CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

03-11 Transcript Commissie Bestuur

commissie Bestuur 11 maart 2021, gemeente Haarlem34.593 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

2 alinea's met “rondvraag”: 96 106

GroenLinks zou graag zien dat er na een jaar al een evaluatie plaatsvindt en na twee jaar eentje die minder vrijblijvend is en waar de raden dan weer bij betrokken worden. Ook hierbij graag even een reflectie van de wethouder op dit voorstel. Er staat in het convenant dat er, nou ja, voor een onbepaalde tijd het convenant wordt aangegaan. GroenLinks ziet graag dat het een bepaalde tijd is en die zou wat ons betreft perfect kunnen aansluiten bij de evaluatie en dat wanneer er wijzigingen zijn, dat de verschillende raden daar dan ook over worden geïnformeerd en bij ons licht daarover weer kunnen laten schijnen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Gün. Dan geef ik nu even kort het woord aan de heer Smit. Ik heb hem net overgeslagen in de interruptie op mevrouw Van der Windt geloof ik. Gaat uw gang, mijnheer Smit. De heer Smit: Dank u wel mevrouw de voorzitter. Ja, mevrouw Van der Windt. Een kleine opmerking mijnerzijds. Misschien ook in de vorm van een vraag. Ik heb net mijn eigen mening verkondigd over de ambitie om nu ook de dialoog met de IJmondgemeente aan te gaan om gezamenlijk aan de Westkant van de MRA een herkenbare entiteit te zijn. Ik raad eenieder af om te suggereren dat de IJmond aan kan sluiten bij dit model.

Het moet a, zijn werking nog bewijzen, maar b, ik denk dat je in een volledige gelijkwaardigheid met elkaar moet praten en ik hoop dat u dat ook, collega, dat u dat ook vind dat je niet met een model wat zich nog moet bewijzen aan moet komen, maar dat je moet gaan praten over een vorm van een gezamenlijke dialoog en liefst in mijn ‘…’ snel mogelijk, maar dan niet met een model wat er ligt, maar met een ambitie en een gezamenlijke taakstelling die je ziet. Dank u wel mevrouw de voorzitter. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Smit. Dan geef ik nu het woord aan de heer Aynan. De heer …: Mevrouw de voorzitter. De voorzitter: Mevrouw De Windt wil misschien nog even wat zeggen hè. Dat is uw tekst hè. Mevrouw Van der Windt, gaat uw gang. Mevrouw Van der Windt: Ja nou, ik zit een beetje te zoeken naar de vraag die erin zat. Ik … Want dat is mij niet helemaal duidelijk, welke vraag de heer Smit mij nu stelt. De heer Smit: Nou, laat ik het zo stellen, u zegt: de IJmondgemeenten kunnen aansluiten bij, maar ik denk dat dat nooit een goede start kan zijn voor een gezamenlijke dialoog, het aansluiten bij. Ik denk dat de gelijkwaardigheid het uitgangspunt moet zijn en dat je dan vervolgens een model, een werkwijze en structuur kiest die daarbij past. Bent u het daarmee eens?

19

Mevrouw Van der Windt: Dat ben ik op zich helemaal met u eens, alleen het punt is dat nu IJmond op verschillende punten al in dit stuk verwerkt is, terwijl mij ook niet helemaal duidelijk is of daar al met de IJmondgemeentes over gesproken is. Dus ik zou het zuiverder te vinden om ze ofwel volledig deel te maken van deze samenwerking zoals we die nu voor ogen zien, ofwel als we nog niet zo rijp zijn of niet zo ver zijn, nou ja, het dan ook maar eventjes informeel te houden zoals het nu ook al de afgelopen jaren werkt. Dank u wel. De heer Smit: Dat laatste deel ik met u. De voorzitter: Goed. Dank u wel. Dan gaan we nu over naar de heer Aynan. Gaat uw gang. Mijnheer Aynan is niet aanwezig. Dan ga ik door naar mevrouw De Raadt van het CDA. Gaat uw gang. Mevrouw De Raadt: Ja, dank u wel voorzitter. Ja, dank voor dit stuk en dank voor de bijdrage die de heer Smit hier aangeleverd heeft. Nog twee korte vragen van het CDA. De eerste is gelijk aan die van de heer Gün. Wanneer wij meer dan de helft van alle kosten betalen, namelijk zestig procent, hebben we dan ook een beduidend grotere invloed straks? Zo nee, waarom niet? Als tweede vraag. Er wordt anderhalve fte vrijgemaakt voor de regie op deze regionale samenwerking. Als CDA vroegen wij ons af of dat eigenlijk wel noodzakelijk is.

Waarom kan niet bijvoorbeeld één van de secretariële ondersteuners van de portefeuilleoverleggers deze taak op zich nemen? Ja, het CDA die … Ja, wij zouden graag gewoon liever zien dat in deze tijd, dat we gaan zoeken naar oplossingen binnen de al bestaande bezetting dan fte’s onnodig op te plussen. Graag een reactie van de portefeuillehouder. De voorzitter: Dank u wel mevrouw De Raadt. Mevrouw De Raadt: Tot zover. De voorzitter: Geef ik nu het woord aan de heer Linder. De heer Linder: Ja, bedankt mevrouw de voorzitter. Ook wij, wij zijn uiteraard voor regionale samenwerking en zijn dan ook wel blij met dat stuk. Ik wil me eigenlijk ook bij de meeste vragen zijn die eigenlijk al gesteld, zo met die zestigveertigverhouding, ja, hoe zit het dan met stemrecht? In die zin, hebben we dan ook meer te zeggen? Inderdaad lijkt het wel handig dat we dat, ja, niet over al te lang gaan evalueren, want we zien dat het niet gewoon een iets hebben geschapen wat ons iets oplevert, maar alleen maar iets kost. Dus daar had ik er ook graag nog wat een antwoord op willen hebben. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Linder. Dan geef ik nu het woord aan de heer Trompetter. Gaat uw gang. De heer Trompetter: Dank u wel voorzitter. Ook dank voor dit stuk en complimenten aan de heer Smit.

Actiepartij kan zich aansluiten bij de vragen die al gesteld zijn over de evaluatie en om het zeg maar bijvoorbeeld na een jaar beter te doen en misschien na twee jaar definitief. De zestigveertigverhouding zijn we ook nieuwsgierig naar. Ook is gevraagd bij het CDA hoe met die anderhalve fte zit, of dat nodig is. Nou ja, Actiepartij vindt het goed dat er samenwerking wordt gezocht met de buurgemeenten en we tevens samen optrekken, bijvoorbeeld richting de MRA, over onder andere onderwerpen als mobiliteit, ruimte en economie, in de regio. Er zijn veel gedeelde belangen. Er wordt de eigenheid nu gegarandeerd. Al eerder heb ik gevraagd naar de biodiversiteit en het klimaat, ook in verband van de MRA vanuit Zuid-Kennemerland, zeg maar de mini-MRA, zoals u dat noemt. Valt het onder duurzaamheid? Zijn deze ‘…’onderwerp van gesprek? Zo nee, wordt … Hoe wordt daar dan in voorzien met dit convenant? Dank u.

20

De voorzitter: Dank u wel mijnheer Trompetter. Dan geef ik nu het woord aan mevrouw Eckhard. Gaat uw gang. Mevrouw Eckhard: Dank u voorzitter. De fractie maakte zich enigszins zorgen of de raad zelf haar eigen keuze zou kunnen blijven maken, maar de uitleg van de heer Smit is hier heel helder over. In gezamenlijkheid voorbereiden en tegelijkertijd bespreken, maar in eigen commissies en raad zelfstandig beslissen. Wij zijn daar erg voor. Verder sluiten we graag aan bij de gevraagde evaluaties. De voorzitter: Dank u wel mevrouw Eckhard. Dan hebben wij nu alle bijdragen gehad. Dan geef ik graag het woord aan de heer Wienen. Gaat uw gang. Burgemeester Wienen: Dank u wel voorzitter. Nou, mooi, want het is heel goed dat er begonnen is met de bijdrage van de heer Smit, want dit is een product wat voor een belangrijk deel tot stand gekomen is met de inbreng van vertegenwoordigers vanuit iedere raad, dus vier raadsleden vanuit vier gemeenten. We hebben hierin meegedacht en dat heeft uiteindelijk dit resultaat opgeleverd. Ten aanzien van de financiële verdeling, dat heeft gewoon te maken met als je kijkt naar het aantal inwoners, dan zou Haarlem eigenlijk nog meer dan zestig procent moeten betalen. Dus je zou kunnen zeggen van: nou, puur op basis van het aantal inwoners betalen we gewoon minder, minder dan de anderen.

