CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

20210156328 Transcript commissievergadering Beheer d.d. 10 juni

commissie Beheer 9 september 2021, gemeente HaarlemBij agendapunt: Transcript commissie d.d. 10 juni en 17 juni 2021 (alleen n.a.v.).53.148 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 5

48

opgeleid ben dan u of de anderen. Hbo is toch ook niet zo ontzettend hoog, maar. Er zijn een heleboel mensen in en op de grachten die in huisjes wonen van 50 vierkante meter. Dat is misschien niet zo bekend. We hebben het dat allemaal dat is de goudkust van Haarlem, dat heb ik me wel eens horen vertellen, maar er zitten heel veel appartementen en dat gaat als een rijdende trein op het ogenblik, want speculanten die hebben dat wel geroken. Dus dat is niet helemaal waar. Er zitten allerlei soorten mensen op de Bakkernessegracht. De voorzitter: Dank u wel voor die verduidelijking. Dan de heer Van Leeuwen van D66. De heer Van Leeuwen: Ja, voorzitter. Dank u wel. Fijn dat u hier bent om uw verhaal te doen. Staat u nog … Gewoon een hele simpele vraag. In hoeverre staat u nog wel open voor het gesprek met de wethouder en wat hij heeft gezegd? De heer In ’t Veld: 11 augustus. Ik heb begrepen dat de commissie bezwaarschriften enorme achterstanden heeft, dus ik weet niet helemaal zeker of dat 11 augustus wel haalbaar is, maar we zullen moeten afwachten. Ik weet het anders ook niet. De heer Van Leeuwen: Nog een iets gerelateerde vraag en als u geen antwoord wil geven, mag dat natuurlijk ook. Er staan ook hele grote containers op de gracht die mij ook altijd al wel die ik vind dat die hem wat ontsiert de gracht en er zitten vier wielen aan.

Wat vindt u van die containers? De heer In ’t Veld: Van wat? De heer Van Leeuwen: Die grote containers met vier wielen heten auto’s geloof ik. Die staan ook nogal veel op de gracht. Wat vindt u daar eigenlijk van? De heer In ’t Veld: Ja, ik heb daar geen auto staan, dus ik kan makkelijk praten. Ik vind dat jammer. Ja, dat is zeker. Maar ja, medebewoners willen graag hun auto daar neerzetten. De voorzitter: De heer Amand, Trots. De heer Amand: Dank u wel, voorzitter. Ik kom toch steeds maar weer op de vraag terug: jaren geleden hebben we de kadermuren hersteld en dat vrachtverkeer natuurlijk dat moet gemijd worden daar. Hoe staat meneer daarin? Is hij het er ook mee eens dat het dus … De heer In ’t Veld: Ik ben het daar zeer mee eens, want … De heer Amand: Dank u wel. De heer In ’t Veld: Want sinds ik dat heb begrepen, zie ik ineens een grote kuil die vlak voor mijn huis ligt met andere ogen. Ik dacht altijd: ja, als het hard regent staat er een enorme plas daar. Maar nu kijk ik ernaar en dan denk ik: ja, hij is meters lang over de kademuur en ik zou de wethouder vragen daar echt eens naar te kijken, want dat is niet koosjer. Daar komt bij dat is de exacte plek waar die bakken komen te staan. Ik weet ook niet of er ruimte is voor die uitzetarmen van zo’n vrachtwagen, want ik zag in de voorschriften dat daar ook wel iets over gezegd mag worden.

Ik weet het niet hoor met al die paaltjes vlak voor mijn huis of dat allemaal wel zo vlot gaat, even los nog van dat smalle 1,85 meter stukje parkeerplek. Twee parkeerplekken trouwens, op de plannen staat maar één parkeerplek. De voorzitter: Nog andere …

49

De heer In ’t Veld: Dus die auto’s gaan wel weg. Ja. De voorzitter: Nog anderen? Nee? Ja. De heer Aynan nog één keer, Jouw Haarlem. De heer Aynan: Ja, misschien dat ik zelf ook een achterstand heb, maar heeft u hele concrete alternatieven? De heer In ’t Veld: Ja, we hebben die van meet af aan al aangegeven. Ik heb ook uitgerekend in de eerste commissievergadering ook … Ik zit toevallig op de plek die het verst af ligt van de huidige afvalbakken en die zijn dus aan de ene kant van de gracht bij het politiebureau en aan de andere kant bij de Gravenstenerbrug. Ik moest even nadenken. Er is er ook een op de Koude Hoorn en de maximale afstand die ik moet lopen, en mijn buurman op 50, is 202 meter. Ik heb altijd begrepen vanuit de voorschriften dat de minimum afstand … De maximum afstand 250 meter moet zijn binnen daarvan. Nou, 202 meter is natuurlijk aanzienlijk minder. De voorzitter: Mooi. Volgens mij heb ik … De heer Aynan: Voorzitter, mag ik nog … De voorzitter: De commissieleden … De heer Aynan: Heel klein vervolgvraagje? Zegt u nou eigenlijk: zoals de situatie nu is, is het goed? De heer In ’t Veld: Ja. De heer Aynan: Geen bakken bij voor u. De heer In ’t Veld: Geen bakken bij. We hebben … De heer Aynan: Helder. Helder. De heer In ’t Veld: We zijn al jaren gewend. De heer Aynan: Dank u. De heer In ’t Veld: Ik niet, maar mijn buren om dat afstandje te lopen.

We hebben er geen enkel probleem mee. Het is erg gezellig op de gracht. De voorzitter: Nou, dat is ook goed om te horen. Ik heb volgens mij iedereen gehoord nu, dus dan, mijnheer In ’t Veld, dank ik u nogmaals voor uw komst en uw flexibiliteit. Als u naar rechts of naar links wil lopen, dan gaan wij verder met de behandeling van het stuk. Vergeet uw mondkapje niet op te doen. U ook bedankt. Dan gaan wij over naar behandeling van agendapunt 11. Het was op verzoek van OPH geagendeerd, dus die ga ik ook als eerste het woord geven. Mevrouw Baas-Oud. Mevrouw Baas-Oud: Ja. Dank u wel, voorzitter. Ja, inhoudelijk behandelen wordt een beetje lastig, maar wat wij erover willen zeggen is dat we het wel betreuren dat, nou ja, dat er zo lang het lang geduurd heeft of er eigenlijk niet gereageerd is op de brief van de bewoners, ook niet op hun herhaaldelijke schrijven in april. Nu wordt dus besloten de reactie door te schuiven in de tijd. Nou ja, blijkbaar door een afstand opgelopen of door de vele bezwaren die er liggen. De brief van 8 juni van de belangengroep is naar ons idee eigenlijk terecht een boze brief en wij vinden dat dit geen correcte behandeling is van brieven van betrokkenen, de betrokken

50

bewoners. We gaan er eigenlijk ook vanuit dat er geen enkele onomkeerbare activiteit inzake de afvalscheiding op de Bakenessergracht genomen wordt en daar willen wij graag bevestiging op krijgen of dat inderdaad of we daar vanuit kunnen gaan of niet. Dat is eigenlijk het enige wat we er nog aan toe willen voegen op dit moment. Bedankt. De voorzitter: Dank u wel. De heer De Lint, CDA. De heer De Lint: Dank u wel, voorzitter. Ja, ik wil me in mijn bijdrage richten op twee punten. Een over maatwerk voor loopafstanden en de ander over het afwachten van de uitspraak van de bezwaarcommissie voor de Bakenessergracht. Die sluit aan ongeveer bij wat OPHaarlem net heeft aangegeven. Een algemeen punt over de plaatsing van ondergrondse containers. Binnen de richtlijnen voor locatiebepaling van bovengrondse en ondergrondse afvalcontainers staat dat er afgeweken kan worden van de maximale loopafstand van 250 meter. Er kan maatwerk geleverd worden. Ik heb technisch uitgevraagd of er inderdaad ook zulk maatwerk geleverd wordt, of er weleens wordt afgeweken van die 250 meter. Ik vermoed namelijk van niet, en dat zou jammer zijn. Misschien dat de wethouder daar een antwoord op heeft, want dit is gerelateerd aan een groter punt. Laten we ons vooral niet blindstaren op die 250 meter. Een maximale loopafstand is leuk, maar een daadwerkelijk geschikte locatie zou toch belangrijker moeten zijn.

