TOE bestemmingsplan Buitengebied Haaksbergen, correctieve herziening diverse recreatiewoningen (vastgesteld)(14-12-2022)
Tekst van het document
De ‘Natuurlijke laag’
Overijssel bestaat uit een rijk en gevarieerd spectrum aan natuurlijke landschappen. Deze vormen de basis voor het gehele grondgebied van Overijssel. Het beter afstemmen van ruimtelijke ontwikkelingen op de natuurlijke laag kan ervoor zorgen dat de natuurlijke kwaliteiten van de provincie weer mede beeldbepalend
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
29
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, correctieve herziening diverse recreatiewoningen” Vastgesteld worden. Ook in steden en dorpen bij voorbeeld in nieuwe waterrijke woonmilieus en nieuwe natuur in stad en dorp. Het plangebied is op de gebiedskenmerkenkaart van de "Natuurlijke laag" aangeduid met de gebiedstypen “Beekdalen en natte laagtes” en "Dekzandvlakte en ruggen". ‘Dekzandvlakte en ruggen’ De dekzandgronden beslaan een groot gedeelte van de oppervlakte van de provincie. Na de ijstijden bleef er in grote delen een reliëfrijk – door de wind gevormd – zandlandschap achter, dat gekenmerkt wordt door relatief grote verschillen tussen hoog/droog en laag/nat gebied. Als ontwikkelingen plaats vinden, dan dragen deze bij aan het beter zichtbaar en beleefbaar maken van de hoogteverschillen en het watersysteem. Beiden zijn tevens uitgangspunt bij (her)inrichting. Bij ontwikkelingen is de (strekkings)richting van het landschap, gevormd door de afwisseling van beekdalen en ruggen, het uitgangspunt. ‘Beekdalen en natte laagtes’ Het Overijsselse zandlandschap is van oorsprong kletsnat. In de laagtes van het zandgebied verzamelde zich het water. Hier ontwikkelden zich moerassen en broekbossen, waar het water in de loop van het seizoen geleidelijk uit weg sijpelde naar de lager gelegen delen, naar de beken en rivieren.
Als ontwikkelingen plaats vinden in of in de directe nabijheid van beekdalen en natte laagtes, dan dragen deze bij aan extra ruimte voor de dynamiek van het stromende water en het vasthouden van water, aan versterking van de samenhang in het beeksysteem en aan vergroting van de zichtbaarheid, bereikbaarheid en beleefbaarheid van het water. Dit zijn uitgangspunten bij (her)inrichting. 2.
De ‘Laag van het agrarische cultuurlandschap’
In het agrarisch cultuurlandschap gaat het er altijd om dat de mens inspeelt op de natuurlijke omstandigheden en die ten nutte maakt. Hierbij hebben nooit ideeën over schoonheid een rol gespeeld. Wel zijn we ze in de loop van de tijd gaan waarderen om hun ruimtelijke kwaliteiten. Vooral herkenbaarheid, contrast en afwisseling worden gewaardeerd. De ambitie is gericht op het voortbouwen aan de kenmerkende structuren van de agrarische cultuurlandschappen door óf versterking óf behoud óf ontwikkeling of een combinatie hiervan. De locatie is op de gebiedskenmerkenkaart van de ‘Laag van het agrarisch cultuurlandschap’ aangeduid met de gebiedstypen ‘Jong heide- en broekontginningslandschap’ en ‘Essenlandschap. ‘Jong heide- en broekontginningslandschap’ De grote oppervlakte aan – voormalige – natte en droge heidegronden was oorspronkelijk functioneel verbonden met het essen- en oude hoevenlandschap; hier werd geweid en werden de plaggen gestoken voor in de stal; in de stal bemeste plaggen dienden als structuurverbeteraar en bemesting voor de akkergronden op de essen. Na de uitvinding van kunstmest ging deze functie verloren en werden deze gronden grotendeels in cultuur gebracht. Aanvankelijk kleinschalig en min of meer individueel door keuterboertjes, later werd de ontginning planmatig en grootschalig aangepakt (tot in de jaren 60 van de 20e eeuw).
De grote natte broekgebieden ondergingen een vergelijkbare ontwikkeling, waardoor de natte en de droge jonge ontginningen nu gelijkenis vertonen. Ten opzichte van omliggend essen- en hoevenlandschap zijn de landbouwontginningen relatief grote open ruimtes, deels omzoomd door boscomplex. Erven liggen als blokken aan de weg geschakeld. Wegen zijn lanen met lange rechtstanden. Vaak zijn het ‘inbreidings’landschappen met en rommelige driehoekstructuren als resultaat. Als ontwikkelingen plaats vinden in de agrarische ontginningslandschappen, dan dragen deze bij aan behoud en versterking van de dragende lineaire structuren van lanen, bosstroken en waterlopen en ontginningslinten met erven en de kenmerkende ruimtematen.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
30
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, correctieve herziening diverse recreatiewoningen” Vastgesteld ‘Essenlandschap Het essenlandschap bestaat uit een samenhangend systeem van essen, flanken, lager gelegen maten en fliergronden, (voormalige) heidevelden en kenmerkende bebouwing rond de es (esdorpen en verspreide erven). Het landschap is geordend vanuit de erven en de essen, de eeuwenoude akkercomplexen die op de hogere dekzandkoppen en flanken van stuwwallen werden aangelegd. Eeuwenlange bemesting, met heideplaggen en stalmest, heeft geleidt tot een karakteristiek reliëf met soms hoge stijlranden. Onder en in de es heeft zich op deze wijze een waardevol archeologisch archief opgebouwd. De dorpen en erven lagen op de flanken van de es, op overgang naar het lager gelegen maten- en flierenlanden. Zo lagen ze droog en werden tegelijkertijd de werklijnen zo kort mogelijk gehouden. De zandpaden volgen steeds de lange ‘luie’ lijnen van het landschap, Zo ontstond vanuit de dorpen een organische spinragstructuur naar de omliggende gronden en de dorpen in de omgeving. Het landschapsbeeld is afwisselend en contrastrijk, volgend aan de organische patronen van het natuurlijke landschap. Typerend zijn de losse hoeven rond de es en de esdorpen met hun karakteristieke boerderijen en herkenbaar dorpssilhouet met vaak de kerktoren als markant element.
