20210588923 08. Bijlage 6.1 Bouwhistorisch onderzoek MAB
Tekst van het document
De Lange Wijngaardstraat 16 en 14 gezien naar het noorden in 1951. De Verkeerspolitie heeft dan getuige het bordje naast de linker deur reeds zijn intrek in het pand genomen. De gele pijl wijst naar het stallings- en werkplaatsgebouw van de politie. NL-HlmNHA_54034334
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 38
Zicht in de Lange Wijngaardstraat naar het zuidwesten in 1958. Het busje staat voor het onderzochte pand, waar dan volgens een uithangbordje de Verkeerspolitie is gehuisvest. Op de voorgrond rechts is de stalling van de politie deels zichtbaar. NL-HlmNHA_54032671
Lange Wijngaardstraat 8-14. De nrs. 8-12 op de voorgrond dienden als werkplaats en stalling voor de verkeerspolitie. Foto G.J. Dukker, okt 1967. Beeldbank RCE nr. 114.271
Zicht in de Lange Wijngaardstraat naar het zuidwesten in 1970. Rechts de hoge gevel van het onderzochte pand, waar dan volgens een uithangbordje nog altijd de Verkeerspolitie is gehuisvest. NL-HlmNHA_54032821
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 39
De pui van Lange Wijngaardstraat 16 (café Plok) met rechts op de achtergrond de linker hoek van Lange Wijngaardstraat 14. Foto E.J. Meertens 1981 NLHlmNHA_54011570
Lange Wijngaardstraat 16 en het inmiddels al enige jaren gekraakte Lange Wijngaardstraat 14. Foto Jos Fielmich 8-12-2004 NL-HlmNHA_JosF20041208_283
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 40
In de loop van de jaren 70 verhuist de politie naar een andere locatie. Een kans op sloop of herbestemming is verkeken als zich in het gebouw krakers vestigen. De krakers weten zich sindsdien te handhaven en proberen meerdere malen om het pand te verwerven. Begin jaren 90 worden de achterbouwen met onder meer de voormalige mikwe achter het rechter deel van het pand gesloopt ten behoeve van de bouw van een parkeerkelder. Het pand krijgt het nieuwe kadastrale nummer C 4670. In 1994 worden de nieuwe grenzen van de achterven vastgesteld. C 4670 wordt dan gewijzigd in perceel C 7157. Verwaarlozing is sindsdien onontkoombaar gebleken, de bewoners komen en gaan en met name in de voormalige secretarie en vroegere school zijn door de bewoners overigens meestal reversibele ingrepen gedaan, zoals videconstructies met trappen.
Kadastrale hulpkaart 1994. Bij het nieuw genummerde perceel C 4670 is in rood de nieuwe perceelsgrens aan de achterzijde getekend. Digitaal archief Kadaster.
Kadastrale hulpkaart 1991. Bij het nieuw genummerde perceel C 4670 is in blauwe lijnen de contour van de toen gesloopte achterbouwen aangeduid. In rood de nieuwe gevel. Digitaal archief Kadaster.
Een in de grote voorzaal gedurende de krakersperiode aangebrachte wand en balklaag.
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 41
3.5 JOODSE GEMEENTE IN HAARLEM 10 Sprake van Joods leven in Haarlem was er al – zij het sporadisch – vanaf de Middeleeuwen. Van de eerste echte Joodse vestiging is eigenlijk pas sprake vanaf 1605, toen de Sefardische Abraham en Isaac Franco zich tot het stadsbestuur wendden met de vraag of hun familie in Haarlem mocht wonen en daar hun godsdienst mochten belijden. Ze kregen toestemming, er mocht een ritueel slachter worden aangesteld en een eigen begraafplaats worden ingericht. Een eeuw later, in 1705, kreeg de Asjkenazische Isaac Israëls het poorterschap. Hij en zijn gezin vormde het eerste bekende Joodse gezin in Haarlem. In 1742 kwam er een Joodse school in Haarlem, geopend door Samson Abrahams uit Hamburg. In 1756 werd de eerste synagoge van Haarlem gewijd, dit door de schoonzoon van Isaac Israëls, Israël Isaacs. Deze synagoge stond in de Zoetestraat en was niet meer dan een ruimte voor godsdienstvieringen in een woonhuis. Een echte synagoge werd geopend in 1765 aan de Begijnhof – aan de kant van het Goudsmitspleintje. Deze synagoge – de bovenverdieping van een woonhuis – deed dienst van 1765 tot 1840. In 1780 kreeg de Joodse gemeenschap in Haarlem de beschikking over een begraafplaats – aan het Bolwerk.
Deze begraafplaats bleef in gebruik tot 1833 en bestond tot 1960, toen werd de begraafplaats volgens de geldende voorschriften geruimd en de stoffelijke overschotten werden herbegraven op de Joodse begraafplaats aan de Amsterdamse Vaart. In de periode tussen 1832 en 1915 werden Joodse overledenen begraven op een gedeelte van de Algemene
Begraafplaats aan de Kleverlaan in Haarlem. In 1877 werd de aparte Joodse Begraafplaats aan de Amsterdamse Vaart in gebruik genomen. In 1766 werd door het bestuur van Haarlem Simon Boas aangesteld om de Joodse gemeente in Haarlem te organiseren. Hij mocht de parnassijns, bestuurders van de synagoge, benoemen en ook de armenzorg opzetten. De armenzorg is tijdenlang vanuit de “kerken” georganiseerd geweest. Er was dus Katholieke armenzorg, Hervormde armenzorg, Gereformeerde armenzorg en dus ook Joodse armenzorg. Boas was met dit werk bezig tot 1774. Hij nam ontslag toen zijn werk was voltooid. In de jaren erna waren er veelvuldig conflicten binnen de Joodse gemeente. In 1794 was het zelfs nodig om een commissaris van politie aan te stellen die de orde moest handhaven. Dit hielp ook niet en de stad Haarlem sloot in 1804 na ongeregeldheden tijdelijk de synagoge. De economische situatie van de Joodse bevolking in Haarlem was niet goed. In 1819 toen de stad als geheel er nog niet florissant bijstond, was een kwart van de Joodse inwoners aangewezen op steun, en alleen met de hulp van het stadsbestuur kon een armenschool worden gesticht. Vanaf 1856 was deze school gevestigd aan de Lange Wijngaardstraat en er zaten doorgaans zo’n 70 leerlingen op deze school.
Verder heeft de Koning, het stadsbestuur en de provincie het mede mogelijk gemaakt dat er een grotere synagoge kwam aan de Lange Begijnenstraat. Deze sjoel werd ingewijd op 14 juni 1841 en werd in 1896 uitgebreid, waarbij ook twee markante torens werden toegevoegd. Deze synagoge bleef tot 1943 in gebruik, toen nam de naast de synagoge gevestigde drukker
10 https://www.joodsamsterdam.nl/haarlem/
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 42
Joh Enschedé het pand in gebruik als papieropslag. Na de oorlog was er geen sprake van dat Enschedé dit pand zou teruggeven en er werd eindeloos onderhandeld. Uiteindelijk kwam er voor de gedecimeerde Joodse gemeenschap van Haarlem een geldbedrag waarmee de villa in het Kenaupark werd aangeschaft, die nu nog steeds als synagoge dienst doet.
