20210157165 Transcript commissie Ontwikkeling 2 september 2021
Tekst van het document
Maar een of twee dingen wil ik toch even toelichten of eruit pikken, omdat daar veel door vele partijen op gereageerd is en ook dat er een bijdrage is geweest van museum Haarlem. Maar als eerste even over het laatste van het Noord-Hollands archief, die zit niet in de bis. Het Noord-Hollands archief is een wettelijke opdracht binnen onze culturele instellingen waar wij aan voldoen. Dus zij zijn zeker een belangrijke culturele instelling, dus zij zouden zo wat mij betreft ook in de bis mogen zitten. Maar zij zijn een aparte entiteit, omdat we daar een wettelijke opgave hebben. En ik ben het geheel met mevrouw Van Zetten eens dat dat ook een regionale functie heeft. Maar zij zitten niet als aparte entiteit in de bis. Er is veel
52
gezegd en opgemerkt over het museum Haarlem. Museum Haarlem hebben wij vanaf dag 1 dat zij begonnen met de oprichting van dit museum afspraken gemaakt over de tijdelijkheid van de subsidieregeling. Dat dat een pijnlijke keuze is, om op een gegeven moment te zeggen: deze wel of deze niet. Ja, dat ben ik met iedereen eens. Dat is ook het vervelende van keuzes maken, dat je altijd mensen teleur moet stellen. Maar wij hopen, en dat heb ik ook met het museum afgesproken. Wij hopen dat juist door de financiering via zo’n programmasubsidie of via het cultureel stimuleringsfonds, dat zij nog steeds aanspraak kunnen maken en mogen maken in samenwerking met andere instellingen of met zichzelf voor het CZF. Dat zij voldoende ondersteuning kunnen krijgen om natuurlijk hun tijdelijke tentoonstellingen te kunnen blijven doen. Maar het is wat anders dan hun toevoegen aan de basis infrastructuur. Daar hebben we gewoon echt geen geld voor. Dat hebben we ook met u in de tijd van de startnotitie, zoals we die hier hebben afgesproken, met u besproken. U heeft zelf aangegeven: a, wat de ambities moesten zijn, en b, dat het kader was zoals het was en dat daar geen extra geld voor kwam. Los van de hele discussie van het Frans Hals museum, maar dat zijn de kaders zoals we die toen met u met de startnotitie hebben afgesproken. De voorzitter: U heeft twee interrupties. Mevrouw Van Zetten.
Mevrouw Van Zetten: Ik laat het even passeren, want het heeft geen enkele zin. De heer …: Ja, ik hoor de wethouder zeggen dat in feite sprake is met die laatste tentoonstelling van een sterfhuisconstructie, voor het museum? Begrijp ik dat goed? Wethouder Meijs: Sorry, ik versta uw vraag niet. De heer …: Dat door het museum die expositie op tijdelijke gronden door te laten zetten, CSF noemt u onder andere, dan is in feite sprake van een sterfhuisconstructie voor dat museum toch? Wethouder Meijs: Nee, ik heb het niet over een sterfhuisconstructie. Ik heb gezegd tegen het museum dat wij al sinds jaar en dag iedere keer op tijdelijke grond een exploitatiesubsidie hebben gegeven. Dat heb ik niet verzonnen, dat is al sinds jaar en dag. En dat het pijnlijk is om daar iedere keer opnieuw voor bij de raad of bij het college aan te kloppen dat dat ingewikkeld is, ja, dat begrijp ik. Dus het belet ze niet om ook over tot eind 2022 hebben zij subsidie, om in 2022 weer opnieuw die aanvraag natuurlijk te doen. Maar ik heb ze niet gehonoreerd in de BIS. Dat is wat ik heb gezegd. En ik begrijp dat dat teleurstellend is. De voorzitter: Helder. Mijnheer Van Leeuwen. De heer Van Leeuwen: Ja, gaat u dan wel met wat u vanavond heeft gehoord de criteria voor die bis zodanig helder maken dat het ook een abc’tje voor iedereen is om te weten: ja, hier kan ik op insteken.
Want die ambities, wat mevrouw Van Zetten ook zei, daar doet dat museum van de vijf ambities voldoen ze er aan drie of vier denken we. Wethouder Meijs: Ik was nog niet helemaal klaar met mijn terugkoppeling. De voorzitter: Mijnheer Oomkes ook nog. Meneer Oomkes. De heer Oomkes: Ja, nog even over die status van het Bis. Daar gaat de gemeenteraad over. Dus op het moment dat wij zeggen: wij vinden dat dat museum zo belangrijk is dat dat in de Bis moet worden opgenomen, dan speelt dat een rol in deze hele procedure.
53
Wethouder Meijs: Ik zal de eerste en de laatste zijn, maar natuurlijk, u gaat over alles. Ik ben slechts uw uitvoerder. De voorzitter: Gaat u verder. Wethouder Meijs: Laat dat overduidelijk zijn. Natuurlijk. De voorzitter: En deze uitvoerder wordt verwacht in een andere commissie. Wethouder Meijer: ik heb een aantal dingen gehoord, die heb ik ook uit het veld gehoord. Dat de ambities die we hierin hebben opgesteld breed gedragen worden. Dat die ambities ambitieus zijn en nog voorzien moeten worden van een definitieve versie met zowel de financiering als een verheldering op het gebied van de Bis, zoals we dat hier hebben opgeschreven. In mijn mening is de Bis een voortzetting van de langdurige samenwerking en subsidierelatie die we met alle instellingen, die onder deze nieuwe subsidienoemer vallen. Dat is niet iets nieuws wat we verzinnen, slechts de benoeming is nieuw geweest. En ook een soort continuering in de duurzame relatie die we met een heel groot aantal grote en kleine instellingen hebben. Want daar zitten zowel de bibliotheek als een Filomini, als de Schouwburg, als de toneelschuur. Maar er zitten ook kleinere instellingen. Dus het is niet alleen maar de grote boys, maar ook de kleinere. Maar u heeft gevraagd om een heldere beschrijving aan de voorwaarden waaraan de Bis moet voldoen, dus dat gaan we zeker opnemen in ons definitieve plan.
De voorzitter: Mijnheer Oomkes. De heer Oomkes: Ik wacht met interesse uw antwoord af, maar ik kondig u vast aan dat op dit onderwerp, of dit nu wel of niet tot de Bis behoort, er een amendement komt. De voorzitter: Mevrouw Van Zetten. Mevrouw Van Zetten: Zit eerlijk gezegd wat die ambities betreft, kijk. Het enige wat ik hier hoor, het is gewoon continuïteit. Het is de grootste ambitie als je tien jaar geleden een relatie had, dan heb je dat nu de komende tot 28 nog steeds. En wie tien jaar geleden of 15 jaar geen relatie had, die krijgt hem nooit. Dat is eigenlijk wat u zegt. En dan vind ik als u dat zo duidelijk hier ineens stelt, dan begrijp ik niet waarom ik dat niet in die B&Wnota lees. En dat u niet als eerste zegt bij die ambities: continuïteit, dat is eigenlijk het belangrijkste criterium. En daar plakken we nog wat mooie woordjes aan vast over educatie en sociaal en weet ik veel wat, maar dat is toch allemaal geleuter dan. Ik vind dat u daar gewoon eerlijk in moet zijn. De voorzitter: Ja, dank u wel. Mijnheer Krouwels. De heer Krouwels: Ik wil even zeggen aan meneer van de PvdA dat dit ter inzage ligt. Dus Haarlem mag er wat van vinden, dus amenderen gaat niet. De voorzitter: U neemt me de woorden uit de mond. Dit is de zienswijze van de raad, geeft u op dit moment mee. Mijnheer Blokpoel.
De heer Blokpoel: Ja, ik ben nog wel benieuwd naar de reactie van de wethouder op het Frans Hals vooruitschuiven naar een nieuwe coalitie. De voorzitter: Mevrouw Meijs.