Als ontwikkelingen plaats vinden in het essenlandschap, dan krijgen deze in de flanken een plaats, met respect voor en bijdragend aan de aanwezige bebouwingsstructuren (lint, erf) en versterking van het landschappelijk raamwerk. Toetsing van het initiatief aan de ‘Natuurlijke laag en de ‘Laag van het agrarisch cultuurlandschap’ In voorliggend geval is er uitsluitend plaats van functiewijzigingen. Desondanks is in het rapport landschappelijke inventarisatie nadrukkelijk rekening gehouden met de in het plangebied voorkomende natuurlijke kenmerken. Met betrekking tot de inrichtingsplannen is daarom gebruik gemaakt van inheemse plantensoorten. Door de landschappelijke inpassing wordt een kwaliteitsimpuls aan de groene omgeving gegeven. Voor de wijze van landschappelijk inpassen wordt verwezen naar bijlage 1 bij deze toelichting. Geconcludeerd wordt dat het voornemen een impuls van de ruimtelijke kwaliteit met zich mee brengt en bijdraagt aan het sociaal vitaal houden van het landelijk gebied. Voorliggend initiatief is dan ook in overeenstemming met de gebiedskenmerken van de ‘Natuurlijke laag’ en de ‘Laag van het agrarisch cultuurlandschap’. 4.2.5
Conclusie toetsing aan het provinciaal beleid
Geconcludeerd wordt dat de in dit voorliggende bestemmingsplan besloten ruimtelijke ontwikkeling in overeenstemming is met het in de Omgevingsvisie Overijssel verwoorde en het in de Omgevingsverordening Overijssel verankerde provinciaal ruimtelijk beleid.
4.3
Gemeentelijk beleid
4.3.1
Structuurvisie 2030 Haaksbergen, Groenste Dorp van Twente
4.3.1.1 Algemeen De gemeenteraad van Haaksbergen heeft op 5 maart 2014 de ‘Structuurvisie 2030, Haaksbergen: groenste dorp van Twente’ gewijzigd vastgesteld. De structuurvisie is een toetsingskader voor ruimtelijke ontwikkelingen binnen de gemeente Haaksbergen voor de periode tot 2020 en geeft een doorkijk naar 2030. De visie geeft aan hoe de gemeente omgaat met de thema’s infrastructuur, platteland, economie, wonen en duurzaamheid. Er zijn voor de komende jaren negen ambities opgenomen: 1. 2. 3. 4.
Verbeteren van de relatie en verzachten van de overgangen tussen dorp en buitengebied. Een sfeervol groen centrum met de Markt als stralend middelpunt. Stimuleren van een gezonde plattelandseconomie en op peil houden van de ecologische en cultuurhistorische kwaliteiten van het buitengebied. Versterken van de cultuurhistorische kwaliteit van de dorpsstructuur.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
31
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, correctieve herziening diverse recreatiewoningen” Vastgesteld 5. 6. 7. 8. 9.
Benutten van de toeristische potentie van de samenhang tussen dorp en landschap. Versterken van de veelzijdigheid van de Haaksbergse economie. Verbreden van het aanbod aan woonmilieus. Op peil houden en concentreren van het voorzieningenniveau. Verduurzamen en beleefbaar maken van het watersysteem.
In voorliggend geval is met name de zevende ambitie van belang. Op deze ambitie zal in de volgende subparagraaf nader worden ingegaan. 4.3.1.2 Ambitie 7: Verbreden van het aanbod aan woonmilieus Ook in Haaksbergen is er sprake van ‘vergrijzing’ en ‘ontgroening’. Veel jongeren keren na hun studie niet meer terug naar Haaksbergen, terwijl het aandeel oudere bewoners naar verhouding toeneemt. Haaksbergen wil graag haar jongere inwoners behouden en/of haar voormalige inwoners laten terugkeren. Het is daarvoor een belangrijke opgave om het woningaanbod aantrekkelijk en gevarieerd te houden en daarnaast de voorzieningen en werkgelegenheid te bieden waarnaar de mensen op zoek zijn. In het buitengebied kunnen op beperkte schaal woningen worden toegevoegd. Dit kan alleen op basis van regelingen zoals Rood-voor-Rood. Locaties die vrijkomen doordat agrariërs stoppen met hun bedrijfsvoering krijgen prioriteit boven nieuwe locaties. 4.3.1.3 Toetsing van het initiatief aan de structuurvisie 2030 Haaksbergen In de structuurvisie wordt aangegeven dat Haaksbergen streeft naar een aantrekkelijk en gevarieerd woningaanbod, waarbij in het buitengebied slechts op beperkte schaal woningen kunnen worden toegevoegd. Bestaande locaties krijgen hierbij voorkeur ten opzichte van nieuwe locaties.
Met de in dit bestemmingsplan besloten ontwikkeling wordt het al langdurig bestaande feitelijke gebruik van enkele bestaande woonfuncties planologisch vastgelegd. In alle gevallen gaat het slechts om wijziging naar een reguliere woonfunctie. Van het daadwerkelijk toevoegen van nieuwe woningen is dan ook geen sprake. De ontwikkeling zorgt voor de planologische invulling van een bestaande variatie in woningaanbod in het buitengebied van de gemeente Haaksbergen. Geconcludeerd wordt dat de structuurvisie zich niet verzet tegen de voorgenomen ontwikkeling. 4.3.2
Beeldkwaliteitsplan Buitengebied Haaksbergen
4.3.2.1 Algemeen Het beeldkwaliteitsplan buitengebied Haaksbergen geeft uitvoering aan de ambitie van de gemeente om meer mogelijk te maken in het buitengebied en tegelijkertijd de ruimtelijke kwaliteit te waarborgen en waar mogelijk verbetering te stimuleren/eisen. De landbouw als traditionele beheerder van het landschap zit in zwaar weer en het land dreigt te verruigen en verrommelen. Dit terwijl verstedelijking, water en natuur staan te dringen om meer ruimte en kwaliteit. Doordat er zoveel tegelijkertijd verandert en doordat de functionele diversiteit alsmaar toeneemt, werkt een sectorbenadering niet meer om een goede inrichting te waarborgen. Er is een benadering nodig die verschillende sectoren integreert. De gemeente Haaksbergen wil het beeldkwaliteitsplan als aanvulling op het Bestemmingsplan Buitengebied inzetten als instrument om de ruimtelijke kwaliteit in et buitengebied te waarborgen en heeft in het plan de volgende doelstellingen opgenomen: 1. 2.
