02-04 transcript Commissie Samenleving 4 februari
Tekst van het document
TRANSCRIPT VAN DE RAADSCIE SAMENLEVING VAN GEMEENTE HAARLEM d.d. 4 februari 2021
1.
Opening en mededeling voorzitter De voorzitter: Zo. Een echo in mijn oor. ‘…’. Goedenavond. Welkom weer bij deze tweede vergadering van commissie Samenleving van dit jaar. Weliswaar op een bijzondere manier, want we zijn weer digitaal. U heeft uit ‘…’ oogpunt het verzoek gekregen per agendapunt de woordvoerders aan te geven waarna de woordvoerderslijst is opgemaakt die u toegezonden heeft gekregen en u zult aan de hand van deze lijst met volgorde dan ook van mij het woord krijgen. Indien u toch in een reactie op andermans inbreng of in tweede termijn het woord wenst graag hiervoor de chat te gebruiken, dus niet het handje opsteken, echt de chat te gebruiken. Gebruikt u alstublieft de chat verder alleen om aan te geven dat u het woord wenst ter interruptie of bij vragen over de vergaderorde en ook is aangegeven dat u een spreektijdenklok kunt vastpinnen aan uw beeld door in de menubalk bij het icoontje Deelnemers bij de deelnemer raadsklok de optie vastpinnen aan te klikken, dan blijft hij netjes in het beeld staan en dan kunt u goed volgen wat uw spreektijd is. Ik heb geen berichten van verhindering ontvangen. Ik weet niet of iemand dat nog wil mededelen, anders ga ik door. Nee. Mevrouw Verhagen: Ik kan daar nog wel een mededeling over doen misschien. De voorzitter: Die komt zo. Mevrouw Verhagen: Oh, oké.
De voorzitter: In het bijzonder wil ik eerst nog een hartelijk welkom aan mevrouw Steyger van GroenLinks bij de commissie Samenleving wederom, hartelijk welkom. Mevrouw Steyger die gaat de komende maanden mevrouw Timmer-Aukes vervangen. Ja? Uiteraard goed ook dat wethouder Bot vanavond ook weer aanwezig is hier in de vergadering, fijn dat hij weer beter is.
2.
Vaststellen van de agenda De voorzitter: Dan gaan we naar het vaststellen van de agenda. Zoals u weet is de agenda aangepast in verband met het digitaal vergaderen, maximaal vier uur doen we dat dan. De extra vergadering van de commissie is volgende week woensdag 10 februari. Het agendapunt 213A Onderzoek combinatie functionarissen en de RKC adviesbrief is hierdoor doorgeschoven naar de commissie in maart. De commissie van volgende week zal een vervolg zijn op deze reguliere vergadering en daarom enkel nog een bespreking zijn van de daarop geplande stukken. Er zijn ook nog twee adviezen binnengekomen van de participatieraad over de evaluatie SVT en gewoon in de wijk. Verder wil ik u nog berichten dat er vandaag, vanmiddag, nog twee adviezen van de participatieraad zijn binnengekomen met het verzoek deze aan de agenda toe te voegen en die zitten dus ook bij voor de commissie van volgende week.
3.
Mededelingen commissieleden en wethouder(s) De voorzitter: Dan komen we bij de mededelingen over bijeenkomsten. Er is een regionale sessie door decentralisatie beschermd wonen op dinsdag 16 februari om acht uur tot uiterlijk half 10 en wordt er een regionale informatiesessie georganiseerd over de stand van zaken inzake de door decentralisatie beschermd wonen voor alle gemeenteraden in de regio. Meer informatie en aanmeldingen treffen we aan in de raadszaal.
1
Ik weet niet of er nog mededelingen van de wethouders zijn, ik heb daar niks op de annotatie staan. Nee? Is er nog een mededeling van de commissie? Ik hoorde dat er iemand ook een mede... Nee? Volgens mij wil er iemand een mededeling geven. Mevrouw Verhagen: Ja, dat de heer Van den Raadt zal vanavond niet aanwezig zijn. De voorzitter: Oké. Dat is prima. Dank u wel. Dat was mevrouw Verhagen. Dus de heer Van den Raadt van Trots Haarlem is niet aanwezig. 4.
Agenda komende vergadering(en), jaarplanning en Actielijst De voorzitter: Dan gaan we naar de agenda komende vergaderingen, jaarplanning en de Actielijsten. De agenda voor de komende vergadering: helaas is door een technische storing het niet mogelijk gebleken u een actuele Actielijst en jaarplanning aan te bieden. Zodra dit weer mogelijk is, zal deze actuele stand van zaken worden gemeld. Verder wil ik u berichten dat de gecombineerde commissievergadering over de locatiekeuze Domus plus en Skaeve Huse in maart is opgeschoven van 4 maart naar 1 april. Het idee is om voorafgaand aan de gecombineerde vergadering van de commissies Ontwikkeling en Samenleving een apart moment voor insprekers te beleggen, digitaal, en indien veilig mogelijk gaan we het ook fysiek organiseren. U wordt hierover nog verder geïnformeerd. Dan gaan we verder met de vraag of de commissie nog ter kennisname stukken wil agenderen voor een volgende vergadering. Ik zie hier de SP. Mevrouw Özogul, gaat uw gang. Mevrouw Özogul-Özen: Ja, dank u wel, voorzitter. Ik wil agendapunt 1.1. ter kennisname stuk agenderen. Gaat over evaluatie trajectbegeleiding aan daklozen, economisch daklozen. De voorzitter: Ja, dank u wel. Het wordt ontzettend lastig om nu instemming van de commissie te vragen en dat te peilen.
Hoe gaan we dat doen? Mevrouw Özogul-Özen: Mag ik kort de reden ook zeggen? De voorzitter: Ja, en doet u … Gaat uw gang. Mevrouw Özogul-Özen: Gaat over de begeleiding van economisch daklozen ook met betrekking tot de subsidie van 5,6 miljoen. Komende tijd willen we vijf ton aan uitgeven en ik wil dat bespreken. De voorzitter: Ik heb hier negen mensen in mijn beeld staan, dus ik weet niet of die even kunnen aangeven of ze ja of nee willen. Ja? Ik zie genoeg jaknikkers, dan gaan we daar vanuit. De heer …: Ja. De voorzitter: Dan krijgt u een formulier toegestuurd en dan kunt u het nog argumenteren. Mevrouw Özogul-Özen: Oké. De voorzitter: Is er verder nog iemand die iets wil agenderen? Ik zie niemand meer binnenkomen.
2
5.
Transcript commissie d.d. 7 januari 2021 (alleen naar aanleiding van) De voorzitter: Dan gaan we naar het agendapunt 5. Dat is transcript van de commissie van 7 januari jongstleden. Zijn daar nog op- of aanmerkingen over? Nee? Daar ook niet. Mooi.
6.
Doelstellingen Wet inburgering 2021 De voorzitter: Dan gaan we door naar het eerste bespreekpunt. Dat is doelstellingen Wet inburgering. De verantwoordelijkheid voor uitvoering en het ontwikkelen en aanbieden van het nieuwe inburgeringsaanbod ligt bij de gemeente. De colleges van de regio Zuid Kennemerland en IJmond stellen gezamenlijke doelstellingen bij de uitvoering van de nieuwe Wet inburgering vast. In deze nota wordt aangegeven dat de inburgeringsonderdelen brugklas en de drie leerroutes: B1-route, onderwijsroute en Z-route regionaal worden verworven. Het onderdeel maatschappelijke begeleiding wordt lokaal verworven. Inburgeringsplichtingen krijgen hierdoor tijdig een passend inburgeringstraject aangeboden waardoor ze zo snel mogelijk mee kunnen doen in de samenleving. De door de participatieraad aangegeven adviezen worden als aandachtspunten meegenomen in de verdere voorbereiding op de invoering van de nieuwe wet, zie bijlage 3 en 4. Ook de input van verschillende externe partijen en inhoudelijke experts is betrokken bij het proces, net als de input van exinburgeringsplichtigen. Deze nota wordt ter bespreking voorgelegd aan de commissie en volgens de lijst van woordvoering krijgt als eerste mevrouw Zoon van Hart voor Haarlem het woord. Gaat uw gang. Mevrouw Zoon: Dank u wel, voorzitter. Ja, de nieuwe Wet inburgering.
