2. Bijlage 1 Notitie corona noodsteunpakket
Tekst van het document
BIJLAGE NOTITIE CORONASTEUNMAATREGELEN EERSTE HELFT 2021
Paragraaf 0 Inleiding In deze notitie komt aan de orde: 1. Voorstel voor maatregelen voor de eerste helft 2021. Daarbij is de volgende indeling aangehouden: o Maatregelen voor ▪ organisaties en instellingen die deel uit maken van de basisinfrastructuur ▪ verbonden partijen ▪ effecten op het noodfonds; o Belastingmaatregelen; o Effecten op baten en lasten van de gemeentebegroting; o Effecten op extra benodigde capaciteit voor de coronaorganisatie
Inhoudsopgave -
Paragraaf 1 Maatregelen voor ondersteuning van de culturele infrastructuur Paragraaf 2 Maatregelen voor ondersteuning van evenementen en festivals Paragraaf 3 Maatregelen voor ondersteuning van sport (-instellingen) Paragraaf 4. Steunmaatregelen voor ondernemers en evenementen Paragraaf 5 Voorstellen voor het beschermen van de sociale basis Paragraaf 6 Voorstellen voor behoud van de fysieke leefbaarheid Paragraaf 7 Voorstellen voor verbonden partijen Paragraaf 8 Voorstellen voor de effecten voor de gemeentebegroting, belastingmaatregelen en effecten voor de capaciteit van de coronaorganisatie
Paragraaf 1 Maatregelen ondersteuning Cultuur (Programma 4 Duurzame Stedelijke Vernieuwing) 1.1. Inleiding In 2020 heeft het Rijk € 169 miljoen beschikbaar gesteld als compensatie voor de coronaschade die de lokale culturele organisaties hadden. Voor 2021 gaat het - vooralsnog tot 1 juli 2021 - om € 150 miljoen. Dit geld is beschikbaar gekomen als decentralisatie-uitkering via de recente decembercirculaire Gemeentefonds, verdeeld op basis van de gemeentelijke cultuuruitgaven 2019. Haarlem ontvangt € 2,6 miljoen om naar eigen inzicht in te zetten. In 2020 was in het gemeentelijk noodfonds € 2,1 miljoen beschikbaar voor steun aan de culturele infrastructuur van Haarlem. Door maximaal gebruik te maken van de matchingsregelingen van het Rijk hebben de grote podia en het Frans Hals Museum ruime steun ontvangen. In 2021 zijn er geen matchingsregelingen meer, behalve bij de provincie Noord-Holland. Voor 2021 is voor de gemeenten in de Metropoolregio Amsterdam (MRA) buiten Amsterdam € 2,5 miljoen beschikbaar op basis van 65% provincie en 35% gemeente. 1
In dit voorstel wordt een overzicht gegeven van de nu bekende effecten van de coronacrisis in 2021 en een verwachte omvang van de noodsteun die in Haarlem gevraagd zal worden. Voor de culturele sector beperken we ons – conform de eerder door de raad vastgestelde uitgangspunten - tot organisaties waar de gemeente een relatie mee heeft als subsidiegever en/of verhuurder. Het Kabinet heeft onlangs aangekondigd dat er voor steun voor ‘makers in de culturele sector’ (landelijk) € 9 miljoen extra beschikbaar komt en € 5,5 miljoen voor lokale media. Deze regelingen worden nog uitgewerkt. In dit voorstel zijn deze bedragen daarom nog buiten beschouwing gelaten. 1.2. Inleiding In 2020 heeft het Rijk € 169 miljoen beschikbaar gesteld als compensatie voor de coronaschade die de lokale culturele organisaties hadden. Voor 2021 gaat het - vooralsnog tot 1 juli 2021 - om € 150 miljoen. Dit geld is beschikbaar gekomen als decentralisatie-uitkering via de recente decembercirculaire Gemeentefonds, verdeeld op basis van de gemeentelijke cultuuruitgaven 2019. Haarlem ontvangt € 2,6 miljoen om naar eigen inzicht in te zetten. In 2020 was in het gemeentelijk noodfonds € 2,1 miljoen beschikbaar voor steun aan de culturele infrastructuur van Haarlem. Door maximaal gebruik te maken van de matchingsregelingen van het Rijk hebben de grote podia en het Frans Hals Museum ruime steun ontvangen.
In 2021 zijn er geen matchingsregelingen meer, behalve bij de provincie Noord-Holland. Voor 2021 is voor de gemeenten in de Metropoolregio Amsterdam (MRA) buiten Amsterdam € 2,5 miljoen beschikbaar op basis van 65% provincie en 35% gemeente. In dit memo wordt een overzicht gegeven van de nu bekende effecten van de coronacrisis in 2021 en een verwachte omvang van de noodsteun die in Haarlem gevraagd zal worden. Voor de culturele sector beperken we ons – conform de eerder door de raad vastgestelde uitgangspunten - tot organisaties waar de gemeente een relatie mee heeft als subsidiegever en/of verhuurder. Het Kabinet heeft onlangs aangekondigd dat er voor steun voor ‘makers in de culturele sector’ (landelijk) € 9 miljoen extra beschikbaar komt en € 5,5 miljoen voor lokale media. Deze regelingen worden uitgewerkt. In dit voorstel zijn deze bedragen daarom nog buiten beschouwing gelaten. 1.2 Gesubsidieerde instellingen Op basis van de ingediende begrotingen 2021 is eind 2020 geïnventariseerd wat het verwachte corona effect is op de exploitatie van de culturele instellingen in 2021. Zie bijlage 1. Opnieuw is bij de grote podia en musea sprake van forse tekorten. Het is nog niet duidelijk in hoeverre deze afgedekt kunnen worden met een surplus dat in 2020 bij diverse instellingen kon worden gerealiseerd vanuit de maximale matching voor de C4.
Aan de hand van de jaarrekeningen 2020 zal dit definitief vastgesteld kunnen worden. Eind 2020 werd voor de gesubsidieerde culturele infrastructuur gerekend op een totaal tekort van circa € 2,1 miljoen in 2021. De huidige lockdown is nog niet verwerkt in de prognose. Het verloop van de coronacrisis kent veel onzekerheden, ook de prognose voor 2021 zal hier nog door worden beïnvloed. In een positief scenario zullen de coronabeperkingen in de loop van het jaar worden afgebouwd en de bezoekcijfers gaan aantrekken. Wel blijft daarbij de bezoekbereid een onzekere factor; oudere bezoekers zijn mogelijk terughoudend om weer als vanouds naar museum of schouwburg te gaan, terwijl het Patronaat verwacht sneller weer het voormalige publieksbereik te kunnen realiseren. Net als in 2020 zullen de instellingen voor zover mogelijk aanspraak moeten doen op generieke steunmaatregelen. Aanvullende steun vanuit de gemeente zal bij voorkeur opnieuw met huurkwijtschelding moeten geschieden, om NOW steun niet in gevaar te brengen.
2
Het grootste deel van de gesubsidieerde instellingen komt in aanmerking voor het provinciaal noodfonds. Naar verwachting ook de C4, die niet langer steun krijgen via de cultuurfondsen van het Rijk. Het matchingsbudget van de provincie zal echter waarschijnlijk sterk overvraagd gaan worden. Voorstel: van de € 2,6 miljoen die beschikbaar is gesteld door het Rijk € 2,1 miljoen reserveren voor gesubsidieerde infrastructuur, en inzetten op maximale matching door de provincie. Toekenning van steun in het voorjaar, na indienen van jaarrekeningen en op basis van geactualiseerde begroting 2021. Indien noodzakelijk/gewenst onderscheid maken in een eerste en tweede tranche, zoals ook het Rijk middelen tot 1 juli 2021 beschikbaar heeft gesteld. Het restant ad ruim € 0,3 miljoen (rekening houdend met voorstellen 1.3 tot en met 1.5) beschikbaar houden op beleidsveld cultuur voor overige steunmaatregelen. Voorstel: -
-
€ 2,1 miljoen reserveren voor gesubsidieerde infrastructuur en inzetten op maximale matching door de provincie. Toekenning van steun in het voorjaar, na indienen van jaarrekeningen en op basis van geactualiseerde begroting 2021. Het bedrag uit de Rijksbijdrage 2021 dat nog niet wordt toegewezen, reserveren op het beleidsveld cultuur voor nog in te vullen steunmaatregelen (rekening houdend met voorstellen 1.3 tot en met 1.5 gaat het om € 335.000).
