20201157964 3. Bijlage B Zienswijzenota
Tekst van het document
Alle zienswijzen zijn tijdig ingediend en zijn ontvankelijk gebleken.
2
II. Ingekomen reacties (samengevat) en gemeentelijke reactie
Naam/adres indiener 1.
Reactie samengevat
Reactie Gemeente
Aanvrager 1) Reclamanten stellen dat de redenen Zoals hierboven reeds aangegeven, is destijds de vraag waarom het perceel niet bebouwd mag middels ‘quickscan’ voorgelegd om het perceel te worden, steeds marginaal uiteen is gezet. gebruiken ten behoeve van onder Wonen. Daar is vanuit Een principeverzoek, waarbij een volledige planologisch stedenbouwkundig oogpunt geen groen toetsing zou worden uitgevoerd en een licht voor gegeven, simpelweg om de openheid en de inhoudelijke afweging zou worden landschappelijke kwaliteit te behouden. Deze gemaakt, behoorde niet tot de landschappelijke kwaliteiten zijn dermate van belang dat mogelijkheden. Reclamanten konden niet zelfs volkstuinen en boomgaarden afbreuk zouden doen anders dan een omgevingsvergunning aan deze karaktereigenschappen. voor het afwijken van het Ondanks dat dit reclamanten vooraf is meegedeeld, bestemmingsplan aanvragen. hebben reclamanten ervoor gekozen om een volledige aanvraag in te dienen. Het ontwerpbesluit behelst wederom een negatief planologisch advies én negatief advies Flora en fauna. Het onderdeel Verkeer en parkeren en het onderdeel ‘Geluid’ is als positief beoordeeld. Desondanks doen deze positieve adviezen niets af aan de planologische onwenselijkheid van de aanvraag. Daarmee is de aanvraag in de ontwerpfase geweigerd.
3
2) Op grond van artikel 2.27 Wabo jo art. 6.5 Bor, dient er een verklaring van geen bedenkingen (VVGB) te worden verschaft door de gemeenteraad. Zo’n VVGB is niet nodig indien de gemeenteraad de betreffende categorie heeft aangewezen als bedoeld in artikel 6.5 lid 3 Bor. Voor reclamanten is niet helder of hun initiatief valt onder zo’n categorie van gevallen.
Het initiatief past onder de categorieën van gevallen waar geen VVGB voor is vereist. Het valt binnen de categorie ‘het oprichten van een gebouw en eventuele bijgebouwen op één locatie, tot een maximale brutovloeroppervlakte van 2500 m2.’ Zie verder het raadsbesluit van VVH/OV/2011/194736. Voor de volledigheid zal dit verder ook in het besluit vermeld worden.
3) Bovenstaande is relevant, nu de gemeenteraad via deze weg wordt geïnformeerd waarom initiatieven als de onderhavige evenzeer objectief op hun merites dienen te worden beoordeeld.
Los van het feit dat de bevoegdheid tot het afgeven van een verklaring van geen bedenkingen aan de gemeenteraad is toebedeeld, is het van belang dat de gemeenteraad inzicht houdt in de wijze waarop het college met de Wabo-projectbesluiten omgaat. De raadscommissie wordt daarom in kennis gesteld van de verleende, danwel geweigerde projectbesluiten.
4) De footprints van de voorziene woningen “Grootschalig” wordt door de gemeente vooral bezien ten opzichte van de planologische mogelijkheden (de zijn beperkt ten opzichte van het perceelsoppervlak. Dit is vergelijkbaar met bestemming Landschappelijke doeleinden, weide). Daarnaast gaat het niet alleen om de bebouwing, maar de omliggende bebouwing langs de Zuid ook om de intensiteit van gebruik plus de daarbij Schalkwijkerweg, tussen die weg en het behorende (stedelijke) uitstraling van de woonfunctie Spaarne in. Reclamanten vragen zich af (en tuinfunctie). Door de veelal gebruikelijke afbakening wat onder ‘grootschalige bebouwing’
4
moet worden verstaan.
5) Het gebruik conform de bestemming is niet uitvoerbaar, van vrij zicht is nu al geen sprake. Ook de natuurwaarden zijn niet in het geding.
van tuinen met hekwerken, hagen of schuttingen wordt het landschappelijke en open karakter van de locatie onevenredig nadelig aangetast. Juist de afwisseling tussen de lintbebouwing (stedelijke functies) en meer open gebieden (landschappelijke functies) is een belangrijke landschappelijke en ruimtelijke kwaliteit van het gebied aan de Zuid-Schalkwijkerweg. De gemeente wil die kwaliteit behouden. Daarom ziet de gemeente dit niet samengaan met een woonfunctie, of dat nu 4 woningen of 1 woning betreft.
