20210511430 2. Bijlage 1 Bestuursrapportage 2021
Tekst van het document
Bestuursrapportage 2021
Bestuursrapportage 2021
1
Bestuursrapportage 2021
2
Inhoudsopgave 1 Samenvatting en leeswijzer .................................................................................................................. 5 1.1 Analyse uitkomst begroting........................................................................................................... 5 1.2 Samenvatting beleidsrealisatie en hoofdstukken ......................................................................... 7 1.3 Leeswijzer .................................................................................................................................... 11 2 Financiële ontwikkeling sociaal domein 2021 .................................................................................... 12 3 Coronacrisis: financiële impact .......................................................................................................... 17 3.1 Inleiding ....................................................................................................................................... 17 3.2 Voorstellen per beleidsveld ......................................................................................................... 21 3.3 Inzet middelen van noodsteunfase naar herstelfase ..................................................................
31 4 Beleidsrealisatie en Financiële wijzigingen ........................................................................................ 36 Programma 1 Maatschappelijke participatie .................................................................................... 36 Beleidsrealisatie ............................................................................................................................ 39 Programma 2 Ondersteuning en Zorg ............................................................................................... 42 Beleidsrealisatie ............................................................................................................................ 46 Programma 3 Werk, inkomen en schulden ....................................................................................... 48 Beleidsrealisatie ............................................................................................................................ 50 Programma 4 Duurzame Stedelijke Vernieuwing ............................................................................. 53 Beleidsrealisatie ............................................................................................................................ 56 Programma 5 Beheer en Onderhoud ................................................................................................
58 Beleidsrealisatie ............................................................................................................................ 62 Programma 6 Burger, Bestuur en Veiligheid ..................................................................................... 65 Beleidsrealisatie ............................................................................................................................ 68 Programma 7 Algemene Dekkingsmiddelen & Overhead ................................................................. 70 Beleidsrealisatie ............................................................................................................................ 75 4.8 Budgetoverheveling .................................................................................................................... 76 4.9 Overzicht belangrijkste reserves 2021 ........................................................................................ 79 4.10 Begrotingswijziging Bestuursrapportage 2021 ......................................................................... 80 5 Realisatie investeringen ..................................................................................................................... 83 6 Bedrijfsvoering....................................................................................................................................
87 7 Besluitpunten ..................................................................................................................................... 88 Bijlage 1: Rapportage risicovolle projecten ........................................................................................... 89 Bijlage 2: Overzicht voortgang proces bestuurlijke actiepunten .......................................................... 90 Bijlage 3: Lijst van aan- en verkopen gemeente.................................................................................... 91
Bestuursrapportage 2021
3
Bestuursrapportage 2021
4
1 Samenvatting en leeswijzer In de bestuursrapportage wordt verantwoording afgelegd over de voortgang van de beleidsrealisatie en financiën in het lopende begrotingsjaar. De rapportage geeft een vooruitblik van de te verwachten realisatie over het gehele jaar.
1.1 Analyse uitkomst begroting In onderstaande tabel melden wij de financiële wijzigingen ten opzichte van de door de raad vastgestelde Programmabegroting 2021. Omschrijving
2021
a. Begrotingssaldo na Voortgangsrapportage 2021
1.522 n
b. Verwerking Raadsnota Versterkers Duurzaam doen Bestedingsvoorstel 2021 Budgetoverheveling 2021 naar 2022-2023 c. Wijzigingen in deze Bestuursrapportage 2021 Subtotaal b en c d. Begrotingssaldo na vaststellen Bestuursrapportage 2021: NB: de som van bedragen kan afwijken wegens afrondingsverschillen.
1.415 n 4.500 n -12.184 v -6.269 v - 4.747 v
Toelichting bij resultaat a) De begroting 2021 liet na Voortgangsrapportage 2021 een tekort zien van € 1,5 miljoen. b) In het raadstuk Versterkers Duurzaam doen (2021/483988) heeft de raad besloten het bestedingsvoorstel van € 1,4 miljoen, en een budgetoverheveling van € 4,5 miljoen voor het jaar 2021 te verwerken in de Bestuursrapportage 2021. c) De wijzigingen in deze Bestuursrapportage 2021 hebben een voordelig effect van € 12,2 miljoen in het lopende begrotingsjaar. De belangrijkste wijzigingen worden aan het eind van deze paragraaf verder toegelicht. d) Na vaststellen van deze Bestuursrapportage 2021 ontstaat een voordeel van € 4,7 miljoen in jaar 2021.
Wijzigingen in deze Bestuursrapportage 2021 De wijzigingen in deze Bestuursrapportage 2021 hebben een voordelig effect van € 12,2 miljoen in het lopende begrotingsjaar. In het raadstuk Versterkers Duurzaam doen (2021/483988) heeft de raad besloten het bestedingsvoorstel van € 1,4 miljoen, en een budgetoverheveling van € 4,5 miljoen voor het jaar 2021 te verwerken in de Bestuursrapportage 2021. Na verwerking van dit raadstuk resteert een voordelig effect van € 6,3 miljoen. De belangrijkste wijzigingen worden aan het eind van deze paragraaf verder toegelicht. Dit voordelige effect is het resultaat van corona-gerelateerde wijzigingen (€ 0,9 miljoen), verbeteringen (€ 14,8 miljoen), en verslechteringen (€ 3,5 miljoen) in het lopende jaar. Het voordelige effect van € 0,9 miljoen is het resultaat van verschillende corona-gerelateerde wijzigingen. Er is sprake van een voordeel van bijna € 5 miljoen aan compensatie voor inkomstenderving over 2020 en 2021. Er wordt voorgesteld om de compensatie over het jaar 2020 toe te voegen aan de algemene reserve (€ 2,3 miljoen). Daarnaast zijn er per saldo € 1,8 miljoen (nadelig) aan bijstellingen, dit betreft onder andere minder parkeerinkomsten (€ 1,6 miljoen).
Bestuursrapportage 2021
5
Het voordelig effect van € 14,8 miljoen vloeit voort uit verschillende effecten. Het belangrijkste voordelige effect vloeit voort uit de hogere Algemene Uitkering van het rijk (€ 5,7 miljoen). Daarnaast zijn er voordelen te melden hoofdzakelijk als gevolg van; lagere groei van het aantal cliënten dat gebruik maakt van de Wmo dan waarmee in de Begroting rekening is gehouden (€ 3,5 miljoen, incidenteel) en het terugdraaien van een dotatie aan de algemene reserve (€ 2 miljoen). Er is een voordelig effect door structurele effecten in de kosten Wmo, de structureel lagere kosten zijn voornamelijk te verklaren door een lagere groei in het aantal cliënten (€ 751.000). Daarnaast zijn er hogere opbrengsten uit Wabo leges (€ 550.000) en wordt er een hogere opbrengst uit OZBwoningen verwacht (€ 290.000). Tot slot, is er een overschot is op het lokale budget voor economisch daklozen; de middelen bed, bad, brood (€ 250.000), met name veroorzaakt door de extra coronabijdrage van het Rijk voor de opvang. Naast verbeteringen zijn ook verslechteringen te melden in het huidige begrotingsjaar.
