CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

05-19 transcript commissie Samenleving

commissie Samenleving 9 juni 2022, gemeente HaarlemBij agendapunt: Transcript commissie d.d. 19 mei 2022 (alleen naar aanleiding van)33.399 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

TRANSCRIPT VAN DE COMMISSIE SAMENLEVING VAN GEMEENTE HAARLEM d.d. 19 mei 2022

1.

Opening en mededelingen voorzitter De voorzitter: Goedemiddag, welkom bij de commissie Samenleving van 19 mei 2022. Welkom ook de gasten op de tribune en de mensen die via de livestream meekijken. Ik wilde twee mensen voorstellen, maar dat blijkt er maar één te zijn voor vandaag. Dat is mevrouw Greet de Goede van de SP. Die zit daarachter. Dat is een commissielid van de commissie Samenleving. Ik wil eerst even peilen voor een werkbezoek. Dan kunnen we dat gelijk aftikken. Of er interesse is voor een werkbezoek zo meteen aan Kenter. Dat is na de zomer, in september, op een donderdagmiddag of vrijdagmiddag. Zo ja, welke twee commissieleden dit eventueel willen voorbereiden om mee te denken. Het is niet zo’n zware voorbereiding, maar in ieder geval meedenken. Mevrouw Scholten zie ik en mevrouw Verhagen zie ik. Dank je wel. De presentielijst is al rondgegaan voor de commissieleden. Ik heb een bericht van verhindering. Mevrouw De Raadt zou hier normaal zitten, maar die wordt nu waargenomen door de heer Roduner, zo meteen bij agendapunt 7.

2.

Vaststellen van de agenda De voorzitter: Dan gaan we naar het vaststellen van de agenda. Ik zag al een mail voorbijkomen deze week van Jouw Haarlem met het verzoek om agendapunt 12 van de agenda te halen, om verschillende redenen. Kunt u dat nog even licht motiveren? Dan kunnen we even peilen of daar animo voor is. Gaat uw gang, mevrouw Scholten. Mevrouw Scholten: Ik had dat rondgestuurd, omdat ik jullie daar niet mee wilde overvallen. Maar ik heb een heel aantal mensen gesproken. Er zijn natuurlijk best veel dingen gaande op dit moment in jeugdzorgland, waaronder een motie in de Tweede Kamer om de Verwijsindex verplichting te schrappen landelijk. De Verwijsindex werkt bij machte dat iedereen hem landelijk invult, of in ieder geval in samen- en naastliggende regio’s. Op het moment dat dat niet meer verplicht is en mensen hem niet meer gaan invullen, zou het best kunnen dat die hele Verwijsindex gewoon niet meer gaat werken. Het lijkt mij raadzaam om even te wachten totdat de hervormingsagenda Jeugdzorg duidelijk is en tot duidelijk is hoe de Tweede Kamer uiteindelijk, of de wetgever beslist over de Verwijsindex voordat we hem op de agenda zetten en hem dan gedegen op de agenda te zetten. Dat was mijn verzoek. De voorzitter: Sorry, ik heb geen reactie uit de commissie gehad, maar dat ga ik nu hier even vragen of er steun is voor het schrappen van agendapunt 12 van deze agenda.

Ik zie voldoende steun, volgens mij. Een grote meerderheid. Dan wordt agendapunt 12 van de agenda gehaald. Dan moeten we even kijken in welke vorm hij weer een keer terug gaat komen, maar dat hangt een beetje af van het besluit in de Tweede Kamer. Ik mag deze commissie nu al. Dank u wel.

3.

Mededelingen commissieleden en wethouder(s) De voorzitter: Dan gaan we naar het volgende punt, dat zijn de mededelingen. Ik geloof dat mevrouw Meijs een mededeling heeft, of niet? Wethouder Meijs: Nee.

1

De voorzitter: U heeft geen mededeling? Andere wethouders ook geen mededeling? Dan gaan we naar de commissie. Heeft iemand van de commissie nog een mededeling. Ik zag de heer Van den Raadt. Gaat uw gang. De heer Van den Raadt: Voorzitter, tot nader order zal Trots niet meer in deze vergadering deelnemen, want wij begrijpen dat ons schaduwraadslid daarnet geweigerd is, terwijl hij de eed heeft verklaard en beloofd en twee vingers omhoog. Dat vinden wij onterecht. Er wordt gezegd dat hij een bedrijf werkt wat ingehuurd wordt door de gemeente. Dan kan ik nog zes mensen opnoemen, zelfs raadsleden, die dan geweigerd zouden moeten worden. Dat gebeurt niet. Dat vinden wij onterecht. Wij verwachten dat de burgemeester ons een nette brief schrijft in plaats van een telefoontje geeft en dat we daar een normaal gesprek over hebben. Tot die tijd gaan wij gewoon niet meer aanwezig zijn. Dank u wel. De voorzitter: U wil ook aangeven dat u nu vandaag ... De heer Van den Raadt: Vandaag ben ik er niet. De voorzitter: En mevrouw Verhagen ook niet? De heer Van den Raadt: Nee. Mevrouw Verhagen: Nee, ik moet mee. De voorzitter: U moet mee. Een pot nat was het, geloof ik. Ik snap uw reactie. Ik heb wat mailwisseling gezien. Dit loopt al lang. Ik ga niet te ver op de inhoud in, maar dit loopt al sinds 20 april, de constatering. Of het terecht of onterecht is, ik ga er niet over.

Dit is een besluit van de burgemeester en de griffier. Bij deze. Ik vind het jammer. De heer Van den Raadt: Ik ook. De voorzitter: Ik hoop dat we eruit gaan komen. De heer Van den Raadt: Succes. De voorzitter: Fijne avond. Omar, de heer Toepoel gaat ook. Helaas. 4.

Agenda komende vergadering(en), Jaarplanning en Actielijst De voorzitter: Dan gaan we toch door met de agenda. Dan gaan we eerst even naar agendapunt 4, de voorlopige agenda voor de komende vergadering van 9 juni. Het jaarverslag en de jaarrekening van de gemeente Haarlem staat ter advisering. Dan staat er ter bespreking het agenderingsverzoek van de PvdA, de beantwoorde artikel 38-vragen over de personeelsschaarste in het primair en secundair onderwijs. Dat komt zo dan. De begroting 2023 Spaarne Werkt, participatiebedrijf Zuid-Kennemerland. Die staan al op de agenda. Dan heb ik ook de Jaarplanning en de Actielijst weer bij de agenda gezien. Heeft u op die twee stukken nog opof aanmerkingen? Nee, niet op die stukken? U mag ook constateren dat er iets op staat wat er helemaal niet op hoeft te staan. U mag ook zeggen van, haal het er alsjeblieft vanaf, het is al gebeurd, want dat gebeurt nog weleens. Maar prima. Dan ziet u ook weer ter kennisname stukken onderaan de agenda. Heeft u daar nog iets ... Wilt u daar iets agenderen? Ik zie mevrouw Zoon van Hart voor Haarlem. Gaat uw gang.

2

Mevrouw Zoon: Dank u wel, voorzitter. Ik wil graag agendapunt 1.1 vaststellen beleidsregel Eenmalige energietoeslag gemeente Haarlem agenderen. Dat heeft te maken met de vorige keer. Toen had de gemeente Haarlem te weinig geld aangevraagd. Nu is het bedrag omhoog gegaan. Er staat niet in de stukken of het bedrag nu inderdaad ook omhoog gegaan is en of we nu wel genoeg geld hebben. Dat we niet van de ‘tonggelden’ gebruik moeten maken. Dat is mijn motivatie om dit te agenderen. Mevrouw Booms-van der Meer: Mag ik even wat aanvullen? De voorzitter: Sorry. Mevrouw Booms, ChristenUnie. Mevrouw Booms-van der Meer: Dank u, voorzitter. Er zijn antwoorden, 3.1, op de vraag van de ChristenUnie. Daar staat wel uitgelegd wat er nu gebeurt. Dat er ook 800 euro beschikbaar is, enzovoort. De voorzitter: Mevrouw Zoon, Hart voor Haarlem. Mevrouw Zoon: Dat heb ik ook gelezen, maar daar staat niet in of er inderdaad voldoende geld is. Dat het niet uit onze eigen begroting nog gehaald moet worden. Dat ontbreekt ergens. De voorzitter: Kijk, als dat de enige vraag is, dan zou ik hem misschien eerder gewoon technisch even uitvragen. Is er genoeg geld en moeten we het nog in de begroting regelen of ... Dan scheelt dat weer. Mevrouw Özogul. Mevrouw Özogul-Özen: Ik vind het sowieso wel meevallen die energietoeslag. De voorzitter: Jawel, maar kijk, mevrouw Zoon komt met een concrete vraag.

