20220579256 Transcript raadsvergadering d.d. 14 juli 2022
Tekst van het document
En dan wil u dat de ambtenaren die al heel veel werk te doen hebben, dat die naar bezuinigingen gaan zoeken terwijl volgens mij je juist met zijn allen moet gaan kijken hoe we nog wat extra’s kunnen doen. Dus wilt u als enige helemaal de andere kant op en moet daarvoor het ambtelijk apparaat maar aan de slag? Of kunt u duiden die noodzaak tot bezuinigen? De heer Visser: Ik wil ons huiswerk op tijd doen. En als wij dus dit punt vinden waar we kunnen bezuinigen, dan hebben we ook extra geld over om extra noodzakelijke dingen te doen, bijvoorbeeld op het gebied van verduurzaming en op het gebied van mobiliteit, op het gebied van wonen, vul maar in. Juist in tijden dat het goed gaat moeten we ons huiswerk doen. En zeker nu we 2026 zien aankomen, dat ravijn waar anderen het net ook over hadden. Ik ga snel verder. De motie over de Waarderpolder die handhaaf ik. Laten we echt met een open vizier kijken naar wat er mogelijk is. En dan heb ik het bijvoorbeeld over wonen, maar ik heb het bijvoorbeeld ook over het depot van het Frans Hals Museum wat daar ook een mooie plek zou kunnen krijgen. Dan de motie over de duizendknoop. Ja, het college zegt: afwachten. Ik vind het echt bijzonder. Ambtenaren hebben ons in april verteld: er is 240 duizend euro nodig, keihard nodig. De coalitie reserveert 120 duizend en zegt nu: wacht u maar af, we gaan kijken wat er nodig is.
Ja, we weten al wat er nodig is. Er is het dubbele nodig. En snel, want anders dan loopt het bedrag alleen maar op. Dus dat voorstel handhaven we ook. En tenslotte, voorzitter, ik hou het daarbij. Dank u wel.
16
De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar BV Nederland, mijnheer Rademaker. De heer Rademaker: Ja, dank u wel, voorzitter. In de eerste termijn kreeg ik een interruptie van mijnheer Wiedemeijer over wat het standpunt van BVNL was met betrekking tot het bevriezen van de huurprijzen. Nou, ik denk dat dat voor de meeste mensen hier wel duidelijk is waarom die vraag aan mij werd gesteld. Even kijken. Voor links Nederland is de groep ondernemers die woningen in hun bezit hebben en deze verhuren de zondebok van deze wooncrisis geworden. Massale immigratie en de bouwstop door de niet-bestaande stikstofcrisis worden voor het gemak maar niet genoemd. Deze week kondigde gemeente Utrecht aan dat ze vanaf 1 augustus gedurende zes weken alle sociale huurwoningen die vrijkomen reserveren voor statushouders. De PvdA-wethouder hoopt zelfs dat dit een voorbeeld gaat zijn voor de andere gemeenten. Schrijnende verhalen van mensen die soms wel elf jaar moeten wachten op een sociale huurwoning maken blijkbaar niets meer uit. De oplossingen voor de wooncrisis zijn er echt wel. Oplossingen, om het in ieder geval wat makkelijker te maken.
Denk aan het toestaan van woningdelen, het aanpassen van bestemmingsplannen zodat bestaande bouw een extra verdieping mag toevoegen, het benutten van vakantiewoningen, het makkelijker maken van bedrijfsruimte, het makkelijker maken om een bedrijfsruimte te transformeren tot woning en ga zo maar door. We zullen de motie van Forum voor Democratie dan ook steunen en mede ondertekenen. Zo kunnen we het plan wat in de gemeente Utrecht wordt uitgevoerd proberen te voorkomen in Haarlem. Mocht de motie het niet halen, dan kunnen de Haarlemmers in ieder geval zien welke partijen er voor de Haarlemmers zijn en welke niet. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. U heeft nog een interruptie van mevrouw Van den Broek. Mevrouw Van den Broek: Ja, ontkent u nou het feit dat er een stikstofprobleem is? De heer Rademaker: Zeker. Mevrouw Van den Broek: Dan stel ik voor dat we samen een keer naar de duinen gaan, dan zal ik het even laten zien. De heer Rademaker: Dat lijkt me erg gezellig. De voorzitter: Goed. Dan tenslotte is het woord aan mevrouw Hartman. Mevrouw Hartman: Voorzitter, het woord van de bespreking van deze kadernota lijkt crisis te zijn. Een crisis is een zware noodsituatie waarbij het functioneren van een stelsel van welke aard dan ook ernstig verstoord raakt.
Tijdens de eerste termijn sprak ik net als vele andere fracties over de verschillende crisissen in Haarlem, dan al niet Nederland in zijn geheel, in verkeerd. Tijdens een crisis is het van belang dat men de prioriteiten op orde heeft, zodat het stelsel de mogelijkheid krijgt om te herstellen en de situatie niet verergert. Maandag stelde Jouw Haarlem ons een terechte vraag. Maar voordat wij onze eerste motie gaan presenteren wil ik er even dieper op ingaan en een realistische noot toevoegen aan de Haarlemse ambities en crisis. Haarlem is voor Nederlandse begrippen een middelgrote stad met iets meer dan 150 duizend inwoners. Op wereldniveau is dat verwaarloosbaar. Het lijkt er toch op dat gemeenteraadsleden uit het hele land vinden dat hun gemeente het schoolvoorbeeld moet worden van een gemeente die de wereld gaat beschermen tegen kwade krachten, terwijl het geen enkel effect zal hebben. Hoeveel mensen we ook zullen opvangen in West-Europa, de bevolkingsgroei ergens elders in deze wereld waar de mensen vandaan komen haalt het aantal vluchtelingen in. Op YouTube is dit mooi gedemonstreerd als de kauwgomballenanalogie. Ik raad u allen aan om dat even te bekijken. Het zou veel beter zijn als we ons richten op de zaken die hier in Haarlem spelen
17
voordat we überhaupt maar overwegen om de rest van de wereld te helpen. Denk bijvoorbeeld aan de woningnood. Tijdens een crisis is er geen plaats voor altruïsme. Haarlem is meer dan vol. Haarlem komt woningen tekort. Wellicht is er bij een deel van de Haarlemmers nog wel draagvlak om statushouders te huisvesten, maar er is geen draagkracht. We staan niet in een positie om anderen te helpen als we niet eens onze eigen burgers kunnen huisvesten. Wij zijn allen volksvertegenwoordigers van Haarlem en daarom is het onze plicht om Haarlemmers te helpen. Haarlemmers die bijdragen aan onder andere voorzieningen zoals sociale huurwoningen. We zijn gekozen door hen en zitten hier voor hen. We moeten ons niet genoodzaakt voelen om de hele wereld te willen helpen op het moment dat we onze enige plicht niet eens kunnen voldoen. Hierover hebben wij de motie ‘geen altruïsme zolang bestaande Haarlemmers niet kunnen wonen’ ingediend. U heeft allemaal de motie gelezen en daar blijkbaar vele meningen over gevormd, zoals blijkt uit de discussie van net. Om even tijd te besparen voor deze vergadering zal ik hem niet opnieuw gaan voorlezen. Maar ik wil wel mevrouw Çimen even beantwoorden op de vraag van net. D66 kan zich niet vinden in de spanningen die ontstaan door dit beleid.
Kan D66 zich serieus niet vinden in wat het doet met mensen die zo enorm lang staan te wachten om een huis te krijgen? En dat een nieuwkomer er eigenlijk zo in wordt geplaatst. Mag ik alsjeblieft mijn antwoord even afmaken? Dank u wel. We kunnen daar natuurlijk iets van vinden, maar het is toch enigszins een valide punt wanneer er gevoelens komen van achtergesteld worden omdat iemand anders voorrang krijgt. Wanneer er op deze manier over de statushouders dan gevoelens bestaan, dan kan zo’n persoon daar zelf ook hinder van ondervinden. Hinder die wanneer iemand anders als die ook maar netjes op de wachtlijst een tijd had gestaan mogelijk niet of minder zo wordt gevoeld. Het zijn natuurlijk niet de leuke kanten van het beleid en het is mogelijk een gevoelig punt. Maar kan mevrouw Çimen zich er oprecht niet in vinden dat mensen zich zo kunnen voelen? Of moeten ze vooral niet zeuren? De voorzitter: Mevrouw Çimen. Mevrouw Çimen: Ja, we gaan gezellig dit debat opnieuw doen. Kijk, dat mensen dit zo voelen dat begrijp ik. Dat Haarlemmers in Haarlem graag een woning willen voor zichzelf, een fatsoenlijke woning willen hebben voor zichzelf, die gun ik iedere Haarlemmer in deze stad. Daar vinden wij elkaar allebei. Wat ik zeg is dat u eigenlijk nu hier aangeeft in deze motie: beste statushouder, u heeft niet lang genoeg gewacht, u heeft niet genoeg ellende meegemaakt.
