01-07 Transcript cie Ontwikkeling
Tekst van het document
53
De voorzitter: Blije eitjes allemaal. Mijnheer Amand, Trots. De heer Amand: Dank u wel, voorzitter. Wij zijn nog blijer als de rest. De voorzitter: Nou, ik word helemaal gelukkig. OPH, mijnheer Smit is ook akkoord. Mevrouw Van Zetten, Hart voor Haarlem. Mevrouw Van Zetten: Uit dit stuk bleek maar weer eens dat toch een beetje die administratie van de gemeente toch wel aan alle kanten rammelt, omdat ze niet eens wisten dat ze de helft van het pand aan VRK hadden verkocht en dat het niet verwerkt was in de boeken. Dus dat was wel een heel merkwaardig verhaal. Het lijkt me exemplarisch voor het amateurisme hier binnen de gemeente Haarlem waar we toch elke keer weer door verrast worden. Hoewel ik natuurlijk ook wil zeggen, een heleboel dingen gaan natuurlijk wel goed. Maar af en toe popt er iets op en dan denk je: hoe is dit in godsnaam weer mogelijk? Dat wil ik even bijdragen, verder is het allemaal fantastisch. De heer Wiedemeijer: ‘…’ (buiten microfoon). Mevrouw Van Zetten: Wat zegt u? De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Van Zetten: U heeft geen spreektijd meer. De voorzitter: Mijnheer Bruch, VVD. De heer Bruch: Dank u wel, voorzitter. Wij zijn gewoon blij. Weer woningen voor bijzondere doelgroepen, hebben we vorige maand er ook al tien van ingestemd op een hele dure locatie.
Bij De Koepel komen er ook honderd, wij vragen af hoeveel er nodig zijn, en zijn er nog kansen voor niet zo bijzondere doelgroepen? De voorzitter: Dank u wel. Nou, dan denk ik dat dat duidelijk is, dat de wethouder ook niet hoeft te reageren. Dan kunnen we nog door naar agendapunt 11 … Mevrouw …: ‘…’ (buiten microfoon). De voorzitter: Ja, het is voldoende besproken, iedereen is blij. Niet eens voor, ze zijn zelfs blij. Ter advisering aan de raad 11. 22.25 uur Verkoop verhuurde woningen - zware voorhangprocedure (FR/JB) - onder voorbehoud van voldoende vergadertijd De voorzitter: ‘Verkoop verhuurde woningen - zware voorhangprocedure’. 35 objecten van de gemeente Haarlem zijn verhuurde woningen en complexen met verhuurde woningen, behoren tot de voorraad nietstrategisch vastgoed. Onderzoek naar het versnellen van de verkoop is afgerond, deel van die objecten wordt als belegging op de markt gebracht en de overige verhuurde woningen worden verkocht als de huur wordt opgezegd. Hiermee wordt de optimale mix bereikt tussen versnelling en verkoopopbrengsten. Wie mag ik het woord geven? Mijnheer Van Leeuwen, Actiepartij.
54
De heer Van Leeuwen: Dank u wel. De gemeente wil woningen verkopen die verhuurd zijn aan een belegger voor de hoogste prijs. Nou, Actiepartij vindt dat natuurlijk een slechte zaak en ook een zeer slecht signaal naar de woningzoekenden in Haarlem. Want, denk even mee, een woning met een lage huuropbrengst met oudere huurders gemiddeld wordt verkocht, dus daar wordt niet een maximale prijs voor betaald als het gaat om de huurinkomsten en daarna, bij het afscheid van de huurder, de beëindiging van de huur is de marktpotentie natuurlijk altijd hoog. Dus je geeft eigenlijk je zilverwerk weer eens weg. Zonder beperkingen ten aanzien van de hoogte van de huur in de toekomst is dat ook geen idee. Het is overigens prachtig om te lezen dat in de organisatie niet meer viel te achterhalen – dat staat er letterlijk – waarom destijds een lage huur is overeengekomen. Het zou kunnen dat het stadsbestuur uit die tijd een wat socialere kijk had op de woningmarkt in Haarlem en dat zij begreep dat zij wellicht op kleine schaal kon interveniëren op die woningmarkt. Pleisters plakken voor mensen die even klem zaten, wat dan ook. Een wendbare overheid op de vastgoedmarkt in Haarlem. Nou, die wendbaarheid, die leveren we in door dit te verkopen.