Dan nu specifiek over de Bakenessergracht. De motie van de afgelopen raad die wilde afstel; geen container op de Bakenessergracht. We hebben toen gekozen om de lijn van het college … De voorzitter: U heeft een interruptie van mevrouw Schneiders, GroenLinks. Mevrouw Schneiders-Spoor: Mijnheer De Lint, ik dacht eerst ik wacht wel eventjes, want waarom niet, maar vorige keer hebben we het over de Bakenessergracht gehad en deze brief gaat natuurlijk over de hele oude stad, over de burgwal, maar waarom gaan we het nu … Ik vind het een beetje jammer dat we het nu weer over de Bakenessergracht gaan hebben. Of heeft u daar een bijzondere reden voor? De heer De Lint: Omdat ik wil toelichten op de motie van afgelopen raad. Daar kom ik nu toe. Afgelopen raad was die motie daar, die was tegen de plaatsing van ondergrondse containers op de Bakenessergracht. Toen hebben wij gezegd: nee, daar stemmen wij tegen. Wij wachten de uitspraak van de bezwaarcommissie af. Maar wat ons betreft hoort daar een belangrijke kanttekening bij: wij willen niet dat de containers alvast geplaatst gaan worden nog voordat de bezwaarcommissie een uitspraak heeft gedaan. Het CDA ziet die containers daar namelijk liever niet zitten. Het is beleid om hem alvast te plaatsen en de bezwaren af te wachten, maar wij zeggen in dit geval: laten we dat vooral niet doen. We gaan het nu proberen te voorkomen.

Als de wethouder niet bereid is toe te zeggen om die containers daar voorlopig niet te plaatsen, pas na de afhandeling van het bezwaar, dan zullen wij daar een motie over indienen in de aankomende raad om toch af te dwingen dat die voorlopig niet geplaatst wordt. Ik hoop dat dit kan rekenen op de steun van andere partijen. Op die manier kiezen wij voor een zorgvuldig proces, nemen wij de tijd voor bezwaren en voorkomen we eventuele kapitaalvernietiging. Dank u wel. De voorzitter: De heer Van Leeuwen, D66. De heer Van Leeuwen: Ja, voorzitter, ik ga niet iets zeggen wat al eerder in de deze commissie is gezegd over partijen en dat soort dingen, CDA met CDA-wethouder, want wij hebben gewoon volgens mij een stadsbestuur en wij geven soms kaders af die wellicht voor het college wat als te streng worden ervaren. Maar ik wou beginnen met iets heel anders, namelijk een mooie spreuk, namelijk: de geschiedenis is het heden gezien door de toekomst. Dat is natuurlijk een citaat van Godfried Bomans. Hij heeft heel veel mooie citaten, maar deze

51

vond ik wel van toepassing, want ja hoe zou je nou kijken, nou ook terugkijkend naar het verleden dat wij ooit überhaupt hebben toegestaan dat hier auto’s mogen parkeren op deze gracht, want ik kan me zomaar voorstellen dat de tijd dat hij bezwaar maakte om deze gracht te dempen dat daar nog niet zoveel auto’s stonden als nu. Dus ook: hoe zouden wij over twintig jaar kijken als hier bovengrondse hele grote afvalcontainers zouden staan? Nou, de geschiedenis is het heden gezien door de toekomst. Want waar hebben we het over? We hebben het over afvalscheiding. Afvalscheiding doen wij met bewoners, voor bewoners en ook door bewoners. Dus als er nou bewoners zijn die zeggen: wij kunnen ons afval heel goed scheiden, wij kunnen lopen naar die bakken en wij garanderen dat ook met meerderheid van straten willen wij onderschrijven de doelstelling van de gemeente, wie zijn wij dan om heel stringent vast te houden aan een maximum van 100 meter als het hier ook net iets meer kan zijn? Dat geldt hier inderdaad op de Bakenessergracht waarbij dus inderdaad de vraag is: hoe zorgen we dat dit opgelost wordt? Dit geldt op meer plakken, dus graag een reactie van het college, van de wethouder hoe hij kijkt naar deze wens die ik meer in deze raad heb gehoord om maatwerk.

De tweede kant is dan nog heel technisch van aard eigenlijk, want er spelen eigenlijk twee zaken: de bovengrondse plastic, drankkartons en blikcontainer en papiercontainer en gft. Dus kijk ook graag bij het vinden van een oplossing naar dat onderscheid tussen die twee verschillende problematieken, want inderdaad een gracht met een hele grote vrachtauto voor dat plastic, drinkkartons en blik lijkt ons echt een slecht plan, en zoals gezegd er is een hele groep van welwillende bewoners. Het laatste punt dat is de communicatie en daar stonden toch echt de twee kleuren verhalen die we horen. De wethouder die betoogt: er is hier echt heel zorgvuldig gesproken met iedereen en bewoners die ons vertellen: wij hebben daar echt een andere indruk over. Is het college ook bereid, is de wethouder bereid het daar met elkaar over te hebben om te zorgen dat we hiervan kunnen leren om een volgende keer dat beter te doen en wellicht ook deze les met ons als raad te delen om te kijken wat wij beter kunnen doen, ook in de kaders die wij met elkaar hier als raad vaststellen? Dan ga ik nu snel ophouden, want anders heb ik te weinig tijd voor de andere onderwerpen. De voorzitter: Dank u wel. De heer Mohr, Hart voor Haarlem.

De heer Mohr: Ja, voorzitter, waar zal ik beginnen? Laat ik beginnen in de richting van het CDA en D66: als jullie de motie hadden gesteund, dan hadden we, mevrouw Schneiders, ik bedien u ook, vanavond hier niet over hoeven spreken. Dat is mijn eerste punt. Maar laat ik ook iets in de richting van de wethouder zeggen, en met name zijn reactie op de motie tijdens de raad van, wat was het, 27 mei. De wethouder zei: het kan niet zo zijn dat je beleid aanpast als een aantal, en ik citeer, hoogopgeleide en welbespraakte insprekers dat wenst. Mijn vraag aan de wethouder is: waarom niet? Want dat is toch de kern van lokale politiek? Wij met elkaar nemen talloze besluiten en van heel veel van die besluiten weten wij niet hoe dat op de vierkante meter uitpakt. Als er dan een aantal bewoners is dat ons wijst op de, ja, toch negatieve kanten van een besluit, dan moet je toch tenminste bereid zijn om er nog eens goed naar te kijken, maar hen weg te zetten als welbespraakt en hoogopgeleid en daardoor hen een achterstand geven, als je dat vindt dan diskwalificeer je je echt, wethouder, voor de lokale politiek. U bent hier nog niet zo lang, dus ik kan me best voorstellen dat u met tenminste één been nog in Den Haag staat, maar in Haarlem doen we dat anders.

Dan dat verwijt of die opmerking ten aanzien van ons opportunisme, want de wethouder zei dat wij met het indienen van de motie ons hebben laten leiden, en ik citeer opnieuw, door de juiste woorden van insprekers. Einde citaat. Nee, wethouder, we hebben ons niet laten leiden door de juiste woorden, we hebben ons laten leiden door de juiste argumenten. Onze opvatting over de argumenten van de mensen op de Bakenessergracht is onveranderd en dat leidt ertoe dat wij nog steeds die bakken daar op die gracht niet willen. Bewoners willen hem niet, het CDA, D66 denk ik ook niet, mevrouw Schneiders wellicht diep in haar hart ook niet. Dan hebben we dit, om in de woorden van mevrouw Hof te spreken, vanavond toch afgetikt? Graag een reactie van de

52

wethouder daarop en ook een reactie van de wethouder op de grote discrepantie die er zit tussen de opvatting van bewoners over de mate waarin is gecommuniceerd en geparticipeerd en de, nou ja, de opvatting van de wethouder op dat punt, want er zit een groot gat tussen die opvattingen. Dus ik zou graag van de wethouder willen weten hoe hij terugkijkt op dat participatie- en communicatietraject. Waarom heeft hij pas, wat is het, in augustus tijd om deze groep van bezorgde bewoners te woord te staan, wetende dat de raad zich toch wel zorgen maakt over deze ontwikkeling? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ja? Mevrouw Schneiders, GroenLinks. Mevrouw Schneiders-Spoor: Dank u wel, voorzitter. Ja, nou ik wil het toch ook nog even ietsjes breder trekken dan de Bakenessergracht. Ik zal wel ook iets over de Bakenessergracht zeggen, maar dit was eigenlijk de aanleiding was eigenlijk een enquête van bewoners van de binnenstad over de afvalbeheersing. Op zichzelf is dat harstikke goed dat zij dat hebben gedaan, dat zij dus hebben gepreekt, hebben gevraagd: wat moeten er nou? Hoe gaan we dat doen? Nou ja, goed. Er zijn een heleboel mensen die zeggen: nou, we willen nascheiding of we willen helemaal niet scheiden. Dat is natuurlijk heel makkelijk gezegd. Ik denk dat wij dan toch als raad moeten zeggen: ja, maar dat is belangrijk.

