een vanzelfsprekend thema binnen de school. Elke instelling moet willen weten waar haar sterke en ontwikkelpunten liggen. Gebruikelijke bronnen als Vensters, de benchmark van de OSZG en van de overige categoriale gymnasia worden gebruikt en geêvalueerd. De continue drang tot verbetering die zích bij docenten én leerlingen ook wel eens uit in vermoeiend en onhoudbaar perfectionisme is een risico, maar met gezond verstand kun je veel. De coronacrisis heeft ondertussen het nodige zichtbaar gemaakt aan andere lesmogelijkheden, andere toetsvormen, andere manieren van inrichten van het onderwijsproces. Die vonden een weg naar de praktilk, want dat moest wel. Bij de normalisering weer helemaalterugkeren naar het oude concept is echter niet in alle opzichten wenselijk. Het ontwikkelen van nieuwe ideeën en het onderzoeken van nieuwe mogelijkheden behoort een geaccepteerd onderdeel te zijn van de benadering van de dagelijkse ondenruijspraktilk, willen we tenminste aan toekomstige wetenschappers laten zien, dat dit de geëigende methode is om vooruitgang en ontwikkeling mogelijk te maken. Kwaliteitszorg is daar een passend vangnet onder: klankborden bij leerlingen, bij ouders en bij collega's houden ons scherp op de effecten van ons handelen. Enquêtes geven informatie waar we mee verder kunnen. Het datateam brengt cijfermatig interessante gegevens boven tafel.
Dit is een continu proces. Tot slot, en niet onbelangrijk: vanuit het bestuur komt de inspiratie om de doorontwikkeling nadrukkelíjk op de kalender neer te zetten, die past in onze PDCA-cyclus. Tevredenheid Ouders en leerlingen
ln het onderhavige jaar zijn er door de langdurige lockdownsituaties van het voorjaar en de winter nauwelijks goede gelegenheden geweest om de tevredenheid te meten, zoals we dat in andere jaren plegen te doen. We hebben wel meer dan eens geïnventariseerd bíj leerlingen {ook door vragenlijs-
ten) hoe het gevoel was en hoe leerlingen zich onder de gegeven omstandigheden wisten te handhaven. Ouders z'rjn niet bevraagd.
Tevredenheid Ouders en Leerlingen Ouders Leerlingen
7.3
Schoolklimaat en Veiligheid
Schoolklimaat en Veiligheid Welbevinden
8.7
Ervaren veiligheid
9.7
AantastÍng veiligheid
BV 88
2.6
Projecten
Er zijn in deze omstandigheden geen bijzondere projecten geweest, behalve de afronding van het pro-
ject om de interne luchtbehandeling op het juiste niveau te krijgen. ln het lopende jaar kwam aan het licht dat we nog niet voldeden aan de SUVIS-normen, o.a. omdat we de gemeten resultaten per lokaal níet konden bewaren en trends op het spoor konden komen. We hebben de inspanning gedaan om dit op orde te krijgen (afronding hiervan is in 2022).
3 Personele zaken 3.1 Formatie Ín fte (teldatum formatieplan begroting schooljaar)
Formatieoverzicht Directie
2019-20 2020-2L 202t-22 2
2
2
OP
43,5
43
49,48
ooP rÍjdelijk
11,3
to,7
LL,72
4,8
5,4
6,7
Vast
56,8
55,7
56,5
Aantalmannen
33
26
32
Aantalvrouwen
45
37
47
3.2 Functiemix in % De functiemix is nog niet helemaal binnen de bandbreedte die is afgesproken binnen de OSZG
Functiemix
20t9-20 2420-2t 202L-22
LB
30,9 Yo
20,gYo
2T,L%
LC
L5,2YO
26,5Yo
27,25%
LD
53,9%
52,6yo
51,5Yo
ïotaal
IOOYo
rca%
IOOYo
Functiemixgetal
L23
132
130
tt2-724
LLz-124
Ltz-124
Bandbreedte OSZG
3.3 Scholing en Professíonalisering De persoonlijke groel door scholing kwam in dit tweede coronajaar weer vooral neer op het verder
vertrouwd raken met dígitale middelen die het afstandsleren mogelijk en kwalitatief houdbaar maken. Bijvoorbeeld het gebruik maken van tools als Quayn bij toetsing kon zo zíjn waarde voor de onderwijspraktilk bewijzen. Verder zijn er docenten specifiek geschoold op het kunnen geven van lessen in "Slim je zelf zijn" (executieve vaardigheden in de bovenbouw) volgens het "train de trainer" principe. Een docente heeft een promotiebeurs die in 2022 eindigt; de promotie (in Amsterdam) is midden 2022 voorzien. Een andere (nieuwe)docente is herfst 2o2Lin cambridge gepromoveerd.