Maar aan de andere kant, het levert niet meer invloed op, dus het is ook wel logisch dat als alle gemeenten een eigenlijk een gelijke inbreng hebben, dat je dan ook de bijdragen van de andere gemeenten dus naar verhouding wat groter is, per inwoner gezien. Daarmee heb ik ook antwoord gegeven op de vragen van: levert het meer invloed op? Dat is niet zo. Dat zou ook wonderlijk zijn, als we dat zouden zeggen, want er is geen besluitvorming gezamenlijk. Dus ja, invloed heeft in dit geval ook helemaal geen zin. De besluitvorming blijft gewoon in de gemeenteraad en iedere gemeenteraad kan nee zeggen tegen dingen en dan gebeurt het ook niet. Dus je zou kunnen zeggen van: ja, iedere gemeente heeft dezelfde invloed of even weinig invloed. Maar in ieder geval, het is niet zo dat dit een gemeenschappelijke regeling is waarbij je met meerderheid van stemmen dingen kunt beslissen. Als dat dan weer op inwonertal zou gaan, dan zou Haarlem in zijn eentje alles kunnen uitmaken. Dan zouden de anderen waarschijnlijk zeggen: nou, dan hoeven we helemaal niet meer bij te dragen. Dus ik denk dat het een redelijke oplossing is om te zeggen: oké, je kijkt naar het aantal inwoners. De anderen betalen iets meer omdat het toch om gelijkwaardige inbreng gaat en dat heeft uiteindelijk dan zestigveertig opgeleverd. Dan de vraag over IJmond. Is ook een hele relevante vraag.

Ik moet eerlijk zeggen dat ikzelf het prettiger had gevonden als we het gewoon samen met IJmond hadden voorbereid, want ook daarin sluit ik me aan bij wat de heer Smit zegt. Je moet natuurlijk niet eerst iets optuigen en dan is het klaar en dan zeg je tegen anderen: nou ja, als je wil kan je je aansluiten en anders dan maar niet. Daarom snap ik ook mevrouw Van der Windt wel, die zegt van: nou ja, dan moeten we nu maar gewoon starten en dan kijken als dit goed is, kan dan op enig moment, kunnen we dan afspraken maken dat IJmond erbij komt. Maar ik vind het wel een gemiste kans. Ik constateer gewoon dat het lastig was. We hebben ze een aantal keren uitgenodigd: doe mee. Ze willen ook graag wel betrokken zijn, er is echt behoefte om dingen af te stemmen, om samen een stevige Westkant te zijn, maar op het moment dat je dan zegt van: doe meteen mee, dan is er toch weer aarzeling. Er was ook het idee: we moeten niet blijven wachten, want dan komen we niet verder. Dus dit is het uiteindelijke resultaat, open voor samenwerking met IJmond, maar we beginnen wel en hopelijk komt er een moment, bijvoorbeeld na evaluatie, waarbij IJmond zegt van: nou, behalve de dingen waarin we al samenwerken, willen we eigenlijk ook wel gewoon meedoen met de afstemming. Dan, hoe zit het nou precies met de financiële verplichtingen? Die zijn dus heel gering.

Maar die zijn er wel en dat heeft te maken met die ambtelijke ondersteuning. Ik vind de opmerkingen die daarover gemaakt zijn ook heel begrijpelijk, want eerlijk gezegd, niemand zit erop te wachten dat we weer een nieuwe organisatie gaan optuigen. Dat is dus eigenlijk ook niet gebeurd, maar er is

21

ook geconstateerd dat de samenwerking nu last heeft van het feit dat geen gemeenten, ook Haarlem niet, Haarlem levert wel verreweg de meeste ambtelijke ondersteuning, maar ook Haarlem niet, gewoon eventjes de ambtelijke capaciteit vrij maakt uit eigen middelen ook, om de ondersteuning te doen. Toen hebben we gezegd van: we moeten echt even wat extra ondersteuning hebben en dan is het ook beter om dat gezamenlijk te financieren en niet te zeggen van: nou ja, laat Haarlem dat dan maar oplossen, want dan komt de rekening helemaal bij ons te liggen. Dus wat dat betreft is het feit dat we het nu op deze manier doen niet uit de bestaande formatie, omdat die simpelweg niet beschikbaar is, dus het had er dan toch bij moeten komen, maar dan binnen de Haarlemse organisatie. Nou, dat leek ons niet reëel, ook niet qua financiering. Dus wij krijgen nu die bijdragen zeg maar vanuit alle gemeenten om ervoor te zorgen dat er wel echt ambtelijke capaciteit beschikbaar is om het te begeleiden zonder dat één gemeente daar extra voor betaalt ten opzichte van de anderen. Dan de suggestie van mevrouw Van der Windt over de zienswijze schriftelijk ophalen en dan later terugkoppelen wat ermee gebeurd is. Dat lijkt me op zichzelf trouwens wel een prettige manier van werken, moeten we gewoon eens kijken of dat niet op die manier zou kunnen. Dat kan ons ook helpen met vergadertijd.

Dan … Dan merken we of dat goed bevalt en dan kunnen we kijken van: moet je dit vaker inzetten? Samenwerking voor bepaalde of voor onbepaalde tijd. Ik moet zeggen dat ik denk dat het eerlijk gezegd ook niet zo heel erg veel uitmaakt. Als wij na evaluatie zeggen van: joh, het is voor onbepaalde tijd aangegaan, maar we kappen ermee, want we hebben er geen zin meer in, dan stoppen we ermee en dan was er nog de vraag van: wat betekent het dan dat we dan wel financieel verplichtingen hebben? Mevrouw Wisse vroeg dat. Ja, dat heeft te maken met het feit als je samen verantwoordelijkheid neemt voor het binnenhalen van personeel, moet je dat ook netjes samen afwikkelen. Dat kan misschien wel met gesloten beurs, want misschien zegt een gemeente wel van: joh, wij hebben een vacature en iemand doet het goed, we stoppen ermee, maar hij kan zo bij ons instromen. Nou, dan zijn er eigenlijk ook geen kosten. Maar als er wel kosten zijn, dan moeten we die ook samen zorgen dat dat netjes wordt afgewikkeld. De concreetheid die mijnheer IJsbrandy vraagt, dat is me uit het hard gegrepen, want ik moet eerlijk zeggen: ik geloof echt in regionale samenwerking. Ik vind het belangrijk. Ik denk ook dat wij als we dingen willen bereiken, dat we meer bereiken als we samen zeggen van: in dit gebied is dit nodig.

Maar wij kunnen natuurlijk prachtig zeggen dat we regelmatig met elkaar om de tafel zitten, dat we inhoudelijk allerlei interessante discussies hebben. De vraag is: worden wij het zo eens dat wij gezamenlijk naar buiten een concreet programma kunnen uitstralen? Dat is nou precies op een punt wat mijnheer IJsbrandy noemt, bijvoorbeeld een gezamenlijk mobiliteitsplan. Ik weet niet of hij het zomaar zegt, zo van: nou ja, dat lijkt me een goed punt, maar dit is eerlijk gezegd wel een beetje een pijnlijk punt. Wij hebben dat voorbereid. Dat is in een aantal raden aan de orde geweest. Toen bleek, ja, er was wel steun in Haarlem bijvoorbeeld, maar niet in, nou, sommige andere gemeenten. Ja, dan komen we toch niet verder. Datzelfde zie je ook op andere terreinen, dat het soms toch lastig blijkt om de inhoudelijke overeenstemming te vinden. Wat we moeten gaan zien, dat is: lukt het ons met deze gezamenlijke voorbereiding de raden toch wat meer op één lijn te krijgen en dan wel een gezamenlijk plan neer te leggen? Want dat is voor het college, maar ik denk ook voor de raad, wel de proof of the pudding. Het heeft geen enkele zin om regelmatig bij elkaar te zitten en daar dan uitgebreid met elkaar te filosoferen en aan het eind te constateren dat iedere gemeenteraad zijn eigen gang gaat en dat er geen gezamenlijk standpunt komt. Ja, dan heeft het ook weinig zin.