De bebouwingslinten kenmerken zich door de aanwezige diversiteit aan bebouwing. De bebouwing is hoofdzakelijk gebouwd op ruime kavels, wat een open karakter geeft aan de gebieden. Aan de Zuid Schalkwijkerweg is dit het geval door de verspreid staande losse bebouwing met onderlinge tussenruimtes. Bezien vanuit Jaagpad en bezien vanaf de Zuid Schalkwijkerweg is er sprake van vrij zicht. Verdichting van het lint doet afbreuk aan de beleving van het recreatieve en landelijke karakter van dit gebied. Voor wat betreft de natuurwaarden geldt dat aanvrager zelf aangeeft dat het om een nat perceel gaat. Natte percelen zijn gunstig voor amfibieën en weidevogels die hier mogelijk nog komen om voedsel te zoeken. Daarnaast is het perceel nu vrij van bebouwing. Vooral voor de oevers van de slootjes is het belangrijk hier dat de zon ongehinderd kan blijven schijnen. Dit is anders als er bebouwing zou worden gerealiseerd. Hierdoor zal de zon geen vrije toegang meer hebbent tot de oevers met
5
als gevolg dat er minder ecologisch waardevolle begroeiing groeit. Daarnaast moet er waarschijnlijk een beschoeiing komen langs de slootjes. Dit is vanuit ecologie gezien minder gewenst dan de natuurlijke overgang van water naar grasland die er nu is.
6) De voorgestelde invulling naar de idee van reclamanten past juist wel in de omgeving en geeft ook meerdere opties om aan andere beleidsdoelstellingen een positieve bijdrage te leveren. Het is zeer de vraag of en hoe het gebruik conform de bestemming met de bouw van hekken en een stal wel zou bijdragen aan de ruimtelijke kwaliteit.
Vaststaat dat de ruimtelijke kwaliteit van het gebied in de Groene Zoom niet vooruit gaat door realisatie van woningen. Wij houden daarom vast aan hetgeen hierboven reeds is aangegeven. Vanuit aanvrager is het begrijpelijk het perceel aan te kopen en deze rendabel te maken. De doeleindenomschrijving van de bestemming waar het perceel onder valt, is duidelijk omschreven. Niet is in te zien waarom het perceel tot nu toe wel heeft gediend als onderdeel van het landschappelijk waardevol gebied en thans, nu het perceel is aangekocht met het oog op een andere bestemming, niet meer zou kunnen voldoen aan deze doeleindenomschrijving van de huidige bestemming.
7) Verhuur van de grond aan derden, die hobbymatig of beroepsmatig vee zouden willen stallen, is tot dusver niet mogelijk gebleken.
Burgemeester en wethouders beslissen in de regel op de aanvraag zoals deze is ingediend. De aanvraag wordt beoordeeld aan de hand van planologisch stedenbouwkundige uitgangspunten. Zoals hierboven geschetst, zijn er geen redenen aanwezig om van deze uitgangspunten af te wijken. Dat de huidige bestemming volgens reclamanten niet uitvoerbaar is, vormt geen reden om de voorliggende aanvraag als positief te
6
beoordelen. De wijze van beheer ligt niet ter beoordeling in onderhavige aanvraag. Ten overvloede wordt opgemerkt dat er meerdere percelen in de omgeving zijn waarop de bestemming ‘Landschappelijke doeleinden, weide’ is gelegd. Deze percelen zijn in gebruik conform het bestemmingsplan.
Wij nemen dit voor kennisgeving aan en geven hierbij 8) Reclamanten zijn overvallen door de mededeling dat enkele eigenaren van de tegelijkertijd aan dat een dergelijke bijdrage leveren in tuinhuisjes aan de gemeente hebben laten dit vroegtijdige stadium van de planvorming wat de weten geen medewerking aan verkoop te gemeente betreft (nog) niet aan de orde is. willen verlenen. Reclamanten hebben in De bedoelde rechthebbenden (zie reclamanten B) geven het verleden navraag gedaan bij verschillende rechthebbenden en zagen in in hun zienswijze (zie hieronder onder Reclamanten B) hun reacties ter zake reële mogelijkheden. aan dat ze niet benaderd zijn door aanvragers over de Mocht door deze voortgang of inmenging voorgenomen plannen. door de gemeente dit voorstel inmiddels De opgegeven informatie in de Ruimtelijke Onderbouwing met betrekking tot de medewerking aan geblokkeerd worden, dan blijven reclamanten bereid een concrete bijdrage verkoop van de tuinhuisjes wordt door belanghebbenden in hun zienswijze betwist. Van een te leveren, een substantiële financiële inmenging vanuit de zijde van de gemeente is hier geen bijdrage aan een door de gemeente sprake geweest. Zie verder de voorafgaande motivering geïnitieerd, en dus goedgekeurd plan, van het (ontwerp) weigeringsbesluit.
zeker indien de voorstellen van reclamanten niet of niet langer in de rede liggen, behoort dan ook tot de mogelijkheden. Te denken valt bijvoorbeeld aan het doortrekken van het Jaagpad, of een investering aan een veiliger fietsroute langs de ZuidSchalkwijkerweg.
7
9) De verkaveling aan de oostzijde van de Zuid-Schalkwijkerweg is een strokenverkaveling die daar haaks op staat. De bebouwing langs de ZuidSchalkwijkerweg staat overwegend met de nokrichting haaks op de weg. Het initiatief sluit qua verkaveling en nokrichting hierop aan. In de toelichting bij het bestemmingsplan komt dit ook terug. Het initiatief sluit volgens reclamanten wel degelijk aan bij de stedenbouwkundige opzet van het gebied waarbij de ruimtelijke randvoorwaarden wel degelijk in het initiatief verwerkt zijn. Uiteraard bestaat de bereidheid de stedenbouwkundige analyse te versterken.
