01-27 Transcript raad 27 januari
Tekst van het document
TRANSCRIPT VAN DE GEMEENTERAAD VAN GEMEENTE HAARLEM d.d. 27 januari 2022
1.
Ingekomen raadsvragen De voorzitter: Dames en heren, ik open deze vergadering van de gemeenteraad van Haarlem. Ik verzoek u om goed te letten op de COVID-maatregelen. Draag altijd een mondkapje, behalve als u zit. Ik meld u dat er een aantal afmeldingen zijn. De heer Peter van Kessel, de heer Burhan Gün. Zeker dat laatste, dat is natuurlijk wel heel jammer, want die zou hier vandaag zijn om afscheid te nemen van de raad. Ik denk dat we dat de volgende vergadering zullen doen of het volgende deel van deze vergadering, dat zou natuurlijk ook kunnen, volgende week. Dus dat, we zullen zien hoe het loopt. Maar hij wordt uitgenodigd om een volgende keer in ieder geval alsnog afscheid te nemen. Verder heeft het presidium u laten weten dat mocht deze vergadering erg uitlopen en dat zou zomaar kunnen, dat er dan een voortzetting van deze vergadering zal zijn op woensdag 2 februari om half acht.
2.
Afscheid raadslid en Toelating raadslid De voorzitter: Dan gaan we over naar agendapunt twee. Het afscheid, dat stellen we dus even uit. De heer Gün heeft bedankt voor zijn lidmaatschap van de gemeenteraad. Maakt dus ook geen deel meer uit van de raad. Daardoor is er een vacature. Die vacature, die zal vervuld worden door mevrouw Steiger is de bedoeling. Maar voordat dat kan gebeuren moeten we eerst horen of het onderzoek naar de geloofsbrieven ook goed is verlopen. We hebben daarvoor een commissie van de vrouw Van Zetten, de heer Yerden en de heer Aynan. En ik heb begrepen dat de heer Aynan zal vertellen wat dat onderzoek van de geloofsbrieven heeft opgeleverd. Mijnheer Aynan. De heer Aynan: Ja voorzitter, het was echt heel erg spannend. En ik mag namens de commissie geloofsbrieven het woord voeren. Voorzitter, de commissie uit de raad van de gemeente Haarlem heeft de geloofsbrieven aan verdere bij de kieswet gevorderde stukken ontvangen. Die zijn ingezonden door Steiger M.A.M., wonen uiteraard te Haarlem. Op 14 januari 2022 is bovengenoemde persoon, en daar komt die, benoemd tot lid van de gemeenteraad. De commissie rapporteert de raad dat zij bovengenoemde bescheiden heeft onderzocht en in orde heeft bevonden. Gebleken is dat de benoemde aan alle in de gemeentewet gestelde eisen voldoet en de commissie adviseert tot haar toelating als lid van deze gemeenteraad.
Dank u wel, voorzitter. En dit was namens Louise van Zetten, Ibrahim Yerden en mij. De voorzitter: Goed, dan dank ik u hartelijk. Dan kunnen wij mevrouw Steiger wederom fel wel komen als lid van de gemeenteraad, maar de wet schrijft voor dat daarvoor nog één hobbel moet worden genomen. Maar dat is eenvoudig, namelijk dat de belofte wordt afgelegd die de wet voorschrijft. Dus ik wil mevrouw Steiger verzoeken om naar voren te komen. Ik heb begrepen … Ah, ze is er al eigenlijk, dus komt u nog ietsje hoger op, dan ga ik u de belofte afnemen. De vorige keer constateerden we dat in gewone tijden het beter was om te blijven zitten. Nou, dat kunt u dan doen, maar wij gaan staan. Ik lees u de tekst voor van de beloften en ik verzoek u om daarna te antwoorden: dat verklaar en beloof ik. Ik verklaar dat ik, om tot raadslid van de gaat benoemd te worden, rechtstreeks noch middellijk, onder welke naam of welk voorwendsel ook, enige gift of gunst heb gegeven of beloofd. Ik verklaar en beloof dat ik om iets in dit ambt te doen of te laten, rechtstreeks noch middellijk enige geschenk of enige beloften heb aangenomen of zal aannemen. Ik beloof dat ik getrouw zal zijn aan de grondwet, dat ik de wetten zal nakomen en dat ik mijn plichten als raadslid naar eer en geweten zal vervullen.
1
Mevrouw Steiger: Dat verklaar en beloof ik. De voorzitter: Van harte gefeliciteerd. Dan bent u nu weer raadslid. Dat is de derde keer in deze periode. Een bloemetje … (buiten microfoon). Ja, wij hebben deze raadsperiode dus een aantal leden gehad die verschillende keren aantraden als raadslid, terugtraden als raadslid en weer aantraden als raadslid. Goed, vanwege COVID zijn er geen felicitaties vanavond, maar we wensen je allemaal veel plezier en veel succes, ook al is de periode maar kort. 3.
Vaststellen van de agenda De voorzitter: Dan kom ik toe aan agendapunt drie. Dat is het vaststellen van de agenda. Ik heb in de eerste plaats, ik noem het zelf eventjes, ik weet niet of ze zelf nog een toelichting op wil geven, maar mevrouw Van der Windt heeft gevraagd om agendapunt vier, om dat naar achteren te schuiven als laatste punt. En dat heeft te maken met geheimhouding en discussie daarover. En het is wat dat betreft dan beter als dat volgende week kan worden behandeld. Kunt u daarmee instemmen, dat dat volgende week … Dus het blijft op de agenda staan, maar dan wordt dat volgende week. De heer Visser? De heer Visser: U bedoelt als we een extra raadsvergadering hebben, maar misschien hebben we die niet. De voorzitter: Daar heeft u helemaal gelijk in. Daar heeft u helemaal gelijk in. Als het een beetje voortvarend gaat en u kennende zou dat zomaar kunnen, dan komt het aan het eind van deze avond aan de orde. Dat klopt. De heer Amand. De heer Amand: Voorzitter, Trots had de vraag, kan Domus Plus naar voren gehaald worden? De voorzitter: De vraag van Domus Plus? Er is een agendapunt en dat wilt u eerder behandelen? Waarom is dat? De heer Amand: Als dat mag. Als dat mag. De voorzitter: Ja, maar wat is de reden daarvoor? De heer Amand: De reden dat het misschien langdurig kan worden vanavond. De voorzitter: Ja, ik weet niet of daar steun voor is, voor dit over de voorstel.
Dat is een ander ordevoorstel. Dat is niet het geval, dus dat gaan we niet doen. We doen het gewoon zoals het op de agenda is aangegeven. Mijnheer Aynan? De heer Aynan: Dank u wel, voorzitter. Ik zal een ander voorstel doen, dan hoeft het helemaal niet lang te duren vanavond. Ons voorstel is om agendapunt, wat is het, Domus Plus, ja zeventien, dus de startnotitie Domus Plus aan de Nieuweweg, om die van de agenda te halen, omdat er geen uitgewerkt veiligheidsplan gepresenteerd is en ook niet besproken in de commissie, zoals toegezegd. De voorzitter: Goed, dit gaat over hetzelfde agendapunt als waar net de heer Amand zei, ik wil het wat vroeger op de agenda hebben. U wilt het niet alleen later hebben, maar helemaal nog niet op de agenda. Is daar steun voor, voor dat voorstel? Ik zie daar wel een aantal handen op elkaar gaan. De fractie van de VVD, Hart voor Haarlem, even kijken, Trots Haarlem. Ik zie, even kijken, ja, Liberaal Haarlem en OPHaarlem en de SP. Maar dat
2
is nog steeds niet genoeg, dus dat voorstel haalt het niet. Het blijft op de agenda staan. Goed, dan zijn er ook … Ja, de heer Smit. De heer Smit: Dank u wel, voorzitter. Ik wil voorstellen om agendapunt veertien, reconstructie Slaperdijkweg vaststellen plan PvE, om dat van de agenda te halen, omdat er heel veel onrust is bij de bewoners van de Slaperdijk, omdat op geen enkele manier de toezegging van participatie gestand is gedaan en er nu toch een voorkeursvariant ligt waarover de raad vanavond zou kunnen beslissen. En er is veel onrust, dus advies is, niet behandelen vanavond. Eerst terug naar de bewoners en het participatietraject goed opstarten. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Het verzoek om agendapunt, eens even kijken, veertien, reconstructie Slaperdijkweg, om dat van de agenda te verwijderen. Is er steun voor dat verzoek? Dat is de fractie van de VVD, de fractie van de SP, Hart voor Haarlem, Liberaal Haarlem, Trots Haarlem, Jouw Haarlem en OPHaarlem. Dat is niet genoeg, dus dat voorstel is ook niet overgenomen. Dus de agenda blijft wat dat betreft zoals die was. Dan hebben wij nog … Ja, de Actie … de heer Hulster. De heer Hulster: Ja, misschien kan ik de vergadering een beetje helpen.