BV 89
4 Verbonden Partijen 4.1 Gemeente (leerplicht en projecten) De gemeente participeert in het scholenoverleg van de Bossche scholen (DOVO) en is daarnaast initia-
tiefnemer voor een 'Taskforce mentale gezondheid leerlingen" en een groot project rondom "Gelijke kansen". Het Stedelijk is ín DOVO qualitate qua aanwezig en heeft zich in de extra projecten steeds actief opgesteld door altijd aan te haken bij een dergelijk initiatief. Daarmee neemt de school bewust een actievere rol in dan de overige scholen. Met de leerplichtambtenaar is regelmatig overleg en deze wordt in alle gevallen waarin zorgen bestaan omtrent de schoolgang van een leerling ook standaard ingeschakeld om een rol te spelen in de beëindiging van de problemen.
4.2 Samenwerkíngsverbanden (incl. Verantwoording Passend Onderwijs) De school is in het samenwerkingsverband op twee niveaus vertegenwoordigd: de rector/bestuurder in het bestuur van de Meijerij en de conrector in het scholenoverleg. De contacten met het SWV zijn goed en worden van twee zijden goed onderhouden. Ondersteuning van leerlingen in deze Corona-tijd is urgenter geworden, zo blijkt. Er zijn zorgen omtrent de weerbaarheid van jongeren die breed gedeeld worden. Vanuit het SWV is een Leerlingbegeleider beschikbaar voor overleg en advisering (niet
voor hands on begeleiding) en het aandeel dat we ontvangen vanuit het SWV voor de basisvoorziening is niet zo hoog (€ 45.000). Daardoor wordt er een flink deel van de eigen middelen toegevoegd voor zaken als de Huiswerkklas, docentcoaches en ondersteuners onder verantwoording van de ondersteu-
ningscoórdinator.
4.3 Overige partners De school participeert in de SHZG, doet mee in visitaties vanuit het collegiaal waarderend perspectief
en het leernetwerk Burgerschap dat onder auspiciën van de SHZG wordt geïnitieerd. Als WON-school komt de school ook haar verplichtingen aan deze organisatie na.
5 Zaken met een behoorlijke politieke en maatschappelijke impact De impact van corona is, net als vorig jaar, de belangrijkste factor die het reilen en zeilen van de school
heeft beïnvloed. De lockdowns met alle negatieve gevolgen voor leersnelheid en sociaal-emotioneel welbevinden behoeven geen toelichting. Nieuw is de oplaaiende discussie over kansengelijkheid en de rol die scholen daarin spelen. De in het Nederlandse systeem bestaande vroege selectie houdt weinig rekening met groeipotentie, die met name kinderen in achterstandsituaties zouden kunnen hebben, waardoor die te weínig de weg naar een gymnasiumopleiding kunnen inslaan. De school wil zich dan ook sterker maken voor deze groep leerlingen.
BV 90
6 lnvesteringen - Materiele zaken 6.1 Huisvesting en Onderhoud ln2O2l waren geen bijzondere Ínvesteringen aan de beurt in het onderhoudsplan, met uitzondering van de aanpassing van een klimaatinstallatie in een aantal lokalen, waar de CO2-meters aanleiding toe gaven.
6.2 Apparatuur, ICT en lnventaris De aanschaf van leenlaptops (met maandelijkse termijnen bij de Rent Company) werkt ook in dit be-
grotingsjaar door.
6.3 Leermiddelen De leermiddelen waren net als het vorige jaar te laag ingeschat: met name de aanschaf van licentiege-
bruík bij diverse methodes loopt elk jaar op. Meer methodes maken er gebruik van en het betreft steeds licentÍes voor een jaar, wat het duurder rnaakt dan in de tijd van alleen maar boeken, die 4-5 jaar meegingen.