Dus ik denk, wat mijnheer IJsbrandy zegt van: had dat er niet al in gemoeten? Eigenlijk had dat heel mooi geweest, want dan hadden we gedemonstreerd van: kijk eens wat voor meerwaarde het heeft om het samen te doen. Zover zijn we nog niet. Eerlijk gezegd is wat we nu voorstellen eigenlijk een manier om te proberen die concrete stap wel mogelijk te maken en de evaluatie is wat mij betreft straks ook: lukt dat? Dan de vraag: ja, is anderhalf jaar niet te laat? Nou, ik denk eerlijk gezegd dat dit soort processen over het algemeen best tijd vergt en als je te vroeg gaat kijken van: werkt het? Ja, dan ben je midden in het proces en dan weet je het eigenlijk nog niet. Dus ik zou zelf zeggen: laten we ook niet te vroeg gaan kijken van: werkt het wel? Maar laten we het even de tijd gunnen, kijken … U bent er zelf bij, want het

22

gaat ook over de raad. Kijken of het lukt om op die manier de agendavorming en de besluitvorming goed voor te breiden en dat de raden dan meer op één lijn komen. Als dat zo is, nou, dan is dat ook een succes en dan kunnen we kijken: wat bereiken we daarmee? Maar als dat over anderhalf jaar nog steeds geen, ja, dat we daar niet verder mee komen, dan moet je ook zo eerlijk zijn om te zeggen van: is dit nou wel de weg die we verder moeten bewandelen? De voorzitter: Burgemeester. Burgemeester Wienen: Ja, ik … De voorzitter: Voordat u verder gaat. Burgemeester Wienen: Ik ben al klaar. De voorzitter: O, oké, prima. Komt dat even mooi uit. Mijnheer Smit die had nog een kleine aanvulling op uw verhaal. Mijnheer Smit, gaat uw gang. De heer Smit: Ja, dank u mevrouw de voorzitter. Mijnheer de burgemeester, uw aanvulling is natuurlijk enige mate riskant. Maar ik doe het op één punt. Ik heb het al gezegd: de ambitie is om eigenlijk alle beleidsnotities, nota’s, in een tachtigprocentversie in de raden te brengen zodat alle raden juist dan in staat zijn ook in collegiaal overleg om te komen op mutatie aanvulling verandering. Als dat lukt, dan krijg je bij de honderdprocentversie meer gedragen gemeenschappelijke nota’s. Wij hopen dat dat een vorm van extra gezamenlijke kracht kan gaan vormen. Dank u wel mevrouw de voorzitter. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Smit.

Burgemeester, wilt u daar nog iets op zeggen? Burgemeester Wienen: Nou, dat klopt. Zo staat het ook in de stukken. Dus dat is precies wat er nu gezegd is van: als je het toch op die manier doet, is de kans groter dat je tot een uiteindelijk ook het eens wordt over het eindresultaat. Dus we gaan dat zien en dat evalueren we dan. Dus denk ik die aanvulling. De voorzitter: Oké, dank u wel. Mijnheer Trompetter, er is nog een vraag van u onbeantwoord gebleven. Gaat uw gang. Welke vraag was dat? De heer Trompetter: Dank u wel voorzitter. Die vraag ging over … Misschien is dat voor nu iets te diep en iets te inhoudelijk. Ik heb al eerder ook in het kleine MRA-verband alvast van deze regio gevraagd naar biodiversiteit en klimaat en dat op elkaar afstemmen. Is dat onderdeel van de duurzaamheidsgesprekken? De voorzitter: Burgemeester, is de vraag duidelijk? Burgemeester Wienen: Ik … Ja, de vraag is duidelijk, maar het is een hele inhoudelijke vraag. Ik sluit niet uit dat de portefeuillehouders het daar met elkaar over hebben, maar ik weet het niet. Het zit niet in deze voorstellen. Vanzelfsprekend niet, want die gaan gewoon over de manier waarop we als raden het voorbereiden qua besluitvorming. Ik sluit ook niet uit dat het in portefeuillehoudersoverleggen aan de orde is, maar ik durf het niet te zeggen. Ik weet het niet.

De voorzitter: Mijnheer Trompetter, misschien kunt u deze vraag als rondvraag bewaren voor de andere wethouders.

23

De heer Trompetter: Prima. De voorzitter: Dank u wel. Dan zijn we … Zijn er verder nog vragen blijven liggen? Is er nog behoefte aan een termijn? Mevrouw Eckhard, gaat uw gang. Mevrouw Eckhard: Ja, ik heb nog een aanvullende vraag. Is het duidelijk welke onderwerpen nu in deze gezamenlijkheid worden behandeld en welke onderwerpen niet? De voorzitter: Mijnheer Gün, ik ga u gelijk even achteraan de kans geven om nog wat te zeggen. Gaat uw gang. De heer Gün: Ja, dank u wel voorzitter. Dank burgemeester, voor uw antwoorden. Die zestig procent heeft dus te maken met de inwonersaantallen. Het had … Deze vraag had voorkomen kunnen worden als dat er gewoon was in meegegeven. Want er zijn zes vragen over gesteld. Nou, dat had zes minuten tijdwinst op kunnen leveren. De evaluatie even de tijd geven. Nou, u heeft ons … Het stond ook al in het stuk, maar u heeft ons overtuigd. Wat ik wel belangrijk vind, is dat we toch het convenant voor een bepaalde tijd aangaan. Want dan komt die automatisch terug in de raad voor een verlenging in plaats van dat wij misschien vinden dat er iets verandert moet worden en daar weinig invloed op kunnen nemen.

Dus mijn inbreng zou zijn en ik hoop dat u die meeneemt, van: joh: laten we daar dan ook termijnen aan koppelen of dat nou twee jaar is of drie jaar, maar koppel er een termijn aan en dan komt die automatisch gewoon weer terug zodat de raad zijn licht kan laten schijnen of de commissie, over nou ja, een hernieuwde inbreng of mogelijke wijzigingen. Hoe kijkt u daartegenaan? Het woord is aan u, burgemeester. Gaat uw gang. Burgemeester Wienen: Ja, dank u wel. Eerst even het punt van de SP. Op pagina 2 van het convenant wordt gesproken over de regionale hoofdopgave. Daar is de inhoudelijke samenwerking met name op gericht. Het wordt daar … Dus dat is versterken van het landschap, beter benutten van economisch kapitaal, regionale woonagenda, inspelen op veranderend klimaat en het verbinden met betere bereikbaarheid. Dat wil niet zeggen dat je niet over andere dingen ook kunt gaan praten, maar deze zijn expliciet benoemd. Wat betreft GroenLinks, ja, het is dus niet precies inwonertal hè. Het is een beetje geprobeerd op die manier een redelijke verdeling te maken. De heer …: We hebben daar winst uit gehaald zei u en dat heb ik goed gehoord. Dank daarvoor. Burgemeester Wienen: Ja. Ja. Dat klopt, ten opzichte van inwonertal. Dan twee of drie jaar. Ik neem dat gewoon mee in het bespreken van de resultaten van deze, dit ophalen van zienswijze.

Want het is in alle gemeenten en dit is ook een beetje een oefening in hoe het werkt. Als nou in de andere gemeenten allemaal gezegd wordt van: joh, onbepaalde tijd, dan moeten wij misschien zeggen: nou ja, het verschil is eerlijk … Ik heb geprobeerd het uit te leggen, want er is niet een echt verschil. We kunnen uittreden wanneer we willen. Als we zeggen: joh, we zien er niks meer in, dan stoppen we er mee. Maar behalve dat we onze verplichting moeten nakomen als het gaat om die financiële verantwoordelijkheid. Maar ik denk: de heer Gün heeft wel een argument genoemd en dat neem ik gewoon mee. Namelijk, dan komt het automatisch weer op de agenda en dat is een manier om ook aandacht voor het onderwerp te houden. De voorzitter: Mijnheer Gün heeft een klein vraagje. De heer Gün: Ja en dat is het eerste punt waar mevrouw Van der Windt mee begon, wat wij ook eerder ooit een keer hebben benoemd, maar vanavond ook hebben herhaald. Dat is de zienswijze die wij meegeven als commissie of als Haarlemse raad dat wij er daarna nooit meer iets van horen, anders dan daar zelf om moeten

24

vragen. Mevrouw De Windt heeft, nou ja, eigenlijk net als mij daar ook om gevraagd hoe u daartegenaan kijkt dat we dat gewoon kunnen volgen door even terug te koppelen aan de commissie wat er met de zienswijze is gedaan. Burgemeester Wienen: Ja, ik dacht dat ik dat impliciet had meegenomen bij de andere opmerking van mevrouw Van der Windt, namelijk dat dat wellicht ook op schriftelijke manier en ik zei: en daar hoort dan ook die terugkoppeling bij. Dus wat mij betreft … De voorzitter: Dank u wel burgemeester. Ik zei dat het een bespreekpunt was, maar het is toch een adviespunt. Dus u moet zich uitspreken over hoe dit naar de raad gaat. Hamerstuk. Hamerstuk met stemverklaring. Hamerstuk is HS en hamerstuk stemverklaring is HSV. Ik zie dat zich een duidelijke meerderheid aftekent voor … Ja, Frans Smit. De heer Smit wil een stemverklaring. Mijnheer Eckhard twijfelt. Nou, dan wordt het toch een hamerstuk met stemverklaring. Dan is het nu vijf over half negen. We liggen best keurig op schema. We gaan even … Even kijken hoor. Vijf minuten pauze nemen. Dan zie ik u graag over vijf minuten om tien over half negen zie ik u graag weer terug hier. Tot zo meteen. Zo, we zijn weer terug. Hartelijk welkom. pauze 20.25 - 20.30 uurnotitie Bijlage normaal 9.

