CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

2 Bijlage 1 Informatieboekje aanbod JGZ

commissie Samenleving 7 december 2023, gemeente HaarlemBij agendapunt: 22.15 uur Vaccinatiegraad Rijksvaccinatieprogramma jeugd Haarlem (BL)10.397 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Dichtbij, deskundig en preventief De missie van Jeugdgezondheidszorg Kennemerland is het bevorderen van een gezonde, veilige en

liefdevolle ontwikkeling van alle in

ons werkgebied wonende kinderen van 0 tot 4 jaar.

Jeugdgezondheidszorg Kennemerland Dichtbij, deskundig en preventief

Inhoudsopgave

02

1.

Jeugdgezondheidszorg Kennemerland

03

2.

Preventie als kern

14

3.

Ondersteuning op maat

20

4.

Als er meer nodig is

24

5.

Samenwerken in de regio

26

1.

Jeugdgezondheidszorg Kennemerland

De missie van Jeugdgezondheidszorg Kennemerland BV (JGZ) is het bevorderen van een gezonde, veilige en liefdevolle ontwikkeling van alle in ons werkgebied wonende kinderen van 0 tot 4 jaar. Visie De basis van de relatie tussen ouder en kind is liefde en verbinding. Dit biedt het kind veiligheid, en zorgt ervoor dat het kind voelt dat hij of zij ertoe doet en waardevol is. De ouder is hierbij het belangrijkst. Wij stemmen ons werk af op de vragen en wensen van de ouder. Onze medewerkers krijgen alle ruimte om zelfstandig te werken, zodat ze snel en goed aan kunnen sluiten op wat ouders op dat moment nodig hebben. JGZ Kennemerland is er voor zwangeren, kinderen van -9 maanden tot 4 jaar en hun ouders in de regio Zuid-Kennemerland en IJmond. Wij voeren onze taken uit in opdracht van de volgende gemeenten: Haarlem, Zandvoort, Bloemendaal, Heemstede, Velsen, Beverwijk, Heemskerk en Uitgeest. Vanuit de Wet publieke gezondheid (Wpg) dragen de colleges van burgemeester en wethouders van bovenstaande gemeenten zorg voor de uitvoering van de jeugdgezondheidszorg.

03

1

https://www.kansrijkestartnl.nl

Er wordt een landelijk preventief gezondheidszorgpakket actief aangeboden aan alle jeugdigen tot 18 jaar waarbij het college in ieder geval zorg draagt voor: • het op systematische wijze volgen en signaleren van ontwikkelingen in de gezondheidstoestand van jeugdigen en van gezondheid bevorderende en bedreigende factoren; • het ramen van de behoeften aan zorg; • de vroegtijdige opsporing en preventie van specifieke stoornissen, met uitzondering van de hielprik bij pasgeborenen; • het geven van voorlichting, advies, instructie en begeleiding; • het formuleren van maatregelen ter beïnvloeding van gezondheidsbedreigingen; • de uitvoering van het Rijksvaccinatieprogramma. Per 1 juli 2022 is de Wpg aangepast waardoor alle gemeenten verplicht zijn het prenatale huisbezoek (als onderdeel van Kansrijke Start 1) in te kopen bij, dan wel op te dragen aan dezelfde organisatie die de jeugdgezondheidszorg voor de gemeente uitvoert.

Naast de uitvoering van bovengenoemde taken maken we met de gemeenten specifieke afspraken die aansluiten bij het jeugdbeleid van de betreffende gemeente. JGZ Kennemerland is een belangrijke samenwerkingspartner van het Centrum voor Jeugd en Gezin Kennemerland (CJG). JGZ Kennemerland is een zelfstandige organisatie, maar is 100% dochter van ViVa! Zorggroep. ViVa! Zorggroep verzorgt voor ons de uitvoering van administratieve en ondersteunende werkzaamheden, zoals de financiële administratie, personeelszaken en vastgoed. Ook dragen zij zorg voor de vereisten rondom wet- en regelgeving, zoals systematische verduurzaming van onze bedrijfsvoering (Green deal).

Dichtbij, deskundig en preventief Dichtbij, deskundig en preventief zijn de waarden van waaruit wij werken. Dichtbij JGZ Kennemerland is voor iedereen toegankelijk en wil met aandacht en empathie samenwerken met ouders. Wij zijn voor ouders bekend en bereikbaar op het consultatiebureau en in de wijk. Ouders kunnen zelf kiezen hoe en wanneer ze van het consultatiebureau gebruik willen maken. Ook kunnen wij bij ouders op huisbezoek komen. Voor ouders is duidelijk wat wij te bieden hebben, zodat zij bewust keuzes kunnen maken die bij hun kind en gezin passen. Deskundig Deskundigheid en kwaliteit vormen de kern van ons werk. Wij hebben hoogopgeleide professionals in dienst, die vanuit verschillende vakgebieden met een integrale blik kijken naar het kind, de ouders en omgeving. We streven naar innovatie en continue kwaliteitsverbetering. Ons actuele aanbod ontstaat door de dialoog tussen ouders en professionals (practice based) en wetenschappelijke inzichten, methodieken en onderzoek (evidence based). Wij hebben door ons netwerk en kennis een verbindende rol tussen ouders en voorzieningen waar ouders gebruik van kunnen maken.

04

Preventief Preventie is ingebed in al onze activiteiten. Bij alle activiteiten vragen we ons af of ze een preventief effect hebben. Vanuit kleine successen, krachten en talenten werken we naar het bloeien en groeien van ouders en kinderen. Het gaat dan niet alleen om het voorkomen van problemen door lichte en tijdige ondersteuning, maar ook om het ondersteunen van krachten en kansen. Preventie is een breed begrip. Het kan gaan om: • Het voorkomen van problemen zodat deze geen kans krijgen (primair); • Het voorkomen dat problemen verergeren of zich verder uitbreiden naar andere leefgebieden, contexten of personen in/ rondom een gezin (secundair); • Het voorkomen dat problemen zich herhalen, denk aan transgenerationele overdracht (tertiair). Preventie kan in allerlei vormen: van online informatie of chat, groepsaanbod tot individuele begeleiding. Activiteiten kunnen zich richten op een breed publiek of op specifieke doelgroepen of thematiek.

Dromen, wensen en behoeften als vertrekpunt We vertrekken vanuit de behoeften van ouders en kinderen en de dromen en wensen die ouders voor hun kinderen koesteren. Dat is een omslag in het werk, vergeleken met het meer gangbare vertrek vanuit gesignaleerde risico’s en kwetsbaarheden. We stellen doelen meer dan voorheen in ‘positieve’ termen (bijvoorbeeld gericht op het aanleren van levensvaardigheden en coping strategieën) en minder in termen van te voorkomen specifieke risico’s met elk een eigen preventietraject. De ondersteuningsbehoefte en de vorm en frequentie stemmen we met gezinnen af. We begeleiden het proces, in plaats van een oplossing aan te reiken. Informele en formele zorg worden gecombineerd en specialistische zorg ingeschakeld waar nodig. Ieder contact is maatwerk! Preventie vraagt aandacht voor positieve en beschermende factoren, denk aan: sociale binding en steun, een gezonde leefstijl, en dat ouders en kinderen ervaren dat zij ‘ertoe doen’, hun bijdrage en positief gedrag gezien en gewaardeerd wordt.

Locaties Hoofdkantoor Jeugdgezondheidszorg Kleermakerstraat 51a - 1991 JL Velserbroek Telefoon: 088 - 995 95 95 Consultatiebureau Uitgeest Graskamplaan 10 - 1911 LH Uitgeest

Consultatiebureaus Haarlem Jan Gijzenkade 305b - 2025 MC Haarlem Colensostraat 11 - 2021 BA Haarlem Amsterdamstraat 71 - 2032 PN Haarlem Leidseplein 36 rd - 2013 PZ Haarlem Vilniusstraat 2 - 2034 EM Haarlem

Consultatiebureau Heemskerk Maltezerplein 27 - 1961 JC Heemskerk

Consultatiebureau Bloemendaal Dennenweg 15a - 2061 HW Bloemendaal

Consultatiebureau Beverwijk Trijntje Kemp-Haanstraat 37 - 1941 HB Beverwijk

Consultatiebureau Zandvoort Dr. J.P. Thijsseweg 24a - 2041 BM Zandvoort

Consultatiebureau Velsen-Noord Heirweg 2a - 1951 CD Velsen-Noord

Consultatiebureau Heemstede Lieven de Keylaan 7 - 2101 VD Heemstede

Consultatiebureau IJmuiden Marktplein 1 - 1972 GA IJmuiden Consultatiebureau Velserbroek Aletta Jacobsstraat 200-220 - 1991 PW Velserbroek

05

ORGANOGRAM

Onze Bedrijfsstructuur

ViVa! Zorggroep

S T I C H T I N G V I VA ! Z O R G G R O E P

J E U G D G E Z O N D H E I D S Z O R G K E N N E M E R L A N D B . V.