7 Klachten Er zijn geen klachten gemeld, intern of extern, van een gehalte dat deze niet met een beperkte inzet
van zaken, zoals bíjvoorbeeld als een goed gesprek, konden worden geschikt.
BV 91
JAARREKENING O.S.Z.G. 2021
A.í.0 GRONDSLAGEN ALGEMEEN De jaarrekening is opgesteld met inachtneming van de bepalingen opgenomen in de Ministeriele Richtlijn jaarverslaglegging ondenrvijs. Hierbij wordt aansluiting gezocht bij de bepalingen van Boek2 titel 9 van het Burgerlijk Wetboek en de Richtlijnen van jaarverslaglegging waaronder Richtlijn 660 Onderwijsinstellingen. De waardering van activa en passiva en de bepaling van het resultaat vinden plaats tegen de nominale waarde, wat in ons geval gelijk is aan de historische kosten. Baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop ze betrekking hebben. Winsten worden slechts opgenomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verplichtingen en mogelijke verliezen die hun oorsprong vinden voor het einde van het verslagjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. De in de jaarrekening opgenomen bedragen staan in hele euro's vermeld.
VERGELIJKENDE CIJFERS Ter vergelijking zijn de realisatíecijfers opgenomen van het voorgaande jaar, alsmede de cijfers van de meest recente, vastgestelde versie van de begroting van het verantwoordingsjaar.
GRONDSLAGEN VOOR DE WAARDERING VAN ACTIVA EN PASSIVA
Materiële vaste activa De materiële vaste activa worden gewaardeerd op aanschafwaarde verminderd met de cumulatieve afschrijvingen. Volledig gesubsidieerde activa worden conform de stelselwijziging niet opgenomen in de activastaat. Gedeeltelijk gesubsidieerde activa worden opgenomen voor de aanschafwaarde minus de subsidie. De kengetallen met betrekking tot solvabiliteít en liquiditeit geven hierdoor een beter beeld van de werkelijkheid. De afschrijvingen worden gebaseerd op de geschatte economische levensduur en worden berekend op basis van een vast percentage van de aanschafuaarde. Er wordt afgeschreven vanaf het moment van ingebruikneming. De gehanteerde activeringsgrens is € 1000 (was tot 2015 € 500). Het economisch eigendom van de gebouwen is in handen van de gemeente en het juridisch eigendom berust bij het schoolbestuur. Een uitzonderingen is de locatie Ondenruijsboulevard C-gebouw dat geheel eigendom is van Stedelijk Gymnasium 'sHertogenbosch.
Kosten van periodiek groot onderhoud worden geactiveerd onder de materiële vaste activa op het moment dat deze zich voordoen(componentenmethode).
ír
ler idot rtiÍC3tr
Van RedÁccountants
Financiële vaste activa De financiële vaste activa bestaat uít deposito's, die worden gewaardeerd tegen nominale waarde.
Vorderingen en overlopende activa De vorderingen worden opgenomen tegen de nominale waarde, onder aftrek van een vooziening voor het risico van oninbaarheid.
Liquide middelen De liquide middelen staan ter vrije beschikking van het bestuur en worden gewaardeerd tegen de nominale waarde.
Algemene reserve De algemene reserve betreft een buffer ter waarborging van de continuiïeít van het bevoegd gezag en wordt opgebouwd uit resultaatbestemming van overschotten welke ontstaan uit het verschiltussen de toegekende baten en werkelijk gemaakte lasten. ln geval van een tekort wordt dit resultaat ten laste van de algemene reserve gebracht. Reserves zijn grotendeels uit publieke middelen opgebouwd. ln de toelichting op de balans wordt de splitsing van publieke en private reserves weergegeven.
Bestemmingsreserves Bestemmingsreserves zijn gevormd met als doeldeze in de toekomst aan te wenden voor een specifiek doel. Deze reserves zijn gevormd op basis van een besluit van het bevoegd gezag, met uitzondering van de bestemmingsreserve die voortvloeide uit de door de Minister ter beschikking gestelde middelen in het kader van het Ondenrvijsakkoord najaar 2019. Deze middelen zijn verkregen in december 2019 en besteed in2020 en2o21.