Die concrete vraag kun je technisch uitvragen. Dat moet je natuurlijk niet gaan uitvragen in de commissie, want dan krijg je er geen antwoord op. Vandaar dat mijn advies is, vraag hem eerst even technisch uit. Misschien komt daar wel een antwoord uit van, ik ben er niet tevreden mee. Dan kun je hem alsnog agenderen toch? Wethouder Meijs: Ik vind het een goed plan. De voorzitter: Zullen we het zo doen? Wethouder Meijs: Heel goed plan. De voorzitter: Mevrouw Scholten, Jouw Haarlem. Mevrouw Scholten: Ik zou graag de evaluatie statushouders, dat is 1.3, willen agenderen, vanwege het feit dat we een aantal vragen ter commissie hebben over de evaluatie van maatwerk voor de statushouders naar aanleiding van het rapport van de Ombudsman, waaruit blijkt dat de statushouder echt een groter risico lopen op schulden en om in de problemen te komen, omdat ze vaak niet precies weten hoe de maatschappij in elkaar zit, niet weten waar ze terecht kunnen voor toeslagen. Schulden zijn altijd duurder dan hulp. De voorzitter: Is er steun voor uit de commissie? Ja? Nog meer? Ik vind hem ... Hij is een beetje mager. Er is wel erg weinig steun voor. De steun is mager. Ik zie ook grote partijen erbij. Het is wel een belangrijk onderwerp, denk ik. Maar inhoudelijk weet ik niet wat er in het stuk staat. Prima. Gaan we doen. Nu wel. 1.3.

Er komt sowieso nog een formulier naar u toe, om dat nog een keer toe te lichten. Mevrouw Özogul, SP.

3

Mevrouw Özogul-Özen: Ik wil niks agenderen, maar ik heb wel een vraag over iets wat op de agenda staat. Over de gunning. Ik zou graag willen weten wanneer wij daar meer informatie over krijgen, want dat staat in die brief. Over Gewoon in de Wijk. Er staat in dat we nog informatie krijgen en meegenomen worden. Ik was benieuwd wanneer dat ongeveer is. De voorzitter: Hij staat onderin, 3.2. Of sorry, 2.1. Het is gewoon een brief. Een raadsinformatiebrief was dat. Maar we weten het niet. Het wordt nagevraagd en dan krijgt u het antwoord. Mevrouw Oosterbroek, GroenLinks. Mevrouw Oosterbroek: Als we dan toch vragen mogen stellen. Even naar aanleiding van die eenmalige energietoeslag 2022, komt er ook nog een stuk van sociale energietransitie naar de commissie Samenleving? Kan dit dan worden meegenomen? Ik hoef het niet nu te bespreken, maar ... Of komt dat stuk naar de commissie Beheer? Ik weet het niet. Sociale energietransitie. De voorzitter: Laten we dat even navragen of er nog een stuk komt. Dan kunnen we deze er eventueel ook nog bij gooien. Dit was het? Mevrouw Marrée, Actiepartij. Dan even wat noteren nog. U kunt mij ook niet goed verstaan? Mevrouw ...: Als u zo in de microfoon praat wel, maar als u achteroverleunt niet. De voorzitter: Zo niet? Mevrouw ...: Nee. De voorzitter: Ik zal er proberen rekening mee te houden. Spannend. 5.

Transcript commissie d.d. 14 april 2022 (alleen naar aanleiding van) De voorzitter: Goed, we gaan door. Waar zijn we gebleven? Even kijken. Het transcript. Zijn daar nog op- of aanmerkingen over, op? Het transcript van vorige keer, 14 april. Nee?

Ter advisering aan de raad 6.

Ontwerpbegroting gemeenschappelijk orgaan Beschermd Wonen 2023-2025 regio Zuid-Kennemerland, IJmond en Haarlemmermeer (MTM) De voorzitter: Dan gaan we door naar het eerste punt, dat is een ter adviseringsstuk. O, sorry, mevrouw Klazinga, ga verder. O, u wilde termijn. Ik ga hem eerst nog even voorlezen hoor. Ik moet naar voren, anders hoort mevrouw het niet. Ontwerpbegroting gemeenschappelijk orgaan Beschermd Wonen 2023-2025, regio Zuid-Kennemerland, IJmond en Haarlemmermeer. De regio’s Zuid-Kennemerland, IJmond en Haarlemmermeer hebben besloten om per 1 januari 2023 de samenwerking rondom de doordecentralisatie Beschermd Wonen in het GO BW, gemeenschappelijk orgaan Beschermd Wonen, vorm te geven. Deze ontwerpbegroting is gebaseerd op de invoering van het woonplaatsbeginsel en het nieuwe verdeelmodel Beschermd Wonen per 1 januari 2023. Begin maart 2022 heeft het ministerie van VWS echter besloten het woonplaatsbeginsel Beschermd Wonen uit te stellen. De regionale impact van het uitstel van de doordecentralisatie wordt nu in beeld gebracht en er worden verschillende scenario’s uitgewerkt voor de situatie per 1 januari 2023. U wordt verzocht advies te geven. Het is een raadsstuk, of een ter adviseringsstuk.

4

Ik zag meningokokken Klazinga van de VVD al dat ze een termijn wilde. Ik geef u bij deze de termijn. Mevrouw Klazinga, VVD. Mevrouw Klazinga: Dank u wel, voorzitter. In het kader van, u zei het net al, de decentralisatie op het gebied van Beschermd Wonen wil het Rijk van een regionale aanpak naar een gemeentelijke aanpak. Voorheen was het zo dat Haarlem als centrumgemeente het budget daarvoor kreeg. Nu wil het Rijk dat naar de gemeentes verspreiden in plaats van op regionaal niveau. In dat kader is inderdaad besloten om een gemeenschappelijk orgaan op te richten en de regio Zuid-Kennemerland, IJmond en Haarlemmermeer te bundelen en te gaan kijken, hoe gaan we dat inrichten? Er is een conceptbegroting opgesteld. Er is een hele toelichting op de conceptbegroting gegeven, hoe dat gemeenschappelijk orgaan dat ziet. Daar is onze zienswijze over gevraagd. Die financiering van dat Beschermd Wonen, zoals ik net al zei, was tot nu toe op regionaal niveau. Dat moet doorgedecentraliseerd worden, dat is een woord waar ik steeds over struikel, naar de gemeentes voor de toekomst. Het gemeenschappelijk orgaan is daarover na gaan denken van, hoe kunnen we dat dan het beste doen? Heeft besloten om een groep oude cliënten, namelijk mensen die tot nu toe in het systeem, moet ik dan maar even zeggen, zitten en nieuwe cliënten, vanaf het moment dat het via de gemeentes geregeld moet worden.

Omdat vanaf het moment dat het verder gedecentraliseerd wordt de gelden niet meer naar de centrumgemeenten gaan, maar naar alle individuele gemeentes, is er gezegd dat de gemeentes een bepaald onderdeel van hun budget aan dat gemeenschappelijk orgaan moeten storten voor de oude cliënten. Dat voor de nieuwe cliënten het verder zelf moeten inregelen. Tot zover allemaal prima. Alleen het gemeenschappelijk orgaan voorziet ook dat er met betrekking tot die nieuwe cliënten bij sommige gemeenten misschien een tekort kan ontstaan. In het kader van die tekorten wordt er een zogenaamd vereveningssysteem in het leven geroepen voor de komende drie jaar, waarbij gemeenten die geld tekortkomen, die kunnen een beroep doen op de gemeenten waar een overschot is. Op die manier level je het hopelijk weer uit. De VVD vindt Beschermd Wonen, net als allerlei andere partijen, uiteraard belangrijk. De middelen op dat gebied zijn schaars. Die moeten goed besteed worden. Iedere euro moet nuttig besteed worden. Met de introductie van het vereveningssysteem is de VVD bang dat er een risico is dat dat onvoldoende gebeurt en dat er geen optimale controle is op de besteding van die gelden. Met het vereveningssysteem ontstaat als het ware een collectieve aansprakelijk voor de kosten van de nieuwe cliënten, terwijl er geen collectieve zeggenschap is over het geld wat daarvoor besteed wordt.

