CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

2 Bijlage - VTH Evaluatieprogramma 2024 Omgevingswet Haarlem en VTH Uitvoeringsprogramma 2025

commissie Bestuur 8 mei 2025, gemeente HaarlemBij agendapunt: 17:20 uur Evaluatie- en Uitvoeringsprogramma VTH 2024-2025 (JW/FR)14.720 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

VTH Evaluatieprogramma 2024 en Uitvoeringsprogramma 2025

1 maart 2025 Afdeling Vergunningen, Toezicht en Handhaving

1

Inhoud 1

Inleiding ...........................................................................................................................................4

1.1

Evaluatie- en Uitvoeringsprogramma voor afdeling VTH ............................................................4

1.2

Formatie-uitbreiding afdeling VTH ..............................................................................................4

Deel I – Evaluatieprogramma .......................................................................................................5 2

Inleiding ...........................................................................................................................................5

3

Grote projecten en opgaven ...........................................................................................................6

3.1

Aanpak onrechtmatige bewoning Bedrijventerrein Waarderpolder...........................................6

3.2

Project Woonwagenlocaties........................................................................................................6

3.3

Westelijk tuinbouwgebied...........................................................................................................6

3.4

Huisvesting en leegstand.............................................................................................................6

3.5

Legesverordening ........................................................................................................................8

4

Vergunningen ..................................................................................................................................9

4.1

Cijfers...........................................................................................................................................9

4.2

Relevante ontwikkelingen en trends .........................................................................................16

4.3

Speerpunten uit vorig uitvoeringsprogramma ..........................................................................17

5

Toezicht en Handhaving ................................................................................................................19

5.1

Cijfers.........................................................................................................................................19

5.2

Relevante ontwikkelingen en trends .........................................................................................23

5.3

Speerpunten vorig uitvoeringsprogramma ...............................................................................25

6

Speerpunten VTH-Uitvoeringsprogramma 2024 – Doelen en ambities ........................................27

6.1

Het op sterkte brengen van de formatie ...................................................................................27

6.2

Onboarden van nieuwe collega’s ..............................................................................................27

6.3

Verbeteren van de werkprocessen............................................................................................28

6.4

Verbeteren van de samenwerking (intern en extern) ...............................................................28

Deel II – Uitvoeringsprogramma.................................................................................................29 7

Inleiding .........................................................................................................................................29

8

Speerpunten en ambities voor 2025 .............................................................................................30

8.1

Wettelijke taken en relevante ontwikkeling..............................................................................30

8.2

Doelen en ambities....................................................................................................................34

9

Samenwerking met verbonden partijen........................................................................................36

9.1

De Omgevingsdienst IJmond (ODIJ)...........................................................................................36

9.2

Veiligheidsregio Kennemerland, Brandweer .............................................................................36

9.3

Veiligheidsregio Kennemerland, GGD .......................................................................................37

10

Borging financiële middelen......................................................................................................39

Deel III – Bijlagen .......................................................................................................................40 Bijlage 1 – Vergunningverlening, Toezicht & Handhaving.....................................................................40

2

11.1

Wettelijke basis .........................................................................................................................40

11.2

Reikwijdte werkzaamheden ......................................................................................................40

11.3

Geldende regelgeving als basis voor de uit te voeren taken.....................................................40

11.4

Algemene uitgangspunten in de werkwijze...............................................................................40

11.5

Beleidscyclus..............................................................................................................................41

11.6

Omgevingswet en Wkb..............................................................................................................41

11.7

Kwaliteitscriteria........................................................................................................................42

11.8

Het kwaliteitszorgsysteem VTH .................................................................................................43

11.9

Inspelen op actuele vraagstukken .............................................................................................43

11.10

Handhavingsstrategie ............................................................................................................43

11.11

Vormen van toezicht en handhaving.....................................................................................44

Bijlage 2 – Procescriteria beleidscyclus VTH-taken ...............................................................................45 12.1

Twee cycli: beleidsvormend en uitvoerend...............................................................................45

12.2

Big-8 model is een samenhangend geheel ................................................................................45

12.3

De procescriteria volgens de Omgevingswet ............................................................................45

12.4

Huidige regelgeving opgenomen via Invoeringswet .................................................................45

12.5

Randvoorwaarden hogere kwaliteit handhaving ......................................................................45

12.6

Beleidscyclus VTH onder de Omgevingswet..............................................................................46

3

1

Inleiding

Voor u liggen het VTH Evaluatieprogramma 2024 en het VTH Uitvoeringsprogramma 2025. Het Evaluatie- en Uitvoeringsprogramma zijn gebundeld in dit document om het verband tussen de twee programma’s aan te tonen. Door de evaluatie van 2024 vooraf te laten gaan aan het uitvoeringsprogramma voor 2025 wordt de relatie tussen beide documenten inzichtelijk. Het VTH Evaluatieprogramma 2024 richt zich op wat de afdeling VTH het afgelopen jaar heeft gedaan op het gebied van de VTH-taken. Het VTH Uitvoeringsprogramma 2025 richt zich vervolgens op de doelen, acties en ontwikkelingen op het gebied van de VTH-taken waar de afdeling zich in 2025 op zal gaan richten. Het document is opgedeeld in drie stukken. Het eerste deel (hoofdstuk 2 tot en met 6) beslaat het VTH Evaluatieprogramma 2024, terwijl het tweede deel (hoofdstuk 7 tot en met 10) bestaat uit het VTH Uitvoeringsprogramma. Tot slot bestaat het derde deel uit de bijlagen met daarin de meer beschrijvende onderdelen zoals de werkzaamheden en formatie van de afdeling. 1.1

Evaluatie- en Uitvoeringsprogramma voor afdeling VTH

Het werk op het gebied van de VTH-taken wordt in een keten uitgevoerd binnen de gemeente Haarlem. De afdeling VTH draagt samen met diverse disciplines de verantwoordelijkheid voor de VTH-taken. Deze disciplines zijn betrokken bij de inhoudelijke samenwerking op het gebied van bijvoorbeeld wonen, veiligheid en handhaving, milieu, duurzaamheid, omgevingsbeleid, parkeren, evenementen, standplaatsen en gebiedsbeheer. Hoewel de VTH-taken op een integrale wijze in de keten van de gemeente Haarlem worden uitgevoerd, is een groot deel belegd bij de afdeling Vergunningen, Toezicht en Handhaving (VTH). Dit Evaluatie- en Uitvoeringsprogramma richt zich dan ook voornamelijk op de afdeling VTH. Binnen de afdeling zijn de VTH-taken verdeeld over verschillende teams die elk een eigen teammanager hebben. Hierdoor wordt een scheiding tussen de vergunningverlening, het toezicht en de handhaving gewaarborgd. Naast de scheiding op de afdeling door middel van de verschillende teams, is er ook een scheiding in portefeuillehouders. De burgemeester is portefeuillehouder in het kader van toezicht en handhaving en een wethouder is portefeuillehouder voor vergunningen. De afdeling VTH is een van de drieëntwintig afdelingen bij de gemeente.

De afdeling bestaat uit vijf teams: Team Vergunningverlening, Team Toezicht & Handhaving, Team Procedures & Projecten, Team Advies & Ondersteuning en Team Afdelingsleiding. 1.2

Formatie-uitbreiding afdeling VTH

In 2023 heeft de gemeente Haarlem een onderzoek ingesteld om te onderzoeken of versterking nodig en mogelijk was voor het uitvoeren van de VTH-taken. Uit het onderzoek bleek dat er inderdaad extra capaciteit nodig was. De resultaten van het onderzoek zijn vervolgens ter informatie aan de raad aangeboden. De raad heeft de formatie-uitbreiding goedgekeurd in de Kadernota 2024. Het invullen van de vacatures neemt tijd in beslag, maar is in gang gezet. In 2024 is er ongeveer 6fte van de totale 32 beschikbare fte duurzaam ingevuld met nieuwe collega’s voor de afdeling. De verwachting is dat deze lijn in 2025 zal worden voortgezet en dat de verschillende uitstaande vacatures op een duurzame manier kunnen worden gevuld. In het voorliggende VTH Evaluatieprogramma 2024 en VTH Uitvoeringsprogramma 2025 wordt daarom uitgegaan van een toegenomen bezetting en formatie zoals formeel beschikbaar op 1 januari 2025.