Voorzieningen De voorziening spaarverlof en leeftijdsfase bewust personeelsbeleid is opgebouwd om de kosten van vervangers te betalen wanneer personeelsleden het gespaarde verlof opnemen. De vooziening is berekend op basis van de werkelijk gespaarde uren tegen de genormeerde bedragen uit de CAO VO resp. de salarisschaalen trede ten tijde van het sparen gefixeerd na 4 jaar. De vooziening ambtsjubilea is gevormd ter dekking van de kosten van de jubileumgratificaties die op grond van de CAO dienen te worden betaald. De voorziening ambtsjubilea wordt geschat conform het ondezoek van de VOS/ABB uit 2007. Het destijds berekende gemiddelde van € 550, is in 2015 verhoogd naar € 650 en in2021 naar € 750 in verband met ontwikkelingen in salaris en leeftijden van personeel. De vooziening \AM-uitkeringen oud personeel is gevormd ter dekking van verwachte uitkeringen aan oud personeelsleden en bepaald middels een re-integratieperspectief op basis van leeftijd en werkloosheidsduur. De vooziening langdurig zieken is gevormd ter dekking van salariskosten bij ziekte en waarbij deze de eerste twee jaar voor rekening van de werkgever zijn en zijn bepaald tot aan de U\AA/-uitkeringsdatum van de WIA of lVA, de pensioendatum en in verband met ingeschat risico tot aan einde schooljaar. De voorziening is gebaseerd op een inschattingskans op re-integratie en herstel. !ir
Ven
Kortlopende schulden en overlopende passiva De kortlopende schulden hebben een verwachte looptijd van maximaal één jaar en zijn opgenomen tegen de nominale waarde. Hieronder valt ook het saldo van de door ouders van leerlingen gespaarde bedragen voor diverse reizen. DÍt wordt opgebouwd middels een keuze optie als onderdeel van de schoolnota voor de ouderbijdrage.
GRONDSLAGEN VOOR DE RESULTAATBEPALING
Algemeen Het resultaat wordt bepaald als het verschil tussen de baten en de hiermee verbonden lasten. Beide worden toegerekend aan de daarop betrekking hebbende verslagperiode. De desinvesteringen voor zover deze betrekking hebben op reeds geheel afgeschreven activa, die nog dienstbaar zrln aan de instelling, zijn niet opgenomen in het kasstroomovezicht.
Rijksbijdragen OCW Onder de Rijksbijdragen OCW worden de vergoedingen voor exploitatie opgenomen verstrekt door het Ministerie OCW. Tevens worden hier verantwoord de door het samenwerkingsverband ontvangen doorbetalingen van de Rijksbijdrage. De ontvangen (normatieve) rijksbijdrage en de niet geoormerkte OOW-subsidies (vrij besteedbare doelsubsidies zonder verrekeningsclausule) worden in het jaar waarop de toekenningen betrekking hebben volledig venrerkt als bate ín de staat van baten en lasten. Geoormerkte OCW-subsidies met een vrij besteed overschot (doelsubsidies waarbij het overschot geen verrekeningsclausule heeft) worden ten gunste van de staat van de baten en lasten verantwoord naar rato van de voortgang van de gesubsidieerde activiteiten. Het deel van de subsidies waarvoor nog geen activiteiten zijn verricht per balansdatum worden verantwoord onder de overlopende passiva. Geoormerkte OCW-subsidies (doelsubsidies met verrekeningsclausule) worden ten gunste van de staat van de baten en lasten verantwoord in het jaar waarvan de gesubsidieerde lasten komen. Niet bestede middelen worden verantwoord onder de overlopende passiva zolang de bestedingstermijn niet is verlopen. Niet bestede middelen worden verantwoord onder de kortlopende schulden zodra de bestedingstermijn is verlopen op balansdatum.
Overige overheidsbijd ragen Onder de overige overheidsbijdragen worden de vergoedingen opgenomen verstrekt door gemeente, provincie of andere overheidsinstellingen. De overige overheidsbÍjdragen worden toegerekend aan het verslagjaar waarop ze betrekking hebben.
Overige baten Onder de overige baten worden de vergoedingen opgenomen die niet verstrekt zijn door het Ministerie van OCW, gemeenten, provincie of andere overheidsinstellingen De overige baten worden toegerekend aan het verslagjaar waarop ze betrekking hebben. De vrijwillige ouderbijdragen worden opgenomen op basis van een ter
Van
toerekening aan verslagjaar, waarbij de baten over het schooljaar verdeelt worden over het schooljaar op basis van 5112 en7l12. De ouderbijdragen uit activiteiten wordt toegerekend op basis van de daadwerkelijke gemaakte kosten.