20.30 uur Corona gerelateerde onderwerpen (JW) De voorzitter: We gaan verder met agendapunt 9, de coronagerelateerde onderwerpen. Dit is een terugkerend onderwerp op deze agenda. Ik geef vandaag als eerste het woord aan mevrouw Wisse. Gaat uw gang. Mevrouw Wisse: Dank u wel voorzitter. Ik heb eigenlijk gewoon vijf vragen voor de burgemeester. De Kennemer Sporthal, gaat die inderdaad morgen open als Haarlemse vaccinatiestraat? Dan als tweede de brief van INretail. Het college had laatst al gezegd toen we het coronasteunpakket bespraken dat ze bezig waren met een herstelplan voor Haarlem. Wat is daarvan de status? Als derde vraag, er waren vragen van de Actiepartij over het handhaven bij de oevers van het Spaarne bij mooi weer. Groene muggen zouden dan een handhavende rol krijgen. Kan dat zomaar? Het is een softe rol, maar ja, officieel handhaving moet toch bij handhavers thuis blijven? Vierde vraag. Zijn we voorbereid op demonstraties zoals die in Vijfhuizen plaatsvonden en waarom Haarlemmers werden uitgejouwd op weg naar binnen? Mijn vijfde laatste vraag. Ik heb laatst vragen gesteld over de veilige afvoer van coronabesmet materiaal uit de GGD-teststraten. Nou, dat bleek hier heel goed in orde te zijn. Maar straks krijgen we de sneltesten, per april in de supermarkt.

Hoe zit het dan met de veiligheid van weggegooid, ja, gebruikt en eventueel coronabesmet testmateriaal? Ik denk niet dat de burgemeester daar een antwoord op kan geven, maar ik ben toch benieuwd of er daarover nagedacht is en over de verpakking enzovoorts. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel mevrouw Wisse. Dan geef ik nu het woord aan de heer Van den Doel. Gaat uw gang. De heer Van den Doel: Dank u wel voorzitter. Ik dank aan de PvdA voor de goede vragen waar wij ons helemaal achter sluiten, achteraan sluiten als GroenLinks. Nog even over INretail. Die heeft een doortimmerd rapport waarin de winkelcentra moeten worden herzien. Ik zou graag horen van de stavenhouder, portefeuillehouder, sorry, of daar al over nagedacht wordt. Want het is wel erg belangrijk. GroenLinks heeft bijvoorbeeld altijd ingezet op wonen boven winkels en zo langzamerhand wonen tussen winkels, maar we moeten de gebieden niet te veel verwateren. Dus is daarover nagedacht? Hoe staat het daarmee?

25

De voorzitter: Dank u wel mijnheer Van den Doel. Mijnheer Smit. De heer Smit: Dank u wel mevrouw de voorzitter. Ik heb een … Naar aanleiding van de rondvraag vorige keer die per ongeluk een technische vraag werd waardoor het rondvraaggedeelte verviel heb ik een alsnog een technische vraag gesteld die ik nu weer aan de burgemeester stel. Kan de burgemeester toezeggen dat wij voortaan wekelijks geïnformeerd worden over de voortgang van het aantal vaccinaties in Haarlem c.q. in ZuidKennemerland? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Smit. Mevrouw Eckhard. Mevrouw Eckhard: Dank u voorzitter. Ook ik wilde weten van de burgemeester wat er gedaan is met de brief van INretail. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel mevrouw Eckhard. Mijnheer Linder. Gaat uw gang, mijnheer Linder. Uw microfoon. Uw microfoon staat niet aan. Wij kunnen u niet horen. Ja, probeert u het met gebarentaal. Nee. Nou, dan gaan we even door naar de volgende. Mocht het nog lukken, mijnheer Linder, dan komen we bij u terug. Mijnheer Trompetter, gaat uw gang. De heer Trompetter: Dank u wel voorzitter. Ja, zoals PvdA al vroeg, de rondvraag van Actiepartij over de drukte zeg maar met name die de Actiepartij waarnam aan het Spaarne op de Oevers en dat zeker in relatie tot de dichte terrassen en dat er door die groene muggen, hoe gaat dat dan precies? In de brief voor de burgemeester ‘…’ is heel duidelijk.

Actiepartij is verheugd dat de vaccinatielocatie in Haarlem wordt geopend. Tot zover. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Trompetter. Mevrouw Van der Windt. Mevrouw Van der Windt: Ja, dank u wel voorzitter. Ik heb eigenlijk drie vragen. We hadden net een inspreker die wat vragen had over de corona gang van zaken bij de verkiezingen en hoe dat zat en wij hoorden zelf ook in de stad toch wel wat vragen van vrijwilligers die eigenlijk niks gehoord hadden. Het is wat zijdelingscorona gerelateerd, maar deze andere manier van stemmen heeft wel met corona te maken. Dus kunt u daar misschien nog iets over zeggen? Tweede vraag die wij hebben is: heeft de gemeente nou een beetje zicht hoe middelbare scholen invulling geven aan het terughalen van leerlingen naar school? We horen in de stad wisselende verhalen van sommige scholen waar leerlingen eigenlijk maximaal één dag per week naar school gaan en anderen die het wel lukt om leerlingen vijftig procent van de tijd naar school te halen. Wie heeft daar zicht op? Laatste vraag is, we hebben vorige keer heeft D66 een motie a little less conversation ingediend met als verzoek om echt actief aan de gang te gaan en ervoor te zorgen dat er activiteiten komen voor jongeren die, ja, die gewoon lijden onder deze coronamaatregelen. Hij is niet behandeld vanwege een volle agenda, had wel duidelijk een meerderheid.

Heeft het college hier al iets mee gedaan in afwachting van een volgende behandeling? Dat waren mijn drie vragen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel mevrouw Van der Windt. Eens even kijken. Mijnheer IJsbrandy namens de VVD. Gaat uw gang. De heer IJsbrandy: Ja, namens de VVD, dank u wel. De VVD heeft met belangstelling kennisgenomen van de brief van INretail die perfect aansluit op wat de VVD heeft ingebracht bij de behandeling van de kaderbrief vorig jaar. De VVD kiest er nog steeds voor om Haarlem uit de crisis te investeren, herstel van de economie en het toekomstige verdienvermogen, stimuleren van ondernemerschap, innovaties, circulair ondernemen en de

26

functiemenging. Dat laatste is relevant in dit licht en de VVD is ook benieuwd naar de reactie en het plan van aanpak van het college zoals INretail dat voorstelt. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel mijnheer IJsbrandy. Dan is nu het woord aan de burgemeester. Gaat uw gang, mijnheer Wienen. Burgemeester Wienen: Ja. Dank u wel voorzitter. In de eerste plaats zou ik zelf graag even twee dingen meenemen, waarvan één aansluit bij de vragen van mevrouw Van der Windt, de verkiezingen. De verkiezingen leveren heel veel extra werk op omdat er extra voorzieningen nodig zijn, ook heel veel extra maatregelen bij de verschillende stembureaus. Dat heeft geleid tot een hele zware belasting van de afdeling die daarmee bezig is. Dat heeft helaas geleid tot en ik herken dus de signalen, zowel van de insprekers als van mevrouw Van der Windt, dat de communicatie niet optimaal is. De bereikbaarheid van het bureau voor mensen die vragen hebben is niet goed. Er is vaak te weinig capaciteit om alle vragen snel te kunnen beantwoorden, dus dan blijven mensen te lang hangen en komen vervolgens bij een bandje terecht. Dat is heel vervelend. Het tweede is dat wij ons uiterste best doen om te zorgen dat iedereen op tijd alle informatie krijgt, maar ook dat is een zware operatie. Ik vind dat vervelend. Ik heb er wel vertrouwen in dat dat helemaal goed gaat.