Mijn eerste vraag aan de wethouder is: wanneer gaat die nou in? Want ik lees op alle sites dat het pas op 1 januari 2020 gaat en daar zou ik wel graag als eerste antwoord op willen hebben, want dat is wel cruciaal. Maar als die dan toch ingaat, zijn er inderdaad wel veel veranderingen. Het doel van de wet is om nieuwkomers zo snel mee te laten doen in Nederland en hun helpen met hun inburgering. Asielstatushouders krijgen een op maat gesneden inburgering en de overheid betaalt dit, gemeenten begeleiden familieleden van immigranten die naar Nederland komen. Het doel is om sneller deel te nemen aan de Nederlandse samenleving. Het gaat met name om de snelheid van het traject. Ik mis in dit stuk hoe u die snelheid er in wilt houden. De inburgering moet namelijk volgens ons niet te lang gaan duren. Het gaat ook om maatwerk, maatwerk die inburgering moet aansluiten op de behoeften van de nieuwkomers zodat deze op een volwaardige manier kunnen meedoen. Het combineren van taal leren en participeren is belangrijk in dit gebeuren. We hebben inderdaad drie routes: de leerroute, de route van inburgering en de route voor taal, ja, en de onderwijsroute en de zelfredzaamheidroute. Bij ons gaat het erom dat die samenvoeging van taal, zelfredzaamheid en maatwerk plek krijgt in de Haarlemse samenleving.
Maatwerk, motivatie van de medewerker en vaardigheden, dat is breder dan alleen maar taal; dat is ook inderdaad op maat voor de individu zelf. Dan wil ik u nog wel meegeven: het gaat ook om financieel ontzorgen en maatschappelijke begeleiding. Zelfredzaamheid, financiële zelfredzaamheid bevorderen via individueel of met een cursus. Buddy’s voor maatschappelijke begeleiding is vaak wel hetgeen wat hier helpt. Je hebt vaak nodig sleutelfiguren die dat dan ook doen. Zoek de discussie op en de confrontatie en zorg ervoor dat mensen bewust de normen en waarden leren waarbij zij weten hoe onze samenleving in mekaar zit. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Zoon. Dan ga ik nu naar de heer Sepers, PvdA. De heer Sepers: Ja, dank u wel, voorzitter. Het college heeft in de nota geeft een goed beeld hoe dat ze de uitvoering van het inburgeringsbeleid willen gaan aanpakken. Daar staat regionale aanpak voorop en op een aantal gebieden de lokale aanpak. In principe zijn wij het eens met de lijn in de informatienota waarbij we ons wel goed realiseren dat het niet gaat om het inburgeringsbeleid zelf, maar alleen over de uitvoering van het inburgeringsbeleid en daar heb ik straks ook nog wel een vraag over. Ik heb vier vragen aan de wethouder.
3
Eén: ik weet niet of hij het beeld heeft in hoeverre de coronasituatie de huidige inburgeringstrajecten beïnvloedt en ik kan me zo voorstellen dat dat vrij ingewikkeld is op dit ogenblik om goede inburgeringstrajecten te hebben. Het is weliswaar nu nog niet de uitvoeringverantwoordelijkheid van de regio dan wel de gemeente, maar ik neem aan dat u daar misschien iets over kunt vertellen. Dan een paar andere vragen. De invoering van de Inburgeringswet is weer verschoven naar 1 januari 2022: zijn daar in uw opvatting nadelige gevolgen aan verbonden en zo ja, welke zijn dat? Een volgende vraag is zoals ik al zei, het gaat nu om de decentralisatie van de uitvoering van het inburgeringsbeleid, dus het beleid wordt nog steeds in 070 gemaakt en nou is het natuurlijk altijd een probleem als uitvoering en beleid ver van elkaar komen af te staan hoe de signalen uit de uitvoering hoe die hun weg vinden naar de ivoren torens in Den Haag.
Kan de wethouder daar iets over zeggen wat daar voor voorzieningen voor gepleegd worden en zijn om te zorgen dat uitvoering en beleidsbepaling dat dat wel mooi op elkaar aangesloten blijft? Tenslotte ziet de wethouder bij de invoering van de wet specifieke extra financiële risico’s voor de gemeente à la de jeugdzorg en de Wmo? Daar hebben we nu een heel zwaar traject te gaan en het zou natuurlijk heel vervelend zijn als we op het gebied van de inburgering wat cruciaal is voor het verwelkomen en ontvangen van mensen in onze samenleving, als daar ook dat soort problemen … Dus graag daar een reactie op. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we door naar mevrouw Çimen, D66. Mevrouw Çimen: Ja, dank u wel, voorzitter. Voorzitter, de Wet inburgering is op 1 december jongsleden met algemene stemmen aangenomen in de eerste kamer. Dat is heel fijn, een breed draagvlak. In het nieuwe stelsel is er namelijk meer ruimte voor een inburgeringstraject op maat. Statushouders hoeven niet langer hun eigen taalonderwijs in te kopen en hoeven geen schulden meer op te bouwen.
Verder zijn er meer garanties dat zij kwalitatief goed taalonderwijs krijgen en tenslotte is het nieuwe inburgeringsstelsel een adaptief stelsel, dat betekent dat gedurende het proces er wordt gekeken waar er bijgestuurd kan worden en een belangrijk punt voor D66 is dat de ervaringen van klankbordgroepen die bestaan uit nieuwkomers en oudkomers worden meegenomen bij aanvang van dit hele proces. Graag een bevestiging van de wethouder dat dit ook in de toekomst zo blijft en wij ook lokaal gebruik blijven maken van de input van ervaringsdeskundigen in het nieuwe stelsel. Voorzitter, het inburgeringsstelsel, het nieuwe stelsel is een flinke verbetering ten opzichte van het huidige. Toch heeft mijn fractie ook zorgen. Deze zorgen zijn te herleiden naar de verschillenen tussen groepen inburgeraars. De eerste groep is de zogenaamde ondertussengroep, dit zijn inburgeraars die in het oude stelsel zijn begonnen aan het inburgeringstraject. Deze groep is groter geworden en wordt groter, omdat vanwege de COVID-19 pandemie de uitvoering op meerdere plekken in Nederland niet tijdig gereed is voor het oorspronkelijk geplande startmoment van 1 juli 2021 en daarom heeft de minister helaas moeten beslissen de wet een halfjaar later in werking te laten treden.
De tweede groep is de gezinsmigranten; zij krijgen weliswaar meer begeleiding van de gemeente, maar moeten onder de nieuwe wet volgens mij wel zelf hun taalonderwijs blijven inkomen. D66 vindt het belangrijk dat beide groepen goed in de gaten worden gehouden en niet tussen wal en schip vallen. Hoe zorgt deze wethouder ervoor binnen zijn mogelijkheden dat zij zo min mogelijk hinder ondervinden? Graag een reactie. Voorzitter, in november van 2019 heeft D66 een drietal moties ingediend over het beter naar werk begeleiden van statushouders, over aandacht voor de psychosociale gezondheid van onze nieuwe Haarlemmers en het invoeren van een kwaliteitskeurmerk voor taalscholen. Alle drie de moties zijn uitgewerkt, zijn concrete doelen dan wel onderdeel van het beleid en daar is mijn fractie heel blij mee, dank u wel daarvoor. Zoals gezegd, voorzitter, ook door anderen is de in werking treding vertraagd met een halfjaar en wordt nu naar verwachting 1 januari 2022, maar in de voorliggende nota van het college staat nog steeds dat de Wet inburgering per 1-7-2021 in werking treedt. Wat betekent deze vertraging concreet voor de opgenomen planning in het stuk en wat zijn de gevolgen hiervan voor de gemeente Haarlem? Hadden wij niet een aangepast stuk moeten krijgen ter bespreking? Graag een reactie.
