20221244750 2. Bijlage 1 Programmabegroting 2023-2027 (incl. bijlagen) (1)
Tekst van het document
23
gehouden met de benodigde handhavingscapaciteit. Dit wordt nu gecorrigeerd. De handhaving op de milieuzone en de flitspalen in de Vijfhoek en Spaarndam is een specifieke handhavingstaak in die zin dat de taak moet worden uitgevoerd door een volledig opgeleide BOA, maar de handhaving vindt niet op straat plaats maar vanuit een desktop waar foto’s beoordeeld worden. q. Programmamanager Bereikbare steden en zoneontwikkeling In 2021 heeft het college het Gebiedsplan Bereikbare steden Haarlem vastgesteld. In het gebiedsplan wordt beschreven wat de identiteit en opgaven zijn van de drie OV-knooppunten Haarlem NieuwZuid, Stationsgebied en Oostpoort en welke ontwikkelstrategie gevolgd gaat worden, welke woningbouw-, openbare ruimte- en infrastructurele projecten opgepakt worden en hoe de fasering en organisatie voorzien is. De huidige organisatie is nog onvoldoende geëquipeerd voor de coördinatie en sturing op de uitvoering en planning van deze grootschalige projecten. Voorstel is om hiervoor 0,4 á 0,6 fte in te huren (max. € 100.000). De helft van de kosten voor externe inhuur wordt gedekt uit de flexibele schil van de provincie. Daarnaast wordt een werkbudget van € 50.000 voorgesteld. r. Verlenging afspraken governance zuid Kennemerland In maart 2021 hebben de gemeenteraden Haarlem, Zandvoort, Heemstede en Bloemendaal afzonderlijke een convenant vastgesteld (2021/255710).
Om de beoogde samenwerking goed tot stand te brengen is enige regie nodig. De gemeenten hebben daarom afgesproken om voor de periode van 1,5 jaar (medio 2021 tot eind 2022) gezamenlijk een ambtelijk regisseur regionale samenwerking (1 fte) en assistent regisseur (0,5 fte) aan te stellen. De oorspronkelijke afspraak was een regisseur regionale samenwerking en assistent aan te stellen van medio 2021 tot en met 2022 en dat er medio 2022 een evaluatie zou plaatsvinden. De burgemeesters ZKL willen deze evaluatie van het convenant en de governance ZKL een jaar uitstellen, omdat de gemeenten na dit verkiezingsjaar, feitelijk nog (en weer) in een opstartfase zitten. Nieuwe raden en nieuwe bestuurders krijgen zo de kans om zelf ervaring op te doen met de governance in een normaal bestuurlijk jaar. Op basis van het aantal inwoners is afgesproken dat Haarlem 70% van de kosten voor haar rekening ca. € 88.000 per jaar. s. Versterken griffie In afwachting van voorstel is het versterken van de griffie als pm post opgenomen in het kader. t. Kapitaallasten nieuwe investering Voor toelichting wordt verwezen naar de paragraaf Investeringen 1.7. 8. HVC Het toetredingseffect HVC bedraagt structureel € 663.000. Voorgesteld wordt dit effect van € 663.000 in het eerste jaar te bekostigen uit de algemene middelen en in de jaren daarop volgend onder te brengen in de afvalstoffenheffing.
Voor de toetreding tot de HVC dient de gemeente Haarlem garant te staan voor een deel van de uitstaande leningen van de HVC. Met het afgeven van garanties kan de HVC voor de lagere gemeente tarieven leningen aantrekken. Voor de garantstelling ontvangt de gemeente jaarlijks € 370.000 garantstellingsprovisie. Dit is een voordeel voor de algemene middelen. 9. Actualisatie IP Voor toelichting wordt verwezen naar de paragraaf Investeringen 1.7.
Programmabegroting 2023-2027
24
Ontwikkeling reserves Algemene reserve en ontwikkeling weerstandsvermogen Het resultaat van de Jaarrekening 2021 (€ 16,8 miljoen) wordt in het coalitieakkoord ingevuld doormiddel van incidentele uitgaven. De middelen hiervoor lopen via de algemene reserve. In onderstaande tabel is het verloop van de algemene reserve weergegeven. Algemene reserve
2022
Stand per 1-1
2023
2024
2025
2026
-34.210 v -53.516 v -49.959 v -45.107 v -45.107 v
Saldi meerjarenbegroting
2.309 n
Extra middelen jeugd
-6.000 v
Saldo t.b.v. bestemming resultaat 2021: Dotatie restant resultaat 2021: Voormalig reserve Sociaal domein Terugdraaien onttrekking reserve Vastgoed
-1.146 v
-475 v
353 n
122 n
-16.817 v
3.827 n
4.730 n
627 n
473 n
7.833 n
1.000 n
Bestemming resultaat 2018 (Kadernota 2019)
50 n
Stand per 31-12
50 n
-53.516 v -49.959 v -45.107 v -45.107 v -37.274 v
Het verloop van de algemene reserve heeft effect op het weerstandsvermogen. In onderstaande grafiek is het verloop van het weerstandsvermogen weergegeven bij een gelijkblijvend risicoprofiel (€ 18,3 miljoen). Dat risicoprofiel is gezien het dynamische karakter van risico’s niet waarschijnlijk, maar geeft een indicatie. Daarnaast is het huidige risicoprofiel gezien de onzekerheden rondom inflatie relatief hoog. Ondanks het verhoogde risicoprofiel en de afnemende algemene reserve blijft de ratio van het weerstandsvermogen meerjarig boven de 2 en is daarmee uitstekend. 60
3,5
Verloop weerstandsvermogen bij gelijkblijvend risicoprofiel (bedragen x €1 miljoen)
50
3,0
2,9 2,7 2,5
40
2,5
2,5 2,0
2,0
30 53,5
1,5
50
45,1
20 10
45,1 37,3
18,3
18,3
18,3
18,3
1,0 18,3
0
0,5 0,0
Begr. 2023
2024
Beschikbare weerstandscapaciteit
2025
2026
Benodigde weerstandscapaciteit
2027 Ratio
Reserve groei van de stad Onderstaande tabel geeft het verloop van de reserve Groei van de stad weer. De Algemene uitkering van het gemeentefonds is gekoppeld aan de reserve Groei van de stad. Het doel van de koppeling is een systematiek van groei en voorzieningenniveau afwegingen. De praktijk functioneert net anders en daarom wordt de systematiek herijkt. Bij de Kadernota 2024 wordt een andere systematiek voorgesteld, waarna de reserve Groei van de stad kan worden opgeheven.
Programmabegroting 2023-2027
25
Reserve Groei van de stad
2022
2023
2024
2025
2026
Stand per 1-1 Mutatie Stand per 31-12
712 v 566 v 1.278 v
1.278 v -233 n 1.045 v
1.045 v 143 v 1.188 v
1.188 v -368 n 820 v
820 v -820 n 0
Besluitpunten: 1. Ten aanzien van het begrotingskader en de financiële meerjarenraming 2023-2027 uit deel 1 van de programmabegroting deze vast te stellen, met inbegrip van de financiële gevolgen van: a. de Meicirculaire 2022; b. de financiële ontwikkelingen die van invloed zijn op de meerjarenbegroting, maar geen onderdeel uitmaakten van de Kadernota 2023, zoals autonome ontwikkelingen, aanvullende beleidsvoorstellen en afvalverwerking HVC (paragraaf 1.2); c. de actualisatie van het Investeringsplan 2023-2027, inclusief nieuwe investeringen en investeringen uit het coalitieprogramma Actie! (paragraaf 1.7); d. uitkomsten treasury ; e. overige actualisaties. 2. Met betrekking tot de stelposten Inflatie (paragraaf 1.2): a. een algemene stelpost inflatie in het financieel kader op te nemen ter grootte van € 5,5 miljoen; b. een stelpost inflatie t.b.v. investeringen op te nemen oplopend tot € 1,3 miljoen; c. het college te autoriseren deze stelposten in te zetten ter dekking van prijsstijgingen waarvoor besluitvorming niet kan wachten tot het volgend P&C-product en bij aanwending hiervan de raad hierover te informeren, wat betreft 2b zal dit veelal via een kredietbesluit worden voorgelegd.
Programmabegroting 2023-2027
26
1.3 Samenvatting van baten en lasten Nr. Programmanaam
Rekening Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2021 2022 2023 2024 2025 2026 2027 na wijz.