Wij pleiten ervoor: exploiteer het uit tot de beëindiging van de huur, waarna de woningen altijd nog verkocht kunnen worden aan starters of aan mensen die een sociale huurwoning in Haarlem achterlaten, conform de woonvisie. Dan maakt u beleid en uitvoering in overeenstemming met elkaar. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer De Groot, D66. De heer De Groot: Een korte interruptie, want er wordt nu juist voorgesteld om het grootste deel passief uit te ponden, dus aan te houden tot het moment dat de huurder vertrekt, maar alleen een groep van twaalf panden te verkopen waarbij een deel van die panden bijvoorbeeld leegstaat, of waarbij er iets is om daarvoor juist nu voor die groep voor verkoop te kiezen. Dus ik begrijp uw argumentatie, maar volgens mij is die niet van toepassing op hetgeen wat we willen verkopen. De heer Van Leeuwen: Dan hebben we allebei iets anders gelezen. Dat zou kunnen, ik kan het nu niet terughalen, maar dit is hoe ik het gelezen heb. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Visser, ChristenUnie. Ik denk, ik zeg het even, omdat ik u niet goed kan zien, dus dan … Ja. De heer F. Visser: Dank u wel, voorzitter. We gaan een flinke stap zetten met de verkopen. Wij denken dat op zich wel een goede mix is gevonden tussen wat nu snel verkopen en wat later uitponden. Wij hebben ons wel verbaast over de lage huurprijzen van sommige woningen nu.
Eerder vandaag had de heer Wiedemeijer een bevlogen pleidooi om voor lage huren voor de laagste inkomens en daar kon ik me een heel groot deel in vinden. Maar er zitten hier huizen tussen die, nou, bijna tien keer zo goedkoop nog zijn dan de lage huurprijs die de heer Wiedemeijer noemde. Nou, dat vind ik echt bizar. Hoe is dat ooit ontstaan, zijn die huizen nooit geïndexeerd ofzo? Ik ben heel benieuwd of de wethouder daar nog wat over kan zeggen, want ik vind het verbazend. Ook dat is een beetje rechtvaardigheid: als we juist goedkope woningen in Haarlem willen bieden, ja, dan is het een beetje oneerlijk als je zulke extreem goedkope woningen, want dat had veel slimmer gekund. Wij hebben één punt waar we het niet eens zijn met het voorstel, maar daar kan waarschijnlijk de wethouder duidelijkheid in brengen. Er staat in de lijst één woning, die ik niet bij naam zal noemen, maar waar wij van mening zijn dat voordat die woning verkocht wordt, dat er een deel van het kavel afgehaald moet worden en dat dat deel van het kavel juist niet verkocht moet worden, maar in gemeentehand moet blijven. Dus eigenlijk een stukje tuin, een stukje groen. En waarom? Wij willen dat dat stukje in gemeentehanden blijft, omdat dat essentieel is voor het verbeteren van de fietsinfrastructuur in Haarlem.
Dus ik zou graag, de wethouder weet precies over welk pand het gaat, ik zou graag van de wethouder een toezegging willen hebben dat dat stukje grond niet verkocht gaat worden, zodat we de fietsinfrastructuur in Haarlem kunnen verbeteren. Dank u wel.