Directeur

Directiesecretaris

Communicatie

C E N T R U M V O O R J E U G D E N G E Z I N K E N N E M E R L A N D B . V.

Managers Kwaliteit en Innovatie

Managers

Secretariaat

Projectmanagers

Administratie

Gedragswetenschappers CJG-coaches Medewerkers Informatie en Advies Medewerkers team Passende hulp

Projectmanager

Managers

Secretariaat

Bedrijfsbureau

Applicatiebeheer

Jeugdartsen Artsen in opleiding Jeugdverpleegkundigen Orthopedagogen Thuisbegeleiders Consultatiebureau assistenten Wijkassistenten

06

07

Kwaliteit JGZ Kennemerland is een dynamische, innovatieve organisatie die zich wil onderscheiden door kwaliteit. De wereld om ons heen verandert continu en de daarmee gepaard gaande ontwikkelingen gaan snel. Medewerkers moeten zich hieraan steeds kunnen en willen aanpassen. Dat vraagt aanpassingsvermogen, flexibiliteit, zelfstandigheid, brede inzetbaarheid en professionaliteit van onze medewerkers. Hierin willen wij investeren.

Opleidingsinrichting en academisering JGZ Kennemerland is een erkende opleidingsinrichting Arts Maatschappij & Gezondheid eerste fase (Jeugdarts KNMG) en tweede fase (Arts Maatschappij & Gezondheid). Daarnaast leveren we een bijdrage aan de opleiding tot HBO Verpleegkundige. Ook bieden we coassistenten, kraamverzorgenden en verloskundigen de mogelijkheid om een kortdurende stage te volgen.

JGZ Kennemerland streeft ernaar om kwalitatief goed opgeleide medewerkers in dienst te hebben. Middelen om dit te bereiken zijn onder andere opleiden en scholen. Uitgangspunt hierbij is het stimuleren van zelfkennis en lerend vermogen. Wij organiseren scholingsdagen waar aandacht is voor intervisie, het implementeren en borgen van richtlijnen, kwaliteit en innovaties en landelijke ontwikkelingen. De richtlijnen die wij hanteren zijn afkomstig van het Nederlands Centrum Jeugdgezondheid (NCJ). Het NCJ ontwikkelt in samenspraak met de beroepsverenigingen, de branche- en koepelorganisaties wetenschappelijk onderbouwde richtlijnen voor de uitvoering van het Basispakket JGZ. Elk jaar is er aandacht voor scholing over borstvoeding en de meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling.

JGZ Kennemerland is een praktijk van de Academische Werkplaats Jeugd en gezondheid van het Amsterdam Universitair Medisch Centrum (AUMC). Binnen de academische werkplaats wordt bijgedragen aan onderwijs, onderzoek en zorgvernieuwing.

08

JGZ Kennemerland vindt het belangrijk bijdragen te leveren aan onderzoek wat kan leiden tot een wetenschappelijke onderbouwing of een innovatie met als resultaat een betere kwaliteit van ons werk. Onder andere daarom dragen we elk jaar bij aan verschillende wetenschappelijke onderzoeken. Een onderzoeksteam bestaande uit een consultatiebureauassistent, jeugdverpleegkundigen en jeugdartsen bepaalt gezamenlijk welke onderzoeken en in welke vorm relevant, innovatief en haalbaar zijn. We dragen bij aan een vervolgonderzoek naar coeliakie in samenwerking met het LUMC. Ook nemen we deel aan een onderzoek naar bewegen van jonge kinderen en de daaraan gerelateerde ontwikkeling vanuit het AUMC. Daarnaast blijven we betrokken bij het onderzoek door het Radboud ziekenhuis naar echo’s van de heup bij baby’s.

In samenwerking met het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC) voerden wij gedurende 3 jaar een onderzoek uit naar vroegdiagnostiek van coeliakie. Op basis van een vragenlijst werden kinderen geïncludeerd en kregen zij een bloedtest (vingerprik) aangeboden. Hiermee kon worden vastgesteld of er sprake was van coeliakie. De resultaten waren overweldigend: op deze manier werden 7 tot 11 keer meer kinderen met coeliakie gevonden dan via de reguliere zorg. Daarom bieden wij deze mogelijkheid van diagnostiek nog steeds aan kinderen vanaf 2 jaar. Dit is nu nog mogelijk door constructief overleg met de fabrikant van de testsets. Structurele financiering voor dit aanbod is nog niet gevonden. Of deze gezondheid bevorderende activiteit in de nabije toekomst voortgezet kan worden is daardoor nog onduidelijk. Wij hopen dat we deze activiteiten kunnen voortzetten. Landelijke cijfers geven aan dat 1 à 2 procent van de bevolking coeliakie heeft, maar deze ziekte hoort tot de meest ondergediagnosticeerde ziekten. Het vroegtijdig opsporen ervan voorkomt veel onnodig leed bij kind en gezin en onnodige zorgverlening.

JGZ Kennemerland beschikt met het Digitaal Dossier van de JGZ over een eigen bron van informatie. Voor studenten vanuit de academische werkplaats stellen we jaarlijks een aantal onderzoeksstages ter beschikking. Zij zoeken dan een kleine vraag uit voor hun bachelor eindproject. De onderzoeksvraag wordt in samenspraak met JGZ Kennemerland geschreven, de daarbij horende data worden onder begeleiding van onderzoekers van het AUMC geanalyseerd en aan het eind van de stage wordt een presentatie gehouden en een infographic hierover gemaakt. De hieruit voortkomende resultaten gebruiken we vervolgens om de kwaliteit van onze uitvoering te verbeteren. Kwaliteitscertificaat Jeugdgezondheidszorg Kennemerland is sinds 2008 in het bezit van het certificaat van de Stichting Harmonisatie Kwaliteitsbeoordeling in de Zorgsector (HKZ certificering). Om dit certificaat te behouden vinden regelmatig (externe) audits plaats. Kwaliteitsregisters Onze jeugdverpleegkundigen, jeugdartsen, thuisbegeleiders en orthopedagogen zijn ingeschreven in voor hen specifieke kwaliteitsregisters en ook hiermee borgen we kwaliteit. Daarnaast lopen er binnen onze organisatie projecten van intercollegiale toetsing, waarbij we verhoging van de kwaliteit van de uitvoering in de praktijk nastreven. Cliëntenraadpleging We vinden het belangrijk om te weten wat ouders van onze dienstverlening vinden.

Iedere ouder ontvangt na het ‘5 maanden’ en ‘2 jaar’ consult een 09

vragenlijst waarin gevraagd wordt hoe zij de dienstverlening hebben ervaren. De professionals gaan aan de hand van de ingevulde vragenlijst in gesprek met de ouders. Daarnaast zijn we gestart met de opzet van een ouderpanel. Het doel van het ouderpanel is tweeledig: het bevorderen van de samenwerking tussen ouders en JGZ Kennemerland, waarbij ouders fungeren als informatiebron en klankbord, en het optimaliseren van de dienstverlening. Medewerkersraadpleging Elke twee jaar voert JGZ Kennemerland een medewerkerstevredenheidsonderzoek uit. We willen graag weten hoe medewerkers het werken bij JGZ Kennemerland ervaren. Zijn ze tevreden, zijn ze gemotiveerd, zijn ze productief en welke zaken spelen er binnen de organisatie. Dit onderzoek geeft ons inzicht in de tevredenheid, betrokkenheid, bevlogenheid, loyaliteit, motivatie en klantgerichtheid van de medewerkers. Naast het medewerkerstevredenheidsonderzoek organiseren we 4 keer per jaar een breed overleg. Hierin zijn alle disciplines vertegenwoordigd. In dit overleg bespreken we onderwerpen die iedereen binnen de organisatie aangaan. Erkende interventies JGZ Kennemerland werkt met goed onderbouwde en/of erkende preventieve interventies. Nieuwe collega´s worden ingewerkt op het gebruik van deze interventies.

Onze meer ervaren professionals bespreken tijdens intervisie-bijeenkomsten en casuïstiekbesprekingen het werken in de praktijk en behouden op deze manier de kwaliteit van de uitvoering van deze interventies.