Wij weten dat het belangrijk is dat we afval scheiden, want daar moeten we gewoon naar toe. Het kost ook veel te veel geld als we het allemaal naar de vuilverbranding doen, dus dat moet niet. Dus we moeten zorgen naar een oplossing waarbij we wel gaan afval scheiden en waarbij ook de mensen bewust worden van de hoogte van de afvalberg. We moeten sowieso gftafval scheiden hebben we geleerd, omdat anders de rest zo vervuild raakt dat het niet meer her te gebruiken is, ook niet bij nascheiding, dus we moeten er iets mee. Dus wat dat betreft staat dat voorop: we moeten wel gaan afval scheiden. Dan is natuurlijk de vraag: wat kunnen we dan doen in deze buurt en ook op de Bakenessergracht? In de eerste plaats is dus mijn vraag aan de wethouder nog even voor de zekerheid, want ik had het volgens mij wel ergens gelezen of alleen maar gehoord, maar ik begrijp dat het vuil kan opgehaald worden of wordt opgehaald met elektrische lichtere auto’s op de smalle grachten en de straten. Ik heb begrepen dat dat geregeld is. Wellicht zou het ook mogelijk zijn om het afval hier over water te doen. Dat gaat juist vaak om smalle grachten en dan kan je dat met zo’n platte bak kan je het over water vervoeren. Dat gaat misschien wel veel beter en dan gaan de kades niet kapot. De voorzitter: U heeft een … Mevrouw Schneiders-Spoor: Dat scheelt al een hoop.

De voorzitter: Interruptie van mijnheer Amand, Trots. De heer Amand: Dank u wel, voorzitter. Wat hoor ik nou? Over het water? Heeft u daar wel eens gevaren met een bootje op dit moment? De voorzitter: Mevrouw Schneiders, heeft u daar wel eens gevaren? Mevrouw Schneiders-Spoor: Ik heb wel eens gevaren met een bootje, ook … Op dit moment niet, want ik zit nu hier. Maar het is er smal inderdaad. De heer Amand: Nee, ik … Mevrouw Schneiders-Spoor: In de Bakenessergracht. Het kan. Ja, dan moet die boot daarop aangepast zijn. Die hoeft niet midden overdag, kan ook ’s morgens vroeg, want dan wordt er nog niet zo veel gevaren. Dus dat

53

is een van de mogelijkheden. Dan kan je mooi naar de Waardenpolder. Nou, we hebben laatst dus zo’n boot langs gehad. Die heeft zelfs hier proefgevaren en die is toen verkocht naar Nijmegen. Zo’n soort boot zou best kunnen. De voorzitter: U heeft nog een interruptie van de heer Amand. De heer Amand: Ja. Dank u wel, voorzitter. Mevrouw Schneiders, beseft u wel dat al die kanten vol liggen met boten, met sloepjes en alles? Dus dat kan helemaal niet. Dus ik weet niet waar u dat allemaal vandaan haalt, maar u moet toch eens even langsfietsen op een zondag. Mevrouw Schneiders-Spoor: Nou, dan daar is vast een oplossing voor. Dan gaan we aan één kant ligplaatsen opheffen. Dan liggen er minder bootjes. Ik ga even door, want anders gaat het niet goed. Dus dat zou ik in ieder geval we moeten met elkaar dan zoeken naar een oplossing. De andere vraag is natuurlijk dat het ingewikkelder is in die binnenstad buurten om die afvalbakken te plaatsen en daarom ben ook ik er het natuurlijk mee eens, en zou ik dus aan de wethouder wel willen vragen: in hoeverre wordt er geprobeerd met alle tips, ideeën en tricks van de buurt rekening te houden om een bak te plaatsen op een plek die net niet vlak voor een monument staat of net niet voor een plek waar Joden zijn weggevoerd of zoiets, want dat hadden we de vorige keer was de Bakenessergracht aan de orde. Dat zou ik graag willen weten.

Mijn laatste vraag is: zouden we niet een voor dit soort plekken een mooie alternatieve bak kunnen maken, bijvoorbeeld in de vorm van een mooie auto? Want die staan er inderdaad langs die gracht genoeg en dan is het helemaal niet meer zo ontsierend. De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Aerssens, VVD. De heer Aerssens: Termijn, voorzitter. De voorzitter: Nee, dan eerst de heer Mohr, Hart voor Haarlem. De heer Mohr: Ja, voorzitter, mevrouw Schneiders geeft in ieder geval de indruk alsof ook zij vindt dat bakken op de Bakenessergracht ongewenst zijn. Waarom heeft u de motie dan niet gewoon gesteund? Mevrouw Schneiders-Spoor: Ik vind het … Het is niet anders. Soms is iets gewoon niet anders, dus ik vind dat die bakken daar moeten staan. Ik zou best willen meedenken over: hoe kan je dat nou een beetje anders inkleden? Nou, zet hem dan misschien tien meter naar rechts of naar links of inderdaad plak er iets moois omheen zodat het wat minder ontsierend is. Maar ik denk niet dat we van die bakken daar af moeten, want er zijn wel een paar mensen die goed ter been zijn en die hier ook komen inspreken, maar dat is niet iedereen. Er zijn natuurlijk ook mensen die niet zomaar makkelijk die 150 meter of 200 meter naar zo’n bak lopen en die dus dat afval dan niet meer kwijt kunnen. De voorzitter: Uw termijn? De heer Aerssens: Ja, heel graag, voorzitter. Dank u wel.

De voorzitter: De heer Aerssens, VVD. De heer Aerssens: Ja, voorzitter, we horen net de partij die meer auto’s op de grachten wil hebben, maar wel ook direct alle bootjes even uit de stad wil hebben en onmogelijk omgaat met afval. Even naar de realiteit. Kijk, op de Bakenessergracht om die maar eventjes specifiek aan te halen, voorzitter, midden op die gracht die

54

afvalbakken is voor ons echt niet nodig. Bewoners geven duidelijk aan wat zij willen in deze en zonder meer die boten daar … Of sorry. Die boten daar, die bakken daar … Nou ga ik boten en bakken door elkaar halen omdat GroenLinks auto’s en bakken door elkaar gaat halen. Die bakken daar midden op de gracht totaal niet nodig. Bewoners hebben duidelijk een signaal afgegeven en daar moeten we naar luisteren. Dat verwacht ik eigenlijk ook al wel van de wethouder. Ik ga heel even zo zitten, dan zie ik hem tenminste een beetje, anders zit net een scherm ertussen. Maar dat maatwerk verwacht ik eigenlijk ook van de wethouder, en niet alleen in deze situatie, maar ook gewoon in andere situaties waar dat voordoet in de stad. We hebben duidelijke richtlijnen meegegeven voor het beleid, maar daar kan ook gefundeerd van afgeweken worden wat ons betreft. Als we even gaan kijken naar het stuk wat nou daadwerkelijk geagendeerd is, dan zit er een prachtig onderzoek in, een onderzoek dat onder andere weer aangeeft dat bewoners meer willen inzetten op nascheiding. Die wil ik nog even genoemd hebben, voorzitter, daar zijn wij altijd voor. Maar wat ik ook graag genoemd wil hebben in dit stuk is het punt over papierbakken. Papierbakken dat is en blijft een groot probleem. We hebben dan gelukkig een motie aangenomen die een kleine sticker op de bak zet.

Nou ja, goed een kleine sticker, die sticker kan veel groter, met bijvoorbeeld een simpelere methode om makkelijk en efficiënt een volle bak te melden. Want ja, voorzitter, er is echt heel veel overlast van volle containers en zeker ook van die papierbakken die echt frequenter geleegd moeten worden. Dus ik zou de wethouder willen vragen om ook dat punt meer aan de slag te gaan en juist die motie voor die sticker misschien nog wel een slag serieuzer willen nemen, die te vergroten en dat echt makkelijker te maken. Ik heb tegenwoordig, ja sommigen weten het, ik werk in een hotel en heb daar tegenwoordig op elke kamer een QR-code staan waarmee je makkelijk de menukaart kan laden en precies kan aangeven wat je wil hebben. Dat zou toch ook gewoon moeten kunnen met het melden van een volle afvalbak: meld eventjes, we scannen met je telefoon, klik door, zeg verzend, want de locatie die neemt ie tegenwoordig toch al vaker mee of moet je wel even goedkeuring voor geven. Zo kunnen we toch eigenlijk veel makkelijker aan de slag gaan met dat soort meldingen. Ik zie een interruptie. De voorzitter: Ja. De heer Van Leeuwen, D66. De heer Van Leeuwen: Ja. Dank u wel, voorzitter. Uw voorganger in deze commissie namens de VVD maakt altijd een groot punt over privacy. Heeft u al uitgezocht hoe het zit met de privacy, mijnheer Aerssens? De heer Aerssens: Zeker weten.

