04-08 Commissie Bestuur
Tekst van het document
Nou, ik heb proberen aan te geven wat ons betreft: ga juist die meters maken, ga verder. Maar als er nog aanvullingen komen, dan zouden we hem in principe niet vast kunnen stellen, maar als het gewoon een volledige collegebevoegdheid is, dan zou het er ook niet in moeten staan dat de commissie Bestuur hem vast moet stellen of tot wijzigingen, dus daar zit even denk ik de interpretatieverschillen. Maar prima, gaat u vooral door. De voorzitter: Nou, dank u wel, mijnheer Gün. Dank u wel, wethouder. Dank u wel wethouder ook voor uw komst. TER ADVISERING AAN DE RAAD 11. Zienswijze geven op voorstel Transitiecommissie MRA (RB) De voorzitter: Wij gaan naar de volgende wethouder, mijnheer Berkhout, voor agendapunt 11. Voor agendapunt 11 de zienswijze op het voorstel Transitiecommissie MRA hebben wij een inspreker … Is er een inspreker gemeld. Dat is de heer … Iemand heeft zijn NotuBiz of zijn website aanstaan. Mijnheer Vonk? Mijnheer Vonk, u heeft het knopje gevonden? U heeft uw NotuBiz uitgezet, hoor ik. Klopt dat? De heer Vonk: Hoort u mij? De voorzitter: Ja, ik hoor u. De heer Vonk: Oké. Goed.
De voorzitter: En ik hoor gelukkig mezelf … De heer Vonk: Ik heb hem uitgezet. Ja, er zit wat een tijdslap in. De voorzitter: Ja, we hebben gewoon nog een keer kunnen genieten van de behandeling van het vorige onderwerp, dus … De heer Vonk: Oké. De voorzitter: Dat u er nu bent en dat ik één stem hoor. Dat scheelt enorm. Hartelijk welkom in deze vergadering. U spreekt wel vaker in, dus u weet hoe het werkt. U heeft drie minuten de tijd om in te spreken. Mocht het uit de hand lopen, dan ga ik u na tweeënhalve minuut even erop wijzen dat u nog een halve minuut heeft, maar ik denk dat u zich prima aan de tijd kan houden. Dus ik … De heer Vonk: Ik stel het op prijs als je me gewoon drie minuten geeft. Dan mag je me daarna waarschuwen. De voorzitter: Nou, ik ga na tweeënhalve minuut waarschuwen en dan … De heer Vonk: Dat vind ik vervelend, want dat onderbreekt dan mijn statement. Dat vind ik altijd heel vervelend. Drie minuten is drie minuten. Na drie minuten mag je me waarschuwen. Ik heb het erop getimed, dus … De voorzitter: Maar dan … Oké, mijnheer Vonk. Dan spreken we dat zo af. Na drie minuten kap ik u af. Ja? De heer Vonk: Nou, niet afkappen. Dan … De voorzitter: Nou ja. Mijnheer Vonk, er zijn gewoon regels.
De heer Vonk: Ik zit hier ook uren te wachten … De voorzitter: Mijnheer Vonk … De heer Vonk: De tijd die we nu verspillen … Ja, maar ik wil niet … De voorzitter: Dan geef ik u uit vriendelijkheid na tweeënhalve minuut een waarschuwing. Dan heeft u nog een halve minuut. Als u zegt: dat wil ik liever niet, dan doe ik dat niet en dan zeg ik na drie minuten: mijnheer Vonk, nu is het klaar. Dan kap ik u af. Dan doen we dat. De heer Vonk: Ja, ongelofelijke machtswellustige … Ik heb het erop getimed … De voorzitter: ‘…’ en dan besluit ik halverwege wat ik ga doen. Prima. Mijnheer Vonk, gaat uw gang. De heer Vonk: Oké. Dat is dan mijn volgende klacht naar de gemeente. Oké, goed. Raadsleden, de gemiddelde Haarlemmer heeft geen enkel idee waar de afkorting MRA voor staat, laat staat dat ze weten wat voor een enorme impact deze nieuwe bestuurslaag zonder enige democratische controleren heeft en kan gaan krijgen op hun dagelijks bestaan. Het is zelfs de vraag of het gemiddelde raadslid beseft wat er staat te gebeuren wanneer ze in deze geraffineerd opgezette fuik van de MRA-transitie stappen. Een fuik die is opgesteld met de grootstedelijke belangen van Amsterdam voorop. De neoliberale burgemeester Femke Halsema die opereert
zonder enig mandaat van welke kiezer dan ook is de drijvende kracht hierachter. Sowieso komt het hele concept uit de koker van ongekozen burgemeesters en commissarissen van de koning. In feite is de MRA één groot platform voor lobbyclubs en netwerken. Zo heeft de MRA een partnerschap met de Economic Board Amsterdam waarin enkel grote bedrijven plaats hebben. Hoe kom je in die Economic Board terecht? Daar moet je voor gevraagd worden. Welke criteria men hanteert is volkomen onbekend. De macht ofwel een netwerkclub van bestuurders en geldschieters regelt dit onderling en ondemocratisch voor een lidmaatschap van slechts vijf ton per jaar. Elke democratische legimitatie ontbreekt. De MRA wil kaders gaan stellen, maar die taak is bedoeld voor u, de gemeenteraad. Die is democratisch gekozen en heeft het fiat van de burgers en kent ook de wensen van die burgers. Raadsleden, u moet eerst bedenken welke consequenties deze transitie kan hebben op Haarlem, op wonen, werken, vervoer en natuur. De visie van dit ondemocratische platform komt niet uit een breed gedragen publieke discussie. Hun visie komt uit de koker van op geld beluste projectontwikkelaars, stedenbouwkundigen en ambtenaren die bedacht hebben dat ze de Randstad wel even volledig dicht kunnen gaan bouwen.
Inderdaad, één grote metropool waarin de kwaliteit van leven sterk achteruit zal gaan: geen vrije ruimte meer, geen natuur of ecologische waardevolle stiltegebieden. Wat rest is een klein aantal aangeharkte parken omgeven door zoveel mogelijk hoogbouw. Manhattan aan het Spaarne. Het bizarre is dat niemand verder kijkt als zijn neus lang is. Elke investering in de Randstad is over vijftig jaar immers verloren geld met de naderende zeespiegelstijging. Mijn advies aan u is om samen met Haarlemse burgers een eigen visie voor onze stad te ontwikkelen en die visie, gesteund door uw kiezers, te verdedigen binnen een democratisch gecontroleerd overlegorgaan. De MRA staat voor de macht, de oude macht die ‘…’ nog verder wil uitbreiden ten koste van democratisch bestuurde gemeenten. Uw raadsleden bent de tegenmacht uit naam van de kiezer, de gewone burger. Ik smeek u, steek een stokje voor deze transitie en zoek naar alternatieve democratische samenwerkingsverbanden voor de omliggende gemeenten en dans niet naar de pijpen van een groot Amsterdam. De voorzitter: Nou … De heer Vonk: Hartelijk dank. Steek die maar in je zaak, hè. De heer …: Voorzitter, uw microfoon staat uit. We horen u niet. De voorzitter: Oh. Oh, maar net stond hij aan. Mijnheer Vonk hoorde mij wel. Goed. Mijnheer Vonk was precies drie seconden over de drie minuten, dus dat heeft hij keurig gedaan.
