20220937770 02. Bijlage 1. Gunningsleidraad perceel 1
Tekst van het document
De crisisdienst kijkt mee en geeft zo mogelijk adviezen en biedt ondersteuning aan de behandelaar. Gunningsleidraad Jeugdhulp regio’s IJmond en Zuid-Kennemerland perceel 1
21
Inrichting • Het aansluiten qua proces bij de systematiek van de crisisdienst voor de volwassen GGZ. Het zo nodig afstemmen met de (crisisdienst) volwassen GGZ. • Het aansluiten op de landelijke ontwikkelingen inzake crisis jeugd. Personele inzet De crisisdienst jeugd wordt bemenst door gekwalificeerde medewerkers die ervaring hebben met het beoordelen van crises en het bieden van hulpverlening in crisissituaties. Het team dat is belast met de triage wordt zodanig geïnstrueerd en opgeleid dat zij kunnen bepalen (bv aan de hand van een stroomschema) of de inzet van een kinder- en jeugdpsychiater nodig is. Als deze inzet nodig is, dan is deze ook daadwerkelijk direct bereikbaar en beschikbaar voor de triagist(en). De Consortia hebben de beschikking over één of meer kinder- en jeugdpsychiaters. Verwacht wordt dat zij naar rato met een minimum van één etmaal per 3 weken, participeren in de bereikbaarheid van de achterwachtfunctie voor de crisisdienst. De partij (en) die de crisisdienst organiseert, legt deze afspraken vast in overleg met de Consortia. Het gaat hier in eerste instantie om de bereikbaarheid van de achterwachtfunctie voor de triagisten/voorwachtfunctie In geval sprake is van een ernstige (psychiatrische) crisis – dit ter boordeling van de kinder- en jeugdpsychiater – wordt verwacht dat hij/zij ter plaats de beoordeling doet.
Een beoordeling ter plaatse vindt altijd plaats door tenminste 2 medewerkers Crisisbedden Ook in geval van een acute crisis is behandeling gericht op het voorkomen van een opname. Indien sprake is van een acute crisis én een opname is ondanks alle inzet onontkoombaar, dan zorgen de Consortia voor de tijdige beschikbaarheid (binnen 72 uur na beoordeling crisis) van een passende verblijfplaats (crisisbed) voor de diverse doelgroepen. Voor de doelgroep (licht) verstandelijk beperkten werken de Consortia samen met de namens Opdrachtgever werkzame crisisregisseur(s) (L)VB. Vervolghulp De Consortia bieden – als onderdeel van de na crisis in te zetten jeugdhulp – in ieder geval ambulante spoedhulp. Deze ambulante spoedhulp wordt, op verzoek van de crisisdienst, tijdig (binnen 72 uur na de crisisbeoordeling) ingezet. De gecontracteerde Aanbieder/behandelaar (zowel binnen perceel 1 als 2) die op het moment van crisis de Jeugdige in zorg/behandeling heeft, houdt de Jeugdige ook na crisis in zorg/behandeling c.q. neemt deze terug als de Aanbieder/behandelaar geacht kan worden– eventueel met ondersteuning van een andere specialist – passende Jeugdhulp te bieden. Bekostiging crisisdienst De Opdrachtgever bekostigt de crisisdienst separaat aan het reguliere lumpsum bedrag, aan het Consortium/de Consortia die de crisisdienst organiseren.
Het beschikbare budget voor de crisisdienst is afgestemd op de taken, inclusief de beschikbaarheid van een team IBT-J. Voor de bekostiging van de bereikbaarheid en de inzet van de kinder- en jeugdpsychiater maakt de crisisdienst afspraken met de betreffende Aanbieders/behandelaren. Hierbij geldt dat de daadwerkelijk geleverde uren door de crisisdienst worden vergoed. Dit maakt onderdeel uit van de bekostiging van de crisisdienst.
Gunningsleidraad Jeugdhulp regio’s IJmond en Zuid-Kennemerland perceel 1
22
De bekostiging van crisisbedden maakt onderdeel uit van het totaalbudget dat door de gemeenten beschikbaar wordt gesteld voor de te bieden Jeugdhulp door alle Consortia gezamenlijk gecontracteerd in perceel 1 en maakt derhalve geen onderdeel uit van de bekostiging van de crisisdienst. Eisen aan de crisishulp in dit perceel 35 Het Consortium is aanspreekbaar en verantwoordelijk voor het bieden van passende Jeugdhulp als zijn eigen Cliënten in een crisissituatie terecht komen. 36 Eén crisisdienst te organiseren door één of meerdere van de gecontracteerde Consortia. Indien geen van de Consortia dit op zich neemt, wordt het organiseren hiervan een verplichting van alle gecontracteerde Consortia gezamenlijk. De crisisdienst is in ieder geval per 1/1/2024 op 1 nummer bereikbaar (iig 1 nummer per regio). 37 Het Consortium draagt zorg voor de 24/7 bereikbaarheid en beschikbaarheid voor eigen Cliënten die in acute crisissituaties verkeren. Het Consortium kan dit vorm geven door afspraken met of inzet van andere organisaties. Offerte crisisdienst In het geval u bereid bent alleen of met een andere partner(s) de crisisdienst te organiseren, dan dient u bij inschrijving hiervoor een offerte in te dienen. Wij vinden het belangrijk dat de crisisdienst efficiënt wordt georganiseerd.