We hadden bij agendapunt achttien een amendement willen indienen, waarin we opriepen om de vorige, of in het stuk werd de suggestie gewekt dat de eigen bijdrage voor maatschappelijke opvang mogelijk zou kunnen worden verhoogd. Als … En we hebben bij de technische beantwoording begrepen dat dit college daar, dat helemaal niet van plan was. Maar we willen daar graag wel een toezegging op. Dus als we die toezegging zouden krijgen, dan zouden we het agendapunt wat ons betreft kunnen af waarderen tot een hamerstuk met stemverklaring. De voorzitter: Ik zie de wethouder knikken. Dat is een toezegging. Is dat voldoende om dat nu te besluiten? Wethouder Hulster: Als dat zo wordt opgenomen als toezegging bij de commissie, dan ben ik daar tevreden mee. De voorzitter: Oké. Dan gaat dat naar de hamerstukken met stemverklaring, dat dan wel. Het is punt achttien, regionaal kader opvang wonen en herstel. Goed, dan hebben we voor deze agenda in ieder geval nog twee punten, want er zijn interpellatieverzoeken. De eerste, dat is van VVD, Hart voor Haarlem, OPHaarlem, Trots Haarlem, Jouw Haarlem en de SP over het gevoerde bestuur bij het realiseren van een tussenvoorziening voor daklozen in het Anton Pieckhofje. Is er steun voor het houden van deze interpellatie? Ik zie dat dat in ieder geval geldt voor, eens even kijken, OPHaarlem, D66, VVD, CDA, SP, Actiepartij. Nou, ik zie nu iedereen.
Ja, daar is ruim voldoende steun voor iedereen geloof ik. Dat is één. Dan is er een tweede interpellatieverzoek en dat is van Hart voor Haarlem voor extra asielopvang. Is daar voldoende steun voor? Ik zie OPHaarlem, D66 … Ja, ik zie sowieso voldoende stemmen voor, het is meer dan de helft. Dus dat wordt toegestaan. Dan stel ik voor dat we beginnen met, nadat we nog eventjes de vaste eerste punten hebben gedaan van … Nou, vier is al afgevoerd, maar dan hebben we drie, vijf en zes. En als we dat gedaan hebben, dan … Drie doen we nu, dus alleen vijf en zes, dan stel ik voor dat we daarna de interpellaties doen. Mevrouw Verhoeff? Mevrouw Verhoeff: Wij zouden graag willen dat dat na de stemverklaringen plaatsvindt, dan hebben we die in ieder, de hamerstukken met stemverklaring. Dan hebben we die ook gehad en gaan we de discussie in. De voorzitter: Ja, dat was een volgend punt wat ik ook even bij u wilde neerleggen, want er zijn een heel aantal moties vreemd die gaan over het Anton Pieckhofje. Ik kan mij voorstellen dat het ons helpt als wij die moties direct na de interpellatie afdoen. Ja? Zullen we dat doen? Oké. En dan tenslotte, de interpellatie, die valt buiten de gewone spreektijden. En ik wil voorstellen dat we dat als volgt doen. Wij hebben gewoon een
3
vergadering. Voor die vergadering zijn de spreektijden zoals we dat gebruikelijk hebben. Ook als een tweede vergadering is, gaan die spreektijden gewoon mee, maar een flink deel van deze avond zal mogelijk in beslag genomen worden door de interpellaties en die gelden niet als spreektijd voor de spreektijdenregeling. Dat is overigens geen uitnodiging om oneindig lang te spreken, dus laten we met elkaar proberen om het op een correcte, maar niet overdreven langdurige manier te doen. Dan is het eerste punt … Nee, dan gaan we eerst nog even punt vijf doen, want de agenda die stellen we aldus vast. 5.
Ingekomen stukken (zie lijst onderaan agenda) De voorzitter: De ingekomen stukken. Wil iemand nog daar iets over zeggen? De heer Aynan. De heer Aynan: Dank u wel, voorzitter. 23b, over het trieste ongeval aan de Leidsevaart. Ik zou de raad informatiebrief graag in de commissie willen bespreken. De voorzitter: Oké, dan leiden we dat door naar het presidium daartoe. En even kijken, verder niet? Dan is de lijst vastgesteld.
6. Transcript vergadering 23 december 2021 (alleen naar aanleiding van) De voorzitter: En dan gaan we naar transcript van de vergadering van 23 december 2021. Ik neem aan dat daar verder geen opmerkingen over zijn. Dat is niet het geval. Dank u wel. 3.1 Interpellatiedebat Anton Pieckhofje De voorzitter: En dan gaan we nu naar de eerste interpellatie. De heer Van Kessel heeft die als eerste zeg maar aangevraagd. Die is … Oh, de hamerstukken met stemverklaring. Ja nou, oké. Volgens mij had ik al gezegd dat we het nu zouden doen, maar ik vind het ook geen probleem. Nou nee, laten we het maar gewoon doen, want we hebben het afgesproken. Volgens mij … Dan hebben we daar langs elkaar heen gepraat, maar dan gaan we nu toch eerst de interpellatie doen. De heer Van Kessel is er niet. De heer Van Kessel is er niet, maar de heer Rutten zal in zijn plaats de vragen van de interpellatie stellen. Het woord is aan de heer Rutten. De heer Rutten: Voorzitter, dank u wel. Voorzitter, gisteravond waren we met een groep vrijwilligers van de VVD en de Kruidenbuurt. Daar zijn we in gesprek gegaan met bewoners. Het is een leuke wijk waar mensen met veel plezier wonen. De mensen kennen elkaar en er is sprake van sociale controle. En midden in die wijk staat het Anton Pieckhofje, een kleinschalig verpleeghuis voor bejaarde Haarlemmers op de begane grond.
En daarboven wonen mensen die baat hebben bij een rustige leefomgeving. Een mooie combinatie. Een jaar geleden is de balans in die wijk op een grove manier verschoven. Met het verdwijnen van de verpleging op de onderste verdieping heeft het college besloten om er een tussenvoorziening voor daklozen te plaatsen, zonder inspraak of zonder het oog bij de bewoners en de omwonenden te luisteren te leggen. En voorzitter, dan gaat de wereld wel op zijn kop. Dat is een college dat beslist over mensen en niet met mensen. Want als het college eerst aan de bewoners en de omwonenden had gevraagd wat zij van de komst van die tussenvoorziening hadden gevonden, dan hadden zij gehoord waar de wethouder en de gemeente nu niet naar luisteren, namelijk dat de buurt heus wel openstaat voor kwetsbare groepen, maar dat er grote vraagtekens zijn over het aantal van 36 op een zeer kleine ruimte. Dat er zorgen zijn over de drukte en geluidsoverlast, zorgen over eventueel drugsgebruik. Maar een plaats van deze zorgen te adresseren, blijven deze nu al bijna een jaar boven de markt hangen. Daarom deze vragen van de VVD. Is de wethouder bereid het aantal bewoners van de onder verdieping te maximeren op achttien en daarmee tegemoet te komen aan de wens van bewoners
4
omdrukte en geluidsoverlast te verminderen. Dat zou niet alleen heel goed voor de bewoners van de tussenvoorziening zijn, ‘…’ zou ook door de buurt dankbaar aanvaard worden. En dan een vraag over de doelgroep. De wethouder gaf aan dat er alleen daklozen met de lichtste problematiek zouden komen en dat er geen sprake zou zijn van drugsverslaving. Blijft de wethouder bij die woorden? En hoe beoordeelt het college de door de omwonenden benoemden toegenomen overlast van drugsdealers in deze buurt? En belangrijker, wat gaat u doen met dit signaal? En dan komen we bij de tweede deur. Een extra in- en uitgang zou de drukte in de buurt stevig verminderen. De tegenwerking die de buurtbewoners hierop hebben ervaren van de gemeente is enorm. Is de vergunning voor door de gemeente inmiddels afgegeven? En gesproken over de overlast. Hoe denkt de wethouder de huisregels te kunnen handhaven, ook in de avonden, nachten en weekenden? Voorzitter, het is inmiddels zo ver dat twaalf van de veertien boven bewoners hebben verzocht om vervangende woonruimte. Logisch. Het betreft mensen die naar het Anton Pieckhuisje zijn gekomen voor hun rust, bijvoorbeeld vanwege een medische achtergrond. Hoe weegt dit college hun belang? Zoals gezegd voorzitter.