Die mag ik in mijn zak steken, waarvan akte. Zijn er vragen van deze commissie aan de heer Vonk? De heer Vonk: Nee, natuurlijk niet. Ik mag hopen dat iedereen wakker wordt. De voorzitter: Nou, dank u wel voor uw aanwezigheid, mijnheer Vonk. Dan moet u nu helaas vanaf deze plek in ieder geval de vergadering verlaten en dan kunt u verder meekijken. Dank u wel voor uw bijdrage. Tot de volgende keer. De heer Vonk: Graag gedaan. De voorzitter: Goed. Dan gaan wij door naar de behandeling van agendapunt nummer 11. Dit woord, en dat is altijd met de zienswijzen die altijd gevraagd worden een redelijk ingewikkeld verhaal, omdat het wel ter advisering wordt aangeboden en dat betekent dat wij echt wel iets moeten hebben wat wij straks aan het einde van de behandeling van dit agendapunt moeten kunnen meegeven en dat het ook echt op die manier wordt meegenomen. Dus ik ga even een stukje voorlezen en dan hoop ik dat we daar wat aan hebben om te
kijken hoe we dit gaan behandelen. Ik heb in ieder geval een aantal zienswijzen al binnengekregen van een aantal partijen. Die gaan dat zo meteen nog toelichten en dan moet er ergens aan het einde een gedragen zienswijze uitrollen. Goed. Ik wil u ook wijzen op de … Ik wil even wijzen op de beeldradenbijeenkomst die plaatsvindt op woensdag 14 april. U heeft daarvoor een link gekregen, een Teams-link die is opgenomen in de ‘…’, dus u kunt daar deelnemen. Het begint om twintig over zeven en de transitiecommissie, waaronder burgemeester Halsema, informeert dan de gemeenteraden over de zienswijzen die apart aan ieder schaduwraadslid en raadslid is toegestuurd. Goed, dan gaan we over tot de behandeling van de zienswijzen. Zoals afgesproken is er een aantal fracties dat van tevoren hun zienswijze heeft gedeeld en deze zijn toegevoegd aan de agenda. Dat zijn in dit geval de ChristenUnie, Hart voor Haarlem, de VVD en op het laatste moment ook nog D66. Ook heeft het college een voorstel gemaakt voor de zienswijze die de raad kan geven, namelijk die in paragraaf 4 van het raadstuk is opgenomen. Het is de bedoeling dat we tot een gedragen zienswijze komen. Dat betekent dat aan de hand van de input van deze fracties en het college wordt gepeild of er sprake is van een gedragen meerderheid.
Als dat het geval is, zullen deze standpunten worden opgenomen in de zienswijze die ter vaststelling aan de raad wordt voorgelegd ter besluitvorming. De raad wordt gevraagd de motie van 17 mei 2018 over te rechtstreekse vertegenwoordiging in het Platform Mobiliteit hiermee als afgedaan aan te merken. Graag uw akkoord op deze beslissing. Dan wil ik het woord geven aan als eerste … Ik pak mijn lijstje er weer even bij. De heer Trompetter, gaat uw gang. De heer Trompetter: Dank u wel. Ik ben weer terug in de vergadering, want af en toe vlieg ik eruit. De voorzitter: Sorry, sorry, sorry. De heer Trompetter: Ja? Gaat het goed? De heer …: U bent niet te horen. 11.1 Terugkoppeling van John Oomkes (vertegenwoordiger namens Raad Haarlem bij MRA Raadtafel) inzake Transitiestrategie De voorzitter: Ja, mijnheer Oomkes is … Oh, mijnheer Oomkes die zat te wachten, want die is namelijk als vertegenwoordiger van Haarlem heeft hij deelgenomen aan een aantal gesprekken en gaat daar nu van verslag doen. Mijnheer Oomkes, gaat uw gang. De heer Oomkes: Dank u wel, voorzitter. Goedenavond, collega’s. Eerst eventjes reactie op de insprekers. Wij ik even op een beleidsstuk van de MRA waarin staat naar een metropool van grote klasse, zelfkritiek die echt heel erg illustrerend is voor de situatie waarin we nu verkeren.
Er staat vanaf zin 205 in het stuk, lees het maar na: er wordt geklaagd over bestuurlijke drukte, papierstromen en overleggen die nergens toe leiden. Belangrijkers dan dat is de koers, de visie, de richting en de eendracht die allemaal worden gemist. Hier doemt het grote bestuurlijke dilemma opnieuw op. De MRA is geen officieel bestuurlijk, democratisch gelegitimeerd orgaan. De besluiten over bijvoorbeeld de begroting en de MRA-agenda liggen vanzelfsprekend onverkort bij de raden en de Staten. Deze hebben hun democratische bevoegdheden en beslissingsmacht en bepalen ook de kaders voor het handelen in de MRA. De MRA is in samenwerkingsverband opgebouwd vanuit de deelregio’s dat zijn legitimatie ontleent aan gedeelde enthousiasme, gelijkgestemdheid over de toekomst van de regio, overtuigingskracht en onderling vertrouwen. Nou, zo zou ik nog een tijdje kunnen doorgaan, maar ik heb een document vertelt eigenlijk het verhaal van een club in wording. De raadtafel waar ik deel vanuit maak is dan ook niets anders dan een advieslichaam wat praat over de vorm waarin de samenwerking in de toekomst een functie kan krijgen. In een overleg tussen alle deelnemende gemeentes, dat zijn er 32, en de
deelnemende provincies, dat zijn er 2, is gekomen tot een document waaruit een sterke gemeenschappelijke verantwoordelijkheid moet voortvloeien. Nog steeds is daar in het grote blanco de democratische legitimatie. Dus eigenlijk verandert er niets aan de functie van de inspraak binnen de regio. Het is wel zo dat omdat de metropoolregio een grote economische macht vertegenwoordigt in Nederland er een tegenmacht moet worden georganiseerd, en die tegenmacht zit in dit voorstel verwezen. De raadtafel moet een officieel instituut worden wat met grote regelmaat bij elkaar komt en het beleid van wat nu geregeld wordt in kringen van bestuurders binnen de metropoolregio tegen het licht houdt en natuurlijk meer dan nu gebeurt, terugkoppelt naar de eigen achterban van de verschillende gemeenteraden. Haarlem maakt sinds 2017 volledig deel uit van de MRA. Voor die tijd deden we maar op een aantal commissies mee, een aantal gesprekstafels. Nu hebben wij een veel grotere say in bijvoorbeeld wat er gebeurt op het gebied van volkshuisvesting. De voorzitter: Waarom heb ik nou een echo? De heer Oomkes: Pardon? Kan ik doorgaan, voorzitter? Kan ik doorgaan, voorzitter? Ja? Ruimtelijke ordening, milieu, vervoer en de ontwikkeling van nieuwe woongebieden. De inspreker van vanavond is er niet gerust op.
Ik kan u vertellen uit ervaring, ik loop nu drie jaar mee in dat advieslichaam, dat ik niet gerust ben op een toekomst waarin de zaak niet zo gestroomlijnd blijft, of zo wanordelijk gestroomlijnd is als nu. In de praktijk is ons samenwerkingsorgaan binnen de MRA eigenlijk zoiets als een ‘…’. Er wordt gepraat vanuit de achterban, er zijn regio's die niet meedoen, deelregio's die nog nooit van zich hebben laten horen. Het is de hoogste tijd dat het gezamenlijk belang, namelijk de economische, sociale ontwikkeling binnen de MRA, een duidelijke stem vindt. En die stem kan niet anders dan getrapt vorm komen want de juridische positie van dit soort grootstedelijke samenwerkingen moet nog helemaal bepaald worden. Ik wijs er even op dat bijvoorbeeld in Rotterdam, een regio van een veel groter belang is voor de economische ontwikkeling dan de positie van de provincie Zuid-Holland. Het zelfde is op dit moment in ontwikkeling in Eindhoven en omgeving. Stilstaan in dit hoofdstuk kan simpelweg niet. We moeten iets met de bestuurlijke druk die op ons afkomt en het belang wat daaraan gekoppeld is. En dat kan alleen maar via een getrapte vorm gebeuren. Dus eerst deze stap en een latere laatste stap tezamen met de wetgevers bepalen wat er gaat gebeuren met de overheden in Nederland. Is dat een revolutionaire blik? Welnee. Tot voor 10 jaar waren er ruim 500 gemeenten in Nederland.
Dat is teruggebracht tot iets meer dan 300. Een soortgelijke ontwikkeling zal ook elders in de samenleving plaatsgrijpen. En waarom niet in samenspraak met dat deel van de twee provincies waar wij het meest mee te maken hebben, Noord-Holland en Flevoland, die eigenlijk een bestuurlijke en een economische eenheid vormen. Ik dank u voor uw aandacht. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Oomkes. Ik zit inmiddels weer op een andere locatie want ook nu is mijn laptop ermee uitgescheden. Dus het wordt steeds gezelliger. Dank u wel voor uw woorden. Zijn er nog vragen aan de heer Oomkes? Nee? Dan wil ik graag het woord geven aan de eerste spreker en dat is de heer Trompetter. Ga uw gang. De heer Trompetter: Dank u wel, voorzitter. Nou ja, we hebben natuurlijk al vaker gehad over de MRA, over de metropoolregio en ook ‘…’ een overlegclub was. Alleen in dit stuk blijkt dat Amsterdam in bestuurlijke zin de ‘…’ naar zich toe trekt. En dat is wel nieuw in deze transitie. Amsterdam levert ook de grootste financiële bijdrage dus er lijkt een soortement onevenwichtigheid te ontstaan.