Het einde van de 19e en het begin van de 20e eeuw was een bloeitijd binnen het Haarlemse Jodendom. Dit was vooral te danken aan rabbijn Simon Ph. de Vries, een zeer actief rabbijn en auteur van het bekende boek “Joodse Riten en Symbolen”. Hij was een groot voorstander van het zionisme, samen met de opperrabbijn van Amsterdam, Dünner. in deze periode ontstonden er in Haarlem ook een aantal sociale instellingen, waaronder in 1904 de jongerenbeweging Sjevet Achiem, in 1907 de culturele vereniging Onderling Genoegen, in 1907 de zionistische jeugdbeweging Macbi, in 1910 de vereni ging JOIJ (Jeugd, Oefening, IJver), in 1906 de vrouwenvereniging Bigdee Kodesj en afdelingen van Alliance Israélite Universelle, de Nederlandse Zionisten Bond, de Mizrachie en dergelijke. In het Sint Elisabeth Gasthuis kwam er op 23 december 1930 een Joodse vleugel, ten gevolgde van de financiële steun en laatste wilsbeschikking van Mozes Joles. Deze vleugel, met meestal maar een vijftal patiënten, heeft bestaan tot in de Tweede Wereldoorlog en werd het Joles ziekenhuis genoemd. Tijdens de bezetting zijn de patiënten gedeporteerd en werd deze vleugel afgebroken. In 1936 werd Haarlem de residentie van het opperrabbinaat van Noord Holland. De groei van het aantal Joodse inwoners van Haarlem en omgeving werd mede veroorzaakt door de Duits -Joodse vluchtelingen. In mei 1938 waren er al 180 in Haarlem.
Vlak voor de Duitse inval telde Haarlem 1800 Joden. Het grootste deel was arm, slechts 97 van hen hadden een jaarinkomen van meer dan 1000 gulden en slechts een persoon verdiende op jaarbasis 500.000 gulden.
De synagoge aan de Lange Begijnestraat met de bij een uitbreiding in 1896 toegevoegde torens. NHA
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 43
De bezetting De maatregelen gedurende de bezetting kwamen in Haarlem snel, want de Duitsers gelastten de niet-Nederlanders om te vertrekken uit het kustgebied. De Joodse vluchtelingen verlieten daarop Haarlem. De Februaristaking legde in Haarlem twee bedrijven plat, de Duitsers stelden daarop een NSB’er, Plekker, aan als burgemeester. Plekker hield van aanpakken en in maart 1941 was Haarlem de eerste stad in Nederland waar de volgende maatregelen al werden doorgevoerd: Joden mogen geen openbare plaatsen bezoeken; Joden mogen niet naar Haarlem verhuizen en Haarlemse Joden mogen niet binnen de stad verhuizen.
Joodse Raad. Van de 100 gijzelaars werden er 10 op 2 februari gefusilleerd waaronder voornoemde Joodse Haarlemmers.
Daarna hield Haarlem gelijke tred met de maatregelen in Nederland en in september 1941 werden de Joodse kinderen uit het onderwijs verwijderd en werd in Haarlem een Joodse lagere school en een Joods lyceum opgericht. Deze scholen hebben in ieder geval bestaan tot februari 1943. Eind 1941 kwam er in Haarlem een afdeling van de Joodse Raad. Begin 1942 werden de anti-Joodse maatregelen opgevoerd en kregen 35 mensen een oproep voor een werkkamp. De deportaties begonnen op 23 augustus 1942 toen de meeste Joden jonger dan 60 een oproep kregen voor de Arbeitseinsatz. Op 25 augustus kwamen er slechts 100 mensen naar de school aan de Westergracht en daarop volgend werd er een razzia gehouden waardoor er op die dag 170 Joodse Haarlemmers gedeporteerd werden. Op 30 januari 1943 werd een Duitse soldaat in Haarlem doodgeschoten. Als repressie werden de volgende dag 100 gijzelaars opgepakt, waaronder opperrabbijn Philip Frank; Barend J. Chapon, de voorzitter van de Joodse gemeente en Herbert Drilsma, gemeenteraadslid en secretaris van de Haarlemse afdeling van de
Herbert Otto Drilsma, raadslid en secretaris van de Joodse Raad werd met Barend Chapon gefusilleerd in de duinen van Bloemendaal op 2 februari 1943. https://www.openjoodsehuizen.nl/nl/page/734/lange -begijnestraat-9voormalige-haarlemse-synagoge-de-toneelschuur
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 44
Opperrabbijn Frank dwong veel respect af. Hij was slechts 32 jaar maar voerde in zijn laatste nacht zelfs gesprekken met de verantwoordelijke SD-er, Willy Lages. Tegen de medegevangen zei Frank: “Ze (de Duitsers) zijn zo klein; ze kunnen ons Joden niets doen, alleen afmaken en och, het Jodendom zal het fascisme wel weer overleven, zoals de geschiedenis zoveel voorbeelden heeft. We staan geestelijk zo ver boven hen, we moeten dit maar verdragen en ik persoonlijk als rabbijn hoor bij mijn mensen, ik moet hen steunen en sterk maken voor hun komend lijden”. De rest van de Joodse bevolking van Haarlem, Heemstede, Bloemendaal, Aerdenhout en Voorschoten werd gedeporteerd in februari, maart en april 1943. Dat betrof 619 mensen. Opperrabbijn Philip Frank (Hilversum 9-8-1910 – Bloemendaal 2-2-1943). Coll: Joods Historisch Museum
Na de oorlog Na de oorlog vestigden zich weer Joden in Haarlem, Heemstede, Aerdenhout en Bloemendaal. In 1945 werden weer diensten gehouden in de kantoren van de Joodse gemeente aan de Lange Wijngaardstraat. Op 18 december 1949 werd de synagoge in het Kenaupark 7 ingewijd.
Herinneringsplaquette van de Joodse gemeente en synagoge op de plaats waar de oude synagoge aan de Lange Begijnestraat stond. Foto B. van Bohemen /NIOD
De Joodse begraafplaats aan de Amsterdamse Vaart werd gerestaureerd (de Duitsers hadden hem gebruikt als machinegeweerstelling). Het Joles-ziekenhuis werd verkocht aan de gemeente Haarlem en van de opbrengst werd in 1957 het Joodse bejaardenhuis Beet Joles in Haifa gesticht. Bron: Pinkas, de geschiedenis van de Joodse beweging in Nederland
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 45
3.6 DE ARCHITECT D.E.L. VAN DEN AREND Over zowel D.E.L. van den Arend als zijn vader Jacob Ernst van den Arend (1819-1895) is weinig bekend behoudens enkele werken die ze hebben gerealiseerd. Zijn vader was gemeentearchitect en verantwoordelijk voor ontwerpen van het Stedelijk Gymnasium Haarlem (1863), de Hogere Burgerschool (1864) en het hoofdgebouw van het voormalige Sint Elisabethgasthuis (1871 -73). Invloeden van zijn sterk classicistisch getinte architectuur vinden we ook terug in onder meer het jongere gemeentegebouw van D.E.L. van den Arend.
Stedelijk gymnasium te Haarlem in 2004. Foto Tasja. Wikipedia.
Voorgevel van het hoofdgebouw van het voormalige Sint Elisabethgasthuis in Haarlem van J.E. van den Arend uit 1871-73. Wikipedia.