De voorzitter: U heeft een interruptie. Mevrouw Oosterbroek, GroenLinks. Mevrouw Oosterbroek: Een interruptie. Want ik hoor u over het vereveningssysteem. De risico’s zijn ook uitgebreid omschreven in het stuk. Maar wat me dan verbaast, is u bent natuurlijk van die partij die aan het roer staat bij het Rijk. Die partij geeft ons ontzettend veel onduidelijkheid en onzekerheid, waardoor we dit vehikel in moeten zetten. Hoe kijkt u daarnaar als partijgenoot van het Rijk? Mevrouw Klazinga: Ik ben op zich geen tegenstander van het vehikel, alleen de manier ... Laat ik het zo zeggen, ik heb nog vragen zo meteen aan de wethouder over hoe dat vehikel er dan precies uitziet. Maar zoals het op dit moment omschreven staat in de conceptbegroting, heb ik op zich geen bezwaren tegen het vehikel zelf. Alleen de ongeclausuleerdheid waarmee het in het leven geroepen lijkt te worden, daar heb ik wel wat gedachten over. Wat ik zeg inderdaad, je krijgt door dat vehikel een collectieve aansprakelijkheid, terwijl er geen collectieve zeggenschap is. Want het wordt als het weer op de grote hoop gegooid, terwijl de individuele gemeentes zelf bepalen wat ze met het geld gaan doen.

Doordat de gemeentes vrij zijn in hun besteding, is daar geen controle op en is er geen controle op waarom die tekorten ontstaan, terwijl ze wel, naar het lijkt in ieder geval, maar daarmee kom ik op mijn vragen aan de wethouder, geen controle is op hoe die gelden

5

besteed worden en wel een compensatie krijgen op het moment dat er overschotten bij andere gemeentes zijn. Mijn vragen aan de wethouder voor nu zijn, wat is de visie van de wethouder hierop? Is datgene wat ik omschrijf ... Herkent de wethouder dat of mis ik dingen? Hoe kan de wethouder waarborgen dat de middelen die aan de gemeentes worden gelaten nuttig en effectief besteed worden, terwijl ze, als er tekorten zijn, wel gecompenseerd moeten worden. Is er op dit moment enige controle op de besteding van de middelen die door individuele gemeentes, althans niet op dit moment ... Maar is er voorzien in een controle in dat nieuwe systeem op de besteding van die middelen door de individuele gemeentes, alvorens er tot compensatie overgegaan wordt uit dat vereveningsfonds? Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Zoon, Hart voor Haarlem. Mevrouw Zoon: Dank u wel, voorzitter. In Haarlem willen we dat iedereen de ruimte krijgt om zichzelf te kunnen ontwikkelen en op eigen wijze mee kan doen in de samenleving. Een klein deel van de Haarlemmers is hier echter voor kortere of langere tijd niet toe in staat, of kan dat alleen als er ondersteuning bij geboden wordt. In Haarlem hebben we de samenwerking gezocht met buurtgemeentes. Beschermd Wonen in je eigen gemeente en gebruikmaken van de regionale voorzieningen. Ik ga inderdaad een bruggetje maken naar mijn buurvrouw.

De tekorten en overschotten worden in de eerste drie jaar verrekend in een vereveningsfonds. Krijgt de raad te zien welke gemeente er te veel in het fonds stopt en welke gemeente er het meeste uithaalt? Kunnen we daar, na drie jaar, ook nog eens een keer op sturen? Krijgen we ook regelmatig een update van hoe dat in elkaar zit? Daarbij schrijft u ook dat een innovatiefonds wordt opgericht. Dit fonds wordt onder andere gevuld door de overschotten die er zijn van de zorgkosten. Hart voor Haarlem vindt het vreemd dat er overschotten zijn in de zorg, terwijl er overal wachtlijsten zijn en een vergrijzende stad, die heel veel zorg nodig heeft? Hoe komt het dat u overhoudt op het zorgbudget? Hoe ziet een innovatieplan eruit? Wat gaat er geïnnoveerd worden? De mens, de voorzieningen, het systeem? Kortom, ik wil hier wat meer toelichting op. De voorzitter: Mevrouw Oosterbroek ook, volgens mij. Mevrouw Oosterbroek: Toch weer. Kunt u zich voorstellen dat zo’n innovatiebudget ook echt nodig is voor een doorontwikkeling van de markt, zodat we naar die lagere kosten gaan? Dat het meer onderdeel is van het goed houden van een bedrijf en niet per se dat u eigenlijk mensen geen ruimte geeft om echt die zorg te bieden. Ik hoor een beetje alsof u die innovatieruimte, waardoor we naar die kostenstructuur gaan die we allemaal willen, dat u die eigenlijk nu al niet wil geven.

Klopt dat? Mevrouw Zoon: Dat heb ik helemaal niet gezegd. Ik zie alleen maar van, waar gaat dat innovatiefonds naartoe? Want het wordt namelijk in de nota niet toegelicht. Er wordt alleen maar geroepen over het innovatiefonds. Daar blijft het bij. Ik vind het wat breed. Dan zeg ik, gaat het inderdaad naar de mens? Gaan we daar iets innoveren? Gaan we naar het systeem? Kan ook, dat we dat gaan innoveren. Of gaan we allerlei andere dingen innoveren om inderdaad een heel vernieuwd systeem te krijgen? Maar dan kom ik ook weer bij het systeem. Dat zou graag van de wethouder willen horen. Maar misschien heeft u daar ook een antwoord op? In ieder geval, dan ga ik nog even door naar de risico’s. Het woningtekort en de Rijksbijdrage. Het woningtekort is er. Dat weten we. De Rijksbijdrage stopt. U gaat dit monitoren, staat er in de notitie. Is dat niet erg passief? Is het niet beter om hier actief op te gaan sturen? En dan mijn laatste opmerking. Het valt mij op dat de administratieve ondersteuner meer dan een ton per jaar verdient. Is dat niet erg hoog ingeschat? Dank u wel. De voorzitter: Wie kan ik dan het woord geven? Mevrouw Özogul, SP. Daarna mevrouw Zwemmer.

6

Mevrouw Özogul-Özen: Dank u wel, voorzitter. Deze ontwerpbegroting is gebaseerd op de invoering van het woonplaatsbeginsel en het verdeelmodel Beschermd Wonen per 1 januari 2023. Maar het ministerie van VWS heeft besloten om het woonplaatsbeginsel Beschermd Wonen uit te stellen. Toch gaan wij door met de weg die wij ingeslagen zijn. We gaan verschillende scenario’s uitwerken. De SP begrijpt dit, maar wil wel bij dit proces als raad betrokken blijven. Kan de wethouder dat toezeggen? In het gemeenschappelijk orgaan worden afspraken gemaakt over beleid, financiën, organisatie-inkoop, maar ook over de toegang, lees ik. De SP leest dat er een overschot is. Maar tegelijkertijd ook een tekort aan Beschermd Wonen plekken. Wij begrijpen niet hoe dit kan. Kan de wethouder iets hierover vertellen? Daarnaast hebben we over het stukje toegang vragen aan de wethouder. Betekent dit dat de toegang ook wat moeilijker gemaakt wordt of zwaarder wordt? De begroting gaat over 2023-2025 en zal na 2025 geëvalueerd worden. De vraag van de SP is of dit eerder kan, ook omdat we iets nieuws in gaan? Haarlemmers met een GGZ-problematiek gaan zoveel mogelijk in eigen gemeente wonen. Dat juichen wij van harte toe, want wij hebben ook meegemaakt dat mensen bijvoorbeeld ergens in Zwolle geplaatst werden, geen netwerk daar hadden en dan vervolgens op eigen houtje terug zijn gekomen en dakloos zijn geworden.

Wij hopen dat dit in ieder geval een probleem opgelost. Er zijn middelen beschikbaar voor goedkope, lokale plekken Beschermd Wonen en voorzieningen, zoals goedkope woonvoorzieningen en preventie. Preventie en goedkope woonvoorzieningen, prima. De SP is alleen wel benieuwd aan welke voorzieningen de wethouder denkt. Gaan wij ook echt speciaal nieuwbouw hiervoor bouwen? Daarnaast vraagt de SP zich af of ... Dat heb ik gevraagd met die criteria. Ook is de SP verbaasd dat er geen data beschikbaar is van aantal cliënten per gemeente. Ik zou daar graag uitleg van de wethouder over willen, aangezien wij in het Beschermd en Beschut Wonen als centrumgemeente fungeerden. Bij de Kadernota is 4 miljoen uit de reserve Beschermd en Beschut Wonen gehaald. 3 miljoen hiervan hebben wij gebruikt voor de MO staat er. Jouw Haarlem heeft er een vraag over gesteld. Daar staat dat het om 3 miljoen ging en dat het voor jeugd en Wmo gebruikt is. Ik heb in het verhaal ergens gelezen dat het voor de maatschappelijke opvang gebruikt is. Daar zou ik graag duidelijkheid over willen. Ook wat er dan eventueel met die 1 miljoen is gebeurd. De raad heeft budgetrecht. U heeft daarom ook die 4 miljoen aan ons als raad gevraagd, toestemming gevraagd bij de Kadernota en voorgelegd.