De vraag is hoe de regio Zuid Kennemerland, wij denken ook regionaal, hier mee om kan gaan? Al eerder heeft mijn fractie gewezen over het mogelijk democratisch tekort van de MRA en misschien ‘…’ tegenmacht kunnen organiseren door bundeling bijvoorbeeld een stukje, wat we ook wel eens MRA-West of de mini-MRA noemen, bestaande uit Zuid Kennemerland, Velsen en mogelijk Haarlemmermeer. Want ik hoop dat het verbeterd maar zoals zeg maar zaken zoals vervoer en dergelijke, zijn we nog steeds niet echt heel ver mee gekomen binnen die MRA. Dan is er nog bijvoorbeeld de mogelijkheid om besluitvorming bij consent te doen. Dus een voorstel is aangenomen als niemand tegen is. De afgelopen jaren hebben in het teken gestaan van veel overleggen en vrij weinig concrete acties. 2020 zou een overgangsjaar zijn en ‘…' zouden de nieuwe ambities en de werkwijze
aan de raden worden voorgelegd. De ambities blijven mooi, maar mijn fractie is benieuwd naar de concrete uitwerking. Actiepartij sluit zich aan bij de schriftelijke reacties van Hart voor Haarlem, ChristenUnie en de VVD en de zienswijze voor de MRA verantwoorde 2020 is met onze fractie akkoord. De motie die wij zouden moeten af’…’, heb ik niet aangetroffen bij de agendastukken. Dank u. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Trompetter. Mevrouw Wisse, ga uw gang. Mevrouw Wisse: Dank u wel, voorzitter. Dank ook aan ons Haarlems lid van de MRA-tafel, de heer Oomkes, voor zijn toelichting vanavond. En natuurlijk ook voor alle tijd die hij als afgezant van onze Haarlemse raad aan de raadtafel heeft besteed. Dan de zienswijze. Vooralsnog willen wij ons als PvdA aansluiten bij de zienswijze van het college. Het is natuurlijk prima als het vergaderschema van de raadtafel intensiever wordt zoals de heer Oomkes net vertelde. En als de raadtafel daarom ook vaker terugkoppelt naar de achterliggende raden en de Staten. Maar belangrijk is voor ons dat de raadtafel met een of twee Haarlemse raadsleden geen vertegenwoordigende besluitvormende bevoegdheden krijgt namens onze gehele raad. Dus dat we nu niet een nieuwe beperkte bestuurslaag creëren om als MRA maar snel en efficiënt te kunnen besluiten. Dat lijkt ons dus echt geen goed idee.
Wat we verder goed vinden aan de zienswijze van het college is dat het college eigenlijk een waarborg vraagt voor hun gelijkwaardige positie van de zeven deelregio's. Want als Haarlem hebben we toch vrij vaak het gevoel gehad enigszins achtergesteld te zijn geweest in de aandacht die er was. En wat ik ook goed vindt aan het college, wat wij goedvinden als PvdA, is dat het college wat rust inbouwt in het proces en voorstelt om niet al voor de zomer op de samenwerkingsafspraken te besluiten maar gewoon eerst rustig de tijd nemen in de zomer tot september om eerst met ons de deelregio en met de IJmond af te stemmen. Maar wat ons betreft is dus de voorgestelde zienswijze van het college een goed uitgangspunt. En wat ons betreft is de motie ook afgedaan inderdaad. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Wisse. En dan geef ik nu graag het woord aan de heer IJsbrandy. Ga uw gang. De heer IJsbrandy: Dank u wel. Ik ben een beetje qua orde een beetje in verwarring omdat we al schriftelijk die zienswijze hebben ingeleverd. Maar ik zal die dan toch maar hier even herhalen omdat dit tenslotte een openbare bijeenkomst is. Wij hebben op zich niet zoveel moeite met de visie zoals die nu voorligt om de bestuurlijke kracht en doorzettingsmacht van de MRA enerzijds te verbeteren.
Dat is ook wat er uit de evaluatie duidelijk naar voren is gekomen dat het een wat krachteloos praatorgaan was waar dus ook echt daadwerkelijk gevraagd is dat Amsterdam daar meer leiding in ging nemen en wat meer visie zou gaan tonen om het geheel wat voortvarender aan te kunnen pakken. Aan de andere kant natuurlijk het probleem van de democratische legitimering die met de voorstellen zoals die nu voorliggen inderdaad iets versterkt worden. En wij ons ook aansluiten bij wat mevrouw Wisse net zei, dat dat zeker niet in de plaats zou moeten komen van de besluitvorming zoals die uiteindelijk in elke gemeente moet plaatsvinden. Maar los van die governancevraag moet ons iets anders van het hart. En daar sluiten we toch een beetje aan met de heer Vonk, zij het met iets minder omineuze toonzetting. Maar ook voor Hart voor Haarlem, onze naam zegt het al, is de kernvraag rond de MRA, of we de MRA kunnen gebruiken om Haarlemse doelen te bereiken? Of dat we ons door de MRA laten gebruiken om grote Amsterdamse doelen te faciliteren? Onze indruk is dat zowel de nieuwe governance als de concept verstedelijkingsvisie die we recent ontvingen nog wel eens op dit laatste uit zouden kunnen lopen. In deze visie, die toch in de essentie volledig op versnelde groei gebaseerd is, tekent zich een grootstedelijk beeld af.
Er wordt ook gesproken van de Amsterdam Bay Area, gericht op een internationaal vooraanstaande positie als beste technologiecentrum. Nou is daar op zich niks op tegen, maar dat scenario wordt Haarlem, in feite een voorstad van Amsterdam, die door de groei aan de westzijde van Amsterdam en verdere ontsluiting via het openbaar vervoer een prettige woonomgeving moet zijn voor de professionals die in Amsterdam en omgeving werken. Maar de raad zou zich ons inziens wel de vraag moeten stellen: wat betekent dit nu eigenlijk voor Haarlem? En daarnaast zouden we ons ook de vraag moeten stellen of en in hoeverre meegaan in deze groei verenigbaar is met doelen die we voor de huidige Haarlemse bevolking kunnen formuleren? In de verstedelijkingsvisie komen uiteraard ook weer alle modieuze clichés langs. Het moet allemaal duurzaam en groen en circulair en landschapsinclusief en sociaal en ongedeeld met voldoende ruimte voor recreatie, sport, goed bereikbaar en ga zo maar door. Maar ons bekruipt toch telkens
weer het gevoel dat deze vooral als sugar coating bedoeld zijn om de onderliggende groeidoelstellingen te realiseren en te maskeren. Zogenaamd zijn we met al deze publieke waarden bezig en ondertussen gaat het gewoon om platte economische groei. Wat betekent het fundamenteel kiezen voor woonkwaliteit op al de genoemde dimensies nu eigenlijk echt? We hadden net bij inkoop eigenlijk een vergelijkbare discussie. Hoever zijn al die mooie doelstellingen nu echt concreet en hard te maken? En in hoeverre zijn ze dan verenigbaar met groei? Zolang in deze visie de grenzen aan de groei voor het gebied waar Haarlem deel van uitmaakt niet expliciet benoemd worden en gedaan wordt of groei ons overkomt in plaats van dat we er doelbewust ruimte aan geven, zal Hart voor Haarlem dan ook niet overtuigd zijn van het feit dat de belangen van Haarlem door en in de MRA goed gediend worden. En de nieuwe governance verandert hier wat dat betreft dan weinig aan. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer IJsbrandy. Mevrouw Van der Windt, ga uw gang. Mevrouw Van der Windt: Dank u wel, voorzitter. Ik denk dat het verhaal wat D66 redelijk aansluit bij het verhaal van de heer IJsbrandy. Wij hebben eigenlijk twee zorgen. Om te beginnen de democratische legitimatie.
We vinden het heel erg positief dat er meer werk wordt gemaakt van de democratisering van de MRA, maar we maken ons wel zorgen over de wijze waarop dat nu wordt vormgegeven. Een van de dingen die we zien is dat er per gemeente iemand wordt uitge’…’. Maar ja, als elke gemeenteraad besluit een vertegenwoordiger van een grote fractie te selecteren, dan zou die vertegenwoordiging onbedoeld wel een erg eenzijdige partijsamenstelling kunnen hebben, ervan uitgaande dat in veel gemeentes wel ongeveer dezelfde partijen bij de volgende verkiezingen als grootste uit de bus zullen komen. En we zijn ook wel benieuwd: ja, hoe wordt er omgegaan met raadsleden die een grote gemeente vertegenwoordigen en de raadsleden die een kleine gemeente vertegenwoordigen? Je kan moeilijk zeggen dat die raadsleden uit een kleine gemeente helemaal niets waard zijn, maar het is ook wel lastig om eraan voorbij te gaan dat sommige raadsleden wel een veel grotere achterban hebben dan andere raadsleden. En verder, en dat is in het algemeen een zorg, merken we op dat raadsleden in het algemeen een stevige taak hebben. En zeker raadsleden die uit een kleinere fractie, kleinere gemeente komen, vaak al overbelast zijn met de taken die uit hun eigen gemeente voortvloeien. En de gemiddelde gemeente heeft, zoals we allemaal weten, een aantal regionale samenwerkingsverbanden. Vergen ook tijd en inzet.