Dat is prima te doen op deze manier op het moment dat je ook gewoon die toestemming geeft en als je dan niet voor die locatiedeling gaat dan kan je altijd zeggen: deze QR-code staat gelinkt aan dit en dit adres waar je dan staan. Dat hoeft niet per se van een bepaald toestel afhankelijk te zijn, want verdere gegeven hoeven we daar echt niet van op te slaan. Voorzitter, ik was klaar met mijn termijn. Dank u wel. De voorzitter: Dat is mooi. De heer Hulster, Actiepartij. De heer Hulster: Dank u wel, voorzitter. Ja. Nou ja, we hebben al heel veel mensen langs gehad uit Haarlem voor de afvalbakken en het is natuurlijk wel opvallend dat er nu bij deze insprekers op de Bakenessergracht opeens een motie komt om dat te wijzigen, terwijl dat er in andere buurten net zo’n goede bezwaren waren mogelijk tegen het plaatsen van de bakken. Maar goed, als je echt op de Bakenessergracht gaat kijken, het is werkelijk heel krap daar en zeker … Nou ja goed, ik heb een tijdje lang mijn kind naar de kinderopvang gebracht en dan ging ik ook gewoon tegen het verkeer in, want dat was nou eenmaal de handigste route. Het is gewoon een heel smal straatje daar, dus om nou precies op die plek van die grote bakken neer te zetten, dat lijkt wel heel onlogisch.

Maar goed, we zitten wel met een probleem, want we willen nu eenmaal de plek waar mensen hun afval weg kunnen brengen dichter bij huis krijgen en ja, dus er zullen we degelijk bakken bij

55

moeten. Nou ja, wat ons betreft moeten dat natuurlijk zo veel mogelijk ondergrondse bakken zijn en daar zit denk ik ook een groot probleem dat we nu gewoon van die hele grote bakken daar neer gaan zetten met name om het plastic in te zamelen. Ja, wat ons betreft, nou ja, we lezen het ook in de enquête: heel veel bewoners in de binnenstad zeggen: laten we toch kijken of we niet toch nascheiding kunnen doen, omdat het gewoon echt onmogelijk is om zoveel bakken in het centrum kwijt te kunnen. Ik denk echt dat we daar serieus naar moeten gaan kijken, want op deze weg doormodderen gaat niet werken, dus ik denk dat er echt een structurele andere aanpak nodig is om dit probleem op te lossen. De voorzitter: Mevrouw Schouten, PvdA. Mevrouw Schouten: Dank u wel, voorzitter. Ja, de discussie over voorscheiding-nascheiding hebben hier natuurlijk al meerdere keren gevoerd. De PvdA is in principe gewoon voor voorscheiding, daar zijn we zeker voor, maar, dat hebben we ook bij de eerdere bespreking al aangegeven, wij vinden echt dat er gekeken moet worden in het centrum of dat altijd wel de logische manier is. We vinden zeker dat dat maatwerk wat ik hier nu ook al overal hoor zeggen als we die bakken daar neer gaan zetten, dat we ook heel erg goed kijken of het wel de goede plekken zijn, of het wel een logische plek is, want het is natuurlijk krap, bijna op al die plekken.

Dus in principe blijven we gewoon wel voor voorscheiding, maar in de binnenstad willen we echt maatwerk. In die zin moeten we daar zeker serieus werk van maken in de vervolgtrajecten die we rondom afvalverwerking gaan hebben met elkaar. De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Mohr, Hart voor Haarlem. De heer Mohr: Ja, dank u wel. Is de Partij van de Arbeid voor of tegen afvalbakken op de Bakenessergracht? En als u tegen bent, waarom heeft u de motie niet gesteund? Mevrouw Schouten: Nou kijk, in principe moeten gewoon die bakken neergezet worden, maar of deze plek een goede en een logische plek is dat moet gewoon ter plekke bekeken worden. De wethouder heeft zijn richtlijnen, maar dat betekent niet dat hij ook niet kan afwijken van bepaalde plekken. Ik vind niet dat wij daar als raad dan een motie over moeten gaan aannemen, ik vind gewoon dat we daar de serieuze mensen die dit uitvoeren gewoon serieus naar moeten kijken en de ruimte moeten pakken die ze hebben om al maatwerk te leveren. De voorzitter: Nog een vervolg? De heer Mohr: Ja, om dat ik niet begreep of u nou voor of tegen afvalbakken op de Bakenessergracht bent. Mevrouw Schouten: Ja, maar die vind ik … Kijk, dat kan ik niet beoordelen, want ik ben geen expert daarin. Daar hebben wij onze mensen voor om dat op een goede manier te beoordelen of dat wel of niet geoorloofd is.

In dit geval denk ik dat op die plek op de Bakenessergracht niet zo handig is waarschijnlijk, maar er zijn vast wel andere plekken. Dat moet gewoon op een goede manier serieus benaderd worden. De voorzitter: De heer Aynan, Jouw Haarlem. Termijn. De heer Aynan: Ja, voorzitter, voor ons is het heel simpel: maak van de Bakenessergracht geen Bakenessergracht. Ik heb net de commissie gehoord. Nou, complimenten voor de betrokkenheid en de grote woorden. Ik wou dat ze dat vaker deden, ook bij wat grotere onderwerpen zoals bijvoorbeeld de woningnood. Maar voorzitter, effen terug naar het onderwerp. Het gaat hier over het plaatsen van papierbakken. Nou,

56

volgens mij hebben we hier eigenlijk in ieder geval de meerderheid geconcludeerd dat je dat prima aan de bewoners zelf kunt overlaten, en laten we dat vooral doen. De voorzitter: Ja. Uw opmerking over die woningnood is u zit in de verkeerde commissie, dus dat vind ik dan weer niet zo netjes als u dat hier zo benoemd. De heer Amand, Trots. De heer Amand: Ja, voorzitter … De heer Aynan: Dan had ik een ander onderwerp moeten nemen. Sorry. De heer Amand: De belangen van de bewoners in de binnenstad die hebben natuurlijk groot gelijk. Ze worden miskend, dat hoorden wij in de wijkraad altijd al, en het is natuurlijk zo. Er wordt gewoon ook niet naar de mensen geluisterd. Dus de bewoners willen ook graag een herziening voor de afscheiding? Nou, prima. Laat dat nou de wethouder meteen eens een hele mooie klus wezen om te kijken natuurlijk zijn ervaringen in Den Haag. Dan hebben we nog een andere zogenaamde, en dat weet iedereen natuurlijk, hoogopgeleide. Iedereen is hoogopgeleid tegenwoordig, maar dat zijn allemaal mensen, dat zien we in Den Haag ook, dus wij zeggen gewoon: ga nou eens met die mensen praten ook van die Bakenessergracht. Burgwal onder andere krijgen we wel klachten van en dan nog bij de Hooimarkt overal, dus wij willen toch wel even dat er eens beter naar gekeken gaat worden en niet dat er zomaar lukraak bakken neergezet worden.

Wij vinden van Trots Haarlem de bakken veel te groot op heden, heel jammer. Het zijn kolossale dingen, maar dat kan ook niet de bedoeling wezen. Nou ja, dan hebben we nog natuurlijk mevrouw Schneiders van GroenLinks die wil het over water, maar dan moet ze toch maar eens een keertje met me meegaan met de boot. Dan kan ze het eens zien hoe het allemaal gaat. Dus ik bedoel, dat is een beetje een hele vreemde gedachte. Je zou wel kunnen zeggen: over de Spaarne. Kijk, dat is heel iets anders. Dan kan je natuurlijk wel met een schuit, want die liggen ook in de Leidsche Vaart. Daar kan je natuurlijk wel wat mee doen en die kan je dan aanmeren vlak voor de poort als je natuurlijk de Bakenessergracht opgaat. Daar hoor ik ook niemand over, maar dat is ook een alternatief. Spaarnelanden vaart daar regelmatig. Je ziet wel van die brede mensen erop staan en vooral nou met dit weer, dus er is ruimte en creativiteit zat. Dus wij willen toch dat de wethouder daar ook eens gaat denken, niet in zijn eigen belang, nee, maar wat de Haarlemmers willen. Dat mis ik een beetje, maar dat zal denk ik wel een groeiproces wezen over een jaar. Dank u. De voorzitter: Zijn er nog anderen? Nee, hè? Dan ga ik het woord geven aan wethouder Rog. Gaat uw gang. Wethouder Rog: Dank u wel, voorzitter.

