CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

03-30 Transcript Raad 30 maart

gemeenteraad 30 maart 2023, gemeente Haarlem40.502 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

37

besproken te worden, om dit debat wat wij hier nu voeren daar als eerste te hebben moeten uitvoeren? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Smit. De heer Smit: Mijnheer Van Leeuwen, toen u bij de bijeenkomst in de Bavoschool in Haarlem-Noord aanwezig was, gaf u mij aan het eind van de avond een compliment voor de wijze waarop ik de introductie had gepleegd. Ik was niet selectief, zeker niet. Dat merkte u ook. Als het gaat om selectief kennis ophalen, dan mag u de technische vragen van OPHaarlem even bekijken. Dan kunt u toch niet de indruk hebben dat hier iemand zit die selectief bezig is geweest. Ik vind dat een laag bij de grondse, maar ook totaal niet relevante beschuldiging. De voorzitter: Ik constateer toch dat de kwalificaties zo nu en dan de grens naderen. Ik constateer gewoon dat u ... De heer Smit: Voorzitter, dat is daar begonnen, niet bij mij. De voorzitter: Ik constateer dat het in algemene zin diverse keren nu gebeurt dat de kwalificatie veel scherper is dan in deze raad gewend zijn. Ik zou zeggen, laten we proberen om het qua formulering netjes te houden. De heer van Leeuwen. De heer Van Leeuwen: Voorzitter, ik constateer dat ik het eens ben met de heer Smit op dit punt, want inderdaad, ik heb hem daar de complimenten voor gegeven, voor zijn zorgvuldige inleiding die hij die avond heeft gegeven.

Ik complimenteer hem ook met het feit dat hij vanavond diverse voorstellen doet bij het agendaonderwerp zelf, waarmee hij laat zien dat hij inhoudelijk een stap verder wil komen. Daar maak ik een groot verschil. Dank u. De voorzitter: Dank u wel. U wilt ook nog interrumperen, de heer Van den Raadt. De heer Van den Raadt: Want begrijp ik dat de Actiepartij eigenlijk dit nog een keer wil bespreken in de commissie Bestuur en dat we dan pas hierover gaan besluiten? De voorzitter: Dan dank ik u. Dan kijk ik wie nog meer ... Mevrouw Hartman. Mevrouw Hartman: Dank u wel, voorzitter. Toen dit amendement ineens aan de agenda werd toegevoegd, schrokken wij zeker, maar verbaasd zijn we niet. Forum voor Democratie waarschuwt tevergeefs al langere tijd dat juridische, smalle en consequentieloze referenda geen verbetering zullen zijn voor de politieke betrokkenheid voor de burger. Dat moet en kan beter. Zoals Lundy in zijn artikel uit 2009 Voice is not Enough al betoogde, is het naast het kunnen laten horen van de zorg het ook daadwerkelijk invloed hebben op besluitvorming, meer dan één keer in de vier jaar stemmen, noodzakelijk om het vertrouwen en betrokkenheid van de burger terug te winnen. Alleen binnen de referenda zullen we een einde maken aan het schaamteloze machtsvertoon dat hier vanavond wordt tentoongesteld.

Waarin de coalitie naast procesmatige reden zich verschuilt achter een menselijk schild van kwetsbare groepen, wat een politieke overweging is, die gestoeld is op een vals dilemma en oordeelt dat de coalitie hun beleid belangrijker is dan dit referendum en geeft zichzelf nog een schouderklopje om de moraliteit. Buiten het feit wat wij inhoudelijk vinden van dit hele parkeerbeleid, is de manier waarop dit beleid nu wordt doorgedrukt het meest schrijnend. Laat het vooral een waarschuwing zijn naar de stemgerechtigden. Wat hier gebeurt, zal zich

38

herhalen. Forum voor Democratie zal in ieder geval blijven opkomen voor sterke, bindende referenda, waarin we de mening van de burger te allen tijde willen horen en de uitkomsten respecteren, ook wanneer we het er niet mee eens zijn. Dat is democratie. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk nog even rond of er nog partijen zijn die het woord willen voeren op dit punt. Dat lijkt niet het geval. De heer Visser. De heer F. Visser: Voorzitter, de ChristenUnie is voor een bindend referendum met opkomstdrempel. Haarlem kent alleen echter een adviserend referendum. Een meerderheid van de raad wil het referendum nu niet houden. Daar vind ik van alles van. De argumenten snap ik op zich wel, maar ze zijn wel ook discussieerbaar. Zo leggen we tarieven vast in een verordening en niet in een nota. Het mobiliteitsbeleid is vastgesteld en sprak ook over gereguleerd parkeren, maar hier stond niet in dat alle wijken met meer dan 85 procent parkeerdruk gereguleerd zouden gaan worden. Een vergunningplafond zou alleen, ik quote, waar nodig komen, maar komt nu overal. Maar het is wel een eerlijke boodschap. Nu niet instemmen met een referendum is voor veel inwoners een teleurstelling.

Maar gezien de ervaringen met het vorige parkeerreferendum en het standpunt van de meerderheid van deze raad, is het wel door laten gaan van dit referendum denk ik een recept voor nog veel grotere teleurstelling. Want het is een adviserend referendum en de raad kan het advies naast zich neerleggen. Daarom is de ChristenUnie van plan het amendement te steunen en tegen dit referendum te stemmen. Maar we hebben nog wel een vraag. Ik zeg namelijk, we zijn dat van plan. We hebben een vraag aan de Referendumcommissie, gezien hun advies. Hoe schat de Referendumcommissie de kans in dat de indieners gelijk krijgen bij de rechter en het referendum toch georganiseerd moet worden. Als dat gebeurt, dan is er een nog grotere kloof ontstaan. Ik heb daar de juridische kennis niet van. Ik heb het amendement vandaag pas gezien. We hebben daarvoor de Referendumcommissie. Daarom is mijn verzoek dat de Referendumcommissie ons adviseert over hoe dit juridisch zit bij de rechter. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk even. Is dit ook de laatste bijdrage? Nog een interruptie van de heer Van den Raadt. De heer Van den Raadt: Nog even tweede termijn, voorzitter. De voorzitter: We zijn nog met de eerste termijn bezig. De heer Van den Raadt: Voor straks. Dan weet u het. De voorzitter: Mooi. Ik kijk even rond. De heer Dreijer nog. De heer Dreijer: Ik zal er wel heel kort iets over zeggen.

Kijk, het staat wel uitgelegd in het amendement. Zoals bekend, referenda zijn bij het CDA niet echt populair. We hebben altijd eigenlijk tegen een referendum gestemd, de verordening. Het is duidelijk wat ons standpunt altijd al is. Desondanks heeft ook wel bij ons ... Toch wel hebben we nagedacht over, moeten we het deze keer niet doen of moeten we gewoon bij ons standpunt blijven? Daar hebben we echt mee geworsteld. Maar we zijn toch tot de conclusie gekomen dat met name datgene wat ook in het mobiliteitsbeleid al vastgesteld is, dat dat toch doorslaggevend is geweest om het toch voor ons makkelijk te maken om hier tegen te zijn. Het vergunningplafond ook al genoemd, maar het vergunningplafond hebben we in 2016 ook al aangenomen bij een modalisering van maatregelen in december. Dat is volgens mij maatregel 14. Kijkt u maar na. Alleen het is nooit toegepast. Nu is het gewoon eigenlijk een continuering van hetzelfde beleid. Er zijn meerdere beleidsdocumenten die we vastgesteld

39

hebben waar we nu een derde uitvoering van gaan zien. Nogmaals, het CDA staat achter dit amendement om tegen het referendum te stemmen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Daarmee zijn alle sprekers in de raad aan de orde geweest. Er liggen twee vragen. Eén vraag aan mij, wat ik vind van een eventueel bespreken in de commissie. Ik moet zeggen, u heeft een Referendumverordening vastgesteld en daarin is dat niet voorzien. Maar ik vind zelf dat de gang van zaken rond dit referendum in ieder geval, wat mij betreft, duidelijk maakt dat het een goede zaak zou zijn om wel die mogelijkheid van een bespreking in een commissie te openen. Ik vind de vraag wat dat betreft logisch, maar ik zeg er tegelijkertijd bij, de huidige verordening voorziet daar niet in. De huidige verordening zegt gewoon, het komt in de raad. Daar zitten ook nog termijnen die vrij strak zijn. Dat leidt tot de gang van zaken, zoals we die nu hebben. Wellicht dat we daar op een later moment nog eens over na moeten denken, willen we dat zo houden of is eventuele aanpassing gewenst? Maar dat is mijn antwoord. De tweede vraag. Ik zie dat u een interruptie hebt, mijnheer Smit. De heer Smit: Voorzitter, kunt zich voorstellen dat we ook wel in tien dagen vierduizend handtekeningen binnenhalen. Het zou best nog alsnog in de commissie kunnen hoor. De voorzitter: Maar we volgen gewoon nu de verordening.