1
Lasten (exclusief mutaties reserves) Maatschappelijke participatie
71.783
76.353
73.860
74.413
74.212
73.307
73.528
2 3
Ondersteuning en Zorg Werk, Inkomen en Schulden
132.576 106.223
147.458 103.352
143.105 97.136
142.856 100.673
142.875 99.457
142.409 99.062
142.415 98.378
4 5
Duurzame Stedelijke Vernieuwing Beheer en Onderhoud
56.248 113.375
66.300 118.957
65.428 113.008
50.829 112.850
48.036 116.097
48.089 115.238
47.357 115.974
6 7
Burger, Bestuur en Veiligheid Algemene Dekkingsmiddelen & Overhead
52.093 77.155
47.428 83.037
47.880 89.270
47.337 85.648
47.385 83.382
47.352 83.965
47.278 81.788
- waarvan overhead
70.817
71.257
74.977
74.862
74.123
74.974
75.318
0
700
700
700
700
700
700
609.454
642.886
629.687
614.605
611.443
609.422
606.718
- waarvan vennootschapsbelasting
Totaal lasten
1
Baten (exclusief mutaties reserves) Maatschappelijke participatie
-9.352
-11.480
-9.652
-9.590
-9.053
-8.590
-8.590
2 3
Ondersteuning en Zorg Werk, Inkomen en Schulden
-3.505 -73.694
-4.556 -62.554
-2.242 -62.060
-2.242 -60.063
-2.916 -59.896
-2.923 -59.896
-2.920 -59.896
4 5
Duurzame Stedelijke Vernieuwing Beheer en Onderhoud
-18.117 -93.060
-16.528 -93.664
-24.967 -93.774
-13.031 -96.898
-8.540 -96.290
-8.173 -92.397
-7.574 -92.414
6 7
Burger, Bestuur en Veiligheid -19.186 -10.363 -10.639 -10.602 -10.602 -10.602 -10.602 Algemene Dekkingsmiddelen & Overhead -431.861 -427.339 -460.685 -468.535 -473.659 -448.535 -447.640 - waarvan overhead
-12.227
-12.173
-12.796
-12.908
-13.020
-13.020
-13.020
- waarvan vennootschapsbelasting
Totaal baten
-648.775 -626.484 -664.019 -660.960 -660.957 -631.117 -629.635
Saldo (exclusief mutaties reserves) 1 2
Maatschappelijke participatie Ondersteuning en Zorg
62.431 129.071
64.873 142.902
64.207 140.863
64.823 140.614
65.159 139.959
64.717 139.486
64.938 139.495
3 4
Werk, Inkomen en Schulden Duurzame Stedelijke Vernieuwing
32.529 38.131
40.798 49.772
35.077 40.461
40.610 37.798
39.561 39.496
39.166 39.916
38.482 39.783
5 6
Beheer en Onderhoud Burger, Bestuur en Veiligheid
20.315 32.907
25.293 37.065
19.234 37.241
15.952 36.735
19.807 36.782
22.840 36.749
23.560 36.676
7
Algemene Dekkingsmiddelen & Overhead -354.706 -344.302 -371.415 -382.887 -390.277 -364.570 -365.852 - waarvan overhead - waarvan vennootschapsbelasting
Totaal saldo
58.590
59.084
62.181
61.954
61.104
61.954
62.298
0
700
700
700
700
700
700
-39.322
16.402
-34.332
-46.355
-49.513
-21.695
-22.918
Toevoegingen aan reserves
43.275
26.894
12.185
15.677
11.869
6.499
6.499
Onttrekkingen aan reserves
-36.047
-46.324
-14.696
-7.607
-7.086
-4.782
-3.487
Totaal saldo incl. mutaties reserves
-32.094
-3.028
-36.843
-38.285
-44.731
-19.978
-19.905
Een '-' (negatief saldo) is voordelig.
Programmabegroting 2023-2027
27
Structureel begrotingssaldo Presentatie van het structureel begrotingssaldo
2023
2024
2025
2026
2027
Saldo baten en lasten Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves Begrotingssaldo na bestemming Waarvan incidentele baten en lasten (saldo)
-34.332 -2.511 -36.843 -7.847
-46.355 8.070 -38.285 -3.532
-49.513 4.783 -44.731 -3.517
-21.695 1.717 -19.978 -1.705
-22.918 3.012 -19.907 -262
Structureel begrotingssaldo
-28.996
-34.753
-41.213
-18.273
-19.644
1.4 Financiële positie Overzicht van baten en lasten 2023 Overzicht van baten en lasten 2023 op onderdelen A. Programmakosten 1 Maatschappelijke participatie 2 Ondersteuning en Zorg 3 Werk, Inkomen en Schulden 4 Duurzame Stedelijke Vernieuwing 5 Beheer en Onderhoud 6 Burger, Bestuur en Veiligheid 7 Alg. Dekkingsmiddelen & Overhead B. Algemene dekkingsmiddelen a Lokale heffingen b Algemene uitkering c Dividend d Saldo financieringsfunctie e Overige algemene dekkingsmiddelen C. Onvoorziene uitgaven Onvoorziene uitgaven D. Overhead Overhead E. Vennootschapsbelasting Vennootschapsbelasting Saldo exclusief reservemutaties Toevoegingen en onttrekkingen reserves Totaal inclusief reservemutaties
Programmabegroting 2023-2027
Begroting Lasten
Begroting Baten
Begroting Saldo
73.860 143.105 97.136 65.428 113.008 47.342 13.126
-9.652 -2.242 -62.060 -24.967 -78.314 -10.289 -490
64.207 140.863 35.077 40.461 34.694 37.053 12.636
579
-67.805 -394.370 -1.000 -33
-67.805 -394.370 -1.000 546
426
426
74.977
-12.796
62.181
700 629.687 12.185 641.872
-664.018 -14.696 -678.714
700 -34.331 -2.511 -36.843
28
Geprognosticeerde balans Activa (stand per ultimo) Vaste activa (Im)materiële vaste activa Financiële vaste activa Vlottende activa Voorraden Uitzettingen met looptijd < 1 jaar Liquide middelen Overige vlottende activa Totaal activa Passiva (stand per ultimo) Vaste passiva Algemene reserves Bestemmingsreserves Saldo van baten en lasten Voorzieningen Vaste schulden Vlottende passiva Netto vlottende schuld met looptijd < 1 jaar Overlopende passiva Totaal passiva
2022
2023
2024
2025
2026
2027
694.534 665.473 29.061 67.513 -3.032 44.740 220 25.585 762.047
724.105 695.102 29.003 70.301 -244 44.740 220 25.585 794.406
761.135 732.187 28.948 74.964 4.419 44.740 220 25.585 836.099
800.151 771.258 28.892 70.895 350 44.740 220 25.585 871.046
840.782 811.946 28.837 70.895 350 44.740 220 25.585 911.678
902.023 873.242 28.781 70.895 350 44.740 220 25.585 972.919
2022
2023
2024
2025
2026
2027
621.274 53.516 124.515 3.028 23.556 416.660 140.773 73.474 67.299 762.047
653.633 53.786 121.734 39.871 25.658 412.584 140.773 73.474 67.299 794.406
695.326 53.664 129.925 78.156 27.760 405.821 140.773 73.474 67.299 836.099
731.942 53.664 134.708 122.887 29.862 390.821 139.104 71.805 67.299 871.046
770.905 53.664 136.424 142.865 31.964 405.987 140.773 73.474 67.299 911.678
832.146 53.664 139.436 162.771 34.067 442.209 140.773 73.474 67.299 972.919
Ontwikkeling EMU-saldo
1 2 3 4 5
Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves zie BBV, artikel 17c) Mutaties (im)materiële vaste activa Mutaties voorzieningen Mutaties voorraden (incl. bouwgronden in exploitatie) Verwachte boekwinst bij verkoop effecten en verwachte boekwinst bij verkoop (im)materiële vaste activa
2022
2023
2024
-16.402
34.332
46.354
-18.634 2.182 2.923
-29.629 2.102 -2.788
-37.085 2.102 -4.663
-29.931
4.017
6.708
Uitkomsten investeringsplan De volgende zaken zijn meegenomen als mutaties ten opzichte van de Programmabegroting 2022: • Reeds besloten ophogingen van investeringsposten of nieuwe investeringen; • Actualiseren van investeringsplanningen; • Tevens is een voorstel bijgevoegd voor aanvullende investeringen, mede voortkomend uit het coalitieakkoord. In het onderstaande overzicht is aangegeven wat qua investeringsvolumes het verschil is tussen het investeringsplan op hoofdlijnen bij de Kadernota 2023 en dat uit deze programmabegroting (de bij deze programmabegroting nog te nemen besluiten over aanvullende investeringen zijn nog niet in onderstaande saldi verwerkt).