In samenwerking met het Radboud Universitair Medisch Centrum doen wij onderzoek naar het maken van heupecho’s op het consultatiebureau. Tijdens de eerste fase van dit onderzoek hebben we gekeken of de jeugdarts op het consultatiebureau een goede echo van de heupen kan maken. Hieruit bleek dat de kwaliteit van de echo door een jeugdarts goed is. Een echo is een betere manier om heupdysplasie op te sporen dan het lichamelijk onderzoek. Daarom nemen we de volgende stap van het onderzoek. Op drie locaties wordt alle kinderen tijdens het drie maanden consult een echo aangeboden. Dit zou er voor kunnen zorgen dat kinderen in de toekomst niet meer onnodig naar het ziekenhuis hoeven te reizen voor deze echo. Hoe werkt dit? Tijdens de eerste afspraak op de betreffende consultatiebureaus geeft de jeugdarts informatie over dit onderzoek. Wij vragen de ouders dan om schriftelijk toestemming te geven voor het maken van een heupecho op het consultatiebureau. De heupecho wordt gemaakt tijdens de eerst volgende afspraak op het consultatiebureau. Het maken van een echo duurt een paar minuten.

Onze werkwijze Kansrijke start Al tijdens de zwangerschap kunnen aanstaande ouders bij ons terecht met vragen en ondersteunen wij aanstaande ouders waar nodig. De eerste 1000 dagen – geteld vanaf het moment van zwanger worden tot de leeftijd van 2 jaar – zijn heel belangrijk voor de ontwikkeling van een kind. Zwanger zijn en het aanstaand ouderschap brengen grote veranderingen met zich mee: zowel lichamelijk als emotioneel. We kunnen aanstaande ouders helpen bij het goed voor zichzelf zorgen, een gezonde leefstijl en antwoorden geven op eerste vragen over het vader en moeder worden, het opvoeden, het verzorgen en de ontwikkeling van het kind.

de opvoeding en de ontwikkeling bespreken. Met een huisbezoek al tijdens de zwangerschap is de JGZ, naast de geboortezorgpartners, in vroeg stadium een vanzelfsprekende partner voor de aanstaande ouders. Zo weten zij de weg naar ondersteuning snel en laagdrempelig te vinden. In een huisbezoek kunnen we samen met ouders signaleren dat er al tijdens de zwangerschap meer ondersteuning gewenst is. Dan kunnen we ouders begeleiden naar de juiste hulp, met als doel het streven naar een optimale start voor het kind en het aanstaande ouderschap. In vervolg op het huisbezoek van de jeugdverpleegkundige kan, als dat nodig is, ook een orthopedagoog of thuisbegeleider ingezet worden.

Vanaf 22 weken zwangerschap bieden wij een consult aan, waar wij de maternale kinkhoestvaccinatie geven. We bespreken wat wij voor en na de bevalling voor de (aanstaande) ouders en hun kind kunnen betekenen. Tijdens dit consult informeren wij over de mogelijkheid van een prenataal huisbezoek. De overheid stelt dat een prenataal huisbezoek alleen wordt aangeboden aan kwetsbare zwangeren. Wij zien in de praktijk dat iedere zwangere kwetsbaar kan zijn en wijken daarom van deze norm af. Wij bieden het huisbezoek aan alle zwangeren aan en noemen het een huisbezoek in de zwangerschap.

“Ik heb het huisbezoek in mijn zwangerschap door de jeugdverpleegkundige als heel prettig ervaren. Gericht op wat wij als aanstaande ouders op dat moment nodig hadden.”

Tijdens dit huisbezoek kunnen aanstaande ouders hun vragen en eventuele zorgen rondom het aanstaande ouderschap,

10

Screeningshuisbezoek Na de geboorte volgt het huisbezoek door de screener die de hielprik en de neonatale gehoortest afneemt. Dit bezoek wordt gepland als de persoonsgegevens van een pasgeboren kind via de Gemeentelijke Basisadministratie (GBA) bij JGZ Kennemerland binnengekomen zijn. Tijdens het screeningshuisbezoek nodigt de screener de ouder uit voor het eerste consult rond de leeftijd van 4 weken. Ouders met kinderen die vanuit het buitenland in het werkgebied van JGZ Kennemerland komen wonen, kunnen gebruik maken van de hielprikscreening, als hun kind nog geen 6 maanden oud is.

Intake De jeugdverpleegkundige biedt ouders een huisbezoek aan rond de 14e dag na de geboorte: de intake. Tijdens de intake kijkt de jeugdverpleegkundige samen met ouder naar hoe de zwangerschap, de bevalling en de eerste weken zijn gegaan. Ook bespreekt de jeugdverpleegkundige wat de verwachtingen (en wensen) zijn ten aanzien van het consultatiebureau. De jeugdverpleegkundige maakt een start met het digitale dossier van het kind en vertelt over onze organisatie en wat deze voor de ouder en het kind kan betekenen. De jeugdverpleegkundige observeert tijdens het gesprek de baby en heeft aandacht voor voeding en groei. Ook stelt de jeugdverpleegkundige vragen die onder andere betrekking hebben op de achtergronden van het gezin en erfelijke aandoeningen in de familie. Deze omstandigheden kunnen van invloed zijn op de gezondheid, groei, ontwikkeling en opvoeding van een kind. Bij dit gesprek wordt gewerkt met de methodiek ‘Gezamenlijke Inschatting Zorgbehoefte’ (GIZ-methodiek). Ook ouders met kinderen die later in ons werkgebied zijn komen wonen, krijgen een intake aangeboden.

De GIZ-methodiek is een inschattingsmethodiek om in dialoog met (aanstaande) ouders (en eventueel andere professionals) ontwikkel- en zorgbehoeften efficiënt, effectief en adequaat in kaart te brengen en samen te beslissen over passende ondersteuning. Gezamenlijk kijken de professional en ouders hoe het met het gezin gaat. Hierbij worden verschillende thema’s besproken. Vanuit wat er allemaal goed gaat, kan samen met de ouders worden bepaald wat er eventueel aan extra ondersteuning binnen of buiten de jeugdgezondheidszorg nodig is.

“Wij hebben de intake als een goed gesprek ervaren. Er was veel aandacht voor onze vragen. We voelden ons gesterkt in ons ouderschap. Ook fijn dat de jeugdverpleegkundige aangaf hoe we haar kunnen bereiken als we de komende weken vragen hebben.“ Consulten bij de jeugdarts of jeugdverpleegkundige Om onze taak goed uit te voeren is het belangrijk dat de jeugdarts en jeugdverpleegkundige van het consultatiebureau kinderen regelmatig zien. De consulten op het consultatiebureau duren 30 minuten. Tijdens de consulten doen wij verschillende onderzoeken om de ontwikkeling van een kind te volgen, maar ook lichamelijk onderzoek naar de huid en spierspanning, hart, heupen, ogen en indaling testikels. We geven de vaccinaties volgens het Rijksvaccinatieprogramma (RVP). Daarnaast is er veel aandacht voor: • Hoe het gaat met de ouders, het kind, de opvoeding, het ouderschap en de omstandigheden van het gezin;

11

• • •

De groei Leefstijl (voeding en eetgedrag, bewegen, beeldschermgebruik, roken in de omgeving en slapen); Mondgedrag, mondverzorging en tandartsbezoek.

Op alle locaties werken we volgens Ont-Moeten. Door middel van langere consulten op de consultatiebureaus (van 20 naar 30 minuten) maken we ruimte voor meer diepgang in het gesprek tussen ouder en professional. De ouder krijgt zo meer de gelegenheid om eigen punten en vragen te bespreken, de professional om haar inbreng goed over te brengen. Vervolgens komen professional en ouders gezamenlijk tot een aanpak, met daarin een afspraak voor een volgend contactmoment. De GIZ-methodiek blijft een belangrijk instrument om de kwaliteit van het inhoudelijke gesprek te verhogen en beter tot de kern te komen. Op sommige locaties zijn we gestart met het aanbieden van groepsconsulten op specifieke leeftijden. Naast de consulten op het consultatiebureau kunnen ouders als zij er zelf niet uitkomen of als ze vragen hebben over gezondheid, ontwikkeling of opvoeding op ieder gewenst moment bij ons terecht. Dit kan via het dagelijkse telefonische spreekuur, WhatsApp of inloopspreekuren. Bij al onze activiteiten is de JgzApp een heel handig hulpmiddel voor ouders. Zo kunnen ze: • De ondersteuning kiezen die zij nodig hebben en zelf de afspraken bij ons inplannen via de app; • Zien wie er meekijkt in het dossier; • Goede informatie vinden over opvoeden en opgroeien; • De groeicurve en het vaccinatieoverzicht inzien; • Documenten (bijvoorbeeld verwijsbrieven) inzien.