De verordening is vastgesteld door de raad en die heeft niet die commissiebehandeling voorzien. Die zegt zelfs allerlei strakke termijnen over wanneer er dan besluiten moeten worden genomen. Maar nogmaals, wat mij betreft is het goed om het daar nog een keer over te hebben. Maar er is nog een tweede vraag van de ChristenUnie aan de voorzitter van de Referendumcommissie. Vindt u het goed dat de voorzitter van de Referendumcommissie daarvoor het woord krijgt in de raad? Ja? Oké. Dan wil ik mevrouw Veerbeek uitnodigen om hier aan tafel te zitten en te reageren op de vraag hoe zij aankijkt tegen de eventuele rechtelijke correctie van de raadsuitspraak die zou kunnen worden gedaan. Mevrouw Veerbeek: Goedenavond allemaal. Dit is best een lastige vraag voor de Referendumcommissie om te beantwoorden, want wij kunnen niet in het hoofd kijken van de rechter. Wij hebben wel, dat hebben wij ook in het advies, gewezen op uitspraken die er al zijn van rechters. Daaruit blijkt dat er zeer zorgvuldig gemotiveerd dient te worden. Er ligt ook een advies van de Referendumcommissie. Daar moet allemaal uitdrukkelijk ook worden ingegaan op welke punten het advies van de Referendumcommissie niet gevolgd gaat worden. Dat is op zich ... In het amendement wordt inderdaad heel duidelijk ook allerlei punten nagelopen. Ik kan nog een reactie geven op die punten, maar misschien moet ik dat niet doen.

Wat in ieder geval wel uit de uitspraken die er zijn ... We hebben er twee expliciet ook genoemd in ons advies. Daaruit blijkt ook wel dat de rechter vaak ook kijkt naar het feit dat u als raad burgers het recht heeft gegeven om een referendum te initiëren. Omdat u dat recht heeft gegeven, is het ook goed om burgers daarin ter wille te zijn. Er wordt misschien te veel door de raad gezocht naar allerlei redenen, allerlei ontsnappingsmogelijkheden om toch te zeggen dat het referendum of het inleidend verzoek niet ingewilligd kan worden, terwijl misschien meer de grondhouding zou moeten zijn, wij geven dit instrument aan burgers. Burgers zijn niet allemaal jurist. Burgers kunnen niet alles bijhouden. Alle nota’s die u al heeft vastgesteld en wat daarin precies wordt gezegd en op welk moment nu er een nota wordt vastgesteld of dat dit het juiste moment is? Nee, een burger neemt het initiatief en daar moeten jullie ook ruimhartig eigenlijk naar kijken. Dat is toch wel het meest belangrijke wat ik de raad zou willen meegeven. Kijk daar nog eens goed naar en doen jullie dat met dit amendement? De voorzitter: Dank. Dan gaan we naar de tweede termijn, als daar behoefte aan is. Want ik denk dat er zeer uitvoerig door iedereen is aangegeven wat die vindt. De vraag is of we dat nog een keer met elkaar moeten

40

gaan herhalen of dat we de conclusie moeten gaan trekken na een uitvoerig debat. Is er behoefte aan een tweede termijn? Ik zie nog een aantal sprekers die dat willen. Dan gaan we dat doen. Ik begin met de heer Van den Raadt. De heer Van den Raadt: Voorzitter. Trots Haarlem is ongelooflijk blij dat we in februari 2020, zoals GroenLinks als zei, een referendumvoorstel hadden gedaan om de eerste auto altijd gratis in je eigen wijk te parkeren. Maar toen werden we uitgelachen. In mei 2021 stelde ik voor om een referendum te houden over het betaald parkeren, wat in elke wijk zou komen. Dat werd toen al gezegd en gefluisterd. Maar dat was niet nodig, want we zouden moeten wachten op het mobiliteitsplan, wat later dit jaar kwam. Daar hebben we gelukkig ook tegen gestemd. We hebben ook gelukkig tegen gestemd tegen de nieuwe Referendumverordening. Wat hoor je dan nu? Jullie hebben het weer allemaal verkeerd gedaan. Jullie zijn te laat. Het is weer niet goed. Ik hoor in ieder geval de Referendumcommissie zeggen dat zij het amendement ontraden. Daar ben ik ontzettend blij mee. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Van Zetten. Mevrouw Van Zetten: Ik ben blij met de bijdrage van het lid van de onafhankelijke Adviescommissie voor een referendum, want dat sluit ook aan bij mijn betoog dat het initiatief echt voortkwam uit de angst en de woede van de Haarlemse burgers.

Ik heb er persoonlijk helemaal geen initiatief genomen. Ik vind het ook eerlijk gezegd een belediging dat elke keer wordt teruggebracht dat ik het initiatief zou hebben genomen. Daar hou ik mij eerlijk gezegd verre van. Ik ben ook blij met de bijdrage van mevrouw Van den Broek van de dierenpartij, die precies vertelde eigenlijk waar het om ging. Want je hoeft niet ja te zeggen tegen ... Ik bedoel, je kan ook voor die vergunning, hoe noem je dat, zijn. Daar gaat het om. Ik ben ook eerlijk gezegd wel een beetje geshockeerd wederom door de Actiepartij bij de bijdrage van de heer Van Leeuwen, want er wordt ons van alles verweten. Terwijl ik denk, we zijn hier voor de burgers en daar geven we een stem aan. Ik heb nog een vraag gesteld aan de burgemeester van, is er ook gebruik gemaakt van ambtelijke capaciteit? Of hoe zit het met de kosten van het amendement? Want dat is nogal breedsprakig en technisch van aard. Ik vraag me af, wie heeft het dan geschreven? De voorzitter: Dank u wel. U heeft gelijk, ik ga zo nog even in op uw vraag. De heer Aerssens. De heer Aerssens: Dank u wel, mijnheer de voorzitter. Een zeer duidelijk verhaal van de voorzitter van de Referendumcommissie, mevrouw Veerbeek. Ze geeft zaken duidelijk weer. Evenals in het advies, daar staat ook al duidelijk dat we waarschijnlijk door de rechter teruggefloten worden.

Deze coalitie kan de raad naast zich neerleggen, bewoners van de stad negeren, het advies van de Referendumcommissie negeren, maar de rechter negeren wordt wel heel erg lastig. Ons lijkt het zo dat de kans dat Haarlem teruggefloten wordt zeer groot is. Maar ik zou daar toch nog even wat meer over willen horen van de voorzitter van de Referendumcommissie, met de vraag ... Zij heeft hier een aantal hele duidelijke discussies gehoord over argumenten, onder andere het argument over het verschil tussen invoering en aanpassing van bedragen. Ik ben benieuwd of zij nog daarop in wil gaan, of dat iets is wat bij de rechter standhoudt. De voorzitter: De heer Drost. De heer Drost: Van de orde. Ik zou toch mijn mederaadsleden willen verzoeken om niet een onafhankelijke Referendumcommissie in deze discussie slepen, want op het moment dat u dit zo op inhoud doet, dan snap ik niet dat u dat doet. Ik zou daar bij weg blijven.

41

De heer Aerssens: Gewoon negeren hoor. De voorzitter: Ik zie de heer Smit nog. De heer Smit: Ik zie u ook. De voorzitter: Dan zal ik me preciezer uitdrukken, ik zie uw vinger die aangeeft dat u nog iets wil zeggen. De heer Smit: Dank u wel. Als je nu dit referendum, sorry, het amendement van de coalitie vaststelt, dan kun je straks proberen de Nota Uitwerking parkeerregulering te behandelen en tot besluitvorming te komen. Ik denk dat dat ook mede de truc is van het amendement. Dan moeten wij proberen via de rechter een voorziening te creëren om te kijken of wij het tegen kunnen houden. Maar ik denk dat hier ook gewoon een ordinaire truc achter zit. Ik denk het alleen maar hoor. Maar als u tot volledige behandeling overgaat vanavond en uw wenst besluitvorming, dan weet ik wel wat uw bedoeling bij het amendement was. De voorzitter: Dank u wel. Was dat het wat betreft de tweede ronde, bespreking? Ja? Dan zijn er nog opnieuw twee vragen. Die ene vraag van mevrouw Van Zetten die nog stond. In hoeverre dit amendement ... Is niet door ambtenaren van de gemeente Haarlem geschreven. Er is wel even contact geweest met ambtenaren over de vraag van, hoe zit het precies? Daar is een kort antwoord op gegeven. De tekst is verder ... Ik heb geen flauw idee wie hem opgesteld heeft. Volgens mij is die van de partijen die hem hebben ondertekend. Dat is het antwoord. De heer Smit.