1.3 Amateurkunst In het najaar van 2020 meldde Harmonie de Spaarnebazuin zich voor financiële steun vanwege de gevolgen van de coronacrisis. In afwachting van een nadere onderbouwing is hier is nog geen besluit over genomen. Inmiddels heeft de Koninklijke Nederlandse Muziek Organisatie (KNMO), overkoepelend orgaan en vertegenwoordiger van honderden amateur-muziekverenigingen in ons land, alle gemeenten opgeroepen om de sector te helpen vanuit de extra ondersteuning van € 150 miljoen die het Rijk heeft toegewezen. De amateur-muzieksector heeft door de coronacrisis te maken met inkomstenderving en door de maatregelen staan ook ledenaantallen, dus de contributie, onder druk. Ondertussen lopen de kosten door. Ook marchingbands en boerenkapellen hebben inmiddels geïnformeerd naar wat de gemeente gaat doen met de € 2,6 miljoen. Het gaat om Entertainmentband de Rausdouwers, de Fluttetutters, de Schuimkragen, BOOH!, de Muggenblazers en Damiate Band Haarlem. Harmonie de Spaarnebazuin en de Damiate Band zijn twee van de circa 60 verenigingen (koren, toneelverenigingen, orkesten) die door de gemeente Haarlem structureel worden ondersteund in hun kosten voor artistieke leiding, zaalhuur voor repetities en secretariaatskosten. Jaarlijks dienen zij hiervoor uiterlijk 15 februari een aanvraag in en wordt het beschikbare subsidiebudget naar rato verdeeld.
Voor 2021 is in totaal € 121.000 beschikbaar. Omdat Haarlem veel verenigingen reeds tegemoet komt in de vaste lasten, verwachten we geen grote vraag naar aanvullende steun naar aanleiding van de coronacrisis. Bij behandeling van de nieuwe aanvragen kan per vereniging worden bepaald of er sprake is van gestegen kosten en afgenomen inkomsten die de continuïteit in gevaar brengen. Voorstel: -
Een bedrag van € 60.000 reserveren binnen de reserve corona steunmaatregelen voor mogelijke steun aan gesubsidieerde amateurkunst.
3
1.4 Niet-gesubsidieerde huurders van gemeentelijk cultureel vastgoed 1.4.1 Ateliers De gemeente Den Haag heeft besloten 8 maanden huur kwijt te schelden voor ruim dertig culturele instellingen, bijna twintig ateliers en enkele onderhuurders in zogenoemde ‘cultuurverzamelpanden’. In een brief aan het Haarlemse college van B&W verzoeken meerdere kunstenaars en atelierhuurders de huren van de gemeentelijke atelierpanden voor een bepaalde periode volledig kwijt te schelden, naar voorbeeld van Den Haag. De Kunstenbond heeft haar leden opgeroepen om elke gemeente aan te schrijven en op te roepen het voorbeeld van Den Haag te volgen. Tot nu toe heeft een aantal atelierhuurders uitstel van betaling gevraagd en gekregen. Voor enkelen dreigt een nijpende situatie omdat hun inkomsten deels of helemaal zijn weggevallen en de inkomenssteun door de TOZO-regeling niet voldoende is. Inmiddels zijn er ook verzoeken ontvangen om uitstel om te zetten in kwijtschelding. In de gemeentelijke atelierpanden zijn meerdere en zeer diverse kunstenaars en organisaties gehuisvest. In het Hoofdkantoor zijn dat bijvoorbeeld individuele kunstenaars, het Grafisch Atelier en de NZH Hobbyclub voor modeltreinen. Het is niet te doen om per huurder de schade door de coronacrisis te inventariseren of per kunstenaar een inkomenstoets doen omdat dit te veel capaciteit kost.
De ateliers hebben echter een vitale functie voor het kunstklimaat in Haarlem. Met een algemene kwijtschelding van huur wordt een positief signaal gegeven, kunnen de huurders van de ateliers voort blijven bestaan en wordt leegstand voorkomen. In onderstaand overzicht is het effect daarvan aangegeven: opmerkingen Object naam Totaal p/mnd 6 maanden Gedempte Voldersgracht 22 Ateliers 4.041 24.000 Groot Heiligland 27 940 6.000 Ook woonbestemming Kampersingel 44 A 719 Lange Wijngaardstraat 20 181 1.000 Linschotenstraat 23 1.745 10.000 Deels gesubsidieerd Magdalenahof 2 14.913 Noorder Schoolsteeg 5 412 3.000 Witte Herenstraat 36A 390 2.000 Waarderweg 78 – Het Hoofdkantoor 8.200 50.000 Eindtotaal 31.540 96.000 Excl Kampersingel en Magdalenahof 15.908
Voorstel is om voor een generieke kwijtschelding van atelierhuur afgerond € 100.000 te reserveren. Voor Magdalenahof is maatwerk nodig. Afhankelijk van de benodigde steun daar, bepalen voor hoeveel maanden kwijtschelding wordt gegeven. Voorstel: -
Een bedrag van € 100.000 reserveren binnen de reserve corona steunmaatregelen voor generieke kwijtschelding van atelierhuur. Voor Magdalenahof afhankelijk van benodigde steun later bepalen voor hoeveel maanden kwijtschelding wordt gegeven.
4
1.4.2
Dolhuys
Het Dolhuys heropende zijn deuren in november 2020 en is door het instellen van de lockdown van half december nog maar drie weken open geweest voor het publiek. Het museum wil in aanmerking komen voor steun voor misgelopen publieksinkomsten. De huidige maandelijkse huur van het Dolhuys is € 16.862. In het tweede steunpakket van OCW komt € 20 miljoen beschikbaar voor ondersteuning van private musea met een kunstcollectie van nationaal belang, te verstrekken via het Mondriaanfonds. De subsidieregeling wordt waarschijnlijk in maart 2021 gepubliceerd. Mogelijk komt het Dolhuys hiervoor in aanmerking. Voorstel is een PM post op te nemen voor het Dolhuys, in afwachting van regeling Mondriaanfonds. Ondertussen wordt het museum gevraagd meer inzicht te verschaffen in de exploitatie en de verwachte tekorten als gevolg van corona. Voorstel: -
1.4.3
PM post opnemen voor Dolhuys in afwachting van regeling Mondriaanfonds
Overige huurders
Per 1 januari 2021 is een hogere kostprijsdekkende huur inclusief huursubsidie ingevoerd voor Kunst Zij Ons Doel (KZOD, account ECDW/cultuur) en Molen de Adriaan (ECDW/toerisme). KZOD heeft vorig jaar uitstel van huurbetaling gekregen en via een betalingsregeling inmiddels terugbetaald. De Adriaan heeft verzocht om een huurkwijtschelding van € 15.000. Ook vijf huurders van Klein Heiligland 84 hebben het afgelopen jaar voor huurkwijtschelding aangevraagd. Omdat zij onderhuurders zijn van Meurkens en Meurkens is naar deze partij verwezen. Meurkens heeft de huren verlaagd. Meurkens zelf heeft als hoofdhuurder de gemeente niet gevraagd om uitstel of kwijtschelding van huurbetalingen. De Vrije Academie Kennemerland (Kleine Houtweg 47) heeft van maart tot oktober 2020 huuruitstel gevraagd en gekregen. De huurbetaling is met een betalingsregeling inmiddels weer gestart. De huur gaat per 1 januari 2021 omlaag door de invoering van de kostprijsdekkende huur. De Vrije Academie heeft niet om kwijtschelding gevraagd. Voorstel: maatwerk per huurder. Geen aparte reservering voor eventuele noodsteun opnemen; indien nodig via buffer regelen. Voorstel: Voor overige niet-gesubsidieerde huurders van gemeentelijk cultureel vastgoed maatwerk toepassen. Eventuele kosten te dekken uit reserve steunmaatregelen corona. 1.5
Vervoermuseum
Het Vervoermuseum wordt niet structureel gesubsidieerd. De stichting heeft vorig jaar van het Cultuurstimuleringsfonds € 550 gevraagd en gekregen voor de tentoonstelling Reizen met bus en tram in WOII. Voor deze tentoonstelling zijn kosten gemaakt, maar de inkomsten zijn door de coronamaatregelen nauwelijks ontvangen. Het museum heeft verzocht om eenmalig € 5.000 om de gevolgen van de coronacrisis op te kunnen vangen. Verder zijn er (nog) geen concrete verzoeken ingediend door niet-gesubsidieerde instellingen. Wel wordt steeds vaker geïnformeerd naar wat de gemeente gaat doen met de € 2,6 miljoen. Zo heeft 5
het Verhalenhuis vragen gesteld. Zij vallen echter buiten de criteria voor het gemeentelijk noodfonds. Voorstel: -
1.6
Subsidie van € 5.000 verstrekken aan het Vervoermuseum ter compensatie van inkomstenderving als gevolg van corona. Dekking reserve steunmaatregelen corona. Samengevat
Zoals gemeld ontvangt Haarlem in 2021 € 2,6 miljoen ter ondersteuning van de lokale culturele infrastructuur om naar eigen inzicht in te zetten. In onderstaande tabel is een voorstel opgenomen hoe dit bedrag kan worden besteed. Er blijft € 335.000 nog in te vullen als reservering algemeen om de PM posten mee in te vullen. Het geactualiseerde beeld van de steunmaatregelen voor de cultuursector is dan als volgt: Fin gevolgen voorstellen cultuur Prognose netto tekorten gesubsidieerde culturele instellingen (exclusief huidige lockdown) Amateurkunst
Voorstel 2100 60
Ateliers Dolhuys en overige niet-gesubsidieerde huurders van gemeentelijk cultureel vastgoed Extra subsidie Vervoermuseum
100
Reservering algemeen culturele instellingen
335
Totaal voorstellen cultuur Dekking: Decentralisatie-uitkering Decembercirculaire 2020 voor coronaschade lokale cultuursector Mogelijk surplus C4 2020 Provinciaal noodfonds (matching; 35% gemeente, 65% provincie)
pm 5 2.600
-2.600 pm pm
Paragraaf 2 Maatregelen ondersteuning evenementen en festivals 2.1.