Met dit stuk wilt u de reserve financiële middelen onttrekken op het moment wanneer het nodig is en wanneer u wenst, zonder dat de raad hier zicht op heeft. De SP heeft daar moeite mee. Ik zou graag uitleg willen waardoor het kan. Of dat past in het budgetrecht van de raad. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dat waren een hoop vragen. Ik ga eerst even naar mevrouw Zwemmer, D66. Mevrouw Zwemmer: Dank u wel, voorzitter. D66 zou zich willen aansluiten bij de vraag van de VVD in ieder geval over het vereveningsfonds en hoe er wordt geborgd dat ook Haarlem voldoende middelen weer tot zijn beschikking krijgt om ervoor te zorgen dat de problemen die hier ook spelen ... Dat we in ieder geval inzichtelijk krijgen waar het geld naartoe gaat naar andere gemeenten en in hoeverre een soort van wij daar als gemeenteraad ook zicht op krijgen. Dat is ook een belangrijk punt. Dat er in ieder geval in het vereveningsfonds en de verdeling naar andere gemeenten wel binnen een bepaalde periode terug wordt gegaan naar de raad om daar verantwoording over te leggen, zodat de raad ook daar zicht op blijft hebben. Daarnaast viel nog op in de risico’s dat er wordt genoemd dat indien binnen de bestaande, of binnen de ontwerpbegroting de middelen worden afgebouwd voor oude cliënten, wat een mogelijkheid zou kunnen zijn in de risico’s.

Het zou sowieso kunnen zijn dat oude cliënten langer zouden moeten wachten op een eigen woning en uitstroom daarmee langzamer zal gaan. Eigenlijk is mijn vraag dan ook, hoe er wordt geborgd dat er binnen de bestaande sociale huurwoningen toch ervoor kan worden gezorgd dat bestaande cliënten ook zicht hebben op zelfstandigheid. Dank u wel.

7

De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer El Aichi, CDA. De heer El Aichi: Dank u wel, voorzitter. De opzet van die doordecentralisatie is gebaseerd op meer preventie en snel interventie. Ik vraag me af dan of het college binnen afzienbare tijd dit te gaan realiseren. Ik heb hier heel veel vraagtekens bij. Met die doordecentralisatie is het de bedoeling dat er 26,2 uitstroom van de Wmo naar Wet Langdurige Zorg gaat. Dit betekent dat er in de toekomst minder cliënten zijn die een Wmo-indicatie gaan krijgen. Alle langdurige cliënten krijgen dan een Wlz-indicatie. Ze worden uit het Rijk gefinancierd. Dit betekent niet dat de gemeenten meer geld overhouden, omdat cliënten niet uit de Wmo-pot betaald gaan krijgen, omdat op lange termijn gekort gaat worden op de Wmo-gelden vanuit het Rijk. Het lijkt nu of de gemeenten weinig risico lopen, omdat er voldoende middelen zijn om de doordecentralisatie handen en voeten te geven. Maar de vraag is, wat zijn de consequenties van de geleidelijke afbouw van de Rijksbijdrage vanaf 2024? Dat is onvoldoende duidelijk. Het mag, wat mij betreft, wat scherper in de zienswijze geformuleerd worden. Ook wij maken ons zorgen met betrekking tot de sturing en de verantwoording van het vereveningsfonds. Ik hoor graag van de wethouder of ... Mevrouw ...: Sorry, welk fonds? De heer El Aichi: Vereveningsfonds. Mevrouw ...: Vereveningsfonds.

De heer El Aichi: Ik vraag hierbij aan de wethouder of zij deze zorgen kan ... Of deze zorgen terecht zijn? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Verder nog iemand voor dit punt? Mevrouw Oosterbroek, GroenLinks en daarna mijnheer Alberts van FvD. Mevrouw Oosterbroek: We krijgen van het Rijk onzekerheid op onzekerheid met betrekking tot dit veld. Zelfs bij het vaststellen van deze begroting is geen transparantie over het budget wat we krijgen van het Rijk. Wat betreft GroenLinks moeten we snel meer weten van het Rijk. Hoe vaak zijn we in contact met dit ministerie over hun nalatigheid? Want op deze manier maakt het Rijk het uitoefenen van ons budgetrecht wel heel erg moeilijk. GroenLinks is in ieder geval positief over de mogelijkheid voor het inzetten van het innovatiebudget voor de doorontwikkeling van de organisatie. Daarnaast vinden wij het ook heel erg belangrijk dat er rekening wordt gehouden met het minimumloon. In ieder geval 14 euro, geïndexeerd met de inflatie. Ook als het gaat over het uitbesteden naar andere partijen. Dat de mensen die hier gaan werken gedegen worden betaald. De voorzitter: Dank u wel. De heer Albers, FvD. De heer Alberts: Dank u wel, voorzitter. Wij sluiten in principe aan bij de zorgen die wij hebben inderdaad over het budgetrecht en hoe dat financieel in elkaar steekt.

Ik heb persoonlijk nog een vraag, die sluit misschien meer aan op eerdere besluitvorming. Is het woonplaatsbeginsel, wat ons wenselijk lijkt, zeker meer belang toegediend boven de mogelijkheid om zoveel mogelijk naar urgentie te kunnen verdelen onder de beschikbare voorzieningen en regionaal? Of gaat dit niet ten koste van elkaar? Is een oprechte vraag. Is daar zoveel mogelijk up-to-date zicht op? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Visser, PvdA.

8

De heer Visser: Dank u wel, voorzitter. Ondanks alle onzekerheden, zoals mijn collega van GroenLinks al aangaf, dat wij hebben vanuit het Rijk, ondanks dat gemeentes sinds 2015 al verantwoordelijk zijn voor Beschermd Wonen en in 2023 op een andere manier gaan werken, zijn we wel blij dat we dit gaan doen, want het geeft ... De samenwerking zorgt ervoor dat Haarlem van centrumfunctie naar een van de gemeenten binnen het gemeentelijk orgaan gaat. Daardoor worden ook andere gemeenten in de regio verantwoordelijk voor de opvang van mensen die hiervoor in aanmerking komen, kwetsbare mensen binnen hun eigen regio. Dat is altijd positief. Tegelijkertijd ontstaat er op die manier minder druk op Haarlem, op onze toch al wat krappe woningmarkt en komen er hopelijk nieuwe plekken beschikbaar in andere gemeenten. Wat betreft de wat kritischere punten sluit de PvdA zich ook wel aan bij de vraag van de VVD als het gaat over, hoe houden we toezicht op de gelden? Verder vragen wij ons ook af hoe we ervoor kunnen zorgen, of hoe we erop gaan toezien dat de andere gemeenten die mee gaan doen in de regio ook hun verantwoordelijkheid nemen wat betreft eigen locaties vinden, beschikbaar stellen voor mensen in hun eigen regio. Zo zijn er een hoop gemeenten die al wat doen. Maar specifiek kijk dan naar bijvoorbeeld Bloemendaal en Heemstede, waar het nog heel erg krap is.

Hoe gaan wij met elkaar ervoor zorgen dat ook die gemeenten hun eigen aandeel hierin gaan nemen? Omdat het gemeentelijk orgaan anders is dan een gemeentelijke regeling, hebben wij ook wel de vraag, hoe wij met elkaar democratisch toezicht gaan houden op eigenlijk wel alle processen binnen deze samenwerking. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Is er verder nog iemand die het woord wil op dit punt? Mevrouw Moedt, Partij van de Dieren. Mevrouw Moedt: Ik kan me vinden in de woorden van GroenLinks en de PvdA. Punt van zorg is denk ik ook niet alleen de locaties, maar ook dat mensen werk en dagbesteding, behandelaars, dat die allemaal in de buurt zijn en niet dan alsnog gereisd moet worden naar voormalig centrumgemeente Haarlem, zodat dat een extra belemmering voor die mensen opwerpt. Helemaal eens met het punt, zorgmedewerkers moeten fatsoenlijk betaald worden en fatsoenlijke werkomstandigheden hebben. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Booms, ChristenUnie. Mevrouw Booms-van der Meer: Dank u, voorzitter. Mijn zorg is wel echt de financiën, maar ook omdat het de bedoeling is dat de omringende gemeentes locaties neer gaan zetten, om zelf die opvang te doen. Hoezo denken we dat er geld ergens een beetje overblijft om tekorten aan te vullen? Ik heb het idee, we hebben nu al te kort. Volgens mij is het helemaal niet realistisch.