Zo zie je maar weer dat een brief uit oktober 2020, ruim twee maanden voor mijn installatie als wethouder, tot een stevig debat kan leiden hier in de raad. Ik wil toch nog een paar dingen teruggeven. U heeft met mijn collega-wethouder Berkhout debatten over afvalscheiding, voorscheiding of nascheiding en andere vormen van scheiding. Ik ben de wethouder afvalbakken die ja, waarbij die plaatsing van afvalbakken volgt uit beleid wat u met mijn collega vaststelt. Ik stel vast dat er een meerderheid in uw raad die voorscheiding wil en dat leidt dus tot de wens van uw raad, de beleidskaders van uw raad, dat er meer bakken moeten komen in de stad voor plastic en voor papier en voor gft. Als u dat anders wilt of als u daar andere kaders voor wil afspreken, bijvoorbeeld: niet bij gemeentelijke monumenten, bij oorlogsmonumenten, bij Rijksmonumenten, dan moet u dat bij het juiste adres bij wanneer u praat over spa en over hoe dat beleid moet vormgegeven worden adresseren en dan veranderen we het en dan ga ik weer, net als nu, die bakken plaatsen op de plekken waar u dat wilt. Dan over de klachten. Het gaat nu over de klachten hier in de binnenstad.

Eigenlijk leest de brief, waarvan ik begrijp dat die enquête gehouden is onder 150 van de 8000 woningen in de binnenstad, is eigenlijk één grote aanklacht tegen dat voorscheiden waar uw raad in die belangenafweging, want dat is wat wij hier doen, waar uw raad wel voor gekozen heeft. Tegelijk…

57

De voorzitter: U heeft een interruptie … Wethouder Rog: Ja. De voorzitter: Van de heer Mohr, Hart voor Haarlem. De heer Mohr: Ja, voorzitter, de wethouder geeft aan dat hij de bakken plaatst waar wij dat willen. Kan de wethouder aangeven wanneer deze raad zich heeft uitgesproken voor het plaatsen van bakken voor een Joods monument op de Bakenessergracht? Wethouder Rog: Nee. Kijk, mijnheer Mohr, u heeft een geweldige retorische gave, maar u doet wel gewoon mij geen recht met wat u nu zegt. Wat ik zeg, is dat uw raad bij de kaders die vastgesteld zijn wel had kunnen aangeven dat er bijvoorbeeld niet bij monumenten geplaatst wordt. Dat heeft uw raad niet gedaan. Wat uw raad, uw commissie gedaan heeft, is aangeven juist dat, en dat is ook helemaal niet zo gek dat u dat heeft gedaan, want daar wordt ook wetenschappelijk u in gesteund, dat met name ook de gft-bakken op korte loopafstand van ieder huishouden bereikbaar moeten zijn. Dat heeft u gedaan, heb ik niet bedacht. Dat heeft u bedacht. Er zijn nu fracties hier die zeggen: dat willen we hier nu niet, terwijl ze dat wel eerder hebben vastgesteld. Ik stel dat maar gewoon even vast en uiteindelijk beslist u. Dat kan. Straks kunt u het ook weer anders doen. Ik zou alleen heel graag, mijnheer Mohr, dat doen vanuit beleidskaders. Dat vind ik recht doen aan alle inwoners in de stad.

De voorzitter: Mijnheer Mohr wil nog één keer iets zeggen. De heer Mohr: Ja, omdat dit natuurlijk helemaal niet met retoriek te maken heeft. Dit heeft gewoon te maken met het feit dat wij als raad ons nooit hebben uitgesproken voor het plaatsen van bakken voor een Joods monument. Dat is anders dan wat de wethouder zegt. De wethouder zegt: ik plaats de bakken waar u dat wilt. Ik stel vast dat dat hier niet is gebeurd. Dank u wel. De voorzitter: Wethouder, gaat u verder. Wethouder Rog: Overal in de stad zijn er klachten geweest, bezwaren geweest tegen het plaatsen van een bak, want er is niemand in de stad die het leuk vindt dat er straks een bak voor zijn huis staat, terwijl dat tegelijkertijd uw raad heeft gezegd dat wij wel willen komen tot die voorscheiding, tot betere afvalscheiding. Dat betekent dus ook dat er bakken moeten komen. Wat ik aangeef, en ik vind het fijn eigenlijk dat de Actiepartij is eigenlijk een van de weinige die ook inderdaad dat gezegd heeft en dat is ook wat ik nadrukkelijk gezegd heb, dat ik 130 bezwaren heb voorbij zien komen uit de hele stad, maar dat ik daar niemand in de raad over heb gehoord en dat wel hoor nu na vijf insprekers in het centrum. Ik stel dat gewoon vast en ik neem alle burgers serieus en ik ga met iedereen in gesprek daarover. Dat zal ik ook hier doen.

Daar ga ik straks nog even op terugkomen aan het einde van mijn betoog wat er … Ik ga door, voorzitter, totdat u mij … De voorzitter: Nee. Ik wil even dat u doorgaat. Wethouder Rog: Ja, ik zou dat ook willen, want ik probeer een coherent verhaal neer te zetten. De brief die vandaag geagendeerd is, die enquête van 150 van de 8000 gezinnen in de binnenstad, die is mede gehouden bijvoorbeeld in de Vijfhoek en Heiligland. Daar is inmiddels de uitrol van die gescheiden afvalbakken een feit. De klachten daarna zijn minimaal of niets, ik heb ze in ieder geval niet kunnen terugleiden. Dus wat we zien in de praktijk op heel veel plekken in de stad en ook in de binnenstad is dat na aanvankelijke weerstand,

58

wanneer die bakken er zijn er uiteindelijk gewoon draagvlak ontstaat. Dit is gewoon iets wat ik de raad voorhoud. Wat ik u zeg: uiteindelijk beslist u wat er gebeurt, maar ik vind het belangrijk om dat te zeggen en ik zeg het, nogmaals, vooral ook vanuit het perspectief van rechtsgelijkheid voor Haarlemmers en dat wij dus inderdaad evenveel recht doen aan Haarlemmers in Schalkwijk of Haarlem-Noord als in de binnenstad. Ik heb de indruk wanneer we nu interveniëren in processen, bijvoorbeeld zoals de motie en een groot deel van uw raad voorstelde om niet tot plaatsing over te gaan terwijl we bezig zijn met een bezwarenprocedure, terwijl de bezwarencommissie waar draagvlak voor is dat we die hebben nog uitspraak moet doen, al te interveniëren. Ik vind dat gewoon niet verstandig. De voorzitter: Ik ga even toch twee interrupties toestaan. De heer Amand, Trots. De heer Amand: Dank u wel. Wethouder, Trots Haarlem heeft toch wel één vraag aan u: u snapt toch wel dat die Haarlemmers die sturen een bezwaarschrift of die gaan bezwaar indienen dat u toch weet dat die Haarlemmers niet serieus genomen worden. Gaarne antwoord van u. Wethouder Rog: Mijnheer Amand, wat ik zeg is dat er … Ik kan niet meer … In alle eerlijkheid, dan geef ik het toch maar even terug.

Ik denk dat fracties die voor de motie hebben gestemd de bezwarencommissie niet serieus nemen en interveniëren zonder aandacht te hebben voor de uitkomst van die bezwarencommissie. Er zijn dertig, ik geef het maar even aan, dertig bezwaren ingediend, de meeste vanuit de Bakenessergracht, voor wat betreft de binnenstad. Daar gaat de bezwarencommissie een uitspraak over doen op 11 augustus aanstaande. Dat is ook de reden dat ik heb aangegeven naar de bewoners toe: ik wil graag met u in gesprek., doe ik ook in Molenwijk, doe ik ook in de binnenstad, graag met u in gesprek, maar dat wil ik wel graag doen met iets in de hand, namelijk een uitspraak met misschien wel, omdat we die bezwarencommissie dus niet voor niks hebben ingericht, misschien wel waardevolle adviezen die ik kan betrekken in dat gesprek. Dus ik neem de bewoners zeer serieus, maar ik neem dus ook de procedure die wij met elkaar hebben afgesproken serieus en ik vind dat we die ook recht moeten doen. De voorzitter: U heeft nog een interruptie van de heer Mohr en ik zag ook nog een interruptie van de heer Aynan. De heer Mohr. De heer Mohr: Ja, voorzitter, over rechtsongelijkheid ges… Nee, over retorica gesproken. De wethouder zegt: ik heb de rechtsgelijkheid hoog in het vaandel, maar hij … Nee, laat ik dat anders zeggen.

