12 Bijlage 8 (Bijlagen bij anterieure overeenkomst) TPvE Sonneborn
Tekst van het document
• Inspectie op USB-stick of harde schijf aanleveren! 2111
Overdracht inspecties Droogweerafvoer Riolering & Droogweerafvoer aan gemeente, eisen aan revisie Grondwater Uitvoering van inspecties t.b.v. de overdracht dient te voldoen aan het document "PvE opleveringsinspectie riolering" van de Gemeente Haarlem. Voor aanvang van de inspecties dient er een leeg SUF bestand met putcodering opgrvraagd te worden bij de Gemeente Haarlem, afdeling DIA. 2122
Overdracht metingen Droogweerafvoer Riolering & Droogweerafvoer aan gemeente, eisen aan revisie en Grondwater inspectie Na het aanbrengen van de hoofdriolering dienen de werkelijke (of evt. afwijkende definitieve) hoogtematen van bob (binnen onderkant buis) en straat hoogten opnieuw ingemeten te worden en op een revisietekening te worden vermeld. Ook de inlaten (bob) vanuit de inspectieputten dienen te worden ingemeten en als basis te dienen voor de rioolinspectie. 2155
Formaat hoofdriool HWA, DWA en gemengd riool Het hoofdriool bestaat uit buizen met een minimale diameter van 300 mm.
Droogweerafvoer
2160 Locatie bomen tov riool en drainage. Droogweerafvoer Bij uitwerking van het ontwerp dient de afstand tussen boom en riool/drainage zodanig te zijn dat onderhoud en vervanging van het riool/drainage mogelijk is zonder de boom te kappen. Onderlinge afstand van het riool en boom is minimaal 2 meter en eventueel voorzien van een antiwortelscherm. 2161 Locatie huisaansluitleidingen tov bomen Droogweerafvoer De afstand tussen boom en huisaansluiting dient zodanig te zijn dat onderhoud en vervanging van huisaansluitingen mogelijk is zonder de boom te kappen. Onderlinge afstand van de huisaansluiting en boom is minimaal 1 meter en eventueel voorzien van een antiwortelscherm. 2166
Planten nieuwe boom tov oude Droogweerafvoer huisaansluitingen. Bij het planten van nieuwe bomen dienen bestaande huisaansluitingen binnen een afstand van 5 meter van de boom van gresbuizen vervangen te worden door PVC leidingen met waterdichte koppelingen. 2011
Ontwerp; Ontwerpuitgangspunt Riolering & Gemengd stelsel Droogweer Afvoer gemengd stelsel Grondwater Het stelsel dient te worden ontworpen aan de hand van neerslaggebeurtenis 09 (bui 9) uit de Leidraad Riolering (module C2100), met een herhalingstijd van eens per 2 jaar. 2012
Ontwerp uitgangspunt Gemengd stelsel
Riolering & Grondwater
Gemengd stelsel
Het stelsel dient te worden ontworpen aan de hand van neerslaggebeurtenis 09 (bui 9) uit de Leidraad Riolering (module C2100), met een herhalingstijd van eens per 2 jaar 2014
Ontwerp; Vullingsgraad, stamriolen Riolering & Gemengd stelsel Gemengd stelsel Grondwater DWA-vullingsgraad, stamriolen Gemengd stelsel, tot 100% inclusief POC en reserve. 2025
Materialisatie; Gemengd stelsel, Riolering & Gemengd stelsel diameters kleiner dan 500mm Grondwater Materiaal PVC (diameters < Ø500 mm), kleur bruin, Kwaliteit SN8, steekmoffen met rubbermanchet. 2027
Materialisatie; Gemengd stelsel, Riolering & Gemengd stelsel diameters groter dan 400mm Grondwater Materiaal beton,(diameters ≥ Ø400 mm), belastingklasse 450 conform VOSB, milieuklasse 5b, mofspie met rubber afdichtring . 2030
Ontwerp; huisaansluitleidingen, Riolering & Gemengd stelsel Gemengd stelsel Grondwater Aansluitlengte max. 20 m; PVC min. ø 125 mm; bochten maximaal 45 graden, aansluiten op opzetter. alle onderdelen in 1 kleur uitvoeren. HWA kleur grijs en DWA kleur bruin. 2033
Ontwerp; Gronddekking Riolering & Gemengd stelsel huisaansluitleidingen, Gemengd stelsel Grondwater Bij aanleg van een nieuwe huisaansluiting een minimale gronddekking van 0,6m toepassen. 2035
Materialisatie Huisaansluitleidingen, Riolering & Gemengd stelsel Gemengd stelsel Grondwater Materiaal PVC (≥ Ø125mm), kleur bruin, Kwaliteit SN8, steekmoffen met rubbermanchet. 2042
Ontwerp; Gronddekking nevenriool Riolering & Gemengd stelsel Gemengd Stelsel Grondwater Bij aanleg van een nieuw hoofdriool een minimale gronddekking van 0,6 m toepassen, afhankelijk van de positie van de andere leidingen. Uitgangspunt zo min mogelijke bochten. 2059
Materialisatie; Ontstoppingsstuk Riolering & Gemengd stelsel huisaansluitleidingen Gemengd stelsel Grondwater Huisaansluitleidingen Gemengd stelsel voorzien van een ontstoppingsstuk, kleur bruin, op de erfgrens op een goed bereikbare plaats. 2063
Materialisatie; Tekst Putdeksel Gemengd Riolering & Gemengd stelsel stelsel Grondwater Duidelijk zichtbaar opschrift "riolering" of "riool" in putrand. (Bij ingeboorde putafdekkingen in asfalt mag tekst in deksel.)
2067
Materialisatie; afdekking inspectieput
Riolering & Gemengd stelsel Grondwater Putafdekking beton/gietijzer, hoog 240 mm., dagmaat 520 mm., deksel voor zwaar verkeer met verankerde rubberzitting,. Tussen kegelstuk of afdekplaat en putrand drie stellagen van kelderklinkers of prefab betonnen stelringen toepassen. (Ingeboorde putafdekkingen in asfalt zijn toegestaan onder dezelfde voorwaarde.) 2072
Materialisatie; Inspectieput
2091
Ontwerp; Fundering riolering
2097
Klimaatbestendigheid Gemengd stelsel
Riolering & Gemengd stelsel Grondwater Putten van beton, minimale doorsnede 800 x 800 mm. Alle putten dienen te zijn voorzien van een stroomprofiel. Riolering & Gemengd stelsel Grondwater Bij de aanleg en ontwerp van riolering dient rekening gehouden te worden met de ondergrond, het afschot dient gedurende de gehele levensduur gewaarborgd te zijn, de waterdiepte in een stelsel mag als gevolg van zettingen nooit meer bedragen dan 1/10 van de buisdiameter (klasse 1). Riolering & Gemengd stelsel Grondwater Het rioolstelsel dient klimaatbestendig ontworpen te worden en doorgerekend te worden op extreme neerslag, tijdens extreme neerslag mag er geen water(overlast) in bebouwing optreden. Het stelsel dient minimaal ontworpen te worden op Bui 9 volgens de leidraad riolering van Rioned (module C2100), bij deze bui mag er geen water op straat ontstaan. 2108
Overdracht Gemengd stelsel aan Riolering & Gemengd stelsel gemeente, eisen aan revisie en inspectie Grondwater De revisietekeningen, inspectie beelden en rapportage van over te dragen riolering en drainage dienen voor overdracht te worden overhandigd aan de Dagelijks Beheerder van GebiedsOntwikkeling en Beheer, van de gemeente Haarlem. De aangelegde riolering dient voor overdracht digitaal beoordeeld te worden conform de geldende NEN-normeringen. En dient bij overdracht kwaliteit 1 te door middel van de KICsystematiek en vastgelegd te worden op DGN-shape. De onderstaande eisen gelden voor de aanlevering van gegevens: • Video inspecties alleen als Panorama (IBAK)video inspecties. • Rapportages aanleveren in SUF-RIB2 met gevulde coördinaten (conform NEN) • Rapportages inclusief hellingshoek meting. • KIC aan te leveren op DGN-shape, inleesbaar in GBI 6. • Aansluitingen op bestaande riolering dient plaats te vinden op basis van bestaanderiool tekening en bestaande putnummers. Tekening, lege SUF is te verkrijgen bij de gemeente, afdeling DIA. dia@haarlem.nl o.v.v. controle putnummers. • Inspectie op USB-stick of harde schijf aanleveren! 2112
Overdracht inspecties Gemengd stelsel aan gemeente, eisen aan revisie
Riolering & Grondwater
Gemengd stelsel
Uitvoering van inspecties t.b.v. de overdracht dient te voldoen aan het document "PvE opleveringsinspectie riolering" van de Gemeente Haarlem. Voor aanvang van de inspecties dient er een leeg SUF bestand met putcodering opgrvraagd te worden bij de Gemeente Haarlem, afdeling DIA. 2123
Overdracht metingen Gemengd stelsel Riolering & Gemengd stelsel aan gemeente, eisen aan revisie en Grondwater inspectie Na het aanbrengen van de hoofdriolering dienen de werkelijke (of evt. afwijkende definitieve) hoogtematen van bob (binnen onderkant buis) en straat hoogten opnieuw ingemeten te worden en op een revisietekening te worden vermeld. Ook de inlaten (bob) vanuit de inspectieputten dienen te worden ingemeten en als basis te dienen voor de rioolinspectie. 2153
Formaat hoofdriool HWA, DWA en gemengd riool Het hoofdriool bestaat uit buizen met een minimale diameter van 300 mm.