Als er vooraf met de bewoners in gesprek gegaan was, dan hadden veel van deze problemen al aan de voorkant besproken kunnen worden en dan hadden er nog alternatieven overwogen kunnen worden, maar dat is helaas niet gebeurd. En dat brengt mij bij het betrekken van de bewoners en omwonenden met nog een aantal vragen. Voorzitter, hoe kijkt de wethouder terug op het niet vooraf betrekken van de buurt bij deze beslissing? En hoe heeft deze wethouder alle belangen bewogen? Wat waren de afwegingen ten aanzien van de boven bewoners en wat waren de afwegingen ten aanzien van de omwonenden? En denkt u dat u hen voldoende tegemoet gekomen bent? En dan het huidige dialoog en de samenwerking afgelopen maanden. De wethouder geeft zelf aan dat er goed en constructief overleg heeft plaatsgevonden. Hoe beoordeelt de wethouder de vele gefrustreerde insprekers die aangeven geen dialoog te herkennen? En ook bij ons blijft de vraag hangen waarom de wethouder geen lessen heeft getrokken uit de besluitvorming rond Domus Plus en Skaeve Huse. Kan de wethouder reflecteren welke lessen ze uit die dossiers heeft getrokken en hoe ze die heeft toegepast bij het Anton Pieckhofje? En dan boter bij de vis.
Hoe denkt deze wethouder het verloren vertrouwen bij de bewoners en omwonenden te kunnen herstellen, en maximum op achttien bewoners? Keiharde handhaving op drugsgebruik, een investering in de geluidsisolatie binnen het gebouw en de tuin zijn een minimum. Het overwegen van alternatieve locaties voor deze doelgroep lijkt ook op zijn plaats. Wij wachten met smart de beantwoording van de wethouder af. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar wethouder Meijs. Wethouder Meijs: Dank u wel, voorzitter. Dank u wel. Ik zal als eerste kort en bondig antwoord geven op de vragen die gesteld zijn door de VVD. Als eerste de vraag om de achttien bewoners maximaliseren. Wij hebben in de commissie afgesproken, en dat kan ik nu nogmaals bevestigen, dat we pas overgaan tot uitbreiding van die achttien bewoners na evaluatie. Daar is ook een motie al voor aangekondigd door D66 samen met CDA. Die neem ik uiterst serieus. Dat staat ook boven als titel. Niet voor de bühne, maar ook echt serieus. Dus dat gaan we zeker doen. Een van de beloftes was om eerst te verbouwen, dan te kijken en dan meer te heroverwegen. Dus dat is een toezegging bij deze. De tweede vraag die u stelde was over de doelgroep die daar gehuisvest is. Economische daklozen, ja. Daar wordt niet aan getwijfeld van geen enkele kant. Daar hebben we vanaf het begin over gesproken dat er geen vergelijking is met de doelgroep elders.
Het zijn economische daklozen die uitstromen naar deze doorstroomvoorziening en door professionals beoordeeld zijn en vrij kort daarna door kunnen stromen naar zelfstandige bewoning. De signalen over het dealen. Wij hebben vanaf het begin korte lijnen met de politie. Ik heb daar nieuwe signalen over gehad, maar daar blijven net zoals in alle wijken, in alle wijken van Haarlem natuurlijk de veiligheidsmaatregelen op dezelfde manier gelden, dat we daar dealen in de omgeving ook niet zullen tolereren. Er wordt ook niet gedeald in huis en hard drugs in huis is ook verboden. Dan het verplaatsen van de deur. Daar hebben we vanaf het begin niet meteen
5
op geanticipeerd, dat erken ik. Daar hebben we in ieder geval nu wel, ook bij de laatste bespreking bij de commissie ook al aangegeven dat we zeker overgaan tot verplaatsing. Ze zijn er ook al mee begonnen om de achterdeur te openen, maar de verbouwing is nog niet begonnen omdat we eerst nog even het gevolg van het akoestisch onderzoek moeten hebben. Maar het verplaatsen van de deur is zeker een toezegging. Daar is ook in de nota zoals die is besproken in de commissie ook al geld voor gereserveerd. Dan de garantie die u vraagt over de overlast. Ook daarover hebben we toegezegd en dat is ook op dit moment nog steeds gehandhaafd, het toezicht dat er is. We hebben 24 uur, zeven dagen per week daar begeleiding. Dus op dit punt hebben we eigenlijk vanaf het begin gezegd, ook dat nemen we mee tot de eerste evaluatie voordat we daar gaan afschalen, als dat kan, en luisteren we goed naar de signalen die we daarover krijgen. Dan het volgende punt wat u zegt. Heeft de gemeente wel voldoende de belangen van de boven bewoners of de omwonenden betrokken? Ik denk dat we daarover heel duidelijk kunnen zijn. Daar erken ik dat dingen niet goed zijn gegaan. Dat is niet goed verlopen, zowel als communicatie als het proces. Ik voel me daar ook best verantwoordelijk voor, zeker, en daarom zeg ik dat ook. En dat heeft tot veel frustratie geleid.
Dat betreur ik en dat vind ik ook vervelend, heel vervelend. Niet in de laatste plaats voor de bewoners daarboven als voor de omwonenden als voor hier veel commissieleden die hard hebben getrokken om dit proces vlot te trekken, als wel de ambtelijke ondersteuning die daar heel veel werk in heeft gestopt. Maar het was een stroperig proces en niet in de laatste plaats ook dankzij onze niet al te voortvarendheid soms om mensen daarin te betrekken. Het dilemma wat ervoor zorgde dat er wat graag waren in onze communicatie vast dat we ook ons genoopt voelden om snel te handelen. In de periode dat we daarover besloten zaten we tot onze nek toe aan in de problemen rondom de dak- en thuislozenopvang, gezien de corona. We moesten echt iets doen. En het dilemma wat we hadden, de oploop daarvan de groeiende groep van dak- en thuislozen, de groeiende COVID-cijfers waar we extra maatregelen moesten nemen. Nou, ik ken ze allemaal, de oplossingen die we hebben gehad van sporthalschip tot hotels. Dat argument, dat is misschien geen argument om dat als doekje voor het bloeden te gebruiken, maar het heeft wel ervoor gezorgd dat we heel snel hebben gehandeld en achteraf gezien te snel hebben gehandeld en mensen zich daardoor overvallen hebben gevoeld. Dat is niet goed gegaan. Dat is een les die ik heb geleerd.
Maar dat was een fuik waarin ik zwom en waarin we zwommen omdat we gewoon echt een oplossing moesten vinden en we ook een motie hadden, die hebben we hier breed aangenomen, dat niemand op straat slaapt en we eigenlijk dolblij waren dat we deze voorziening konden gebruiken. Het overleg wat we gestart zijn, dat zijn we gestart in ook een periode die wat lastig was, waarbij fysieke ontmoetingen ook erg ingewikkeld waren. Dus we hebben dat via Teams gedaan. Uiteindelijk hebben we één overleg gehad in hotel De Valk. Dat was een van de weinige die we fysiek konden doen. En daarna is er veelvuldig gesproken met elkaar, waarbij ook vaak via Teams. Dus dat helpt niet. Dat is ook echt een handicap en ik ben de laatste om me daar achter te verschuilen, maar dat is wel iets van meewerkt en denk ik ook tot frustraties heeft geleid. Ik kan u zeggen dat we structureel overleg starten maandelijks, zoals we dat ook gedaan hebben bij de Wilhelminapoort en de Velserpoort. En het eerste overleg wat daar structureel gepland is, is morgen. Daar zit ik zelf ook bij. Het verliezen van het vertrouwen, dat was het volgende wat u zei. Ja, ook daar. Wat kan ik daar van zeggen? Dat verliezen van vertrouwen, dat is het aller moeilijkst om terug te krijgen. Dat we daar hard aan werken, ja. Dat kunnen we alleen maar doen door hard werken en de mouwen omhoog en te doen.