4

Deel I – Evaluatieprogramma 2

Inleiding

In het evaluatieprogramma wordt teruggekeken naar het afgelopen jaar. Aan de hand van cijfers wordt het werk dat door de afdeling VTH is gedaan in het afgelopen jaar inzichtelijk gemaakt. Daarnaast worden relevante ontwikkelingen beschreven, evenals eventuele knelpunten waar de afdeling tegenaan is gelopen bij het uitvoeren van de VTH-taken. Bovendien wordt gereflecteerd op de speerpunten, doelen en ambities uit het Uitvoeringsprogramma 2024 en wat de afdeling op het gebied daarvan in het afgelopen jaar heeft gedaan. Omdat er al langere tijd signalen waren dat de productie en dienstverlening rondom de VTH-taken onder druk stonden, heeft Senze, in opdracht van de gemeente Haarlem, in het voorjaar van 2023 een onderzoek uitgevoerd naar de beschikbare capaciteit. Gebaseerd op de resultaten van dit onderzoek heeft de raad in de Kadernota 2024 32 extra fte toegekend voor de afdeling. In 2024 was een van de speerpunten voor de afdeling VTH dan ook het op sterkte brengen van de formatie en de bezetting van de afdeling. Daarnaast heeft de afdeling gewerkt aan het meer grip krijgen op het werk (een van de doelen zoals vastgesteld in het VTH-Beleidsplan 2024-2028) door meer inzicht te verkrijgen in de beschikbare middelen, taken en processen en deze (waar nodig) verder te optimaliseren of te updaten. De afdeling is hier eind 2023 mee begonnen en heeft deze lijn voortgezet in 2024.

In 2024 zijn er een aantal belangrijke ontwikkelingen geweest op de afdeling. Zo zijn op 1 januari 2024 de Omgevingswet en de Wkb ingegaan. In aanloop naar deze nieuwe wetten heeft de gemeente een aantal voorbereidingen getroffen om hier zo effectief en efficiënt mogelijk mee om te kunnen gaan. De Omgevingswet en de Wkb worden in hoofdstuk 4 verder beschreven. Verder zijn er op de afdeling in 2024 ook een aantal ‘wisselingen van de wacht’ geweest op het gebied van de teammanagers, de afdelingsmanager en de teamindeling. Zo is de teamindeling van de afdeling veranderd en zijn er twee nieuwe teammanagers gestart. De teamindeling is inmiddels als volgt – Team Vergunningen (onder leiding van Bianca Kramer), Team Procedures en Projecten (onder leiding van Jörgen Walman), Team Toezicht & Handhaving (onder leiding van Jordi Lansdaal), Team Advies & Ondersteuning (onder leiding van Ilonka van der Meer) en team Afdelingsleiding (onder leiding van Wijnand Stoeckart). De afdeling heeft ook een nieuwe afdelingsmanagers gekregen, Wijnand Stoeckart. Tot slot heeft de afdeling het afgelopen jaar ook gewerkt aan het ontwikkelen van een gedegen, afdelingsgericht onboardingsprogramma om de nieuwe collega’s welkom te heten en hen op een efficiënte en effectieve wijze in te werken. Het onboardingsprogramma wordt in hoofdstuk 6 verder beschreven.

In het volgende hoofdstuk (hoofdstuk 3) worden de grote projecten en opgaven van 2024 besproken. Daarna worden in de hoofdstukken 4 en 5 de cijfers, relevante ontwikkelingen en trends en de speerpunten uit het uitvoeringsprogramma voor 2024 voor vergunningen (hoofdstuk 4) en toezicht en handhaving (hoofdstuk 5) besproken. In hoofdstuk 6 worden tot slot de speerpunten met betrekking tot de doelen en ambities voor de afdeling VTH uit het Uitvoeringsprogramma 2024 geëvalueerd.

Deel I - Evaluatieprogramma

5

3

Grote projecten en opgaven

3.1

Aanpak onrechtmatige bewoning Bedrijventerrein Waarderpolder

Onrechtmatige bewoning op een bedrijventerrein brengt gevaren voor bewoners en bedrijven met zich mee. De afgelopen jaren heeft de gemeente de onrechtmatige bewoning in de Waarderpolder succesvol aangepakt. Doel van de handhaving is om door middel van maatwerk de onrechtmatige bewoning te doen beëindigen. Middels het handhavingsproject wordt het doel zichtbaar bereikt. Op de adressen die aangeschreven zijn, wordt de (onrechtmatige) bewoning op termijn gestaakt. Bij overbewoning en (brand)gevaarlijke situaties wordt de overtreding direct beëindigd door het sluiten van de bedrijfspanden. De 26 handhavingstrajecten die zijn opgestart in 2023, zijn in 2024 verder voortgezet. Daarnaast zijn er in 2024 17 nieuwe handhavingstrajecten opgestart. In 2 zaken zijn er opgelegde dwangsommen van rechtswege verbeurd en zijn hiervoor inmiddels de invorderingstrajecten opgestart. Er wordt middels een maatwerkaanpak gehandhaafd. Zo worden er (zienswijze) gesprekken gevoerd met bewoners en eigenaren, ruime begunstigingstermijnen gegeven en wordt er soepel omgegaan met verzoeken tot verlenging hiervan. Op basis van de resultaten kan geconcludeerd worden dat er al veel is bereikt. In de reguliere aanpak is de verwachting dat binnen twee jaar de resterende verdachte adressen van fase 2 van de handhaving worden nagelopen en zodanig opgepakt. De voortgang hiervan zal worden gerapporteerd.

De aanpak van de onrechtmatige bewoning en het tegengaan van adresfraude is één van de prioriteiten uit het Integraal Veiligheids- en Handhavingsbeleid. In 2025 zal dit project worden voortgezet als regulier werk en onderdeel van het handhavingsbeleid VTH. 3.2

Project Woonwagenlocaties

Vanwege beperkte capaciteit en een groot aantal projecten dat tijd en middelen vereiste, had het Project Woonwagenlocaties afgelopen jaar geen prioriteit. Er was daarom in 2024 geen actieve rol op het gebied van de VTH-taken en voor de afdeling VTH binnen het project Woonwagenlocaties. 3.3

Westelijk tuinbouwgebied

Een aantal jaar geleden was het westelijk tuinbouwgebied een locatie waar veel verschillende zaken speelden op het gebied van de VTH-taken, waardoor het extra aandacht en capaciteit vereiste. Echter is dit in de afgelopen jaren (2023 en 2024) afgenomen. In 2024 hebben er een aantal zaken gespeeld in het westelijk tuinbouwgebied. De handhaving is voortgezet en daarnaast worden er regelmatig gesprekken gevoerd met de stichting ‘Tuin van Haarlem’. 3.4

Huisvesting en leegstand

De druk op de woningmarkt heeft negatieve gevolgen voor de bestaande woningvoorraad en de leefbaarheid. De gemeente zet diverse instrumenten in om deze problemen te beheersen, zoals de huisvestings- en leegstandsverordening. Dit omvat voorrangsregels voor woonruimteverdeling, vergunningenstelsels voor woningvorming, kadastrale splitsingen en toeristische verhuur en specifieke verhuurvergunningen voor leegstand en opkoopbescherming. In 2024 is daar de ondersteuning van particuliere huurders op basis van de Wet goed verhuurderschap bijgekomen. In het Coalitieakkoord 2022-2026 zijn hiervoor de volgende actiepunten opgenomen:

Deel I - Evaluatieprogramma

6

1. Tegengaan van speculatie: Toepassen van juridische instrumenten tegen malafide beleggers, inclusief stad-brede opkoopbescherming; 2. Beheersen toerisme: Voorkomen dat toeristische verhuur (zoals Airbnb) de leefbaarheid schaadt; 3. Aanscherping regelgeving: Versterken van instrumenten voor huisvesting en vakantieverhuur en de regels voor woningvorming; 4. Handhaving leegstandsverordening: Extra capaciteit (2 fte) voor toezicht en handhaving in 2023 en 2024. In navolging op het Coalitieakkoord, de wijziging van de Huisvestingswet in 2021 en de invoering van de Wet Opkoopbescherming is de ‘Leegstandsverordening gemeente Haarlem 2022’ ingevoerd en is de ‘Huisvestingsverordening Zuid-Kennemerland/IJmond: Haarlem 2022’ aangepast. Hierdoor zijn extra vergunningsplichten ingevoerd, waardoor de afdeling VTH meer capaciteit nodig heeft. In 2023 zijn twee inspecteurs aangenomen. In 2024 is dit aantal met een nieuwe inspecteur uitgebreid naar drie inspecteurs huisvesting. Samen met twee handhavingsjuristen vormen zij het team huisvesting. Zij richten zich op vijf pijlers: 1. 2. 3. 4. 5.