3.
het dient als instrument om sturing te geven aan nieuwe ontwikkelingen. Ruimtelijke kwaliteit is daarbij leidend. het dient als inspiratiebron en zorgt voor een breed draagvlak bij gebruikers, belanghebbenden, ambtenaren en bestuurders om de ten doel gestelde ruimtelijke kwaliteit te realiseren en te handhaven. Het maakt hen meer bewust van de streekeigen kwaliteiten van het landschap en architectuur, en geeft inspiratie hoe de (nieuwe of te wijzigen) bebouwing landschappelijk verankerd kan worden. het dient als gemeentelijk toetsingskader voor de beoordeling van welstandsaspecten van aanvragen omgevingsvergunning. BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
32
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, correctieve herziening diverse recreatiewoningen” Vastgesteld 4.3.2.2 Opbouw beeldkwaliteitsplan Wabo-aanvragen of functiewijzigingen dienen aan de criteria van twee categorieën te voldoen; 1. 2.
landschapscriteria, waar de situering van de gebouwen, het erf in het landschap, en de erfinrichting deel van uit maken. bebouwingscriteria, waar de hoofdvorm en maatvoering, gevelindeling, kleur- en materiaalgebruik en detaillering deel van uitmaken.
De landschapscriteria zijn toegesneden op de in de gemeente Haaksbergen aanwezige landschapstypen. Volgens de Integrale gebiedsuitwerking landelijk gebied Haaksbergen - vaststelling college 11 november 2008 bestaat het landschap uit vier typen. Deze onderverdeling biedt echter een nuancering die geen wezenlijk verschil maakt voor de landschapscriteria in het beeldkwaliteitsplan. Om die reden zijn de landschapstypen terug gebracht tot twee categorieën, te weten: • •
het veldontginningslandschap. het kampen- en essenlandschap.
De bebouwingscriteria zijn onderverdeeld in categorieën, die betrekking hebben op de functie van de betreffende Wabo-aanvraag of de functiewijziging. De verschijningsvorm houdt namelijk direct verband met de functie van de bebouwing. De volgende categorieën of combinaties van categorieën kunnen van toepassing zijn: • • • • • • • • •
agrarische (hulp)bedrijven: stallen, loodsen en silo’s. bedrijfs- en burgerwoningen. landgoederen bestaand en nieuw. hergebruik en nevenfuncties. recreatieve verblijfsfunctie. paardenhouderijen en -fokkerijen aan- en uitbouwen. bijgebouwen en kleine bouwwerken reclame-uitingen.
In figuur 4.2 wordt de opbouw van het beeldkwaliteitsplan schematisch weergegeven.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
33
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, correctieve herziening diverse recreatiewoningen” Vastgesteld
Figuur 4.2: Opzet Beeldkwaliteitsplan Buitengebied Haaksbergen (Bron: gemeente Haaksbergen)
4.3.2.3 Toetsing initiatief aan Beeldkwaliteitsplan Buitengebied Haaksbergen De Erfontwikkelaar heeft met betrekking tot voorliggend plan een landschappelijke inventarisatie gemaakt. Hierbij is rekening gehouden met de landschaps- en bebouwingscriteria zoals opgenomen in het ‘Beeldkwaliteitsplan Buitengebied Haaksbergen’. Per plandeel is daar waar nodig aangegeven welke maatregelen moeten worden genomen om de erven in het omliggende landschap in te passen. Door het opnemen van een voorwaardelijke verplichting in de planregels is deze inpassing, en de daarbij behorende versterking van de ruimtelijke kwaliteit gewaarborgd. Voor de genoemde inventarisatie wordt verwezen naar het bij deze toelichting behorende rapport landschappelijke inventarisatie in bijlage 1. 4.3.3
KGO-beleid “KGO-balansmodel”
4.3.3.1 Algemeen In de omgevingsvisie van de provincie Overijssel is de Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving (hierna: KGO) geïntroduceerd als nieuw kwaliteitsinstrument. Alhoewel in Haaksbergen in voorkomende gevallen al toepassing werd gegeven aan dit nieuwe kwaliteitsinstrument was er vanuit de gemeenteraad behoefte aan een beleidskader waarmee richting wordt gegeven aan de wijze van invulling van KGO zodat er een eenduidige beoordeling van aanvragen in het buitengebied ontstaat. In dit beleidsstuk gaat het om de initiatieven die niet binnen bestaande regelingen passen, maar die wel moeten worden afgewogen op basis van KGO. Ook wel het KGO-balansmodel genoemd. Dit beleid heeft als doel om ontwikkelingen in het buitengebied die niet passen binnen het bestemmingsplan maar die wel wenselijk geacht worden altijd te koppelen aan een kwaliteitsverbetering in de (nabije) omgeving van de ontwikkeling.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
34
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, correctieve herziening diverse recreatiewoningen” Vastgesteld 4.3.3.2 Voorwaarden De vitaliteit van het buitengebied kan worden vergroot door andersoortige ontwikkelingen (anders dan agrarisch) toe te staan met behulp van het KGO-balansmodel als blijkt dat dit een extra impuls geeft aan het buitengebied. Deze ontwikkelingen moeten voldoen aan een aantal randvoorwaarden: • • • •
naar aard en omvang passend op de locatie; passend binnen het provinciaal- en rijksbeleid (zoals zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik); passend bij de gebiedskenmerken; bijdragen aan het versterken van de ruimtelijke kwaliteit.