Dat het plan rekening zou houden met de uitgangspunten uit het vigerend bestemmingsplan, doet verder niet af aan de planologische onwenselijkheid om hier bebouwing toe te staan. Reeds eerder is dit al een aantal keren aangegeven in het kader van principeverzoeken, waarbij reclamanten er toch voor hebben gekozen om de aanvraag in te dienen. Overigens is de stedenbouwkundige opzet van lintbebouwing van de Schalkwijkerweg bij onderhavige aanvraag niet in acht genomen. Zoals eerder aangegeven, kenmerken bebouwingslinten zich door de verspreid staande, losse objecten, die aan de weg zijn gelegen. Een van de weg afliggend concept, zoals geschetst door aanvrager, waarbij het de vorm heeft van een ‘afgelegen woonwijkje’, doet afbreuk aan het landschappelijke karakter en de open doorzichten op het landschap.
10) Reclamanten hebben aangegeven dat in het gebied op verschillende locaties woningbouw c.q. andere bebouwing is of wordt toegestaan, genoemd zijn het Tjadenterrein, Zuid Schalkwijkerweg 50, Tiny Tim huisjes, de Put van Vink etc. reclamanten zijn van oordeel dat het onderhavige perceel mede door die ontwikkelingen, maar ook door de onbruikbaarheid van het perceel voor de bestaande bestemming en het gebruik aan ruimtelijke kwaliteit van de huidige
De genoemde percelen Het Tjadenterrein, Zuid Schalkwijkerweg en Put van Vink zijn voorbeelden van uitzonderlijke situaties waarbij voorop staat dat de gronden gesaneerd moe(s)ten worden. Dit is een andere situatie welke niet is te vergelijken met het perceel tussen nr. 21 en nr. 23. Voor onderhavige perceel geldt dat het behoud van bestaande kwaliteiten voorop staat, dat er geen sprake is van een saneringssituatie, welke situatie niet op een lijn te stellen is met die van reclamant. De Tiny Tim huisjes aan de Zwemmerslaan is een tijdelijke invulling van de locatie waarop eerder een school was gevestigd en in het vigerend
8
opzet, zich nu ook bij uitstek leent voor bebouwing binnen die stedenbouwkundige opzet en met inachtneming van de mogelijke verbetering van de ruimtelijke kwaliteit.
bestemmingsplan reeds was aangewezen als herontwikkelingsgebied voor woningbouw. Deze situatie is evenmin op een lijn te stellen met die van reclamant.
11) Feitelijk is hier ook sprake van een saneringssituatie, maar dan niet in de zin van sloop en nieuwbouw, maar van een goede invulling van het perceel, nu de oude bestemming geen toegevoegde waarde meer heeft.
De saneringssituatie heeft betrekking op sloop van voormalige bedrijfsbebouwing en eventueel tegelijkertijd het saneren van de grond zoals bedoeld in de Wet bodembescherming. De opmerking dat de oude bestemming geen toegevoegde waarde meer heeft, is reeds uitvoerig weerlegd.
12) In de bestaande situatie wordt evenmin voorzien in behoud van het cultuurlandschap, althans niet in de wenselijk geachte mate. Ook bij gebruik conform de bestemming is behoud van het cultuurlandschap geen optie. En, als gesteld, is gebruik conform de bestemming überhaupt niet haalbaar. Wel voorziet het plan in de behoud en versterking van de van oudsher aanwezige sloten en in de realisatie van een natuurvriendelijkere oever. Van een natuurgebied is nu al geen sprake. Dat blijkt ook uit de overgelegde quick-scan flora en fauna. Het plan voorziet wel in toevoeging van natuur; in de ruimtelijke
De bestaande situatie doet niet ter zake en staat bij de weigering van deze vergunning niet ter discussie. Voor zover er onderdelen van het initiatief zijn die bijdragen aan de verbetering van de ruimtelijke kwaliteit, dan weegt dit naar het oordeel van de gemeente onvoldoende zwaar om tot medewerking aan het initiatief over te gaan. Daarbij verwijzen wij naar hetgeen hierover in de weigering van de ontwerpomgevingsvergunning is vermeld. Een ecologische quick-scan zegt uitsluitend iets over de wettelijk beschermde soorten en of het gebied onderdeel is van het Natuur Netwerk Nederland Natura 2000 en of het hier invloed op heeft. Een quickscan kan geen criteria stellen of een bepaald gebied een natuurgebied is.
9
onderbouwing is dat verwoord.
2.
Reclamanten B De bewoners van Zuid Schalkwijkerweg nr. 21, nr. 23 en Jaagpad nr. 33T
13) Het is niet in orde om met deze overweging reclamanten neer te zetten als speculanten en de suggestie te wekken dat zij op geen enkele wijze het maatschappelijk belang zouden kunnen dienen.
Het feit dat een marktpartij op deze locatie een ontwikkeling tot stand wil brengen is inderdaad ondergeschikt aan de hiervoor behandelde ruimtelijke aspecten. Uiteraard is het mogelijk dat een marktpartij ook een maatschappelijk belang dient.
1) Er is geen sprake van een goede ruimtelijke ordening. De aanvrager heeft zich niet verdiept in de huidige situatie. Het Jaagpad wordt weggezet als een gebied van gebrekkige kwaliteit. Uit ervaring weten we dat deze verborgen schat van Haarlem door velen juist zeer gewaardeerd wordt en dat bewoners hier actief aan bijdragen door onderhoud en mooie beplanting. Ook het verrassende weidse uitzicht over het betreffende
Zoals uit onze reactie hierboven blijkt, onderschrijven we dat het gebied van landschappelijke waarde is. het maakt deel uit van de Groene Zoom waar bebouwing niet wenselijk is.
