CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

06-03 Transcript cie Ontwikkeling

commissie Ontwikkeling 3 juni 2021, gemeente Haarlem55.175 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 6

Ik denk dat dat goed gewogen wordt op dit moment en dat we op een nader moment daar goed met elkaar van gedachten kunnen wisselen. Ja. Even kijken, hoor. Trots. Misschien, ik denk

35

ook een beetje in lijn met het CDA: u maakt zich ook zorgen, die reserve is eindig. Een hele terechte opmerking, ik denk, je ziet ook in meerdere onderdelen van de stukken dat dat ook terugkomt, ook het recreatieschap zelf geeft in de oplegger eigenlijk aan dat dit niet oneindig zo door kan gaan, om het maar zo te zeggen, dat misschien dat eerder dicht nabijkomt dan dat wij willen. Vandaar ook de zienswijze van het college, zou ik eigenlijk zeggen. De voorzitter: Ja, dat was het einde van uw betoog? De heer Rijbroek: Ik had nog even een aanvullende vraag. We krijgen … De voorzitter: Ik wachtte even op uw punt, maar u zet hem zelf. Mijnheer Rijbroek. De heer Rijbroek: Sorry, voorzitter. We krijgen net een e-mailbericht als raadsleden/schaduwraadsleden binnen, een persbericht, en dat gaat over dat de niet-noodzakelijke eventuele uitgaven die we normaliter in een jaar wel doen worden uitgesteld op grond van onzekerheden wat het Rijk gaat betekenen voor de gemeentes. Hetgeen wat we nu bespreken, even als voorbeeld, Recreatieschap Spaarnwoude. Ik hoor u zeggen: corona-ondersteuning die is als reserve, die gaan we uitvoeren. Maar andere zaken worden dus uitgesteld? Zie ik dat goed of zie ik dat verkeerd? Wethouder Berkhout: Ik denk dat u even een paar zaken moet scheiden.

Volgens mij is dat het persbericht over onze eigen kadernota, waar echt gewoon de Jeugdzorg en het gemeentefonds-verdeling belangrijke afwegingen zijn. Wellicht heeft wethouder Rog vanmiddag dat één en ander toegelicht. Wat ik u hier zeg is: dit is de jaarrekening en de begroting van het schap. Wat ik over het noodfonds heb gezegd is, daar hebben we vorig jaar, dus daar bent u ook bij geweest, we hebben met elkaar gezegd: we nemen alvast wel even uit voorzorg een bijdrage op voor als corona, want er waren geen evenementen, mevrouw Oosterbroek zei het al, dat is toch wel waar SPW Oud op draait, die evenementen. Die waren er niet, dus we zagen al die inkomsten zakken. Dan kunnen wij even een handje bijdragen, een steuntje, kunnen we dat compenseren. Dat willen wij nog steeds doen, want we hebben die middelen beschikbaar gesteld. Alleen daar zei ik: dat is wel de lijn van het college van Haarlem, maar dat is niet de lijn van het DB in meerderheid van het schap. Dus op dit moment wordt dat niet geactiveerd. Maar we hebben hem achter de hand, om het maar zo te zeggen. Maar het zijn even gescheiden onderdelen. Dan misschien nog eventjes de PvdA. U geeft ook nog eventjes mee: ik zou graag toch wat meer inzicht willen hebben in het inlopen van het achterstallig onderhoud. Even: waar staan we nu? Dat is toch wat onderbelicht.

Dat vind ik een belangrijk punt, want dat is één, wat ik zei, van de twee kernpunten die de gemeente Haarlem of de raad Haarlem hier aan mij meegeeft. Dus die zal ik meenemen, om te kijken hoe wij in de volgende financiële stukken toch echt nadrukkelijker ook vinger aan de pols kunnen houden en daar ook gewoon een verantwoording bij de raad kunnen afleggen. Ik vind ook een belangrijk punt dat u aandacht vraagt voor de exoten, eigenlijk als onderdeel van: als je dat niet goed inloopt, dat achterstallig onderhoud, dat kan het je nog wel eens meer gaan kosten dan nu. Dat maken wij inderdaad natuurlijk mee met de Japanse Duizendknoop. Inderdaad, dus ook dat denk ik dat dat een relevant punt is. Volgens mij is achterstallig onderhoud wel vaak de infrastructuur, de paden. Maar ik denk dat dit zeker een rol speelt, u heeft helemaal gelijk. Die laatste, u had het over die energie … De voorzitter: Mevrouw Oosterbroek. Mevrouw Oosterbroek: Zouden die exoten dan mee kunnen worden genomen in het Ecologisch Beheerplan?

36

Wethouder Berkhout: Ik ga ervan uit dat dat gebeurt. Maar er zijn twee, we hebben meerdere punten in het uitvoeringsprogramma wat naar u toe komt. Eentje is het achterstallig onderhoud inlopen en de ander is het Ecologisch Beheerplan. Linksom of rechtsom, ergens moet die terugkomen. Komt die in geen van beiden terug dan verwacht ik een ronkende zienswijze van uw kant. Dan ga ik weer eventjes naar energie. Kijk, deze stukken zijn wel alweer enige tijd geleden vastgesteld. Niet heel lang geleden, maar volgens mij in april. Volgens mij, als ik het goed heb, is hier de lijn dat wel even ook de RES’en werden afgewacht. Daar is volgens mij ook, naast dat wij natuurlijk Schoteroog als zoekgebied hebben vastgesteld vorige week, heeft ook de gemeente Velsen een amendement ingediend om meer te kijken naar het schap, om ook daar bijvoorbeeld wind mogelijk te maken. Ik moet zeggen dat ik even niet actueel heb of zij dat inmiddels hebben vastgesteld of niet, ik weet dat dat amendement er is. Ik weet dat het ook onderwerp van gesprek is binnen het schap. Het is wel opvallend, we hebben de visie met elkaar vastgesteld, Spaarnwoude Park. Daar zit energietransitie niet als zodanig als zwaarwegend punt in. In dat proces daar is eigenlijk, de RES’en zijn langszij gekomen, om maar zoiets te zeggen.

Dus dit is een beetje het proces hoe dat gaat, dus ik denk dat als de gemeentes het daarover eens zijn – Haarlemmermeer, Velsen, Amsterdam, Haarlem – hoe het met die zoekgebieden gaat, dan kan daar weer een slag in worden geslagen. Op projectbasis kan ik u zeggen, heb ik volgens mij ook vorige week gezegd, is het recreatieschap nauw betrokken bij afvalzorg en de plannen voor Schoteroog. De voorzitter: Mevrouw Verhoeff. Mevrouw Verhoeff: Dank u, wethouder, want dit maakt het duidelijk. Maar ik hoop ook dat u mee wil nemen dat in deze discussie in een heel vroeg stadium, omdat het bij andere projecten wel eens te laat werd ingepast: wie is nou eigenaar waarvan? Want sommige gronden zijn gewoon van het Rijk, die zitten in onderpacht bij het recreatieschap. Het is complex, ik kan het ook niet meer precies uitleggen, zo complex is het, maar dat houdt soms alle projecten tegen. Het zou toch zonde zijn dat als we er met zijn allen uit zijn, en ik hoop wat recreatiever dan het nu op tafel ligt, dat we er niet uitkomen. Vandaar dat ik die boodschap meegeven en dat u daar zich hard voor wil maken. Wethouder Berkhout: Ga ik zeker doen. Dat doe ik ook al, ook daar kan ik u verwijzen naar de notulen waar ik ook nadrukkelijk pleit voor die energietransitie en de verantwoordelijkheid die het schap moet pakken.

Dat is wel een gesprek wat eerder niet gevoerd werd binnen het schap, het was meer inderdaad achterstallig onderhoud, biodiversiteit. Daar komt nu ook een verantwoordelijkheid richting energietransitie bij kijken. Maar ik ben het helemaal met u eens en u heeft ook inderdaad kunnen zien de eigenaarsverhoudingen, stakeholders die bij Schoteroog alleen al betrokken zijn, dat is complex. Ik ga even snel door. ChristenUnie geeft eigenlijk denk ik aan ook zorgen te hebben over de lange termijn van de financiën, dus ik denk dat daar ook de zienswijzesuggestie van het CDA op steun kan rekenen van de ChristenUnie, als ik het maar zelf invul. Volgens mij dekt dat de lading. Ook gaf ik de ChristenUnie net al even gelijk: het recreatieschap is niet het nationaal park. Die twee zijn in balans als het gaat om de behoeftes om onze stad heen, maar het recreatieschap is ook niet alleen recreatie. De VVD spreekt ook, ik heb uw betoog gehoord en het spreekt ook de teleurstelling uit over – dat stond bij de risico’s – over dat er geen opvolging nu wordt gegeven aan wat de accountant zegt. Dat kan ik begrijpen. OPH, dat is toch een technische vraag over de Liedebrug, maar daar gaan we even schriftelijk op terugkomen, waar die overschrijding van de kosten dan precies in zit. Dus dat komt schriftelijk naar u toe.