4.3.3.3 Toetsing initiatief aan KGO-beleid “KGO-balansmodel” Met voorliggend initiatief worden op negen locaties in het buitengebied van de gemeente Haaksbergen recreatiewoningen herbestemd tot reguliere woonbestemmingen. Daarnaast worden twee recreatiewoningen als zodanig planologisch vastgelegd. In deze acht gevallen was en zal er sprake blijven van wonen. Uitbreidingen van de woningen zijn in de planregels uitgesloten. Hiermee is voorliggend initiatief naar aard en omvang passend op de betreffende locaties. In de paragrafen 4.1 en 4.2 is aangetoond dat de ontwikkelingen passend zijn binnen het provinciaal- en rijksbeleid. Middels het opnemen van een voorwaardelijke verplichting in de planregels is gewaarborgd dat voorliggend plan bijdraagt aan de versterking van de ruimtelijke kwaliteit van het buitengebied. Hierbij is ook rekening gehouden met de aanwezige gebiedskenmerken. Hiervoor wordt verwezen naar de planregels en bijlage 1 bij deze toelichting. Hier wordt geconcludeerd dat het initiatief in lijn is met het gemeentelijke ‘KGO-beleid “KGO-balansmodel”. 4.3.4
Woonvisie ‘Keuzes voor de toekomst’
4.3.4.1 Algemeen De Woonvisie ‘Keuzes voor de toekomst’ is in 2011 door de gemeenteraad van Haaksbergen vastgesteld. Deze woonvisie geeft concrete plannen voor de periode tot 2015 met een doorkijk tot 2020. De woonvisie is opgebouwd aan de hand van een aantal thema’s, te weten keuzevrijheid, flexibiliteit en mix & match. Daarnaast is er een uitvoeringsprogramma opgenomen. 4.3.4.2 Uitvoeringsprogramma De visie op het gebied van wonen is doorvertaald naar een uitvoeringsprogramma, waarin 9 speerpunten zijn opgenomen, de speerpunten die van belang zijn voor dit plan zijn opgenomen: • • •
Senioren moeten kunnen blijven wonen in hun woning of woonomgeving; In Haaksbergen moet ruimte zijn voor een wooncarrière; Inbreiding voor uitbreiding.
4.3.4.3 Toetsing van het initiatief aan de Woonvisie ‘Keuzes voor de toekomst’ Met voorliggend initiatief worden onder meer op verscheidene locaties in het buitengebied van de gemeente Haaksbergen recreatiewoningen herbestemd tot reguliere woonbestemmingen. Deze woningen worden minimaal al vanaf 2003 permanent bewoond waardoor herbestemming gewenst is. Voor zover er sprake is van bewoning door senioren wordt door herbestemming bijgedragen aan het eerst genoemde speerpunt. Daarnaast kan er ten aanzien van voorliggend initiatief niet worden gesproken over uitbreidingslocaties. Er worden weliswaar planologisch gezien reguliere woningen toegevoegd echter gaat het slechts om herbestemming van bestaande woningen die al langdurig als reguliere woningen hebben gefunctioneerd. Van extra verstening van het buitengebied is dan ook geen sprake. Het initiatief is in overeenstemming met de Woonvisie ‘Keuzes voor de toekomst – Woonvisie van nu naar 2020’.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
35
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, correctieve herziening diverse recreatiewoningen” Vastgesteld 4.3.5
Conclusie toetsing aan het gemeentelijk beleid
Geconcludeerd wordt dat het initiatief in overeenstemming is met de uitgangspunten zoals verwoord in het hiervoor aangehaalde gemeentelijke beleid.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
36
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, correctieve herziening diverse recreatiewoningen” Vastgesteld
HOOFDSTUK 5
MILIEU- EN OMGEVINGSASPECTEN
Op grond van artikel 3.1.6 van het Besluit ruimtelijke ordening moet in de toelichting op het bestemmingsplan een beschrijving worden opgenomen van de wijze waarop de milieukwaliteitseisen bij het plan zijn betrokken. Daarbij moet rekening gehouden worden met de geldende wet- en regelgeving en met de vastgestelde (boven)gemeentelijke beleidskaders. Bovendien is een bestemmingsplan vaak een belangrijk middel voor afstemming tussen de milieuaspecten en ruimtelijke ordening. In dit hoofdstuk staan de resultaten van het onderzoek naar de milieukundige uitvoerbaarheid van voorliggend plan centraal. Het betreft de thema’s geluid, bodem, luchtkwaliteit, externe veiligheid, milieuzonering, geur, ecologie en archeologie & cultuurhistorie. Opgemerkt wordt dat voor de plandelen milieunotities zijn opgesteld waarin bovengenoemde thema’s per plandeel zijn onderzocht. Ten aanzien van deze plandelen wordt voor de milieutoetsing dan ook verwezen naar de volgende bijlagen behorend tot deze toelichting: • • • • • • • • • •
Bosweg 2a –Z: Broekheurnerweg 27a –Z: Broekheurnerweg 29 –Z: Meijersgaardenweg 23 –Z: Porikweg 13a –Z: Stendermolenweg 3 –Z: Eibergsestraat 260 –Z: Hambree 13 –Z: Bosweg 3a –Z Porikweg 13 –Z
Bijlage 3 Bijlage 5 Bijlage 7 Bijlage 9 Bijlage 11 Bijlage 13 Bijlage 15 Bijlage 17 Bijlage 18 Bijlage 19
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
37
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, correctieve herziening diverse recreatiewoningen” Vastgesteld
HOOFDSTUK 6
WATERASPECTEN
6.1
Vigerend beleid
6.1.1
Europees beleid
De Europese Kaderrichtlijn Water (2000/60/EG) is op 22 december 2000 in werking getreden en is bedoeld om in alle Europese wateren de waterkwaliteit chemisch en ecologisch verder te verbeteren. De Kaderrichtlijn Water omvat regelgeving ter bescherming van het binnenlandse oppervlaktewater, overgangswateren (waaronder estuaria worden verstaan), kustwateren en grondwater. Streefdatum voor het bereiken van gewenste waterkwaliteit is 2015. Eventueel kan er, mits goed onderbouwd, uitstel (derogatie) verleend worden tot uiteindelijk 2027. Voor het uitwerken van de doelstellingen worden er op (deel)stroomgebied plannen opgesteld. In deze (deel)stroomgebiedbeheersplannen staan de ambities en maatregelen beschreven voor de verschillende (deel)stroomgebieden. Met name de ecologische ambities worden op het niveau van de deelstroomgebieden bepaald. 6.1.2
Rijksbeleid