De heer Smit: Vindt u het correct dat er vanuit een fractie, vanuit de coalitie toetsing is geweest met de ambtelijke organisatie? De voorzitter: Volgens mij is dat heel erg goed geregeld in de wet en in een verordening op ambtelijke bijstand die door deze raad is vastgesteld. Ik snap dat u de vraag stelt, ook van mevrouw Van Zetten. Daar heb ik als voorzitter op toegezien dat de ambtelijke bijstand die geleverd is geheel is conform de wijze waarop dat in wet- en regelgeving is geregeld. Dat betekent, er is geen amendement geschreven door ambtelijke bijdrage, maar een raadslid kan wel vragen stellen van hoe dingen zitten. Dat is gebeurd. De heer Smit. De heer Smit: U zegt, ik ben goed geïnformeerd. Heeft u zelf bij het gesprek gezeten? De voorzitter: Ik ken het ambtelijke advies. De heer Smit: Voorzitter, dat gaat dan toch naar de hele raad dat ambtelijk advies? De voorzitter: Nee, want als het gaat om ambtelijke bijstand is het niet zo dat dat naar de hele raad gaat. Ik stel voor, als u dat wilt, kunnen we daar echter te zijner tijd nog over praten. Maar neem van mij aan wat er gebeurd is, is precies volgens de regels. Dat gaat dan niet naar alle partijen toe. Net zo goed als wanneer er ondersteuning is bij het maken van een initiatiefvoorstel, dan wordt niet alles wat er dan ambtelijk wordt aangedragen vervolgens met alle partijen gedeeld. Ik kijk nog naar de laatste vraag.

Dat is de vraag van de heer Aerssens. Die vraagt aan de voorzitter van de Referendumcommissie ... Ik wil die gelegenheid geven, maar houdt u het heel kort, want ik denk het gaat om het advies in de richting van der raad. Daar kunt u een reactie op geven.

42

Mevrouw Veerbeek: Het lijkt mij goed dat ik uitleg hoe deze uitzonderingsgrond in de Referendumverordening is bedoeld. Dan moet u uw eigen afweging maken. Er staat in artikel 2 lid 2 onder F en G, hebben we het over voor de begroting en rekening en hebben we het over tarieven en belastingen. Elk najaar stelt u een begroting vast. Dat is een vaste verplichting die u doet. Volgens mij is het ook, in elke decembermaand stelt u uw Legesverordening vast. Ik heb gezien dat de raad hier ook een verordening op de heffing en invordering van parkeerbelasting heeft, met een jaartal erachter. Ik ga ervan uit dat dat waarschijnlijk ook elk jaar wordt aangepast. Artikel 2, die uitzonderingsgronden zie je op deze twee besluiten, of misschien zijn het meerdere besluiten. Maar het is niet specifiek op deze besluiten, omdat je anders in elke gemeente die een Referendumverordening heeft, krijg je elke januari waarschijnlijk inleidende verzoeken, omdat mensen het eigenlijk nooit zo fijn vinden om leges te betalen, dat naar beneden willen brengen. Daarom staan die uitzonderingsgronden in deze verordening. De voorzitter: Dank. Dan gaan wij nu over naar besluitvorming. Mevrouw Van Zetten: Voorzitter. Wij willen sowieso schorsen, maar wij willen ook een hoofdelijke stemming over het amendement. De voorzitter: Helder. De hoofdelijke stemming, ook als u vraagt om een schorsing, is ook helder.

Er zijn nog twee handen. De heer Aynan. Schorsing. Wie had nog meer de hand opgestoken? Mevrouw Hartman: Dat ging ook over de hoofdelijke stemming. De voorzitter: Dan stel ik voor, want de tijd gaat ook door en we hebben een schorsing voor een aantal minuten, maar maakt u wel voort en dan gaan we straks stemmen, hoofdelijk. Dames en heren, als iedereen zijn plaats wil innemen, dan gaan we de vergadering hervatten. Ik heropen de vergadering. Ik verzoek u de gesprekken te staken. Er is gevraagd om een schorsing. Ik kijk even wie dan eventueel ... De heer Aynan, u heeft het woord. De heer Aynan: Dank u wel, voorzitter. Namens, Trots, Forum voor Democratie, BVNL, Hart voor Haarlem, SP, VVD en OPH de vraag aan de coalitie. Gezien de heldere reactie van mevrouw Veerbeek, in de rol van voorzitter van de Referendumcommissie, om niet naar gezochte uitsluitingsgrond te zoeken, om ook de Haarlemmers juist ter wille te zijn in het referendumverzoek en dat de rechter daar zwaar aan gaat tillen, hebben we het verzoek om het amendement aan te houden en eerst juridisch advies in te winnen, voordat we overgaan tot stemming en het agendapunt behandelen. Dat we dat uitstellen. Graag een reactie daarop. De voorzitter: Dat is een soort voorstel van orde, maar wel ook direct een verzoek aan de partijen die een amendement hebben ingediend. Ik weet niet of daar direct op gereageerd kan worden.

De heer Wiedemeijer. De heer Wiedemeijer: Voorzitter, dank u wel. Zelfs de heer Wienen u heeft uitgelegd is er juridisch advies ingewonnen. Dat is het antwoord op de vraag van mevrouw Van Zetten. Daarnaast is er ook jurisprudentie beoordeeld. Voor uw andere verzoek kan ik u beantwoorden dat het amendement gehandhaafd blijft. De voorzitter: De heer Aynan. De heer Aynan: Er wordt blijkbaar inderdaad ook hier slecht geluisterd. Nogmaals verzoek tot schorsing.

43

De voorzitter: Wacht even, want ik wil wel helderheid hebben. U hebt net uitvoerig met elkaar gesproken. Er is een reactie. Niet de reactie die u gevraagd hebt, maar een andere. Maar ik ga ervan uit dat u ook in staat bent om dan de conclusie daaraan te verbinden wat u dan te doen staat. Ik bedoel, u heeft een hele schorsing gehad. De heer Aynan: Voorzitter, we hebben er echt behoefte aan en het is ons recht. Het vriendelijke verzoek tot schorsing. De voorzitter: Zeker. Maar dan ga ik u echt binden aan een hele korte tijd, want dat moet dan. Laten we eens even kijken, vier minuten moet dan genoeg zijn om te kunnen beoordelen wat u te doen staat. Ik heropen de vergadering. Ik verzoek u de gesprekken te staken. Ik geef het woord aan de heer Aynan, neem ik aan weer. De heer Aynan: Laten we maar gaan stemmen. Ik heb niks meer te zeggen. De voorzitter: Dank u wel. Voor ligt een besluit en daar is een amendement op ingediend. Wij stemmen over het amendement. De heer Van Kessel: Voorzitter, punt van orde. De voorzitter: We hebben hier een zeer uitvoerige, ik geloof, twee uur durende discussie over gehad. Ik neem aan dat er geen stemverklaringen meer nodig zijn, maar misschien vergis ik me. De heer van Kessel. De heer Van Kessel: Punt van orde. Ik heb, ik meen, van twee leden het verzoek om een hoofdelijke stemming gehoord. De voorzitter: Die gaan we ook doen.

Er komt een hoofdelijke stemming. De heer Visser. De heer F. Visser: Voorzitter, mijn fractie is tegen een adviserend referendum, maar nu die Referendumverordening er is en is er ook twijfel van hoe gaat dat bij de rechter, mijn fractie is verdeeld. Daarom hebben we besloten vandaag verdeeld te stemmen als eenmansfractie door tegen het amendement te stemmen, maar aangezien het amendement waarschijnlijk wordt aangenomen, gaan we voor het voorstel stemmen. De voorzitter: Ik zou bijna zeggen, dat past uw fractie wel. Dit is een salomonsoordeel. Ik heb hier de schaal. De stemming gaat beginnen, de hoofdelijke stemming over het amendement. De stemming begint bij de heer Kuin. Mijnheer Kuin, de stemming begint bij u. Het gaat om het amendement. U bent voor het amendement of u bent tegen het amendement. Daarna leest de griffier de namen van de ... Of doe ik dat zelf? Kan ook. Ik kan het ook zelf doen. Ik lees de namen en u zegt voor of tegen. Mijnheer Kuin. De heer Kuin: Tegen. De voorzitter: De heer Van Leeuwen. De heer Van Leeuwen: Welke? Maar ik denk dat u ... De voorzitter: Er is maar één die hier mag stemmen. Die wil ik het graag van horen, van de Actiepartij. De heer Van Leeuwen: Voor het amendement.