54
Wethouder Meijs: Er zijn een aantal dingen die we ook al met u hadden afgesproken, ook over het Frans Hals museum hadden we met u al eerder gesproken. Daarin hebben we met u afgesproken dat we dat bij de begroting zouden vaststellen. Ik doe daar niks vreemds in, volgens mij hebben we dat echt met u afgesproken. We hebben daar diverse onderzoeken aan besproken met u, ook met onderliggers. En we hebben daar volgens mij klip en klare afspraken over gemaakt bij de begroting om daarop terug te komen. Toch nog even als laatste richting meneer Oomkes. Dit gaat de inspraak in, dit zijn zienswijzen die we hier ophalen, zowel van u als van de hele stad. Van de inwoners, maar ook van de instellingen. Dus ik kijk met belangstelling, met grote belangstelling, ook naar uw voorgenomen amendement. Want u moet dan reageren op het definitieve plan. De heer Oomkes: Ik heb geen moeite om de bevolking eerst aan het woord te laten hierover. Ik denk dat ze grote steun krijgen. De voorzitter: Precies, het definitieve cultuurplan komt dan nog terug in deze commissie. Mijnheer Blokpoel. De heer Blokpoel: U zegt inderdaad: bij de begroting komt dit terug. Ja, dat was de afspraak. Maar we hadden ook afgesproken om die kaders daarvoor, om die verschillende scenario’s al met elkaar door te nemen, zodat we ook weten waar we het over hebben. En dat gebeurt niet tijdens de begroting, zoals u weet.
De voorzitter: Mevrouw Meijs. Wethouder Meijs: Nou, volgens mij moeten we hier nu niet op doorgaan. Volgens mij hebben we dat met u afgestemd. Dus daar is een glasheldere afspraak voor u met de begroting gemaakt. Lees uw stukken er maar op na. Ik doe iedereen vreselijk tekort als ik nu naar de commissie samenleving ga, maar we nemen al uw vragen mee. En ook uw goede adviezen richting de naamvorming over Bis. De voorzitter: Ja, mevrouw Kok. Mevrouw Kok: Ja, wethouder. Kunt u wel de toezegging geven dat u echt actief aan de slag gaat om concrete afspraken te maken voor de Haarlem pashouders? Wethouder Meijs: Pardon, volgens mij zit bij de stukken een concretisering van de moties, zoals ze in 2018 zijn ingediend. Die zijn nog onder, nou, echt tot twee of drie jaar geleden in de bast blijven hangen. Dus die staan erbij, en ook de uitvoering. De voorzitter: Ja, daar kom ik zo nog even op terug. Bent u aan het einde van uw verhaal gekomen? Ja. Dan wil ik ook van de commissie weten of die twee moties, daar staat keurig door de griffie ook aangegeven waar in het stuk daar op terug is gekomen, of die moties daarmee volgens de commissie zijn afgedaan. Nee? Graag argumentatie, meneer Bloem. De heer Bloem: Die Haarlempas is echt zo’n klein stukje van de strekking uitgevoerd. Echt niet wat er structureel nodig is. Wethouder Meijs: Ja, daar ben ik het helemaal mee eens.
De voorzitter: Ja, daar bent u het ook mee eens, dus niet afgedaan. Andere ook niet? De heer …: Voorzitter, van de orde.
55
De voorzitter: Ja. De heer …: Waarom stelt u die vraag niet bij de definitieve vaststelling? De voorzitter: Dat kan ook. Maar als dat was afgedaan waren we nu klaar geweest. Ja, oké, niet afgedaan. Dus die komen dan terug bij de definitieve vaststelling. Dan heeft u dit uitgebreid besproken. Het is allemaal genoteerd en we gaan zien wat de stad ervan vindt en dan komt er een definitieve nota terug. Dit heeft lang geduurd, ik heb eigenlijk eventjes behoefte aan een korte pauze. Laten we vijf minuutjes, dan schors ik even de vergadering tot 5 voor 9. 10. Vaststellen Gebiedsplan Bereikbare Steden (RB/FR) De voorzitter: Vaststellen gebiedsplan bereikbare steden. Agendapunt 10. Als de wethouder hier zit gaan we gewoon beginnen hoor. Het college besluit het gebied van bereikbare steden vast te stellen en het gebiedsplan aan te leveren bij het coördinatieteam bereikbare steden te agenderen in het Rijk-regionale overleggremia binnen de Mirt in het najaar 2021, dit jaar dus. En het gebiedsplan te benutten ter onderbouwing van de andere gemeentelijke financieringsorganisatievraagstukken. U heeft dit plan is ook ter kennisname gestuurd naar de commissie beheer. Dat heeft u binnen uw fracties al kunnen afstemmen. Er zijn geen insprekers aangemeld, wel twee wethouders. Wie mag ik het woord geven? Mijnheer Bruch, VVD. De heer Bruch: Ja, dank u wel, voorzitter.
De financiële haalbaarheid wordt grotendeels bepaald door bijdragen van het Rijk en die zijn afhankelijk van de uitkomsten van de kabinetsformatie. Daar kunnen we dus gewoon nog niet zoveel over zeggen. Het college geeft aan dat in de programmabegroting hier nader op in willen gaan, maar dat is maar zeer de vraag of ondanks de inzet van meneer Wiedemeijer het kabinet Rutte IV dan al is aangetreden. Dus er zijn nog een hoop onzekerheden. Maar het is goed om met behulp van dit gebiedsplan de aanvraag voor cofinanciering te onderbouwen. Want zonder die cofinanciering hebben wij er een hard hoofd in dat alle voorgeschotelde aantallen nieuwe woningen et cetera haalbaar zijn. We kunnen dus instemmen met het voorstel, het lijkt een goed verhaal. Dus wat ons betreft doen. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Verhoeff, PvdA. Mevrouw Verhoeff: Dank u wel, voorzitter. Wij kunnen ook instemmen met het verhaal. Iedereen weet die wat langer meeloopt in deze business dat als je geen plannen hebt krijg je geen geld. En heb je geld te weinig, dan moet je zorgen dat je een goed plan hebt om anderen mee te krijgen en zal je het samen met andere overheden moeten doen. Of in gezamenlijkheid, zoals met gezamenlijke gemeenten. Dit ademt dit plan. Samen het doen en samen ook zaken regelen voor de regio.
Want de huizen die wij hier bouwen zijn voor Haarlemse inwoners en mensen die hierheen komen, ook voor mensen die hier wonen en elders gaan werken. Dus de hele regio gaat hiervan profiteren. Dus prima dat we dat samen doen. We hebben natuurlijk even een check gedaan bij de collega’s die in de andere commissies over deze plannen die hier staan hebben gesproken. Nou, wij vinden het consistent en zijn gewoon heel blij en hopen dat met name de toezegging die de wethouders hebben gedaan, dat met name Haarlem primair zal investeren in leefbaarheid, groen, duurzaamheid en klimaatadaptatie, naast de woningen waar ze toch al in wilden investeren en de werkgelegenheid. Dat ze dat ook gestand doen. Maar ook daarbij, los van deze plannen, natuurlijk ook kijken naar subsidiemogelijkheden, eigenlijk vertrouwen we daar gewoon op. Dat was eigenlijk onze bijdrage. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Van Leeuwen, Actiepartij.
56
De heer Van Leeuwen: Dank u wel. Nou ja, wij zien in de financiële bijlage dat er veel wordt opgehangen aan de hub Nieuw-Zuid. Ja, nou kijk je naar het kostenverhaal en dan ben je toch benieuwd hoe de drie spekkopers rondom die hub straks hun bijdrage gaan leveren aan de komst van die hub. Want er zit natuurlijk een groot gat in. Pagina 14 van het gebiedsplan laat een gruwelijk beeld zien van hoe die hub er misschien uit gaat zien. Dus als wij al waarschuwden, dat kan een soort Amsterdams Sloterdijk worden. We hopen echt dat dat niet gaat gebeuren en dat dat plaatje niet model wordt voor die ambities die er waren. Pagina 16 wordt gesproken over de vier gemeenten van de regio Zuid-Kennemerland zullen samen naar draagkracht bijdragen. De concrete vraag aan de wethouder: is draagkracht hetzelfde als het ervaren nut van de investeringen? Met andere woorden: betaalt de gemeente Haarlem naar draagkracht en naar nut en doen andere gemeentes dat ook? Of gaan we voor elkaar de portemonnee trekken? Tot zover, dank u wel. De voorzitter: Mijnheer Slik, ChristenUnie. De heer Slik: Ja, dank u, voorzitter. De ChristenUnie vindt het mooi dat er een totaalpakket aan plannen wordt ingediend. Het gaat tenslotte om 400 miljoen investeringen in duurzame mobiliteit, dus dat is heel goed.
