20200774230 2. Bijlage 1 Rapportage Combinatiefunctionarissen in Haarlem, 213a onderzoek naar de inzet, doeltreffendheid, successen en verbeterpunten
Tekst van het document
Ook in ruil voor een (geringe) bijdrage is het momenteel lastig om bereidwillige verenigingen te vinden. Ook een andere geïnterviewde constateert dat steeds minder verenigingen bereid zijn (gratis) medewerking te verlenen aan activiteiten van SportSupport, ook omdat het volgens deze geïnterviewde soms de vraag is wat de meerwaarde 55
hiervan is voor verenigingen. Bij deze geïnterviewde bestaat de indruk dat er, een punt dat breder is dan de inzet van de combinatiefunctionarissen, de laatste jaren veel subsidiegeld op het terrein van sport en bewegen terecht komt bij SportSupport en minder bij verenigingen en dat er bij SportSupport te weinig budget is voor ondersteuning van activiteiten van verenigingen. Een andere geïnterviewde wijst er in dit verband op dat de keuze van SportSupport om geen uitvoerende werkzaamheden meer te doen voor verenigingen, voor veel verenigingen een omslag was en dat niet alle verenigingen deze keuze wenselijk vonden. Nog weer een andere geïnterviewde merkt op dat de doorstroming van clinics naar verenigingen niet altijd vlekkeloos verloopt en dat hierbij soms betere begeleiding van kinderen en ouders gewenst is. Meer in zijn algemeenheid, los van de inzet van combinatiefunctionarissen, merkt deze geïnterviewde op dat het voor verenigingen steeds moeilijker is om kader (ofwel mensen die zich inzetten als voorzitter, penningmeester, scheidsrechter, coach, trainer of instructeur) te vinden en dat een oplossing hiervoor mogelijk gevonden kan worden door werving van kader dat geschoold is bij sportopleidingen zoals het CIOS. Diverse aspecten betreffende het schoolzwemmen.
Door de geïnterviewden van SRO wordt een aantal verbeterpunten genoemd op het gebied van schoolzwemmen: het door scholen kennisnemen en ondertekenen van het protocol schoolzwemmen voordat de zwemlessen beginnen, de verbetering van de bezetting van het zwemwater (er zijn tijdens schooltijden nog uren beschikbaar voor schoolzwemmen) en het met de gemeente nalopen en eventueel aanscherpen van bepaalde afspraken in de dienstverleningsovereenkomst betreffende schoolzwemmen. Deze punten zijn breder dan alleen de inzet van de combinatiefunctionarissen van SRO. Online platform voor communities. Door een van de geïnterviewden van de Bilbiotheek Zuid Kennemerland is als mogelijk verbeterpunt genoemd het creëren van een online platform voor communities, hun activiteiten en ook hun vragen indien hier in de stad behoefte aan is. Eigenaarschap en eigen initiatief burgers. Tot slot noemt een van de geïnterviewden als verbeterpunt dat het eigenaarschap van burgers en het eigen initiatief soms beter zouden kunnen. Volgens deze geïnterviewde wordt er soms te gemakkelijk naar de gemeente gekeken.
56
8. CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN 8.1 Conclusies Vanaf 2008 kunnen gemeenten via opeenvolgende landelijke regelingen, deels gefinancierd door het Rijk, zogenaamde ‘combinatiefunctionarissen’ inzetten die de sectoren sport en bewegen of kunst en cultuur combineren met ten minste één andere sector zoals onderwijs, zorg en welzijn. Al sinds de start van de eerste regeling Impuls brede scholen, sport en cultuur (2008-2011) neemt de gemeente Haarlem deel aan deze landelijke regelingen. Op 1 januari 2019 is de, inhoudelijk verbrede en qua aantal fte uitgebreide, Brede Regeling Combinatiefuncties gestart. In 2019 zijn door het Rijk middelen toegekend voor 37,7 fte combinatiefunctionarissen, buurtsportcoaches en cultuurcoaches in Haarlem. In opdracht van het college van B&W is een 213a-onderzoek gedaan naar hun inzet in de stad, de doeltreffendheid, de successen en de verbeterpunten. Ter beantwoording van de centrale onderzoeksvraag en de acht deelvragen van het onderzoek is gebruik gemaakt van informatie uit documenten, cijfermatige gegevens en informatie uit interviews met betrokkenen.
De centrale vraag van het onderzoek is: In hoeverre bestaat er inzicht in de doeltreffendheid van de Haarlemse combinatiefunctionarissen en hoe doeltreffend zijn zij op basis van dit inzicht; wat zijn de successen en eventuele verbeterpunten? Door Haarlemse werkgevers van combinatiefunctionarissen worden in verantwoordingsrapportages die opgesteld worden voor de gemeente doorgaans een vrij groot aantal gegevens gepresenteerd, zowel kwantitatief als kwalitatief. Mede op basis hiervan beoordelen zij, evenals geïnterviewden van de gemeente, de inzet van combinatiefunctionarissen als (heel) doeltreffend. Daarbij worden ‘zachte signalen’ uit de beroepspraktijk vaak als minstens even waardevol gezien als ‘harde cijfers’. Net als de geïnterviewden van werkgevers van combinatiefunctionarissen en de gemeente zijn ook overige geïnterviewde betrokkenen in de stad over het algemeen positief over de doeltreffendheid van de combinatiefunctionarissen. Zij maken daarbij echter ook een paar kanttekeningen met name wat betreft het bereik van kwetsbare kinderen met naschoolse en buitenschoolse activiteiten en de kwaliteit van bepaalde diensten.
De belangrijkste successen van de Haarlemse combinatiefunctionarissen zijn volgens geïnterviewden dat zij een belangrijke bijdrage leveren aan de landelijke en gemeentelijke doelen, er een kwalitatief goed aanbod aan activiteiten wordt gerealiseerd met een kwantitatief en kwalitatief succesvol bereik, dat deelnemers en afnemers van diensten enthousiast zijn en dat de aangeboden activiteiten effect hebben. Geïnterviewden noemen diverse factoren die bij hebben gedragen aan deze successen onder andere succesvolle samenwerkingsverbanden en samenwerkingsrelaties, de vrijheid en autonomie om als organisatie c.q. als combinatiefunctionaris de eigen werkzaamheden vorm te geven, een duidelijk profiel van de organisatie en herkenbaarheid in de wijk, het bij scholen ondergebrachte werkgeverschap van combinatiefunctionarissen en de daar aangeboden activiteiten, een succesvol en energiek team van medewerkers van combinatiefunctionarissen en combinatiefunctionarissen die echt het verschil maken door de kwaliteiten die ze hebben en door de activiteiten die ze organiseren die nauw aansluiten bij de behoeften en wensen van de doelgroep. Naast de successen zijn door de geïnterviewden ook diverse (vooral procesmatige) verbeterpunten genoemd.
Verbeterpunten die het vaakst werden genoemd hebben betrekking op de rol van de gemeente, de (co)financiering, de monitoring en de wenselijkheid van een netwerk van (werkgevers van) combinatiefunctionarissen. Daarnaast zijn diverse andere verbeterpunten genoemd onder 57
andere op het gebied van samenwerking, het bereik van kwetsbare kinderen met naschoolse en buitenschoolse activiteiten, de verdeling van middelen over sectoren en organisaties, de kwaliteit van bepaalde diensten en de kwaliteit en beschikbaarheid van accommodaties en materiaal. 1) Wat wordt door de gemeente Haarlem verstaan onder combinatiefunctionarissen? Onder een combinatiefunctie wordt conform de landelijke definitie verstaan een functie waarbij een werknemer in dienst is bij één werkgever maar gelijk, of in ieder geval voor een substantieel deel, te werk gesteld wordt in of ten behoeve van twee of meer werkvelden/sectoren. De begrippen die de gemeente hanteert voor de uitoefening van deze functie zijn combinatiefunctionarissen, buurtsportcoaches en cultuurcoaches. 2) Wat zijn de rijks- en lokale doelen waar de combinatiefunctionarissen een bijdrage aan dienen te leveren en om welke doelgroepen gaat het? Vanaf 2008 kunnen gemeenten deelnemen aan landelijke regelingen die mede gefinancierd worden door het Rijk en die erop gericht zijn om, middels de inzet van combinatiefunctionarissen, deelname aan sport en bewegen en/of kunst en cultuur te stimuleren. Het gaat om de volgende drie opeenvolgende regelingen: Impuls brede scholen, sport en cultuur (2008-2011), Brede Impuls Combinatiefuncties (2012-2018) en Brede Regeling Combinatiefuncties (2019-2022).