Gemengd stelsel
2158 Locatie bomen tov riool en drainage. Gemengd stelsel Bij uitwerking van het ontwerp dient de afstand tussen boom en riool/drainage zodanig te zijn dat onderhoud en vervanging van het riool/drainage mogelijk is zonder de boom te kappen. Onderlinge afstand van het riool en boom is minimaal 2 meter en eventueel voorzien van een antiwortelscherm. 2162 Locatie huisaansluitleidingen tov bomen Gemengd stelsel De afstand tussen boom en huisaansluiting dient zodanig te zijn dat onderhoud en vervanging van huisaansluitingen mogelijk is zonder de boom te kappen. Onderlinge afstand van de huisaansluiting en boom is minimaal 1 meter en eventueel voorzien van een antiwortelscherm. 2164
Planten nieuwe boom tov oude Gemengd stelsel huisaansluitingen. Bij het planten van nieuwe bomen dienen bestaande huisaansluitingen binnen een afstand van 5 meter van de boom van gresbuizen vervangen te worden door PVC leidingen met waterdichte koppelingen. 2048
Riolering & Grondwater Grondwater Een grondwaterstand die niet hoger uit mag komen dan 0,20 m onder de vloer in de kruipruimte van de te bouwen woningen en niet hoger dan 1,00 m beneden het maaiveld. 2118
Hoogte maximale grondwaterstand
Ontwerp; Ontwerp uitgangspunten Riolering & Grondwater drainage Grondwater Ontwerp conform de Leidraad Riolering, Module B2300 "Functioneel ontwerp: grondwater(overlast) maatregelen"
2000
Ontwerp; Afwatering richting privéterrein
Riolering & Grondwater Afwatering dient plaats te vinden binnen het eigen beheersgebied.
Hemelwaterafvoer
2010
Ontwerp; uitgangspunt Hemelwater Riolering & Hemelwaterafvoer Afvoer Grondwater - Nieuwbouw moet afkoppelen. Regenwater mag niet meer lozen op het Haarlemse gemengde rioolstelsel. - De riolering wordt gedimensioneerd voor extremen omstandigheden met bui 08 uit de Leidraad riolering. Deze bui heeft een herhalingstijd van 2 jaar; - De minimale waking tijdens bui 08 bedraagt circa 0,20 m; - Het ontworpen stelsel wordt getoetst met bui 09 en bui 10 uit de Leidraad Riolering; - Tijdens bui 09 mag geen water op straat voor komen, tijdens bui 10 mag maximaal gedurende circa 30 minuten water op straat voor komen. 2028
Ontwerp; huisaansluitleidingen, Riolering & Hemelwaterafvoer Hemelwaterafvoer Grondwater Aansluitlengte max. 20 m; PVC min. ø 125 mm; bochten maximaal 45 graden, aansluiten op opzetter. Alle onderdelen kleur grijs. 2031
Ontwerp; Gronddekking Riolering & Hemelwaterafvoer huisaansluitleidingen, Hemelwaterafvoer Grondwater Bij aanleg van een nieuwe huisaansluiting een minimale gronddekking van 0,6m toepassen. 2036
Materialisatie; Formaat verzamelleiding Riolering & Hemelwaterafvoer Hemelwaterafvoer Grondwater De leidingdiameter van de HWA-verzamelleidingen tot het hoofdriool bedragen minimaal 160 mm, kleur grijs, Kwaliteit SN8, steekmoffen met rubbermanchet. 2037
Materialisatie; Formaat verzamelleiding Riolering & Hemelwaterafvoer Hemelwaterafvoer Grondwater De leidingdiameter van de HWA-verzamelleidingen tot het hoofdriool bedragen minimaal 160 mm, kleur grijs, Kwaliteit SN8, steekmoffen met rubbermanchet. 2038
Materialisatie; Hemelwaterafvoer, Riolering & diameters kleiner dan 500mm Grondwater Materiaal PVC bij diameters < Ø500 mm, kleur grijs. Kwaliteit SN8.
Hemelwaterafvoer
2039
Materialisatie; Hemelwaterafvoer, Riolering & Hemelwaterafvoer diameters groter dan 400mm Grondwater Materiaal beton bij diameters > Ø400 mm, kwaliteit sterkteklasse B45 / milieuklasse 5b. 2040
Ontwerp; Gronddekking nevenriool Hemelwaterafvoer
Riolering & Grondwater
Hemelwaterafvoer
Bij aanleg van een (neven)hoofdriool een minimale gronddekking van 0,6 m toepassen, afhankelijk van de positie van de andere leidingen. Uitgangspunt zo min mogelijke bochten. 2046
Materialisatie Huisaansluitleidingen, Riolering & Hemelwaterafvoer Hemelwaterafvoer Grondwater Materiaal PVC (≥ Ø125mm), kleur grijs, Kwaliteit SN8, steekmoffen met rubbermanchet. 2057
Materialisatie; Ontstoppingsstuk Riolering & Hemelwaterafvoer huisaansluitleidingen Hemelwaterafvoer Grondwater Huisaansluitleidingen Hemelwaterafvoer voorzien van een ontstoppingsstuk, kleur grijs, 0,50 m voor de erfgrens op particulier terrein, op een goed bereikbare plaats. 2060
Ontwerp; Gronddekking Riolering & Hemelwaterafvoer Hemelwaterafvoer Grondwater De dekking van het HWA op het hoogste punt dient 1,30 m te bedragen, gemeten van de bovenkant van de buis tot het ter plaatse beoogde peil van het openbaar gebied. 2061
Materialisatie; Tekst Putdeksel Riolering & Hemelwaterafvoer Hemelwaterafvoer Grondwater Duidelijk zichtbaar opschrift "hemelwater", "HWA" of "regenwater" in putrand. (Bij ingeboorde putafdekkingen in asfalt is tekst in deksel toegestaan.) 2068
Materialisatie; afdekking inspectieput
Riolering & Hemelwaterafvoer Grondwater Putafdekking beton/gietijzer, hoog 240 mm., dagmaat 520 mm., deksel voor zwaar verkeer met verankerde rubberzitting,. Tussen kegelstuk of afdekplaat en putrand drie stellagen van kelderklinkers of prefab betonnen stelringen toepassen. (Ingeboorde putafdekkingen in asfalt zijn toegestaan onder dezelfde voorwaarde.) 2073
Materialisatie; Trottoir- of straatkolk van Riolering & Hemelwaterafvoer kunststof, ontwerp Grondwater De straat- en trottoirkolk van kunststof, Klasse Y, conform NEN7067, cilindrisch stankscherm, een gietijzeren kop, uitneembaar rooster en zandvang. 2074
Materialisatie; Trottoir- of straatkolk van Riolering & Hemelwaterafvoer beton, ontwerp Grondwater Trottoir- of straatkolk van beton, voorzien van gietijzeren stankscherm en een gietijzeren kop, uitneembaar rooster en zandvang. 2075
Ontwerp; Trottoir- of straatkolk, Riolering & algemeen ontwerp Grondwater Aansluiten op die zijde die zich in de elementenverharding bevindt.
