20210293263 2. Bijlage 1 Jaarrekening 2020 Werkvoorzieningsscahp Zuid-Kennemerland (Paswerk)
Tekst van het document
Jaarverslag en jaarrekening 2020 Werkvoorzieningsschap Zuid-Kennemerland (Paswerk)
Opgesteld door: Paswerk
Datum: 15 april 2021
VOOR INFORMATIE:
Paswerk Adres:
Spieringweg 835 2142 ED Cruquius
Telefoon:
023 – 54 34 767
Fax:
023 – 54 34 800
E-mail:
info@paswerk.nl
Website:
www.paswerk.nl
Inhoud Voorwoord voorzitter Bestuur
2
1
3
2
3
4
5
6
7
Financieel resultaat 2020 negatief 1.1
Operationeel resultaat valt fors terug...................................................................................... 4
1.2
Lagere netto omzet en hogere bedrijfskosten ........................................................................ 5
1.3
Het operationeel resultaat nader verklaard ............................................................................ 8
1.4
Exploitatieresultaat lager dan begroot .................................................................................... 9
1.5
Voor 2020 geen (additionele) gemeentelijke bijdrage nodig ............................................... 10
De werkunits nader belicht
12
2.1
Krimpende Wsw-populatie ..................................................................................................... 12
2.2
Populatie ‘Nieuw beschut werk’ in de lift .............................................................................. 13
2.2
Ontwikkelingen binnen de werkunits .................................................................................... 14
Bedrijfsvoering en Besluit Begroting & Verantwoording (BBV)
20
3.1
Weerstandsvermogen ............................................................................................................ 20
3.2
Financiering en risicobeheer .................................................................................................. 22
Kerngegevens Paswerk: formatie en financiën
24
4.1
Kerngegevens: formatie en financiën ................................................................................... 24
4.2
Juridische structuur en organogram...................................................................................... 25
Samenstelling bestuur
26
5.1
Bestuur .................................................................................................................................... 26
5.2
Directie .................................................................................................................................... 26
Jaarrekening 2020
27
6.1
Balans per 31 december 2020 ............................................................................................. 27
6.2
Programmarekening over 2020 ............................................................................................ 29
6.3
Kasstroomoverzicht over 2020 ............................................................................................. 30
6.4
Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling ............................................................ 31
6.5
Toelichting op balans.............................................................................................................. 34
6.6
Toelichting op programmarekening ....................................................................................... 39
6.7
Gebeurtenissen na balansdatum .......................................................................................... 46
6.8
Overige gegevens.................................................................................................................... 47
6.9
Investeringen .......................................................................................................................... 48
Controleverklaring
49
Paswerk – jaarverslag en jaarrekening 2020
1
Voorwoord voorzitter Bestuur Paswerk heeft, net als vele andere organisaties, een moeilijk jaar achter de rug. Niet alleen financieel maar vooral organisatorisch was het lastig de bedrijfsvoering in goede banen te leiden. Het jaar 2020 wordt afgesloten met een gerealiseerd exploitatieresultaat van € 311.400 negatief. In financieel opzicht was de impact van de coronacrisis vooral merkbaar aan de afnemende vraag naar diensten en producten van Paswerk en de extra kosten die gemaakt zijn om de bedrijfsactiviteiten te kunnen voortzetten. Door adequate organisatorische maatregelen en voorzieningen op de werkplek was het mogelijk om de medewerkers nog op een veilige en verantwoorde manier te laten werken. Bij veel medewerkers was er ook een sterke behoefte om te kunnen blijven deelnemen aan het werkproces om op die manier hun sociale ritme te kunnen vasthouden. Dit heeft mede geleid tot een goede inzetbaarheid en een relatief laag ziekteverzuim. De resultaten zijn behaald tegen de achtergrond van een structureel afnemende Wsw-populatie, die sinds de invoering van de Participatiewet, steeds verder krimpt. Dit jaar zijn er in totaal 40 Wsw’ers uitgestroomd, in veel gevallen vanwege het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd. Desalniettemin is het aantal Wsw’ers, dat Paswerk begeleid, met ruim 700 personen per ultimo 2020, nog fors.
De gemiddelde leeftijd van de Wsw-populatie neemt echter jaarlijks toe. Inmiddels is meer dan 46% ouder dan 55 jaar. Dit vereist extra aandacht van het begeleidend personeel en een goede inrichting van de werkomgeving zodat de inzetbaarheid van de medewerkers op peil blijft en arbeid gerelateerd verzuim wordt voorkomen. Gezien de financiële problematiek bij veel SW-bedrijven in het land, als gevolg van corona, heeft het Rijk voor 2020 een aanvullende compensatieregeling uitgewerkt om de oplopende tekorten van SW-bedrijven te kunnen dekken. Deze specifiek voor SW-bedrijven bedoelde regeling bedroeg voor de aan de GR-Paswerk deelnemende gemeenten € 1,4 miljoen. Inclusief deze compensatie is aan de GR-gemeenten tezamen een bedrag van € 19.335.754 ter beschikking gesteld voor de uitvoering van de Wsw. Van deze uitkering, uit het Wsw-deel van de integratie-uitkering Participatie, is daadwerkelijk € 19.283.170 aan Paswerk uitbetaald. Verder wordt voorgesteld om het gerealiseerde negatieve resultaat over 2020 ten laste van de algemene reserve te brengen, zodat dit jaar van de aan de GR deelnemende gemeenten geen aanvullende bijdrage nodig is. Deze goede resultaten waren niet mogelijk zonder de inzet van de (Wsw) medewerkers die het werk wederom met veel enthousiasme hebben gedaan. Het bestuur spreekt hiervoor haar waardering uit en dankt de medewerkers voor hun goede inzet.
Bestuur gemeenschappelijke regeling ‘Paswerk’ namens deze MSc F.J. Roduner Voorzitter
Paswerk – jaarverslag en jaarrekening 2020
2
1 Financieel resultaat 2020 negatief Paswerk sluit het boekjaar 2020 af met een negatief resultaat van € 311.400. Net als bij vele andere organisaties heeft de coronacrisis een grote impact gehad op de bedrijfsvoering. De noodzakelijk maatregelen om met corona om te kunnen gaan hebben grote beperkingen opgelegd ten aanzien van de bedrijfsuitoefening. Deze restricties maakten het slechts mogelijk om met een sterk afgeslankte personele bezetting te kunnen werken en op sommige momenten was zelfs een tijdelijke sluiting van bedrijfsonderdelen noodzakelijk. De veiligheid en goede arbeidsomstandigheden van onze kwetsbare doelgroep staan echter voorop en zijn leidend bij de besluitvorming. Veel van onze afnemers, met name de marktgeoriënteerde bedrijven, werden hard geraakt door de crisis en zagen hun afzet afnemen, met als direct gevolg ook een afname van de afzet bij Paswerk. Zo zijn reeds direct na de aanvang van de crisis al veel van de tijdelijke contracten van gedetacheerde medewerkers beëindigd, zonder dat deze medewerkers op dat moment elders konden worden geplaatst. Ook het eerder goed lopende onderdeel Beschut werk met de productie van de Secrid-wallets kreeg te maken met een sterke uitval van de vraag. Deze crisis heeft dus het afgelopen jaar vooral het verdienvermogen van Paswerk aangetast.