Dat is niet iets wat je in een boxje krijgt of wat je kunt afdwingen. Dat moet je alleen maar weer bewijzen en terugkrijgen door goed te luisteren en ook mee te nemen en ook echt te horen wat de problemen zijn. En ik erken dat het grootste vertrouwen verloren hebben, is denk ik gebeurt door het akoestische deel. Mensen hebben vanaf de eerste dag eigenlijk aangegeven dat het pand wat dat betreft onder de maat was en dat daar echt serieus naar gekeken moest worden. Dat hebben we gedaan, tenminste dat was mijn inzet, en hebben we een eerste onderzoek gedaan. Dat eerste onderzoek is achteraf gezien te klein geweest. Veel te kleinschalig. Dus dat gaan we over doen. Dat hadden we al, of al, dat hadden we voor vandaag gepland. Dat kon helaas niet doorgaan. Dat is wat dat betreft dan ook een beetje de wet van Murphy in dit geval. Dat kon niet doorgaan, omdat we
6
daarvoor ook in alle woningen boven moeten en een van de bewoners heeft COVID en daardoor kon het onderzoek ook geen plaatsvinden, want dat is een besmet gebied. Dus dat is wederom, zal ik maar zeggen, pech, want daardoor wordt dat onderzoek ook uitgesteld. Dat eerste onderzoek was dus echt te beperkt en dat zullen we ook zeker uitbreiden naar een volledig onderzoek naar de overige ruimtes, zoals in eerste instantie alleen de slaapkamers zijn getest. Maar dat gaan we echt uitbreiden tot aan de huiskamers, de overige ruimtes, de natte cellen, de gangen. Dus dat gaan we zeker doen. En afhankelijk daarvan moet ook de verbouwing eventueel aangepast worden, want daarvoor zullen de plafonds ook akoestisch aangepakt moeten worden. Ik denk ten tweede het terugwinnen van het vertrouwen, wat u noemt, is toch door goed te kijken naar wat belastbaar is. Ik denk dat we vanaf het begin ons vergist hebben wat dat betreft, omdat het wel een speciale bebouwing was, een speciaal hofje was waarbij al een speciale doelgroepen als, dat ik eigenlijk heb ingeschat, te laag heb ingeschat, dat er hele andere beelden ontstonden over de nieuwe doelgroep die wij daar voor ogen hadden. En ik erken ook dat we dat niet vanaf het begin goed hebben gedaan.
Daar zijn beeld ontstaan over een hele gedragsmatig moeilijke groep en zeker na zo’n discussie die we veelvuldig hebben gehad over de Domus en de Skaeve Huse zijn daar relaties ontstaan over die beeldvorming. Dat heeft geen goed gedaan aan het vertrouwen. En dan kun je wel zeggen van, het is een milde doelgroep. Het is een groep die klaar is voor de maatschappij. Over een half jaar kunnen het uw of mijn buren zijn. Maar dat helpt natuurlijk niet als je die doelgroepen niet kent. Dan als laatste het maximaliseren, want dat was ook uw eerste vraag, van die achttien. Ik vind dat eigenlijk ook onwenselijk om dat nu al toe te zeggen. Wat ik toe zeg, is de evaluatie en dat we het dan met elkaar gaan toetsen. Serieus gaan toetsen of het uitgebreid kan worden naar 24, zoals we al hadden afgesproken. En daarna weer toetsen. Kijken of we het uit kunnen breiden naar 36. Nu zal het geen 36 worden, dat is wel het streven geweest, maar dat kan niet omdat we die deur gaan verplaatsen. Dus daarmee vervallen er ook twee ruimtes. Maar ik vind het ook al ingewikkeld in een tijd van een woningcrisis om tien units of meer units onbewoond te laten. Ik kan dat niet maatschappelijk verantwoorden als we aan de ene kant investeringen doen om een woonvoorziening te preppen om te wonen en vervolgens te zeggen, het kan niet gebruikt worden want.
Natuurlijk moeten we dat goed afwegen en wellicht kunnen we ook goed met elkaar bekijken, als het dan niet geschikt is door wat voor belastbaarheid of overlast of wat voor randvoorwaarden we daar ook aan stellen, dat dat niet gebruikt kan worden om deze doelgroep uit te breiden, dat we dan met elkaar kijken, kunnen we een alternatieve groep verzinnen? Andere mensen die ook op een woning zit te wachten, mensen die in scheiding zitten, jongeren, you name it. Om dat gespikkelde, want dat is ook wel eens ooit geopperd als oplossing, om dat dan aan te grijpen. Maar om het leeg te laten staan, dat vind ik echt maatschappelijk onwenselijk. Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Nog even, want het is de heer … Nou, de heer Amand die zit al een hele tijd te proberen ook even nog een vraag te stellen, maar dat lukt nu niet, want de interpellatie betekent, de vragen komen van degene die de interpellatie heeft aangevraagd. De wethouder antwoordt. Daarna is eerst weer het woord aan de heer Rutten en daarna, andere raadsleden, dus dan kom ik ook bij u. En realiseert u zich, dat is in één termijn. Dus het is in twee termijnen, maar de eerste termijn was alleen van de heer Rutten. Tweede termijn kan ieder raadslid deelnemen en we sluiten af, en dan maakt het hier toch wat uitvoeriger waarschijnlijk met de behandeling van de moties vreemd die over dit onderwerp gaan.
Het woord is aan de heer Rutten. De heer Rutten: Voorzitter, dank u wel. Wethouder, dank voor de beantwoording in deze eerste termijn. Ik heb toch nog wel een aantal aanvullende vragen. Ik heb u specifiek gevraagd over die tweede deur, of die vergunning inmiddels door de gemeente is afgegeven. Dan wil ik graag gewoon een concreet ja of nee op. Ik wil ook graag nog een antwoord over, er zou geen sprake zijn van drugsverslaafden. Ik heb de vraag gesteld, blijft de wethouder bij die woorden? Het antwoord wat ik daarop krijg is, het gaat over economisch daklozen.
7
Dat zal, maar ik wil een antwoord ja of nee of u bij die woorden blijft dat er geen sprake is van drugsverslaafden. En de grootste vraag ik eigenlijk heb, en dat is ook wel een enorm dilemma, u heeft het over een fuik waar u ingezwommen bent, maar u creëert een nieuwe fuik waar we nu met z’n allen in dreigen te zwemmen. Want waarom verbouwt u nu al wel voor 36? En wilt u niet die toezegging doen op achttien, maar die creëert u zelf. U kunt die toezegging niet doen, omdat u al aan het verbouwen bent voor 36. Dus die leegstand waar u het dan over heeft en waar u bang voor bent, die gaat u natuurlijk zelf creëren door nu te verbouwen voor 36. En dan als laatste nog de reflectie. Die mis ik. Ik heb u daar ook om gevraagd, hoe u kunt reflecteren en de lessen rondom Domus en Skaeve Huse. En horen die bij de dossiers, de conclusies, de lessen die u daar heeft kunnen trekken, hoe u die heeft toegepast bij het Anton Pieckhofje. En ja, ik hoor dan toch wel erg snel, u erkent wel van te snel gehandeld. Maar hoe gaat u nu de belanghebbenden, de andere belanghebbenden, het gaat om de drie groepen, de omwonenden, de bewoners, maar ook de mensen die daar gehuisvest gaan worden. Hoe gaat u die tegemoet komen? De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik nu kijken welke andere raadsleden over dit onderwerp het woord zullen voeren.