10
weiland en het Spaarne is een grootse kwaliteit.
2) De stelligheid waarmee beweerd wordt dat door verwijdering van twee of drie tuinhuisjes zichtlijnen zouden kunnen worden gecreëerd, is in onze ogen onzin en niet aan de orde. Ook al zouden de tuinhuisjes verdwijnen, dan nog zijn zichtlijnen naar het Spaarne niet aan de orde. De woonboten maken dit sowieso onmogelijk en vier luxe woningen met tuininrichting al evenmin.
De planologische onwenselijkheid van het plan is reeds hierboven toegelicht. Voor het overige wordt deze zienswijze voor kennisgeving aangenomen.
3) Er is in geen enkel opzicht onderzocht wat Het had op de weg van aanvrager gelegen om vooraf de omwonenden te informeren. de nieuwe vier woningen zouden betekenen voor deze bewoners. De bewoners zijn niet benaderd. 4) U geeft in uw besluit aan dat een plan waarin het weiland grotendeels onbebouwd blijft, de voorkeur heeft. Dit vinden wij, ondanks het negatief besluit, een enigszins verontrustende zinsnede. Ons verzoek is nogmaals duidelijk te maken dat in principe bebouwing niet is toegestaan.
In de beantwoording van de zienswijze van de initiatiefnemer voor de ontwikkeling heeft de gemeente ‘geen grootschalige bebouwing’ nader uitgelegd. Tevens is aangegeven dat de woonfunctie op deze locatie voor de gemeente in de huidige opzet ongewenst is.
5) Onze wens is rust op, rond en omtrent het Deze zienswijze wordt voor kennisgeving aangenomen. weiland, instandhouding van de landelijke
11
sfeer en het recreatieve karakter van de waardevolle Groene Zoom.
III. Ambtelijke wijziging Geen
12
Notitie Advies Wet natuurbescherming Plangebied: Zuid Schalkwijkerweg (Haarlem Y 279), Haarlem Van:
M.J.A. van der Neut (Ecoresult B.V.)
Aan:
LD International Holding BV
Kopie:
F.A. van Meurs (Ecoresult B.V.)
Datum:
05-02-2020
Versie:
03
Ons kenmerk:
NER20200110v03
Aanleiding LD International Holding BV heeft aan Ecoresult B.V. gevraagd te adviseren inzake de Wet natuurbescherming ten behoeve van kadastraal perceel Haarlem Y 279, Zuid Schalkwijkerweg, te Haarlem. Aanleiding is de weigering van de omgevingsvergunning door de gemeente Haarlem voor de planontwikkeling binnen het plangebied. Naar aanleiding van deze weigering heeft LD International Holding BV. een nadere ecologische onderbouwing gevraagd. Deze onderbouwing bevat de volgende elementen: •
vergelijking huidige bestemming met bestaande situatie
•
bestaande natuurwaarde van plangebied
•
versterking natuurwaarde door de planontwikkeling
•
planontwikkeling in relatie tot gemeentelijk beleid en ligging van het plangebied ecologische verbindingszones
1
Ligging plangebied Voorliggend notitie heeft betrekking op een perceel gelegen aan de Zuid-Schalkwijkerweg, te Haarlem, in de provincie Noord-Holland. Het betreft een 3700 m2 groot graslandperceel gelegen tussen lintbebouwing en wordt aan de noord – en zuidzijde begrensd door woningen met de huisnummers 21 en 23.
Afbeelding 1. Ligging van het plangebied (rood kader, situatie 2017), zie voor de regionale ligging kaartinzet rechtsboven (Bron: PDOK).
Beschrijving plangebied •
Het perceel bestaat uit een weide met daarop een vegetatie die zich kenmerkt door soorten van voedselrijke omstandigheden. Het perceel is in zijn geheel omringd door sloten waarvan de watergang aan de zuidkant in directe verbinding met het Spaarne staat. De oevers van de watergangen hebben steile randen. Aan de randen van het perceel is op diverse plekken een rietvegetatie aanwezig.
•
Oppervlakte van het perceel bedraagt circa 3.700 m².
•
Direct buiten het plangebied bevindt zich aan de oostzijde de Zuid-Schalkwijkerweg met 2
daaraan lintbebouwing. Ten noorden wordt het plangebied begrensd door een kavel met daarop een woning met huisnummer 21. Aan de zuidzijde wordt het plangebied begrensd door een kavel met daarop een woning met huisnummer 23. Ten westen bevinden zich enkele volkstuinen met daarop schuurtjes die het plangebied scheiden van het Spaarne. •
Binnen de begrenzing van het plangebied zijn geen grote bomen aanwezig. Aan de westzijde net buiten het plangebied zijn enkele wilgen aanwezig.
•
Verlichting is enkel rondom het plangebied aanwezig.
Afbeelding 2. Plangebied gezien in oostelijke richting, situatie 2017 (Foto: J. Keyzer | Ecoresult B.V.).