De gemeente onderschrijft steeds de landelijke doelen van de regelingen, zo ook van de in 2019 gestarte Brede Regeling Combinatiefuncties. Samengevat gaat het bij de in 2019 gestarte Brede Regeling Combinatiefuncties om de volgende landelijke doelen en doelgroepen38:
Een leven lang sporten, bewegen en deelnemen aan cultuur voor iedereen mogelijk maken. Met in het bijzonder aandacht voor de (talent)ontwikkeling van jeugd en jongeren op en rond scholen, voor mensen die in armoede leven en voor andere groepen die belemmeringen ervaren om deel te nemen aan sport en cultuur (bijvoorbeeld vanwege leeftijd/levensfase, gender, fysieke of mentale gezondheid, seksuele geaardheid of etnische/sociale achtergrond of positie). Duurzaam versterken en innoveren van sport-, beweeg- en cultuuraanbieders/ vrijwilligersorganisaties. Bijvoorbeeld op het gebied van besturen, vrijwilligers, kader, diversiteit, inclusief en vraaggericht handelen. Lokale verbindingen tot stand brengen en uitbouwen. Bijvoorbeeld tussen gemeentelijke beleidsdomeinen en voorzieningen, gesubsidieerde en commerciële sport en cultuur, organisaties in het onderwijs, bso/kinderopvang, welzijn, zorg en het bedrijfsleven.
Daarnaast streeft de gemeente Haarlem met de inzet van de combinatiefunctionarissen en buurtsportcoaches ook diverse doelstellingen na uit de programmabegroting 2019-2022 (reg. nr. 2018/568234) en latere jaren, het coalitieprogramma Duurzaam doen 2018-2022, Agenda voor de Sport 2015-2019 (reg. nr. 2015/29476), de Cultuurnota 2013-2020 (reg.nr. 2013/133552) en de Nota lokaal volksgezondheidsbeleid 2017-2020 (reg.nr. 2017/232133). Het betreft hier doorgaans (sub)doelen die te scharen zijn onder één van de drie landelijke hoofddoelen of onder meer specifieke of lokale uitwerkingen hiervan. 3) Hoe is de organisatiestructuur? Wat is de rol van de gemeente, wie zijn de extern betrokken partners in de stad, waar is het werkgeverschap van de combinatiefunctionarissen belegd en hoe wordt de lokale cofinanciering (60%) vorm gegeven? De rol van de gemeente kan het beste beschreven worden als faciliterende regierol. Afdeling Jeugd, Onderwijs en Sport (JOS) is samen met afdeling Economie, Cultuur, Duurzaamheid en Wonen (ECDW) 38
Uit de brochure: Nieuwe kansen voor buurtsportcoaches en cultuurcoaches. Een gezamenlijke uitgave van: Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport; Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap; Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid; Vereniging Sport en Gemeenten; LKCA; VNG en Kenniscentrum Sport.
58
inhoudelijk opdrachtgever naar en aanspreekpunt voor de partners in de stad die de combinatiefunctionarissen in dienst hebben. Afdeling JOS stelt, in samenwerking en afstemming met afdeling ECDW, ook de subsidiebeschikkingen op voor deze partners. Vanaf 2019 zijn er, naast de gemeente Haarlem, zeven organisaties die combinatiefunctionarissen in dienst hebben: SportSupport, Hart, Stichting Sint Bavo (sinds 2020 Stichting Twijs), Bibliotheek ZuidKennemerland, Triple Threat, SRO en De Wereld Kindertheater. Van deze organisaties is Triple Threat de enige die in 2019 voor het eerst gesubsidieerd wordt door een regeling voor combinatiefuncties. De overige partners krijgen al meerdere jaren subsidie of hebben in het verleden al eens subsidie ontvangen. Sinds 2009 keert het Rijk per fte €20.000 rijkssubsidie uit (40% van de totale kosten per fte), uitgaande van €50.000 per fte als richtlijn. De gemeente draagt gemiddeld 25% bij voor de inzet van combinatiefunctionarissen middels een daarvoor geoormerkte subsidie en lokale partners gemiddeld 35%. Het blijkt voor lokale partners soms vrij complex en bewerkelijk om een gedetailleerd overzicht van de precieze omvang van de cofinanciering op te stellen. De omvang van de (geschatte) cofinanciering door de eigen organisatie varieert tussen (ongeveer) een kwart en bijna drie vijfde.
De cofinanciering door lokale werkgevers wordt vaak bekostigd middels andere gemeentelijke subsidies en middelen, fondsen, inkomsten van scholen, kinderopvangvoorzieningen en sponsoring. Als de inzet van andere, niet specifiek voor combinatiefunctionarissen geoormerkte, gemeentelijke subsidies en middelen meegerekend wordt bij de gemeentelijke cofinanciering dan wordt het aandeel dat door lokale werkgevers zelf bekostigd in een aantal gevallen waarschijnlijk (een stuk) lager. Om hoeveel formatieplaatsen en personen gaat het, wat is het opleidingsniveau van de combinatiefunctionarissen en hoe is hun inzet over de sectoren? Het aantal fte combinatiefunctionarissen dat de gemeente Haarlem conform de normering van het gemeentefonds toegewezen heeft gekregen is gegroeid van 10,3 fte in 2008 naar 37,7 fte in 2019. In 2019 zijn er in totaal 33,05 fte gerealiseerd die ingevuld werden door 88 personen. Met name door de inzet van ‘duurdere’ combinatiefunctionarissen is het aantal gerealiseerde fte lager dan het aantal toegekende fte conform het gemeentefonds. Dit is een constructie die sinds 2019 is toegestaan. In Haarlem geldt, evenals landelijk, dat de meerderheid van de formatieplaatsen qua salarisniveau op of boven het normbedrag ligt. Wel is dit aandeel in Haarlem groter dan landelijk (76% versus 53% landelijk).