Die rechtsgelijkheid is pas in het geding geraakt nadat de wethouder sprak over hoogopgeleid en welbespraakt en dat dat argument bepalend leek voor uw weigering om de inspraakargumenten van de insprekers te volgen. Dus de wethouder moet mij niet aankomen met rechtsongelijkheid die hij zelf creëert door zijn woorden onzorgvuldig te kiezen en mensen met een opleiding en een achtergrond achter te stellen op mensen die niet hebben ingesproken of waarvan wij de bezwaren niet horen, dat is echt een aanmatigende houding ten opzichte van deze raad. Een beginnersfout, vergeven we u natuurlijk, maar dit is eens en nooit weer. De voorzitter: Eventjes … Wethouder Rog: Nee, ik wil er wel even op reageren. De voorzitter: Ja, ja, ja, ja. Mag … Gaat uw gang. Wethouder Rog: Ik vind dit niet fair, want wat ik heb gedaan is juist aangeven dat het mij opvalt dat bij die 130 eerdere bezwaren ik niemand vanuit de raad heb gehoord, vanuit de andere stadsdelen, en hier nu wel. Ja, ik

59

houd van het debat en ik houd van retorica en ik vond het ook waardevolle bijdragen. Ja, de bijdrage ook van deze bewoners zet mij ook aan het denken en daar kom ik straks ook op in mijn betoog, maar ik wil dat ook de mensen die dat minder eloquent kunnen ook gehoord worden. Ik vind het onjuist dat dat niet gebeurt en ik vind het onjuist dat er gewoonlijk beleid wordt uitgevoerd zonder mokken en bakken geplaatst worden waar mensen hier niet de weg weten te vinden en nu dat daar iedereen in het gelid springt op basis van vijf insprekers. Ik heb daar inderdaad in het kader van de eenheid van beleid en de zorg voor de mensen die dus minder welbespraakt zijn en minder hier de weg weten, dat is de reden van mijn opmerking geweest. Ik denk eerlijk gezegd dat de heer Mohr dat heel goed weet. De voorzitter: Dan even hopelijk een beetje wijze woorden van de commissievoorzitter. Ik merk dat we elkaar allemaal heel erg nu aan het aanspreken zijn en dat roept allerlei felle reacties op. Ik houd ook van een scherp debat, maar misschien is het even goed om het achterhoofd te houden dat als je elkaar allemaal verwijten maakt dat dat een wisselwerking op elkaar heeft. Ik zou graag eventjes op een ander niveau nu met elkaar verdergaan. De heer Aynan, Jouw Haarlem. De heer Aynan: Ja. Dank u wel, voorzitter. Dank u wel voor uw wijze woorden, want u heeft daar gewoon een terecht punt.

Toch eventjes richting de wethouder: ik waardeer echt ontzettend zijn betrokkenheid, dat meen ik. U heeft op dat punt een terecht punt als het wat ons betreft echt gewoon een groter onderwerp was geweest. We hebben het hier over papierbakken. Laten we het alsjeblieft niet groter maken dan het is. De bewoners komen met een alternatief, daar vroeg de motie ook om: niet het niet plaatsen van bakken, maar kijk met de bewoners naar de alternatieven. Ik kan er zelf, want ik kom ook uit de buurt, ik kan er zelf een aantal noemen. Volgens mij is dat hartstikke werkbaar, logisch en we komen er echt samen uit. Laten we alstublieft niet te grote woorden gebruiken en kijken hoe we samen hier uitkomen. De voorzitter: Dan ga ik nu weer het woord geven aan wethouder Rog. Wethouder Rog: Dank u wel. Dat is ook het punt waar ik naartoe wil in mijn betoog. Ik zal kort nog een paar vragen beantwoorden die concreet gesteld zijn en dan kom ik daarop. Het CDA heeft vragen gesteld over het maatwerk rond loopafstand. Ja, we proberen dus altijd binnen die 250 meter te blijven, overigens ook iets wat onder meer uw buurman ook bepleit heeft in de commissies en wat we weten wat belangrijk is, dus afwijken gebeurt niet. Punt is natuurlijk wel dat daar waar er meer mensen dicht bij elkaar wonen je eigenlijk of meer bakken moet hebben of vaker moet legen, want zo is het natuurlijk ook.

Dat is de reden dat je ook in de binnenstad als je het beleid wat vastgesteld is succesvol wil uitvoeren, dus inderdaad meer bakken nodig hebt of vaker moet legen. Concreet daarbij ook de containers in de buurt zijn dus inderdaad al overbelast en deze containers zouden dus ook voor straten in de omgeving zijn. CDA heeft net als OPHaarlem en nog een andere partij gevraagd om niet nu over te gaan tot plaatsing van de bakken gedurende de bezwaarprocedure. Ik geef u eerlijk aan: dat is tot nu toe altijd wel het beleid geweest. Waarom? Omdat dat ook leidt tot gewenning. Ik laat het, voorzitter, aan de commissie om mij aan te geven. Er zijn nu ik meen een drietal partijen die dat expliciet in de eerste termijn hebben aangegeven. Ik geef aan dat ik voor consequent beleid ben en dat ik het dus lastig uitlegbaar zou vinden naar bewoners in andere wijken als we hier afwijken van die norm. Als uw commissie mij in meerderheid vraagt, en dat hoor ik dus graag in tweede termijn, om niet over te gaan tot plaatsing van die bakken, voorafgaand aan de uitspraak van de bezwarencommissie, dan doe ik dat. GroenLinks had een vraag over de kleine auto’s, de elektrische auto’s. Ja, dat is het geval, maar die zijn alleen voor de gft-bakken. Partij van de Arbeid vroeg: kun je dan niet ondergronds? Nou ja, gft kan niet ondergronds en dat moet echt bovengronds.

De VVD vroeg naar de stickers van de papierbakken was dat meen ik. Er is een pilot geweest, die is afgerond. Binnenkort wordt daarover gerapporteerd, dus daar krijgt u informatie over.

60

Dan denk ik dat ik toch nog kom op, ja, wat toch blijkt zeer te leven in uw commissie. Ik wil nogmaals aangeven dat we inderdaad zijn gekomen niet tot één bak, wat gezegd werd, ik geloof inderdaad dat ik het verkeerd heb gezegd in de behandeling, je wil juist één locatie voor twee bakken, en daarnaast voor gftbakken. We zijn daarin dus fors na overleg en op basis van inspraak fors teruggegaan in het aantal bakken. Sterker nog, op basis van onze gegevens nu zitten we op een absoluut minimum voor deze wijk. We hebben de gft-bakken aangepast, de plaatsing van die gft-bakken, in het plaatsingsplan en we hebben gezegd: we gaan die gft-bakken legen met kleinere en elektrische voertuigen. Dus het beeld dat er totaal niet geluisterd zou zijn, wil ik daarmee nogmaals wegnemen, maar dat er onvrede bestaat dat erken ik ten volle.

Ik zou het voorstel willen doen, voorzitter, om als u daar voor open staat om te kijken of wij tot een technische sessie kunnen komen met uw commissie om te kijken: wat is het beleidskader wat u heeft vastgesteld? Hoe verhoudt zich dat tot de opgave waar we voor staan om ook in dit dichtbevolkte, dichtbebouwde gebied te komen tot uitvoering van uw wens waar het gaat om afvalscheiding bij de bron? Daarnaast heb ik aangegeven af te wachten wat u wil waar het gaat om de voorlopige geplande plaatsing van die bakken voorafgaand aan de uitslag van de bezwarencommissie en ik heb aangegeven dat ik vanzelfsprekend ook hier in gesprek ga met de bewoners, maar dat doe ik dan het liefst nadat ik een beter beeld heb van wat uw wensen zijn, maar zeker na ommekomst ook van de uitspraak van de bezwarencommissie, omdat dat mij handvatten geeft in dat gesprek. Dat heb ik overigens, wil ik melden, ook aan de bewoners gemeld. De voorzitter: Dank u wel. Is er nog behoefte aan een tweede termijn? De heer Aynan, Jouw Haarlem. De heer Aynan: Ja, dank u wel. Ik zal maar meteen op die vraag van de wethouder antwoorden. De voorzitter: Nee, dan onderbreek ik u eventjes … De heer Aynan: Oh. De voorzitter: Want ik heb dat voorstel natuurlijk van de wethouder gehoord, maar ik zou … De heer Aynan: Nou, dan gebruik ik hem effen anders. Voorzitter, ja. Ik … De voorzitter: Nee, ik wil even mijn punt maken.