44

De voorzitter: Mevrouw Moedt. Mevrouw Moedt: Tegen. De voorzitter: Mevrouw Oosterbroek. Mevrouw Oosterbroek: Voor. De voorzitter: Mevrouw Oppenhuis. Mevrouw Oppenhuis: Voor. De voorzitter: Mevrouw Oudshoorn. Mevrouw Oudshoorn: Voor. De voorzitter: Mevrouw Özogul. Mevrouw Özogul-Özen: Tegen. De voorzitter: De heer Van den Raadt. De heer Van den Raadt: Voorzitter, Trots Haarlem stemt tegen. De voorzitter: De heer Rademaker. De heer Rademaker: Tegen. De voorzitter: Mevrouw Roodhuizen. Mevrouw Roodhuizen: Voor. De voorzitter: Mevrouw Schneiders. Mevrouw Schneiders: Voor. De voorzitter: Mevrouw Scholten. Mevrouw Scholten: Tegen. De voorzitter: De heer Smit. De heer Smit: Tegen. De voorzitter: Mevrouw Verhoeff. Mevrouw Verhoeff: Voor. De voorzitter: De heer Visser.

45

De heer F. Visser: Tegen. De voorzitter: Ik bedoelde inderdaad, want dat is namelijk de eerste in het alfabet, maar dit had inderdaad heel terecht. Dit is de heer Visser van de ChristenUnie. We gaan nu naar mijnheer Visser van de Partij van de Arbeid. De heer S. Visser: Voor. De voorzitter: Dan de heer Wiedemeijer. De heer Wiedemeijer: Voor. De voorzitter: De heer Van der Windt, mevrouw Van der Windt, sorry. Mevrouw Van der Windt: Mevrouw Van der Windt is voor. De voorzitter: Mevrouw Van Zetten. Mevrouw Van Zetten: Tegen. De voorzitter: De heer Abbasi. De heer Abbasi: Voor. De voorzitter: De heer Aerssens. De heer Aerssens: Tegen. De voorzitter: De heer Aynan. De heer Aynan: Tegen. De voorzitter: Mevrouw Barten. Mevrouw Barten: Voor. De voorzitter: Mevrouw Bastiaans. Mevrouw Bastiaans: Voor. De voorzitter: De heer Van den Berg. De heer Van den Berg: Voor. De voorzitter: De heer Blokpoel. De heer Blokpoel: Tegen. De voorzitter: Mevrouw Van den Broek.

46

Mevrouw Van den Broek: Tegen. De voorzitter: Mevrouw Hamzad. Mevrouw Hamzad: Voor. De voorzitter: De heer Bruch. De heer Bruch: Tegen. De voorzitter: Mevrouw Çimen. Mevrouw Çimen: Voor. De voorzitter: De heer Dreijer. De heer Dreijer: Voor. De voorzitter: De heer Drost. De heer Drost: Voor. De voorzitter: Mevrouw Hartman. Mevrouw Hartman: Tegen. De voorzitter: De heer Heinis. De heer Heinis: Voor. De voorzitter: Mevrouw Jacobsz. Mevrouw Jacobsz: Tegen. De voorzitter: De heer Van Kessel. De heer Van Kessel: Tegen. De voorzitter: Mevrouw Klazes. Mevrouw Klazes: Voor. De voorzitter: Mevrouw Klazinga. Mevrouw Klazinga: Tegen. De voorzitter: Mijnheer Krouwels. De heer Krouwels: Voor.

47

De voorzitter: Dank u wel. Dan wordt nu geteld. Ik denk dat u het ongeveer weet, maar ... Dan is het amendement aangenomen met 21 stemmen voor en 18 stemmen tegen. Dan is nu het aldus gewijzigde voorstel zelf aan de orde. Dat is bijna ten overvloede, maar we hebben begrepen dat sommige mensen de lenigheid hebben om dan toch onverwachts te kunnen stemmen. Ik stel voor dat we die stemming nu direct aansluitend doen. Daarvan verzoek ik om degene die voor het gewijzigde voorstel zijn, het geamendeerde voorstel, of die de hand willen opsteken. Dat zijn de fracties van Partij van de Arbeid, D66, Actiepartij, ChristenUnie, CDA en GroenLinks. Dat betekent dat het voorstel is aangenomen. Dat betekent dat de raad heeft geoordeeld dat het referendum niet wordt toegestaan, niet wordt toegekend. Ik had afgesproken dat ik dan kort zou schorsen. We hebben net twee schorsingen gehad, maar ik denk dat het goed is om wel eventjes in ieder geval met elkaar de balans op te maken. We weten hoe het zit met het referendum. Er ligt het voorstel rond het parkeren. Ik zou zelf zeggen van, laten we dat nu voortzetten en iedere fractie vier minuten extra spreektijd geven. Dat zou ik willen voorstellen, want er zijn een aantal fracties die nu helemaal geen spreektijd meer hebben. Dat is een voorstel. U kunt ook tegen stemmen.

Maar het voorstel zou wat mij betreft zijn, laten we ervoor zorgen dat er wel serieus debat kan plaatsvinden over een onderwerp wat de mensen zo bezighoudt. Ik kijk even rond. Reageert u op het voorstel? Mevrouw Van Zetten. Mevrouw Van Zetten: Eerlijk gezegd vind ik met de moties, amendementen die hier liggen een ambtelijk advies dat al vlak voor de behandeling van deze nota hier al klaar ligt. Dat het stuk eigenlijk niet behandelrijp is. Ik wil voorstellen, ook namens mijn collega's, de meesten ieder geval, om de behandeling uit te stellen. De voorzitter: Dan liggen er drie mogelijkheden. In de eerste plaats het voorstel om de behandeling uit te stellen. Dat zou dan betekenen dat wij aanstaande dinsdag de vergadering voortzetten. Dat is mogelijkheid één. Tweede, dat is dat wij doorgaan en vier minuten extra spreektijd toekennen om de fracties wel in de gelegenheid te stellen ordentelijk aan dit belangrijke onderwerp mee te kunnen praten. Het derde, dat is als deze beiden worden afgewezen door de raad, dan gaan we het gewoon behandelen en dan is de spreektijd zoals die is. Ik ga even peilen hoe u erover denkt. Het voorstel van mevrouw Van Zetten, het punt af te voeren op dit moment van de agenda. Dat betekent dat we dinsdag verder vergaderen.

Wie is daar voor? Dat zijn, laten we het maar even precies bekijken, de VVD, SP, Hart voor Haarlem, Trots Haarlem, BV Nederland Forum voor Democratie, Jouw Haarlem, OPH en Partij voor de Dieren. Dat is niet genoeg. Dan het tweede voorstel, om door te gaan en alle partijen vier minuten extra spreektijd te geven. Is daar steun voor? Of zegt u ... Mevrouw Verhoeff: Voorzitter, mag ik nog een vraag stellen? De voorzitter: Jazeker. Er zijn nog een paar opmerkingen over. Dan doen we dat nog even, maar wel graag snel, want de tijd gaat ook door. Mevrouw Verhoeff. Mevrouw Verhoeff: Voorzitter, dit is nu dan verdelen over klein en groot allemaal. Waarom komt u dan met één integraal voorstel van vier minuten? De voorzitter: Eerlijk gezegd, ik zal er even direct op ingaan, om praktische redenen. Als we dat moeten gaan berekenen, kost het nog meer tijd. Er moet toch wel eventjes dan het ingevoerd worden. Dit is de simpelste. Dat is de belangrijkste reden. Want sommige fracties hebben het niet nodig, anderen hebben het wel nodig. Ik heb het gevoel dat we daarmee iedereen de gelegenheid geven om een bijdrage aan de discussie te leveren. Dat is de reden. Ik kijk nog even of er nog meer mensen wat over zeggen willen. Hou het kort, want uiteindelijk u beslist het gewoon. Ik ga gewoon vragen of het gesteund wordt. Als het niet gesteund wordt, doen we het niet. De heer Wiedemeijer.