Terwijl ik dus zeg van: ja, ze zitten al gemiddeld vijf tot acht jaar in een procedure in AZC’s. Dus zij staan de facto ook op een wachtlijst, dat is wat ik daar tegenover zeg. En mijn betoog is: volgens mij moeten wij als politici mensen ook uitleggen dat de wereld complexer is dan dat en dat er soms inderdaad het heel vervelend is dat in deze gevallen statushouders heel veel langer moeten wachten, want daarom zitten ze ook nog in die AZC’s. Omdat gemeenten ook zoiets hebben van: ik heb ook nog mensen op de wachtlijst staan. En soms moet je daar een beetje in gaan schuiven, dus het is een beetje kiezen en delen. Dat is het enige wat ik hier nu zeg. En wat ik wel gewoon ingewikkeld vind is dat u dan aangeeft van: ja, u doet net alsof de Haarlemmer niet relevant is. Ik zeg alleen: volgens mij is het onze taak als volksvertegenwoordigers om het hele verhaal uit te leggen. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Hartman. Mevrouw Hartman: En het hele verhaal, we pleiten hier slechts voor gelijke behandeling, laat ik het daarop houden. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Visser, Partij van de Arbeid.
18
De heer Visser: Ja, dank u wel, voorzitter. Ik had een vraag voor mevrouw Hartman. Gezien de motie. Weet u hoeveel procent van de sociale huurwoningen die vorig jaar zijn toegewezen naar een statushouder zijn gegaan? Mevrouw Hartman: Ik weet dat het er 147 waren. Het percentage weet ik niet. De heer Visser: Op de hoeveel woningen? De voorzitter: Dat is bij de logica dwingt om te zeggen dat dat waarschijnlijk ook onbekend is. Want anders wist ze het percentage ook. De heer Visser: Mijn punt is: er wordt gedaan alsof er een enorm probleem is en alsof statushouders nu degenen zijn die ervoor zorgen dat Haarlemmers acht jaar op een wachtlijst moeten zitten. En als je de statushouders zou schrappen of dat je ze net zo lang laat wachten als iemand anders die op de wachtlijst staat, dat dat misschien wel enorm zal gaan schelen op de wachtlijst voor de Haarlemmer. En dat is natuurlijk helemaal niet zo. Het is 6,3 procent van de woningen zijn naar statushouders gegaan. Als dat naar mensen zou gaan die al daarvoor op de wachtlijst stonden, de Haarlemmers. Nu is de woningwet niet zo geregeld dat alleen die woningen van de woningsite naar wachtende Haarlemmers gaan, daar kan iedereen op reageren. Dan had het eigenlijk helemaal niet zoveel uitgemaakt. Dus het is een enorme symboolpolitiek om partijen tegenover elkaar te zetten. En volgens mij gaat dat helemaal niemand verder helpen.
De voorzitter: Mevrouw Hartman. Mevrouw Hartman: Net zoals het symboolpolitiek is om nu de andere kant heel erg te gaan vertegenwoordigen. Maar goed, ik ben ook tegen de polarisatie die hieruit ontstaat en ik wil ook oprecht dat op het moment dat een statushouder ergens in een wijk woont dat dat goed gaat. En dat er niet mensen zijn die toch om bepaalde redenen een bepaald gevoel hebben van afgunst, gewoon puur omdat iemand minder lang op die woning heeft gewacht. Kunt u dat begrijpen? De voorzitter: Mijnheer Visser. De heer Visser: Natuurlijk kan ik dat begrijpen. Ik heb zelf 8,5 jaar gewacht totdat ik een woning toegewezen kreeg, dus ik weet hoe vervelend het is. Ik denk alleen niet dat in die periode ik het net zo zwaar heb gehad als iemand die bijvoorbeeld voor oorlog vlucht en zijn familie en zijn sociale omgeving achterlaat. Dat denk ik eerlijk gezegd niet. En hoewel ik begrijp dat mensen bepaalde gevoelens hebben gaan we nu andersom rederneren. Want we moeten dus nu rekening houden met de mensen die bepaalde gevoelens kunnen krijgen. En daardoor iemand die daadwerkelijk uit de ellende komt dan maar geen voorrang moeten geven. Dat is eigenlijk wat u zegt. De voorzitter: Mevrouw Hartman. Mevrouw Hartman: Voorzitter, de Haarlemmers hebben recht op deze woningen. De Haarlemmer betaalt hiervoor door middel van een sociaal vangnet.
Ik neem aan dat zij gewoon, je mag toch wel gewoon verwachten dat je dan een woning krijgt. En natuurlijk is het zo dat op het moment dat die vluchtelingen er allemaal niet waren dat de woningnood niet bestond, dat pretendeer ik ook niet. Ik denk ook alsnog dat de oplossing ervan is om te bouwen, bouwen, bouwen. Maar wel ook vooral voor de Haarlemmer.
19
De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Barten. Mevrouw Barten: Ja, dank u wel. Ik heb het betoog van mevrouw Hartman geluisterd en ik heb er moeite mee en het doet me best wel pijn dat dit een geluid is wat we hier horen in de raad. U doet een oproep tegen solidariteit. En tegen solidariteit met mensen die moeten vluchten voor een oorlog. Wat ik me afvroeg is, u zegt dat wij niet in staat zouden zijn om anderen te helpen qua welvaart. Kunt u aangeven hoe rijk je moet zijn om in staat te zijn om iemand te helpen? De voorzitter: Mevrouw Hartman. Mevrouw Hartman: Voorzitter, hij doet het al. Voorzitter, dat is niet alleen een kwestie van geld hebben. We hebben gewoon te weinig woningen, dat is het probleem. Het gaat niet over hoeveel geld we hebben mogelijk als Nederland of iets dergelijks. We hebben gewoon in Haarlem gewoon al te weinig woningen om onze eigen burgers te gaan huisvesten. De voorzitter: Goed. Ja, u heeft nog iets nieuws toe te voegen in deze discussie, mijnheer Van den Raadt? Nou, gaat uw gang. Want dit is dus een interruptie … O, u heeft geen spreektijd. Twee seconden, dus ik ben benieuwd. De heer Van den Raadt: U krijgt nou heel veel over u heen, maar wat vindt u ervan dat het college mijn motie afkeurt om sociale statushouders een sociale huurklasse hoger te gaan doen, zodat die spreiding beter wordt? Maar dan zijn ze dan op tegen. De voorzitter: Dank u wel.
Dat was inderdaad een interruptie nog op mevrouw Hartman. Mevrouw Hartman. Mevrouw Hartman: Op zich vinden wij dat op het moment dat iemand netjes al de hele wachtlijst heeft gewacht, dat het niet meer uitmaakt in welke klasse sociale huur dat is. De voorzitter: Dank u wel. Daarmee zijn we aan het eind gekomen van de eerste termijn van de raad. Tweede termijn, ja inderdaad. Want we hebben al een hele vergadering gehad. We gaan naar de reactie, voor zover dat nog nodig is, van collegeleden. Dus we beginnen in dezelfde volgorde als net. Wethouder Roduner. Wethouder Roduner: Dank u wel, voorzitter. Ja, dank u wel, geachte leden van de raad, voor de 48 amendementen en moties. Dat is een paar jaar meer dan de verjaardagsleeftijd van wethouder Berkhout. Dus ik ben blij dat er een paar zijn ingetrokken, want dan komen we in ieder geval een stukje dichterbij. Het zou een mooi verjaardagscadeautje zijn, al weet volgens mij Van den Raadt met zijn toegevoegde lijst aan moties straks het feestje misschien wel te bederven. Vanuit het college in algemene zin misschien goed, het is een kort nieuw college, twee weken geïnstalleerd met een stevig coalitieakkoord om uit te voeren.