Als eerste ga ik dan naar de heer Amand, want die is al heel lang aan het vragen. De heer Amand: Dank u wel, voorzitter. Ik had nog wel een paar vragen. Die krijg ik ook van de bewoners. Er is aangifte gedaan wegens drugshandel. Daar hoor ik u niet over. Die liggen bij de politie. Waarom weet u daar niks van? Dat vindt Trots een beetje vreemd. Daar heb ik de volgende vragen natuurlijk. Ik ben met uw werkbezoek geweest daar en we hebben alles bekeken en gezien. Het is natuurlijk, het gebouw is uit de tijd vandaag de dag. Dus geluidsoverlast is natuurlijk ook zo, dat zeggen ook de bewoners die boven wonen. Dat hebben we ook zelf gehoord toen op dat moment. Dus wij willen toch eigenlijk de mensen die toen al aangegeven hebben en dat zijn er nu nog meer dan toen, die willen graag gaan verhuizen. Waarom heeft u dat niet naar voren gebracht? Want dat is ook een dingetje. Dan hebben we natuurlijk de buurt. Nou, dat heeft u zelf gezien. Aan de zijkant aan het trappetje, aan de zijkant waar die deur moet komen, dat is natuurlijk ook heel erg irritant voor de bewoners. Daar meer omdat er natuurlijk heel lang aan de overkant ook nog een bouw, een flatje gaat bouwen, huisjes. Dus dat is ook nog een probleempje. Wij willen dat de wethouder, als ze dat in mogelijkheden ziet eigenlijk om contact op te nemen ook met die bewoners, want ik krijg allemaal filmpjes vandaag.
Het is niet helemaal goed. De mensen raken overspannen en ik sta zelf niet in, ook Trots niet, voor de gevolgen eventueel wat er gebeuren gaat als we nog gaan verbouwen daar. Hoe gaat de leefomgeving en de toestand van deze bewoners daarop achterruit? En daar hoor ik ook de wethouder niet over. Het is enkel, het valt tegen, het is allemaal moeilijk, alles is moeilijk. Ambtenaar doet zijn best. Mensen zijn niet tevreden. Het Leger des Heils heeft daar spreekuur. Daar zitten we ook bij. Het is natuurlijk een hele rare situatie. U was van tevoren gewaarschuwd. En ik hoop, ik hoop, ik hoop echt dat u er zelf eens heen gaat om met die mensen te praten, anders denk ik dat het over en uit is, want die bewoners pakken het niet meer. Dus die willen gewoon lekker rustig blijven wonen in die buurt. En die buurt natuurlijk over te gaan belasten met zoveel mensen en met zoveel verschillende mensen, dat komt die buurt niet ten goede. Dus ik hoop dat u nog even hier zo op ingaat. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Çimen. Mevrouw Çimen: Ja, dank u wel voorzitter. Voorzitter, het fundamentele probleem is dat er geen goed uitgewerkt plan nog dat recht doet aan de belangen van de mensen die uitstromen uit de maatschappelijke opvang en aan de belangen van de mensen die al in de Kruidenbuurt wonen.
Het gelopen proces, meerdere onderzoeken naar de extra toegangsdeur en de akoestiek en de communicatie en de dialoog met de bewoners van de Kruidenbuurt is op zijn zachtst gezegd niet om over naar huis te schrijven. De twee
8
bewonerscommissies hebben al maanden contact met de gemeenteambtenaren. De wethouder zelf met Ymere en gaandeweg ook met ons, met raadsleden. Het voelde voor hen als trekken aan een dood paard, als een gebed zonder eind. En dat gevoel herken ik wel in de afgelopen negen maanden en het feit dat ik bijna detective heb moeten spelen op dit dossier. Bewoners geven aan weg gezet te worden als notoire klagers, die gewoon geen daklozen in hun buurt willen hebben. Verschillende omwonenden geven echter aan dat het prima is om achttien dak- en thuislozen te huisvesten en dat kan eventueel nog opgeschroefd worden naar 24. Daar valt nog over te praten. Maar 36 is simpelweg te veel, aldus de bewoners van de Kruidenbuurt. Helaas zijn inmiddels de omwonenden het contact zo moe dat ze eigenlijk niet meer in gesprek willen met de gemeente en nu ook advocaten in de hand hebben genomen. Voorzitter, we zijn vier of vijf debatten over het Anton Pieckhofje verder. Dit kan zo niet langer. En in alle eerlijkheid, ik wil het in deze raad voorlopig ook niet meer hebben over het Anton Pieckhofje. Ik wil dat de wethouder dit traject samen met buurtbewoners, samen met die boven bewoners oplost op een manier waar iedereen mee kan leven. Ik heb dit al eerder gezegd, de wethouder is de kapitein op dit schip. Ga sturen. Voorzitter, er zijn al veel vragen gesteld.
Ik heb nog de volgende vragen, ook even voor mijn scherpte. Kan de wethouder toezeggen dat het akoestisch onderzoek wordt uitgevoerd bij en met alle boven bewoners in het Anton Pieckhofje? Kan de wethouder toezeggen om de evaluatie van het aantal bewoners uit te stellen naar het najaar, na de afronding van het akoestisch onderzoek en de verbouwingen? Kan de wethouder toezeggen dat het aantal bewoners dan op achttien inwoners blijft tot de evaluatie in het najaar? En kan de wethouder toezeggen in deze raad en ook voor de volgende raad na 16 maart dat de boven bewoners en de omwonenden worden betrokken bij evaluatie? En kan zij toezeggen dat als het niet goed gaat, dan wel er draagvlak is in de buurt, het aantal daken thuislozen in het Anton Pieckhofje niet wordt verhoogd? Het simpele feit dat er voor 24 of meer inwoners wordt verbouwd mag geen reden zijn dat het aantal dak- en thuislozen wordt verhoogd. D66 wil geen doelredenering op dit punt. Graag een bevestiging van de wethouder. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel. De heer Zohri. De heer Zohri: Ja, dank u wel voorzitter. We gaan geen herhaling van zetten doen, dus ik beperk mij met de vraag aan mevrouw Meijs. U gaf net aan dat de gesprekken weer hervat zijn.
Kunt u dat bevestigen? Want onlangs hebben wij twee e-mails mogen ontvangen van boven bewoners en de omwonenden dat ze niet meer in gesprek willen gaan met de gemeente. En ja, het akoestisch onderzoek. Daar hebben we meerdere malen naar gevraagd. Die zou vandaag plaatsvinden. Naar omstandigheden is het niet gelukt. Wanneer kunnen wij deze verwachten en met elkaar te bespreken? Want ik vind dat wel heel belangrijk voor de komende. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Even kijken. De heer El Aichi. De heer El Aichi: Dank u wel, voorzitter. Tijdens een bezoek aan het Anton Pieckhofje eind juli 2021 krijgen wij van een ambtenaar te horen dat er per 1 augustus de eerste bewoner geplaatst ging worden in het complex van Anton Pieckhofje. Alle aanwezige raadsleden en de bewoners stonden er verbaasd van te kijken, puur omdat er heel veel aan het complex moest gebeuren. En puur omdat de omwonenden niet zijn geïnformeerd. Het college gaat een uitdaging aan zonder goed na te denken, zonder een plan van aanpak te maken, zonder te investeren in de wijkbewoners om draagvlak te creëren en voor een zachte landing te kiezen. Voorzitter, wonen in het Anton Pieckhofje gaat over meer dan een dak. Wonen in het Anton Pieckhofje gaat over veiligheid voor betrokkenen en omwonenden. Wonen in het Anton Pieckhofje gaat over vertrouwen tussen betrokkenen en omwonenden.
Wonen in het Anton Pieckhofje gaat over een goede samenwerking tussen de gemeente en de wijkbewoners. De wijkbewoners hebben vanaf begin af aan aangegeven meer te willen
9
meedenken, maar de gemeente heeft ze nooit serieus genomen. Ze kregen geen antwoorden op hun vragen en werden vaak genegeerd. Het is jammer dat de gemeente geen gebruik heeft gemaakt van de kennis van deze wijkbewoners om het vertrouwen te winnen. De boven bewoners hebben keer op keer aangegeven last te hebben van geluidsoverlast van beneden bewoners, maar de gemeente weigerde hier iets aan te doen. Totdat de afdeling ‘…’ van het Leger des Heils op 3 december 2021 een mailtje stuurde naar de wethouder en de ambtenaren waarin stond dat bij het voeren van een gesprek op normale sterkte op het kantoor van Leger des Heils op begane grond het geluid duidelijk hoorbaar was in de bovenwoningen. Met name in de slaapkamers en de badkamers is heel duidelijk het stemgeluid te horen van de gesprekken die gaande waren. Vraag aan de wethouder. Waarom heeft de wethouder zo lang gewacht met het akoestisch onderzoek? Waarom heeft de wethouder in het begin niet geluisterd naar de klachten van de boven bewoners? Het is goed dat de wethouder nu uiteindelijk toegezegd heeft een akoestisch onderzoek te laten uitvoeren, maar dit had in het begin moeten gebeuren. In de RIB van 8 december jongstleden is te lezen dat het college steeds voornemens 36 personen in het Anton Pieckhofje te plaatsen. Volgens mij moet het college bij het begin beginnen en niet te hard van stapel gaan.