En er is eigenlijk ook wel een grens aan de taken waarmee lokale raadsleden kunnen worden belast, temeer veel raadsleden hun raadswerk naast een betaalde baan doen. Dat over die democratische legitimatie. Dan over de inhoud. Ja, wat wij minder goed vinden of eigenlijk niet goed vinden, is dat die ambitie van de MRA vastgesteld lijkt te zijn op basis van de input van 32 burgemeesters en 2 commissarissen. Wij vinden dat een erg magere basis. En wij vinden het belangrijk dat de MRA en de positie van de MRA breed wordt gedragen. Dus niet alleen wordt vormgegeven door die burgemeesters en commissarissen, maar juist door het bedrijfsleven, universiteiten, maatschappelijke instanties en bewoners. En dat die basis inderdaad wat mager is geweest, vinden wij ook als we kijken naar de toch wat opvallende doelen die de MRA zich nu stelt. Terwijl vrijwel heel Nederland de MRA kent en erkend en herkend als het zakelijk dienstverleningshart van Nederland, lijkt de MRA zichzelf nu ineens te zien als inventief met een sterke focus op bijvoorbeeld Tech, data, Artificieel Intelligence en groene innovatie.
Wij vragen ons af of die doelen ook worden gedragen door de kennisinstituten, de universiteiten en het bedrijfsleven? Is het niet beter om de MRA te onderscheiden met een zwaartepunt dat er al is, dan nu in te zetten op een nieuw te ontwikkelen zwaartepunt die ook al in andere regio's heel goed zijn belegd? Denk aan Eindhoven, Delft. En verder, en dit sluit erg aan bij het verhaal van de heer IJsbrandy van zojuist. Er zijn heel veel dingen die hier staan die heel mooi klinken. En als je dan gaat nadenken, dan vragen wij ons af: maar wat wordt er nou echt mee bedoeld? Het duurzaam verbond de regio. Daar zal niemand op tegen zijn. Maar als er dan staat: de systeemsprong luchthavenverduurzaming, maar wat betekent dat nu concreet? Je kan denken: dat is mooi, Schiphol gaat verduurzamen. Dat betekent dat de milieuschade, de geluidsoverlast en de luchtverontreiniging voor omwonenden omlaag gaan. Maar ik zou me ook kunnen voorstellen, als ik in de directie van Schiphol zat, om die basis als gegeven te beschouwen en te zeggen: als wij dus duurzamer worden, kunnen er meer vliegtuigen komen, want die waarden blijven gelijk. Iedereen kan hier uit putten wat hij wil. En dat is eigenlijk nooit een basis voor succes. Dat geldt ook bij die hoge leefkwaliteit. Ja, we zijn een hartstikke dichtbevolkte regio in Nederland.
Als we hoge leefkwaliteit op het gebied van wonen, landschap en cultuur willen hebben, ja, dan zullen we keuzes moeten maken. Want met de beperkte ruimte die we hebben
en de vele mensen die hier wonen, zullen we gewoon keuzes moeten maken waar we voorrang aan geven. Maar maak dat dan ook helder. En kort en goed, wij vinden dus de basis van die geformuleerde doelen te mager, door een te klein groepje vastgesteld en eigenlijk ook niet concreet genoeg. Wij zouden het heel prettig vinden als, voordat we hier ons nu vol aan binden, dat die doelen op basis van breed onderzoek concreet worden gemaakt en echt breed worden gedragen door alle mensen, bedrijven en instanties die de MRA maken tot wat de MRA is. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel mevrouw van der windt. Mijnheer Gün. De heer Gün: Dank u wel, voorzitter. Laat ik beginnen met de complimenten aan de MRA voor een scherpe evaluatie die we hebben ontvangen, want het probleem herkennen en erkennen is één om tot een handelingsperspectief te komen waarop het anders moet. En daarin vind ik dat de heer IJsbrandy is begonnen met een goed verhaal en wat mevrouw Van der Windt ook doorzet, namelijk die democratische legitimatie. Mevrouw Van der Windt gebruikt letterlijk de woorden: het heeft een smalle basis. Dat was ook een notitie die ik voor mezelf had gemaakt, namelijk dat 32 burgemeesters en 2 commissarissen van de Koning, nou ja zeg maar het brede fundament voor dit plan hebben gelegd.
Dat vinden wij toch wel wat mager omdat wij ook met name bewoners, maatschappelijke organisaties, universiteiten en dergelijken gewoon missen. Dus dat ben ik helemaal met de vorige insprekers eens. En wat mevrouw Wisse ook al heeft aangegeven dat de raadstafel, dat dat geen vertegenwoordiging is van de Haarlemse raad. Daar zijn wij het ook volledig mee eens want het mandaat ligt gewoon bij de Haarlemse raad en moet daar ook blijven. En dat zijn twee dingen die ik in algemene zin even gezegd wil hebben. Als ik kijk naar de zienswijze van het college en wat zij ons vragen in het voorstel wat zij aan ons doen, dan staan daar … Nou ja, in paragraaf 4 een aantal zaken. Die zal ik even één voor één langslopen. Daarin wordt gevraagd of we een motie af kunnen doen en daar kom ik ook even op terug. Als het gaat om de ambitie van de MRA, dan is er steun voor de zienswijze van het college, maar wil ik daarbij wel opmerken dat als we bijvoorbeeld kijken naar de ook door de heer IJsbrandy genoemde verstedelijkingsagenda die is nagezonden, valt gewoon op dat Haarlem er erg magertjes in is opgenomen. Zeker in vergelijking met Almere en Haarlemmermeer die blijkbaar een veel sterkere lobby hebben, want er is geen paragraaf waarin zij niet expliciet zijn opgenomen.
Mijn vraag aan de wethouder is dan ook of de wethouder kan toezeggen dat er meer lobby wordt ingezet om de Haarlemse belangen te behartigen? Want we komen er gewoon echt te magertjes vanaf. Als het gaat om de samenstelling van het bestuur van de MRA, nou ja, dan zijn we het daar gewoon mee eens en zien we graag dat het bestuur van de MRA wordt samengesteld langs de lijnen van de deelregio's. Met betrekking tot de platforms van de MRA, daar zijn we het niet mee eens. We zijn het dus echt oneens dat de motie is afgedaan. De motie kan wat GroenLinks betreft wel worden afgedaan wanneer de nieuwe structuur door alle raden is vastgesteld omdat het nu slechts een voornemen betreft. En op basis van een voornemen kunnen we geen motie afdoen. We kunnen hem pas afdoen als het is vastgesteld. Dus daar zijn we het oneens met het college. Met betrekking tot het bureau, u geeft in uw laatste zin aan: dan leveren alle deelnemers een evenredige bijdrage en capaciteit voor alle deelnemers worden ingezet. Dat is een terecht punt. We kunnen ons ook dan vinden in deze zienswijze. Tegelijkertijd zien we ook een risico bij, genoemd in hoofdstuk 5, wanneer er een hoge bijdrage wordt voorgelegd aan de raad, dan zien we graag ook dat daar een meer diverse samenstelling van het MRA-bureau tegenover staat omdat Haarlem diversiteit hoog op de agenda heeft staan.
Voor wat betreft het tempo met de transitie zijn we het eens met het college. En dan nog even die risico's en kanttekeningen. We betalen op dit moment € 1,53 per inwoner. Nou, mocht het zo zijn dat er meer personeel en capaciteit van het MRA-bureau nodig is, dan vinden wij het wel het meest faire dat de bijdrage per inwoner omhoog gaat en dan vernemen we ook graag van het college wat dat dan voor Haarlem gaat betekenen. Aanvullend hebben we op basis van de begroting 2020 € 200.000 overschot en wordt er gevraagd om dat naar de eigen reserve, de algemene reserve van de MRA over te hevelen. Mijn vraag is of we dat kunnen gebruiken, al is het maar incidenteel, maar het dekt wel een jaar, voor de capaciteitsuitbreiding die mogelijk nodig is zodat we die inwonersbijdrage niet hoeven te verhogen. En afrondend, voorzitter, een laatste vraag. We hebben in het najaar, in november 2020 hebben we gesproken over MRA Invest. Ik ben benieuwd hoe het staat met de economische samenwerking in de regio en hoe zich dat gaat vertalen richting Haarlem. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Gün. Dan geef ik nu graag het woord aan de heer Rutte. Ga uw gang.
