CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

20210147873 2. Bijlage 1 Toekomstscenario's FHM 8 sept 2020

commissie Ontwikkeling 15 april 2021, gemeente HaarlemBij agendapunt: 22.10 uur Exploitatie, onderhoud en collectiebeheer Frans Hals Museum (MTM)16.946 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

GEMEENTE HAARLEM EN FRANS HALS MUSEUM:

TOEKOMSTSCENARIO’S

GEMEENTE HAARLEM EN FRANS HALS MUSEUM: TOEKOMSTSCENARIO’S Inhoudsopgave Introductie en leeswijzer............................................................................................................................................2 Hoofdstuk 1. Achtergrond en motivatie .........................................................................................................3 Wat is een museum? ..................................................................................................................................................... 3 Ambities Frans Hals Museum .................................................................................................................................... 4 Hoofdstuk 2. Toekomst Frans Hals Museum ..................................................................................................5 2.0. Effecten van sluiting museum vanwege Corona-crisis ............................................................. 6 2.1 Drie mogelijke toekomstscenario’s ........................................................................................................... 7 SCENARIO I - Eroderend museum (zonder financiële tekorten) .................................................. 7 SCENARIO II - Gezond museum (basis op orde, kan de concurrentie aan) .....................

7 SCENARIO III - Topmuseum (met blijvende internationale betekenis).................................... 8 2.2 Opmerkingen bij de scenario’s ..................................................................................................................... 8 Hoofdstuk 3. Financiële resultaten 2019 en 2020 ....................................................................................9 Hoofdstuk 4. Algemene aannames ontwikkeling baten en lasten 2021 t/m 2024 ........ 12 Hoofdstuk 5 Prognose vanuit bestaande situatie ................................................................................ 13 Hoofdstuk 6. Uitwerking van de drie toekomstscenario’s...............................................................

14 6.1 Scenario I: Eroderend museum (zonder financiële tekorten) .............................................15 Financiële gevolgen van scenario Eroderend museum .................................................................16 6.2 Scenario II: Gezond museum (basis op orde, kan de concurrentie aan).................17 Gevolgen van het scenario Gezond museum .......................................................................................22 6.3 Scenario III: Topmuseum (met blijvende internationale betekenis) ...............................24 De specifieke aannames en ramingen voor scenario Topmuseum ......................................25 Gevolgen subsidie en financiële resultaten scenario Topmuseum ........................................27 Hoofdstuk 7. Waardering per scenario door het Frans Hals Museum .................................... 28 7.1 De uitvoerbaarheid voor het museum .................................................................................................28 7.2 Subsidie per scenario in verhouding tot subsidie vergelijkbare musea .....................29 7.3 Kansen en risico’s ...................................................................................................................................................30 Bijlage 1. Gevolgen scenario’s voor samenleving en organisatie............................................. 32 Bijlage 2.

Verschillen tussen begroting 2019 en begroting 2020 ................................................. 36 Bijlage 3. De cijfers en berekeningen in detail....................................................................................... 37 Bijlage 4. Governance ............................................................................................................................................ 37 Bijlage 5. Ontzamelen ............................................................................................................................................ 39 Bijlage 6. Locatie ......................................................................................................................................................... 40 Bijlage 7. Mogelijkheden tot uitstellen faillissement ............................................................................. 42 Denkrichting 1: De museale activiteiten inkrimpen .............................................................................43 Denkrichting 2: Archief: presentatiefunctie schrappen ...................................................................46

1

Introductie en leeswijzer Het Frans Hals Museum is - in huidige vorm - ruim 107 jaar oud. Het wil een zo breed mogelijk publiek kennis laten maken met de ongekende artistieke vernieuwing in de Haarlemse en Hollandse ‘Gouden Eeuw’, én met eigentijdse beeldende kunst met internationale uitstraling. Het museum is verantwoordelijk voor de collecties die eigendom zijn van de gemeente Haarlem van ruim 18.000 objecten: topstukken uit de 16de en 17de eeuw, moderne Nederlandse kunst (1860-1960) en internationaal gerenommeerde experimentele kunst vanaf 1960. De locatie Hof heeft ook een mooie en passende voorgeschiedenis. Het museum huist in een voormalig Oude Mannenhuis. Een plek waar burgerzin, het nemen van verantwoordelijkheid en zorg centraal staan. Eenzelfde zorg hebben het museum en de gemeente vandaag de dag voor de unieke collectie, zowel in behoud en beheer voor de toekomst als voor het dagelijks ontsluiten ervan voor een breed en divers publiek. Naar aanleiding van de precaire financiële situatie van het museum is in 2019 een onafhankelijk onderzoek uitgevoerd door onderzoeksbureau BMC, in gezamenlijke opdracht van het museum en gemeente Haarlem.

Als vervolg op dit onderzoek onderzocht het Frans Hals Museum op verzoek van de gemeente Haarlem welke mogelijke scenario’s er liggen voor de periode 2021 t/m 2024, om zo een bijdrage te leveren aan de gemeentelijke besluitvorming over de begroting voor de periode.

Leeswijzer In het rapport dat voor u ligt, werkt het museum drie mogelijke scenario’s uit met de nodige achtergrondinformatie en de consequenties van die verschillende scenario’s voor gemeente Haarlem en museum. Onder scenario verstaan we een ‘functieomschrijving’ of opdracht, na wederzijdse overeenstemming te verstrekken vanuit de gemeente aan het Frans Hals Museum. Waarbij college van B en W en museum het eens zijn over een daarbij passend subsidieniveau voor die periode, en waarbij de opdracht aansluit bij de maatschappelijke en culturele functie van het museum. Hoofdstuk 1 beschrijft kort waartoe een museum dient. In Hoofdstuk 2 wordt toegelicht hoe het Frans Hals Museum deze bestaansgrond uitlegt, en omschrijven we van daaruit kort hoe drie mogelijke toekomstscenario’s daarin passen. Hoofdstuk 3 beschrijft de financiële situatie van het Frans Hals Museum in 2019 en 2020; Hoofdstuk 4 geeft beknopte uitleg over de financiën van het museum zoals we aannemen dat deze zich zullen ontwikkelen in de periode 2021 t/m 2024, en Hoofdstuk 5 geeft de Prognose voor de financiële situatie vanuit de bestaande situatie. Hoofdstuk 6 is een uitgebreidere toelichting op de drie scenario’s. In Bijlage 1 wordt in detail uitgelegd welke gevolgen de scenario’s zullen hebben voor de samenleving en het museum. In Hoofdstuk 7 geven we onze reactie op de keuzes die we in de scenario’s aanbieden.

Voor de inhoud van de bijlages verwijzen we u graag naar voorgaande inhoudsopgave. Wij hopen in de komende jaren gezamenlijk te komen tot een evenwichtige, gezonde en duurzame exploitatie en subsidierelatie tussen Gemeente Haarlem en Frans Hals Museum.

2

Gemeente en museum delen immers de mooie ambitie om cultuur in Haarlem zo aantrekkelijk mogelijk, en voor een zo breed mogelijk publiek toegankelijk te maken. In maart 2020 heeft de Coronacrisis onze conclusies ingehaald, met ongekende en ook veel onbekende gevolgen. Niemand kan op dit moment overzien hoe de nieuwe economische realiteit eruit ziet. De gemaakte scenario’s - zoals wij ze oorspronkelijk voorafgaand aan de lockdown hebben uitgewerkt – verliezen hierbij echter niet hun geldigheid. Deze scenario’s kunnen immers ook in de nieuwe economische situatie post-Corona nog steeds richtingwijzers c.q. houvast geven in een steeds veranderende situatie.

Hoofdstuk 1. Achtergrond en motivatie Wat is een museum? Volgens de ICOM (International Council of Museums) is een museum: “een permanente instelling, niet gericht op het behalen van winst, toegankelijk voor publiek, die ten dienste staat van de samenleving en haar ontwikkeling. Een museum verwerft, behoudt, onderzoekt, presenteert, documenteert en geeft bekendheid aan de materiële en immateriële getuigenissen van de mens en zijn omgeving, voor doeleinden van studie, educatie en genoegen.” Het Frans Hals Museum heeft, als we de verzelfstandigingsovereenkomst en de definitie van ICOM aanhouden, de onderstaande kerntaken: 1. Behoud en beheer – de collectie wordt zorgvuldig bewaard, in goede omstandigheden, en nauwkeurig geregistreerd; 2. Documentatie– de informatie over de collectie is volledig, aanwezig in complete digitale databases en gearchiveerd volgens geldende wetten en normen; 3. Onderzoek - er wordt wetenschappelijk verantwoord kunsthistorisch en technisch onderzoek gedaan naar collectie, kunstenaars en (historische) context, en naar ontwikkelingen in de kunst; 4. Verwerving –de collectie wordt aangevuld met stukken van waarde en betekenis voor stad en land, er wordt zorgvuldigheid betracht bij aankopen en schenkingen; 5.