Leegstand Opkoopbescherming Strijdig gebruik Strijdige splitsingen Particuliere vakantieverhuur

In het derde kwartaal van 2024 zijn daar taken in het kader van de Wet goed verhuurderschap bijgekomen. Samenwerking met bouwinspecteurs (voor technische aspecten) en Veiligheid en Handhaving (V&H) is essentieel. Vergunningen onder de leegstand- en huisvestingsverordening worden verleend door planbeoordelaars van team Vergunningen. Hieronder worden de vijf pijlers (kort) nader toegelicht. Leegstand Sinds eind 2022 is de leegstandsverordening vastgesteld en van kracht. Een van de doelen is inzicht krijgen in de leegstand van woningen, kantoren binnen de gemeentegrens en winkelpanden in de wijk ‘Oude Stad’. In 2024 lag, vanwege het grote woningtekort, de nadruk op leegstaande woningen. Naast een meldknop voor eigenaren (operationeel sinds oktober 2022) is er sinds mei 2024 ook een meldknop voor omwonenden. Halverwege 2024 kreeg de afdeling VTH toegang tot de leegstandcijfers via de woonfraudemonitor van de afdeling V&H, waarmee een gerichte aanpak per wijk mogelijk werd. Op basis van CBS rapportage (Jan Kersloot) kwam de wijk Haarlemmerhoutkwartier met de hoogste leegstandcijfers naar boven. Dit was aanleiding om deze buurten te prioriteren om te onderzoeken. Daarnaast wordt het Rozenprieel Zuid nog opgepakt. Woningcorporaties vormen een aparte doelgroep binnen leegstand. Woningcorporaties worden individueel aangesproken om leegstand van corporatiebezit beter te melden.

Opkoopbescherming Ter bescherming van betaalbare woningen zijn er gebieden aangewezen waar beleggers en speculanten geen woningen mogen kopen voor verhuur. Toezicht en handhaving hierop is complex vanwege AVG-wetgeving. In 2024 zijn de benodigde processen ingericht en datasets verbeterd in samenwerking met de afdeling DIA. Bureauonderzoek is uitgevoerd naar potentiële overtredingen bij Deel I - Evaluatieprogramma

7

koopwoningen uit 2022-2023 die potentieel onder de opkoopbescherming vallen. De uitkomsten van dit onderzoek zijn opgenomen in paragraaf 5.1.4. Bij een vermoeden van overtreding volgt een controle ter plaatse om eventuele strijdigheden daadwerkelijk te constateren en daar vervolgens op te handhaven. In 2025 wordt hier uitvoering aan gegeven. Strijdig gebruik Strijdig gebruik betreft overtredingen van het Omgevingsplan, zoals onrechtmatige bewoning en gebruik van panden met een andere bestemming dan wonen. Een terugkerend onderwerp hierin is het project ‘Onrechtmatige bewoning Bedrijventerrein Waarderpolder’ (zie ook hoofdstuk 3.1). Team huisvesting heeft in het vierde kwartaal van 2024 deelgenomen aan twee hercontroles binnen dit project. Daarnaast spelen thema’s zoals arbeidsmigranten een belangrijke rol binnen de stedelijke opgaven. De inspecteurs die samenwerking met de afdeling V&H, die zich richt op ondermijning, zijn ondersteunend op het gebied van bouw- en brandveiligheid. Strijdige splitsingen De vergunningplicht voor woningvormen en omzetten wordt ingezet om schaarse kleine eengezinswoningen en de schaarse goedkope en middeldure woningvoorraad te beschermen en om overlast te voorkomen. Strijdige splitsingen komen aan het licht via collega’s of via BAG-beheer naar aanleiding van aanvragen voor huisnummerbesluiten. Handhavingstrajecten zijn intensief en langdurig.

Enerzijds omdat er huurders betrokken zijn die hun woning verliezen, wat vraagt om coulante begunstigingstermijnen bij het opleggen van een last onder dwangsom. Anderzijds omdat de financiële consequenties van handhaving voor betrokken eigenaren dermate grote zijn dat zij veelvuldig in bezwaar en beroep gaan. Particuliere vakantieverhuur Toezicht op Airbnb-verhuur gebeurde in 2024 via externe inhuur. Voor 2025 is kennisoverdracht gepland, zodat vaste krachten toezicht en handhaving op dit gebied kunnen overnemen. 3.5

Legesverordening

De inwerkingtreding van de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) en de Omgevingswet per 1 januari 2024 brengt ingrijpende veranderingen met zich mee voor gemeentelijke processen, waaronder de financiering van vergunning- en toezichtstaken. In 2024 zijn verbeteringen in de legesverordening doorgevoerd. Echter is er nog een verbeterslag nodig in de legesverordening om deze optimaal af te stemmen op de nieuwe situatie. Daarom is eind 2024 opdracht gegeven aan adviesbureau Senze om een advies op te stellen ten aanzien van de kansen en mogelijkheden die de gemeente Haarlem nog heeft ten aanzien van de legesverordening. Op die manier kan de legesverordening optimaal worden afgestemd op de huidige situatie. Senze zal, samen met medewerkers van de gemeente Haarlem, een vernieuwde, juridisch houdbare en praktisch toepasbare legesverordening ontwikkelen, die voldoet aan de eisen van de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb), en die aansluit bij de gemeentelijke begroting en dienstverlening. Deze legesverordening zal ook worden geborgd zodat de verordening altijd actueel gehouden kan worden.

Deel I - Evaluatieprogramma

8

4

Vergunningen

4.1

Cijfers

4.1.1 Vergunningaanvragen In 2024 zijn in totaal 1613 omgevingsvergunningen aangevraagd. In de grafiek hieronder is te zien hoeveel daarvan zijn verleend, geweigerd of met een ander resultaat zijn afgerond. In de grafiek staan ter vergelijking dezelfde gegevens over 2023.

Omgevingsvergunningen

1800 1600 1400 1200 1000 800 600 400 200 0 Niet afgerond in zelfde jaar Vergunningsvrij of meldingsplichtig

2023 94 16

2024 380 35

Buiten behandeling Afgebroken of ingetrokken Van rechtswege verleend Geweigerd Verleend

76 101 5 117 1292

70 312 0 63 713

Verleend

Geweigerd

Van rechtswege verleend

Afgebroken of ingetrokken

Buiten behandeling

Vergunningsvrij of meldingsplichtig

Niet afgerond in zelfde jaar

Deel I - Evaluatieprogramma

9

In 2024 zijn er 2590 vergunningsaanvragen openbare ruimte binnengekomen.

Vergunningen openbare ruimte

3000

2500

2000

1500

1000

500

0 Niet afgerond in zelfde jaar Vergunningsvrij of meldingsplichtig

2023 7 99

2024 82 280

Buiten behandeling Afgebroken of ingetrokken Van rechtswege verleend Geweigerd Verleend

12 144 1 9 2582

12 195 0 15 1979

Verleend

Geweigerd

Van rechtswege verleend

Afgebroken of ingetrokken

Buiten behandeling

Vergunningsvrij of meldingsplichtig

Niet afgerond in zelfde jaar

Deel I - Evaluatieprogramma

10

4.1.2 Bezwaren en beroepen Er zijn in 2024 in totaal 246 bezwaren binnengekomen met betrekking tot een omgevingsvergunning. Zoals te zien is in onderstaande grafiek, is het aantal bezwaren op de verschillende onderdelen – omgevingsvergunningen voor bouwen, kappen, strijdig gebruik en overig – afgenomen ten opzichte van 2023.