Inleiding
De financiële prognose voor Haarlemse evenementen en festivals is sterk afhankelijk van het verloop van de coronamaatregelen in 2021. De Britse variant van het virus heeft de komende periode nog onzekerder gemaakt dan die al was. Op dit moment is nog niet concreet in te schatten wat er aan extra middelen nodig is om de evenementenorganisaties te ondersteunen in het eerste deel van het jaar. Het huidige evenementenbudget 2021 volstaat derhalve voor dit moment.
Fin gevolgen voorstellen evenementen en festivals Steunmaatregelen evenementen en festivals
Voorstel pm
Dekking: Reserve steunmaatregelen corona
Pm
6
Het demissionaire kabinet heeft onlangs gesteld dat er zeker € 300 miljoen in een garantiefonds wordt gestort om het organiseren van culturele en andere grote evenementen weer op gang te brengen. Het is bedoeld voor muziekfestivals, zakenbeurzen of sportwedstrijden die na 1 juli worden gehouden en minimaal drieduizend bezoekers trekken.
Paragraaf 3 Maatregelen ondersteuning sport(instellingen) (Programma 1 Maatschappelijke Participatie) 3.1. Kwijtschelden huur sportverenigingen In 2020 zijn de sportverenigingen als vaste huurders van de gemeente (via SRO en de afdeling Vastgoed van de gemeente) voor de periode maart tot en met december (deels) gecompenseerd voor de huur. Voor de maanden maart, april en mei zijn ze voor 100% gecompenseerd vanuit de vergoeding van het Rijk. Voor juni, juli en augustus was dit voor 50% vanuit de gemeente. Voor oktober, november en december is de hoogte van de compensatie nog afhankelijk van de uiteindelijke rijksbijdrage die de gemeente ontvangt. Ook in 2021 gelden nog steeds beperkende maatregelen voor het sporten in clubverband en zijn kantines gesloten. De klankbordgroep buitensport heeft een verzoek gedaan voor kwijtschelding van de huur over de periode januari, februari en maart 2021. De gemeente Haarlem volgt hierin het landelijk beleid. Dat betekent dat er compensatie komt voor de sportverenigingen als in 2021 de rijksregeling Tegemoetkoming Verhuurders Sportaccommodaties wordt voortgezet. Op dit moment is nog niet bekend of de regeling wordt voortgezet. De facturen voor de huur over het eerste kwartaal 2021 worden wel verstuurd aan de sportverenigingen, maar de inning daarvan wordt uitgesteld tot er duidelijkheid is over een eventuele rijksregeling. 3.2.
Steun verenigingen voor hun gederfde inkomsten Verenigingen hebben te maken met teruglopende barinkomsten, contributie inkomsten en sponsorbijdragen. Er wordt op het moment bij verenigingen nagevraagd of het gemis aan inkomsten hun voortbestaan bedreigt. Het uitstellen of kwijtschelden van de huurbetaling zorgt op dit moment voor terugbrengen van uitgaven van de verenigingen. SRO en Sportsupport inventariseren momenteel bij verenigingen met liquiditeitsproblemen, dus bij een volgende actualisatie is meer bekend of hier extra steun nodig is en kan ondersteuning indien nodig worden geboden.. Op dat moment is ook bekend of het Rijk hiervoor middelen beschikbaar stelt. Op landelijk niveau worden momenteel gesprekken gevoerd over compensatiemaatregelen voor sport in 2021. Het Rijk heeft aangekondigd dat ze via het gemeentefonds een specifieke uitkering aan sportverenigingen gaan doen voor nieuw ontstane financiële schade bij amateursport. Het gaat hierbij om € 60 miljoen. Deze specifieke uitkering heeft betrekking op het laatste kwartaal 2020 maar kan in 2021 nog worden aangevraagd. Haarlem heeft dit al gedaan. 3.3. SRO Doordat de sportaccommodaties in 2020 minder of helemaal niet gebruikt konden worden, heeft SRO minder omzet gehad.
Om deze tegenvaller te dekken, heeft SRO gebruik gemaakt van de Noodmaatregel Overbrugging Werkgelegenheid (NOW) en de regeling Tegemoetkoming Verhuurders 7
Sportaccommodaties (TVS). Inmiddels is ook duidelijk dat er een rijksregeling van € 100 miljoen komt om zwembaden en ijsbanen over het jaar 2020 te compenseren. De verwachting is dat SRO hier al dan niet via de gemeenten gebruik van kan maken. Daarmee wordt een belangrijk deel van het omzetverlies opgevangen. Bij de jaarrekening 2020 van SRO zal duidelijk worden wat de financiële gevolgen van de coronamaatregelen voor SRO zijn en of daar extra steun voor nodig is. Ook in 2021 kunnen de sportaccommodaties niet of nauwelijks worden gebruikt, waardoor SRO huur- en andere inkomsten misloopt. Betaling van de gebruikersvergoeding van de sportaccommodaties aan SRO wordt voor het eerste kwartaal 2021 uitgesteld. Als de rijksregeling Tegemoetkoming Verhuurders Sportaccommodaties (TVS) wordt voortgezet, kan het tekort worden gedekt. Maar als SRO uit deze rijksregeling voldoende compensatie krijgt, is extra compensatie vanuit de gemeente niet nodig.