Volgens mij hebben we gewoon behoorlijk wat geld nodig om deze transitie te doen de komende jaren. Ik ben benieuwd wat de wethouder daarvan vindt. De voorzitter: Dank u wel. Verder nog iemand? Nee? Dan gaan we naar de wethouder. Wethouder Meijs. Is de pen al leeg of ... Gaat uw gang. Wethouder Meijs: Dank u wel. Als eerste zal ik toezeggen dat we meteen na de zomervakantie een technische sessie organiseren. Het heeft mij ook best wel wat tijd gekost om helemaal goed op de hoogte te zijn van deze transitie. Want het is best wel wat, als centrumgemeente Haarlem verantwoordelijk voor de hele regio nu omgaan naar een ander model. Ik denk dat het heel goed is om deze commissie, die toch voor een groot deel uit nieuwe mensen bestaat, goed mee te nemen. Ik zal u toezeggen dat dat in september al georganiseerd wordt. Dat is vrij snel na de zomervakantie. We hebben hier overal een paar keer technische sessies gehad met elkaar. Daar zijn ook steeds echt goede vragen gesteld. Ik hoop dat zo’n sessie in september u ook in ieder geval wat comfort geeft in deze materie. Daarnaast zullen we ook in diezelfde periode een brief of een memo, ik weet nog niet hoe dat eruit moet zien, om even alle stappen te laten zien en alle besluiten die al door uw

9

voorgangers genomen zijn, zodat u bepaalde dingen ook gewoon makkelijk terug kunt zoeken als een soort overdrachtsdossier. Ik denk dat dat gewoon heel belangrijk is. Waar ik volgens mij het collectief hierover hoor is de zorg van, hoe gaan die financiën eruitzien? Dat is natuurlijk ook iets wat we binnen het portefeuillehoudersoverleg met de wethouders heel goed met elkaar hebben besproken. Dat is al twee of drie jaar geleden begonnen, toen we wisten dat we overgingen van centrumgemeentefunctie naar een meer lokale gerichte inrichting. Dat hele zorgpakket voor deze kwetsbare doelgroep doen we en hebben we gedaan op basis van vertrouwen, op basis van loyaliteit, op basis van goed naar elkaar luisteren en kijken wat er nodig is. Dat zal ook in de toekomst zo zijn. Daarom gaan we ook een gemeenschappelijk orgaan oprichten. Want niet alle gemeentes zullen alle voorzieningen kunnen maken. Een kleine gemeente kan niet en een Skaeve Huse en een Domus Plus en een dag- en nachtopvang en dagbesteding en Beschermd Wonen en tussenvoorzieningen organiseren. Daar zal op den duur best wel wat verschil in komen. Nou is de vraag natuurlijk, als eerste door de VVD gesteld, hoe gaan we daar als raad de controle dan op hebben? Want er gaat in de komende tien jaar ook een verandering van de financiën plaatsvinden. Nu krijgen we de grote bulk, als Haarlem.

Dat gaan we in tien jaar afbouwen tot een veel kleiner bulkje. De andere bulk gaat verdeeld worden over de regio. Hoe kunnen wij dat monitoren. Daarom hebben we afgesproken met elkaar, in het portefeuillehoudersoverleg, om dat de komende drie jaar als een soort proefperiode goed te monitoren en u ook daarin mee te nemen hoe die vereveningen plaats gaan vinden. Hoeveel cliënten er naar of van Bloemendaal komen of hoeveel cliënten er van of naar de Haarlemmermeer, naar ons komen of hoeveel ... Noemt u maar op. Al die vragen die u daar rondom heeft. De voorzitter: U heeft een interruptie, wethouder, van mevrouw Zoon, Hart voor Haarlem. Mevrouw Zoon: Dat is mooi dat u die zorg ook heeft, want die hoor ik hier ook in deze commissie. Heeft u ook een idee van hoe u dat aan ons gaat presenteren dan? Wethouder Meijs: Hoe ik dat ga presenteren? In begrijpbare taal en in goede overzichten, denk ik zomaar. Mevrouw Zoon: Gewoon jaarlijks of zo? Wethouder Meijs: Ja, lijkt me dat dat nuttig is om dat met enige regelmaat te doen. Je moet ook even wat tijd hebben om dat in te richten en dat te kunnen laten zien. Wij hebben met elkaar die drie jaar afgesproken. Daar heeft u ook in toegestemd. Ik zou me voor kunnen stellen dat dat jaarlijks gebeurt. Maar dat kan ik bij deze dan doorgeven.

Er zit ook vraag en zorg, wat ik volgens mij proef, over aan de ene kant hebben we overschotten van BW-gelden en hoe gaan we dat straks nog verdelen of hoe gaan we om met die reserves? We hebben dat eigenlijk vanaf 2015 al gehad en hebben we die overschotten steeds uitgegeven, omdat we tekorten hebben bij jeugd en Wmo. Dat was eigenlijk steeds een soort interne balans die we zochten. Dat zal ook steeds zo blijven. Hoe komt het dat we zoveel geld overhouden, terwijl de zorg toch best heel groot is? Dat was ook een vraag van de SP. Dat is gewoon een verwijzing naar de Rijksbijdrage. Die is gewoon te hoog voor dit onderdeel. Maar ze hebben ons wel de vrijheid gegeven om dat weer elders binnen het sociale domein te kunnen besteden. De voorzitter: Ik zag een interruptie van mevrouw Özogul en daarna mevrouw Klazinga. Mevrouw Özogul-Özen: Maar ik lees ook iets over wachtlijsten. Hoe verhoudt zich dat dan? Wethouder Meijs: De wachtlijsten, volgens mij is dat een bekend probleem. Volgens mij hebben we A bepaalde voorzieningen nog niet, waardoor de mensen ook in een dak- en thuislozenopvang zitten waar ze

10

eigenlijk niet thuishoren. Met de komst van Domus Plus of met de komst van Skaeve Huse of met de komst van een Anton Pieckhofje en tussenvoorzieningen, gaan ook mensen van die lijsten af en zullen ze op hun goede manier terechtkomen., of op een goede manier op een voorziening terechtkomen waar ze ook thuishoren. De voorzitter: Mevrouw Özogul. Mevrouw Özogul-Özen: Maar dan begrijp ik niet waarom we een overschot hebben gecreëerd, terwijl er aan de andere kant wachtlijsten zijn. Waarom hebben we daar dan niet eerder aan gewerkt? De voorzitter: Gaat uw gang, mevrouw Meijs. Wethouder Meijs: Volgens mij ben ik vanaf dag één bezig geweest met een voorziening als Domus Plus. Na vier jaar is die er nog niet. We hebben vrij recent besloten om dat te gaan doen. Volgens mij kunt u daar uw collega’s misschien eerder op aaspreken dan mij erop aanspreken. De voorzitter: Laten we niemand aanspreken. Maar ik ga eerst even terug naar mevrouw Klazinga, want die had ook een interruptie. Mevrouw Klazinga: U vertelde net dat er historische overschotten zijn en dat de gemeente de vrijheid heeft om die over te hevelen naar andere domeinen en te besteden aan andere dingen. Dat is net het probleem wat ik heb, omdat er in het voorstel gezegd wordt dat we niet dat soort overschotten als gemeente zelf kunnen houden.

Maar dat ze eerst in het kader van de verevening gedeeld moeten worden met andere gemeentes, zonder dat er enig toezicht is, lijkt het in ieder geval, op hoe die andere gemeentes het hebben ingericht en waarom er bij die andere gemeentes tekorten zijn ontstaan. Kunt u daar antwoord op geven hoe daar controle op is, dat datgene wat wij dan netjes hebben ingericht mogelijk naar een andere gemeente toe gaat? De voorzitter: Wethouder Meijs. Wethouder Meijs: Volgens mij hebben we daar onze P&C-cyclussen voor om dat goed te controleren. Er gaat hier niks naar binnen of niks eruit of wat dan ook, overgeheveld worden, zonder dat we weten waar dat voor besteed zal worden. We creëren een vereveningsreserve, omdat we gewoon nog niet kunnen voorspellen wat ... Zeker de eerste jaren nog niet, omdat al die voorzieningen ook nog niet in andere gemeentes georganiseerd zijn. Kunnen we gewoon nog niet voorspellen hoe dat effectief besteed zal worden. Maar u wordt natuurlijk uiteraard als raad meegenomen hoe dat zal gebeuren en waar dat geld terecht zal komen. Idem dito met het innovatiefonds. We hebben met elkaar ook hier in de raad steeds besproken, het moet niet zo zijn dat het in beton gegoten is. Er moet ruimte zijn voor nieuwe initiatieven en nieuwe ideeën. Ik kan niet in een glazen bol kijken waar we dat geld dan voor nodig hebben. Dat zou bizar zijn.

Je moet een soort vrije ruimte hebben om dat innovatiegeld te kunnen besteden. Dat moet je achteraf natuurlijk weer goed kunnen verantwoorden. Daar wordt u in meegenomen hoe dat geld verevend wordt, hoeveel cliënten of waar dat dan ook aan besteed zal worden. De voorzitter: U heeft nog wel een aantal interrupties. Want ik heb de heer Visser een keer gezien en net mevrouw Zoon en mevrouw Özogul. Wethouder Meijs: Ik heb nog drie bladzijden vragen. Misschien moet ik ze gewoon eerst beantwoorden?