Presentatie/bekendheid geven aan – de collectie en daaraan gerelateerde informatie zijn voor het publiek maximaal (fysiek en digitaal) toegankelijk en bekend bij zo veel mogelijk bevolkingsgroepen. De collectie wordt niet alleen gezien maar ook begrepen en gewaardeerd; 5a. Dit betekent niet alleen het letterlijke tonen (presentatie van collectie en andere tentoonstellingen) maar ook het geven van informatie op een aantrekkelijke manier. 5b. Met daarnaast educatie – specifiek gericht op kinderen / jongeren en publieksbegeleiding in tekst en beeld voor gemengde doelgroepen; 6. Breed-maatschappelijke taak: anno nu hebben musea naast dit alles een breedmaatschappelijke taak. Enerzijds in welzijn (zoals bevorderen van inclusie en diversiteitsontwikkeling, bijdragen aan welzijn van de bevolking), anderzijds in welvaart (zoals bijdragen aan economische groei van de stad, en de bloei van de toeristische sector volgens de beleidsvisie van de gemeente).

3

Deze kerntaken zijn essentieel maar brengen – met uitzondering van punt 5 - enkel kosten met zich mee, en geen directe baten. In die kosten kan niet of nauwelijks worden gesneden zonder grote en permanente gevolgen voor de staat van collectie, museum en publieksbereik. Bij goed functioneren worden al deze zes kerntaken uitgevoerd met maximaal rendement, worden achterstanden weggewerkt, en hogere bezoekersaantallen en inkomsten bereikt met grote maatschappelijke impact en zichtbaarheid.

Wat is de betekenis van een museum?

Voor een antwoord op die vraag hanteren we bovenstaand model: de betekenissencirkel. Het model gaat ervan uit dat iedere overheid (in voorliggend geval: de gemeente Haarlem) in principe twee zaken nastreeft, namelijk de welvaart en het welzijn van haar burgers. Beide worden op collectief en individueel niveau ervaren. Het Frans Hals Museum heeft - net als iedere andere kunstinstelling - invloed op dat ervaren welzijn en de ervaren welvaart in de stad. Vaak wordt over kunst en cultuur gedacht in de betekenissen die we in de hoek rechtsonder zien: dat een kunstwerk troost, ontroering of amusement biedt. Dat is maar één kant van het verhaal: ons museum is van betekenis voor het (internationale) imago van Haarlem, voor de kennisoverdracht naar volgende generaties, voor het welzijn en het inkomen van z’n medewerkers en vrijwilligers, voor de horeca-bestedingen in de stad, enzovoorts. Al die betekenissen bestaan tegelijk en naast elkaar. Voor een beoordeling van de hieronder weergegeven scenario’s is het belangrijk te beseffen dat de betekenissen van ons museum toenemen naarmate de kwaliteit en het bereik van onze activiteiten groter zijn.

Hoe verhouden we ons tot onze ambities? Het Frans Hals Museum handelt vanuit een grote bevlogenheid en een scherpe visie op de toekomst. We hebben voor de toekomst een aantal innovatieve inhoudelijke ambities,

4

waaronder het Transhistorisch Museum(dat kunst van vroeger en vandaag samenbrengt en met elkaar confronteert), een Frans Hals Kenniscentrum, een globalistische kijk op de Gouden Eeuw, en maximale inclusiviteit op het gebied van gender, etniciteit en afkomst. Die ambities zijn gekoppeld aan operationele doelstellingen, zoals nadere professionalisering, aanscherping van het internationale profiel en een groter publieksbereik. Deze ambities vormen het uitgangspunt voor onze ideeën op het vlak van toegankelijkheid en huisvesting. We zien dat musea in Nederland de afgelopen jaren hun toegankelijkheid hebben versterkt, op inhoudelijk maar ook op facilitair gebied, met aantrekkelijke gebouwen en goede faciliteiten als horeca en publieksruimtes. Het Frans Hals Museum wil met zijn gebouw(en) eveneens maximaal toegankelijk en aantrekkelijk zijn voor de bezoeker. Hiertoe is een grondige aanpak en renovatie van de panden noodzakelijk. Op verzoek van het ambtelijke apparaat zijn noodzakelijke aanpassingen aan onze panden niet meegenomen in de toekomstscenario’s, hoewel zij daar onlosmakelijk mee verbonden zijn. In de ritmiek van de gemeentelijke kunstenplancyclus werken we al onze ambities in een meerjarenplan uit en een maken een doelmatige realisatie ervan aannemelijk. Dit document is echter geen meerjarenplan.

We zouden dolgraag met onze ambities aan de slag gaan, maar zien in de voorgestelde scenario’s een routekaart richting realisatie ervan: voorwaardelijke stappen die gezet moeten worden om de inhoudelijke potentie van onze ideeën voor het museum en de stad ten volle te kunnen benutten. Om vervolgens echt aan de slag te kunnen met de echte ambities, kort geschetst in het scenario Topmuseum.

Hoofdstuk 2. Toekomst Frans Hals Museum Op verzoek van de gemeente Haarlem onderzocht het Frans Hals Museum mogelijke scenario’s voor de periode 2021 t/m 2024. In dit rapport worden drie mogelijke toekomstscenario’s inhoudelijk en financieel nader uitgewerkt. Het zijn globale raamwerken, die globale keuzes en consequenties aanduiden. Na het maken van een keuze zal deze verder worden gedetailleerd. Maar het museum wil om te beginnen één mogelijkheid niet onbenoemd laten: de onverhoopte situatie dat het niveau van de gemeentelijke exploitatiesubsidie in de komende periode niet wordt verhoogd. Als dit het geval is, dan kan niet worden ingezet op een duurzame toekomst maar is het doel zo veel mogelijk reduceren van de vaste kosten op de lange termijn. Deze situatie is niet uitgewerkt als scenario maar wordt hier aangestipt als denkrichting. Het BMC-rapport toont aan dat er geen mogelijkheden zijn voor het museum voor verdere bezuinigingen noch tot het verhogen van de eigen inkomsten of, en dat alleen radicale keuzes tot kostenbesparingen kunnen leiden, op de lange termijn. Op de korte termijn betekent dit echter hogere kosten (o.a. wegens gedwongen ontslagen), en het afstoten van het merendeel van de basistaken. Alleen kerntaak 1 en 2 worden dan nog op minimaal niveau uitgevoerd.

Het museum kan dan zijn kerntaken 3 t/m 6 niet uitvoeren door gebrek aan middelen en verliest daardoor zijn functie als museum. Het wordt

5

dan een bewaarplaats voor de collecties van de gemeente Haarlem. Dat wil zeggen niet publiek toegankelijk, vergelijkbaar met een archief waar je boeken alleen op aanvraag kunt raadplegen. Wat dit financieel betekent wordt toegelicht in onderstaande tabel (alle in dit rapport vermelde bedragen zijn vermeld in euro’s). Downsizen tot archief, functie museum gaat verloren: 2021en 2022: eenmalige extra kosten voor ontslagen et al. Minimaal 1.110.000 maximaal veelvoud hiervan ww-kosten lopen 2 jaar door want museum is B3 eigen risicodrager

2023 t/m 24: benodigde gemeentelijke subsidie p/jr

2023 t/m 24: resultaat vergeleken met raming exploitatiesubsidie 2021

560.000

2.595.132

2.0. Effecten van sluiting museum vanwege Corona-crisis Wat we ook niet onbenoemd kunnen laten, is de huidige crisis. Bij het afronden van dit rapport is het museum sinds medio maart gesloten vanwege de maatregelen in het kader van de Corona-crisis en zal het per 1 juni met beperkingen heropenen. Met – nu en in de toekomst - enorme impact op de organisatie, de bedrijfsvoering en financiën van het museum. Omdat onduidelijk is hoe lang de maatregelen van kracht zullen blijven, is het ook niet mogelijk de uiteindelijke impact precies te voorzien. Maar dat de consequenties gigantisch zijn, is wel duidelijk. Een eerste schatting leert dat het additionele tekort ten gevolge van de Corona-crisis dit jaar kan oplopen tot ruim € 670.000, bovenop de niet-sluitende begroting 2020. Het museum kan de deuren per 1 juni 2020 weer voorzichtig openen. Met beperkte bezoekersaantallen door onder meer de 1,5-meter-regel, en het wegblijven van buitenlandse bezoekers (waarschijnlijk voor een langere periode). In eerste instantie zijn scholenbezoeken rondleidingen en zaalverhuur niet mogelijk. De inkomsten uit kaartverkoop zijn vanaf heropening lager. Deze en andere inkomsten die het museum hierdoor misloopt zijn niet meer terug te verdienen, en het is niet duidelijk hoe lang dit zal duren. Het tentoonstellingsprogramma wordt heroverwogen, exposities worden uitgesteld of zelfs afgeblazen.