Ik denk: geef ons in algemene zin wat meer tijd om ook even op stoom te komen, met onze voorstellen te komen, te kijken hoe we bepaalde zaken die zijn besproken, zijn vastgelegd in het coalitieakkoord, daarmee aan de slag te gaan. Zoals het vergroenen van de stad, geef ons daar wat tijd voor. Ik denk dat dat in algemene zin ook wel een deel van onze reacties heeft gekleurd op uw moties. Het waren een hele hoop goede ideeën, maar ik denk dat het ook goed is dat we gewoon kijken welk werk er ligt, waar we ons geld aan gaan besteden, hoe we dat precies de komende tijd gaan doen. En dan komen we vanzelf met voorstellen uw kant op en dan kunnen we dan het gesprek aangaan of die nog wat extra’s nodig hebben of dat het realistisch is of dat het past ook bij de huidige capaciteitendiscussie. Nou, dat is denk ik een voorstel. Dan toch volgens mij een aantal dingen die we, nou, wel heel snel wel konden doen. Dus volgens mij richting OPHaarlem hebben we in ieder geval gelijk uw
20
motie kunnen beantwoorden over de OZB. Richting Partij voor de Dieren zeg ik: ja, die drijvende tuinen die hebben we al in Haarlem. Als wijkwethouder van het Rozenprieel kan ik zeggen dat, nou Wolfperron goed om even hier ook te benoemen, daar samen met het geheime groene roosgenootschap al een paar jaar geleden de bedrijventuin die het Spaarne heeft aangelegd. Dus dat lijkt me gelijk al, voordat uw motie is ingediend is die eigenlijk al uitgevoerd. Dan in de richting van mijnheer Van den Raadt zeg ik: nou, u vraagt om een onderzoek om te kijken of we een podcast moeten doen. Mijn voorstel zou zijn: laat ik het gewoon doen. En dan kunt u uw motie ook intrekken. Maar laten we gelijk die actie doen in plaats van nog eerst een onderzoek te gaan doen of het een verstandig idee is om te gaan doen. Volgens mij kunnen we een aantal van die tussenstappen ook wel overslaan. Dan nog een drietal moties waar ik op wil reageren. Ja, toch die hondenbelasting. De voorzitter: Mijnheer Drost. De heer Drost: Ja, die podcast. Ik vind het prachtig hoor wat erin staat, in de kadernota en in de begroting. Maar ik gun het u niet dat u een uur of acht lang een podcast gaat opnemen waarin u letterlijk de kadernota voorleest. Als voorbeeld, de IKEA doet het ook elk jaar met hun catalogus, met de prijzen enzovoort. Daar haak je ook na een goede drie minuten af.
Ik vind het best een goed idee hoor, maar het zal wel iets dynamischer mogen dan alleen dat u die kadernota letterlijk voorleest. Ik gun u meer. Wethouder Roduner: Dat komt wel goed. Al vind ik de IKEA-stem wel een stuk interessanter dan drie minuten om naar te luisteren. Die kan die Zweedse termen echt heel mooi uitspreken. Nee, volgens mij de kadernota zelf volgens daar zijn al leesprogramma’s voor om die volledig voor te lezen. Een podcast hoeft wat mij betreft geen acht uur te duren, dus dat gaan we wat dynamischer maken. En als u daar een mooi idee voor heeft, dan hoor ik dat graag. Dan toch die hondenbelasting. In eerste zin hebben wij gereageerd op de motie die er lag. En die verwees, in ieder geval uw motie, verwees terug naar de OZB om die te verhogen ter compensatie ervan. We hebben ook gereageerd op de motie van BVNL, die had dat niet. Daar hebben we een wat andere reactie op gegeven en die ga ik hier u dan ook geven. De hondenbelasting is een bijdrage van zo’n zes ton aan de algemene middelen. Uit die algemene middelen betalen we onder andere ook het onderhoud en het schoonhouden van de stad. ik denk dat het gerechtvaardigd is dat hondenbezitters daar een bijdrage aan leveren. De gebruiker en misschien wel de vervuiler betaalt is een goed principe. Dus ik denk vanuit dat oogpunt ook een hele verstandige belasting om te handhaven.
Het is ook een van de grootste ergernissen van onze Haarlemse inwoners. De voorzitter: Mevrouw Van den Broek. Mevrouw Van den Broek: Ja, de vervuiler betaalt. De vervuiler ruimt het zelf op, er is een algemene opruimplicht in Haarlem. Wethouder Roduner: Nou, dat klopt. Maar we moeten denk ik met elkaar toch constateren dat dat niet altijd gebeurt. Als ik in mijn wijk kijk, dan zie ik ook honden die graven bijvoorbeeld in de grond, in de openbare ruimte kuilen graven. Er was laatst weer een hele goede inzet van Spaarnelande om die kuilen te vullen, om daar weer nieuw graszaad in te strooien, daar nieuw bloemenzaad in te strooien. Ik denk dat dat goed is dat we, dus er is toch enige mate van schade, overlast aan de openbare ruimte. Het is goed dat daar ook hondenbezitters daarbij betalen. De heer Van den Raadt: Een punt van de orde, voorzitter.
21
De voorzitter: Een punt van de orde, mijnheer Van den Raadt. De heer Van den Raadt: Ja, dat klopt. Want er werd gezegd dat de motie van BVNL is, maar het is Trots Haarlem die sinds 2010 deze motie elk jaar indient, het afschaffen van de hondenbelasting. De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Roduner. Wethouder Roduner: Excuus, mijnheer Van den Raadt. Dat had ik moeten weten. Ik zal het vermelden in mijn podcast, we maken hem wat spannender. D66 heeft nog een vraag gesteld over wat nadere toelichtingen over het prioriteren. Kijk, in algemene zin denk ik dat wij als college gewoon scherp zullen kijken naar: wat ligt er op ons bordje vanuit het coalitieakkoord? Wat ligt er vanuit het bestaand beleid op ons bordje? En welke acties gaan we de komende periode doen? Dus ik denk dat het ook zou kunnen zijn dat dingen, dat we uiteindelijk besluiten dat dingen uit het coalitieakkoord voorrang hebben op andere zaken. Hoe we dat concreet gaan doen is eigenlijk in eerste stap dat we gezegd hebben met elkaar: nou, het IB, we zien vooral in het fysiek domein dat er heel veel werk op ons afkomt. Laten we nou het IB, de actualisatie van het IB bij de komende begroting gebruiken om te kijken welke projecten hebben prioriteit, welke willen we als eerste. Waar zien we eventueel ruimte om wat te schuiven.
Dus op die manier gaan wij in ieder geval in een deel van ons werk gewoon kijken van: wat kunnen we doen rond de zaken die we met elkaar, nou, gewoon gegeven de hoeveelheid geld, gegeven de hoeveelheid capaciteit. Waar kunnen wij voorrang in geven? Ik denk ook, we hebben ook een raadsjaaragenda elk jaar waarin we kijken van: welke acties gaan we dit jaar doen? Welke projecten, welke besluiten moeten we met elkaar nemen. Ik denk dat we dat ook gewoon zullen gebruiken als instrument om te kijken: hoe kunnen we sturen? Maar in algemene zin denk ik: wij zijn hartstikke gemotiveerd om het coalitieakkoord uit te voeren in deze vier jaar. We zullen daarbij allemaal scherp kijken van wat wanneer kan. En mocht daar nog bijzondere planning in zitten, wijzigingen in zitten, ik denk dat we dan op een gegeven moment daar ook het gesprek over aangaan. En wat ons betreft gaat het gesprek voor het eerst plaatsvinden bij de begroting. Nou, mocht het dan onvoldoende zijn dan zou mijn voorstel zijn dat we dat gesprek nog een keer voeren. En dan nog even in reactie op de motie van Forum. Ja, dat is ook een motie die Trots Haarlem dan, moet ik ook wel zeggen, al wel vaker heeft ingediend. En we ook al vaker vanuit het college hebben ontraden. Volgens mij hoeven we daar ook niet heel veel meer over te zeggen.
Laat ik alleen als wethouder wonen en als geboren Haarlemmer zeggen dat ik heel blij ben dat Haarlem een gasvrije stad is en dat het mij heel goed lijkt dat we dat ook in de toekomst blijven. De voorzitter: Dank u wel. Enkele opmerking van mij. In de eerste plaats de containerwoningen, richting van Jouw Haarlem. Wij hebben inderdaad gekozen voor containerwoningen, want het is onmiskenbaar het snelst. Het klopt dat die modulebouw een interessante manier van bouwen is, daar heeft u het al eerder over gehad. En dat is zeker de moeite waard, maar het zou ons hier niet brengen tot meer snelheid. En dat is waar het ons nu in ieder geval om gaat. Dus wij hebben ervoor gekozen om te zeggen: wij gebruiken deze snelle methode en voelen er niets voor om dat te gaan veranderen naar modulewoningen. De woningen zijn ook al besteld trouwens. Goed, dan in de richting van mevrouw Van Zetten. De heer Aynan: Voorzitter. De voorzitter: Mijnheer Aynan. De heer Aynan: Heeft u het überhaupt nagevraagd?