4
Tot slot, voorzitter, een vraag over de regionale samenwerking. De geest van de Wet inburgering lijkt een lokale benadering van de inburgeraar te zijn. Wij kiezen en in Haarlem juist voor om het regionaal te gaan organiseren. Is het doel van de regionale samenwerking voornamelijk financieel ingestoken of kan de wethouder toelichten wat de inhoudelijke overwegingen zijn om dit alsnog regionaal te organiseren? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we door naar mevrouw Stroo, Jouw Haarlem. Mevrouw Stroo? Mevrouw Stroo: Nou heb ik de camera weer uit. Ja? De voorzitter: We horen je wel, ja. Mevrouw Stroo: Zie je me nu? Ja? Horen jullie me? De voorzitter: Ja, we horen je. Mevrouw Stroo: Over de Wet inburgering 2021. We hebben technische vragen gesteld over het bestaan van faciliteiten voor statushouders met kinderen. De achterliggende gedachte is dat deze faciliteiten het volgen van de leerroutes voor hen makkelijker maakt dan zonder kinderopvangmogelijkheden. Gelukkig zijn er allerlei soorten programma’s waar kinderen van statushouders gebruik van kunnen maken in het kader van gelijke onderwijskansen. We vinden het goed te vernemen dat deze kinderen aan het begin van hun taalontwikkeling op de leeftijd van elf maanden gelijk onderzocht worden op een mogelijke taalachterstand zodat ze gelijk in beeld komen voor- en vroegschoolse educatie.
Een mooi project in deze is centering practising bij de verloskundigenpraktijken waarbij momenteel een groep Eritrese zwangeren groepsbijeenkomsten wordt aangeboden zodat zij door deze sociale contacten steun en herkenning bij elkaar kunnen vinden. We hebben ook een vraag gesteld over de leeftijdsgrens van 28 jaar voor deelname aan de leerroute. U zegt in antwoord daarop dat er juist geen leeftijdsgrens gesteld wordt, kunt u dit bevestigen? De laatste vraag die wij aan u en de commissie willen stellen is of de gemeente Haarlem voldoende maatwerk kan bieden met het Persoonlijk Inburgeringsplan Participatie, het PIP? Dank u. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we door naar iemand van GroenLinks; ik weet niet wie het woord gaat doen? Is dat mevrouw Steyger? Mevrouw Steyger: Ja, voorzitter, ik ga het woord doen. De voorzitter: Gaat uw gang. Mevrouw Steyger: Dank u wel. GroenLinks is blij met de ontwikkeling dat de regie weer bij de gemeente komt als het gaat om de trajecten van de inburgering, daar wil ik mee starten. Ik heb een aantal vragen voor de wethouder wat betreft de verschillende vormen van uitwerking.
Ten eerste was een van de grote problemen toch uiteindelijk dat de inburgeraars hun eigen taalcursussen moesten inkopen en dat heeft ontzettend veel vervelende bijeffecten gekregen waaronder nogal wat beunhazen die van deze gelegenheid gebruik hebben gemaakt om deze kwetsbare mensen voor hun karretje te spannen. Nou zie ik dat u toch via aanbesteding veel organisaties wil betrekken bij de uitwerking en mijn vraag is: heeft u er over nagedacht hoe u eventuele beunhazen hierin nu buiten de deur kunt houden als het gaat om deze kwetsbare groep? We hebben infrastructuur van de ROC’s die bestaat helaas niet meer, dus we zullen toch bij die partijen weer terug moeten komen en ik wil graag dat u daar aandacht aan besteed. Een tweede punt is dat de groep divers is en
5
ook verschillende vormen van ondersteuning nodig heeft om een traject succesvol te kunnen afsluiten. Ik zie dat daar psychische ondersteuning voor wordt geboden, dat lijkt me ontzettend belangrijk, maar een ander punt wat belangrijk is, is dat er voor vrouwen die echt jonge kinderen hebben kinderopvang komt die aansluit op hun tijden die ze moeten besteden aan lessen, aan afspraken die ze hebben, want dat is ook in het verleden een groot struikelblok gebleken met name voor de vrouwen die toch in hun eigen kleine cirkel geen kinderopvang konden regelen en daar dus ook afhankelijk zijn van ons. De voorzitter: Mevrouw Steyger? U heeft een interruptie van mevrouw Zoon, Hart voor Haarlem. Mevrouw Zoon: Ja, dat ging al over drie items geleden geloof ik. U heeft het over niet bezuinigen op taal: dat ben ik met u eens, maar houdt het dan ook in dat u zegt: daar mag best wel wat geld aan uitgegeven worden dat we goede taallessen inkopen zodat daar echt geïnvesteerd wordt? Mevrouw Steyger: Nou, ik heb het volgens mij niet gehad over het budget, ik heb gezegd: de vorm om het via aanbesteding in te kopen kan het risico inhouden dat de oude beunhazen ook weer mee gaan doen, dat was mijn punt. Mevrouw Zoon: Ja, maar dat kan je dan toch veranderen door te zeggen: ik steek daar wat meer geld in, omdat ik het heel erg belangrijk vind.
Daar kan je toch criteria voor aanleggen? Mevrouw Steyger: Nou, ik wacht eerst even af wat de wethouder zegt over hoe hij de aanbesteding vorm wil geven met mijn punt. Mevrouw Zoon: Oké. Mevrouw Steyger: Dank u wel. Dan kom ik aan mijn derde punt, dat is de lokale vormgeving. Daarin wordt gezegd dat de wijkteams en de welzijnsorganisaties een grote rol gaan spelen in de begeleiding. Mijn vraag is of zij daar voldoende voor zijn geëquipeerd qua tijd, vaardigheden en kennis? Er komt dan een groep op hen af met hele specifieke vragen en ik maak me daar zorgen over of ze dat kunnen bieden en mijn vraag is ook: zijn zij ook betrokken geweest bij het tot stand komen van dit plan zodat ze zich daar ook op kunnen voorbereiden? Dan is mijn laatste punt: er hebben altijd heel veel vrijwilligers ook meegedaan in het begeleiden van statushouders en van inburgeraars, wat is hun rol nog in het hele gebeuren? Dat waren mijn vier opmerkingen, dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we nu naar mevrouw Verhagen, Trots Haarlem. Mevrouw Verhagen: Eerst even wat aan zetten. ‘…’. Ja, dank u wel, voorzitter. Complimenten voor dit nieuwe inburgeringsstelsel waarin een zo spoedig mogelijke participatie en dus integratie van nieuwkomers wordt vastgesteld.
Trots vraagt zich wel af hoe die ambitie vanaf 1 juli waargemaakt kan worden in de verwachting dat de helft van het MKB aan de coronamaatregelen ten onder zal zijn gegaan. Juist in de horeca en de winkels vinden nieuwkomers relatief eenvoudig werk of stageplek. Nu al vallen daar veel ontslagen of worden contracten niet verlengd. De nog resterende bedrijven in bijvoorbeeld voedingssector hebben het personeel voor het uitzoeken en gaan voor de beste waarbij een nieuwkomer, maar ook onze eigen kansarme jongeren, de concurrentieslag allicht verliest. Ook het taalonderwijs kan op dit moment onmogelijk aan de eisen voldoen zonder contactlessen. Ik hoorde gisteren nog van mijn Hongaarse leerling Nederlands die ik nu ook begeleid met haar koksopleiding aan het ROC Amsterdam dat de helft van haar B2 Nederlandse taalgroep al is uitgevallen. Inderdaad, heel handig om een beroepsopleiding te combineren met taalonderwijs in dit geval
6
bekostigd door de gemeente Amsterdam, maar nu konden de inburgeraars en trouwens ook de andere leerlingen geen stageplek vinden en er is ook geen praktijkonderwijs, maar met alleen digitale lessen gleden ze langzaam weg en kwamen steeds verder achterop met hun opdrachten. De groep die juist succesvol aan het inburgeren was, participeert nu in het geheel niet meer en lijkt uit het zicht te zijn verdwenen. Hoe verhoudt zich dat tot doelstelling 4 die luidt: het duale karakter van de leerroutes wordt geborgd door het integreren van het praktijkgericht leren van de taal en participeren in een taalrijke leeromgeving? De vraag is of er gegeven de omstandigheden überhaupt nog een taalrijke leeromgeving kan worden aangeboden, ervanuit gaande dat taal veel meer is dan alleen woorden, maar samengaat met aankijkgedrag, mimiek en lichaamshouding; pas dan kan taal als betekenisvolle communicatie ervaren worden die intrinsiek motiverend is. Zoals je nu binnen het reguliere onderwijs al ziet, blijkt de ene school veel beter in afstands- en hybrideonderwijs dan de andere.