De heer Rutte: Voorzitter, dank je wel. Nou, het is wel een hele brij hè, wat er allemaal langskomt? Ik vind dat best lastig om, en ik snap ook dat dat voor heel veel mensen lastig is om daar nog een beetje soep van te koken. Ik ben blij met de zienswijze van mevrouw Van der Windt van D66 over de inhoud. Ik sluit me daarbij aan. De bezwaren en de aandachtspunten bij de doelen en de inhoud, die zijn helder uiteengezet, die delen wij. En onze zorg gaat vooral uit, en dat heeft u ook in onze bijdrage kunnen lezen over de organisatie, en ik ben blij dat ik daar, zeker over het deel van de raadtafel, zowel van GroenLinks, van de Partij van de Arbeid en als ik het goed begrijp ook van Hart voor Haarlem, ook die zorgen deel. Dat de indeling van de raadtafel zoals die nu wordt voorgesteld in het stuk, dat dat niet de oplossing is voor de gewenste versterking van de democratische legitimiteit. Die raadtafel is een gremium voor kennisuitwisseling en ontmoeting en die moet niet een formele rol gaan krijgen in die netwerk samenwerking. Die hoort gewoon primair bij de raden en het overleg tussen de gemeenteraden en de colleges. Dus wij zeggen: kennisuitwisseling en ontmoeting op MRAniveau voor alle raads- en Statenleden binnen de MRA. En dan niet maar één raadslid per raad. Dat vind ik ook, dat hoor ik mevrouw Van der Windt ook zeggen, een hele rare figuur.
Want hoe gaat zich dat dan verhouden als dat allemaal VVD-raadsleden zijn, komt daar een ander verhaal uit. En dat de advisering vanuit de deelregio's en democratische legitimiteit versterkt wordt op lokaal niveau. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Rutte. Dan ga ik graag naar mevrouw Stroo. Ga uw gang. Mevrouw Stroo: Dank u, voorzitter. We lezen dat het streven is om te komen tot een metropool van grote klasse. De transitiecommissie concludeert dat de MRA nu versplinterd en fragmentarisch is. En dat het ontbreekt aan eigenaarschap, leiderschap en daadkracht. Om tot die metropool van grote klasse te komen, worden er een aantal voorstellen gedaan. Er komt een bestuur en een algemene vergadering. De deelregio's krijgen meer invloed en de positie van de raadtafel wordt versterkt. Ons wordt niet helemaal duidelijk hoe je met deze aanpassingen tot een MRA komt met meer legitimiteit en daadkracht. We zijn ook benieuwd naar de verdere uitwerking van de plannen. Jouw Haarlem wil graag meegeven dat de afzonderlijke raden meer positie in de MRA mogen krijgen. Niet zoals nu via een enkel raadslid wat afgevaardigd wordt aan de raadtafel. Daarnaast willen we dat onze inwoners spreekrecht krijgen zoals dat nu ook bij de Metropoolregio Rotterdam en Den Haag gebeurt. Hiermee hopen we dat de MRA wat dichter bij de burger te brengen.
Tot slot onze motie uit 2018 om deel te nemen aan de platform Mobiliteit is hiermee niet afgedaan omdat voorgesteld wordt om als regio Zuid Kennemerland een vertegenwoordiger te sturen en de motie vroeg om een Haarlemse wethouder Platform. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Stroo. Mijnheer Linder. De heer Linder: Dank u wel, mevrouw voorzitter. Wij van de ChristenUnie zien uiteraard de noodzaak voor een betere samenwerking in de Metropool Amsterdam. Niet alleen de noodzaak maar is ook echt dat dit niet alleen, hoe zal ik zeggen? Niet alleen noodzakelijk is maar ook zeker iets is wat ook erg nuttig is, waar we heel veel voordeel uit kunnen halen. Maar waar zeker ook gevaren binnen zijn zoals we nu met die raadstafel waar we ons dus ook afvragen: is het dan echt voldoende dat er maar één persoon van de raad daar zit? Of inderdaad, is het dan niet handiger dat er meerdere zijn? Dus ik denk dat we ook moeten kijken dat uiteindelijk de democratische waardes bewaard blijven, dat er niet op een gegeven moment besluiten worden genomen die buiten onze gemeenteraad heen gaan. Dus het besluit mag tijdelijk zijn dat altijd bij de gemeenteraad ligt en dan nooit bij de MRA zelf. Nou, in onze zienswijze hebben wij twee aanvullingen erin gezet.
Onder andere ook over de duurzaamheid waarbij, ideeën waar wij vinden dat duurzaamheid bijvoorbeeld van Schiphol niet alleen maar zit in het minder vliegen of beter in het minder zorgen voor uitstoot, maar dat er ook onder andere het versterken van de treinennetwerk is waardoor er ook internationaal beter kan gereden worden en sneller verplaatst worden waardoor het een alternatief wordt. Maar goed. Dus ook met die motie is voor ons daarmee nog niet afgedaan. Maar voor de rest kunnen wij ons voor grootste gedeelte goed in vinden over de zienswijze die de wethouder ons daar heeft gegeven. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Linder. En dan geef ik als laatste het woord aan de heer Rijbroek. Ga uw gang.
De heer Rijbroek: Dank u wel, voorzitter. Ja, de MRA. Ik zal meteen to the point komen met mijn vragen. Eigenlijk een beetje in lijn van de anderen, maar ik zal ze directer stellen. Wat is de reden dat de gemeente Haarlem niet in die transitiecommissie zit? Want andere steden nemen het voortouw, betekent dat je je regierol kwijt kan raken. Daarnaast zie ik ook wel dat Haarlemse wethouders in diverse platforms zitten. Haarlemse wethouders. Eén lid van de gemeenteraad die terugkoppeling doet. Maar waar ik wel bang voor ben, de inspreker die zegt dat ook: ja, Amsterdam is leading. Waar ik dan ook wil toe komen, de vraag naar wethouder Berkhout: heeft de MRA een doorslaggevende rol in de woningtoewijzing in de metropool Amsterdam? Of hebben wij als Haarlem daar nog wat over te zeggen? Bijvoorbeeld als we willen specificeren dat we bepaalde groepen, waar een groot tekort op de arbeidsmarkt is, politie, onderwijzers, zorgsectoren, die hiernaar toe te halen. Hebben wij die vrijheid nog? Dan als kers op de taart, en dat is eigenlijk de brief van de MRA. Dit keer zat hij in de tas van minister Ollongren van Binnenlandse Zaken. Ik verwijs even naar die brief van 15 maart, dat er meer inzet nodig zou zijn voor het middensegment bouwen. En de zorg die geuit wordt door het MRA-bestuur, dat is bouwen en betaalbaarheid.
De meeste mensen zijn afhankelijk van 1 à 2% van de voorraad die ter beschikking is. Meer is er niet. Dus er zal meer tempo moeten plaatsvinden. Aan de ene kant voor bouwen, de vraag die er is. Aan de andere kant gaat het ten koste van het groen. Dat moeten we ook zien te behouden, het schaarse. Als je het hebt over, en dat vond ik betaalbaar houden van de bestaande woningvoorraad, wil ik alleen nog even citeren, en dat is eigenlijk het meest alarmerende in die brief: u stelt op basis van de voorraadcijfers dat het meevalt. Maar het valt niet mee als we kijken naar het aanbod. Het probleem ontstaat namelijk bij mutatie. Dan komen voorheen betaalbare huur- en koopwoningen terecht in het dure huursegment en niet in het middensegment. Deze huurharmonisatie en het opkopen van betaalbare koopwoningen voor de verhuur, heeft grote consequenties voor degenen die op zoek zijn naar een betaalbare woning. En daar wil ik het mee afsluiten. Hoe gaan we dit oplossen? Wat is het antwoord van minister Ollongren, beste wethouder Berkhout? Dank u wel. De voorzitter: Ja, wethouder Berkhout. U spreekt minister Ollongren elke dag, dus kom maar op met het antwoord. Wethouder, ik geef u het woord. Het wordt nog een hele puzzel om dit tot een voldragen zienswijze te brengen. Maar misschien kunt u mij een stukje verder helpen en alvast een voorschotje doen. Ga uw gang.