Werkzaamheden en planning Werkzaamheden •
Het vergraven van het westelijk deel van het plangebied ten behoeve van waterberging. Daarnaast wordt de watergang aan de zuidkant verbreed. Het nieuwe perceel zal een eiland zijn in de vorm van een H (zie Afbeelding 3). 3
•
De realisatie van 4 woningen waarvan 2 in het water gesitueerd zullen worden. De woningen zullen groene daken, groene gevels en andere voorzieningen krijgen. Langs de zuidzijde worden aanlegsteigers gerealiseerd.
Planning De exacte planning van het project is op dit moment niet bekend, het streven is om in 2020 te beginnen.
Afbeelding 3. Impressie nieuwe situatie met realisatie van vier woningen (Bron: Kubiek Ruimtelijke Plannen)
Werkwijze De in 2017 uitgevoerde ecologische quickscan1 vormt de basis voor voorliggende notitie. Hierin zijn de ecologische potenties van het plangebied en de ligging ten opzichte van beschermde natuurgebieden onderzocht. Verder is in dit rapport een aantal globale aanbevelingen gedaan ter verbetering van de natuurwaarden. In voorliggende notitie worden deze aanbevelingen verder uitgewerkt. Tevens is een literatuurstudie uitgevoerd naar het gemeentelijk beleid aangaande de ruimtelijke ontwikkeling en het 1
Keyzer, J. 2017. Natuurtoets. In het kader van de Wet natuurbescherming en Verordening ruimte. Plangebied: Zuid-Schalkwijkerweg 23, Haarlem. Rapportkenmerk ER20170731v01. Ecoresult B.V., Dordrecht.
4
bestemmingsplan. De ruimtelijke onderbouwing2 en het collegebesluit3 vormen in deze literatuurstudie belangrijke bronnen. Op 14 november 2019 heeft een startoverleg tussen opdrachtgever en opdrachtnemer plaatsgevonden waarin doel, opdracht en voorwaarden zijn besproken.
Onderzoeksresultaten Bestemming Het plangebied ligt binnen de begrenzing van het bestemmingsplan ‘Schalkwijkerweg’ van de gemeente Haarlem. In dit bestemmingsplan kennen de gronden van het gehele plangebied de bestemming ‘Landschappelijke doeleinden, weide'4. Conform het Bestemmingsplan Schalkwijkerweg5 zijn “gronden die onder deze bestemming vallen bestemd voor grasland waarbinnen in de huidige situatie noch natuurontwikkeling, noch recreatief medegebruik aan de orde is. De gronden mogen worden gebruikt voor het weiden van vee. In het plangebied betreft het niet alleen de gronden van het veenweidegebied van de Verenigde Polders, maar ook de groene onbebouwde terreinen gelegen aan weerszijden van de Zuid- en Noord-Schalkwijkerweg (ook al behoren deze gronden tot een bij een woning behorend perceel)”. Binnen deze bestemming is ruimte voor graslanden waarop vee geweid en gestald mag worden en water. Op de locatie is geen agrarisch bouwvlak aanwezig. De ruimtelijke ontwikkeling past niet binnen deze bestemming met als gevolg dat een bestemmingsplanwijziging noodzakelijk is. De bestemming ‘Landschappelijke doeleinden, weide’ is echter gezien de huidige situatie op basis van onderstaande redenen onuitvoerbaar. Voor een verdere analyse aangaande de onuitvoerbaarheid van de huidige bestemming wordt verwezen naar de ruimtelijke onderbouwing2.
Op het perceel mag geen onderkomen worden gebouwd waardoor het stallen van vee onmogelijk is. Tevens behoort het plaatsen van een perceelafscheiding niet tot de mogelijkheden. Verder is het perceel 2
Wallenburg et al., 2018. Haarlem Zuid Schalkwijkerweg tussen 21 en 23 Ruimtelijke onderbouwing. Kubiek Ruimtelijke Plannen, Veenendaal.
3
Gemeente Haarlem, 2018. Weigering besluit omgevingsvergunning realisatie vier woningen aan de ZuidSchalkwijkerweg tussen nr. 21 en nr. 23 (eerste fase). Nummer 2018/865112. en brief Gemeente Haarlem 29-012019: WEIGERING OMGEVINGSVERGUNNING Uitgebreide procedure. Kenmerk 2017-08114.
4
https://www.ruimtelijkeplannen.nl/viewer/viewer
5
Bestemmingsplan Schalkwijkerweg, gemeente Haarlem. 2009. https://www.ruimtelijkeplannen.nl/documents/ NL.IMRO.03920000900bp001-/t_NL.IMRO.03920000900bp001-.pdf
5
nat (gedurende 9 tot 10 maanden per jaar) en beperkt van oppervlakte. Gelet op de open verbinding met het Spaarne en de hoge waterstanden is het weiden van vee in de winter hoe dan ook niet mogelijk. Bovenstaande geldt zowel voor het bedrijfsmatig als het hobbymatig stallen van paarden en/of koeien. Voor beide vormen van beweiding is het perceel wegens de natte ligging en beperkte oppervlakte (nagenoeg) ongeschikt. Tabel 1 geeft de minimale oppervlakte van een gemiddeld ontwikkeld graslandperceel per vee-eenheid weer6. Te zien is dat een graslandperceel met een oppervlakte van 3700 m2 te klein is voor een rund/koe. Door de natte ligging van het perceel is de grasgroei verre van optimaal. Intensief bijvoeren is dan de enige optie om het dier aan genoeg eten te helpen. Paarden en pony’s vereisen minder ruimte. Deze dieren zijn echter veel beweeglijker en kennen een ander graasgedrag. Waar een koe na de maaltijd gaat liggen herkauwen, beweegt een paard veel in de wei en staat het bekend om zijn ‘hapje stapje’ graaswijze. Door het vele bewegen, rennen en afzetten met de hoeven op de grond, is een stevige bodem belangrijk om de wei optimaal te houden7. Dit is in het plangebied echter niet aan de orde. Het plangebied is te nat en kent voor paarden een te eentonige vegetatie. Schapen zijn echte kuddedieren. Een minimale kudde bestaat al snel uit 10 dieren.