Niet alleen Paswerk maar ook veel andere SW-bedrijven binnen de sector zijn geraakt door de coronacrisis. Dit heeft ertoe geleid dat het Rijk een specifieke compensatieregeling voor SWbedrijven heeft uitgewerkt. Deze landelijke compensatieregeling, met een totaalbedrag van € 140 miljoen, moest voorkomen dat de oplopende tekorten bij SW-bedrijven uiteindelijk door gemeenten uit eigen middelen moesten worden gedekt. De extra financiële middelen zijn beschikbaar gesteld door een verhoging van het Participatiebudget ofwel het Wsw-deel van de
In-
tegratie-uitkering Participatie. Voor de aan de GR deelnemende gemeenten bedroeg dit € 1,4 miljoen. Om de bedrijfsactiviteiten toch op een zo goed mogelijke manier te kunnen voortzetten en de medewerkers op een verantwoorde manier te kunnen laten werken, zijn veel extra voorzieningen getroffen die hebben geresulteerd in hogere bedrijfskosten. In totaal is hiervoor € 255.000 aan extra kosten gemaakt. Dit betrof kosten voor werkplekvoorzieningen, aanpassingen aan bedrijfsauto’s, beschermende materialen, uitbreiding van ICT-apparatuur, maskers, coronatests etc. Deze kosten zijn binnen verschillende kostencategorieën van de programmarekening verwerkt. Hoewel de afname van de netto omzet, de extra uitgaven voor corona en de compensatieregeling van het Rijk de meest bepalende factoren zijn voor wat betreft de financiële resultaten is het zinvol om de onderdelen waaruit het exploitatieresultaat bestaat nader te analyseren. Het exploitatieresultaat komt tot stand als optelsom van: • het operationeel resultaat van de verschillende bedrijfsonderdelen
Paswerk – jaarverslag en jaarrekening 2020
3
• het verschil tussen de Wsw-subsidie (Wsw-deel Integratie-uitkering Participatie), die van de GR-gemeenten voor de uitvoering van de Wsw wordt ontvangen, en de personeelskosten van de Wsw-populatie. Hoewel de hoofdopdracht van Paswerk is om de mensen zo goed mogelijk in te zetten, richt Paswerk zich in financieel opzicht primair op het optimaliseren van het verdienvermogen of meer specifiek het operationeel resultaat, omdat het verschil tussen de Wsw-subsidie enerzijds en de Wsw-personeelskosten anderzijds niet of nauwelijks beïnvloedbaar is door Paswerk. De Wswsubsidie, het Wsw-deel van de Integratie-uitkering Participatie, is immers een uitkomst van politieke besluitvorming op Haags niveau en de Wsw-personeelskosten worden bepaald door de onderhandelingen tussen de VNG en vakbonden over de landelijke cao voor de sociale werkvoorziening.
1.1 Operationeel resultaat valt fors terug Het operationeel resultaat, het door Paswerk beïnvloedbare deel van het resultaat, is het verschil tussen de met de levering van producten en diensten gegenereerde netto omzet en de daarvoor gemaakte kosten vanwege inzet van ambtelijke medewerkers en overige bedrijfskosten. Hoewel Paswerk dit jaar nog een positief operationeel resultaat wist te realiseren van € 533.790 staat dit in schril contrast met voorgaande jaren, als ook met het operationeel resultaat van € 2.491.130 dat voor 2020 is begroot. In de onderstaande grafiek is het operationeel resultaat over de jaren 2016 tot en met 2020 weergegeven:
W = werkelijk B = begroot
Het verschil tussen het begrote en het werkelijk gerealiseerde operationele resultaat zijnde € 1.957.340 (€ 2.491.130 begroot -/- € 533.790 werkelijk) wordt in essentie verklaard door de drie onderstaande factoren: • € 1.214.980 lagere opbrengsten (netto omzet);
Paswerk – jaarverslag en jaarrekening 2020
4
• € 308.310 hogere personeelskosten ambtelijke medewerkers, waarvan € 150.000 geen overschrijding betreft maar als hogere doorbelaste omzet is verwerkt in de netto omzet; • € 468.100 hogere overige bedrijfskosten, inclusief € 255.000 extra uitgaven met betrekking tot corona. Deze drie factoren worden in de navolgende paragrafen nader toegelicht.
1.2 Lagere netto omzet en hogere bedrijfskosten Paswerk heeft in 2020 een netto omzet gerealiseerd van € 9.264.430. Dat is ruim € 1,2 miljoen lager dan begroot en € 1,75 miljoen lager dan de gerealiseerde netto omzet over 2019. Wanneer de netto omzet over 2020 nog wordt gecorrigeerd voor de hogere netto omzet vanwege de doorbelasting van personeelskosten, ligt het verschil met de begroting 2020 nog € 150.000 hoger, namelijk op € 1.365.400 lager dan begroot. Deze lagere netto omzet is geheel het gevolg van de coronacrisis. Met name bij de bedrijfsonderdelen ‘Beschut werk’ en ‘Techniek en Grafisch’ waren de nadelige effecten het grootst. Ook ‘Detacheren’ en ‘Dienstverlening’, met de activiteiten schoonmaak en groen, realiseerde een lagere omzet. Wat verder een rol speelt bij de verklaring van het grotere verschil met de gerealiseerde netto omzet over 2019, is dat de personele bezetting Wsw, sinds de invoering van de Participatiewet, aan een structurele krimp onderhevig is. Hierdoor neemt de beschikbare menscapaciteit jaarlijks af en daardoor ook het verdienvermogen van Paswerk. Zo is de Wsw-formatie verder gedaald van gemiddeld 681,8 fte in 2019 naar 645,1 fte in 2020, in totaal een afname van 36,7 fte Wsw. In 2020 realiseerde 1 fte Wsw gemiddeld meer dan € 14.000 netto toegevoegde waarde waarmee de afname van het verdienvermogen kan worden becijferd op ruim € 0,5 miljoen.
In de onderstaande grafiek is ter illustratie het verloop van de netto omzet per jaar weergegeven:
W = werkelijk B = begroot
Omdat het verdienvermogen uiteindelijk wordt bepaald door de Wsw-medewerkers die het werk daadwerkelijk uitvoeren, is netto toegevoegde waarde per Wsw’er een belangrijke indicator voor
Paswerk – jaarverslag en jaarrekening 2020
5
het verdienvermogen. De gerealiseerde netto toegevoegde waarde (netto omzet) per fte Wsw komt voor 2020 uit op gemiddeld € 14.360. Dit is weliswaar een stuk lager € 1.640 dan begroot maar in vergelijking tot andere SW-bedrijven nog altijd hoog. In perspectief van de branche voor SW-bedrijven presteert Paswerk uitzonderlijk goed voor wat betreft de gerealiseerde opbrengsten per SW-medewerker, zo blijkt uit het landelijk onderzoek van R. Capel. Op basis van de meest recente sectorinformatie van branchevereniging Cedris kan voor de branche als geheel worden uitgegaan van een netto omzet per fte Wsw van € 11.100 in 2019. De gerealiseerde netto omzet per fte Wsw bedraagt bij Paswerk in het coronajaar 2020 € 14.360. Gecorrigeerd voor de aan Werkpas Holding BV doorbelaste omzet komt de netto omzet dan uit op € 12.550 per fte Wsw. Dit is met € 1.450 meer, ruim boven het sector gemiddelde.
W = werkelijk B = begroot
Paswerk maakt momenteel een ontwikkeling door waarbij de bedrijfsactiviteiten, vanwege de afnemende Wsw-populatie, aan structurele krimp onderhevig zijn. De belangrijkste opgave van het management in deze fase is, om het juiste evenwicht te behouden tussen het verdienend vermogen van de organisatie enerzijds en de kosten van de organisatie om dit doel te realiseren, anderzijds. De doelmatigheid van de uitgaven is een belangrijk uitgangspunt bij het vinden van deze balans. In de onderstaande grafiek is de ontwikkeling van de bedrijfskosten weergegeven:
Paswerk – jaarverslag en jaarrekening 2020
6
W = werkelijk B = begroot
Uit de bovenstaande grafiek valt op te maken dat de werkelijke bedrijfskosten, de personeelskosten van het ambtelijk (NRG) personeel en de overige bedrijfskosten tezamen, hoger zijn geëindigd dan de begroting. Voor de kosten van het ambtelijk personeel is € 4.986.720 begroot en gerealiseerd € 5.295.030, wat neerkomt op een overschrijding van € 308.310. Voor de overige bedrijfskosten is in 2020 een bedrag van € 3.001.940 begroot en gerealiseerd € 3.470.030. Per saldo € 468.090 hoger dan begroot. Bij de analyse van de kosten van het NRG-personeel moet in aanmerking worden genomen dat een deel van de kosten van het personeel wordt doorbelast aan Werkpas Holding BV en verantwoord is in de netto omzet. Ten opzichte van de begroting is ruim € 150.000 meer doorbelast, waardoor de feitelijke overschrijding van de kosten van het NRG-personeel uitkomt op € 158.260. Deze hogere kosten worden verklaard door een combinatie van verschillende posten. Ten eerste zijn er meer kosten gemaakt voor de inhuur van tijdelijke ondersteuning, + € 47.575. Dit heeft vooral te maken met de inzet van een Arbo-coördinator en ondersteuning ten behoeve van de implementatie van de AVG, de Algemene Verordening Gegevensbescherming, ofwel de privacywetgeving. Paswerk hecht er groot belang aan dat de persoonsgegevens van medewerkers en personeel goed zijn beschermd en dat hun privacy is gewaarborgd.