55
De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Van Zetten, Hart voor Haarlem. Mevrouw Van Zetten: Van zo’n stuk kan ik dus behoorlijk kwaad worden en denken: hoe is het in godsnaam gesteld met de afdeling Vastgoed waar we al meer dan tien jaar mee bezig zijn om die administratie op orde te krijgen? Want nu blijkt inderdaad dat voor sommige panden, waar een normaal mens behoorlijk veel geld voor betaalt, een idioot lage huur wordt betaald en dat er blijkbaar nooit een indexatie heeft plaatsgevonden. We hebben indertijd al bij die Watermeterfabriek, waar gewoon een bedrijf in zat dat nog geen 400 euro per maand betaalde, hebben we erop aangedrongen – en dan hebben we het al over 2012 – dat er eens werd gekeken hoe het zat met de huren en wat mensen betaalden. Want dit is wel het tafelzilver van de gemeente Haarlem, hè? Wij hebben daar heel weinig van. Ja, dat is echt gewoon … En als je ook kijkt wat voor panden dat zijn en hoe het in de boeken staat, hoe het in de administratie verwerkt is. Nou, dan denk ik, de haren rijzen je te bergen. En ja, u bent nou toevallig … Mijnheer Jur Botter is er niet, wat mij betreft had hij een motie van afkeuring kunnen krijgen, omdat wij natuurlijk jaar in jaar uit gewoon op het verkeerde been zijn gezet hier in de stad. Dat wil ik dan toch even kwijt. De voorzitter: Dank u wel. Wie mag ik het woord geven? Mijnheer Rijbroek, Trots.
De heer Rijbroek: Dank u wel, voorzitter. Ja, de mensen die daar zitten, leeftijd is bekend. Ik zou zeggen: laat het uitlopen. Ik sluit me aan bij het feit dat de huren toch niet min of meer marktconform normaal zijn. Ik wil niet zeggen dat je ze extreem moet maken. Maar de vraag is natuurlijk: wat gaan die mensen doen? Kijk, als je het aan commerciële partijen gaat verkopen, dan gaat het onherroepelijk natuurlijk nog veel hoger worden. Ik hoop wel dat die mensen nog wel mogen blijven huren. Wat mij opvalt in het kader van risico’s, kanttekeningen, dat gaat over de personele consequenties. Voor Vastgoed hebben we eind 2023 een bezuiniging van twee fte staan, dus twee medewerkers op Vastgoed. Die moeten er eigenlijk op blijven zitten, dus we moeten dat eigenlijk jaarlijks meenemen. Dat is één. En ik wil hem eigenlijk nog wat steviger neerzetten. We kennen mijnheer Van Haga nog, van de VVD, hoe die dat heeft gezegd, geformuleerd. Vinger aan de pols voor ontwikkelingen, zeg ik dan, met betrekking tot wat de huren nu doen, voor een aantal van deze woningen zeker. We mogen het niet zeggen, maar het blijft toch weer als een soort schoenenwinkel hangen waarvan men de schoenen verhuurt met gaten erin en het ligt te verstoffen op de zolder. Nu zien we dit, we komen gigantisch geld tekort.
Ja, dit is natuurlijk niet zoals wij dit zien, goed beheer en goed meesterschap, dat je je portefeuille op orde hebt en je financiën. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Interruptie, mijnheer Blokpoel. De heer Blokpoel: Ja, het momentum is al voorbij, maar goed. De voorzitter: Ja, dit … De heer Blokpoel: Mijnheer Van Haga is natuurlijk geen VVD’er meer, dat kunnen we wel vaststellen. De voorzitter: O, wilde u dat even zeggen? Nou, fijn. Mijnheer Visser … O, mijnheer Smit, OPH. De heer Smit: Dank u wel, mevrouw de voorzitter. Ik vind het niet helemaal terecht dat we proberen tussen tien voor elf en een paar minuten over elf dit af te raffelen, want het gaat om een majeure zaak. Waar gaat het om? De voorzitter: We raffelen niks af, mijnheer Smit. Gaat u gewoon uw gang.