SportSupport is met 17,4 fte verreweg de grootste werkgever, gevolgd door Hart met 5,2 fte. De Wereld Kindertheater is met 0,5 fte de kleinste werkgever. De gemiddelde omvang van de functie in aantal uren is in Haarlem per combinatiefunctionaris lager dan landelijk: 0,38 fte in Haarlem (33,05/88) versus 0,59 fte landelijk. 4)
De meerderheid (58%) van alle Haarlemse formatieplaatsen wordt ingevuld op hbo-niveau 5. Dit is conform het landelijke beeld. Ruim een vijfde wordt ingezet op mbo-niveau 3/4 en een vijfde op hboniveau 6/plus. Combinatiefunctionarissen die ingezet worden vanuit de sector sport en bewegen werken verhoudingsgewijs vaker op mbo-niveau dan combinatiefunctionarissen die werkzaam zijn vanuit de sector kunst en cultuur. Ook dit is conform het landelijke beeld. Omgekeerd geldt dat combinatiefunctionarissen die werkzaam zijn vanuit de sector kunst en cultuur verhoudingsgewijs vaker op hbo-niveau 5 en hbo-niveau 6/plus werkzaam zijn. Van de combinatiefunctionarissen is 72% werkzaam vanuit de sector sport en bewegen en 28% vanuit de sector kunst en cultuur. Het aandeel combinatiefunctionarissen dat in Haarlem wordt ingezet vanuit de sector kunst en cultuur ligt een stuk hoger dan landelijk (28% versus 17%). Door de 59
Haarlemse combinatiefunctionarissen worden verbindingen gelegd met veel andere sectoren. Gezamenlijk leggen zij met meer sectoren verbindingen dan landelijk het geval is. Vooral waar het de combinatiefunctionarissen betreft die opereren vanuit de sector kunst en cultuur is het verschil opvallend. Zo leggen de Haarlemse combinatiefunctionarissen vanuit de sector sport en bewegen gezamenlijk met alle 14 in de landelijke monitor opgenomen sectoren een verbinding en de combinatiefunctionarissen vanuit de sector kunst en cultuur gezamenlijk met 11 van de 14 in de landelijke monitor opgenomen sectoren. Landelijk wordt door de meerderheid van de gemeenten vanuit de sector sport en bewegen een verbinding gelegd met 10 van de 14 sectoren en vanuit de sector kunst en cultuur met 2 van de 14 sectoren. Hierbij speelt waarschijnlijk mede een rol dat het in Haarlem om een vrij omvangrijke groep combinatiefunctionarissen gaat vergeleken met een groot aantal andere gemeenten (37,7 fte combinatiefunctionarissen conform de normering van het gemeentefonds in Haarlem versus 10,6 fte gemiddeld per gemeente). 5) Waar in de stad zijn de combinatiefunctionarissen actief, wat zijn de door hen verrichte taken en aangeboden activiteiten en wat is het bereik van de activiteiten? Voor SportSupport, SRO en Hart geldt dat zij in principe de hele stad als werkgebied hebben.
De focus van bepaalde activiteiten van combinatiefunctionarissen is met name bij SportSupport en Hart vaak wel op specifieke stadsdelen. Het werkgebied van de combinatiefunctionarissen van Stichting Sint Bavo, Triple Threat en De Wereld Kindertheater bestaat uit de stadsdelen Schalkwijk en Haarlem Oost. De Wereld Kindertheater is ook in andere stadsdelen van Haarlem actief, maar niet via de inzet van combinatiefunctionarissen. De combinatiefunctionarissen van bibliotheek Zuid-Kennemerland waren in 2019 alleen actief in Schalkwijk. Haarlemse combinatiefunctionarissen vervullen in het onderwijs uiteenlopende taken zowel onder als na schooltijd, bij sportaanbieders (met name sportverenigingen) en cultuuraanbieders. De taken van de Haarlemse combinatiefunctionarissen bestaan voor een groot deel uit adviseren, initiëren, organiseren, faciliteren en coördineren bij projecten en processen. Daarnaast worden er door de combinatiefunctionarissen ook uitvoerende taken verricht. Te denken valt aan de begeleiding van activiteiten die in de wijken worden aangeboden en het zelfstandig les geven op een school (bijvoorbeeld muzieklessen, toneellessen en gymlessen). De tijd die aan uitvoerende taken wordt besteed varieert per werkgever en ook per combinatiefunctionaris.
Door Haarlemse combinatiefunctionarissen is in 2019 een groot aantal activiteiten aangeboden op het gebied van sport en bewegen en kunst en cultuur. Veel van de activiteiten hadden als doelgroep kinderen en/of jongeren en werden aangeboden in Schalkwijk en Haarlem Oost en in mindere mate ook in Haarlem Noord. Een aantal lokale partners houdt het aantal deelnemers per activiteit precies bij, anderen doen dat meer globaal. Meestal worden hierbij aantallen deelnemers bijgehouden, soms andere aantallen zoals aantallen bereikte groepen van scholen. Alleen Triple Threat houdt precieze cijfers bij over de doorstroming naar reguliere activiteiten van sport- en cultuuraanbieders, anderen doen dat deels of niet. De deelnemersaantallen zijn niet altijd volledig toe te schrijven aan de inzet van combinatiefunctionarissen, soms spelen ook andere medewerkers en middelen hierbij een rol. Hoewel gemeenten in de landelijke monitor van het Mulier Instituut opgave dienen te doen van het, met de verschillende activiteiten bereikte totale aantal, unieke deelnemers beschikken de lokale partners, en dus ook de gemeente Haarlem, niet over dit precieze of geschatte aantal. Met de activiteiten worden vaak grote aantallen deelnemers bereikt. Ter illustratie een aantal cijfers over het bereik.
SportSupport bereikte in 2019 met (wijkgerichte) sport- en beweegactiviteiten 1.516 kinderen, met schoolsporttoernooien 6.000 leerlingen uit het primair onderwijs en 1.500 uit het 60
voortgezet onderwijs, 310 deelnemers aan vakantie-activiteiten en per week opgeteld gemiddeld 515 deelnemers via peutergym, Sport in de Wijk activiteiten en activiteiten voor jongeren. Daarnaast namen 295 Haarlemmers deel aan cursussen voor volwassenen en 48 ouderen aan cursussen valpreventie. Hart bereikte met haar activiteiten in het kader van Muzieklab onder schooltijd in 2018 ruim 100 groepen van 11 verschillende scholen voor primair onderwijs in Schalkwijk en Haarlem-Noord (uitgaande van gemiddeld 23 leerlingen per klas, gaat het om 2.300 leerlingen). In het voorjaar van 2019 ging het om ruim 60 groepen. Daarnaast hebben in 2019 in totaal 545 leerlingen uit het voortgezet onderwijs de kans gekregen om via het Haarlems Interscholair Toernooi (HIT) hun talenten te ontdekken en te ontwikkelen en hebben 339 leerlingen deelgenomen aan een workshop op school of aan een masterclass voorafgaand aan de finales. Triple Threat bereikte in 2019 met de zes door combinatiefunctionarissen georganiseerde activiteiten opgeteld 723 jongeren van 12-18 jaar uit Schalkwijk en Haarlem-Oost. SRO bereikte met het schoolzwemmen in het eerste deel van 2018 35 groepen van 21 scholen en ruim duizend kinderen namen deel aan evenementen als de Koningsspelen en speciale winteractiviteiten.
Door de combinatiefunctionarissen van de Bibliotheek Zuid-Kennemerland is slechts een beperkt aantal (kleinere) activiteiten aangeboden, omdat de werkzaamheden van de combinatiefunctionarissen nog in de opbouwfase verkeren. Het bereik ervan varieerde tussen de 4 en 30 deelnemers per activiteit. Door de combinatiefunctionarissen van De Wereld Kindertheater tenslotte werden in Schalkwijk en Haarlem Oost in totaal 2.156 deelnemers bereikt. Zoals eerder opgemerkt zijn de deelnemersaantallen niet altijd volledig toe te schrijven aan alleen de inzet van combinatiefunctionarissen. Een belangrijke meerwaarde van de combinatiefunctionarissen is dat zij bepaalde doelgroepen bereiken met activiteiten op het gebied van sport en bewegen en kunst en cultuur die hier anders (waarschijnlijk) niet mee in aanraking waren gekomen. Met name een aanbod van activiteiten tijdens schooltijd is in deze zin doeltreffend. Hiermee worden alle kinderen, ook kwetsbare kinderen, bereikt. Ook andere (wijkgerichte) activiteiten gericht op specifieke doelgroepen, zoals minder kansrijke en kwetsbare jongeren en ouderen, dragen in belangrijke mate bij aan het verhogen van de participatie op het gebied van sport en bewegen en kunst en cultuur.