In de offerte dient rekening gehouden te worden met zoveel als mogelijk aan te sluiten bij- en gebruik te maken van bestaande structuren in de beide regio’s. Vanwege de efficiëntie is het nadrukkelijk niet de bedoeling een hele nieuwe 24/7 crisisdienst neer te zetten. Het gaat met name om het organiseren van een goedlopende keten. 5.6 Kwaliteit Inzet personeel De Opdrachtnemer zetten voldoende en geschikte professionals in die de ruimte krijgen voor opleiding, reflectie en deskundigheidsbevordering. De Consortia voldoen aan de eisen als gesteld in het Kwaliteitskader Jeugd van het Stichting Kwaliteitsregister Jeugd (SKJ) en passen de hierin opgenomen norm voor verantwoorde werktoedeling toe. De professionals die worden ingezet zijn BIG of SKJ geregistreerd. Kwaliteit dienstverlening Onderaannemers De Consortia dragen er zorg voor dat ook alle Onderaannemers te allen tijde voldoen aan de van toepassing zijnde wet- en regelgeving en overige kwaliteitseisen. De Consortia zijn daarbij als Hoofdaannemer te allen tijde verantwoordelijk voor de dienstverlening van hun Onderaannemers. Kwaliteitsmanagementsysteem De leden van de Consortia beschikken ieder over een kwaliteitssysteem. Op het niveau van het Consortium worden de relevante gegevens van de leden verzameld wat hen helpt om hun essentiële rol te vervullen, namelijk het leveren van hulp van hoge kwaliteit.
Op basis van het kwaliteitssysteem kunnen de Consortia de kwaliteit van hun dienstverlening monitoren en verbeteren. De Inschrijver dient te beschikken over een volledig geïntegreerd kwaliteitssysteem dat voldoet aan de ISO-9001: 2015 of daarvan afgeleide EN 15224 norm (ISO voor zorg en welzijn). Voor de gehandicaptenzorg is het kwaliteitssysteem gehandicaptenzorg toereikend. Inschrijver kan dit, indien daarnaar wordt gevraagd, aantonen via een certificaat. Voorbeelden van kwaliteitssystemen zijn: HKZ, PREZO, NIAZ, en NTPN of gelijkwaardig. Dit is geen limitatieve opsomming.
Gunningsleidraad Jeugdhulp regio’s IJmond en Zuid-Kennemerland perceel 1
23
Aanwezig in de directe leefomgeving Het is noodzakelijk ondersteuning te kunnen leveren in de directe omgeving van de Jeugdige. Bij ambulante hulp wordt over het algemeen al aan deze eis voldaan. Voor Dagbesteding beschikt het Consortium over één of meer locaties in de regio’s Zuid-Kennemerland en IJmond. Indien het Consortia hier niet aan kan voldoen op het moment van inschrijven, overhandigt hij bij Inschrijving een verklaring waarin staat dat het Consortia op het moment van gunning over één of meer locaties beschikt. Bedrijfsaansprakelijkheidsverzekering Opdrachtnemer beschikt over een adequate verzekering of voorziening voor bedrijfsaansprakelijkheid. Deze dient gedurende de gehele looptijd van de Overeenkomst geldig te zijn tot het tijdstip waarop de het Consortium aan al zijn verplichtingen met betrekking tot de Opdracht heeft voldaan. De verzekering dient een einddatum te kennen die gelegen is na het tijdstip waarop Opdrachtnemer aan al zijn verplichtingen met betrekking tot de Opdracht heeft voldaan. Met adequaat wordt bedoeld dat de Inschrijver in het bezit is van een bedrijfsaansprakelijkheidsverzekering met een minimale dekking van € 2.500.000 per schadegeval per jaar of dat Inschrijver onvoorwaardelijk bereid is bij gunning een dergelijke verzekering af te sluiten.
Indien Inschrijver niet aan deze eis van minimale dekking kan voldoen, dient hij aan te tonen waarom hij aan deze eis niet kan voldoen en dient hij gemotiveerd aan te tonen dat de dekking van zijn bedrijfsaansprakelijkheidsverzekering adequaat is ten opzichte van het betreffende risico. De aanbestedende dienst heeft de discretionaire bevoegdheid de onderbouwing te beoordelen en al dan niet te accepteren. Eisen aan de kwaliteit 38 Opdrachtnemer biedt alleen Effectieve jeugdhulp. 39 Opdrachtnemer werkt mee aan van toepassing zijnde inspecties door de daarvoor aangewezen organisaties en geeft opvolging aan aanbevelingen die hieruit naar voren komen. 40 De door het Consortium in te zetten medewerkers houden zich aan de Meldcode huiselijk geweld en Kindermishandeling en handelen hiernaar. Het Consortium bevordert de kennis over en het gebruik van de meldcode bij de in te zetten medewerkers. 41 De (behandel- en verblijf)locaties van het Consortium voldoen aan alle wettelijke (veiligheids)eisen. 42 Het Consortium verleent ondersteuning met inachtneming van de eisen die volgens de algemeen aanvaarde professionele standaard redelijkerwijs aan het Consortium mogen worden gesteld. De bij het Consortium in dienst zijnde medewerkers houden zich aan de voor hen geldende beroepscode.
Jeugdhulp zoals wordt ingekocht in deze inkoopprocedure wordt uitgevoerd door bevoegde medewerkers die over de juiste opleiding en registratie beschikken én de juiste kennis en ervaring hebben. 43 Opdrachtnemer zorgt ervoor dat de Jeugdige bij aanvang en tussentijds wordt geïnformeerd over de keuzevrijheid van welke jeugd- en gezinsprofessional wordt ingezet. 44 Alle Jeugdhulpaanbieders werkzaam voor het Consortium maken aan Jeugdigen kenbaar dat zij een beroep kunnen doen op het AKJ, de Geschillencommissie en onafhankelijke cliëntondersteuning en zorgen dat deze hun werk kunnen uitvoeren. 45 Alle Aanbieders werkzaam voor het Consortium hebben kennis van en handelen naar de uitgangspunten van het Kwaliteitskader voorkomen seksueel misbruik in de jeugdzorg. 46 Alle Aanbieders werkzaam voor het Consortium zijn aangesloten - of sluiten binnen een half jaar na aanvang van de Overeenkomst aan - bij de Verwijsindex Risicojongeren van onze regio’s.