Hart voor Haarlem, u maakt dit denk ik al het langst mee van ons allemaal, het recreatieschap en de financiële zorgen daarover. Misschien met de heer Aynan. De heer Aynan: Ik distantieer me van elke suggestie hier.

37

Wethouder Berkhout: Nou, daar hou ik het toch bij mevrouw Van Zetten. Maar in ieder geval, wat ik als afwijking daarin wou zeggen is: volgens mij hebben we met elkaar 2018 gezegd ‘boter bij de vis, wij verhogen de participantenbijdrage’. Daar staan we nog steeds voor, maar daar staan we nog wel even als Haarlem alleen en op die derde trap van die participantenbijdrage te verhogen, omdat wij zien dat die bruidsschat, die is gewoon echt bijna op het eind. Ik denk dat mevrouw Van Zetten dat scherper verwoordde. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Mevrouw Van Zetten. Mevrouw Van Zetten: Daar ging het mij gewoon helemaal niet om. Dat wij eraan mee moeten betalen en dat het iets meer zal worden, dat lag natuurlijk in lijn van de verwachtingen. Het gaat er mij om dat nu breed wordt uitgemeten dat er allerlei dingen vanwege de corona, dat ze verlies hebben geleden. Dat denk ik wel eens, dat dat wel heel erg makkelijk wordt gebruikt om bepaald beleid gewoon een beetje goed te praten. Maar misschien denk ik daar veel te negatief over, mijnheer Berkhout. Wethouder Berkhout: Ja, dan vind ik dat toch wat negatief. Want ik had wel het idee dat we de weg omhoog – en volgens mij ook uit uw reacties, misschien niet vorig jaar, want toen zaten we al in corona, maar het jaar daarvoor – zag ik wel dat we een beetje de weg omhoog hadden gevonden.

We hebben dat onderzoek gehad waar echt werd gezegd: dit is de omvang van het achterstallig onderhoud, hier moeten we nu voor aan de lat. Dus we hadden die weg omhoog gevonden, maar corona hakte er wel heel erg in. Wat dit recreatieschap anders maakt dan anderen is dat het heel erg afhankelijk is qua inkomsten van die evenementen. Daar is geen hogere wiskunde voor nodig, dat die er niet waren vorig jaar, dus dat die inkomsten zijn teruggelopen. Dus dat wil ik u toch meegeven: corona heeft wel echt een impact op de inkomsten van het schap vorig jaar en mogelijk ook dit jaar. De voorzitter: Ja, dat was? Is er behoefte aan nog een tweede termijn in de commissie? Nee? Ik zie mijnheer Klaver bewegen. De heer Klaver: Ja, ik heb behoefte dat u het goed afconcludeert. De voorzitter: Ja, ik was eerst nog aan het kijken of er behoefte was aan een tweede termijn. Dan gaan we dat even doen. Ik wilde peilen. Dan gaan we naar 9.1, de jaarrekening. Hoe mag dat naar de raad? Een hamerstuk. Dan gaan we naar 9.2, de begroting. Daar was een voorstel van mijnheer Klaver om daar een zin aan toe te voegen over … Dat mag u zelf even herhalen. De heer Klaver: Ja, ik denk dat het goed is om een zin toe te voegen, dat het recreatieschap tijdig met voorstellen komt ter voorkoming van tekorten in het weerstandsvermogen. De voorzitter: Is daar draagvlak voor? Handen graag.

De heer Bloem: Voorzitter, ik wil nog … De voorzitter: Wie hoor ik? Mijnheer Bloem? De heer Bloem: Voorzitter, nog even tussendoor. Ik zou ook graag een motie in willen dienen, dus als we dat nou in een amendement doen en ik mijn motie, dan is het gewoon een korte bespreking.

38

De voorzitter: Ja, maar we kunnen ook gewoon de zienswijze aanpassen. Het hoeft allemaal niet heel ingewikkeld. Eerst het draagvlak, dus eerst deze. Eerst het draagvlak voor het voorstel van mijnheer Klaver. GroenLinks, VVD, PvdA, het CDA, D66, SP, Actiepartij, Liberaal Haarlem, Hart voor Haarlem. Nou, dat is een ruime meerderheid. Jouw Haarlem. Dat kan de griffie verwerken. Dan is de vraag: met deze aanpassing, hoe mag dit stuk naar de raad? U kondigt een amendement aan of een motie? Over? De heer Bloem: Over de voornemens om daar een pad te bouwen. De voorzitter: Een pad? De heer Bloem: Over de voornemens om een pad te realiseren ten koste van de ecologie. De voorzitter: Ja. Dan wordt het een bespreekpunt. De heer Bloem: Voorzitter, ik kan nu de motie wel even gaan schrijven ter plekke, maar … De voorzitter: Nee hoor, als u voornemens bent een motie in te dienen dan wordt het een bespreekpunt. Dan wil ik ook nog bij u peilen, er was een aanbod van mijnheer Berkhout om een bezoek te organiseren naar de Veerplas. Handen, is daar draagvlak voor, animo? Iedereen gaat echt mee? Even serieus, hè. De heer Aynan: Hangt er vanaf hoe lang het … De voorzitter: We hebben u gezien, we hebben de handen gezien, dus. Ja, oké. Hartstikke gezellig wordt dat. De heer Aynan: Voorzitter? De voorzitter: Dan is dit punt hiermee afgerond. De heer Aynan: Een suggestie om dat ’s middags te doen.

De voorzitter: Dit wordt het meest populaire werkbezoek ooit, mijnheer Berkhout. We hebben er weer zin in. 10. 19.30 uur Spreektijd voor belangstellenden (over niet op de agenda staande onderwerpen) De voorzitter: Kunnen wij al naar de spreektijd voor belangstellenden? Iedereen is binnen. Ik moet eventjes wat … Oké, wij gaan de insprekers, dat zijn er vijf, die gaan we binnenlaten. Moeten we even een paar minuutjes op wachten. Schorsing De voorzitter: Dank u wel. We hebben inmiddels vijf insprekers die we mogen verwelkomen namens de commissie. Dank voor uw komst vanavond. Ik geef u één voor één het woord en dan heeft u drie, als u de knop indrukt gaat het lampje branden van de microfoon en dan heeft u drie minuten om uw verhaal te delen. U heeft eerst alle vijf achter elkaar die drie minuten en dan is er ruimte vanuit de commissie om vragen aan u te stellen. Geef ik als eerste het woord aan de heer Vermeij over het opsplitsen van de woningen. Dat bent u? Gaat uw gang.

39

De heer Vermeij: Goedenavond. Buiten is het erg warm dus ik dacht: laat ik eens naar binnen gaan, is het vast een stukje koeler. Ik hoop dat jullie nog voldoende energie over hebben om naar mijn verhaal te luisteren. Ik ben 12 november hier ook geweest bij wat andere mensen, uit de commissie Parkeren, geloof ik. Daar zat destijds nog mijnheer De Boer, die is vertrokken inmiddels. Die zou het dossier overgeven aan mijnheer Roduner, maar ik geloof niet dat dat gebeurd is, dus ik dacht: laat ik nog maar een keer komen. Het gaat om het volgende. Ik heb een dochtertje, mijn dochter is 18, autistisch, verstandelijk beperkt. Dus ik dacht: weet je wat, ik heb ook een huis, huis overgenomen van mijn moeder en ik heb mijn moeder beloofd op haar sterfbed dat ik voor mijn vader zou zorgen. Nu schijnt het zo te zijn dat op het moment dat je twee keer mantelzorger bent, één keer voor mijn vader met een halfblind oog, een slechte heup en zijn hart wat tot dertig procent functioneert, ik heb hem al een paar keer van de grond af mogen rapen. Dus ik heb voor mijn vader op de begane grond een heel appartement gebouwd. Toen dacht ik: ik heb ook nog een dochtertje natuurlijk, 18, verstandelijk beperkt, van alles en nog wat aan de hand. Dus ik denk: weet je wat, ik geef haar de tweede verdieping. Ook helemaal verbouwd, eigen keukentje, badkamer, de hele rataplan.