Bezwaren m.b.t. omgevingsvergunning 250 200 150 100 50 0

Bouwen

Kappen

2023

220

38

Strijdig gebruik 5

2024

153

33

2

2023

Overig 96 58

2024

Bij de bezwaren met betrekking tot kappen gaat het vooral om bezwaren tegen het weigeren van een kapvergunning in plaats van tegen het verlenen van een kapvergunning. Er zijn in 2024 in totaal 54 beroepen binnengekomen met betrekking tot een omgevingsvergunning. Zoals te zien is in onderstaande grafiek, is het aantal beroepen op de verschillende onderdelen, met uitzondering van strijdig gebruik, afgenomen ten opzichte van 2023.

Beroepen m.b.t. omgevingsvergunning 60 50 40 30 20 10 0

Bouwen

Kappen

2023

53

5

Strijdig gebruik 0

2024

44

0

1

2023

Deel I - Evaluatieprogramma

Overig 16 9

2024

11

4.1.3 Brandveiligheid Vanaf 1 januari 2024 ging er een wetwijziging in waardoor alle vergunningplichtige inrichtingen in het kader van brandveiligheid overgegaan zijn naar meldingsplichtige inrichtingen. Vergunningsaanvragen die in 2023 ingediend waren en nog liepen zijn ten tijde van de wetswijziging, zijn afgehandeld als melding. In 2024 zijn er voor 69 locaties meldingen gedaan met betrekking tot brandveiligheid. Hiervan zijn er in 2024 67 afgehandeld. Gezien de wetwijziging die op 1 januari 2024 is ingegaan, waarbij alle vergunningplichtige inrichtingen in het kader van brandveiligheid overgegaan zijn naar meldingsplichtige inrichtingen, kan dit vergeleken worden met een optelsom van het aantal locaties waarvoor in 2023 een omgevingsvergunning aangevraagd is voor de activiteit brandveiligheid en het aantal locaties waarvoor in 2023 een melding brandveilig gebruik is gedaan, wat in totaal 52 is. Hier is dus sprake van een toename in 2024 ten opzichte van 2023.

Melding brandveiligheid

70 60 50 40 30 20 10 0

2023 21 31

Niet afgehandeld Afgehandeld

Afgehandeld

Deel I - Evaluatieprogramma

2024 2 67 Niet afgehandeld

12

4.1.4 Huisvesting en leegstand In onderstaande grafiek staan de cijfers van de vergunningen met betrekking tot huisvesting en leegstand.

Huisvesting en leegstand 120 100 80 60 40 20 0

2023 2024

Aanvraag tijdelijke vergunning verhuur

Verlenging tijdelijke vergunning verhuur

33 23

19 10 2023

Aanvraag verhuurvergunning opkoopbescherming 7 9

Aanvraag huisvestingsvergunning 111 34

2024

Van de 56 aanvragen voor een tijdelijke vergunning verhuur die in totaal zijn ingediend in 2023 en 2024, zijn 35 aanvragen ingediend voor woningen die bestemd zijn voor sloop of vernieuwbouw, voornamelijk vanuit woningcorporaties. De 10 eerder verleende tijdelijke vergunningen verhuur die in 2024 zijn verlengd betreffen allemaal aanvragen voor woningen die bestemd zijn voor sloop of vernieuwbouw. Deze vergunningen zijn eerder voor een periode van 2 jaar afgegeven en mogen vervolgens steeds met 1 jaar worden verlengd met een maximum van 7 jaar. Alle 9 verhuurvergunningen opkoopbescherming die in 2024 zijn aangevraagd, zijn verleend. Hiervan waren 6 vergunningen bestemd voor verhuur aan familie en 3 vergunningen voor tijdelijke verhuur van maximaal 12 maanden.

Deel I - Evaluatieprogramma

13

4.1.5 Kinderopvang In onderstaande grafiek staat afgebeeld hoeveel vergunningaanvragen er zijn ingediend voor kinderopvanglocaties en hoeveel van deze locaties er in totaal in het peiljaar waren. Hieraan is te zien dat hoewel het aantal aanvragen gelijk is gebleven, het totaal aantal kinderopvanglocaties in 2024 is afgenomen.

Kinderopvang 300

250

200

150

100

50

0 2023

29

Totaal aantal kinderopvanglocaties 285

2024

29

268

Vergunningaanvraag kinderopvang

2023

Deel I - Evaluatieprogramma

2024

14

4.1.6 Parkeren In onderstaande grafieken staan het aantal verleende, beëindigde parkeervergunningen, parkeerontheffingen en mantelzorgparkeervergunningen.

en

geweigerde

Zoals te zien in de grafieken, is er, ten opzichte van 2023, een toename in het aantal parkeervergunningen en -ontheffingen die zijn verleend, beëindigd en geweigerd in 2024.

Parkeervergunningen 3500 3000 2500 2000 1500 1000 500 0 2023 2024

Verleend 2829 3070

Beëindigd 2990 2920 2023

Geweigerd 75 121

2024

Parkeerontheffingen 2500 2000 1500 1000 500 0 2023 2024

Verleend 508 1101

Beëindigd 1848 2159 2023

Deel I - Evaluatieprogramma

Geweigerd 125 122

2024

15

Mantelzorgparkeervergunningen 14 12 10 8 6 4 2 0

Verleend 14 14

2023 2024

Beëindigd 1 0 2023

Geweigerd 5 0

2024

4.1.7 Bomen In 2024 zijn 134 vergunningsaanvragen voor het onderdeel kappen afgehandeld. Hiervan was bij 68 gevallen sprake van een herplantplicht.

Kapvergunningen

0 Ingetrokken Buiten behandeling

2024 21 1

Geweigerd Verleend

12 100

Verleend

4.2

Geweigerd

Buiten behandeling

Ingetrokken

Relevante ontwikkelingen en trends

4.2.1 Omgevingswet Sinds januari 2024 is de Omgevingswet van kracht. De komst van de Omgevingswet brengt een grote verandering in de werkwijze en de manier waarop de gemeente omgaat met de fysieke leefomgeving met zich mee. De afdeling heeft zich hier voorafgaand aan de komst van de Omgevingswet op voorbereid. Zo is de afdeling in 2023 overgestapt op een nieuw zaaksysteem, PowerBrowser, dat in 2024 verder is ontwikkeld, en zijn medewerkers opgeleid. Om te bepalen of de afdeling de Omgevingswet op een effectieve manier heeft geïmplementeerd in de processen, is opdracht gegeven een onderzoek uit te voeren naar de stand van zaken ten aanzien van de implementatie gestart. Dit onderzoek is uitgevoerd door het bureau BMC. Het onderzoek uit laten voeren door een extern onderzoeksbureau heeft een aantal belangrijke voordelen. Zo zorgt het Deel I - Evaluatieprogramma

16

ervoor dat de ervaringen die het bureau bij andere gemeenten heeft opgedaan kunnen worden meegenomen. Deze ervaringen kunnen vervolgens ook worden meegenomen in de evaluatie en kunnen als input dienen voor het verder optimaliseren van de implementatie van de Omgevingswet bij de Gemeente Haarlem. Daarnaast is het voorgenoemde onderzoek van belang omdat het inzicht geeft in de huidige situatie. Het vertelt meer over de staat van de implementatie van de Omgevingswet bij de gemeente Haarlem, in hoeverre de in gang gezette ontwikkelingen op elkaar zijn afgestemd en wat de mogelijke verbeterpunten en aanbevelingen zijn. BMC heeft inmiddels de resultaten van haar onderzoek gedeeld met de afdeling VTH in het rapport ‘Kansen benutten’. Het rapport stelt dat, vanuit de strategie-pijler, de gemeente Haarlem er goed voor staat. Tegelijkertijd wordt ook geconstateerd dat er nog kansen zijn. Deze kansen bevinden zich vooral in de overgang van papier naar praktijk. BMC doet een aantal voorstellen voor verbetermogelijkheden aan de hand van verschillende pijlers (strategie, structuur en cultuur), waaronder het opzoeken van (verticale) integraliteit, het afstellen van de doelstellingen van de verschillende betrokken teams en afdelingen, het opzoeken van samenhang in het werkproces en het gebruiken van eenduidige taal.