Wethouder Berkhout: Dank u wel, voorzitter. Ik ga mijn best doen. Ik ga wat vragen beantwoorden en ik heb ook meegeschreven waarvan ik denk dat er wat gedragen lijnen uitgekomen zijn en dan gaan we dat even toetsen aan het eind. Maar eerst, volgens mij laat duidelijk zijn dat een aantal van onze uitdagingen niet ophouden bij de gemeentegrens en het wel zo handig is om daar ook voor samen te werken. Als het nou gaat om werk, banen, energietransitie, maar ook het landschap om ons heen, wat maakt Haarlem zo'n aantrekkelijke stad? Dat is niet alleen Haarlem zelf. Dat is ook de ligging van Haarlem. Dat moeten we ook koesteren en daar hebben we ook belang bij als het gaat om bereikbaarheid, wonen, werken, energietransitie, om daar goed in samen te werken. Vandaar dat we dat binnen de MRA ook al jaren doen. Tegelijkertijd, en u heeft in 2019 de evaluatiecommissie, de evaluatie van de evaluatiecommissie met mij besproken ook in de commissie. En dat was ook niet mals om maar zo te zeggen. En daaruit voortvloeiend, het heeft enige tijd geduurd, heeft nu de transitiecommissie dit voorstel ingediend. Het was wel wat losjes, het was wel wat vergaderen om het vergaderen. Dat betekent niet dat we niet de resultaten haalde, want volgens mij doen we dat nog steeds best aardig als deze regio in het land.
Maar het betekent wel dat er wel wat behoefte was om wat van die aanbevelingen van de evaluatiecommissie over te nemen en wat strakker, wat efficiënter te gaan om ze te gaan focussen. En dat voorstel ligt nu voor. En dan ga ik eventjes nu wat vragen van u af, eerst de Actiepartij. Ja, u maakt zich zorgen eigenlijk om de voortrekkersrol van Amsterdam, maar dat was precies één van de aanbevelingen van de evaluatiecommissie. Amsterdam is juist vaak ook onzichtbaar. En we kunnen ons er zorgen over maken dat dan Amsterdam een soort van leading is, maar het is wel de grootste stad hier. En dat betaalt zich ook best wel uit. Dus dat was juist iets: Amsterdam, neem nou die rol, pak die rol. En volgens mij, het lijkt me heel goed, volgende week is burgemeester Halsema ook hier bij ons om even te kijken hoe zij die rol tot zich nemen. En of ze dan denken: Amsterdam op 1, 2 en 3. Of dat ze daar anders over denken. Wat mij betreft, wat ons betreft, wat het college betreft en wat volgens mij heel veel van de 32 gemeentes en 2 provincies betreft, gaat het hier om gelijkwaardige samenwerking en hebben we juist op dat vlak elkaar veel te bieden. Maar het lijkt mij goed om die vraag één op één volgende week ook aan burgemeester Halsema te
stellen. Dan, veel partijen hebben het al gezegd. Trouwens nog dank, mijnheer Oomkes, voor uw toelichting aan het begin. Maar de heer Oomkes is niet de vertegenwoordiger van u allen. Alle macht ligt nu niet bij de heer Oomkes. Hoe jammer hij dat misschien ook vindt. Ik denk dat hij wel een hele nobele en nuttige functie heeft als klankbord en als een soort van, hoe zeg je dat? Letterlijk denk ik raadgevend persoon: hoe raden meer betrokken zouden moeten worden om die democratie legitimiteit goed op gang te helpen. Dus ik denk: zie de heer Oomkes ook echt meer als adviserend zou ik willen zeggen. En dat is wel de rol. Maar ik kan me voorstellen dat daar wat onduidelijkheid over is. Ik hoor u dat dus zeggen, dus ik heb deze als eerste aanvulling op de zienswijze, mevrouw de voorzitter, let u op? Als eerste genoteerd dat de vertegenwoordiger aan de raadtafel niet een vertegenwoordiger is in die zin van het woord, maar meer een kennisdelende rol op zich vat. Dus ik denk dat dat een van de aanbevelingen zou zijn die op te nemen in de zienswijze. Dat is één. Dan ga ik eventjes door. Hart voor Haarlem, u gaf wat, u zegt: ik zie wel het een en ander wat de legitimiteit versterkt. We kunnen ons ergens ook wel vinden. Maar daarna was het eigenlijk: is dit nou, what’s in it for me? Als Haarlem.
Of is dit eigenlijk: what’s in it for me als Amsterdam, wat u aangaf? De voorzitter: Wethouder, ik ga u even interrumperen. U heeft twee interrupties van de heer Trompetter en de heer Rutte. Ik geef eerst het woord aan de heer Trompetter en daarna mag de heer Rutte. Ga uw gang. De heer Trompetter: Dank u wel, voorzitter. Ik hoor de wethouder net ook iets zeggen over de gelijkwaardigheid van de gemeentes in het hele verhaal. We hebben natuurlijk ook nog dat we binnen Zuid Kennemerland proberen samen te werken rondom doelen die zeg maar voor onze regio van belang zijn en waar we ook samenwerking zoeken met Velsen ‘…’ Haarlemmermeer. Hoe verhoudt dat zich tot dit verhaal en die voortrekkersrol? Daar ben ik wel nieuwsgierig naar. Wethouder Berkhout: Nou, ik denk dat dat cruciaal is, een regionale samenwerking. Zowel als Zuid Kennemerland, maar ook als Zuid Kennemerland en IJmond. Beide zijn dat deelregio's binnen de MRA. Ik denk dat we dat ook op veel vlakken doen. Maar samen sta je sterker, sta je steviger. Ik ben dan ook in de platforms Economie bijvoorbeeld vertegenwoordiger van Zuid Kennemerland en ik heb veel contact en afstemming met mijn collega uit Velsen die de IJmond vertegenwoordigt. Wij werken samen als het gaat om de energietransitie, de RES. We hebben goed overleg ook als het gaat om de economie.
Ik heb een regionaal economisch overleg gehad, ook met als gast de wethouder uit Haarlemmermeer. En ik denk dat u daar, het is goed dat u daar nog eventjes op aandringt. U gaf daar de opmerking over de MRA Westflank, want we zijn inderdaad, dat hebben we deels ook aan onszelf te wijten trouwens, onderbemand of onderbediend geweest de afgelopen jaren, misschien decennia. Dus daar moeten we ook zelf hard voor aan de bak en dat begint door onszelf ook weer te groeperen en te verenigen, want samen staan we ook weer sterker binnen zo'n MRA. Ik denk dat dat de goede kant opgaat op het gebied van mobiliteit en economie en energietransitie zoals ik net zei, maar volgens mij ook op het gebied van wonen. Maar het is dus cruciaal. Ik zie dat soms aan Amsterdam Meerlanden, de andere deelregio's. Of Gooi en Vecht. Die zijn stevig, die zijn goed bezig als het gaat om die regionale of deelregionale samenwerking. En dat betaalt zich uit. Dus ja, ik kan het van harte aanbevelen, maar daar werk ik samen met het college ook hard aan. Dan de heer Rutte? De voorzitter: Ja. Mijnheer Rutte, ga uw gang. De heer Rutte: Ja, dat is dan vrij logisch, voorzitter Berkhout. Ik hoor u zeggen dat u dat over die raadtafel wil overnemen. Dat betekent dat we dus specifiek een zienswijze geven op regel 376 in het verhaal van de MRA waar gesproken wordt over de paragraaf Raden en Staten en De Raadtafel.
Want daar richt zich dat dan op over het voorstel wat daar specifiek staat om: de raadtafel zal bestaan uit één raadslid per gemeente en twee Statenleden per provincie. Wethouder Berkhout: Ja, u duidt daar denk ik de goede, ik pak hem er meteen even bij. Volgens mij gaat het over de adviserende rol van de afgevaardigde uit de gemeente in plaats van de vertegenwoordigende rol. Ik hoorde wat verwarring bij een aantal bijdrages hier dat de heer Oomkes dan u zou vertegenwoordigen. Ik denk dat dat pertinent niet kan, niet wenselijk is.