56
De heer Smit: Wat zegt u? De voorzitter: Ga gewoon uw termijn doen, we raffelen het niet af. De heer Smit: Ja, dank u. De heer …: Als je maar opschiet, Frans. De heer Smit: Mevrouw Van Zetten zegt het al, weer wordt zichtbaar het oud zeer van Vastgoed. Dat maakt je treurig. Het lijkt wel of daar nu maar even afstand gedaan moet worden coûte que coûte. Mijnheer Van Leeuwen, wat dat betreft steun ik. Want wat is het risico? Dat wij proberen een maximale opbrengst te suggereren, maar op het moment dat wij het bij de markt neerzetten, moeten we maar hopen dat partijen – die overigens elkaar perfect kennen op de markt en iedereen weet wie waarop biedt, laten we niet doen alsof het een open markt is, het is gewoon een gesloten markt – en als we dan het schip ingaan voor een paar miljoen, omdat de prijs tegenvalt, zijn we het ook kwijt. Ik vind dat je hier geen dubbeltje weg mag gooien, dus dat je heel voorzichtig alle panden moet proberen uit te ponden op het moment dat de prijs daarvoor het meest redelijk is.
Dan heb je twee manieren: of je verkoopt een pand leeg – maar je hebt misschien meerdere manieren – en dan tegen de hoogste prijs, of je hebt op dat moment een sociale verantwoordelijkheid jegens woningzoekenden en dan weet je ook dat je op de prijs iets toelegt, of je houdt het in de verhuur en dan kun je in een aantal gevallen die dieptreurige kwartjes die per maand betaald worden in ieder geval ophogen naar een fatsoenlijk bedrag. Maar nu op deze wijze proberen het werk van Vastgoed een beetje te verminderen omdat ze het toch al zo moeilijk hebben, daar doet OPHaarlem niet aan mee. Dank u wel, mevrouw de voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. U heeft nog twintig seconden. Mevrouw …: ‘…’ (buiten microfoon). De voorzitter: O, is op? O, dat is in de min. Mijnheer Visser, CDA. De heer J. Visser: Dank u wel. Na het betoog van mevrouw Van Zetten hoor ik alleen maar een bevestiging dat dit de goede stap is. De gemeente is geen goede huurbaas, dat kunnen anderen gewoonweg beter. Het college heeft onzes inziens zorgvuldig afgewogen welke woningen verkocht worden en welke uitgepond worden en de keuze om een gedeelte van het vastgoed nu af te stoten, bespaart gewoonweg de beheerslasten over deze panden, terwijl de inkomsten nagenoeg gelijk zijn vergeleken met het scenario waarin alles uitgepond wordt.
Ook worden de belangen van de huurders beschermd door eisen voor goed verhuurderschap en een kopersonderzoek. Het CDA is positief op het collegebesluit. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Aynan, Jouw Haarlem. De heer Aynan: Dank u wel, voorzitter. Ik zal even quoten uit de woonvisie. Quote: “Het Rijk heeft wetgeving in voorbereiding om gebieden te beschermen voor opkopen door particuliere verhuurders, om zo aankoop door verhuur- of aannemersbedrijven te voorkomen. We willen onderzoeken of dit voor Haarlem een manier is om betaalbare koopwoningen te behouden.” Dan hebben we ons eigen vastgoed om die koopwoningen te behouden, en wat doen we, voorzitter? We gaan een bundelverkoop doen aan een investeerder, speculant. Voorzitter, hiermee faciliteren we niet huizenkopers, maar huizenkapers. Dat moeten we niet willen. We zijn sowieso, dat weet u van Jouw Haarlem, tegen verkoop van gemeentelijk vastgoed, maar als je het dan toch
57
doet, doe het dan op een sociale manier. Iedereen heeft het hier over een wooncrisis. Kijk waar de nood het hoogst is, als je het dan toch doet, en kijk of deze woningen – want ik neem aan dat hier een meerderheid voor is, want ik heb ook goed geluisterd – kijk dan of u dat alstublieft op een sociale manier kunt doen, daar de nood te ledigen waar die het hoogst is. De voorzitter: Ook u bent door uw tijd heen. Ik heb u zelfs een beetje gematst, omdat we vanavond met een storing te maken hadden. De heer Aynan: Ik ben er ook doorheen, voorzitter. De voorzitter: Ja, helemaal goed. Mijnheer Blokpoel, VVD. De heer Blokpoel: Dank u wel. Veel is al gezegd, het is stuitend om te zien hoe die portefeuille erbij staat … U wijst naar iets, maar ik zie niet zo goed waar u naar wijst, dus ik ga door. De voorzitter: Uw spreektijd is op. De heer Blokpoel: Maar het is stuitend om te zien hoe die portefeuille erbij staat en hoe dit waarde drukt uiteindelijk. En ja, we lezen ook niet zo goed waarom hier nooit actie op ondernomen is, waarom hier niet is geïndexeerd in de jaren. Daarmee lijkt inderdaad scenario C een plausibel scenario. Scenario B zou eventueel ook goed uitkomen als er vanaf nu voor de komende twintig jaar telkens goed geïndexeerd wordt en die waarden constant worden bijgehouden. Alleen zien we dat scenario niet echt terug in de opgave.