Afschrijvingen De afschrijvingen zijn gerelateerd aan de aanschafwaarde van de materièle vaste activa Afschrijvingen vinden plaats volgens de lineaire methode op basis van de geschatte levensduur. Direct na ingebruikneming wordt gestart met afschrijvingen. De gehanteerde afschrijvingspercentages zij n : - gebouwen, grote aanpassing/verbouwing - gebouwen, kleine aanpassing/verbouwing - meubilair en inventaris - stoffering en apparatuur
- computerapparatuur
2,5- 5 yo 1A-20
o/o
5
o/o
10% 2A-33 o/o
(20-a0 jaar)
( 5-10 jaar) ( 20 jaar\ ( 10 jaar) ( 3 - 5 jaar)
Pensioenverplichtin gen Er is sprake van en toegezegde pensioenregeling. Hierbij is een pensioen toegezegd aan personeel op pensioengerechtigde leeftijd, aftrankelijk van leeftijd, salaris en dienstjaren" Deze toegezegde pensioenregeling is verwerkt als zou sprake zijn van een toegezegde bijdrage regeling. Voor de pensioenregeling worden op verplichte basis premies betaald aan het pensioenfonds. Behalve de premiebetaling z'rjn er geen verdere verplichtingen uit hoofde van deze regeling. Er is geen verplichting in geval van een tekort bij het pensioenfonds tot het voldoen van aanvullende b'rjdragen anders dan toekomstige premies. De premies worden verantwoord als personeelskosten als deze verschuldígd zijn. Vooruitbetaalde premies worden opgenomen als overlopende activa indien deze leiden tot een terugstorting of tot een vermindering van toekomstige betalingen.
GRONDSLAGEN T.B.V. KASSTROOMOVERZICHT Het kasstroomoverzicht wordt opgesteld volgens de indirecte methode. De geldmiddelen in het kasstroomovezicht bestaan uit liquide middelen. Zowel ontvangen als betaalde rente zijn opgenomen als operationele activiteiten.
{i}
Van
4.1.1 Balans na resultaatbestemming per 31 december 2021
2021
2020
€
€
€
€
Vaste activa 1.1
1.2 1.3
lmmateriële vaste activa Materiële vaste activa Financiële vaste activa
10.040.162
9.388.868
í0.640.162
10.288.868
Vlottends activa 'l .4
1.5 1.7
Voorraden Vorderingen Liquide middelen
1.518.116 13.707.660
2.263.531 12.350.783 15.225.776
14.614.314
25I05pit9
24.90t.182
2.1
Eigen vermogen
17.571.472
15.807.675
2.2
Voozieningen
1.474.3',t9
1.439.302
2.3
Langlopende schulden
2.4
Kortlopende schulden
6.820.148
7.656.207
25.805,sgl
14.90LÍEe
JRl
Aí.2 Staat van baten en lasten over ZO21 2021
2020
€ Balen
3.1 Rijksbijdragen 3.2 OverigeoverheidsbiJdragen 3.4 Baten werk i.o.v derden 3.5 Overige baten
41.029.879 306.803
36.929.400 272.600 0 2.985.600
0
2.179.254
Totaal baten
s7.158.702 394.879
0 1.525.235
40.'187.600-
43.815.930
39.082.816
Lasten
4.1 Person€elslasten 4.2 Afschrijvingen
33.517.515
4.3 Huisvestingslasten
1.953.122 5.334.319
4.4 Overige lasten
32.335.700 1.376.800 1.828.900 5.280.600
1.268.1't 5
32.384.395 1.173.827
1.8$.A74 4.633.411
ToÍaal lasten
42.473.072
40.822.000
40.035.507
Saldo baten en lasten
't.742.859
-634.400
-s52.891
5 Financiële baten en lasten
20.938
20.000
33.461
Resultaat
1.763.797
ے4.400
-919.230
Nettorssultaat
lJo:LZlZ
sÍ4.400
.gí9.230
JR2
A.í.3 Kasstroomoverzicht over 202í 2021
2020
€
€
Kasetroom uit operationele activiteiten Saldo baten en lasten