Hemelwaterafvoer
2076
Hemelwaterafvoer
Ontwerp; Trottoir- of straatkolk, afwatering
Riolering & Grondwater
Iedere kolk moet minstens 80m2 verhard oppervlak kunnen afvoeren, berekend bij Bui 9. 2088
Ontwerp; Afvoer Hemelwater
Riolering & Hemelwaterafvoer Grondwater Al het “schone” regenwater dient te worden ingezameld en getransporteerd naar het oppervlaktewater. Er mag geen vermenging optreden met het grondwater. 2092
Ontwerp; Fundering riolering
Riolering & Hemelwaterafvoer Grondwater Bij de aanleg en ontwerp van riolering dient rekening gehouden te worden met de ondergrond, het afschot dient gedurende de gehele levensduur gewaarborgd te zijn, de waterdiepte in een stelsel mag als gevolg van zettingen nooit meer bedragen dan 1/10 van de buisdiameter (klasse 1). 2095
Ontwerp; Klimaatbestendigheid Riolering & Hemelwaterafvoer Hemelwaterafvoer Grondwater Het rioolstelsel dient klimaatbestendig ontworpen te worden en doorgerekend te worden op extreme neerslag, tijdens extreme neerslag mag er geen water(overlast) in bebouwing optreden. Het stelsel dient minimaal ontworpen te worden op Bui 9 volgens de leidraad riolering van Rioned (module C2100), bij deze bui mag er geen water op straat ontstaan. 2106
Overdracht Hemelwatersysteem aan Riolering & Hemelwaterafvoer gemeente, eisen aan revisie en inspectie Grondwater De revisietekeningen, inspectie beelden en rapportage van over te dragen riolering en drainage dienen voor overdracht te worden overhandigd aan de Dagelijks Beheerder van GebiedsOntwikkeling en Beheer, van de gemeente Haarlem. De aangelegde riolering dient voor overdracht digitaal beoordeeld te worden conform de geldende NEN-normeringen. En dient bij overdracht kwaliteit 1 te door middel van de KICsystematiek en vastgelegd te worden op DGN-shape. De onderstaande eisen gelden voor de aanlevering van gegevens: • Video inspecties alleen als Panorama (IBAK)video inspecties. • Rapportages aanleveren in SUF-RIB2 met gevulde coördinaten (conform NEN) • Rapportages inclusief hellingshoek meting. • KIC aan te leveren op DGN-shape, inleesbaar in GBI 6. • Aansluitingen op bestaande riolering dient plaats te vinden op basis van bestaanderiool tekening en bestaande putnummers. Tekening, lege SUF is te verkrijgen bij de gemeente, afdeling DIA. • Inspectie op USB-stick of harde schijf aanleveren! 2110
Overdracht inspecties Hemelwaterafvoer Riolering & Hemelwaterafvoer aan gemeente, eisen aan revisie Grondwater Uitvoering van inspecties t.b.v. de overdracht dient te voldoen aan het document "PvE opleveringsinspectie riolering" van de Gemeente Haarlem. Voor aanvang van de inspecties dient er een leeg SUF bestand met putcodering opgevraagd te worden bij de Gemeente Haarlem, afdeling DIA. dia@haarlem.nl o.v.v. controle putnummers. 2121
Overdracht metingen Hemelwaterafvoer aan gemeente, eisen aan revisie en inspectie
Riolering & Grondwater
Hemelwaterafvoer
Na het aanbrengen van de hoofdriolering dienen de werkelijke (of evt. afwijkende definitieve) hoogtematen van bob (binnen onderkant buis) en straat hoogten opnieuw ingemeten te worden en op een revisietekening te worden vermeld. Ook de inlaten (bob) vanuit de inspectieputten dienen te worden ingemeten en als basis te dienen voor de rioolinspectie. 2137
Materialisatie; Inspectieput HWA
Riolering & Hemelwaterafvoer Grondwater Putten van beton, minimale doorsnede 800 x 800 mm. Alle putten zijn voorzien van een zandvang van 20 cm 2154
Formaat hoofdriool HWA, DWA en gemengd riool Het hoofdriool bestaat uit buizen met een minimale diameter van 300 mm.
Hemelwaterafvoer
2159 Locatie bomen tov riool en drainage. Hemelwaterafvoer Bij uitwerking van het ontwerp dient de afstand tussen boom en riool/drainage zodanig te zijn dat onderhoud en vervanging van het riool/drainage mogelijk is zonder de boom te kappen. Onderlinge afstand van het riool en boom is minimaal 2 meter en eventueel voorzien van een antiwortelscherm. 2163 Locatie huisaansluitleidingen tov bomen Hemelwaterafvoer De afstand tussen boom en huisaansluiting dient zodanig te zijn dat onderhoud en vervanging van huisaansluitingen mogelijk is zonder de boom te kappen. Onderlinge afstand van de huisaansluiting en boom is minimaal 1 meter en eventueel voorzien van een antiwortelscherm. 2167
Planten nieuwe boom tov oude Hemelwaterafvoer huisaansluitingen. Bij het planten van nieuwe bomen dienen bestaande huisaansluitingen binnen een afstand van 5 meter van de boom van gresbuizen vervangen te worden door PVC leidingen met waterdichte koppelingen. 2004
Riolering & Kunstwerken en Grondwater Oevers Aan te brengen grond en zand dient schone grond te zijn. Alle aan te brengen en af te voeren grond, verloopt via de grondstroomcoördinator van de Opdrachtgever. 2043
Schone grond
Rioolgemaal, maximale stroomsnelheid Riolering & persleiding Grondwater Maximale stroomsnelheid in persleiding tussen 0,6 en 2,0 m/s. 2044
Mechanische Riolering
Rioolgemaal, materiaaleigenschappen Riolering & Mechanische persleidingen Grondwater Riolering Materiaal persleidingen HDPE, kleur zwart, Kwaliteit PN10 of PN16, verbinding middels spiegellassen.
2045
Rioolgemaal, nieuwe persleiding
Riolering & Mechanische Grondwater Riolering Bij aanleg van nieuwe persleiding een minimale gronddekkking van 1,0 m toepassen. 2078
Rioolgemaal, pompinstallaties
Riolering & Mechanische Grondwater Riolering De gemalen dienen voorzien te zijn van elektrische pompinstallaties. De pompinstallaties dienen automatisch werkend uitgevoerd te worden door middel van besturings- en signaleringsapparatuur, op te stellen in een apparatuurkast. De pompinstallaties dienen d.m.v. een UDSO of LM8N te kunnen communiceren met de hoofdpost van de gemeente (telemetrie) van de firma Kuipers Electronic Engineering, deze is momenteel uitgerust met het TMX systeem. 2130
Toetsingsdocumenten Mechanische Riolering & Riolering Grondwater De FAT/SAT documenten moeten in de overdrachtstukken worden verwerkt. 2150
Levensduur pompen en gemalen
2151
Levensduur pompen en gemalen
2156
Electra aansluiting realiseren.
Mechanische Riolering
Mechanische Riolering Mechanische en elektromechanische onderdelen ontwerpen en realiseren met een levensduur van 20 jaar. De pompput heeft een levensduur van 60 jaar. Mechanische Riolering Mechanische en elektromechanische onderdelen ontwerpen en realiseren met een levensduur van 20 jaar. De pompput heeft een levensduur van 60 jaar. Mechanische Riolering vanuit het project via de site aansluitingen.nl wordt de aansluiting aangevraagd. Adres waarop de aanvraag komt te staan is: Gemeente Haarlem, Gedempte Oude Gracht 2 De aansluiting wordt dan fysiek aangelegd en van de netbeheerder ontvang je een EAN-code. Wanneer de aansluiting is opgeleverd, moet er een mail naar mharteveld@haarlem.nl met de volgende gegevens: Adres aansluiting EAN-code Kostenplaatsnummer Type object Met deze gegevens wordt de aansluiting aangemeld bij de energieleverancier door de heer Ment Harteveld.
2168 Levensduur liner. Relining De werkzaamheden dienen uitgevoerd te worden met een levensduur, van het riool na relinen, van tenminste 60 jaar. 2169
Levensduur liner.
Relining
De werkzaamheden dienen uitgevoerd te worden met een levensduur, van het riool na relinen, van tenminste 60 jaar. 2170 Testen kwaliteit liner Relining Na uitvoering van de relining wordt een representatief proefstuk uitgenomen en indien wenselijk extern beproefd. 2171 Testen kwaliteit liner Relining Na uitvoering van de relining wordt een representatief proefstuk uitgenomen en indien wenselijk extern beproefd. 2172 Testen kwaliteit liner Relining Na uitvoering van de relining wordt een representatief proefstuk uitgenomen en indien wenselijk extern beproefd. 2173 Inspectie en oplevering gerelined riool Relining De leiding en inspectieputten na relinen opnieuw inspecteren en beoordelen, de inspecties en revisie en liner inclusief garantiecertificaat verwerken in het gemeentelijke beheersysteem. Uitvoering van inspecties t.b.v. de overdracht dient te voldoen aan het document "PvE opleveringsinspectie riolering" van de Gemeente Haarlem. Voor aanvang van de inspecties dient er een leeg SUF bestand met putcodering opgevraagd te worden bij de Gemeente Haarlem, afdeling DIA. dia@haarlem.nl o.v.v. controle putnummers.