De impact zal ook de komende jaren groot zijn. De financiële impact hiervan benoemen we wel (bij de Financiële resultaten 2020) maar laten we verder in dit rapport bewust buiten beschouwing. We willen vermijden dat de bestaande financiële problematiek (zoals aan de orde in de raadsvergadering van 30 januari 2020) en de financiële zorgen als gevolg van de Corona-crisis door elkaar gaan lopen. Omdat nog zoveel onzeker is, zou dit verwarring scheppen in plaats van verheldering. We hanteren voor de scenario’s daarom de stand en kennis van zaken tijdens de vaststelling van de museumbegroting 2020 (begin voorjaar 2020). De financiële gevolgen van de Corona-maatregelen voor de museumexploitatie komen aan de orde in twee afzonderlijke documenten: de bijgestelde museumbegroting 2020 en een eerste inventarisatie van de Corona-impact voor de gemeente Haarlem van 8 april 2020.

6

2.1 Drie mogelijke toekomstscenario’s Het Frans Hals Museum heeft drie scenario’s opgesteld die verschillen in ambitieniveau, in de opdracht vanuit de Gemeente aan het museum, en in het subsidieniveau vanuit de Gemeente dat passend is bij die opdracht. Voor de kwaliteit van gemeentelijke besluitvorming is het daarom essentieel om eerst kennis te nemen van de scenario’s en de daarbij behorende overwegingen en consequenties met betrekking tot het toekomstperspectief van het museum te doorgronden. In hoofdstuk 6 vindt u een meer gedetailleerde uitwerking van de scenario’s. Globaal ziet het er als volgt uit:

SCENARIO I – Eroderend museum (zonder financiële tekorten, verdere erosie) Basis hiervoor is de prognose voor de bestaande situatie, uitgaand van verhoging van de jaarlijkse gemeentelijke subsidie tot het niveau waarbij het eigen vermogen van het museum structureel op nul kan worden gehouden. De verhoging is nodig om te vermijden dat het exploitatietekort groeit en het eigen vermogen in de rode cijfers belandt. Het Frans Hals Museum blijft in dit scenario functioneren zoals het sinds 2014 heeft gedaan, inclusief de educatieve activiteiten. Het museum presteert dus aanvankelijk nog wel maar erodeert langzaam, intern en extern. Op het personeel blijft een oneigenlijke grote werkdruk staan die leidt tot uitval. Tentoonstellingen, restauraties en aankopen moeten nog steeds volledig ‘uit de markt’ worden gefinancierd zonder startkapitaal aan gemeentelijke subsidie en staan daardoor onder druk. Op het vlak van inclusiviteit kan het museum een stap maken indien vanuit de nationale BIS de bijdrage wordt toegekend voor het project ‘Portretten van NoordHolland’ (betrekt samen met het Amsterdam Museum community’s die normaal niet naar het museum komen). Het museum kan geen publiekstrekkende en beeldbepalende tentoonstellingen meer realiseren zoals ‘Frans Hals en de Modernen’ omdat deze een te grote inzet aan middelen en arbeidskracht vragen.

Het werven van fondsen wordt steeds moeilijker door ontbreken van dit soort beeldbepalende tentoonstellingen en overbevragen van steeds dezelfde fondsen. Vanaf 2023 worden geen restauraties aan de collectie meer uitgevoerd omdat de bijdrage van het externe fonds dat nu het personeel (restauratoren) betaalt dan afloopt. Huidige achterstanden op het vlak van collectiebeheer worden niet ingehaald of opgelost. In dit scenario blijft het museum kampen met achterstanden op velerlei gebied die in de loop der jaren door financiële krapte zijn ontstaan. Achterstanden in het beheer van de (gemeentelijke) collectie worden groter in vergelijking met concullega’s / vergelijkbare musea. Op termijn raakt het functioneren van het museum verder in de knel. Belangrijke disclaimer: in dit scenario zijn de locaties van het Frans Hals Museum niet gerenoveerd waardoor de toegankelijkheid niet optimaal is en de aantrekkelijkheid van de locaties suboptimaal (Hof) en ontoereikend (Hal) blijft.

SCENARIO II - Gezond museum (basis op orde, kan de concurrentie aan) In dit scenario ontstaat een gezond museum dat het huidige succes in de toekomst (ook na 2024) kan continueren. Verhoging van de gemeentelijke subsidie ter versteviging van de concurrentiepositie en het op orde brengen van het collectiebeheer maakt dit mogelijk. Alle kerntaken (pag 3) kunnen worden uitgevoerd zonder dat grote achterstanden ontstaan en zonder dat sprake is van voortdurende financiële nood en daaraan gekoppelde erosie. Het ‘instapniveau’ van dit scenario is Scenario I met toevoeging van een zogenaamd ‘fundament’. Dit scenario is gericht op een duurzame en gezonde exploitatie MAAR ambities 7

worden bevroren. Scenario II kent een getrapte opbouw – in drie optionele treden. Bij bereiken van trede 3 is het functioneren toekomstbestendig, solide en niet boven het niveau van vergelijkbare musea (hiermee doelen we op de musea waarmee het Frans Hals Museum is vergeleken in het BMC-rapport: Amsterdam Museum, Cobra Museum, Dordrechts Museum, Museum de Fundatie, Museum De Lakenhal, Van Abbemuseum, Museum Boijmans Van Beuningen: met een regionale, nationale en internationale betekenis en vergelijkbare schaalomvang). Belangrijke disclaimer: ook in dit scenario zijn de locaties van het Frans Hals Museum niet gerenoveerd waardoor de toegankelijkheid niet optimaal is en de aantrekkelijkheid van de locaties suboptimaal (Hof) en ontoereikend (Hal) blijft. Het op niveau brengen van het vastgoed naar de standaarden voor museaal gebruik, passend bij de eisen en verwachtingen van de huidige museumbezoeker en gericht op duurzaam en toekomstbestendig onderhoud is voor dit scenario noodzakelijk.

SCENARIO III - Topmuseum (met blijvende internationale betekenis) Dit scenario betreft het bouwen aan een museum dat zijn potentie voor de stad, de regio en land beter benut, en van daaruit ook internationale betekenis heeft. Het museum bereikt een optimaal aantal bezoekers, is een inclusief museum dat sociale cohesie bevordert, en bedient alle scholieren uit Haarlem en regio. Het maximale museum geeft door het aantrekken van culturele toeristen uit binnen- en buitenland een grote impuls aan de lokale economie. In dit scenario wordt een begin gemaakt met een bloeiend Frans Hals kenniscentrum. Het museum profileert zich als DE plek voor alle kennis over Frans Hals, en is in internationaal opzicht een plek van een bezoek meer dan waard. Let wel: in dit scenario zijn de locaties van het Frans Hals Museum niet gerenoveerd waardoor de toegankelijkheid niet optimaal is en de aantrekkelijkheid van de locaties suboptimaal (Hof) en ontoereikend (Hal) blijft. in dit scenario zijn de noodzakelijke verbeteringen op het vlak van huisvesting in financiële zin niet meegenomen omdat de kosteninschatting daarvan meer onderzoek behoeft. Om echt effect bereiken moeten deze huisvestingambities wel worden gerealiseerd. Bij een Topmuseum hoort een toplocatie, die bijdraagt aan de positionering van het museum en de stad als geheel.