De afgelopen periode is er hard aan gewerkt om dit te realiseren, waarvoor incidenteel extra kosten zijn gemaakt. Ten tweede een eenmalige last van € 34.000 voor een uitkering einde dienstverband. Op het vlak van scholing van NRG-personeel is, ten derde, circa € 54.000 minder uitgegeven dan begroot. Dit houdt vooral verband met het feit dat veel trainingen en opleidingen wegens corona geen doorgang konden vinden. Het resterende deel van het verschil circa € 130.000 is vooral het gevolg van een hoger dan begrote loonkostenontwikkeling van de cao voor gemeente ambtenaren. De ambtelijke formatie neemt structureel af en dat is ook dit jaar het geval. Met deze afbouw van de personele bezetting wordt getracht de daarmee samenhangende kosten zoveel als mogelijk in lijn te brengen met de afname van de Wsw populatie. De ambtelijke formatie telde in 2020 gemiddeld 53,1 fte. Dat is gemiddeld 1,6 fte minder dan in 2019 en 1,8 fte minder dan begroot.
Paswerk – jaarverslag en jaarrekening 2020
7
Voor wat betreft de overige bedrijfskosten wordt de overschrijding van € 468.090 voor een groot deel veroorzaakt door kosten die incidenteel van aard zijn. Zo is binnen de overige bedrijfskosten € 141.870 verantwoord aan kosten die te maken hebben met de coronamaatregelen. Dit betreft zoal werkplekvoorzieningen, aanpassing van bedrijfsauto’s, beschermings- en reinigingsmiddelen en ICT-voorzieningen en dergelijke. Verder is in de kosten van huur € 100.000 opgenomen voor de huur van het pand aan de Surinameweg. Dit bedrag is echter een-op-een is doorberekend aan Werkpas Holding BV en verantwoord als netto omzet. Onder de diverse lasten zijn de kosten verantwoord van de afboeking van de oninbare vorderingen van Jens Beenhakker BV (HMC) en NHPost welke recentelijk failliet zijn verklaard. Hierdoor komen de diverse lasten circa € 102.500 hoger uit dan de begroting. Nadat de bovenstaande incidentele posten in aanmerking zijn genomen resteert nog een overschrijding circa € 123.000 die hoofdzakelijk wordt verklaard door de hoger kosten van lease van het machinepark van Grafisch en hogere advieskosten derden. Juridische advisering en ondersteuning bij de aanbesteding voor het nieuwe informatiesysteem hebben geleid tot deze hogere advieskosten.
1.3 Het operationeel resultaat nader verklaard Het gerealiseerde operationeel resultaat over 2020 € 533.790, komt met € 1.957.340 substantieel lager uit dan het resultaat dat is begroot, € 2.491.130. Dit lagere resultaat is hoofdzakelijk het gevolg van een lagere netto omzet -/- € 1.365.400 (gecorrigeerd). Daarnaast hebben ook de hogere loonkosten van het ambtelijk personeel + € 158.260 (gecorrigeerd) en de hogere overige bedrijfskosten + € 468.100 een nadelig effect en drukken derhalve het resultaat. In de onderstaande grafiek wordt de verklaring van het operationeel resultaat voor de jaren 2017 tot en met 2020 zichtbaar gemaakt:
W = werkelijk B = begroot
Paswerk – jaarverslag en jaarrekening 2020
8
Het operationeel resultaat vertaald naar een resultaat per SW-medewerker geeft het volgende beeld:
W = werkelijk B = begroot
1.4 Exploitatieresultaat lager dan begroot Het operationeel resultaat, het beïnvloedbare deel van het resultaat, bepaalt weliswaar voor een belangrijk deel het uiteindelijke exploitatie resultaat, maar niet volledig. Het exploitatieresultaat is, naast het operationeel resultaat, opgebouwd uit het verschil tussen de Wsw-bijdragen van gemeenten enerzijds en de Wsw-personeelskosten anderzijds. Dit wordt ook wel benoemd als het tekort op de Wsw of subsidieresultaat. Dit saldo van de Wsw-bijdragen van de gemeenten ad. € 19.301.645 en de Wsw-personeelskosten ad. € 20.146.860, komt dit jaar uit op een laat een tekort van € 845.215. Wanneer rekening wordt gehouden met de incidentele compensatieregeling voor SW-bedrijven in het kader van corona, dan resteert een tekort van circa € 2.245.000, hetgeen min of meer in lijn ligt met de begroting 2020 en het tekort over 2019. Hieruit blijkt dus dat de Wsw-subsidie niet toereikend is om de totale kosten van het Wsw-personeel te dekken. Het tekort op de Wsw wordt echter gedeeltelijk gecompenseerd door het positieve operationele resultaat. In de begroting voor 2020 is uitgegaan van een exploitatieresultaat van € 0, een sluitende exploitatierekening, daar staat een gerealiseerd exploitatieresultaat tegenover van € 311.400:
Paswerk – jaarverslag en jaarrekening 2020
9
Toelichting op exploitatieresultaat: operationeel resultaat compenseert subsidieresultaat Wsw
W = werkelijk B = begroot
1.5 Voor 2020 geen (additionele) gemeentelijke bijdrage nodig Eigen bijdrage
Op grond van artikel 35 lid 4 van de Gemeenschappelijke Regeling Werkvoorzieningsschap
niet nodig
Zuid-Kennemerland, wordt aan de deelnemende gemeenten een bijdrage gevraagd in geval het jaar wordt afgesloten met een negatief exploitatiesaldo. Over 2020 is het exploitatiesaldo van Paswerk weliswaar € 311.400 negatief maar omdat voorgesteld wordt om dit tekort uit de algemene reserve van Paswerk te dekken is geen additionele gemeentelijke bijdrage nodig. Dit betekent dat op de door de gemeenten verstrekte bijdragen, het Wsw-deel uit de Integratie-uitkering Participatie dat van het Rijk ontvangen wordt, geen additionele gemeentelijke bijdragen nodig is. In het navolgende wordt dit verder uitgewerkt. Ten tijde van het opstellen van de begroting 2020, omstreeks januari 2019, is voor het berekenen van de bijdrage in de uitvoeringskosten per gemeente, geheel conform het bestuursbesluit, uitgegaan van de op dat moment bekende gegevens van het Ministerie van SZW. Dat leidde tot de in de onderstaande tabel opgenomen bijdragen per gemeente, zoals in de kolom ‘Bijdrage uitvoeringskosten (begroting)’ is weergegeven.
Paswerk – jaarverslag en jaarrekening 2020
10
Bijdrage uitvoeringskosten Wsw per gemeente en voorgestelde verrekening van de bijdrage 2020:
Bijdrage uitvoeringskosten
Bijdrage uitvoeringskosten
Bijdrage uitvoeringskosten
Integratie-uitkering Participatie Wsw-deel
Bijdrage uitvoeringskosten
Begroting
Steunpakket sw-bedrijven
Totaal
Werkelijk
Herverdeeld
Gemeente Bloemendaal Haarlem Haarlem (buitengemeenten) Heemstede Zandvoort
Verschil
+ te betalen - te ontvangen
767.601 15.215.223 1.330.778 576.062
57.961 1.178.428 113.315 43.802
825.562 16.393.651 1.444.093 619.865
804.245 16.351.415 1.572.311 607.783
802.058 16.306.946 1.568.035 606.131
-23.504 -86.704 123.942 -13.734
17.889.664
1.393.506
19.283.170
19.335.754
19.283.170
-0
Met de bekendmaking van de septembercirculaire 2020 zijn de bedragen voor het Wsw-deel van de Integratie-uitkering Participatie door het Ministerie van SZW herzien en zijn de definitieve bedragen vastgesteld. Deze bijstelling was aanzienlijk vanwege de financiële corona steunmaatregel die specifiek voor SW-bedrijven is opgetuigd. Dit resulteerde in een verhoging van het Wswdeel uit de Integratie-uitkering Participatie voor 2020 van circa 1,4 miljoen. Op basis van deze definitief vastgestelde bedragen is een herberekening gemaakt van de bijdrage in de uitvoeringskosten per gemeente, zie hiervoor de kolom ‘Bijdrage uitvoeringskosten (herverdeeld)’. Deze herverdeling van de bijdrage in de uitvoeringskosten per gemeente is gedaan op basis van de werkelijk verdeling van Integratie-uitkering Participatie, zoals weergegeven in de kolom ‘Integratie-uitkering Participatie: Wsw-deel (werkelijk). De verschillen tussen de bedragen per GR-gemeente, zoals die in de begroting 2020 zijn opgenomen en door de gemeenten aan Paswerk zijn betaald, en de herberekening van de bijdrage in de uitvoeringskosten, zijn in de bovenstaande tabel in de kolom ‘Verschil’ weergegeven. Op grond van het bestuursbesluit van 11 maart jl., zullen deze verschillen door Paswerk met de aangesloten gemeenten administratief worden verrekend.