11

De voorzitter: Gaat u nog een keer ... Laten we dan even de wethouder afmaken, want het eten wordt koud, jongens. Stel de vragen waar u niet antwoord op hebt gehad. Mevrouw Özogul-Özen: De wethouder heeft het over een Domus Plus en ik heb de vraag gesteld over de wachtlijsten Beschermd en Beschut Wonen. Wethouder Meijs: Volgens mij hoort dat daar ook onder. Ik begrijp uw vraag niet. Er zijn wachtlijsten en we zijn bezig met het vervolmaken van onze Beschermd Wonen en onze opvangvoorzieningen. Ik heb uw vraag volgens mij beantwoord. We komen terug met een monitor. Het lijkt me trouwens ook heel erg goed om in september bij die technische sessie heel erg goed uw vraag neer te leggen welke monitoring u dan ook verwacht. Er luisteren op dit moment natuurlijk drie ambtenaren mee om hier al op te anticiperen. Zij zullen deze vraag ook zeker meenemen in het najaar. Hart voor Haarlem vroeg over het hoge salaris van de administratieve ondersteuner. Ik heb geen idee. Gaan we uitzoeken. Wordt zeker nog beantwoord. De voorzitter: Mevrouw Zoon. Mevrouw Zoon: Ik vond een ton nogal veel voor een administratief ondersteuner. De voorzitter: Goed, hoe dat in elkaar zit, dat gaat u nog horen van de wethouder. Gaat u verder. Wethouder Meijs: De SP vroeg ook over eerder evalueren als dat kan. Ik denk niet dat dat verstandig is. Je moet ook een tijdspanne nemen om iets te evalueren.

Je kunt natuurlijk na een week of een maand of een half jaar al evalueren, maar volgens mij moeten we echt niet te vroeg zijn wil je ook wat met elkaar kunnen bespreken. We hebben de randvoorwaarden en alle ins en outs goed met u afgestemd. Ik stel voor dat we na een jaar met dit model gewerkt te hebben met u te evalueren. Verder vroeg u me een aantal technische vragen over aantallen et cetera. Ik heb ze geïnventariseerd. We zullen u ... Mevrouw Özogul-Özen: Het waren niet technisch ... Ik vind het raar dat we geen cijfers hebben, als centrumgemeente, van het aantal bewoners Beschut en Beschermd Wonen. Dat we daar als gemeente geen cijfers hebben. De voorzitter: Kijk, de opmerking dat u het raar vindt, dat is geen technische vraag, dat is een constatering. Mevrouw Özogul-Özen: Daar wil ik een verklaring voor. De voorzitter: Maar als u die cijfers wilt hebben, dan is het ook een technische vraag. De verklaring dat ... Mevrouw Özogul-Özen: Ik wil geen cijfers, maar ik wil van de wethouder weten hoe het kan. De voorzitter: Wacht even. Ik ben bezig met de uitleg, mevrouw Özogul. Die vraag kan misschien de wethouder wel beantwoorden, waarom die cijfers er niet bij zitten. Als u ze inhoudelijk nog wil hebben, dan moeten ze misschien komen. Wethouder Meijs: Wat dat betreft is het een techniek. Ik weet het niet. Ik zal navraag doen of dat nog teruggekoppeld kan worden.

Toch nog even terug over dat Domus Plus. Dat is echt een BW-voorziening. Hij wordt alleen niet vanuit Wmo betaald, maar vanuit de Wlz. Het is echt een beschermd woonvoorziening. D66 had ook nog een vraag over dat vereveningsfonds. Alle risico’s die daarmee gepaard gaan, heb ik net al toegezegd bij de beantwoording van de VVD. Daarbij is voor de uitstroom van de specifieke doelgroep ...

12

Vroeg u ook naar. Wat voor risico lopen we daar dan in? Daar hebben we hier in Haarlem echt al vrij recent, ik geloof vorig jaar najaar, een pact van uitstroom met elkaar afgesproken. Dat is heel regionaal, met alle zorgpartijen en alle betrokken wooncoöperaties afgestemd. Ik zal ook daar, in het toelichtende stuk wat ik heb toegezegd, nog een linkje maken, want dan kunt u zien wat daar specifiek in gebeurt. De vraag van buurman CDA over de verplaatsing van de Wmo naar de Wlz, op de langere termijn, wat dat voor effecten zal hebben. Dat wordt natuurlijk door het Rijk ook voorzien. We zullen dat ook in die geleidelijke afbouw van die gelden in kaart brengen, zowel dat de financiering van ons als centrumgemeente afneemt, maar dat daar ook een verplaatsing zal plaatsvinden van de Wmo naar de Wlz. GroenLinks spreekt uit dat ze zich verwondert over de positie van het Rijk. Ik heb niet helemaal begrepen welk probleem u daar aan touchte. Het heeft mij in ieder geval verbaasd dat het Rijk niet akkoord ging met ... Of eigenlijk de wet weer uitgesteld heeft tot nader order. Wij hebben hier binnen het PFO en ook met de raad, met u, besproken om toch die GO zo in te richten, omdat we op dit vlak regionaal ook hele goede positieve samenwerkingservaringen hebben en we het niet af willen laten hangen van de willekeur, wat dat betreft, vanuit het Rijk om niet mee te gaan daarmee.

Het minimumloon kan ik natuurlijk alleen maar onderstrepen. Het woonplaatsbeginsel vraagt u om. Gaan we natuurlijk ook goed monitoren, omdat het nu allemaal decentraal gaat plaatsvinden. We gaan dat echt allemaal turven en in kaart brengen. Daar krijgt u een antwoord op in de loop der tijden. PvdA stelt vast dat ondanks de vele onzekerheden we toch eigenlijk al van 2015 ons best doen om deze kwetsbare groep toch op een goede manier te bedienen en we nu niet meer ons van de wijs laten brengen door weer een uitstel vanuit het Rijk op die wetgeving. We zullen zeker als centrumgemeente heel goed vinger aan de pols houden. We blijven als centrumgemeente ook verantwoordelijk voorlopig voor het plaatsen van de cliënten, omdat wij daar de expertise van in huis hebben en zullen daar ook goed toezicht houden op hoe de gelden verdeeld zullen worden, want dat is ook ... Was uw vraag, maar dat stelde u natuurlijk ook meteen. Dat heb ik ook wel goed begrepen dat dat van de hele commissie een zorg is. Ik ben daar niet zo zorgelijk over, omdat ik heb gezien in wat voor samenwerking we de afgelopen vier jaar met de portefeuillehouders of collega’s hebben gewerkt. Dat we ook, wat dat betreft, allemaal een gemeenschappelijk doel hebben. Dat is deze kwetsbare groep op een goede manier te huisvesten.

De voorzitter: Mevrouw Jacobsz, zullen we gewoon even tweede termijn weer doen, even snel? Mevrouw Jacobsz van OPHaarlem, als die ingelogd is. Gaat uw gang. Tweede termijn, geen interruptie. Tweede termijn, snel even inventariseren. Gaat uw gang. Mevrouw Jacobsz: Dit wordt de tweede termijn? Want ik had eigenlijk meer een vraag ook. De voorzitter: Maakt niet uit, dan gebruiken we gewoon de vraag. Mevrouw Jacobsz: Maakt niet uit, want ik heb elf minuten voor de hele dinges. De voorzitter: Hoeft niet op. Mevrouw Jacobsz: Want ik vind het een heel ingewikkeld onderwerp. Want het is echt ontzettend ingewikkeld. Dat voorop. Ik moet zeggen dat alle insprekers, wat iedereen heeft ingebracht, daar kon ik me helemaal in vinden. Wij kunnen dat helemaal onderschrijven wat er over dat vereveningsakkoord en weet ik veel en innovatie ... Maar toch over die zorgoverschotten, want dat blijft mij toch triggeren op een of andere manier. Ik raak er helemaal van afgeleid. Want de maatschappelijke opvang, dat is toch de opvang wat gefinancierd wordt vanuit de Wmo? Dat is toch niet iets wat uit de Wlz of iets wordt gefinancierd? Want dan begrijp ik niet waar die zorgoverschotten dan ... Hoe dat kan dat dat dan ontstaat. Wat ik me ook afvroeg, want ik zag dat de zorgkosten ook niet zijn onderverdeeld in de zorg in natura, in persoonsgebonden budget.