Dan vindt de ChristenUnie dat sommige projecten wat scherper opgeschreven kunnen worden om de urgentie richting het Rijk te benadrukken. Anders is het risico dat plannen worden geschrapt, projecten worden geschrapt. Een voorbeeld hiervan is investering twee, vernieuwen van de busstations en stationsplein. Daar kan veel scherper staan dat stedelijke ontwikkeling voor vastgoed ook afhankelijk is van vernieuwing busstation en dat de huidige kwaliteit zeer slecht is door te smalle perrons en door het ontbreken van een overkapping voor de bus-perrons. Dus vraag aan de wethouder om die tekst nog eens te controleren en kijken waar het aangescherpt kan worden. Het kan nog iets meer een 5 voor 12 mentaliteit krijgen, wat ons betreft. Verder mist de ChristenUnie op verschillende plekken in het document nog een vertaling van het aangenomen amendement in de raad van 1 juli jongstleden over het op nummer 1 zetten van het ov op het stationsplein. Er wordt nog steeds op verschillende plekken gerept over geen toename van aantallen bussen op het stationsplein. Maar als er meer treinen gaan komen gaan er ook meer bussen komen. Tenslotte zien we nog een aantal projecten die weinig met bereikbaarheid te maken hebben, zoals Papentorenvest en de ambassadeursplekken.
Op zich is het mooi dat die zijn meegenomen, maar de vraag aan het college is: zijn die kansrijk? Is het kansrijk om heel veel leefbaarheid of niet bereikbaarheid toe te voegen? Wat voor strategie zit erachter? Of is het een kwestie van: nou, we willen eigenlijk 400 miljoen. Maar als we nou een paar dingetjes eruit weg gaan schrappen, of we dan misschien alsnog 350 miljoen krijgen ofzo. Dus dat zouden we graag willen weten. Dank u wel. De voorzitter: Mevrouw Verhoeff. Mevrouw Verhoeff: Meneer Slik, u melde net in uw vorige punt, maar toen was ik net te laat om het woord te vragen, dat u zeker weet dat als er meer treinen komen er ook meer bussen komen op het stationsplein. Heeft u daarmee in overweging genomen dat er een nieuw ov-hub komt? Even in samenhang en niet als een apart punt overwogen. En ook dat er op andere plekken, zoals bijvoorbeeld station Haarlem-Spaarnwoude, misschien wel in de toekomst wel een hogere frequentie bussen zijn. Heeft u die afweging breed gemaakt of kijkt u per stukje? De heer Slik: Natuurlijk kijk je daar breed naar, dat is niet meer dan logisch. En het een lost het ander niet helemaal op. Want als je het over Spaarnwoude hebt of over Haarlem Nieuw-Zuid, dan heb je nog steeds het niet helemaal over Haarlem-West, over Bloemendaal, over Zandvoort, over Heemstede, enzovoorts. De voorzitter: Mevrouw Verhoeff.
57
Mevrouw Verhoeff: Maar mijn vraag is, meneer Slik: nu zijn er bussen die stoppen bij het station. Als ik de stukken lees en volgens mij zijn ook zo die discussies in het verleden gegaan, dat als er die hub is en als er bij andere stations mogelijkheden zijn om uit- en over te stappen, dat niet meer alle bussen naar het station persé moeten. Dus dat het aantal overstappers daarmee verandert. Dan kunt u toch niet zomaar nu zeggen uit de losse pols: het klopt niet, er komen altijd meer bussen als er meer treinen stoppen. De heer Slik: Mevrouw Verhoeff, ik verwijs graag naar mijn fractievoorzitter meneer Visser die op dit punt zeker geen losse pols zal hebben. De voorzitter: Dat mag. Wie nog meer? Mijnheer Van den Doel, GroenLinks. De heer Van den Doel: Ja, dank u wel. Wij zijn blij met het stuk. We missen alleen toch nog steeds een beetje een heldere paragraaf over het groen, zelfs bij ov-knooppunten. Want het zijn toch ook deels verblijfplekken, dus de mensen zullen er toch al dan niet kort of lang verblijven. Dus dan is groen belangrijk, sowieso voor de klimaatadaptatie dat het niet een stenen vlakte wordt, waar wat bussen op rijden, maar dat er ook groencorridors zijn en eventueel een ecologische corridor. Dat daar wel rekening mee gehouden wordt. We zeggen het altijd, en dus ook vanavond, dat dat voor ons enorm van belang is.
Daarentegen is ook voor ons het ov van belang, dus we zijn blij dat deze drie knooppunten in samenhang worden aangepakt en dat er nu die aandacht daarvoor is. Een zorg is wel natuurlijk de financiering. De zin concreet betekent dat vertraging van de ontwikkeling strategie naar verwachting een lagere woonproductie, ook naar aanleiding van de financiën. Dat baart ons wel zorgen. We moeten die financiën nog wel rond krijgen en ik hoop ook dat u dat lukt. Van harte. En tot slot met name Nieuw-Zuid bij de Schipholweg, daar zijn de gebouwen allang ingetekend. En dan vragen wij ons af: is er nog wel genoeg ruimte voor het knooppunt? Er is ooit gesproken van een technische sessie, daar was niet al te veel animo voor op dat moment. Maar nu heb ik vernomen dat er manketten zijn waar we naar kunnen kijken met de diverse varianten. En ik denk dat die enorm veel vragen zullen oproepen over haalbaarheid, over hoe het er moet gaan uitzien, wat het groen doet, wat de bussen doen. In hoeverre er overgestapt wordt en wat de frequenties zijn. Nou, ik kan nog wel doorgaan even. Dus ik zou als GroenLinks voelen wij wel de urgentie om daar een technische sessie over te houden. Zeker ook omdat we graag van de zorg verlost willen worden dat het ov knooppunt nog wel realiseerbaar blijft met de al beoogde nieuwbouw aan de Schipholweg. En ik vraag de commissie of ze mij daarin steunen.
De voorzitter: Mijnheer Rijbroek, Trots. De heer Rijbroek: Dank u wel, voorzitter. Ik wil me even beperken tot zeg maar de betaalbare woningen. Er zit natuurlijk landelijk beleid bij, dat ga ik nu niet bespreken. Dus je wil een groter bouwvolume omdat er vraag naar is, maar wel betaalbaar. We hebben natuurlijk te maken met een uitdaging. Zoals eerder benoemd bij dat andere stuk de CO2-uitspraak, de NOX-besluit, personeelstekorten en materiaalprijzen. Ik noem het even in een zin. Maar waar het wel om gaat is het volgende. Je wil betaalbaar bouwen, maar waardoor gaan die prijzen omhoog, ook voor bestaande woningen? Mede een factor is dat wil je het betaalbaar houden, dat je de mensen moet beschermen in Haarlem tegen speculanten. Rijke Russen, Chinezen, de black rocks die investeren, beleggen en het leeg laten staan. Dus mijn oproep aan de wethouder is dit: kan u op korte termijn een leegstandsverordening ons voorleggen, waarop we hierbij een bescherming hebben zo à la Amsterdam. En daarnaast natuurlijk heel belangrijk: bij bouwen hoort groen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Klaver, CDA.
58
De heer Klaver: Ja, voorzitter. Ik ga niet zo zeer in op wat er in staat in het stuk, want dat is wel goed. Maar ik ga vooral in op wat er niet in staat. We hebben voor de zomer gesproken over het verstedelijkingsconcept MRA. Wij als raad hebben toen onze zienswijze gegeven. Toen is er niet gerept over een te ontwikkelen gebiedsplan. Althans, het staat mij niet bij. Terwijl het een en ander toch nauw met elkaar samenhangt. Voorzitter, hoe kan dat? Hoe kan het dat wij op deze manier als raad zo, lijkt het, fragmentarisch worden meegenomen? Op verzoek van de raad is de zienswijze bij het verstedelijkingsconcept van de gemeente Haarlem aangescherpt en geconcretiseerd. In de zienswijze is aandacht gevraagd voor bovenregionale projecten. De ov-knooppunten Nieuw-Zuid, Oostpoort, Haarlem-Centrum of corridor Amsterdam SchipholHaarlem, de lightrail, de Velsen verbinding en de MRA fietsroutenetwerk. En hoe kan het dat terwijl de inkt van die zienswijze nog nauwelijks droog is in dit gebiedsplan de beoogde investering in de Velsen verbinding en lightrail niet zijn opgenomen. Hoe kan het dat er over deze projecten met geen woord wordt gerept? Tot zover. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Van Zetten, Hart voor Haarlem. Mevrouw Van Zetten: Ja, eerlijk gezegd vond ik het een beetje een ideologisch verhaal.