Zou de kwaliteit van afstands- en hybrideonderwijs niet ook een selectiecriterium voor de nieuwe te contracteren taalaanbieders moeten vormen? Ook zijn wij benieuwd in hoeverre de gesubsidieerde partijen die de re-integratie uitvoeren die participatieplek onder de gegeven omstandigheden daadwerkelijk ook kunnen bieden? Heeft de wethouder daar zicht op? Het mag duidelijk zijn dat Trots zich ernstige zorgen maakt over deze situatie waar we op deze manier ook zijdelings aandacht voor willen vragen, maar in concreto zien we ook graag dat de veranderde omstandigheden die het voor de instellingen extra moeilijk zo niet onmogelijk maken om aan de kwaliteitseisen te kunnen voldoen ergens in de wet worden verdisconteerd? Dat zou zelfs een handvat kunnen bieden om inburgeringsonderwijs net als speciaal onderwijs uit te kunnen sluiten van de coronamaatregelen. Hoe kijkt de wethouder hier tegenaan? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar mevrouw Özogul, SP. Mevrouw Özogul-Özen: Ja, dank u wel, voorzitter.
De SP is ook heel blij met de Wet inburgering 2021 waarbij het weer terugkomt naar de gemeente, want in het verleden, zoals GroenLinks ook al eerder aangaf, was het zo dat inburgeraars zelf verantwoordelijk waren en zelf moesten kiezen bij wie ze dan hun taal gingen leren of konden inburgeren en dat kwam voor vervelende problemen veroorzaken zoals bijvoorbeeld dat de kwaliteit laag is, dat er te hoge prijzen worden gevraagd of dat er financiële nood ontstaat of een drempel is. Wij hebben een aantal vragen aan de wethouder hierover. Wethouder, wanneer u straks gaat aanbesteden, is er een tool om de kwaliteit van straks les te geven organisaties te toetsen? Daarnaast vindt de SP het belangrijk dat ook taal inbegrepen wordt vanuit de gemeente. GroenLinks vroeg het, maar wij vinden het belangrijk dat wij daar dan eventueel ook een bijdrage indien nodig in kunnen steken, want taal is het belangrijkste van het inburgeren ook voor in de toekomst wanneer er straks kinderen komen of kinderen naar school gaan is het ook gewoon heel erg belangrijk. De SP is ook benieuwd, wij lezen dat er … Er staat iets van: aanbieders die momenteel diensten leveren, kunnen verdwijnen; daar maken wij ons zorgen over.
Wie zijn die aanbieders en kunnen wij toch zorgen dat wij de kennis kunnen behouden? Met betrekking tot de hulpverlening lezen wij dat dat naar de sociale wijk en welzijnsorganisaties gaat; dat is mooi, alleen de sociale wijkteams hebben al zoveel wat ze constant op hun bordje krijgen. Kunnen zij dat aan? Vluchtelingenwerk die het tot op heden heel goed heeft gedaan, hoe zit het daarmee? Want zij hebben met vrijwilligers begeleiden zij gezinnen en statushouders; vallen zij nu buiten de boot of kunnen wij toch een beroep doen op hun kennis? Graag antwoord. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar mevrouw Booms, ChristenUnie. Mevrouw Booms-Van der Meer: Ja, dank u, voorzitter. De gemeente krijgt de plicht om te zorgen …
7
De voorzitter: Els? Mevrouw Booms? U bent ontzettend zacht te verstaan. Kunt u iets dichter bij de microfoon misschien? Mevrouw Booms-Van der Meer: Ja. Zo? De voorzitter: Het is iets beter, maar het houdt niet over. Mevrouw Booms-Van der Meer: Oké. De voorzitter: Maar het is te verstaan. Als u een beetje dicht bij de microfoon en duidelijk praat dan is het wel te verstaan. Mevrouw Booms-Van der Meer: Ik zit te kijken waar de microfoon zit. Ergens. Goed. De gemeenten krijgen de plicht om te zorgen voor een kwalitatief goed … De voorzitter: Nu is het helemaal niet te verstaan, mevrouw Booms. Ik denk dat de papieren erop liggen dan. Mevrouw Booms-Van der Meer: Oh, oké. De gemeenten krijgen de plicht om te zorgen voor een kwalitatief goed inburgeringsaanbod en goede … De voorzitter: Het is … Ik weet niet hoe het bij de anderen is, maar hier is het niet te verstaan. Het is veel te zacht. Mevrouw Booms-Van der Meer: Doe dan even eerst iemand anders, dan … De voorzitter: Misschien dat u een headset ergens kunt regelen of zo. Dan ga ik inderdaad even een paar andere mensen het woord geven, ja? Mevrouw Booms-Van der Meer: Oké. De voorzitter: Oké. Dan wil ik … Dan ga ik doorgaan naar de heer Smit, OPHaarlem. De heer Smit: Dank u wel, mijnheer de voorzitter. Er is al veel gezegd, wil ik niet herhalen. Digitaal vergaderen kost meer tijd. Ambities erkenbaar, het stuk is goed leesbaar.
Complimenten aan de wethouder. Wat mij misschien een beetje opvalt in het stuk is dat ik het wat solitair vind in het omschrijven van dat wat in feite het proces ondersteunt en ik mis daar een beetje de stad zelf. Kan de wethouder aangeven in hoeverre wijkactiviteiten, maar ook de sportclubs, de recreatieve aspecten, betrokken kunnen worden bij de begeleiding van de statushouders en van anderen hier in dit project zodat zij meer in de stad en in de wijk opgenomen worden? Ik denk dat sportclubs dat graag willen, maar dan moet je ze er actief bijplakken, als ik het zeggen mag. Dan valt ook op, en dat wist ik niet, dat is het wettelijk aspect. Dat gaat over de aanbodplicht door gemeenten dat bij gezinsmigranten en overige migranten het maatschappelijk begeleiden niet verplicht is. OPHaarlem kan zich voorstellen dat, wethouder, als mensen op deze titel in het land komen dat de situatie van het gezin er nog steeds een kan zijn waarin er een vorm van niet-volledige maatschappelijke integratie is. Kan dan toch als het herkenbaar is dat de huissituatie, woonsituatie waarin betrokkene binnenkomt onvoldoende is, dat er toch maatschappelijke begeleiding gegeven kan worden aan die mensen? Want anders gaan die wellicht eigenlijk zweven.
Het is al twee keer gezegd, volgens mij, geconstateerd: wij krijgen te maken met de post-coronaeffecten als we hopelijk van de coronaeffecten af zijn en dat zal dan rondom de invoering van deze wet zijn. Zou de wethouder kunnen toezeggen dat vanaf de invoering van de wet er bijvoorbeeld
8
kwartaalsgewijs info wordt gegeven over de brede effecten van de coronaproblematiek die elementen van de uitvoering frustreren, vertragen of niet mogelijk maken? Dat is straks wellicht geen verrassing, maar dan moeten we met z’n allen denken over alternatieven en dan moeten we daar met z’n allen wellicht ook besluiten over nemen. Kan de wethouder toezeggen dat dit soort effecten op de uitvoering van de wetgeving met ons periodiek, liefst kwartaalsgewijs, worden doorgenomen? Dank u wel, mijnheer de voorzitter. De voorzitter: Graag gedaan, mijnheer Smit. Dan gaan we door naar de heer Hulster, Actiepartij. De heer Hulster: Dank u wel, voorzitter. Ja, Actiepartij is op zich tevreden over dit stuk. We zijn ook heel blij dat er al zo snel begonnen wordt met het brugklasidee waarin dus eigenlijk inburgering op maat wordt geregeld voor de betreffende mensen die taalonderwijs nodig hebben om hier goed te functioneren. Dus dat vinden we een positieve ontwikkeling. Er is natuurlijk al veel gezegd, dus we gaan even cherry picken.
We sluiten ons aan bij de opmerking van D66: waarom wordt er voor gekozen om een regionale samenwerking op te tuigen? We sluiten ons aan bij de woorden van Trots: wordt er bij de selectie van partijen goed gekeken naar de digitale bereikbaarheid? Want dat is in deze tijden van corona heel belangrijk, en met name ook innovatieve vormen zodat mensen daar echt actief betrokken worden. Zelf willen we nog even specifiek aandacht vragen voor punt 10: tijdens het inburgeringstraject is er specifieke aandacht voor de psychische gezondheid van inburgeringsplichtigen. Dat lijkt ons nu echt de sleutel tot succes. Dus dat dat genoemd wordt is goed, maar ik denk dat de mate waarin dat wordt gedaan, dat dat nu echt gaat uitmaken of er succes wordt geboekt, want we weten allemaal dat stress alleen al de maat waarin we informatie kunnen opnemen verslechtert en onze motivatie verslechtert, laat staan als mensen trauma’s hebben. Dus wij hopen dat daar specifieke aandacht voor is. Nou ja, we zijn blij met die specifieke aandacht daarvoor, maar we zijn benieuwd om van de wethouder te horen hij daar naar kijkt en hoe dat dan in de praktijk eruitziet: wat betekent dat nou? Staat dat echt centraal of is het iets wat er ook nog bij moet? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we door naar de heer El Aichi, CDA. Of … De heer El Aichi: Ja, dank je wel, voorzitter.