Aan de hand van deze verbetermogelijkheden en met de informatie die is opgehaald door BMC zal de afdeling de komende jaren, in samenwerking met andere afdelingen, werken aan het versterken van het Omgevingswet-proof functioneren van de gemeente Haarlem. 4.2.2 Parkeren Door een wisseling in systemen is er in 2022 een achterstand ontstaan in de facturatie van vergunningen en ontheffingen op het gebied van parkeren. Deze achterstand met betrekking tot de facturatie voor de vergunningen is voor de ontheffingen en vergunningen in 2024 zo goed als hersteld. In deze periode is de achterstallige facturatie voor 2023 en 2024 afgehandeld, waarbij het laatste deel van 2024 (half november tot eind december) eind januari 2025 wordt gefactureerd. Het bezoekersparkeren voor 2024 moet nog gefactureerd worden. Het moment van facturatie wordt in afstemming met Cocensus besloten. Naar verwachting zal dit in het eerste kwartaal van 2025 worden afgerond. 4.3

Speerpunten uit vorig uitvoeringsprogramma

4.3.1 Aansluiting gemeentelijk beleid en landelijke wet- en regelgeving In de vergunningverlening wordt met enige regelmaat geconstateerd dat gemeentelijke verordeningen en beleidsregels niet, of niet goed, aansluiten op elkaar en/of op landelijke wet- en regelgeving. Daardoor kan het lastig zijn om een vergunningaanvraag goed te beoordelen. In het VTH-Beleidsplan 2024-2028 evenals het VTH Evaluatie- en Uitvoeringsprogramma 2023-2024 staat benoemd dat de afdeling, in samenwerking met andere afdelingen, wil werken aan het ontwikkelen van een systematiek om deze constateringen – conform de Big-8 – terug te koppelen richting de beleidsontwikkelende teams. Zoals gesteld in de onderzoeksresultaten van BMC, is het ondanks de ambities van de afdeling (en andere afdelingen) nog niet gelukt om de beleidscyclus te sluiten. Dit blijft een punt van aandacht voor de aankomende periode.

Deel I - Evaluatieprogramma

17

4.3.2 Vooroverleg Een van de ideeën achter de Omgevingswet is dat initiatiefnemers sneller duidelijkheid kunnen krijgen over de haalbaarheid van hun plannen voor in de fysieke leefomgeving. Het vooroverleg speelt hier een belangrijke rol in. Middels het vooroverleg kunnen initiatiefnemers hun plan (voor)bespreken met het bevoegd gezag, voordat zij een aanvraag indienen. Daarna kunnen zij een definitieve aanvraag indienen, die vervolgens binnen de gestelde termijn van acht weken kan worden afgehandeld. Vooruitlopend op de Omgevingswet is al in 2023 bepaald dat het vooroverleg – in een nog nader te bepalen vorm – opnieuw moet worden ingevoerd. In het VTH-Beleidsplan 2024-2028 is het invoeren van een vooroverleg geïnitieerd door de afdeling VTH een van de speerpunten. Binnen de organisatie zijn er reeds verscheidene vormen van vooroverleg die zich richten op projecten van verschillende schaalgrootte en fasen in het proces. Er is in 2024 een projectgroep opgesteld die het vooroverleg vorm geeft binnen de afdeling VTH. Het gaat hierbij om het informatieverzoek en het behandelen van de conceptaanvraag/principeverzoek. Daarbij wordt nauw samengewerkt binnen de gemeente. In 2024 is vooral gekeken naar hoe het vooroverleg past binnen of naast de overige vooroverleg-structuren binnen de organisatie en wat er allemaal nodig is om een duurzaam en lopend proces neer te zetten.

In 2025 wordt verder vorm gegeven aan dit proces.

Deel I - Evaluatieprogramma

18

5

Toezicht en Handhaving

5.1

Cijfers

5.1.1 Toezicht n.a.v. omgevingsvergunning In 2024 zijn 619 toezichtzaken in de bouwfase afgerond. Dit gaat om toezichtzaken naar aanleiding van een omgevingsvergunning. In 21 gevallen hiervan was er sprake van het onderdeel brandveiligheid en in 149 gevallen betrof het een monument. Zoals in onderstaande grafiek te zien is, is er een groot verschil in het totaal aantal afgeronde toezichtzaken in 2023 en in 2024. Dit heeft ermee te maken dat in 2023, in verband met de migratie naar het nieuwe zaaksysteem, de administratieve achterstand in het systeem is weggewerkt en dus veel oudere zaken die nog open stonden zijn afgesloten.

Toezichtzaken tijdens bouwfase

1200 1000 800 600 400 200 0 Brandveiligheid aan de orde Monument aan de orde

2023 18 178

2024 21 149

Overig

971

449

Overig

Monument aan de orde

Brandveiligheid aan de orde

Naar aanleiding van afgegeven huisnummerbesluiten zijn daarnaast 17 locaties voor controle bezocht. Hierbij zijn ook huisnummerbesluiten meegerekend die in 2023 zijn gestart. 5.1.2 Overig toezicht Brandveiligheid In 2024 zijn er 42 controles op brandveiligheidsmeldingen uitgevoerd. Het gaat hierbij om de door de Veiligheidsregio Kennemerland (VRK) en door de afdeling VTH uitgevoerde controles. In 2024 zijn voor het eerst toezichttaken specifiek voor brandveiligheid afgehandeld door de afdeling VTH. Deze zaken zijn het gevolg van een verschuiving van taken en verantwoordelijkheden tussen de VRK en de afdeling VTH. Evenementen In 2024 zijn er 11 toezichtzaken bij een evenement afgerond en zijn er in totaal 18 controlerondes geweest.

Deel I - Evaluatieprogramma

19

Signaaltoezicht In 2024 zijn 355 klachten en meldingen in behandeling genomen door de afdeling VTH. Het aantal binnengekomen klachten en meldingen dat in behandeling is genomen door de afdeling VTH is ten opzichte van het voorgaande jaar iets afgenomen (390 klachten en meldingen in 2023). Het overgrote deel van de meldingen heeft betrekking op bouwwerkzaamheden in de onmiddellijke omgeving van de melder. Veelal is de klacht en/of melding terug te voeren tot de vraag of een vergunning of ontheffing is afgegeven voor de activiteiten die plaatsvinden.

Toezicht 400 350 300 250 200 150 100 50 0

2023 2024

Toezicht n.a.v. brandveiligheidsmel dingen 40 42

Toezicht op evenementen

Klachten en incidentmeldingen

21 11

390 355

2023

2024

5.1.3 Handhaving In sommige gevallen volgde uit het toezicht een handhavingstraject. De precieze aantallen hiervan ontbreken echter, aangezien er geen eenduidige wijze van vastleggen is gehanteerd waardoor het niet mogelijk is een sluitende export te maken. Naar schatting gaat het om en nabij de 90 stilleggingen al dan niet in combinatie met een last onder dwangsom. Op 4 locaties is een dwangsom zonder stillegging opgelegd. Er zijn 3 locaties waar een last onder bestuursdwang is toegepast. Op 2 locaties is er een bestuurlijke boete opgelegd. 5.1.4 Huisvesting Leegstand In 2024 zijn er 50 adressen opgenomen in de leegstandslijst, ten opzichte van 15 in 2023. Het aantal meldingen, en daarmee het aantal geregistreerde leegstanden, is significant gestegen ten opzichte van 2023. Een groot deel van de meldingen komt vanuit woningcorporaties (36%), wat duidt op een sterkere samenwerking. Het afhandelingspercentage is echter gedaald. In 2023 was het afhandelingspercentage nog 67% (10 van de 15 meldingen zijn afgehandeld). Van de 50 meldingen in 2024 zijn er echter 9 afgehandeld, wat een afhandelingspercentage van 18% betekent. 23 adressen zijn nog in behandeling, 2 panden staan te koop en er zijn nog 14 adressen lopend via woningbouwcorporaties.