2.2 Opmerkingen bij de scenario’s De scenario’s zijn gebaseerd op degelijke analyses. Bij de uitwerking van de prognoses en scenario’s is gekozen voor het expliciet maken van de aannames die eraan ten grondslag liggen. De prognoses, de maatregelen in de scenario’s, en consequenties van opties en scenario’s zijn geobjectiveerd. Dit betekent onder meer dat de ramingen van baten en lasten zijn gekoppeld aan afzonderlijke mogelijkheden en maatregelen. Het betekent ook dat deze ramingen zijn gedaan op de grondslag van ‘zo realistisch mogelijk ramen’, naar eigen ervaringsgegevens dan wel van musea vergelijkbaar met het Frans Hals Museum. Door tijdgebrek en de acute effecten van de Corona-crisis, ontbreken twee cruciale onderzoeken die museum en gemeente samen moeten uitvoeren. Het eerste onderzoek betreft conditie en noodzakelijke ingrepen op het vlak vastgoed, het tweede draait om beheer en behoud van de collectie. We lichten dit kort toe.

Toelichting vastgoed

8

De ontbrekende rapportage met betrekking tot vastgoed betreft een gedegen onderzoek naar de staat van het vastgoed, en wat er nodig is om dit op het noodzakelijke peil te brengen van wat het publiek van een aantrekkelijk museum anno 2020 mag verwachten. Onderdeel hiervan is ook de depotsituatie van het museum en wat daarin aan vastgoedverbeteringen nodig is ten behoeve van het beheer en behoud van de collectie.  Voor scenario Eroderend museum speelt het ontbrekende inzicht in behoeften qua vastgoed geen rol;  bij het opstellen van scenario Gezond museum gaan wij ervan uit dat maatregelen die nodig zijn om het vastgoed, inclusief depotsituatie, op het noodzakelijke peil te brengen onder verantwoordelijkheid van de gemeente vallen. Deze maatregelen en de financiële consequenties hiervan brengen we in dit rapport niet verder in beeld;  het scenario Topmuseum bevat in dit rapport geen voorstellen voor gemeentelijke investeringen in het museale vastgoed. Vast staat wel dat deze noodzakelijk zullen zijn om de ambities van Topmuseum waar te kunnen maken. Separaat onderzoek naar omvang en mogelijkheden zijn daarvoor nodig.

Toelichting beheer en behoud collectie Het onderzoek betreffende de collectie houdt in dat – conform de beheersovereenkomst – een inventarisatie gemaakt wordt door een onafhankelijke partij van de status van het beheer en behoud van de collectie.  Voor het scenario Eroderend museum speelt dit ontbrekende inzicht in behoeften aan verbetering van beheer en behoud van de collectie geen rol;  bij opstellen van het scenario Gezond museum is op basis van onze eigen museale expertise een zo realistisch mogelijke inschatting gemaakt van al wat nodig is om het beheer en behoud van de collectie op het noodzakelijke peil te brengen (buiten de vastgoed-aspecten), met een schatting van de kosten. Wij gaan ervan uit dat een onafhankelijke partij deze kosten niet lager zal ramen;  het scenario Topmuseum bevat maatregelen voor beheer en behoud van de collectie die aanvullend zijn op die van scenario Gezond museum. Eveneens gebaseerd op een eigen raming.

Hoofdstuk 3. Financiële resultaten 2019 en 2020 Om de impact van de verschillende scenario’s te kunnen beoordelen, is goed inzicht in de financiële situatie nodig. Startpunt hierbij zijn de financiële resultaten 2019 en 2020 (exploitatieresultaten en eigen vermogen) en de prognose vanuit de bestaande situatie uit het BMC-rapport van november 2019, zoals besproken in de raadscommissie Ontwikkeling op 9 januari 2020 en de gemeenteraad op 30 januari 2020. Het BMC-rapport is gebaseerd op feiten en omstandigheden zoals bij het museum en de gemeente bekend per begin juli 2019.

Uitwerking sluit aan bij het BMC-rapport Het BMC-rapport bevat een andere indeling van de exploitatiebaten en -lasten dan de jaarrekeningen en begrotingen die het Frans Hals Museum tot nu toe bij de gemeente heeft ingediend. Het bevat ook een aanbeveling aan het museum om de personele lasten vanaf

9

2020 niet meer als afzonderlijke post te presenteren, maar zo veel mogelijk (als bedrijfseconomisch nuttig) toe te rekenen naar de activiteiten. Bij het tonen van de cijfers over 2019 en 2020 volgen we daarom voor alle jaren vanaf 2019 de indeling van het BMC-rapport. Vanaf 2020 rekenen we de personeelskosten zo veel mogelijk toe aan de activiteiten. Zo ontstaat beter inzicht in de exploitatie en de mogelijkheden tot bijsturen. Bij uitwerking van de Prognose vanuit bestaande situatie, de mogelijkheden tot uitstel van faillissement en de scenario’s in voorliggend rapport houden we de indeling van de exploitatie 2020 gelijk (inclusief toerekening van personeelskosten). Op deze wijze zijn de prognoses en de scenario’s ook voor het college van B en W en de gemeenteraad zo herkenbaar mogelijk. Ten behoeve van het inzicht en overzicht bevat de hoofdtekst van dit rapport alleen de hoofdlijnen van de prognoses en scenario’s. In de Bijlagen 2 en 3 vindt u detailinformatie die van belang kan zijn voor de ambtelijke organisatie van de gemeente, en voor hen die op onderdelen meer detail behoeven. Bij de besprekingen in de raadscommissie en de gemeenteraad van de collegevoorstellen over aanvullende subsidie en het BMC-rapport zijn een aantal punten geopperd die naar onze mening om nadere beschouwing vragen.

Deze punten worden in bijlagen toegelicht: ● de invloed van de gemeente op het museum (Governance, Bijlage 4); ● afstoten van delen van de collectie (Ontzamelen, Bijlage 5); ● één gebouw voor alle functies van het museum (Unilocatie, Bijlage 6); ● mogelijkheden tot beperken van de tekorten die niet zijn genoemd in het BMC-rapport (Mogelijkheden tot uitstellen faillissement, Bijlage 7). Het BMC-rapport bevat een raming (van begin juli 2019) van het exploitatietekort 2019: Raming volgens initiële begroting FHM 2019 (tekort)

- 271.324

Raming diverse aanvullende baten

+ 15.000

Raming vermindering diverse lasten

+ 6.324

BMC Raming tekort 2019

- 250.000

Het BMC-rapport raamde dit tekort voor 2019 met de volgende aantekeningen:  in geval de gemeente besluit tot niet honoreren van het verbouwingsplan komt hier eenmalig een bedrag bovenop van € 106.447 voor ontwerpkosten die nu nog zijn geactiveerd en verantwoord staan op de balans;  het tekort van € 250.000 is structureel en loopt gestaag op door onvermijdbare stijging van loon- en kantoorkosten die niet kunnen worden opgevangen met indexatie van de exploitatiesubsidie;  als de gemeente de aanstaande exploitatietekorten niet opvangt met meer subsidie, wordt de situatie ernstiger vanwege het daardoor wegvallen van inkomsten uit externe fondsen;  onzekerheden zijn gelegen in de toekomstige kosten en de schulden op de balans die te maken hebben met gerealiseerde ontslagen van medewerkers. Het museum heeft

10

immers B3 status, is eigen risicodrager voor de WW en personeel valt onder de cao van de gemeente Haarlem.

Exploitatieresultaat 2019 volgens voorlopige jaarrekening 2019 De begroting 2019 van het Frans Hals Museum laat een resultaat zien van - € 271.324. Tijdens het opstellen van deze scenario’s is de jaarrekening 2019 nog in ontwikkeling. Daarom werken we in dit rapport met de voorlopige aanname dat het werkelijk gerealiseerde exploitatieresultaat 2019 een tekort betreft van € 230.000 (zo’n € 41.000 minder negatief dan aanvankelijk begroot). Het bedrag van € 106.447 (geactiveerde kosten van het verbouwontwerp) is in 2019 als last genomen en maakt dus deel uit van het exploitatietekort 2019.