Het nadelige effect van € 3,5 miljoen heeft hoofdzakelijk betrekking op het (gedeeltelijk) niet behalen van de taakstellingen binnen het beleidsveld Jeugd (€ 500.000) en beleidsveld Wmo (€ 343.000), de verevening naar jaar 2022 (€ 700.000) en de actualisatie van de voorziening dubieuze debiteuren (€ 350.000). Pr. Omschrijving budgettaire wijzigingen
2021
Budgettair effect wijzigingen corona (per saldo):
-909 v
Verwerking Raadsnota Versterkers Duurzaam doen - Bestedingsvoorstel 2021 - Budgetoverheveling 2021 naar 2022-2023
1.415 n 4.500 n
Verslechteringen Cluster Sociaal Maatregelen en taakstellingen Jeugd (KN) Maatregelen en taakstellingen Wmo (KN)
500 n 343 n
Cluster Burger en bestuur 7 Actualisatie voorziening dubieuze debiteuren 7 Overheveling jaarschijf 2022 div Overige verslechteringen
350 n 700 n 1.642 n
2 2
Subtotaal verslechteringen
3.535 n
2 2 2
Verbeteringen Cluster Sociaal Lagere groei in aantal cliënten Wmo (KN) Structurele effecten kosten – Wmo (KN) Overschot middelen Bed, Bad, Brood
-3.583 v -751 v -250 v
6 7 7 7
Cluster Burger en bestuur Hogere opbrengsten uit leges (WABO) Meicirculaire 2021 Geen extra dotaties Algemene Reserve Ontwikkeling OZB
-550 -5.747 -2.000 -290
div Overige verbeteringen
v v v v
-1.640 v
Subtotaal verbeteringen
-14.811 v
Resultaat Bestuursrapportage 2021
-6.269 v
Bestuursrapportage 2021
6
1.2 Samenvatting beleidsrealisatie en hoofdstukken In hoofdstuk 4 wordt per programma aangegeven wat de geprognosticeerde beleidsrealisatie voor het huidige begrotingsjaar is. Daarnaast geeft een aantal hoofdstukken en bijlagen inzicht in de voortgang op specifieke onderwerpen (hoofdstukken 2,3, 5 en 6). Hier wordt kort samengevat wat de stand van zaken is. Voor gedetailleerde informatie verwijzen we naar de betreffende paragrafen en hoofdstukken. Gevolgen coronacrisis De gemeente Haarlem heeft na het uitbreken van de coronacrisis alles in het werk gesteld om de gevolgen voor corona voor de inwoners, bedrijven en instellingen in de basisinfrastructuur uit de stad zoveel mogelijk te beperken. Uitgangspunt bij deze Bestuursrapportage is dat er in de tweede helft van 2021 weer veel mogelijk is. De focus voor het tweede halfjaar is gericht op de vraag welke herstelmaatregelen nodig en mogelijk zijn. In paragraaf 3.2 wordt per beleidssector en -veld de ontwikkeling geschetst en aangegeven welke voorstellen worden gedaan. In de paragraaf 3.3. wordt uitgewerkt hoe de gemeente van noodsteunfase naar herstelfase komt. De coronacrisis heeft grote effecten op de stad maar ook op de eigen organisatie en uitvoering.
Bij de jaarrekening 2020 is € 3,3 miljoen van de compensatie door de Rijksoverheid die in 2020 als voorschot is ontvangen verwerkt in de jaarrekeningcijfers, de prognose is dat er nog aanvullend € 2,3 miljoen compensatie van het Rijk over 2020 wordt ontvangen. Gelet op de BBV regels kon dit voordeel vanwege de onzekerheden nog niet in 2020 worden ingerekend. Hierdoor vergoedt het Rijk de werkelijke inkomstenderving over 2020 als verwerkt in de jaarrekening 2020 zodat Haarlem op dit onderdeel geen nadeel overhoudt. Bij deze Bestuursrapportage 2021 is de compensatie van het Rijk voor het jaar 2020 (het verschil tussen het voorschot en prognose) en de inschatting voor 2021 als voordeel opgenomen. Dit geeft een voordeel van circa € 5 miljoen in 2021, deze voordelen compenseren de negatieve bijstelling van bepaalde inkomsten die deels al eerder zijn verwerkt. Daarnaast zijn er € 1,8 miljoen aan bijstellingen (onder andere minder parkeerinkomsten € 1,6 miljoen) die per saldo ten laste van de algemene middelen komen. Er wordt voorgesteld de compensatie over het jaar 2020 toe te voegen aan de algemene reserve (€ 2,3miljoen). Hierdoor resteert er een voordeel van € 0,9 miljoen. Dit is een relatief voordeel waarbij niet moet worden vergeten dat de coronalasten al deels eerder zijn meegenomen.
Voortgang doelen en prestaties: 60% van de doelen wordt (grotendeels) gehaald De beleidsmatige rapportage sluit aan bij de doelen en prestaties die in de Programmabegroting 2021-2025 zijn vastgesteld. De stand van zaken voor wat betreft de uitvoering en realisatie van beleid wordt bij elk van de 7 programma’s door middel van een "verkeerslicht" (groen, geel, rood) weergegeven. Groene verkeerslichten (realisatie verwacht), Gele verkeerslichten (realisatie twijfelachtig) en rode verkeerslichten (vermoedelijk geen realisatie) worden toegelicht. Uit deze Bestuursrapportage blijkt dat 78% van de vastgestelde prestaties (grotendeels) gehaald gaan worden. Bij de betreffende programma’s wordt per doel en prestatie de voortgang benoemd. Hieronder een beknopte samenvatting per cluster. Cluster Sociaal Binnen het cluster sociaal domein wordt 81% van de prestaties naar verwachting geheel of grotendeels behaald. Het uitvoeren van het onderwijskansenbeleid verloopt volgens planning, ook zijn veel aanvullende Vroegtijdig schoolverlaten-maatregelen ingezet, die effect hebben. De coronacrisis heeft impact op de realisatie, zo is door de coronacrisis en de voorkeur van ouders voor bepaalde locaties een kleine wachtlijst ontstaan voor voorschoolse educatie - stadsbreed is voldoende plek. De beweeg- en sportprogramma’s worden volledig uitgevoerd en verlopen volgens planning.
Daar waar corona-maatregelen de uitvoering (heeft) bemoeilijkt, worden alternatieve Bestuursrapportage 2021
7
gevonden. Naar verwachting wordt het doel om voldoende en het goed onderhouden van onderwijsen sportvoorzieningen te realiseren grotendeels gehaald. Wel loopt een aantal uitbereidingen / (ver)nieuwbouw projecten van schoolgebouwen achter op schema. Ook binnen de sociale basis worden de doelen en prestaties (grotendeels) gerealiseerd. Door de coronacrisis heeft niet al het ondersteuningsaanbod in de oorspronkelijk vorm kunnen plaatsvinden. Zo hebben de coronamaatregelen een grote impact gehad op het bieden van voldoende ondersteuning voor kwetsbare inwoners. Desondanks hebben de maatschappelijke organisaties flexibel en inventief vele andere manieren gevonden om inwoners te bereiken en verbonden te houden. Het Sociaal Wijkteam (SWT) ondersteunt inwoners bij het betrekken van hulpbronnen in zijn omgeving (netwerk en voorzieningen in de sociale basis) om oplossingen te vinden voor ondersteuningsvragen. Sinds februari lopen de vragen naar een maatwerkvoorziening begeleiding via het SWT (Begeleiding in de wijk). Het totale bereik en het aantal advies- en informatievragen aan het CJG in 2021 is toegenomen. Binnen het beleidsveld Voorzieningen Volwassen worden de doelen en prestaties (grotendeels) gerealiseerd. Een toenemend deel van de aanvragen voor deze maatwerkvoorzieningen wordt binnen de wettelijke termijn afgehandeld.
Mogelijk knelpunt in de rest van het jaar is de beschikbaarheid van personeel. Binnen het beleidsveld Voorzieningen jeugd worden de doelen en prestaties deels gerealiseerd. Voor een groot aantal kinderen wordt er tijdige jeugdhulp op maat geboden. Door de noodzakelijke kostenbeheersing en de toegenomen jeugdhulpvraag en onvoldoende doorstroming naar passende hulp voor jeugd GGZ problematiek lukt dit niet tijdig voor alle kinderen. Kinderen in een onveilige en/of crisissituatie hebben met voorrang zorg toegewezen gekregen. Mede als gevolg van de coronaperiode is er een toegenomen complexiteit in de hulpvragen geweest waar niet altijd een passend hulpaanbod voor beschikbaar was. De verwachting is dat de doelen en prestaties binnen beleidsveld Opvang, wonen en herstel grotendeels gerealiseerd worden. Om de zelfredzaamheid van psychisch kwetsbare Haarlemmers te vergroten en waar mogelijk zelfstandig te laten wonen hebben gemeentes, corporaties en zorgaanbieders in Zuid-Kennemerland en de IJmond in 2021 samenwerkingsafspraken gemaakt over de uitstroom van 178 cliënten per jaar naar zelfstandige woonruimte met begeleiding. Het gebrek aan regiobinding in combinatie met onvoldoende betaalbare woningen zorgt ervoor dat sommige mensen langer dan nodig in een MO of BW setting verblijven.