1.742.859
Aanpassingen voor - afschrijvingen
1.267.990 35.017
- mutaties voozieningen
-952.691
1 .175.583
327.866 1.303.007
1.503.449
Veranderingen in vlottende middelen
- voonaden - vorderingen - schulden
745.415 -836.059
Kasstroom uit bed rijfsoperaties
Ontvangen interest Betaalde interest Buitengewoon resultaat
-887.054 71.169 -90.6/14
-815.885
2.955.222
-265.127
20.938
Tolaal kasstroom uit operatíonele activiblten
33.461
20.938
33.461
2.976.160
-Ztrmz
Kasstroom uit investeringsactiviteiten lnvesteringen materiële vaste activa Desinvesteringen materiële vaste acliva lnvesteringen immateriële vaste activa Desinvesteringen immateriële vaste activa lnvesteringen in samenwerkingsverbanden
-1.919.285
-2.343.637 337.938
Mutaties leníngen
Overige investeringen in financiële vaste activa
300.000
Totale kasstroom uit investeringsactivltelbn
-1.619.285
-1.705.699
-1.619.285
-1.705.699
fiti0.EZE
-í.937.366
Kasstroom uit financieringsactiviteiten Nieuw opgenomen leningen Aflossing langlopende schulden
Totale kasstroom uit Íinanclerlngsactivitelten
Mutaties liquide middelen
* de desinvestsíngen betreffen geheel aÍgeschreven activa 6n zijn niet opg€nomen in het kasslroomovezicht.
JR3
A.í.4 Toelichting behorende tot de balans Cumulalieve afschrijvingen
Des
invost€Íingsn Overíge
€n
waardevermin- BoekwaaÍd€
Aanschafprijs deíingon 1januei2021 lnvesteíingen mutaties Afschrijvingon €
€
€
€
9.338.506 7.735.576
4.102.569 3.582.645
5.235.937
4.152.93í
733.773 1.185.512
€
€
Boekwaardo 31 december 2021
€
1.Í lmmateriële vaste activa 1.2 Materiële vaste activa í.2.í Gebouwsn on torreinen 1.2.2 lnventaris en apparatuur
n.a7Lo81 7_W5,Zt4 qn$,!0! l_919285
454.441 813.549
5.515.269 4.524.893
fitorugo flJ40.10:l
N.B. De desinvesteringen betreft geheel afgeschreven activa, die niet meer dienstbaar zijn. Het bedrag aan desinvesteringen € 819,768 is gelijk aan de afschrijvingen daarvan, zodat dit gêen êffect op het resultaat heeft. OZB waarde gebouwen en terreinen Bedrao
Peildatum
OzB-wqafdo gqho.uwen on tenêinon Stedelijk
Gymnasium
Folisenum Barlaeusgymnasium Vossiusgymnasium Gymnasium
Bernrode Gymnasium
Gymnasium Stodelijk
Prinsenhof 3 Jacobijncstraat 2024 Jacobijnestraat 28a Van Hogandorplaan 2 Weteringschans 29-3.1 Messchaertstraat 1 Herman Heiliermanswog í2 Abdijskaat 36 MercetoÍploin 2 Onderwijsboulevard 1 40
Boekwaarde 1 januatl2021 lnvoslêÍingen
1.3 Financiële vaste activa 1.3.6 Langlopende vorderingen .3.5 Langlopende deposito's
1
€
€
201 I TR
2011 TH 2011 TH 1981 EE 10í7 RV 1077 WS 1477 WL 5473 AG
Haarlêm Haarlem
1.883.000
1-1-2021
3.696,000
1-1-2021
Haarlem
918.000
1-l-2421
3.246.000
1-1-202A
3.155.000 5.039.000 í.624.000 8.171.000 5.777.000
1-1-2021
5223LL
Velsen-Zuid Amstardam Amstordam Amstêrdam Heeswijk-Dinther 's-HoÍtogenbosch
5223DH
's-Hertogenbosch
682.000
1-1-2021
Desinvesteringen
€
BoekwaardE 31 decombsr
2021
€
900.000
300.000 600.000
000.ry1
300.000 _000.000
De overige vorderingen betreffen deposrÍo's rnet een looptijd van langer dan I jaar (schatkistbankieren)
JR4
1-1-2021 1-1-2021 1-1-2021 1-1-2021