48

De heer Wiedemeijer: Voorzitter, de Partij van de Arbeid is bereid om een gebaar te maken en spreektijd toe te voegen. Alleen uw voorstel voelt wel echt als overmatig, waarbij we hier dan minstens nog een uur zitten. Als we een compromis zouden kunnen vinden daartussen, dan zijn wij bereid om de andere fracties hun spreektijd te verlengen. De voorzitter: Ik kijk nog even. De heer Smit. De heer Smit: Mijnheer de voorzitter, OPHaarlem heeft heel lang en heel hard gewerkt aan tien degelijke amendementen en vier goede moties. Ik wist van tevoren dat ik aan acht minuut achttien, alleen al daaraan, in principe niet voldoende had, maar ik heb me voorbereid met een minutieuze tekst. Dan nog, uiterst krap. Met vier minuten red ik het ook niet. Ik denk dat de opmerking van mevrouw Van Zetten, dat dit stuk niet behandelrijp is, gegeven alle amendementen, gegeven de moties, dat de behandeling later moet plaatsvinden. Maar met vier minuten vind ik mij geschoffeerd, mijnheer de voorzitter. De voorzitter: Mijnheer Smit, ik constateer dat daarover net in deze raad gestemd is en dat de raad heeft gezegd, we gaan niet uitstellen, we gaan wel door. Mijn voorstel was vier minuten. Ik hoor dat de Partij van de Arbeid zegt, ik wil best meegaan met extra tijd, maar geen vier minuten. Ik kijk even of er nog anderen zijn die iets willen zeggen. De heer Kuin.

De heer Kuin: Misschien wel even openhartig, bij veel fracties leeft heel sterk dat er een belangrijk negatief besluit is genomen over een democratisch recht van de Haarlemmers. Een aantal fracties overwegen om überhaupt de vergadering te verlaten. Ik zeg het maar even, zoals het leeft. Dat heeft met het vorige onderwerp te maken. Het heeft ook met het komende onderwerp te maken. Het gevoel dat er in een hele korte tijd een ongelooflijk belangrijk besluit doorheen gejast wordt, dat is vanwege de weinige spreektijd die er nog is. Een paar minuten gaan dat niet oplossen. Maar dat is ook vanwege de preadvisering van het college. Het sterke gevoel dat het in een half uur, in een uur erdoorheen gejast gaat worden doet geen recht aan een belangwekkend onderwerp, wat in ieder geval veel Haarlemmers bezighoudt. Dat staat in ieder geval vast. Ik wil even schorsen om te beraden op dat punt. De voorzitter: Ik moet zeggen, wacht even, want ik wil wel echt ... Dat moet echt heel kort, want de tijd gaat ook gewoon door en dat daarin spreekt het elkaar dan tegen. Het voorstel van mij is vier minuten. Als er een ander voorstel is, dan moet het op tafel gelegd worden. U heeft gelegenheid om even beraad te hebben. De heer Smit: Voorzitter, wij hebben een ander voorstel op tafel gelegd al hoor. De voorzitter: Wilt u gaan zitten. Iedereen. Ik heropen de vergadering.

Mijnheer Kuin, u heeft gevraagd om een schorsing. De heer Kuin: Iedere fractie moet voor zichzelf spreken. Wij zullen in ieder geval besluiten op te stappen nu, met de drie redenen die ik net noemde. Een belangrijk besluit tegen het referendum, slecht beargumenteerd en dat gaat bij de rechter een probleem worden. Het idee dat er nu een belangrijk besluit over gereguleerd parkeren in een korte tijd doorheen gejast gaat worden, niet behandelrijp. Wij achten het niet zinvol verder te gaan. De voorzitter: Die discussie is geweest. Ik moet wel zeggen dat ik vind dat we met elkaar de democratische spelregels ook in acht moeten nemen. Dit is een raad. Die raad beslist over de vergaderorde. Ik heb een voorstel gehoord, dat is voorgelegd, dat is niet gehonoreerd. Ik doe als voorzitter een heel dringend beroep

49

op iedereen om te zeggen van, mensen accepteer wel de uitslag van datgene wat in deze raad met elkaar wordt vastgesteld, ook als je er niet gelukkig mee bent. Ik zie dat er nog een paar mensen iets willen zeggen. De heer Van Leeuwen. De heer Van Leeuwen: Voorzitter, ik constateer dat een partij als SP acht minuten en een paar seconden had bij aanvang van deze vergadering, er wat u betreft vier minuten bij krijgt. Volgens mij is het onzin om te zeggen dat het onderwerp niet besproken kan worden en refereer ik het eventuele opstappen van u een-opeen met dat referendum en niet moet u er dan bijhalen punt dat dit punt niet meer goed kan worden besproken, want daar heeft u vier minuten voor. Dat is best ... De heer Kuin: U gaat niet over mijn argumentatie. De voorzitter: Ik constateer dat u het met elkaar daarover heeft. Ik kijk nog even naar de heer Aynan. De heer Aynan: Dank u wel, voorzitter. Heel goed dat u begint over democratische spelregels. Die zijn vanavond met de voeten getreden. Geen enkel argument geleverd waarom een voldragen referendumverzoek van de Haarlemmers vandaag terzijde is geschoven. De Haarlemmers zijn geschoffeerd, wij zijn geschoffeerd. Er rest ons niets anders dan maar op te stappen. De voorzitter: Ik verzoek u toch om niet te applaudisseren? De heer Smit nog. De heer Smit: Dank u, voor wat u constateert.

Weken heb ik gewerkt aan de amendementen, heb ik talloze technische vragen gesteld, heb ik geprobeerd alles te doorgronden. Daar is echt veel tijd in gaan zitten. Wist ik dat ik met acht minuut achttien het niet zou redden. Maar goed, dan proberen we samen met elkaar dat in te kleuren. Ik ben zwaar geschoffeerd als ik in vier minuten nu moet proberen, mijnheer de voorzitter, ik gebruik de tien seconden nog, zo'n belangrijk document zo'n belangrijke nota er doorheen te jassen. Een stuk dat niet behandelrijp is. Ik kan daar niet aan uw wens voldoen. Ik stap op. De voorzitter: Er zijn geen wensen van mij. Ik heb een voorstel gedaan. Ik constateer wel dat iedereen aan het begin van deze vergadering wist hoeveel minuten er waren. Die waren niet alleen voor het onderwerp waar het nu nog over gaat. Nu zijn er wel vier minuten in ieder geval beschikbaar voor exclusief dat onderwerp, wat uitvoerig besproken is in de commissie en wat uitvoerig de afgelopen periode ons heeft beziggehouden. Ik ben verder geen partij. Ik constateer dat ik een voorstel gedaan heb, er is een ander voorstel gedaan en ik denk dat we nu gewoon de conclusie moeten trekken. Ik zie je dat nog anderen ook weer iets willen zeggen. Als dat hetzelfde is, dan denk ik van, misschien moeten we de tijd sparen. Maar de heer Van den Raadt.

De heer Van den Raadt: Voorzitter, ik kwam tot de conclusie dat ik heel vaak een voorstel tot een referendum heb ingevoerd en dat dat elke keer werd afgewezen, zelfs tot uitlachen toe. Het is mooi te zien dat er nu wat meer steun is voor een referendum. Het is ook mooi te zien dat Referendumverordening en de dame van de commissie zegt dat het nu eigenlijk een prachtig moment was om het wel te doen. We doen het niet. Ik heb me ook te barsten gewerkt aan mooie moties. Daar zal waarschijnlijk ook wel niks van worden aangenomen. Maar dit is natuurlijk wel het moment dat je gewoon iedereen schoffeert en eigenlijk zegt, wij maken de dienst uit en wat jullie nog vinden, dat maakt helemaal niet meer uit. Als het zo is, dan ga ik gewoon lekker bier drinken. Dank u wel. De voorzitter: Mevrouw Van Zetten.

50

Mevrouw Van Zetten: Ik wil nog even ingaan op dat het uitvoerig besproken is in allerlei gremia hier. Wat mij echt tegen de borst stuit, zoals dat amendement dat ik toevallig onder oog kreeg, omdat ik gewaarschuwd was, waar in de appgroep fractievoorzitters helemaal geen mededeling voor was gedaan. Ik vind de manier waarop we hier met elkaar omgaan echt heel onprettig. De voorzitter: Ik hoor het. Er lag voor een voorstel om vier minuten extra spreektijd toe te kennen. Of die gebruikt wordt is vers twee. Ik kijk of daar steun voor is. Daar is steun voor. Ik zie dat de VVD nog een opmerking wil maken. De heer van Kessel. De heer Van Kessel: Dank u wel, voorzitter. Het is natuurlijk best wel een zware avond voor een groot deel van de oppositie geweest, merk ik, constateer ik ook. De VVD zal niet opstappen uit de raadsvergadering, maar ik zou wel graag, gelet ook op dat we in zo'n gemeenteraad dat ook samen doen, zou ik toch willen vragen, ook vanwege het aanzien van de raad, gelet op het tijdstip van tien voor elf, om misschien toch te kijken dat we beter op een fris moment, als we allemaal een beetje uitgeraasd zijn, de behandeling of de beraadslaging weer voort te zetten. Ik zou u toch willen vragen, ook gelet op het feit wat er nu gebeurt, dat wij kijken of we dat op een ander moment voortzetten en dat we de avond nu eventjes laten voor wat het is.