Programmabegroting 2023-2027
29
Vergelijking Investeringsplan
2022
2023
2024
2025
2026
2027
Kadernota 2023
59.713
117.032
107.314
83.502
80.469
15.422
Dit investeringsplan (actualisatie)
53.250
76.303
74.660
76.610
80.762
109.540
Mutatie
-6.463
-40.729
-32.653
-6.892
293
94.118
Ontwikkeling schuld De vaste schuld is het totaal van langlopende leningen die de gemeente is aangegaan. In de Jaarrekening 2021 is de vaste schuldpositie geëindigd op € 412 miljoen. De prognose van de vaste schuld per eind 2022 is € 417 miljoen In onderstaande tabel is te zien dat de verwachte schuld de komende jaren eerst daalt en daarna stijgt en naar verwachting € 438 miljoen bedraagt eind 2027. Deze stijging komt voornamelijk door de (extra) investeringen in de stad. Meer informatie over de schuldpositie van de gemeente is te vinden in de paragraaf 3.4 Financiering. Verloop van de vaste schuld
2022
2023
2024
2025
2026
2027
Stand vaste schuld per 1 januari Bij (nieuw aan te trekken) Af (af te lossen) Stand vaste schuld per 31 december
412 65 60 417
417 57 62 412
412 42 50 404
404 0 15 387
387 36 20 403
403 70 35 438
Uitkomst weerstandsvermogen Om de financiële gevolgen die samenhangen met bepaalde risico’s te kunnen opvangen houdt de gemeente weerstandscapaciteit aan. Op basis van een risico-inventarisatie binnen de organisatie wordt een risicosimulatie uitgevoerd. De risicosimulatie berekent hoeveel weerstandscapaciteit nodig is om het totaal aan (financiële) risico’s te kunnen dekken. Dit wordt weergegeven door het weerstandsvermogen. Ontwikkeling kengetallen Weerstandsratio
Rek. 2019
Begr. 2021
Rek.2020
Begr. 2022
Rek.2021
Begr. 2023
2,4
1,5
1,9
2,1
2,3
2,9
Ontwikkeling woonlasten De lokale lastendruk wordt bepaald door de tarieven van de OZB, de afvalstoffenheffing en de rioolheffing. In de navolgende tabel is de opbouw van de lokale lastendruk in Haarlem in 2023 ten opzichte van 2022 inzichtelijk gemaakt. Voor huurwoningen is alleen de hoogte van de afvalstoffenheffing bepalend, aangezien bewoners hiervan niet worden aangeslagen voor OZB en rioolheffing. De lokale lastendruk stijgt in 2023 in absolute zin met afgerond € 36 van € 969 naar € 1.005 per meerpersoonshuishouden. Een stijging van 3,7%. Lokale lastendruk in euro's voor een meerpersoonshuishouden
2021
2022
2023
Rioolheffing OZB eigenarendeel Afvalstoffenheffing Totaal Index t.o.v. 2022
154 399 412 965
151 405 413 969
156 423 426 1005 103,7%
Programmabegroting 2023-2027
30
1.5 Uitwerking Coalitieakkoord De coalitie heeft met het coalitieakkoord ‘Actie!’ haar ambities voor de komende bestuursperiode uiteengezet. Bij de Kadernota 2023 heeft de raad met het aannemen van een amendement het college opdracht geven om de ambities uit het coalitieakkoord uit te werken. Het college heeft de opdracht deze ambities, samen met de raad, te realiseren. Een eerste stap hiertoe is het financieel technisch verwerken van het coalitieakkoord in de begroting van de gemeente Haarlem. Dat is bij deze programmabegroting gedaan. De technische verwerking hiervan is terug te vinden in de bijlage (5.13 Uitwerking coalitieakkoord). Een groot aantal ambities vergt nadere uitwerking. Een eerste stap is tussen de presentatie van het coalitieakkoord en het opstellen van deze begroting gemaakt. Het resultaat van de eerste uitwerking wordt in deze paragraaf op hoofdlijnen toegelicht. Daarbij spitst de toelichting zich toe op de doelstellingen en ambities die voor het komende begrotingsjaar (2023) het meest relevant of urgent zijn en waar de Haarlemmer het eerste actie zal zien. Invulling geven aan het coalitieakkoord is niet het stapelen van nieuwe ambities bovenop reeds bestaande. Het vergt op meerdere beleidsterreinen een wezenlijke verandering van de organisatie in taken en prioritering. Dat vraagt ook om het maken van keuzes en het scherp prioriteren van werkzaamheden.
Het college beschouwt dit als een continue opdracht aan zichzelf en aan de organisatie voor de komende bestuursperiode. Onderstaand is een overzicht van de financiële betekenis van de uitwerking per domein opgenomen. Wanneer er in deze tekst bij de ambities budgetten zijn opgenomen, gaat dit over incidenteel budget dat beschikbaar is gesteld voor de jaren 2023 tot en met 2026. Waar dit niet het geval is, en/of de middelen structureel van aard zijn, is dit aangegeven.
Verwerking Actie! per domein Sociaal Fysiek Burger en Bestuur Baten Totaal
2023 16.149 7.790 4.250 -750 27.439
2024 n n n v n
11.466 8.180 4.860 -750 23.756
2025 n n n v n
10.701 8.925 3.105 -750 21.981
2026 n n n v n
10.197 9.040 3.055 -750 21.542
2027 n n n v n
8.622 2.440 655 -750 10.967
n n n v n
Sociaal domein Haarlem is en blijft een sociale stad waar het meedoen van alle Haarlemmers prioriteit heeft. Er wordt geïnvesteerd in het bereiken van Haarlemmers die dat het hardste nodig hebben, bijvoorbeeld door ondersteuning bij huisvesting, het vinden van werk en bij de oplopende kosten voor energie en het beperken van die kosten door verduurzaming. Sociale stad. Het minimabeleid wordt vanaf 2023 verruimd van 120% naar 130% van de bijstandsnorm. Uitgangspunt blijft dat werken moet lonen en dat werken ook vaak een opstap is om meer grip te krijgen op het eigen leven. Met een intensieve voorlichtingscampagne, samenwerking met de partners in de stad en met de sociaal wijkteams, wordt ingezet om inwoners met een inkomen tot 130% optimaal te bereiken. Hiervoor is vanaf 2023 structureel € 1,655 miljoen beschikbaar. Om energiearmoede te bestrijden is financiële steun nodig, maar ook preventie en verduurzamende maatregelen. De gemeente zal inwoners hierbij financiële ondersteuning bieden waar dat nodig is. In 2023 is hiervoor € 6 miljoen vrijgemaakt. De energietoeslag wordt toegekend aan huishoudens met Programmabegroting 2023-2027
31
een inkomen tot 130% van de bijstandsnorm. In november 2022 komt er een uitwerking van de aanpak van energiearmoede. De preventieprogramma’s gericht op jeugd worden versterkt, met daarin aandacht voor de toenemende problematiek rond suïcide. Vanaf 2023 is hiervoor € 300.000 beschikbaar. Het bestaande aanbod om psychische problemen bij jongeren te voorkomen, kan hiermee worden uitgebreid en de drempel om aan preventieprogramma’s mee te doen, kan worden verlaagd. In september 2022 wordt een actieplan opgesteld met daarin een aantal concrete voorstellen voor extra inzet op preventie. Er wordt extra ingezet op het aan werk helpen van Haarlemmers door de overgang van uitkering naar werk te versnellen door middel van gerichte dienstverlening en acties. Hiervoor is vanaf 2023 € 575.000 beschikbaar. De aanpak voor jongeren wordt geïntensiveerd en er komt extra begeleiding voor gezinnen en statushouders. Voor mensen met een arbeidsbeperking wordt de kans op betaald werk vergroot door garantiebanen. Ook worden er in komende periode, net als in voorgaande periode(s), acties ondernomen om het tekort aan personeel in onderwijs en kinderopvang terug te dringen. Vanaf 2023 is hier € 250.000 voor gereserveerd. Stad om te wonen. Om dak- en thuisloosheid te helpen oplossen, wordt er in 2023 een actieplan ‘Housing First’ opgesteld.
Dit doet de gemeente samen met woningcorporaties en (zorg)aanbieders. Het recht van wonen staat daarin centraal, het verblijf in de opvang wordt verkort en het aantal huisuitzetting wordt zoveel mogelijk teruggedrongen. Voor de inzet op Housing First is vanaf 2023 € 100.000 beschikbaar. Fysiek domein Haarlem werkt aan meerdere grote transities die zijn weerslag krijgen in de stad, op straat en voor huishoudens in Haarlem. Haarlem zet voluit in op een duurzame stad worden. Bijvoorbeeld door minder gebruik en bezit van de auto en meer gebruik van schonere vervoersmiddelen. Maar ook door beter afval te scheiden en de energietransitie te versnellen. Haarlem blijft een stad waar het prettig wonen is en dat vraagt om een gevarieerd aanbod woningen, vergroening, een goed leefklimaat maar ook een sterke, onderscheidende culturele sector. Mobiliteit. Haarlem richt zich meer en meer op voetgangers, fietsers, reizigers met het OV en het stimuleren van deelmobiliteit. In veel wijken staat de leefbaarheid, toegankelijkheid en verkeersveiligheid onder druk door de grote hoeveelheid auto’s op straat. In wijken waar de parkeerdruk 85% of hoger is, wordt gereguleerd parkeren ingevoerd, in logisch begrensde gebieden. De lopende campagnes om de verkeersveiligheid te verbeteren, worden voortgezet. Hier is vanaf 2023 € 200.000 voor gereserveerd.