6) In hoeverre bestaat er inzicht in de mate waarin de combinatiefunctionarissen bijdragen aan de rijks- en gemeentelijke doelen, welke rol spelen monitoring, evaluaties en praktijkervaringen hierbij en hoe is de doeltreffendheid op basis van dit inzicht? Peilen combinatiefunctionarissen periodiek de mate van tevredenheid van afnemers van diensten c.q. doelgroepen (bijv. kinderen en jongeren op scholen of in de wijk), en zo ja op welke wijze? Monitoring van de landelijke regelingen voor combinatiefuncties vindt vanaf de start plaats in opdracht van de Rijksoverheid. Gemeenten worden geacht hun medewerking hieraan te verlenen. Vanaf 2019, het eerste jaar van de Brede Regeling Combinatiefuncties, wordt de monitoring uitgevoerd door het Mulier Instituut. Tot en met 2018 ging het bij de landelijke monitoring vooral om de prestaties, ofwel de output. Vanaf 2019 is er ook aandacht voor de resultaten c.q. opbrengsten wat betreft de landelijke doelen, ofwel de outcome (de maatschappelijke effecten). Over de realisatie van de outcome zijn door de lokale partners in 2019 beperkt gegevens aangeleverd ten behoeve van de landelijke monitoring, waardoor de gemeente deze aan het Rijk niet goed heeft kunnen aanleveren.
61
Geïnterviewden van de gemeente en van werkgevers van combinatiefunctionarissen zijn het er vrijwel unaniem over eens dat de combinatiefunctionarissen (heel) doeltreffend zijn. Nagenoeg alle werkgevers van combinatiefunctionarissen baseren hun oordeel over de doeltreffendheid op zowel kwantitatieve gegevens als meer kwalitatieve gegevens. De voor de landelijke monitoring, aan het Mulier Instituut, aangeleverde kwantitatieve gegevens spelen eigenlijk geen rol bij het bepalen van de doeltreffendheid. Geïnterviewden vinden ze doorgaans niet echt bruikbaar en te weinig specifiek voor de lokale situatie. Bij de kwantitatieve gegevens gaat het vooral om gegevens die ook opgenomen zijn in de (half)jaarlijkse verantwoordingsrapportages aan de gemeente, zoals deelnemersaantallen, resultaten van tevredenheidsmetingen en soms ook andere gegevens. Bij de kwalitatieve gegevens gaat het vooral om informatie die verkregen is uit gesprekken en observaties en die meer verhalend c.q. narratief van aard is, bijvoorbeeld betreffende de tevredenheid over de aangeboden activiteiten, het plezier dat deelnemers beleven aan activiteiten, de in kwalitatief opzicht bereikte resultaten door deelnemers, de partners waarmee samengewerkt wordt, de tevredenheid van lokale partners over de samenwerking en eventuele verbeterpunten.
Vaak is een aantal van deze kwalitatieve gegevens (deels) ook opgenomen in de verantwoordingsrapportages aan de gemeente. Alle werkgevers inventariseren meer kwantitatief of meer kwalitatief regelmatig de tevredenheid (en het plezier) van deelnemers aan activiteiten van combinatiefunctionarissen. Vaak gebeurt dit zowel tijdens een aangeboden activiteit als achteraf. Daarnaast wordt door verschillende werkgevers ook de tevredenheid van afnemers van activiteiten (met name scholen) of diensten (bijvoorbeeld verenigingen) en samenwerkingspartners gepeild. Hoewel ook overige geïnterviewde betrokkenen in de stad over het algemeen positief zijn over de doeltreffendheid van de combinatiefunctionarissen, maken zij daarbij ook een paar kanttekeningen. Het bereik van naschoolse activiteiten onder kwetsbare kinderen kan beter, evenals soms de continuïteit van de door combinatiefunctionarissen aangeboden activiteiten en de kwaliteit van de tussenschoolse opvang door buurtsportcoaches. 7) Wat zijn de successen van de combinatiefunctionarissen? Niet alleen landelijk maar ook in Haarlem bestaat er veel enthousiasme over de successen die combinatiefunctionarissen boeken in de stad.
Enkele geïnterviewden van de gemeente beschouwen hen als ‘de spil’, ‘het cement’ en ‘de samenbindende factor’ waar het sportbeleid om draait en ‘de klei’, de verbinders en de netwerkers die de cultuurdeelname succesvol stimuleren. Daarnaast is in de interviews een groot aantal andere successen genoemd. Zo leveren combinatiefunctionarissen een belangrijke bijdrage aan de landelijke en gemeentelijke doelen en is er een kwalitatief goed aanbod aan activiteiten die een kwantitatief en kwalitatief succesvol bereik hebben. Deelnemers en afnemers van diensten zijn enthousiast en de aangeboden activiteiten hebben effect. Factoren die volgens geïnterviewden een rol hebben gespeeld bij deze successen zijn onder andere: succesvolle samenwerkingsverbanden en samenwerkingsrelaties, de vrijheid en autonomie om als organisatie c.q. als combinatiefunctionaris de eigen werkzaamheden vorm te geven, een duidelijk profiel van de organisatie en herkenbaarheid in de wijk, het onderbrengen van het werkgeverschap van combinatiefunctionarissen bij scholen en het daar ook aanbieden van activiteiten, een succesvol en energiek team van medewerkers en combinatiefunctionarissen die echt het verschil maken door de kwaliteiten die ze hebben en door de activiteiten die ze organiseren die nauw aansluiten bij de behoeften en wensen van de doelgroep.
62
8) Wat zijn eventuele verbeterpunten bij de uitvoering van de Brede Regeling Combinatiefuncties? Naast de successen van de combinatiefunctionarissen zijn er door geïnterviewden ook verschillende verbeterpunten genoemd wat betreft de uitvoering van de Brede Regeling Combinatiefuncties. Het meest genoemd zijn verbeterpunten betreffende de rol van de gemeente (met name een duidelijker regierol, duidelijkere kaders en meer prioritering), de (co)financiering (de wenselijkheid van de toekenning van subsidies voor een langere periode, een activiteitenbudget, de vereenvoudiging van de subsidiesystematiek en lagere kosten van bepaalde diensten), de monitoring (meer eenduidige monitoring die beperkt van omvang is) en de wenselijkheid van een netwerk van (werkgevers van) combinatiefunctionarissen.
Daarnaast zijn door geïnterviewden diverse verbeterpunten genoemd op het gebied van samenwerking, het bereik van kwetsbare kinderen met naschoolse en buitenschoolse activiteiten, de verdeling van middelen over sectoren en organisaties (een meer gelijke verdeling tussen de sectoren sport en bewegen en kunst en cultuur en meer middelen voor minder gevestigde en meer innovatieve organisaties), de kwaliteit en beschikbaarheid van accommodaties en materiaal, de kwaliteit van activiteiten, de bereidheid van sportverenigingen om clinics te organiseren, diverse punten wat betreft het schoolzwemmen (onder andere het ondertekenen van het protocol schoolzwemmen door scholen en de bezetting van het zwemwater), een online platform voor communities en het eigenaarschap en eigen initiatief van burgers. De genoemde verbeterpunten kunnen benut worden bij de uitvoering van de Brede Regeling Combinatiefuncties in de komende jaren en mogelijk op punten ook nog input bieden bij de herijking van het cultuur- en sportbeleid (2020). 8.2 Aanbevelingen Hoewel de doeltreffendheid van de combinatiefunctionarissen over het algemeen positief beoordeeld kan worden en er in de stad veel successen door hen worden geboekt is er ook ruimte voor verbeteringen bij de uitvoering van de Brede Regeling Combinatiefuncties.