3.4 . Zwembad de Houtvaart open Het college heeft 2 juni 2020 besloten in te stemmen met het openstellen van het buitenzwembad de Houtvaart van 20 juni tot 14 september en SRO hiervoor een extra exploitatiebijdrage te geven. Die extra bijdrage was nodig om in het bad de noodzakelijke coronamaatregelen te kunnen treffen. Inmiddels is er ook een rijksregeling voor zwembaden om verliezen over 2020 te dekken, maar de hoogte hiervan is nog niet bekend. Ook is nog niet zeker of deze regeling in 2021 wordt voortgezet. Haarlem creëert voor 2021 ten laste van de reserve steunmaatregelen corona een extra exploitatiebijdrage van € 214.000 voor het openstellen van het buitenzwembad. 3.5. Sportsupport evenementen Sinds maart 2020 heeft Stichting SportSupport Kennemerland (SportSupport) bijna al haar sportevenementen moeten annuleren of in aangepaste vorm moeten uitvoeren. Hierdoor liep de evenemententak van SportSupport veel inkomsten mis van deelnemersopbrengsten en sponsoring. Tegelijkertijd liepen wel de personeelskosten door.. Het netto inkomstenverlies is afgerond € 132.000. Ook in 2021 kunnen voorlopig geen evenementen georganiseerd worden. Deze inkomstenterugval van SportSupport is tot de zomer 2021 afgedekt, dus maakt het geen deel uit van deze inventarisatie. 3.6 Samenvatting maatregelen Samengevat worden de volgende maatregelen voorgesteld: Voorstel: -
Voor het kwijtschelden van de huur van sportverenigingen wacht Haarlem het landelijk beleid af (voortzetten rijksregeling Tegemoetkoming Verhuurders Sportaccommodaties); In hoeverre steun moet worden verleend aan verenigingen voor hun gederfde inkomsten is afhankelijk van landelijke ontwikkelingen; Bij de jaarrekening 2020 van SRO beoordelen welk effect de coronamaatregelen op de exploitatie van SRO heeft gehad om te bepalen of er extra steunmaatregelen nodig zijn. Een bedrag van € 214.000 verwerken in de reserve noodsteun steunmaatregelen corona voor het openstellen van het buitenzwembad de Houtvaart;
3.6 Samengevat 8
Samengevat is het effect van de voorstellen als volgt: Fin gevolgen voorstellen sport Kwijtschelden huur buitensportverenigingen kwartaal 1(indien rijksregeling volgt) Kwijtschelden huur buitensportverenigingen kwartaal 2 (indien rijksregeling volgt) Steun verenigingen voor hun gederfde inkomsten (beoordelen bij volgende actualisatie) Omzetverlies SRO Zwembad de Houtvaart open Omzetverlies Sportsupport evenementen 2021
Voorstel pm pm pm pm 214 pm
Totaal maatregelen sport
214+pm
Dekking: Rijksregelingen Reserve steunmaatregelen corona
pm -214+pm
Uit de cijfers van de voorstellen blijkt dat er voor sport nog veel onduidelijkheid is wat er vanuit de reserve steunmaatregelen corona nodig is. Pas als duidelijk is wat uit de verschillende rijksregelingen kan worden vergoed, is meer te zeggen over de bijdrage vanuit de reserve.
Paragraaf 4. Steunmaatregelen voor ondernemers (Programma 4 Duurzame Stedelijke vernieuwing)
4.1 Context Een aantal ondernemers en ZZP’ers in met name de horeca en evenementensector is door de coronacrisis in financieel zwaar weer terechtgekomen, zeker na de invoering van de harde lockdown van half december. Door de verlenging van de coronamaatregelen in het vierde kwartaal van 2020 en de vooruitzichten voor 2021 is een snelle verbetering voor deze ondernemers niet te verwachten. Veel bedrijven zijn belangrijk voor de stad en verbeteren het vestigingsklimaat, het voorzieningenniveau en de aantrekkelijkheid van de stad. Dit geldt zeker ook voor restaurants, cafés, hotels, winkels en evenementen. Bij veel bedrijven gaat het ook om de clustering , zoals de restaurants en terrassen om de Grote Markt en is het niet wenselijk dat er gaten vallen door leegstand. Daarnaast zijn deze bedrijven belangrijk voor de werkgelegenheid in Haarlem. 4.2 Voorgestelde maatregelen Om de ondernemers te ondersteunen tijdens de coronacrisis en de effecten hiervan zoveel mogelijk te beperken, heeft de gemeente een Actieplan Detailhandel en Horeca opgesteld. In dit actieplan staan concrete korte termijn acties die belangrijk zijn voor Haarlem, zoals het promoten van het online platform Haarlemsewinkels.nl, het vergroten van de digitale zichtbaarheid van fysieke winkels en het inzetten van horecapersoneel in in de zorg.
Maar ook zijn er meer omvattende acties met een langere looptijd die er voor zorgen dat winkelgebieden ook na de coronacrisis toekomstbestendig en aantrekkelijk zijn. Het voorstel is om voor € 50.000 extra capaciteit beschikbaar te stellen voor het eerder en versneld uitvoeren van acties uit het Actieplan Detailhandel en Horeca. Door de verlenging van de coronamaatregelen en de gevolgen hiervan is het van belang de Haarlemse ondernemers zo snel
9
mogelijk te kunnen ondersteunen. Voorbeelden van acties die eerder uitgevoerd kunnen worden zijn: • Vergroten digitale zichtbaarheid Haarlemse ondernemers: • De overlevingskans van ondernemers van fysieke winkels vergroten door ze digitaal goed zichtbaar te laten zijn. Omdat ze hard zijn getroffen door de coronacrisis is het van belang dat alle verkoopkanalen worden benut. • Onderzoek doen naar locaties voor pick-up-points, opslag en bezorging in winkelgebieden met gebruikmaking van (mogelijk) leegstaande winkelpanden. In 2020 is € 75.000 aan aanvullende subsidie verleend aan Haarlem Marketing voor de campagne Duurzaam Herstel Bestemming Haarlem. Ook de BIZ Binnenstad heeft €75.000 bijgedragen. Gezien de verzwaarde maatregelen is het in 2020 niet mogelijk geweest de gehele campagne uit te voeren zoals voorzien. Vanwege het resterende budget en het gegeven dat Haarlem Marketing vooralsnog de campagne niet kan hervatten, is het niet nodig om voor de eerste helft van 2021 opnieuw subsidie toe te kennen. De verwachting is dat er voor de tweede helft van 2021 wel weer extra budget nodig is. Voorstel: -
De huidige gemeentelijke belastingmaatregelen voor ondernemers met 6 maanden verlengen tot 1 juli 2021 (zie 4.3). Voor €50.000 extra capaciteit beschikbaar te stellen voor het eerder en versneld uitvoeren van acties uit het Actieplan Detailhandel en Horeca. Dekking uit de reserve steunmaatregelen corona.
4.3 Uitwerking belastingmaatregelen Naast de in de vorige paragraaf genoemde acties vragen de ondernemers dat de gemeentelijke belastingmaatregelen worden verlengd. Het standpunt van de VNG en ook van Haarlem is dat inkomensondersteuning en nationale publieke belangen op rijksniveau geregeld en betaald moeten worden en niet vanuit gemeentelijke middelen. Als aanvulling op de ondersteuningspakketten van het rijk heeft de gemeente Haarlem in 2020 wel ingestemd met aanvullende gemeentelijke belastingmaatregelen specifiek voor ondernemers. Het is niet mogelijk om objectief te bepalen hoe belangrijk welk bedrijf is. In deze paragraaf over bedrijven staan dezelfde overwegingen en afwegingen als in 2020, op basis waarvan het gemeentebestuur kan bepalen welke steun mogelijk en noodzakelijk is. De maatregelen zijn zo algemeen mogelijk alle ondernemers gelijke mogelijkheden te bieden. Bij maatregelen voor ondernemers die voor alle ondernemingen in een bepaalde branche geldt het staatssteunkader niet. Bij ongelijk voordeel voor bepaalde ondernemers is het staatssteunkader wel van toepassing en moet hieraan vooraf worden getoetst. Omdat in ieder geval tot de zomer van 2021 de 1,5 meter-maatregel van kracht blijft, is het voorstel de bestaande gemeentelijke belastingmaatregelen voor ondernemers met zes maanden te verlengen.
Hieronder wordt een aantal gemeentelijke belastingmaatregelen beschreven die kunnen bijdragen aan lastenverlichting voor ondernemers die door de coronamaatregelen in financiële problemen zijn gekomen. Als met deze maatregelen wordt ingestemd, worden deze verwerkt in de tarieven van de tussentijdse wijziging van de belastingverordening die aan de gemeenteraad ter goedkeuring worden voorgelegd.
10
4.3.1 Precarioheffing Met name horecaondernemers worden zwaar getroffen door het coronavirus. Ook in de komende fase waarin cafés, restaurants en terrassen weer open mogen, blijft de anderhalvemeter maatregel van kracht waardoor normale omzetten niet kunnen worden gehaald. Detailhandel en de horecasector spelen met 12% van de werkgelegenheid een belangrijke rol in de stad Haarlem. Ook maatschappelijk zijn zowel de horeca als de detailhandel van belang. De aanwezigheid van winkels en horeca verhoogt de toeristische aantrekkelijkheid van het centrum en de leefbaarheid in woonwijken. Daarom is het van belang deze sector zoveel als mogelijk in stand te houden. Als de terrassen weer in gebruik genomen kunnen worden, zorgt de anderhalvemeter maatregel echter voor aanzienlijk minder bezetting dan voor de coronacrisis. Waar mogelijk is al eerder toestemming gegeven de terrassen te verruimen. Voor die verruiming is geen precario verschuldigd. Verwacht wordt dat deze omstandigheden tot de zomervakantie van 2021 van kracht blijven. Daarom wordt voorgesteld om de precariobelasting voor terrassen voor de eerste helft van 2021 met 100% te verlagen. Rond de zomer kan opnieuw bezien worden of verlenging van de maatregelen nodig is, gelet op de maatregelen die dan al dan niet nog van kracht zijn. De precario-opbrengst op specifiek terrassen is geraamd op afgerond € 400.000.