Wethouder, zou u daarop kunnen reageren, is dat inderdaad een scenario zoals we hem nu schetsen, dus scenario B vol indexeren de komende twintig jaar en dan alsnog de verkoop in doen? Want dan zou die waarde toe kunnen nemen. De voorzitter: Dank u wel. Ook u bent gematst vanavond. Mijnheer Van den Doel, GroenLinks. De heer Van den Doel: Dank u wel, voorzitter. Wij vinden op zich wat voorligt een goed advies. We hebben één vraag buiten de vragen die al gesteld zijn, want ik bedoel, ook wij vinden dat Haarlem geen huisjesbaas is en dat bewijst dit nog maar eens, om het nog maar even te herhalen wat iemand anders al eerder gezegd heeft. Maar wat wij ons even afvragen, er is iets over twee fte’s die bezuinigd zou moeten worden en door het uitponden kan die bezuiniging niet plaatsvinden. Heb ik dat goed gelezen, ja of nee? Want dat lijkt me een beetje ingewikkeld, want dat betekent met de huren die je hebt, als je die wil gaan uitponden over tien tot twintig jaar en je moet tien tot twintig jaar twee fte’s hier houden, dan is het helemaal een zaak van bijleggen. Dan zou ik zeggen: verkoop het zo snel als mogelijk, want zelfs met dat verlies kom je toch nog beter uit. Maar dat hoor ik graag of ik dat goed begrepen heb of niet. Dank u wel. De voorzitter: Interruptie van mijnheer Smit.
De heer Smit: Mijnheer Van den Doel, u zegt het ook zo gemakkelijk: de gemeente Haarlem is geen huisbaas. We hebben de afgelopen jaren – en ik zit nu zesenhalf, bijna zeven jaar in de raad, daarvoor nog een jaar kennis mee gemaakt – zijn we bezig geweest om vastgoed te upgraden, kwaliteit in te brengen, dossiers te schonen, actueel te zijn. Dan moet u mij uitleggen waarom de gemeente Haarlem geen huisbaas kan zijn? Er zijn nota bene gemeentes met een eigen woningbedrijf die gewoon huisbaas zijn. Waarom kan ons Vastgoed met alle ingevoerde kwaliteit …
58
De voorzitter: Punt. U heeft geen tijd … Mijnheer Smit, u bent door uw tijd heen. De heer Smit: Ik maak de vraag af. Waarom kan de gemeente Haarlem geen huisbaas zijn en waarom zeggen we zo gemakkelijk: de gemeente Haarlem is geen huisbaas? De heer Van den Doel: Dank u wel, voorzitter. Nou ja, ik bedoel, een gemeente kan huisbaas zijn als ze daarop toegerust zijn en als ze daar de mensen voor hebben en de infrastructuur en de huizen. Wij hebben hier heel weinig huizen, waar je ook moet constateren dat daar commercieel gesproken niet echt goed mee omgegaan is. De mensen kunnen voor vrij weinig geld enorme huizen huren, wat fijn is voor die mensen, maar dat geeft ook aan dat we als Vastgoed niet daarvoor geëquipeerd zijn. Het lijkt me niet verstandig om dat nu alsnog te gaan doen, het lijkt me eerder verstandig om dan het kleine beetje wat we nog hebben, om dat op een goede en verantwoorde manier af te stoten. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer De Groot, D66. De heer De Groot: Dank u, voorzitter. D66 steunt het scenario … De heer Van Leeuwen: Ik had een interruptie. De voorzitter: O. Mijnheer Van Leeuwen, gaat u heel kort alstublieft, want u heeft volgens mij geen tijd meer. Mevrouw …: ‘…’ (buiten microfoon). De voorzitter: O, heel weinig. De heer Van Leeuwen: Mijnheer Van den Doel, ik mis zo ontzettend het sociale gezicht van GroenLinks.