Nieuwsbrieven voor ouders Sinds enige jaren sturen wij digitale nieuwsbrieven naar ouders van kinderen die bij ons in zorg zijn. In deze nieuwsbrieven zijn onderwerpen opgenomen die aansluiten op de ontwikkelingsfase waar hun kind in zit. In de nieuwsbrieven wordt ook doorverwezen naar landelijke informatie. We starten al met deze brieven in de zwangerschap. Kinderen in beeld, in zorg en bereik Bijna alle ouders maken gebruik van het consultatiebureau, sommigen maken er geen of minder gebruik van. Wanneer een ouder niet verschijnt op een afspraak zonder afmelding, volgt automatisch een uitnodiging met een nieuwe afspraak voor een consult op het consultatiebureau. Als de ouder ook deze afspraak niet opvolgt en geen afbericht geeft, neemt de jeugdverpleegkundige telefonisch contact op met de ouder of gaat langs op het huisadres. Indien ouders geen gebruik meer willen maken van het consultatiebureau, wordt met toestemming van ouders de huisarts van het gezin hierover geïnformeerd. Spoorzoeken Ouders kunnen het contact met de JGZ verliezen door bijvoorbeeld het niet nakomen van afspraken, langdurige ziekenhuisopname van hun kind, verblijf in het buitenland of het verhuizen met onbekende bestemming. Het komt ook voor dat kinderen op een ander woonadres verblijven dan dat JGZ Kennemerland door krijgt uit de Gemeentelijke Basisadministratie (GBA).

Extra inspanningen zijn in deze gevallen nodig om deze kinderen ‘op te sporen’.

Zorgen voor continuïteit van zorg Voor kinderen van 4 tot 19 jaar neemt de sector Jeugdgezondheidszorg van GGD Kennemerland de taak over. Als een kind 4 jaar wordt, dragen wij het dossier met toestemming van de ouders van het kind digitaal over aan de GGD. Bij gezinnen met meerdere hulpvragen vindt vaak een zogenaamde ‘warme overdracht’ plaats; de jeugdarts of jeugdverpleegkundige licht de overdracht mondeling toe aan de collega die de jeugdgezondheidszorg overneemt. Bij een warme overdracht zijn de ouders op de hoogte en akkoord met de inhoud van de overdracht. Indien nodig en alleen met toestemming van de ouder, dragen wij ook informatie over aan de intern begeleider van de

12

school waar het kind heengaat. We hebben twee soorten dashboards: Bij verhuizing van een kind buiten het • Voor gemeenten. Zij zien daar werkgebied van JGZ Kennemerland de verantwoording van de wordt het dossier van het kind prestatieafspraken zoals die voor overgedragen aan de instelling die dat jaar gemaakt zijn. Voor zover de jeugdgezondheidszorg uitvoert in mogelijk wordt gekeken naar het de nieuwe woonplaats. Ook hierbij kan verloop van de percentages in een ‘warme overdracht’ plaatsvinden. de afgelopen vijf jaren. Daarnaast worden de gemeentelijke cijfers Dashboards in de benchmark vergeleken met Meten is weten! Het dashboard cijfers uit het hele werkgebied. wordt gebruikt als verantwoording • Voor de JGZ-teams. Zij hebben voor onze activiteiten, maar ook als de beschikking over een eigen middel om inzicht te krijgen in het teamdashboard, waarmee zij vorderen van onze prestaties en de hun prestaties kunnen monitoren kwaliteit van ons werk. Het uitlezen, en bijsturen. analyseren van de dashboards hoort onderdeel te zijn van reflectie op het dagelijks handelen en is onderdeel van het gesprek tussen professionals en management.

Wij werken volgens de visie Infant Mental Health: In alle contacten die wij hebben met kinderen en hun ouders werken wij volgens het Infant Mental Health (IMH) gedachtegoed, dat naadloos aansluit bij onze missie en visie.

een kind op met het gevoel geliefd te zijn, het gevoel dat het op anderen kan vertrouwen en dat een omgeving voorspelbaar en veilig is. Als gevolg van deze relatie komen de andere ontwikkelingsgebieden (zoals taal en sociaal-emotionele ontwikkeling) tot groei.

IMH legt de focus op de emotionele gezondheid van jonge kinderen en hun ouders/ verzorgers. Onze zorg en aandacht gaat niet alleen uit naar het kind, maar ook naar de relatie met zijn ouders en de omgeving van het gezin, omdat we weten dat een kind zich in relatie tot deze belangrijke anderen ontwikkelt. Door een goede relatie tussen ouder en kind en door een fijne omgeving groeit

Waar de zorg voor de lichamelijke ontwikkeling van het jonge kind, zijn groei, gewichtstoename en gezondheidstoestand vanzelfsprekende aandachtspunten zijn vanaf de geboorte, biedt IMH een bredere kijk op het kind als ontwikkelend persoon binnen zijn omgeving. Het kind wordt, hoe klein ook, gezien als een volwaardig gesprekspartner met eigen gedachtevs en gevoelens. Werken vanuit de IMH visie

betekent open en nieuwsgierig zijn en met een brede blik kijken. Samen met ouders kijken naar alle gebieden die van invloed kunnen zijn op een probleem dat zich voordoet en nadenken over wat er zich mogelijk afspeelt in het hoofd en hart van hun kind, wat zich bij ouders zelf afspeelt en wat tussen ouder en kind. Er is altijd sprake van een samenspel tussen invloeden vanuit de omgeving, biologische factoren en de ouder-kind relatie. Als er meer duidelijkheid is over welke factoren allemaal meespelen, kan er een plan op maat gemaakt worden. Onze ambitie is dat over 5 jaar alle ouders in onze regio kennis hebben van dit gedachtegoed en weten hoe ze dit kunnen gebruiken in hun eigen opvoedstijl.

2

Preventie als kern

Preventie is de kern van ons werk en is ingebed in alle activiteiten. JGZ Kennemerland heeft de gezondheid en ontwikkeling van alle kinderen in beeld. Wij monitoren groei en ontwikkeling (lichamelijk, psychisch, sociaal, cognitief), doen gezondheidsonderzoek en screenen. Tien jaar geleden heeft brancheorganisatie ActiZ onderzoek gedaan naar de kosteneffectiviteit van de jeugdgezondheidszorg. De uitkomst was dat het zeer lonend is om blijvend te investeren op dit punt. Het levert gezondheidswinst op, mensen leven langer gezond en het voorkomt extra zorgkosten in de toekomst. Hielprik en gehoortest Bij de hielprik nemen we een paar druppels bloed af uit de hiel van de baby. In het laboratorium wordt het bloed onderzocht op 24 ernstige, zeldzame aangeboren ziekten: een ziekte van de schildklier, een ziekte van de bijnier, een erfelijke vorm van bloedarmoede, taaislijmziekte en een aantal stofwisselingsziekten. Door deze ziekten zo vroeg mogelijk op te sporen kan schade aan de gezondheid en ontwikkeling van het kind worden voorkomen of beperkt. Deze ziekten zijn niet te genezen, maar wel te behandelen met bijvoorbeeld medicijnen of een dieet. Groei Groei geeft belangrijke informatie over hoe het gaat met het kind. Tijdens elk consult op het consultatiebureau wordt het kind gewogen en gemeten. Bij kinderen jonger dan een jaar wordt ook de hoofdomtrek gemeten.