De voorzitter: Dat is dan een ordevoorstel. Als daar steun voor is dan gaan we alsnog het eerste voorstel doen, dan wordt het volgende week dinsdag. Want eigenlijk is dat hetzelfde, maar u doet het op een ander tijdstip. Nee, ik hoor het. U heeft ook een andere argumentatie, maar dat is wat u hier voorlegt. Daar kijk ik dan nog heel even of daar steun voor is. De heer F. Visser: Voorzitter. De voorzitter: Wacht even, want er zijn dan mensen die er ook weer wat over zeggen willen. Houd het kort. Zeg gewoon wat u vindt en dan trekken we conclusie. De heer Visser. De heer F. Visser: voorzitter, ik zit met een dilemma, want ik heb straks voorstellen die, als de coalitie verdeeld is, moeilijker aangenomen kunnen worden doordat een aantal stemmen mist. Ik vind het ook heel ongemakkelijk wat hier gebeurt. De manier waarop heb ik ook een mening over. Maar ik zit ook agendatechnisch, want u stelt dinsdag voor, dat wordt voor mij persoonlijk ook nog wel een uitdaging. Ik heb er gewoon rekening meer gehouden, we hebben een keer de nacht van Aynan gehad, dat dit laat zou worden. Volgens mij heeft iedereen daar rekening mee gehouden. Ik zou liever doorgaan. De voorzitter: Even kijken. Was er nog iemand die iets wilde zeggen? De heer Wiedemeijer. De heer Wiedemeijer: Voorzitter, ik ga me niet uitlaten over hetgeen wat is gebeurd.

Ik denk dat het een groot voorrecht is om volksvertegenwoordiger te zijn. Los daarvan, we hebben geprobeerd de handreiking te doen. Dat heeft niet gewerkt. Dat betreur ik. Maar de consequentie is wel dat we het met extra vier minuten zullen afmaken vanavond. De voorzitter: Ik begrijp dat er onvoldoende steun is voor het voorstel van de heer Van Kessel. Dan stel ik voor dat we doorgaan. Want uiteindelijk de spelregels van de raad, dat is ook wel een belangrijk punt ... Er zijn heel veel belangrijke beslissingen trouwens genomen diep in de nacht, of dat gekkenwerk was of verstandig, daar kan je erover twisten. Maar ik stel voor dat we dan nu gezwind doorgaan naar het volgende agendapunt. Kan dat ondertussen? Er wordt nu razendsnel die vier minuten toegevoegd.

51

De heer Van Kessel: Punt van orde. Even een vraag. De voorzitter: Gaat u verder. De heer Van Kessel: Er is een groot aantal amendementen en moties ingediend. Daarvan kan het dictum nu niet voorgelezen worden. In het verleden heeft u dat weleens gedaan, maar dat voelt toch ook een beetje gek, aangezien dan de indieners er niet zijn. Is dat dan ook formeel ingediend? Ik vraag me even af hoe dat werkt met de technische indiening van deze moties en amendementen. De voorzitter: We hebben over amendementen al gezegd dat we daar een wat bijzondere procedure voor zouden volgen. Ten aanzien van moties moet het dictum wel worden voorgelezen. Want dit zijn dan typisch van die voorbeelden waarbij je zegt van, daar hebben we eigenlijk weinig tijd voor. Ik zou, als het over gebaren gaat, zeggen van, laten wij met elkaar het dan toch opbrengen om die moties die voorliggen kort wel aan de orde te stellen. Dat ze niet deelnemen aan de vergadering in een eigen keus. Ik vind er van alles van, maar dat doet er niet toe. Het is een eigen keus. Maar de raad kan zich uitspreken. De heer Van Kessel. De heer Van Kessel: Maar kijk, normaliter is het zo dat in ieder geval bij een motie dat die uitgesproken wordt tijdens de beraadslaging en dan is hij ingediend.

Het is denk ik niet aan anderen dan de indieners om de indiening te doen, want wij weten niet of zij op dit moment hun motie willen aanhouden, naar aanleiding van de beantwoording, of dat ze hem alsnog willen indienen. Dat levert staatsrechtelijk volgens mij toch wel een probleem op. De voorzitter: Nee, want het betekent dat we af zouden wijken van onze verordening. Vroeger deden we het nooit. Als we het nu wel doen, dan ... Ik vind het uitstekend, hoor. Dit was bedoeld als een soort gebaar van, we nemen het in ieder geval mee in de besluitvorming. Als u zegt van, eigenlijk hecht ik eraan om te zeggen, die moties zijn niet ingediend, dus worden ook niet behandeld, dat kan ook. Maar we moeten nu wel door. Als dat uw voorstel is ... De heer F. Visser: Voorzitter. De voorzitter: Mijn voorstel was om ze wel mee te nemen om te voorkomen dat het gevoel bestaat van dat ze bewust genegeerd zijn. De heer Van Kessel: Dat vind ik een hele lastige vraag. Simpelweg omdat ik dat gewoon niet weet. Ik voel me daar eigenlijk ook niet zo lekker bij om daar een beslissing over te nemen. De voorzitter: Maar dan zou ik zeggen, neem dat dan nu op mijn gezag aan. We wijken af van onze eigen verordening, niet van een wet of van andere regels. De voorzitter kan voorstellen om dat te doen. Dat doe ik dan bij deze. Als u zegt van, dat steunen we, dan is dat daarmee gelegitimeerd.

Als u zegt, dat steunen we niet, dan is het voorstel van tafel. De heer Visser nog. De heer F. Visser: Voorzitter, ik snap uw voorstel. Amendementen moeten wel worden behandeld, want anders kunnen ze gewoon nooit meer worden behandeld vanwege het voorstel, als we vandaag over het voorstel stemmen. Ik heb weleens eerder namens een andere fractie iets ingediend. Volgens mij kan een raadslid dat dan indienen, zodat het in ieder geval is ingediend. Moties kan je over discussiëren of we zeggen van dat die op een volgende raad komen. Dat zou kunnen. Dan moeten we daar een agendapunt voor inruimen. Maar als we vandaag gaan stemmen over het voorstel, dan vind ik het het meest rechtdoen aan de

52

indieners dat hun amendement wel wordt behandeld en dat een ander raadslid dan even formeel de indiening doet. Dat kan gewoon zeggen van, bij deze ingediend. De voorzitter: Wat mij betreft nemen we het nu mee. De heer Visser heeft een alternatief voorstel. Wel de amendementen, niet de moties, want die kan je altijd later nog een keer doen. Wordt dan ook weer een gedoe, want dan gaan we het weer overdoen met weer een hele discussie. Ik weet niet of we die kant uit moeten. Het voorstel van de heer Visser, wel de amendementen, niet de moties, heeft dat uw voorkeur? Allen. Dat doen we het. 17. Vaststellen Nota uitwerking parkeerregulering De voorzitter: Dan gaan we nu starten. Wie wenst het woord over het onderwerp vaststellen Nota Uitwerking parkeerregulering. De heer Visser. De heer F. Visser: Voorzitter, ik ga een poging doen om efficiënt mijn amendement en moties in te dienen. Het eerste amendement, Overgangsregeling derde auto. Die is in de loop van de week ook een beetje afgezwakt, op verzoek van een aantal fracties. De kern is, geef tot 30 juni 2026 de mogelijkheid om de derde auto te houden, maar wel voor een hoog tarief, zodat er echt een prijsprikkel is om al veel eerder van die auto af te gaan. Maar zo helpen we de jongvolwassenen die echt in de knoop zitten. Dat is mijn eerste amendement. Tweede amendement, Parkeerduurbeperking beperken tot de avond en het weekend.