Het Rijksbeleid op het gebied van het waterbeheer is vastgelegd in het Nationaal Waterplan (NWP) 2016-2021 (vastgesteld 17 december 2015). Het plan geeft op hoofdlijnen de ambities weer van het Rijk ten aanzien van het nationale waterbeleid en het daaraan gerelateerde ruimtelijke beleid. De belangrijkste ambities richten zich op waterveiligheid, zoetwater en waterkwaliteit. Maar ook de Deltabeslissingen en enkele waterafhankelijke thema's als natuur en duurzame energie hebben in het plan een plek gekregen. De doorwerking van de beleidsambities/uitgangspunten naar lagere overheden is geregeld in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (2012), het Bestuursakkoord Water (2011) en de Waterwet (2009). 6.1.3
Provinciaal beleid
In de Omgevingsvisie Overijssel wordt ruim aandacht besteed aan de wateraspecten. De ambities zijn, naast de uitvoering van de Kaderrichtlijn Water, gericht op de verbetering van de kwaliteit van de kleinere wateren, de veiligheid, de grondwaterbescherming, bestrijding van wateroverlast, de kwantiteit en kwaliteit van grond- en oppervlakte water en waterbeleving zowel in de groene ruimte als stedelijk gebied. 6.1.4
Waterschap Rijn en IJssel en waterschap Vechtstromen
Door de invoering van de Kaderrichtlijn Water is Nederland verdeeld in vijf deelstroomgebieden. Het deelstroomgebied Rijn-Oost wordt beheerd door de waterschappen Rijn en IJssel, Vechtstromen, Vallei en Veluwe, Drents Overijsselse Delta, en Zuiderzeeland. Om te voldoen aan de eisen van de Kaderrichtlijn Water hebben deze waterschappen een Waterbeheerplan opgesteld. Het algemene besturen van de waterschappen Rijn en IJssel en Vechtstromen hebben in de vergadering van 7 oktober 2015 het 'Waterbeheerplan 2016-2021' vastgesteld. In het Waterbeheerplan is aangegeven hoe het waterschap zijn taken de komende jaren (2016 tot 2021) wil uitvoeren. In het plan zijn doelen en maatregelen gesteld voor de thema's waterveiligheid, voldoende water, schoon water en het zuiveren van afvalwater. Deze zijn gericht op het: • • •
voorkomen of beperken van overstromingen, wateroverlast en droogte; beschermen en verbeteren van de kwaliteit van het oppervlaktewater en grondwater en het zorgen voor een goed functionerend regionaal watersysteem; het effectief en efficiënt behandelen van afvalwater in de afvalwaterzuiveringsinstallaties.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
38
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, correctieve herziening diverse recreatiewoningen” Vastgesteld
6.2
Waterparagraaf
6.2.1
Algemeen
Zoals in voorgaande paragrafen uiteen is gezet, wordt in het moderne waterbeheer (waterbeheer 21 e eeuw) gestreefd naar duurzame, veerkrachtige watersystemen met minimale risico's op wateroverlast of watertekorten. Belangrijk instrument hierbij is de watertoets, die sinds 1 november 2003 in ruimtelijke plannen is verankerd. In de toelichting op ruimtelijke plannen dient een waterparagraaf te worden opgenomen. Hierin wordt verslag gedaan van de wijze waarop rekening is gehouden met de gevolgen van het plan voor de waterhuishoudkundige situatie (watertoets). Het doel van de watertoets is te garanderen dat waterhuishoudkundige doelstellingen expliciet en op een evenwichtige wijze in het plan worden afgewogen. Deze waterhuishoudkundige doelstellingen betreffen zowel de waterkwantiteit (veiligheid, wateroverlast, tegengaan verdroging) als de waterkwaliteit (riolering, omgang met hemelwater, lozingen op oppervlaktewater). 6.2.2
Watertoetsprocedure
6.2.2.1 Situatie plangebied In voorliggend geval heeft het plan betrekking op meerdere, veelal afzonderlijk gelegen, plandelen. Dit heeft als gevolg dat de plandelen vallen binnen het beheersgebied van zowel het waterschap Rijn en IJssel als ook van het waterschap Vechtstromen. Aangezien beide waterschappen een andere systematiek kennen voor de watertoetsprocedure wordt de watertoetsprocedure hieronder voor beide waterschappen behandeld in een aparte subparagraaf. 6.2.2.2 Watertoetsprocedure waterschap Rijn en IJssel Waterschap Rijn en IJssel heeft een handreiking ontworpen waarbij een initiatiefnemer zelf kan bepalen voor welke plannen en in welke mate het waterschap betrokken dient te worden bij het opstellen van een waterparagraaf. Voor meer complexe ontwikkelingen kan deze handreiking voor het waterschap en de initiatiefnemer als leidraad en geheugensteun gelden in het ontwerpproces. Gezamenlijk wordt er invulling gegeven aan de wateraspecten en kan water een positieve bijdrage leveren aan de leefomgeving. Als er overeenstemming is over de inhoud van de waterparagraaf kan de gemeente de tekst opnemen in de toelichting van het ruimtelijk plan. Waterschap Rijn en IJssel heeft hiertoe een watertoetstabel ontwikkeld waarmee met een aantal vragen in beeld te brengen is welke wateraspecten relevant zijn en met welke intensiteit het watertoetsproces doorlopen dient te worden.
De vragen zijn gericht op de locatie van de ruimtelijke ontwikkeling en welke veranderingen er mogelijk worden gemaakt.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
39
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, correctieve herziening diverse recreatiewoningen” Vastgesteld Watertoetstabel
Figuur 6.1: Watertoetstabel (Bron: waterschap Rijn en IJssel)
De intensiteit van het watertoetsproces is afhankelijk van de antwoorden op bovenstaande vragen. Als er op een categorie 2 vraag een ‘ja’ is geantwoord is een uitgebreide watertoets noodzakelijk. Is er op geen van de categorie 2 vragen een ‘ja’ geantwoord dan kan een verkorte watertoets doorlopen worden. Als er alleen met ‘nee’ is geantwoord dan is het RO-plan waterhuishoudkundig niet van belang en hoeft er geen wateradvies bij het waterschap gevraagd te worden. Toetsing Voor de plandelen Bosweg 2a-Z, Bosweg 3a-Z, Eibergsestraat 260, Meijersgaardenweg 23-Z, Porikweg 13-Z, Porikweg 13a-Z en Hambree 13-Z is de watertoetstabel doorlopen. Dit heeft ertoe geleidt dat in alle gevallen de ‘verkorte procedure’ van toepassing is aangezien de Buurserbeek (gelegen in de nabijheid van verscheidene locaties) in beheer is van het waterschap. Gezien het feit dat de voorgenomen ontwikkeling enkel functiewijzigingen betreft waarbij geen sprake is van een daadwerkelijk verandering van de betreffende gronden wordt hier geconcludeerd dat het plan geen negatieve effecten heeft op de waterschapsbelangen van het waterschap Rijn en IJssel. Desondanks is het waterschap om een reactie gevraagd.