In totaal is derhalve in 2020 door de deelnemende gemeenten een bedrag van € 19.335.754 uit de Integratie-uitkering Participatie ontvangen, waarvan € 19.283.170 daadwerkelijk aan Paswerk is uitbetaald.
Paswerk – jaarverslag en jaarrekening 2020
11
2 De werkunits nader belicht De coronacrisis heeft een nadelig effect gehad op alle units voor wat betreft de ontwikkeling van de netto omzet, maar niet in dezelfde mate. De in netto omzet gemeten grootste units, ‘Detacheren’ en ‘Dienstverlening’, hebben naar verhouding veel minder omzetverlies geleden dan de unit ‘Beschut werk en Post’ en ‘Grafisch en Techniek’. Deze meer marktgeoriënteerde en op productie gerichte activiteiten blijken qua aard van de bedrijfsactiviteiten gevoeliger voor dergelijke gebeurtenissen. Vanuit het oogpunt van risicospreiding is het daarom van belang om over een goed gespreide activiteitenportfolio te beschikken. Los van de omstandigheden rond corona is het beleid, net als in voorgaande jaren, gericht op het verbeteren van het verdienvermogen van de organisatie, in casu het verdienvermogen van de werkunits. Dit gebeurt in samenhang met een bedrijfseconomisch verantwoorde kostenstructuur. Dit is waar de strategische beleidskeuzes op zijn gericht en waar het management op stuurt. Door tijdig de juiste maatregelen te nemen om de kosten te beheersen is Paswerk in staat om de kwetsbare balans tussen kosten en opbrengsten te continueren. Paswerk kijkt kritisch naar de bedrijfskosten binnen de werkunits.
Zo wordt, waar mogelijk, onderhoud aan gebouwen in eigen beheer uitgevoerd, bedrijfsmiddelen uitsluitend vervangen indien dit bedrijfseconomisch verantwoord is en aangesloten bij de grootschalige inkoopcontracten van de bracheorganisatie van SWbedrijven, Cedris. Dit kan niet zonder goed functionerende werkunits en een goede inzetbaarheid van Wsw-medewerkers die steeds weer in staat zijn de nodige opbrengsten te realiseren.
2.1 Krimpende Wsw-populatie Structurele Krimp Wsw-
De populatie SW-medewerkers neemt sinds de invoering van de Participatiewet structureel af. Zo zijn er in 2020 gemiddeld 40 Wsw’ers, hetgeen overeenkomt met 36,7 fte, uitgestroomd. Veelal is de reden voor uitstroom pensionering maar er zijn ook andere verklaringen, zoals uitstroom wegens langdurige ziekte of verhuizing naar een andere gemeente. De afname van de personele bezetting Wsw voltrekt zich gelijkmatig gespreid over alle onderdelen van de organisatie. Binnen alle werkunits was in 2020 sprake van uitstroom van Wsw’ers. Het is de taak van het management om de krimp van het personeelsbestand Wsw goed te managen en de balans tussen mens en werk in evenwicht te houden. In de onderstaande grafiek is het verloop van het aantal Wsw’ers over de jaren weergegeven:
Paswerk – jaarverslag en jaarrekening 2020
12
W = werkelijk B = begroot
Een belangrijke uitdaging voor Paswerk betreft de uitstroom van ervaren SW-medewerkers die als meewerkend voorman een belangrijk deel van de dagelijkse aansturing voor hun rekening nemen. Deze uitstroom wordt idealiter gecompenseerd door jongere SW-medewerkers klaar te stomen voor deze functies. Het kan echter in bepaalde gevallen onvermijdelijk zijn om de opengevallen plek in te vullen met reguliere, ambtelijke medewerkers. Dit beperkt de mogelijkheid om de ambtelijke bezetting in gelijke tred met de krimp van de Wsw terug te brengen en kan op termijn leiden tot relatieve kostenstijging waardoor de operationele marge van de bedrijfsactiviteiten onder druk komt te staan. Een andere evenzo belangrijke uitdaging is het beperken van het ziekteverzuim en het op peil houden van de inzetbaarheid van de mensen. Door de uitstroom van Wsw’ers en het ontbreken van nieuwe instroom neemt de gemiddelde leeftijd van de Wsw-populatie elk jaar toe. Per ultimo 2020 is meer dan 46% van de Wsw’ers ouder dan 55 jaar. Hoewel dit cijfer min of meer in lijn ligt met het gemiddelde in de SW-branche als geheel, signaleren we dat hierdoor de inzetbaarheid van de mensen afneemt en dat dit een negatieve invloed heeft op het ziekteverzuim. Met intensieve verzuimbegeleiding en begeleiding op de werkplek trachten we deze effecten te minimaliseren en het ziekteverzuim te beheersen.
2.2 Populatie ‘Nieuw beschut werk’ in de lift Gelijktijdig met de beëindiging van de mogelijkheid tot instroom in de Wsw is binnen de ParticiUitvoering
patiewet de mogelijkheid gecreëerd voor het zogenaamde ‘Nieuw beschut werk’. Deze
‘Nieuw
doelgroep betreft mensen die weliswaar arbeidsvermogen hebben maar die (nog) niet in
beschut werk’
een reguliere baan kunnen werken, ook niet met extra begeleiding en ondersteuning. Zij hebben uitsluitend in een beschutte omgeving onder aangepaste omstandigheden mogelijkheden tot arbeidsparticipatie. De gemiddelde kosten per werkplek liggen daardoor ook aanzienlijk hoger dan die van de reguliere Wsw-medewerker. De deelnemende gemeenten schakelen Paswerk in om deze regeling uit te voeren. De cliënten uit de doelgroep ‘Nieuw beschut werk’ worden vanuit
Paswerk – jaarverslag en jaarrekening 2020
13
‘Pasmatch’ geplaatst en op verschillende bedrijfsonderdelen ingezet. Gemiddeld zijn er in 2020 47 personen ‘Nieuw beschut werk’ begeleid. Dit aantal is toegenomen naar 62 plekken per ultimo 2020.
De eerste ervaringen met deze doelgroep zijn positief, echter er moet goed worden beoordeeld op welke werksoorten deze mensen worden ingezet. Het blijkt dat niet alle werksoorten hiervoor geschikt zijn. Omdat Paswerk beschikt over een breed palet aan werksoorten zijn er voldoende mogelijkheden om deze mensen goed in te passen in de leer- werkprocessen en werksoorten die worden geboden, al dan niet met eventuele aanvullende werkplekaanpassingen.