Gunningsleidraad Jeugdhulp regio’s IJmond en Zuid-Kennemerland perceel 1
24
47
48
49 50
Elke Jeugdige aan wie Opdrachtnemer Jeugdhulp biedt, wordt indien er sprake is van een (redelijk) vermoeden dat de noodzakelijke condities voor een gezonde en veilige ontwikkeling van de Jeugdige worden bedreigd, gemeld in de Verwijsindex Risicojongeren. De rechten van de Jeugdigen in het kader van privacy en gegevensverwerkingen worden door Opdrachtnemer steeds geborgd. Opdrachtnemer zal steeds zorgdragen voor passende technische en organisatorische maatregelen om de persoonsgegevens te beveiligen tegen verlies of tegen enige vorm van onrechtmatige verwerking. Opdrachtnemer biedt jeugdhulp in de directe omgeving van de Jeugdige. Opdrachtnemer beschikt over een adequate verzekering of voorziening voor bedrijfsaansprakelijkheid met een minimale dekking van €2.500.000 per schadegeval per jaar of is bereid bij gunning een dergelijke verzekering af te sluiten.
Kwaliteit en medewerkers 51 Alle Aanbieders werkzaam voor het Consortium voldoen aan de eisen gesteld in het Kwaliteitskader Jeugd van het SKJ en passen de hierin opgenomen Norm voor Verantwoorde werktoedeling toe. 52 Voor de vakbekwaamheidseisen van een mbo-functionaris geldt dat deze functionaris altijd moet zijn ingeschreven als jeugd- en gezinsprofessional in het Registerplein. 53 De Opdrachtnemer heeft bij inschrijving en gedurende de uitvoering van de Opdracht een opleidingsplan op organisatieniveau beschikbaar en evalueert dit plan zo nodig minimaal eenmaal per jaar. Op verzoek van de Opdrachtgever levert de Opdrachtnemer het opleidingsplan per ommegaande aan. 54 Opdrachtnemer heeft een overzicht beschikbaar van de functie(s) en van het aantal uren van de in te zetten Jeugd- en gezinsprofessional(s), die gerelateerd is aan Jeugdhulp die wordt verleend. Het overzicht wordt door Opdrachtnemer bijgehouden gedurende de contractperiode. Op verzoek van Opdrachtgever levert Opdrachtnemer het overzicht per ommegaande aan. 55 De Opdrachtnemer is in het bezit van een VOG van personen die in hun Opdracht beroepsmatig, als stagiair of niet incidenteel als vrijwilliger in contact kunnen komen met Jeugdigen of ouders aan wie een kinderbeschermingsmaatregel of jeugdreclassering is opgelegd.
De Jeugdhulpaanbieder dient de verklaringen op eerste verzoek van de gemeente te kunnen overleggen. De VOG mag bij indiensttreding niet ouder zijn dan 3 maanden. Hiernaast geldt een vernieuwingsverplichting van de VOG na iedere 5 jaar. Deze regeling betreft werknemers in loondienst, stagiaires en vrijwilligers. Voor solistisch werkende hulpverleners geldt een vernieuwingsverplichting na iedere 3 jaar. 56 Personeel van de Opdrachtnemer is voldoende geschoold in het omgaan met onverwachte situaties en (mogelijke) agressie van Jeugdigen. Daarbij is in ieder geval aandacht voor scholing met betrekking tot het Besluit Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling en de Verwijsindex Risicojongeren. Opdrachtnemer overlegt op verzoek een opleidingsplan. 57 Medewerkers van Opdrachtnemer hebben respect voor de Jeugdige ongeacht afkomst, cultuur, religie en seksuele geaardheid dan wel andere persoonlijke voorkeuren of opvattingen. Opdrachtnemer staat ervoor in dat discriminatie van Jeugdigen en personeelsleden binnen de organisatie niet plaatsvindt. Dit geldt uiteraard ook bij de werving en selectie van nieuwe medewerkers. 58 De Opdrachtnemer voert personeelsbeleid waarbij tevredenheid, deskundigheid, ontwikkeling en ziekteverzuim aan de orde komen.
Gunningsleidraad Jeugdhulp regio’s IJmond en Zuid-Kennemerland perceel 1
25
5.7 Klachten Klachtenregelingen Het moet voor een Jeugdige met een klacht niet uitmaken tot wie hij of zij de klacht richt: de Jeugdige wil gehoord worden, serieus genomen worden en een behoorlijk antwoord krijgen. De Opdrachtnemer moet een regeling voor de behandeling van klachten hebben over de voor hen werkzame Aanbieders en personen die hulp verlenen. Ook moet de onafhankelijkheid van de beoordeling en afwikkeling van formele klachten zijn geborgd. Communicatie klachtenregelingen De gemeenten vinden het belangrijk dat de Jeugdigen en/of hun ouders direct bij aanvang van de hulpverlening goed, duidelijk en verifieerbaar geïnformeerd worden over de verschillende klachtmogelijkheden, de juiste route voor die klacht en het opvolgen daarvan. Integrale monitoring klachten Het Consortium draag zorg voor de centrale verzameling en monitoring van alle klachten (coördinatie) van alle voor het Consortium werkende Jeugdhulpaanbieders. De formele klachten komen samen bij het Consortium met als doel het vergroten van het lerend vermogen van de voor het Consortium werkende Aanbieders. De gemeenten willen het resultaat hiervan periodiek bespreken met het Consortium. Eisen aan de klachtenafhandeling in dit perceel 59 Het Consortium heeft een regeling voor de behandeling van klachten over de voor hen werkzame Aanbieders en personen die hulp verlenen.