Raming exploitatieresultaat 2020 De meest realistische raming van het te verwachten exploitatieresultaat 2020 kunnen we alleen maar baseren op de bestaande begroting 2020, naar de inzichten van 1 april 2020 1. We weten dat de Corona-crisis tot een wezenlijk ander resultaat zal leiden. Maar zoals aangegeven kiezen we ervoor deze problematiek buiten het keuzevraagstuk voor een duurzaam toekomstscenario voor het museum te houden. De begroting van het museum voor 2020 komt dan uit op een tekort van € 335.303: Begroot exploitatieresultaat 2020 vóór eenmalige subsidie

- 335.303

Eenmalige extra exploitatiesubsidie (raadsbesluit 30 januari 2020)

+ 350.000

Begroot exploitatieresultaat 2020 na eenmalige subsidie (overschot)

14.696

Deze 335.303 euro in de min is het tekort dat resteert na aftrek van de eenmalige subsidie voor invoering van de museum-cao, waartoe de gemeenteraad heeft besloten op 30 januari 2020, maar zonder rekening te houden met de eenmalige subsidie van € 350.000 ter dekking van het exploitatietekort in 2019 waartoe de raad eveneens heeft besloten op 30 januari 2020. Deze laatste eenmalige subsidie is weliswaar bedoeld voor 2019, maar omdat besluitvorming en beschikking in 2020 tot stand zijn gekomen, is de gemeente en dus ook het museum verplicht dit bedrag in de boeken van 2020 op te nemen. Rekening houdend met de eenmalige extra exploitatiesubsidie van € 350.000 komt het saldo voor 2020 uit op € 14.696 (positief) De eenmalige extra subsidie van € 50.000 voor het invoeren van de Museum-CAO waartoe de gemeenteraad ook heeft besloten op 30 januari 2020, pakt neutraal uit voor de begroting voor 2020, omdat tegenover deze subsidie even hoge extra kosten staan. In Bijlage 2 geven we de belangrijkste redenen waarom het begrote resultaat over 2020 vóór de eenmalige extra exploitatiesubsidie (geraamd tekort € 335.303) in structurele zin zo’n € 64.000 negatiever uitkomt, dan het tekort over 2019 (geraamd tekort € 271.000).

1 De begroting 2020 is door het museum op 1 april 2020 ingediend bij het college van B en W. In deze cijfers is niet de

geplande huurvermindering opgenomen van € 15.000 i.v.m. schade vloer Verweyhal.

11

Hoofdstuk 4. Algemene aannames ontwikkeling baten en lasten 2021 t/m 2024 Het BMC-rapport bevat de aanbeveling aan het museum om te gaan werken met een meerjarenbegroting met concrete raming van de ontwikkeling van exploitatie en vermogen. In dit rapport met toekomstscenario’s legt het Frans Hals Museum hiervoor de basis. In hoofdstuk 4 worden eerst de soorten oorzaken benoemd van de ontwikkelingen in de periode 2021 t/m 2024. Vervolgens worden alle aannames expliciet gemaakt die we hebben gehanteerd bij de meerjarige ramingen van de baten en lasten. De ramingen voor de jaren na 2019, zijn veel genuanceerder dan BMC medio 2019 kon opstellen op basis van de gegevens die toen voorhanden waren. De aannames die we noemen in hoofdstuk 3 verklaren de verschillen tussen het structurele tekort dat BMC voorspelde (van € 250.000 gestaag oplopend, met diverse aantekeningen), en de tekorten volgens dit rapport met toekomstscenario’s (met name bij de Prognose vanuit bestaande situatie en het scenario ‘Eroderend museum’). Aanvullend worden aannames hiervoor vermeld bij elke prognose.

Oorzaken ontwikkeling in baten en lasten De oorzaken van de ontwikkeling van baten en lasten over de periode 2021 t/m 2024 kunnen we onderscheiden naar de volgende soorten factoren: 1. ontwikkelingen als gevolg van de bestaande wijze van uitvoering door het Frans Hals Museum van taken en activiteiten; 2. autonome ontwikkelingen. Dit betreft ontwikkelingen met gevolgen voor baten en/of lasten waarop het museum geen invloed heeft; 3. ontwikkelingen als gevolg van een aangepaste wijze van uitvoering door het Frans Hals Museum van taken en activiteiten. Bij de beschrijving van de Prognose vanuit de bestaande situatie voor 2021 t/m 2024 hanteren we deels algemeen geldende aannames, en deels specifieke aannames die alleen voor één bepaalde prognose of scenario gelden. Hier benoemen we de aannames die ten grondslag liggen aan alle financiële berekeningen.

De aannames die bij alle financiële berekeningen gelijk zijn Wij hanteren bij het berekenen van de financiële uitkomsten 2021 t/m 2014 van alle prognoses en scenario's in dit rapport de volgende aannames (tenzij we bij die prognoses en scenario’s expliciet andere aannames hebben vermeld). Deze zijn alle gebaseerd op de grondslag van ‘zo realistisch mogelijk ramen’: TYPE ONTWIKKELINGEN

AANNAMES DIE BIJ ALLE BEREKENINGEN GELIJK ZIJN

Ontwikkelingen als gevolg

●

Waar de bestaande uitvoering van taken en activiteiten ongewijzigd blijft,

van bestaande, ongewijzigde

ramen we per soort van activiteiten over de jaren 2021 t/m 2024 een

uitvoering van taken en

gelijkblijvend volume van baten en lasten;

activiteiten

●

Dit betekent in dat geval ook dat de afschrijvingen binnen de huisvestingskosten en de kantoorkosten over 2021 t/m 2024 gelijk blijven

12

aan die in 2020. Autonome ontwikkelingen

●

Bijdragen van Vrienden en Beminnaers blijven gelijk aan die in 2020;

●

Bijdragen van derden (externe fondsen) aan tentoonstellingen nemen na 2020 jaarlijks af met 20%;

●

De jaarlijkse ongeoormerkte gelden van derden (FHM Public Foundation) nemen per 2022 af van € 100.000 tot € 50.000;

●

Jaarlijkse bijdragen BankGiro Loterij (€ 200.000 in 2020) en anderen (€ 15.000 in 2020) aan activiteiten nemen op basis van ervaringen uit het recente verleden jaarlijks af met 5%;

●

De jaarlijkse bijdrage aan de personele kosten van restauratie van de collectie (Van Toorn Scholten Stichting) neemt per 2023 af van € 187.500 naar nihil;

●

Overige eigen inkomsten: jaarlijkse prijsstijging van 1% (uitzondering hierop vormen de entreegelden die gelijk blijven);

●

Personeelslasten: jaarlijkse prijsstijging van 2,4%;

●

Overige lasten: jaarlijkse prijsstijging van 2% (uitzondering: ICT-gerelateerde lasten kennen 2,4% prijsstijging).

Hoofdstuk 5 Prognose vanuit bestaande situatie Wat bedoelen we met Prognose vanuit bestaande situatie? In dit hoofdstuk leest u wat er gebeurt in de periode 2021 t/m 2024 als (na de eenmalige subsidie van € 350.000 en de eenmalige bijdrage van € 50.000 waartoe de raad op 30 januari 2020 heeft besloten) er geen extra geld bij komt, prestatieafspraken ongewijzigd blijven en de uitvoering van taken en activiteiten door het museum in de huidige vorm wordt voortgezet. Deze voorspelling van de financiële resultaten is de meest realistische en komt voort uit de situatie zoals die was vóór het uitbreken van de Corona-crisis. De ontwikkelingen in baten en lasten over de periode 2021 t/m 2024 kennen dan (alleen) volgende oorzaken: 1. ontwikkelingen als gevolg van de bestaande wijze van uitvoering door het museum van taken en activiteiten; 2. autonome ontwikkelingen.

Specifieke aannames bij Prognose vanuit bestaande situatie Voor de Prognose vanuit bestaande situatie gelden de volgende specifieke aannames: TYPE ONTWIKKELINGEN

SPECIFIEKE AANNAMES

Autonome ontwikkelingen

●

Entreegelden blijven gelijk aan die in 2020 (zonder grote nieuwe tentoonstellingen, zullen publieksaantallen geleidelijk aan afnemen; vooralsnog gaan we ervan uit dat dit effect pas na 2024 optreedt);

●

In alle jaren is hierbij sprake van een negatief vrij besteedbaar eigen vermogen. Als gevolg daarvan: * stopt de bijdrage van de BankGiro Loterij * is er geen rijksbijdrage in het kader van de BIS-regeling (en zijn er evenmin lasten die tegenover deze BIS-regeling staan); Het Rijk eist voor

13

toekenning van de BIS bijdrage immers een gezonde bedrijfsvoering * lopen inkomsten uit fondsenwerving drastisch terug.