2174 Inspectie en oplevering gerelined riool Relining De leiding en inspectieputten na relinen opnieuw inspecteren en beoordelen, de inspecties en revisie en liner inclusief garantiecertificaat verwerken in het gemeentelijke beheersysteem. Uitvoering van inspecties t.b.v. de overdracht dient te voldoen aan het document "PvE opleveringsinspectie riolering" van de Gemeente Haarlem. Voor aanvang van de inspecties dient er een leeg SUF bestand met putcodering opgevraagd te worden bij de Gemeente Haarlem, afdeling DIA. dia@haarlem.nl o.v.v. controle putnummers.
2175 Inspectie en oplevering gerelined riool Relining De leiding en inspectieputten na relinen opnieuw inspecteren en beoordelen, de inspecties en revisie en liner inclusief garantiecertificaat verwerken in het gemeentelijke beheersysteem. Uitvoering van inspecties t.b.v. de overdracht dient te voldoen aan het document "PvE opleveringsinspectie riolering" van de Gemeente Haarlem. Voor aanvang van de inspecties dient er een leeg SUF bestand met putcodering opgevraagd te worden bij de Gemeente Haarlem, afdeling DIA. dia@haarlem.nl o.v.v. controle putnummers.
2178 Constructieve kwaliteit liner. Relining Liners minimaal ontwerpen op verkeersklasse 450, onder de wegen voor exceptioneel transport op verkeersklasse 600.
2179 Constructieve kwaliteit liner. Relining Liners minimaal ontwerpen op verkeersklasse 450, onder de wegen voor exceptioneel transport op verkeersklasse 600. 2180 Constructieve kwaliteit liner. Relining Liners minimaal ontwerpen op verkeersklasse 450, onder de wegen voor exceptioneel transport op verkeersklasse 600. 2181 Inspectieputten Indien nodig putten van slechte kwaliteit voorzien van liner of vernieuwen.
Relining
2182 Inspectieputten Indien nodig putten van slechte kwaliteit voorzien van liner of vernieuwen.
Relining
2183 Inspectieputten Indien nodig putten van slechte kwaliteit voorzien van liner of vernieuwen.
Relining
2184
kwaliteit ontwerp, materialen en Relining uitvoering liner De benodigde wanddikte wordt gebaseerd op ATV-M 127-2 berekeningen. De gebruikte materialen en werkwijze conform de normen van de DIBt-zulässung en bijbehorende 10.000-urentest. 2185
kwaliteit ontwerp, materialen en Relining uitvoering liner De benodigde wanddikte wordt gebaseerd op ATV-M 127-2 berekeningen. De gebruikte materialen en werkwijze conform de normen van de DIBt-zulässung en bijbehorende 10.000-urentest. 2186
kwaliteit ontwerp, materialen en Relining uitvoering liner De benodigde wanddikte wordt gebaseerd op ATV-M 127-2 berekeningen. De gebruikte materialen en werkwijze conform de normen van de DIBt-zulässung en bijbehorende 10.000-urentest. 2187
kwaliteit ontwerp, materialen en Relining uitvoering liner De benodigde wanddikte wordt gebaseerd op ATV-M 127-2 berekeningen. De gebruikte materialen en werkwijze conform de normen van de DIBt-zulässung en bijbehorende 10.000-urentest. 2149 Geluidsreductie nieuw asfalt Rijbaan Nieuw asfalt dient na aanleg een geluidsreductie te geven van 1 dB(A) ten opzichte van DAB.
2002
Aansluiten op omgeving
Riolering & Riolering en Grondwater Grondwater Het Systeem Haarlem dient functioneel en fysiek aan te sluiten op zijn omgeving. 2005
Schone grond
2007
Technische levensduur riolering
Riolering & Riolering en Grondwater Grondwater Aan te brengen grond en zand dient schone grond te zijn. Alle aan te brengen en af te voeren grond, verloopt via de grondstroomcoördinator van de Opdrachtgever. Riolering & Grondwater De technische levensduur van de riolering bedraagt minimaal 60 jaar.
Riolering en Grondwater
2008
Ontwerpcapaciteit DWA / HWA / Riolering & Drainage Grondwater De afvoercapaciteit moet voldoende zijn om wateroverlast te voorkomen.
Riolering en Grondwater
2047
Riolering en Grondwater
Fundering omliggende bebouwing
Riolering & Grondwater Houten paalfunderingen van omliggende bebouwing mogen als gevolg van grondwaterstandwijzigingen in het plangebied niet droog komen te staan. 2049
Vervallen delen van riolering en Riolering & Riolering en drainagesystemen Grondwater Grondwater Oude, niet meer in gebruik zijnde riolering en drainage, dienen te worden gereinigd en op een milieuverantwoorde wijze te worden afgevoerd. 2052
Duurzaamheid en milieu
Riolering & Riolering en Grondwater Grondwater Er dient zoveel mogelijk gebruikt te worden gemaakt van duurzame en milieuvriendelijke toepassingen en materialen. 2079
Verantwoordelijkheid Ontwerp
2082
Goedkeuring Ontwerp
Riolering & Riolering en Grondwater Grondwater De ontwikkelaar of opdrachtnemer is verantwoordelijk voor het riool en drainage ontwerp. Eventuele faseringen dienen uitgewerkt te worden in het ontwerp. De ontwikkelaar c.q. opdrachtnemer dient alle nodige onderzoeken en inventarisaties te doen om tot een onderbouwd ontwerp te komen. Een bemalingsadvies of eventueel saneringsplan maakt onderdeel uit van het ontwerp. Riolering & Riolering en Grondwater Grondwater Ontwerpen dienen na verwerking van de opmerkingen en samen met het verslag van de controle en aanbevelingen ter goedkeuring aangeboden te worden aan GOB. De ontwerpen dienen (in PDF) samen met de tekeningen (in DGN) ingeleverd te worden.
2083
Goedkeuring wijzigingen Ontwerp
Riolering & Riolering en Grondwater Grondwater Wijzigingen in het ontwerp dienen goedgekeurd te worden door GOB/Rijnland. 2084
Start uitvoering
Riolering & Riolering en Grondwater Grondwater De start van de uitvoering en planning van het werk wordt schriftelijk aangegeven bij GOB/Rijnland. Tijdens de uitvoering kan GOB/Rijnland onaangekondigd veldcontrole uitvoeren. 2085
Overdracht goedkeuring riolering en Riolering & Riolering en drainage aan gemeente, eisen aan revisie Grondwater Grondwater en inspectie Een overdracht vindt plaats na bestuurlijke goedkeuring, als alle revisies en inspecties zijn ingeleverd en het werk is goedgekeurd door GOB. 2086
Aanleveren revisies
Riolering & Riolering en Grondwater Grondwater Alle revisies en inspecties dienen ingeleverd te zijn bij GOB binnen twee weken na aanbrengen (Wet WION). Gebeurd dit niet is en blijft de opdrachtnemer of ontwikkelaar verantwoordelijk voor alle eventuele tussentijdse schades en/of boetes ten gevolge van het niet tijdig aanleveren. 2103
Afstroming ontwerp eis
Riolering & Riolering en Grondwater Grondwater De afstroming van al het water moet zeker gesteld zijn door voorzieningen in het openbaar gebied. 2104
Toegankelijkheid inspectieputten Riolering & Riolering en riolering en drainage. Grondwater Grondwater Rioolputten en Instelputten, eindputten en kruisputten in de drainagesystemen dienen toegankelijk te zijn voor onderhoud, de minimale interne doorsnede bedraagt 0,80 m. 2116
Aanduidingen ontwerp
Riolering & Grondwater Rioleringaanduidingen op tekeningen conform NEN 3219 2117
Ontwerp inspectieputten
Riolering en Grondwater
Riolering & Riolering en Grondwater Grondwater In de hoofdrioolleidingen dienen inspectieputten te worden opgenomen. De maximale afstand tussen twee inspectieputten bedraagt 80m. 2131
Oplevering en overdracht Riolering & Riolering en revisietekeningen Grondwater Grondwater Revisietekeningen aanleveren conform eisen databeheer, afdeling DIA, tekeningen aanleveren in .DGN formaat en PDF-formaat.
2132
Vrijkomende materialen, aannemer
Riolering & Riolering en Grondwater Grondwater Voor rekening van de aannemer zijn: reinigen, afvoeren en/of storten van vrijkomende materialen en stoffen in overleg met de gemeente, conform wettelijke eisen. 2017
Toetsing ontwerp
2018
Dekking hoofdriolering
2022
Leidingdiameter DWA-leidingen
2080
Controle Riool ontwerp
2087
Ontwerp leeftijd
2099
Algemene eis riolering.