14

2

Door het vastleggen van deze gegevens in het digitale dossier wordt een goede indruk van de groei van het kind gekregen. De ouders kunnen de groeigegevens zien in de JgzApp. Ontwikkeling We kijken op verschillende leeftijden van het kind hoe het zich ontwikkelt. Hierbij is aandacht voor de motoriek (grof en fijn), aanpassend vermogen aan de omgeving en omstandigheden (adaptatie), taalontwikkeling, sociaal gedrag en de persoonlijkheid van het kind. We gebruiken hierbij het zogenaamde ‘Van Wiechenonderzoek’ als hulpmiddel om de ontwikkeling van het kind als baby, dreumes en peuter op deze gebieden goed in kaart te brengen. De jeugdarts of jeugdverpleegkundige kijkt naar genoemde ontwikkelgebieden en de vooruitgang van het kind. Zijn er mogelijke problemen of stoornissen, dan kunnen we er op deze manier op tijd bij zijn. Onderdelen van het onderzoek worden in het eerste levensjaar zes maal uitgevoerd, daarna ligt de frequentie gemiddeld op een keer per jaar. Omdat we het belangrijk vinden dat ouders ook inzicht krijgen in de ontwikkeling van hun kind, krijgen ze bij de brief ter voorbereiding op de afspraak bij het consultatiebureau ook een link naar filmpjes over het ontwikkelingsonderzoek, gemaakt door TNO. Met deze “to do it yourself Van Wiechenfilmpjes” kunnen ouders zelf naar de ontwikkeling van hun kind kijken. 2

Vroegtijdig opsporen dysplastische heupontwikkeling Wanneer een kind last heeft van heupdysplasie, betekent dit dat de heup niet goed werkt: de heupkop en de heupkom passen niet goed in elkaar. Dit kan ontstaan tijdens de zwangerschap, maar ook pas in de baby- of peutertijd. Doordat de heupkop niet goed in de heupkom past, kan dit de ontwikkeling van het lopen belemmeren. Als heupafwijkingen vaker voorkomen in de familie, of als een baby na de 32e week van de zwangerschap in stuitligging lag, dan heeft een kind een grotere kans op een heupafwijking. Tijdens de intake bespreekt de jeugdverpleegkundige dit met de ouders. De jeugdarts komt hierop terug tijdens het eerste bezoek op het consultatiebureau en zal dan ook een eerste heuponderzoek doen. In het eerste half jaar onderzoekt de jeugdarts de heupen van een kind in totaal drie keer – een onderzoek dat tot het tweede levensjaar elke afspraak wordt herhaald. Heupdysplasie komt veel voor. Twee van de honderd kinderen hebben heupdysplasie. Om klachten van de heup op latere leeftijd te voorkomen is het belangrijk heupdysplasie op tijd op te sporen en te behandelen. Ziet de jeugdverpleegkundige of jeugdarts risicofactoren of afwijkingen bij het heuponderzoek, dan verwijst de jeugdarts een kind door voor het maken van een echo. Zijn er afwijkingen op de echo, dan zal de orthopeed een kind verder behandelen.

https://www.tno.nl/nl/gezond/werk-jeugd-gezondheid/jeugd/eerste-1000-dagen-kind/wiechenfilmpjes

Vroegtijdig opsporen hartafwijkingen Er zijn verschillende soorten aangeboren hartafwijkingen. Soms ligt de oorzaak in een afwijkende plaats van het hart of de aansluitingen, een afwijking aan de vorm van het hart, de hartspier, de vaten en/of in het functioneren van het hart. Ongeveer de helft van deze aandoeningen wordt opgemerkt in de zwangerschap, tijdens de 20-weken-echo. Er zijn kinderen waarbij de hartafwijking snel na de geboorte wordt ontdekt, maar het is ook mogelijk dat ouders de eerste periode – of zelfs later – helemaal niets merken. Een onbehandelde hartafwijking kan ervoor zorgen dat het hart steeds slechter werkt, waardoor een kind minder zuurstof krijgt. Het is dan ook belangrijk dat we hier alert op zijn. Onze jeugdarts en jeugdverpleegkundige zullen een kind, tijdens de eerste 14 maanden, dan ook regelmatig op hartafwijkingen controleren. Vlak na de geboorte controleert de jeugdverpleegkundige de kleur van de huid van de baby, zijn ademhaling en drinkgedrag. Tijdens de eerste afspraak op het consultatiebureau herhaalt de jeugdarts deze controle. Vervolgens luistert zij met de stethoscoop naar het hart en voelt ze in de liezen of de beenslagaderen goed kloppen. In de leeftijd van 6 weken tot 14 maanden herhaalt de jeugdarts dit onderzoek nog drie keer.

Op deze manier kan een hartafwijking in een vroeg stadium worden ontdekt en een kind op tijd verwezen worden naar een specialist. Vroegtijdig opsporen niet ingedaalde testikels Om gezond zaad te kunnen aanmaken, is het belangrijk dat de testikels (teelballen) van een jongetje zich in de balzak buiten het lichaam bevinden. De temperatuur is daar

15

lager, en dat is nodig voor een goede kwaliteit van het zaad. Eén niet ingedaalde testikel heeft geen invloed op de seksuele functie of op de kans om vader te worden. Twee niet ingedaalde testikels kan leiden verminderde vruchtbaarheid.

hand een oog kort af te dekken en te kijken of een baby het voorwerp voor zijn neus met het andere oog blijft volgen. Ook kijkt ze of de ogen recht staan, waardoor we weten of een kind scheelt kijkt of een lui oog heeft.

Ogentest De jeugdarts controleert bij alle De ogentest nemen we af als een jongens de ligging van de testikels kind 3,5 jaar is (of op indicatie bij rond de leeftijd van 6 weken. 3 jaar) Tijdens de ogentest krijgt Daarnaast is het belangrijk om het kind een bril op. Deze is aan te weten of de ligging direct na één kant gesloten, zodat het kind de geboorte is onderzocht en maar met één oog kan kijken. geregistreerd. Normaal gesproken Terwijl het kind op de schoot zit heeft een jongetje bij de geboorte van de ouder, vraagt de jeugdarts twee testikels in zijn balzak. Soms zijn of jeugdverpleegkundige aan het een of beide testikels niet ingedaald, kind om aan te wijzen of te vertellen maar in de buikholte of de lies blijven welk symbool/E-haak het op de zitten. Wanneer het vanzelf indalen na kaart ziet. Deze kaart hangt aan de 6 maanden nog niet is gebeurd, volgt muur. De ouder en het kind krijgen een verwijzing door de jeugdarts naar een voorbeeldkaart/aanwijsstokje de kinderuroloog. in handen, waarop dezelfde vier symbolen/E-haken staan. Is de uitslag Vroegtijdig opsporen oogafwijkingen bij 3,5 jaar onduidelijk, dan zal de Goed kunnen zien is belangrijk voor ogentest op korte termijn opnieuw de ontwikkeling van alle aspecten gedaan worden of de jeugdarts van een kind. Het helpt een kind om zal direct verwijzen naar een te zien wat er om hem heen gebeurt oogheelkundig team.

en zo de wereld te ontdekken. Andersom kan slecht zien ervoor De ogentest is best spannend voor zorgen dat een kind het overzicht een kind, daarom kunnen ouders verliest en zich onveilig voelt. het kind voorbereiden door thuis Daarom proberen wij oogafwijkingen de symbolen en de E’s te laten zo vroeg mogelijk op te sporen. zien. Als een kind weet wat het kan Al tijdens de eerste drie maanden verwachten, is de kans groter dat het kijkt de jeugdarts naar de buitenkant wil meewerken. Met behulp van de van het oog en met een lampje ogentest weten we of beide ogen naar de binnenkant. Zo controleert goed functioneren. ze of de structuren van het oog helder zijn, wat nodig is voor een Vroegtijdig opsporen van problemen goed zicht. Ook kijkt ze of een baby in de spraak-taalontwikkeling voorwerpen kan volgen; eerst een Leren praten én begrijpen wat klein stukje, daarna helemaal van anderen zeggen is een belangrijk links naar rechts. Hiermee kunnen we onderdeel van de ontwikkeling ernstige aangeboren oogafwijkingen van een kind. Ongeveer 1 op ontdekken, zoals staar, een kleiner de 20 peuters en kleuters in oog, een scheefstaand oog of Nederland heeft hier moeite mee. aangeboren slechtziendheid.

Die achterstand kan ervoor zorgen dat een kind later op school niet Oogonderzoek goed mee komt of dat het de Zodra een baby 6 maanden is, kijkt omgang met anderen in de weg onze jeugdarts ook naar ieder oog staat. Ook kan dit het uiten van afzonderlijk. Dit doet ze door met één emoties voor een kind lastiger maken.

Vanuit de JGZ kunnen we hier iets aan doen: als we een stoornis in de spraak en of taalontwikkeling op tijd ontdekken en behandelen, kunnen we eventuele moeilijkheden in de toekomst voorkomen of verminderen. Een kind heeft een spraak- en/ of taalstoornis als de spraak, het taalbegrip en/of de taalproductie zich in vergelijking tot leeftijdsgenootjes langzamer of anders ontwikkelt. • Spraakontwikkeling: de ontwikkeling van het klanksysteem van een taal. • Taalontwikkeling: de ontwikkeling van de woordenschat en het verwerven van inzicht in het hanteren van grammaticale en communicatieve regels. Taaltest Tijdens elk consult besteden we aandacht aan de taalontwikkeling, zelfs al bij de allerkleinsten. Hoewel een kind in het eerste levensjaar nog niet verstaanbaar kan praten, kan het al wél communiceren. Op zes momenten binnen het eerste jaar controleert de jeugdarts of de jeugdverpleegkundige daarom of de communicatie zich voldoende ontwikkelt. Vanaf twee jaar testen we het praten: zegt een kind al voldoende woorden en begrijpt hij wat we zeggen? Bij 3,5 jaar kijken we opnieuw of de taal voldoende is voor de leeftijd. Als de taalontwikkeling van een kind achterblijft, komt een kind in overleg met de ouders vaker voor een consult op indicatie en bespreekt de jeugdarts met de ouders de mogelijkheden om het kind zo goed mogelijk verder te helpen.