Dan mag u weer verder als u mij ook even dat toestaat. Want mijn voorstel zou gewoon zijn, maar daar gaat u zelf natuurlijk over, om gewoon de motie van het CDA af te wachten zodat dat gewoon open in de raad en goed afgewogen genomen kan worden en nu niet hier met een soort van Idols-stemming vastgesteld kan worden. Maar ik laat het aan u over wat u wilt. Mijnheer De Lint, heeft u daar een idee over, want u begon over die motie? De heer De Lint: Ja, als ik niet bij de heer Aynan voor wil dringen, als hij daarmee die gelegenheid geeft, dan maak ik hier gelijk mijn termijn van. De voorzitter: De heer Aynan, vindt u dat goed? Misschien helpt ons dat. De heer Aynan: Ik ben heel collegiaal. De voorzitter: Fijn, dank u wel. Mijnheer De Lint, CDA. De heer De Lint: Nee, dus ik kan mij goed vinden in de bijdrage van de wethouder. Deze kaders hebben wij natuurlijk zelf opgesteld en de uitvoering is moeilijk. In dit geval bij de Bakenessergracht zien wij dat gewoon niet zitten. In die vorm willen we dus met die motie komen. Ik denk dat het het beste is als het een motie is,

61

zoals de voorzitter ook voorstelt. Dat geeft alle fracties nog de gelegenheid om er even over na te denken, met een goed overwogen tekst te komen en dan kunnen we zo voortgaan. Het enige wat we daarvoor nodig hebben is een toezegging van de wethouder dat u dan niet binnen de komende twee weken die containers plaatst. Ik denk dat dat moet lukken. Dank u wel. De voorzitter: Mooi. Dan ga ik nu nog even kijken of er anderen behoefte hebben aan een tweede termijn. De heer Visser, ChristenUnie. De heer Visser: Ja, voorzitter, ik snap het betoog van de wethouder wel, want we hebben inderdaad met z’n allen over de hele stad uitgerold en dan in wezen nu een uitzondering maken vind ik ook lastig. Aan de andere kant is het wel zo dat we de binnenstad als laatste hebben gedaan, omdat we ook wisten dat die het meest complexe was en dus is dit debat ook weer niet verbazingwekkend, maar ik word wel getriggerd door de wethouder dat hij zegt dat hij al aanpassingen heeft gedaan en dat het op het absolute minimum zit, dus ik worstel nog wat ik met een eventuele motie ga doen. ik zou het jammer vinden als we zoiets met een motie moeten doen, want ik heb ook een beetje de indruk dat die behandeling zo laat is bij de bezwarencommissie omdat er natuurlijk een zomervakantie tussen zitten.

Anders hadden we die behandeling al lang gehad, dan had de wethouder waarschijnlijk vanavond ook heel makkelijk gezegd: we doen die container niet. Dus ik vraag me af of een motie nodig is. Misschien kan de wethouder het ook toezeggen gezien dat toch veel mensen het denken, hoewel ik wel de redenatie van de wethouder heel goed kan volgen. Maar ik had liever ook die bezwarencommissie gewoon afgewacht. De voorzitter: Nog anderen een tweede termijn? Nee? Ja. De heer Aynan natuurlijk. Ja. De heer Aynan: Ja, voorzitter. Deze kwestie is eigenlijk allemaal niet zo lastig en de uitvoering is eigenlijk ook niet zo moeilijk. Dit hebben we veel vaker gedaan bij de Jan Gijzenkade, Spaarnedam, of het nou over zwart of rood afval ging. We hebben altijd maatwerk geleverd en dat is juist de charme van lokaal bestuur. Laten we dat hier ook gewoon doen. Dus wat mij betreft ligt er een harde toezegging van de wethouder die zegt: ik ga geen bakken plaatsen totdat er uitspraak is. Goed, als het CDA behoefte heeft aan een motie die eigenlijk al geweest is in de raad, nou ja, dat is aan hun om het in te dienen. De heer …: Maar dit is dus precies … De wethouder vraagt … De voorzitter: Nee, nee, nee. Maar dat doe ik eventjes voor u. Dat is iets … U beweert nu dat de wethouder iets heeft toegezegd wat hij niet heeft toegezegd, dus daar is nu eventjes daar gaat straks die motie over.

Maar gaat u verder met uw termijn, want dat wilde ik even vastzetten. De heer Aynan: Nou, voorzitter, de wethouder vroeg ons iets geloof ik en ik geef antwoord. Hij zegt: willen jullie dat ik wacht met het plaatsen van die bakken? Jouw Haarlem zegt in ieder geval ja. Daar hebben we dan eigenlijk ook geen motie vreemd voor nodig. De voorzitter: Dames en heren, nee. Ja, ik weet niet wat u allemaal met die tweede termijn wilt. U krijgt sowieso het woord, maar normaal gesproken bespreken we een onderwerp en daarna als het niet duidelijk is wat er gaat gebeuren dan komt er gewoon een motie vreemd in de raad. Dat is hoe we het doen en dat wil ik nu graag hier ook doen, ondanks het sympathieke voorstel van de wethouder. Dat is de volgorde die we doen, die is ook het duidelijkst voor de bewoners. Een tweede termijn. Mevrouw Schneiders-Spoor: Ja. Voor mij? U kijkt …

62

De voorzitter: Excuses. Mevrouw Schneiders, GroenLinks. Mevrouw Schneiders-Spoor: Er zitten zoveel schermen tussen dat ik het niet meer zie. Twee punten en niks inderdaad over die motie. Ik wou nog effen vragen: die zware auto’s die dan dus wel die gracht op moeten rijden, is dat goed overwogen? Kunnen die op een andere manier zodat die grachten daar niet van kapot gaan? En die technische sessie lijkt mij een heel goed idee. De voorzitter: Ja, daar zal ik dan ook gelijk op reageren, want waarschijnlijk is dat een harstikke goed voorstel van de wethouder, maar ik zou dat graag eventjes wat meer onderbouwd willen zien voordat we weten waar we ja tegen hebben gezegd. Dus als ik de wethouder mag verzoeken om dat eventjes wat meer toe te lichten en uitgebreid toe te lichten kan de commissie daar een beter besluit over nemen. Mevrouw Baas-Oud zag ik nog, OPH. Mevrouw Baas-Oud: Ja, misschien even aanvullend. Ik snap wat de wethouder heeft gezegd over de kaders en de route die bewandeld wordt en de uitzondering die nu gevraagd wordt. Wat ik wel lastig vind is dat u geeft aan: de bakken die geplaatst zijn op andere plekken daar is daarna zijn de mensen daaraan gewend en hoor je er niemand meer over.

Maar goed, we horen nu zo veel geluiden vanuit de Bakenessergracht waarbij ik me afvraag dus qua motie: vindt u het zelf ook niet zonde van alle tijd, energie die er in het plaatsen van de energie en dan de gesprekken nog daarna als het dan allemaal weer weggehaald moet worden, vindt u dat ook niet een beetje zonde van de tijd en energie die daar dan ingestopt wordt? Nou ja, dat is de vraag. De voorzitter: Anderen nog? De heer Mohr, Hart voor Haarlem. De heer Mohr: Ja, voorzitter. Dank. Anders dan wat de wethouder vindt, vinden wij wel dat als je beleid uitrolt en je ziet dat dat op plekken knelt dat je bereid moet zijn dat aan te passen, dus ik hoop dat de wethouder dat ook serieus gaat onderzoeken. De gedane toezegging, ondanks de woorden van de voorzitter, die stel ik op prijs. De motie van het CDA of die er nou komt of niet, wij steunen hem. Wij vinden dat er op die Bakenessergracht geen ruimte is voor zo’n afvalbak en alles wat daaraan bijdraagt steunen we. Dank u wel. De voorzitter: Heb ik dan iedereen gehad voor tweede termijn? Dan geef ik nog even het woord aan de wethouder. Wethouder Rog, kunt u duidelijkheid geven over welke toezeggingen u nu heeft gedaan met betrekking tot het plaatsen van die bakken de komende weken? Wethouder Rog: Ja. Kijk, voorzitter, ik luister goed naar wat er leeft in de commissie.