Een dergelijk aantal heeft ongeveer 1 hectare aan begraasbaar land nodig8. Een perceel van amper 4000 m2 is dus verreweg te klein voor een kudde van minimale grootte (10 schapen). Naast voldoende oppervlak vereisen schapen een omheining, beschutting en een droge en stevige graszode. Het plangebied voldoet in de huidige situatie niet aan deze voorwaarden. Vee-eenheid
Minimale oppervlakte (m2)
1 paard 1 pony 1 koe 10 schapen
3000 1000 10000 10000
Tabel 1. Vee-eenheid met bijbehorend minimale oppervlakte in m2.
Concluderend zijn landbouwhuisdieren (zoals runderen en paarden) groepsdieren en hebben ze per soort veel oppervlakte nodig, alsook voldoende groei van gras. Huisdieren hebben voldoende ruimte en geschikt leefgebied nodig voor bewegingsvrijheid en om hun natuurlijk gedrag te kunnen vertonen 9. Het 6
https://toverleven.cultu.be/hoeveel-dieren-m2-grasland
7
https://www.pavo.nl/advies/het-verschil-tussen-de-paardenwei-en-koeienwei
8
https://avevewinkels.be/Advies/Detail/dier/schaap/de-leefomgeving-van-mijn-schaap/de-huisvesting-vanschapen/f7248
9
https://www.rvo.nl/onderwerpen/agrarisch-ondernemen/dieren-houden/dierenwelzijn/regels-voorhuisvesting-en-verzorging
6
beperkte en natte oppervlak zorgt niet voor geschikt leefgebied en is te klein om in groepsverband te kunnen leven. De regels bieden geen ruimte voor iets anders dan het weiden van vee, en water. Het betreffende perceel kent een sterk geïsoleerde ligging ten opzichte van agrarische bedrijven in de omgeving, derhalve is het perceel niet in eigendom van een agrarisch bedrijf. Bovendien is de komst van dergelijke bedrijven met het oog op het bestemmingsplan nagenoeg uitgesloten. Gelet op het voorgaande is de huidige bestemming “Landschappelijke doeleinden, weide” niet uitvoerbaar. Van enige landschappelijke betekenis is geen sprake. Dieren kunnen niet gestald worden en bij het weiden kan niet voldaan worden aan de eisen voor dierwelzijn. Gelet daarop is de huidige bestemming niet uitvoerbaar.
Huidige natuurwaarde perceel Over het algemeen kent het perceel in de huidige situatie een lage natuurwaarde. Dit valt vooral te verklaren door het ééntonige karakter en de geïsoleerde stedelijke ligging. Dit heeft als logisch gevolg dat het perceel op basis van de reeds uitgevoerde quickscan1 geen betekenis heeft voor beschermde en vaak kritische soorten. Dergelijk soorten zijn in en rond het perceel afwezig. Algemene en nietbeschermde amfibieën en vissen kunnen wel voorkomen in en rond het perceel. Denk daarbij aan bastaardkikker, meerkikker, kleine watersalamander, gewone pad en driedoornige stekelbaars. Dergelijke soorten zullen voornamelijk in en rond de oeverzone voor komen. Verder is het perceel enkel als broedgebied geschikt voor algemene watervogels. Denk daarbij aan meerkoet en wilde eend. Dergelijke soorten kunnen tot broeden komen in de marginaal aanwezige oevervegetatie. Deze oevervegetatie is voor rietvogels als rietgors en kleine karekiet echter te klein, te smal en te dun. Voor weidevogels is het perceel te klein en kent het een te drukke stedelijke ligging. Weidevogels zijn verstoringsgevoelig en komen enkel voor in open gebieden met nauwelijks opgaande vegetatie, bomen, gebouwen en andere objecten. Het perceel is derhalve voor deze vogels ongeschikt.
In 2012 is een broedvogelonderzoek door de Vogelwerkgroep Zuid-Kennemerland in de ten zuiden gelegen Verenigde Polders uitgevoerd 10. Dit onderzoek toont aan dat het aantal broedvogels in dit gebied ten opzichte van 2006 schrikbarend is achteruitgegaan. Kievit is met vier broedparen de nog enig broedende weidevogel in de Verenigde Polders. Weidevogels als grutto en tureluur zijn als broedvogel volledig uit het gebied verdwenen. De Vogelwerkgroep Zuid-Kennemerland noemt in het rapport de volgende vier oorzaken voor deze afname: de waterhuishouding, het intensieve agrarisch gebruik, de toename van predatoren en de aanleg van het fietspad over de Lage Kadijk. Volgens deze vogelwerkgroep biedt vooral het zuidelijk deel van de 10 Een nieuwe toekomst voor de natuur in de Verenigde Polders, 2012. Vogelwerkgroep Zuid-Kennemerland, Haarlem
7
Verenigde Polders (onder het fietspad over de Lage Kadijk) kansen voor het herstellen van weidevogelgebied. Het overige deel van het gebied biedt betere kansen voor het ontwikkelen van andersoortige natuur zoals rietoevers en moeras. De ontwikkeling van natuurvriendelijke oevers en bloemrijke bermen in het kader van de ruimtelijke ontwikkeling aan de Zuid Schalkwijkerweg komt goed overeen met deze aanbeveling.