13

Want ik kan me voorstellen dat je heel goed in kaart kan hebben welke mensen inderdaad gefinancierd worden vanuit de Wmo en welke mensen dan vanuit de zorg in natura en die uit het PGB gefinancierd worden. Want als het zo is dat we dan echt overschot hebben, dan ben ik echt benieuwd van, hoe komt het dan? Is het zo dat de mensen dan gewoon niet helpen of wat dan ook? Dat blijft toch de hele tijd triggeren in mijn hoofd, ook na uw toelichting zo. Fantastisch hoor. Prima. Er stond ook iets in over dagbesteding. Dat het misschien voor de nieuwe cliënten niet meer mogelijk zou zijn. Want ik weet nog dat we een kanteling hebben gehad, dagbesteding, dat het voor iedereen toegankelijk is, ook zonder indicatie. Want dat zou dan niet meer gesubsidieerd worden. Dat begrijp ik ook niet, want we hebben nu toch ook de sociale basis Gewoon in de Wijk en dat soort constructies. Ik denk van, volgens mij moet dat toch op een of andere manier geregeld kunnen worden. Inderdaad, de ontwerpbegrotingen, al die kosten zijn wel heel erg algemeen. Inderdaad, die moeten wel wat nader gespecificeerd worden, want ik werd er niet helemaal veel wijzer van. Dat is even mijn termijn, denk ik. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Zoon, Hart voor Haarlem. Mevrouw Zoon: Dank u wel, voorzitter. Dank u wel, wethouder, voor de antwoorden.

Ik blijf toch een beetje een raar gevoel overhouden over die overschotten van die zorgkosten. Ik deel dat met de SP dat ik misschien nog eens even nog nader moet kijken van, hoe zit dat precies in elkaar? Want nu wordt alles op een hoop geveegd, terwijl ik altijd dacht dat dat uit de andere stroming en andere potjes kwam. Maar dan ook nog wat ik mis, is over dat innovatiefonds. Hoe u dat gaat besteden en is daar inderdaad ... Heeft u daar nog wat toelichting op? Hoe u omgaat met risico’s, over dat monitoren van de risico’s. Misschien is het beter dat u daar wat actief op gaat sturen. Hoe gaat u dat verder doen? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Özogul, SP. Mevrouw Özogul-Özen: Ik had een paar vragen gesteld, daar heb ik geen antwoord op. Nu gaat het weer van mijn tijd af. Maar dat ging over het budgetrecht en over de goedkope voorzieningen en de toegangscriteria. De voorzitter: Het budgetrecht hebben we wel wat over gehoord hoor. De heer Alberts, FvD. Mevrouw Özogul-Özen: Het onttrekken ... Eerder hadden wij het budgetrecht, maar nu wil het college aan de hand van de nota dat kunnen doen, zonder dat wij dat zien. De voorzitter: Gaat de wethouder nog een keer toelichten. De heer Alberts, FvD.

De heer Alberts: Begrijp ik goed uit het antwoord over de verevening dat wij ons ook mogen gaan verdiepen in de P&C-cycli van andere gemeentes uit de GO BW, om zicht te krijgen op de verantwoorde verevening daarvan? De voorzitter: Mevrouw Klazinga, VVD. Mevrouw Klazinga: Wethouder, dank u wel voor uw antwoorden. Helaas nemen die mijn zorg over het vereveningsfonds niet weg. U begon te zeggen dat u hele goede ervaringen heeft tot nu toe met de overige regio’s. Dat is heel prettig. Dat dat op basis van vertrouwen en loyaliteit en dat soort dingen meer gaat, dat is uiteraard heel prettig om te horen. Maar in die situatie hadden wij ook de luxepositie dat wij over het geld gingen, omdat wij als centrumgemeente dat geld kregen. Nu dat in de nieuwe voorstellen anders wordt en de overige gemeenten zelf over een deel van het geld gaan, vind ik het wat risicovoller om alleen maar op basis

14

van blauwe ogen te handelen. U zegt ook dat het goed gemonitord zal worden. Mijn ervaring is dat monitoren achteraf gebeurt en niet vooraf. Op het moment dat het achteraf gebeurt, ontstaat de situatie dat je op een gegeven moment op basis van het monitoren merkt, mogelijk, dat het niet helemaal goed is gegaan en dat je voor de toekomst aanpassingen gaat doen. Alleen dan is het kwaad voor de voorgaande periode al geschied. Ik hou daarom, met mij mijn fractiegenoten, de zorg over dit vereveningsfonds, omdat het feitelijk neerkomt op een ongeclausuleerde collectieve aansprakelijkheid zonder collectieve zeggenschap. De VVD zou daarom graag zien en in de zienswijze ook terugzien dat er sturing komt op dat vereveningsfonds, zodat gemeenten niet zomaar aanspraak kunnen maken op compensatie. Dat het GO vooraf verantwoording van de gemeentes vraagt en krijgt die compensatie willen hebben voor tekorten. Dan op basis van vooraf vastgestelde duidelijke objectieve criteria over noodzaak en nut van de gemaakte kosten, dan pas tot compensatie overgaat. Daarnaast zouden wij het wenselijk vinden wanneer we van het GO jaarlijks inderdaad rapportages krijgen over de hele financiële gang van zaken, met in het bijzonder daarbij ook aandacht voor de verantwoording voor de compensatie binnen het vereveningsfonds. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel.

Wie nog meer in tweede termijn? Niemand? Nee? Wethouder. Wethouder Meijs: Ik heb vijf vragen over die Rijksbudgetten en die overschotten en dat vereveningsfonds. Ik zeg hierbij toe dat we onze september ... Technische sessie daar echt als eerste uitgebreid u mee zullen nemen, want ik snap uw zorgen. Het gaat over grote bedragen. Het gaat over groot geld. Daarnaast ook nog een hele stelselwijziging. Wij zullen die Rijksbijdrages en budgetten en overschotten aan u toelichten. Er is al eerder met u een technische sessie geweest, met uw voorgangers. Die kan ik u ook toezeggen. Dat geeft al enig inzicht over hoe die budgetten allemaal zijn opgebouwd en wat er dan wel of niet onder valt. Als het gaat over PGB’s, over zorg in natura, over BW-gelden versus MO-gelden. Het is razend ingewikkeld. Ik voel dat u het graag wil pakken, want het is best wel iets wat ons boven het hoofd hangt. Die hele financieringsstroom over Wmo, Wlz, alle aspecten die hier aan tafel zijn geweest, komen dan terug. Ik denk dat dat ook het moment is om u wat gerust en wat comfort te geven. Het is niet alleen maar gebouwd op vertrouwen en loyaliteit. Ik heb gezegd dat we ook namens de regiogemeentes dit onderdeel altijd met vertrouwen en loyaliteit hebben beheerd. Dat zal in de toekomst ook zo zijn.

Want er is niks makkelijkers voor een dak- en thuisloze om gewoon de grens over te steken van de ene gemeente naar de andere gemeente. Er zal niemand aan de poort van die gemeente zeggen, gaat u maar terug. We ontvangen, we begeleiden en we huisvesten. Ik zeg u toe dat uw in september over de financiering uitgebreid informatie zult krijgen en dat de reguliere P&Ccyclus ook daarover gaat. Ook uw budgetrecht gaat daarover. Dat wordt u niet ontnomen. Zeker niet. Bij deze. De voorzitter: Zorgen een beetje weggenomen. Wethouder Meijs: Ik hoop het. Ik heb mijn best gedaan. De voorzitter: Goed, ik denk dat natuurlijk, de ambtenaren luisteren inderdaad mee en die kunnen ook proeven uit ... De zorgen en de vragen die er leven, dat ze dat mee gaan nemen in die technische sessie. Wethouder Meijs: Zeker. De voorzitter: Dan wordt u nog van op de hoogte gesteld. Mevrouw Zoon. Mevrouw Zoon: Maar de technische sessie is in september. Wij moeten de komende raad gaan besluiten. Allemaal leuk en aardig ...

15

De voorzitter: Dit is een zienswijze. Wethouder Meijs: Dit is een zienswijze. De voorzitter: Maar goed, na de zomer, in september komt die technische sessie. Die punten die net benoemd zijn, worden daar sowieso in meegenomen. De monitoring komt er natuurlijk aan. Waarschijnlijk gewoon jaarlijks gaan we dat doen. Het salaris gaat u ook nog even uitzoeken hoe dat precies in elkaar zit. Volgens mij waren dat zo’n beetje de toezeggingen. Mevrouw Jacobsz: Mag ik nog een vraag stellen? De voorzitter: Mevrouw Jacobsz, OPHaarlem. Mevrouw Jacobsz: Even ter aanvulling op mevrouw Zoon, want ik dacht ook van, die zienswijze moeten we al eerder geven. Als we dan die technische sessie pas in september hebben, dan denk ik, heb ik dan voldoende informatie om dan een zienswijze te kunnen hebben of ... De voorzitter: Kijk, het is een ontwerpbegroting. Er komt ook nog een definitieve begroting. Ik neem aan dat hij na september komt en ... Die zienswijze wordt gewoon in de raad vastgesteld. Of niet. Goed, het ligt nu voor. Dat gaan we nu even peilen zo meteen. Er komt nog een begroting aan, definitief, op basis van de zienswijzen die uit al die gemeentes gaan komen. Wethouder Meijs: U krijgt echt een terugkoppeling daarop. Zeer zeker. Dit is ophalen van de zienswijze.