Met het vaststellen van de regiovisie ‘Verbinden en versterken in de aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling 2020 – 2024, is gestart om de aanpak en de samenwerking te versterken, daarmee is gemeente Haarlem steeds beter in staat dit doel te realiseren. Het duurzaam oplossen van dit geweld vraagt echter om een lange adem. Tot slot wijzen de meest recente cijfers op een afname van het aantal nieuwe daklozen, maar de impact van de coronacrisis op het aantal nieuwe daklozen is nog niet bekend. De coronacrisis heeft ook impact op de realisatie van het programma Werk inkomen en schulden. Door het effect op de arbeidsmarkt van de coronacrisis is er een verwachte stijging van het aantal uitkeringen. Gezien de extra onderzoeken naar rechtmatigheid van de Tozo regeling is de verwachting dat het doel om misbruik en oneigenlijk gebruik van uitkeringen te voorkomen maar deels gerealiseerd gaat worden. Tot slot heeft de coronacrisis impact op de regionale opgave voor de invulling van garantiebanen. Voor het eerst sinds 2015 is de regionale doelstelling niet gehaald. Daarnaast is het percentage Wajongers zonder werk in onze regio iets lager dan het landelijk gemiddelde, er is vooral ook een grote daling te zien van het aantal werkende Wajongers. Dit is niet alleen het gevolg van de coronacrisis. Momenteel wordt onderzocht welke extra en nieuwe maatregelen de gemeente kan nemen.
De meeste andere doelen/prestaties worden grotendeels wel gerealiseerd, bijvoorbeeld t.a.v. de financieel redzaamheid van inwoners. Bestuursrapportage 2021
8
Cluster Fysiek Binnen het cluster fysiek domein wordt 57% van de prestaties en 33% van de doelen naar verwachting geheel of grotendeels behaald. Het doel om meer, betaalbaarder en energiezuiniger aanbod van woningen te creëren wordt grotendeels niet gerealiseerd. De inschrijf- en wachttijd die voor 2021 op 7,6 staat, wordt zoals het er nu uitziet niet gehaald. De prognose is nu 8,1 zoals in de afgelopen jaren. Bij nieuwgebouwde woningen wordt de doelstelling wel behaald. De woningprijzen zijn in de hele randstad gestegen en daardoor zal ook de WOZ-waarde indicator naar verwachting hoger zijn dan de streefwaarde. Daarnaast blijft het een uitdaging om binnen de grote vraag naar woonruimte om voor de lange termijn ook ruimte voor werkfuncties bij de groei van de stad te borgen. De uitvoering van de prestatieafspraken met corporaties voor 2021 loopt wel conform verwachting. Ook het doel om de risico's bij grondverkopen beheersbaar te houden wordt naar verwachting gerealiseerd. Tot slot, hebben de coronamaatregelen een impact gehad op de mogelijkheden voor participatie en contact, toch hebben de acties op de duurzaamheidsthema’s grotendeels plaats kunnen vinden. Door de coronacrisis is er een terugval geweest in economische activiteiten. Vooral de sectoren horeca, detailhandel, cultuur en toerisme zijn hard geraakt.
Zo zijn als gevolg van de coronacrisis instellingen gesloten geweest en/of gelden er beperkingen. De deelname aan cultuur zal dit jaar fors lager zijn. Met name instellingen die sterk afhankelijk zijn van publieksinkomsten zijn zwaar getroffen. Met het ingestelde gemeentelijk noodfonds kan ondersteuning worden geboden om de culturele infrastructuur in stand te houden. Op het beleidsveld Beheer en onderhoud wordt 25% (grotendeels) gerealiseerd en 75% slechts deels. Het aantal meldingen over de openbare ruimte is toegenomen, dit is een landelijke trend. Feitelijk wordt voor de meeste arealen wel het kwaliteitsniveau gehaald. Op basis van het aantal meldingen wordt verwacht dat de tevredenheid niet de gevraagde 50% zal halen. Het groenoppervlakte is licht gestegen vanwege het feit dat er kleinschalige ingrepen zijn waar verharding wordt omgezet naar groen. Hiermee wordt echter niet veel m2 groen toegevoegd. Vanwege de coronacrisis hebben veel mensen thuisgewerkt en daarmee is er ook meer overlast ervaren op parkeervoorzieningen, ook neemt het huishoudelijk (rest)afval flink toe. De invloed dat dit heeft op het scheidingspercentage is lastig in te schatten. Het doel om de mobiliteit te verduurzamen wordt naar verwachting slechts deels gehaald. In 2021 is er weinig met het OV gereisd en is er bij reisbewegingen meer gebruik gemaakt van fiets en auto.
Een aantal projecten is gestart waarbij er ook verbeteringen voor fietsers worden gerealiseerd, echter is een aantal projecten nog niet tot uitvoering gekomen. Het verkeersveiligheidsbeleid ligt in de inspraak. De maatregelen die erbij horen worden tegelijk met het beleid vastgesteld en hierdoor is de verwachting dat dit nog geen effect heeft op het tevredenheidscijfer. Cluster Burger en Bestuur Binnen het cluster Burger en Bestuur wordt 86% van de prestaties naar verwachting geheel of grotendeels behaald. Het lukt het klantcontactcentrum niet meer om binnen de norm van 1 minuut de telefoon te beantwoorden. Dit komt door een aanhoudend groter aantal contacten via de telefoon, en het telefonisch afhandelen van de meldingen openbare ruimte. Deze afhandelingen kosten meer tijd terwijl er minder personeel beschikbaar is. Dit komt door ziekte of preventieve uitval (ook van de externe inhuur) en doordat ingewerkt inhuur personeel uitstroomt. Wel blijven de klanttevredenheidscijfers op peil. Het programma Nieuwe Democratie is door de coronacrisis in aangepaste vorm uitgevoerd, hierdoor word het doel voor meer participatie naar verwachting maar deels bereikt.
Bestuursrapportage 2021
9
Op het beleidsveld Openbare orde en veiligheid worden de doelen en prestaties grotendeels bereikt. Middels informatie-gestuurd handhaven wordt de fysieke en sociale overlast aangepakt, mede door wijkgericht handhaven pakken wijkhandhavers problematiek in hun wijk aan. Door de Coronamaatregelen heeft het accent gelegen op de handhaving van de Tijdelijke wet maatregelen COVID-19 (Twm) en de overlast van jeugd. Op een aantal thema's, zoals de aanpak van fietsenoverlast bij het station, horeca, evenementen en rijdend verkeer, is verminderd ingezet. Gemiddeld genomen is er een daling in geregistreerde misdrijven te zien in Haarlem t.o.v. dezelfde periode vorig jaar. De belastingtarieven zijn kostendekkend vastgesteld, echter het doel om de belastingtarieven niet meer dan met inflatie te verhogen wordt niet gerealiseerd. De hogere stijging van de belastingtarieven is te verklaren uit een extra verhoging van de OZB om de meerjarenbegroting sluitend te maken en een verhoging van de afvalstoffenheffing vanwege de uitvoering van het Strategisch Plan Afval. Er is wel een sluitende meerjarenraming vastgesteld, inclusief een algemene taakstelling. Ook blijft volgens de meest actuele raming de netto schuldquote in 2021 ruim onder de 120%. Tot slot, blijft volgens de meest actuele raming het aandeel overhead ook binnen de streefwaarde.
Onderstaande grafieken geven een overzicht van de realisatieverwachting van de doelen en prestaties per programma. -
2
2
Niet gerealiseerd 3
8 3
-
6
Deels gerealiseerd
6
1
-
1
P1
2 P2
0 P3
1 P4
Volledig gerealiseerd
1
2 1
Grotendeels gerealiseerd
1
2 2
2
2
0 P5
0 P6
P7
Figuur 1: Realisatie doelen
2 4 Niet gerealiseerd 116
P1
5 4 P2
7
2 2 2
4
4
P3
P4
-
Deels gerealiseerd
6
Grotendeels gerealiseerd
6 1 P5
1-
11
5
6
P6
P7
Volledig gerealiseerd
Figuur 2: Realisatie prestaties
Bestuursrapportage 2021
10
Voortgang investeringen: prognose (75%) In de aanloop naar de Programmabegroting 2022-2026 is het Investeringsplan geactualiseerd. Daarbij is een vernieuwde prognose voor de investeringen opgesteld, wat heeft geleid tot een geactualiseerde jaarschijf voor dit jaar. De geactualiseerde jaarschijf voor 2021 is € 56 miljoen. Dit houdt in dat de verwachte investeringen dit jaar ten opzichte van het Investeringsplan zoals dat was opgesteld voor de Kadernota, met € 21 miljoen zijn afgenomen. Het bijgestelde investeringsvolume van € 56 miljoen is 75% van het investeringsvolume van € 75 miljoen dat in de Kadernota was opgenomen. Tot en met juli van dit jaar is € 24,5 miljoen euro geïnvesteerd. Dit is 44% van de (bijgestelde) prognose.