Voor mijn vader ook gedaan, en ik woon in het midden. Toen dacht ik: laat ik een huisnummer aanvragen. Dat schijnt toch wat problematisch te zijn, dus ik een aanvraag ingediend bij de gemeente en toen begonnen ze over parkeren. In de Bomenbuurt, waar ik woon, schijnt dat niet te mogen, tenzij je drie parkeerplaatsen regelt. Ik zeg: beetje gek, want mijn vader, autorijden met één oog dat kan wel, maar het is niet helemaal verantwoord. Dus ik breng die man overal en nergens heen met mijn auto. Vervolgens heb ik mijn dochtertje, verstandelijk beperkt, ik zei het al. Helaas gaat die waarschijnlijk nooit autorijden. Dus ik zeg: waarom heb ik hier in godsnaam een auto voor nodig? Maar goed, de gemeente zegt: drie parkeerplaatsen. Ik mijn best gedaan in de buurt om onderzoek te doen naar parkeergarages binnen vijfhonderd meter. Ik heb daarnaast mijn best gedaan om een stuk parkeergrond te kopen, er is één stukje daar in de buurt waar ik dat kon regelen. Maar ja, die man wil niet verkopen. Lastig. Dus ik weer naar de gemeente, ik allemaal voorstellen gedaan om deelauto’s, elektrische fietsen, elektrische step, weet ik veel wat allemaal meer, gaat mijn vader ook nooit gebruiken natuurlijk, je snapt het, maar ik denk: puur voor de vorm. Deelauto in de straat, ik gevraagd: kan ik daar dan gebruik van maken? Mocht ook niet. Echt, drie parkeerplaatsen.

Ik denk: jongens, dit is te zot voor woorden. Toen zeiden ze: mantelzorgwoning kan wel. Dus ik denk: weet je wat ik doe, ik vraag een vergunning aan voor twee mantelzorgwoningen, want ik wil het wel legaal hebben. Zeg de gemeente: ja, dat kan niet in één pand. Want het kan wel met één, dus u moet kiezen wie van de twee. Ik zeg: weet je, ik ga mijn dochtertje niet op straat zetten, mijn vader ook niet, want ik heb met mijn moeder afgesproken – in haar testament notabene ook vast laten leggen – dat ik voor mijn vader blijf zorgen. Net zo lang tot die man de geest geeft. Je snapt: mijn dochtertje stuur ik ook niet weg. Dus ik dacht: weet je wat, een brief naar de gemeente, aanvraag gedaan, nog een aanvraag gedaan. Inmiddels wacht ik op antwoord wat de hardheidsclausule nou precies inhoudt. Er schijnt één ambtenaar te zijn in de hele gemeente die dat weet, dus ik heb uiteraard geprobeerd die ambtenaar te pakken te krijgen, nog steeds niet gelukt. Ik denk: dan schrijf ik weer een uitgebreide brief. Inmiddels juli 2020, geen antwoord. Inspreken, november vorig jaar, geen antwoord. Ik heb eens teruggekeken: ik blijk de eerste brief al in 2019 naar de gemeente gestuurd te hebben. Nu hebben ze me beloofd dat ze, ik meen over twee weken uiterlijk antwoord geven. Ik denk, voordat ze dat nou gaan doen wil ik nog steeds graag antwoord hebben op mijn vragen.

Dus ik hoop dat u mij kan helpen dat de wethouder zo meteen mij antwoord kan geven. Dus daarom ben ik hier. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel voor uw verhaal. Dan gaan we naar mijnheer Spruit namens de wijkraad Sinnevelt. Wie is mijnheer Spruit? Ja, gaat uw gang. Mijnheer Vermeij, u mag het knopje indrukken, dan gaat de microfoon uit. Ja, dank u wel.

40

De heer Spruit: Mijn naam is Hans Spruit, wijkraad Sinnevelt. Sinnevelt is een wijk die te maken heeft met de Ontwikkelvisie Orionzone. Die ontwikkelvisie is vastgesteld ruim een jaar geleden, februari 2020. Na een uitvoerig participatieproces is een concept-visie op enkele punten aangepast. Eén van die punten was dat die extra supermarkt die er oorspronkelijk ingepland stond eruit is gehaald. Er waren heel veel redenen voor. Als wijkraad zijn we op zich niet tegen iets, maar we onderzoeken altijd dingen. We hebben de wenselijkheid, de noodzaak onderzocht, allerlei bronnen, rapporten doorgenomen en analyses gemaakt. De participatie was duidelijk: geen supermarkt. Voor het schrappen van die supermarkt uit de oorspronkelijke visie was een amendement nodig. Dus de signalen van de participatie waren doorgekomen en er werden door verschillende partijen amendementen ingediend. Maar de beslissing was duidelijk: geen extra supermarkt. Uiteindelijk heeft er één amendement gewonnen, om het zo maar te zeggen. Er was toch al discussie over de onduidelijkheid, de niet-eenduidigheid van de tekst, maar daar is toen eigenlijk gezegd: weet je, wees maar gerust, want op deze manier formuleren wij het altijd.

Nu zitten we dus met de gebakken peren, want de initiatiefnemer, Hoorne Vastgoed in dit geval, is een participatieproces gestart, wat tegenwoordig cocreatie heet, waarbij de supermarkt het voorkeursscenario is. Dus deze initiatiefnemer trekt zich helemaal niets aan van de beslissing ‘geen supermarkt’. Er zijn specialisten ingehuurd om het proces te begeleiden. Een onderdeel daarvan is draagvlak creëren onder de bewoners. Vorige week hadden we een gesprek met de directie van Hoorne Vastgoed en het blijkt inderdaad dat er werd vastgehouden aan een Vomar in de plint, zoals het zo mooi heet. De wijkraden zijn recentelijk uitgenodigd om deel te nemen aan voorbereidingsessies over de mobiliteit, wat we op zich graag willen, want we willen graag meepraten over de kwaliteit van de wijk. We hebben besloten niet deel te nemen, want we vertrouwen het participatieproces gewoon niet. Want de initiatiefnemer, die dus de uitslag van participaties negeert en een eigen participatieproces begint, wat moeten we daarmee als wijkraad? Dus wij zijn eigenlijk als wijkraad wanhopig. De initiatiefnemer is een hele machtige partij, veel geld, veel ervaring, huren deskundigen op allerlei gebied, een beetje David tegen Goliath. Waar het om gaat is dat het resultaat van een intensief participatieproces, door de gemeente begeleid, wordt niet serieus genomen.

De wijkraden en bewoners voelen zich helemaal niet serieus genomen. We hebben heel veel gedaan om recht te doen aan die uitspraak ‘geen supermarkt’, maar het lijkt allemaal geen bal uit te maken. Wat kunnen we nou doen? De uitspraak van de raad wordt niet serieus genomen: geen supermarkt. De vraag is eigenlijk: wat vindt u hier nou van en wat kunt u nou eigenlijk doen? Tot zover mijn verhaal. De voorzitter: Dank u wel voor uw bijdrage. Dan mijnheer Blok namens de wijkraad Planetenwijk. Mijnheer Blok, gaat uw gang. De heer Blok: Geachte leden van de commissie Ontwikkeling, hier volgt de overpeinzing van een wijkraadslid van de Planetenwijk in Haarlem-Noord. Toevallig ligt de Planetenwijk naast die van mijnheer Spuit uit Sinnevelt. In februari 2020, dat is een klein jaar geleden, is de ontwikkelvisie Orionweg-Planetenlaan, destijds ook wel bekend als de Orionvisie, vastgesteld. De Ontwikkelstrategie zou binnen zes maanden volgen, dat was juni vorig jaar. Maar die Ontwikkelstraat is er niet en die komt ook niet. Ondertussen gebeurt er waar de gemeente eigenlijk al een paar jaar bang voor was, er zijn namelijk initiatiefnemers, die gaan nu zelfstandig plannen maken en bestemmingsplanwijzingen aanvragen.

Een turnhal, een sporthal, niet dezelfde hal, het zijn echt twee aparte hallen, een supermarkt op de Bison Bowling-kavel aan de Randweg, een herontwikkeling van het Nova College aan de Planetenlaan. Gelukkig wordt die niet gesloopt dankzij een aantal oplettende burgers in Haarlem. Een verpleeghuis op het nieuwe Stadionplein, de supermarkt op het Stadionplein. Dat zijn nogal wat projecten. Valt allemaal onder de Orionvisie. Wie heeft de regie? Niemand. De gemeente heeft overigens duidelijk aangegeven dat de supermarkt op de kavel van de Bison Bowling verkeerstechnisch gewoon echt onmogelijk is. Toch gaat Hoorne Vastgoed, de ontwikkelmaatschappij van de Vomar-supermarkten, door met het klaarstomen van alle stakeholders – daar hoort u ook bij – voor de realisatie van de Vomar-supermarkt.