U zegt: we hebben commercieel gezien er niks te zoeken. Maar u weet helemaal niet hoe het historisch tot stand gekomen is. De panden zijn verhuurd, ze zijn niet up-to-date qua marktwaarde verhuur, dat is helemaal juist. Maar ze hebben misschien wel een groot goed, namelijk huur aan mensen die het nodig hadden, bewerkstelligd. Dat hele verhaal, dat stopt u weg en u zegt: verpatsen die boel. Dat vind ik voor een linkse partij, GroenLinkse partij, vind ik dat opmerkelijk. De voorzitter: Mijnheer Van den Doel. De heer Van den Doel: Dank u wel dat ik nu de kans mag krijgen, ik heb tijd zat, om daarop te antwoorden. De voorzitter: Hoeft niet. De heer Van den Doel: Dat is wel mooi om dat te doen. De heer …: Drie minuten, hè? De heer Van den Doel: Ja, ik heb geen haast, mijnheer Van Leeuwen. Maar nee, kijk, GroenLinks is een sociale partij en wij zijn er ook voor betaalbare huren. Maar het moet wel met elkaar matchen, dus je moet wel de juiste huizen voor de juiste huur. We zien dat hier is misgelopen en dat moet gerepareerd worden, want het heeft geen pas dat er maar een paar huizen zijn, die overigens ook nog qua onderhoud en dat soort dingen de komende jaren veel investering vragen. Dat geld hebben we niet en het lijkt me ook niet juist om dat daaraan uit te geven. Dus als ik het bij elkaar optel, dan kom ik tot de conclusie dat voor Haarlem, in de situatie waarin
59
Haarlem zich bevindt en de Vastgoedafdeling zich bevindt en hoe die is geëquipeerd en uitgerust, dat het verstandiger is om dit te verkopen, omdat het uiteindelijk op de lange duur beter uitkomt. Dank u. De voorzitter: Mijnheer De Groot, D66. De heer De Groot: Nogmaals dank, voorzitter. D66 steunt het college in het scenario C, dat betekent de twaalf panden verkopen en de rest passief uitponden. Daar staan eigenlijk twee zaken bovenaan, namelijk één: wij vinden het niet verstandig om huizen te verkopen in verhuurde staat. En we willen geen nieuwe huurovereenkomsten aangaan. En ik heb goed geluisterd naar mijn commissiegenoten, maar ik weet niet of we allemaal hetzelfde stuk gelezen hebben. Maar er wordt voldaan aan beide voorwaarden met dit voorstel, dus dat steunen wij. Twee vragen aan het college. De eerste is: zijn er mogelijkheden om nu in de komende tijd wel naar een versnelde, of in ieder geval indexatie te gaan voor de huren die we gaan uitponden? En twee: bent u met mij eens dat de verkopen van de uit te ponden panden uiteindelijk weer via een minimumprijs per stuk in deze commissie besproken gaan worden? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Wie nog meer? Iedereen heeft het woord gehad? Dan is het woord aan mijnheer Roduner. Wethouder Roduner: Dank u wel. Fijn dat er steun is in meerderheid voor het voorstel zoals het zich nu aftekent.