Maar het is scherp aan de wind zeilen en het is toch vervelend dat er een aantal mensen zijn die het gevoel hebben van: jongens, ik weet nog niet goed hoe het nou exact zit. Ik heb bepaalde informatie nog steeds niet. Er wordt echt heel hard aan gewerkt. Als ik zie hoeveel ambtenaren ook betrokken zijn en ook straks een rol gaan spelen in de stembureaus, dan constateer ik van: er wordt echt met man en macht aan gewerkt en er is een enorme energie om te zorgen dat het goed gaat lopen. Maar de aanloop, daar zitten ook kinderziektes in, hebben te maken met de enorme druk door die coronamaatregelen, maar is wel vervelend. Dus ik denk dat het goed is om dat hier ook gewoon te zeggen. Ik zal morgen opnieuw kijken van: jongens, dit is eigenlijk als je kijkt naar de eerste stembureaus die maandag al open gaan, zo ongeveer het moment waarop het dan wel helder moet zijn dat het klaar is en hebben we het dan ook inderdaad allemaal rond? De tweede is dat rond demonstraties. U heeft wellicht kennisgenomen van het feit dat er aanstaande zondag klimaatdemonstraties zijn. Dat gebeurt in heel veel steden in Nederland, ook in Haarlem. Ik heb uiteindelijk na, nou, na er toch goed over nagedacht te hebben, het aantal deelnemers gemaximeerd op vijfhonderd.

Dat heeft te maken met het feit dat … Er was duizend gevraagd, maar er was tot gisteren was er beduidend onder de vijfhonderd, want je moest je van tevoren aanmelden, aan aanmeldingen geweest. Vervolgens zie je dat in heel veel plaatsen het aantal deelnemers ook echt gemaximeerd is, bijvoorbeeld in Amsterdam ook vijfhonderd, maar in een plaats als Utrecht tweehonderd, in Rotterdam zelfs honderd geloof ik. Daarmee, als je dan als Haarlem naar duizend gaat, terwijl hier bij die opgave het duidelijk onder de vijfhonderd bleef, loop je het risico dat je mensen uit andere steden en regio’s hierheen gaat trekken. Nou, dat levert extra reisbewegingen op die we juist proberen tegen te gaan in deze periode. Bovendien, wij hebben hele goede ervaringen met de organisatoren. Die hebben al diverse organis… Of demonstraties in Haarlem gehouden en doen hun uiterste best om dat allemaal coronaproof te doen, goede samenwerking. Maar wij vinden het risico dat we te maken krijgen met publiek waar we eigenlijk niks van weten, omdat ze van buiten komen, terwijl er in andere plaatsen zo nu en dan wel incidenten geweest zijn en het niet altijd goed gedaan is, dat was voor mij aanleiding om te zeggen: wij … Ik ga toch een maximum stellen op het aantal deelnemers. Maar dan weet u dat in ieder geval. Dan de vraag van mevrouw Wisse.

Het klopt, morgenochtend om ik geloof tien over acht gaat de Kennemer Sporthal open voor vaccinaties in Haarlem. Ik hoop daar zelf bij te zijn. Ik ben heel blij dat het … Het heeft best nog een tijd geduurd, maar dat het nu wel gaat lopen. Het herstelplan, dat zullen wij zo snel mogelijk … Daar moeten we ook ons overigens niet van voorstellen dat wij als gemeente Haarlem eventjes gaan zorgen dat we iedereen erdoorheen sleuren en dat alles herstelt, maar het laat zien dat wij als gemeente Haarlem en ook als regio trouwens, ons uiterste best doen om maximale bijdrage te leveren aan herstel en wij zullen zo snel mogelijk

27

zorgen dat dat ook bij u terechtkomt, dat u ziet wat de mogelijkheden zijn, hoe beperkt ook, en hoe wij inspelen op die mogelijkheden. Dan handhaven bij de Spaarne Oevers. Dat is denk ik een misverstand. Er was gevraagd in de vraagstelling … Ik geloof ook van uzelf van: ja, kun je niet op een bepaalde manier toch iets extra’s doen om de mensen attent te maken van: joh, hou nou afstand. Handhavers worden ingezet. Dat was de Actiepartij trouwens die daar volgens mij een vraag over stelde. Handhavers worden ingezet. Maar daarnaast doen we ook, niet als handhaving maar als aansporing om mensen te herinneren aan de regel de groene muggen. Maar het is zeker niet de bedoeling dat de groene muggen zelf handhavend gaan optreden. Zij zijn daar om mensen op te roepen om te zeggen van: jongens, het is coronatijd, let op de afstand, wees voorzichtig, raak elkaar niet aan, noem maar op. De voorzitter: Burgemeester, u heeft een interruptie van de heer Smit. Gaat uw gang, mijnheer Smit. De heer Smit: Dank u wel naar de voorzitter. Ik ga nu al meteen zeggen dat het geen interruptie is. Mijnheer de burgemeester, vanmiddag heb ik iemand begeleid die zeer beperkt motorisch valide is naar het centrum in Badhoevedorp. Ik moet zeggen: een uitstekende organisatie en uitstekende begeleiding van mensen met een beperking. Dus mijn complimenten daarvoor. Dat mag ook wel een keer gezegd worden.

Dank u wel mevrouw de voorzitter. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Smit. Burgemeester, gaat u verder. Burgemeester Wienen: Ja, mooi. Dank. Ik denk dat het inderdaad fijn is als we naast kritische kanttekeningen die soms op zijn plek zijn ook zeggen van: joh, dit is mooi, want het is ook goed. Fijn. Zijn wij voorbereid op demonstraties? Ja, ik weet alleen deze vraag niet helemaal goed te duiden, want er wordt een verband gelegd met een iemand uit Haarlem die verkeerd bejegend zou zijn. Ik weet niet precies waar dat over gaat. Dus misschien moet die vraag nog even iets toegelicht worden wil ik er concreter op kunnen antwoorden. De veiligheid van het testmateriaal bij sneltesten. Dat is een punt wat ik meeneem. Want we hebben nog steeds niet de precieze instructies, dat heb ik net ook gezegd toen er een vraag over gesteld werd over bij onderwijs, over hoe men zich voorstelt dat te gaan doen, maar ik stel me zeker voor dat één van de aandachtspunten bij de implementatie is van: hoe zorgen we ervoor dat dat niet overal rond gaat slingeren? Voor zover ons dat overigens mogelijk is. Dan INretail. Volgens mij heeft INretail een oproep gedaan aan burgemeesters om zich in te zetten om zo snel mogelijk op een veilige manier weer winkels te openen. Daar nemen we ook kennis van, maar we gaan er niet over, maar we zijn wel met het kabinet in gesprek.

In die gesprekken is het belang van de retail, van de sector en van maatregelen die ook effectief zijn ontzettend wordt dat benadrukt. Dus wij sluiten ook aan en wij zeggen: joh, kijk nou naar wat er uit sectoren zelf wordt aangereikt om te zorgen dat er een werkbaar iets ontstaat waar we met elkaar wat aan hebben. Dus in die zin snap ik ook dat een aantal van u zeggen van: nou, dat … Daar zitten volgens ons goede ideeën bij, dus doe daar je voordeel mee. Maar het is wel zo dat de regelgeving wordt echt landelijk gemaakt. De voorzitter: Burgemeester, u heeft een interruptie van de heer Van den Doel. Burgemeester Wienen: Ja. De voorzitter: Mijnheer Van den Doel, gaat uw gang. De heer Van den Doel: Ja. Mijn vraag ging vooral ook over het toekomstbeeld wat geschetst wordt in het rapport over dat de winkelcentra er anders uit moeten gaan zien, omdat er veel minder winkels zijn. Dat is blijvend en dat raakt verstrooid over de stad. Dus de winkelcentra worden minder aantrekkelijk en dat je daar

28

nu al over moet gaan nadenken om het in de toekomst goed op te lossen in de zeer nabije toekomst. Dus het gaat niet over de coronaproblemen, maar over de langdurige problemen die door corona extra zichtbaar zijn geworden. De voorzitter: Ja, dan snap ik u, want dat is een ander punt inderdaad, want de brief waar ik het over had, is dus niet de brief waar u nu aan refereert. Ik denk dit probleem, dat speelt in Haarlem zeker ook. Haarlem heeft een hele belangrijke retailfunctie, winkelfunctie. We zien dat de crisis die zich nu voltrekt is een dubbele crisis. Aan de ene kant de enorme verplaatsing naar online verkoop en aan de andere kant corona waardoor winkels gewoon gesloten zijn, veel. Je ziet panden leegkomen. Dat is echt een ernstige bedreiging en wij moeten daarbovenop zitten. Alle suggesties die op dat punt worden ingebracht, moeten we ook echt serieus naar kijken, waarbij in winkelcentra je weer wat meer en andere mogelijkheden hebt dan in onze winkelstraten, waar het echt essentieel is denk ik dat je echt zoveel mogelijk met winkels op vult om het voor het grote publiek interessant te houden om naar de binnenstad te komen en daar in een gezellige omgeving hun inkopen te doen. De voorzitter: Burgemeester, u heeft nog een interruptie van mevrouw Eckhard. Mevrouw Eckhard: Nee, dat was dezelfde interruptie als mijnheer Van den Doel. De voorzitter: Dank u wel.