22
De voorzitter: Niet voor deze opdracht. We hebben wel bij diverse partijen gekeken van wat er op de markt te krijgen is en hoe snel dat geleverd kan worden et cetera. En we hebben gekozen voor degene die uit die uitvraag de beste poll positie had voor de gemeente. De heer Aynan: Dus u heeft niet expliciet uitvraag gedaan naar de realisatie van flexwoningen, modulebouw? De voorzitter: Wij hebben gevraagd naar flexwoningen, jazeker. Maar er zijn natuurlijk diverse partijen op de markt. En wij hebben gekozen voor een partij die ons snel en adequaat kon helpen. Er is op dit moment veel vraag, het kan best zijn dat er een andere partij is die we niet hebben benaderd. Maar we hebben diverse partijen benaderd en gekozen voor de beste oplossing. De heer Aynan: Dan nog een vraag, voorzitter, als het mag. Bent u bereid om de brief die u gestuurd heeft in de eerstvolgende commissie bestuur te bespreken? De voorzitter: Nee. Want dat is helemaal niet een kwestie van een brief sturen. Dat is een kwestie van rondbellen, informeren, wat is er beschikbaar, et cetera. Dus dat gaat niet op die manier lukken. De heer Aynan: Dat is niet wat ik bedoel. De brief die u naar de raad heeft gestuurd met de locaties voor de nota voor greeners, om die in de eerstvolgende commissie bestuur te behandelen. Dan kunnen we het hier namelijk over hebben.
De voorzitter: Dat is een zaak van het presidium in ieder geval. Ik neem aan, want hij is gestuurd door het college aan de raad en het is aan het presidium om hem te agenderen of niet. Dan in de richting van mevrouw Van Zetten, u vindt het een gotspe dat we in de weer zijn met een public affairs manager. Dat is uitgebreid aan de orde geweest in de laatste commissie bestuur. Daar was de conclusie van: het is eigenlijk ontzettend verstandig beleid om te investeren in iets wat meer opbrengt dan het kost. Dus zo gek was het volgens mij niet. En het is in ieder geval absoluut niet nieuw en het is ook niet een hobby van de burgemeester. Maar het is beleid van het college waar de commissie mee kon instemmen. Mevrouw Van Zetten. Mevrouw Van Zetten: Ja, voorzitter. Ik heb u helemaal niet om iets gevraagd. Het is mijn constatering dat een kerntaak van de gemeente, en dan noem ik bijvoorbeeld de balies maar ook de snelheid waarmee gebouwd kan worden omdat er te weinig ambtenaren zijn om dat te begeleiden, dat dat niet in verhouding staat met zo’n pretambtenaar die we in principe niet, dat hoort niet bij de kerntaak van de gemeente. En ik vind het belang dat wij als Hart voor Haarlem dat daar dan een keuze wordt gemaakt. En ik heb een beetje het idee dat dat uw hobby was, net zo goed als dat we naar New York moesten om New Harlem te ontdekken.
En ik denk dat je bij Burgerzaken je paspoort nauwelijks voor elkaar krijgt. Dus in die zin moet u die opmerkingen van ons geloven en verder, ja, ik ken uw antwoord al. Dat heeft u al toentertijd gegeven. De voorzitter: Ja, inderdaad, dus het was een beetje overbodig had ik ook al het idee. Goed, dan nog een opmerking in aanvulling op wat wethouder Roduner zegt, die gaat over de verdeling sociale woningen. Maar ik wil toch nog even iets zeggen over de motie van Forum, kort. Er wordt daar ten onrechte gesuggereerd dat wij allerlei verschillende groepen mensen hier huisvesten ten koste van woningzoekenden. Dat is nadrukkelijk niet het geval. Al die huisvestingsvormen die wij hebben gekozen, dat is ook al vaak uitgelegd en misschien moet ik het u ook nog een keer apart uitleggen, zijn vormen die niet ten koste gaan van woningzoekenden. De enige uitzondering, en dat is het eind van uw motie, dat gaat over statushouders. Statushouders worden op basis van de wet die alle gemeenten in Nederland verplicht om een gelijk percentage statushouders te huisvesten, dus dat betekent elke gemeente in Nederland, Haarlem, Utrecht, welke andere gemeente dan ook, die
23
moeten op basis van inwonertal een bepaald aantal statushouders huisvesten. Dat doen we in Haarlem contentieus. Dat betekent ook dat we helemaal geen aparte maatregelen hoeven te nemen met voorrangsregels, wat soms gebeurt. Wat we hier doen, dat is dat er inderdaad een aantal woningen specifiek hiervoor worden gereserveerd. En dat blijft een heel bescheiden percentage. Dat is net ook door mijnheer Visser gezegd. Misschien om u nog een beetje gerust te stellen, alle aantallen die net genoemd werden over woningen, dat gaat om mensen. Dus er zijn niet zoveel woningen gereserveerd, er zijn zoveel statushouders zijn er hier gehuisvest. En er wonen er ongeveer twee per woning meestal, dus dan is het aantal woningen nog eens een keer de helft van wat er hier over de tafel ging. Dus dat is dan weer een meevaller. En tenslotte zou ik zeggen: het woord altruïsme, ik weet niet waarom u daarvoor gekozen hebt. Dat betekent onbaatzuchtigheid. En eerlijk gezegd, dat betekent dat je iets zonder winstjacht doet. En nou, dat er sommige dingen in het leven zonder winstjacht gebeuren is eigenlijk misschien ook wel heel erg mooi in de samenleving. Goed, tot zover. Wethouder De Raadt. Wethouder De Raadt: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, een drietal partijen heeft vragen gesteld over de motie sporthallen combineren. Dus daar zal ik even mee beginnen.
Ja, richting de OPH, nou, ik ben het met u eens dat die PNH-hal die heeft echt gewoon vervelende en afwijkende maatvoering. Dus dat zijn we eens. En daarom hebben we in het begin en in de beginperiode dat we van plan waren om die turnhal dat die daar kon komen, toen hebben we ook gekeken van: is het mogelijk om beide hallen te combineren? Maar die integratie die is gewoon niet mogelijk, want dan krijg je gewoon een hele rare hal en die kan dan ook niet goed functioneren. En dat komt enerzijds door de specifieke eisen die een turnhal kent, maar eigenlijk voornamelijk omdat die PNH-hal, behalve die afwijkende maatvoering staat die ook nog eens een keer op pootjes. Dus hij staat op de eerste verdieping. En als je daar dan weer nog een hal tegenaan moet bouwen, ja, dat wordt constructief echt heel lastig is mij verteld. Lees kostbaar. En die kosten worden dan ook zo geschat op 15 tot 20 miljoen. En dat hebben we gewoon voor sport ook niet begroot. Tenminste, niet op deze plek. Dat hebben we namelijk hard nodig in Schalkwijk. Nou, o. De voorzitter: Mijnheer Smit. De heer Smit: Dank u wel. Mevrouw de wethouder, die 25 miljoen zou ik graag ook toch wel verder toegelicht willen zien. Maar u reageert nu anders dan op papier, wat inderdaad OPHaarlem voorstelt is om de PNH-hal inderdaad aan te passen. Want die gaat een aantal huurinkomsten missen als de turnhal er komt.