Ik heb daar geprobeerd iets naast te zetten of tegenover te plaatsen, een spiegel voor te houden waar het gaat over consequentie in het beleid. Uiteindelijk beslist de raad en de commissie is het voorportaal van de raad en ik proef gewoon waar we staan. De motie die de vorige raadsvergadering is ingediend heeft het net niet gehaald. Die motie intervenieerde in een proces van de bezwarencommissie en zei: die bakken komen daar helemaal nooit niet. Daarvan heeft de raad gezegd: we wachten eerst die bezwarencommissie af en misschien dat de wethouder nog in gesprek gaat. Dat heb ik net toegezegd, ga ik dus ook doen en dan kijken we verder. Nu proef ik dat er een meerderheid van de raad is die zegt: ga nou in ieder geval niet, zoals dat gebruikelijk is, gebruikelijk beleid is, alvast wel die bovengrondse bakken plaatsen vooruitlopend op de uitspraak van de bezwarencommissie. Ik proef dat daar gewoon een grote meerderheid voor is, dan heb ik geen motie nodig om toe te zeggen dat ik dat in ieder geval niet zal doen. Dus voor, nou ja, voor 11 augustus, maar ook later dan 11 augustus niet, want ik heb net ook namelijk daaraan gekoppeld de toezegging dat ik met de uitspraak van die bezwarencommissie in gesprek ga met de bewoners.

Daarnaast heb ik een toezegging gedaan dat ik denk dat het goed is dat er een technische sessie komt, dat ik daar in ieder geval toe bereid ben om die te verzorgen met ambtelijke staf, voor

63

uw commissie om inzicht te geven wat nou de consequenties zijn van het afvalscheidingsbeleid wat uw raad in meerderheid heeft vastgesteld en welke gevolgen dat heeft, concreet, in de binnenstad en welke opties daar verder zijn overwogen en misschien nog meer zijn. Mogelijk dat we tegen die tijd ook weer nieuwe inzichten hebben. Die betrekken we daar dan bij. Ik ben graag bereid, voorzitter, om dat nog even op papier voor u te zeggen en daar een uitnodiging voor uit te laten gaan. De voorzitter: Nou, dat was een duidelijke toezegging, denk ik, aan de commissie. Ik heb nu ook een duidelijke toelichting gehad op de technische sessie. Ik hoop dat dat ook voor u geldt. Heeft u voldoende informatie over deze technische sessie om daar mee in te stemmen? Wilt u daar … Heeft u daar behoefte ook aan? Als u uw hand opsteekt, dan is dat een ja. Ja, ik zie ook voldoende steun voor die technische sessie, dus dan hebben we dat ook afgerond. Dan denk ik dat dit agendastuk zo voldoende is besproken. Het gaat ook niet door naar de raad. Het is nu 21 uur 40 bijna. Ik stel voor dat we even tien minuten pauze nemen. Dan zie ik u om 10 voor 10 weer terug. Dank u wel. De heer …: Voorzitter, als u … Koffiepauze 12. Vrijgave VO IVORIM voor inspraak (MR) De voorzitter: Damens en heren, ik wil zo weer verder gaan. Oh. Met een inspreken Die staat klaar, dus als u wilt plaatsnemen, heel graag.

Dames en heren, we gaan verder met agendapunt 12. Dat is het vrijgeven van het voorlopig ontwerp IVORIM voor inspraak. Met het vaststellen van het masterplan IVORIM door de gemeenteraad de datum 17 september 2020 wordt ingezet op een klimaatadaptievere en een verduurzaam verblijfsgebied in Meerwijk. Meerwijk kent momenteel een forse vernieuwingsopgave voor de openbare ruimte en een opgave om maatregelen te nemen tegen het veranderende klimaat. Het doel is dan ook een algemene kwaliteits- en duurzaamheidsverbetering voor de gehele openbare ruimte. Het project IVORIM maakt onderdeel uit van de regelingen risicovolle projecten. Daarom biedt het college dit voorlopig ontwerp ter bespreking aan. Het VO wordt hierna vrijgegeven voor inspraak. De uitkomsten van die inspraak en de bespreking van de commissie worden betrokken bij de besluitvorming over definitief ontwerp. De afwijzing van de live subsidie heeft tot gevolg dat naast het opdoen van leergeld ten aanzien van het slim inzetten van bomen er geen uitvoering gegeven kan worden aan de inrichting en begeleiding van zelfbeheer. De komende periode wordt hiervoor naar alternatieven gezocht. In het projectgebied IVORIM ligt er ook een opgave vanuit projectbomen in Schalkwijk. Voordat we overgaan tot behandeling zijn er nog twee insprekers. Een daarvan is schriftelijk. Die is van mijnheer Bosma en die is aan deze agenda gekoppeld.

En dan hebben we mevrouw ’t Hart, voorzitter van de wijkraad Meerwijk, die hier aanwezig is. Zij was op mijn verzoek iets eerder gekomen, omdat ik dacht dat we voorliepen op de agenda, maar we zijn inmiddels weer ietsje achter op de agenda. Dus ik heb haar bedankt voor de flexibiliteit en fijn dat ze er nu is. Hartelijk welkom. U krijgt zo drie minuten de tijd en als uw tijd bijna op is, dan geef ik u een seintje, maar u heeft het woord nu. Mevrouw ’t Hart: Dank u wel, mijnheer de voorzitter. Geachte voorzitter, geachte leden van de commissie Beheer … De voorzitter: Als u uw microfoon ietsje meer naar u toebuigt, dan … Ja. Mevrouw ’t Hart: Zo. Ben ik zo goed te verstaan? Nog een beetje zo. Geachte voorzitter, zo goed te verstaan? Ik kan het namelijk niet horen of jullie mij horen? Geachte leden van de commissie Beheer, als het goed is

64

heeft u de notitie van de wijkraad Meerwijk over de participatie tijdens de voorlopige ontwerpfase van het project IVORIM ontvangen. Ik wil een hele korte toelichting geven op deze notitie. Om te beginnen zijn we natuurlijk blij dat een groot gedeelte van Meerwijk opgeknapt wordt. Het is dringend nodig dat het achterstallig onderhoud in dit deel van Meerwijk wordt uitgevoerd. De wijkraad is echter niet tevreden over de wijze waarop de bewoners en de wijkraad betrokken zijn geweest. Bij lezing van het verslag participatie IVORIM dat gevoegd is bij de stukken aan deze commissie zou de indruk kunnen ontstaan dat de wijkraad betrokken is geweest tijdens de participatiefase. Dat is echter nauwelijks het geval geweest. We hebben veel problemen ervaren met de wijze waarom het participatietraject heeft plaatsgevonden en de wijze waarop gecommuniceerd is. In de notitie beschrijven wij een aantal ervaringen. De belangrijkste zijn: er zijn afspraken gemaakt dat de wijkraad om de 14 dagen geïnformeerd zou worden. Dat is niet gebeurd. Er staat in het verslag over de … Er staat in het verslag participatie IVORIM dat een op een contact met de voorzitter van de wijkraad heeft plaatsgevonden. Dat zou de indruk kunnen wekken dat de voorzitter van de wijkraad goed geïnformeerd was en betrokken was bij de besluiten rondom de invulling van de participatie. Dat is echter niet het geval geweest.

Veel mailtjes van de wijkraad werden niet beantwoord. Dat ik ook de ervaring van een aantal leden van de klankbordgroep en van bewoners die hun beklag hebben gedaan bij de wijkraad. Het grote probleem is dat toegezegd is dat bijeenkomsten per buurtje georganiseerd konden worden, zouden plaatsvinden. Dat kon niet doorgaan vanwege de coronamaatregelen. Dat begrijpen wij, maar het alternatief dat gekozen is voor een ongeadresseerde brief van de gemeente met veel informatie die voor heel veel bewoners niet te begrijpen is, is absoluut geen manier om de mening van de bewoners te peilen. Wij zien dat een groot aantal knelpunten zullen ontstaan bij de uitvoering van de plannen. De belangrijkste zijn het verwijderen van de parkeerplaatsen waar wij zien dat de parkeerdruk heel groot is. Er is een nieuwe parkeertelling gehouden en die uitkomsten bevestigen dit. Het andere probleem is dat de Braillelaan opnieuw wordt ingericht, een gedeelte van de Braillelaan opnieuw wordt ingericht als een zogenaamde grijze weg. Deze knelpunten hebben wij in de klankbordgroep benoemd en het antwoord is: de politiek heeft besloten om maar aan één kant parkeren toe te staan en er is geen geld om de Braillelaan als een gebiedsontsluitingsweg aan te leggen. Samenvattend, want ik kan er heel lang over praten, maar de wijkraad … Ik heb drie minuten.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12267820/1