Volgens mij is het nu een zaak, of eerst zaak, te investeren in de wijkbewoners en de omwonenden, het pand te renoveren en te isoleren. En na de evaluatie kunnen we als raad beoordelen of het bij achttien bewoners blijft of meer. Ik vind het niet realistisch om nu uit 36 personen uit te gaan, terwijl het college de controle nog niet helemaal heeft over het Anton Pieckhofje. Goed van de wethouder te horen dat dit achttien personen blijft tot na de evaluatie om te bepalen of dat bij achttien blijft of meer. Voor de rest heb ik nog een aantal vragen. Die zijn al gesteld. Ik laat het hierbij. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk of er nog meer vragen zijn bij deze interpellatie. De heer Aynan. De heer Aynan: Ja, dank u wel voorzitter. Ja, behoren de wethouder het hebben over een stroperig proces. Niet voortvarend te werk gegaan, traag in de communicatie, omdat het juist snel moest gebeuren, er is een fuik ingezwommen. Nou ja, niet goed ingeschat. En dat allemaal om de economisch daklozen toch een dak boven het hoofd te bieden. Maar voorzitter, er lag ook een motie van de raad die juist vroeg om een pas op de plaats. Dus ik wil ook weten van, wat heeft u nu eigenlijk gedaan met die volgens mij bijna raadsbrede oproep? En ik wil het ook kort houden, voorzitter. Ik sluit me gemakshalve aan bij de bijdrage van D66.
Maar nog even een concrete vraag, want u heeft het over het terugwinnen van het vertrouwen. Nou, dat is wijs om te proberen. Maar u zegt ook, ik heb morgen overleg. Met wie? En is de bewonerscommissie daarbij aanwezig? De voorzitter: Dank u wel. De heer Smit. De heer Smit: Dank u wel, mijnheer de voorzitter. OPHaarlem heeft in het verleden in de commissievergadering gezegd dat wij ons groot schamen hoe er met de bewoners en met de omwonenden is omgegaan. En onze schaamte is er eigenlijk niet minder op geworden in de afgelopen tijd. En daar speelt ook mee dat wij vinden dat de leden van de commissie en in feite ook de raad nimmer tijdig en meeste tijd niet en onvolledig zijn geïnformeerd door de wethouder. Ik geef het toch terug naar de geschiedenis. Een artikel van 2005 over de ouderenzorg. Het Anton Pieckhofje in Haarlem, wie kent het niet? In 1989 was het de eerste kleinschalige woonvoorziening voor mensen met dementie die een volwaardig alternatief voor het verpleeghuis wilde zijn. En mevrouw de wethouder, hier woonden dus zo’n dertig jaar geleden toen al tot voor een paar jaar 36 dementerende ouderen en dus is het pand volgens u ook geschikt voor 36 jongere daklozen. U heeft dat geconstateerd in de commissie en u heeft gedoogd dat dat opgeschreven is. Dat is in feite treurige onzin en een getuige van minachting voor de boven bewoners en de omwonenden. 36 dementerende met
10
een heel beperkte motoriek en bewegingsbehoefte kun je niet vergelijken met 36 mensen van de daklozendoelgroep, simpel oud en jong. OPHaarlem heeft een motie ingediend om het aantal te maximeren op achttien en niet te wachten op een evaluatie die al door de boven bewoners en omwonenden eigenlijk al niet meer vertrouwd wordt en dat is begrijpelijk gezien de voorgeschiedenis. En waarom? Omdat in feite nu elke beneden bewoner één slaapkamertje heeft en een paar gemeenschappelijke voorzieningen van douches en toiletten enzovoort en keuken. Als je moet leren zelfstandig te wonen, dan is één klein slaapkamertje denk ik niet de goede stap naar een vorm van zelfstandigheid. En mevrouw de wethouder, we hebben uiteraard met zijn allen een probleem met de herhuisvesting, met de huisvesting van daklozen en tekort aan integratiefaciliteiten. Maar we hebben ook Haarlemmers die in een rustige wijk wonen en proberen de balans in die wijk in stand te houden. En we hebben, dat is heel belangrijk, een stad die volgens mij op meerdere plekken mee wil werken aan de opvang van mensen zonder dak, maar dan moet je niet een voorgeschiedenis hebben van conflicten als je in een nieuwe wijk binnenkomt met het verzoek een leegstaande voorziening te kunnen gebruiken. En dat is heel ernstig. Dat is door het Anton Pieckhofje nu een Haarlems beeld.
Je moet zeer ongerust zijn als nu het Haarlems college naar een week toe komt om, want je bent eigenlijk een quantité négligeable als wijkbewoners. Wij vinden ook, en ik ga er in een paar vragen vormgeven, dat je los van een evaluatie moet constateren dat deze groep mensen permanente begeleiding nodig heeft. Want als deze mensen eenmaal hun eigen huisvesting hebben kunnen vinden, dan ontstaan situaties dat er een nieuw iemand binnenkomt. En die zou dan ineens geen zeven keer 24-uurs begeleiding behoeven, terwijl de groep dat nu wel heeft. Dat is niet logisch. Vanwege het feit dat de groep muteert, moet er in onze ogen die zeven keer 24-uurs begeleiding op blijven. Het filmpje van vanmiddag dat de raadsleden allemaal hebben gekregen, dat eindigt min of meer met de tekst: u heeft deze mensen niet behandeld zoals u zelf behandeld zou willen worden. En ik denk dat het kernachtig is en dat ik het als OPHaarlem niet mooier kan zeggen. De problemen zijn groot op dit moment, zeer groot. De stress bij boven bewoners, en het is al eerder door de heer Rutten ook gezegd, dat zijn vaak mensen die door redenen daar zijn komen wonen met vaak toch een medische of medisch psychische achtergrond en de rust niet alleen waardeerden boven, maar ook nodig hadden. En vergeet niet, 36 dementerenden op hoge leeftijd, dat zijn geen lawaaimakers.
De onrust is zeer groot en het vertrouwen is nog steeds nul. Ik ga de wethouder een aantal ook vragen voorleggen. Mocht ik er eentje dubbel hebben, dan mag de wethouder die overslaan. En afhankelijk van de beantwoording van de wethouder beperkt mijn standpunt. Herkent de wethouder de diepe frustratie van de boven bewoners en omwonenden en is het dan ook wel logisch om te verwachten dat de boven bewoners geen vertrouwen hebben in de oprechtheid van de evaluatie die gaat komen? Een vraag, en ik heb dat toch te weinig nog gemerkt in het antwoord op de heer Rutten, bent u nou bereid standpunten echt te herzien of probeert u alles op te hangen aan een evaluatie waarbij u denkt dat u daarna wel weer de zaak kunt doortrekken naar de ambitie waarmee u bent gestart, mevrouw de wethouder, en de ambitie die u volgens mij, volgens OPHaarlem, nog steeds probeert te bereiken? 36 bewoners aan een einde aan de zeven keer 24-uurs begeleiding. Dus de vraag is zeer duidelijk.