Naast enkele resultaatgerichte verbeteringen gaat het daarbij vooral om procesmatige verbeteringen die de doeltreffendheid van de inzet van combinatiefunctionarissen op punten verder kunnen verhogen. Bij de door geïnterviewden meest genoemde verbeterpunten kan de gemeente een belangrijke rol spelen. De voornaamste aanbevelingen zijn: een duidelijker gemeentelijke regierol; het onderzoeken van de mogelijkheden wat betreft de genoemde verbeterpunten op het gebied van de lokale cofinanciering; het verbeteren van de monitoring; en het creëren van een netwerk van (werkgevers van) combinatiefunctionarissen. Daarbij is belangrijk dat de gemeente duidelijk formuleert wanneer er sprake is van effectief beleid en hoe de te meten indicatoren en ingezette middelen zich hiertoe verhouden, rekening houdend met de inhoudelijke en financiële vervlechting die er is tussen de Brede Regeling Combinatiefuncties en ander beleid van de gemeente Haarlem. Regierol gemeente Zoals bleek in de vorige paragraaf zien meerdere geïnterviewden een duidelijker regierol van de gemeente als belangrijk verbeterpunt. Zowel qua doelen als te bereiken doelgroepen zijn de landelijke en lokale doelstellingen op het gebied van combinatiefunctionarissen vrij breed en omvangrijk geformuleerd.
Zeker wanneer middelen beperkt zijn of er sprake is van bezuinigingen is het wenselijk dat de gemeente een duidelijke prioritering aangeeft qua gewenste taken en activiteiten, te bereiken doelgroepen en resultaatverwachtingen. Ook bij nieuwe combinatiefuncties is hier soms behoefte aan. Op basis van het totaaloverzicht dat zij heeft van alle bij de 63
combinatiefunctionarissen betrokken lokale partners, en met input van en afstemming met die partners, kunnen door de gemeente op punten duidelijker kaders en keuzes worden geformuleerd wat betreft de gewenste inzet van combinatiefunctionarissen. Ook qua rollen en taakverdeling is het wenselijk dat de gemeente soms een duidelijker regierol vervult. Meer specifiek zijn in dit verband genoemd een duidelijker definiëring van rollen en taken van organisaties die onderdeel uit maken van het samenwerkingsverband ten behoeve van de cultuurmakelaar van de bibliotheek in Schalkwijk en een duidelijke visie op de rol die SportSupport heeft op het gebied van sport en bewegen versus de rol en taken van welzijnsorganisaties Haarlem Effect en DOCK en SRO op dit gebied. Daarbij is het belangrijk dat de gemeente duidelijk communiceert over gemaakte afspraken en besluiten. Dit punt is qua scope breder dan alleen de inzet van combinatiefunctionarissen. Dat geldt ook voor de wens van sommige geïnterviewden om sport en bewegen beleidsinhoudelijk en financieel meer te verbinden met de preventieve welzijnskant.
Eind 2019 is door de gemeente een nieuwe beleidsmedewerkster aangetrokken die als taak de regie en coördinatie van de inzet van combinatiefunctionarissen en de rol van verbinder heeft binnen de gemeente en daarbuiten, waardoor voorgaande punten, evenals andere genoemde verbeterpunten, goed opgepakt kunnen worden. Daarbij is het van belang een goede balans te behouden tussen enerzijds de gewenste regierol en kaders en anderzijds de, ook sterk door diverse geïnterviewden gewaardeerde, autonomie en vrijheid om het werk op basis van eigen inzicht en deskundigheid vorm te kunnen geven. Ook dient rekening gehouden te worden met de vaak grote mate van vervlechting die er is tussen de inzet van combinatiefunctionarissen en overig beleid, zowel inhoudelijk als financieel. De vraag is in hoeverre regie en coördinatie op de inzet van combinatiefunctionarissen los gezien kan worden van de overige taken en activiteiten van betrokken organisaties en in hoeverre dit ook wenselijk is. (Co)financiering Een door veel geïnterviewden genoemd verbeterpunt is subsidieverlening voor een langere periode.
Vanuit het oogpunt van het bieden van continuïteit zowel aan de combinatiefunctionarissen als aan de doelgroepen van activiteiten is het wenselijk dat de gemeente onderzoekt of er mogelijkheden zijn om bepaalde subsidies meerjarig, tot het eind van de looptijd van de Brede Regeling Combinatiefuncties in 2022, te verstrekken. Daarnaast is het wenselijk dat de gemeente ook onderzoekt wat de mogelijkheden zijn wat betreft de volgende door de geïnterviewden genoemde verbeterpunten: 1) de betaalbaarheid van bepaalde diensten (bijvoorbeeld de huur van accommodaties voor activiteiten van combinatiefunctionarissen en de kosten van bepaalde diensten van SportSupport voor scholen); 2) een simpelere wijze van subsidieverlening door bijvoorbeeld de bundeling van alle gemeentelijke subsidies bestemd voor een lokale partner in één gezamenlijk budget en in één beschikking en ook de verantwoording erover in één gezamenlijk document (versimpeling van de subsidieverlening sluit aan bij de sterke mate van vervlechting die er vaak is tussen de Brede Regeling Combinatiefuncties en ander beleid van de gemeente Haarlem, zowel inhoudelijk als financieel); 3) tijdige subsidieverlening; 4) het beschikbaar stellen van een aanvullend budget voor activiteiten; 5) meer gelijkheid tussen werkgevers qua aandeel subsidie dat door de gemeente bovenop de rijkssubsidie van €20.000 per fte aan
combinatiefunctionarissen wordt verstrekt;
64
6) een financiële compensatie voor het feit dat het Rijk haar subsidie van €20.000 sinds 2009 niet meer geïndexeerd heeft die recht doet aan de functie-inhoud van de combinatiefunctionarissen; en 7) een meer structurele financiële bijdrage vanuit de afdeling Maatschappelijke Ontwikkeling aan preventieve activiteiten om gezond te blijven; als mensen meer gaan bewegen en sporten is de kans op zorg kleiner in de toekomst (dit punt is breder dan alleen de inzet van combinatiefunctionarissen). Ad 2) Door afdeling JOS is voor het boekjaar van 2020 voor SportSupport al gestart met het bundelen van diverse subsidies in één beschikking. Het gaat hier om de bundeling van de rijksbijdrage voor combinatiefunctionarissen, geoormerkte gemeentelijke middelen voor de inzet van combinatiefunctionarissen en andere voorheen niet specifiek hiervoor geoormerkte gemeentelijke subsidies die SportSupport in kan zetten voor de cofinanciering van de combinatiefunctionarissen. Ad 6) Met ingang van 2019 wordt het normbedrag van €50.000 per fte, waar de rijkssubsidie van €20.000 op gebaseerd is, gehanteerd als richtlijn. Het staat gemeenten vrij om meer of minder fte in te zetten dan het toegewezen aantal, bijvoorbeeld afhankelijk van het opleidingsniveau. De eis blijft wel dat de middelen op de door het Rijk gesubsidieerde fte worden ingezet.
Indien duurdere combinatiefunctionarissen worden ingezet, en er geen sprake is van financiële compensatie op een andere wijze, zullen er minder fte kunnen worden gerealiseerd. Hoewel sommige geïnterviewden wel ‘goedkopere’ combinatiefunctionarissen in zouden willen zetten is dat vaak niet mogelijk. Zo is bijvoorbeeld voor een leerkracht lichamelijke opvoeding een hbo-opleiding een vereiste. Andere verbeterpunten die genoemd zijn die een relatie hebben met het punt van cofinanciering zijn een meer gelijke verdeling van middelen tussen de sectoren sport en bewegen en kunst en cultuur en meer middelen voor innovatieve organisaties en projecten. Het is wenselijk dat de gemeente haar Uitvoeringsregeling Subsidieverlening combinatiefuncties die dateert uit 2013 (2013/358466) waarin onder andere de subsidievoorwaarden en selectiecriteria zijn opgenomen voor subsidieaanvragen voor combinatiefunctionarissen, actualiseert. De door de gemeente geformuleerde uitgangspunten voor de uitbreiding van de invulling van extra fte’s, die met de Brede Regeling Combinatiefuncties in 2019 beschikbaar kwamen, kunnen hierbij als input dienen.