Eigenlijk is dit typisch zo’n amendement waar de titel al genoeg zegt. Ik kan u alleen maar zeggen, dit was ook het oorspronkelijke voorstel van het college ooit, wat door de raad is aangescherpt. Mijn voorstel is eigenlijk, ga terug naar het oorspronkelijke voorstel van het college, dan voorkomen we heel wat ellende. Dan het derde amendement. Parkeerduurbeperking niet als er geen parkeergarage in de buurt is. Het college beargumenteert dat in de kop van Haarlem-Noord er geen parkeergarage in de buurt is en dat parkeerduurbeperking in zone D niet geldt. Onze stelling is dat het in een deel van zone C ook geldt, dat er echt delen zijn in die uitbreidingswijken die echt veel te ver weg liggen van bijvoorbeeld de Cronjé parkeergarage. Dat een grens moet worden getrokken. Een deel van zone C ook geen parkeerduurbeperking. Dan amendement nummer 4, Te Zaanenkwartier. Die is echt heel lastig. We vinden eigenlijk dat het college gewoon in het voorstel had moeten zeggen, Te Zaanenkwartier hoort ook gewoon bij de parkeerregulering, want het parkeerdruk is daar gewoon boven de 85 procent. Probleem is alleen dat De Krim er ook bij hoort en die haalt het gemiddelde naar beneden. Daardoor zit het net niet boven die 85 procent. Maar doordat Te Zaanenkwartier er nu buiten te laten, wordt het Te Zaanenkwartier drie jaar lang het parkeerterrein van Haarlem-Noord.

Ik denk dat de bewoners van die wijk, of ze voor de parkeerregulering of tegen de parkeerregulering zijn, dat ze dat in ieder geval niet willen. Als er een parkeerregulering komt, doe het ook in Te Zaanenkwartier. Dat stellen wij hier dan ook voor. Alleen we snappen dat je dat procedureel ... De voorzitter: U heeft een amendement van de heer Van Leeuwen. Sorry, een interruptie. De heer Van Leeuwen: Voorzitter, de ChristenUnie deelt dezelfde zorg als Actiepartij, ik denk met velen hier in de raad. Maar bent u het niet met me eens dat iets wat we ter inzage hebben gelegd en een wijk die ervan uitgaat voor of tegen dat ze niet gereguleerd worden bij aanvang, nu bij invoering, dat we die het niet kunnen aandoen om te zeggen, we gaan de grenzen verleggen en dan hoor je er wel bij en dan krijg je gereguleerd parkeren? Dat we dan juist goed moeten kijken hoe we met bewoners ook dit plooien. De heer F. Visser: Ik ben het grotendeels met u eens. Daarom hebbe we ook naar een middenweg gezocht, juist zodat het college het helaas niet had opgelost, het voorstel. Het college had bij Oosterduin wel zo'n knip

53

gelegd. Dat hadden ze hier ook kunnen en moeten doen, wat ons betreft. Daarom hebben we gezegd, er komt nog een evaluatiemoment in 2024 en in 2026. Het college zegt, we gaan pas na 2026 verder kijken. Dan is er drie jaar ellende. Wij hebben gezegd, doe dan in die ronde van 2024. Neem het dan mee. Dan kan je het in 2025 invoeren. Dan is het maar één jaar ellende in plaats van drie jaar ellende. Dan komen we het Te Zaanenkwartier daar tegemoet en iedereen weet, zodra je over die 85 procent komt, komt er gereguleerd parkeren. Wat dat betreft is het geen verrassing voor het Te Zaanenkwartier, willen we alleen proberen die termijn van drie jaar te beperken. Dat doen we hier op een hele elegante, nette manier. Voorzitter, ik ga door met amendement nummer 5, Westelijke Randweg de grens tussen C en D. We zijn heel blij dat het college tegemoet gekomen is aan ons verzoek om bij Oosterduin, Ramplaankwartier, om een duidelijke grens op de Westelijke Randweg te leggen. Maar dat heeft college niet gedaan bij De Krim en niet gedaan bij Veldzigt. Veldzigt is natuurlijk heel bijzonder, want die hebben al nieuwe parkeerzone C. Daarom hebben we het amendement ook op verzoek van enkele fracties aangepast. Dat we zeggen van, Veldzigt, hou die voorlopig even in C. Maar bij de evaluatie gaan we daar goed naar kijken. In principe gaat hij dan naar D toe.

Maar laten we dat nu niet met die grote zwik doen. Maar laten we voor de rest wel echt de grens op de Westelijke Randweg leeggen. Dit amendement verbetert een paar technische foutjes die in de tekst stonden, want Haarlemmer Houtkwartier en Houtvaartkwartier waren door elkaar gehaald in de nota. Dat wordt gelijk met dit amendement opgelost. Dan motie 6 is dat, Particulier autodelen faciliteren in de parkeerregulering. Verzoekt het college een voorstel uit te werken die het vanaf 1 januari 2024 mogelijk maakt om als bewoner de eigen auto te delen met een bewoner in een ander vergunningsgebied. Daarbij uit te werken hoe zo'n regeling kan werken in relatie tot het vergunningplafond. Want dat is denk ik ook het meest ingewikkelde hieraan. Maar we willen allemaal dat autodelen en we willen daar allemaal tempo bij. Dat is juist ook een middel om mensen te overtuigen om misschien de eigen auto of de tweede auto de deur uit te doen. Dan moeten we het autodelen wel echt faciliteren. Vandaar deze motie. Dan motie nummer 7, Structureel positief saldo parkeerfonds niet zomaar naar algemene middelen. Eigenlijk zegt deze motie, loop niet vooruit. Het college liep vooruit. Ik moet bekennen, in de eerdere versie van de motie liep ik vooruit. Dat is ook niet de bedoeling. Ik zeg gewoon, er moet bij de Programmabegroting 2027 ... Dan moeten we een besluit met elkaar nemen.

Daarvoor moeten we als raad alle informatie hebben. Deze motie bevat de informatie die wij als raad moeten hebben om uiteindelijk een besluit te nemen ofwel het parkeerfonds te stoppen of door te gaan met het parkeerfonds of er een andere bestemming aan te geven. Ik zal hem nog even voor de vorm voorlezen. Verzoekt het college nu niet vooruit te lopen op eventuele opheffing van het parkeerfonds vanaf 2027, maar bij de Programmabegroting 2027 inzichtelijk te maken wat de structurele baten en lasten zijn voor 2027 en volgende jaren. Deze structurele baten en lasten te vergelijken met de inschattingen die zijn gemaakt bij het opstellen van deze nota. Dat is die vijf ton, waar we het nu allemaal over hebben. Ten derde, wanneer er sprake is van een structureel positief saldo inzichtelijk te maken wat het effect zou zijn als dit saldo zou worden ingezet voor verlaging van de tarieven voor gereguleerd parkeren voor bewoners en/of voor voortzetting van het parkeerfonds als een duurzaam Mobiliteitsfonds en dit fonds wordt ingezet voor bijvoorbeeld investeringen duurzame mobiliteit. Maak die verschillende varianten inzichtelijk en neem dan een besluit. Maar gaan nu niet zomaar zeggen, die vijf ton gaat straks naar de algemene middelen. Dan hebben we echt een slechte boodschap naar de inwoners van Haarlem. Voorzitter, amendement nummer 8.

Dat is een heel lang amendement en ik denk dat heel wat mensen blij zijn dat ik die niet ga voorlezen. Maar eigenlijk wat dit amendement doet, is gewoon allemaal teksten in de nota verduidelijken. Want ik vond de nota op heel veel punten heel duidelijk, maar juist op het punt van hoe zit het met die overgangsregeling niet. Dat is wel een heel gevoelig punt. Pas bij de technische vragen van verschillende fracties bleek hoe het uiteindelijk bedoeld was. Ik heb hier eigenlijk gewoon geformuleerd wat de antwoorden waren in die technische vragen. Hoe zit het met die eerste auto? Hoe zit het met die tweede auto? Dat wordt in verschillende passages verduidelijkt. Er bleek gewoon echt nog een storende fout in de nota te staan. Er

54

stond namelijk precies het tegenovergestelde van het college bedoelde. Die storende fout halen we er ook gelijk uit. Dit is wat ons betreft echt een technisch amendement, maar maakt de tekst wel veel duidelijker. Voorzitter, dan nog motie 26. Die dienen we samen in met de Actiepartij. Die motie heet, OV alternatief gelijk aanbieden. Het punt is, de concessies van openbaar vervoer in deze regio lopen nog een tijdje. Een nieuwe buslijn of hoge frequenties komen er waarschijnlijk pas bij een nieuwe concessie. Zo werkt eenmaal de systematiek, financieel gezien. Maar ondertussen zitten wij wel gereguleerd parkeren in te voeren en zeggen heel wat inwoners van Haarlem, maar het ov in mijn wijk is nog niet goed. Daar moet ik ze gelijk in geven. Daarom stellen wij voor, ga in gesprek met de provincie, ga samen met de provincie kijken, kunnen we niet een aantal van die lijnen die bedacht zijn in de buslijnennetstudie, die we binnenkort gaan krijgen, kunnen we die niet versneld gaan uitrollen. Dat zal geld kosten. Dat is meerwerk in de concessie. Maar misschien wil de provincie het ook wel, gezien het Klimaatakkoord en kunnen we de provincie verleiden om daar financieel aan bij te dragen. Misschien kunnen we er zelf ook nog wat bijleggen om dat voor elkaar te krijgen, om echt een goed alternatief neer te leggen.