Het waterschap reageert als volgt op de binnen dit plan besloten ontwikkelingen voor zover relevant en voor zover het betreft de plandelen welke binnen het beheersgebied van het waterschap Rijn en IJssel vallen: Zoals geconcludeerd in de waterparagraaf is hier enkel sprake van een functiewijziging en dus geen negatief effect op de waterbelangen. Een aantal woningen ligt nabij een watergang. Het gaat om de woningen en recreatiewoningen aan de Eibergsestraat 260 en Porikweg. Ik wil er op wijzen dat langs de watergang een kernzone van 4 m. breed onder bescherming valt van de Keur van Waterschap Rijn en IJssel. Voor werken binnen deze kernzone is een watervergunning nodig. De woningen Bosweg 2a-Z en Hambree 13-Z liggen in de beschermingszone van de Buurserbeek. De Buurserbeek heeft een bestemming water, daarmee is ook bescherming tegen bouwen vastgelegd in het bestemmingsplan, middels Artikel 10 van de Regels.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
40
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, correctieve herziening diverse recreatiewoningen” Vastgesteld Voor de volledige reactie van het waterschap wordt verwezen naar bijlage 20 bij deze toelichting. 6.2.2.3 Watertoetsprocedure waterschap Vechtstromen Het waterschap Vechtstromen is ten aanzien van de plandelen Broekheurnerweg 27a-Z, Broekheurnerweg 29Z en Stendermolenweg 3-Z geïnformeerd over het plan door gebruik te maken van de digitale watertoets. De beantwoording van de vragen heeft voor alle genoemde plandelen geleid tot de ‘paragraaf geen waterschapsbelang’. De betreffende paragrafen zijn opgenomen als bijlage 21 bij deze toelichting. In het waterschapsdocument ‘paragraaf geen waterschapsbelang’ wordt het volgende aangegeven: Het plan betreft alleen een functieverandering van bestaande bebouwing en heeft geen invloed op de waterhuishouding. Met de voorgenomen ontwikkeling zijn geen waterbelangen gemoeid. De ontwikkeling heeft geen nieuwe lozingen op oppervlaktewater tot gevolg. In het gebied is geen sprake van (grond)wateroverlast. Het waterschap Vechtstromen heeft dan ook geen bezwaren tegen de voorgenomen ontwikkeling. Deze conclusie is getrokken naar aanleiding van een digitale watertoets. Het proces van de watertoets is goed doorlopen.
Gezien het vorenstaande behoeft niet nader te worden ingegaan op de waterhuishoudkundige situatie in het plangebied aangezien hierin geen wijzigingen optreden. 6.2.2.4 Conclusie Geconcludeerd wordt dat enkel sprake is van functiewijzigingen en er dus geen sprake is van negatieve effecten op de waterbelangen.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
41
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, correctieve herziening diverse recreatiewoningen” Vastgesteld
HOOFDSTUK 7 7.1
JURIDISCHE ASPECTEN EN PLANVERANTWOORDING
Inleiding
In de voorgaande hoofdstukken is ingegaan op het plangebied, het relevante beleid en de milieu- en omgevingsaspecten. De informatie uit deze hoofdstukken is gebruikt om keuzes te maken bij het maken van het juridische deel van het bestemmingsplan: de verbeelding en de regels. In dit hoofdstuk wordt dieper ingegaan op de opzet van dit juridische deel. Daarnaast wordt een verantwoording gegeven van de gemaakte keuzes op de verbeelding en in de regels. Dat betekent dat er wordt aangegeven waarom een bepaalde functie ergens is toegestaan en waarom bepaalde bebouwing daar acceptabel is.
7.2
Opzet van de regels
7.2.1
Algemeen
In de Wet ruimtelijke ordening (Wro) die op 1 juli 2008 in werking is getreden, is de verplichting opgenomen om ruimtelijke plannen en besluiten digitaal vast te stellen. De digitaliseringsverplichting geldt vanaf 1 januari 2010. In de ministeriële Regeling standaarden ruimtelijke ordening is vastgelegd dat de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP) de norm is voor de vergelijkbaarheid van bestemmingsplannen. Naast de SVBP zijn ook het Informatiemodel Ruimtelijke Ordening en de Standaard Toegankelijkheid Ruimtelijke Instrumenten normerend bij het vastleggen en beschikbaar stellen van bestemmingsplannen. De SVBP geeft normen voor de opbouw van de planregels en voor de digitale verbeelding van het bestemmingsplan. Dit bestemmingsplan is opgesteld conform de normen van de SVBP2012. Het juridisch bindend gedeelte van het bestemmingsplan bestaat uit planregels en bijbehorende verbeelding waarop de bestemmingen zijn aangegeven. Deze verbeelding kan zowel digitaal als analoog worden verbeeld. De verbeelding en de planregels dienen in samenhang te worden bekeken. De regels zijn onderverdeeld in vier hoofdstukken: 1. 2. 3. 4. 7.2.2
Inleidende regels; Bestemmingsregels; Algemene regels; Overgangs- en slotregels. Inleidende regels
Hoofdstuk 1 bevat de inleidende regels. Deze regels gelden voor het gehele plangebied en bevatten: •
Begrippen (Artikel 1) In dit artikel zijn definities van de in de regels gebruikte begrippen opgenomen. Hiermee is een eenduidige interpretatie van deze begrippen vastgelegd.
•
Wijze van meten (Artikel 2) Dit artikel geeft op een eenduidige manier aan op welke wijze afstanden, dakhellingen en oppervlakten moeten worden gemeten en hoe voorkomende eisen betreffende de maatvoering begrepen moeten worden.