Dit wijst op meer complexe of langdurige dossiers, zoals verbouwingen (10 adressen) en juridische zaken, of dat de eigenaar in een verzorgingstehuis of kliniek (tijdelijk) woont. Dit laatste vraagt ook om verder onderzoek en mogelijk aanvulling op het beleid hoe hier mee om te gaan.

Deel I - Evaluatieprogramma

20

Leegstand meldingen 20 15 10 5 0 2023

Meldingen door eigenaren 4

Meldingen door omwonenden 5

Meldingen via collega's 6

2024

20

16

13

2023

2024

Strijdige splitsing In 2024 zijn er 11 handhavingsbesluiten genomen waarbij sprake was van strijdige splitsing. In 2023 waren dit er nog 3.

Handhavingstrajecten strijdige splitsing

12 10 8 6 4 2 0 Handhavingstrajecten strijdige splitsing

2023

2024

3

11

Particuliere vakantieverhuur In 2024 zijn er 8 handhavingszaken gestart met betrekking tot particuliere vakantieverhuur. Dit is een daling ten opzicht van 2023, zoals te zien is in onderstaande grafiek.

Deel I - Evaluatieprogramma

21

Handhaving particuliere vakantieverhuur

30 25 20 15 10 5 0

2023

2024

Nog lopend handhavingstraject

5

4

In orde na waarschuwing

23

4

In orde na waarschuwing

Nog lopend handhavingstraject

5.1.5 Kinderopvang In 2024 zijn er 249 inspecties uitgevoerd bij locaties voor kinderopvang in Haarlem door de GGD. Dit heeft geresulteerd in 45 handhavingstrajecten, uitgevoerd door de juristen van VTH. Nog niet alle rapporten van 2024 zijn binnen bij de gemeente. Het totale aantal zal dus nog wat toenemen. In onderstaande grafieken staan de aantallen uitgesplitst per type kinderopvanglocatie.

Kinderopvang inspecties door GGD

250 200 150 100 50 0

2023

2024

Nieuwe verblijf gastouderopvang

18

18

Bestaande verblijf gastouderopvang

50

28

Kinderdagverblijven Gastouderbureaus

93 4

74 0

Buitenschoolse opvang

84

69

Buitenschoolse opvang

Gastouderbureaus

Kinderdagverblijven

Bestaande verblijf gastouderopvang

Nieuwe verblijf gastouderopvang

Deel I - Evaluatieprogramma

22

Handhavingstrajecten kinderopvang

50 45 40 35 30 25 20 15 10 5 0 Verblijf gastouderopvang Kinderdagverblijven

2023 3 20

2024 0 25

Gastouderbureaus Buitenschoolse opvang

1 23

0 20

Buitenschoolse opvang

Gastouderbureaus

Kinderdagverblijven

Verblijf gastouderopvang

5.1.6 Bomen In 2024 zijn er 37 locaties waarbij aan de herplantplicht van eerder verleende vergunningen is voldaan. Het betreft hier vergunningen die zowel in als reeds voor 2024 zijn verleend. 5.2

Relevante ontwikkelingen en trends

5.2.1 Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) Naast de Omgevingswet is ook de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) op 1 januari 2024 ingegaan. De Wkb zorgt voor een andere rol voor gemeenten in het bouwtoezicht. Het toetsen van bouwplannen en het toezicht houden tijdens bouwprojecten zal in bepaalde gevallen door de markt worden uitgevoerd, door de daarvoor aangestelde kwaliteitsborger. Dit zou er op termijn toe kunnen leiden dat er werkzaamheden bij de gemeente worden weggenomen, al is de verwachting dat hier andere, administratieve taken voor in de plaats zullen komen. Echter blijft de gemeente verantwoordelijk voor omgevingsveiligheid en de veiligheid van het bouwwerk en/of risico’s op schade aan de leefomgeving, volksgezondheid en natuur. Vooralsnog is de impact van de Wkb voor de afdeling VTH beperkt. Dit heeft als reden dat de Wkb gefaseerd wordt ingevoerd, waarbij vooral de laatste fases (veel) impact hebben op de afdeling en haar werkzaamheden. 5.2.2 Evenementen De afdeling VTH ziet momenteel toe op de zogenoemde C-evenementen en alle evenementen waarop de afdeling bouwwerken ziet die een risico (kunnen) geven. Het is hierbij belangrijk op te merken dat het niet gaat om alle evenementen in Haarlem, maar juist om een selectie van de meest risicovolle evenementen.

Deel I - Evaluatieprogramma

23

In 2023 waren op het gebied van evenementen reeds een aantal ontwikkelingen te zien. Een van deze ontwikkelingen was een toename in het aantal evenementen. Deze trend heeft zich in 2024 voortgezet. Wat opvalt is dat het toezicht op evenementen een steeds grotere capaciteitsclaim doet bij de bouwinspecteurs van de afdeling VTH. De impact bij fouten is groter en de tijdsdruk bij organisatoren is enorm. Aan het aantal opmerkingen dat de bouwinspecteurs maken op bouwwerken en constructies, is te zien dat de kans op fouten met verregaande gevolgen toeneemt. 5.2.3 Monumenten De toezichttaak met als doel de bescherming van monumenten is tweeledig. Aan de ene kant gaat het om constateren wanneer iemand iets gaat wijzigen, door middel van gebiedsgericht toezicht in met name de binnenstad. Aan de andere kant gaat het om vergunningen waarop de afdeling voor de activiteit monumenten het toezicht doet. In de werkelijkheid blijken de papieren vergunningen en de praktijk vaak van elkaar te verschillen op uitvoeringsdetails. Er worden buiten vaak nieuwe zaken ontdekt die op papier nog niet bekend waren. Het is daarom van belang om zorgvuldig om te gaan met de capaciteit die op dit onderwerp wordt ingezet om op die manier vertragingen te beperken, maar tegelijkertijd ook onomkeerbare schade te voorkomen.

5.2.4 Kinderopvang – Controles GGD Gemeenten zijn volgens de Wet Kinderopvang verantwoordelijk voor het toezicht op de handhaving van de kwaliteit van de kinderopvangvoorzieningen. De feitelijke uitvoering van de inspecties ligt bij de Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst (GGD) van de Veiligheidsregio Kennemerland (VRK). De GGD houdt dus namens de gemeente toezicht op de kinderopvang. De GGD brengt in dit kader inspectierapporten uit, die in de bestaande landelijke gebruikers- en uitvoeringssystemen – het Landelijk Register Kinderopvang (LRK) en de Gemeenschappelijke Inspectie Ruimte (GIR) – worden geplaatst. Eventuele handhavingsacties, voortvloeiend uit de inspecties, worden door de gemeente uitgevoerd. Kort terugkijkend op het afgelopen jaar kan worden geconcludeerd dat het jaar naar verwachting is verlopen. Volgens de afspraken die door de gemeente met de GGD zijn gemaakt, hebben er bij alle kindercentra en 50% van de gastouders werkzaam in de gemeente Haarlem onderzoeken plaatsgevonden. De gemeente heeft hierover adviezen van de GGD ontvangen of deze adviezen komen nog binnen. Naast deze onderzoeken, hebben er ook onderzoeken voor en na registratie van nieuwe locaties plaatsgevonden. Begin 2025 worden de uitgevoerde onderzoeken geëvalueerd en wordt de gemeente geïnformeerd over het geheel van de uitgevoerde toezichttaken.