Er worden specifieke eisen gesteld op de turnhal, maar vervolgens wordt die ook heel veel gebruikt voor sporthal, want daarom trekt die een aantal mensen uit de PNH-hal. Die gaat dus verlies lijden. En door de bouw daar moet er per jaar zo’n 22,5 duizend euro, op dit moment tweejaarlijks 40 duizend, neergelegd worden voor een nieuw voorterrein voor de Honkbalwijk. Dat maakt de kosten ook hoog. Dus het blijft het verzoek om te kijken of bijvoorbeeld in een L-vorm met een aanpassing, natuurlijk niet met het slopen want dat vond ik een vervelende tekst van het college. Maar in een aanpassing tegelijkertijd van de PNH-hal, die hal te optimaliseren. Dan de andere hal er bijvoorbeeld kops op te zetten om te kijken wat je dan kunt. En dan weet ik dat er … De voorzitter: Mijnheer Smit, u bent door uw tijd heen. Ik heb u de zin af laten maken, maar volgens mij is het helder. Ja, ook net als u iets langer mochten doorpraten. Ja, precies net zo. Ja, echt serieus, zoek het maar na. Het is echt waar. Mevrouw De Raadt, wil u reageren? Mevrouw De Raadt: Ja, nou ja, kijk, volgens mij blijft staan wat ik net al heb gezegd. U gaf aan van: slopen dat hoeft van ons niet. Dus slopen en een grote nieuwe turnhal bouwen, dat was niet de bedoeling. U zegt: ik wil twee sporthallen combineren. En daarvan geef ik aan: die PNH-hal die staat dus op pootjes, die staat op de
24
eerste verdieping. En daar in een L-vorm nog een hal, dan hebben we eigenlijk twee zalen nodig om daartegenaan te bouwen, dat is onderzocht. Weliswaar grofmazig, maar dat is onderzocht. En dat wordt gewoon gezegd van: ja, dat is constructief heel erg lastig. En die kosten die lopen dan ook gewoon fors op. Dus dat moet u zich dan wel realiseren. En daarbij, ik denk dat is ook direct een antwoord op mevrouw Van Zetten, het is ook geen verdringing. Want er gaan wel wat huurders misschien uit de PNH-hal, vervolgens naar de turnhal toe. Maar we hebben eigenlijk beide hallen gewoon heel erg hard nodig. Want de druk op de binnensportaccommodaties is echt enorm, zowel hier als in Schalkwijk, waar we ook moeten gaan bouwen. Daarvoor hebben we natuurlijk weer de grond nodig en de ruimte nodig die de turnhal dan weer achterlaat. Dus er is absoluut geen sprake van verdringing, we hebben het gewoon allemaal hard nodig. En dit is gewoon de meest financieel meest voordelige manier. En dan nog als laatste denk ik richting de Actiepartij, want die stelde mij ook nog vragen. De voorzitter: U heeft nog een interruptie van mevrouw Van Zetten. Mevrouw Van Zetten: Kunnen we nu met de wethouder afspreken dat we dit nog eens even terugbrengen in een commissie om het nog een keer op een rijtje te zien? Want u overtuigt ons op deze manier niet nu in deze kadernota.
Ik denk dat het wel misschien handig is om het er nog een keer met elkaar over te hebben. Kunt u dat toezeggen? Wethouder De Raadt: Nou, we hebben het hier al een aantal keren met elkaar over gehad. Ikzelf alleen al in mijn functie als wethouder heb het hier al twee keer met de commissie samenleving over gehad en ook met de gehele raad. Wanneer u toen, u heeft toen ook vervolgens nog tweemaal krediet ter beschikking gesteld voor deze turnhal. Maar ook met mijn voorganger is dit al meermaals besproken. Dus volgens mij zijn we echt wel op dit moment al wat verder in het proces en hebben we al onderzocht wat jullie onderzocht willen hebben. En het is gewoon niet haalbaar. In ieder geval niet voor de financiële middelen die we op dit moment daarvoor hebben staan. Waar we wel mee terugkomen, waar ik wel mee terugkom naar de commissie samenleving, en dat is ook wat ik wil zeggen richting de Actiepartij. Want waar we het ook over eens zijn, dat is dat de verkeersveiligheid en de sociale veiligheid, die moet daar verbeterd worden. Het probleem, dat komt niet zo zeer door die turnhal, want dat probleem is er nu ook al. Maar dat moet verbeterd worden en daarom hebben we in de afgelopen maanden ook een extra onafhankelijk onderzoek laten uitvoeren.
Nou, die uitkomst daarvan is net bekend geworden, dat hebben we inmiddels ook gedeeld volgens mij deze week of afgelopen week met alle stakeholders. En uit dat onderzoek daar komt uit dat het kan en dat het past. Wel zegt het onderzoek: er zijn maatregelen nodig. Dus die gaan we nu verder uitwerken als college en daarmee komen we in het derde kwartaal terug naar de commissie samenleving. Volgens mij dit over de motie sporthallen. En dan heb ik nog een vraag staan van mevrouw Van Zetten over de Egelantier. Ja, de levering die is nu twee jaar opgeschoven. De regeling die vindt pas plaats na het verlenen van de omgevingsvergunning. En die omgevingsvergunning die wordt in het derde kwartaal van 2023 verwacht. En de koopovereenkomst, die is wel afgelopen voorjaar ondertekend. En de koper is dus nu het definitieve ontwerp aan het uitwerken en die doet dat in samenspraak met de buurt. Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Ja, mevrouw Van Zetten. Mevrouw Van Zetten: Maar er is dus geen vertraging ontstaan vanwege die omgevingsvergunning. Dat is niet vanwege gebrek aan personeel dat het allemaal langer gaat duren dan we hopen of hadden afgesproken, laat ik het zo zeggen.
25
Wethouder De Raadt: Nou ja, goed, u begrijpt denk ik, ik zit nu anderhalve week op deze portefeuille. Maar naar wat ik heb begrepen is er misschien wel een korte vertraging van enkele weken door corona ontstaan, maar liggen we gewoon nog op schema. En vindt de levering plaats na het verlenen van de omgevingsvergunning. Daar hebben ze dus een definitief ontwerp voor nodig en daar zijn ze nu hard mee aan de slag, samen met de buurt. De voorzitter: Goed, dank u wel. Wethouder Berkhout. Wethouder Berkhout: Dank u wel, voorzitter. Ik zal even kort een paar punten afgaan. Misschien nog eventjes kort wellicht ter verduidelijking in reactie op de vragen van mijnheer Wiedemeijer. Ja, nu ga ik de tijd nemen. Nee, het ging even over het plan van aanpak energiearmoede. Als daar het beeld is ontstaan alsof wij nu duimen zitten te draaien tot november dan zal ik dat toch even willen wegnemen. U heeft natuurlijk ook kunnen zien dat wij in mei nog naar u het plan van aanpak energiearmoede hebben gestuurd. En daar gaat het over de eerste regeling. Dat gaat dus puk, zo gezegd. Een miljoen hadden we daar over voor de witgoedregeling, de fiksbrigades, we zijn al aan de slag. Inmiddels is die gelukkig door het Rijk gevuld tot drie miljoen euro. Nou, en gelukkig is collega wethouder Loenen voortvarend aan de slag met de energietoeslag van Loenen.
Maar wat wij gaan doen in november is met de middelen uit het coalitieakkoord het overkoepelend plan aanpakken. Want we weten: het is ons menens als het gaat om de energiearmoede. Toch eventjes, er gebeurt zeker niet niks. En nu kunt u gaan. Ja, ik permitteer me dit toch op mijn verjaardag dit soort opmerkingen. Nee, ik zal eventjes … Dank. En even kort, wethouder Roduner zei het al: veel goede initiatieven op mijn nieuwe portefeuille voor groen en openbare ruimte. Maar geef mij, geef het college even de tijd om hiermee aan de slag te gaan. Ja, die urgentie is er. Ja, we doen ook niet niks. Het CDA zei het ook al. Maar hoe, we willen dit wel goed gaan doen met elkaar de komende jaren. En we hebben echt een groen najaar voor de boeg. En niet alleen met beleid, maar ook met de uitvoeringsprogramma’s. Want dat zijn ook precies de ingrediënten die ik hier voorbij zie komen. Maar hou ze aan, hou ze eventjes bij u, we komen ermee in gesprek. En we gaan ermee aan de slag, want dat is ook de insteek van het coalitieakkoord. Maar dat moet nog wel eventjes verwerkt worden door dit nieuwe college. Dan ga ik ook nog eventjes naar de twee moties, even kijken, deuren dicht en terrasverwarmers. Ja, ik was toch ook wel eventjes verbaasd, want wij zijn toch ook wel aan de slag met de terrasverwarmers.