Verder is de doelstelling dat de laadinfrastructuur gelijke tred houdt met de groei van het aantal elektrische auto’s en hiervoor is vanaf 2023 € 100.000 beschikbaar. Ook zal er een stadsadviseur mobiliteitstransitie benoemd worden die gaat zorgen voor een goede afstemming tussen de invoering van de diverse mobiliteitsmaatregelen. Hiervoor is vanaf 2023 € 100.000 beschikbaar gesteld.
Stad om te wonen. In de Woonvisie 2021-2025 hebben starters en ouderen prioriteit gekregen en met het opstellen van de Stadsdeal Ouderenhuisvesting is een belangrijke eerste stap gezet. Vanaf 2023 is € 320.000 gereserveerd voor het opstellen en realiseren van de uitvoeringsagenda van de woonvisie. Het actieplan Woonwagens zal in 2023 voortgezet worden. Ook het handhaven op vakantieverhuur en leegstand zal worden voortgezet, hiervoor is voor de komende twee jaar Programmabegroting 2023-2027
32
€ 250.000 per jaar vrijgemaakt. Ook met het huurderssteunpunt !WOON gaat de gemeente de komende vier jaar door. Hiervoor is vanaf 2023 € 100.000 beschikbaar. In Atelier Stad wordt geëxperimenteerd met ontwerpend onderzoek om projecten en initiatieven vroegtijdig te bespreken. In 2023 wordt het atelier ingericht en de communicatie opgezet. Jaarlijks worden bijeenkomsten georganiseerd. Er is € 115.000 beschikbaar voor 2023 en de daaropvolgende jaren € 40.000 per jaar tot en met 2026. De komende vier jaar is er ook aandacht voor het oplossen van knelpunten bij gebiedsontwikkeling en worden er voorbereidingen ten behoeve van gebiedsontwikkeling getroffen. Gezonde stad. Het verbeteren van de luchtkwaliteit is een opgave. In het kader hiervan is voor het uitvoeren van luchtmetingen vanaf 2023 € 50.000 beschikbaar. Verder wordt de grootstedelijke milieuzone in 2025 uitgebreid naar een nulemissie-zone voor stadslogistiek. In 2023 is hiervoor € 140.000 gereserveerd, in 2024 € 665.000 en in de daaropvolgende jaren structureel € 280.000. Voor vervuilende brom- en snorfietsen is het doel dat Haarlem in 2026 een nulemissie-zone heeft ingevoerd. In 2023 is hiervoor € 65.000 gereserveerd en dit loopt op tot € 100.000 in 2024 en € 1,07 miljoen in 2025. Vanaf 2026 is er structureel € 280.000 beschikbaar. In een gezonde stad is er ruimte voor sport en bewegen.
Daarom wordt er onderzoek gedaan naar de mogelijkheid om een rivierzwembad te maken in het Spaarne. In 2023 is hiervoor € 50.000 vrijgemaakt. Vanaf 2023 is er € 210.000 beschikbaar voor de inzet van clubkadercoaches. In het investeringsplan zijn middelen gereserveerd ten behoeve van sport in de openbare ruimte. Structureel is er vanaf 2023 € 190.000 beschikbaar voor sport en bewegen in de openbare ruimte en urban sport. In de komende periode streeft de gemeente naar 68% afvalscheiding. Momenteel lukt het Haarlem om 50% van het afval te scheiden. Er wordt ingezet op een slimme kosteneffectieve vorm van verdere afvalscheiding om het doel te behalen, waarvoor vanaf 2023 € 420.000 beschikbaar is. Het grootste deel van het restafval bestaat nog steeds uit groente-, fruit- en tuinafval en etensresten. Er komen in de komende periode pilots met drie nieuwe inzamelconcepten. Op basis van de resultaten gaat de gemeente nieuwe inzamelmethoden breder invoeren. Er is hiervoor vanaf 2023 € 350.000 vrijgemaakt. Daarnaast komen er verschillende pilots om ervaring op te doen met nieuwe manieren van afvalscheiding, bijvoorbeeld de pilot voedselrestenvermalers. Hiervoor is vanaf 2023 € 250.000 beschikbaar. De methoden voor de bestrijding van de Japanse Duizendknoop zijn in ontwikkeling.
Met de € 120.000 vanaf 2023 uit het coalitieakkoord wordt de Japanse Duizendknoop in toom gehouden, met de aanvullende middelen van € 120.000 zal de plaag ook worden bestreden. Duurzame stad. De gemeente gaat extra inzetten op klimaatadaptie, onder meer door klimaatbestendig bouwen, duurzame energiewinning en controle op de ondergrond. Vanaf 2023 wordt hiervoor € 250.000 vrijgemaakt. Daarnaast is er aandacht voor het vergroenen van de stad, dat in samenwerking met de buurt wordt opgepakt. De gemeente zet in op groen-inclusief ontwerpen en dit wordt ook opgenomen in de aanbestedingsregels. Vanaf 2023 is hiervoor € 1,25 miljoen beschikbaar. Verder is er aandacht voor de transitie naar een circulaire economie en wordt er ingezet op de samenwerking in het programma Circulaire economie van de MRA en op de samenwerking en uitvoering van Europese programma’s. Vanaf 2023 is hier € 350.000 voor beschikbaar. Er is een reservering vanaf 2023 van € 250.000, voor energie-opwerkprojecten, onder andere door middel van zonnepanelen. Met deze reservering wordt de rol en inzet van de gemeente bij de invulling van activiteiten uit Actieplan Schone Energie groter. Daarnaast wordt een plan van Aanpak uitgewerkt voor het Haarlems Isolatieprogramma. Dit is in voorbereiding. Ook hiervoor is vanaf 2023 € 250.000 beschikbaar gesteld.
Er wordt gekeken naar mogelijkheden om de energievoorziening voor festivals te verduurzamen door het aanleggen van vaste stroompunten op evenementlocaties. Programmabegroting 2023-2027
33
In 2022 wordt de Strategische Beheervisie 2022 – 2031 aan de raad voorgelegd. Hierin is onder meer vastgelegd dat er de komende jaren meer onderhoud in de stad uitgevoerd gaat worden. Nieuw in de aanpak is dat de stedelijke opgaven voor o.a. klimaat, mobiliteit en vergroening voortaan worden meegenomen in het beheer en onderhoud. Sociale stad. In de binnenstad kan een aantal zaken elkaar versterken. Ten eerste, Wonen boven winkels: dit zal komende periode extra gestimuleerd worden waarvoor vanaf 2023 € 50.000 beschikbaar is. Ten tweede, herstel van historische puien. Dit brengt kwaliteit terug in het staatbeeld en draagt bij aan het behouden en versterken van de aantrekkelijkheid, leefbaarheid en economische vitaliteit van de binnenstad. Hiervoor is vanaf 2023 € 100.000 beschikbaar. Ten derde, om nieuw ondernemerschap te stimuleren, voert Haarlem het Actieprogramma Impact Ondernemen 2020 – 2024 uit. Hiervoor is € 120.000 gereserveerd vanaf 2023. Daarnaast wordt de komende vier jaar het accountmanagement van de gemeente versterkt om ervoor te zorgen dat Haarlem aantrekkelijk blijft voor ondernemers om zich te vestigen. Vanaf 2023 is hiervoor € 300.000 vrijgemaakt. Culturele stad. In de komende vier jaar is er extra aandacht voor kleinere instellingen en amateurkunst, bijvoorbeeld door te investeren in gecombineerde huisvesting van meerdere organisaties.
Vanaf 2023 is hiervoor € 250.000 gereserveerd. Daarnaast komt er meer ruimte voor nachtcultuur. De gemeente maakt een integrale visie op nachtcultuur, waarin diversiteit, veiligheid en inclusiviteit een belangrijke plek krijgen. Dat zorgt voor een gastvrije en bruisende stad. Vanaf 2023 is hiervoor € 150.000 beschikbaar. Verder is er een reservering in 2023 van € 250.000 voor het ondersteunen van door coronamaatregelen getroffen evenementen. Er is onderzoek gedaan naar het onderhoud van de museale gebouwen. Op basis daarvan wordt voorgesteld de komende periode extra in te zetten op het versterken van museale taken zoals collectiebeheer en op onderhoud van het Frans Halsmuseum. Hiervoor is een structurele reservering van € 800.000 gedaan. Ook ligt er een uitdaging voor het opzetten van een gezamenlijk depot, onder andere met het Noord-Hollands Archief. Verder wordt de inzet van een adviseur cultuur en vastgoed voortgezet. De adviseur houdt zich bezig met de huisvesting van het Frans Halsmuseum, met de verbouwing van de bibliotheek en met de uitbreiding van cultuurlocaties. Burger en bestuur Haarlem is een veilige stad, waar iedereen zichzelf kan zijn. De raad wordt voor het einde van het kalenderjaar op de hoogte gebracht van de keuze voor een aanvullende wijk voor een wijkaanpak.