41

Niemand stopt Hoorne, tot nu toe niet gebeurd. In Heemstede niet, in Haarlem niet. Hoorne heeft de macht en uw commissie heeft straks het nakijken. De wijkraden hebben in het afgelopen jaar gesproken met de directie van Hoornen Vastgoed, met projectontwikkelaars van Dreefzicht, dat is de vastgoedpoot van de DekaMarkt. We hebben gesproken met de architect van het Nova College. We spreken regelmatig met de gebiedsmanager van Haarlem Noord. Er is een Facebookpagina opgezet met duizend mensen die in de buurt wonen, die verontrust zijn en de ontwikkelingen graag volgen. Waar wij als burgers van Haarlem-Noord al bang voor waren dat komt nu uit. Ontwikkelaar, zelfs uit Amerika, Greystar, misschien heeft u die naam wel eens gehoord; dat is een hedge fund uit Amerika, die steken over naar Europa, Londen, Parijs, Amsterdam. Amsterdam valt niet meer zoveel te halen, dus ze hebben de tip gekregen: je moet naar Haarlem, dan zijn ze nog niet helemaal woke en daar kun je zo tweeduizend woningen uit de grond stampen. De voorzitter: Ja, u zit inmiddels over de drie minuten. Kunt u gaan afronden? De heer Blok: Alle problemen rond de woningmarkt en verkeer zijn al twintig jaar bekend, bijvoorbeeld in Amsterdam. Alles wat daar gebeurt komt twintig jaar later naar Haarlem, dat is nu. Commissieleden, blijf alert, voorkom voortaan dat burgers tegen vastgoedjongens worden uitgespeeld.

Het is eigenlijk al een tijdje aan de gang, maar het is nog niet helemaal te laat. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar mevrouw Meijer over het fietsparkeren bij de Koepel. Gaat uw gang. Mevrouw Meijer: Dank u wel. Goedenavond, voorzitter en leden van de commissie. Mijn naam is Eva Meijer en ik spreek als bewoner van de Harmenjansweg namens meerdere bewoners en de wijkraad in over de Koepel. Het is vandaag 3 juni, de laatste vergadering voor het reces en de volgende is op 6 september. Drie maanden later gaat de Koepel open, een bioscoop met zes zalen, een hbo-opleiding, talloze werkplekken en een restaurant. Het Koepelterrein is nog lang niet klaar en daarmee ook de fietsenstalling voor bezoekers niet. Sinds eind vorig jaar weten wij dat Panopticon plannen heeft voor een tijdelijke fietsenstalling op het Voorplein. Een plek waar wij altijd hard voor hebben gestreden en de plek waarvan u door middel van een motie met elkaar tegen het college heeft gezegd: Haarlem is een groen Voorplein beloofd. Zoek een oplossing voor die twintig parkeerplaatsen. Die oplossing kwam er, maar als een mes in de rug kwamen er nieuwe plannen. Geen twintig auto’s meer, maar 480 fietsen. Een gigantische fietsflat van twee etages, zo’n twaalf meter van de meest dichtbij zijnde woningen, naar verwachting voor de duur van vier jaar.

Direct hebben wij aangegeven dat wij dit absoluut niet willen, maar sindsdien zijn wij nog geen stap verder gekomen. De wethouder laat u weten dat de ontwikkelaar met ons in overleg is. Dat klopt, maar het leidt tot niets. We hebben Panopticon gevraagd en bijna gesmeekt met ons te zoeken naar alternatieven, maar we vinden geen gehoor. Wat wij kunnen krijgen zijn fietscoaches en een groene fietsflat, samen met het verwijt dat wij NIMBYgedrag vertonen. Ook al is er met nog maar een half jaar te gaan nog geen vergunning aangevraagd, de ontwikkelaar vertelt ons dat de gemeente eigenlijk al praktisch met alles akkoord is. Dan een blik vooruit. De Raad van State heeft onlangs voorlopig geoordeeld dat er voldoende fietsparkeerplaatsen zijn opgenomen. Tegelijkertijd horen wij van Panopticon dat zij met de handen in het haar zitten over de verwachte toestroom van fietsers. Niet alleen de komende vier jaar, maar ook daarna. Is het niet alleszeggend dat er nu plannen liggen voor een tijdelijke stalling van 480 fietsen, terwijl in de eindsituatie maar 400 plekken komen? Ons is gezegd dat extra stallingen buiten de muren van de Koepel onvermijdelijk zijn en dat de Papentorenvest en/of het Voorplein daar de meest geschikte plekken voor zijn. Binnenmuurs, ondergronds, allemaal te duur.

In de nota van de wethouder leest u dat de afdwingbaarheid van de afspraken om het terrein definitief in te richten conform het stedenbouwkundig plan beperkt is. Wij maken ons dan ook geen illusie: deze stalling is wellicht

42

niet zo tijdelijk. We zijn als omwonenden allemaal voor het duurzame gebruik op de fiets en we verwelkomen de bezoekers van de Koepel, maar we hebben ook een enorme opgave om onze buurt en onze stad te vergroenen. Wij willen hier niet alleen voor Haarlem, maar ook voor omwonenden een prachtige plek. Hier moet gewoon een oplossing voor komen, wij zijn inmiddels ten einde raad en de tijd dringt, want het is gewoon bijna december. Dank u wel. De voorzitter: Keurig in de drie minuten, dank u wel. Dan gaan we als laatste naar mijnheer Diederik, voorzitter van de wijkraad Scheepsmakerskwartier. Gaat uw gang. De heer Diederik: Scheepsmakersdijk en omgeving. Maar ja, maakt niet uit. Er valt eigenlijk weinig toe te voegen aan dit verhaal. Het gaat natuurlijk ook over de Koepel, weer hetzelfde verhaal als Eva net verwoordde. Maar in de loop der tijd zijn de plannen toch veranderd ten opzichte van wat er beloofd was, het verwachtingspatroon is duidelijk niet hetzelfde wat de waarheid wordt. Er is beloofd dat het een groen plein zou worden, mooi ingericht, groen, met bomen, planten, noem het maar op. Dat tijdelijke wat Eva net schetst, daar vrezen wij ook van, want dat wordt namelijk een half verdiepte fietsenstalling. Niet zomaar een rekje, nee, dat wordt echt een gebouw. Dat willen we niet, duidelijk, en we beseffen ook dat er een groot tekort is aan parkeerplaatsen.

Die fietsen gaan dus in de hele buurt rondslingeren. Maar we hebben natuurlijk wel ideeën erover, alleen dat wordt niet echt hard gemaakt. Bijvoorbeeld, er zijn ook honderdtien parkeerplaatsen tijdelijk aan de Papentorenvest gesitueerd. Wij stellen voor om de helft van die plaatsen of meer, om daar die fietsen te plaatsen. Oorspronkelijk waren ook daar de fietsenstallingen, toen de Koepel nog Koepel was. Nou, daar is duidelijk geen oren naar, want we hebben nog steeds geen toezeggingen. Er is ook onduidelijkheid of de vergunningen zijn afgegeven, de ja of nee. Maar er is geen beweging. We hebben echt continu overleg, al jaren, en elke keer komen we een paar millimeter verder, maar het blijft onduidelijk. We hebben dus twee zaken, dat is de korte termijn en de lange termijn. Die korte termijn, dat is heel duidelijk verwoord door Eva net, wat er aan de hand is. Dus tijdelijk wordt waarschijnlijk voor eeuwig. Wopke Hoekstra zei dat al over de Belastingdienst: tijdelijk wordt altijd eeuwig. Dat zou bij dit ook kunnen gebeuren, dat willen we dus niet. Daarnaast loopt nog steeds dat van de Raad van State. Heel jammer, we zouden bij een overleg zijn als wijkraad of bewoners. Dat kon allemaal niet, dat is allemaal geheim en dat moet allemaal buiten ons om. Vandaar dat we hier ook zitten.

Wat ook een oplossing zou kunnen zijn, er komen nu 185 parkeerplaatsen in de ondergrondse garage die gebouwd gaat worden, die over drie tot vier jaar, misschien wel vijf jaar klaar is. Wij stellen voor om daar een groot gedeelte als fietsparkeren in te richten. Dan los je al een hoop op. Wij denken namelijk dat eerder het fietsparkeren een probleem geeft dan het autoparkeren. Daarna komt nog steeds de Nedtrain-garage. Dat loopt al jaren, of jaren niet. Ik weet het niet, elke keer als ik ernaar vraag, bij wie ik het ook vraag, niemand weet het antwoord daarop, zelfs Nedtrain niet. Ik heb het verschillende keren aan de wethouder gevraagd, ik krijg daar geen duidelijk antwoord op. Wij zien daar een mogelijkheid toe, dat je voor een gedeelte kan oplossen. Panopticon en friends willen daar graag aan meewerken, die willen daar zelfs aan meebetalen, alleen je moet wel acteren. Het is al een keertje helemaal afgeserveerd, dat hele Nedtrain, vanwege de Fietsenfabriek. Dat kom vanavond nog ter sprake wellicht. Dus ik denk: maak daar dan extra parkeerplaatsen voor de eventuele auto’s en zorg ervoor dat die fietsen in die nieuwe stalling kunnen. Dat is oplossingsgericht, denk ik. Wat wij dus niet willen, er zijn berekeningen gemaakt, die heeft iedereen wel eens een keer opgestuurd gekregen: we komen ongeveer vijfhonderd fietsplaatsen tekort.