In het stuk is te lezen dat de gemeente een centraal rol gaat krijgen in de intakebegeleiding en advisering van inburgeringsplichtigen. Kan de wethouder uitleggen wat deze begeleiding precies inhoudt? De gemeente krijgt de taak om de groep statushouders de eerste zes maanden financieel te ontzorgen. Wie gaat de groep statushouders na die zes maanden helpen als zij financieel probleem hebben? In hoeverre zijn de cursussen aan de doelgroep aangepast? Uit ervaring maak ik me zorgen omtrent de begeleiding van statushouders. Het college is voornemens om statushouders na één jaar in plaats van twee jaar begeleiding van Vluchtelingenwerk door de sociaal wijkteams te begeleiden. Ik heb ruim tien jaar ervaring met vluchteling, ik heb ruim tien jaar met vluchtelingen gewerkt en ruim vijftien jaar als maatschappelijk werker. Nou weet ik 100% dat als wij de begeleiding van twee jaar naar één jaar gaan doen dat er heel veel mis zal gaan, want de begeleiders van Vluchtelingenwerk die nemen echt de statushouders aan de hand: ze gaan mee naar instanties, ze doen heel veel wat de sociale wijkteams niet kunnen en de tijd niet hebben. Dus wanneer statushouders na één jaar intensieve begeleiding door Vluchtelingenwerk doorverwezen gaan naar de sociaal wijkteams is de kans heel groot dat de sociale wijkteams niet uitkomen, simpelweg omdat zij weinig tijd en weinig kennis hebben van deze doelgroep.
Wanneer sociaal wijkteams met de groep niet uitkomen, gaan zij begeleiden individuaal inzetten wat drukt op de Wmo. Op moment dat een sociaal wijkteam de begeleiding van een statushouders niet aankan vanwege de taal, vanwege de knowhow is de kans groot dat zij door gaan verwijzen naar de Wmo om begeleiding individuaal aan te gaan vragen wat dit gaat kosten op de kosten op de Wmo. Het lijkt of het college niet met elkaar afstemt, op deze manier komt wij duurder uit dan wanneer statushouders één jaar begeleiding blijven krijgen. Wat doet dit college? Zij gaan de
9
sociaal wijkteams extra belasten met een doelgroep waarmee zij geen ervaring mee hebben en het is de vraag of de sociaal wijkteams deze doelgroep gaat bereiken, wetende dat statushouders meer begeleiding nodig hebben dan de huidige cliënten van de sociale wijkteams. Ik vind dat de sociaal wijkteams op dit moment hoogdrempelig zijn voor deze doelgroep. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we nog een keer proberen of mevrouw Booms te verstaan is. Mevrouw Booms? Mevrouw Booms-Van der Meer: Ja, we gaan het nog een keer proberen. De voorzitter: Ja, beter zo. Mevrouw Booms-Van der Meer: Is het goed? De voorzitter: Ja, beter. Mevrouw Booms-Van der Meer: Oké. Goed. Even kijken hoor. De gemeenten krijgen de plicht om te zorgen voor een kwalitatief goed inburgeringsaanbod en goede begeleiding. Het is moeilijk in te schatten om hoeveel inburgeringsplichtigen het zal gaan, maar het is ook goed te lezen dat er mogelijk achteraf een compensatie is wanneer er meer werk is dan begroot. Het inrichten van de sociale basis van 2021 zijn kleine organisaties behoorlijk geschrapt, terwijl eigenlijk een vrijwilligersnetwerk voor nieuwkomers in Nederland als je kijkt naar de vrijwilligersorganisatie Samen Hier zie je hoe belangrijk dat is.
Ik wil aan de wethouder vragen of hij daar voldoende aandacht voor zal hebben, zeker voor 2022 dat er voldoende steun is juist voor de nieuwe mensen in Nederland. Even kijken. Ja, arbeidsintegratie dat de bedoeling is dat ‘…’ maar het valt nu wel vaak op dat statushouders vaak aan het werk moeten bij bedrijven waar re-integratiebureaus contacten mee hebben en dat is vaak schoonmaak of groenvoorziening en daarmee zijn statushouders wel even aan de slag, maar bijna nooit duurzaam, omdat het werk niet bij hun past. Hoe gaat de wethouder ervoor zorgen dat er voldoende passende werkplekken beschikbaar zijn? De brugklas: het invoeren daarvan is ook een prima idee, alleen de naam vind ik een beetje onhandig. Het kan heel verwarrend zijn voor nieuwkomers, zeker als zij kinderen hebben die naar de middelbare school gaan, want daar heb je immers ook de brugklas. Dus misschien kan het een andere naam krijgen, bijvoorbeeld een startklas of zoiets. Wie gaat deze brugklas uitvoeren? Is dat via een aanbesteding? Heeft Vluchtelingenwerk daar wellicht nog een rol in? Belangrijk … Ja, dat heb ik al genoemd. Effen kijken. Ja, dat was het. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan hebben we volgens mij nu iedereen gehad die zich had opgegeven. Indien dat niet zo is, dan moet u nu heel snel even in de chat aangeven dat u nog het woord wil en anders ga ik door naar de wethouder.
Nee? Dan gaan we naar de wethouder. Wethouder Roduner. Wethouder Roduner: Dank u wel, voorzitter. Ja, heel veel vragen ook gesteld. Heel veel vragen ook die volgens mij iets buiten het onderwerp gaan wat nu voorligt, namelijk gewoon de implementatie van de nieuwe Wet inburgering. Dus ik zou de commissie toch ook wat meer willen vragen om ook als ze die vragen heeft, en die zijn dan vaak technisch, aan de voorkant er ook wat meer aan de ambtenaren te stellen, want die beantwoorden ze graag en dat maakt deze discussie misschien ook wat korter. Ik ga in ieder geval mijn best doen zoveel mogelijk van uw vragen te beantwoorden. Wat hier nu voorligt, is in ieder geval een aanpassing van het stelsel, volgens mij heeft de Partij van de Arbeid dat goed gezegd: het beleid is veranderd in Den Haag en wij zijn hier nu aan zet om de uitvoering te doen. In Haarlem waren we denk ik al heel vooruitstrevend over hoe wij onze inburgering in Haarlem binnen alle wettelijke kaders van het oude beleid regelden: het sociaal
10
programma statushouders, veel aandacht voor partijen om statushouders werk te bezorgen, duurzame werkgelegenheid, dus veel maatschappelijke begeleiding ook. Wat hier nu bijkomt, is uiteindelijk vooral het taalaspect, het taalaspect wat nu bij particuliere scholen is ondergebracht, nou volgens mij mevrouw Steyger … Mevrouw Çimen, excuus, heeft volgens mij ook inderdaad aandacht gevraagd voor haar motie waarbij ze ook aandacht heeft gevraagd voor de kwaliteit van die taalscholen. Nou, en ik denk dat het goed is dat we nu veel meer de regie krijgen om die taalscholen te selecteren, daar goede kwaliteitseisen aan voorop te leggen. Dat is natuurlijk een beetje gedaan met dat convenant, alvast een voorselectie, maar in de aanbesteding hebben we daar zeker aandacht voor om te kijken dat we ook inderdaad de kwaliteit krijgen die we met elkaar willen. Dus dat is denk ik het belangrijkste. Belangrijk is ook dat er natuurlijk in de taaleisen ook meer aandacht is voor verschillende taalniveaus, dus verschillende routes uiteindelijk van taalniveaus. Ik denk dat die vorm van maatwerk ook goed is en zal bijdragen, hopelijk, uiteindelijk aan een goede participatie van deze doelgroep in de samenleving. Wat jammer is dat de wet weer is uitgesteld. Toen ik deze nota schreef, het is alweer in december volgens mij of daarvoor zelfs, toen hadden we nog 1 juli in het oog.