2.2 Ontwikkelingen binnen de werkunits Het afgesloten boekjaar was voor de meeste werkunits een van de moeilijkste jaren uit de geschiedenis van Paswerk. Enerzijds de sterk verminderde of wegvallende vraag van onze afnemers en anderzijds alle beperkende maatregelen en voorzieningen die noodzakelijk waren om bedrijfsactiviteiten toch te kunnen voorzetten. Het voortzetten van de bedrijfsactiviteiten is uitsluitend mogelijk indien de veiligheid van onze kwetsbare doelgroep kan worden gewaarborgd. Er is veel werk verricht om dit alles te kunnen bewerkstelligen en inmiddels kan worden vastgesteld dat de medewerkers en de verantwoordelijk managers van de units deze moeilijke opgave uitstekend hebben volbracht. De gebeurtenissen rond corona kwamen bovenop de niet te onderschatten opgave om de units blijvend goed te laten functioneren, terwijl de Wsw-formatie structureel fors krimpt. Op essentiële werkplekken stromen soms Wsw-ers uit die door anderen moeten worden opgevuld. Dit in het licht van een steeds ouder wordende Wsw-populatie. Hoewel daar een, weliswaar in aantallen beperktere, instroom van medewerkers ‘Nieuw beschut werk’ tegenover staat, betreft dit een we-
Paswerk – jaarverslag en jaarrekening 2020
14
zenlijk andere doelgroep. Deze medewerkers hebben een grotere afstand tot de arbeidsmarkt, een lagere loonwaarde en een hogere begeleidingsintensiteit. Het voorgaande heeft per saldo een grote invloed gehad op de in 2020 gerealiseerde omzet. In de navolgende grafieken is de ontwikkeling van de netto omzet, in vergelijking tot de begroting en in vergelijking tot voorgaande jaren, per werkunit tot uitdrukking gebracht:
W = werkelijk B = begroot
W = werkelijk B = begroot
Paswerk – jaarverslag en jaarrekening 2020
15
De unit ‘Detacheren’, de in omzet en personeel gemeten grootste unit binnen Paswerk, Detacheren
realiseerde een netto omzet van € 2.514.120. Dit is € 207.650 minder dan begroot en € 382.750 minder dan de gerealiseerde netto omzet over 2019. De personele bezetting lag gemiddeld op 224,3 fte Wsw, 9,9 fte minder dan in vergelijking tot vorig jaar. Het aantal fte ‘Nieuw beschut werk’ beperkte zich tot 1,8 fte. Dit resulteerde in een gerealiseerde netto toegevoegde waarde per medewerker Wsw van gemiddeld € 11.209, ten opzichte van € 12.860 vorig jaar. Het verlies aan omzet vanwege corona is in 2020, zo blijkt, beperkt gebleven. Direct bij het intreden van het coronavirus in maart hebben een aantal klanten van ‘Detacheren’ het contract beeindigd en medewerkers naar Paswerk teruggestuurd. Dit aantal is echter beperkt gebleven. Wel hebben sommige klanten hun vaste detacheringscontract omgezet in een contract op flexibele basis. De mensen die tussentijds vrijkwamen zijn tijdelijk intern geplaatst en ingezet op andere activiteiten of daar waar mogelijk op meer flexibele basis uitgezet bij klanten elders. Omdat de vraag naar flexibele arbeidskrachten in de loop van 2020 weer geleidelijk aantrok heeft de unit ‘Detacheren’ zich redelijk snel kunnen herstellen van de dip eerder in het jaar. De vooruitzichten voor ‘Detacheren’ achten wij dan ook goed.
Immers de meeste bedrijven en organisaties zijn momenteel terughoudend met het in dienst nemen van personeel op basis van een vast contract en zullen eerder tijdelijk krachten inhuren. De focus blijft echter wel gericht op het individueel detacheren, omdat hier wordt gewerkt met langer lopende detacheringscontracten en vaak betere tarieven. Voor de medewerkers heeft individueel detacheren als voordeel dat het werk en de werkomgeving beter op hun capaciteiten en behoeften kan worden afgestemd. In veel gevallen neemt hierdoor de begeleidingsbehoefte van de medewerker ook af. In het palet aan werksoorten dat Paswerk te bieden heeft blijft ‘Detacheren’ het best haalbare. Immers de medewerkers zijn werkzaam bij reguliere werkgevers in de regio en de werkzaamheden zijn zo goed mogelijk op hun behoeften afgestemd.
De unit ‘Dienstverlening’, bestaande uit de bedrijfsonderdelen Groen en Schoonmaak, realiDienst-
seerde een netto omzet van € 2.252.360. Dit is € 192.640 minder dan begroot en € 382.750
verlening
minder dan de gerealiseerde netto omzet over 2019. De personele bezetting lag gemiddeld op 124,3 fte Wsw, 13,2 fte minder dan in vergelijking tot vorig jaar. Het aantal fte ‘Nieuw beschut werk’ kwam uit op 4,4 fte. De gerealiseerde netto toegevoegde waarde per medewerker Wsw bedroeg gemiddeld € 18.120 ten opzichte van € 19.165 vorig jaar. Omdat Groen en Schoonmaak hoofdzakelijk werken op basis van jaarcontracten is de impact van corona daarom beperkt gebleven. Bij het onderdeel Schoonmaak was zelfs sprake van extra vraag naar diensten in verband met de verhoogde hygiëne voorschriften. De problematiek voor deze bedrijfsonderdelen zit veel meer bij de afname de personele formatie die al enige tijd zicht-
Paswerk – jaarverslag en jaarrekening 2020
16
baar is. De aard van de werkzaamheden van Dienstverlening brengen een grotere fysieke inspanning met zich mee voor de medewerkers. Het is daarom moeilijker om binnen de huidige populatie nog geschikte medewerkers te vinden en door het ontbreken van nieuwe instroom is de uitstroom binnen dit bedrijfsonderdeel relatief hoog. De aandacht van het management is er op gericht om het werkaanbod zo goed mogelijk hierop aan te passen. Dit betekent in veel gevallen eenvoudiger en lichter werk, maar ook minder renderend. Een bijkomstig voordeel is wel dat met dergelijk werk de inhuur van derden en uitbesteed werk zich beperkt en ook de inzet van machines en materieel wordt gereduceerd.
Het onderdeel Schoonmaak vormt een stabiele pijler binnen de activiteiten van Paswerk. Het betreft veelal meerjarige contracten, waaronder veel werk voor de GR-gemeenten, met uitstekend werk voor onze SWmedewerkers.
Techniek en
De unit ‘Techniek en Grafisch’ bestaat uit een bundeling van een aantal naar aard gelijksoortige
Grafisch
en samenhangende bedrijfsactiviteiten. Dit betreft de bedrijfsonderdelen Metaal, Wielwerk, Assemblage, Fietswerk en Grafisch. De unit ‘Grafisch en Techniek’ bevindt zich in een markt waar sprake is van hoge concurrentie en druk op de marges. De gebeurtenissen rond corona hebben dit nog eens versterkt, hetgeen ook goed zichtbaar was aan de gerealiseerde omzet. De uitstroom van Wsw’ers, die bovendien niet kan worden aangevuld met nieuwe instroom, draagt ook bij aan de druk op de omzet en beperkt het verdienvermogen. Daarom wordt, met name binnen de unit Techniek en Grafisch, in een continu proces gezocht naar mogelijkheden voor de verbetering van werkprocessen. Zo wordt het ‘Lean’-concept waarbij inefficiënties in het werkproces worden geëlimineerd en procesonderdelen beter worden afgestemd op de capaciteiten van de medewerkers, geleidelijk uitgerold. De unit ‘Techniek en Grafisch’ sluit 2020 af met een gerealiseerde netto omzet van
€
1.362.960, fors lager dan begroot, -/- € 377.040, en € 258.660 lager dan vorig jaar. Dit is gerealiseerd met een personele bezetting van gemiddeld op 87,8 fte Wsw, 6,6 fte minder dan 2019. Een afnemende netto omzet in combinatie met de licht afnemende personele bezetting resulteerde voor de unit ‘Techniek en Grafisch’ in 2020 in een lagere toegevoegde waarde van € 15.525 per medewerker Wsw, ten opzichte van € 17.175 vorig jaar. Het bedrijfsonderdeel Wielwerk werd, na jaren een van de stabiele bedrijfsonderdelen te zijn geweest, geconfronteerd met het faillissement van JenS Beenhakker BV (Hulpmiddelencentrum). De gehele netto omzet van de reparatie- en onderhoudsservice van deze hulpmiddelen, gemiddeld € 335.000 op jaarbasis, viel hierdoor weg. Kerstens BV heeft met een gedeeltelijke doorstart de bedrijfsactiviteiten van JenS Beenhakker BV voortgezet en werkt inmiddels weer met
Paswerk – jaarverslag en jaarrekening 2020
17
Paswerk samen. Het jaarlijkse contractvolume voor Paswerk is echter substantieel gedaald naar circa € 75.000 op jaarbasis. De onderdelen Metaal, Assemblage zijn eveneens gevoelig voor de (ongunstige) marktomstandigheden in de voor hun relevante sectoren. Desalniettemin is door Vialis, de belangrijkste afnemer van Metaal, de gehele logistiek rond de productie van verkeerslichten overgedragen aan Paswerk, inclusief het voorraadbeheer. Medio 2020 zijn deze activiteiten overgedragen en binnen Paswerk ingericht. Hiermee heeft Metaal voor de komende tijd weer voldoende werk en daarmee een goede basis voor de toekomst.