Je kan wel nagaan, in december gaan die films draaien, het zijn zes zalen met een heleboel bezoekers. Er worden ook kerstfilms vertoond straks, ga maar na, twee uur, drie uur kerstfilm, anderhalf uur later de volgende kerstfilm. Er komen mensen met bakfietsen, toestanden. Dat kan je nooit regelen met vierhonderdvijftig, vijfhonderd fietsen, dat gaat één grote bende worden, die komen allemaal in de buurt terecht. Hetzelfde geldt straks ook met de nieuwbouw van andere gebouwen, de Fietsfabriek hebben we straks ook. Er wordt dus geen rekening

43

gehouden met fietsen tegenwoordig, terwijl toch in het beleid van de gemeente Haarlem fietsen helemaal gepropageerd wordt. Zijn we ook voor, heeft Eva ook al gezegd, maar dan moet je ook de voorzieningen maken. In de hele wijk zijn die voorzieningen niet geweest, ook bij de nieuwbouw niet, moesten mensen zelf rekjes gaan neerzetten om de fiets kwijt te raken. De voorzitter: Mijnheer Diederik, uw drie minuten zijn ruim voorbij. Wilt u afronden? De heer Diederik: Nu al? Ik dacht dat ik maar heel kort … Goed, dat had ik al gezegd: ik vind het heel teleurstellend dat er bij de bespreking van dit bestuurlijk overleg, dat we daarbuiten zijn gehouden, want dan hadden we meteen de punten kunnen bespreken. Ik lees overal steeds ‘geheim, geheim, geheim’ en dat stoort mij, want dat is niet bepaald de nieuwe democratie waar we allemaal zo in geloven. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel allemaal voor uw bijdrage. Wie heeft er een vraag vanuit de commissie? Mijnheer Amand, Trots. De heer Amand: Dank u wel, voorzitter. Ik ga bij het begin beginnen. Ik kan die mijnheer helemaal snappen, ik heb hem toen ook gesproken hier zo, dat hij kwam inspreken. De voorzitter: Welke mijnheer bedoelt u? De heer Amand: Die mijnheer … De voorzitter: Dank u wel. Ja, de heer Vermeij. De heer Amand: … uit Haarlem-Noord.

Dat is een schandelijk iets natuurlijk, dat zo’n man natuurlijk, die ook zorg draagt voor familie, dat je daar niet netjes mee omgaat. Ik ga die mijnheer toch ook een paar vragen over stellen van de week, die richt ik naar de griffie. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar mijnheer Slik van de ChristenUnie. De heer Slik: Dank u, voorzitter. Allereerst een vraag aan mijnheer Spruit, als ik het goed heb, van de wijkraad Sinnevelt. Ik zou toch willen vragen om, ondanks uw wantrouwen, wel mee te blijven doen aan overleggen, want het is toch een gevalletje van de tegenstander in de hand spelen. Dan kunnen zij zeggen: u hebt niet geparticipeerd terwijl u wel kon. Een vraag aan de heer Blok. Blijf vooral … Hoe moet ik dat zeggen? U bent bang dat er alsnog een Vomar komt, ondanks de toezeggingen. Wij delen die angst ook. Hoe kunnen wij u helpen om dat te voorkomen? Want wij denken ook dat, om in supermarkttermen te blijven, de wethouder een soort zelfscankassa gaat nemen en dan hopen dat hij geen ‘…’ heeft en dat er toch een weggetje wordt gevonden om het wel te vinden, ondanks alle toezeggingen die dan misschien omzeild worden. Hoe kunnen wij u het beste helpen? De heer Spruit: Ja, hoe kunnen wij het beste helpen? Eigenlijk had u ons een anderhalf jaar geleden moeten helpen, toen hebben we gevraagd: zet nou in de ontwikkelvisie dat er geen ruimte is voor een supermarkt.

Er is vervolgens in de gemeenteraad daar geloof ik die avond drie uur over vergaderd en uiteindelijk is daar gekomen: we zien wel mogelijkheden voor de supermarkt, tenzij er draagvlak is. Er is heel veel protest geweest: haal dat zinnetje er nou uit. Maar dat zinnetje blijft erin staan en nu gebeurt er waar wij anderhalf jaar geleden al bang voor waren. Hoorne Vastgoed is nou één keer op de wereld gezet om zoveel mogelijk supermarkten in Haarlem en omgeving neer te zetten, dus die laten niet los. Het enige wat we u vragen, op

44

het moment dat Hoorne een bestemmingsplan, ik weet niet precies hoe dat gaat, een wijziging indient, om dat uiterst kritisch te bekijken. Wat er vervolgens ook boven ons hoofd hangt is dat de kavel ernaast, dat is van Nieuw Delfweide, van Sint Jacob. Die gaat verhuizen, er is een grondruil. Vervolgens krijgt de gemeente Haarlem het oude pand plus de grond. Ik zou zeggen: maak daar seniorenwoningen van, verkoopt dat vervolgens aan Pré Wonen of aan Elan. Maar wat er hoogstwaarschijnlijk gaat gebeuren: dat gaat verkocht worden aan de buurman, aan Hoorne. Dan hoop ik maar dat het openbaar, dat het volgens de regels zoals u dat kent, openbaar geveild wordt, zodat ook andere organisaties een bod kunnen doen. Dus blijf alert. Wij zitten er echt bovenop, het is bijna ons wekelijkse werk om de ontwikkelingen te volgen, dan hoeft u dat niet te doen, maar wij maken ons wel zorgen. De voorzitter: Dank u wel. Verder nog vragen? Mijnheer Aynan, Jouw Haarlem. De heer Aynan: Dank u wel, voorzitter. Dank u wel allemaal voor uw komst hier. Mijnheer Vermeij, als het niet zo – we kunnen elkaar niet zien, ik ben hier – als het niet zo triest was geweest dan had ik eigenlijk gehoopt dat u nooit de vergunning krijgt, want ik vind het eigenlijk ontzettend prachtig om naar u te luisteren.

Maar ik zou heel graag hier een reactie van een collegelid over willen hebben, want dit is inderdaad al de tweede keer en de eerste keer was het overduidelijk wat hier nou aan de hand was. Dus graag een reactie daarop van het college. Mijnheer Spruit. Voorzitter, mag ik ze alle drie even afgaan? De voorzitter: Doe maar gelijk, dat gaat het snelst. De heer Aynan: Dank u wel. Mijnheer Spruit, toch wel een verontrustend verhaal. Het meest verontrustende is dat nu eigenlijk geen vertrouwen meer heeft in de gemeente. Ik wil u vragen, die cocreatie die Hoorne zo nu aan het doen is onder het mom van participatie, hoe gaat dat nou in zijn werk? Wat proberen ze voor elkaar te krijgen? De heer Spruit: Wat ze voor elkaar proberen te krijgen, volgens mij, is dat ze in de plint die Vomar krijgen en dat de bewoners ook mee mogen praten over een wipkip of misschien een huisartsenpraktijk of wat dan ook. Dus voor mijn gevoel is het enige, Hoorne is natuurlijk een organisatie die gedreven wordt door financieel gewin en Vomar-supermarkten plaatsen op zoveel mogelijk locaties. Dat snap ik ook allemaal wel, maar de uitspraak van en de raad en de participatie is: geen supermarkt.

Wat mij het meeste stoort – dat is het advies ook wat ik net kreeg van: ga vooral wel meedoen – er wordt voorbijgegaan aan, ik denk wel eens: neemt dan de raad zichzelf wel serieus? Ik bedoel, er is een uitspraak van ‘geen supermarkt’ en zo’n initiatiefnemer doet het dan toch. Ik bedoel, neemt de raad zichzelf serieus? Dus het advies wat ik net kreeg snap ik werkelijk niet, hoor: doe wel mee met de participatie. De voorzitter: Mijnheer Aynan. De heer Aynan: Daar heeft u helemaal gelijk in. Volgens mij weet u nog dat ik toen met een amendement dat ene toch wel … De voorzitter: Het is een vraag. De heer Aynan: … dubbelzinnige zinnetje eruit probeerde te halen, dus. Maar wat ik probeer te zeggen is: worden er bij die cocreatie toezeggingen, beloftes gedaan om mensen het hokje ‘ja’ in te laten vullen voor de supermarkt?