2113
Funderingsadvies Ontwerp
2114
Berekeningen Ontwerp
Riolering & Vrij verval riolering Grondwater Ontwerp dient vooraf getoetst te worden aan de huidige en toekomstige kabels en leidingen en aanleg dient te voldoen aan het standaard detail 5.2 "Standaard K&L tracé". Riolering & Vrij verval riolering Grondwater De dekking van de hoofdriolering op het hoogste punt dient 1,20 m te bedragen, gemeten van de bovenkant van de buis tot het ter plaatse beoogde peil van het openbaar gebied. Riolering & Grondwater De minimale leidingdiameter van de rioolleidingen bedraagt 250 mm.
Vrij verval riolering
Riolering & Vrij verval riolering Grondwater Rioolontwerpen dienen voor rekening van de ontwikkelaar of opdrachtnemer gecontroleerd te worden door Witteveen en Bos raadgevend ingenieurs vestiging Almere. Riolering & Vrij verval riolering Grondwater Bij uitbreidingen dient riolering als een gescheiden systeem aangelegd te worden. Het rioolsysteem ontwerpen op een minimale levensduur van 60 jaar. Riolering & Vrij verval riolering Grondwater De riolering mag de grondwaterstand niet negatief beïnvloeden (bv schade aan funderingen) en mag geen stank- en lawaaioverlast veroorzaken. Het rioolsysteem dient maximaal bereikbaar te zijn en zonder bijzondere maatregelen te kunnen worden beheerd en onderhouden. Riolering & Vrij verval riolering Grondwater Voor aanleg van riolering, rioolputten en eventuele gemalen dient een funderingsadvies/rapport overlegd te worden. Riolering & Vrij verval riolering Grondwater Berekeningen dienen te worden uitgevoerd conform de Leidraad Riolering, Module C2100 ‘Rioleringsberekeningen, hydraulisch functioneren’.
2115
Riool ontwerp uitgangspunten
Riolering & Vrij verval riolering Grondwater Het gehele ontwerp dient te worden uitgevoerd conform de Leidraad Riolering, Module Module B3000 "Detaillering en aanleg van stelselonderdelen". Met inachtneming van de module's ontwerpgrondslagen B1100, B2100, B2200, B2300 2119
Materialisatie ontwerp inspectieputten
Riolering & Grondwater Minimale afmeting van toe te passen inspectieputten is Ø 800mm.
Vrij verval riolering
2120
Revisie huisaansluitingen
Vrij verval riolering
2125
Toetsing en acceptatie
2127
Putnummers ten behoeve van Inspectie
2128
Resultaten Inspectie
2135
Tracébepaling Riolering
Riolering & Grondwater Aansluitleidingen intekenenen op de digitale revisietekening.
Riolering & Vrij verval riolering Grondwater Het rioleringswerk wordt beoordeeld conform EN 13508-1 buitenriolering "inspectie en toestandbeoordeling door middel van video-inspectie van riolen" en EN 13508-2 buitenriolering "classificatiesysteem" bij visuele inspectie van riolen". Alle toestandsaspecten moeten minimaal gelijk aan klasse 1 zijn. Riolering & Vrij verval riolering Grondwater Aanlegtekeningen en revisietekeningen van riolering en drainage dienen voorzien te worden van putnummers welke door afdeling DIA worden aangegeven. overstorten krijgen eigen nummers, daarom deze apart aangeven bij de aanvraag. De nummers zijn verkrijgbaar via mail aan dia@haarlem.nl o.v.v. aanvraag putnummers. Voor de oplevering dient het riool geïnspecteerd te worden. Voor het inspecteren dienen de putnummers gecontroleerd te worden op juistheid. Zonder de juiste putnummers kan de videoinspectie NIET geaccepteert worden. Fictieve putnummers zijn NIET toegestaan. Riolering & Vrij verval riolering Grondwater Inspectieresultaten moeten ten alle tijden voldoen aan het document "PvE opleveringsinspectie riolering" Riolering & Vrij verval riolering Grondwater Tracé in de rijbaan mag NIET in het rijspoor aangebracht worden. Putdeksel mogen NIET in het rijspoor terecht komen.
2141 Ontwerp; Afstemming huisaansluiting Voorkom foutieve aansluitingen HWA/DWA Stem ligging huisaansluitingen af met installatietekening woningen.
Vrij verval riolering
2142 Ontwerp; Afstemming huisaansluiting Voorkom foutieve aansluitingen HWA/DWA Stem ligging huisaansluitingen af met installatietekening woningen.
Vrij verval riolering
2143 Ontwerp; afkoppelen hemelwater. Vrij verval riolering Hemelwater dient gescheiden van het vuilwater ingezameld en afgevoerd te worden. 2189
functioneren riool tijdens Vrij verval riolering werkzaamheden aan het riool Ten behoeve van werkzaamheden een riolering tijdelijk afsluiten kan alleen nadat navraag gedaan is of dat mogelijk is bij de DDO partner en de gemeente. Indien het bericht terug komt dat dat niet bekend is of dit zondermeer afgesloten kan worden, dient de maatregel doorgerekend te worden. 2190
functioneren riool tijdens Vrij verval riolering werkzaamheden aan het riool Ten behoeve van werkzaamheden een riolering tijdelijk afsluiten kan alleen nadat navraag gedaan is of dat mogelijk is bij de DDO partner en de gemeente. Indien het bericht terug komt dat dat niet bekend is of dit zondermeer afgesloten kan worden, dient de maatregel doorgerekend te worden. 2191
functioneren riool tijdens Vrij verval riolering werkzaamheden aan het riool Ten behoeve van werkzaamheden een riolering tijdelijk afsluiten kan alleen nadat navraag gedaan is of dat mogelijk is bij de DDO partner en de gemeente. Indien het bericht terug komt dat dat niet bekend is of dit zondermeer afgesloten kan worden, dient de maatregel doorgerekend te worden. 2192
functioneren riool tijdens Vrij verval riolering werkzaamheden aan het riool Ten behoeve van werkzaamheden een riolering tijdelijk afsluiten kan alleen nadat navraag gedaan is of dat mogelijk is bij de DDO partner en de gemeente. Indien het bericht terug komt dat dat niet bekend is of dit zondermeer afgesloten kan worden, dient de maatregel doorgerekend te worden. 2001
Ontwerp; Afwatering richting privéterrein
Riolering & Grondwater Afwatering dient plaats te vinden binnen het eigen beheersgebied. 2003
Aansluiten op omgeving
2006
Schone grond
Wegen
Riolering & Wegen Grondwater Het Systeem Haarlem dient functioneel en fysiek aan te sluiten op zijn omgeving. Riolering & Wegen Grondwater Aan te brengen grond en zand dient schone grond te zijn. Alle aan te brengen en af te voeren grond, verloopt via de grondstroomcoördinator van de Opdrachtgever.
2077
Ontwerp; Trottoir- of straatkolk, Riolering & Wegen afwatering Grondwater Iedere kolk moet minstens 80m2 verhard oppervlak kunnen afvoeren, berekend bij Bui 9. 2138
Lozingen vanuit WKO systemen op het Riolering & riool. Grondwater De lozing dient plaats te vinden op het gemengd of vuilwaterriool.
WKO systemen
2144
Maximaal debiet lozing vanuit WKO WKO systemen systemen op het riool. De lozing van spuiwater uit WKO systemen op het riool mag niet groter zijn dan 5 m3/uur. 2145
Kwaliteit te lozen water op riool vanuit WKO systemen WKO systemen Het chloridegehalte van te lozen water uit WKO installaties mag niet groter zijn dan 10.000 mg/liter. Het af te voeren water dat vrijkomt vanuit een WKO installatie met een hoger chloridegehalte dan 10.000 mg/liter dient direct in het riool afdoende verdund te worden. 2146 Melding lozingen vanuit WKO installaties. WKO systemen Moment van lozen afstemmen met beheerder gemeente Haarlem. Dit kan via de site van de gemeente Haarlem https://www.haarlem.nl/melding-doen-of-vraag-stellen/ 2147
Basisgegevens bij aanvraag WKO WKO systemen vergunning De volgende gegevens dienen bij een aanvraag WKO-vergunning minimaal geleverd te worden: vergunninghouder, locatie lozing, hoeveelheid te lozen water, chloridegehalte van het te lozen water, wijze waarop een eventuele verdunningsstap gerealiseerd zal worden.
2148 Locatie lozingspunt ivm zout water WKO systemen Bij het vergunnen van WKO installaties dient met name de locatie van de lozing bekeken te worden. Het overige rioolwater moet de kans krijgen om de lozing goed te verdunnen alvorens het in de buurt van stalen en gewapende leidingen en pompsystemen komt. 2152
Behandeling boor- en spoelvloeistof bij WKO systemen aanleg wko-systeem Boor- en spoelvloeistof, bij aanleg van een WKO-systeem, dient voorafgaand aan de lozing een bezinkstap te ondergaan. Opgevangen slib dient afgevoerd te worden naar een eindverwerker. 2050
Oude rioleringen Droogweerafvoer
Riolering & Grondwater Oude, niet meer in gebruik zijnde rioleringen, dienen te worden gereinigd en op een milieuverantwoorde wijze te worden afgevoerd.