60 Het Consortium heeft een cliëntenraad op basis van de WMCZ 2018. 61 Het Consortium informeert Jeugdigen en/of hun ouders direct bij aanvang van de hulpverlening goed, duidelijk en verifieerbaar over de verschillende klachtmogelijkheden, de juiste route voor die klacht en het opvolgen daarvan. 62 Het Consortium draag zorg voor de centrale verzameling en monitoring van alle klachten (coördinatie) van alle voor het Consortium werkende Jeugdhulpaanbieders. De gemeenten willen het resultaat hiervan periodiek, tijdens de kwartaalafspraken, bespreken met het Consortium. 63 Het Consortium beschikt over een vastgestelde klachten- en privacyregeling. In het geval sprake is van een formele klacht, wordt deze behandeld door een onafhankelijke klachtencommissie of klachtenfunctionaris. De Jeugdige heeft de mogelijk zich bij te laten staan door een vertrouwenspersoon. Alle klachten, inclusief de afwikkeling daarvan komen samen bij het Consortium. Het Consortium rapporteert hierover aan de gemeenten. 5.8 Bekostiging Strategisch partnerschap De tariefonderbouwing is toegevoegd als bijlage 3. Bekostiging van de te leveren zorg in perceel 1 volgt het principe van Strategisch partnerschap. Dat betekent een gezamenlijk oog voor de belangen van beide partijen. Dit leidt tot sturen op hoofdlijnen met reële budgetten, maar ook sturen op efficiency.
Uitgangpunt hiervoor is een lumpsumbudget per consortium. Systematiek Het lumpsumbudget omvat twee componenten:
•
Reguliere verlening van zorg (inclusief crisisbedden2)
2
Voor de crisisdienst (excl. Bedden) wordt een apart budget beschikbaar gesteld (zie bijlage bekostigingssystematiek) Gunningsleidraad Jeugdhulp regio’s IJmond en Zuid-Kennemerland perceel 1
26
•
Collectieve bekostiging onderwijs
Het lumpsumbudget wordt jaarlijks vastgesteld, voorafgaand aan het jaar waarop de bekostiging van toepassing is. Het lumpsum-budget is taakstellend en tevens vrijelijk te besteden door het Consortium ter uitvoering van de opgedragen taken. Dat betekent dat het Consortium wordt geacht alle gevraagde zorg te verlenen met het beschikbaar gestelde budget, maar wel vrijelijk budgetten kan verschuiven tussen de verschillende componenten en / of verschillende productgroepen. Jaarlijks wordt loon- en prijsindexering toegepast. Hiervoor hanteren we met ingang van 2023 de OVAindexatie. Dit betekent dat we jaarlijks het voorlopig OVA-percentage toepassen, dit wordt voor november gecommuniceerd. Eventuele verschillen tussen het voorlopige OVA-percentage en het definitieve OVA-percentage worden op het budget van het daaropvolgende jaar toegepast. Voor de omvang van de te leveren reguliere zorg wordt uitgegaan van het aantal verwachte cliënten per productgroep. Indien het gerealiseerde volume niet meer dan 3% (plus of min) afwijkt van het begrote volume waarop het jaarbudget is gerealiseerd, vindt in principe geen verrekening achteraf plaats3. Hierbij wordt gekeken naar het resultaat van alle productgroepen en componenten samen.
Binnen deze bandbreedte kan alleen in zeer specifieke (en substantiële) gevallen, gemotiveerd en onderbouwd, een beroep gedaan worden op extra benodigde middelen. In andere gevallen wordt het betreffende Consortium geacht zelf oplossingen te vinden voor de ontstane afwijking. Als gedurende het jaar het vermoeden ontstaat dat de prestaties buiten deze bandbreedte terecht gaan komen, wordt in onderling overleg tussen gemeenten en consortia afspraken gemaakt. Naast het lumpsum budget wordt ook een separaat budget gereserveerd voor de Crisisdienst. De verdeling van dit budget is afhankelijk van de uiteindelijke afspraken met één of meer Consortia over de uitvoering van de crisisdienst. De budgetten worden maandelijks overgemaakt aan het Consortium, per de 15e van de maand.
3
In het 3e contractjaar wordt geëvalueerd of het hierboven genoemde afwijkingspercentage voor alle partijen werkbaar is, of dat dit moet worden aangepast. Gunningsleidraad Jeugdhulp regio’s IJmond en Zuid-Kennemerland perceel 1
27
Vaststelling budget 2023 1. Het budget voor 2023 wordt gefaseerd vastgesteld: allereerst wordt een voorlopig startbudget per Consortium vastgesteld. Dit budget wordt bepaald op 106,83%4 van de werkelijke omzet van 20215 van het betreffende Consortium in perceel 1. De stijging heeft volledig betrekking op prijsindexering; met ontwikkelingen in 2021-2023 op het gebied van volume en efficiency wordt in het voorlopig startbudget geen rekening gehouden. Vervolgens vindt het proces van gunning plaats. 2. Na de gunningsfase (start implementatiefase) en wordt met de Opdrachtnemers overleg gestart. In deze fase wordt gezamenlijk bezien of aanpassing van het startbudget benodigd is, bijvoorbeeld als gevolg van: • • • • •
uitkomsten van de gunning (zoals het afvallen van andere Consortia); verschuivingen tussen componenten en/of productgroepen; beschikbare capaciteit; wenselijke verschuivingen tussen perceel 1 en perceel 2; andere effecten.
3. Tenslotte wordt, op basis van de uitkomsten van het overleg, een definitief budget voor 2023 vastgesteld. Budgetbepaling na 2023 Jaarlijks wordt vooraf overlegd met de Consortia over de benodigde omvang van dit lumpsumbudget voor levering van Jeugdhulp, rekening houdend met: • • • •
loon- en prijsindexering; verwachte omvang van de te leveren zorg; mogelijke efficiencyverbeteringen; ervaringen uit de afgelopen periode (bijvoorbeeld gerealiseerde winsten6 of verliezen) en risico’s.