1.3 Leeswijzer Voor de herkenbaarheid van de informatie is de indeling van de bestuursrapportage gelijk aan de begroting. In hoofdstuk 2 wordt de financiële ontwikkeling van het sociaal domein gepresenteerd. In hoofdstuk 3 wordt de financiële impact van de coronacrisis geduid. In hoofdstuk 4 wordt per programma gerapporteerd over beleidsrealisatie en de financiële wijzigingen groter dan € 100.000. In de paragrafen 4.8 en 4.9 worden de budgetoverhevelingen en standen van de belangrijkste reserves toegelicht. Paragraaf 4.10 bevat de door de raad vast te stellen begrotingswijziging die volgt uit de voorstellen in deze bestuursrapportage. Hoofdstuk 5 geeft de realisatie van investeringen weer en in hoofdstuk 6 is de paragraaf Bedrijfsvoering. Tevens is een aantal bijlagen bijgevoegd: Bijlage 1: Rapportage risicovolle projecten (als zelfstandig document aangeboden) Bijlage 2: Geeft een actueel overzicht van het proces moties, amendementen en toezeggingen. Bijlage 3: Bevat een overzicht van aan- en verkopen onroerend goed.
Bestuursrapportage 2021
11
2 Financiële ontwikkeling sociaal domein 2021 Ontwikkeling Wmo en Jeugd In het voorjaar 2020 is gestart met de voorbereiding van de Begroting 2021. Om inzicht in de verwachte ontwikkeling van aantallen cliënten en uitgaven Wmo en Jeugd te krijgen, zijn trends in beeld gebracht. Deze werden, als voorbereiding op de Kadernota 2021 vertaald in een aantal scenario’s. De coronapandemie leidde tot grote veranderingen. In plaats van groei werd landelijk gerekend op vraaguitval. Een aanname die ook in Haarlem is gehanteerd (vraaguitval in 2020 en vertraagde groei in de jaren na 2021). De begroting en meerjarenraming is in het voorjaar van 2020 dan ook beperkt naar boven bijgesteld en er zijn voor zowel Wmo als Jeugd taakstellingen opgenomen. Vorig jaar september werd duidelijk dat de verwachte Coronadip in aantallen en uitgaven zich niet of heel beperkt voordeed. Om die reden is de Begroting 2021 voor Wmo en Jeugd naar boven bijgesteld, op basis van de verwachte groei uit de trendanalyses. Voor deze Bestuursrapportage 2021 is, zoals gebruikelijk, een analyse van de uitgaven tot nu toe gemaakt en is een prognose gemaakt hoe deze zich tot einde 2021 ontwikkelen. Daaruit blijkt dat de volumegroei Wmo zich beperkter voordoet dan verwacht. De coronamaatregelen zijn hier een belangrijke oorzaak van.
Deze ontwikkeling betekent dat er op de Wmo een “voordeel” van € 3,7 miljoen1 wordt verwacht; dit wel ten opzichte van de bijgestelde begroting (met ruim € 8,9 miljoen). Omdat er nog altijd sprake is van groei en de coronamaatregelen van grote invloed zijn op de afname, is de onderbesteding incidenteel (alleen in 2021) van aard. De uitgaven Jeugd lopen nagenoeg gelijk met de Begroting. Ten opzichte van de Kadernota 2022/Voortgangsrapportage 2021 is de verwachting dat een groter deel van de taakstelling gerealiseerd wordt waardoor er per saldo een nadeel van € 0,5 miljoen verwacht wordt in plaats van € 0,8 miljoen. Hierna wordt dieper ingegaan op de financiële ontwikkelingen. Daarnaast wordt ook een aantal inhoudelijke ontwikkelingen toegelicht.
1. Wmo Dit jaar zijn verschillende aanbestedingen (Huishoudelijke Ondersteuning, Gewoon in de Wijk en Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang) gestart waarbij de focus ligt op de transformatie van de ondersteuning en het beter beheersen van de kosten van ondersteuning. De transformatie is gericht op het wijzigen van een stelsel wat gericht is op maatwerkvoorzieningen naar een stelsel gericht op algemene voorzieningen, preventie en wederkerigheid. Op dit moment wordt samen met de regiogemeenten gewerkt aan het vormgeven van de ‘doordecentralisatie’ van het beschermd wonen. In oktober 2021 moeten daarvoor concrete keuzes worden gemaakt, zodat het beschermd wonen, in combinatie met de maatschappelijke opvang opnieuw kan worden vormgegeven. Via een aanbesteding worden dan contracten gesloten met zorgaanbieders die moeten ingaan per 1 januari 2023. 1
Het voordeel bestaat uit € 0,65 miljoen effect Kadernota 2022 (wordt pas verwerkt in deze Bestuursrapportage) en € 3,1 miljoen bijstelling op basis van de verwachting tot eind 2021. Het totale voordeel t.o.v. de Begroting 2021 is daarmee € 3,7 miljoen.
Bestuursrapportage 2021
12
Het bieden van Maatschappelijke Opvang is door de coronacrisis nog complexer geworden. In verband met landelijke richtlijnen (de anderhalve meter regel) en het intensiever gebruik van de opvang waren we genoodzaakt om extra opvangplekken te realiseren. Nu de piek van de Coronacrisis achter ons lijkt te liggen, staan we voor de opgave om de uitstroom naar andere locaties op tijd te organiseren en de extra opvangplekken af te bouwen. Tot op heden is er geen zicht op aanpassingen in wetgeving (resultaatgericht indiceren en maatregelen rond het abonnementstarief) en extra middelen vanuit het Rijk uit. Gezien de geringe progressie in de formatie van een nieuw Kabinet worden, op korte termijn, geen verandering verwacht in de financiële en wettelijke kaders vanuit het Rijk. Medio 2021 is het project Begeleiding in de wijk gestart en de eerste resultaten (3 maanden) zijn overwegend positief: inwoners met een vraag rond begeleiding worden direct geholpen door het Sociaal Wijkteam, nieuwe instroom van maatwerkvoorzieningen lijkt (voorzichtig) terug te lopen. De evaluaties van het Sociaal wijkteam en de samenwerking van Sociaal wijkteam en CJG bevestigen dat we de wijkteams goed functioneren, maar wel bijgestuurd moet worden op een aantal soms complexe verbeterpunten. Deze worden meegenomen in de aanbesteding Gewoon in de wijk.
Per 1 juli wordt met het Normenkader Huishoudelijke Hulp gewerkt als indicatienorm voor de Huishoudelijke Hulp. De eerste signalen over het gebruik van het Normenkader zijn zowel van aanbieders als van (junior) casemanagers Wmo positief. Financieel beeld 2021 Ten opzichte van de Begroting 2021 is het financiële beeld als volgt: Wmo
2021
Kaderbrief 2021 Volume-effecten vanuit 2019 Coronascenario Taakstellingen
2.800 n 2.580 n -690 v
Begroting 2021 Bijstelling groeiverwachting
4.920 n
Kadernota 2022* Volume-effecten vanuit 2020 Bijstelling groeiscenario Niet halen taakstelling
-510 v -470 v 343 n
Totaal bijstellingen
8.973 n
Bestuursrapportage 2021 Verwachte onderbesteding 2021
-3.113 v
* Mutatie wordt verwerkt in Bestuursrapportage, Kadernota is niet vastgesteld
Over de gehele linie blijft de groei achter ten opzichte van de verwachtingen. Daardoor kan de Begroting 2021 nu naar beneden bijgesteld worden. Hierbij worden 2 belangrijke kanttekeningen gemaakt:
De coronamaatregelen zijn een belangrijke verklaring voor de lagere uitgaven. De verwachting is dat er sprake zal zijn van een coronaeffect (inlopen van uitgestelde vragen) vanaf eind 2021, met name bij het collectief vervoer en de huishoudelijke ondersteuning en
Bestuursrapportage 2021
13
daarmee toenemende uitgaven. De verwachting is dat deze meevaller (ten opzichte van de bijgestelde begroting) grotendeels incidenteel is. Er is nog steeds sprake van groei. De groei in de eerste maanden van 2021 is voor de meeste maatwerkvoorzieningen nog steeds significant hoger dan opgenomen in de Begroting 2022. Als deze groei zich doorzet leidt dat tot een significant nadeel ten opzichte van de Kadernota 2022 analyse (pas verwerkt in Begroting 2022).