De gemeente geeft het goede voorbeeld bij diversiteit, verduurzaming van het vastgoed en duurzame inkoop. Daarnaast investeert de gemeente in de eigen organisatie om de betrouwbare uitvoering van taken te kunnen te garanderen. Dienstverlening. Er wordt ingezet op integrale dienstverlening, omdat dienstverlening de hele stad en de hele organisatie raakt. Er ligt een solide Visie op Dienstverlening en de eerste resultaten van de uitvoeringsagenda zijn zichtbaar. In de komende periode wordt deze lijn doorgezet en is hier € 100.000 voor vrijgemaakt vanaf 2023. Diversiteit en inclusie. In 2023 wordt er een vervolg gemaakt op het Regenboogplan met een programma diversiteit en inclusie. Dit programma dient ook als actualisatie van het huidige diversiteitsbeleid dat dateert uit 2012. Onderdeel hiervan is de structurele roze (regenboog) agenda voor het onderwijs, verenigingsleven en ouderenzorg. Deze is specifiek gericht op de acceptatie en inclusie van LHBTIQ+ Haarlemmers. Hier is vanaf 2023 € 100.000 voor vrijgemaakt. Wijkaanpak. In een aantal buurten is er aanleiding om de leefbaarheid te versterken door een integrale aanpak met externe partners. Deze zogenaamde wijkaanpak is een samenhangende aanpak gericht op het verbeteren van de leefsituatie van bewoners in een gebied waar sprake is van een Programmabegroting 2023-2027
34
optelsom van sociale en/of fysieke problemen. Voor extra wijkaanpak is vanaf 2023 € 120.000 vrijgemaakt. Datagedreven werken en open overheid. De gemeentelijke organisatie wil meer werken, handelen en beslissen op basis van data en inzichten. Dit datagedreven werken draagt bij aan de ontwikkeling, monitoring en verantwoording van beleid en ondersteunt de ambitie van Haarlem om de kracht van data op verschillende domeinen beter te benutten. In de komende twee jaar wordt ingezet op het adequaat ondersteunen en bevorderen van datagedreven werken. Ook het informatie instrumentarium en de dienstverlening daaromheen wordt verbeterd.
1.6 Taakstellingen Wanneer de gemeente bezuinigingen of taakstellingen in de begroting opneemt, moeten deze aantoonbaar realistisch en haalbaar zijn. Om deze opgave te kunnen realiseren dient daarom inzicht te worden gegeven in de wijze waarop de taakstellingen worden ingevuld. Deze paragraaf maakt inzichtelijk welke taakstellingen in de Programmabegroting 2023 zijn opgenomen. Onderstaand wordt per nog openstaande taakstelling toegelicht wanneer verwacht wordt deze ‘weg te werken’. Taakstelling Efficiënter verhuur acc sector cultuur Tekort uitvoer WSW Taakstelling Jeugd
2022
2023
2024
2025
2026
2027
0 0 -2.318.000
0 -533.548 -2.318.000
-110.000 -485.352 -2.318.000
-190.000 -742.987 -2.318.000
-190.000 -503.153 -2.318.000
-190.000 -1.187.153 -2.318.000
Taakstelling Efficiënter verhuur accommodaties sector cultuur Bij de Programmabegroting 2020 is een taakstelling vastgesteld “effectiever accommodatiegebruik culturele instellingen” van € 250.000 voor 2022 oplopend tot € 330.000 vanaf 2023. Deze taakstelling is tot nu toe voor € 80.000 structureel ingevuld met concrete maatregelen. Voor 2022 en 2023 is de resterende taakstelling van € 170.000 incidenteel opgelost door de restantmiddelen cultuur uit de coronagelden te benutten. Inmiddels is ook de definitieve huur voor het nieuwe Popcentrum Slachthuis bepaald en blijkt dat de begrote huursubsidie met € 60.000 verlaagd kan worden. Voorgesteld wordt deze besparing vanaf 2024 in te zetten voor de taakstelling. In overleg met de culturele instellingen zal voor 2024 en verder gewerkt worden aan voorstellen om de resterende € 110.000 te realiseren. Bij de Kadernota 2024 worden de mogelijke scenario’s voor de besparing uitgewerkt.
Daarnaast geldt een taakstelling van € 80.000 vanaf 2025 gekoppeld aan de verbouwing van de stadsbibliotheek. Aangezien deze taakstelling samenhangt met besparing op energie nadat de verduurzamingsmaatregelen zijn doorgevoerd, kan de bezuiniging pas plaatsvinden nadat het gebouw van de bibliotheek is verbouwd. Verwachting is dat dit in 2024 gereed is. Taakstelling Tekort uitvoer WSW De WSW taakstelling wordt jaarlijks in de ministeriële circulaires (de Integratie Uitkering Participatie) bijgesteld. Onderdeel van de Integratie-uitkering Participatie is de WSW. Wanneer het deel voor de WSW meer wordt verhoogd of verlaagd dan is begroot, dan daalt of stijgt de taakstelling. Samen met de hoogte van de begroting WSW van de uitvoerende gemeenschappelijke regeling Spaarne Werkt wordt de taakstelling beïnvloedt in hoogte. Dit is een systeem afspraak. Programmabegroting 2023-2027
35
De begroting 2022 van Spaarne Werkt is in maart voor zienswijze aangeboden aan de deelnemende gemeenten en in juni door het bestuur van Spaarne Werkt definitief vastgesteld. Met betrekking tot de uitvoering van de Wet Sociale Werkvoorziening (WSW) stijgen de lasten licht ten opzichte van de bestaande raming. De taakstelling op de WSW wordt daarmee evenredig verhoogd waardoor het effect neutraal is. Het tekort op de uitvoeringskosten ten opzichte van de Rijksbijdrage WSW neemt echter af. Dit is het gevolg van de gunstige financiële ontwikkeling in de meicirculaire 2022: het bedrag voor het WSW-deel uit de Integratie-uitkering 2022 wordt verhoogd. Deze ontwikkeling doet de taakstelling afnemen en wordt verwerkt in de melding meicirculaire 2022. Per saldo is het gunstige effect van de meicirculaire op de taakstelling WSW groter dan het negatieve effect van de bijstelling in de begroting Paswerk. Bij iedere wijziging van de rijksbijdrage van de WSW wordt de berekening opnieuw gedaan. Dit wordt jaarlijks her-berekend en heeft daardoor invloed op de taakstelling. De ervaring leert dat de taakstelling in de meicirculaire jaarlijks wordt opgelost. Kortom, de taakstelling Tekort uitvoer WSW betreft een structurele taakstelling die jaarlijks voor het betreffende jaar met de meicirculaire (of de decembercirculaire) wordt opgelost.
Taakstelling Jeugd Om de uitgaven te beheersen, zijn eerder budgetplafonds opgelegd aan zorgaanbieders. Deze budgetplafonds liggen lager ligt dan op basis van de volumegroei van de zorgvraag en contractuele prijsindexatie reëel zou zijn. Hiermee wordt een korting opgelegd aan de gecontracteerde aanbieders om de kosten van de jeugdzorg te beheersen. Besluitvorming hierover heeft eerder op diverse momenten in de P&C cyclus plaatsgevonden. Vooralsnog wijzen de prognoses erop dat de taakstelling 2022 en verder gerealiseerd zal worden. Dit blijft lastig in te schatten vanwege volumeeffecten en uitgezonderde zorgaanbieders op het budgetplafonds zoals vrijgevestigde aanbieders, landelijke transitie arrangementen, JeugdzorgPlus en Gecertificeerd Instellingen. Taakstelling capaciteit Fysiek Domein Begin 2021 is besloten tot uitbreiding van de personele capaciteit van het fysiek domein met 16,57 fte (2021/87667). Hierbij is een inverdientaakstelling opgenomen op de personele capaciteit van € 293.000 vanaf 2023. Doelstelling voor de komende jaren is het realiseren van de woningbouwopgaven en het realiseren van de ambities die zijn geformuleerd in de omgevingsvisie. Daarbij is het noodzakelijk om voldoende capaciteit en kwaliteit van de ambtelijke organisatie hierop in te zetten zodat de ambities ook worden gerealiseerd.
Het fysieke domein ziet mogelijkheden om meer capaciteit van de ontwikkelorganisatie te verhalen op de betreffende gebiedsontwikkeling. Kosten van de ambtelijke capaciteit die actief bijdraagt om zoneontwikkeling te realiseren, zoals de zonemanagers, wordt in rekening gebracht bij de betreffende gebiedsontwikkeling en komt dan niet ten laste van de algemene middelen. Besluitpunt: Met betrekking tot de openstaande taakstellingen (paragraaf 1.6): a. de structurele vrijval van € 60.000 als gevolg van hoger dan nodig geraamde huursubsidie voor popcentrum Slachthuis in te zetten t.b.v. gedeeltelijke invulling efficiencytaakstelling ‘Efficiënter verhuur accommodaties sector cultuur’.