Dus in uw eerste motie hebben we aangegeven: dit is al jaren een terugkerend onderwerp, ook voor de komst van de Partij voor de Dieren in de raad. Het is niet mogelijk om in een APV op te nemen. Maar dat betekent niet dat we niet niks doen. Zo hebben we ook samen met de ondernemers al twee jaar op rij ook in coronatijd gezegd: hoe kunnen we jullie nou helpen om een alternatief te realiseren? Dus dat zijn onder andere de warmtekussens. En ook de intentieovereenkomst met de Koninklijke Horeca om hier iets anders mee te gaan doen. Het college is ook voornemens dus om dit samen met ondernemers op te pakken, ook in het nieuwe convenant. In zoverre, ik kan bij uw aangepaste 23-motie pleit eigenlijk dus voor de lobby, dat is goed. Ik denk uw bullits die aangeven: ga dan tellen of ga dan monitoren. Dat zou het college toch wel zonde vinden van de schaarse capaciteit. De voorzitter: Interruptie van mijnheer Krouwels. De heer Krouwels: Wethouder, hoor ik u goed zeggen dat u ook meerdere partijen heeft dan de heat en seat kussens waar u potentieel subsidie op geeft voor de terrassen? Wethouder Berkhout: Nee, volgens mij doen we dit twee jaar op rij met heat en seat inderdaad. Maar daar zit ook een SROI-component aan. In ieder geval, daar hebben we u ook uitvoerig over meegenomen twee jaar op rij in deze coronatijd. Dus dat is de aanpak die het college voorstaat, samen met.
Omdat je dit niet kan verbieden, maar zo wel stappen kan zetten.
26
De voorzitter: Mevrouw Van den Broek. Mevrouw Van den Broek: Ja, we staan op zich ook wel positief tegenover die subsidie voor kussens. Maar het gaat er natuurlijk om dat je wel ook het effect sorteert. Dus je wil wel weten of daadwerkelijk dan het aantal terrasverwarmers ook afneemt. Dus daarom ook het verzoek om dat toch enigszins in kaart te brengen. Anders heeft het niet zoveel zin toch, als we het allebei hebben dan schieten we er nog niks mee op. Wethouder Berkhout: Nou, puur een ambtenaar inzetten om te gaan tellen heeft ook niet heel veel zin. Dus we willen toch wel met elkaar samen aan de slag. Er is een intentieovereenkomst met de partij die de horecaondernemers behartigt. Wij zijn ook uitvoerig in gesprek ook met de ondernemers. Ik ben ook langs geweest bij de ondernemers: hoe gaan we dit met elkaar doen? De stijgende energieprijzen gaan denk ik al wel helpen eerlijk gezegd om een keuze te maken. Maar als je het niet kan afdwingen en je gaat wel iemand inzetten om dan te zeggen: hoeveel heeft u er elke maand staan. Dat lijkt me niet de beste aanpak om dit op te gaan lossen. Mevrouw Van den Broek: Je kunt toch vragen aan de ondernemers op het moment dat ze subsidie aanvragen van: bent u ook voornemens om uw terrasverwarmer dan te verwijderen? Wethouder Berkhout: Wat we dus, het college dus bepleit een gezamenlijke aanpak zoals we die ook al doen.
Dus daarmee ontraden we deze motie om puur te gaan monitoren. En eerlijk gezegd is dat dus ook de aanpak in reactie op de open deuren. Ook daar overigens zijn er nog best wel veel ook daar praktische oplossingen die echt wel veel energie besparen. Het zijn ook die luchtgordijnen. Ik ben ook een aantal keer met de centrummanagers langs geweest bij de winkels, hoe pakken we dit aan. Maar ook hier is de aanpak samen met de ondernemers, we hebben 400 energiescans onder ondernemers uitgedeeld. Daar komt echt wel uit als iets energie kost. En hoe gaan we daarmee aan de slag? Dus dat is de aanpak die het college voor staat. Daar zit een geest van, want we zijn die terrasverwarmers moeten we vanaf. Dus die lobby, helemaal mee eens. Zolang we dat niet kunnen afdwingen willen we dat samen met doen en met energiescans, met convenant. Dat is de werkwijze die het college voorstaat. De voorzitter: Interruptie van mevrouw Verhoeff. Mevrouw Verhoeff: Ja, wethouder. U zegt net de energiescans dat ging dan over de open deuren. Is dat ook niet een vorm van monitoring? Is dat niet een andere wijze dan het puur tellen van monitoring mogelijk in uw optiek? Wethouder Berkhout: Nee, de energiescan, de gratis energiescan is eigenlijk gewoon een advies voor een ondernemer, die kan die aanvragen. Zodat eventjes wordt het pand doorgelicht of de onderneming en hij krijgt een advies.
En daar zou uit kunnen komen: dit kost best wel wat energie, u kunt dit doen. Maar dan gaan we niet als gemeente zeggen hoeveel heeft u er of iets dergelijks. Dus die monitoring denk ik niet, meer een advies van hoe kunt u het anders doen. Mevrouw Verhoeff: Voorzitter, mag ik nog even iets doorvragen? De voorzitter: Gaat uw gang. Mevrouw Verhoeff: Wat eigenlijk eronder ligt, onder de wijze waarop ik de vraag stelde, is met name: kijk, monitoring kan je zien als een ambtenaar die gaat tellen. Het kan ook op een andere manier. Het kan heel
27
open zijn door het gewoon te vragen van: goh, hoeveel had u er en hoeveel heeft u er nu? Een hele andere manier kan ook, omdat het toch al gesprekken zijn van: loopt het terug? Kortom, ziet u een optie of zou u daar eens over na willen denken? Wethouder Berkhout: Ja, in de puur technische variant van: gaan we dan turven hoeveel er staan, dat zou ik zonde van de schaarse capaciteit vinden. Dat we zeggen: hoeveel energiescans zijn er gebruikt, hebben we periodiek het gesprek met de ondernemers, kunnen we daar enigszins uit destilleren hoe dat gaat. Ja, dat lijkt me een goede werkwijze. Misschien is dat een praktische vertaling daarvan. Volgens mij waren dit eventjes de belangrijkste openstaande punten. Toch ook de motie 46 is nog voorbij gekomen. Volgens mij in de eerste termijn heeft mevrouw Van Zetten hier al aandacht voor gevraagd. De tijdelijke weg, als het gaat om de herinrichting van de Zuid-Schalkwijkerweg. Ook daar gezegd: wij komen na de zomer over het VO te spreken, het voorlopig ontwerp. Tot die tijd gebeurt er niks. Het is wel zo, er is volgens mij een inspreekavond of inloopavond geweest gisteren waar ook deze zorgen zijn geuit. En het alternatief die u aandraagt moet wel bewegend zijn, open kunnen. En dan kom je al echt in een behoorlijk fors bedrag.
Maar dus volgens mij is het beter om met elkaar eventjes aan de hand van het voorlopig ontwerp in de commissie beheer hierover te spreken. De voorzitter: Mevrouw Van Zetten. Mevrouw Van Zetten: Ik neem aan dat wij als stad in crisis en nood toch ook rekening houden met de CO2uitstoot die bepaalde projecten gaan kosten. De voorzitter: Dit was inderdaad een laatste vraag, want u hebt geen tijd meer. Mijnheer Berkhout. Wethouder Berkhout: Ja, en dat was mijn laatste punt. De voorzitter: Oké, mijnheer Aynan. De heer Aynan: Dank u wel. In de eerste termijn vroeg ik de wethouder wanneer de budgetoverschrijding van 7,5 ton voor de Schalkwijkerbrug bekend was. Wethouder Berkhout: Ja, klopt. Daar zal ik nog eventjes op terugkomen. Hier is wel de verklaring voor het benodigde budget. Kijk, we hebben het voorbereidingskrediet verleend in het najaar vorig jaar. Daar is ook aangegeven dat we de uitvoering ingingen. En daar is gebleken bij de uitvraag dat het bestaand budget is gestegen vanwege de stijgende prijs voor de staalplaten en de nutsomleggingen die nog niet nodig bleken een jaar eerder, maar nu toch wel bij de uitvraag nodig waren. De heer Aynan: De vraag, voorzitter, was: wanneer was het bij u bekend? Wethouder Berkhout: Daar heb ik geen precieze datum van. U kunt wellicht die eventjes schriftelijk stellen en dan kunnen we kijken wanneer we dat kunnen.
De uitvraag is op deze manier. Ja, dit is het antwoord wat ik u kan geven. De heer Aynan: Voorzitter, dat vraag ik niet voor niets. U doet regelmatig mededelingen in de commissie. En dan vind ik het raar om hier in deze kadernota plompverloren met 7,5 ton voor de Schalkwijkerbrug te komen. Daarom is het belangrijk om te weten wanneer. En die vraag heb ik in de eerste termijn gesteld. En dat had u gesierd als u nu het antwoord had kunnen geven.