Daarom verzoekt het college met de concessieverleners, provincie en vervoer regio, te onderzoeken of een deel van de nieuwe snelle buslijnen of de hogere frequenties uit de buslijnenstudie reeds kan starten in 2024 of 2025. Ik zeg iets heel schokkends, hoor ik. Voorzitter, ik ga door. Daarbij specifiek te kijken met welke lijn uit de buslijnenstudie de ov-bediening van de wijken die parkeerregulering krijgen versneld kan worden verbeterd en hoeveel meerwerksubsidie nodig is om dit mogelijk te maken in de periode tot de start van de nieuwe concessies. De concessieverleners daarbij te verzoeken ook financieel bij te dragen aan het meerwerk en/of de concessieverleners dit meerwerk met een bijdrage van de gemeente Haarlem willen faciliteren. Want zij moeten uiteindelijk toestemming geven, ook al leggen wij geld neer. Voor de eventueel benodigde financiële bijdrage van de gemeente Haarlem aan dit meerwerk dekking te zoeken vanuit het parkeerfonds en/of de extra incidentele middelen. De raad uiterlijk bij de Programmabegroting 2024 te informeren over de resultaten van dit onderzoek, mede ondertekend door de heer Van Leeuwen. Voorzitter, dat het laatste amendement. De voorzitter: Dat snap ik. Uw laatste en dat gaat u zo kort mogelijk zeggen. De heer F. Visser: Dit kan nu niet, voorzitter. De Bovengrens vergunningplafond niet ten koste van de overgangsregeling.

Ook dat is een enigszins technisch amendement. Er stond namelijk heel duidelijk van, we kunnen het vergunningplafond overschrijden om tegemoet te komen aan die overgangsregeling. Maar vervolgens staat verderop in notitie, maar het mag niet boven de honderd procent uitkomen. Dat zal in de meeste wijken lukken, maar er zijn vier wijken die op het ogenblik nog boven die honderd procent zitten. We hopen natuurlijk dat alle maatregelen ervoor zorgen dat we onder die honderd komen, maar er is een kans dat we toch net tijdelijk erboven zitten. Wij vinden die garantie aan de burger, dat je die vergunning op grond van die overgangsregeling krijgt, echt belangrijk. Dat vertrouwen willen wij geven en krijgen. Dus hebben wij dat iets scherper en duidelijker geformuleerd, zodat die burger weet, ik heb gewoon recht op die overgangsregeling. Natuurlijk hebben we er vertrouwen in dat we deze zin ... Hopen we niet nodig te hebben, maar wij vinden het belangrijk dat we die garantie uitspreken naar de burgers van Haarlem. Dank u wel. De voorzitter: Ongelooflijk, u staat precies op nul. Wenst iemand verder het woord? De heer Van Leeuwen. Voorzitter, dank u wel. We hebben sinds jaar en dag in Haarlem gereguleerd parkeren in onze stad. Daar wordt voor betaald voor dat parkeren, maar we zijn eigenlijk ons plekje in de stad niet zeker. Er komen gewoon steeds meer auto's bij.

Er is geen plafond in dit systeem. Mede daarom en om heel veel andere redenen wordt het gereguleerd parkeren in Haarlem uitgebreid, zo luidt het voorstel. Wat ons betreft, nu beter, want met een vergunningenplafond, noem het gereguleerd parkeren 2.0. Voorspelbaarder, want ingevoerd bij een parkeerdruk van 85 procent of hoger. Eerlijker, want de lasten worden over meerdere

55

automobilisten in deze stad verdeeld. Het wordt voorlopig een beter betaalbaar, want ook goedkoper dan hoe het in het bestaande gebieden tot dusver is geregeld. Een aantal verbeteringen die dit besluit met zich meebrengt. Onze zorgen gaan net als bij ChristenUnie uit naar Te Zaanenkwartier. Daar dienen wij dan ook, samen met D66 en GroenLinks, een motie voor in. Dat is nummer ... Dat gaat u straks vertellen. Maar hij heet in elk geval Vinger aan de pols in Te Zaanenkwartier. Het dictum luidt, verzoekt het college ook de inwoners van Te Zaanenkwartier schriftelijk te informeren over de voorgenomen parkeerregulering in de omliggende wijken. Behalve in 2024 en ‘26 ook in 2025 in Te Zaanenkwartier een parkeerdrukmeting uit te voeren. Indien in deze periode de parkeerdruk blijkt toe te nemen tot boven de 85 procent te Zaanenkwartier na 2026 bij de verdere uitbreiding van het gereguleerd parkeren bij voorrang te betrekken in de fasering van de uitrol en de gemeenteraad hier en ook de commissie Beheer over te informeren, over de uitkomsten van de tussentijdse parkeerdrukmeting. Verder hebben wij ons logo's geplakt op moties van het CDA, als het gaat om het parkeren bij sport en begraafplaatsen. Bij de motie van de Partij van de Arbeid, over het parkeren bij zorg en onderwijs.

Zoals net gesteld door mijn buurman, die van de ChristenUnie over het onderzoek naar de versnelde invoering van het openbaar vervoer. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ik ga naar de Partij voor de Dieren, maar u heeft echt helemaal geen spreektijd meer. De discussie nu gaan voeren, maar dat is dan de enige opmerking of zegt u van, maar ik wil eigenlijk in het debat de hele tijd nog bijdragen leveren? De heer F. Visser: Ik probeer me in te houden, voorzitter, maar helemaal geen debat lijkt me ook een beetje raar. De voorzitter: Dat snap ik ook, maar ik zou zeggen, houd het niet ieder geval op tot de tweede termijn. Dan kunnen we even kijken waar we staan en hoe we daarmee verder gaan. Partij voor de Dieren. Mevrouw Moedt: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, de Partij voor de Dieren wil minder blik op straat en meer bomen. Dit beleid had eerder gemoeten, dit beleid had ambitieuzer gekund. We dienen daarom zelf ook een amendement in, om het aantal auto's in de stad sneller omlaag te kunnen brengen, genaamd, Er is parkeergelegenheid voor de eerste auto van bewoners, tenzij het vergunningenplafond is bereikt. Dit amendement vraagt erom, wanneer het vergunningenplafond is bereikt, niet alleen de tweede auto van nieuwe inwoners, maar ook de eerste op een wachtlijst te zetten.

Voorzitter, wat de Partij voor de Dieren betreft, hadden we dit voorstel niet behandeld nu, maar dat is nu niet meer aan de orde. We steunen van harte het doel van dit beleid, maar niet de manier waarop met het referendumverzoek en het voorstel tot uitstel wordt omgegaan. We zullen daarom met pijn in ons hart tegen stemmen. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Schneider. Mevrouw Schneider: Dank u wel, voorzitter. GroenLinks staat voor een betere luchtkwaliteit, minder CO2, minder stikstof, minder fijnstof in de lucht, groene, schone, goede leefomgeving, meer plekken in de openbare ruimte daarom voor groen en voor spelen en minder blik op straat. Daar vinden we elkaar met de Partij voor de Dieren. Een eerlijke en rechtvaardige verdeling van de beperkte openbare ruimte. Omdat wij daarvoor staan, voor deze punten, past die parkeerregulering echt heel erg goed bij onze standpunten. Daarom stond dat onderwerp parkeerregulering ook in ons verkiezingsprogramma en staat het ook in het coalitieprogramma. Het reguleren van parkeerplekken om te komen tot een eerlijkere en rechtvaardigere verdeling van de openbare ruimte, die toch heel beperkt is en die verdeeld moet worden tussen auto's, fietsen, stoepgangers, groen en recreatief gebruik, is naar ons idee heel belangrijk. Wij zijn hier voor. Ook als er voor dat parkeren iets betaald moet worden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12666819/1