Programmabegroting 2023-2027
36
1.7 Investeringen Investeringsplan 2022 – 2027 1. Actualisatie van het Investeringsplan 1.1 Realistisch plannen van voorgenomen investeringen In dit Investeringsplan 2022-2027 (verder: Investeringsplan) zijn alle investeringen die reeds waren opgenomen bij de Programmabegroting 2022-2026 en de investeringen die zijn toegevoegd bij de Kadernota 2023, op basis van de meest recente planningen waar nodig opnieuw in de tijd gezet. Verder is een voorstel opgenomen waarin de investeringen vanuit het coalitieakkoord in de tijd zijn gezet. De hoeveelheid investeringen die kunnen worden uitgevoerd binnen het financiële kader van een maximum aan de netto schuldquote (NSQ) en (met name) een structureel sluitende begroting, is beperkt. Als investeringen worden gepland maar niet of niet tijdig worden uitgevoerd, wordt er ten onrechte schaarse investeringsruimte geclaimd binnen het kader. Daarom is er extra goed gekeken naar het realisme van de planningen. Met de kennis over de voortgang van investeringen tot medio 2022 is opnieuw gekeken naar de planning van investeringen voor 2022 en verder. Dit heeft geleid tot een bijgestelde, meer gelijkmatige planning van investeringen door de jaren. 1.2 Bijgesteld Investeringsplan en gevolgen voor begrote kapitaallasten Na de actualisatie en de verwerking van eerdere besluiten is het Investeringsplan op hoofdlijnen als volgt.
Programma 1 Maatschappelijke participatie 2 Ondersteuning en Zorg 4 Duurzame Stedelijke Vernieuwing 5 Beheer en Onderhoud 6 Burger, Bestuur en Veiligheid 7 Alg. Dekkingsmiddelen & Overhead Eindtotaal
2022
2023
2024
2025
2026
2027
17.927 100 3.457 30.441 50 1.275 53.250
26.588 1.823 3.062 40.403 100 4.327 76.303
24.447 0 7.702 37.486 0 5.025 74.660
13.481 2.024 17.135 38.910 0 5.060 76.610
18.883 0 13.763 43.740 0 4.376 80.762
1.906 0 37.283 65.893 0 4.458 109.540
De investeringen die in 2027 staan geraamd, zullen niet allemaal in dat jaar worden uitgevoerd. Dit betreft investeringen voor de periode 2027 en verder. Bij de Kadernota 2024 volgt een uitbreiding naar een tienjarig investeringsplan. De investeringen voor 2027 en verder worden dan in de juiste jaren geraamd. Binnen deze programmabegroting staan deze, om ze in ieder geval in beeld te hebben, allemaal verzameld in het laatste jaar (2027). De grootste investeringen vallen onder de programma’s 1 (maatschappelijke participatie) en 5 (beheer en onderhoud). In programma 1 gaat het om investeringen in onderwijshuisvesting en sportcomplexen en -accommodaties. Programma 5 bevat de investeringen in de openbare ruimte, waaronder riolering en de investeringsbudgetten voor de Structuurvisie Openbare Ruimte (SOR). Vanaf 2024 en met name de periode 2027 en verder staan relatief grote investeringsbedragen geraamd in programma 4, voor de ontwikkelzones en het programma Bereikbare Steden. Een gedetailleerde weergave van het Investeringsplan is opgenomen als bijlage 5.1 bij deze programmabegroting. Bij deze actualisatie is meer dan bij eerdere actualisaties gekeken naar toekomstige jaren. Waar in de planning zoals vastgesteld bij de Kadernota 2023 nog een grote piek zichtbaar was in de jaren 2023 Programmabegroting 2023-2027
37
en 2024, zijn de voorgenomen investeringen nu meer realistisch verspreid over de periode 20232027. Evengoed is sprake van een sterke stijging van het investeringsvolume ten opzichte van 2022 en de afgelopen jaren. Er ligt dan ook een grote opgave om te zorgen voor een tijdige realisatie van deze investeringen. Het totaal aan geraamde investeringen in 2022 is gedaald van € 60 miljoen bij de Kadernota 2023 naar € 53 miljoen in deze begroting. Ook de ramingen voor 2023 t/m 2025 zijn gedaald ten opzichte van de Kadernota 2023, naar een meer realistische programmering verspreid over de periode tot en met 2027. Programma 1 Maatschappelijke participatie 2 Ondersteuning en Zorg 4 Duurzame Stedelijke Vernieuwing 5 Beheer en Onderhoud 6 Burger, Bestuur en Veiligheid 7 Alg. Dekkingsmiddelen & Overhead Eindtotaal
Mutatie 2022 -2.980 -859 -134
Mutatie 2023 -8.015 859 -124
Mutatie 2024 8.787 -2.024 -10.186
Mutatie 2025 1.600 2.024 -3.000
Mutatie 2026 1.977 0 -2.620
Mutatie 2027 0 0 36.000
-1.179 -37 -1.273
-32.446 0 -1.003
-28.826 0 -405
-8.116 0 600
-64 0 1.000
57.036 0 1.082
-6.463
-40.729
-32.653
-6.892
293
94.118
De wijzigingen in het investeringsplan werken door in de begrote rente- en afschrijvingslasten. Deze zijn nu als volgt: Kapitaallasten Kapitaallasten Waarvan kapitaallasten riolering Waarvan kapitaallasten reserve MN Waarvan afschrijving gedekt uit reserves Totaal
2023 38.735 5.223 1.312 182 32.018
2024 41.796 5.393 1.379 588 34.436
2025 44.313 5.656 1.489 406 36.762
2026 47.303 5.814 1.619 406 39.464
2027 49.815 6.086 1.729 406 41.594
Waar kapitaallasten worden verrekend met de vereveningsreserve voor de rioolheffing, de reserve kapitaallasten maatschappelijk nut of andere reserves hebben deze mutaties geen effect op het begrotingssaldo. Onderstaand zijn de mutaties van deze kapitaallasten ten opzichte van de begrote kapitaallasten bij de Kadernota 2023 inzichtelijk gemaakt. Mutatie lasten uit investeringen (negatief is voordeel)
2023
2024
2025
2026
2027
Mutatie kapitaallasten Waarvan mutatie kapitaallasten riolering Waarvan mutatie kapitaallasten reserve MN Waarvan mutatie gedekt uit reserves Saldo effect begroting van actualisatie Effect kapitaallasten uit eerdere actualisaties Totaal saldo effect begroting
-212 -8 9 -1 -212 -4.807 -5.019
-2.503 -329 37 -1 -2.210 -2.039 -4.249
-3.681 -443 37 -1 -3.274 -1.153 -4.427
-3.982 -556 57 -1 -3.482 -1.145 -4.627
-5.272 -646 57 -1 -4.682 2.095 -2.587
Bij de eerdere actualisaties van het investeringsplan voor de Programmabegroting 2022-2026 en de Kadernota 2023 ontstonden effecten ten opzichte van de op dat moment vastgestelde begrotingen. Vanwege de onzekere financiële situatie op die momenten zijn deze effecten destijds niet verwerkt in het begrotingssaldo, maar als stelpost opgenomen. Met de voordelen uit de nu voorliggende
Programmabegroting 2023-2027
38
actualisatie en het inmiddels minder onzekere financiële beeld, is er geen reden meer om de eerdere effecten niet in het begrotingssaldo te verwerken. De kapitaallasten zijn na de actualisatie lager dan was begroot bij de Kadernota 2023. Dit is met name het gevolg van in tijd naar achteren schuiven van investeringen die eerder in 2022, 2023 en 2024 geraamd waren. 2. Wijzigingen waarover nog besluitvorming plaats moet vinden De hiervóór benoemde totale investeringen bevatten alle investeringen die al waren opgenomen in het Investeringsplan in de Kadernota 2023, aangevuld met de nieuwe investeringen waartoe bij de Kadernota 2023 is besloten. In aanvulling op die investeringen worden vanuit het coalitieakkoord en de verdere actualisatie de volgende aanvullingen voorgesteld. 2.1 Investeringen coalitieakkoord In aanvulling op het geactualiseerde Investeringsplan worden vanuit het coalitieakkoord de volgende investeringen voorgesteld. Investeringen IP 2023-2027 Sport (Programma 1) Zwembaden Vervanging Spaarnehal (buiten periode) Sporthal Schalkwijk Zwembaden Planeet en Houtvaart (na 2028) Sport in de OR Onderwijs (Programma 1) Onderwijshuisvesting VO school in Schalkwijk Groene schoolpleinen Cultuur (Programma 4) Uitbreiding (kleine) cultuurlocaties Mobiliteit (Programma 4 & 5) Investering Bereikbare Stad/mobiliteitstransitie (met name t.b.v.