Burgemeester Wienen: Ja, dan even kijken. Dan mevrouw Van der Windt, die vraagt nog naar de middelbare scholen en … De heer …: De bode wordt geroepen. De voorzitter: Sorry. Wat … Wie spreekt hier en waarom? De heer …: Nee, dat was een flauw grapje dat er een oproep werd gedaan richting bode. De voorzitter: O. De heer …: Maar die viel niet op het juiste moment bij iedereen. De voorzitter: Niet meer doen hè. Foei. Burgemeester, gaat u verder. Burgemeester Wienen: Ja, ik … Ik heb nog twee vragen staan van mevrouw Van der Windt, waarvan ik het gevoel heb ik dat ik daar op dit moment niet de precieze informatie heb. Dus dan kan ik er wel een verhaal over gaan houden, maar dan denk ik dat u aan het eind denkt van: nou ja, hier heb ik ook niet zoveel aan. Dus ik stel voor dat we daar schriftelijk even op terugkomen. Tenslotte krijg ik van mevrouw Wisse door dat het gaat om demonstraties bij testcentra waar mensen kunnen worden uitgescholden door betogers. Dat was buiten Haarlem overigens, constateer ik dan. Ik ga kijken, als zich dat probleem in Haarlem voordoet, wat wij daaraan kunnen doen om te voorkomen dat mensen worden uitgescholden terwijl ze zich laten testen en dat is niet zoals het moet.

Mensen mogen best demonstreren, maar uitschelden van menen die daar bezig zijn in voor hun eigen gezondheid, maar ook voor die van ons allemaal, dat … Nou, dan komen we op een discussie waar we het al eerder over gehad hebben met privacy en dergelijke. Dus daar zal ik zeker naar kijken.

29

De voorzitter: Dank u wel burgemeester. Er staat nog een vraag open van OPHaarlem. Nu weet ik niet of u nog weet welke vraag dat is, maar mijnheer Smit is helaas bevroren in mijn beeld. Burgemeester Wienen: Ja. Ik kan er direct op reageren. Dat is de wekelijkse voortgang van vaccinaties. Ik wil graag proberen om wekelijks u mee te nemen in wat er aan ontwikkelingen is. Dat zal soms dan een wat langere brief zijn, soms een wat kortere. Daarin zal ik ook proberen mee te nemen … Als ik zeg dat ik het probeer, dan zal ik het in principe doen, tenzij ik die informatie gewoon niet heb. Dan laat ik het u ook weten. Hoe het gaat met de vaccinaties. Want ik kan me voorstellen dat het inderdaad heel interessant is om te kijken van: hoe ontwikkelt zich dat, de toename van het aantal vaccinaties? Dank. De voorzitter: Volgens mij zijn we dan door de vragen heen. 9.1 Brief burgemeester Wienen d.d. 5 maart 2021 update maatregelen COVID-19 9.2 INretail brief gemeenten 22-2-2021 - corona actualisatie detailhandelsbeleid Ter advisering aan de raad 10. 21.15 uur Startnotitie rechtmatigheidsverantwoording (MR) De voorzitter: Dan kunnen wij naar het volgende agendapunt. Dat is agendapunt 10, de startnotitie rechtmatigheidsverantwoording.

De raad wordt gevraagd voor de verantwoording in de jaarrekening 2021 als startjaar de rechtmatigheidsverantwoording te richten op financiële rechtmatigheid in de hantering van wettelijke normen. In 2021 voor de verantwoording in de jaarrekening 2022 afwegen welke volgende stappen in de rechtmatigheidsverordening gezet gaan worden. De verantwoordingstrend voor de rechtmatigheidsverantwoording vast te stellen op één procent van de lasten inclusief dotaties aan reserves. Volgt u me nog? De rapporteertolerantie vast te stellen op vijf procent van de verantwoordingstrend. Dat is gesteld op drie ton voor 2020. De auditcommissie heeft hierover advies uitgebracht aan de raad. Volgens de lijst van woordvoering krijgt als eerste het woord mevrouw Wisse. Mevrouw Wisse, gaat uw gang. Mevrouw Wisse: Dank u wel. Ik kan het weer heel kort houden. Een mooi advies van de auditcommissie. Wij stemmen in en wat ons betreft een hamerstuk. Dank u. De voorzitter: O, wat lekker snel zeg. Mijnheer IJsbrandy, gaat uw gang. Dan ga ik door naar de heer Van den Doel. De heer Van den Doel: Ja, dank u wel voorzitter.

Ook wij zijn in principe akkoord met dit stuk en met de bandbreedtes die gevraagd zijn en wij zien ook met groot plezier dat er getracht wordt de eerste line of defence te versterken waardoor de auditcommissie minder werk heeft, dat het van groot belang is omdat dat veel betere consequentie geeft in de cijfers. Daar zijn we blij mee. Dat was het. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Smit. De heer Smit: Dank u wel voorzitter. Even, mijnheer Van den Doel, niet de auditcommissie, maar het auditteam bedoelt u, heeft daar minder werk. De heer Van den Doel: U heeft gelijk.

30

De heer Smit: Een tweede is: ik zou graag van het college horen dat ze ernaar streven om de verantwoording te richten op de brede bedrijfsvoering, dus de in control statement, in feite de laatste overtreffende trap, dat het college ambieert dat zo snel mogelijk te bereiken, dat niveau. Ik opteer voor een hamerstuk met stemverklaringen, omdat het te belangrijk is voor de Haarlemmers om het in één keer te laten passeren zonder een kleine toelichting van of de voorzitter van de auditcommissie dan wel een lid van de auditcommissie in de raad. Dank u wel mevrouw de voorzitter. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Smit. Dan geef ik nu het woord aan de heer IJsbrandy. Gaat uw gang. De heer IJsbrandy: Ja, dank u wel voorzitter. Ja, ik heb toch wel een paar opmerkingen. Want de vraag is de vraag is eigenlijk wat we hier nu eigenlijk precies besluiten of adviseren. Als het alleen maar gaat om een wettelijke taakverschuiving van de accountant naar het college, dan hoeven we er niet al te lang bij stil te staan, maar interessanter is de verantwoordingsgrens. Deze mag volgens de wet door de gemeenteraad worden vastgesteld tussen de nul en de drie procent. Hoe lager het percentage, hoe meer er te verantwoorden is uiteraard.

Ja, dit is dan toch best een interessante vraag, want wat ik eigenlijk nog wilde vragen is: wat is nou eigenlijk de begroting? Ook in die toelichting bij die wet staat steeds de begroting. Maar we weten dat de begroting in Haarlem nogal fluïde is en iedere rapportage, dat wil zeggen: zo ongeveer iedere drie maanden, wordt die begroting opnieuw vastgesteld. Ter illustratie, het jaar 2019, de oorspronkelijke lastenbegroting was toen 525 miljoen euro. In de laatste, ja, begroting tussen aanhalingstekens volgens de bestuursrapportage, bedroegen de lasten echter 574 miljoen euro, belast in de jaarrekening voor 2019, waar uiteindelijk 569 miljoen euro. Met andere woorden, ten opzichte van de oorspronkelijke begroting zien we in de 2019 een overschrijding met maar liefst 8,2 procent, ruim dus boven de verantwoordingsgrens, maar ten opzichte van de laatste begroting voorafgaand aan de jaarrekening is er sprake van een daling met 0,8 procent en is dus eigenlijk niets te verantwoorden. Dus dan zou je kunnen zeggen: nou ja, goed gedaan, college. Wat hier misgaat, is dat we als gemeenteraad dus steeds maar weer in te stemmen met nieuwe begrotingen, het college in feite vrijwaren van zijn verantwoordingsplicht. We maken iedere nieuwe begroting weer rechtmatig en het college kan zijn gang weer gaan. Op deze wijze wordt het hele rechtmatigheidsbeoordelingsverhaal natuurlijk een wassen neus.