In december 2024 heeft de Inspectie van het Onderwijs de jaarlijkse risicoanalyse uitgevoerd. Daarbij wordt gekeken naar het jaar ervóór, dus 2023. Bij deze analyse is nagegaan of er risico’s zijn in de uitvoering van de taken die de gemeente krachtens de Wet Kinderopvang in medebewind heeft gekregen voor het jaar 2023. Hieruit blijkt dat zij geen aanleiding zien voor verder onderzoek. Hiermee kunnen we stellen dat de gemeente Haarlem heeft aangetoond in 2023 te hebben voldaan aan de weten regelgeving, waaronder de Wet Kinderopvang. Voor het jaar 2024 zal later (eind 2025) een risicoanalyse door de inspectie worden uitgevoerd nadat de gemeente Haarlem de jaarverantwoording toezicht en handhaving kinderopvang (voor 1 juli 2025) heeft aangeleverd. Flexibiliteit van de inspectieactiviteit Het toezicht in 2024 heeft in het teken gestaan van de zogenaamde flexibele inspectieactiviteit en de intensivering van het toezicht op de gastouderopvang. Wat betreft de flexibele inspectieactiviteit heeft de GGD Kennemerland, in afstemming met de gemeenten in de regio, de inspecties meer risicogestuurd ingericht evenals thematisch. Er wordt maatwerk geboden bij het toezicht, waarbij de Deel I - Evaluatieprogramma

24

inspectiegeschiedenis (tekortkomingen) en de thema’s waar zorg over zijn het uitgangspunt van de inspectie vormen. Daarnaast maken de verplichte voorwaarden altijd deel uit van de inspectie. Door flexibel toezicht worden over de jaren meerdere kwaliteitseisen getoetst waardoor er een breed beeld wordt gevormd over de kwaliteit van de opvanglocatie. Investering in nieuwe wetgeving Toezichthouders hebben in 2024 tijd geïnvesteerd in het meenemen van nieuwe regelgeving bij ieder jaarlijks onderzoek. Eind 2024 kan gesteld worden dat deze investering loont. De nieuwe kwaliteitseisen van 2023 worden op deze manier geborgd in het huidige beleid van de kinderopvang, wat als gevolg heeft dat er minder handhaving en minder nadere onderzoeken nodig zijn. 5.2.5 Huisvesting De afgelopen jaren heeft de gemeente de onrechtmatige bewoning in de Waarderpolder succesvol aangepakt. Het doel van de handhaving is om de onrechtmatige bewoning te doen beëindigen. Er is te zien dat met het handhavingsproject dit doel wordt bereikt. Op de adressen die aangeschreven zijn, is de (onrechtmatige) bewoning gestaakt. Bij overbewoning en (brand)gevaarlijke situaties wordt de overtreding direct beëindigd door het sluiten van de bedrijfspanden. 5.3

Speerpunten vorig uitvoeringsprogramma

5.3.1 Werving nieuwe toezichthouders brandveiligheid en huisvesting Het team Toezicht en Handhaving heeft een aantal nieuwe collega’s op het gebied van huisvesting aangenomen. Deze nieuwe collega’s versterken het huisvestingsteam van de afdeling. De afdeling zal in het komende jaar werken aan het werven van nieuwe collega’s op het gebied van brandveiligheid. 5.3.2 Versterken handhavingsarrangement In 2024 is de afdeling, in samenwerking met een aantal andere afdelingen, bezig geweest met het versterken van het handhavingsarrangement. De bredere samenwerking heeft aan deze versterking bijgedragen omdat er daardoor meer middelen beschikbaar kwamen om mee te handhaven. Het versterkte handhavingsarrangement was onder andere terug te zien in de aanpak rondom (illegaal) vuurwerk in de gemeente Haarlem, het verbeterplan Transvaal, de aanpak in het Rozenprieel en de aanpak van de Zijlweg, waarbij de afdeling nauw samen heeft gewerkt met andere afdelingen waaronder V&H en JZ. 5.3.3 Bestuurlijke boete De bestuurlijke boete is het afgelopen jaar een aantal keer ingezet met wisselend succes. Het wisselende succes was te danken aan de juridische complexiteit van het opleggen van een bestuurlijke boete. Ondanks het wisselende succes van de bestuurlijke boete, wil de afdeling deze lijn in 2025 doorzetten en deze dan ook (in toenemende mate) toepassen.

De reden hiervoor is dat in de handhaving gemerkt wordt dat de huidige sanctieinstrumenten in de markt ontoereikend zijn voor bewuste overtreders. Bestuurlijke boetes vormen in deze gevallen een mooie aanvulling op de herstellende sanctieinstrumenten zoals de last onder dwangsom en de last onder bestuursdwang. De bestuurlijke boete is een passende manier om overtreders af te schrikken en overtredingen op een effectieve wijze te voorkomen en aan te pakken.

Deel I - Evaluatieprogramma

25

5.3.4 Langdurige handhavingstrajecten en grote opgaven In 2023 was er op het gebied van langdurige handhavingstrajecten en grote opgaven een stijging te zien. De verwachting was dat deze stijging zich in 2024 voort zou zetten. Met dat in gedachten was het voor de afdeling van belang om in die gevallen kritisch te reflecteren op de rol die de toezichthouders en handhavers in deze projecten en opgaven moesten en konden spelen. Het doel was daarbij om bij de eigen rechtsmiddelen te blijven en risicogericht te werken. Waar mogelijk en wanneer het bijdroeg aan de kwaliteit van de uitvoering van de VTH-taken, werd er zoveel mogelijk opgetrokken en afgestemd met de andere disciplines. De toezichthouders en handhavers waren meer gericht op legalisatie en maakten daarbij gebruik van vooronderzoek. Als uit het vooronderzoek bleek dat er geen kans was op legalisatie, werd er ook niet begonnen aan de vergunningaanvraag. Dit had als gevolg dat de trajecten minder lang werden. De bedoeling is om deze lijn in 2025 voort te zetten.

Deel I - Evaluatieprogramma

26

6 Speerpunten VTH-Uitvoeringsprogramma 2024 – Doelen en ambities De afdeling VTH heeft zich in 2024 ook bezig gehouden met het werken aan de doelen die zij voor zichzelf heeft gesteld in het VTH-Beleidsplan 2024-2028. In het beleidsplan zijn een aantal doelen vastgesteld waar de afdeling gedurende vier jaar aan gaat werken, namelijk het verkrijgen van inzicht, het optimaliseren van de processen van de VTH-taken en het ontwikkelen van de organisatie rondom de VTH-taken. 6.1

Het op sterkte brengen van de formatie

De raad heeft vanaf 2024 formatie beschikbaar gesteld om meer capaciteit te creëren op de VTHtaken. In 2024 is er ongeveer 6fte van de beschikbare 32 fte duurzaam ingevuld met nieuwe collega’s voor de afdeling. De verwachting is dat deze lijn, ondanks de krapte op de arbeidsmarkt en de moeilijkheid in het vinden van nieuwe collega’s met het juiste profiel, in 2025 zal worden voortgezet en dat de verschillende uitstaande vacatures op ten duur op een duurzame manier kunnen worden gevuld. Er wordt daarbij rekening gehouden met de diversiteit in de teams op het gebied van ervaring en kennis. Er wordt gewaakt voor kennisuitwas door in te zetten op onderlinge begeleiding en het aanbieden van opleidingen. Naast de nieuwe vaste collega’s zijn er een aantal collega’s deta-vast gestart in 2024. Over het algemeen kan daarmee worden gesteld dat de afdeling inmiddels ongeveer een derde van haar wervingsopgave heeft vervuld. Al is het daarbij belangrijk om op te merken dat er tevens collega’s afscheid hebben genomen, waarmee de wervingsopgave groter is dan alleen uitbreiden en ook nieuwe ontstane vacatureruimte (als gevolg van bijvoorbeeld pensionering) beslaat. 6.2

Onboarden van nieuwe collega’s

Om de nieuwe collega’s op een gerichte wijze in te kunnen werken zodat zij snel hun draai vinden op de afdeling en in het werk, evenals om hen welkom te heten op de afdeling, heeft de afdeling in 2024 een eigen onboardingsprogramma ontwikkeld. Het onboardingsprogramma bestaat uit een aantal onderdelen en is bedoeld als aanvulling op het gemeentebrede onboardingsprogramma. Het onboardingsprogramma beslaat de eerste 100 dagen bij de afdeling VTH waarin de nieuwe medewerkers bijgestaan worden door een buddy en regelmatig contact hebben met hun teammanager. De nieuwe collega’s ontvangen een welkommail met daarin informatie over hun eerste werkdag en een onboardingsdocument met daarin informatie over de gemeente Haarlem (en Zandvoort), de afdeling VTH en hun nieuwe team. Daarnaast bevat dit document ook informatie over de opdrachten die onderdeel zijn van het onboardingsprogramma – de ontwikkelopdracht en de verwonderingsopdracht. Beide opdrachten zijn gericht op het helpen ontwikkelen en begeleiden van de nieuwe medewerkers en het leren van hun inzichten (zowel de positieve observaties als de verbeterpunten). Het nieuwe onboardingsprogramma wordt sinds september 2024 aangeboden aan nieuwe medewerkers bij de afdeling VTH. De feedback van nieuwe collega’s is positief.