Naast criteria wat betreft de gewenste verdeling van middelen tussen de sectoren sport en bewegen en kunst en cultuur kunnen ook criteria worden opgenomen over bijvoorbeeld het aandeel middelen dat besteed wordt aan innovatieve organisaties en projecten en het aandeel middelen dat aangewend dient te worden voor uitvoerende taken van combinatiefunctionarissen ofwel voor het door combinatiefunctionarissen zelf aanbieden van activiteiten voor doelgroepen. De indruk bestaat dat, conform landelijke ontwikkelingen, momenteel relatief veel fte aan combinatiefunctionarissen ingezet wordt op taken als coördineren, verbinden en organiseren. Naast de 2,5 fte van de gemeente zetten ook de lokale partners SportSupport, SRO en Hart hier relatief veel fte op in. De vraag is welke verhouding tussen taken als coördineren, verbinden en organiseren versus uitvoerende taken de gemeente wenselijk vindt. Ook rekening houdend met aspecten als de terugloop van de bereidheid bij sportverenigingen om clinics uit te voeren bij activiteiten en evenementen van SportSupport. Monitoring In de voorgaande paragraaf werd duidelijk dat meerdere geïnterviewden een meer eenduidige wijze van monitoring als belangrijk verbeterpunt zien.
Ten behoeve van de landelijke monitoring door het Mulier Instituut moet jaarlijks een vrij groot aantal gegevens worden ingevuld door de Haarlemse werkgevers van combinatiefunctionarissen. Omdat deze gegevens volgens geïnterviewden lokaal 65
beperkt bruikbaar zijn, is het zinvol om deze aan te vullen met een qua omvang beperkte set gegevens die wel lokale zeggingskracht hebben. Te denken valt aan gegevens die nu al door veel werkgevers gemeten en bijgehouden worden: aangeboden activiteiten, aantallen deelnemers aan activiteiten, de tevredenheid van de deelnemers over de activiteiten en/of de tevredenheid van afnemers van diensten (met name scholen). Omdat cijfers niet alles zeggen worden deze gegevens idealiter aangevuld met een beknopte kwalitatieve toelichting op de cijfers en een beknopte samenvatting van de geboekte resultaten en bereikte maatschappelijke effecten, in relatie tot de beoogde doelen en eventuele verbeterpunten. Daarbij kan ook kort worden samengevat wat de resultaten en eventuele verbeterpunten zijn van de overige werkzaamheden van combinatiefunctionarissen (coördineren, verbinden, organiseren, aanjagen, adviseren etc.). Bij de monitoring van de lokale opbrengsten van de Brede Regeling Combinatiefuncties dient het echter vooral te gaan om gegevens die inzicht geven in het bereik van de doelgroep en de bij hen geboekte resultaten. Bij de aantallen deelnemers is het zinvol om ook informatie op te nemen over het type activiteiten (bijvoorbeeld muzieklessen op een school of sporten en bewegen op een Cruijffcourt), de bereikte doelgroep (bijv.
naar leeftijd, groepen in bepaalde stadsdelen en groepen op bepaalde scholen) en de duur van de activiteiten (eenmalig activiteit, een korte of lange cursus of een activiteit gedurende het hele (school)jaar). Op basis van een optelling van de deelnemers aan de diverse activiteiten, en op basis van input van de verschillende lokale partners, kan een inschatting gemaakt worden van het totale aantal unieke deelnemers, een gegeven waarover gemeenten ten behoeve van de landelijke monitoring opgave dienen te doen maar wat bij de opgave van 2019 ontbrak. De door werkgevers voor de landelijke monitor te verschaffen gegevens worden bij voorkeur samen met de benodigde cijfers voor de lokale monitoring, het aantal toegekende fte combinatiefunctionarissen op basis van de verstrekte rijkssubsidie en de beoogde doelen van de inzet van de combinatiefunctionarissen, opgenomen in de subsidiebeschikking of een bijlage daarbij. Daarbij is de aanbeveling om in de verantwoording van lokale partners aan de gemeente, conform de ontwikkelingen in de landelijke monitoring, naast gegevens over de geleverde prestaties ook enkele gegevens op te laten nemen over de gerealiseerde maatschappelijke effecten. In een aantal verantwoordingsrapportages van de lokale partners is hierover overigens al enige informatie opgenomen.
Eveneens is de aanbeveling om verbeteringen aan te brengen in de data die door de gemeente aangeleverd worden ten behoeve van de jaarlijkse landelijke monitoring zowel qua volledigheid als qua juistheid. In de opgave van de gemeente Haarlem van 2019 ten behoeve van de landelijke monitoring door het Mulier Instituut zaten enkele onjuistheden en ontbraken bepaalde gegevens, met name op het gebied van de gerealiseerde resultaten c.q. de opbrengsten van de inzet van de combinatiefunctionarissen. De vraag is hierbij nog wel of het voor alle lokale partners haalbaar is om opgave te doen van bepaalde door het Rijk gewenste gegevens, zoals het totaal aantal unieke deelnemers. Al kan hiervan mogelijk wel een globale inschatting worden gemaakt op basis van de door lokale partners geregistreerde deelnemersaantallen. Sommige vragen uit de landelijke vragenlijst lijken niet helemaal goed begrepen te zijn. Belangrijk is dat de lokale partners eenduidige instructies en goede uitleg en begeleiding krijgen bij de invulling van de landelijke vragenlijst en dat deze door alle lokale partners wordt ingevuld. Daarvoor dient ook de gemeente zelf helder te hebben wat er precies met elke vraag bedoeld wordt en wat voor
66
gegevens er voor de beantwoording nodig zijn. Mogelijk dat de gemeentelijke afdeling DIA, indien gewenst, ook ondersteuning kan bieden bij zowel de landelijke als de lokale monitoring. Als aanvulling op de gegevens uit de landelijke en lokale monitoring is de aanbeveling dat betrokken beleidsmedewerkers met enige regelmaat ook zelf gaan kijken in de stad bij door combinatiefunctionarissen aangeboden activiteiten en projecten en in gesprek gaan met betrokken organisaties en combinatiefunctionarissen over hun inzet in de stad. Door de afdelingen JOS en ECDW worden al regelmatig gesprekken gevoerd met partners en werkgevers van combinatiefunctionarissen. Deze gesprekken bieden organisaties de mogelijkheid om niet alleen de cijfermatige resultaten en de gerealiseerde resultaten toe te lichten, maar ook gewenste verbeterpunten (bijvoorbeeld qua processen of randvoorwaarden om het werk goed te kunnen doen) voor het voetlicht te brengen. Overwogen dient te worden of het zinvol is om periodiek onder afnemers van diensten van lokale partners (o.a. scholen en sportverenigingen) als gemeente ook zelf een tevredenheidsonderzoek te houden. Zo een onderzoek kan breder zijn dan alleen de inzet van combinatiefunctionarissen en ook de doeltreffendheid van andere diensten van de lokale partners omvatten.
Evenals bij de invulling van de regierol van de gemeente en de cofinanciering is het ook bij de monitoring de vraag in hoeverre de inspanningen (en resultaten) van combinatiefunctionarissen los gezien kunnen worden van de overige taken en activiteiten (en resultaten) van betrokken organisaties en de verantwoording hierover en in hoeverre dit ook wenselijk is. Netwerk van (werkgevers) van combinatiefunctionarissen Diverse geïnterviewden hebben als verbeterpunt aangegeven het opzetten van een netwerk (van werkgevers) van combinatiefunctionarissen. Zo een netwerk kan een rol spelen bij onder andere kennismaking, kennisuitwisseling, onderlinge afstemming van activiteiten en een betere programmering ervan en deskundigheidsbevordering. Ook kan hier aandacht zijn voor mogelijke oplossingen voor bepaalde andere genoemde verbeterpunten, zoals het bereik van kwetsbare kinderen bij naschoolse en buitenschoolse activiteiten. Gezien de inmiddels vrij grote omvang van de groep combinatiefunctionarissen in de stad en de verwachte meerwaarde van een dergelijk netwerk lijkt het zinvol dat de gemeente, vanuit haar faciliterende regierol, het initiatief neemt bij het opzetten ervan en het organiseren van bijeenkomsten. Bijeenkomsten kunnen zowel op stedelijk niveau als op stadsdeelniveau worden georganiseerd, afhankelijk van het doel van de bijeenkomst.