Want ik dacht van, ik zat naar dat kaartje te kijken en ik dacht: waar is station Heemstede-Aardenhout gebleven? Toch wel een heel belangrijk punt om te vetrekken vanuit Haarlem, als je in Leiden en Den Haag werkt, wat toch heel veel mensen doen. Dus ik snap dat gewoon niet. Heel Haarlem Zuid-West ontbreekt in dit verhaal, waar toch heel veel mensen wonen die ook werk hebben en het geld binnenbrengen. De voorzitter: U heeft een interruptie van mevrouw Verhoeff. Mevrouw Verhoeff: Ja, mevrouw Van Zetten, twee vraagjes in een. En volgens mij heel simpel. Dit zijn de plannen toch van Haarlem? Dus heeft u de gemeentegrens goed in het oog als u het over het station Heemstede heeft? En ten tweede, ideologisch, het gaat hier over geld. Volgens mij is geld geen ideologie, maar is een middel om iets te bereiken. Bent u dat met mij eens? Mevrouw Van Zetten: Ik heb het dan over de keuzes. Maar ik heb niet veel tijd, ik ga u niet veel antwoorden geven. Heemstede-Aardenhout ligt op de grens en we gaan daar heel veel huizen toevoegen in dat gebied, dat is namelijk Haarlem zuidwest. En dan verwacht je natuurlijk dat er ook naar de bereikbaarheid wordt gekeken. Dus ik snap niet dat dat eruit wordt gehaald. Wat betreft ideologie, dan zie ik ineens op pagina 26 staan: de tunnel bleek niet haalbaar. Ja, dan hebben we het over de Schipholweg, de onderdoorgang onder het Spaarne.
En die gewoon in de SOR stond opgenomen. Dus ik denk: wie heeft die tunnel er ineens uit gestreept? En wat ons betreft kan die blijven, als was het maar om Haarlem Zuidwest bereikbaar te houden. Wat betreft nog een gekleurde aanname, ik lees dat het Spaarne Gasthuis, dat gaat over Haarlem Nieuw-Zuid, de grootste werkgever is. Nou, het hoofdgebouw staat gewoon in Hoofddorp en ik denk dat de meeste mensen in Hoofddorp wonen die daar werken. Dus in die zin vind ik het verhaal ook gekleurd. Nou, ik stop, want ik heb nog maar 50 seconden. Dank u wel. De rest zal ik daarna wel vertellen. De voorzitter: Mijnheer De Groot, D66. De heer De Groot: Ja, dank u, voorzitter. Sommige dingen moet je samen doen. En voor wie zich dat nog herinnert, zo hebben we een heel coalitieprogramma genoemd. Een vrij succesvolle, al zeg ik het zelf. Dit is zo’n voorbeeld, samen doen. En wij zitten alleen maar serieus aan tafel te overleggen op het moment dat we weten wat we willen en we ook uitstralen dat we dat allemaal willen. En tegenover mij zitten twee wethouders vol zelfvertrouwen, waarbij ik er alle vertrouwen in heb dat zij deze boodschap gaan vertolken in
59
dit bestuurlijke overleg. En wethouder, er staat wel wat op het spel. Want we willen dit heel graag. En we hebben dit ook heel hard nodig om deze stad bereikbaar en leefbaar te houden. Dus wethouder, akkoord met het stuk, maar vooral heel veel succes bij de bestuurlijke overleggen die komen gaan. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Otten, Liberaal Haarlem. Mevrouw Otten: Ja, ook ik wil mijn zorgen uitspreken over Haarlem Zuidwest. Daar hebben we nog geen oplossingen voor gevonden. Ja, ik vraag me af hoe de wethouder daar zelf naar kijkt, want uiteindelijk is volgens mij de grootste verkeersstagnatie vindt plaats van zuidwest naar de oostkant. Dus ja, ik ben heel erg benieuwd naar de antwoorden, die wachten we even af. De voorzitter: Mevrouw Kok, OPH. Mevrouw Kok: Ja, nog een klein vraagje in het kader van samen doen. Het gaat hier heel veel over financieringsvraagstukken, financiële kwesties. Wordt dit plan ook, we moesten dit overleggen met de commissie beheer, maar wordt dit ook met de commissie bestuur nog besproken in het kader van de financiën? De voorzitter: Dank u wel. Heeft iedereen het woord kunnen voeren? Wie mag ik van de wethouders het woord geven? Mijnheer Roduner. Wethouder Roduner: Ja, dank u wel. Ja, voor degene die dat nog weet.
We hebben denk ik al bijna twee jaar geleden ook een keer een goede sessie gehad van het programmateam SBAB, samen bouwen aan bereikbaarheid. Dat was volgens mij in de Gravenzaal. Daar is volgens mij ook uitgelegd hoe het programma SBAB functioneert, wat het doel daarvan is, hoe dat zich functioneert in de MRA en ook wat het doel uiteindelijk is en hoe naar Haarlem werd gekeken. Hoe naar deze regio werd gekeken. Binnen SBAB gaat het over een aantal grote infrastructurele maatregelen, dus het doortrekken van metrolijnen, autoverbindingen. Maar binnen SBAB is ook geconstateerd dat een aantal stadsharten rond Amsterdam, dat die best wel potentie hebben om uiteindelijk een bijdrage te leveren aan de woningbouwopgave, de acht stadsharten. Maar dat daar dan ook wel investeringen in bereikbaarheid, mobiliteit, en dat is nog wat breder getrokken leefbaarheid. Dat is het programma bereikbare steden, dat focust zich op ontwikkelingen eigenlijk rond 1200 meter rond ov-knooppunten. Dus het verdichten van bestaande stadsharten. Dus daar zitten inderdaad geen grote dingen in zoals de Velsen verbinding of het vertrammen van de HOV naar Schiphol. Dus dat zit er niet in, maar het gaat over relatief kleine, het is altijd als je dit leest is het nog steeds groot, maar het gaat niet meer over miljardendingen.
Het gaat over relatief kleine ingrepen die je kan doen, die steden kunnen doen om uiteindelijk de bereikbaarheid en de leefbaarheid te vergroten. En uiteindelijk ook een substantiële bijdrage kunnen leveren aan die woningbouwopgave. Ik ben bestuurlijke trekker van dat traject, samen met gedeputeerde Logge van de provincie Noord-Holland, dus dat is goed. Maar alle acht steden hebben hun plannen moeten inleveren en ik geneer me altijd een klein beetje als ik in bestuurlijk overleg zit, maar Haarlem krijgt continu complimenten over hoe goed dat is. En dan moet ik dan toch even denk ik vooral ook naar de afdelingen kijken die onder wethouder Berkhout vallen. Volgens mij, dit is denk ik een mooi plan. Als je het aan ons vraagt, wij vonden het wel spannend om met een plan van 300 miljoen op de proppen te komen. Want er zit inderdaad ook investeringen in die verder gaan dan directe mobiliteit, directe bereikbaarheid. Het gaat ook inderdaad over groen, het gaat over leefbaarheid. Dus de scope is wel behoorlijk opgerekt, maar in ieder geval het beeld is nog steeds dat dit een programma is wat een goed samenhangend verhaal heeft en ook daarmee kansrijk kan zijn voor cofinanciering vanuit het Rijk. En dan hoeven we dus ook niet te bescheiden te zijn. En 300 miljoen is natuurlijk gewoon een hele hoop geld. Nou, dat is een beetje de scope
60
van het programma SBAB. Dat gaat dus vooral ook over leefbaarheid, dus niet direct over ecologische verbinding. Ik denk dat dat voor het Rijk misschien wel net even een stapje te ver is, om daarin dan te investeren. Maar het gaat wel over het verbeteren van de leef-kwaliteit, het verbeteren van de mobiliteit, ook uiteindelijk denk ik dat Haarlem Zuidwest daar profijt van heeft, als we een mooi busstation gaan krijgen bij de Buitenrustlocatie. Dat is natuurlijk ook uiteindelijk voor het oost-west verkeer kan dat een oplossing zijn. De voorzitter: Mevrouw Van Zetten. Mevrouw Van Zetten: Misschien kunt u dat even uitleggen. Hoe kan dat nou een oplossing zijn voor zuidwest? Wethouder Roduner: Nou, ik denk dat het belangrijk is dat we met zijn allen werken aan een mobiliteitstransitie. Iets meer de auto laten staan, dus iets minder auto in de stad. Dat staat ook in de mobiliteitsvisie die binnenkort voorligt. En meer toch het ov pakken. Dus als je op de Twijnderslaan woont in Haarlem Zuidwest en je zit daar straks bij een ov-station, dan kan je natuurlijk prima de auto de deur uitdoen en dan stap je op de bus. Mevrouw Van Zetten: Neemt u dan Heemstede-Aardenhout niet mee? Want dat is natuurlijk veel logischer. Want je wil die mensen niet over het Spaarne hebben, zeker als er geen tunnel is. Dan zijn er natuurlijk alleen maar files.