De heer Rutte: Nee, precies. Wethouder Berkhout: Dus dat zou ik namens u willen bevestigen en willen toevoegen aan de zienswijze. De heer Rutte: Ja. Kortom, dat de democratische legitimiteit primair wordt geborgd in de lokale raden met het gesprek tussen college en raad? Wethouder Berkhout: Ja. De heer Rutte: Daar zit hij voor ons heel belangrijk in. Oké, dank u wel. Wethouder Berkhout: Ja. Dus dat heeft de voorzitter genoteerd, dus dat komt goed. De voorzitter: Nou, de griffie heeft dat genoteerd. Dank u wel, wethouder. Heeft u hem, griffie? De democratische legitimiteit wordt geborgd door de vertegenwoordiging uit de raden? Ja. Goed, die is genoteerd. En dan wil, mijnheer Trompetter heeft nog een korte vraag. En de heer Rijbroek heeft nog een interruptie. Zullen we die er gelijk maar even achteraan doen, wethouder? Wethouder Berkhout: Prima, helemaal goed. De voorzitter: Oké. Mijnheer Trompetter, komt u maar door. De heer Trompetter: Dank u wel, voorzitter. Ik heb de wethouder horen spreken over allerlei onderwerpen. Ik weet dat in de Westflank MRA heel veel rond de biodiversiteit speelt en dat het heel belangrijk is. Ik zie dat iets minder terug in de MRA. Kunt u daar nog een beetje licht op werpen of dat binnen de MRA-Groot ook leeft? Wethouder Berkhout: Ja, ik zit even te zoeken naar het beste antwoord daarop.
Ik denk dat dat portefeuilleoverleg Landschap is denk ik een overlegorgaan waar dat eigenlijk het behoud van het landschap binnen de MRA en de biodiversiteit en de ecologische waarde daarvan een rol speelt. Ik dacht, ik heb ook, ik kom nog in mijn beantwoording op de vragen van Trots. Ik denk dat het goed is, gisteravond was er een regionale bijeenkomst over de verstedelijkingsstrategie waar een aantal van u vermoedelijk aanwezig was. Dat is nou echt een strategie waar ook het belang van landschap in ter sprake komt. De balans tussen de woningbouwopgave maar ook het behoud van het groen. En volgens mij, die komt ter zienswijze in juni ook naar u toe. Dus ik denk dat dat het moment is dat u ook als raad daar bijvoorbeeld op het punt van biodiversiteit zoals u dat maakt, kunt meegeven. Dus dat eventjes … Ik denk dat dat het antwoord is. Het wordt in het portefeuille-overleg Landschap besproken, maar het komt met name nu denk ik terug in de afweging in de verstedelijkingstrategie. De voorzitter: Ja. Mijnheer Rijbroek? De heer Rijbroek: Dank u wel, voorzitter. Wethouder, wat betreft die brief van Ollongren waarin het bestuur van de MRA toch zijn zorg uit over het middensegment dat betaalbaar blijft. Is daar nog een inhoudelijke reactie op gekomen c.q.
een voorzichtige oplossing? Wethouder Berkhout: Ook daar wil ik u eigenlijk verwijzen naar de verstedelijkingsstrategie waarin ik denk het goed is dat je daar kijkt hoe deze regio omgaat met de opgave als het gaat om woningbouw en de onderhandelingspositie die we innemen ten opzichte van het Rijk daarover. Dus ik zou u echt, ik zal u niet laten verleiden om nu daar een inhoudelijk antwoord op te geven, maar ik zou u willen doorverwijzen naar het goede gesprek als het gaat om welke inzet we als regio doen op de woningbouwopgave. Dat komt in juni krijgt u daar uitgebreid de gelegenheid. De heer Rijbroek: Oké.
Wethouder Berkhout: Ik ga even door met de vragen. D66 … Even kijken. Ja, u had een aantal punten genoemd. Ik zat eventjes te zoeken, ik denk dat u namelijk het tweede punt heeft gegeven voor de aanscherping van de zienswijze. En dat heeft betrekking op dat u de doelen nogal mager vindt hoe ze tot stand zijn gekomen qua: wie hebben daar eigenlijk hun zegje over gedaan, en kloppen die wel? Dat is een beetje mijn interpretatie van uw woorden even kort samengevat. Maar eigenlijk zegt u: een aanscherping van de doelen is gewenst door breed op te halen onder instanties en bewoners binnen de MRA. Als ik hem zo goed samenvat, zou ik die graag willen toevoegen als tweede punt op de zienswijze, voorzitter. De voorzitter: ‘…’ zo snel mogelijk kunnen doen. Dank u wel. Wethouder Berkhout: Oké. Nou goed, dan ga ik nog eventjes door. Ik was trouwens nog wel benieuwd trouwens, dat is misschien een korte wedervraag aan mevrouw Van der Windt, want dit kunnen we in algemene zin doen. Maar kunt u mij meegeven welke keuzes u vindt dat de MRA dan meer moet maken? Want ik haal daar dus eventjes uit dat u zei: eigenlijk moeten we dan dus meer inzetten op bijvoorbeeld het zakelijke centrum wat we zijn. Maar u gaf, en volgens mij deed de ChristenUnie dat ook, ook nog een opmerking over dubbele interpretatie als het gaat om de luchtvaart, Schiphol.
Dan was ik even benieuwd wat uw richting dan daarin zou zijn? Dus we moeten keuzes maken, dat ben ik met u eens. Maar dat is voor de tweede termijn. Misschien eventjes, kunt u daar een handvat, mij even in meenemen? Dan GroenLinks een aantal punten. Eventjes kijken. Nou, u sluit zich ook aan. Kijk, in alles dus denk ik dat u ook zich zorgen maakt om de democratie legitimiteit en dat vind ik uitermate logisch dat u dat ook zegt. Dat is eigenlijk al sinds de oprichting van de MRA ook een onderwerp van gesprek. Ik denk wel dat wij dus proberen dus door het fundament meer in de deelregio's te gaan leggen en dus die regionale samenwerking stevig vorm te gaan geven, deelregionale samenwerking, daar wel een stevige basis gaan neerzetten ten opzichte van dat het opeens in platforms door bestuurders in de MRA wordt besloten. Dus ik denk dat die dan dichter naar u toe komt en ik denk dat dat een goede manier is om die stap te gaan zetten. Dan eventjes GroenLinks, lobby Haarlem. Volgens mij is collega Roduner wel heel goed bezig. Zijn we nu ook in commissie Ontwikkeling hebben we u daarin meegenomen hoe wij binnen, hij is trekker van het onderwerp bereikbare steden, hoe wij bijvoorbeeld onze ov-hub Nieuw Zuid proberen op de tafels te krijgen waar uiteindelijk de centjes worden verdeeld, BO MIRT in het najaar. En volgens mij zijn we daar wel voor het eerst sinds jaren wel goed op weg.
Nog geen garanties, maar wel effectief bezig om onze lobby op die manier voor infrastructuur vorm te gaan geven. Dus zo werken we er wel aan. Maar kan me ook voorstellen dat u zegt: ja, het staat er wat weinig in als je de zoekterm Haarlem ‘…’. Dus er is nog wel werk aan de winkel. Maar we komen ook van ver, laat ik het zo zeggen. Maar gericht op dat ov-knelpunt en BO MIRT in het najaar, maken we denk ik wel grote stappen. Ik begrijp dat u zegt dat de motie niet afgedaan is. Ik zit immers nog niet als vertegenwoordiger van de regio in het platform Mobiliteit. Ik kan niet wachten. Maar ik denk dat hier een enorme stap wel wordt gezet, langverwacht. U heeft aan het begin van deze periode twee moties ingediend over platform Mobiliteit en de VRA. Dat was taai, dus daar hebben we vaak met elkaar over gesproken. Nu staat toch echt wel hier in het voorstel dat elke deelregio vertegenwoordigd gaat worden in elk platform. En dat betekent een mooie stap denk ik voor de drie deelregio's die tot op heden nog niet in het platform Mobiliteit zaten. Dat was Gooi en Vecht, IJmond en Zuid Kennemerland. Dus het zit eraan te komen, maar ik snap heel goed dat u zegt: eerst zien, dan geloven. Dus prima. Zo gauw ik, ik kan appen, mijnheer Gün, als ik in het platform Mobiliteit zit. Nee, ik zal u eventjes mededelen op het moment dat het zover is. Dus dat begrijp ik.