Nou, sindsdien is de wet weer uitgesteld. Overigens is deze behandeling in de commissie ook nog een paar keer uitgesteld, maar volgens mij het stuk is nog steeds relevant, want het legt wel een aantal keuzes neer die wij als gemeente, als regio graag willen doen en ik denk dat dat ook de belangrijkste keuzes zijn. We hebben gezegd dat we aantal dingen lokaal willen doen waar dat kan, maar ook op een aantal punten regionaal willen samenwerken; daar waren een paar vragen over. Dat doen we omdat we denken dat gewoon regionale samenwerking bijvoorbeeld op het inkopen van een aantal taaltrajecten gewoon meerwaarde heeft. Misschien … Kijk wij als Haarlem hebben best wel een grote schaal, we hebben relatief veel statushouders elk jaar, maar u moet zich voorstellen dat er ook gemeenten zijn als Zandvoort, Bloemendaal, Heemstede die het maar over een paar mensen hebben en dan is het handig als je gewoon met elkaar een goed aanbod kan afspreken, een groot aanbod waarin er ook wat te kiezen valt en die samenwerking in ieder geval op dat vlak heeft wat ons betreft echt meerwaarde. Dus dat is uiteindelijk ook wat belangrijk is. Hoe zorgen we nou uiteindelijk ook dat de lessen hiervan dus ook weer terugkomen naar Den Haag.
Nou, dat loopt goed, dat loop meestal via de VNG of G40 en goed misschien ook nog te herinneren dat wij hier ook een keer minister Koolmees ‘…’ de koning op bezoek hebben gehad speciaal ook om kennis te nemen van het Haarlemse stelsel zoals het was en ook daar die input te gebruiken in de nieuwe Wet inburgering zoals die nu voorligt. Dus u kunt er zeker van zijn dat de lessen die we hier leren ook worden meegenomen. Ik denk dat het goed is in dat kader ik vind het een goed idee van Open Haarlem om te kijken: nou, zou je toch wat evalueren? Ik vind per kwartaal vind ik echt veel te veel, want dan houden we elkaar alleen maar bezig en dan heb je eigenlijk een te kleine groep om ook echt een goede evaluatie te doen, maar ik denk dat het goed is als we dit nu een jaar doen dat we ook gewoon kijken: wat zijn de lessen? Wat gaat er goed? Dus dat we dat ook met elkaar bespreken: nou, werkt het zoals het werkt of vinden we toch dat er op een paar punten nog aanscherping of aanpassingen nodig zijn? Dus laten we dat in ieder geval met elkaar afspreken. Ik denk niet dat corona op dat punt, nou ja, ook heel relevant is, tenminste dat hoop ik niet, want de nieuwe wet gaat 1 januari 2022 in en dan hoop ik dat de meeste coronaeffecten ook wel geweest zijn. De voorzitter: U heeft een interruptie, wethouder, van de heer Smit, OPHaarlem. De heer Smit: Stop.
Geachte wethouder, dat u een kwartaal misschien wat te intensief vindt daar wil ik u in volgen, maar om dan meteen over te stappen naar een jaar. Als het in een jaar en ik wil daar niet van tevoren al van uitgaan dat het gebeurt, maar als in het jaar bijvoorbeeld op het aspect stageplekken of anderszins er wel degelijk grote effecten zijn van de coronatijd, dan vind ik een jaar wel erg lang en dan hoop ik dat u in ieder geval na een halfjaar aangeeft of de wet onverstoord en volgens de ambitie uitgevoerd wordt of dat u
11
tegen dingen aan bent gelopen die niet verwijtbaar zijn, maar wel de consequentie kunnen zijn van een postcoronatijdperk. Zou u dat dan na een halfjaar willen doen met ons? Wethouder Roduner: Nou, ik denk, we houden het gewoon in de gaten. Dus mocht er tegen die tijd nog coronamaatregelen zijn, er werd zelfs gesuggereerd om deze doelgroep dan maar te uitzonderen van de coronamaatregelen, nou dat kan helaas niet, dus als we dan tegen die tijd nog zien: joh, er zijn vanwege corona bepaalde effecten, dan kunnen we daar vinger aan de pols houden en dan hoeven we inderdaad niet een jaar te wachten om daar al iets op te doen, maar als we het echt over een meer formele evaluatie hebben, dus een vinger aan de pols houden doen we denk ik continu, maar wordt het een meer formele evaluatie, ja dan is het goed dat we ook even bezig zijn, want een inburgeringstraject duurt gewoon best wel lang en heb je niet na een kwartaal natuurlijk al resultaten van. Dus ik hoop dat … Volgens mij kunnen we elkaar daar ook wel goed in vinden. Tenminste, ik zie u niet nee zeggen, dus ik hoop dat dat dan in ieder geval goed is.
Ook in deze coronatijd gaat het programma gewoon door, hè, sociaal programma statushouders gaat door, wel natuurlijk ook grotendeels digitaal, dus dat is echt wel even wennen en dat vergt aanpassingsvermogen van zowel de statushouders en alle organisaties die daarin begeleiding doen. Dus normaal gesproken reik ik ook wel een aantal certificaten uit, dat doe ik dan meestal fysiek, maar ik heb dat dit jaar bijvoorbeeld ook digitaal gedaan. Nou, dat is anders, maar je ziet dat dat toch best wel op een goede manier ook werkt. Deze wet geeft ons ook wel vrij duidelijke uitgangspunten mee en ook financiële kaders, dus ik heb een aantal suggesties gehoord om meer te doen of minder te doen: ja, dan moet ik u toch wel teleurstellen. Dat geld heb ik gewoon niet. Dus we hebben een budget meegekregen waarvan wij, nou dat is vanuit de VNG naar ons toegekomen, maar dat is een krap budget denk ik, dus ik denk dat we echt wel we gaan ons best doen om binnen die kaders de aanbestedingen gewoon tot een groot succes te maken met een krap budget, dus maar daar nog iets bovenop doen dat is denk ik niet realistisch.
Ik zit even … Ja, voor de tussentijd, dus de ondertussengroep is over gesproken, het is een jaar uitgesteld en die ondertussengroep daar hebben we ook wel iets van extra middelen voor gehad, maar eigenlijk had ik veel liever gewoon deze groep statushouders, en we hebben dit jaar een behoorlijke taakstelling op ons gewoon onder de nieuwe wet gedaan, ik vind het een gemiste kans dat het … Ik vind het echt een gemiste kans dat we niet gewoon een nieuwe wet al eerder hebben, want we hebben best een grote groep dit jaar op te vangen en die vallen gewoon buiten de boot, dat is zonde. Daar hebben we al aandacht voor, daar hebben we ook iets van extra middelen voor, maar de nieuwe wet is in dat opzicht wel echt een verbetering, vind ik. Jouw Haarlem had een vraag over de 28 jaar: nou, volgens mij had u technische vragen over gesteld. 28 jaar is een beetje een logische grens, omdat je vanaf 30 jaar niet meer in aanmerkingkomt voor studiefinanciering. Dus dat was denk ik de grens, maar als we denken dat het nog echt wel heel veel zin heeft, dan kan daar ook een uitzondering op worden gemaakt. GroenLinks had het inderdaad over de beunhazen buiten de deur houden: nou, dat doen we natuurlijk deels met dat convenant waar we nu mee werken en dat gaan we ook in de toekomst doen om ook gewoon criteria te stellen in de aanbesteding en ook tussentijds te checken of de kwaliteit ook op orde is.