De onderschrijding wordt veroorzaakt door een lagere groei in het aantal cliënten bij voornamelijk huishoudelijke ondersteuning, ambulante begeleiding en collectief vervoer. Verder is er sprake van een snellere daling in het aantal cliënten dagopvang dan verwacht. De kosten voor woonvoorzieningen blijven ook achter bij de verwachting, voornamelijk door minder aanvragen voor grote woningaanpassingen. De inkomsten vanuit de eigen bijdrage nemen toe door een stijging in het aantal cliënten met een Wmo voorziening. Het aantal cliënten dat gebruik maakt van een hulpmiddel of rolstoel is sneller aan het toenemen dan waarmee rekening mee gehouden werd in de Kadernota 2022 analyse. Dit heeft mogelijk te maken met een inhaalslag door de nieuwe leverancier Kersten die wel kan leveren, wat het Hulpmiddelencentrum (“HMC”) niet kon. Er wordt goed gemonitord worden of dit een structurele groei is. Ondanks deze groei blijven ook hier de uitgaven binnen de ramingen. Het aantal cliënten op gezinsbegeleiding en jongvolwassenen (Perceel 5) blijft toenemen, de vastgestelde budgetplafonds zijn bijna bereikt. Met de aanbieders wordt gesproken over de betekenis hiervan en de mogelijke maatregelen om binnen de plafonds zorg te kunnen bieden. 2. Jeugd De verwerving van de jeugdhulp voor de regio is volop in voorbereiding. De regiovisie is opgesteld.
Er zijn veel bestuurlijke gesprekken gevoerd met het veld ter voorbereiding op de preselectie en de dialoogfase. Er wordt gewerkt aan verdere verbetering van de lokale en (boven-)regionale samenwerking in de beschermingsketen. Uit de registratie van Veilig Thuis over het eerst deel van het jaar blijkt dat Veilig Thuis vooruitgang heeft geboekt in de tijdige inzet van beoordeling en onderzoek. In het kader van de regiovisie is begonnen om Veilig Thuis en de lokale teams te trainen in gefaseerd samenwerken aan veiligheid. Dit zorgt voor een betere samenwerking en het spreken van dezelfde taal. Vanuit de versterking van de aansluiting tussen onderwijs en jeugdhulp wordt er gewerkt aan het opstellen van een gezamenlijk Jeugdondersteuningsplan met de samenwerkingsverbanden passend onderwijs en wordt er verder gekeken naar de mogelijkheid om delen van het aanbod van jeugdhulp in onderwijs via collectief financieren beter te organiseren. Er is veel inzet om de kostenbeheersingsmaatregelen, specifiek de budgetplafonds, te realiseren. Voor een groot aantal kinderen wordt er tijdige jeugdhulp op maat geboden in de eerste helft van 2021. Desondanks lukt het niet voor alle kinderen. De toegenomen jeugdhulpvraag, onvoldoende doorstroming naar passende hulp voor jeugd GGZ problematiek en een toegenomen complexiteit in de hulpvragen door corona zijn hiervoor belangrijke oorzaken.
Kinderen in een onveilige situatie en/of crisis hebben met voorrang zorg toegewezen gekregen. In afstemming met de aanbieders wordt er gericht ruimte geboden om extra in te zetten op de wachtlijsten. In mei werd duidelijk dat een grote aanbieder, Levvel5, financiële problemen heeft, waarbij de continuïteit van zorg in het geding is. Voor de zomervakantie is door een groot aantal gemeenten in Noord-Holland een (voorgenomen) besluit genomen deze organisatie financieel te steunen. Hierdoor kan de zorg aan jongeren verleend blijven worden en kan een doorstart/overname mogelijk gemaakt worden. Aan het reddingsplan wordt volop uitvoering gegeven.
Bestuursrapportage 2021
14
Voor Haarlem geldt dat er een maximale bijdrage aan het reddingsplan is opgenomen. Doordat een deel van de gemeentelijke bijdrage aan Veilig Thuis binnen de DU Vrouwenopvang gedekt kan worden, kan deze financiële meevaller ingezet worden als dekking voor de bijdrage aan Levvel5. Mogelijk komt er vanuit het Rijk nog extra budget beschikbaar dat ingezet kan worden om de gemeentelijke bijdrage te verlagen. En ook aan de regiogemeenten is om een financiële bijdrage voor het in stand houden van de voorziening gevraagd. Voor 2021 is door het Rijk eenmalig € 613 miljoen beschikbaar gesteld (Meicirculaire 2021), grotendeels door het verhogen van de Algemene Uitkering (€ 493 miljoen). Voor Haarlem is via de Meicirculaire 2021 een bedrag van +/- € 4,0 miljoen aan de AU toegevoegd. In de Septembercirculaire 2021 zal nog een bedrag van € 55 miljoen over de gemeenten verdeeld worden. Gelet op het financiële beeld 2021 is het de verwachting dat deze middelen vrij kunnen vallen ten gunste van de algemene middelen. Na langdurige en intensieve gesprekken en onderhandelingen met de GI’s is er nog geen sprake van overeenstemming over het verhogen van de tarieven. Omdat de financiële nood bij de GI’s hoog is, is het voornemen om het tarief voorlopig te verhogen, waarbij deze aanpassing ingaat per 1 juli 2021.
De tarieven zullen vervolgens in een aantal stappen verhoogd worden in combinatie met andere afspraken over beschikbaarheid en kwaliteit. Het effect voor 2021 is beperkt en kan naar verwachting binnen de middelen opgevangen worden. Voor 2022 en verder is met de aanpassingen rekening gehouden in de ramingen.
Financieel beeld 2021 Ten opzichte van de Begroting 2021 is het financiële beeld als volgt: Jeugd
2021
Kaderbrief 2021 Volume-effecten vanuit 2019 Coronascenario Taakstellingen
1.585 n 2.100 n -3.025 v
Begroting 2021 Bijstelling groeiverwachting Effect open-house
1.700 n 1.200 n
Kadernota 2022* Volume-effecten vanuit 2020 Bijstelling groeiscenario Niet halen taakstelling
60 n 0 807 n
Totaal bijstellingen
Bestuursrapportage 2021 Verwachte onderbesteding 2021 Niet halen taakstelling
4.427 n
0
-307 v
* Mutatie wordt verwerkt in Bestuursrapportage, Kadernota is niet vastgesteld
De prognose tot eind 2021 is dat de totale uitgaven nagenoeg binnen het geraamde budget blijven. De vastgestelde budgetplafonds per aanbieder zijn hierin een belangrijk sturingsinstrument. Per aanbieder en per product is er overigens wel sprake van verschillen. Het aantal jongeren dat Bestuursrapportage 2021
15
ambulante zorg heeft, ligt hoger dan in 2020. Dit wordt echter deels verklaard door de zorguitval vanwege corona, die zich in de periode maart-juni 2020 bij voornamelijk deze zorgvorm heeft voorgedaan. Ten opzichte van 2020 is de verwachting dat de kosten wel licht toe zullen nemen, maar dit betreft deels een verschuiving vanuit jeugdhulp met verblijf, een beweging die beleidsmatig gewenst is en al sinds de decentralisatie is ingezet. Bij jeugdhulp met verblijf dalen de aantallen licht. Hoewel het om een relatief kleine afname qua aantallen gaat, nemen de uitgaven wel flink af. Dit komt omdat de kosten per client hoog zijn. De verwachting is dat de kosten voor 2021 als zodanig lager uitvallen dan in 2020. Dit betreft deels een verschuiving naar ambulante zorg omdat ingezet wordt op het eerder inzetten van lichtere zorgvormen. Het aantal cliënten LTA lijkt iets af te nemen in 2021 ten opzichte van 2020. Doordat het om zo weinig cliënten gaat (de afgelopen jaren tussen de 10 en 20) en het complexe zorg betreft, heeft elke cliënt meer of minder een directe financiële impact. Ondanks het lager aantal cliënten, stijgen de uitgaven voor 2021 licht ten opzichte van 2020. Deze kosten zijn voor een gemeente echter niet te beïnvloeden omdat het om landelijke (prijs)afspraken gaat.