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 46
Het oudste bekende werk van D.E.L. van den Arend is de kerk van Evangelische Broedergemeente (Hernhutters) aan de Parklaan 34 in Haarlem. Van den Arend ontwierp in 1876 de kerk in eclectische stijl met zware stucversieringen in de voorgevel gebaseerd op middeleeuwse en klassieke vormen binnen een classicist ische lijstgevelvorm. Uit 1880 is een ontwerp van hem bekend van een landhuis van het landgoed Vaart en Duin in Overveen. Het is een eveneens grotendeels in classicistische vormen, gecombineerd met rustieke elementen uitgevoerd gebouw. In 1889-1890 kwam de in eclectische trant gebouwde vrijstaande villa Florapark 9 tot stand. De villa, gelegen aan de zuidzijde van het Florapark, is ontworpen door de architect D.E.L. van den Arend in opdracht van mr. George Conrad Everwijn de Lange, secretaris van de Haarlemmermeerpolder. De vensters met hun klassieke zware stucomlijstingen vertonen overeenkomst met de vensters van het in dezelfde periode ontworpen joodse gemeentegebouw. In het Noord Hollands Archief liggen stukken waaruit blijkt dat de architecten D.E.L. van den Arend en J.A.G. van der Steur te Haarlem optreden als concessionarissen van de elektrische tramweg Haarlem Zandvoort betreffende het leggen van een tramweg in 1898. Een laat werk van Van den Arend betreft de klokhuistoren in Haarlem.
Deze toren aan het Klokhuisplein 1 is in opdracht van de drukkersfirma Enschedé in 1918 gebouwd naar ontwerp van de architect D.E.L. van den Arend. De toren is een reconstructie van de 15de-eeuwse klokhuistoren die op ongeveer dezelfde locatie stond en in 1804 is afgebroken.
Voorgevel van de zaalkerk van de Evangelische Broedergemeente. Foto Gerard Dukker maart 1974. Beeldbank RCE
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 47
Korte Zijlweg 12, Huize Vaart en Duin Overveen, architect D.E.L. van den Arend ontwerp 1880. Situatie in 1911. De achterbouw is in 1903 uitgebreid naar ontwerp van S. Roog. http://www.onsbloemendaal.nl/component/tags/tag/architect -d-e-lvan-den-arend
De villa Florapark 9. Foto G.J. Dukker maart 1974. Beeldbank RCE
Klokhuistoren. Foto G.J. Dukker 1964. Beeldbank RCE
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 48
4: BOUWHISTORISCHE BESCHRIJVING
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 49
4 BOUWHISTORISCHE BESCHRIJVING In dit hoofdstuk wordt de historische bouwsubstantie van het pand besproken. Daarbij worden tevens de bouwhistorische bijzonderheden verkend en geanalyseerd. De eerste paragrafen gaan in op de situering, de plattegrond en opbouw, daarna wordt ingezoomd op de afzonderlijke bouwdelen en gevels en de constructies. De bijzonderheden van het interieur worden behandeld vanaf paragraaf 4.5.
4.1 SITUERING Het perceel ligt in het noordelijke deel van de middeleeuwse stad, in een gebied dat heeft behoort tot het kloosterterrein van de Commanderij van Sint Jan. Dit gebied ligt tussen twee noord-zuid verlopende straten, te weten de Kruisstraat aan de westzijde en de Jansstraat aan de oostzijde. Aan de noordzijde wordt de grens van dit gebied gevormd door de Ridderstraat.
Lange Wijngaardstraat en omgeving op de satelietfoto van Google Earth. De witte pijl wijst naar het pand.
De Lange Wijngaardstraat, waaraan het onderzochte object is gelegen, betreft een vanuit het Schapenplein westelijk van de Janskerk in zuidwestelijke richting naar de Smedestraat verlopend smalle straat. Het pand met zijn opvallend hoge gevel is gelegen in de noordwestelijke gevelwand met aaneengesloten bebouwing van deze straat. Rechts van het pand sluit een langgerekt éénlaags gebouw aan (nrs. 8 -12) en links een pand dat vrijwel even hoog is als Lange Wijngaardstraat 14 (nr. 16). Achter het pand is een kleine achterplaats aanwezig.
Uitsnede van de perceelskaart van Lange Wijngaardstraat en omgeving. In rood gemarkeerd het onderzochte pand. BAGviewer. Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 50
4.2 HOOFDVORM, DAKVORM EN OPBOUW
4.3 GEVELS
Het pand heeft in hoofdlijn een L-vormige plattegrond, met een tweelaags vleugel langs de straatzijde en een tweelaags vleugel links achter het voorste gedeelte. Rechts achter de voorste vleugel is een kleine, lage uitbouw. Het pand heeft een omlopend, afgeplat schilddak, dat bij het minder diepe rechter deel aan de achterzijde aansluit op een afgeplatte topgevel. De dakschilden zijn gedekt met gesmoorde kruispannen, het plat is gedekt met bitumen. Op het voorste dakschild bevindt zich in het midden een houten dakkapel met klauwstukken en een gebogen fronton met een plat dak. De dakkapel heeft een venster met middenstijl en enkelruits draairamen. Verspreid over de dakvlakken zijn enkele dakramen aanwezig, deels oorspronkelijk en deels uit latere perioden (onder meer verbouwing uit 1951). De éénlaags aanbouw rechts achter heeft een plat dak met bitumen.
De voorgevel is gemetseld in een bruin/rode handvorm baksteen met een formaat van 20,5-21,5 x 10-10,5 x 4-4,5 cm, 10 lagen meten 48,5cm. Dit bij een als pronkgevel bestemde straatgevel behorende metselwerk is uitgevoerd in kruisverband met een gesneden voeg. De overige zichtbare gevels zijn opgetrokken in een machinale baksteen in Waalformaat, ook gemetseld in kruisverband.
Luchtfoto van Lange Wijngaardstraat 14. Foto Maarten van de Biezen Holland Luchtfoto. NHA
4.3.1 Voorgevel
De voorgevel is opgezet als een lijstgevel met zeven vensterassen, waarvan de twee linker- en twee rechter vensterassen zijn ondergebracht in risalieten (licht naar voren springende geveldelen). Deze risalieten zijn beide boven de kroonlijst bekroond door een houten, met zink afgedekt fronton. De ingangen bevinden zich (gezien van links naar rechts) in de eerste, vijfde en zevende vensteras en zijn voorzien van houten omlijstingen met ‘sluitstenen’, houten paneeldeuren en enkelruits bovenlichten. De plint is uitgevoerd in grote hardstenen platen en de ingangen hebben hardstenen stoepen met twee treden. Verder hebben zij hardstenen onderdorpels en neuten. Alle vensters zijn voorzien van houten kozijnen, geprofileerde houten omlijstingen met houten ‘sluitstenen’, houten lekdorpels en 8-ruits schuiframen. De vensters van de tweede bouwlaag hebben gepleisterde decoraties met diamantkoppen en trigliefen onder de lekdorpels. De gevelbeëindiging bestaat uit een gepleisterd hoofdgestel met geprofileerde lijsten en trigliefen en een houten geprofileerde kroonlijst. Onder het meest linkse venster op de begane grond is een gevelsteen met de tekst: ‘DE EERSTE STEEN GELEGD / DOOR / P H L. KONIJN. / VOORZITTER / VAN DEN KERKERAAD DER NED: / ISR:
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 51
GEMEENTE TE HAARLEM / 11 ELLOEL 5647 / 31 AUG. 1887’. Tussen de tweede en de derde vensteras bevindt zich op de begane grond een ijzeren arm van een voormalige gaslantaarn. Onder het venster in de vierde gevelas is in de plint een doorgang met ijzeren luiken van de toegang tot de kelder aanwezig.