Samenwerking met de peuteropvang en het kinderdagverblijf In de kring zitten, samen zingen, spelen, een verhaaltje voorlezen, een hapje eten. Het zijn allemaal vaste activiteiten op de peuteropvang of kinderdagverblijf. Zo leert een kind vanzelf heel veel: taal, bewegen, omgaan met regels en met andere 16

kinderen. Wij werken samen met de meeste peuterspeelzalen en kinderdagverblijven, zodat we samen met de ouders de ontwikkeling van een kind kunnen volgen en kunnen samenwerken als er vragen of zorgen zijn.

mate kenmerken voorkomen en de kenmerken per ontwikkelingsfase kunnen veranderen. Naar schatting komt ASS voor bij 1 op de 100-150 kinderen. Het is een conditie waarbij erfelijkheid een grote rol speelt. De signalering van ASS kan moeilijk zijn op jonge leeftijd en soms lastig Vroeg- en Voorschoolse Educatie (VVE) worden onderscheiden van andere Veel peuterspeelzalen en stoornissen of problemen. Vroege kinderdagverblijven werken met signalering is mogelijk door gebruik speciale speel- en leerprogramma’s. van de zogenaamde ESAT-vragenlijst In deze programma’s is extra (Early Screening of Autistic Traits). aandacht voor de (taal)ontwikkeling De ESAT is geen diagnostisch van kinderen. Dit noemen we voorinstrument. Tijdens diverse consulten en vroegschoolse educatie (VVE). wordt gekeken naar zogenaamde De pedagogisch medewerkers ‘alarmsignalen’. Indien nodig neemt hebben een speciale training gevolgd de jeugdarts in een apart consult om de ontwikkeling van een kind de ESAT vragenlijst met de ouder goed te begeleiden en stimuleren. door. Zo worden aanwijzingen Vanaf 11 maanden kunnen we samen voor stoornissen in het autistische kijken of VVE iets voor de ouders en spectrum sneller onderkend en hun kind is. Als het kind voldoet aan krijgen ouders en kinderen eerder de criteria die de gemeente heeft de juiste informatie, hulp en gesteld, dan kunnen we in overleg ondersteuning.

met de ouders een VVE indicatie geven, zodat het kind naar een VVEVoorkomen voorkeurshouding peuterspeelzaal naar keuze van de Een voorkeurshouding betekent ouders kan gaan. dat een baby het liefst met zijn hoofd een bepaalde kant op ligt. In alle gemeenten werken we Als een baby te lang en te vaak in met een VVE monitor waarin de deze voorkeurshouding ligt, kan het doelgroepkinderen worden toegeleid hoofd scheef of afgeplat worden. naar de aanbieders. Hiermee zijn Dit willen we voorkomen. Vooral ook alle doelgroepkinderen in de eerste drie maanden zijn we erg het toeleidingsproces in beeld. alert, omdat de schedel van een Gemeenten krijgen totaaloverzicht baby dan nog week is en makkelijk in toeleiding en plaatsing van vervormt. De jeugdverpleegkundige doelgroepkinderen en worden zal daarom vanaf het eerste ondersteund bij naleving van de Wet huisbezoek tips geven over hoe ontwikkelingskansen door kwaliteit ouders een voorkeurshouding kunnen en educatie (OKE). voorkomen. Ook de jeugdarts op het consultatiebureau houdt het Vroegtijdig opsporen autisme eerste half jaar goed in de gaten spectrum stoornissen of een kind een voorkeurshouding Autisme spectrum stoornissen heeft; zij onderzoekt of het kind (ASS) zijn ontwikkelingsstoornissen zijn nek soepel beweegt en of er die gekenmerkt worden door sprake is van afplatting van het beperkingen in de sociale omgang, hoofd.

Heeft het kind inderdaad een communicatie en verbeelding. voorkeurshouding, dan bespreekt de Ze gaan vaak gepaard met stereotiep jeugdarts of jeugdverpleegkundige of rigide gedrag. Er wordt van met de ouders wat zij kunnen doen een spectrum gesproken, omdat om hun kind te stimuleren beide bij iedereen in meer of mindere kanten op te kijken. Zo nodig wordt er verwezen naar een kinderfysiotherapeut.

Voorkomen overgewicht Tijdens alle consulten is er aandacht voor een gezonde leefstijl. We praten met ouders over gezonde voeding, bewegen, mediagebruik en slapen van hun kind. Al deze factoren hebben invloed op de groei. Tijdens alle consulten volgen we de lengte en gewichtstoename. Vanaf de leeftijd van 2 jaar wordt aan de hand van de gegevens over gewicht en lengte de zogenaamde Body Mass Index (BMI= gewicht: lengte²) berekend. Aan de hand van de BMI, de internationaal vastgestelde BMI-grenswaarden voor kinderen en de lichaamsbouw van het kind bepaalt de jeugdarts of jeugdverpleegkundige of een kind overgewicht heeft. Aan de ouders worden deze gegevens uitgelegd en wordt zo nodig in samenspraak een plan van aanpak opgesteld. Indien gewenst begeleiden de jeugdarts en jeugdverpleegkundige de ouders vervolgens in de uitvoering van het plan.

de moeder gaat weer aan het werk, onzekerheid over de hoeveelheid melk of gebrek aan praktische vaardigheden. Extra informatie en zo nodig begeleiding zijn soms nodig om de borstvoeding goed te starten en/of vol te houden. Jeugdverpleegkundigen zijn deskundig op het gebied van borstvoeding en kunnen ouders adviseren en (thuis) begeleiden. JGZ Kennemerland heeft twee lactatiekundigen in dienst die geconsulteerd kunnen worden door de professionals en jaarlijks een bijscholing verzorgen.

Voorkomen wiegendood Wiegendood komt in vergelijking met andere geïndustrialiseerde landen nog maar weinig voor in Nederland. Bekende factoren die een verhoogd risico op wiegendood met zich meebrengen zijn buikligging en roken in huis. Tijdens de intake bespreekt de jeugdverpleegkundige de slaaphouding van het kind en kijkt samen met de ouder hoe de eventuele risico’s verkleind kunnen worden. 3

Bevorderen gezonde voeding JGZ Kennemerland biedt advisering en begeleiding op het gebied van voeding, voedingspatroon en techniek, om voedingsproblemen en verstoord eetgedrag te voorkomen of te beperken. JGZ Kennemerland vraagt bij ieder consult naar voeding en eetgedrag en krijgt daarover veel vragen van ouders. JGZ Kennemerland geeft voorlichting over gezonde voeding, een gezond voedingspatroon en leeftijdsadequaat eetgedrag en het stimuleren van ouders in het opbouwen van een gezond eetpatroon, hierbij rekening houdend met diverse eetculturen. Wij volgen hierbij de richtlijnen van het Voedingscentrum. 5 Daarnaast signaleren wij vroegtijdig en verwijzen gericht bij een (dreigende) voedingsstoornis.

Bevorderen borstvoeding Borstvoeding is de beste voeding als het gaat om de gezondheid van kind én moeder. Het percentage moeders dat borstvoeding geeft, neemt af met het toenemen van de leeftijd van het kind. Het percentage kinderen dat op de leeftijd van 6 maanden nog borstvoeding krijgt, ligt landelijk op 19% (Volksgezondheid en zorg, 2023 4). Redenen voor het stoppen met borstvoeding zijn divers:

Voorkomen van voedselallergie De kans op het krijgen van een voedselallergie is kleiner wanneer ouders tussen de 4 en de 6 maanden starten met de eerste oefenhapjes. JGZ Kennemerland adviseert, begeleidt en beantwoordt vragen hierover van ouders. Zo adviseren wij ouders op tijd producten zoals 100% pinda en ei aan hun baby te geven. Koemelkallergie is de meest voorkomende allergie bij kinderen.