28
De voorzitter: Waarvan akte. Dank. Wethouder Van Loenen. Wethouder Van Loenen: Ja, dank u, voorzitter. Even kijken, er is gevraagd door GroenLinks of we toch nog wat extra aandacht konden geven aan huiswerkbegeleiding voor de minima, voor de Haarlempas-houders. Nou, we kunnen natuurlijk niet hele adressenlijsten met Haarlempas-houders naar de scholen versturen. Dus dat zult u ook begrijpen. Ons idee is dat de scholen vrij goed zelf inzicht hebben in de leerlingen, de mentoren et cetera, de leerlingen die in hun klas zitten en wat hun situatie is. Maar wat we zouden kunnen doen is wel nog wat extra aandacht bij bijvoorbeeld de zelforganisaties genereren. Bijvoorbeeld via de Haarlemse verbinders, daar zit ook bijvoorbeeld Stichting Samen in, die ook al heel erg veel doen op dit vlak. Dus dat zouden we kunnen doen. En we zouden ook vanuit de gemeente nog een keer in de gesprekken met de scholen die we hebben, daar kunnen we ook nog wat extra aandacht aan besteden. Maar ik heb ook wel de indruk dat we al heel veel doen. En dan nog ten tweede en eigenlijk ook alweer tot slot. De opmerking van mijnheer Aynan over de 130 procent. Ik snap uw frustratie heel goed. Ik ben natuurlijk ook raadslid geweest, dus ik snap dat het dan lastig is dat er dan iets wordt ontraden terwijl we misschien dat wel vinden.
Ik weet niet of we dat vinden, maar wat ik vraag is eigenlijk: geef ons even de tijd om de boel uit te werken en te kijken wat kan er. En dan komen we zeker ook terug op deze variant. De heer Aynan: Voorzitter, het is absoluut geen frustratie maar passie en vechtlust. Wethouder Van Loenen: Het laatste verstond ik niet, sorry. De heer Aynan: Geen frustratie, maar passie en vechtlust. Dat is wat u zag. Wethouder Van Loenen: Precies. Nou, dat juich ik toe. Dus laten we in september daar de ambtenaren werken heel erg hard in de zomervakantie aan het stuk om te kijken van: wat kan er, wat kost het? En we kunnen het geld natuurlijk maar een keer uitgeven. En wat mijn collega Berkhout ook al zei: het is een korte termijn aanpak met het geld wat we in de energietoeslag kunnen verstrekken. Maar zeker minstens net zo belangrijk is: wat kunnen we nou op lange termijn betekenen voor de huishoudens in Haarlem? En hoe krijgen we dat energiegebruik gewoon naar beneden? Hoe pakken we dat energiearmoedeprobleem op lange termijn aan? De voorzitter: Mijnheer Aynan nog. De heer Aynan: Maar het zou u toch ook helpen als de raad een uitspraak zou doen? In ieder geval dat we het dit jaar al richting de 130 procent willen hebben. Wethouder Van Loenen: Nou ja, dat kost dus geld. En ik ga inderdaad gewoon dat scenario in beeld brengen en dan komen we gewoon daarover terug wat dat betekent.
Want ik zeg: we kunnen het geld een keer uitgeven. Je kunt de groep vergroten, je kunt het bedrag verhogen. Er zijn meerdere varianten. En ik neem uw variant ook mee. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar wethouder Van Leeuwen. Wethouder Van Leeuwen: Ja, voorzitter, dank u wel. Ik ga in op de aanvullende vragen die vandaag nog aan mij zijn gesteld. Ik begin bij de SP over hun motie 40, geld voor zorg naar zorg. Zij vragen mij: hoe gaat daar invulling aan gegeven worden? En dan beantwoord ik voor jeugd natuurlijk, want dat is mijn portefeuille. Daarover kan ik zeggen dat wij natuurlijk nu aan de gang gaan. Nou ja, laat ik beginnen, wij delen dat zorginstellingen er niet zijn om winst te maken. Dus een maximum opleggen aan die percentages dat is work
29
in progress. U weet, wij zijn in de fase van gunning van de jeugdzorg. Dus definitieve contracten worden na definitieve gunning opgesteld. En daar zijn we dus nu hard mee bezig om dit voor 2023 vast te leggen. Dus ik hoop dat daarmee recht wordt gedaan aan de behoefte van de SP. Dan ga ik in op de Actiepartij, het gratis ov. En dan ga ik even specifiek in over … De voorzitter: Ja, eens even kijken hoor. Mijnheer Kuin. De heer Kuin: Ik heb begrepen dat er over percentages wordt nagedacht of iets afgesproken. Wethouder Van Leeuwen: Er wordt vanuit de gemeente zeker over percentages gesproken. En die zou ik nu natuurlijk kunnen noemen. Tegelijkertijd moet het nog in die contracten worden weergegeven. Dus alles wat ik nu noem staat nog niet zwart op wit. Dus ik leg het dan liever vast als het vastligt in de contracten. Dus dat heeft u volgens mij ook technisch uitgevraagd, dus dan weet u wat we daar als richtpercentages hebben. Die kan ik ook nog een keertje voorlezen hoor, als u daar heel gelukkig van wordt. De heer Kuin: Ja, ik denk het wel. Wethouder Van Leeuwen: Nou, dan draag ik het voor uit eigen werk, of uit eigen ambtelijk werk. Ja, misschien kan mijnheer Roduner in de tussentijd de podcast opnemen. Dit ligt natuurlijk geheel aan de samenwerking in het college dat ik nog maar drie minuten had. Maar dit gaat om perceel 1 van de gunning.
Bij de jeugdzorg gaat dat om ongeveer drie procent waar wij naar streven, dus drie procent winst. En voor perceel 2 gaat het voor een bandbreedte van twee tot vijf procent. Maar zoals ik al zei: dat is een work in progress wat vastgelegd moet gaan worden in die contracten. Dan ga ik snel door, want ik heb hierna nog vijf seconden. Of het college heeft vijf seconden. Gratis ov. Ja, het college ziet … De voorzitter: Gaat u verder, mijnheer Van Leeuwen. Wethouder Van Leeuwen: Als de raad geen tijd gunt … De voorzitter: Nee, want de voorzitter bepaalt dat. Gaat u verder. Wethouder Van Leeuwen: Ja, gratis ov, motie 33. Ja, de vraag is: pleit voor een onderzoek in MRA-verband wat dat kan betekenen. Wij hebben gepréadviseerd dat wij bereid zijn om te pleiten voor een onderzoek wat gratis of goedkoper ov op bepaalde tijden of voor bepaalde doelgroepen kan doen. Nou, als u dat als raad wil dat ik daarvoor pleit, neemt u dan de motie aan. Zegt u: daar geloven wij echt niet in. Want gratis ov, ja, dat wordt ook iets waardeloos, et cetera. Nou, doe het dan vooral niet. Trots Haarlem, motie 48, sociaal progressief en diversiteit gaan hand in hand met draagvlak. Nou, daar heeft het college een bijzonder duidelijke opdracht gekregen van het coalitieakkoord en daar komen wij in het najaar met een voorstel naar u toe. Dus dat is mijn hele korte reactie daarop.
En daarmee ben ik aan alle nieuwe vragen toegekomen, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dat is een mooi moment om deze vergadering te schorsen. Mevrouw Çimen. Mevrouw Çimen: Ja, voordat we gaan schorsen en dan ook de fracties kunnen gaan beraadslagen over de laatste set met moties en amendementen. Wij hadden nog een vraag gesteld over motie 9, over prioriteren om tot actie over te gaan. Wij hebben de wethouder gehoord en er wordt al een eerste stap gezet richting de begroting met het coalitieakkoord verwerken en het IB opnieuw bekijken. Nou, wij kijken daar als fractie naar
30
uit. D66 blijft de prioritering wel een aandachtspunt vinden, maar we houden daarom voor nu de motie aan en beoordelen dit dan opnieuw bij de begrotingsbehandeling in november. Dus dat is nummer 9. De voorzitter: Dank u wel, dat helpt. En ondertussen heb ik begrepen dat de verloren moties van Trots alsnog terecht zijn. Dus als u nog tijd over hebt, dan kunt u die nog even lezen. Ik schors de vergadering en ik stel voor indicatief, maar dat wij toch uiterlijk half negen weer verdergaan. Wat zei je? De heer …: We kunnen de stemming toch ook gewoon numeriek doen om het een beetje volgbaar te houden? Want ik snap dat jullie nu aan het uitzoeken zijn wat een motie en amendement is. De voorzitter: Ja, ik heropen de vergadering. Wij zijn nu toe aan besluitvorming. En voor ligt de kadernota, daar zijn een aantal amendementen op ingediend, vijf. Normaal gesproken is de gang van zaken dat we eerst de amendementen doen, dan de kadernota, dan de moties. Maar ik weet dat sommigen van u altijd graag de moties ook meteen meenemen. Mijnheer Aynan. De heer Aynan: Ja, voorzitter. Mag ik nog even een kleine mededeling doen over ons … De voorzitter: Ik kom zo nog even bij u langs om te vragen of er nog dingen veranderd zijn. Zodat we de besluitvorming zo goed mogelijk dan kunnen doen. Maar eerst eventjes de vraag of we eerst de amendementen doen, dan de kadernota.