Zicht langs de voorgevel.
De rechter voordeur. Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 52
De rechter bovenhoek van de voorgevel en aansluitende zijgevel.
Middendeel voorgevel met dakkapel.
De rechter bovenhoek van de voorgevel.
Bovenbouw van de voorgevel.
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 53
De linker voordeur en aansluitende vensters van de voorgevel.
Linker venster op verdieping voorgevel.
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 54
Decoratie onder de verdiepingvensters.
Hardstenen trapje voor de rechter voordeur.
Eerste steen.
Stalen kelderluiken.
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 55
4.3.2 Zijgevels
De rechter zijgevel van het rechter deel steekt boven het buurpand uit en is een blinde muur in machinale baksteen in kruisverband met snijvoegen. De rechter zijgevel van het diepere linker deel is ook opgetrokken in machinale baksteen in kruisverband met snijvoegen en heeft zowel op de begane grond als de verdieping in het linker deel van de gevel twee grote vensters onder strekken. Deze vensters hebben tweelichtkozijnen met twee 8-ruits schuiframen en een houten lekdorpel. De eerste bouwlaag heeft uiterst rechts een gepleisterde strook. Links daarvan is het baksteenwerk grijs geverfd. De linker zijgevel is door aansluiting van het hoge buurpand alleen in de achterbouw op de verdieping deels zichtbaar en ook gemetseld in machinale baksteen. Dit deel is blind uitgevoerd.
Rechter zijgevel voorbouw.
De rechter hoek van de voorgevel en zijgevel. Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 56
Tweelichtvensters van de zijgevel van de achterbouw.
Tweelichtvenster.
De zijgevel van de achterbouw Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 57
4.3.3 Achtergevels De achtergevel van het ondiepere rechter deel is uitgevoerd in machinale baksteen in kruisverband met knipvoegen en heeft een trasraam met rollaag. De gevelbeëindiging bestaat uit een houte n boeiboord.
De achtergevel heeft op de eerste laag rechts een venster onder een strek met een T-schuifraam en links een stenen uitbouw (voormalige keukenuitbouw). Op de verdieping zijn rechts drie kleine enkelruits raampjes (met steens strekken) en daarboven een venster met 4ruits schuifraam aanwezig. Aan de linkerzijde, boven de uitbouw, is een venster aanwezig onder een strek met in het oude kozijn een vernieuwde invulling. De uitbouw heeft een met houten delen beklede achtergevel. In de naar de binnenplaats gekeerde gemetselde gevel is rechts een deur met 4-ruits raam en een zijlicht met een 4-ruits draairaam aanwezig. Tegen de achterzijde van deze lage aanbouw sloot vroeger een gang met badhuis aan. De achtergevel van het diepere linker deel heeft links een dubbele 2ruits tuindeur met enkelruits bovenlicht, in het midden twee kleine vensters onder strekken met enkelruits raampjes en rechts een (afgeplate) deur met enkelruits bovenlicht. De tweede bouwlaag heeft links en rechts een venster onder strek met een 8-ruits schuifraam en in het midden twee kleine vensters met enkelruits raampjes. Deze gevel sluit af met een eenvoudig boeibord.
Achtergevel achterbouw.
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 58
Achtergevel voorbouw
Achtergevel achterbouw/linker deel
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 59
4.4 CONSTRUCTIEVE ELEMENTEN 4.4.1 Kapconstructie De zolder, die is voorzien van een afgeplat schilddak, heeft een authentieke vurenhouten kapconstructie met houten toognagels en beschot. In het voorste deel bestaat de constructie uit dekbalkjukken met halverwege een tussenstijl met schoren naar de dekbalk. In het smallere linker achterdeel waren vanwege een geringere breedte bij de dekbalkjukken geen tussenstijlen nodig. Tegen de jukstijl en zijn op klossen gordingen bevestigd met daarop verticaal dakbeschot. Het plat (licht hellend uitgevoerd) bestaat uit beschot op deels in de dekbalken ingelaten balken. 4.4.2 Vloerconstructies De verdiepingsvloer en zoldervloer hebben een constructie be staande uit een enkelvoudige balklagen met daarop grenen vloerdelen. Door de aanwezigheid van historische en jongere stucplafonds zijn de balken niet zichtbaar. 4.4.3 Kelder Onder het pand is een kelder aanwezig die zich bevindt onder het rechter deel aan de voorzijde met een luiktoegang aan de straatzijde. De kelder is voorzien van kruisgewelven met een vrijstaande pijler (zestiende- of zeventiende-eeuws) en een vermoedelijk later onder de gewelven links van de pijler aangebrachte steunboog. Het diepere rechthoekige deel links achter heeft een enkelvoudige balklaag met vloerdelen als plafond.
Deur rechts in achtergevel achterbouw.
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 60
Zolder rechter deel naar achteren gezien.
Zolder linkerdeel achterbouw naar achteren gezien.
Zolder linker deel in voorbouw naar achteren gezien.
Zolder linker deel naar voren gezien.
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 61
Kelder, linker helft naar achteren gezien.
Kelder, vrijstaande pijler in rechter deel.
Kelder, achterbouw met balkenplafond.
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 62
4.5 INTERIEUR 4.5.1 Begane grond Het pand heeft drie ingangen, waarvan twee met trappenhuizen naar de verdiepingen. De middelste ingang leidt via de brede hoofdtrap naar de bovenzalen. De trap heeft houten leuningen met ijzeren sierspijlen. De zalen zijn ook te bereiken via de linker ingang van het pand, die door een lange gang langs de linker zijgevel is verbonden met een trappenhuis achter in het pand. Deze gang is voorzien v an een historische tegelvoer (dubbel hardgebakken tegels, achthoekige gele tegels en kleine grijze ruitvormige tegels op de afgeschuinde hoeken van de achthoekige tegels) met witmarmeren plinten en witmarmeren onderdorpels bij de deuren. De tochtpui en de gestuukte lambrisering dateren van de naoorlogse verbouwing. In de gang bevinden zich een drietal doorgangen naar de naast gelegen ruimten. Twee hiervan betreffen oorspronkelijke deuren met geprofileerde kozijnen en paneeldeuren. De andere dateert uit de naoorlogse verbouwing. Ook de sobere stucplafonds met platte randlijsten behoren tot deze verbouwing. De trap met tussenbordes en bovenkwart naar de bovenzalen is voorzien van een gedecoreerde trappaal (neorenaissance met een candelaberzuilvorm) met onder andere acanthusmotieven, cannelures en een bekroning in de vorm van een kapiteel met knop. De balustrade heeft gietijzeren gedecoreerde balusters en geprofileerde handlijsten.