Het aantal cliënten in Jeugdbescherming en reclassering (JBJR) neemt toe, de stijgende lijn van de afgelopen 9 maanden (gerekend vanaf juni 2020) lijkt door te zetten. Daardoor is de afname die zich vorig jaar heeft voorgedaan vrijwel teniet gedaan. Als de trend zich voortzet, dan gaat het aantal cliënten JBJR in 2021 verder stijgen. Als zodanig is de verwachting dat de kosten in 2021 zullen toenemen t.o.v. 2020.
Bestuursrapportage 2021
16
3 Coronacrisis: financiële impact 3.1 Inleiding De gemeente Haarlem heeft na het uitbreken van de coronacrisis alles in het werk gesteld om de gevolgen voor corona voor de inwoners, bedrijven en instellingen in de basisinfrastructuur uit de stad zoveel mogelijk te beperken. Naast belastingmaatregelen voor getroffen ondernemers, heeft de gemeente in aanvulling op Rijk en Provincie noodsteun aan instellingen en organisaties verleend die voor het grootste deel financieel afhankelijk zijn van de gemeente. Waar zonder gemeentelijk ingrijpen het voortbestaan wordt bedreigd en de sociaal maatschappelijke infrastructuur in gevaar is, heeft de gemeente actie genomen om dat te voorkomen. Op het moment dat deze Bestuursrapportage 2021 wordt samengesteld, is er nog geen duidelijkheid over de vraag tot hoe lang noodsteunmaatregelen nodig zijn in verband met corona. Steun was met name nodig vanwege het ontwrichtende effect van de lockdowns op de bedrijfsvoering van organisaties. Het landelijk beleid zal afhankelijk zijn van de vaccinatiegraad en het verloop van het aantal besmettingen en ziekenhuisopnames. Door de grootscheepse vaccinaties lijkt het logisch dat het ergste achter de rug is. Kanttekening hierbij is, mocht er een stijging zijn in het aantal besmettingen door bijvoorbeeld een nieuwe coronavirus variant zijn verscherpte maatregelen en lockdowns niet uit te sluiten.
Uitgangspunt bij deze Bestuursrapportage 2021 is dat er in de tweede helft van 2021 weer veel mogelijk is. Daarom lijken er afgezien van incidentele situaties geen noodsteunmaatregelen meer nodig. Er blijft echter veel onzekerheid door de onbekendheid van het verloop van het aantal besmettingen door het deltavirus en andere mutaties van het virus. Als noodsteun inderdaad niet langer noodzakelijk blijkt te zijn, kan de reserve steunmaatregelen corona te zijner tijd worden opgeheven, maar op dit moment is dat te vroeg. Feit is dat de coronacrisis diepe sporen heeft achtergelaten. De focus voor het tweede halfjaar is gericht op de vraag welke herstelmaatregelen nodig en mogelijk zijn. In deze paragraaf wordt uitgewerkt hoe van noodsteunfase naar herstelfase te komen. Verder komt in deze paragraaf aan de orde: - Effect corona op gemeentebegroting 2021; - Per beleidsveld wordt een update gegeven (terugkijken bij afwijkingen ten opzichte van de planning en vooruitkijken tweede halfjaar). In de Voortgangsrapportage 2021 is een coronaparagraaf opgenomen, die paragraaf tezamen met dit hoofdstuk geeft invulling aan toezegging (2021/089901) een overzicht te presenteren van de kosten corona noodsteunmaatregelen. Per saldo is het resultaat in de Bestuursrapportage 2021 coronagerelateerd voor de jaarschijf 2021 € 0,9 miljoen.
Er is sprake van een voordeel van bijna € 5 miljoen aan compensatie voor inkomstenderving over 2020 en 2021. Er wordt voorgesteld om de compensatie over het jaar 2020 toe te voegen aan de algemene reserve (€ 2,3 miljoen). Daarnaast zijn er circa € 1,8 miljoen aan bijstellingen (onder andere minder parkeerinkomsten € 1,6 miljoen). Het vrij besteedbare deel van de reserve steunmaatregelen corona daalt tot bijna € 100.000. De stand van de reserve risico corona blijft gelijk op € 1,5 miljoen. In het vervolg van deze paragraaf wordt het budgettair effect van de corona gerelateerde maatregelen toegelicht. Begrotingsaanpassingen zijn in eerste instantie verwerkt ten gunste (als er Bestuursrapportage 2021
17
sprake is van een voordeel) of ten laste (bij een nadeel) van de algemene middelen. Sommige maatregelen worden gedekt uit specifieke reserves en een aantal voorstellen wordt afgewikkeld door een onttrekking of dotatie aan de reserve steunmaatregelen corona. Het totaaloverzicht van de corona gerelateerde maatregelen 2021 die ten laste en ten gunste van de algemene middelen komen, is als volgt (de mutaties worden in het vervolg van deze paragraaf toegelicht): Specificatie mutaties algemene middelen (een v is ten gunste van)
€ (in duizenden)
Correctie raming kwijtschelden huur sportverenigingen (kosten te hoog geraamd)
-88
v
Huurlasten vaccinatielocaties
40
n
Minder parkeerinkomsten
1.600
n
Voordeel vennootschapsbelasting
-193
v
Minder parkeerboetes
200
n
Extra tijdelijke capaciteit
208
n
Minder secretarieleges
250
n
Reserve Steunmaatregelen Corona (onttrekking)
-250
v
Subtotaal uitgaven
1.767
n
Compensatie inkomstenderving
-4.975
v
Toevoeging algemene reserve (compensatie inkomstenderving 2020)
2.300
n
Totaal
- 909
v
Een aantal uitgavenverhogingen van ruim € 1,4 miljoen wordt gedekt uit de volgende specifieke bijdragen/subsidies van het Rijk: Specificatie tlv subsidie
€ (in duizenden)
Bijdrage Rijk exploitatietekort zwembaden over 2020
-463
v
Bijdrage Rijk ventilatie onderwijsgebouwen
-460
v
Bijdrage Rijk handhaving en toezicht
-496
v
-1.419
v
Aan de reserve steunmaatregelen corona vinden de volgende dotaties en onttrekkingen plaats. Per saldo wordt er € 1,8 miljoen gedoteerd. Specificatie tlv Reserve Steunmaatregelen Corona (onttrekking wordt als min aangegeven en dotatie als plus)
€ (in duizenden)
Extra ondersteuning evenementen en festivals (onttrekking)
-125
Kwijtschelden huur januari t/m juni (50%): overige huurders (onttrekking)
-60
Perspectief jeugd en jongeren 2020 (onttrekking)
-99
Minder benodigd Haarlem Effect en Stichting Dock (terugdraaien onttrekking)
75
Ventilatie onderwijsgebouwen
-350
Startbanenplan (onttrekking)
-70
Afwikkeling bezwaarschriften TOZO (onttrekking)
-120
Geraamd voordeel TOZO-regeling (dotatie)
655
Verlagen extra bijdrage Recreatieschap Spaarnwoude (terugdraaien onttrekking)
45
Verhogen opbrengst dividend (terugdraaien onttrekking)
100
Bestuursrapportage 2021
18
Extra tijdelijke capaciteit (inschatting voorlopig deels niet benodigd, terugdraaien onttrekking)
275
Corona crisisorganisatie (onttrekking)
-150
Inzetten stelpost Cultuur (dotatie)
1.840
Reserve Steunmaatregelen Corona (vrijval)
-250 1.766
Eerder dit jaar is besloten dat de kosten van maatschappelijke opvang ten laste van de reserve Opvang, Wonen en Herstel komt als er geen compensatie van het Rijk komt. Omdat er nog geen rijksbijdrage is ontvangen, wordt dit besluit doorgevoerd. In schema: Wijziging dekking t.o.v. Notitie Coronasteunmaatregelen eerste helft 2021
€ (in duizenden)
Verwachte compensatie Rijk Maatschappelijke Opvang
1.600
Reserve Opvang, Wonen en Herstel (onttrekking)
-1.600 0