Kijk, we hebben panden, we zijn dus ook een klein beetje huisbezitter, huisverhuurder zullen we maar zeggen, maar we hebben ook met elkaar eerder besproken dat dat geen kerntaak van de gemeente hoeft te zijn. Daar is uiteindelijk de knip gemaakt tussen het strategisch en het niet-strategisch vastgoed. Ik denk ook, de portefeuille laat zien dat als je dat op een goede manier goed wil doen, dat is nog best een ingewikkelde klus. In het verleden, we nemen toch een beetje een erfenis uit het verleden mee waar inderdaad hele lage huren zijn afgesproken. Huren die nu inderdaad geïndexeerd worden … De voorzitter: Mevrouw Van Zetten. Mevrouw Van Zetten: Over welk verleden heeft u het dan, dat wij de erfenis uit het verleden meenemen? Wethouder Roduner: Nou, ik zie … Mevrouw Van Zetten: De Partij van de Arbeid zit hier al hoelang in het college, zeg, en die hebben ook de portefeuille Vastgoed gehad. Ja, ik ben hier echt wel ontzettend kwaad over, want inderdaad, de Haarlemmers zijn hier gewoon een beetje belazerd. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Roduner. Wethouder Roduner: Nou ja, er zijn huurcontracten zitten ertussen vanuit 1970 nog, dus dat is in ieder geval voor mijn tijd. En nou, mevrouw Van Zetten zit in ieder geval bijna als nestor zestien jaar in de Haarlemse politiek, dus heeft denk ik ook op zich voldoende tijd gehad om daar ook aan te werken om dat te verbeteren.
Dus dat zit er deels in. Op dit moment wordt dat wel maximaal … Mevrouw Van Zetten: Sorry, hoor, voorzitter, maar krijg ik nu de schuld? De heer …: Ja!
60
Mevrouw Van Zetten: Gaat u mij nou …? Ja, ik ben nog nooit wethouder geweest, anders was het natuurlijk nooit zo gebeurd, hè? Dat begrijp je zelf ook wel. De voorzitter: Mijnheer Roduner. Wethouder Roduner: Nou, ik loop niet weg voor mijn verantwoordelijkheid, voorzitter, maar ik voel me niet helemaal aangesproken, geloof ik, uit dingen uit 1970 voor mijn geboorte. Ik ben nu even de … Ja, dus de panden worden maximaal geïndexeerd, de huren. Maar ja, als je laag begint, dan schiet dat niet heel erg op, en we zijn natuurlijk uiteindelijk ook gebonden aan wettelijke regels. Dus er is heel zorgvuldig door de portefeuille gegaan en zorgvuldig gekeken op een financiële manier: wat is handig om in eigen bezit te houden? Daar speelt natuurlijk ook de termijn van het huurcontract nog mee. Als die worden verkocht, ja, dan worden die één op één aan u voorgelegd, hè? Het is niet zo dat u nu carte blanche geeft om al die dingen te verkopen. Al die panden zullen dan volgens de gebruikelijke procedure bij u langskomen. Maar we hebben wel een aantal panden geselecteerd waarvan we zeggen: daar willen wij op korte termijn afscheid van nemen. De heer Van den Doel schetst denk ik al heel goed het dilemma wat je ook hebt om dat goed te beheren, wat voor capaciteit je daarvoor nodig hebt.
Die capaciteit ontbreekt ons op dit moment, dus als we die verkopen, dan denken wij dat we daarna gewoon wel op een goede manier verder kunnen. Ja, de ChristenUnie had nog een vraag over een fietspad. Ik weet over welk pand het gaat, dus die toezegging heeft u. Misschien een goed voorbeeld, we hebben net precies hetzelfde gedaan bij de Oerkap, een stukje van het kavel afgesneden voor een fietspad. Dus volgens mij kunt u erop vertrouwen dat we dat op een goede manier zullen doen, ook bij het pand waar u op doelt. De heer Aynan: Welk fietspad? De voorzitter: Alle vragen beantwoord? Dit punt voldoende …? Nee, mijnheer Van den Doel. De heer Van den Doel: U praatte er glad overheen, dat inderdaad als je de panden langer verhuurd, dat er ook kosten aan verbonden zijn. Maar er stond ergens dat er twee fte’s niet, of wel, of misschien afgestoten konden worden, afhankelijk van wat voor scenario je neemt. Ik vroeg mij af of die twee fte’s nu wel of niet bezuinigd kunnen worden bij scenario C. Wethouder Roduner: Oké. Als ik het goed heb, dan hebben wij in het verleden geïntensiveerd in capaciteit op Vastgoed, om het meer op orde te krijgen, om tot dit te komen. Maar dat was tijdelijk, dus dat is tijdelijk extra capaciteit. Dus de afdeling zal weer wat inkrimpen om uiteindelijk weer op het niveau uit te komen wat we met elkaar hebben afgesproken.