Beschut werk
Naast de unit ‘Techniek en Grafisch’ is de unit ‘Beschut werk en Post’ ook zwaar getroffen
en Post
door de coronacrisis. De netto omzet viel terug van € 2.344.550 in 2019 naar € 1.506.480 in 2020, ofwel ruim € 830.000 lager. Ten opzichte van de begroting 2020 € 2.445.000 was dit omzetverlies weliswaar minder, maar met € 688.520 nog altijd fors. Deze afname kwam vooral op het conto van ‘Beschut werk’ die veel werk doet voor Secrid, de belangrijkste afnemer. De personele bezetting kwam uit op gemiddeld 166,6 fte en nam met 7,5 fte licht af in vergelijking tot vorig jaar. De netto toegevoegde waarde per medewerker daalde met € 4.424 naar € 9.043, per medewerker Wsw. Met de bedrijfsactiviteiten van onderdeel Beschut Werk wordt getracht een stabiele werkomgeving te creëren waarin de medewerkers hun werk goed kunnen doen. Aan de basis hiervan ligt het werk dat voor een aantal grotere opdrachtgevers zoals Secrid, KLM, Newasco wordt uitgevoerd. Door de samenstelling van het werkpakket goed uit te balanceren en de medewerkers intensief te begeleiden worden de beste resultaten behaald. In tegenstelling tot Beschut werk waar de activiteiten voornamelijk in een beschutte omgeving worden uitgevoerd, vindt de postbezorging hoofdzakelijk in de wijken plaats. Postbezorging is, vooral fysiek, een zwaardere belasting voor de medewerkers omdat het werk op buitenlocaties en in de wijken wordt verricht.
Het werk is georganiseerd op basis van vaste looprondes waarbij de dichtheid van de poststukken een bepalende factor is. Post is al jaren een goed renderende bedrijfsactiviteit met een team van gemotiveerde medewerkers. Desondanks heeft corona de gerealiseerde omzet ook hier fors onder druk gezet.
Paswerk – jaarverslag en jaarrekening 2020
18
Opbrengst uit
Naast de omzet die door de werkunits wordt gerealiseerd vormt de opbrengst uit verhuur van
verhuur
bedrijfsruimte van het pand aan de Cruquius inmiddels een substantiële opbrengstencategorie. In totaal is in 2020 voor € 361.646 aan opbrengsten uit verhuur van bedrijfsruimte gerealiseerd. Daar tegenover stond een begroting van € 363.492. Het benutten van de mogelijkheden tot verhuur van bedrijfsruimten is een belangrijk element om de exploitatiekosten van de hoofdlocatie te reduceren en het verdienvermogen te optimaliseren. Het blijkt echter niet altijd even makkelijk om de ruimtes die beschikbaar komen goed af te stemmen op de behoeften van potentiële huurders. Het vergt de nodige inspanning om de juiste kandidaten te vinden en om de ruimtes geschikt te maken voor verhuur.
Paswerk – jaarverslag en jaarrekening 2020
19
3 Bedrijfsvoering en Besluit Begroting & Verantwoording (BBV) 3.1 Weerstandsvermogen Opvangen tegenvallers
Onder weerstandsvermogen wordt verstaan de mogelijkheid om (financiële) tegenvallers op te vangen. Bij het bepalen van het weerstandsvermogen spelen in essentie twee begrippen een belangrijke rol: • De weerstandscapaciteit. • De mogelijke risico’s. De weerstandscapaciteit wordt bepaald door de middelen en mogelijkheden waarover de organisatie kan beschikken om niet begrote kosten te dekken. Een van de mogelijkheiden die Paswerk heeft om niet begrote kosten te dekken is het doorvoeren van bezuinigingen binnen de begroting zelf. Omdat echter een groot deel van de kosten bestaan uit niet of nauwelijks beïnvloedbare kosten is deze mogelijkheid beperkt. Een andere mogelijkheid is dat de aan de gemeenschappelijke regeling deelnemende gemeenten, ieder voor hun aandeel, bijdragen in het negatieve exploitatiesaldo van enig jaar. Immers de GR gemeenten zijn hier aan gehouden conform artikel 35 van de gemeenschappelijke regeling. Voor de beoordeling van het weerstandsvermogen is het van belang om de risico’s te benoemen, die (in het geval zich een dergelijke, in de begroting onvoorziene positieve dan wel negatieve, gebeurtenis voordoet) van materiële invloed zijn op de begroting. Een belangrijke gebeurtenis die in dit verband kan worden genoemd is de mogelijke afname van de (regionale) economische groei.
Van een dergelijke situatie kan Paswerk nadelige effecten ondervinden, met name bij het uitplaatsen van deelnemers bij werkgevers als ook bij de ontwikkeling van de omzet en de druk op de verkoopprijzen. Een indicator van het weerstandsvermogen is de solvabiliteit. De solvabiliteit komt per ultimo 2020 op een percentage van 64,1, een geringe toename met 1 procent ten opzichte van stand per ultimo 2019. Een goede solvabiliteit is, zeker voor de komende jaren, van essentieel belang om mogelijk extra lasten als gevolg van een krimpende organisatie te kunnen opvangen. De verwachtingen voor de toekomst zijn, mede gezien de ontwikkelingen rond het coronavirus, tamelijk ongewis en daarom moeilijk te voorspellen. Paswerk zal echter zover als mogelijk rekening houden met de gevolgen hiervan. Er wordt veel inspanning geleverd om de benodigde omzet te realiseren en alle uitgaven worden kritisch beoordeeld op de noodzaak ervan. In het verslagjaar hebben zich geen risico's voorgedaan waarvan de financiële invloed van materieel belang was op de begroting.
Paswerk – jaarverslag en jaarrekening 2020
20
Kengetallen
Onderstaand zijn enkele kengetallen opgenomen die een indicatie geven van het weerstandsvermogen van Paswerk: Kengetallen
2020
2019
2018
Werkelijk
werkelijk
werkelijk
€ -1.195.252
€ -836.088
€ - 656.805
64,1%
63,1%
63,0%
Structurele exploitatieruimte
nihil
nihil
nihil
Belastingcapaciteit
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
Grondexploitaties
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
Netto schuldquote Solvabiliteit
Ter toelichting: • De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. • De solvabiliteit geeft een indicatie van de mate waarin Paswerk in staat is om aan haar verplichtingen op de langere termijn te voldoen. Het bestuur van Paswerk heeft besloten dat een solvabiliteit 30 procent het minimumniveau is. Een goede solvabiliteit is, zeker voor de komende jaren, van essentieel belang om mogelijk extra lasten als gevolg van een krimpende organisatie te kunnen opvangen. • De structurele exploitatieruimte geen aan welke structurele ruimte Paswerk heeft om de eigen lasten te betalen. Onderhoud
Het beleid van Paswerk is er op gericht dat er uitsluitend wordt geïnvesteerd in kapitaal-
kapitaal-
goederen die ten dienste staan van de bedrijfsvoering en bijdragen aan de realisatie van
goederen
de doelstellingen. Het merendeel van de kapitaalgoederen bestaat uit gronden, gebouwen, machines, apparaten, installaties en vervoermiddelen. Het beleid ten aanzien van aanschaf en onderhoud kan als volgt worden samengevat: • Aanschaf: Kapitaalgoederen zoals machines, apparaten, installaties en vervoermiddelen worden vervangen indien de economische dan wel de technische levensduur is verstreken en de continuïteit van de bedrijfsvoering dit vereist. Nieuwe investeringen worden slechts gedaan als aan de daarvoor opgestelde criteria wordt voldaan. Kapitaalgoederen waarvan het niet langer is gerechtvaardigd dat zij worden aangehouden worden afgestoten. • Onderhoud: Het beleid ten aanzien van het onderhoud van kapitaalgoederen is geënt op instandhouding en waarborging van de inzetbaarheid tegen de laagste 'total cost of ownership'. Om goed inzicht te krijgen van het noodzakelijke onderhoud van gebouwen wordt het meerjaren onderhoudsplan periodiek geactualiseerd. De kosten van incidenteel en planmatig onderhoud worden gedekt uit de lopende exploitatierekening.
Paswerk – jaarverslag en jaarrekening 2020
21
3.2 Financiering en risicobeheer Treasurybeleid
Het treasurybeleid van Paswerk is vastgelegd in het treasurystatuut. Hiermee wordt voldaan aan de eisen die vanuit de Wet fido aan decentrale overheden worden gesteld. Paswerk onderkent het belang van een verantwoord en adequaat beheer van haar financiële middelen en wenst haar activiteiten op het gebied van treasury op een zo transparante en beheersbaar mogelijke wijze in te richten. • Risicobeheer: In dit verslagjaar heeft Paswerk geen leningen of garanties bij derden uitgezet. Paswerk onderhield ten behoeve van de verrekening van de onderlinge vorderingen en schulden een rekening-courantverhouding met Werkpas Holding BV. De hiervoor vastgestelde kredietruimte werd in het begrotingsjaar niet overschreden. Paswerk maakt geen gebruik van derivaten en er is geen sprake van exposures in vreemde valuta. De toetsing aan de kasgeldlimiet en de renterisiconorm zoals deze door de Wet fido worden voorgeschreven en in onderstaande tabellen zijn uitgewerkt, leert dat deze niet worden overschreden. De vorderingen op debiteuren stonden dit jaar gemiddeld zo’n 47 dagen open. Het betalingsgedrag of betalingsrisico van debiteuren is, in vergelijking met vorig jaar (gemiddeld 42 dagen), verslechterd.