Wethouder Roduner: Ja, het gaat dus om een combinatie van woningbouw, ontwikkeling en het ontwikkelen van ov-knooppunten. En als je kijkt naar Heemstede-Aardenhout, als je daar een cirkel van 1200 meter omheen trekt, dan zit je een klein stukje in de ontwikkelzone zuidwest, maar niet dusdanig dat je zegt: er wordt zodanig groot ontwikkelt dat dat ook bijna een schaalsprong vraagt van dat ov-punt. Mevrouw Van Zetten: Mag ik dan even nog wat vragen? Komt dat eigenlijk omdat we in die schooltuinen, die volkstuintjes, want daar zouden we eerst gaan bouwen, omdat dat uit het programma is gevallen dat we daar dan niet meer naar kijken naar dat station? Wethouder Roduner: Nee, kijk. Nee, dat is echt andere orde. Kijk, als je kijkt naar waar dan Haarlem NieuwZuid is beoogd, dat knooppunt. Als je daar gewoon een 1200 meter cirkel omheen trekt, dan heb je het zo over 2000-3000 woningen die daar gebouwd worden. Dus het knooppunt Nieuw-Zuid zelf, maar ook Schalkwijk-Midden wat ontwikkeld wordt, het Spaarne Gasthuis. Dus dat zijn echt andere orde van grootte dan als je die cirkel zou trekken rond Heemstede. Ook als je die volkstuinen helemaal vol zou plempen. Ik ben er blij om dat we dat niet doen. Mevrouw Van Zetten: Daar ben ik ook natuurlijk blij om. Maar ik snap de logica niet helemaal, maar misschien begrijp ik het nu beter. De voorzitter: Dan meneer Van den Doel.
De heer Van den Doel: Ja, even iets wat u voor de interruptie nog zei over ecologie. Dat zetten we er niet in. Maar ik denk dat hoe je het groen inricht, dat wel van belang is dat wel de ecologie dat als je daarmee rekening houdt, dan hoef je het misschien niet op te schrijven maar kan je het wel gewoon doen. En dan kan je het ook gefinancierd krijgen voor een deel. U ging daar erg makkelijk overheen.
61
Wethouder Roduner: Ja, zeker. Maar kijk, het ontslaat ons niet van de verplichting om uiteindelijk te zorgen dat die groene verbindingen die je daar maakt, dat die ook ecologisch waardevol zijn. Dat geldt ook voor de ontwikkelingen natuurlijk. Maar het is niet iets wat in dit programma past en daarmee ook uiteindelijk terecht kan komen op het bestuurlijk overleg van de Mirt. Want dat is uiteindelijk wat ons doel is, om samen met de provincie, samen met de MRA, een plan in te dienen om uiteindelijk ook subsidie op te halen bij het Rijk. De voorzitter: Mijnheer Van den Doel. De heer Van den Doel: Ik heb u goed gehoord en ik zal u eraan houden t.z.t. De voorzitter: Mijnheer Roduner, gaat u verder. Wethouder Roduner: Dus volgens mij wel een heel spannend traject waar we in zitten. Dus Haarlem is van die bereikbare steden denk ik een van de koplopers in het aanleveren van plannen, zowel qua kwaliteit als concreetheid. Nou, wij wachten ook met spanning op een kabinet dat op een gegeven moment zegt van: hé, het infrafonds kan misschien wel vergroot worden en dat biedt ruimte om een aantal van deze plannen in te passen. Nou, dat betekent ook dat wij bij de begroting het denk ik moeten gaan hebben over: ja, wat als dat gebeurt? Cofinanciering heb je het dan over.
Dat betekent dat wij ook als gemeente moeten gaan nadenken van: nou ja, als die kans zich voordoet, hoe gaan wij ervoor zorgen dat wij die kans ook met elkaar verzilveren? Binnenkort gaan we ook in detail, ik denk dat dat de eerste kans is, praten over knooppunt Nieuw-Zuid. Knooppunt Nieuw-Zuid is natuurlijk een hele centrale positie in dit plan, dat knooppunt Nieuw-Zuid nodig is om juist het stationsgebied te ontlasten. Daar willen we hebben we met elkaar afgesproken niet nog meer bussen. Maar dat willen we juist ook wat kunnen ontlasten, om uiteindelijk ook dat gebied een stuk leefbaarder te maken en tot een betere ontwikkeling te brengen. Dus knooppunt Nieuw-Zuid, daar zijn maquettes van, die heb ik nog niet gezien. Die staan als het goed is hier in de voormalig reproruimte, dus dat moet prima mogelijk zijn om daar met elkaar omheen te gaan staan en ons te laten informeren. Dus er zijn wel verschillende varianten in ontwerp die dus ook in die maquette als het goed is goed zichtbaar zijn. Dat kan heel interessant zijn om te kijken van: wat vinden wij daar kwalitatief de beste oplossing van? En daar krijgt u ook binnenkort van ons een nota over. Ja, Trots had een verhaal van de leegstandsverordening. Nou, daar is een motie ook over ingediend ooit door de Partij van de Arbeid, die is afgewezen. Dus volgens mij ook op advies van het college.
Dus vanuit het college heeft men in ieder geval gezegd dat er geen meerwaarde is om nu een leegstandsverordening aan te bieden. De tunnel, ja, die is ook dus niet dusdanig relevant voor deze gebiedsontwikkeling. En dat was hem. De voorzitter: Meneer Rijbroek heeft een vraag. De heer Rijbroek: Ik heb even een interruptie op de vraag van, er is een motie ingediend door de PvdA, die is toen afgewezen op advies van het college. Als ik het goed herhaal en goed beluisterd heb. Waarom werkt dit in Amsterdam wel? En daarmee bescherm je min of meer het feit dat speculanten een woning opkopen, leeg laten staan, terwijl de woningvraag groot is. Het probleem in Amsterdam is niet anders dan hier. Dus ik zeg: dit is de kans van ons om er een in te voeren. Wethouder Roduner: Nou, volgens mij moeten we deze discussie dan niet in detail gaan voeren. Volgens mij de motie ging over denk ik kantoorpanden, winkelpanden denk ik als het over de leegstand. En dan begin ik langzaamaan op het terrein van de wethouder wonen te komen. En dan denk ik: dat is misschien maar een discussie die we dan apart moeten doen.
62
De voorzitter: Mijnheer Van Leeuwen. De heer Van Leeuwen: Ik had een vraag gesteld over draagkrachtbijdrage in de regio. De voorzitter: Ja, dat komt allemaal nog. Meneer Roduner, u was klaar. Dan is nu meneer Berkhout. Wethouder Berkhout: Ik zit hier niet voor niks natuurlijk. Nee, ik heb uw vraag netjes genoteerd. Collega Roduner heeft het meeste verteld volgens mij. Het is een spannend traject wat we hier in gaan, maar het is dus geruststellend en fijn om te horen, nou fijn dat meneer Roduner trekker is van bereikbare steden, maar dat we complimenten krijgen voor het indienen van het plan. Ik denk ook we hebben een goed plan, de samenhang tussen de drie ov-knooppunten, samenhang met de woningbouwopgave. We zijn ook stevig aan de weg aan het timmeren, niet alleen met een inhoudelijk stevig pakket, maar ook met de woningbouw impulsaanvragen die we gehonoreerd hebben gekregen. Dus ik denk dat we op koers zijn om Haarlem om echt ook te zeggen van: dit is ook nodig voor die opgave waar wij aan bijdragen. Dat doen we ook samen met de provincie, maar dat doen we ook samen met de gemeente in de GR bereikbaarheid. En ik denk eventjes ter verduidelijking, u zegt: naar draagkracht. Kijk, laat ik het zo zeggen. We vragen, het staat er inderdaad, dus ik zal dat toelichten. We vragen uiteindelijk een bijdrage uit het mobiliteitsfonds.