de fiets) Nul-emissie zone Nul-emissie zone vracht en bestel Uitbreiden gereguleerd parkeren SOR Duurzame mobiliteit (met name t.b.v. de fiets) [al in Kadernota, telt niet als nieuw] Wonen, groei van de stad (Programma 4 & 5) Schalkwijk Centrum nieuwbouw bibliotheek Huis van de Wijk, Beatrixplein Vergroenen en Vernatten en aanvullende beleidsambities Onderhoud Openbare ruimte (Programma 5) Herstellen watergangen (Papentorenvest etc.) Investeringen openbare ruimte en beleidsambitie (kapitaallasten gedekt uit reserve openbare ruimte) Investeringen klimaatadaptatie Openbare ruimte ontwikkeling(Programma 5) Aanpassingen veilig naar school (ook voor middelbare scholen) IVORIM Energietransitie en duurzaamheid (Programma 5) Verduurzaming Gemeentelijk bezit Programmabegroting 2023-2027
2023
2024
2025
2026
2027
Totaal 0
25.000 200
800
5.000
6.000
500
250
250
5.000
5.000
1.500
25.000 12.000 PM 2.500 10.000 5.000 PM
5.000
200
300
1.500
1.500
500
1.000
1.500
2.000
5.000
400
300 320 1.550
450
300 320 3.450
960
750
1.050
1.310
1.880 230
1.500
5.000
(9.000)
(9.000)
3.300
4.900 3.530
PM
340
340
2.850 1.700
5.700 3.400
7.000
5.700 3.400
14.250 9.180
3.500
PM 3.500
7.000
14.000 39
Investeringen IP 2023-2027 Eigen vloot emissievrij Informatievoorzieningen, organisatieontwikkeling, organisatie(Programma 7) Aanvullende investeringen Totaal
2023 70
2024 230
2025
2026
2027
Totaal 300
2.770
200 11.060
200 17.060
300 33.940
300 65.440
1.000 119.230
Het totaal van € 119 miljoen aan investeren wijkt af van het in het coalitieakkoord (pagina 31 en 32) genoemde bedrag van € 55 miljoen. Dit heeft drie redenen. Ten eerste is in deze tabel ook de € 25 miljoen investering in de Spaarnehal opgenomen die zal plaatsvinden in de jaren 2027 en verder, die in het coalitieakkoord buiten de telling was gelaten omdat dit buiten deze raadsperiode valt. Ten tweede is in deze tabel ook € 23 miljoen aan investeringen in de openbare ruimte opgenomen die samenhangen met het in het coalitieakkoord opgenomen overzicht financieel kader (pagina 26), samen met de investeringen voor klimaatadaptatie. Tot slot bevat deze tabel de bruto investeringen, om een beeld te geven van de totale omvang van het IP. In het coalitieakkoord zijn de investeringen voor de verduurzaming van gemeentelijk bezit niet meegeteld omdat er dekking is voor de bijbehorende kapitaallasten. 2.2 Nieuwe investeringen Naast de investeringen vanuit het coalitieakkoord dienen zich nog enkele nieuwe of hogere investeringen aan. Basisscholen De Verbeelding en Zonnewijzer In 2020 en 2021 zijn plannen goedgekeurd voor de nieuwbouw/uitbreiding van basisschool de Verbeelding en vervanging van een deel van het gebouw van de Zonnewijzer I. Deze plannen zijn verder uitgewerkt en aangepast.
Bij het uitwerken van de plannen voor de Verbeelding bleek dat er geen geschikte locatie te vinden was voor nieuwbouw of uitbreiding van deze school. Er is daarom gewerkt aan een alternatief plan. Volgens dit alternatieve plan worden de Zonnewijzer I en II samengevoegd op de locatie van Zonnewijzer I. Het gebouw van Zonnewijzer I moet daartoe uitgebreid worden tot 20-21 lokalen. Zodoende komt het gebouw van Zonnewijzer II beschikbaar voor de Verbeelding. Na interne aanpassing van dit gebouw kan de Verbeelding er in trekken. Omdat dit alternatieve plan afwijkt van eerdere besluitvorming en leidt tot andere en hogere kosten, is instemming met deze plannen noodzakelijk voor het vervolg. De totaalkosten zijn € 4.107.000 hoger ten opzichte van het eerdere plan. Dit is te verklaren doordat sprake is van meer vierkante meters, een eerder niet geplande gymzaal, de realisatie van een IKC (dat kostprijs dekkend zal worden verhuurd) en prijsstijgingen. Omdat de kosten aan het gebouw van de Zonnewijzer hoger zijn en aan het gebouw van de Verbeelding lager zijn dan in het oorspronkelijk plan, is ook sprake van een verschuiving van eerder verleende kredieten. Omdat vanuit de stelpost al werd gerekend met kapitaallasten, hebben de kapitaallasten volgend uit deze verschuiving en ophoging van het krediet geen gevolgen voor het begrotingssaldo.
Met het vaststellen van de programmabegroting besluit de raad om een bedrag van € 1.330.000 te verschuiven van het krediet van de Verbeelding naar de Zonnewijzer en om een aanvullend krediet te verlenen voor de Zonnewijzer met € 4.107.000 ten laste van de stelpost onderwijsvoorzieningen (IP post 77.01). Vervanging parkeerapparatuur parkeergarages Op IP post 12.15 is een budget van € 1.187.000 gereserveerd om de verouderde apparatuur in de Programmabegroting 2023-2027
40
parkeergarages te vervangen. Uit het plan van aanpak blijkt dat de totale kosten van het vervangen van de apparatuur € 1,9 miljoen bedragen. De toename in de kapitaallasten vanuit de hogere investering kunnen gedragen worden in de parkeerexploitatie. Met het vaststellen van de programmabegroting besluit de raad om een bedrag van € 713.000 toe te voegen aan IP post 12.15 en een aanvullend krediet vrij te geven voor de vervanging van apparatuur in parkeergarages van € 713.000 ten laste van IP post 12.15. Vervanging inwinapparatuur In 2020 is nieuwe inwinapparatuur aangeschaft, als vervanging van de toen verouderde landmeet apparatuur. Deze apparatuur gaat gemiddeld zeven jaar mee, dus is te voorzien dat in 2027 vervanging nodig is. Het gebruik van inwinapparatuur is nodig om de kwaliteit van de data in de wettelijke basisregistraties te borgen en verbeteren. Met het vaststellen van de programmabegroting besluit de raad om in 2027 een bedrag van € 150.000 te reserveren voor de vervanging van inwin apparatuur op IP post DVL.02. Sportzaal Beatrixplein Het Prinses Beatrixplein in Haarlem Oost is na 60 jaar toe aan vernieuwing. Het Beatrixplein is een belangrijke schakel in het sociale weefsel van Haarlem Oost. Door de centrale ligging in de wijk is het gebied zeer kansrijk om verder te ontwikkelen als hart van de wijk.
Een nieuw vitaal wijkwinkelcentrum, de bijdrage aan het sociaal weefsel in de wijk en het bouwen aan een vitale en zorgzame buurt staat daarom centraal. De gemeenteraad heeft op 23 april 2020 unaniem de startnotitie vastgesteld. Er komen circa 570 nieuwe woningen, supermarkt en een vernieuwd winkelcentrum met een gezellig plein. Bovenop het Huis van de Wijk komt een nieuwe sportzaal ter vervanging van de twee huidige gymzalen. Met het vaststellen van de programmabegroting besluit de raad om een bedrag van € 4.750.000 toe te voegen aan IP post 81.30 verdeeld over 2026 en 2027 voor de bouw van een sportzaal aan het Beatrixplein. Internationale Taal Klas (ITK) Beatrixplein Naast de hiervóór beschreven ontwikkelingen rond het Beatrixplein krijgt ook de Internationale Taalklas een nieuw onderkomen in dit gebied. Met het vaststellen van de programmabegroting besluit de raad om een bedrag van € 3.650.000 te reserveren voor de Internationale Taal Klas, ten laste van de stelpost onderwijsvoorzieningen op IP post 77.01. Aanleggen van markt- en evenementenkasten op evenementenlocaties Door stroompunten aan te leggen bij de locaties Kenaupark, Reinaldapark, Haarlemmer Hout & Frederikspark en Veerplas kan bij markten en evenementen op een duurzame manier stroom worden aangeboden.
Dit is een uitwerking van actiepunt ‘De energievoorzieningen voor festivals gaan we verduurzamen met vaste stroompunten of andere duurzame stroomvoorziening’ uit het Coalitieakkoord (p. 8). Haarlem zet in op het reduceren van onze CO2 uitstoot. Het verduurzamen van de energievoorzieningen van festivalterreinen is een zichtbare uiting hiervan. Met het vaststellen van de Programmabegroting besluit de raad om een bedrag van € 258.000 te reserveren voor de aanleg van markt- en evenementenkasten. Deze reservering komt ten laste van de reeds in het IP opgenomen stelpost Duurzaamheid (DRZ.01) en leidt niet tot extra kapitaallasten.