Insteek is dat het budget reëel is, en de beoogde Opdracht er ook daadwerkelijk mee kan worden uitgevoerd. Naar verwachting zal de omvang van de te leveren zorg door de consortia na 2023 toenemen, omdat nieuwe Verwijzingen naar de deelnemende consortia zullen gaan. De zorg die vanuit het continuïteitsbeginsel nog via niet gecontracteerde Aanbieders wordt geleverd neem daarmee af. We houden er dus rekening mee dat een deel van de bestaande Verwijzingen vanuit het continuïteitsbeginsel op 1 januari 2023 nog verzorgd worden vanuit de huidige Jeugdhulpaanbieders. Jaarlijks zal met de Consortia een afspraak worden gemaakt op welke wijze de verwachte volumegroei kan worden opgevangen.
4
Gebaseerd op een indexering van 3% over 2021-2022, zijnde de indexering die de gemeenten toepassen, en 3,72% over 2022-2023 conform voorlopig OVA indexeringspercentage. 5 De omzet van 2021 is bepaald aan de hand van de beschikbare facturatie/declaratiegegevens uit de administraties van de gemeenten over de periode 2018-2021, waarbij de effecten van COVID (denk aan vraaguitval, inhaaleffecten en tijdelijke omzetgaranties) zo goed mogelijk uit de data gefilterd zijn. 6 Als er sprake is van substantiële winsten kan ervoor gekozen worden om het budget in het jaar daarna te verlagen tot onder het te verwachten niveau van een reëel kostendekkend budget, waardoor feitelijk sprake is van overheveling van beschikbaar budget van het ene jaar naar het andere jaar. Gunningsleidraad Jeugdhulp regio’s IJmond en Zuid-Kennemerland perceel 1
28
Na de start in 2023 wordt het voorlopig totaalbudget voor de jaren erna jaarlijks voor 31 mei bepaald, conform eerder genoemde uitgangspunten. Eisen ten aanzien van budgetverantwoording en overleg 64 Ieder kwartaal rapporteert het Consortium over gerealiseerde kosten en cliëntaantallen. 65 Indien resultaten boven of onder de bandbreedte van 3% dreigen uit te komen, wordt overleg opgestart om afspraken te maken. 66 Jaarlijks wordt, uiterlijk op 1 april van het daaropvolgende jaar, een voorlopig productieverslag door het bestuur van het Consortium opgeleverd. Dit productieverslag omvat tenminste een opgave van het aantal Jeugdigen aan wie binnen perceel 1 Jeugdhulp is geleverd (per product binnen perceel 1) en is per gemeente herleidbaar. 67 Jaarlijks wordt, uiterlijk op 1 juni van het daaropvolgende jaar, een definitieve jaarrekening van de aan het Consortium deelnemende partijen opgeleverd. De jaarrekening wordt inclusief een door een externe accountant verstrekte accountantsverklaring aangeleverd. 5.9 Sturing en monitoring Sturing en monitoring vindt plaats op twee niveaus: het eerste niveau is binnen het Consortium en het tweede niveau is op het geheel van Jeugdhulp. Voor het eerste niveau verwachten we dat het Consortium zelf trends analyseert, acties onderneemt en hierover rapporteert.
Doel van het eerste niveau is de (budgettaire en zorginhoudelijke) beheersing van de Jeugdhulp binnen het eigen Consortium. Het tweede niveau (sturing en monitoring op het geheel) staat onder Regie van de gemeenten. Het tweede niveau wordt gevuld op basis van het iJw-berichtenverkeer (Clientstromen), de dataset en wanneer van toepassing het iJw-berichtenverkeer van perceel 2. Van de Consortia verwachten we dat ze hieraan meewerken en lerend oefenen met data-analyse, casuïstiek en besprekingen om Jeugdhulp beheersbaar te houden en de transformatie vorm te geven. Het Consortium heeft immers - samen met de gemeenten en andere Consortia - de verantwoordelijkheid voor het geheel. Randvoorwaardelijk is dat ieder Consortium als één partij functioneert waar het monitoren, sturen en rapporteren betreft. Het Consortium streeft een gedegen, datagedreven en vooruitstrevende bedrijfsvoering na waar het sturing, monitoring en rapportering betreft. Registratie binnen het Consortium vindt plaats op basis van gezamenlijk afgestemde en gelijkluidende definities. Het Consortium heeft de beschikking over professionals met de juiste vaardigheden en kennis om goed te kunnen sturen, monitoren en rapporteren.
Consortia-overstijgende zaken worden vastgelegd in een centrale database onder Regie van de gemeenten, zodat data-analyse kan plaatsvinden en gezamenlijk kan worden gestuurd op het geheel van Jeugdhulp. In 2023 verwachten we van het Consortium dat ze het eerste niveau inrichten en operationaliseren. In 2023 zal onder Regie van de gemeenten en samen met de Consortia het ontwerp en inrichting op het tweede niveau worden opgezet. In 2024 is deze operationeel en participeren de Consortia mee op het tweede niveau. Eisen aan de bedrijfsvoering in dit perceel 68 Het Consortium zorgt ervoor dat de gegevens in de administratie(-systemen), tijdig, volledig en juist zijn en dat deze gegevens/data herleidbaar zijn naar de individuele gemeenten. 69 De operationalisering van de Consortium brede sturing, monitoring en rapportering is gereed op uiterlijk 31 december 2023. 70 Het Consortium beschikt uiterlijk op 1 juli 2023 over gekwalificeerd personeel om Gunningsleidraad Jeugdhulp regio’s IJmond en Zuid-Kennemerland perceel 1
29
71 72
73
(trend-)analyses en scenario’s te kunnen opstellen en beoordelen (denk hierbij aan strategen, informatieanalisten, datakwaliteit-professionals). Het Consortium beschikt uiterlijk op 1 juli 2023 over een systeem om de data te analyseren en te rapporteren (bijvoorbeeld Python, R, 6Gorilla’s, QlikView, Tableau). Het Consortium rapporteert tijdig over kritische personeelsontwikkelingen waar het consortium brede sturing, monitoring en rapportering betreft (denk hierbij aan strategen, informatieanalisten, datakwaliteit-professionals). Indien sprake is van Onderaannemers, draagt Opdrachtnemer alle verantwoordelijkheid hiervoor en zorgt daarnaast dat er tijdige en juiste aanlevering en aansluiting is.