We zijn ook al in gesprek, dat wil ik gewoon heel goed ook met de drie gemeenten ook toelichten en over spreken. En dat zij ook kunnen zeggen waar zij de meerwaarde regionaal zien. Maar dat fonds wordt gevuld naar draagkracht, dus dat is denk ik de vertaalslag. Haarlem draagt daar naar inwoneraantal een miljoen aan bij en de andere drie gemeenten om en nabij een ton. Dus zo moet u dat lezen. Maar uiteindelijk zal het een aanvraag zijn bij het fonds als geheel. En dan nog eventjes om op GroenLinks in te gaan, dat ik wel snap wat u bedoelt te zeggen als het gaat om de klimaatadaptatie of de vergroening bij de ov-knooppunten. Laat ik het zo zeggen, en ook daar is de luxe van technische ondersteuning: het gebiedsplan als zodanig wordt nog einde dit jaar geactualiseerd. Dan gaat het met name ook om de werkgelegenheidsaantallen, de cijfers. Maar daar wordt ook specifiek voor klimaatadaptatie en vergroening nog even het een en ander aan toegevoegd, mede omdat dat financieel ook voor het Rijk, ook het Rijk wil daar aan bijdragen. Dus het is niet alleen denk ik inhoudelijke gronde waar u op doelt, maar het is ook zeker aantrekkelijk voor cofinanciering. Dus dat gaat nog later dit jaar aan het plan toegevoegd worden. Ik denk wel fijn om even te weten. En ook ik ben benieuwd naar de maquettes en ik hoor hier breed draagvlak om als er nou echt iets ligt dan gaan we kijken.
Ik denk dat het wel goed is om ons dan even te laten bijpraten. Dat waren de punten, voorzitter. De voorzitter: Is dit voldoende voor de commissie zo? Dit punt is ter bespreking. Behoefte aan tweede termijn? Nee, punt voldoende besproken zo? Geen vragen meer, heel mooi, dank u wel. 11. Fietsenfabriek: openen grondexploitatie (FR) De voorzitter: Dan gaan we naar het volgende agendapunt, de fietsenfabriek. Even kijken, daar hebben zich twee insprekers voor aangemeld. Het gaat over het openen van de grondexploitatie. Op 17 juni, voor het zomerreces, is dit vrij uitgebreid in de commissie besproken. Het is aangehouden omdat er een aantal moties en amendementen in de raad waren aangekondigd. Die bespreken we hier vanavond. Dus het is niet nodig om nog opnieuw het hele stuk te bespreken, het gaat echt inderdaad om de aanvullingen die gedaan zijn, de moties en de amendementen. In het kort stelde het college de raad voor om te besluiten de grondexploitatie van de fietsenfabriek te openen en de netto contante waarde, zoals gemeld in de geheime bijlage, vast te stellen. De geheimhouding is bekrachtigd in de raad van 27 mei, die laten gelden tot de definitieve vergunning is plaatsgevonden. Vier, om het verkoopproces van de gemeentegrond vast te stellen overeenkomstig de bijlage. Vijf, de onttrekking te doen aan de reserve grondexploitatie voor de gemaakte kosten fietsenfabriek
63
ten laste van de reserve vastgoed. En dit bedrag 4,5 ton toe te voegen weer aan de reserve vastgoed. En de verkoop Oostvest 54-56 te bestemmen voor sociale huurwoningen. En bij de verkoop aan toegelaten instellingen tarieven uit de grondprijsbrief te hanteren. Er hebben zich twee insprekers zich inderdaad aangemeld. Meneer Diederik, een bekende. Voorzitter van de wijkraad Scheepmakersdijk. En mevrouw Marijns van Ons Groene Huis. Mevrouw Marijns, als u de knop indrukt dan gaat het lampje branden en dan heeft u drie minuten om uw verhaal met ons te delen. Gaat uw gang. Mevrouw Marijns: Zo, ben ik nu verstaanbaar? Hallo, goedenavond allemaal. Ik kom namens ons Groene Huis. En mijn naam is Evelien Huigen, Marijns is mijn getrouwde naam. U hoort misschien een Vlaams accent, maar ik ben al meer dan tien jaar een mug. Dus ik kom wat vertellen en vragen. Toekomstig denken is niet gemakkelijk. Laat staan daarop beleid te maken of je eigen handelen ernaar te richten. En toch is precies dat wat Ons Groene Huis beoogt, namelijk het uitstippelen en neerzetten van een woonvorm die enkele grotere uitdagingen van nu duurzaam tackelt. Dat is meer dan louter natuurinclusief bouwen bijvoorbeeld. Eenzaamheid is zo’n maatschappelijk probleem wat de samenleving veel kost en lastig aan te pakken is.
Want wie eenzaam is heeft enerzijds behoefte aan sociaal contact, maar voelt anderzijds een enorme horde om hierin adequaat initiatief te nemen. Nu veel van deze problematieken worden veroorzaakt, inherent veroorzaakt, door architecturale keuzes bij de inrichting van onze woonwijken. Deze bevorderen vaak afsluiting, anonieme buren, anonieme buurten. Het gevolg: meer werk voor het maatschappelijk werk, voor de buurtagent, de jeugdzorg en de zorg. En zoals in veel jeugdzorgstukken staat: it takes a village to raise a child. Wij van het Groene Huis beschouwen het als onze maatschappelijke plicht om te zorgen voor een gezonde buurt, voor kwaliteitsvolle zorg als buren voor elkaar. Het woonproject dat we zouden willen opzetten zou prima passen op het terrein van de fietsenfabriek. Uit ervaring en andere gemeentes weten we dat een initiatief als het onze kans van slagen heeft als er informele goedkeuring is vanuit de gemeenteraad en de commissies. Samen met onze partners Steenvlinder, een projectontwikkelaar voor initiatieven, zullen we natuurlijk een bod doen. Bij een eerdere tender werden we echter nipt overboden, doordat een andere aanbieder een nog hoger bedrag bood. Bovendien voor een project wat een zware belasting zou leggen op die buurt.
Deze keer vragen we dus expliciet om bij het beoordelen van de kandidaten de maatschappelijke meerwaarde mee te nemen en meer bepaalt dan het belang van de buurt en op grotere schaal een leefbare toekomst in Haarlem, en niet louter op de hoogste bieder te beoordelen. Bovendien vraag ik een toekomstgerichte blik in plaats van korte termijn denken met constructies om de prijs op te drijven. De mensen van Ons Groene Huis zijn innovators, pioniers die inmiddels reeds meerdere jaren aan een weg timmeren die de meeste mensen nog niet ontdekt hebben. We hopen in juli gelederen early adapters te vinden, want die heb je nodig zodat uiteindelijk een grotere groep change agents volgt. Even voor de duidelijkheid, we zijn geen geitenwollen sokken club. We hebben gewoon geld, we willen dat zinvol besteden. Dank voor uw aandacht. Misschien kan ik nog iets toelichten, ik heb in elk geval een grafiekje erbij als toelichting bij wat ik net zei. De voorzitter: Hartstikke mooi, dank u wel. Dan is het woord aan meneer Diederik. De heer Diederik: Ja, dank u wel. Ik zat hier de vorige keer ook bij de commissievergadering. Een aantal dingen zijn aangepast, er zijn moties ingediend. Maar toch heb ik een paar kleine punten van discussie nog. Bij nader inzien ben ik nog steeds, dat was ik al, behoud voor de voormalig drukkerij.
Er zijn natuurlijk ideeën en moties ingediend om het gebouw af te breken en daar een parkeergarage op te maken en opnieuw op te bouwen. Nou, er zijn diverse mooie plannen ontwikkeld van waarom het niet zou moeten, onderzoek is er geweest. Ik vind dat het moet blijven staan en het in oude glorie hersteld zou moeten worden, zoals het ooit geweest is, het nieuwe bouwen. Ja, dan kun je zeggen: ja, maar dan heb je geen parkeergarage daaronder. Maar dat is
64
een punt, dat zou mooi zijn, maar we hebben nog steeds, ik spring even een dingetje over, de Nettrain garage. Dat is meer dan ooit een must. En het is de oplossing voor de hele wijk, ook voor de koepel, ook voor de nieuwe woningen aan de Papentorenvest. Ja, het ligt al maanden, uren, jaren in de week. Maar ja, ik merk dan niet dat er echt op ingegaan wordt. Ik heb ook met de mensen van de Koepel gesproken, die zijn zelfs bereid om er geld in te investeren. Maar dat is al eerder ter sprake gekomen. Want wat gebeurt er? 2030, wat ik vrij laat vind, in Parijs zijn ze er nu al mee bezig, mag je maar 30 kilometer per uur rijden in de stad en het verkeer wordt zo veel mogelijk uit de stad geweerd. Nou, dat is prachtig, maar je hebt toch aanzuigend verkeer van buitenaf, die moet je ergens parkeren. In een heleboel steden heb je gewoon aan de rand van de stad heb je parkeermogelijkheden. Nou, dat is hier niet. De mogelijkheden zijn er, ik zal even niet beginnen over de Papentorenvest. Dat doe ik nou even toch. Maar die garage, ja, drie of vier lagen erop en je bent van een heleboel dingen af. Mensen van de Koepel kunnen er parkeren, dan hoeven die niet op dat voorterrein te staan wat nu voorlopig voor vijf jaar gaat gebeuren, 20 plaatsen waar ik ook tegen ben. Bij de fietsenfabriek kunnen ook mensen parkeren daar, dus je lost al een heleboel op.