Hart voor Haarlem kan daarom alleen positief adviseren op dit punt als we afspreken dat de oorspronkelijke begroting het referentiepunt is voor de jaarrekening en we in de jaarrekening per beleidsveld dan ook tekst en uitleg krijgen over beleidsveld specifieke afwijkingen als die dus over die verantwoordingsgrens heen gaan. Dat willen we graag als amendement ook op dit verhaal inbrengen. De voorzitter: Dank u wel mijnheer IJsbrandy. Mijnheer Linder. Uw microfoon staat uit, nog steeds. U komt er niet in? Wat eigenaardig. Ik zal … Ja, nee. Nou, wat vervelend. Dan gaan we door naar mijnheer Trompetter en dan gaan we even kijken hoe we u kunnen … Ja, u kunt … Mijnheer Linder, u kunt contact opnemen. U heeft het telefoonnummer gekregen van de ondersteuning. Daar kunt u contact mee opnemen om te kijken of we toch nog uw computer aan de praat kunnen krijgen. Dan geef ik nu het woord aan de heer Trompetter. Gaat uw gang. De heer Trompetter: Dank u wel voorzitter. Dank voor het college voor dit stuk. Er worden ook de drie lijnen van detentie, the three lines of defence genoemd. Het versterken van de eerste lijn en dan de tweede vraag, mijn vraag hoe het daar nu mee staat. Er is ook nog een artikel van dit jaaronderzoek wat we daar nog voor krijgen.

Ik ben heel benieuwd naar de amendementstekst van Hart voor Haarlem, want ik … Zijn pleidooi kan ik me goed voorstellen, met zoveel begrotingswijzigingen die ook nog ‘…’ is het wel, moet het wel helder zijn op welke basis je je tolerantie baseert. Dank u. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Trompetter. Tot slot mevrouw Van der Windt. Gaat uw gang.

31

Mevrouw Van der Windt: Ja, dank u wel voorzitter. Ja, het is op zich een helder stuk met ook een duidelijk advies van de auditcommissie. Ik moet eerlijk zeggen dat ik wel de overweging van de heer IJsbrandy wel heel erg interessant vind en ik ben dan ook erg benieuwd naar het antwoord daarop van onze nieuwe wethouder, de heer Rog. Nou ja, als die vraag goed wordt beantwoord, dan zou dat wat ons betreft een hamerstuk kunnen zijn, maar na het horen van de heer Smit ben ik het er wel mee eens dat het netjes is om daar een stemverklaring van in elk geval de auditcommissie aan toe te voegen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel mevrouw Van der Windt. Dan geef ik nu graag het woord aan wethouder Rog. Gaat uw gang. Wethouder Rog: Ja voorzitter, dank u wel. Veel van uw leden hebben dank uitgesproken aan de auditcommissie. Dan doe ik vanzelfsprekend ook. U heeft ook gezien dat er grote gelijkenis is met het voorstel van het college aan uw raad als wat de auditcommissie heeft voorgesteld. Ja, tegelijkertijd zie ik natuurlijk dat er een discussie is bij een aantal van uw fracties over de wijze waarop het budgetrecht van de raad wordt ingevuld. Ik zit eventjes te kijken. Ja, de drie lijnen van defensie, concreet gevraagd. Dat is het punt waar we, wat natuurlijk ook door … Ik zit eventjes te zoeken, naar wie wordt het nu onderzocht? Door de … Nou ja, ik ben hem even kwijt, jongens.

Daar wordt onderzoek naar gedaan. De heer …: Artikel 213A, op het ogenblik. Wethouder Rog: Juist, dat is hem. Ik zat hem te zoeken, hoe die heet inderdaad. Ja. Dus die gaan we daar bij kop pakken. Dus daar gaan we dan kijken van hoe dat werkt. Voor het overige heeft de heer IJsbrandy, ja, eerlijk gezegd een aantal hele specifieke vragen gesteld waar ik in het kader van wat we nu voorstellen even niet het antwoord op hebben. Dus ik zou heel eerlijk gezegd daar heel graag even schriftelijk op terug willen komen. De voorzitter: Oké. Dus ik begrijp hieruit, mijnheer Rog, u heeft op de gestelde vragen die nog openstaan, heeft u nu nog geen antwoord. Gaat u daar schriftelijk antwoord op geven? De heer Rog: Dat is mijn vaste voornemen, om dat spoedig te doen. De voorzitter: Dat is uw intentie. Oké. Ja, dat moet dan vrij snel, mijnheer Rog, want het moet wel vastgesteld worden in de raad. Wethouder Rog: Zeker. De voorzitter: Dan neem ik aan dat dit stuk sowieso niet door kan als hamerstuk, maar dan een hamerstuk met stemverklaring wordt voor de zekerheid in de afwachting van uw antwoorden. Gaat deze commissie daarmee akkoord? Hamerstuk stemverklaring. Ja. Ja. Prima. Dan wordt het een hamerstuk met stemverklaring. Nog even bijzondere aandacht, mijnheer Rog, voor de vraag van OPH om die ook mee te nemen in de beantwoording van de schriftelijke vragen. Wethouder Rog: Doen we.

De voorzitter: Of tenminste van de vragen die u schriftelijk gaat nog doen. Ja.

32

11. 21.35 uur Vaststellen Eerste wijzigingsverordening belastingen 2021 Haarlem (MR) De voorzitter: Goed, gaan wij door naar het volgende punt. Dat is agendapunt 11, vaststellen Eerste wijzigingsverordening belastingen 2021. De raad wordt vandaag gevraagd om deze vast te stellen. Als eerste geef ik graag het woord aan mevrouw De Raadt. Gaat uw gang. Mevrouw De Raadt: Ja, dank u wel voorzitter. Ja, ik grijp deze voorgestelde wijziging op de legesverordening even aan om te proeven hoe de wethouder staat tegenover een nog wat ingrijpendere wijziging. Want als ik het antwoorden, al ik de antwoorden op mijn technische vragen goed begrijp, dan werken wij nu niet met een systeem waarin het totaal van leges kostendekkend is, maar elk individueel legebedrag, dat moet kostendekkend zijn. Zo ook die van bijvoorbeeld de registratie van gastouders. Daar is ook al een keertje eerder over ingesproken. Belangrijk gemiddelde daarvan is tweehonderd euro, maar vanwege onze manier van werken kost dit in Haarlem 820 euro. Ja, ze hebben dan direct natuurlijk ook weer hier de duurste gemeente van Nederland. Ja, 820 euro, dat is toch wel een bedrag wat toekomstige gastouders, ja, zou kunnen afschrikken. Dat is wat het CDA betreft zonde, want het is niet zo dat we omkomen in de kinderopvangplekken.

De vraag van het CDA is dus: is de wethouder bereid om te kijken of we kunnen toewerken naar een systeem waarin het totaal aan lege kostendekkend is in plaats van elk individueel legebedrag. Als dat niet kan om welke reden dan ook, dan is onze tweede vraag: ja, wat zijn er dan voor andere mogelijkheden om dit lege, dit specifieke legebedrag, maar misschien zijn er ook nog anderen, maar in ieder geval deze, om die in ieder geval terug te brengen naar het landelijk gemiddelde, maar dit wel tegelijkertijd … Dat is de crux, om dit financieel op te lossen binnen het domein van leges, dus niet grijpen naar de algemene middelen. Ja, tot zover voorzitter. Ik hoor het graag. De voorzitter: Dank u wel mevrouw De Raadt. Mevrouw Eckhard. Mevrouw Eckhard: Het spijt me. Ik heb niet het woord gevraagd volgens mij. De voorzitter: O. U staat op mijn lijstje, maar dan gaan we door naar mijnheer Linder, maar die kan niks zeggen. Dan gaan wij door … De heer Linder: Hallo, ik kan wel wat zeggen. De voorzitter: O, mijnheer Linder, daar bent u weer. Wat heerlijk. De heer Linder: Ja. Ja. De voorzitter: Wilt u ook nog wat zeggen over de vorige agendapunten? Of denkt u: laat maar? De heer Linder: Nee. Ik heb al die tijd gezegd … Bij vorige agendapunten heb ik het woord niet gevraagd, maar ik zie dat ik niet op de lijst sta voor agendapunt 12, waar ik wel het woord gevraagd heb.