Bij een halvering wordt een opbrengst van € 200.000 gederfd. Voorstel: Precario tarieven voor terrassen tot 1 juli 2021 met 100% te verlagen met € 200.000 als nadelig effect voor de begroting 2021.
4.3.2. Biz-heffing De BIZ-heffing (BedrijvenInvesteringsZone) is ingevoerd op verzoek van ondernemers. De opbrengst van de BIZ-heffing wordt afgedragen aan ondernemersfondsen of de stichting BIZ Binnenstad Haarlem. De opbrengst van de heffing is geraamd op € 965.000 voor 2021. Er zijn vier verschillende BIZ-heffingen: voor de Waarderpolder (opbrengst € 317.000), de Cronjéstraat (€ 75.000), de Binnenstad (€ 555.000) en de Amsterdamstraat (€ 18.000). De Waarderpolder is een bedrijventerrein met bedrijven zijn die hun deuren over het algemeen niet vanwege rijksmaatregelen moeten sluiten. Er lijkt daarom geen reden om het tarief voor de Waarderpolder aan te passen. De binnenstad, de Cronjéstraat en de Amsterdamstraat zijn meer gericht op winkels en horeca. Een algemene regeling kan hier per ondernemer verschillend, want er zijn winkels die weinig nadelig effect van de coronacrisis hebben en er zijn winkels die nauwelijks nog omzet hebben. Het voorstel is om net als in 2020 de tarieven voor de binnenstad, de Cronjéstraat en de Amsterdamstraat te verlagen, terwijl de subsidie aan deze organisaties ongewijzigd blijft. De geraamde belastingopbrengst exclusief de BIZ-heffing Waarderpolder bedraagt € 648.000. Een tariefverlaging van 25% voor 2021 betekent dat de ondernemers € 162.000 minder hoeven te betalen.
Voor de gemeentebegroting betekent dit dat de inkomstenraming met € 162.000 verminderd moet worden. Voorstel: Tarieven BIZ-heffing binnenstad, Cronjéstraat en Amsterdamstraat voor heel 2021 met 25% te verlagen, maar de subsidie aan de ondernemers handhaven. Dit heeft een nadelig effect op de begroting van € 162.000. 4.3.3
Reclamebelasting
11
Deze belasting is op verzoek van de winkeliersvereniging ingesteld. De opbrengst van € 80.000 gaat naar het ondernemersfonds Cronjéstraat. In de Cronjéstraat bevinden zich vooral winkels en horeca. Ook hier zijn er winkels die weinig van de coronacrisis merken en winkels die door de coronacrisis nauwelijks kunnen blijven bestaan. Het voorstel is om de tarieven voor de reclamebelasting Cronjéstraat te verlagen en de subsidie aan de detailhandel en horeca niet te wijzigen. De geraamde belastingopbrengst bedraagt € 80.000 per jaar. Een tariefsverlaging van 25% betekent dat de ondernemers € 20.000 minder hoeven te betalen. Voor de gemeentebegroting betekent dit dat de inkomstenraming met € 20.000 verminderd moet worden. Voorstel: Tarief reclamebelasting Cronjéstraat voor heel 2021 met 25% verlagen, maar de subsidie aan de ondernemers niet te wijzigen. Het nadelig effect voor de begroting 2021 is € 20.000.
4.3.4
Leges voor evenementen en particulier georganiseerde markten
Bij een aanvraag om vergunning voor een evenement, braderie of markt betaalt de aanvrager legeskosten. Bij nieuwe aanvragen voor vergunningen worden deze in overleg met de organisatoren zo laat mogelijk in behandeling genomen en indien nodig uitgesteld om kosten te voorkomen. De legesverordening verplicht het opleggen van leges en kent geen kwijtschelding voor dit soort situaties. Bij intrekking van de aanvraag worden geen leges berekend ook al is de aanvraag formeel in behandeling genomen. Dit gaat tegen dat organisatoren tot het laatste moment wachten om een aanvraag in te dienen, waardoor er geen tijd meer is voor een goede afhandeling van de vergunning. Een juiste vergunning met goede voorwaarden is belangrijk omdat evenementen en particuliere markten een grote invloed kunnen hebben op de openbare orde en veiligheid. Als na afgifte van de vergunning een evenement of particuliere markt door nadere coronamaatregelen alsnog niet door kan gaan, zal onderzocht worden of het evenement later in het jaar wel door kan gaan. De vergunning wordt dan aangepast en er worden geen nieuwe leges opgelegd. Kan het evenement later toch niet plaatsvinden, dan worden de legeskosten gecompenseerd. Met deze maatregelen zal het legesbedrag dat gecompenseerd moet worden minimaal zijn.
4.4 Huurkwijtschelding commerciële huurders van gemeentelijk vastgoed Sinds de uitbraak van de coronacrisis hebben veel horecaondernemers moeite om aan de gemeente de volledige huur te betalen. Dit geldt ook voor de zes horecaondernemers binnen het gemeentelijk vastgoed en vier erfpachters die op een in erfpacht uitgegeven perceel een horecagelegenheid exploiteren. Deze huurders en erfpachters komen niet in aanmerking voor het gemeentelijk noodfonds. De focus bij de steunmaatregelen is immers op organisaties en instellingen die deel uit maken van de basisinfrastructuur. Inmiddels zijn er meerdere rechterlijke uitspraken geweest over de vraag of ondanks de gevolgen van de coronacrisis een verhuurder van de huurder mag verwachten dat hij zijn huurbetaling blijft nakomen. Veel van deze uitspraken zeggen dat de financiële pijn moet worden verdeeld tussen verhuurder en huurder¹. In de uitzonderlijke situatie waar we ons nu in bevinden kan namelijk geen 12
sprake zijn van ondernemersrisico van de huurder, maar is op basis van het huurrecht wel sprake van een gebrek op grond van artikel 7:204 BW vanwege de overheidsmaatregelen, als ook een beroep op onvoorziene omstandigheden in de zin van artikel 6:258 BW. Concluderend: uit constante jurisprudentie blijkt dat de coronacrisis als onvoorziene omstandigheid kan worden gekwalificeerd en dat de huurder en verhuurder (lees: gemeente) naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid een ongewijzigde instandhouding van de huurovereenkomst niet mag verwachten. Bij sluiting en het dus volledig wegvallen van de omzet is het (rechterlijke) uitgangspunt dat de schade door beide partijen gelijkelijk worden gedragen. Hoe hoog de tijdelijk huurprijsverlaging kan zijn, zal afhangen van de specifieke omstandigheden van het geval, waarbij de huurder onderbouwt hoe de aanzienlijke omzetteruggang is ontstaan en waarom een huurprijsvermindering gerechtvaardigd is (ook rekening houdend met reeds verleendelandelijke- steunmaatregelen. Het maken van afspraken over kwijtschelding huur in lijn met het landelijke Steunakkoord Retail 2.0 levert transparantie. Gelet hierop wordt in de volgende paragraaf voor het jaar 2021 een huur- en erfpachtcanonkorting van 50 procent uitgewerkt. 4.5
Horeca in gemeentelijke zwembaden en sporthallen
In de gemeentelijke sporthallen en zwembaden is vaak een horecavoorziening. In Haarlem gaat het om een zestal horecaondernemers die via SRO een ruimte in de sportaccommodatie exploiteren. Deze ondernemers hebben zowel te maken met de coronamaatregelen voor de sport als voor de horeca. Waar de sportverenigingen wel gecompenseerd worden voor kwijtschelding van de huur, is de daaraan verbonden horeca tot nu toe buiten de boot gevallen. Er is door SRO uitstel van betaling verleend aan deze horecaondernemers. SRO heeft wel de volledige huur aan de gemeente Haarlem betaald. De inkomsten van de horecaexploitanten in de sportaccommodaties zijn seizoensafhankelijk. Het binnensportseizoen loopt van augustus tot en met april. Dit betekent dat er in de maanden dat deze horeca open kon zijn (juni t/m september) nauwelijks sportactiviteiten en dus nauwelijks omzet was. Ook mocht er geen tot weinig publiek bij eventuele sportwedstrijden aanwezig zijn. De verwachting is niet dat de beperkende maatregelen vóór het einde van het sportseizoen al zijn versoepeld. Concreet betekent dit dat de ondersteunende horeca pas vanaf augustus 2021 mogelijk weer kan openen en er zo’n anderhalf jaar weinig tot geen omzet is gedraaid.