Rijksvaccinatieprogramma Het uitvoeren van het Rijksvaccinatieprogramma is een kerntaak van de jeugdgezondheidszorg. Dit vaccinatieprogramma beschermt alle kinderen in Nederland tegen 12 ernstige infectieziekten, waarvan er 11 door ons gegeven worden: • DKTP: Difterie, Kinkhoest, Tetanus, Polio (kinderverlamming) • Influenza type B (Hib) • Hepatitis B (hepB) • Infecties veroorzaakt door pneumokokken (Pneu) • BMR: Bof, Mazelen, Rode Hond • MenACWY: Meningitis veroorzaakt door meningokokken type ACWY Vroeger waren deze infectieziekten een belangrijke oorzaak van kindersterfte, maar dankzij vaccinatie komen ze in Nederland niet of nauwelijks meer voor. De vaccinaties worden rond de volgende leeftijden gegevens: 3, 5 en 11 maanden (DKTP, HepB, Hib, pneu ), 14 maanden (BMR en MenACWY), 3 jaar 9 maanden (DKTP). Daarnaast worden in de zwangerschap de aanstaande moeders gevaccineerd met een kinkhoestvaccinatie. Vanaf de 22e zwangerschapsweek tot het einde van de zwangerschap, is het mogelijk om dit vaccin gratis te krijgen. Als er minstens twee weken voor de

https://www.ncj.nl/wp-content/uploads/media-import/docs/overzichtskaart-prevwiegendood-def.pdf https://www.vzinfo.nl/borstvoeding 5 https://www.voedingscentrum.nl/nl/zwanger-en-kind.aspx 3

17

Deze allergie kan zich bij de heel jonge zuigeling al openbaren met klachten als huilen, onrust, problemen met de darmen, luchtwegen of huid en in sommige gevallen zelfs met voedselweigering. JGZ Kennemerland is alert op deze symptomen en start behandeling en onderzoek indien er vermoeden is van een koemelkallergie. Waar nodig wordt verwezen of samengewerkt met de kinderarts.

4

bevalling wordt gevaccineerd is de baby de eerste maanden van zijn leven beschermd tegen kinkhoest. Dit is juist de periode dat een kind zelf nog niet ingeënt kan worden en kinkhoest het gevaarlijkst is. Bovendien heeft de baby dan vaak een vaccinatie minder nodig. Vanaf najaar 2023 is jaarlijks in het griepseizoen ook een griepvaccinatie beschikbaar voor zwangeren.voor alle zwangeren. In 2024 wordt de vaccinatie tegen het rotavirus opgenomen in het rijksvaccinatieprogramma. Een rotavirusinfectie is een besmettelijke ziekte, waarbij de maag en darmen ontstoken raken. Ziekteverschijnselen zijn koorts, misselijkheid, overgeven en hevige waterdunne diarree. Rotavirusinfecties komen in Nederland veel voor, vooral bij jonge kinderen tussen 6 maanden en 2 jaar oud. 6 Baby’s geboren vanaf 1 januari 2024 krijgen twee keer een drinkvaccin aangeboden. Eén keer op de leeftijd van 6-9 weken en de tweede keer bij voorkeur rond de drie maanden. Bevorderen mondgezondheid Een pasgeboren zuigeling kan een grotere zuigbehoefte hebben dan waaraan met het zuigen aan de borst of fles wordt voldaan. Een duim of fopspeen kan dan uitkomst bieden. De jeugdverpleegkundige besteedt hier aandacht aan, want langdurig duim- en/of vingerzuigen of speengebruik is zeer nadelig: • Het is slecht voor de stand van de tanden; • Het is niet goed voor de spraaktaalontwikkeling.

Door het sabbelen kan het kind onduidelijk gaan praten; • De tongpunt kan slapper worden, waardoor er een verkeerde tonghouding kan ontstaan. Gevolg: slissen en verkeerd slikken, omdat de tong tussen de tanden komt.

Voorkomen cariës en tanderosie De jeugdgezondheidszorg speelt een belangrijke rol bij de preventie van gebitsproblemen, zoals cariës. De jeugdarts en jeugdverpleegkundige doen dit door voedingsadvisering, adviseren van tandenpoetsen met fluoride tandpasta en het stimuleren van een bezoek aan een mondzorgpraktijk. Voorkeur hierbij is om dit al te doen na het doorbreken van het eerste tandje. Veiligheid Het voorkomen van letsel bereik je niet alleen door kinderen te beschermen en daarmee alle risico’s te vermijden. Maar juist ook door kinderen te leren omgaan met risico’s. Jeugdverpleegkundigen gaan met ouders in gesprek over veiligheid, denken met ouders mee, beantwoorden vragen en signaleren potentieel risicovolle situaties. Zij maken bij de gesprekken met ouders over dit onderwerp gebruik van de informatie van VeiligheidNL. 7 Voorkomen passief roken Meeroken is ongezond voor kinderen. Ook kinderen met niet-rokende ouders komen in aanraking met rokers. Het bespreken van het onderwerp meeroken is bij ieder kind van belang. Kinderen die blootgesteld worden aan omgevingsrook ademen dezelfde giftige en kankerverwekkende

https://www.rivm.nl/rotavirus/rotavirusvaccinatie https://www.veiligheid.nl/ 8 Rookvrije Start - Trimbos-instituut 6

18

Als kinderen hun mond open laten hangen, worden spieren van de lippen, tong en wangen slapper. Die spieren zijn belangrijk voor een goede ontwikkeling van het gebit, de kaken en het gehemelte. De mondspieren zijn ook belangrijk voor het praten. Als ze slap zijn, is een kind minder goed te verstaan. Als kinderen hun mond open laten hangen, gaan ze ook door hun mond ademen. In dat geval spreekt men van habitueel mond ademen.

7

stoffen in als rokers. Kinderen zijn hiervoor bijzonder kwetsbaar. Zij zijn vaker ziek dan kinderen die niet meeroken en krijgen bijvoorbeeld oorontstekingen, bovenste luchtweginfecties. Meeroken is ook een risicofactor voor wiegendood. De jeugdverpleegkundige bespreekt tijdens de intake het rookgedrag van ouders en anderen in de omgeving van het kind. Zo nodig komt ze hier tijdens de consulten op het consultatiebureau op terug of ondersteunt de ouder met voorlichting en tips om het meeroken van kinderen te voorkomen. 8

19

Ondersteuning op maat

3

Workshops JGZ Kennemerland biedt (aanstaande) ouders diverse workshops aan. Het zijn korte, vroegtijdige interventiestrategieën die ingezet worden als laagdrempelige opvoedondersteuning. De workshops worden zowel prenataal als postnataal aangeboden. Onderwerpen die centraal staan, zijn bijvoorbeeld: een band met je baby opbouwen, werk en borstvoeding, regels en grenzen, leren samen spelen, leren praten, mediaopvoeding en ouderschap. Het groepsaanbod brengt ouders niet alleen de informatie die zij wensen, maar kan ook bijdragen aan het versterken van het sociale netwerk door het ontmoeten van andere ouders. Door het jaar heen geven wij onze workshops op verschillende locaties in de regio, naast een online aanbod. Workshops of informatiebijeenkomsten kunnen ook gegeven worden op peuterspeelzalen, kinderdagverblijven of in de bibliotheek. Belangstellende ouders kunnen het aanbod vinden op de website Samen (op)groeien. Samen (op)groeien is een initiatief van JGZ Kennemerland en CJG Kennemerland in opdracht van de gemeenten binnen ons werkgebied. Op de website is het aanbod van diverse ketenpartners te vinden. 9