Wat ik vorige keer, dus ondergronds parkeren is sowieso een must. Er staat nu al half verdiept, maar ik vind echt onder de grond. Ga je in Amsterdam bij nieuwe wijken kijken bij de A10, alles ondergronds, geen auto op straat. Denk even aan de toekomst en later maken we er fietsenstallingen van. Dat is een mooie woordspeling, vind ik zelf. Nou, wat er ook niet in staat, wat ook niet aangepast is. Ik had vorige keer een opmerking gemaakt dat het gaat om prijs en duurzaamheid. Ik mis dan de kwalitatief uitdagende architectuur daarin. Iedereen was daarvoor, de vorige keer heb ik gehoord, alleen het staat niet in de plannen. Als het niet in de plannen staat, dan wordt het ook niet gedaan. Ja, wat mij een beetje onduidelijk is, maar dat is iets minder belangrijk, is die nieuwe norm. Is het nou 30-40-30 of is het nu echt 30-50-20 geworden? Dat begrijp ik nog steeds niet, want de onverdeelde stad, wat ook een collegebesluit is, dat zie ik niet terug. Dus meer duurdere woningen in oost en goedkopere woningen in het centrum en west. Maar goed, dat vind ik een detail. Heb ik het over de procedure, daar heb ik vorige keer aangemerkt dat wij erbij betrokken willen worden. De wethouder heeft gezegd dat vindt hij geen probleem. Maar het is nog niet vastgelegd. Dus ik wil graag dat vastgelegd zien.
En daar bedoel ik mee dat we aan tafel zitten bij de eerste selectie van de vijf partijen om mee te kunnen denken. Ik heb de voorbeelden al gegeven vorige keer, als je het niet doet krijg je achteraf, of kan je achteraf, laat ik het voorzichtig formuleren, problemen krijgen. Dan ben je acht maanden, negen maanden verder, omdat er problemen ontstaan. Als je dat eerder doet, ik denk dat wij in staat zijn om mee te denken en daar een goede opmerking over te maken. Ook in de laatste selectie, dat is de meest belangrijke natuurlijk van de drie overgebleven partijen, kunnen we daar gewoon ons steentje aan bijdragen. Ja, ik denk dat dat eigenlijk de belangrijkste stukken waren die ik echt nog wilde toevoegen. Ja, want elke keer wordt het nu als klein postzegeltje gezien, maar je kan het wijkoverstijgend zien. We hebben die visie sprong nog steeds, maar ik merk nog steeds dat er in postzegelgedachten gewerkt wordt. Hier heb je de fietsenfabriek, daar heb je de Koepel, je hebt de Papentorenvest. Maar het geheel zie ik nog steeds niet. Maar goed … De voorzitter: Uw tijd is om, u was ook aan het einde gekomen. De heer Diederik: Nou, dank u voor de aandacht en blijf alert. De voorzitter: Dank u wel. Zijn er vragen vanuit de commissie? Mevrouw Kok? Mevrouw Kok: Ja, eigenlijk voor beiden. Ik begin met meneer Diederik, twee vragen.
Want u wil de oude drukkerij behouden, maar denkt u niet dat het mogelijk is om dat te behouden en een ondergrondse parkeergarage te doen?
65
De heer Diederik: Nou, dat is niet geheel waar. Want de ondergrondse parkeergarage komt op het grote terrein. Dat staat al in de plannen. Alleen het idee was om een hele grote parkeergarage te maken. Maar dat lijkt me overbodig, want het is een zeer sociaal gebouw wordt het. Inmiddels doet het Leger des Heils gaat het niet meer kopen, heb ik begrepen. Maar als er projectontwikkelaars zijn die daar sociale jongerenwoningen willen maken, dan kan dat. En men beweert altijd van: jongeren hebben geen auto, dus ik zie dat probleem dan niet. Mevrouw Kok: Oké, en nog een vraag. Want vorige keer heeft u ook betoogd voor geen maatschappelijke of sociale woningen bij dit project. Bent u daar ook, heeft u nog steeds dat standpunt? De heer Diederik: Meer sociale woningen? Mevrouw Kok: Maatschappelijke of sociale woningen die er op deze plek zouden komen, daar was uw wijk niet voor. De heer Diederik: Dat vind ik verder prima. Kijk, die invulling, daar is toch een afweging. En het is meestal zo dat de dure woningen betalen de goedkope woningen. Het is helemaal hoe de plannen door de projectontwikkelaar worden aangeboden, wat die ermee doet. Gaat het echt om geld verdienen, ia, dan wordt het allemaal 30 vierkante meter voor 1500-1600 euro. En dat lijkt me niet de bedoeling. De voorzitter: Mijnheer De Groot, D66. De heer De Groot: Ja, een korte vraag aan mevrouw Marijns, als ik het goed zeg.
Ik heb even naar de website onder andere gekeken van uw initiatief. Een hartstikke mooi initiatief, maar met alle respect: is dit project niet wat groot voor Ons Groene Huis? Mevrouw Marijns: Terrein bedoelt u? De heer De Groot: Het is nogal een ontwikkeling. Mevrouw Marijns: Ja, maar we hebben een projectontwikkelaars als partner, Steenvlinder, die dit soort grote projecten sowieso in hun portefeuille hebben. Dus nee, we vinden zelf als gemeenschap gezond te zijn moet je een tamelijk volume hebben om elkaar sociaal te ondersteunen. En nou ja, met alle uitdagingen die er zijn werken enzovoort moet je gewoon een bepaald volume hebben, sowieso. En ook om het financierbaar te houden. Dus met 10 woningen kom je er sowieso niet. De voorzitter: Dank u wel. Vragen nog vanuit de commissie? Nee, dan wil ik u namens de commissie hartelijk danken voor uw bijdrage vanavond en de moeite die u heeft genomen om hier te zijn. Ik wil u vragen, het maakt helemaal niet uit trouwens, u mag gewoon. Ja, we waren eerst heel strak, niet meer erdoor, dat zou ik dan niet doen. Wie mag ik het woord geven? De heer …: Sorry, voorzitter. Eerst een punt van orde. We moeten het even opknippen in twee elementen, omdat de taxatie geheim is verklaard. Anders mag ik daar niet over spreken. De voorzitter: Ja, dan doen we eerst het openbare deel, dat is ook fijn voor de insprekers.
En dan doen we daarna een stuk besloten. Mijnheer Drost.
66
De heer Drost: Ja, misschien ook een beetje qua proces. We hebben dit al een keer besproken. We hebben het aangehouden in de raad. Er is ook een reactie gekomen op alle moties en amendementen, dat was natuurlijk ook de reden dat we het hebben aangehouden. En misschien is het ook wel goed, ik ben wel benieuwd eigenlijk hoe voornamelijk de partijen die dat hebben ingediend, hoe die nu staan in die verschillende amendementen en moties. Ik kom hier eigenlijk ook om daarnaar te luisteren. Dus dat we niet alle standpunten weer opnieuw gaan doen. De voorzitter: Nee, dat had ik bedoeld in mijn inleiding. Als eerste het woord aan meneer Wiedemeijer dan. De heer Wiedemeijer: Voorzitter, ik hoef alleen bij het besloten deel. Misschien is het handig om meneer Van Leeuwen als eerste het woord te geven. De voorzitter: Oké, dan meneer Van Leeuwen, Actiepartij. De heer Van Leeuwen: Ja, voorzitter. Ik was even aan het overleggen. In het kort. Actiepartij heeft de vorige keer voor de zomer de indruk gekregen dat er een tendens gaande was om op een wat magere onderbouwing van een te behouden pand, onder die argumentatie de situatie te creëren dat er goedkope woningen gecreëerd kunnen gaan worden in de fietsenfabriek voor een kwetsbare doelgroep. Dat is eigenlijk in de kern wat ik opmaakte uit het voorstel zoals het hier lag.