2051
Oude rioleringen Gemengd stelsel
Riolering & Grondwater Oude, niet meer in gebruik zijnde rioleringen, dienen te worden gereinigd en op een milieuverantwoorde wijze te worden afgevoerd. 2055
Materialisatie; putafdekkinge Instelput en Riolering & inspectieput drainage, Grondwater Putafdekking beton/gietijzer, hoog 240 mm., dagmaat 520 mm., deksel voor zwaar verkeer met verankerde rubberzitting, Duidelijk zichtbaar opschrift 'DRAIN' in putrand. 2064
Materialisatie; Tekst Putdeksel Drainage
Riolering & Grondwater Duidelijk zichtbaar opschrift "drainage" of "DRAIN" in putrand. 2065
Aanleg Inspectieput Hemelwaterafvoer
2069
Aanleg Inspectieput Gemengd stelsel
2070
Aanleg Instelput Drainage
2093
Fundering Droogweerafvoer
2094
Fundering Gemengd stelsel
2096
Klimaatbestendigheid Droogweerafvoer
Riolering & Grondwater Tussen kegelstuk of afdekplaat en putrand dienen indien nodig drie stellagen van kelderklinkers of prefab betonnen stelringen te worden aangebracht. Riolering & Grondwater Tussen kegelstuk of afdekplaat en putrand dienen indien nodig drie stellagen van kelderklinkers of prefab betonnen stelringen te worden aangebracht. Riolering & Grondwater Tussen kegelstuk of afdekplaat en putrand dienen indien nodig drie stellagen van kelderklinkers of prefab betonnen stelringen te worden aangebracht. Riolering & Grondwater Bij de aanleg en ontwerp van riolering dient rekening gehouden te worden met de ondergrond, het afschot dient gedurende de gehele levensduur gewaarborgd te zijn, de waterdiepte in een stelsel mag als gevolg van zettingen nooit meer bedragen dan 1/10 van de buisdiameter (klasse 1). Riolering & Grondwater Bij de aanleg en ontwerp van riolering dient rekening gehouden te worden met de ondergrond, het afschot dient gedurende de gehele levensduur gewaarborgd te zijn, de waterdiepte in een stelsel mag als gevolg van zettingen nooit meer bedragen dan 1/10 van de buisdiameter (klasse 1). Riolering & Grondwater Het rioolstelsel dient klimaatbestendig ontworpen te worden en doorgerekend te worden op extreme neerslag, tijdens extreme neerslag mag er geen water(overlast) in bebouwing optreden.
Het stelsel dient minimaal ontworpen te worden op Bui 9 volgens de leidraad riolering van Rioned (module C2100), bij deze bui mag er geen water op straat ontstaan. 2100
Algemene Droogweerafvoer eis
Riolering & Grondwater De riolering mag de grondwaterstand niet negatief beïnvloeden (bv schade aan funderingen) en mag geen stank- en lawaaioverlast veroorzaken. Het rioolsysteem dient zonder bijzonder maatregelen te kunnen worden beheerd en onderhouden. 2101
Algemene Gemend Stelsel eis
Riolering & Grondwater De riolering mag de grondwaterstand niet negatief beïnvloeden (bv schade aan funderingen) en mag geen stank- en lawaaioverlast veroorzaken. Het rioolsysteem dient zonder bijzonder maatregelen te kunnen worden beheerd en onderhouden. 2139 Voorkomen overlast van hemelwater Stroombanen voor hemelwater dienen intact gehouden te worden of versterkt te worden om overlast te voorkomen. 2140 Voorkomen overlast van hemelwater Stroombanen voor hemelwater dienen intact gehouden te worden of versterkt te worden om overlast te voorkomen. 2176 Oplevering liner Uitvoering van inspecties t.b.v. de overdracht dient te voldoen aan het document "PvE opleveringsinspectie riolering" van de Gemeente Haarlem. Voor aanvang van de inspecties dient er een leeg SUF bestand met putcodering opgevraagd te worden bij de Gemeente Haarlem, afdeling DIA. dia@haarlem.nl o.v.v. controle putnummers. 2177 Oplevering liner Uitvoering van inspecties t.b.v. de overdracht dient te voldoen aan het document "PvE opleveringsinspectie riolering" van de Gemeente Haarlem. Voor aanvang van de inspecties dient er een leeg SUF bestand met putcodering opgevraagd te worden bij de Gemeente Haarlem, afdeling DIA. dia@haarlem.nl o.v.v. controle putnummers. 2188
Materialisering ontvangstput na persleiding Uitvoering ontvangstput: -laag in - hoog uit; van kunststof of behandeld betonnen put, zodat H2S geen invloed heeft; leiding naar eerstvolgende betonnen put (na de ontvangstput): o vrijverval leiding met minimale lengte van 15 meter; o van ruime diameter; o van kunststof.
3001 Regeling verkeerslichten VRI De verkeersregelinstallatie dient te voldoen aan de Regeling verkeerslichten, 31 maart 2010 als onderdeel van artikel 14 van de Wegverkeerswet 1994. 3002 Handboek wegontwerp VRI De verkeersregelinstallatie dient te voldoen aan het Handboek Wegontwerp, CROW, meest recente publicatie. 3003 Handboek verkeerslichtenregelingen De verkeersregelinstallatie dient ontworpen te zijn conform het Handboek verkeerslichtenregelingen, CROW, meest recente publicatie.
VRI
3004
Handboek aanleg VRI verkeersregelinstallaties De verkeersregelinstallatie dient te voldoen aan het Handboek aanleg verkeersregelinstallaties, CROW, meest recente publicatie. 3005 Standaard RAW bepalingen VRI De eventuele aanbesteding van een verkeersregelinstallatie dient te voldoen aan de standaard RAW Bepalingen, CROW, meest recente publicatie. 3006 KEMA-KEUR keurmerk VRI De verkeersregelinstallatie dient aan een goedgekeurde KEMA-KEUR of gelijkwaardig keurmerk te voldoen. 3007 NEN-3384 VRI De verkeersregelinstallatie dient te voldoen aan de NEN-3384, vigerende druk. 3008 NEN-3140 VRI De verkeersregelinstallatie dient te voldoen aan de NEN-3140, vigerende druk. 3009 Standaard functionele specificatie VRI De verkeersregelinstallatie dient te voldoen aan de standaard functionele specificatie gemeente Haarlem, vigerende versie. Alleen op advies van een verkeerskundige en na overleg met de opdrachtgever mag hier van worden afgeweken. 3010 Testprotocol voor verkeersregelapplicatie VRI De regelapplicatie dient getest te worden conform het vigerende testprotocol voor CCOLapplicaties in de PC-testomgeving. 3011 Testprotocol voor een FAT VRI De verkeersregelinstallatie dient tijdens de fabrieksafname getest te worden conform het vigerende testprotocol voor een FAT.
3012 Testprotocol voor een SAT VRI De verkeersregelinstallatie dient tijdens de inbedrijfstelling getest te worden conform het vigerende testprotocol voor een SAT. 3013 Werking VRI en communicatie VRI Het verkeersregeltoestel stuurt met de regelapplicatie verkeerslantaarns aan, aangevuld met signalen ten behoeve van attentiesignalering, detecteert verkeer door middel van detectielussen, is eventueel gekoppeld met (andere) verkeersregelinstallaties, bruggen en/of spoorwegovergangen en heeft een communicatieverbinding met een IVERA centrale. 3014 Onderdelen van buiteninstallatie VRI De buiteninstallatie bestaat uit grondkabels, staanders met uithouders, portalen, masten (al dan niet met drukknoppen), verkeerslantaarns, wachttijdvoorspellers, rateltikkers, detectielussen, radardetectie, videodetectie, radardetectie en dodehoekspiegels. 3015 Ontwerp verkeersregelprogramma VRI Het verkeersregelprogramma wordt ontworpen op basis van een capaciteitsberekening in COCON. De opdrachtgever levert hiervoor de benodigde voertuigintensiteiten. Er wordt minimaal een capaciteitsberekening gedaan voor de ochtend- en avondspits perioden. De opdrachtnemer gaat bij de opdrachtgever na of een aanvullende capaciteitsberekening noodzakelijk is.