7.2.3
Bestemmingsregels
Hoofdstuk 2 van de regels bevat de juridische vertaling van de in het plangebied voorkomende bestemmingen. De regels zijn onderverdeeld in o.a.: •
Bestemmingsomschrijving: omschrijving van de activiteiten die zijn toegestaan;
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
42
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, correctieve herziening diverse recreatiewoningen” Vastgesteld •
Bouwregels: eisen waaraan de bebouwing moet voldoen (bouwhoogte, inhoudsmaat, etc.);
•
Nadere eisen: burgemeester en wethouders kunnen nader eisen stellen aan plaats en afmetingen van de bebouwing;
•
Specifieke gebruiksregels: welk gebruik van gronden en opstallen in ieder geval strijdig zijn;
•
Afwijken van de bouw- en gebruiksregels: onder welke voorwaarde mag afgeweken worden van de aangegeven bouwregels en bestemming;
•
Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden; wanneer wel of niet een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden;
•
Wijzigingsbevoegdheid: onder welke voorwaarde burgemeester en wethouders het plan mogen wijzigen;
In paragraaf 7.3 worden de bestemmingen nader toegelicht. 7.2.4
Algemene regels
Hoofdstuk 3 bevat de algemene regels. Deze regels gelden voor het gehele plangebied. Dit hoofdstuk is opgebouwd uit: •
•
•
•
•
•
7.2.5
Anti-dubbeltelregel (Artikel 9) Deze regel is opgenomen om een ongewenste verdichting van de bebouwing te voorkomen. Deze verdichting kan zich met name voordoen, indien een perceel of een gedeelte daarvan, meer dan één keer betrokken wordt bij de berekening van een maximaal bebouwingspercentage. Algemene bouwregels (Artikel 10) In dit artikel zijn regels opgenomen ten aanzien van het bouwen op gronden aangrenzend aan gronden met een bestemming ‘Water’. Algemene gebruiksregels (Artikel 11) In dit artikel worden de algemene gebruiksregels beschreven. Deze gaat uit van de gedachte dat het gebruik uitsluitend mag plaatsvinden in overeenstemming met de bestemming. Dit brengt met zich mee dat de bestemmingsomschrijving van de te onderscheiden bestemming helder en duidelijk moet zijn. Algemene afwijkingsregels (Artikel 12) In dit artikel worden de algemene afwijkingsregels beschreven. Deze regels maken het mogelijk om op ondergeschikte punten van de regels in het bestemmingsplan af te wijken. Algemene wijzigingsregels (Artikel 13) In dit artikel worden de algemene wijzigingsregels beschreven. Deze regels geven burgemeester en wethouders de bevoegdheid om het plan op de in de regels genoemde punten te wijzigen.
Overige regels (Artikel 14) In dit artikel wordt aangegeven dat de wettelijke regelingen waar in de regels wordt naar verwezen, gelden zoals deze luiden op het moment vaststelling van dit plan. Overgangs- en slotregels
In hoofdstuk 4 van de regels staan de overgangs- en slotregels. In de overgangsregels is aangegeven wat de juridische consequenties zijn van bestaande situaties die in strijd zijn met dit bestemmingsplan. In de slotregel wordt aangegeven hoe het bestemmingsplan wordt genoemd.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
43
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, correctieve herziening diverse recreatiewoningen” Vastgesteld
7.3
Verantwoording van de regels
Kenmerk van de Nederlandse ruimtelijke ordeningsregelgeving is dat er uitgegaan wordt van toelatingsplanologie. Een bestemmingsplan geeft aan welke functies waar zijn toegestaan en welke bebouwing mag worden opgericht. Bij het opstellen van dit bestemmingsplan zijn keuzes gemaakt over welke functies waar worden mogelijk gemaakt en is gekeken welke bebouwing stedenbouwkundig toegestaan kan worden. Het is noodzakelijk dat het bestemmingsplan een compleet inzicht biedt in de bouw- en gebruiksmogelijkheden binnen het betreffende plangebied. Het bestemmingsplan is het juridische toetsingskader dat bindend is voor de burger en overheid en geeft aan wat de gewenste planologische situatie voor het plangebied is. In deze paragraaf worden de gemaakte keuzes nader onderbouwd. Opgemerkt wordt dat de gebiedsaanduidingen ‘reconstructiewetzone – verwevingsgebied’ en ‘reconstructiewetzone – extensiveringsgebied’ niet zijn overgenomen vanuit de geldende bestemmingsplannen aangezien deze niet relevant zijn voor de bij dit plan betrokken plandelen. Bos (Artikel 3) De gronden binnen deze bestemming zijn hoofdzakelijk bestemd voor bos. Op de voor 'Bos' aangewezen gronden mogen in beginsel uitsluitend bouwwerken, geen gebouw zijnde ten dienste van de bestemming worden gebouwd.
Recreatie - Recreatiewoning (Artikel 4) De gronden binnen deze bestemming zijn hoofdzakelijk bestemd voor uitsluitend recreatief verblijf in recreatiewoningen. Recreatiewoningen mogen uitsluitend binnen een bouwvlak worden gebouwd en de inhoud mag, inclusief bijgebouw/berging, veranda en kelder, niet meer bedragen van 250 m³. Deze bestemming heeft betrekking op het perceel Porikweg 13 –Z. Wonen (Artikel 5) De gronden binnen deze bestemming zijn hoofdzakelijk bestemd voor wonen, al dan niet in combinatie met ruimte voor een aan huis verbonden beroep. Per plandeel is de maximale inhoud van de woning en het maximale oppervlakte aan bijgebouwen in de bouwregels vastgelegd. In de specifieke gebruiksregels van deze bestemming is de zogenaamde voorwaardelijke verplichting opgenomen. De voorwaardelijke verplichting voorziet in een borging van de aanleg en instandhouding van de landschapsmaatregelen zoals opgenomen in de erfinrichtingsplannen (Bijlagen 1 t/m 9 van de regels). Archeologische dubbelbestemmingen (Artikel 6, 7 en 8) De voor 'Waarde - Hoge archeologische verwachting', 'Waarde - Lage archeologische verwachting' en 'Waarde - Middelmatige archeologische verwachting' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor de bescherming van de aan de grond eigen zijnde archeologische waarden.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
44
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, correctieve herziening diverse recreatiewoningen” Vastgesteld
HOOFDSTUK 8
ECONOMISCHE UITVOERBAARHEID
Artikel 6.12 van de Wet ruimtelijke ordening stelt dat de gemeenteraad gelijktijdig met de vaststelling van het bestemmingsplan moet besluiten om al dan niet een exploitatieplan vast te stellen. Hoofdregel is dat een exploitatieplan moet worden vastgesteld bij elk bestemmingsplan. Er zijn echter uitzonderingen. Het is mogelijk dat de raad verklaart dat met betrekking tot een bestemmingsplan geen exploitatieplan wordt vastgesteld indien het verhaal van kosten van de grondexploitatie anderszins is verzekerd of het stellen van nadere eisen en regels niet noodzakelijk is. In het voorliggende geval is de gemeente Haaksbergen zelf initiatiefnemer van de bestemmingsplanherziening. De gemeente heeft anterieure overeenkomsten gesloten met de eigenaren van de recreatiewoningen. Dit brengt met zich mee dat vaststelling van een exploitatieplan achterwege kan blijven.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
45
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, correctieve herziening diverse recreatiewoningen” Vastgesteld
HOOFDSTUK 9 9.1
Vooroverleg
9.1.1
Het Rijk
VOOROVERLEG, INSPRAAK & ZIENSWIJZEN
In het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) zijn de nationale belangen die juridische borging vereisen opgenomen. Het Barro is gericht op doorwerking van nationale belangen in gemeentelijke bestemmingsplannen. Geoordeeld wordt dat dit bestemmingsplan geen nationale belangen schaadt. Daarom is afgezien van het voeren van vooroverleg met het Rijk. 9.1.2
Provincie Overijssel
Voorliggend plan zal in het kader van vooroverleg worden voorgelegd aan de provincie. 9.1.3
Waterschap Rijn en IJssel en waterschap Vechtstromen
De waterschappen Rijn en IJssel, en Vechtstromen zijn middels respectievelijk het doorlopen van de watertoetstabel en de digitale watertoets op de hoogte gesteld van voorliggend plan. Voor de uitkomsten van dit vooroverleg wordt verwezen naar paragraaf 6.2.2 van deze toelichting. Hier wordt geconcludeerd dat beide waterschappen een positief wateradvies hebben afgegeven.