Het per saldo-effect van de voorgestelde maatregelen in paragraaf 2.1 t/m 2.5 is bijna € 2,1 miljoen. In het volgende totaaloverzicht zijn de aanpassingen samengevat inclusief de wijze van dekking: Samenvattend overzicht (gesaldeerd)
€ (in duizenden)
Paragraaf 2.1: Maatregelen ondersteuning Cultuur
435
n
Paragraaf 2.2: Maatregelen ondersteuning Sport
375
n
Paragraaf 2.3: Maatregelen ondersteuning Sociale Basis en Maatschappelijke Opvang
-784
v
Paragraaf 2.4: Maatregelen ondersteuning Verbonden Partijen
-145
v
Paragraaf 2.5: Maatregelen gemeentebegroting
2.436
n
Subtotaal:
2.316 n
Ontvangen subsidiebijdragen Rijk
-1.419
v
Reserve Steunmaatregelen Corona (toevoegen)
1.766
n
Stelpost Cultuur
-2.090
v
Reserve Budgetoverheveling (toevoegen)
1.193
n
Subtotaal:
-550
v
Compensatie inkomstenderving Rijk 2020 – 2021
-4.975
v
Resultaat corona-gerelateerd Bestuursrapportage 2021
-3.209
v
Toevoeging algemene reserve (compensatie 2020)
2.300
n
Resultaat corona-gerelateerd Bestuursrapportage 2021
-909
v
Compensatie inkomstenderving door Rijk 2020-2021 Naast de subsidiebijdragen die van het Rijk zijn ontvangen, compenseert het Rijk de gemeente ook voor inkomstenderving. De compensatie betreft bijvoorbeeld toeristen- en parkeerbelasting, marktgelden, evenementenleges, havengelden enz. De algemene lijn is helder maar de hoogte van de te ontvangen compensatie was in de praktijk nog met onzekerheden omgeven en daardoor lastig te bepalen. Op de baten van parkeergarages zijn forse batenverlagingen doorgevoerd en juist voor deze post was er geen zekerheid over de vraag in hoeverre het Rijk gemeenten tegemoet komt voor derving. Voorzichtigheidshalve was er daarom hiermee geen rekening gehouden. Bovendien was tot het begin van de zomer 2021 onduidelijk in hoeverre het Rijk inkomstenderving als gevolg van corona voor heel 2021 vergoedt of alleen de eerste kwartalen 2021. Eind augustus 2021 heeft de gemeente Bestuursrapportage 2021
19
van het Rijk de conceptberekening van de compensatie inkomstenderving over 2020 ontvangen. Hierdoor is er inmiddels meer relevante informatie waardoor kan worden ingeschat hoe hoog de compensatie is voor inkomstenderving 2020 en 2021. Op basis hiervan wordt voorgesteld een aantal aanpassingen te doen. Het geraamde financieel effect voor 2020 is als volgt: Prognose is dat er nog € 2,3 miljoen compensatie van het Rijk over 2020 wordt ontvangen (aanvullend op de € 3,3 miljoen die in 2020 als voorschot is ontvangen en verwerkt in de jaarrekeningcijfers van 2020). Hierdoor vergoedt het Rijk de werkelijke inkomstenderving over 2020 als verwerkt in de jaarrekening 2020 zodat Haarlem op dit onderdeel geen nadeel overhoudt. Begrotingsaanpassing betekent een meevaller in 2021 ter grootte van dit bedrag. Gelet op de BBV regels kon dit voordeel vanwege de onzekerheden nog niet in 2020 worden ingerekend. Dit had een nadelig effect in de jaarrekening 2020. De minderinkomsten voor de gemeente werden in de jaarrekening 2020 immers niet geneutraliseerd door een bijdrage van het Rijk. Omdat het saldo in de jaarrekening wordt verrekend met de algemene reserve wordt voorgesteld de bijdrage over 2020 die nu wordt ontvangen ook te verrekenen met de algemene reserve. Concreet leidt dit tot een dotatie aan de algemene reserve van € 2,3 miljoen.
Het geraamde effect voor 2021 is als volgt: Op basis van de nu beschikbare informatie wordt schattenderwijs gerekend op een bijdrage van het Rijk ter compensatie van de inkomstenderving 2021 van € 5,4 miljoen. Gelet op genoemde onzekerheden was voorzichtigheidshalve een lager bedrag geraamd namelijk € 2,7 miljoen. In totaal is er hierdoor een verwachte meevaller van € 5 miljoen in 2021. In schema (afgerond): Compensatie inkomstenderving
€ (in duizenden)
Compensatie 2020
-2.300 v
Compensatie 2021
-5.400 v
Totaal verwachte compensatie inkomstenderving 2020+2021
-7.700 v
Al opgenomen verwachte compensatie (2021)
2.725 n
Verschil (voordeel)
-4.975 v
Aantekening bij deze cijfers is dat compensatie voor inkomstenderving over 2021 een inschatting is en dus nog niet zeker. Het Rijk compenseert op realisatiebasis (baten moeten ook echt lager zijn). Als de realisatie inkomstenderving lager is dan nu geraamd dan vergoedt het Rijk minder. Mogelijkheid is dan ook dat ramingen later dit jaar alsnog moeten worden bijgesteld. Reserve steunmaatregelen In onderstaand overzicht is in kaart gebracht wat er resteert in de reserve steunmaatregelen corona na eerdere besluitvorming en het verwerken van de voorstellen uit de Bestuursrapportage 2021. De reserve steunmaatregelen corona dient twee doelen. De reserve fungeert enerzijds als egalisatiereserve voor ToZo middelen en anderzijds als buffer om steunmaatregelen uit te kunnen dekken. Het niet beklemde deel van de reserve steunmaatregelen corona is na het verwerken van de voorstellen uit de Bestuursrapportage 2021 € 352.000. Voorstel is het niet beklemde deel van de reserve steunmaatregelen corona af te romen met € 250.000 ten gunste van de algemene middelen. Er blijft daarmee afgerond € 100.000 beschikbaar voor eventuele steunmaatregelen. Daarmee is er Bestuursrapportage 2021
20
voldoende buffer om de komende maanden eventuele claims die nu nog niet in beeld zijn te kunnen honoreren met de algemene reserve als achtervang. Saldo Reserve Steunmaatregelen Corona
€ (in duizenden)
Stand reserve Steunmaatregelen Corona ultimo 2020 (incl. naposten en bestemming)
4.508
Notitie Coronasteunmaatregelen eerste helft 2021
-1.320
Paragraaf Steunmaatregelen Corona voor Voortgangsrapportage Paragraaf Corona Bestuursrapportage 2021
263 1.766 5.217
Waarvan TOZO Waarvan inzet middelen Cultuur Waarvan overig
3.275 1.840 102
Voorstel: - Het verhogen van de inkomstenraming compensatie Rijk in verband met de verwachte afrekening over inkomstenderving 2020 en 2021, ter hoogte van respectievelijk € 2,3 miljoen en afgerond € 2,7 miljoen (€ 5,4 miljoen - € 2,7 miljoen = € 2,7 miljoen). Hiervan komt € 2,3 miljoen ten gunste van de algemene reserve en € 2,7 miljoen ten gunste van de algemene middelen; - De stelposten van € 3 miljoen voor uitgaven en inkomsten (per saldo resultaatneutraal) steunmaatregelen tweede halfjaar 2021 schrappen; - het niet beklemde deel van de reserve steunmaatregelen corona af te romen met € 250.000 ten gunste van de algemene middelen Nogmaals: de voordelen op de inkomstenramingen die hierboven zijn vermeld, dienen in relatie te worden gezien tot bijstellingen van verwachte baten die in verband met corona en steunmaatregelen eerder zijn genomen bij de Programmabegroting 2021, de Voortgangsrapportage 2021 en bij deze Bestuursrapportage. Met andere woorden: deze voordelen compenseren de negatieve bijstelling van bepaalde inkomsten die eerder in de begroting 2021 zijn verwerkt.
3.2 Voorstellen per beleidsveld In deze paragraaf wordt per beleidssector en -veld de ontwikkeling geschetst en aangegeven welke voorstellen worden gedaan.