Of dat u de moties ook vooraf wil doen. Ja, zullen we ze dan gewoon op volgorde doen? Want dat is misschien wel het allermakkelijkst. Ja, oké. Dan is dat een eerste afspraak. Voordat we dan overgaan tot de stemmingen wil ik eerst even inventariseren of de schorsing mogelijk nog wijzigingen met zich meebrengt. Mevrouw Van den Broek. Mevrouw Van den Broek: Ja, we hebben het dictum een klein beetje aangepast ten aanzien van de terrasverwarmers. We hadden gevraagd in het dictum om een telling. O, sorry. 22, 23. 23, sorry. We hebben nu de tweede bullit hebben we gezegd: het gebruik van terrasverwarmers in Haarlem verder te ontmoedigen en het effect hiervan jaarlijks te monitoren. Dus er hoeft geen ambtenaar op pad om te gaan tellen. Maar we willen wel weten wat het effect levert van alle duurzame aanmoediging. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Aynan. De heer Aynan: Voorzitter, we hebben de wethouder gehoord over de 130 procent-motie van ons. Ja, en we hebben ook gehoord dat ze in september met voorstellen komt die gaan over extra maatregelen die Haarlem neemt om armoede tegen te gaan. En daar zal dan ook ons idee bij horen. En tot dat moment zullen we de motie ook aanhouden. 42, bingo. De voorzitter: Dank u wel. De heer Aynan: En voorzitter, de andere moties, dat gaat over het meer ecologisch beheer. Ja, voorzitter, er wordt nu echt gewoon teveel onnodig kapot gemaaid.
En waarom wachten tot het najaar? De voorzitter: Een moment. Als u hem niet intrekt, dan is dit niet het moment om nu nog weer beschouwingen te geven. De heer Aynan: Het is geen beschouwing, het is meer een verklaring waarom we hem aanhouden. De voorzitter: Ja, waarom u hem laat staan. Maar dat hoeft u niet uit te leggen.
31
De heer Aynan: Nu neig ik wel naar frustratie, voorzitter. De voorzitter: Ja, dat snap ik. Maar wil u hem intrekken, dan kunt u het aangeven. En anders dan stel ik voor dat we verdergaan. Mijnheer Drost. De heer Drost: Ja, dank u, voorzitter. Ja, het volgende getal is getal nummer 17. Getal 17 is de huiswerkbegeleiding. We hebben een aantal openingen gehoord van de wethouder, toezeggingen om dat onder andere via de zelforganisatie te doen. Ik denk dat het goed is om dit onderwerp ook verder met de schoolbesturen te bespreken, ook in de commissie samenleving. Dus voor nu willen we de motie intrekken. De voorzitter: Dank u wel. En dan mijnheer Kuin. De heer Kuin: Motie nummer 40. Geld voor zorg naar zorg. Die trekken wij in. De wethouder heeft een duidelijke uitspraak gedaan over winstmaximalisatie. Daar zijn we zeer blij mee, dank daarvoor. Motie 40. De voorzitter: Goed, dank u wel. Mevrouw Van Zetten. Mevrouw Van Zetten: Ja, Hart voor Haarlem en OPHaarlem houden de motie ‘maak van twee sporthallen een’ aan. We willen toch het laten terugkomen in de commissie of om het in ieder geval toch nog een keer te bespreken, ook in het licht van de duurzaamheid. De voorzitter: Motie 7 die komt nu niet aan de orde. Mevrouw Van Zetten: Nee, we houden hem aan. Dus we trekken hem niet terug. De voorzitter: Goed, dank u wel. Dat waren de wijzigingen.
Dan gaan we de andere moties die nog staan en amendementen gaan we langs en dan gaan we kijken hoe uw raad besluit. Dan beginnen we met nummer 1, dat is de motie fietspaden veiliger door volledige bebording. Heeft iemand daarover een stemverklaring? U kan geen stemverklaring geven over uw eigen motie. Dan, o, mijnheer Van den Raadt heeft nog een stemverklaring. De heer Van den Raadt: Ja, klopt voorzitter. Ik ben graag aan het woord, dank u wel. We gaan tegen stemmen, voorzitter, want dat wil u altijd als eerste horen. Er staan al genoeg borden die worden genegeerd en daar wordt ook niet op gehandhaafd. En misschien dat daarom nu de meeste slachtoffers onder de fietsers vallen qua dodelijke. De voorzitter: Dank u wel, dan gaan we stemmen. Wie is voor de motie? Dat is OPHaarlem, Forum voor Democratie en de VVD. Dat is niet genoeg, de motie is verworpen. Dan gaan we naar motie nummer 2, fruitbomen en struiken hebben een meerwaarde in de stad. Stemverklaring? Ja, mevrouw Barten. Mevrouw Barten: Ja, een stemverklaring waarbij ik gelijk ook de moties 21 en 24, 25 en 27 wil meenemen. Een verklaring voor allemaal tegelijk, als dat mag. Nee, oké. De voorzitter: Ik vind het uitstekend als u zegt: dat geldt ook voor de andere. Mevrouw Barten: Precies, ja.
GroenLinks is net als eerder genoemd door de Partij voor de Dieren overtuigd door het enorme gevoel van urgentie voor de klimaat- en de biodiversiteitscrisis. En in het coalitieakkoord hebben we dan ook vol ingezet op vergroening en verduurzaming. Liever vandaag dan morgen willen we
32
beginnen met het planten van meer fruitbomen, maar ook vergroenen van pleinen, de mogelijkheid van een drijvende tuin onderzoeken, klimplanten tegen de muren, et cetera. Dit zijn naar ons idee wel typisch zaken die besproken gaan worden in de commissie beheer, wanneer het gaat over grondbeleid, boombeleid en maaibeleid. En wij vinden dat het een moment is om verschillende maatregelen … Excuus. De voorzitter: Mevrouw Barten, ik wijs u er wel op, dit zijn stemverklaringen en dat is altijd heel kort. Het is een heel kort aangeven: wij zijn voor omdat, of wij zijn tegen omdat. Dus dit wordt wel heel erg lang. Mevrouw Barten: Ik zal hem heel kort afronden. Wij denken op die manier effectiever te kunnen zijn en daarom zullen we deze motie niet steunen. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we over tot stemming. O nee, mijnheer Van den Raadt, ja. De heer Van den Raadt: Ik ga bij alles wat zeggen bijna, voorzitter. Bereid u voor. 5.
Besluitvorming Kadernota 2023 en Voortgangsrapportage 2022
*** Ingediende amendementen en moties De voorzitter: Dank u wel dan gaan we stemmen. Wie is voor de motie? Dat is OPHaarlem, Forum voor Democratie en de VVD. Dat is niet genoeg, motie is verworpen. Dan gaan we naar motie 2, fruitbomen en struiken hebben een meerwaarde in de stad, stemverklaring? Ja mevrouw Barten. Mevrouw Barten: Ja een stemverklaring waarbij ik gelijk ook de moties 21, 24, 25 en 27 wil meenemen, een verklaring voor allemaal tegelijk als dat mag? Nee oké, nou dan richt ik het op deze motie. De voorzitter: Nou ik vind het uitstekend als u zegt dat geldt ook voor de andere. Mevrouw Barten: Precies ja. GroenLinks is net als eerder genoemd door de Partij voor de Dieren overtuigd van het enorme gevoel van urgentie voor de klimaat- en de biodiversiteitscrisis. In het coalitieakkoord hebben we dan ook vol ingezet op vergroening en verduurzaming. Liever vandaag dan morgen willen we beginnen met het planten van meer fruitbomen, maar ook vergroenen van pleinen, mogelijkheid van drijvende tuinen onderzoeken, klimplanten tegen de muren et cetera. Dit zijn naar ons idee wel typisch zaken die besproken gaan worden in de commissie Beheer, wanneer het gaat om grondbeleid, boombeleid en maaibeleid.