De gemeenten willen samen met de Consortia met sturing en monitoring het volgende bereiken: 1. Cliëntstromen kunnen volgen. 2. Inzicht krijgen in kwaliteit en effectiviteit. 3. Sturen op beleidsontwikkeling van de effectiviteit van hulp en waar een doorontwikkeling op kwaliteit gewenst is. Om cliëntstromen te volgen, wordt het berichtenverkeer voor dit deel behouden; inzicht in kwaliteit en effectiviteit gaat via een periodieke dataset en voor het sturen op de beleidsontwikkeling wordt een werkwijze met het Consortium bepaald. Het Consortium is verantwoordelijk voor de duiding met onderbouwende en verklarende data; aan deze data leggen we vooralsnog geen eisen op, echter als deze data nodig is voor (consortia-overstijgende) analyses, zou hier een zekere uniformiteit gewenst kunnen zijn. Cliëntstromen Middels het iJw berichtenverkeer monitoren we gezamenlijk de volgende zaken: • Bereik: het aantal unieke Jeugdigen dat gebruik maakt van Jeugdhulp, onderverdeeld naar productgroepen per periode. • Instroom: het aantal unieke Jeugdigen waarvoor in een bepaalde periode de Jeugdhulp is gestart, onderverdeeld naar productgroepen. • Uitstroom: het aantal unieke Jeugdigen waarvoor in een bepaalde periode de Jeugdhulp is beëindigd, onderverdeeld naar productgroepen per periode.
Vooralsnog wordt dit gemeten door middel van (verzoek om) Toewijzings-, start- en stopberichten conform specificaties iJw. Het betreft de iJw-berichten voor verzoek om Toewijzing (iJw 315), Toewijzing (iJw 301), start zorg (iJw 305) en einde zorg (iJw 307) met bijbehorende retourberichten. De starten stop zorgberichten worden binnen vijf werkdagen na start en beëindiging verstuurd. De gemeente voert de Regie over de data komend uit het iJw berichtenverkeer en rapporteert hierover. Dataset Middels een vaste dataset met een vaste frequentie wordt budget, kwaliteit en effectiviteit gemonitord. Onderdelen van deze dataset zijn onder andere effect/doelrealisatie op geleverde hulp, cliëntervaring (waaronder cliënttevredenheid), klachten, wachttijden, duur verwijzing-intake, recidive en uitval. Na gunning zal onder regie van de gemeenten samen met de gegunde Consortia deze dataset voor 1 januari 2023 vorm gegeven in bindende KPI’s en rapporteringsvereisten.
Gunningsleidraad Jeugdhulp regio’s IJmond en Zuid-Kennemerland perceel 1
30
Eisen aan de monitoring in dit perceel 74 Een verzoek om toewijzing (iJW-315 bericht) wordt binnen 5 werkdagen na de Intake geregistreerd in het iJW berichtenverkeer, waarbij de AGB-code van de deelnemende organisaties van het Consortium gebruikt kan worden. Uitzondering hierbij is als er gebruik gemaakt wordt van Onderaannemers; er moet in dit geval geregistreerd worden met de AGB-code van één van de Onderaannemers; de termijn van 5 werkdagen geldt ook bij het gebruik van Onderaannemers. 75 Om duiding van data op geleverde Jeugdhulp mogelijk te maken, harmoniseert het Consortium van haar Aanbieders de cliëntregistratiesystemen. De Aanbieders die onderdeel uitmaken van het Consortium – evenals haar Onderaannemers – registreren de te leveren jeugdhulp op een uniforme werkwijze. 76 Met vaste frequentie levert het Consortium, een vaste dataset met betrekking tot budget, kwaliteit en effectiviteit aan. Deze dataset dient als basis voor de gezamenlijke monitoring, verantwoording en sturing en helpt bij de gespreksvoering en besluitvorming. Onderdelen van deze dataset zijn onder andere effect/doelrealisatie op geleverde hulp, cliëntervaring (waaronder cliënttevredenheid), klachten, wachttijden, duur verwijzing-intake, recidive en uitval. Afhankelijk van het onderwerp is dit maandelijks (waaronder wachttijden en duur verwijzing-intake) of eens in het kwartaal.
77 Het Consortium heeft inzicht in de ontwikkeling van de uitgaven in relatie tot het aan hen toegewezen budget, de ontwikkeling daarvan en zorgt voor tijdige bijsturing. Deze signalen en acties worden (vroeg-)tijdig gedeeld met gemeenten. De monitoring dient niet alleen ter verantwoording achteraf. Zij is ook bedoeld om tijdig problemen te signaleren, zo nodig bij te sturen en ervan te leren. Wij kiezen voor snelle feedback. Accountgesprekken vinden vier keer per jaar plaats met Opdrachtgever. Tijdens de implementatiefase is dit mogelijk frequenter. Met de accountgesprekken worden de KPI’s uit de dataset, de inhoud, de kwaliteit en de financiën/het budget besproken. Zo nodig worden de stakeholders hiervoor uitgenodigd. Stakeholders zijn bijvoorbeeld (maar niet limitatief) CJG, GI, Huisartsen, Onderwijs. Het te ontwikkelen gezamenlijk accounthouderschap van de gemeenten zal bijdragen aan een efficiënte werkwijze ten aanzien hiervan. De gemeenten zullen de Regie voeren over de sturing van het geheel van Jeugdhulp; de verantwoordelijkheid is gezamenlijk. Het Consortium participeert met gemeenten en andere Consortia hier als Strategisch partner en geeft duiding en verrijkt data-analyses. Het Consortium participeert daarnaast in overleggen over de inhoud en kwaliteit van de Jeugdhulp en welke maatregelen genomen dienen te worden.