De gang hoekt achter de trap om. De tegelvloer is hier doorgezet. Deze dwarsgang geeft toegang tot een drietal tegen de achtergevel geplaatste toiletten en een groter vertrek (keukentje?) rechts achterin. De toiletten hebben gekoppelde geprofileerde deurkozijnen en paneeldeuren. Omhoekend geplaatst heeft de achter-ruimte een dito kozijn met paneeldeur. Kelder, trap onder voorgevel.
De voormalige klaslokalen die via deze lange gang bereikt konden worden zijn bij de verbouwing na de Tweede Wereldoorlog opgedeeld middels Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 63
halfsteens wandjes met marmerstuclambiseringen en sobere kozijnen met stompe deuren. De ruimten hebben sobere stucplafonds met vlakke perklijsten. In oorsprong waren er twee grote lokalen, gescheiden door een houten wand met pilasters en kroonlijsten. De p ilasters scheiden in de bovenrand een reeks enkelruits bovenlichten. Op de hoeken zitten doorgangen. Deze wand is nog grotendeels gespaard gebleven. De invullingen van de wand onder de bovenlichten zijn deels gewijzigd en afgeplaat. De rechter ingang in de voorgevel gaf toegang tot de conciërgewoning en tot het badhuis aan de achterzijde, dat is afgebroken. Deze ingang sluit aan de binnenzijde aan op een originele portiek met arduinvloer en in handvormsteen gemetselde zijwanden in kruisverband met snijvoegen. Het plafond is uitgevoerd in sober stucwerk. De ingang in de portiek heeft een kozijn met duivejager en een geprofileerd kalf, voorzien van neuten en een onderdorpel in arduin. Als invulling zijn hier een paneeldeur met enkelruits raam en een enkelruits bovenlicht aangebracht. De erachter gelegen gang heeft een witmarmeren vloer met dito plinten, doorgangen met paneeldeuren en een sober stucplafond.
De vertrekken op van de voormalige conciergewoning hebben moderne afwerkingen en verlaagde plafonds, die mogelijk nog originele elementen verbergen. Achter in het pand bevindt zich een ruimte met een historische tegelvloer en een houten schouwtje met witjes. Dit vertrek was oorspronkelijk de keuken.
Linker gang naar achteren gezien.
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 64
Detail profilering oorspronkelijk deurkozijn.
Oorspronkelijke tegelvloer in linker gang.
Bovenlicht van tochtpui uit 1951 in linker gang.
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 65
De trap naar de zalen in de linker gang.
Rijk gesneden neorenaissance trappaal.
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 66
Gekoppelde deuren van toiletten in dwarsgang achterbouw.
Door wand uit 1951 in tweeën gedeeld lokaal naar zijgevel gezien.
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 67
Vide uit krakersperiode in achterzaal.
Detail van de oorspronkelijke wand tussen de klaslokalen.
Zicht langs de oorspronkelijke wand tussen de klaslokalen.
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 68
Zicht langs de bovenlichten in de oorspronkelijke wand tussen de klaslokalen.
Een voorkamer, gemaakt in 1951 in het voorste klaslokaal.
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 69
Metalen (koper) kruk van espagnolet van de achterdeuren.
Zicht langs het venster van het in 1951 in twee helften verdeelde achterste klaslokaal.
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 70
Oorspronkelijke tegelvloer in de keukenuitbouw.
4.5.2 Eerste verdieping Het interieur van het diepe linker deel van het gebouw met de twee grote zalen is grotendeels bewaard gebleven. De trap achterin komt uit op een overloop. Hier is tegen de achtergevel een lager blok geplaatst van tw ee toiletruimten, met een gekoppeld geprofileerd deurkozijn en paneeldeuren. Aan de achterzijde van de overloop is een breed geprofileerd kozijn met een middenstijl aanwezig met twee paneeldeuren. De rechter deur geeft toegang tot een trap met bovenkwart n aar de zolder, de linker tot een keukenvertrekje rechts achterin. De overloop en het keukentje bezitten sobere stucplafonds met vlakke perklijsten.
Zicht door een achtergevelvenster in de voormalige conciergewoning.
Een na de oorlog tot een dubbele doorgang met middenstijl verbouwd geprofileerd kozijn met paneeldeuren (oo rspronkelijk waren hier dubbele deuren) geeft toegang tot de grote achterzaal en een hiervan na de oorlog afgescheiden lagere nevengang. Deze nevengang heeft geheel een
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 71
naoorlogse afwerking. De grote achterzaal bezit nog de oorspronkelijke lambrisering met panelen en zware bovenlijst. Boven de lambrisering heeft de wand een vakverdeling, waarbij oorspronkelijk sierbehang aanwezig was in rechthoekige vakken, omgeven door een nog aanwezige houten omlijsting met kraal en inspringende onder- en bovenhoeken voorzien van een houten gesneden bladrozet. De ruimte heeft aan de zijde van de linker zijgevel een stookplaats, waarvan het onderste deel met schoorsteenmantel is weggebroken toen de nevengang hier werd ingebouwd. Het bovenste deel van de gestuukte boezem met op de hoeken gecanneleerde zuiltjes met composietkapitelen die een lijst dragen die in het midden overgaat in een rondboog is behouden gebleven. Ook het stucplafond met een centraal plafondrozet (met ingebouwd een ventilatierooster), dubbele geprofileerd e randlijsten en een vanuit een gestuukte profiellijst ontspringende forse gebogen koof in stucwerk met acanthusmotieven gescheiden door knorren is gaaf bewaard gebleven. Een brede en-suite doorgang met een geprofileerd kozijn, bekroond door een houten klassiek hoofdgestel met daarin vier gepaneelde schuifdeuren verbindt deze achterzaal met een oorspronkelijk vrijwel identiek uitgevoerde voorzaal.
Van het stucplafond van deze voorzaal is de kooflijst nog aanwezig maar het feitelijke veld met centrale rozet binnen de randlijsten is verdwenen. De lambriseringen en de wandomlijstingen met rozetten zijn nog bewaard gebleven, alsmede de volledige stookplaats inclusief een zwart marmeren klassieke schoorsteenmantel met pilasters en een fries met trigliefen en pane len met opgelegde groen marmeren paneelvlakken. De boezem heeft hier een Empire-decoratie met omlijstingen met inspringende hoeken versierd met hoekrozetjes. Deze voorzaal heeft in de rechter wand links en rechts een nog oorspronkelijke doorgang naar het voormalige secretariaat in het rechter deel van het pand, met in het van zware profielen voorziene kozijn een dubbele paneeldeur met een als een klassiek halfzuiltje met composietkapiteel vormgegeven deurnaald.
In deze ruimte is aan de rechter zijde een ov erigens niet tot het plafond reikende systeemwand ingebouwd die een keuken en slaapruimte afscheidt van de zaal. In het minder diepe rechter deel was oorspronkelijk het secretariaat ondergebracht. De hoofdstructuur is nog behouden gebleven. Deze bestaat uit een ruime overloop links achter die via de trap met bovenkwart toegankelijk is. Deze trap heeft op de overloop een houten, in neorenaissancevormen gesneden trappaal met daarop aansluitend een balustrade met gietijzeren balusters. Deze balustrade is lat er deels verwijderd. Vanuit deze overloop kan men via een dubbele deur in de hiervoor beschreven voorzaal komen. Een paneeldeur geeft voorts vanuit deze ruimte toegang tot de voorkamer van de secretarie. De secretarie bestond uit een grote voorkamer met een stookplaats tegen de rechter zijgevel en een naast de overloop gelegen achterkamer. In de periode dat de krakers zich hier hebben gehuisvest is in deze achterkamer tegen de achtergevel een keuken en een badkamertje gemaakt. Een trap in de voorkamer leidde naar een ook in die periode boven de overloop en achterkamer ingevoegde tweede verdieping. De voorkamer heeft nog een oorspronkelijke stookplaats met een boezem met klassieke hoekzuiltjes en een zwartmarmeren klassiek vormgegeven schoorsteenmantel met groenmarmeren paneeltjes.