Het betalingsrisico op debiteuren wordt verminderd doordat een substantieel deel van de vorderingen uitstaat bij overheids- (gerelateerde) instellingen welke per definitie een lager betalingsrisico kennen. De liquiditeitspositie, tot uitgedrukking gebracht met de current ratio, is licht afgenomen van 1,7 per ultimo 2019 naar 1,6 per ultimo 2020. Door middel van een adequate liquiditeitsplanning en -bewaking wordt getracht de liquiditeitsrisico's te beheersen. • Financiering: De gecontracteerde ruimte op het rekening-courantkrediet bij Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) bedraagt € 2,5 miljoen. Deze ruimte wordt toereikend geacht om mogelijke fluctuaties in de liquiditeitsbehoefte in de nabije toekomst op te vangen. • Schatkistbankieren: Paswerk valt als decentrale overheid binnen de reikwijdte van de Wet financiering decentrale overheden (Fido) en is daarmee verplicht overtollige liquide middelen aan te houden bij de schatkist. De drempelwaarde van € 250.000, die op dit zogenaamde schatkistbankieren van toepassing is, werd in 2020 overschreden. Dit betekent dat Paswerk vanaf dat moment dagelijks de overtollige liquide middelen afdraagt aan de schatkist. Over deze aan het Rijk beschikbaar gestelde saldi wordt geen rente vergoed. De toetsing aan de kasgeldlimiet, zoals weergegeven in het onderstaande overzicht, moet plaatsvinden per eerste datum van ieder kwartaal.
Voor de toetsing aan de renterisiconorm wordt het gehele jaar in aanmerking genomen.
Paswerk – jaarverslag en jaarrekening 2020
22
Toetsing aan de kasgeldlimiet: (bedragen in euro )
1e kw
2e kw
3e kw
4e kw
30.186.223
30.186.223
30.186.223
30.186.223
8,2%
8,2%
8,2%
8,2%
2.475.270
2.475.270
2.475.270
2.475.270
Toegestane kasgeldlimiet: Omvang van de begroting per 1 januari (grondslag) In procenten van de grondslag Kasgeldlim iet Netto vlottende schuld: vlottende korte schuld -
-
-
-
Schuld in rekening-courant
Opgenomen gelden korter dan 1 jaar
509.414
423.811
1.240.984
851.641
Totaal vlottende schuld
509.414
423.811
1.240.984
851.641
Netto vlottende schuld: vlottende middelen Contante gelden in kas
5.715
7.056
9.560
14.675
Tegoeden in rekening-courant
22.781
30.605
21.254
25.303
Overige uitstaande gelden korter dan 1 jaar
14.595
14.595
14.595
14.595
Totaal vlottende middelen
43.090
52.256
45.409
54.573
Netto vlottende schuld
466.324
371.555
1.195.575
797.068
Toegestane kasgeldlimiet
2.475.270
2.475.270
2.475.270
2.475.270
Netto vlottende schuld
466.324
371.555
1.195.575
797.068
2.008.947
2.103.715
1.279.696
1.678.202
2020
2019
2018
2017
Toetsing aan de kasgeldlimiet:
Ruim te
Toetsing aan de renterisiconorm: (bedragen in euro )
Renterisico op langlopende schulden: Renteherziening op langlopende schulden o/g
-
-
-
-
Renteherziening op langlopende schulden u/g
-
-
-
-
Netto renteherziening op langlopende schulden
-
-
-
-
Nieuw aangetrokken langlopende schulden o/g
-
-
-
-
Nieuw verstrekte langlopende leningen u/g
-
-
-
-
Netto nieuw aangetrokken langlopende schulden
-
-
-
-
175.000
175.000
175.000
175.000
Betaalde aflossingen Herfinanciering
-
-
-
-
Renterisico op de langlopende schulden
-
-
-
-
652.014
827.014
1.002.014
1.177.014
20%
20%
20%
20%
130.403
165.403
200.403
235.403
2.500.000
2.500.000
2.500.000
2.500.000
-
-
-
-
2.500.000
2.500.000
2.500.000
2.500.000
Renterisiconorm: Stand van de vaste schuld op 1 januari Het bij ministeriële regeling vastgestelde percentage Renterisiconorm Toetsing renterisiconorm : Renterisiconorm (minimum) Renterisico op de langlopende schulden Ruim te
Paswerk – jaarverslag en jaarrekening 2020
23
4 Kerngegevens Paswerk: formatie en financiën 4.1 Kerngegevens: formatie en financiën
(bedragen in euro )
2020
2020
2019
Werkelijk
Begroting
Werkelijk
Wsw : Wsw w erknemers (personen) Wsw w erknemers (fte)
735
741
775
645,1
654,8
681,8
Wsw w erknemers begeleid w erken (fte)
14,4
9,9
13,5
Wsw w erknemers (SE)
668,3
674,6
702,9
53,3
55,1
54,9
Am btelijke w erknem ers: Ambtelijke w erknemers (fte)
Financiële ratio's: (per fte Wsw ) Netto omzet
14.348
16.005
16.156
Personeelskosten Wsw
30.521
30.663
29.709
Netto omzet
9.264.427
10.479.790
11.015.072
Exploitatieresultaat
-311.424
-
-
19.301.646
17.889.664
18.417.720
296.714
-
795.632
11.185.165
Resultaat:
Gemeentelijke bijdrage Cash flow
Verm ogen: Balanstotaal
10.535.141
10.306.223
Eigen vermogen
6.751.082
6.376.454
7.062.507
Langlopende schulden
1.081.215
1.028.250
1.254.715
7.888.305
Activa: 7.430.351
8.054.294
Investeringen
Materiële vaste activa
245.262
525.900
421.760
Afschrijvingen
608.138
614.389
795.632
Solvabiliteit
64,1%
61,9%
63,1%
Current ratio
1,6
Overige financiële ratio's: 1,7
(fte) = full-time equivalenten (SE) = Standaard eenheden (eenheid vo or de Rijkssubsidie)
Paswerk – jaarverslag en jaarrekening 2020
24
4.2 Juridische structuur en organogram Verbonden partijen
De juridische organisatie van Werkvoorzieningsschap Zuid Kennemerland (Paswerk) kwalificeert als verbonden partij. Een verbonden partij is een privaat- danwel een publiekrechtelijke organisatie waarin een bestuurlijk én een financieel belang wordt gehouden. Een bestuurlijk belang is aanwezig indien er zeggenschap bestaat uit hoofde van stemrecht dan wel vertegenwoordiging in het bestuur van de organisatie. Een financieel belang is aanwezig wanneer een ter beschikking gesteld bedrag niet verhaalbaar is bij faillissement, dan wel als financiële aansprakelijkheid bestaat indien de verbonden partij haar verplichtingen niet nakomt. Paswerk is juridisch georganiseerd als gemeenschappelijke regeling en als verbonden partij gelieerd met de aan de gemeenschappelijke regeling deelnemende gemeenten. Dit zijn de gemeente Bloemendaal, Haarlem, Heemstede en Zandvoort.