Landelijke steunmaatregelen voor de horeca De gemeente Haarlem heeft meerdere huurders die horecaexploitant zijn en een beroep kunnen doen op landelijke steunmaatregelen voor personeelskosten (NOW). Per 1 juni 2020 is daarbovenop het steunpakket Tegemoetkoming Vaste Lasten (TVL) voor onder meer de horecabranche gekomen. De eerste TVL liep van 1 juni tot 1 oktober 2020 en compenseerde maximaal 50% van de vaste lasten met een minimum van € 1.000 en maximaal € 50.000. De TVL van 1 oktober 2020 tot en met 30 juni 2021 heeft een nieuw subsidiepercentage dat gebaseerd is op omzetverlies. Bij 30% omzetverlies is het subsidiepercentage 50% en dit loopt op naar 70% bij volledig omzetverlies, met een maximum subsidiebedrag van € 90.000 per onderneming per drie maanden. In de eerste TVL was dat € 50.000 per onderneming per vier maanden. Het percentage vaste lasten wordt berekend op basis van de SBI-code, waarbij voor de horeca wordt gesteld dat de vaste lasten 25% zijn van de totale kosten van de onderneming. 13
Het aanvullende steunpakket van de TVL is een verbetering voor de horecaondernemers, maar zal toch lang niet voor elke individuele ondernemer voldoende zijn om zijn of haar bedrijf door deze crisis te leiden. Voorstel In lijn met recente jurisprudentie van diverse voorzieningenrechters over dit thema en op basis van de algemene uitgangspunten uit het Steunakkoord Retail is het voorstel om voor de eerste drie maanden van 2021 is het voorstel om een korting van 50 procent te verstrekken. Dit komt neer op circa € 82.000 minder huurinkomsten voor de gemeente. Onduidelijk is hoe de coronamaatregelen er vanaf maart 2021 uit gaan zien. Zodra bekend is hoe de maatregelen voor de horeca voor gevolgen hebben, wordt opnieuw bekeken of een huurverlaging noodzakelijk is voor de horecaondernemers. Daarom is het voorstel voor het tweede kwartaal van 2021 rekening te houden met een onttrekking aan de reserve steunmaatregelen corona ter grootte van € 82.000.
Voorstel: -
-
-
Voor de eerste drie maanden van 2021 een huurkorting van 50% te verstrekken aan de zes horecaondernemers binnen het gemeentelijk vastgoed, de zes ondersteunende horecaexploitanten bij de sporthallen en zwembaden en de vier erfpachters die op het in erfpacht uitgegeven perceel een horecagelegenheid exploiteren; Voor het tweede kwartaal van 2021 rekening houden met 50% korting op de huur voor de zes horecaondernemers binnen het gemeentelijk vastgoed en vier erfpachters die op het in erfpacht uitgegeven perceel een horecagelegenheid exploiteren. Definitieve besluitvorming door het college volgt in maart a.s. op basis van de dan bekende gegevens. De kosten van deze maatregelen van in totaal 2x € 82.000= € 164.000 te dekken uit reserve steunmaatregelen corona. Als na afgifte van de vergunning een evenement of markt door coronamaatregelen alsnog niet door kan gaan, wordt onderzocht of het evenement later in het jaar wel door kan gaan. De vergunning wordt dan aangepast en er worden geen nieuwe leges opgelegd. Kan het evenement later toch niet plaatsvinden, dan worden de leges gecompenseerd.
4.6 Samengevat In totaliteit bevat het pakket maatregelen ter ondersteuning van ondernemers extra inzet op het Actieplan Detailhandel en Horeca (kosten € 50.000) en (reservering) voor huurkorting voor horecaondernemers binnen het gemeentelijk vastgoed (kosten € 164.000). Verder worden de huidige gemeentelijke belastingmaatregelen met 6 maanden en worden er nieuwe lastenverlichtingen voorgesteld (kosten € 382.000). Het gaat om verlaging van de tarieven van precario- en reclamebelasting en lagere BIZ tarieven voor diverse straten. Samengevat is het financieel effect voor de voorstellen om ondernemers te ondersteunen als volgt:
x 1.000
14
Financiële gevolgen voorstellen ondersteunen ondernemers
Voorstel in €
Verlagen tarief precario terrassen met 100 %
200
Verlagen tarieven BIZ-heffing (en subsidie handhaven) met 25%
162
Verlagen tarieven reclamebelasting Cronjéstraat (en subsidie handhaven) met 25%
20
Extra capaciteit Actieplan Detailhandel en Horeca
50
Huurkwijtschelding commerciële horecaondernemers
164
Financiële gevolgen voorstellen ondernemers
596
Dekking: Te verwerken nadeel belastingbaten 2021 tlv reserve steunmaatregelen corona
-382
Extra capaciteit tlv reserve steunmaatregelen corona Huurkwijtschelding commerciële horecaondernemers tlv reserve corona noodsteunmaatregelen Totaal dekking
-50 -164 -596
Paragraaf 5 Voorstellen sociale basis (Programma 2 en 3)
Programma 2 5.1 organisaties/initiatieven sociale basis. Situatie 2020 In 2020 is geïnventariseerd of er partijen waren in de sociale basis die door de coronamaatregelen in de financiële problemen kwamen. Hier kwam uit naar voren dat bijna alle gesubsidieerde instellingen/initiatieven niet in de financiële problemen kwamen omdat zij nauwelijks te maken hebben met gederfde inkomsten en zij vanuit de subsidie hun vaste lasten konden dekken. Dit betekent dat wanneer de gemeente coulant is bij het vaststellen van de subsidies ten aanzien van het niet/anders/minder doorgaan van activiteiten zij niet in de financiële problemen komen. Uitzondering hierop zijn Dock Haarlem en Haarlem Effect. Deze twee partijen hebben namelijk inkomsten vanuit hun activiteiten (met name verhuur van locaties) nodig om hun vaste lasten te kunnen betalen. Omdat Dock in 2020 nog beschikte over een behoorlijke reserve kwamen ook zij niet direct in de financiële problemen. Haarlem Effect is wel in de financiële problemen gekomen en is daarom in 2020 gecompenseerd vanuit het Noodfonds. Naast gesubsidieerde initiatieven zijn er in de stad ook veel initiatieven die niet worden gesubsidieerd. Omdat we met hen vaak geen directe relatie hebben is het lastiger om in beeld te krijgen wat de financiële effecten zijn voor deze organisaties.
Uiteindelijk hebben een klein aantal organisaties zich gemeld omdat zij een huurrelatie hebben met de gemeente en problemen hadden om deze kosten te betalen. Uiteindelijk heeft één van deze organisaties: het Badhuis, gebruik gemaakt van de reserve steunmaatregelen corona. Situatie 2021 15
Nu we opnieuw in een lockdown zitten en het er naar uitziet dat dit zeker tot half februari 2021voortduurt, worden de organisaties weer geconfronteerd met het niet doorgaan van activiteiten en daardoor ook gederfde inkomsten. Het gros van de gesubsidieerde instellingen heeft hiervan geen financiële hinder zolang de subsidie (grotendeels) in tact blijft. Voor Haarlem Effect en Dock geldt wel dat zij iedere maand te maken hebben met flinke inkomstenderving. Voor Haarlem Effect geldt dus zeker dat zij ook in 2021 in financiële problemen komen als er geen compensatie plaatsvindt. Iedere maand dat er maatregelen zijn lijden zij tussen de € 12.000 en € 15.000 verlies. Voor het eerste halfjaar in totaal derhalve € 85.000. Omdat de reserve van Dock behoorlijk is afgenomen en Haarlem Effect dit jaar te maken hebben met flinke bezuinigingen op hun subsidie is de verwachting dat ook zij voor € 100.000 aanspraak moeten maken op financiële compensatie. Voorstel is voor Haarlem Effect een reservering te treffen van € 85.000 en voor Dock van € 100.000. Voorstel: -
Voor Haarlem Effect een reservering aanhouden van € 85.000 en voor Dock € 100.000. Dekking reserve noodsteunmaatregelen corona.