9

20

10

Als een baby te vroeg geboren wordt Als een baby voor de 37e week geboren wordt, spreken we van prematuriteit. Vaak is er dan extra zorg nodig in het ziekenhuis. Zodra het kind naar huis mag vindt er een overdracht plaats tussen de ouders, de verpleegkundige van de afdeling Neonatologie en één van onze jeugdverpleegkundigen. In dit gesprek worden er ook afspraken gemaakt voor een huisbezoek met de jeugdverpleegkundige en het eerste bezoek aan de prematuren nazorgpoli. Bij de prematuren nazorgpoli krijgen de ouders en de baby alle gewenste zorg en ondersteuning. De consultatiebureauassistent meet en weegt het kind, waarna het consult met de jeugdof kinderarts volgt. Afspraken met andere deskundigen worden in overleg gemaakt. De afspraken met de jeugdverpleegkundige vinden plaats bij de ouders thuis. De prematuren nazorgpoli’s zijn een samenwerking van JGZ Kennemerland met het Spaarne Gasthuis Haarlem, het Rode Kruis Ziekenhuis en (Top)fysiotherapeuten. De teams bestaan uit diverse disciplines. Onze orthopedagogen participeren waar nodig ook in deze teams. Positief opvoeden Iedere ouder heeft wel eens vragen, twijfels of zorgen over het opvoeden. Hoe ga ik om met een driftbui? Wat als mijn kind geen groenten wil eten? Het slapen maar niet wil

https://samenopgroeien.nu https://www.triplep-nederland.nl/nl-nl/de-triple-p-methode/

lukken? Hoe zorg ik goed voor mezelf nu ik het zo druk heb met ons gezin? Dit soort vragen zijn heel gewoon. Wanneer ouders op tijd een antwoord op dit soort vragen vinden, kunnen ze voorkomen dat het gedrag of de situatie erger wordt. Soms hebben ouders al bedacht hoe ze het willen aanpakken, maar vinden ze het fijn als er nog even iemand met hen meekijkt. De jeugdverpleegkundige of orthopedagoog kan hierbij helpen. Als we in contact zijn met ouders vragen we ook altijd naar hoe het met hen zelf gaat. Hoe gaat het met hen als ouders, lukt het om goed voor zichzelf te zorgen naast een gezin? Ook kunnen er bijzonderheden zijn of grote veranderingen zoals een verhuizing, een scheiding of overlijden. We vinden het belangrijk om deze vragen te stellen, omdat al deze factoren invloed hebben op het opvoeden en het ouderschap. Ouders kunnen hierbij onze ondersteuning vragen. Wanneer ouders zich goed voelen, lukt het hen ook beter om positief op te voeden en een fijne band met hun kind te hebben. Onze jeugdverpleegkundigen en orthopedagogen zijn getraind in het Positief Opvoeden Programma (Triple P). Dit is een evidence based methodiek. We gaan uit van een opbouwende insteek: het positieve gedrag dat een kind laat zien wordt gestimuleerd, zodat negatief gedrag steeds minder vaak voorkomt. We kunnen de gesprekken op het consultatiebureau voeren, maar ook bij ouders thuis. 10

Bezoeken thuis door de jeugdverpleegkundige Ouders kunnen allerlei vragen tegenkomen over het gedrag of de ontwikkeling van hun kind, de manier waarop ze willen opvoeden of bijvoorbeeld de invloed van het ouderschap op hun vrije tijd, werk of relatie. Tijdens een consult op het consultatiebureau of ons inloopspreekuur kunnen we ouders hierover ook tips geven, en soms is er net iets meer advies of informatie nodig. In dat geval komen we graag bij ouders thuis. Daar maken we tijd om met ouders mee te denken over hun vragen, hoe lang iets al speelt, welke invloed dit op hen en anderen heeft en wat ze kunnen doen om de situatie te veranderen. Stevig Ouderschap Wanneer ouders een kind verwachten of pas een baby hebben gekregen, verandert er veel en komt er van alles op hen af. Ouders kunnen hierbij vragen, twijfels of onzekerheden hebben en dat is normaal. Meestal kunnen deze vragen gesteld worden aan de mensen om hen heen

21

11

https://www.nji.nl/interventies/stevig-ouderschap

of op het consultatiebureau, maar soms is er meer steun nodig. Bijvoorbeeld omdat er ook nog andere dingen spelen, zoals geldzorgen of relatieproblemen, of door ervaringen uit de eigen jeugd. Bij Stevig Ouderschap (ook prenataal) is er tijd om samen met de jeugdverpleegkundige te praten over wat ouders denken te verwachten van het (straks) vader of moeder zijn en welke vragen ouders hebben over de opvoeding en welke uitdagingen zij zien. De jeugdverpleegkundige luistert en denkt mee met de ouders. Ze kan advies geven en samen met de ouders kijken naar oplossingen voor problemen die er mogelijk spelen, zodat ouders nu en straks stevig staan in hun rol als vader en moeder. 11 “De jeugdverpleegkundige luisterde goed naar mijn verhaal/vragen/dingen waar ik mee zat en speelde hier goed op in. Zo sloot alles goed aan bij de punten waar ik mee zat.”

Babymassage Onze jeugdverpleegkundigen zijn geschoold in het geven en het aanleren van Shantala babymassage. De huid is één van de gevoeligste plaatsen voor een baby en aanraking is, naast eten en drinken, één van de belangrijkste basisbehoeften. Babymassage kan ook helpen als een kind wat onrustig is, veel huilt, darmkrampjes heeft of niet zo goed slaapt. Babymassage heeft verder een goede invloed op de ontwikkeling van de hersenen, lichaamsgroei, de ademhaling en de weerstand van een baby. Naast deze voordelen voor een baby, kan het de ouder helpen om minder stress te ervaren en nog meer van de baby te genieten. Ouders leren de signalen van een baby nog beter begrijpen, en elkaar zo beter kennen. Zo versterkt babymassage de band met een kind en helpt het bij het maken van een fijne start. Beeldcoaching Beeldcoaching kan helpen om het gedrag van een kind of de reacties van een kind beter te begrijpen. Een speciaal hiervoor opgeleide jeugdverpleegkundige maakt een video-opname van ongeveer 10 minuten. Tijdens een volgende afspraak bekijkt en bespreekt de jeugdverpleegkundige samen met de ouders de beelden. Door samen naar de beelden te kijken, ontdekken ouders hun sterke kanten in het contact met het kind. Al kijkend leren ouders meer over wat zij als ouders kunnen doen om deze sterke kanten meer en vaker toe te passen.

Beeldcoaching kan ook worden ingezet voor pedagogische medewerkers op een peuterspeelzaal of kinderdagverblijf. “Als beeldcoach werk ik met videobeelden, waardoor het voor ouders heel concreet zichtbaar wordt hoe de interacties in het

22

12

gezin verlopen. Doordat ouders ook zélf de camera hanteren en naar aanleiding van de beelden hun eigen verhaal maken, krijgen zij letterlijk ‘regie’ in handen.” Orthopedagogische begeleiding In de meeste gevallen verloopt de ontwikkeling van een kind redelijk ‘vanzelf’. Soms gaat het net even anders of hebben ouders zorgen of twijfels. Een baby blijft maar huilen of wil niet slapen of eten. Een kind praat nog niet goed of heeft moeite om met anderen kinderen te spelen. In eerste instantie zal de jeugdverpleegkundige of jeugdarts samen met de ouders bekijken wat er aan de hand kan zijn. Zij kunnen al onderzoeken doen of hulp inzetten (bijvoorbeeld doorsturen om het gehoor te testen of opvoedondersteuning). Als dit niet voldoende is, kunnen zij samen met ouders besluiten om de orthopedagoog er bij te vragen. De orthopedagoog gaat in nauw overleg met ouders kijken wat er nog meer nodig is om een goed beeld te krijgen. Dit kan een observatie zijn (bijvoorbeeld op de peuterspeelzaal, het kinderdagverblijf en/of thuis), een overleg met andere hulpverleners (zoals een logopedist of fysiotherapeut), of het doen van een psychologisch onderzoek. Als het nodig is kunnen we ook een specialist van een andere instelling of een kinderarts vragen om mee te denken.

De orthopedagoog gaat met ouders in gesprek om te kijken wat er precies aan de hand zou kunnen zijn en wat zou kunnen helpen, zodat ouders en kind weer verder kunnen.

ondersteuning lopen uiteen. Het kan gaan om het stimuleren van de spel- of taalontwikkeling van het kind of om het bieden van andere praktische hulp, bijvoorbeeld het aanbrengen van structuur in het gezin. De thuisbegeleider kan wekelijks langskomen voor een bezoek van één tot anderhalf uur. In deze tijd gaat de thuisbegeleider heel praktisch met de ouders en het kind aan de slag. Een traject met een thuisbegeleider duurt maximaal zes maanden. Al tijdens het traject wordt duidelijk of de ouders na deze periode weer zonder hulp van een thuisbegeleider verder kunnen. Als er samen met ouders wordt ingeschat dat er langdurig ambulante ondersteuning nodig is, dan wordt het gezin al tijdens het traject met de thuisbegeleider aangemeld bij een ketenpartner en vindt er een warme overdracht plaats. “ Een ouder met een licht verstandelijke beperking (LVB) voelt zich ‘gewoon’ vader of moeder, net als ieder ander. Ik kijk als thuisbegeleider vanuit mijn kennis en ervaring mee wat er bij deze ouders als extra ondersteuning nodig is bij de opvoeding, verzorging en de nieuwe rol als vader en moeder. En stem waar nodig af met onze ketenpartners. Ik werk vanuit kansen en mogelijkheden en kom bij ouders thuis. Hierdoor is de ondersteuning laagdrempelig en ben ik van harte welkom.” 12

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13535217/1