Zij waarderen de informatie die zij krijgen toegestuurd, de momenten die zijn ingepland met de teammanagers en buddies en merken over het algemeen op dat zij zich welkom voelen op de afdeling. Op basis van de verdere feedback zal het onboardingsprogramma in de komende periode worden aangescherpt en verbeterd.

Deel I - Evaluatieprogramma

27

6.3

Verbeteren van de werkprocessen

Gezien de extra capaciteit, is er ruimte ontstaan om te kunnen werken aan de in het VTH-Beleidsplan gesteld doelen en zo toe te werken naar de visie op de VTH-taken zoals in het beleidsplan vastgesteld. Er zijn een aantal projectgroepen gestart die zich richten op het verbeteren van de werkprocessen en de producten, zoals de omgevingsvergunning en andere sjablonen. Er is bovendien, zoals eerder vermeld, een projectgroep gestart die zich bezig houdt met het inrichten van het proces rondom het vooroverleg. Daarnaast is er gewerkt aan het verkrijgen van inzicht in de werkzaamheden van de afdeling. Zo wordt momenteel gewerkt aan het maken van een digitaal dashboard, waar data overzichtelijk weergegeven wordt. Het doel hiervan is dat met name het management en de procesmanagers inzicht hebben in onder andere de werkvoorraad, de gemiddelde doorlooptijden en het aantal afgehandelde zaken en dat zij dit kunnen gebruiken als stuurinformatie. Om verder grip te krijgen op de werkzaamheden, is een aantal medewerkers van de afdeling bovendien gestart met het creëren van een tool waarin bedrijfs- en werkprocessen duidelijk weergegeven en geborgd kunnen worden en waar tevens bijbehorende informatie, zoals gedetailleerde procesdocumentatie, inclusief procesbeschrijvingen en werkinstructies, geplaatst kan worden. 6.4

Verbeteren van de samenwerking (intern en extern)

Een ander speerpunt van het afgelopen jaar voor de afdeling was samenwerking. Het ging daarbij om het (meer) opzoeken van samenwerking met andere afdelingen uit het fysieke domein en daarbuiten, evenals het verder verbeteren van de bestaande samenwerkingen met de verschillende afdelingen en externe samenwerkingspartners (e.g., ODIJ en VRK). Terugkijkend op het afgelopen jaar, kan worden gesteld dat de afdeling hier flinke stappen in heeft gemaakt. In de samenwerking met verschillende afdelingen en partners is te zien hoe dit naar een hoger niveau is getild en hoe er nieuwe vormen van samenwerking zijn ontstaan. Een opvallend voorbeeld hiervan is de samenwerking met de politie, justitie en de afdeling V&H in de Waarderpolder die in het afgelopen jaar naar een hoger niveau is getild, doordat er een structureel samenwerkingsverband is opgesteld met een focus op ondermijning en strijdig gebruik. De partijen weten elkaar nu beter te vinden, kunnen elkaar gemakkelijk bevragen en kennis en kunde met elkaar uitwisselen. Een ander voorbeeld is de samenwerking met de afdeling PCM op het gebied van de verschillende omgevingstafels die zijn georganiseerd voor specifieke PCMprojecten en die door zowel interne als externe deelnemers als succesvol zijn ervaren.

Tot slot is er ook de verbeterde samenwerking met afdelingen als OMB en JZ, waar in het afgelopen jaar regelmatiger overleggen mee zijn geweest. Deze verschillende voorbeelden beschrijven situaties waar een positieve bijdrage is geleverd aan de samenwerking. Over het algemeen is te merken dat de verschillende teams op de afdeling, maar ook collega’s uit teams van andere afdelingen elkaar beter weten te vinden. De zichtbaarheid van de afdeling VTH lijkt toe te nemen. Het doel is om deze lijn in 2025 door te blijven zetten.

Deel I - Evaluatieprogramma

28

Deel II – Uitvoeringsprogramma 7

Inleiding

Het doel van het VTH-Uitvoeringsprogramma 2025 is om inzichtelijk te maken welke activiteiten de gemeente Haarlem op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving voor de fysieke leefomgeving in 2025 wil uitvoeren. Het uitvoeringsprogramma is gebaseerd op de missie, visie, strategie en doelen zoals beschreven en vastgesteld in het VTH-Beleidsplan 2024-2028. In het evaluatieprogramma (deel I) werd teruggeblikt op 2024. De acties, verbeterpunten en ontwikkelingen die daarin worden beschreven, zijn meegenomen in het VTH-Uitvoeringsprogramma voor 2025. Het uitvoeringsprogramma houdt rekening met deze acties, verbeterpunten en ontwikkelingen en voegt daar, op basis van de in het beleidsplan gestelde ambities, acties en ontwikkelingen aan toe. Het doel is om deze acties en ontwikkelingen in 2025 naast de wettelijke taken uit te gaan voeren. Net zoals het VTH-Beleidsplan, is het VTH-Uitvoeringsprogramma tot stand gekomen in samenwerking met collega’s uit verschillende disciplines (zowel binnen als buiten de gemeente Haarlem). De input die zij hebben geleverd is verwerkt in de ontwikkelingen en acties uit dit uitvoeringsprogramma. In het volgende hoofdstuk, hoofdstuk 8, wordt ingegaan op de speerpunten op het gebied van de VTHtaken, waar de afdeling VTH zich in 2025 op wil richten.

In hoofdstuk 9 wordt vervolgens de samenwerking met de verbonden partijen (zowel binnen als buiten de gemeente) beschreven. Tot slot wordt in hoofdstuk 10 ingegaan op de borging van financiële middelen.

Deel II – Uitvoeringsprogramma

29

8

Speerpunten en ambities voor 2025

In dit hoofdstuk worden de doelen en prioriteiten voor de afdeling VTH voor 2025 beschreven. De prioriteiten voor de afdeling voor 2025 zijn tweeledig. Aan de ene kant zal aandacht besteed worden aan de aandachtspunten uit de evaluatie van 2024. Aan de andere kant, zal ook worden gewerkt aan aanvullende doelen en taken van de afdeling die bijdragen aan het behalen van de doelen en ambities zoals die zijn beschreven in het VTH-Beleidsplan 2024-2028. 8.1

Wettelijke taken en relevante ontwikkeling

8.1.1 Omgevingswet Aan de hand van de aanbevelingen van BMC, zoals kort beschreven in hoofdstuk 4, paragraaf 4.2.1, van het evaluatieprogramma gaat de gemeente (en specifiek de afdeling VTH) een actieprogramma of verschillende projectopdrachten opstellen om met de aanbevelingen aan de slag te gaan. Op die manier worden de aanbevelingen, in een nader te bepalen volgorde, opgepakt in de komende jaren om zo het Omgevingswet-proof functioneren van de gemeente te bevorderen. Zoals in het evaluatieprogramma benoemd, zijn er naar aanleiding van de inwerkingtreding van de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) in 2024, onderzoeken gestart naar de implementatie van de Omgevingswet in de processen en naar de legesverordening. Deze onderzoeken lopen door in 2025 en aan de hand van de uitkomsten zullen er in 2025 aanpassingen gedaan worden in de werkwijzen, processen en/of de legesverordening. 8.1.2 Langdurige handhavingstrajecten en grote opgaven Langdurige en grote opgaven waren een ander belangrijk speerpunt voor de afdeling in 2024. Het doel was om daar zo effectief en efficiënt mogelijk om te gaan met de beschikbare capaciteit. Op dit gebied zijn in het afgelopen jaar al belangrijke stappen gezet door anders te gaan sanctioneren en de focus te leggen op of er zicht is op legalisatie.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15457454/1