Prognose vanuit bestaande situatie: exploitatieresultaat Deze tabel toont de Prognose vanuit bestaande situatie van het exploitatieresultaat in de periode 2021 t/m 2024. We tonen ook de ramingen voor 2019 en 2020 als referentie: BIJ VOORTDUREN BESTAANDE SITUATIE Exploitatieresultaat

2019 - 230.000

2020

2021 14.696

- 748.171

2022 - 853.700

2023 - 1.114.175

2024 - 967.635

Ook het verschil in deze tabel tussen exploitatieresultaat in 2020 en in 2021 kan uit de aannames (pagina 11) worden verklaard. Het gaat daarbij in het bijzonder om:  de algemene aanname dat de inkomsten uit de meeste externe fondsen de komende jaren dalen. Het exploitatieresultaat wordt 2020 positief geraamd vanwege de bijzondere situatie dat de eenmalige extra subsidie van € 350.000, bedoeld om het tekort 2019 af te dekken, moet worden verantwoord in de cijfers voor 2020 (pagina 9).

Prognose vanuit bestaande situatie: gevolgen voor samenleving en organisatie De Prognose vanuit bestaande situatie is een zuiver theoretische constructie. Door de effecten op het vrij besteedbare eigen vermogen, zegt deze prognose dat het museum al in het begin van de periode 2021 t/m 2024 ten onder gaat vanwege gebrek aan liquiditeit en solvabiliteit. Als gevolg daarvan kunnen salarissen en andere rekeningen niet meer worden betaald en zijn er geen mogelijkheden tot het aantrekken van leningen. Er is sprake van faillissement en daarmee de onmogelijkheid voor het Frans Hals Museum om zijn activiteiten voort te zetten. Dit zou leiden tot een noodgedwongen opzegging door het museum van de verzelfstandigingsovereenkomst. Het personeel verliest zijn baan, het gebruik van collectie en vastgoed keert terug naar de gemeente. Een faillissementscurator zal onbetaalde rekeningen van derden zoveel mogelijk voldoen uit verkoop van goederen. Bovenstaande toont dat ongewijzigde voortzetting van de bestaande situatie in de praktijk onmogelijk is.

Hoofdstuk 6. Uitwerking van de drie toekomstscenario’s In dit rapport stellen we drie mogelijke toekomstscenario’s voor de periode 2021 t/m 2024 voor. Deze drie scenario’s kennen een getrapte stijging van de middelen. Ook binnen elk van de scenario’s is een onderverdeling over een aantal treden gemaakt, om het geheel zo helder mogelijk te kunnen beschrijven. Daaraan gekoppeld is dit een stapeling van taken, met daarbij passende financiële consequenties. Er is sprake van een getrapte keuze: Scenario I is de basis voor Scenario II, dat weer de basis vormt voor Scenario III.

14

Subsidie wordt met een laatste trede verhoogd naar Topmuseum Basis: volledig Scenario II SCENARIO III - Topmuseum plus Trede C plus Trede B plus Trede A Verhoogd met: Fundament volledig Scenario I SCENARIO II - Gezond museum Huidige subsidie verhoogd tot niveau 'geen tekort' SCENARIO I - Eroderend museum

6.1

Scenario I: Eroderend museum (zonder financiële tekorten)

Dit scenario heeft de Prognose vanuit bestaande situatie als basis. Maar anders dan die prognose gaat dit scenario uit van verhoging van de jaarlijkse gemeentelijke subsidie, om te vermijden dat het exploitatietekort en eigen vermogen in de rode cijfers komen. Scenario I gaat ook uit van het BMC-rapport van november 2019, dat constateert dat er voor het museum geen mogelijkheden meer zijn tot verdere bezuinigingen, noch verhogen van de eigen inkomsten. De prestatieafspraken tussen gemeente en museum blijven in dit scenario ongewijzigd. Het scenario biedt (net) voldoende basis voor het kunnen verwerven van gelden uit externe fondsen en uit de BIS-regeling.

Wat houdt het scenario Eroderend museum in? Het Frans Hals Museum blijft in dit scenario functioneren zoals het sinds 2014 heeft gedaan, inclusief de educatieve activiteiten. Het museum presteert dus aanvankelijk nog wel maar erodeert langzaam, intern en extern. Op het personeel blijft een oneigenlijke grote werkdruk staan die leidt tot uitval. Tentoonstellingen, restauraties en aankopen moeten nog steeds volledig ‘uit de markt’ worden gefinancierd zonder startkapitaal aan gemeentelijke subsidie en staan daardoor onder druk. Op het vlak van inclusiviteit kan het museum een stap maken indien vanuit de nationale BIS de bijdrage wordt toegekend voor het project ‘Portretten van Noord-Holland’ (betrekt samen met het Amsterdam Museum community’s die normaal niet naar het museum komen). Het museum kan geen publiekstrekkende en beeldbepalende tentoonstellingen meer realiseren zoals ‘Frans Hals en de Modernen’ omdat deze een te grote inzet aan middelen en aan arbeidskracht vragen. Het werven van fondsen wordt steeds moeilijker door ontbreken van dit soort beeldbepalende tentoonstellingen en overbevragen van steeds dezelfde fondsen. Vanaf 2023 worden geen restauraties aan de collectie meer uitgevoerd omdat de bijdrage van het externe fonds dat nu het personeel (restauratoren) betaalt dan afloopt. Huidige achterstanden op het vlak van collectiebeheer worden niet ingehaald of opgelost.

In dit scenario blijft het museum kampen met achterstanden op velerlei gebied die in de loop der jaren door financiële krapte zijn ontstaan. Achterstanden in het beheer van de (gemeentelijke) collectie worden groter in vergelijking met concullega’s / vergelijkbare musea. Op termijn raakt het functioneren van het museum verder in de knel. Belangrijke disclaimer: in dit scenario zijn de locaties van het Frans Hals Museum niet gerenoveerd waardoor de toegankelijkheid niet optimaal is en de aantrekkelijkheid van de locaties suboptimaal (Hof) en ontoereikend (Hal) blijft. 15

Specifieke aannames bij scenario Eroderend museum Dit scenario kent (alleen) volgende oorzaken van de ontwikkelingen baten en lasten over de jaren: 1. ontwikkelingen als gevolg van de bestaande wijze van uitvoering door het museum van taken en activiteiten (inclusief aanvraag voor de BIS-subsidie voor voorgestelde nieuwe activiteiten die we bekostigen uit die subsidie); 2. autonome ontwikkelingen. Voor scenario Eroderend museum gaan we ervan uit dat de bestaande prestatieafspraken tussen de gemeente en het museum ongewijzigd blijven. Het scenario bevat geen ontwikkelingen als gevolg van een aangepaste wijze van uitvoering door het museum van taken en activiteiten, maar wel als gevolg van een verhoging door de gemeente van het subsidieniveau voor de jaren 2021 t/m 2024. TYPE ONTWIKKELINGEN

SPECIFIEKE AANNAMES

Autonome ontwikkelingen

●

Entreegelden blijven gelijk aan 2020 (doordat er geen nieuwe grote tentoonstellingen meer zijn, zal sprake zijn van geleidelijk afnemende publieksaantallen (vooralsnog gaan we ervan uit dat dit effect pas na 2024 optreedt);

●

Doordat hier geen sprake is van een negatief eigen vermogen is er geen volledige beëindiging van de bijdrage van de BankGiro Loterij;

●

We verwachten een rijksbijdrage in het kader van de BIS-regeling ter hoogte van € 250.000, jaarlijks van 2021 t/m 2024, en ramen hiervoor in deze jaren even hoge lasten.