Uiteindelijk met de nieuwe bezetting denken we dat we de nieuwe portefeuille aankunnen, maar als we deze panden allemaal in bezit zouden houden, dan vraagt dat natuurlijk extra capaciteit en dan zouden we de huidige extra fte ook langer moeten doortrekken. Ik hoop dat ik u daarmee duidelijk antwoord heb gegeven. De voorzitter: Mijnheer Aynan. De heer Van den Doel: Dan hoor je politiek te vragen: dus het klopt dat die twee fte’s bezuinigd kunnen worden in scenario C? Wethouder Roduner: Nou, sterker nog, ze zijn al bezuinigd, want ze zijn al in de begroting verwerkt dat ze er niet zijn.
61
De voorzitter: Mevrouw Van Zetten. Of dat was uw vraag? Mevrouw Van Zetten: De wethouder maakt mij niet wijs dat het beheer van zo weinig panden, dat je daar een paar fte’s voor nodig hebt. Dan kan je ook in een middag iemand een Excel-sheet laten beheren om te kijken of de huur betaald wordt en of er een indexatie is geweest. De voorzitter: Ja. Mijnheer Roduner. Wethouder Roduner: Misschien dat als mevrouw Van Zetten niet meer in de politiek zit, dat we daar nog ook een goede inhuur voor kunnen krijgen dan. Dat lijkt me een mooie ‘…’ … Mevrouw Van Zetten: Na mijn pensioen, wethouder. Dan kom ik u helpen, ja. Wethouder Roduner: Dan kunt u het alsnog oplossen, dank u wel. De voorzitter: Met een aantal Excel-sheets. Hoe mag dit … Zijn er nog vragen? Mijnheer Aynan. De heer Aynan: Mijn vraag om niet kapers, maar kopers te faciliteren, dus op een sociale manier op de markt te brengen. Daar heb ik geen reactie op gehad. Wethouder Roduner: We verkopen het nu met de zittende huurder erin, dus dat is volgens mij ook heel goed richting de huidige huurders. Dat vind ik in ieder geval sociaal aan het voorstel, maar op zich zegt de wet dat de mensen ook gewoon huurbescherming hebben. Maar volgens mij, ik denk dat het goed is dat we het gewoon op de markt zetten, maximale koopprijs denk ik uiteindelijk ook goed voor de gemeente om weer andere maatschappelijke doelen te organiseren.
En kijk, u moet het denk ik ook uiteindelijk weer vergelijken met andere voorstellen die we doen, zoals net de Athenestraat waar we toch weer een heel mooi aantal nieuwe sociale huurwoningen hebben toegevoegd aan de voorraad. Dus het gemeentelijk vastgoed is niet alleen maar in dienst om het maximale financiële opbrengst te genereren, maar er wordt altijd goed gekeken ook naar andere maatschappelijke doelen en ik denk dat we er trots op kunnen zijn hoe we die realiseren. De voorzitter: Dank u wel. Hoe mag dit stuk … Mijnheer Aynan. De heer Aynan: Voorzitter, een crisis vraagt om onorthodoxe … De voorzitter: U bent ook door uw … De heer Aynan: Ja, maar u stelt de vraag. Ik zou hier heel graag een amendement of motie over willen indienen. De voorzitter: Een amendement of een motie. Ja, dan hebben we geen hamerstukken vanavond, dan wordt het een bespreekpunt. 12. 23.00 uur Sluiting De voorzitter: Oké, met deze constatering dat dit een bespreekpunt wordt, sluit ik dan de vergadering van vanavond. Dank u wel.
62