SP vraagt dus aandacht voor de partijen die buiten de boot vallen, maar ik denk dus dat het ook goed is dat een paar partijen buiten de boot gaan vallen. Er zullen ook wel bepaalde scholen zijn waar we misschien minder tevreden over zijn die nu taal en ik denk dat het goed is dat die buiten de boot vallen en ik hoop natuurlijk dat alle partijen waar we nu heel erg tevreden over zijn dat die uiteindelijk ook succesvol zullen zijn in de aanbesteding, maar ik heb op dit moment, ik denk niet dat het netjes is om daar nu een voorkeur over uit te spreken wie ik dan wil, want we gaan gewoon aanbesteden en die staat voor iedereen netjes open. De sociale basis over gesproken: ja, we hebben in de nieuwe sociale basis is statushouders gezegd die moeten meer onderdeel worden van de sociale basis, is wel onderdeel, moet gewoon onderdeel daarvan zijn en ook gewoon heeft daar ook een specifiek aandachtspunt. In de sociale wijkteams hebben we nu ook een paar mensen vanuit DOCK rondlopen die ook meer op deze doelgroep zich nu al richten, dus die kennis is wel degelijk aanwezig in het sociaal wijkteam en we gaan er
12
vanuit dat die in de sociale basis ook gewoon goed geregeld gaat worden en terugkomt. Effen kijken. Nou, Actiepartij had nog een vraag over de psychische gezondheid: daar hebben we Ark natuurlijk voor, daar was ook een keer een technische sessie van en volgens mij is dat goed gewaarborgd en dat blijft ook gewoon, dus het is niet dat dat zomaar verdwijnt. Het CDA had een vraag over financieel ontzorgen: nou, dat gaan we deels zelf doen als eigen afdeling en dan zullen we zorgen dat er ook echt wel aandacht is voor deze doelgroep, maar dat is een taak, dat staat volgens mij in het stuk ook, die we zelf ook op ons nemen. Het CDA had ook weer de vraag over het verlengen van de maatschappelijke begeleiding: nou, dat heeft u al vaker gezegd, volgens mij en ik heb ook wel volgens mij daar vaak op gereageerd: dat geld heb ik nu even niet. Ik heb nu inzichtelijk gemaakt wat het zou kosten, dus als u dat echt belangrijk vindt dan is het denk ik ook goed dat u met de motie komt om dat te regelen en ook financiële dekking voor te vinden. De voorzitter: U heeft een aanvullende vraag gelijk van de heer El Aichi, CDA. De heer El Aichi: Beste wethouder, mijn vraag is meer, u zei: we hebben mensen vanuit DOCK die getraind zijn om deze mensen te gaan begeleiden; die zijn professionals. Ja? Die kosten meer dan een vrijwilliger van Vluchtelingenwerk.
Deze vrijwilligers zijn bijna gratis, en wat doet u? U gaat gewoon professionals aantrekken om de begeleiding van statushouders te gaan doen. Dan denk ik: ik heb ervaring met deze vrijwilligers. Die gaan mee naar de gemeente, die gaan mee naar de huisarts, die gaan mee naar allerlei instanties; dat gaat een sociaal wijkteam ’er niet doen. Dus ik begrijp van u dat u eigenlijk meer geld gaat spenderen voor deze doelgroep dan wat ik eigenlijk voorgesteld heb. Wethouder Roduner: Nou, kijk. We hebben al een aantal keer een discussie met elkaar gehad over hoe lang de maatschappelijke begeleiding zou moeten zijn die nu grotendeels door Vluchtelingenwerk wordt georganiseerd. Ik heb u aangegeven dat ik ook maar beperkte financiële middelen heb en dat ik die periode dat ik het ook gerechtvaardigd vond om uiteindelijk die periode korter te maken ook omdat het geld op een gegeven moment op was. Ik heb u inzichtelijk gemaakt wat het verlengen van die periode zou kosten, dus die informatie heb ik u al meerdere malen verstrekt. Als u denkt dat dat gedekt kan worden doordat we besparingen hebben in de MO, nou dan denk ik: dien dan een motie in bij de kadernota of de begroting om dat te doen.
U legt de bal nu neer bij mij, maar ik heb nu al volgens mij al meerdere malen gezegd wat ik ervan vind en dan verwacht ik dat u dan ook boter bij de vis levert en zegt: nou, dan kom ik ook met een motie omdat op die manier te regelen. Dat kan dan volgens mij bij de kadernota gewoon geregeld worden. Als u daar nog technische ondersteuning voor wilt om te kijken hoe die motie eruit moet zien dan leveren we die natuurlijk graag. De voorzitter: De heer El Aichi, nog één keer. De heer El Aichi: Nou ja, ik vind het jammer dat u een beetje koppig aan het doen bent terwijl dat wij eigenlijk geld besparen, maar ja u kiest voor een motie; nou, en dan kom ik wel met een motie. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Wethouder, was u klaar of had u nog wat? Wethouder Roduner: Ik zie her en der wat vragen oppoppen, maar ik heb volgens mij de meeste punten wel behandeld. De voorzitter: Om ervoor te zorgen dat we niet heen en weer gaan met vragen wil ik eigenlijk gewoon een tweede termijn nog maar gaan doen en degenen die een vraag hadden die geef ik dan gewoon even een tweede termijn. Dus ik wil eigenlijk beginnen bij mevrouw Özogul, SP. Gaat uw gang.
13
Mevrouw Özogul-Özen: Ja, dank u wel, voorzitter. Ik ben blij met het pleidooi van CDA op dit moment, want als het goed is hadden wij vorig jaar hierover een motie ingediend. Dat is toen niet gesteund door het CDA, dus wij zouden dat graag willen steunen met betrekking tot twee jaar begeleiden ook omdat sociale wijkteams nu zoveel moeten doen en inderdaad ook niet toekomen om met ze mee te gaan naar instanties of organisaties wat heel erg belangrijk is. Ik zie de motie van het CDA tegemoet en dank daarvoor dat ze nu bereid zijn om dat voor elkaar te krijgen. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Steyger, GroenLinks. Mevrouw Steyger: Ja, dank u wel, voorzitter. Ik had nog een vraag gesteld over de kinderopvang in de ondersteuning en daar heb ik geen antwoord op gekregen. De voorzitter: Oké. Mevrouw Booms, ChristenUnie. Mevrouw Booms-Van der Meer: Ja, ik had een vraag gesteld over diversiteit in werkplekken voor arbeidsintegratie. Kunt u daar ook iets over vertellen? De voorzitter: Ik zie verder niemand voor de tweede termijn. Klopt dat? Ja? Dan gaan we naar de wethouder. Wethouder Roduner, gaat uw gang. Wethouder Roduner: Even om bij de laatste vraag te beginnen.
Volgens mij hebben we het daar in het verleden al best wel veel over gehad, maar we hebben nu het project Aan de slag met onze partners Pasmatch en Agros en we hebben volgens mij ook wel veel plekken en veel bedrijven die ook plekken voor statushouders regelen, dus nou ja, volgens mij Zandbergen is altijd een bekend voorbeeld die ook nog ter plekke soms zorgt dat mensen wat geschoold kunnen worden, maar er zijn heel veel verschillende bedrijven en daar werken we ook hard aan, die statushouders opnemen en die met statushouders aan de slag willen gaan. We hebben een groot netwerk daarvoor, dus volgens mij op die manier is dat volgens mij goed geregeld; zit in het huidig stelsel al en ik ga er vanuit dat we dat in het nieuwe stelsel gaan meenemen. Dus daar hebben we in het verleden ook wel discussie over gehad. De kinderopvang vragen we aan de opdrachtnemers om uiteindelijk te organiseren, dus niet de financiering, maar wel een stuk van de organisatie en dat nemen we mee in het programma van eisen. De voorzitter: Ja, dat was het? Dan hebben we dit punt voldoende besproken, het gaat niet door naar de raad. Ik heb één toezegging gehoord van de raad dat hij na een jaar terugkomt met een evaluatie en bij problemen onderweg natuurlijk daar naar handelt. Dan gaan we snel door naar punt 7, dank u wel. 6.1 Toezegging kaderstellend document implementatie nieuwe Wet inburgering 7.