45

De heer Spruit: Ik weet dat niet, zover zijn we niet gekomen, want we hebben eigenlijk gezegd: we doen gewoon niet mee. Maar wat we wel hebben gezien is de mensen die dan wel in die voorbereidingsgroep zitten, dat die niet alle informatie krijgen die beschikbaar is, laat ik het zo maar zeggen. Er wordt wel gedoseerd informatie gegeven waarbij mensen op een verkeerd been worden gezet. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Verhoeff, PvdA. Mevrouw Verhoeff: Voorzitter, ik wachtte even af tot hij voorbij was. Ik heb een vraag aan de heer Spruit en excuus, maar ik heb uw naam net niet goed genoeg verstaan. De heer Vermeij: Vermeij. Mevrouw Verhoeff: Vermeij, dank u wel. Kom ik zo bij u. Mijnheer Spruit, wij hebben elkaar gesproken. Dat is niet zo gek, we wonen in dezelfde wijk. Volgens mij heeft u ook wel een idee, maar dat heb ik u nog niet horen zeggen, over wat u eigenlijk op dit moment nodig hebt aan duidelijkheid van de gemeente. Dus u heeft duidelijk aangegeven wat het probleem is. Ik ga daarna eerst naar mijnheer Vermeij, maar kunt u vast nadenken over wat u exact van ons verwacht en of wij daaraan kunnen voldoen? Of aan het college, dat kan natuurlijk ook. Mijnheer Vermeij, ik mis één element. Uw verhaal, ik vind het alleen wel vreselijk dat u heel lang geen antwoord heeft gekregen en dat geldt denk ik voor de hele commissie die hier zit.

Waarom is het voor u zo belangrijk dat u dadelijk drie verschillende huisnummers heeft? Want op zich bent u alle drie, beneden, in het midden en boven nu prima gehuisvest en kunt u het schijnbaar allemaal behappen. Mijn complimenten, vind ik knap. Maar waarom heeft u aparte huisnummers nodig? De voorzitter: Mijnheer Vermeij. De heer Vermeij: Als ik naar de situatie van mijn dochtertje kijk, mijn dochtertje is achttien, heeft amper inkomen, dus het zou wel fijn zijn als zij gewoon huurtoeslag kan krijgen bijvoorbeeld. Kan ze mij een beetje huur betalen. Met die huur kan ik vervolgens weer voor haar van alles en nog wat betalen, weet je. Als ze huurtoeslag krijgt die zij gaat ontvangen heeft zij weer een stukje inkomen. Wat ik met dat huis aan het doen ben, ik ben aan het proberen dat huis van het gas af te halen, dus helemaal duurzaam te houden. Mijn vader betaalt ook een stukje daaraan mee, dus een stukje van zijn AOW dat gaat vervolgens naar mij toe. Daarmee kan ik dat pand duurzaam maken, van het gas af, zodat dat pand voor mijn kinderen naar de toekomst toe helemaal top blijft staan. Dat kost wel een beetje geld en ik krijg dat alleen voor elkaar op het moment dat we dat op de juiste manier kunnen blijven doen. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Spruit.

De heer Spruit: Wat ik eigenlijk verwacht is een hele eenduidige uitspraak, niet anders interpreteerbaar als van: geen supermarkt. Dat is dus de keuze die we met zijn allen gemaakt hebben, zowel de bewoners als de raad, heel eenduidig vastleggen, zodat er geen gaatje is waardoor die initiatiefnemer alsnog iets anders kan gaan doen. Mevrouw Verhoeff: Maar bedoelt u dat dan voor deze locatie of bedoelt u dat voor de hele wijk? Want wij hebben natuurlijk de discussie in de raad gehad dat er, als er een supermarkt verplaatst, als voorbeeld werd gegeven de supermarkt aan de Planetenlaan, dat er toch gesprekken moeten kunnen zijn naar de overkant of naar een andere plek. Maar u vraagt nu, als ik het goed begrijp, want ik heb het gevoel dat ik naar de bekende

46

weg vraag, dat het voor deze Bison-locatie en wat ruimer of juist voor de Orionwegzijde? Dat wil ik graag van u weten. De heer Spruit: Het gaat puur om deze Bison-locatie, dat er in de wijk geen extra supermarkt nodig is. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer De Groot, D66. De heer De Groot: Dank u, voorzitter. Uiteraard ook dank voor het inspreken. Ik heb een vraag aan mevrouw Meijer en de heer Diederik. Ik hou de wijkraadnieuwsbrief goed in de gaten, daar heb ik dit nog niet in teruggevonden. Dus hoe heeft u dit gehoord? En ik vind het inderdaad bijzonder: we gaan uit van 400 plekken en er zou dus nu sprake zijn van een flat van 480 plekken, als ik u goed begrepen heb. Maar dat zou ik graag nog even zeker willen weten. Mevrouw Meijer: Dat is wel dat wij gehoord hebben van Panopticon. Dat aantal is eigenlijk sinds de aller-, allereerste keer dat wij dit gehoord hebben – en daar was ik zelf niet bij, maar dat was in de meedenkgroep – dat was, voor zover ik van Nanda heb begrepen, in oktober vorig jaar. Toen heeft zij meteen gezegd: wij willen dit niet. Vervolgens hebben ze in december een nieuwe meeting gehad, toen hebben ze de notulen van oktober doorgenomen. Daarin was niet opgenomen dat wij hebben aangegeven dat we het niet wilden, dus in december is daar dan weer overleg geweest.

Sindsdien hebben wij met elkaar ook overleg gehad, wij hebben een maand of drie geleden bijna met Panopticon gezeten, met ik denk wel zes buurtbewoners die allemaal heel, heel, heel fel tegen waren en echt gevraagd of zij met een alternatief wilden komen. Dan zijn we drie maanden verder, volgende week hebben we een nieuwe afspraak, maar ze hebben eigenlijk al aan ons aangegeven: er zijn niet echt alternatieven. De heer Diederik: Wij hebben plattegronden, tekeningen daarvan. Dus het staat echt op tekening, die zijn van de club zelf. De heer De Groot: De bron is op dit moment dus alleen Panopticon nog die dit plan naar voren heeft gebracht? Dus vanuit de gemeente is er nog geen communicatie over geweest? De heer Diederik: Wat ik net probeerde nog even voor te lezen is dat, dat hebben we al eerder gecommuniceerd met de gemeente, het is hier ook in de raad besproken geweest. Ik geloof dat Moussa toen nog hier een vraag over gesteld heeft en bij monde van de wethouder zei: er doet eerst maar eens met de wijkraad besproken worden of dat echt zo is, of dat zo verder moet. Daar hebben we niks meer op gehoord, vandaar dat we hier zitten. We hebben het idee dat we steeds een stukje opschuiven, maar niet de goede kant op. Het is natuurlijk een proces, dat weet iedereen wel, dat is een moeizaam proces. Elke keer duikt er weer iets op waar we net niet in de gaten hadden dat het er aankomt.

Dat is heel onverwacht, elke keer komt er iets nieuws onder dat vloerkleed vandaan. Wij willen zo snel mogelijk dat dat goed opgelost wordt en dat het een mooi project wordt. Maar we worden steeds geconfronteerd met allerlei rare zaken, of het nou het verstuiven van zand is of instortende muren of noem het maar op, dat hoort u allemaal verder niet. Daar hebben we ook onderling overleg over elke twee weken, dus dat lossen we allemaal intern op met de befaamde club. Alleen dit zijn dingen, dat zien we niet opgelost worden. Opeens staat het er en dan is het klaar en dan blijft het voorlopig staan. We zien daar grote ellende tegemoet, voor de buurtbewoners, maar ook voor de mensen zelf trouwens, van Panopticon. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Amand, Trots.

47

De heer Amand: Dank u wel, voorzitter. Ik heb één vraag voor mevrouw en voor mijnheer Diederik. Ik heb de vraag eigenlijk, u zegt net een geheim overleg, u wordt overal buitengehouden. Dat denk ik, dat vermoeden heb ik. Heeft u niet de vraag gesteld: waarom worden wij niet meegenomen in het hele proces? Dat vraag ik aan mevrouw of mijnheer. De heer Diederik: Dat is gevraagd en met name, er is een projectmanager die op de Koepel zit, die heeft dat gevraagd. Maar ook met, ik weet niet of ik namen kan noemen, maar er zei een ambtenaar: ga maar proberen of je erbij kan zitten. De voorzitter: Doet u maar niet. De heer Diederik: Maar dat hebben we niet gehoord of we er wel of niet bij kunnen zitten. Er was verder niks geheims aan, het gaat gewoon over de structuur: waar gaan we naartoe? Natuurlijk ook de problemen die met de Raad van State spelen, een nieuw mobiliteitsplan moet er komen, moet aangepast worden. Horen we allemaal niets van, want we zouden mee kunnen denken, maar daar is geen sprake van, lijkt het wel. Elke keer horen we het net een stapje te laat en net een beetje achteraf, net niet geïnformeerd. Dat bestuurlijk overleg, we zouden daarbij kunnen zijn, maar dat was niet gebruikelijk. Ja, niet gebruikelijk. In deze tijd moet je dat gewoon aanpassen, weet je. De burger die heeft … De voorzitter: Ik zie nog een vraag namelijk.