9.2
Inspraak
Conform de gemeentelijke inspraakverordening kan het bestuursorgaan zelf besluiten of inspraak wordt verleend bij de voorbereiding van gemeentelijk beleid. In het voorliggende geval wordt gezien de geringe planologische wijziging geen voorontwerpbestemmingsplan ter inzage gelegd.
9.3
Zienswijzen
Het ontwerp bestemmingsplan heeft van 11 februari 2022 tot en met 24 maart 2022 voor een periode van zes weken ter inzage gelegen voor het indienen van zienswijzen. Er zijn gedurende de inzagetermijn drie zienswijzen ingediend. Deze zienswijzen hebben niet geleid tot aanpassingen van het bestemmingsplan. Dit bestemmingsplan is dan ook ongewijzigd vastgesteld. Voor de beantwoording van de zienswijzen wordt verwezen naar de nota van zienswijzen die als bijlage 23 bij deze plantoelichting is gevoegd.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
46
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, correctieve herziening diverse recreatiewoningen” Vastgesteld
BIJLAGEN BIJ DE TOELICHTING Bijlage 1
Rapport landschappelijke inventarisatie
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
47
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, correctieve herziening diverse recreatiewoningen” Vastgesteld
Bijlage 2
Rapportage Bouwbesluit 2012 Bosweg 2a – Z
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
48
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, correctieve herziening diverse recreatiewoningen” Vastgesteld
Bijlage 3
Milieutoets Bosweg 2a –Z
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
49
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, correctieve herziening diverse recreatiewoningen” Vastgesteld
Bijlage 4
Rapportage Bouwbesluit 2012 Broekheurnerweg 27a – Z
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
50
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, correctieve herziening diverse recreatiewoningen” Vastgesteld
Bijlage 5
Milieutoets Broekheurnerweg 27a – Z
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
51
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, correctieve herziening diverse recreatiewoningen” Vastgesteld
Bijlage 6
Rapportage Bouwbesluit 2012 Broekheurnerweg 29 – Z
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
52
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, correctieve herziening diverse recreatiewoningen” Vastgesteld
Bijlage 7
Milieutoets Broekheurnerweg 29 – Z
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
53
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, correctieve herziening diverse recreatiewoningen” Vastgesteld
Bijlage 8
Rapportage Bouwbesluit 2012 Meijersgaardenweg 23 – Z
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
54
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, correctieve herziening diverse recreatiewoningen” Vastgesteld
Bijlage 9
Milieutoets Meijersgaardenweg 23 – Z
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
55
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, correctieve herziening diverse recreatiewoningen” Vastgesteld
Bijlage 10
Rapportage Bouwbesluit 2012 Porikweg 13a – Z
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
56
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, correctieve herziening diverse recreatiewoningen” Vastgesteld
Bijlage 11
Milieutoets Porikweg 13a – Z
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
57
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, correctieve herziening diverse recreatiewoningen” Vastgesteld
Bijlage 12
Rapportage Bouwbesluit 2012 Stendermolenweg 3 – Z
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
58
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, correctieve herziening diverse recreatiewoningen” Vastgesteld
Bijlage 13
Milieutoets Stendermolenweg 3 – Z
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
59
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, correctieve herziening diverse recreatiewoningen” Vastgesteld
Bijlage 14
Rapportage Bouwbesluit 2012 Eibergsestraat 260 – Z
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
60
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, correctieve herziening diverse recreatiewoningen” Vastgesteld
Bijlage 15
Milieutoets Eibergsestraat 260 – Z
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
61
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, correctieve herziening diverse recreatiewoningen” Vastgesteld
Bijlage 16
Rapportage Bouwbesluit 2012 Hambree 13 – Z
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
62
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, correctieve herziening diverse recreatiewoningen” Vastgesteld
Bijlage 17
Milieutoets Hambree 13 - Z
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
63
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, correctieve herziening diverse recreatiewoningen” Vastgesteld
Bijlage 18
Rapportage Bouwbesluit 2012 Bosweg 3a –Z
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
64
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, correctieve herziening diverse recreatiewoningen” Vastgesteld
Bijlage 19
Milieutoets Bosweg 3a –Z
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
65
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, correctieve herziening diverse recreatiewoningen” Vastgesteld
Bijlage 20
Milieutoets Porikweg 13 –Z
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
66
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, correctieve herziening diverse recreatiewoningen” Vastgesteld
Bijlage 21
Reactie waterschap Rijn en IJssel
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
67
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, correctieve herziening diverse recreatiewoningen” Vastgesteld
Bijlage 22
Watertoetsresultaat waterschap Vechtstromen
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
68
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, correctieve herziening diverse recreatiewoningen” Vastgesteld
Bijlage 23
Nota van zienswijzen
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
69