De paneellambrisering en omlijsting van de deuren in deze voorkamer dateert vermoedelijk uit omstreeks 1930, maar het is niet uitgesloten dat deze elementen ook bij de verbouwing van 1951 nog zijn gemaakt. Het plafond in de voorkamer is verlaagd en uitgevoerd in boardplaat. Op de tweede (tussen) verdieping zijn geen behoudenswaardige elementen aanwezig. De trap naar de zolder is hier ook van recente datum. In de kamer linksachter is nog het oorspronkelijke stucplafond met een fraaie gedecoreerde centrale rozet behouden gebleven dat voor de invoeging van deze tussenverdieping de hoge overloop overspande.
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 72
Aansluiting trap op overloop in achterbouw.
Bovenhoek overloop in achterbouw.
Toilettenblok tegen achtergevel op overloop van de achterbouw.
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 73
De deuren naar de zaal en in 1951 gebouwde gang vanuit de overloop gezien.
Zicht door de in 1951 in de achterzaal ingebouwde gang.
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 74
De en-suite deuren gezien vanuit de achterzaal.
Het stucplafond van de achterzaal naar de andere zijgevel gezien.
Het stucplafond van de achterzaal naar de zijgevel gezien.
Het centrale rozet met ventilatieopeningen van het stucplafond in de achterzaal.
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 75
Detail kooflijst ter hoogte van de schouwboezem in de achterzaal.
Detail wand, en suite deuren en kooflijst van de achterzaal.
Vensterbetimmering en lambrisering voorzaal bij de voorgevel.
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 76
De en suite deuren gezien vanuit de voorzaal.
De schoorsteenmantel van de voorzaal.
Detail kooflijst en en suite deuren van de voorzaal.
Detail van een gesneden rozet van de betimmering van de wand in de voorzaal.
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 77
De linker deurpartij van de voorzaal naar de secretarie.
De rechter deurpartij van de voorzaal naar de secretarie.
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 78
Het stucplafond van de voorzaal. Het middenveld met rozet is verwoest.
Detail kooflijst van het plafond van de voorzaal.
De boezem en kooflijst van het plafond in de voorzaal.
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 79
De deuren naar de voorzaal gezien vanuit de overloop van de v oormalige secretarie.
De deur naar de voorkamer met trappaal op de voorgrond in de overloop van de voormalige secretarie.
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 80
Trapaansluiting met trappaal op de voorgrond in de overloop van de voormalige secretarie.
De schouw in de voorkamer van de voormalige secretarie.
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 81
De voorkamer van de secretarie naar achteren gezien.
Detail niet oorspronkelijke lambrisering in voorkamer secretarie.
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 82
Rozet (oorspronkelijk van plafond overloop, die na invoeging van een tussenverdieping in een kamer is komen te liggen.
De overloop op de in de late 20 ste eeuw aangebrachte tweede verdieping achterin de voormalige secretarie.
Rechter kamer van de eind 20 ste eeuw ingevoegde tussenverdieping.
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 83
4.5.3 Zolderverdieping Het interieur van de zolderverdieping is eenvoudig. De zolder boven het ondiepere rechter deel is van het diepere linker deel gescheiden door een houten wand die tussen de tussenstijlen van de kapjukken is geplaatst. Aan de achterzijde in de zolder van het diepe linker deel is op de vloer nog een betonplaat aanwezig met daarop een brede wasbak uit de verbouwingsperiode van 1951, toen deze zolder werd ingericht als slaapruimte met wasvoorziening.
De voorzolder in het linker deel.
Trap in achterbouw vanaf de zolder gezien.
De zolder in het rechter deel naar achteren gezien.
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 84
De zolder in de achterbouw naar achteren gezien.
4.6 DATERINGSPLATTEGRONDEN De volgende dateringsplattegronden zijn gemaakt op basis van de schetsen van Funda en de archieftekeningen uit 1951. In de plattegronden is alle informatie verwerkt zoals die tijdens de bezichtig en vanuit de vergelijking van deze gegevens met het archiefmateriaal is aangetroffen.
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 85
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 86
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 87
5: BOUWHISTORISCHE WAARDENSTELLING
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 88
5 BOUWHISTORISCHE WAARDENSTELLING Als eerste onderdeel van de waardestelling volgt hieronder de algemene contextuele redengevende waardestelling, gevolgd in paragraaf 5.5 door de getrapte waardestelling op onderdelen.
5.1 ARCHITECTUUR- EN BOUWHISTORISCHE WAARDEN Het object is binnen de gemeente Haarlem een op gave wijze bewaard gebleven voorbeeld van een verenigingsgebouw met schooltje en vergaderzalen voor de Joodse gemeente in een late variant van de neoclassicistische stijl. Dit pand uit 1887 is één van de grotere projecten van de Haarlemse architect D.E.L. van den Arend, zoon van de stadsarchitect J.E. van den Arend en is binnen zijn (tot nu toe bekende) bescheiden oeuvre van groot belang te noemen. Andere van hem bekende gebouwen zijn inmiddels ook beschermd, veelal als Rijksmonument wat de betekenis van zijn werk binnen de architectuur uit de late 19 de - en vroege 20 ste eeuw wel duidelijk maakt. Het tweelaags pand heeft een imposante symmetrische pronkgevel met hoekrisalieten bekroond door frontons, een rijke detaillering, bestaand e uit onder meer venster- en deuromlijstingen in hout- en kunststeen, een rijk uitgevoerd klassiek hoofdgestel. De bijhorende deuren, kozijnen met schuiframen en de hardstenen plint en hardstenen “eerste steen” zijn gaaf bewaard gebleven. Van de sober uitgevoerde achtergevels en zijgevel van het diepere linker deel is ook het gevelwerk en het merendeel van de detailleringen gaaf bewaard gebleven.
Ook zijn naast de nog volledig aanwezige historische ruimtelijke hoofdstructuur belangrijke onderdelen van het oorspronkelijke interieur bewaard gebleven, waaronder lambriseringen en wandgeledingen, schuifdeuren, stookplaatsen (één van de twee volledig met schoorsteenmantel) en rijk uitgedoste stucplafonds van de twee grote
zalen op de verdieping, de houten met gecanneleerde pilasters versierde oude scheidingswand tussen de twee klaslokalen op de begane grond, paneeldeuren met omlijstingen bij de overige ruimten, twee gangen met oude tegelvloeren, twee historische trappen met rijk gesneden trappalen en balustraden en een stucplafond met rijk versierd rozet in de jongere tussenverdieping boven de overloop in het rechter deel. De kap constructie is nog volledig uit de bouwtijd. Het pand heeft verder een vermoedelijk uit de 17 de eeuw daterende gewelfkelder. Inwendig zijn de nog volledig aanwezige oorspronkelijke constructies van vloeren en kappen van hoge bouwhistorische waarde. Ook de vorm en constructie van de kelder is waardevol aangezien dit iets vertelt over de oudste fase van bebouwing op het perceel. De ingrepen die zijn doorgevoerd bij de omvorming tot politiebureau zijn van een beperkte bouwhistorische waarde. Alle moderne afwerkingen van wc’s en keukenblokken en de tussenverdieping in het rechter deel hebben geen bouwhistorische waarde.