De heer Diederik: Nou ja, goed … De voorzitter: Mijnheer Amand. De heer Amand: Ik had nog de vraag, wij hebben toen overigens voorgesteld: een parkeergarage onder de Papentorenvest. Dat werd toen door iedereen weggewuifd, maar nou zien we eigenlijk wel dat dat toch wel de goede weg was. Hoe staat u daarin? De heer Diederik: Nog steeds hetzelfde. Dat wordt steeds weggewimpeld en achteraf blijkt, de Raad van State heeft dat ook toegezegd, dat te weinig parkeerplaatsen, zowel voor fietsen als voor auto’s, is niet goed gecalculeerd. Er komt ontzettend veel toeloop van allerlei bezoekers, studenten, noem het maar op. Van tevoren kon iedereen het zien aankomen dat dat niet goed gaat, dat hebben we jaren geleden al een keer gezegd op basis van de plannen van eisen en nog wat. Alleen daar wordt niet naar geluisterd en nu blijkt dat dat gewoon klopt, dat dat niet werkt. Dan denk ik: ja, die Nedtrain-garage hoor je ook niks van. Dat zou een oplossing kunnen zijn. Die denken straks ook: ja daag, we doen het voor onszelf en dan is het klaar. De voorzitter: Dank u wel. De heer Diederik: Die ondergrondse garage Papentorenvest, die staat nog steeds in de plannen van de Spaarnesprong en de Omgevingswet 2021 of 2045, daar staat die nog steeds in. Ook het water terugbrengen, het groen maken en zo. Maar ja, dat zijn allemaal dingen die gebeuren niet en die worden van de agenda geflikkerd.

Excusez le mot. De voorzitter: Dank u wel. De laatsten, want ik wil echt naar een afronding, want we lopen achter op de agenda. Ik zie nog vier vingers en dat zijn de laatsten. Mevrouw Van Zetten, Hart voor Haarlem.

48

Mevrouw Van Zetten: Een vraag voor mijnheer Diederik. Kunt u nog een beetje enthousiasme opbrengen voor de stichting Panopticon? Want ik ken u toch altijd toch een redelijk goed, u had altijd een goede verhouding met die stichting, terwijl een groot gedeelte van de raad daar behoorlijk kritisch tegenover stond. Het verbaast me toch ineens u zo kritisch aan te treffen. Is er nog hoop? De voorzitter: De heer Diederik. De heer Diederik: Ik ben blij dat u het vraagt. Wij staan nog steeds op goede voet. Tenminste, goede voet, we hebben goed overleg en we nemen geen blad voor de mond. Alleen op een gegeven moment zijn we uitgepraat met Panopticon en friends. Dat betekent dat de gemeente om de hoek komt kijken, want het hele buitenterrein, dat is een kwestie van de gemeente. Die moet zorgen dat die straten aangelegd worden, die moet zorgen dat de in- en uitgangen goed zijn. We hebben ook ingesproken vorige keer over het containerbeleid, de containerafvalverwerking, was ook geen rekening mee gehouden. Daar hebben we nu contact met Spaarnelande over. Ik vind dat wij als burger te veel moeten doen om het in de juiste banen te leiden en dat moet niet mogelijk zijn. Ja, we blijven kritisch, maar we willen wel dat het een goed project wordt. De voorzitter: Dank u wel. We gaan naar mijnheer Bloem, SP. De heer Bloem: Voorzitter, een vraag voor de heer Vermeij.

Denkt u dat de gemeente een beetje bang is dat als u na een heel mooi, lang leven toch die woningen gaat verlaten, dat er dan toch drie aardige Amsterdammers met twee prachtige bolides per woning en zes bakfietsen voor de deur staan en ze daarom wat moeilijk doen om u een huisnummer te geven? De heer Vermeij: Dat is een mooie vraag natuurlijk. Kijk, de gemeente zegt tegen mij als ik aangeef ‘jongens, ik heb geen parkeerplaats nodig’ of als ik zeg ‘mijn huis is helemaal duurzaam en ik wil er geen mensen in hebben met auto’s’, dan zegt de gemeente: dat kunnen wij niet controleren. Als ik zeg: ik heb zelf geen auto en ik woon daar. Dan zeggen ze: ja, maar straks heeft u wel een auto. Of ze zeggen: als u nou straks een partner heeft dan heeft die misschien een auto. U moet een parkeergarage regelen of een parkeerplek voor de komende tien jaar, want in de Bomenbuurt is geen geregeld parkeren. Als het in het centrum was geweest was het geen probleem geweest, had ik kunnen afzien van parkeren, maar in die buurt mag dat dus niet. Ik mag niet afzien van parkeren. Dan zeggen ze: als u nou een garage regelt dan kunt u daar die auto neerzetten. Ik zeg: en kunnen we dat wel controleren? Weet je, het is zo zot, ik snap er werkelijk waar helemaal niks van. Dus ik zeg nog tegen de gemeente: ik denk dat ik dat wel degelijk kan regelen.

Want ik geef die mensen allemaal de verplichting als ik er zelf niet zou wonen, en nogmaals: mijn dochtertje woont er en mijn vader woont er en ik heb nu een mantelzorgvergunning aangevraagd. Die mantelzorgvergunning wordt afgegeven voor de periode dat mijn vader of mijn dochtertje er woont. Als ik wegga vervalt de vergunning. Als mijn dochtertje weggaat vervalt de vergunning. Als mijn vader overlijdt vervalt de vergunning. Dus ze kunnen daar helemaal niet meer bang voor zijn. De voorzitter: Dank u wel. De heer Vermeij: Het zou anders zijn als het een normale, reguliere vergunning was geweest. De voorzitter: Dank u wel. Er zijn nog twee vragen, zie ik. Mijnheer Aynan, Jouw Haarlem.

49

De heer Aynan: Dank u wel, voorzitter. Eigenlijk een vraag aan wethouder Roduner, want dat is ook de wethouder Koepel. Ik maak me een beetje zorgen dat we hier een goede partner van de wijkraad die altijd een goede gesprekspartner is geweest, dat we die nu dreigen te verliezen. Kunt u alstublieft reageren op deze inspraak? De voorzitter: Ik wil er geen gewoonte van maken dat u hier rechtstreeks vragen aan de wethouder stelt. De heer Aynan: Misschien is dat wel een goed idee in het kader van de nieuwe democratie. De voorzitter: U heeft daar uw wegen voor en de insprekers zijn er voor de commissie. Mevrouw Van Zetten: Even een punt van orde. Volgens mij hebben we het punt Koepel ook geagendeerd en dan kunnen we het dan toch allemaal meenemen? De voorzitter: Precies, precies. U heeft zo uw … Mevrouw Van Zetten: Dat lijkt me dan de beste manier. De voorzitter: Zo werkt dat. Dank u wel voor deze bijdrage. Mijnheer Amand, Trots. De heer Amand: Dank u wel, voorzitter. Ik had nog wel een vraag voor de twee heren in Haarlem-Noord. Ik krijg de laatste tijd heel veel mail uit die buurten, maar mijn vraag is eigenlijk: klopt het dat Hoorne Vastgoed ook een kinderboerderij heeft aangeboden op dat Bison Bowling of niet? De voorzitter: Klopt dat? De heer Amand: Kunt u daar eens antwoorden? Om de buurt te plezieren, hoor ik.

De voorzitter: Eenvoudig: ja of nee? De heer Spruit: Een wipkip, meer niet. De voorzitter: Een wipkip. Oké, dan wil ik … De heer Amand: Niet bekend bij u? Niet bekend bij u? Nou, bij ons wel. Oké. De voorzitter: Dan wil ik u alle vijf hartelijk bedanken namens de gehele commissie voor uw bijdrage en de moeite die u heeft genomen vanavond. Ik wil u verzoeken langs die kant de zaal te verlaten. Dan vervolgen wij onze agenda en wij gaan verder met agendapunt 11, dat gaat over het vrijgeven van de … Ah, mijnheer Roduner heeft nog twee mededelingen voor de commissie. Mijnheer Roduner. Wethouder Roduner: Dank u wel, voorzitter. De eerste mededeling gaat over … Ja. De eerste mededeling gaat over het project Bereikbare Steden. Daar hebben wij u gisteren een raadsinformatiebrief ook over gestuurd, het is een programma, een lobbytraject eigenlijk wat we doen in het kader binnen de MRA, wat uiteindelijk moet leiden tot voorbereiding van het bestuurlijk overleg MIRT, waar we hopen dan uiteindelijk ook een positief resultaat te bereiken. Wij gaan over twee weken in dat kader vanuit het college een reserveringsaanvraag doen bij de provincie en dan moeten we ook uiteindelijk dat stuk vaststellen wat uiteindelijk naar het MIRT gaat. In de brief staat eigenlijk het aanbod richting de raad, om u daarin ook

50

technisch mee te nemen. Het is best een groot traject, waarvan ik me kan voorstellen dat u dat interessant vindt ook in samenhang met de ontwikkeling van het knooppunt Nieuw-Zuid. Dus dat was eigenlijk een aanbod richting de commissie waar ik u nog even op wilde attenderen. Het tweede gaat over de afdeling Vergunningen, Toezicht en Handhaving, afgekort VTH. Dat is wat minder nieuws, namelijk dat die afdeling kampt met een behoorlijk stevig capaciteitstekort. Dat zie je door het hele land heen. Geld is geen probleem, want geld is het probleem niet, want die afdeling wordt grotendeels betaald door het betalen van leges. Maar gewoon het vinden van goede mensen om vergunningen te verstrekken, dat is echt wel een schaarste met de ‘…’. Er is natuurlijk af en toe wat uitstroom, maar ook juist onze contractpartners zijn ook heel erg lastig om daar ook gewoon goede mensen voor te vinden die die plekken kunnen invullen ook op tijdelijke basis. Dat gaat er dus gewoon tot leiden dat projectontwikkelaars en bewoners ook gewoon langer moeten wachten voordat zij een reactie hebben op een omgevingsvergunning.