Motie 21.1. Inzicht in de lokale koppen op nationale zorgwetgeving De voorzitter: Even kijken, hoor. Punt 7, dat is de verwerking raadsconferentie indicatoren. Oh, sorry. Ik ben even te ver. Punt 7 is de motie 21.1. Inzicht in de lokale koppen op nationale zorgwetgeving. Volgens het college is aan de motie 21.1. invulling gegeven door een beschrijving van de maatregelen in de informatienota Ontwikkelingen en maatregelen jeugd en Wmo 2021 en verder. Besproken in de commissie Samenleving van oktober en het overnemen van de maatregelen bij vaststelling van de programmabegroting 2021 door de raad. Het college heeft voorgesteld deze motie dan ook af te doen en de VVD verzocht dit punt te bespreken in de commissie, omdat zij meent dat de motie slechts gedeeltelijk is uitgevoerd en de verdere uitvoering wil
14
bespreken. Zoals in bijgevoegd agenderingsformulier is aangegeven, heeft de wethouder weliswaar inzicht gegeven in de bovenwettelijke zorg die Haarlem aanbiedt voor wat betreft de voorgestelde maatregelen, maar niet voor wat betreft het gehele zorglandschap in Haarlem. De motie roept op om dit inzichtelijk te maken zodat de commissie niet alleen de keuzes van het college kan beoordelen, maar ook inzicht kan krijgen in de bovenwettelijke zorg en de kosten daarvan die buiten de gestelde maatregelen vallen. Dit stuk staat ter bespreking op de agenda. Het is geagendeerd op verzoek van de VVD en daarmee geef ik het woord aan de heer van Kessel. Gaat uw gang, VVD. De heer van Kessel: Ja, dank u wel, voorzitter. Het is altijd een genoegen om naar u te mogen luisteren en zeker als u de inbreng van de VVD alvast voorleest, dat geeft mij in ieder geval nog wat ruimte in aanvulling op uw inbreng nog wat vragen te stellen, wat nuances neer te leggen. De komende jaren hebben de Haarlemmers steeds meer zorg nodig en in Haarlem staan we voor een enorme opgave om daar het hoofd aan te bieden. Hoe zorgen we ervoor dat alle Haarlemmers de juiste zorg blijven krijgen en hoe gaan we dat betalen? De financiële belangen die daarbij komen die zijn enorm. Er komt het komend jaar ook een ongemeend spannend inkooptraject op ons af.
Voor negen jaren gaan wij als Haarlem jeugdzorg en maatschappelijke ondersteuning inkomen. Dan hebben we het gewoon niet meer over tientallen miljoenen, dan hebben we het eerder over honderden miljoenen, en het is aan de wethouder om de gemeenteraad hierin mee te krijgen en in mee te nemen, want het is complexe materie. Daarom de vraag: kan de wethouder de gemeenteraad een overzicht bieden van de wettelijke zorg die Haarlem moet bieden en waar Haarlem momenteel meer biedt dan dit minimum? Bent u bereid om een extern advies te vragen om inzicht te krijgen in de beleidskeuzes die wij als gemeente kunnen maken en de verwachte budgettaire gevolgen van die keuzes? Als u bereid bent om dit te doen dan kunnen wij als gemeente ook daadwerkelijk sturen op die enorme bedragen en op de belangrijke zorg die de Haarlemmers moeten krijgen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar de heer Sepers, PvdA. De heer Sepers: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, de woorden van de VVD dat klinkt allemaal heel erg redelijk, maar er zit natuurlijk enorm addertje onder het gras. Ik vertrouw op dit punt de VVD absoluut niet.
Het klinkt natuurlijk allemaal heel rationeel om te willen weten wat er in de gemeente extra gedaan wordt boven datgene wat wettelijk gedaan moet worden, maar is dat nou zo’n relevant criterium? Voor ons is belangrijk dat wij als Haarlem een sociale stad zijn en dat wij zo veel mogelijk de zorg bieden aan onze inwoners die ze nodig hebben, dus elke suggestie van de VVD om dat nader uit te zoeken of door een externe commissie uit te laten zoeken … De VVD is alleen maar aan het zoeken naar bezuinigingsmogelijkheden en zegt eigenlijk niets over de vraag of ze het zorgniveau in Haarlem te hoog of te laag vinden en wat de PvdA betreft besteden we geen penny aan dat soort externe adviezen en nader onderzoek. De wethouder heeft bij de voorstellen voor de maatregelen jeugd en Wmo al naar beste weten aangegeven wat we boven het wettelijk minimum doen en om nou het hele zorglandschap daarbij te betrekken, vinden we gewoon onzin. De VVD is alleen maar op zoek naar mogelijkheden om verder te bezuinigen. De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Van Kessel. De heer Van Kessel: Ja, dank u wel, voorzitter. Maar goed, wel bijzonder dat we in deze raad in principe werken in ieder geval richting het college met vertrouwen, maar vanuit de PvdA naar de VVD werkt dat blijkbaar niet zo. Het wantrouwen richting de VVD, daar wilde ik het kort over hebben.
Dat is gelooft u dat wij alleen maar willen bezuinigen? Dat is onterecht. Op dit moment zie je dat het college een aantal pijnlijke maatregelen neemt zoals woningaanpassing in algemene ruimte, mensen die slecht ter been zijn moeten nu boven het OV-tarief gaan betalen en door niet inzichtelijk te maken welke beleidskeuzes wij maken, betekent
15
het dat je gedwongen kan worden om hele pijnlijke maatregelen te nemen, de maatregelen die de PvdA zo meteen mee gaat instemmen en waar zij ook voor verantwoordelijk is. Dus door niet te willen kijken naar wat je beleidsopties zijn, betekent dat je zo meteen moet instemmen met hele pijnlijke maatregelen. Dus u gaat nu het voorproefje krijgen in het klein van wat u over een jaar gaat krijgen. Dus als we het hebben over vertrouwen in de maatregelen dan zou ik zeggen: zorg nou goed dat je weet waar je mee instemt, dat heet besturen met je ogen open. De voorzitter: Wilt u daar nog een vraag stellen of was het gewoon even een extra toelichting op uw betoog? De heer van Kessel: Ja, nou ja het was in die zin een persoonlijk feit. Ik vind het nogal wat als we elkaar betichten van … Of wantrouwen in elkaar uitspreken in deze raad. Ik vind dat ook niet bij de goede verhoudingen horen en ik wilde dus gewoon teruggegeven dat de heer Sepers met zijn ogen dicht aan het besturen is en de pijnlijke maatregelen die er aan zitten te komen die komen volledig op zijn eigen conto, dus als hij verstandig is dan wil hij gewoon deze informatie hebben. De voorzitter: De heer Sepers, aan u het woord. De heer Sepers: Ja, dank u wel, voorzitter.
Ik vind het vreemd als er in de politiek, dat heeft niets met persoonlijke verhoudingen te maken, maar als we in de politiek niet zo nu en dan kunnen uitspreken dat wij de bedoelingen van een andere partij dat we die niet op voorhand vertrouwen, want de VVD heeft al meerdere malen aangegeven dat ze allerlei scenario’s willen hebben om bezuinigingsmaatregelen te gaan onderbouwen. Wij staan voor Haarlem als sociale stad en wij zien als er al financiële problemen zijn dan is het maar de vraag of je moet gaan bezuinigingen of dat je eerder moet gaan kijken naar inkomensverruimende maatregelen en dat debat dat gaan we voeren bij de kadernota en de begroting en het lijkt me niet dat we door en of andere technische exercitie in de commissie Samenleving dat we daar mee bezig moeten zijn. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Maar u had nog een interruptie van mevrouw Özogul, SP. Mevrouw Özogul-Özen: Ja, ja. Dank u wel, voorzitter. Pardon.
Wij hebben destijds de VVD met de motie gesteund en wel omdat wij dus inderdaad ook willen weten hoe wij het in Haarlem doen en met de toekomst met al die bezuinigingen wat dus straks op ons afkomt, willen wij heel graag weten: waar staan wij? PvdA zegt net dat zij staan voor een sociaal Haarlem, maar dan kan klopt het niet als ik het volgende agendapunt zie waarbij u op heel veel punten met betrekking tot de Wmo gaat bezuinigen, dus ik zou graag daar ook van de PvdA iets willen horen straks. De voorzitter: De heer van Kessel, u had ook nog een interruptie … Vervolg? De heer van Kessel: Ja, want mijnheer Sepers die heeft het over dat het zo’n sociale partij is die PvdA en dat we bij de kadernota misschien maar eens moeten gaan kijken of we niet meer moeten doen, maar dan zou je toch ook wel inzicht willen hebben in wat kost dat dan dat meer doen? Je moet toch weten als je de ene maatregelen met de andere maatregel wil vergelijken. Hoe wil u dat doen op het moment dat je geen inzicht in de kosten hebt en dat is waar we om vragen. Hoe wil de heer Sepers dat doen? De heer Sepers: Maar mijnheer van Kessel, ik acht u echt heel veel hoger dan u zichzelf nu presenteert, want u heeft heel goed door wat dingen kosten in Haarlem en wat we ervoor over hebben om als sociale stad. U heeft