3016 Microsimulatie VRI Bij een nieuwe verkeersregelapplicatie- en/of toestel die met meerdere nabijgelegen kruispunten zal worden gekoppeld moet de verkeerskundige werking worden getoetst door middel van een microsimulatie indien dit door de opdrachtgever wordt gewenst. 3017 Faciliteren verkeersstroom VRI De verkeersregelinstallatie dient alle verkeerstromen verkeersveilig te faciliteren 3018 Bevorderen verkeersstroom VRI De verkeersregelinstallatie dient de verkeerstromen te bevorderen, zodanig dat de verliestijd tot een minimum wordt beperkt. 3019 Geloofwaardigheid VRI De verkeersregelinstallatie is voorspelbaar, geloofwaardig en wachttijden dienen zo laag mogelijk te zijn. 3020 Maximale cyclustijd De cyclustijd dient minder dan 120 seconden te bedragen.
VRI
3021 Verzadigingsgraad De verzadigingsgraad moet per richting lager zijn dan 85%.
VRI
3022
VRI
Wachttijden langzaam verkeer
De wachttijden voor langzaam verkeer dienen lager te zijn dan 90 seconden, tenzij de opdrachtgever anders aangeeft of de lokale situatie hierom vraagt. 3023 Conflictbewaking VRI De VRA bewaakt met de conflictmonitor of gedefinieerde conflicten gelijktijdig groen of groen en geel uitsturen. Bij een bewakingsingreep schakelt de regelapplicatie van de toestand regelen naar geelknipperen. 3024 Lamp bewaking VRI De lampbewaking in het verkeersregeltoestel dient de lampen van alle lantaarns voor iedere signaalgroep te bewaken, waarbij: - Er per lamp bewaakt en gelogd wordt van welke lantaarn welk aspect defect is. - Een defecte lamp door middel van het IVERA-protocol gemeld wordt aan de beheerscentrale. Deze melding omvat ten minste de kleur van de defecte lamp, het lantaarnnummer en of het gaat om een hoge, lage of secundaire verkeerslantaarn. 3025 Rode lamp bewakingsingreep VRI Bij het defect zijn van de laatste rode lamp van een auto- of openbaar vervoer signaalgroep schakelt de regelapplicatie van de toestand regelen naar geelknipperen. Hiervan mag alleen op advies van een verkeerskundige van worden afgeweken. Voor fiets en voetgangersrichtingen geldt dat bij de laatste defecte rode lamp dus alleen een melding wordt gestuurd naar de beheerscentrale.
3026 VRI ontwerptekening VRI Bij nieuwe aanleg, vervanging of wijziging van een verkeersregelinstallatie wordt op de ondergrond van het nieuwe of gewijzigde civieltechnisch kruispuntontwerp een VRI ontwerptekening gemaakt met daarin alle wegmarkeringen (inclusief stopstrepen), het bovenaanzicht van de VRA en alle aanwezige onderdelen van de buiteninstallatie (verkeerslantaarns, masten, detectie, drukknoppen, etc.) inclusief nummering. 3027 Nulmeting buiteninstallatie VRI Bij nieuwe aanleg, vervanging of wijziging van een verkeersregelinstallatie dient binnen 2 weken na opdrachtverlening een nulmeting te worden uitgevoerd. Bij de nulmeting worden alle onderdelen van de buiteninstallatie gecontroleerd of deze nog naar behoren functioneren en of er geen defecten zijn. Hierover wordt schriftelijk gerapporteerd richting de opdrachtgever. Indien hier aanvullende werkzaamheden of leveringen uit voortkomen, treedt de opdachtnemer met opdrachtgever in overleg. 3028 Gespecificeerde verkeersregelapplicatie VRI Een verkeersregelapplicatie wordt door de opdrachtnemer voorafgaande aan de programmering gespecificeerd en vereist een acceptatie door de opdrachtgever. 3029
Voorstel tot toetsing van VRI kruispuntweergave De opdrachtnemer doet ten minste 4 weken voor de FAT een voorstel aan de opdrachtgever voor de toetsing van de kruispuntweergave op het bedieningspaneel.
3030 IVERA formulier VRI 2 weken voor de FAT dient een ingevuld IVERA formulier voor het betreffende verkeersregeltoestel aan opdrachtgever geleverd te worden. Na acceptatie van de opdrachtgever kan verdere implementatie doorgang vinden. 3031 Acceptatie verkeersregelapplicatie VRI De verkeersregelapplicatie wordt ten minste 2 weken voor de FAT ter acceptatie aangeboden aan de opdrachtgever. 3032 Duurtesten voorafgaand aan FAT VRI De verkeersregelapplicatie wordt met een duurtest voorafgaand aan de FAT getoetst op fasebewakingen in de: - PC-testomgeving voor een periode van minimaal 2 weken; - Automaat testopstelling bij de leverancier voor een periode van minimaal 48 uur. 3033 Afnemen FAT VRI Elk verkeersregeltoestel met zijn nieuwe verkeersregelapplicatie ondergaat een FAT conform het testprotocol indien er hardware matige wijzigingen zijn aangebracht in de buiteninstallatie. 3034 Beschikbaarheid test-tools FAT VRI Tijdens de FAT worden, naast de testopstelling van de automaat, door de opdrachtnemer ten minste de volgende test-tools beschikbaar gesteld: - Een PC met de CCOL-commandparser; - Een KAR test-tool. 3035 Restpunten FAT Restpunten vanuit de FAT dienen te zijn verholpen voor de SAT.
VRI
3036 Afnemen SAT / inbedrijfstelling VRI Het op de kruispuntlocatie testen en inbedrijfstellen van de verkeersregelinstallatie vindt plaats conform het testprotocol en in samenspraak met de opdrachtgever en maakt onderdeel uit van de SAT. 3037 Restpunten inbedrijfstelling VRI In overleg met de opdrachtgever worden de restpunten vanuit de SAT binnen 5 dagen na de inbedrijfstelling hersteld door de opdrachtnemer. Na overschrijding van dit termijn wordt per dag € 500,00 in rekening gebracht bij de opdrachtnemer met een maximum van 20% van de aannemerssom. Bij gegronde uitzonderingen of overmacht treedt de opdrachtnemer in overleg met de opdrachtgever. 3038 Inregelen na observatie VRI Binnen 5 werkdagen na de SAT vindt op een dins- of donderdag een observatie plaats op de kruispuntlocatie door de opdrachtnemer. Tijdens de observatie worden ten minste de volgende
onderdelen gecontroleerd en bijgesteld: ontruimings-, groen- en hiaattijden. Alle bevindingen worden door de opdrachtnemer aan de opdrachtgever gerapporteerd. 3039 Configuratie kruispuntplaatje VRIcentrale VRI Binnen 5 werkdagen na de SAT wordt een nieuw (schematisch) kruispuntplaatje in de beheerscentrale geladen en geconfigureerd. Hierin bevindt de noordelijke kruispuntarm zich aan de bovenzijde van de afbeelding. 3040 Gewijzigde parameters laden VRI Na afloop van of 1 maal gedurende de garantieperiode dient de opdrachtnemer de gewijzigde instellingen (parameters e.d.) middels een parameter dump over te nemen in de verkeersregelapplicatie en die nogmaals om te zetten naar automaat software en vervolgens te laden in het verkeersregeltoestel. Het tijdstip van het laden van deze nieuwe automaat software is onderdeel van de opdracht, dient afgestemd te worden met de opdrachtgever en mag uitgevoerd worden na goedkeuring van de opdrachtgever. 3041 Afvoeren vrijkomende materialen VRI Het milieuvriendelijk afvoeren en vernietigen van vrijkomende materialen van de VRI zijn conform wettelijke eisen voor rekening van de opdrachtnemer. De opdrachtnemer treedt hiervoor in overleg met de opdrachtgever en de DDO-partner.