5.2 Stichting Tabitha en Kringloopwinkeltje Er hebben zich tot nu toe twee andere initiatieven gemeld die in de financiële problemen zitten door de Corona maatregelen: stichting Tabitha (gesubsidieerd voor 4000 euro ) en St. Kringloopwinkeltje Paleis noord (niet gesubsidieerd). Stichting Tabitha is deels afhankelijk van inkomsten vanuit o.a. een 2e hands winkeltje en het verzorgen van buurtmaaltijden. Door deze strenge lockdown valt bij hen meer dan r 70% van hun inkomsten weggevallen en kunnen zij hun vaste lasten niet meer betalen. Het betreft initiatieven die niet onder de TOZO regeling vallen, draaien op vrijwilligers en die primair een buurtfunctie als doelstelling hebben. Gezien het maatschappelijk belang (beiden hebben een zeer ruim bereik onder inwoners) is een kleine financiële ondersteuning vanuit de gemeente wenselijk. 5.3 Kleine initiatieven nog niet in beeld Voorstel is verder om € 40.000 te reserveren voor initiatieven die op dit moment nog niet in beeld zijn. Nu de lockdown langer gaat duren is de verwachting dat meer kleine initiatieven zich gaan melden. Dit bedrag kan worden opgevangen binnen de reserve steunmaatregelen corona. Voorstel: -
5.4
Een bedrag van € 40.000 te reserveren voor steunmaatregelen voor kleine initiatieven sociale basis; Aan het Kringloopwinkeltje en aan de stichting Tabitha € 5.000 noodsteun toe te kennen, totaal derhalve € 10.000. Dekking € 50.000 ten laste van reserve noodsteunmaatregelen corona
Maatschappelijke opvang
16
De gemeente Haarlem heeft in 2020 vanuit het Rijk een eenmalige bijdrage ontvangen van € 1,9 miljoen als dekking voor de extra kosten voor de maatschappelijke opvang door Corona. In 2020 is hiervan € 1,1 miljoen. Voor 2021 is dus nog € 8 ton beschikbaar. Dit bedrag is al ingezet voor de huur en bijkomende kosten van de MS Aurora tot en met medio maart 2021 (zie nota over de huur van de MS Aurora (BBV 2020/795478)). De huur van de MS Aurora moet verlengd worden tot 1 augustus 2021. Met alle bijkomende kosten is hiermee een bedrag gemoeid van € 1,6 mln. Er wordt rekening gehouden dat bij de verlenging van de maatregelen ook financiële compensatie van het Rijk wordt ontvangen (net als in 2020). Indien dat niet gebeurt of niet toereikend is, worden de kosten ten laste van de reguliere regionale middelen voor Maatschappelijke opvang (DU MO) gebracht, zodat financiële tekorten dan ook via de regionale budgetten gedekt worden. De regionale reserve Opvang, wonen en herstel is daarvoor de 1e buffer. Zo wordt voorkomen dat Haarlem de volledige kosten draagt voor een taak die Haarlem als Centrumgemeente voor ZK-IJmond-Haarlemmermeer uitvoert. Zonder extra Rijksbijdrage zal wel stevig ingeteerd worden op de beschikbare buffers
Voorstel: -
Een uitgavenbudget opnemen van € 1.600.000 voor maatschappelijke opvang. Als er geen extra Rijksbijdrage komt, dienen de kosten ten laste van de reguliere regionale middelen voor Maatschappelijke opvang (DU MO) te komen zodat financiële tekorten dan ook via de regionale budgetten gedekt worden.
x 1.000 Financiële gevolgen voorstellen sociale basis programma 2
Voorstel in €
Reservering Haarlem Effect
85
Reservering Dock
100
Kringloopwinkeltje en stichting Tabitha+ reservering kleine initiatieven
50
Reservering maatschappelijke opvang
1.600
Financiële gevolgen voorstellen sociale basis programma 2
1.835
Dekking: Rijksbijdrage of regiogelden DU MO Reserve coronamaatregelen
-1.600 -235
Programma 3 5.5.
Uitvoering Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten (TONK)
De Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten (TONK) is een noodmaatregel voor huishoudens die door omstandigheden in ernstige financiële problemen dreigen te komen. De TONK biedt een tijdelijke tegemoetkoming in noodzakelijke kosten aan huishoudens die te maken hebben met een 17
inkomensterugval en daardoor de noodzakelijke kosten niet meer kunnen betalen uit het resterende inkomen. Het gaat hierbij niet om een inkomensondersteunende regeling maar om een vergoeding voor daadwerkelijke noodzakelijke kosten. De verwachting is dat 1 februari 2021 de uitwerking met gemeenten van de TONK gereed is. Het kabinet heeft hiervoor een bedrag van maximaal € 130 miljoen gereserveerd voor het eerste halfjaar van 2021. Dit bedrag is inclusief uitvoeringskosten bij gemeenten. Het Haarlems aandeel in het macrobudget wordt geschat op € 1,2 miljoen. Totdat de TONK verder uitgewerkt is, en daarmee de precieze impact voor Haarlem bepaald kan worden, is het uitgangspunt dat de regeling bekostigd kan worden binnen deze beschikbaar gestelde middelen. Voorstel: -
5.6
Ervan kennisnemen dat bij de komende Voortgangsrapportage de uitgaven- en inkomstenraming 2021 inzake uitvoering TONK wordt verhoogd met het bedrag dat Haarlem voor 2021 ontvangt (naar huidige inschatting € 1,2 miljoen).
Uitvoer Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo)
De Tozo maatregel loopt door in 2021. Tozo 3 is 1 oktober 2020 gestart en loopt nog tot 31 maart 2021. Per 1 april gaat Tozo 4 van start. Deze maatregel loopt tot 30 juni 2021. Het kabinet heeft besloten om voor Tozo 4 een beperkte vermogenstoets in te voeren. Zowel de lasten van deze uitkeringen als de uitvoeringskosten worden volledig vergoed vanuit het Rijk. Naar schatting brengt dit in 2021 nog € 7,3 miljoen aan kosten met zich mee. Voorstel: Ervan kennisnemen dat bij de komende Voortgangsrapportage de uitgaven- en inkomstenraming 2021 inzake uitvoering Tozo wordt verhoogd met het bedrag dat Haarlem voor 2021 ontvangt (naar huidige inschatting € 7,3 miljoen).
5.7
Uitvoer regionale aanpak arbeidsmarkt Zuid-Kennemerland en IJmond 2020-2022
In 2020 is de regionale aanpak arbeidsmarkt Zuid-Kennemerland en IJmond 2020-2022 vastgesteld. Hierin zitten zowel regionale als lokale elementen van coronasteunmaatregelen. Regionaal De Regionale aanpak arbeidsmarkt Zuid-Kennemerland en IJmond 2020-2022 vormt het kader ten aanzien van de regionale arbeidsmarkt. Vanuit de hieraan gekoppelde regionale doe-agenda ligt de urgentie en focus in de eerste helft van 2021 op de volgende corona steunmaatregelen: • •
Het inrichten van een regionaal mobiliteitsteam voor aanvullende crisisdienstverlening aan werkenden en werkzoekenden bij het vinden van ander en nieuw werk. Een om- en bijscholingscurriculum voor werkenden en werkzoekenden in samenwerking met het onderwijs
18
•
Dienstverlening aan zelfstandig ondernemers door ondersteuning in ondernemerschap of reintegratie naar ander werk in loondienst De coördinatie van de regionale aanpak van jeugdwerkloosheid Het ondersteunen naar werk van kwetsbare schoolverlaters uit het mbo en het ondersteunen naar werk van voortijdig schoolverlaters Het opzetten van trajecten naar werk binnen sectoren die ook tijdens de coronacrisis kansrijk zijn Blijvende focus op kwetsbare groepen op de arbeidsmarkt
• • • •
Bovenstaande wordt gedekt vanuit regionale middelen vanuit het landelijke sociaal steunpakket uit de decembercirculaire 2020 en het project Perspectief op Werk. Vanuit de Decembercirculaire 2020 ontvangt Haarlem voor de arbeidsmarktregio voor 2020 € 404.000 en voor 2021 € 1 miljoen extra middelen. Omdat de middelen bedoeld zijn voor de regio heeft de compensatie geen effect op de algemene middelen van Haarlem. Lokaal Ter dekking van de verwachte toenemende druk op de bijstand door de coronamatregelen ontvangt de gemeente Haarlem in de decembercirculaire 2020 financiering vanuit het landelijk sociaal steunpakket over 2021, namelijk € 669.000 ter dekking van aanvullende re-integratiekosten en € 357.000 voor de impuls re-integratie. Deze bedragen zijn nog gebaseerd op maatstaven van maart 2020. Het Rijk rekent al met geactualiseerde maatstaven. Hierdoor valt werkelijk te verwachten € 694.000 respectievelijk € 370.000 in 2021. De middelen voor aanvullende re-integratiekosten worden ingezet om de reguliere dienstverlening op peil te houden nu de instroom in de bijstand gaat toenemen. De middelen voor de impuls worden ingezet volgens de lokale addenda bij de regionale aanpak. Zoals gemeld in de decemberrapportage 2020 volgen in de Jaarrekening 2020 en Kadernota 2022 eventueel voorstellen voor middelen voor de uitvoering van de lokale doe agenda. Voorstel: -
-
5.8
De middelen voor de regio die via de Decembercirculaire 2020 zijn ontvangen uit het landelijke sociaal steunpakket ad € 404.000 voor 2020 en voor 2021 € 1 miljoen. Deze worden doorgesluisd naar de arbeidsmarktregio. De (lokale) middelen die via de Decembercirculaire 2020 zijn ontvangen uit het landelijk sociaal steunpakket ad € 694.000 voor aanvullende re-integratiekosten en € 370.000 als impuls voor re-integratie in te zetten zoals hierboven aangegeven.