67
BIJLAGE 1 GERAADPLEEGDE DOCUMENTEN Bestuurlijke afspraken Brede Regeling Combinatiefuncties. Den Haag: Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en VNG 29 juni 2018. Bibliotheek Zuid-Kennemerland, Plan invulling combinatiefunctionaris 2019/2020 pilot community library – Bibliotheek Zuid-Kennemerland. Haarlem, 28-05-2019. Bibliotheek Zuid-Kennemerland, Stichting Culturele Activiteiten Schalkwijk en De Wereldmuziekschool, Combinatiefunctionaris 2019/2020. De door ontwikkeling van een infrastructuur voor kunst en cultuur in Schalkwijk. Haarlem, 24 oktober 2019. Gemeente Haarlem, Collegebesluit Realisatie ‘Impuls brede scholen, sport en cultuur’. Haarlem, 2008. (registratienummer: 2008/159706) Gemeente Haarlem, Haarlem Sport! Agenda voor de Sport 2010-2014. Haarlem 2009. (registratienummer: 2009/215475) Gemeente Haarlem, Collegebesluit Vervolg Impulsregeling Brede scholen, Sport en Cultuur, 20122015. Haarlem, 2011. (registratienummer: 2011/123661) Gemeente Haarlem, Collegebesluit Brede Impuls Combinatiefuncties. Haarlem, 2012. (registratienummer: 2012/189235) Gemeente Haarlem, Kunst en cultuur, sterke pijlers van Haarlem. Cultuurnota Haarlem 2013-2020. Haarlem: 22-5-2013.
(registratienummer: 2013/133552) Gemeente Haarlem, Collegebesluit Uitvoeringsregeling Subsidieverlening combinatiefuncties. Haarlem, 2013. (registratienummer: 2013/358466) Gemeente Haarlem, Collegebesluit Brede Impuls Combinatiefuncties. Haarlem, 2014. (registratienummer: 2014/16804) Gemeente Haarlem, Agenda voor de Sport 2015-2019 ‘Samen Bewegen’. Haarlem, 2015. (registratienummer: 2015/29476) Gemeente Haarlem, Collegebesluit Brede Impuls Combinatiefuncties 2017. Haarlem, 2016. (registratienummer: 2016/418718) Gemeente Haarlem, Tussenevaluatie agenda voor de sport 2015-2019. Haarlem, september 2017. (registratienummer: 2017/242352) Gemeente Haarlem, Programmabegroting 2018-2022. Haarlem, 2017. (registratienummer: 2017/421025) Gemeente Haarlem, Nota lokaal volksgezondheidsbeleid 2017-2020. Haarlem, 2017. (registratienummer: 2017/232133) Gemeente Haarlem, Duurzaam doen. Daadkracht voor een groen, groeiend, sociaal en leefbaar Haarlem. Coalitieprogramma GroenLinks, PvdA, D66 en CDA Haarlem, 1 juni 2018. Gemeente Haarlem, Collegebesluit Brede Regeling Combinatiefuncties 2019-2022. Haarlem, 2018. (registratienummer: 2018/422959)
68
Gemeente Haarlem, Programmabegroting 2019-2023. Haarlem, 2018. (registratienummer: 2018/568234) Gemeente Haarlem, Beschikking verlening subsidie 2019; Buurtsportcoaches 1.0. Brief d.d. 11 december 2018 aan SportSupport. Gemeente Haarlem, Beschikking verlening subsidie 2019; Buurtsportcoaches 2.0. Brief d.d. 11 december 2018 aan SportSupport. Gemeente Haarlem, Beschikking verlening subsidie 2019 Combinatiefuncties. Brief d.d. 18 december 2018 aan Stichting Sint Bavo. Gemeente Haarlem, Beschikking verlening subsidie 2019 Combinatiefuncties. Brief d.d. 18 december 2018 aan Stichting De Wereld Kindertheater. Gemeente Haarlem, Beschikking verlening subsidie 2019. Brief d.d. 18 december 2018 aan Hart betreffende combinatiefunctionarissen. Gemeente Haarlem, Beschikking verlening subsidie 2019. Brief d.d. 19 december 2018 aan SRO Kennemerland BV betreffende combinatiefunctionaris schoolzwemmen. Gemeente Haarlem, Beschikking verlening subsidie Combinatiefuncties 2019. Brief d.d. 26 juni aan Stichting SportSupport Kennemerland en d.d. 1 juli 2019 aan Triple Threat. Gemeente Haarlem, Beschikking verlening subsidie Combinatiefuncties 2019 Combinatiefunctie Cultuur en Ouderen. Brief d.d. 20 augustus 2019 aan Stichting Hart. Gemeente Haarlem, Beschikking verlening subsidie Combinatiefuncties 2019. Brief d.d.
1 juli 2019 en 19 november 2019 aan Stichting Bibliotheek Zuid-Kennemerland betreffende community librarian respectievelijk cultuur in Schalkwijk. Gemeente Haarlem, Jaarverslag en Jaarrekening 2018. Haarlem, 2019. (registratienummer: 2019/261546) Gemeente Haarlem, Programmabegroting 2020-2024. Haarlem, 2019. (registratienummer: 2019/728363) Gemeente Haarlem, Samen voor de jeugd Haarlem. Haarlem, augustus 2019. (registratienummer: 2019/293272) Harmsel, L. ter en M. van Vilsteren, Combinatiefunctionarissen en buurtsportcoaches in Overijssel 2015. Provinciaal onderzoek naar de inzet van combinatiefunctionarissen en buurtsportcoaches. Zwolle: Sportservice Overijssel, 2015. Hart, Aanvraag Combinatieregeling 2019. Primair & Voortgezet onderwijs. Hart Cultuur in School. Haarlem, november 2018. Hart, Combinatieregeling 2018. Verantwoording. Primair onderwijs & Voortgezet Onderwijs. Hart Cultuur in School. Haarlem, juni 2019. Hart, Combinatieregeling 2019. Primair & Voortgezet onderwijs. Hart Cultuur in School. Tussentijdse verantwoording. Haarlem, september 2019. Kennispraktijk, Combinatiefuncties Langedijk: Kwaliteitsimpuls! Evaluatie van de inzet van combinatiefunctionarissen in Langedijk vanuit de Impuls Brede scholen, sport en cultuur. Langedijk: januari 2012. 69
Kennispraktijk, Evaluatieproject combinatiefuncties gemeente Leiden. Leiden, juni 2014. Landelijk Kennisinstituut Cultuureducatie en Amateurkunst, Tweede inventarisatie cultuurcoaches. Rapportage januari 2017. Utrecht, 2017. Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Junicirculaire gemeentefonds 2012. Den Haag, 2012. Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Decembercirculaire gemeentefonds 2018. Den Haag, 2018. Mulier Instituut (Lindert, C. van, A. Brandsema, V. Scholten en H. van der Poel), Evaluatie Buurtsportcoaches. “De Brede impuls combinatiefuncties als werkend proces”. Utrecht, oktober 2017. Mulier Instituut (Lindert, C. van en A. Brandsma (red.)), Bijlagenrapport: werkwijze naar type buurtsportcoach. Utrecht, oktober 2017. Mulier Instituut (Stam, W. van, C. van Lindert en A. Brandsema), Voortgangsrapportage Monitor Sport en Bewegen in de buurt 2018. Utrecht, oktober 2018. Mulier Instituut (Brandsema, A. en C. van Lindert), Factsheet evaluatieonderzoek naar de inzet van buurtsportcoaches 2018. Utrecht, 2018. Mulier Instituut (Stam, W. van en C. van Lindert), De inzet van buurtsportcoaches door gemeenten. Factsheet 2018/17. Utrecht, 2018. Mulier Instituut (Pulles, I., W. van Stam, E. Heijen, E. en C. van Lindert), Monitor Brede Regeling Combinatiefuncties. Utrecht, november 2019. Mulier Instituut (Stam, W. van en A.