Bent u bereid om het aantal te maximeren op achttien? Bent u het met OPHaarlem eens dat 36 dementerende bewoners een andere dynamiek hebben zelfs dan achttien huidige bewoners beneden? Bent u bereid de zeven keer 24-uurs te continueren, ook na een evaluatie, omdat er constant nieuwe instroom is? Bent u bereid u optimaal in te zetten? En ik ga het niet hebben over de middelen die u heeft, maar u optimaal in te zetten voor herhuisvesting van boven bewoners, omdat een gedeelte het echt straks niet aankan, het niet kan trekken. Bent u bereid serieus de geluids- en rookoverlast aan te passen en een akoestisch onderzoek zodanig te voeren dat bij het onderzoek de benedenverdieping volledig gevuld is met gebruikers, zodat het geluidsvolume van een, en doet u dan meteen maar op 36, want het is op dit moment nog steeds uw ambitie. U wil geen kamers leeg laten staan. Doet u dan met 36 mensen graag in dat pand een akoestisch onderzoek. 36 mensen die bewegen, gebruik maken, de radio aan hebben staan, tv aan hebben staan. En dan moet er gemeten worden en dan moet er gekeken worden wat de overlast van boven kan zijn. Bent u bereid, en dat is
11
heel belangrijk, om de huurtermijn vast te zetten op maximaal tien jaar? Want u heeft nu een besluit genomen dat het ook twintig, dertig, veertig jaar kan zijn. En ik vind dat in een normale verhouding met een wijk en een buurt niet passen. En misschien detail vraag, maar herkent u de parkeerproblematiek die op dit moment speelt? En als u door wil trekken van achttien na 24 of 36 bewoners, dat de wijk dan overladen wordt met auto’s? En misschien ben ik nog een vraag vergeten. Dan zal ik hem straks nog vinden. Dank u wel, mijnheer de voorzitter, voor dit moment. De voorzitter: Dank u wel. De heer Oomkes. De heer Oomkes: Ja, hij doet het. In uw inleidende betoog heeft u, mevrouw de wethouder, gezegd dat u het verlies van vertrouwen uzelf kwalijk neemt en dat u in het vervolg van dit proces hard zult werken en goed luisteren naar de bewoners aan hun klachten. Dat is essentieel bij het slagen van een goed vervolg. U heeft ook erkend dat het akoestische deel van het onderzoek onder de maat was en dat het eerste onderzoek klein was. En dat er zelfs in dit proces sprake is van de wet van Murphy. Voor gewone mensen, dat is alles ging fout wat fout kon gaan. Dat is ernstig. Om vertrouwen te verwinnen, zou ik namens de PvdA willen vragen om een tijdstabel.
Wanneer gaan we nou wat doen? Hoe worden die overleggen met de uitkomst van de nog lopende onderzoeken en de nog te verrichten onderzoeken gedeeld met de bewoners en de omwonenden? Wat gaan we nou doen om dat vertrouwen daadwerkelijk te herstellen? Onze fout goed te maken op dat punt. Wat doen we met het betrekken van Ymere in dat proces? Want die mis ik hier. Laten we nou vooral niet onder de eventuele snelheid van handelen ons opnieuw onder druk gezet voelen bij dit proces. U zegt, we zijn het fuik ingezwommen. De volgende fuik moeten we alstublieft vermijden. Het is van belang dat een lijst maken met een tijdstabel erbij waarin alles wordt gepubliceerd. Uit het filmpje wat ik vanmiddag kreeg opgestuurd, bleek dat mensen niet met onheuse klachten ons aanspraken op onze verantwoordelijkheid. Ze gaven eigenlijk in enkele zinnen weer wat hun gemoedstoestand was. En mij trof het dat dat niet met eisen gepaard ging. Sterker nog, als je een tekstanalyse zou doen, dan zie je dat er nog steeds, ondanks datgene wat er gebeurd is, ruimte is voor dialoog. Ik zou u willen oproepen om die dialoog ten volle aan te gaan en dat te combineren met die tijdstabel waar ik net om gevraagd heb. Wethouder, bent u van plan het vervolg van dit proces op die manier in te richten? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Özogul. Mevrouw Özogul-Özen: Ja, dank u wel voorzitter.
Wij zijn maanden bezig, van voor de zomer nog. De SP was heel blij dat er een nieuwe voorziening kwam voor onze daklozen, alleen het is een en al problemen geworden. De wethouder zegt zelf al, het college was in paniek en ze hebben me wat gedaan. De buurt daar in tegen heeft met ons goed nagedacht, heeft keer op keer punten aangegeven om het te verbeteren. Heeft ook aangegeven dat zij voor de komst zijn in ieder geval van de achttien bewoners. Maar hun problemen, zoals bijvoorbeeld geluidsoverlast, is door de wethouder niet serieus genomen. Ook hun aanbod om de voordeur te wijzigen, dat kon allemaal niet. En nu blijkt dus dat het wel kan en dat het verbouwd gaat worden, als ik het goed heb. Voorzitter, in de commissie hebben wij ook gevraagd of de bewoners die nu zelf aangeven te willen verhuizen, ook kunnen verhuizen. Of de wethouder in gesprek wilde gaan met Ymere. Wij weten dat zij daar niet over gaat zoals ze dat zei, maar ze kan wel in overleg ervoor zorgen dat deze mensen in ieder geval woningruil of op een bepaalde manier kunnen verhuizen. OPH zei het al, Anton Pieckhof, daar zaten vroeger 36 dementerende mensen. En er is voor gekozen voor speciaal, rustige bewoners boven. En als de doelgroep dan verandert en het wordt onrustig beneden, dan moeten wij met zijn allen toch begrip hebben dat er dan problemen zijn. Daarom zijn wij ook benieuwd naar het akoestisch onderzoek.
En wij hopen nu dat het wel goed wordt uitgevoerd en dat alles wordt meegenomen. We hebben nog een vraag met betrekking tot
12
problemen rondom de tuin. De bewoners gaven aan dat vooral na acht uur, wanneer de begeleiding weg is, heel veel overlast zou zijn in de tuin. De wethouder zei, dan sluiten we de tuin om acht uur. Maar als de begeleiding weg is, wie houdt daar de controle in? Wie zorgt dan ervoor dat het ook daarna rustig blijft? De wethouder had het over een lik op stuk beleid, straffen. En dat is iets wat wij de afgelopen jaren van de wethouder ook steeds gewend zijn. Straffen, eruit gooien, op straat slapen. Maar wij denken toch in deze dat niet het lik op stuk beleid zal helpen, maar dat er een goed gesprek en goede hulp vanuit de opvang toch een van de oplossingen zou moeten zijn. Ook zijn wij benieuwd, net als, ik weet niet wie het vroeg, maar wij hebben brieven gehad, mails gehad dat de bewoners het gesprek met u hadden gestaakt. Is er inmiddels contact? Bent u nog steeds ook in gesprek met betreffende bewoners? En het belangrijkste van alle, hoe gaat u dit tot een goed eind breien? Want laten we eerlijk zijn, als u dit goed had opgelost vanaf het begin, had u wellicht voor juist die daklozen waarvoor u zegt dat u zo hard uw best gedaan heeft en in paniek bent geraakt, had u veel meer plekken kunnen realiseren. De voorzitter: Dank u wel. De heer Hulster. De heer Hulster: Dank u wel, voorzitter.
Ja, een beetje een ander geluid hiervandaan, want de Actiepartij is heel erg blij dat er een tussenvoorziening voor economisch daklozen is gekomen. De inzet die het college heeft gepleegd op dit gebied is echt lovenswaardig wat ons betreft. De nood is hoog en het is heel moeilijk om hier een goede plek voor te realiseren. Want economische daklozen zijn maar al te vaak mensen zoals u en ik die gewoon pech hebben in hun leven. Als je je baan verliest aan je relatie loopt op de klippen en je hebt een koopwoning, dan is de kans heel groot dat je op straat terechtkomt, bijvoorbeeld omdat we te weinig sociale woning hebben. We zijn heel blij dat dit college een poging doet om deze mensen op de weg terug naar volwaardige woonsituatie te helpen.: We zien ook dat er geen goede relatie is met in ieder geval een deel van de buurt. Wij vinden het moeilijk te beoordelen wat hier precies aan de hand is, maar we zien dat het college een flinke inzet pleegt om aan de eisen van de buurtbewoners en bewoners die boven wonen tegemoet te komen. We zien dat de gemeente echt grote bedragen in het pand investeert dat niet eens in eigendom is. Wij vragen ons af of en wanneer het eigenlijk genoeg is. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Otten. Mevrouw Otten: Dank u wel voorzitter. Wethouder, u trekt het boetekleed aan als het gaat om gebrek aan participatie.