Gelukkig heeft Heemschut ons gewezen op het verhaal van de behoudbaarheid en hebben wij u gevraagd om daar een appreciatie van te geven. Want wat ons betreft is en blijft die onderbouwing dun, te meer omdat u de achterkant van het gebouw, wat maar 6-7 jaar jonger is en wat net zo verminkt was als het gebouw wat nu nog staat, om dat wel te slopen omdat u Houtmarkt 7 wilde verkopen. Dus wij hadden het idee dat we met een aantal doelredeneringen bezig waren om nu een doelgroep in dat gebiedje te huisvesten. Dus daar hebben wij ons van gezegd: goed, dat regel je niet bij een grondexploitatie, daar moet je een apart verhaal voor opsteken en dat hier met elkaar besluiten. Dus ja, u ontraadt dat nog steeds. Wij hebben nog steeds de indruk dat dat wel de achterliggende reden is. En dat als u echt zegt: het moet behouden blijven. Ja, wat is dan het argument? Want nou ja, het volume is helder, maar kun je daar dan ook nog woningen in maken? In donkere diepe verdiepingen, wij hebben daar onze, wij denken niet dat daar woonkwaliteit gaat terugkomen. Nou, wij zijn blij dat die kopieermachine behouden is, dus dat is afgedaan lijkt mij, voor ons gesproken dan. Even kijken, wat hadden we nog meer. Nou ja, een punt met CDA wil ik ook meneer Klaver nog even goed over horen. Dus ja, dat is waar we staan.
Wij denken dat Heemschut ook een dubbele boodschap heeft afgegeven door aan de ene kant te zeggen: dit is behoudenswaardig, want er is een gevel met een paar steentjes, dat moeten we onderzoeken. We weten het niet zeker, maar dat kan zijn dat dat behoudenswaardig is. En aan de andere kant schrijft u hier op gewoon in met het wegslopen van die achterkant van die oude fietsfabriek ten einde die verkoop mogelijk te hebben gemaakt van Houtmarkt 7. Dus dat vinden we dubbel, dat is niet anders. De voorzitter: Dank u wel. Zijn er mensen uit de commissie die willen reageren? Mijnheer Klaver, CDA. De heer Klaver: Ja, ik denk dat het goed is dat ik hier op aansluit, want we hebben samen die motie ingediend, om uitsluitend de voorgevel te laten staan en de rest van de drukkerij te slopen. We hebben de overwegingen van het college natuurlijk gelezen om de drukkerij volledig te behouden. We hebben de argumenten van de erfgoedvereniging van Pond Heemschut hebben we gelezen. We hebben vanavond de opvattingen van de wijkraad gehoord. Ja, wij zijn natuurlijk niet een partij die het erfgoed wil slopen, maar wij hebben wel twijfel over: is dit nou behoudenswaardig? Dus wij gaan dit allemaal nog eens heroverwegen en het zou zomaar kunnen dat we de motie gaan intrekken.
67
De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Van Leeuwen. De heer Van Leeuwen: Ja, het is helder dat wij natuurlijk allemaal niet hier te boek willen gaan staan als de partij die zegt: goh, hanteer de sloopkogel maar. We zien dat in de stad gebeuren en hier gaan we kennelijk goed naar kijken, daar ben ik ook blij mee. Maar ik zou van het college heel duidelijk willen weten waar zij op insteekt op het moment dat er gezegd wordt door Heemschut en door het rapport: er zitten behoudenswaardige elementen in. En om dan te zeggen, als het behoudenswaardig is: hoe kan je dan met een doelgroep komen waarvan je een ding weet, die moet je vooral onderdak bieden. Die moet je goed laten wonen. Maar is dat de doelgroep die in een behoudenswaardig pand als een fietsfabriek moet huisvesten? Dus daar zit wat ons betreft nog wel wat discrepantie in. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Blokpoel, VVD. De heer Blokpoel: Ja, even van de orde. Gaan we hier nu iedere motie vijf minuten uitleggen en de wethouder vragen om vijf minuten te reageren op iedere motie? De voorzitter: We houden het zo kort mogelijk. De heer Blokpoel: Ik vraag me af: gaat dit allemaal nog door naar de raad dan? Want we hebben het aangehouden, er komt een nieuw stuk of er ligt een nieuw … De voorzitter: Dit stuk gaat naar de raad. De heer Blokpoel: Ja, dat begrijp ik uiteraard.
De voorzitter: We hebben het aangehouden vanwege de toelichting op de moties en de amendementen. Dus daar is wel deze behandeling voor bedoeld. De heer Blokpoel: Oké, dus moties en amendementen blijven op deze wijze staan en we behandelen het gewoon zoals we het de vorige keer zouden behandelen. De voorzitter: Ja, goed. Wie wil nog meer hierover het woord? Anders gaan we naar de wethouder. Mijnheer Amand, Trots. De heer Amand: Dank u wel, voorzitter. Ik hoor het allemaal aan en het is eigenlijk zonde wat er gegeven wordt eigenlijk. Zo’n pand moet je laten staan, wij hebben al zoveel gesloopt omtrent de Amsterdamse Poort, dat ziet er niet uit. Dus ik bedoel: laat het alsjeblieft staan. In de een waar de voedselbank inzat, daar woonden daarboven al mensen. Dus ik zie het hele verschil niet. Iedereen wil wonen vandaag de dag, waarom gaan we dat niet realiseren? De andere wil ik nog even zeggen wat meneer Diederik zei met de parkeergarage bij de spoorwegen et cetera. Waarom kan dat niet gezamenlijk gerealiseerd worden? We zijn een project hier, het lijkt Den Haag wel, tien jaar over oude delen en er gebeurt niks. Er moet nou gewoon eens vaart gezet worden. Geef die mensen een kans, geef de jongeren een kans. Maar daar hoor ik niemand over, het is allemaal hup, hup, hup. Nee, je moet die mensen een kans geven en die jongeren, die moeten nu ook eens een plek krijgen in Haarlem.
En dat missen we, dank u. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Kok.
68
Mevrouw Kok: Ja, nog even een vraag aan de wethouder. Want misschien lees ik het niet goed hoor, of begrijp ik het niet goed. Maar bij de motie je kunt het maar een keer doen, over het ondergronds parkeren. Want in de toelichting van het college wordt gezegd: hier wordt uitgelegd dat ondergronds parkeren niet kan of niet wenselijk is. Maar toen het stuk op 17 juni bespraken werd genoemd dat ondergronds parkeren juist wel mogelijk is. Dus kunt u dat even nog toelichten? De voorzitter: Dank u wel. Alle vragen over het openbare deel toelichtingen gedaan? Mijnheer Blokpoel. De heer Blokpoel: Als we het toch inderdaad, precies wat mevrouw Kok zegt. Het is natuurlijk vanzelfsprekendheid dat de gevel in ieder geval behouden moet blijven, zoals we ook eerder af hebben gesproken. Dus vandaar ook mijn verwarring voor wat zijn we hier nu aan het doen. Want alles toch overdoen. Maar u lijkt dat ook te bevestigen in uw brief, wethouder. Maar u wil nu toch inzetten op meer sociaal met parkeren op maaiveld. Dus ik vroeg me al af: heeft u een zonnesteek gekregen dat u nu opeens zo een wijziging voorstelt? En wat wil u nu doen met die ondergrondse parkeergarage? Want precies wat mevrouw Kok zegt, we hadden al min of meer bijna besloten om gewoon voort te gaan met dat SPVE. De voorzitter: Mijnheer Roduner. Wethouder Roduner: Ja, ik zal het kort houden.
Het uitgangspunt voor het college voor deze ontwikkeling is het vastgestelde SPVE. In het vastgestelde SPVE is uitgesproken dat het wenselijk is om in ieder geval het drukkerij gebouw te behouden. Nou, daar hebben we naar gekeken. Ik heb u ook gemeld dat in ieder geval het bouwtechnisch onderzoek ook laat zien dat het kan, dus dat technisch behouden kan blijven. Dat is wel een belangrijke. Dus het gaat meer dan alleen om een aantal gevelelementen die relevant zijn. Ja, het is zo dat vooral de zichtbare gevel het meest interessant is en de noordgevel is ook interessant en het gebouw is aan de andere kant ook wel veel aangetast al in het verleden. Maar volgens mij het uitgangspunt waar wij meer werken is van: nou, wat het behouden waard is moeten we toch ook met elkaar willen behouden. Dat betekent concreet dat als je dat pand daar laat staan, je daar onder niet een parkeergarage kan maken. Maar er is een heel ander groot stuk, het noordelijke stuk eigenlijk, dus tussen de Oostveste en de Dijkstraat. Daar kan dan een parkeerbak komen. Die parkeerbak kan natuurlijk niet ontzettend groot zijn, dat is best ingewikkeld om die goed in te bouwen tussen ook die kwetsbare bebouwing eromheen. Dus die heeft maar een beperkte capaciteit. Dus je ziet eigenlijk het gebied opgeknipt worden in twee stukken. En dan is er al een stukje verkocht, namelijk Houtmarkt 7.