Financiële gevolgen van scenario Eroderend museum In onderstaande tabel tonen we de verwachte gevolgen van scenario Eroderend museum voor het exploitatieresultaat, het vrij besteedbare eigen vermogen in de periode 2021 t/m 2024 en de gemeentelijke exploitatiesubsidie. We tonen de raming 2020 als referentie: 2020

2021

2022

Vrij besteedbaar eigen vermogen eind 2020

- 203.921

-

Exploitatieresultaat vóór nieuw besluit gemeente tot stoppen tekorten

14.696

- 463.221

203.921

218.617

Verhoging gemeente subsidie bij keuze voor scenario I Exploitatieresultaat, na besluit gemeente tot stoppen tekorten

2023

2024

-

-

-

- 628.890

- 938.902

- 833.346

463.221

628.890

938.902

833.346

0

0

0

0

De verschillen tussen het door BMC voorspelde structurele tekort: € 250.000, gestaag oplopend en met diverse aantekeningen (hoofdstuk 3), en de tekorten 2021 t/m 2024 volgens bovenstaande tabel, worden veroorzaakt door de algemene aannames (hoofdstuk 4) en door aanvullende specifieke aannames, vermeld bij dit scenario.

16

Bedragen bij ‘Exploitatieresultaat, vóór nieuw besluit gemeente tot stoppen tekorten’ voor 2021 t/m 2024 zijn minder negatief dan het exploitatieresultaat in de Prognose vanuit bestaande situatie doordat de BankGiro Loterij bijdrage niet volledige beëindigd wordt.

6.2 Scenario II: Gezond museum (basis op orde, kan de concurrentie aan) Dit scenario heeft de uitgangspunten van het ‘Eroderend museum’ als basis, aangevuld met het doel om ons huidige succes in de toekomst (ook na 2024) te kunnen blijven continueren. Scenario II is geen luxe, maar een noodzakelijke stap om het basale functioneren van het museum te kunnen garanderen. We realiseren ons dat dit scenario financieel een grote stap is, maar dit ligt aan de achterstandspositie van waaruit we vertrekken. Verhoging van de gemeentelijke subsidie ter versteviging van de concurrentiepositie en voor het op orde brengen van het collectiebeheer maakt dit mogelijk.

Wat houdt het scenario Gezond museum in? In een museum dat de basis op orde heeft kunnen alle kerntaken van het museum worden uitgevoerd zonder dat grote achterstanden ontstaan en zonder voortdurende financiële nood en onzekerheid. Met een solide basis, eenvoudig en zo doeltreffend mogelijk. Ambities worden in dit scenario bevroren. Het scenario Gezond museum bevat maatregelen die basaal zijn en waarbij geen (of weinig) discussie nodig is over het belang. Het bevat ook maatregelen waarvan het belang wel (of meer) ter discussie kan staan en die gefaseerd ingevoerd kunnen worden. Daarom bouwen we dit scenario op in de vorm van treden volgens een getrapt groeimodel. Let wel: de treden volgen elkaar op, het is geen keuzemenu waaruit vrijelijk kan worden “geshopt”; trede B kan pas gerealiseerd worden, wanneer trede A is bereikt, etc. Bovenop Scenario I als basis, wordt een fundament gelegd waarmee het minimaal nodige niveau voor Gezond museum kan worden bereikt, plus drie optionele treden A+B+C. Bij bereiken van trede C is het functioneren gezond, maar nog steeds niet boven het niveau van vergelijkbare musea. Let wel: ook in dit scenario zijn de locaties van het Frans Hals Museum niet gerenoveerd waardoor de toegankelijkheid niet optimaal is en de aantrekkelijkheid van de locaties suboptimaal (Hof) en ontoereikend (Hal) blijft.

Binnen scenario II - Gezond museum onderscheiden we: BASIS

Verhoging subsidie conform scenario - Eroderend museum.

FUNDAMENT

Eigen vermogen naar 15% van de omzet (van belang voor werving externe gelden).

Trede A

Het museum haalt de meest belangrijke en urgente achterstanden in.

Trede B

Het museum haalt alle achterstanden in.

Trede C

Het museum haalt alle achterstanden in en brengt zijn functioneren op een niveau dat gezond is, maar niet ligt boven het niveau van vergelijkbare musea.

17

Specifieke aannames bij scenario Gezond museum Dit scenario kent (alleen) volgende oorzaken van ontwikkelingen in baten en lasten: 1. ontwikkelingen als gevolg van een aangepaste wijze van uitvoering door het museum van taken en activiteiten. Het gaat hierbij om het nemen van maatregelen tot continueren van het huidige succes in de toekomst; 2. ontwikkelingen als gevolg van de bestaande wijze van uitvoering door het museum. Het gaat hierbij om taken en activiteiten waarvoor verandering geen bijdrage levert aan continueren van het succes; 3. autonome ontwikkelingen.

Samenvatting Gezond museum in cijfers Samenvattend zijn de kosten voor dit scenario, in de vorm van extra gemeentelijke subsidie, als volgt: GEZOND MUSEUM – SCENARIO II

tot 2020

2021

2022

2023

2024

Verhoging exploitatiesubsidie in euro per jaar, in 4 optionele treden SCENARIO II - BASIS: verhoging subsidie conform SCENARIO I 203.921

463.221

628.890

938.902

833.346

SCENARIO II - FUNDAMENT: plus verhoging subsidie tbv eigen vrij besteedbaar vermogen (zie BMC-rapport) nvt

91.479

93.412

95.638

94.603

SCENARIO II - Trede A: plus verhoging subsidie waarmee het museum de meest belangrijke en urgente achterstanden inhaalt nvt

1.463.926

1.159.495

1.159.495

1.159.495

SCENARIO II - Trede B: plus verhoging subsidie waarmee het museum alle achterstanden inhaalt nvt

855.086

797.086

791.086

791.086

SCENARIO II - Trede C: plus verhoging subsidie waarmee het museum zijn functioneren op een gezond niveau brengt (sober, niet boven niveau vergelijkbare musea) nvt

348.036

283.036

283.036

283.036

2.961.919

3.268.157

3.161.566

95.638

94.603

KOSTEN SCENARIO II - gehele scenario (BASIS+FUNDAMENT+Trede A+B+C) 203.921

3.221.748

Exploitatieresultaat bij besluit gemeente SCENARIO II (BASIS+FUNDAMENT+Trede A+B+C) 218.617

91.479

93.412

Aannames en ramingen per trede bij scenario Gezond museum BASIS: de BASIS voor het Gezond museum is de verhoging subsidie conform Scenario I Eroderend museum. FUNDAMENT: betreft investering van gemeentelijke middelen om het eigen vrij besteedbare vermogen op niveau te brengen. Het BMC-rapport gaat voor een gezonde situatie uit van een vermogen van 15% van de omzet. Dit dient als buffer om (beperkt) tegenvallers te

18

kunnen opvangen2, te kunnen innoveren en het museum gezond te maken en te houden. Voor TREDE A (Het museum haalt de meest belangrijke en urgente achterstanden in) gelden de volgende specifieke aannames voor het invullen van nieuw museumbeleid met activiteiten / maatregelen en bijbehorende ramingen van kosten: Aandachtsgebied

Onderdeel

Lasten activiteiten/maatregelen, in euro’s

Trede A 2021 Collectiebeheer

Registratie / ontsluiting

2022

2023

2024

5.000

0

0

0

127.750

117.750

117.750

117.750

Overig

5.000

0

0

0

FH Research Centre

Archief

8.000

0

0

0

Tentoonstellingen

Eigen budget

400.000

400.000

400.000

400.000

100.000

100.000

100.000

100.000

Licht, audio en video

48.500

28.500

28.500

28.500

Personeelsinzet

67.111

32.111

32.111

32.111

Personeelsinzet

16.000

16.000

16.000

16.000

Personeelsinzet

5.000

5.000

5.000

5.000

Kassasysteem

7.500

7.500

7.500

7.500

Personeelsinzet

5.500

5.500

5.500

5.500

Personeelsinzet

47.600

47.600

47.600

47.600

Campagnes

20.000

20.000

20.000

20.000

Klimaat

45.700

8.700

8.700

8.700

Inrichting/afwerking

47.167

18.167

18.167

18.167

Licht, audio en video

5.000

5.000

5.000

5.000

Opslag in depot

Materiële kosten periodieke grote tentoonstelling

Educatie, rondleiding, doelgroepenbeleid PublieksBegeleiding

Marketing, pr en communicatiie Fondsenwerving

Vastgoed (verantwoordelijkheden gebruiker gebouwen, tuin en

2 M.n. tegenvallers met een incidenteel karakter, en beperkte tegenvallers met een structureel karakter totdat het

museum in staat is deze zelf te kunnen opvangen binnen de exploitatie. Voor niet beperkte structurele tegenvallers zal met de gemeente naar andere oplossingen moeten worden gezocht.