5.2 CULTUURHISTORISCHE WAARDE Het pand, dat de functie van verenigingsgebouw met joodse school en sociëteit had en verbonden was met een i nmiddels helaas afgebroken badhuis, is bijzonder gaaf bewaard gebleven en is van groot belang in verband met de joodse geschiedenis in Haarlem. In de periode dat het gebouw ontstond en in gebruik was ontwikkelde de joodse gemeenschap in Haarlem zich tot de grootste in ons land. In het gebouw kwamen ook landelijk opererende joodse organisaties samen , omdat het gebouw binnen de joodse gemeenschap ook op landelijk niveau faam genoot. De synagoge aan de Lange Begijnestraat is tijdens de Tweede Wereldoorlog gesloten en later uitgebrand en afgebroken; sindsdien is het verenigingsgebouw (gemeentegebouw) met de joodse school het belangrijkste monument van de joodse geschiedenis in Haarlem.
Bouwhistorische verkenning Jansweg 52 Haarlem II blad 89
5.3 ZELDZAAMHEIDSWAARDE Het pand genoot als gemeenschapsgebouw waarbinnen meerdere functies waren verenigd voor de Joodse gemeente ook op landelijk niveau faam en dit gebouwtype met lokalen, vergaderzalen en kantoor is inmiddels binnen ons land als type zeldzaam te noemen en is op lokaal niveau sowieso volstrekt uniek te noemen.
5.4 SITUERINGS- EN ENSEMBLEWAARDE Het object vormt een wezenlijk en onlosmakelijk onderdeel van de noordwestelijke aaneengesloten gevelwand van de Lange Wijngaardstraat. Door zijn forse hoogte en rijke decoratie is de gevel een beeldbepalend element in de Lange Wijngaardstraat.
5.5 GETRAPTE WAARDENSTELLING OP ONDERDELEN In deze paragraaf volgt een overzicht van de waardevolle onderdelen van het exterieur en het interieur. Daarbij worden de kwalificaties volgens de door de Stichting Bouwhistorie Nederland opgestelde richtlijnen gehanteerd. Aan het einde van dit hoofdstuk zijn de waardenkaarten opgenomen. 5.5.1 Exterieur
-
Gietijzeren lantaarnarmatuur tegen de voorgevel. Alle nog oorspronkelijke gevelopeningen met ramen in de achtergevels en zijgevel van het diepere linker deel. Oude dakvensters. Aanwezige schoorstenen met eventueel aanwezige afdekkingen.
█ Positieve waarde In 1951 toegevoegde dakvensters. Deur en zijlicht keukenuitbouw. █ Indifferente waarde Gewijzigde invulling van het venster links boven in de achtergevel van het rechter deel. Gewijzigde deur in het rechter deel van de achtergevel van het diepere linker deel. Moderne stalen luiken keldertoegang. Jongere gevelroosters in voorgevel. Houten betimmering achtergevel keuken. Grijze verflaag op achter- en zijgevel in onderbouw. 5.5.2 Interieur █ Hoge waarde
█ Hoge waarde Opbouw en hoofdvorm. Dakvorm met dakbedekking (kruispannen en bitumen, zink) en dakkapel aan de voorzijde van de Lange Wijngaardstraat. Materialisering en detaillering van het metselwerk van alle gevels. Hardstenen plint, hardstenen traptreden en eerste steen in voorgevel. Alle oude deur- en raamkozijnen inclusief omlijstingen en vullingen (8ruits schuiiframen en paneeldeuren) in de voorgevel. Hoofdgestel en frontons in voorgevel.
-
Opbouw en vorm van de kelder. Gewelven van de kelder. Balklaag in achterbouw kelder. Stenen trap van de kelder. Alle aanwezige draagconstructies (vloeren en dakco0nstructie). De oorspronkelijke indeling van kamers en zalen op alle niveaus. De oorspronkelijke tegelvloeren met plinten in de linker en rechter gang. Alle oorspronkelijke binnendeurkozijnen inclusief binnen(paneel)deuren.
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 90
-
-
De houten wand met pilasters die op de begane grond in het linker deel oorspronkelijk de klaslokalen van elkaar scheidde. De trap met rijk gesneden trappalen en balusters achterin de linker gang. De trap met trappaal en restant balustrade van de middengang. De oorspronkelijke trap met bovenkwart naar de zolder achterin het linker deel. Opbouw en afwerking van de en-suite doorgang met vier gepaneelde schuifdeuren op de verdieping tussen beide grote zalen. Alle oude aanwezige vloerafwerkingen. Alle oude lambriseringen en wandbetimmeringen met hoekrozetten in de beide grote zalen op de verdieping. Oude stucplafond met geornamenteerde kooflijst, binnenlijsten en centrale rozet in de achterzaal op de verdieping. Oude stucplafond met geornamenteerde kooflijst, binnenlijsten in de voorzaal op de verdieping (het centrale veld is verwoest). De stookplaats met zwart marmeren mantel en gestuukte boezem in de voorzaal op de verdieping. De restanten (bovendeel boezem) van de stookplaats in de achterzaal op de verdieping. De kozijnen met dubbele deuren met pilasternaald vanuit de voorzaal op de verdieping naar het rechter deel. De stookplaats met zwart marmeren mantel, gestuukte boezem met halfzuiltjes in de voorkamer van de voormalige secretarie op de verdieping in het rechter deel.
Het stucplafond met rozet (thans zichtbaar binnen de jongere tweede verdieping, maar behorend tot de oorspronkelijk hogere overloop waarover deze verdieping is gelegd) in het rechter deel.
█ Positieve waarde -
█ Indifferente waarde -
Recent aangebrachte trappen naar tweede verdieping en zolder in rechter deel. Wastafelblok uit 1951 op de zolder. De in 1951 op de begane grond en verdieping in het linker deel aangebrachte binnenwanden, binnendeuren en stucplafonds. De sinds 1980 toegevoegde wanden, vloerconstructies in het linker deel. De vloerconstructie onder de in de periode 1980-2000 aangebrachte tweede verdieping achter in het rechter deel. De kastruimte links voor op de verdieping in het rechter deel. Alle later aangebrachte interieurafwerkingen zoals tapijtvloeren, schroten lambriseringen, gipsplafonds, systeemplafonds etc.
5.6 TOELICHTING WAARDENGRADATIES De volgende waardengradatie (getrapte waardenstelling), toegesneden op het toegepast bouwhistorisch onderzoek, wordt in de waardenbepaling gehanteerd (de bijbehorende kleuren corresponderen met de gebruikte gradaties in de waardenkaarten). Achter iedere waarde volgt een korte toelichting ten behoeve van het toegepast bouwhistorisch onderzoek, zoals dit in het herontwikkelingsproces kan worden ingezet. Zie ook de achter dit hoofdstuk gevoegde waardenkaarten. █ Hoge monumentwaarde (blauw) Alle beschermenswaardige onderdelen die van wezenlijk en onlosmakelijk belang zijn voor het historische object / monument en zijn bouwhistorische ontwikkeling en derhalve onverkort gerespecteerd moeten worden. Bij schade moet uitgegaan worden van herstel e n behoud van een maximum aan oorspronkelijk materiaal.