Tot slot neemt het Consortium deel in overleggen met controllers om de werking van het stelsel te bespreken. Eisen aan de sturing in dit perceel 78 Ieder jaar stelt het Consortium samen met de andere Consortia en de gemeenten een ontwikkelplan op. Onderdeel van het jaarplan is een risicoparagraaf. Aan de hand van het ontwikkelplan en de risicoparagraaf wordt per consortium bindende afspraken gemaakt over de doorontwikkeling.
Gunningsleidraad Jeugdhulp regio’s IJmond en Zuid-Kennemerland perceel 1
31
6
Vervolgprocedure
6.1 De implementatie Een groot deel van wat ons te doen staat per 1 januari 2023 is uitgewerkt bij de inhoudelijk hoofdstukken. Na publicatie van de voorgenomen gunningsbeslissing start het implementatietraject. Daarin bespreken wij en maken wij afspraken over de volgende hoofdonderwerpen met de Consortia. Deze onderwerpen zijn ook aan de orde geweest in de dialoogfase. a) Scholen en Consortia geven samen per school invulling aan onderwijs en ondersteuningsbehoeften. b) De invulling van de crisisdienst en de samenwerking met perceel 2 op het gebied van crisis. c) Zorgcontinuïteit voor Cliënten van niet gecontracteerde partijen in 2023. Extra toelichting bij punt c) In het contract dat tot 1-1-2023 met de huidige gecontracteerde zorgaanbieders is gesloten staat dat zij tot een jaar na einde contract de zorg mogen continueren en/of afronden. De gemeenten maken in 2023 inzichtelijk welke zorg door niet gecontracteerde partners na 1-1-2024 gecontinueerd moet worden en maakt met de Consortia een plan hoe de zorgcontinuïteit op een goede manier te organiseren. d) De inrichting van een model voor monitoring, sturing en verantwoording. e) Bekostiging Extra toelichting bij punt e) Afhankelijk van de uitkomst van de gunning zal met de gegunde partijen gewerkt gaan worden aan de verdeling van het startbudget.
Daarbij geldt dat, wanneer er minder capaciteit in perceel 2 wordt ingezet en meer in perceel 1, dan nu bij de bepaling van het startbudget is ingeschat er een verschuiving binnen het totaal beschikbare startbudget plaatsvindt van perceel 2 naar perceel 1. Met betrekking tot het startbudget geldt dat er niet meer capaciteit in perceel 2 kan worden ingezet. Alleen minder. De wijze waarop vervolgens met het budgetplafond in perceel 2 wordt omgegaan is opgenomen in de gunningsleidraad van perceel 2. (zie ook bijlage bekostiging voor de omvang van het startbudget) f)
Doorontwikkeling van de Toegang tot Jeugdhulp
Extra toelichting bij punt f). Het is belangrijk een aanmeldtafel te ontwikkelen om daar waar een Consortium bijvoorbeeld twijfelt of zij het beste antwoord kunnen bieden op de hulpvraag, zij dit met andere Consortia en het CJG kunnen bespreken. De voorgenomen werkwijze staat geschetst in eis 17. Een ander aandachtspunt bij doorontwikkeling van de toegang, zijn hulpvragen die in eerste aanleg enkelvoudig lijken te zijn, en na afzienbare tijd toch moet worden gekwalificeerd als meervoudig. Dit ontstaat als er een verwijzing is afgegeven in perceel 2 en later blijkt deze niet past. Bij twijfel hoort sprake te zijn van verwijzen naar perceel 1. Dat is een belangrijk aandachtspunt in de ontwikkeling van de toegang en zou derhalve weinig voor moeten komen als deze regel goed wordt toegepast. We zijn echter een lerend stelsel, logische veronderstelling is dat in sommige gevallen tijdens een traject in perceel 2 blijkt dat toch perceel 1 passend is. De verwijzer is dan aan zet. De verwijzer kan in overleg met Consortia de casus voordragen voor de aanmeldtafel, waarbij de huidige behandelaar uit perceel 2 ook aan zou kunnen schuiven om gezamenlijk tot een oplossing te komen. Daarnaast kan aan de aanmeldtafel gesproken worden over andere vraagstukken die beter door Consortia gezamenlijk opgepakt kunnen worden, bijvoorbeeld ten behoeve van beheersing wachttijden.
Hoe dit te organiseren en goed te laten werken is een opgave van de gemeenten en Strategische partners gezamenlijk. Een verwijzer als de huisarts kan in haar verwijzing ook gebruik maken van het CJG zodat de best passende hulp voor jeugdige en ouders Gunningsleidraad Jeugdhulp regio’s IJmond en Zuid-Kennemerland perceel 1
32
snel en effectief ingezet wordt. Waardoor wordt voorkomen dat pas op een veel later moment blijkt dat de doorverwijzing van deze verwijzer niet passend was. 6.2 Ontwikkelagenda 2023 en verder Zoals eerder aangegeven is het niet mogelijk op 1 januari 2023 alle belangrijke zaken geregeld te hebben. Om invulling te geven aan de langere termijn in Strategisch partnerschap willen we graag al vanaf definitieve gunning gezamenlijk invulling geven aan een ontwikkelagenda 2023 en verder. Overleg daarover, het opstellen van de ontwikkelagenda en invulling geven aan de in de Regiovisie, de Verwervingstrategie en het Preselectiedocument, opgenomen doelstellingen is geen vrijblijvende taak voor de gemeenten en de Consortia. Met het doen van een inschrijving via deze gunningsleidraad conformeren de Inschrijvers zich nadrukkelijk aan het opstellen van de ontwikkelagenda en verplichten ze zich hieraan een substantiële bijdrage te leveren. De ontwikkelagenda is van de gemeenten en de Consortia samen en wordt daarom samen opgesteld. Met elkaar bespreken we de doelstellingen op deze onderwerpen, de ontwikkelrichting en welke partijen we dienen te betrekken voor een goed resultaat. Daarbij geldt dat er geen limiet is aan de zaken die via de ontwikkelagenda worden verbeterd.