Organogram
Sinds de invoering van de Participatiewet, in 2015, richt Paswerk zich uitsluitend op de uitvoering van de Wsw voor de GR-gemeenten. De activiteiten zoals re-integratie, dagbesteding en het leerwerkbedrijf voor jongeren worden niet langer uitgevoerd door Paswerk maar zijn ondergebracht in Werkpas holding BV. De organisatiestructuur van Paswerk is ingericht op basis van de zogenaamde unitstructuur. Deze units zijn georganiseerd op basis van marktoriëntatie en dragen ieder afzonderlijk resultaatverantwoordelijkheid. De vier units worden ondersteund door een afdeling ‘operational services’ die zorgdraagt voor werkvoorbereiding, logistiek en de facturering. Het organisatiemodel van Paswerk kan als worden gevisualiseerd:
Paswerk – jaarverslag en jaarrekening 2020
25
5 Samenstelling bestuur
5.1 Bestuur Gemeente Haarlem
Dhr. F.J. Roduner, voorzitter
Gemeente Heemstede
Dhr. J.F. Struijf, secretaris
Gemeente Bloemendaal
Mw. S.C.T. de Roy van Zuidewijn-Rive
Gemeente Zandvoort
Dhr. J.M. Berendsen (tot 1 juli 2020) Dhr. G.J. Bluijs (met ingang van 1 juli 2020)
5.2 Directie Directie
Paswerk – jaarverslag en jaarrekening 2020
De heer C. Boon, algemeen directeur
26
6 Jaarrekening 2020 6.1 Balans per 31 december 2020
31 december 2020
(bedragen in euro )
31 december 2019
ACTIVA
Vaste activa Materiële vaste activa Investeringen met een economisch nut Financiële vaste activa Kapitaalverstrekkingen aan overige verbonden partijen
Totaal vaste activa
7.430.351
7.888.305
1
1
7.430.352
7.888.306
Vlottende activa Voorraden Overige grond- en hulpstoffen Gereed product en handelsgoederen
143.052 421.865
45.865 107.181 564.917
Uitzettingen met een rent typische looptijd korter dan één jaar Vorderingen op openbare lichamen Overige vorderingen Overige uitzettingen
494.653 1.923.029 14.595
153.046
384.491 2.636.514 14.595 2.432.277
Liquide middelen Kassaldi Banksaldi Schatkist
5.361 35.051 -
Overlopende activa Overige nog te ontvangen en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen
Totaal vlottende activa
TOTAAL ACTIVA
Paswerk – jaarverslag en jaarrekening 2020
3.035.600
5.715 22.781 40.412
28.495
67.183
79.717
3.104.789
3.296.858
10.535.141
11.185.165
27
Balans per 31 december 2020 (vervolg)
PASSIVA
Vaste passiva Eigen vermogen Algemene reserve Resultaat voor bestemming
7.062.507 -311.424 Totaal eigen vermogen
Voorzieningen voor verplichtingen, verliezen en risico's
7.062.507 6.751.082
7.062.507
48.934
142.758
Vaste schulden met een rente typische looptijd van één jaar of langer Onderhandse leningen van binnenlandse banken en overige financiële instellingen Ontvangen waarborgsommen
1.050.000 31.215
Totaal vaste schulden
1.225.000 29.715 1.081.215
1.254.715
Vlottende passiva Netto vlottende schulden met een rente typische looptijd korter dan één jaar Banksaldi Overige schulden
755.192 1.160.603 Totaal vlottende passiva
509.414 1.377.079 1.915.795
1.886.493
Overlopende passiva Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen. Overige vooruit ontvangen bedragen die ten bate van volgende begrotingsjaren komen. Totaal overlopende passiva
TOTAAL PASSIVA
Paswerk – jaarverslag en jaarrekening 2020
662.337
672.922
75.778
165.770 738.115
838.692
10.535.141
11.185.165
28
6.2 Programmarekening over 2020
(bedragen in euro)
2020 Begroting
2019 Werkelijk
9.264.427
10.479.790
11.015.072
380 380
-
865 865
Totaal opbrengsten
9.264.806
10.479.790
11.015.936
Bijdragen Wsw gemeenten
19.301.646
17.889.664
18.417.720
Personeelskosten Wsw Bruto lonen Lage inkomens voordeel Sociale lasten en pensioenpremies Uitkeringen Vervoerskosten Overige kosten Werkgeverssubsidies begeleid werken Totaal personeelskosten Wsw
15.664.879 -375.456 3.983.611 -96.202 496.494 366.675 106.859 20.146.861
15.782.190 -437.685 4.198.061 524.921 248.918 64.389 20.380.794
15.996.654 -481.266 4.249.237 -43.303 529.776 309.944 95.023 20.656.064
Personeelskosten ambtelijke medewerkers Bruto lonen Sociale lasten en pensioenpremies Uitkeringen Vervoerskosten Doorbelaste loonkosten derden Aanwending voorziening personeel Overige kosten Totaal personeelskosten ambtelijke medewerkers
1.229.222 379.127 24.032 43.289 3.559.815 -98.944 158.492 5.295.033
1.276.538 401.507 9.900 42.265 3.074.711 181.800 4.986.721
1.370.269 399.486 36.713 53.105 3.105.619 -378.923 360.002 4.946.272
Overige kosten Afschrijvingskosten materiële vaste activa Rente Huur Onderhoudskosten Energieverbruik Belastingen en verzekeringen Algemene kosten Diverse lasten Totaal overige kosten
608.138 47.309 436.915 827.290 435.213 286.018 696.628 132.522 3.470.034
614.389 80.000 248.500 792.000 421.000 267.000 549.050 30.000 3.001.939
795.632 54.211 355.485 941.541 461.643 268.551 644.556 57.651 3.579.270
Bedrijfsresultaat
-345.476
-0
252.051
34.051
-
116.823
-311.424
-0
368.874
-
-
368.874
-311.424
-0
-0
Netto omzet Overige opbrengsten Diverse bijdragen en baten Totaal overige opbrengsten
Incidentele baten (+) en lasten (-) Resultaat voor bestemming Uit te betalen resultaat boekjaar Resultaat na bestemming
Paswerk – jaarverslag en jaarrekening 2020
2020 Werkelijk
29
6.3 Kasstroomoverzicht over 2020
Kasstroom uit operationele activiteiten: Resultaat Afschrijvingen (netto)
-311.424 608.138
Kasstroom
795.632 296.714
Mutatie voorraden Mutatie vorderingen Mutatie leverancierskrediet Mutatie bankkrediet Mutatie overige kortlopende schulden
-411.871 615.857 94.988 245.778 -412.041
795.632 256 -858.558 65.867 462.219 105.506
Mutatie werkkapitaal
132.711
-224.711
Mutatie voorzieningen
-93.824
-484.924
335.601
85.997
Totaal kasstroom uit operationele activiteiten
Kasstroom uit investeringsactiviteiten: Investeringen in materiële vaste activa Desinvesteringen in materiële vaste activa
-156.282 6.098
Totaal kasstroom uit investeringsactiviteiten
-490.884 638
-150.184
-490.247
Kasstroom uit financieringsactiviteiten: Aflossingen langlopende schulden
Totaal kasstroom uit financieringsactiviteiten
Toename (+) afname (-) geldmiddelen
Paswerk – jaarverslag en jaarrekening 2020
-173.500
-167.650
-173.500
-167.650
11.917
-571.900
30
6.4 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij de desbetreffende balanspost anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarde. Voor zover het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten (na besluit wijziging van 10 juli 2007) niet anders voorschrijft, zijn de baten en lasten toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Winsten worden slechts opgenomen voor zover zij op de balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het eind van het begrotingsjaar worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Balans Vaste activa: materiële vaste activa Materiële vaste activa worden gewaardeerd op de verkrijgings- of vervaardigingsprijs verminderd met de afschrijvingen. De verkrijgingsprijs omvat de inkoopprijs en de bijkomende kosten. De vervaardigingsprijs omvat de aanschaffingskosten van de gebruikte grond- en hulpstoffen en de overige kosten, welke rechtstreeks aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend. Bij de waardering van de materiële vaste activa wordt rekening gehouden met een vermindering van hun waarde indien deze naar verwachting duurzaam is.
In het begrotingsjaar heeft een dergelijke vermindering niet plaatsgevonden. Op grond wordt niet afgeschreven. Voor het overige vindt afschrijving plaats op basis van de historische aanschafprijs volgens een stelsel dat is afgestemd op de verwachte toekomstige gebruiksduur, rekening houdend met een eventuele restwaarde. Er wordt afgeschreven volgens de lineaire methode en vanaf het moment van ingebruikname van het actief. De onderstaande afschrijvingstermijnen worden toegepast: • Grond, geen afschrijving. • Voorzieningen terreinen, 5 tot 20 jaar. • Bedrijfsgebouwen, 3 tot 40 jaar. • Vervoermiddelen, 2 tot 12 jaar. • Machines, apparaten en installaties, 2 tot 30 jaar. • Overige materiële vaste activa, 2 tot 20 jaar. Vaste activa: financiële vaste activa De financiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs. Bij de waardering van de financiële vaste activa wordt rekening gehouden met een vermindering van hun waarde indien deze naar verwachting duurzaam is. In het begrotingsjaar heeft een dergelijke vermindering niet plaatsgevonden.