Maar goed, over dit heb ik ook het woord gevraagd, is het niet dat CDA het gras voor mijn voeten weggemaaid heeft. Dank daarvoor. Vooral over die gastouders, waar ik ook vroeg, ja, in hoeverre dat dit bedrag nog realistisch is en in hoeverre dat dit bedrag niet omlaag kan. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Linder. Dan geef ik nu graag het woord aan mijnheer Trompetter. De heer Trompetter: Dank u wel voorzitter. Nou, het is in ieder geval goed wat ons betreft dat het tarief voor de winterlegplaats voor kleinere schepen verlaagd wordt. Wat betreft ‘…’ met de wijzigingen. Actiepartij is wel

33

benieuwd naar de beantwoording van de vraag van het CDA over de leges van het gastouderschap en of het totaal kostendekkend zou kunnen zijn. Dank u. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Trompetter. Tot slot, mevrouw Van der Windt. Mevrouw Van der Windt: Ja, dank u wel voorzitter. Ik had hier eigenlijk niet zoveel over. Het is te stuk om kennelijk indexeringsfouten te herstellen. Dat is kan wat ons betreft gewoon een hamerstuk zijn. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan geef ik nu graag het woord aan mijnheer Rog. Gaat uw gang. De heer Rog: Ja, dank u wel voorzitter. Inderdaad een aantal kleine wijzigingen in de leges. De heer Trompetter had het inderdaad over het havengeldtarief onder andere. Gewoon een foutje. Nog niemand last van gehad en er is ook niet mee gerekend in de begroting. Dus wat dat betreft zijn, nou, kunnen we dit gewoon op tijd rechtzetten. Dat is heel goed. Mevrouw De Raadt van het CDA, zeg maar daarin gesteund door de ChristenUnie, heeft een ander punt opgebracht. Ik ben blij dat u daar ook technische vragen al over heeft gesteld, want dat gaf mij de gelegenheid om even te kijken hoe dit dus inderdaad zit.

Want u heeft natuurlijk twee maanden geleden of twee en een halve maand geleden … Ik weet het nog goed, want het was 17 december, de dag van mijn installatie en van mijn beëdiging, heeft u namelijk het hele palet goedgekeurd als raad voor wat betreft de leges. En u komt nu op een element terug, en dat kan natuurlijk, maar het is voor dit jaar vastgesteld. In beperkte mate is het mogelijk om inderdaad tarieven hoger te maken dan de werkelijke kosten, zolang binnen het onderdeel de baten niet hoger zijn dan de lasten. Dus in die zin is het mogelijk om aanpassingen te doen, zoals u kennelijk wenst. En ja, dat betekent dan dat, ja, dat u daartoe de mogelijkheid heeft. Ja dat dient wel gedekt te worden vanzelfsprekend. Dus u moet dan ook zeggen waar de pijn komt. En hoe dat wordt, hoe die wordt gedekt. En ja, ik zou mij kunnen voorstellen dat dat zoiets bij de Kadernota gebeurt, maar het is aan uw raad. Het moment van ingang is pas begin van volgend jaar. De voorzitter: Dank u wel. Is er nog behoefte aan een tweede termijn? O, mevrouw De Raadt heeft een interruptie, gaat uw gang. Mevrouw De Raadt: Ja dank u wel voorzitter. Ja, een verhelderende vraag, want u zegt van ja, het is wel mogelijk om ook de bedragen omhoog te zetten binnen het onderdeel zegt u.

En wat bedoelt u dan precies binnen het onderdeel? Is dat binnen het onderdeel van het totaal aan leges, of binnen een specifiek klein onderdeeltje erbinnen weer? Want dan weet ik een beetje waar ik kan gaan zoeken om de dekking te vinden. De voorzitter: Wethouder. De heer Rog: Er is natuurlijk sowieso wanneer er nog geen 100% dekking is, en dat is bij een aantal onderdelen, zitten we daar in de buurt, 93 of 98% bijvoorbeeld. Kan tot 98% worden, of tot 100% opgehoogd. Maar dat, het is inderdaad mogelijk dat, ja dat u, van het ene onderdeel naar het andere schuift. Als het totaal maar niet boven de 100% uitkomt. De voorzitter: Dank u wel. Is dit voorstel op dit moment voldoende besproken? En zo ja, hoe kan het dan, o mijnheer Linder. Ja, gaat uw gang. De heer Linder: Ik vroeg me af over wel, over wat voor bedrag hebben we het dan eigenlijk? Als we het nu over dat over dat gastouderaanvraag hebben, want ik weet niet of dan meteen duizenden mensen zich willen aanmelden voor het gastouderschap. Over wat voor bedrag praten we over?

34

De voorzitter: Wethouder. De heer Rog: Dat staat in de begroting die u heeft vastgesteld. En omdat ik helaas zelf het antwoord niet paraat heb, moet ik u daar even naar verwijzen. Mevrouw De Raadt: Mag ik het antwoord geven voorzitter? De voorzitter: Mevrouw De Raadt, gaat uw gang. Mevrouw De Raadt: Uit de beantwoording van mijn technische vragen blijkt dat er zo’n 40 aanvragen per jaar zijn. Als we dat zouden terugbrengen, het bedrag, op het landelijk gemiddelde, dan moeten we dus een dekking vinden voor 40 keer € 600, dus dat is € 24.000. De voorzitter: Dank u wel. Ik zie geen interrupties meer, noch zijn er nog vragen overgebleven volgens mij. Dus ik stel voor dat wij gaan bepalen hoe dit verder gaat naar de raad. Kan dit als hamerstuk naar de raad? Dan graag hs. Ja. Oké. Tenzij iemand nu nog komt met een stemverklaring, wordt het een hamerstuk. Prima. Het volgende doet zich voor. Het volgende agendapunt daar hebben wij een aantal mensen voor uitgenodigd als gast. De teamchefs van de politie namelijk. Maar wij lopen enorm in. We zijn lekker bezig en lekker snel vandaag. Dus wij hebben nog even. Dus ik stel voor dat wij nu even 10 minuten pauze nemen, dan gaan wij proberen om de teamchefs wat vroeger in het scherm te krijgen. Dus wij gaan ze even bellen. Dus dan zie ik u graag. De heer Gün: Voorzitter, van de orde. De voorzitter: Mijnheer Gün.

De heer Gün: Van de orde, voorzitter. Kan Oosterspaarn dan naar voren worden gehaald? Dan is dat punt in ieder geval behandeld, en dan zijn de collega’s van de driehoek wellicht ruim op tijd. De voorzitter: Ik denk dat dat kan mijnheer Gün. We hebben geen insprekers geloof ik meer op dit punt. Als, sorry. Mevrouw Van der Windt, u heeft een punt van de orde. Gaat uw gang. Mevrouw Van der Windt: Ja een ander, maar ik steun het voorstel van de heer Gün. Ik wou, ik vroeg me af bij het volgende punt, wat is het, 12. Dat bestaat eigenlijk uit een aantal losse onderdelen. En is het misschien mogelijk dat we het eventjes per onderdeel behandelen, omdat anders heel veel vragen en opmerkingen zijn die van links naar rechts in het spectrum schieten. Dank u wel. De voorzitter: Ja, wat mij betreft is dat prima. Ik hoop dat de commissie zich, het ook op die manier heeft voorbereidt, dat we dat inderdaad puntsgewijs kunnen afhandelen. Dus graag aandacht daarvoor, de vraag aan deze commissie. Wat mij betreft is het voorstel van de heer Gün, is acceptabel. 13. 22.45 Oneigenlijk grondgebruik en ontruiming Park Oosterspaan (JW) De voorzitter: Als wij dat allemaal vinden dan gaan wij door nu met agendapunt, eens even kijken, 13. Oneigenlijk grondgebruik en ontruiming Park Oosterspaan. Om dan vervolgens terug te komen bij agendapunt 12.

En dan is het wel de bedoeling dat wij rond 22.00 uur toch echt wel terug zijn bij punt 12, omdat we dan wat gasten hebben die weer niet willen wachten natuurlijk. Tenminste, dat is niet zo netjes. Dus, oneigenlijk

35

grondgebruik en ontruiming Park Oosterspaan. Eens even kijken, het eerste mag ik het woord geven, mevrouw Wisse. Gaat uw gang. Mevrouw Wisse: Dank u wel voorzitter. Het viel ons in dit geval op dat we niet konden terugvallen op beleid. Er is wel beleid voor illegaal in gebruik genomen gemeentegrond. Maar participatie is natuurlijk in gebruik gegeven grond. Dus de eerste vraag die wij eigenlijk aan de burgemeester hebben, is of de burgemeester bereid is om met een beleidsvoorstel te komen voor hoe we om kunnen gaan met deze vormen van participatie. En dan bedoel ik participatie van tuinen aan huizen vast, of in dit geval, tuin aan tuin vast. Zodat we volgende keer in elk geval weten waar we ons aan vast kunnen houden. En nog een keertje in deze commissie kunnen bespreken wat we nou ook willen in deze situaties. Want wat je denk ik heel vaak ziet is dat uiteindelijk deze vorm van participatie, zeker als er heel lang niet gehandhaafd wordt of geen toezicht is, uiteindelijk privé tuinen worden. Nou, dat kan natuurlijk niet de bedoeling zijn. En in dit geval is het volgens mij ook zo dat bewoners eigenlijk niet van plan zijn om hun verlengde tuinen alsnog openbaar toegankelijk te maken.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12291025/1