19

depots)

Tuin

3.500

3.500

3.500

3.500

Planvorming

10.000

10.000

10.000

10.000

Beveiliging pand

30.229

15.229

15.229

15.229

Training

21.000

21.000

21.000

21.000

12.480

12.480

12.480

12.480

52.987

37.556

37.556

37.556

47.600

47.600

47.600

47.600

Beloning en opleiding

72.525

72.525

72.525

72.525

Kwaliteit en diversiteit

143.778

18.778

18.778

18.778

ICT

109.000

109.000

109.000

109.000

1.463.926

1.159.495

1.159.495

1.159.495

structureel

€ 1.041.233

€ 1.041.233

€ 1.041.233

€ 1.041.233

incidenteel

€ 422.693

€ 118.262

€ 118.262

€ 118.262

Hospitality & beveiliging

Verruiming openingstijden Kantoor

HRM-functie, personeelsinzet Financiële functie, personeelsinzet

Totaal, waarvan:

Voor TREDE B (het museum haalt alle achterstanden in) gelden de volgende specifieke aannames voor het invullen van nieuw museumbeleid met activiteiten / maatregelen en bijbehorende ramingen van kosten: Aandachtsgebied

Onderdeel

Lasten activiteiten/maatregelen, in euro’s

Trede B 2021 Collectiebeheer

FH Research Centre

2022

2023

2024

Registratie & ontsluiting

68.017

68.017

62.017

62.017

Opslag in depot

5.000

0

0

0

Restauratie

33.182

28.182

28.182

28.182

Personeelsinzet

208.000

208.000

208.000

208.000

Overig

10.000

10.000

10.000

10.000

Archief

8.000

0

0

0

Databases

34.545

14.545

14.545

14.545

20

Tentoonstellingen

Materiële kosten periodieke grote

20.000

20.000

20.000

20.000

Licht, audio en video

56.250

56.250

56.250

56.250

Personeelsinzet

64.444

54.444

54.444

54.444

Fondsenwerving

Campagnes

40.000

40.000

40.000

40.000

Vastgoed

Inrichting/afwerking

32.000

22.000

22.000

22.000

Publieksinventaris

2.000

2.000

2.000

2.000

Beveiliging pand

17.333

17.333

17.333

17.333

Personeelsinzet

172.500

172.500

172.500

172.500

3.500

3.500

3.500

3.500

80.314

80.314

80.314

80.314

855.086

797.086

791.086

791.086

structureel

€ 690.503

€ 690.503

€ 690.503

€ 690.503

incidenteel

€ 164.583

€ 106.583

€ 100.583

€ 100.583

tentoonstelling

Hospitality & beveiliging

Kantoor

HRM-functie, personeelsinzet Beloning en opleiding

Totaal, waarvan:

Voor TREDE C (het museum brengt zijn functioneren op een gezond niveau, maar niet boven het niveau van vergelijkbare musea) doen we de volgende specifieke aannames voor het invullen van nieuw museumbeleid met activiteiten / maatregelen en bijbehorende ramingen van kosten: Aandachtsgebied

Onderdeel

Lasten activiteiten/maatregelen, in euro’s

Trede C 2021 Collectiebeheer

Opslag in depot

Tentoonstellingen

Materiële kosten

2022

2023

2024

10.000

10.000

10.000

10.000

10.000

10.000

10.000

10.000

Personeelsinzet

38.000

38.000

38.000

38.000

Personeelsinzet

67.000

67.000

67.000

67.000

periodieke grote tentoonstelling Educatie, rondleiding, doelgroepenbeleid Marketing, pr en

21

communicatiie

ICT website

15.000

15.000

15.000

15.000

Overig

5.000

5.000

5.000

5.000

Klimaat

62.500

37.500

37.500

37.500

Inrichting/afwerking

72.250

32.250

32.250

32.250

Tuin

20.000

20.000

20.000

20.000

Beveiliging pand

18.286

18.286

18.286

18.286

Kwaliteit en diversiteit

30.000

30.000

30.000

30.000

348.036

283.036

283.036

283.036

structureel

€ 165.000

€ 165.000

€ 165.000

€ 165.000

incidenteel

€ 183.036

€ 118.036

€ 118.036

€ 118.036

Vastgoed (verantwoordelijkheden gebruiker gebouwen, tuin en depots) Hospitality & beveiliging Kantoor Totaal, waarvan:

Gevolgen van het scenario Gezond museum Gevolgen voor de gemeentelijke subsidie In onderstaande tabel tonen we de verwachte gevolgen van scenario Gezond museum (basis op orde, kan de concurrentie aan) voor de gemeentelijke subsidie in de periode 2021 – 2024. Het gaat om de gevolgen voor de subsidie bij de keuze voor dit scenario als geheel en bij de keuze per trede. Tevens tonen we de relevante ramingen voor 2020, bij wijze van referentie-grootheid. Omdat dit scenario als basis het scenario Eroderend museum heeft, tellen we in onderstaande tabel de kosten van dat scenario mee (bedragen in euro’s): Per trede

Verhoging exploitatiesubsidie in euro’s (2020)

2021

2022

2023

2024

203.921

463.221

628.890

938.902

833.346

91.479

93.412

95.638

94.603

1.463.926

1.159.495

1.159.495

1.159.495

BASIS: Verhoging van subsidie conform scenario Eroderend museum als basis voor scenario Gezond museum FUNDAMENT: Verhoging subsidie om eigen vrij besteedbaar vermogen op niveau te brengen van 15% van de omzet (in 10 jaarlijks stappen) Trede A: Verhoging subsidie waarbij het museum de meest belangrijke en urgente

22

achterstanden inhaalt

Trede B: Verhoging subsidie waarbij het museum alle achterstanden inhaalt

855.086

797.086

791.086

791.086

348.036

283.036

283.036

283.036

3.221.748

2.961.918

3.268.157

3.161.565

Trede C: Verhoging subsidie waarbij het museum zijn functioneren op een niveau brengt dat gezond is, maar sober en niet ligt boven het niveau van vergelijkbare musea TOTAAL: Verhoging subsidie bij keuze voor het gehele scenario Gezond museum (BASIS +

203.921

FUNDAMENT+ A+B+C) (in euro’s)

Gevolgen voor exploitatieresultaat en eigen vermogen van het museum In onderstaande tabel tonen we de verwachte gevolgen van scenario Gezond museum voor het exploitatieresultaat en het vrij besteedbare eigen vermogen in de periode 2021 t/m 2024. Ook hierbij gaan we ervan uit dat de gemeente het subsidieniveau reeds heeft opgehoogd tot het niveau BASIS (als in scenario Eroderend museum. De ramingen voor 2020 zijn ingevoegd bij wijze van referentie-grootheid.

(2020) Exploitatieresultaat, na besluit gemeente tot keuze voor scenario Gezond museum Vrij besteedbaar vermogen, einde jaar

2021

2022

2023

2024

218.617

91.479

93.412

95.638

94.603

0

91.479

184.891

280.529

375.132

De verschillen tussen het door BMC voorspelde structurele tekort (€ 250.000, gestaag oplopend en met diverse aantekeningen, zie hoofdstuk 3) en de tekorten 2021 t/m 2024 volgens bovenstaande tabel bij dit scenario, worden veroorzaakt door de algemene aannames (hoofdstuk 4) en aanvullende specifieke aannames vermeld bij dit scenario. Het positieve exploitatieresultaat dat ontstaat vanaf 2021 vormt de bron voor het geleidelijk (in 10 jaar) opbouwen van de algemene reserve (vrij besteedbaar eigen vermogen).

Gevolgen scenario II voor gemeentelijke investeringen in vastgoed Voor het scenario Gezond museum zijn zeker ook investeringen nodig in het gemeentelijke vastgoed voor de museale presentatie, het collectiebeheer en de backoffice. Deze investeringen en de bijbehorende jaarlasten voor de gemeente hebben wij in dit scenario niet opgenomen. Naar aanleiding van het BMC-rappport is met de gemeente afgesproken dat hiertoe een gezamenlijk onderzoek wordt opgestart op 2 niveaus: onderzoek naar vastgoed en onderzoek naar behoud en beheer van de collectie. Op dit moment is niet duidelijk of, hoe en wanneer deze onderzoeken zullen worden opgestart.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12272268/1