Maar in één adem noemt u toch weer het aantal van 36 bewoners. Hoe rijmt u dit nou met uw toezegging om in de toekomst beter te gaan luisteren naar de bewoners? En er moet me iets van het hart naar de coalitie. U maakt zich nu heel erg druk om het Anton Pieckhofje, maar eigenlijk heb ik deze emoties en al deze vragen gemist in het hele proces Dalmers plus, maar wellicht dat u zich nog bedenkt in de komende avond, dus ik wacht dat even af. En verder had ik nog heel veel vragen maar die zijn inmiddels al gesteld dank u. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Van Zetten. Mevrouw Van Zetten: Ja dank u voorzitter. Het is al gezegd, het Anton Pieckhofje is een bijzonder gebouw, gebouwd ook als een speciaal project voor dementerende ouderen. En het is nog steeds eigenlijk het best geschikt als een oude knarren hof. In plaats van ons daarop te richten in dit toch bijzondere gebouw, is het voorstel geweest om daar economisch daklozen te huisvesten. En als ik dit verhaal zo hoor, ik zit niet in de commissie samenleving, dan vraag ik mij af, dit project waar nu wordt nu teruggebracht van 36 naar 18. Ik stel vast dat het een gebouw is van Ymere, het is geen eigen gebouw van de gemeente. En ik heb begrepen dat de gemeente hier toch wel twee miljoen in wil steken. Vraag aan de wethouder, is dat zo? Want dat betekent dus
13
als er 18 mensen in komen dat wij meer dan een ton per inwoner gaan uitgeven. En de vraag is dan natuurlijk ook aan de coalitie, is een en ander wel in verhouding met elkaar? Gezien de plek, de ongelukkige locatie om deze problemen met economisch daklozen en andere daklozen op te lossen? Want als je dan hoort dat de mensen na achten niet meer in die binnentuin zitten, mogen zitten en dat er dan straffen zouden worden uitgedeeld. Dan denk je, dit is natuurlijk in deze tijd is dit echt een weg die we niet op moeten gaan. En het lijkt mij beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald. Zou ik zeggen, als wij dan zo bereid zijn om zoveel geld uit te geven aan zo een project, ik ben er zelf geweest dus ik ken de situatie, waarom dit dan gewoon niet schrappen en met een frisse blik, waarschijnlijk ook met een andere wethouder dit probleem oplossen, want ik denk, ik hoor de wethouder natuurlijk prachtige woorden van boetedoening en weet ik veel wat spreken, maar we constateren dat we natuurlijk toch alweer bijna een jaar verder zijn. Ik herken de hele opstelling van de wethouder in vorige zaken, of het nou over het museum ging of over huiskamer van Oost, er wordt eindeloos vastgehouden aan het eigen gelijk.
De ambtenaren zijn blijkbaar ook niet bereid of in staat om daar op een goed moment een kering te maken en ik vraag me nu af, we zitten nog geen twee maanden voor de verkiezingen, wat we hier nu allen aan het doen zijn. En de belangrijkste vraag is natuurlijk, hoe veel geld zijn wij bereid hierin te stoppen om de wethouder hier een soort voortgang te gunnen in plaats van naar de uitgang te begeleiden. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, dat was het. Ik zie nog één bijdrage, ik begrijp dat u nu een interruptie heeft? Dan geef ik u zo de gelegenheid nog, eerst de heer Visser. De heer Visser: Dank u wel voorzitter. De ChristenUnie sluit zich aan bij de groot aantal kritische vragen die zijn gesteld, of bij de meeste ervan, van andere fracties. En we zijn ook blij met de woorden van de wethouder waar de wethouder erkent dat er echt iets misgegaan is in de communicatie en het proces, met name met de boven bewoners maar ook met de omwonenden, daar is gewoon veel niet goed gegaan. De ChristenUnie wil vooral kijken hoe we een situatie krijgen waarin er weer een goede relatie is met deze mensen. En ja, de wethouder heeft gelijk, het zijn economisch daklozen dat is wat anders dan een andere categorie bewoners. Maar het gaat wel dat ze leven op een hele kleine oppervlakte, met veel kamers en dan is die combinatie met de bovenwoningen toch wel bijzonder te noemen.
En om dat vertrouwen terug te krijgen bij die boven bewoners, wil ik toch wel vragen wat de randvoorwaarden van de wethouder zijn voor dat nieuwe akoestisch onderzoek. Want als daar inderdaad alleen naar bouwbesluit wordt gekeken dan zal het waarschijnlijk wel voldoen. De bewoners vragen, kijk nou eens naar de feitelijke situatie, dus als er 36 mensen aanwezig zijn, die zetten allemaal hun muziekinstallatie aan, wat doet het dan? En misschien hoeft dat niet voor een akoestisch onderzoek, maar is het niet juist voor het vertrouwen van die bewoners goed om dat wel in beeld te brengen? Om zal maar zeggen het uiterste geluidsniveau, om dat te weten en dat mee te wegen, graag reactie van de wethouder. Door verschillende sprekers wordt ook het snel rouleren van die bewoners als problematisch gezien en inderdaad in groepsprocessen doet dat wat. Maar volgens mij kan je ook andersom kijken, als mensen te lang in zulke kleine kamertjes leven dan kan dat ook juist tot overlast leiden. Wat je eigenlijk wil is dat de mensen snel ook doorstromen, ook voor hun eigen verdere integratie in de samenleving dat ze toch een wat grotere woning krijgen. En dan zit ik toch te kijken van kan er niet een win-win komen.
Gezien de situatie die nu is ontstaan, waarin een aantal bewoners eigenlijk liever willen verhuizen, de boven bewoners, strikt genomen hoeft de gemeente daar niet aan mee te werken of dat te stimuleren en Ymere ook niet. Maar de bewoners willen het wel heel graag. En is daar niet juist misschien ook wel een belang van de gemeente te vinden? Want stel nou dat die boven bewoners wel gefaciliteerd zouden worden in een andere woonplek, dan komen die bovenwoningen vrij en dat zijn grotere woningen, en wat zou het toch eigenlijk mooi zijn als die economisch daklozen, die beginnen in een klein kamertje op de benedenverdieping, kunnen doorstromen naar een grotere woning daarboven. Kan er dan niet een win-win situatie ontstaan? Gegeven de huidige
14
situatie en de wensen van de bewoners zou ik toch dat voorstel bij de wethouder neerleggen want volgens mij is zo een letterlijke doorstroomvoorziening misschien wel de ultieme oplossing, dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Smit die heeft net gezegd, er was nog één vraag, nou daar kon die even niet opkomen, die weet die weer, dus ik geef u de gelegenheid die nog even te stellen en realiseert u zich, er is ook niet een tweede termijn na het antwoord van de wethouder gaan we de eventuele moties behandelen en dat zijn er in dit geval in ieder geval een flink aantal. De heer Smit. De heer Smit: Dank u wel mijnheer de voorzitter. We hebben het over het akoestisch onderzoek gehad, wat ik eigenlijk vergat, dat is het roken. Niet discussie over of de mensen het doen en met hoeveel zij in de tuin zijn en het feit dat het Leger des Heils zegt, wij kunnen dit niet handhaven. Nee, het gaat om het effect van het roken en het feit dat de tuin een soort trekkanaal, een rookkanaal is. De vraag aan de wethouder, wordt er ook gezocht naar mogelijkheden om de rook op te vangen, naast het akoestisch onderzoek en kan het kloppen dat een vergaande investering in de akoestische maatregelen en in rookopvangende maatregelen op dit moment niet opgenomen zijn in de twee miljoen euro? Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan is het woord aan de wethouder, wethouder Meijs.
Wethouder Meijs: Dank u wel, ik zal nogmaals een aantal dingen herhalen, ik ga niet alle herhalingen uit de eerste termijn doen, ik denk dat niemand daarbij gebaat is maar laat ik in ieder geval beginnen met mijn eigen reflectie, volgens mij heb ik dat ook in de eerste termijn gezegd, ik heb alle begrip voor de boven bewoners en de omwonenden, alle begrip. En dat heb ik volgens mij ook in mijn eerste termijn gezegd, als je daar gaat wonen en je krijgt van Ymere te horen dat er een speciale groep zit en dat is 35-40 jaar dementerende ouderen geweest, dan is dat even schrikken als er een andere doelgroep komt waar je echt geen beeld bij hebt. Dus ik heb alle begrip voor alle gevoelens daaromtrent. En ik heb ook gezegd dat we dat moeten herstellen, we moeten begrip kweken en dat gaan we doen door structureel elke maand bij elkaar te zitten, te horen wat de problemen zijn en ze ook aan te pakken. Harddrugs is een verbod, daar wordt ook op gesanctioneerd, dat is niet getolereerd, noch in huis noch daarbuiten. De verbouwing en de evaluatie heb ik ook al in de eerste termijn toegezegd. Het tijdspad waar de heer Oomkes aan refereert, ja we gaan evalueren, dan pas beslissen we voor voortgang en doorgang naar meerdere en uitbreiding, dan pas beslissen we over de begeleidingsafschaling of dat kan, dan pas gaan we weer verder.