Brandsema), Q&A monitoring en evaluatie rondom de inzet van buurtsportcoaches, websheet 2019/1. Utrecht, 2019. Mulier Instituut (Stam, W. van, A. Davids en C. van Lindert), Vragenlijst BRC Monitor. Utrecht, 2019. Nieuwe kansen voor buurtsportcoaches en cultuurcoaches. Brochure. Den Haag: Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, Vereniging Sport en Gemeenten, LKCA, VNG en Kenniscentrum Sport, 2018. Oberon, Beter minder, maar beter. Een onderzoek naar de meerwaarde van cultuurcoaches op brede scholen. Utrecht, september 2011. Oostrom-van der Meijden, S.A.W. van en A.L.C. Leijs, Monitor Effect Combinatiefuncties. Alblasserdam – De nulmeting. Dordrecht: Onderzoekscentrum Drechtsteden, juni 2012. Programma Sport en Bewegen in de Buurt, Buurtsportcoach ga zo door! Sport en bewegen in de buurt. De opbrengsten. Nieuwegein: Arko Sports Media, 2018. Sport & Bewegen in de Buurt, “Aan de slag met de buurtsportcoach” Eindrapport werkgroep flankerend beleid buurtsportcoaches. Den Haag, 26 juni 2012. Sport & Bewegen in de Buurt en Kenniscentrum Sport, Tipsheet duurzame en integrale lokale inzet van de buurtsportcoach. Den Haag/Ede, 2018. SRO, Aanvraag combinatiefunctionaris Schoolzwemmen 2019, Haarlem, 14-12-2018.
70
SRO, Verantwoording Combinatiefunctionaris Schoolzwemmen – 2018. Haarlem, 2019. Stichting De Wereld Kindertheater, Verslag Combinatiefunctie 2018. De Wereld Kindertheater. Haarlem, 2019. Stichting Sint Bavo, Rapportage Impuls brede school, sport en cultuur. Augustus – december 2018. Haarlem, maart 2019. Stichting SportSupport Kennemerland, “Samen actief, beleef het verschil”. Prestatieplan gemeente Haarlem 2016-2019. Stichting SportSupport Kennemerland, Productoverzicht SportSupport Kennemerland t.b.v. prestatieplan 2016-2019. Stichting SportSupport Kennemerland, Plan van aanpak BuurtSportCoach Statushouders Haarlem 2018. Stichting SportSupport Kennemerland, Jaarrapportage Uitvoeringsplan 2018 t.b.v. gemeente Haarlem. Stichting SportSupport Kennemerland, Halfjaarsrapportage Sport en bewegen 2019. Haarlem, 2019. Stichting SportSupport Kennemerland, Jaarrapportage Sport en Bewegen 2019. Haarlem, 2020. Team Sportservice, Herijking Sportagenda Haarlem. Bijdrage van Sport en Bewegen aan een gezonde, vitale, sociale samenleving. Haarlem, 1 augustus 2019. Triple Threat, Evaluatie 2019. Talentontwikkeling van jongeren in Schalkwijk en Haarlem-Oost. Haarlem, maart 2020. VNG e.a., Brochure Nieuwe kansen voor buurtsportcoaches en cultuurcoaches. Den Haag, 2018. Wajer, Simon, Lieke Salomé, en Annemieke van den Heuvel, Samenvatting Monitor Brede Impuls Combinatiefuncties 2017 (over 2017).
Den Haag: Vereniging van Nederlandse Gemeenten en BMC onderzoek, oktober 2017. Wajer, S., A. van den Heuvel, T. de Boer, Samenvatting Monitor Brede Impuls Combinatiefuncties 2018 (over 2018). Den Haag: Vereniging van Nederlandse Gemeenten en BMC onderzoek, oktober 2018.
71
BIJLAGE 2 GEÏNTERVIEWDE PERSONEN Gemeente Haarlem Merijn Snoek, Wethouder (CDA), portefeuille: Financiën, Sport en Openbare Ruimte Marie-Thérèse Meijs, Wethouder (GroenLinks), portefeuille: Zorg, Welzijn en Volksgezondheid, Wonen en Cultuur Martin Jonker, Concerncontroller/hoofd afdeling Concerncontrol Ivo Evers, Senior adviseur afdeling Concerncontrol (o.a. afdeling Jeugd Onderwijs en Sport) Paul Jongkees, Senior adviseur afdeling Concerncontrol (o.a. afdeling Economie, Cultuur, Duurzaamheid en Wonen) Conny Laan, Afdelingshoofd Jeugd, Onderwijs en Sport Sandrien van der Wal, Voormalig beleids-/accountmedewerker afdeling Jeugd, Onderwijs en Sport Michiel Lems, Senior beleidsadviseur afdeling Jeugd, Onderwijs en Sport Ginny Hamilton, Beleids-/accountmedewerker afdeling Jeugd, Onderwijs en Sport Leonie Schreurs, Beleids-/accountmedewerker afdeling Jeugd, Onderwijs en Sport Jorien Kaper, Afdelingshoofd Economie, Cultuur, Duurzaamheid en Wonen Anna Lamberts, Beleids-/accountmedewerker afdeling Economie, Cultuur, Duurzaamheid en Wonen Lokale partners en overige betrokkenen Bas de Wit, Senior manager sport & bewegen SportSupport Jessica Frans, Verenigingsondersteuner en buurtsportcoach volwassenen SportSupport Jochem de Boer, Coördinator sport & bewegen en senior buurtsportcoach SportSupport Lisa den Ouden, Buurtsportcoach jeugd SportSupport Frans
Funnekotter, Directeur Hart Daniëlle Koelemij, Manager Cultuur Hart Gabriëlle Schretzmeijer, Controller Hart Ruud Barnhoorn, Directeur Mgr. Huibersschool en verantwoordelijk voor de combinatiefunctionarissen bij 4 scholen bij Stichting Sint Bavo (sinds 1-1-2020 Stichting Twijs) Okrah Donkor, Oprichter en directeur Triple Threat Inge Thoes, Programmeur Bibliotheek Zuid-Kennemerland Winston Brandon, Vestigingsmanager Bibliotheek Schalkwijk Michiel Heimgartner, Bedrijfsleider zwembaden SRO Stefan Schulte, Combinatiefunctionaris SRO Inge Nypels, Zakelijk en artistiek leider De Wereld Kindertheater Tim Vreeburg, Docent Sport en Maatschappij bij opleiding Sportkunde bij Hogeschool Inholland Tjester Garst, Docent profiel Buurt, Onderwijs, Sport medewerker bij het CIOS, onderdeel van het Nova College Haarlem Christian de Ruijter, Directeur Don Boscoschool Silvia Homan, Directeur Liduinaschool locatie Junoplantsoen Marian Barzilay, Directeur Sint Bernardusschool Hans Rutte, Voorzitter Onze Gezellen Voetbal39 Ron Apeldoorn, Voorzitter Sportclub HLC Erik Puyt, Senior beleidsmedewerker bij Team Sportservice 39
Hans Rutte heeft vooral schriftelijk gereageerd.
72