Alles wat nodig is om te komen tot een daadwerkelijke stelselwijziging zoals bedoeld in de Regiovisie kan via de ontwikkelagenda aangepakt worden. We zullen via afgebakende praktijktoetsing en korte feedbackloops stappen zetten om te komen tot betere en passende Jeugdhulp. Onderwerpen die op de gezamenlijk op te stellen ontwikkelagenda een plek kunnen krijgen zijn (opsomming is niet limitatief): • • • • •
Onderwerpen uit de implementatiefase die nog verder uitgewerkt moeten worden; Bepaalde aspecten rond samenwerking met onderwijs zoals kinderopvang en BSO+ en collectieve bekostiging; Beter inrichten van de Toegang en het Voorveld (aansluitend op de start hiermee in de implementatiefase) en kijken naar in samenhang inzetten van preventieve middelen; Inzicht in cliëntervaringen en meten cliënttevredenheid; Zorginnovaties om gezamenlijk te komen tot een meer passende en resultaatgerichte zorg bijvoorbeeld in: - scheidingssituaties, - voor jeugdigen met eetstoornissen, - voor jonge kinderen met een ontwikkelingsachterstand, - voor kinderen met een licht verstandelijke beperking en gedragsproblematiek, - voor kinderen (en hun gezinnen) met ASS problematiek en voor gezinnen met Multi problematiek.
Gunningsleidraad Jeugdhulp regio’s IJmond en Zuid-Kennemerland perceel 1
33
7
Overige bepalingen
1. De regio’s behouden zich het recht voor te allen tijde de aanbestedingsprocedure geheel of gedeeltelijk te stoppen of op te schorten, zonder dat daartoe een verplichting ontstaat jegens de Aanbieders tot vergoeding van de kosten die zijn gemaakt om deel te nemen aan deze aanbestedingsprocedure. Voor dit risico kunnen de regio’s, zolang de Opdracht(en) nog niet formeel is (/zijn) gegund en de overeenkomst(en) is (/zijn) getekend, niet aansprakelijk worden gesteld. De Aanbieders zijn zich hiervan bewust en aanvaarden het feit dat zij meedoen aan deze aanbesteding voor eigen rekening en risico. 2. In het geval de regio’s besluiten de aanbesteding te staken, geldt de bezwaartermijn van twintig kalenderdagen. Ook hier geldt dat dit een vervaltermijn is. 3. De eventuele invulformulieren die u bij uw Inschrijving moet uploaden zijn beschikbaar gesteld via TenderNed. U mag de opmaak en vorm van de (digitale) documenten niet aanpassen. Vragen en antwoorden in de informatiefase kunnen tot gevolg hebben dat de regio’s een invulformulier wijzigen. De regio’s passen het versienummer dan aan. Let erop dat u, vlak voor u uw Inschrijving indient, controleert dat u de laatste versie van de formulieren gebruikt. Als u een verkeerd formulier gebruikt, dan kan dat ertoe leiden dat de regio’s u uitsluiten van verdere deelneming aan de procedure. 4.
De communicatie over deze aanbesteding verloopt uitsluitend digitaal via TenderNed. Indien u contact zoekt met leden van de regio’s voor informatie over deze aanbesteding, kunnen de regio’s u uitsluiten van deelname aan de aanbesteding. Het inwinnen van informatie kan uitsluitend op de in hoofdstuk 3 beschreven wijze. 5. De Inschrijving en alle verdere communicatie, met inbegrip van de communicatie die gedurende de looptijd van de overeenkomst vereist is, geschiedt in de Nederlandse taal. 6. Als uw Inschrijving een gebrek bevat, kunnen wij besluiten om het gebrek te laten herstellen. We nemen daarbij steeds de aanbestedingsrechtelijke beginselen in acht. We zijn op geen enkele manier verplicht om herstel van een gebrek toe te staan. 7. Door het doen van een Inschrijving verklaart u zich akkoord met alle eisen en voorwaarden genoemd in deze aanbesteding en alle daartoe behorende documenten. 8. Uw Inschrijving heeft een gestanddoeningstermijn van minimaal 90 dagen na de datum waarop de Inschrijvingen uiterlijk ingediend dienen te worden. Tijdens deze periode heeft uw Inschrijving het karakter van een onherroepelijk aanbod. U gaat er mee akkoord dat u de gestanddoeningstermijn van uw Inschrijving, in het geval een kort geding wordt aangespannen, verlengt tot minimaal twee weken na de datum van de uitspraak in het kort geding. 9.
Aanbieders die in de dialoogfase afvallen, ontvangen een onkostenvergoeding om hen tegemoet te komen in de kosten die ze gemaakt hebben om deel te nemen aan de dialoog. Hiervoor is een budget beschikbaar gesteld van maximaal €50.000 (excl. BTW). Dit budget zal evenredig worden verdeeld over alle afgevallen aanbieders na de dialoogfase, met een maximum van €25.000 per aanbieder.
Gunningsleidraad Jeugdhulp regio’s IJmond en Zuid-Kennemerland perceel 1
34