Programmabegroting 2023-2027
41
2.3 Effecten op het begrotingssaldo De kapitaallasten vanuit deze nieuwe investeringen en investeringen uit het Coalitieakkoord zijn als volgt (in financieel beeld verwerkt): Mutatie lasten uit aanvullende voorstellen Kapitaallasten uit investeringen Coalitieakkoord (2.1) Kapitaallasten uit nieuwe investeringen (2.2) Totaalsaldo effect begroting Mutatie lasten uit aanvullende voorstellen
2023 0 0 0 2023
2024 140 109 249 2024
2025 830 108 938 2025
2026 1.489 107 1.596 2026
2027 2.573 106 2.679 2027
2.4 totaal financieel effect Investeringsplan inclusief aanvullende voorstellen De actualisatie van het investeringsplan, samen met de aanvullende voorstellen, leiden tot het volgende financiële beeld: Mutatie lasten Investeringsplan (negatief is voordeel) Saldo uit actualisatie IP (zie 1.2) Saldo uit aanvullende voorstellen (zie 2.3) Totaalsaldo effect begroting
2023
2024
2025
2026
2027
-212
-2.210
-3.274
-3.482
-4.682
0
249
938
1.596
2.679
-212
-1.961
-2.336
-1.886
-2.003
De kapitaallasten zijn na de actualisatie en na de aanvullende investeringen over de hele periode lager dan was begroot bij de Kadernota 2023. Dit is het effect van het eerder genoemde doorschuiven van een deel van de geraamde investeringen van 2022, 2023 en 2024 naar latere jaren. Met de toegevoegde investeringen vanuit het coalitieakkoord stijgen de kapitaallasten in 2024 en de daaropvolgende jaren ten overstaan van de huidige presentatie, na 2027 leidt dit ook tot absoluut hogere kapitaallasten.
3. Voorbereidingskredieten 3.1 Bij begroting standaard vrijgeven van voorbereidingskredieten In de informatienota ‘versnelling bestedingsruimte investeringen openbare ruimte’ (2021/0549531) wordt een aantal oplossingsrichtingen geformuleerd om de bestedingsruimte te versnellen. Een van deze voorstellen is om de voorbereidingstijd van investeringen te versnellen door voorbereidingskredieten niet via apart op te stellen raadsnota’s vrij te geven, maar bij de begrotingsbehandeling voor investeringen die starten in het begrotingsjaar. Bij de Kadernota 2023 is besloten om met ingang van de vaststelling van de programmabegroting 2023 voorbereidingskredieten vrij te geven voor meerjarige investeringen waarvan de eerste uitgaven staan geraamd in het begrotingsjaar, steeds ter hoogte van het bedrag dat in het IP is opgenomen voor het begrotingsjaar. In de tekst over het Investeringsplan in de Programmabegroting zal ter verduidelijking steeds worden benoemd welke bedragen voor welke investeringen als krediet worden verleend met het vaststellen van de Programmabegroting. Onderstaand gebeurt dat voor 2023. 3.2 Voorbereidingskredieten 2023 Met het vaststellen van deze programmabegroting worden de voorbereidingskredieten vrijgegeven:
Programmabegroting 2023-2027
42
IP post
Investering
GOB.23 HVD.02 OR.001 OR.003 OR.005 OR.008 OR.009 OR.010 OR.013 OR.016 OR.018 OR.020 OR.021 OR.022 SOR.10 SOR.12 SOR.13 SOR.18 SOR.20 SOR.21 SOR.22 SOR.23
Reconstructie Nieuwe Groenmarkt Havendienstboot Cronjéstraat herinrichten Fietsknelpunten rond Kennemerplein en Schoterweg LV-verbinding Entree-oost ter hoogte van St. Jacob Paul Krugerstraat Fietsstraat Groen in de Zuiderpolder Vergroening Amsterdamsebuurten Waterverbinding Floris van Adrichemlaan Gedempte Oude Gracht Verwulft plateau Prinsenbrug onderdoorgang Wilhelminastraat herinrichting (basis) Vergroening Oostersingelgracht Westergracht spoorovergang Schoteroog nieuwe entree Onderdoorgang Scheepmakerskwartier / Prinsenbrug Verkeersveiligheid Oudeweg - Fustweg Fietsknelpunt Kennemerplein / Schoterweg / Kennemerstraat Lange termijn fietsparkeren bij OV Stationsplein Busverkeer; o.a. knooppunt Buitenrust / Zuid-Oost Herstructurering Stadsstraat Europaweg Dwars door Schalkwijk: Kennedylaan/Belgiëlaan/Floris van Adrichemlaan
Kredietbedrag 49.000 100.000 80.000 50.000 10.000 100.000 50.000 50.000 200.000 60.000 100.000 150.000 100.000 100.000 40.000 50.000 35.000 100.000 200.000 200.000 200.000 200.000
Besluitpunten: Ten aanzien van de investeringen om: a. het geactualiseerde Investeringsplan 2023-2027 (bijlage 5.1) en de daaruit voortvloeiende wijziging van kapitaallasten vast te stellen; b. de aanvullende voorstellen zoals opgenomen in alinea 2.1 en de en de daaruit voortvloeiende kapitaallasten zoals benoemd in alinea 2.3 vast te stellen (paragraaf 1.7); c. de hogere en nieuwe investeringen zoals opgenomen in alinea 2.2. en de daaruit voortvloeiende kapitaallasten zoals benoemd in 2.3 vast te stellen (paragraaf 1.7); d. het eerder verleende krediet voor de Zonnewijzer van € 4.063.000 te verhogen naar € 9.500.000 en het eerder verleende krediet voor de Verbeelding van € 3.330.000 te verlagen naar € 2.000.000, waarbij per saldo de toename van het totale krediet voor beide projecten van € 4.107.000 ten laste komt van de stelpost op IP post 77.01 ‘onderwijsvoorzieningen’ (paragraaf 1.7); e. een krediet vrij te geven voor de vervanging van apparatuur in parkeergarages van € 713.000 ten laste van IP post 12.15 (paragraaf 1.7); f. de voorbereidingskredieten zoals genoemd in alinea 3.2 van de paragraaf investeringen vrij te geven (paragraaf 1.7).
1.8 Onderzoeken ingevolge de Verordening art. 213a De Gemeentewet artikel 213a schrijft voor dat gemeenten doelmatigheidsonderzoeken uitvoeren. In Haarlem is dit bekrachtigd door de raad in de ‘Verordening onderzoek doelmatigheid en doeltreffendheid van het door het college gevoerde bestuur van de gemeente Haarlem’ (2012/469231). Middels de programmabegroting geeft het college aan welke onderwerpen geschikt lijken om in 2022 een 213a onderzoek voor in te zetten. Overwegingen die daarbij een rol spelen zijn onder andere rendement van het verwachte resultaat en wenselijkheid en haalbaarheid van het onderzoek naar betreffende onderwerpen.
Programmabegroting 2023-2027
43
Voor het jaar 2023 wil het college de volgende 213 onderwerpen onderzoeken: • •
Onderwijshuisvesting: organisatievorm en de wijze waarop grip gehouden kan worden op deze investeringen; Minimabeleid: toekomstgericht onderzoek waarbij lessen uit eerdere verruimingen van het minimabeleid betrokken kunnen worden bij de verruiming van het beleid naar 130% van de bijstandsnorm.
Beschikbaar budget Voor de uitvoering van onderzoek wordt mogelijk een beroep gedaan op externe deskundigheid. Voor 2023 is een onderzoeksbudget beschikbaar van € 100.000.
1.9 Interbestuurlijk toezicht Kader De Wet revitalisering generiek toezicht (zie ook de informatienota Interbestuurlijk toezicht 2013/393816) is de basis voor het door het kabinet gewenste interbestuurlijk toezicht (IBT): het toezicht van de ene overheid op de andere. Het uitgangspunt van de wet is het vertrouwen in een goede taakuitoefening door de gemeente. Daarbij hoort dat de horizontale verantwoording (college aan raad) en het horizontale toezicht (raad op college) in orde zijn. Het toezicht op de uitvoering van al deze medebewindstaken door het college ligt primair bij de raad. Invulling interbestuurlijk toezicht door provincie Ook in 2023 houdt de provincie toezicht op de volgende medebewindstaken voor Haarlem: 1. Omgevingsrecht; 2. Archiefbeheer (vastgelegd in de provinciale informatieverordening). Ad 1 Omgevingsrecht De provincie heeft de processen op toezicht- en handhaving binnen dit kader in de laatste beoordeling, tot 15 juli 2021, als adequaat beoordeeld. De beoordeling van de provincie over dit onderwerp voor de periode tot 15 juli 2022, is medio 2022 nog niet beschikbaar. Ad 2 Archiefwet De uitvoering van het informatie- en archiefbeheer verloopt conform de gemaakte afspraken met de toezichthouder en archiefinspectie.