Afbeelding 4. In het plangebied marginaal aanwezige oevervegetatie welke ongeschikt is voor rietvogels. Op het water kunnen watervogels als meerkoet tot broeden komen (Foto: J. Keyzer | Ecoresult B.V., situatie 2017).
Verder is het plangebied door de eentonige vegetatie, het ontbreken van geleidelijke overgangen en de gebrekkige structuurvariatie en dekking nauwelijks van waarde voor veel (algemene) insecten en zoogdieren. De vegetatie bestaat door het maaibeheer en voedselrijke omstandigheden vooral uit Engels raaigras in combinatie met diverse klaversoorten. Dergelijke vegetatie bestaat uit weinig soorten en kent een lage natuurwaarde.
Verhoging natuurwaarde In de huidige versie van de plannen wordt de natuurwaarde van het perceel aanzienlijk verhoogd. Zoals hiervoor aangegeven is deze natuurwaarde in de huidige situatie laag. In de uitgevoerde quickscan zijn uiteenlopende aanbevelingen gedaan ter verbetering van de natuurwaarden 11. Denk hierbij aan 11 Keyzer, 2017
8
natuurvriendelijke oevers, bloemrijke bermen, verlichting en faunavoorzieningen in de bebouwing. Hieronder zijn deze maatregelen verder uitgewerkt.
Natuurvriendelijke oevers Het aanleggen van een natuurvriendelijke oever vormt een essentiële natuurinclusieve maatregel. Dergelijke oevers kennen een hoge natuurwaarde en geven het stedelijk gebied een aanzienlijke ecologische impuls. Voor een optimale oevervegetatieontwikkeling is het essentieel dat de oeverzone een flauw talud kent en rijkelijk beschenen wordt door de zon. Wanneer aan deze voorwaarden wordt voldaan zal naar verwachting een gevarieerde natuurvriendelijke oever ontstaan.
Afbeelding 5. Impressie natuurvriendelijke oever met dood hout in het water als structuurverhogend element) (Bron: Ecoresult B.V.).
Bloemrijke bermen De bermen en droge stukken bestaan idealiter voor een groot deel uit bloemrijk gras. Dit type gras is ecologisch veel aantrekkelijker en waardevoller dan ruw gras of gazon (zoals in huidige situatie). Het bestaat uit veel meer bloemen en kruiden en kent een grotere structuurvariatie waardoor dit type gras zeer aantrekkelijk is voor insecten.
9
Afbeelding 6. Impressie droge wijkdooradering van hoge natuurwaarde met bloemrijke vegetaties (Foto: Biodivers).
Verlichting Verlichting kan van groot effect zijn op de natuur, in principe geldt: hoe minder licht, hoe beter. Met name vleermuizen zijn erg gevoelig voor lichtverstoring. Indien kunstlicht noodzakelijk is kunnen maatregelen genomen worden de lampen zo te richten dat uitstraling richting het plangebied en de oeverzones zo veel mogelijk wordt voorkomen. Hiernaast kan worden gedacht aan het voeren van een andere kleur licht welke minder verstoord, zoals rood/amber kleurig licht. Daarnaast kunnen armaturen gebruikt worden die daadwerkelijk dat verlichten wat nodig is. Hierdoor wordt zogenaamde uitstraling van strooilicht voorkomen.
Woningen De vier woningen kunnen op verschillende manieren bijdragen aan de ontwikkeling van natuur. Mogelijkheden hebben betrekking op faunavoorzieningen, erfafscheidingen en tuininrichting. •
Inmetselen van inbouwstenen voor gebouwbewonende vleermuizen en vogels. Een andere mogelijkheid is de onderste rij dakpannen, kopse gevels en spouwmuren toegankelijk te maken voor deze dieren.
•
Realiseren van groene daken en gevels. Dergelijke daken en gevels kunnen een hoge natuurwaarde vertegenwoordigen en zorgen voor een goede landschappelijke inpassing van de 10
woningen. •
Stimuleren van groene tuininrichting. De natuur maakt geen onderscheid tussen particulier (tuinen) en openbaar groen (parken, plantsoenen, etc.). Een groene tuin kan daarom, naast openbaar groen, een hoge natuurwaarde vertegenwoordigen. Een natuurlijke tuin kenmerkt zich door een mozaïek van verschillende inheemse beplanting waarin (besdragende) struiken en kruiden worden afgewisseld met gazon, vijvers en bomen. Verder kunnen langs de pergola en muren van schuur en woning klimplanten groeien. Erfafscheidingen bestaan bij voorkeur uit takkenrillen, hagen en/of struiken. Dergelijke tuininrichting is aantrekkelijk voor tuinvogels, huismus, insecten en egels.