Aanpak van Armoede en schulden
Door de coronacrisis heeft een deel van de Haarlemmers hun inkomen zien dalen en kunnen deze huishoudens niet aan hun financiële verplichtingen voldoen. Door de voorziene toename van deze armoede- en schuldenproblematiek heeft het Rijk in de decembercirculaire 2020 € 478.000 in 2021 beschikbaar gesteld voor gemeentelijk schuldenbeleid. De verwachting is dat deze middelen op verschillende fronten worden ingezet voor maatwerk en integraliteit van de dienstverlening. Naast uitbreiding van het team budgetcoaches kan het inzetten van digitale instrumenten zoals de 19
Nationale Schuldhulproute aanvulling in benodigde budgetondersteuning bieden. Ook wordt ingezet op het vroegtijdig en integraal aanpakken van signalen van betalingsachterstanden in de vaste lasten. Specifieke aandacht hierbij is voor jongvolwassenen met beginnende zorgschulden. Voor het groeiende aantal jongeren met problematische schulden is de inkoop van trajectbegeleiding NewFuture nodig. Door saneringskredieten en toepassing van het collectief schuldregelen kunnen inwoners die voorheen zelfredzaam waren snel uit de schulden zijn. Om de ondernemers in schulddienstverlening te kunnen helpen zal voor sommigen de boekhouding en de juridische schuldhulp dienen te worden ingekocht. Voorstel: -
5.9
De middelen die via de Decembercirculaire 2020 zijn ontvangen (€ 478.000 voor 2021) inzetten voor gemeentelijk schuldenbeleid als hierboven beschreven.
Zorgaanbieders WMO en Jeugd (RIVM richtlijnen)
De aanbieders Wmo en Jeugd kunnen kosten die gemaakt worden om te voldoen aan de RIVM- De aanbieders Wmo en Jeugdhulp kunnen kosten die ze maken om aan de RIVM-richtlijnen te voldoen, declareren bij en vergoed krijgen door de gemeente. Deze regeling loopt door tot eind 2021. Net als in 2020 krijgen de gemeenten hiervoor van het Rijk een vergoeding. Voor 2021 zijn nog geen bedragen bekend. Haarlem hanteert als uitgangspunt ‘rijksbudget = werkbudget’, dus daarmee zal de te betalen vergoeding niet tot een financieel nadeel leiden. 5.10
Perspectief voor jongeren in coronatijd
De verwachting is dat de gemeenten extra bijdragen ontvangen vanuit het rijk in het kader van “Extra budget perspectief voor jongeren in coronatijd”. De middelen worden begin 2021 beschikbaar gesteld. Een deel via het gemeentefonds en een tweede deel via de regeling voor maatschappelijke diensttijd (MDT). Voorgesteld wordt de inkomstenraming hiervoor te verhogen en uitgaven te ramen voor extra jongerenwerk ten tijde van corona (€ 400.000) en voor extra projecten Maatschappelijke Diensttijd (€ 150.000). Voorstel: -
Uitgavenbudget ramen voor extra jongerenwerk ten tijde van corona (€ 400.000) en voor extra projecten Maatschappelijke Diensttijd (€ 150.000). - De inkomstenraming te verhogen met € 550.000 vanwege te ontvangen Rijksbijdrage - De uitgaven mogen pas worden gedaan als zeker is dat de Rijksbijdrage wordt ontvangen en voor maximaal het bedrag van de Rijksbijdrage 5.11 Samenvattend Er wordt een fors pakket maatregelen voorgesteld dat kan worden gerealiseerd uit Rijksbijdragen. Voor de Tozo-regeling en de TONK-regeling worden uitgavenbudgetten opgenomen die corresponderen met de te ontvangen Rijksbijdragen (nu ingeschat op respectievelijk € 1.200 en € 7.300). Middelen voor de regio die zijn ontvangen uit het landelijk sociaal steunpakket worden doorgesluisd naar de arbeidsmarktregio. De middelen uit dit steunpakket die als lokale impuls zijn bedoeld, worden ingezet voor re-integratie. In totaal gaat het om € 1.064.000. Voor gemeentelijk 20
schuldenbeleid wordt € 478.000 extra geraamd te dekken uit de Rijksbijdragen hiervoor. Voor jongerenwerk wordt in totaal € 550.000 extra ingezet mits hier compenserende Rijksbijdrage voor wordt verleend. x 1.000 Financiële gevolgen voorstellen sociale basis programma 3
Voorstel in €
Uitvoering Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten
1.200
Uitvoer Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers
7.300
Regiomiddelen sociaal steunpakket
1.000
Lokale middelen sociaal steunpakket
1.067
Aanpak armoede en schulden
478
Perspectief jongeren in coronatijd
550
Financiële gevolgen voorstellen sociale basis programma 2
11.595
Dekking: Rijksbijdrage uitvoering regeling Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten
-1.200
Rijksbijdrage Uitvoer Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers
-7.300 -1.000
Rijksbijdrage voor regio sociaal steunpakket (Decembercirculaire2020) Rijksbijdrage voor lokaal sociaal steunpakket (Decembercirculaire2020)
-1.067
Rijksbijdrage voor armoede en schulden
-478
Rijksbijdrage jongeren in coronatijd
-550
Dekking totaal
-11.595
Paragraaf 6 Fysieke leefbaarheid (programma 5) 6.1 Afvalinzameling en -verwerking Extra kosten die naar verwachting worden gemaakt: -
Ziekteverzuim, door coronabesmetting of bijzonder verlof ivm een besmetting thuis (inhuur operationele medewerkers); Extra inzet op de inzameling van GFT rolemmers ivm aanbiedgedrag (100%, begroot op 65%); Extra inzet op duo bakken inzameling ivm aanbiedgedrag (100%, begroot op 65%); Extra inzet inzameling restafval; Extra inzet inzameling bovengrondse en ondergrondse papiercontainers; Extra inzet inzameling grof huishoudelijk afval; Extra inzet afvoer Milieuplein; Extra inzet milieuplein medewerkers voor begeleiding; Extra inzet meldingen
De extra kosten bedragen tussen de € 1,2 miljoen en € 1,5 miljoen en de inschatting is dat er circa 7.000 ton meer afval en grondstoffen wordt ingezameld ten opzichte van de meerjarenbegroting. De inzet van de operationele uitvoering is onverminderd hoog en ook bij het eventueel versoepelen van maatregelen heeft dit voor het afvalaanbod niet direct een positief effect op de benodigde inzet 21
of extra kosten. De kans is zelfs groot dat na deze nu al lang durende lockdown, bij de eerste versoepeling nog een extra piek van afvalaanbod ontstaat. Dat verklaart ook de marge in kosten van € 0,3 miljoen. Voor het project SPA hebben de coronamaatregelen nog geen gevolgen voor 2021. Door de complexiteit van de aankomende uitrol in erg verstedelijkte wijken en de coronacrisis, is het project in de tijd wel doorgeschoven en een aangepaste planning is binnen het projectteam SPA besproken. Er dient rekening mee gehouden te worden dat door deze mogelijke vertraging 25% meerkosten voor 2022 ontstaan. De kosten zijn nu nog moeilijk in te schatten, aangezien er veel variabelen mogelijk zijn en het behalen van gestelde deadlines lastig is zolang deze situatie aanhoudt en het thuiswerken ook een vertragend effect heeft op de voortgang. Voorstel: -
De budgetten ter dekking van de kosten van afvalinzameling met € 1.200.000 verhogen ten laste van de algemene middelen.