Paragraaf 3.1 Maatregelen ondersteuning Cultuur Programma 4: Duurzame Stedelijke Vernieuwing Voor 2021 is als compensatie van het Rijk voor coronaschade in de sector cultuur - vooralsnog tot 1 juli 2021 - € 2,6 miljoen ontvangen. Bij het voorstel steunmaatregelen corona eerste helft 2021 is dit geld gereserveerd voor de culturele infrastructuur. Eind 2020 werd namelijk voor de gesubsidieerde culturele infrastructuur voor 2021 gerekend op een totaal tekort van ongeveer € 2,1 miljoen. Daarbij werd echter al aangetekend dat de tekorten mogelijk kunnen worden afgedekt vanuit het surplus dat in 2020 bij diverse instellingen kan worden gerealiseerd vanuit de eerder beschikbaar gestelde steun (de maximale matching voor de C4). Bovendien is duidelijk geworden dat een deel van de Bestuursrapportage 2021
21
gesubsidieerde instellingen in aanmerking komt voor aanvullende steun uit het provinciaal noodfonds, mits de gemeente ook een bijdrage doet uit het gemeentelijke Noodfonds. Inmiddels heeft de gemeente Haarlem van een groot deel van de gesubsidieerde instellingen de jaarrekeningen ontvangen en zijn de voortgangsrapportages over het eerste halfjaar 2021 ingediend. Deze bevatten een prognose voor 2021. Naar verwachting kan het grootste deel van de verwachte tekorten in dit jaar worden opgevangen met de in 2021 door de provincie en gemeente verstrekte noodsteun en/of in 2020 door instellingen aangelegde COVID-bestemmingsreserve. Na inzet van reserves houdt Frans Hals Museum nog rekening met een nadelig exploitatieresultaat als gevolg corona van ca € 50.000, mogelijk nog af te dekken met steun via NOW. Voor de hele gesubsidieerde sector wordt overigens opgemerkt dat ultimo 2021 veel van de COVID-reserves zullen zijn aangesproken en dat het beeld voor 2022 nog onduidelijk is. Het verloop van de coronacrisis kent nog steeds veel onzekerheden. De begrotingen voor 2022 zijn nog niet ingediend, deze worden conform de afspraken uiterlijk 1 november verwacht. De noodsteunmaatregelen die zijn benoemd in raadsvoorstel steunmaatregelen corona eerste helft 2021 zijn volgens planning besteed.
Het gaat daarbij om matching van Toneelschuur, Koorbiennale, Dolhuys, Museum Haarlem, ABC en Pletterij maar ook om de ateliers en het Vervoermuseum. De opgenomen raming voor amateurkunst van € 60.000 is voor € 14.000 benut. Uiteindelijk is het beeld dat van de beschikbare € 2,6 miljoen een bedrag van naar schatting € 2,35 miljoen resteert. Het Rijk heeft met de meicirculaire 2021 aangekondigd ook voor de tweede helft 2021 middelen beschikbaar te stellen voor de ondersteuning van de culturele infrastructuur. Voor Haarlem gaat dat naar verwachting om € 577.000. Voorstel is dit budget onder te brengen in de reserve steunmaatregelen corona en te reserveren voor mogelijke noodsteun aan onder meer Patronaat en Frans Hals Museum. Doordat er voor het tweede halfjaar opnieuw middelen ter beschikking worden gesteld, is de verwachting dat het bedrag dat over het eerste halfjaar 2021 resteert grotendeels niet nodig is voor noodsteunmaatregelen in de cultuursector. Veel hangt af van het verloop van de pandemie en hierover zijn derhalve nog geen stellige uitspraken mogelijk. De kans is echter reëel dat er substantieel (naar huidige inzicht € 2,4 miljoen) overblijft. Daarvoor wordt de volgende bestemming voorgesteld: 1.
Met het nieuwe Cultuurplan wordt voorgesteld om in 2022-2024 met behulp van programmasubsidies de ambities voor het cultuurbeleid te realiseren, en tegelijkertijd daarmee te werken aan het herstel van de hele culturele sector van Haarlem. In de periode 2022-2024 is hier jaarlijks € 500.000 voor nodig. Subsidies zullen verstrekt worden via het Cultuurstimuleringsfonds, aan de hand van een nog uit te werken subsidieregeling. Voorstel is vanuit niet-bestede middelen cultuur in totaal € 1,5 miljoen te reserveren (€ 500.000 in 2022, 2023 en 2024). 2. In de paragraaf bezuinigingen van de Programmabegroting 2022-2026 is aangegeven dat de taakstelling uit de Programmabegroting 2020 “effectiever accommodatiegebruik culturele instellingen” van € 250.000 voor 2022 e.v. voor € 80.000 structureel kan worden ingevuld met concrete maatregelen. Voor € 170.000 (€ 250.000 min € 80.000) is er nog geen invulling. In goed overleg met de instellingen zal voor latere jaren gewerkt worden aan voorstellen om Bestuursrapportage 2021
22
deze taakstelling te realiseren. Bij de Kadernota 2023 wordt opnieuw de balans opgemaakt over de mogelijke scenario’s. Om ruimte te scheppen voor het creëren van werkbare maatregelen om de restantbezuiniging in te vullen, is voorstel om de restantmiddelen cultuur inzake corona in zowel 2022 als in 2023 voor € 170.000 (in totaal derhalve € 340.0000 te benutten. 3. Op 23 maart 2021 heeft het college met een informatienota (2021/147873) de raad geïnformeerd voornemens te zijn om een voorstel ter besluitvorming aan de raad voor te leggen bij de Voorgangsrapportage 2021/Kadernota 2022 om de jaarlijkse exploitatiesubsidie van het FHM structureel te verhogen en een voorstel te doen voor mogelijke incidentele maatregelen. In lijn met dit voornemen wordt voorgesteld € 250.000 beschikbaar te stellen voor collectiebeheer (tijdelijke oplossing te vinden voor de collectie opgeslagen bij het Baars depot) vanuit de restantmiddelen cultuur inzake corona. 4. Als de voorstellen onder 1. en 2. en 3. worden overgenomen, resteert er naar verwachting van de middelen die van het Rijk zijn ontvangen voor coronaschade in de cultuursector € 345.000. Deze restantmiddelen vloeien terug naar de algemene middelen. Dit omdat spiegelbeeldig alle tegenvallers die niet door bijdragen van derden worden gedekt ten laste van de algemene middelen komen.
Voorgesteld wordt hiertoe te besluiten, maar dit pas uiterlijk bij de jaarrekening 2021 te effectueren. Daarmee is er nog ruimte voor het geval dat er verzoeken om noodsteun komen vanuit de cultuursector met een onvermijdbaar karakter. In dat geval kan het restantbedrag nog kleiner worden dan € 345.000. Voorstel: - De gereserveerde middelen cultuur (stelpost) inzetten door dotatie in 2021 aan de reserve steunmaatregelen corona (€ 1.500.000) voor programmasubsidies in 2022-2024 (in 2022, 2023 en 2024 € 500.000); - De stelpost cultuur in de jaren 2022 en 2023 voor € 170.000 inzetten ter dekking van taakstelling “ effectiever accommodatiegebruik culturele instellingen” en daarvoor een dotatie doen aan de reserve steunmaatregelen corona in 2021 ter grootte van € 340.000 (2 x € 170.000); - De stelpost cultuur voor € 250.000 inzetten voor collectiebeheer voor het Frans Hals Museum; - Het restant van de stelpost cultuur (naar huidige schatting € 345.000) valt vrij ten gunste van de algemene middelen tenzij er claims voor steunmaatregelen komen uit de cultuursector met een onvermijdbaar karakter. Verwerken bij de jaarrekening 2021. 3.1.1. Evenementen en festivals In de Voortgangsrapportage 2021 is besloten om € 125.000 in te zetten voor het ondersteunen van de gesubsidieerde evenementen en dit financieel te verwerken in de Bestuursrapportage 2021. Dit besluit wordt nu geeffectueerd.
3.1.2. Overige niet gesubsidieerde huurders gemeentelijk vastgoed Eerder is besloten (raadsvoorstel steunmaatregelen eerste halfjaar) voor overige niet-gesubsidieerde huurders van gemeentelijk cultureel vastgoed maatwerk toe te passen en de kosten hiervan te dekken uit de reserve steunmaatregelen corona. Van een aantal huurders is een verzoek om kwijtschelding ontvangen omdat activiteiten geen doorgang hebben gevonden en inkomsten Bestuursrapportage 2021