Geen elementen.
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 91
█ Positieve monumentwaarde (groen) Alle beschermenswaardige onderdelen die voor de instandhouding van de ontwikkelingsgeschiedenis van het historische object / monument veel waarde bezitten. Behoud is gewenst, maar de waarde is niet dusdanig hoog, dat aanpassing of verandering onmogelijk is. Voorwaarde is dat het onderdeel als dusdanig herkenbaar blijft. █ Indifferente monumentwaarde (geel) Onderdelen, die niets of weinig aan de waarde van het gebouw toevoegen en ook geen wezenlijke onderdelen van de ontwikkelingsgeschiedenis zijn. Behoud is mogelijk, maar niet noodzakelijk.
5.7 WAARDERINGSPLATTEGRONDEN De volgende waarderingsplattegronden zijn gemaakt op basis van de beschikbare schetsen van Funda en de daaruit samengestelde dateringstekeningen. In de plattegronden is de getrapte waardestelling in de kleurcode van de Richtlijnen voor Bouwhistorisch onderzoek verwerkt als samenvatting van de hiervoor gepresenteerde waardestelling op schrift. De tekeningen mogen niet los van de geschreven waardenstelling worden beschouwd.
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 92
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 93
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 94
6 CONCLUSIE EN AANBEVELINGEN Betekenis van het pand Zoals uit deze rapportage van de bouwhistorische verkenning van het pand aan de Lange Wijngaardstraat 14 kan worden opgemaakt is het huidige pand in verschillende fases tot stand gekomen. De kelder behoort tot een verder niet nader bekende voorganger. Het pand dat in 1887 op de plaats van twee percelen nieuw tot stand kwam is wat betreft het exterieur, maar ook belangrijke delen van het interieur gaaf bewaard gebleven. Het pand heeft dan ook een hoge monumentwaarde als belangrijk overblijfsel in materiële zin van de vooroorlogse joodse gemeenschap .
Vervolgonderzoek Bij eventuele verbouwingen is het dan vanuit bouwhistorisch oogpunt van belang om een vervolgonderzoek (stripwerk) naar bouwsporen en oorspronkelijke elementen uit te voeren. Met name in de later deels afgetimmerde houten wand tussen de lokalen op de begane grond en boven de in 1951 en later aangebrachte plafonds (in lokalen en secretarie) valt wellicht nog het een en ander van het oorspronkelijke werk vrij te leggen. Door de aanwezigheid van afwerkingen is hier in dit rapport verder geen aandacht aan besteed. Er is tijdens de verkenning geen aandacht besteed aan eventueel aanwezige kleurrestanten op onderdelen van het exterieur e n interieur. Een kleurhistorisch onderzoek kan worden aanbevolen wanneer er interesse is om bepaalde onderdelen in oude staat te herstellen. Hierbij kan worden gedacht aan de hoofdentree met omlijsting en/of ramen en kozijnen in alle geveldelen. Binnen het interieur zou een dergelijk onderzoek op binnendeuren en deurkozijnen kunnen worden uitgevoerd. Ook de nog oorspronkelijke stucplafonds bezitten wellicht nog oudere afwerklagen.
Met betrekking tot de archivalia is het aan te bevelen om een nader onderzoek te verrichten naar de stukken die in 1997 door Wim de Wagt zijn geraadpleegd, maar nu niet binnen de beschikbare tijd konden worden opgediept, mede omdat de archiefingangen zoals vermeld in 1997 blijken te zijn gewijzigd. Hopelijk kunnen ze worden achterhaald en kunnen hieruit de oorspronkelijke tekeningen worden opgediept. Het betreft hier de door Wim de Wagt als volgt omschreven archieven: Afd. R.O, Archief Bouwplannen, dossier nr. 10618 (Smedestraat 9 -11/Lange Wijngaardstraat 8-10/14); Gemeentearchief, Nieuw Archief, Indicateurs Algemene Zaken, 1887; Archief Openbare Werken, Brievenboek opzichter, 1887; Raadsbesluiten 1887 en 1888; Sector Gemeentewerken, Archief Bedrijf Openbare Werken en het Gemeentelijk Grondbedrijf; Foto- en documentatiearchief afd. BMA/Mb.
Herstel en herbestemming Bij een herstel en herbestemming zou overwogen kunnen worden om een functie (of functies) te vinden waarbij de oorspronkelijke klaslokalen en de bovenzalen weer in hun oude luister hersteld kunnen worden. Inpassing van woningen die aan alle eisen voldoen zou voor met name de grote zalen op de verdieping niet wenselijk zijn, vanwege de dan noodzakelijke te nemen maatregelen en opdelingen. Een joods museum/informatiecentrum zou in een dergelijk voor de joodse gemeenschap vanuit cultuurhistorisch perspectief zo belangrijk object passend zijn als bestemming. Overigens is een combinatie van functies (wonen is in het ondiepere rechter deel ook mogelijk) ook denkbaar.
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 95
7 BRONNEN EN LITERATUUR
Literatuur
Archief
- R. Stenvert, e.a., Monumenten in Nederland. Deel 10: Noord – Holland, Zeist 2006.
Noord Hollands Archief (NHA) Haarlem:
- R.Rutte en B. Vannieuwnhuyze, Stedenatlas Jacob van Deventer, Bussum 2018.
Archieven: Afd. R.O, Archief Bouwplannen, dossier nr. 10618 (Smedestraat 9-11/Lange Wijngaardstraat 8-10/14);
- B. Speet, Historische Atlas van Haarlem. 1000 jaar Spaarnestad , Amsterdam 2006.
Gemeentearchief, Nieuw Archief, Indicateurs Algemene Zaken, 1887; Archief Openbare Werken, Brievenboek opzichter, 1887; Raa dsbesluiten 1887 en 1888;
- W. Cerutti, Zevenhonderd jaar Janskerk Haarlem 1318-2018. - Wim de Wagt, Joods Haarlem. Een topografie van hoop en herinnering. Haarlem 2005 pp. 39 ev.
Sector Gemeentewerken, Archief Bedrijf Openbare Werken en het Gemeentelijk Grondbedrijf; Foto- en documentatiearchief afd. BMA/Mb. Archief 3417 Nederlands Israëlitische Gemeente Haarlem 1792 -1980, inv. Nr. 263 beeldbank Rijksdienst voor cultureel Erfgoed (RCE): - beeldbank kadastrale kaarten 1811-1832 - beeldbank foto’s Internet - Digitaal archief kadaster - Rijksmuseum (RM): beeldbank - https://www.joodsamsterdam.nl/haarlem/ - Google Maps - edward-wells.nl -https://www.joodsmonument.nl/nl/page/501209/nathanni -mozeszilversmit-and-his-family - https://www.kb.nl/themas/atlassen/stedenatlas -de-wit
Bouwhistorische verkenning Lange Wijngaardstraat 14 Haarlem II blad 96