3042 Toepassing brugkoppeling VRI Een brug binnen een afstand van 300 meter van een geregeld kruispunt (stopstreep voedende signaalgroep naar brug) wordt altijd gekoppeld aan het verkeersregeltoestel. Indien de afstand tussen het geregelde kruispunt en de brug meer dan 300 meter bedraagt gaat opdrachtnemer bij opdrachtgever na of een eventuele koppeling gewenst is. 3043 Koppelsignalen brugkoppeling VRI De communicatie tussen de brug en het verkeersregeltoestel dient plaats te vinden via parallelle koppelsignalen overeenkomstig met het aantal en de naamgeving vanuit de standaard functionele specificatie. 3044 Brugontruiming na aanvraag VRI Nabij bruggen moet de regelapplicatie de brug na aanvang van het brugprogramma ontruimen. 3045 Werking (na)brugprogramma VRI Nabij bruggen moet het regelprogramma een brugprogramma en nabrugprogramma bevatten. Gedurende het brugprogramma verzorgt de regelapplicatie minimaal dat richtingen naar de burg geblokkeerd worden, zodat het kruispuntvlak wordt vrijhouden. 3046 Aanvraag voor burgopening VRI Het signaal van de brug(aanvraag) mag indien het verkeersregeltoestel in de toestand storing komt in geen enkel geval afvallen. 3047
Terugmelding naar brug
VRI
Het signaal van het brugprogramma mag indien het verkeersregeltoestel in de toestand storing komt in geen enkel geval afvallen. 3048
Opleveren documenten VRI verkeersregelinstallatie Een nieuw te leveren of gewijzigd verkeersregeltoestel omvat de documentatie van de gehele verkeersregelinstallatie, inclusief de as-built tekeningen. Deze documentatie wordt digitaal en geschaald in .PDF-format aangeleverd binnen 4 weken na oplevering. Na overschrijding van dit termijn wordt per week € 500,00 in rekening gebracht/ingehouden bij de opdrachtnemer met een maximum van 20% van de aannemerssom. Bij gegronde uitzonderingen of overmacht treedt de opdrachtnemer in overleg met de opdrachtgever. 3049 Bestandformat en onderdelen as-built VRI De as-built tekening dient (naast PDF-format) ook opgeleverd te worden in .DGN of .SHP-format. Deze geschaalde tekening bevat alle elementen en naamgeving/nummering van de buiteninstallatie, aangevuld met de kabellooptekeningen en detectietabellen. Alle elementen van de buiteninstallatie worden hiervoor na oplevering ingemeten conform het Rijksdriehoekstelsel. 3050 Aanleveren ingemeten elementen VRI Gebaseerd op het Haarlemse data-schema worden diverse (ingemeten) gegevens via Excel-format aangeleverd richting de opdrachtgever. Opdrachtnemer vraagt hiervoor het vigerende dataschema op bij de opdrachtgever.
3051 Opleveren automaatsoftware VRI Bij iedere vervangen, nieuwe of gewijzigde verkeersregelinstallatie dient de CCOL-software (inclusief bijbehorende kruispuntspecifieke functionele specificatie, ontruimingstijden berekening en uitgevoerde verkeerskundige capaciteitsberekening) na oplevering te worden aangeleverd aan de opdrachtgever. 3052 Opleveren software listing en logkaart VRI Bij iedere wijziging aan een verkeersregelinstallatie dient de actuele software listing te worden bijgevoegd in het kastpakket. Tevens bevat ieder nieuw op te leveren verkeersregeltoestel een logkaart met minimaal de volgende in te vullen velden: - Datum; - Aanleiding; - Werkzaamheden / wijzigingen; - Uitgevoerd door (naam en organisatie); 3053 Testen na onderhoudswerkzaamheden VRI Na het uitvoeren van onderhoudswerkzaamheden aan (onderdelen van) de verkeersregelinstallatie dienen alle functies van de vervangen of aangepaste onderdelen getest te worden door de servicemonteur op locatie. Bij een herstart van de regelapplicatie wordt altijd gecontroleerd of de parameterinstellingen weer overeen komen met de logkaart. Over de verrichte werkzaamheden rapporteert de opdrachtnemer aan de opdrachtgever en alle verrichte acties en/of aanpassingen worden opgenomen in de logkaart van het verkeersregeltoestel.
3054 Garantie termijn verkeersregeltoestel VRI Op iedere gehele verkeersregelinstallatie geldt een garantie termijn van 1 jaar vanaf het moment van oplevering. 3055 Garantie termijn ledmodules VRI De garantie op LED modules bedraagt ten minste 5 jaar en elke module dient na de eerste levering ten minste nog 10 jaar leverbaar te zijn. 3056 Service en onderhoudscontract VRI Voor ieder nieuw te leveren verkeersregeltoestel (als uitbreiding op het bestaande areaal) wordt na oplevering van het verkeersregeltoestel het volledige beheer en alle documentatie overgedragen naar de DDO-partner van de opdrachtgever. 3057
Verkeersregelapplicatie
Hardware en software Het verkeersregeltoestel is voorzien van een kruispunt specifieke verkeersregelapplicatie om alle verkeerskundige eisen vanuit de specificatie te bewerkstelligen 3058
CCOL versie programmering
3059
CCOL generator
3060
Bepalen ontruimingstijden
3061
Afronden ontruimingstijden
3062
Garantieontruimingstijden
Hardware en software De programmering van de verkeersregelapplicatie vindt default plaats in de meest recente CCOLversie. De opdrachtnemer vraagt na bij de opdrachtgever of hiervan wordt afgeweken. Hardware en software Elke verkeersregelapplicatie wordt gespecificeerd en gegenereerd door middel van de freeware Traffick CCOL generator. Hardware en software De ontruimingstijden wordt berekend met het hulpprogramma OTTO conform de meest recente CROW-richtlijn. Eisen over afronden en garantietijden wijken af van de standaard. Hardware en software De ontruimingstijden wordt afgerond op hele en halve seconden. Waarden worden vanaf 0,1 en 0,6 naar boven afgerond. Hardware en software De garantie-ontruimingstijden worden bepaald door de berekende ontruimingstijden trapsgewijs te verlagen: - bij 0 t/m 3,0 -> 0,5 seconden verlagen; - bij 3,5 t/m 8,0 -> 1,0 seconden verlagen; - bij 8,5 en hoger -> 1,5 seconden verlagen.
3063
Acceptatie ontruimingstijden
Hardware en software Elke nieuwe ontruimingstijden database vereist een acceptatie van de opdrachtgever. 3064
Garantiegeeltijden
Hardware en software
Garantiegeeltijden worden default ingesteld bij: - richtingen voor gemotoriseerd verkeer: 3,0 seconden; - richtingen voor fietsers: 2,0 seconden; - richtingen voor voetgangers: 3,0 seconden. 3065
Geeltijden
Hardware en software
Geeltijden worden default ingesteld bij: - richtingen voor gemotoriseerd verkeer rechtdoor: 3,5 seconden - richtingen voor gemotoriseerd verkeer afslaand: 3,0 seconden - richtingen voor openbaar vervoer (negen oog): 3,0 seconden - richtingen voor fietsers: 2,0 seconden - richtingen voor voetgangers: 3,0 seconden 3066
Garantiegroentijden
Hardware en software De garantiegroentijd voor alle signaalgroepen dient ten minste 4,0 seconden te bedragen. 3067
Garantieroodtijden
Hardware en software
De garantieroodtijd voor alle signaalgroepen dient 2,0 seconden te bedragen. 3068
Vastgroentijden
Hardware en software
Vastgroentijden worden default ingesteld bij: - richtingen voor gemotoriseerd verkeer rechtdoor (hoofdrichtingen): 6,0 seconden; - richtingen voor gemotoriseerd verkeer afslaand: ten minste 4,0 seconden; - richtingen voor openbaar vervoer (negen oog): 4,0 seconden; - richtingen voor fietsers: ten minste 5,0 seconden; - richtingen voor voetgangers: locatieafhankelijk, ten minste 4,0 seconden. 3069
Bezettijd lussen gemotoriseerd verkeer
De bezettijden voor het gemotoriseerd verkeer bedragen: - koplus: 2,0 seconden. - verlenglus (lange lus): 0,0 seconden. - verweglus: 0,0 seconden.
Hardware en software
3070
Hiaattijd lussen gemotoriseerd verkeer
Hardware en software
De hiaattijden voor het gemotoriseerd verkeer bedragen: - koplus: 2,0 seconden. - verlenglus (lange lus): locatieafhankelijk, ten minste 0,5 seconden. - verweglus: 3,0 seconden. 3071
Bezettijd fietslus
Hardware en software
De bezettijd fietslus bedraagt default: - koplus: 2,0 seconden; - verweglus: 0,0 seconden 3072
Hiaattijd fietslus
Hardware en software
De hiaattijd fietslus bedraagt default: - koplus: 2,0 seconden; - verweglus: 3,0 seconden. 3073
Bezettijd filelus
Hardware en software
De bezettijd filelus bedraagt 4,0 seconden. 3074
Hiaattijd filelus
Hardware en software
De hiaattijd filelus bedraagt 6,0 seconden. 3075
Detectiebewaking
Hardware en software Alle detectoren dienen instelbaar te kunnen worden bewaakt op Ondergedrag, Bovengedrag en Fluttergedrag. 3076
Wachtstand hoofdroute
3077
KAR in- en uitmeldingen
3078
Hulpdienstafhandeling
Hardware en software Op de hoofdroute dient de wachtstand default en instelbaar wachtstand groen te zijn. Hardware en software Iedere signaalgroep voor gemotoriseerd verkeer in de regelapplicatie kan KAR in- en uitmeldingen afhandelen voor hulpdiensten en openbaar vervoer. Hardware en software