Dat zal denk ik ook, daar moeten we ook eerlijk in zijn, dat zal dus misschien ook leiden tot een wat lagere dienstverlening, dat we wat minder dan in het verleden ook gewoon zelf aan de slag gaan met die vergunningen, om te zorgen dat ook niet goede vergunningen uiteindelijk goed worden. De voorzitter: Dank u wel. 11. 19.45 uur Vrijgeven ontwerp Omgevingsvisie voor de inspraak (FR) De voorzitter: Dan gaan we naar het ‘Vrijgeven ontwerp Omgevingsvisie voor inspraak’. De Omgevingsvisie laat zien wat de consequenties zijn van de keuzes in de bestaande openbare ruimte. Daarnaast heeft Haarlem richting en kaders nodig om alle lopende ontwikkelingen in de stad in goede banen te leiden. De Omgevingsvisie geeft een antwoord op de uitdaging die de snel veranderende samenleving stelt aan onze leefomgeving. De Omgevingsvisie is ook het kader waarbinnen Haarlem een Omgevingsplan opstelt. De visie is het document met ambities en richtingen, in het Omgevingsplan worden deze vertaald in concrete regels. De regels bepalen de ruimte voor de ontwikkeling, zoals dat nu met een bestemmingsplan gebeurt. Wie mag ik hierover als eerste het woord geven? Mijnheer Blokpoel, VVD. De heer Blokpoel: Dank u wel, voorzitter. We hebben onwijs veel sessies erover gehad, vooral over de systematiek, niet over deze inhoud.

Daar praten we nu voor het eerst over, over dit bijna wel megalomane stuk wat voorligt en wat we maar even als regulier stuk moeten behandelen, alsof het een verkoop is of een woningbouwproject. Maar het is wel even iets meer. Even van de orde ook: hoe wilt u dit doen? Want alleen wij hebben al vijf pagina’s reacties, andere partijen hebben waarschijnlijk ook een gelijk aantal reacties. Wethouder, gaat u heel hard meeschrijven of wat wilt u? Want als iedereen vijf pagina’s hier gaat uitspreken dan komt tien procent van de raad aan bod, denk ik. De voorzitter: Als u het netjes op schrift heeft, dan mag u doorsturen. De heer Blokpoel: Als we het netjes op schrift hebben. De voorzitter: Ja, u zegt: ik heb vijf pagina’s aan reacties. Als u het opschrift heeft, dan kunt u het ook doorsturen. De heer Blokpoel: Dan gaan we dat doen. Dan zullen we een schriftelijke reactie sturen na afloop. Maar goed, terug naar het stuk, Omgevingsvisie voor Haarlem. De Omgevingswet is in het leven geroepen om 26 wetten, 4700 artikelen te vervangen door 1 wet en 349 artikelen. Het uitgangspunt was dus: het moet eenvoudiger, efficiënter, beter. Maar bij het lezen van deze visie rijst wel enige twijfel of we daar wel zo in slagen natuurlijk.

51

Met name het bestaan naast de Visie Openbare Ruimte zorgt toch wel voor de onnodige onduidelijkheid, ondanks de uitleg die de wethouder vanmiddag nog even nastuurde. Vooruitlopend op onder meer het Omgevingsplan ligt er nu dus voor het eerst de Omgevingsvisie met 60 strategische keuzes, 12 speerpunten. Die moet leiden tot Haarlem zoals de huidige coalitie dat graag in 2045 zou willen zien. Tot die tijd zal de visie nog vele malen wijzigen, en gelukkig ook maar, zeggen we dan even. Hoe ziet Haarlem er in 2045 uit? Eén ding is zeker: wij zullen het niet weten, wij zullen hier waarschijnlijk ook niet meer zitten. Maar één ding is zeker: het zal er anders uitzien dan nu en anders uitzien dan we nu hier vast gaan leggen. We moeten dus voorzichtig zijn met alle stellige standpunten en het continu de vinger aan de pols houden, want de komende jaren gaat er nog veel veranderen. De visie zet in op sleutelgebieden, maar wethouder, is het niet juist de visie voor heel Haarlem? Is het niet een visie voor alle Haarlemmers? Waarom worden daar niet alle wijken uitgelicht en waarom wordt er niet aan alle inwoners duidelijk gemaakt ‘dit gaat er in uw wijk gebeuren’? Het kan toch niet zo zijn dat Haarlem-Zuidwest niet verandert of een ander gebied juist wel, om maar een voorbeeld te noemen? Dat zou toch heel gek zijn en het moet iets zijn voor heel Haarlem.

Denk alleen al aan de woningbehoefte die door de transformatie naar kleinere huishoudens, gezien alle prognoses die op ons afkomen de afgelopen jaren over de komende jaren juist een verandering op de markt gaat veroorzaken. Dat gebeurt niet alleen in uw sleutelgebieden, nee, dat zal in alle gebieden in heel Haarlem gebeuren. Speel daarop in, laat dat mensen zien, hoe dat de stad gaat veranderen. De visie gaat nog altijd uit van de tienduizend woningen waar we nu al jaren mee te koop lopen, maar op een gegeven moment zijn die natuurlijk gebouwd, op een gegeven moment is dat klaar. We gokken zo 2030, 2035. Wethouder, en dan? Wat gaat u dan tot 2045 doen? Waar gaat u dat doen? Dat is de vraag waar hier geen antwoord op komt. Het is een visie, uiteraard, maar die visie reikt niet verder. We gaan doelgroepen proberen te mengen, uiteraard, en daarbij door het mengen verdichten. Nou, hartstikke goed, want dat zorgt voor sterkere wijken. Daarbij staat kwaliteit voorop. Oké, kwaliteit staat voorop, maar nogmaals: waar komen die woningen dan, wethouder? Want als de kwaliteit, we iedereen een grondgebonden woning met een tuintje willen geven, omdat dat de kwaliteit is die verschillende doelgroepen willen, dat gaat nooit passen in Haarlem. Dus waar ligt dan uw grens? We willen een gezonde omgeving bevorderen. Oké, recreatieve routes omringd door water en groen.

In welke Vinex-wijk gaat u dat realiseren en op welke uitleglocatie komt dat dan? Want in de bestaande stad gaat dat natuurlijk nooit lukken. Tenzij u, zoals in dat plan nogal vaak, misschien wel een beetje te vaak wordt geopperd: het opofferen van de auto, die moet maar ergens anders zijn. Waarheen? Geen idee. Ergens op pagina 112, daar komen stadshubs tevoorschijn. Stadshubs in de bestaande structuren van de wijk. Nou ja, we kunnen nu de auto’s nog geeneens kwijt, dus hoe wilt u hubs realiseren midden in de wijken? Zo enkele bespiegelingen. Maar goed, accepteer nou ook dat de auto gewoon nog altijd deel uitmaakt van ons bestaan, ook de komende 25 jaar nog, die is niet zomaar weg. Uiteraard wordt het schoner, beter, veiliger, maar het zal niet weggaan. U kunt het wel verdringen, maar uiteraard moet er dan wel een voorziening zijn. Dan is het niet alleen een voorziening, maar moet ook de rondweg om Haarlem heen, want de kust moet ook bereikbaar blijven, zien we deze dagen weer hoe populair die is. Die rondweg, er wordt gesproken over de Velserboog, hartstikke goed, dat is één punt. Maar ik reed door Hout de afgelopen dagen: het was daar niet heel aangenaam vertoeven. Waarom niet? Juist omdat dat de rondweg – nou ja, het wordt gebruikt als een soort rondweg – is voor mensen naar de kust. Wethouder, wat gaat u daaraan doen? Het komt nu niet voor in de plannen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12290393/1