•
Het gebruik van natuurinclusieve schuurtjes (zie Afbeelding 7) vormt een aanvulling op bovenstaande maatregel. Middels een nestelwand, groen dak en holle dakrand is het ontwerp van deze schuurtjes aangepast aan de (verblijfplaats)eisen van urbane soorten als huismus, egel en gewone dwergvleermuis. Dergelijke schuurtjes zijn complementair aan de groene daken van de woningen.
Afbeelding 7. Impressie natuurinclusief schuurtje (Bron: Atelier Groenblauw).
Advies Ecoresult B.V. kan u desgewenst helpen om een concrete invulling te geven aan bovengenoemde maatregelen zodat de kwaliteit van het plangebied als onderdeel van een ecologische verbindingszone kan worden verhoogd.
11
Gemeentelijk beleid Om de plannen op gemeentelijk beleid te laten aansluiten is de Structuurvisie Openbare Ruimte van de gemeente Haarlem12 geraadpleegd. Deze structuurvisie kent een aantal doelen en aandachtspunten waar vanuit de gemeente op wordt ingezet. Voorliggende ruimtelijke ontwikkeling draagt bij aan de volgende doelen en aandachtspunten: •
Opvang groeiende woningvraag. De plannen voorzien in de bouw van vier woningen, waardoor dit een (kleine) bijdrage levert aan het opvangen van de groeiende woningvraag.
•
Versterken natuur in en rond de stad. De natuurwaarde van het perceel stijgt door de plannen aanzienlijk. In de huidige situatie is het een open perceel zonder echter dekkingsmogelijkheden. Hierdoor is het maar voor een beperkt aantal soorten geschikt (algemeen voorkomende amfibieën en vissen).
•
Ruimte voor stadsnatuur. Het perceel ligt in de stedelijke omgeving en draagt door de ontwikkeling bij aan het creëren van stadsnatuur. De combinatie mens en natuur komt tot uiting in de plannen door middel van groene daken, natuurvriendelijke oevers en bloemrijke bermen. Deze combinatie is in de huidige situatie afwezig.
•
Klimaatadaptatie en klimaatbestendige stad. De ontwikkeling voorziet in de aanleg van vier (vrijwel) energie-neutrale woningen met groene daken. Daarnaast wordt extra waterberging gecreëerd. Het inspelen op veranderende klimatologische omstandigheden speelt dus een belangrijke rol bij de ontwikkeling. Tevens is met het oog op klimaatadaptatie het Integraal Waterplan (IWP) Haarlem geraadpleegd. Centrale doelstelling van het IWP is het ontwikkelen en behouden van een veilig, veerkrachtig en ecologisch gezond watersysteem. Om ervoor te zorgen dat het Haarlemse waternetwerk bestand is tegen klimaatsverandering (hoger zeeniveau, toename van de hoeveelheid en intensiteit van de neerslag), inklinking van de bodem, en verstedelijking (toename verhard oppervlak) is ruimte voor oppervlaktewater nodig. Ruimte voor extra oppervlaktewater kan bijvoorbeeld worden gevonden door het verbreden van bestaande watergangen en het graven van nieuwe watergangen. Doelstelling voor het oppervlaktewater is het creëren van een veilig watersysteem met voldoende afwaterend en bergend vermogen, een adequate doorstroming en maximale benutting van gebiedseigen water. In het kader van de ruimtelijke ontwikkeling zal extra waterberging van 1200m2 worden gecreëerd. Deze ontwikkeling komt goed overeen met de doelstelling van het Integraal Waterplan.
12 Structuurvisie Openbare Ruimte Gemeente Haarlem, 2018; https://www.haarlem.nl/sor2040/
12
Verder geeft de ontwikkeling invulling aan het Ecologisch Beleidsplan 2013-203013 van de gemeente Haarlem. Dit plan geeft een aanzet voor de versterking van de natuur en het groen in de stad middels het kwalitatief verbeteren van de ecologische waarden en de aanwezige biodiversiteit. De verwachting is dat als gevolg van de ontwikkeling de natuurwaarden en biodiversiteit van het perceel aanzienlijk wordt verhoogd. Dit vormt in feite de kern waarom de ontwikkeling past binnen het Ecologisch Beleidsplan 2013-2030. De precieze invulling en uitwerking van de ruimtelijke ontwikkeling is nog onbekend, waardoor exacte gevolgen en effecten nog onduidelijk zijn. Het staat echter vast dat de natuurwaarde middels de ruimtelijke ontwikkeling in de nieuwe situatie aanzienlijk zal worden verhoogd. Op deze manier past de ruimtelijke ontwikkeling binnen het gemeentelijke natuurbeleid en draagt deze bij aan de in dit beleid gestelde ecologische doelen.
Contactgegevens Ecoresult B.V. Bezoekadres: Edisonweg 10-320 2952 AD Alblasserdam Postadres: Van Ravesteyn-erf 156 3315 DK Dordrecht vast 078 75 184 12 info@ecoresult.nl www.ecoresult.nl
13 Ecologisch Beleidsplan 2013-2030, Gemeente Haarlem, 2013; https://gemeentebestuur.haarlem.nl/bestuurlijkestukken/2013420660-BW-Nota-Vaststellen-Ecologisch-Beleidsplan-2013-20303.pdf
13