De voorzitter: Goed, ik vraag, hoe gaan we dit in de raad terug laten komen? Hamerstuk, hamerstuk met stemverklaring of bespreekpunt. Als u een bespreekpunt wilt doen, dan verwacht ik ook wel een soort van een motie. We gaan niet hele commissie natuurlijk over doen, want er is geluisterd. Mevrouw ...: Als een bespreekpunt. De voorzitter: Áls een bespreekpunt? Mevrouw ...: Zeker weten. Wethouder Meijs: Het is ophalen van de zienswijze van de begroting. De voorzitter: Ik zou hem liever als hamerstuk met stemverklaring naar de raad brengen. Dan kunt u hem altijd opwaarderen ... Want laten we dan niet de commissie over doen. Er is geluisterd. Of ze handelen ernaar, dat is een tweede. Maar ik ga ervan uit dat dat goed gebeurt. Wethouder Meijs: We luisteren altijd. De voorzitter: Laten we dit even ... Als hamerstuk met stemverklaring gaat hij naar de raad. Yes. Dank u wel.

16

Overige punten ter bespreking 7.

Vaststellen 213a rapportage Social Return on Investment (SROI) (FR) De voorzitter: Dan gaan we snel door naar het volgende punt. Want we hadden eigenlijk al moeten gaan eten. Maar ik denk dat het heel kort kan. Maar we gaan hem wel even doen, want de wethouder is hier ook al. Agendapunt 7, is het vaststellen van de 213a rapportage Social Return on Investment. Even kijken hoor. Dat is door GroenLinks verzocht om dat te gaan bespreken in deze commissie. De motivatie heeft u kunnen terugvinden bij de agenda ook. Dan geef ik als eerste het woord ... Er staat hier mevrouw Hamzad, maar mevrouw Oosterbroek gaat het woord doen? Mevrouw Oosterbroek: Ja. De voorzitter: Dan mag u het woord doen. Gaat uw gang. Mevrouw Oosterbroek: Heel goed. Het was eigenlijk ... Wij zijn blij met het document. Het geeft overzicht op toch een belangrijk beleid om socialer aan te besteden. Maar ik vroeg me af, we hebben vorig jaar de City Deal Impact Ondernemen ondertekend. We hebben ook het Kennemer Inkoop Platform, wat de mogelijkheid biedt om vraag en aanbod met de SROI van ... Met andere ondernemers te koppelen. Kennemerinkoopplatform.nl. Daarin hebben we wel die relatie gelegd met de economische visie. Dat vind ik heel erg fijn. Ook met het actieprogramma Impact Ondernemen. Maar ik vroeg me af, hoe kunnen we dit in de visie van de wethouder nog verder versterken in onze organisatie.

Omdat het gewoon hartstikke goed is om nog die stappen, de SROI en de Impact ondernemers nog dichter bij elkaar te krijgen. De voorzitter: Dat was de vraag? Mevrouw Oosterbroek: Ja. De voorzitter: Heeft u een interruptie of een termijn, mevrouw ... Mevrouw Booms-van der Meer: Geen vraag, gewoon een termijn. De voorzitter: Een termijn. Gaat uw gang, mevrouw Booms, ChristenUnie. Mevrouw Booms-van der Meer: Dank u, voorzitter. Ik lees dat er overwogen wordt in bepaalde gevallen een lagere SROI-eis te hanteren bij bepaalde bedrijven. Die snap ik gewoon niet zo goed. Want ook al kan je misschien als eigen bedrijf iets niet leveren, je kunt het altijd in samenwerking met andere bedrijven misschien wel leveren. Ik weet niet hoe de wethouder dat ziet. De voorzitter: Mevrouw Scholten, Jouw Haarlem. Mevrouw Scholten: Jouw Haarlem zou graag wat meer inspanning zien om cliënten, om het maar even cliënten te noemen voor de simpelheid, ook te plaatsen bij andere domeinen dan zorg en welzijn. Het is nu 86 procent komt bij zorg en welzijn terecht. Begrijpelijk op zich. Maar we hebben ook best veel bedrijven en ondernemers in de Waarderpolder.

Hoe is het SROI-aandeel daar? Kunnen we daar nog misschien meer mensen kwijt? Kunnen we die bedrijven meer stimuleren om ook wat socialer aan te nemen? Hoe zit het bijvoorbeeld in onderwijs en retail? Is daar wat meer zicht op hoe dat eventueel beter zou kunnen?

17

De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Zwemmer, D66. Daarna mevrouw Zoon. Mevrouw Zwemmer: Dank u wel, voorzitter. In het rapport of in het onderzoek wordt nog gesteld dat er meer ruimte is voor het faciliteren van een samenwerking tussen opdrachtnemers vanuit de gemeente. Daarom had ik eigenlijk de vraag, aangezien ik vond de reactie daarop nog enigszins mager, hoe het college de uitvoering weggelegd ziet als regierol voor de gemeente om de samenwerking tussen opdrachtnemers, niet alleen reintegratie-ondernemingen, maar ook opdrachtnemers in brede zin, te faciliteren? Wellicht kan er nog worden ingegaan op de suggestie van de VNG om een jaarlijkse roadshow te organiseren met betrokken ambtenaren en bestuurders en opdrachtnemers. Ik vond dat wel een goede suggestie namelijk. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Zoon, Hart voor Haarlem. Mevrouw Zoon: Dank u wel, voorzitter. Hart voor Haarlem vindt dat iedereen recht heeft op betaald werk. Ook mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Door maatwerk te creëren en anders naar mogelijkheden te kijken, kan er in Haarlem heel veel. Ik zie een samenwerking tussen inkoop, contractmanagement en de Social Return coördinator. Echter, waar is de afdeling HR in dit spel? Ook mis ik in het rapport wat u doet om aan deze doelgroep een duurzame arbeidsplek te bieden. Het zou toch mooi zijn als men kon inschuiven naar een reguliere baan.

Wat gaat u daar aan doen? De achtervang met betrekking tot de SR-coördinator. U gaat ervan uit dat de vastgestelde rapporten, waar iedereen mee bezig is, in het systeem voldoende zijn, zodat deze enige man, vrouw, weet ik het, dan ook weleens op vakantie kan. Dat is dan toch wel weer fijn. U vertrouwt op input. Mijn ervaring is dat er vaak meer in het hoofd zit dan dat er werkelijk gerapporteerd wordt. Dat de contractmanager op de hoogte moet zijn, ben ik het helemaal mee eens. Als het systeem en de contractmanager op de hoogte zijn van alles wat er gebeurt, wat moet er dan eigenlijk gecoördineerd worden? Er zit ergens een dubbeling in of er valt ergens een gat. Hoe gaat u daar mee om? Want dat is wel een risico die in het rapport genoemd wordt. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Wie nog? Niemand? Wethouder Roduner. Welkom overigens. Wethouder Roduner: Dank u wel, voorzitter. Wat zegt u? De voorzitter: Ik zeg, welkom nog. Wethouder Roduner: Dank u wel. De voorzitter: Ik had u nog geen welkom geheten. Bij deze. Wethouder Roduner: Misschien goed om ... U krijgt elk jaar ook het jaarverslag van de SROI. Dat heeft in december ... Is dat aan u toegestuurd. Daaruit blijkt in ieder geval dat het eigenlijk ontzettend goed gaat met de uitvoering van het SROI-beleid in Haarlem. We hebben een eis van vijf procent SROI.

We hebben een eis in onze aanbesteding, in onze contracten gelegd die in totaal een SROI-verplichting legt van een miljoen of twaalf. In 2020, dat was toen het jaarverslag 2020, 2021 krijgt u later dit jaar, toen zaten we al boven de honderd procent dat onze mensen waar wij aanbestedingen, waar wij opdrachten wegzetten die meer dan honderd procent aan de SROI-eisen voldoen. Dat is, denk ik, ontzettend goed nieuws. Dan zie je dat naast de minimumeis die wij stellen eigenlijk onze partners ook daar nog een schepje bovenop doen. Er zijn ook jaren dat het weleens wat minder is. Het is ook inderdaad, het stuk van maatwerk leveren blijft daarin wel belangrijk om te kijken wat kan, wat kan niet? Hoe past deze standaardeis inderdaad wel ook bij sommige bedrijfsgroepen? Is dat op die manier te doen? Maar daarin proberen we in ieder geval ook gewoon te kijken

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12264941/1