Dan een goede suggestie denk ik als u zegt: het jaarverslag van vorig jaar, daar is een klein budget, nou, 2 ton over. Mocht er nou capaciteitsuitbreiding nodig zijn, kunnen we het daarvoor inzetten. Volgens mij is dat een goede suggestie om mee te nemen. Dat kan dus in de zienswijze op dat tweede stuk denk ik dan, voorzitter, worden toegevoegd, als een soort van bestemmingszienswijze. Ik denk ook een goed punt wat u daar zegt, dat zegt: mocht dat nodig zijn, dat is dus nog niet het geval, dat het MRA-bureau om meer capaciteit gaat vragen. Ik denk, dat is nog even een zoektocht, dus gaat dat vragen om meer inzet van gemeenteambtenaren uit de gemeenten, dus om niet, of gaat het vragen om meer middelen van gemeenten daarvoor, voor die capaciteit? Dat speelt nog niet. Maar dat u dan zegt: mocht dat zich voordoen, let dan op de inclusiviteit en diversiteit. Een terecht punt. Dat zou mogelijk een derde punt voor de zienswijze kunnen zijn, voorzitter. Maar ik weet nog niet of die gedragen is, dus die zal even getoetst moeten worden. Dan, MRA Invest. Ja, daar hebben we eigenlijk bij de begroting afgelopen najaar over gesproken. En dat was het moment dat ook net in een transformatie was
richting de regionale ontwikkelmaatschappij. De ROM. Dus dat had toen wat, dat was echt op die dag. Dus dat had ook wat verwarring bracht dat logischerwijs met zich mee. Daar heeft u volgens mij als raad een amendement over ingediend om daarbij betrokken te worden. Ik kan u zeggen: daar wordt stevig aan gewerkt en dat gaat de goede kant op. De ROM, de voordelen van de ROM zijn groter dan die van MRA Invest, met name omdat Economische Zaken daarbij ook aan boord is. Er wordt ook een mkb-fonds voor 60 miljoen opgericht. De provincie en Amsterdam hebben definitief commitment getoond voor de bijdrage aan het fonds. En het lijkt er ook op dat de meeste gemeenten binnen de MRA, en ook Noord-Holland Noord hier zich bij gaan aansluiten. Dit komt nog wel eventjes naar u toe. Ik verwacht eerlijk gezegd, zo gauw als dat er is, ik denk dat wij nog gaan kijken of we dat in de besluitvorming mee kunnen nemen bij de kadernota, maar we moeten wel kijken of dat niet te laat gaat komen. Ik verwacht dat eigenlijk nog voor de meivakantie en we willen u daar ook zo snel mogelijk over informeren met een informatienota of een raadsinformatiebrief. Ik denk een informatienota. Dus dat komt naar u toe. Dat eventjes over de ROM. We gaan echt zo snel mogelijk, als we meer informatie hebben, gaan we u daarin meenemen. Maar het gaat de goede kant op. Dat waren volgens mij de … Oh nee, wacht eventjes.
Ja, Trots tot slot: waarom zit u niet in transitiecommissie? Ja, dat is … Het is soms wel eventjes zoeken wil je echt dat, je wil ook niet vervallen in een soort van, hoe moet ik dat netjes zeggen? Maar machtsdenken. Denken dat je alleen maar invloed kan hebben als je dus als poppetje ergens zit. Ik vind dat ook een beetje de oude stijl van de MRA eerlijk gezegd, dat je dan … Dus ik geloof dat mijn belangen goed gediend zijn in de transitiecommissie zonder dat ik daar zelf als Haarlem in vertegenwoordigd ben. Wat ik wel van belang vond, en waar ik samen met de burgemeester ook in de regiegroep waar we voor gepleit hebben, is dat het niet alleen uit commissaris van de Koning en burgemeesters bestaat. Dus hij is aangevuld met wethouders. Ik denk dat je op die manier wel moet kijken naar die balans tussen mensen in die afvaardiging. Maar volgens mij, ik heb ook wel contact gehad. Natuurlijk, zoals u weet gaf ik net aan dat Gooi en Vechtstreek een van de regio's was die niet in platform Mobiliteit zitting had. En ik denk dat dat wel degelijk heeft geholpen uiteindelijk in het uiteindelijke voorstel van de transitiecommissie. Dus zo worden die belangen ook wel gediend. Maar daar hoef ik dus niet zelf als Haarlem per se in te zitten. Ik zit in vrij veel van dat soort platforms en agendacommissies, maar niet in deze.
En u zei: gaan we eigenlijk zelf nog over ons eigen woonbeleid? Nou, volgens mij heeft u vorige week een woonvisie vastgesteld. Volgens mij werkt wethouder Roduner hard om woningbouwimpuls-aanvragen binnen te vragen echt voor Haarlemse woningbouw, nieuwbouwprojecten. Dus daar zijn we, en we gaan ook nog zelf over onze eigen eisen en voorwaarden daarbij. Dat doen we natuurlijk ook in onze regio hier, de woningmarktregio, maar daar hebben we echt nog zelf wel eigen zeggenschap over. Maar ook hier denk ik dat het goed is dat u ziet dat dat wel in een groter verband gebeurt binnen die verstedelijking van de MRA. En daar blijft dan mijn slotwoord: in juni vragen wij u volgens mij om een zienswijze. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, wethouder. Ik heb begrepen dat er echt wel behoefte is aan een tweede termijn. Dus ik dacht misschien is dat een goed idee omdat dan ook maar te doen. Eens even kijken hoe dit werkt. Dan wil ik als eerste het woord geven aan mijnheer Gün. Ik hou het rijtje uit de chat aan. Dus mochten er mensen zijn die zich nog niet hebben gemeld voor een tweede termijn, dat kan alsnog. Dan kom je onderaan het lijstje en dan komt u aan de beurt. Maar ik begin met mijnheer Gün. Ga uw gang. De heer Gün: Dank u wel, voorzitter. En ook dank u wel, wethouder, voor de goede beantwoording van de vragen. Eén boodschap voor de griffie.
Ik heb de zienswijze van GroenLinks Haarlem inmiddels opgestuurd dus die kan ook meegenomen worden in de gezamenlijke zienswijze. Hij is overigens niet anders dan ik zojuist heb verwoord, maar ik heb hem even op papier gezet en aangeleverd. Dus dan wordt het misschien wat makkelijker voor de griffie. Voor wat betreft een van de vragen die ik had, daar geeft u aan dat Haarlem als gemeente in de stukken die wij tot nu toe hebben ontvangen, want dat is waar ik mijn informatie uithaal naast de MRA-site zelf, heb ik gezegd dat Haarlem inderdaad maar heel magertjes terugkomt in de stukken en met name in de verstedelijkingsagenda die, nou wat is het? Volgens mij ergens eind vorige week of in het weekend is aangeleverd. Waar Almere en Haarlemmermeer expliciet op heel veel plekken voorkomen, ook op de site van de MRA. En ik heb u horen zeggen dat u zegt: dat zien wij ook, dat komt inderdaad weinig terug, maar we komen van ver. Ook dat is juist. Maar we gaan meer inzetten om de Haarlemse belangen te vertegenwoordigen. Want als Haarlemmer met een bijdrage van een kleine € 250.000 per jaar, zou je het liefst zien dat je dat vele malen terugkrijgt. En dat werkt natuurlijk niet altijd zo, maar dat is wel de basiswens die je
als Haarlemmer zou hebben. In ieder geval dat je waar krijgt voor je geld. Nou, ik heb u het horen zeggen, dank daarvoor. En ik ben echt heel erg benieuwd naar welke zienswijze hieruit komt, want er zitten nog wel wat uitersten die bij elkaar moeten worden gebracht, maar ook wel een mooie gemeenschappelijke deler die ik ook heb gehoord. Dus succes aan de voorzitter en de griffie zo meteen. … Uw microfoon, voorzitter. De voorzitter: Ja, daar was ik weer. Dit is niet mijn computer, dus ik moet even wennen. Dan gaan we nu naar de tweede termijn van de heer Rutte. Ga uw gang. De heer Rutte: Dank u wel. Ik ben wat minder pessimistisch dan GroenLinks over het komen tot een gemeenschappelijk gedragen zienswijze. Want ik zag mijnheer Berkhout, die gaf daar toch een zeer goede samenvatting in. Dus ik ben daar wel gelukkig mee. Even voor mijn zekerheid. De procedure: als ik het lees bij Amstelveen, dan is medio mei: de transitiecommissie verwerkt de input van de colleges, de raden en de Staten tot een definitief voorstel voor samenwerkingsafspraken. Dan hebben we 21 mei is er een extra en MRAregiegroep. En dan tot eind juni hebben raden en Staten de concept Samenwerkingsafspraken te behandelen ter goedkeuring. Klopt die tijdsplanning? Want dat zou betekenen dat we het allemaal nog een keer uitgebreid terug gaan krijgen voor de besluitvorming. Dat is eigenlijk mijn vraag.