Principeverzoek Haaksbergen Landgoed Waarrecht (Geanonimiseerd)
Tekst van het document
aansluiten bij bestaande landschapstypen. Wanneer grond wordt gebruikt voor een nieuw op te richten landgoed , wordt deze onttrokken aan de landbouw. Vanwege de eis om minimaal 30% als natuur in te richten , betekent dit dat 70% van het landgoed landbouwkundig in gebruik zou kunnen blijven. 4. 1. 3
Bestemming nieuwe landgoederen
Om de samenhang te waarborgen , dienen percelen die onderdeel uitmaken van het landgoed een dubbelbestemming ‘Waarde – Landgoed’ te krijgen. Een landgoed kan zowel met als zonder landhuis worden opgericht. Wanneer een landhuis onderdeel uitmaakt van het landgoed , dan is een bestemming ‘Wonen’ met
de specifieke aanduiding ‘Landhuis’ en dubbelbestemming ‘ Waarde – Landgoed’ de passende bestemming. Ook in deze procedure zal de aanvrager een landschapsplan aan moeten leveren opgesteld door een landschapsdeskundige waaruit het behoud en versterking van de landschappelijke gebiedskenmerken worden aangetoond. Het plan mag de functies en waarden van de omliggende gronden en de belangen van de gebruikers daarvan niet onevenredig schaden. ,
4. 1. 4
Voorwaarden nieuwe landgoederen
Naast zelfbewoning van het landgoed kunnen nieuwe landgoederen ook interessant zijn voor het huisvesten van bepaalde doelgroepen of het faciliteren van bepaalde doelgroepen. Te denken valt aan ouderen , gehandicapten , jongeren of vakantiegangers. Zo levert een nieuw landgoed niet alleen een bijdrage aan de
ruimtelijke kwaliteit maar wordt ook de sociale kwaliteit verhoogd. Onder de regeling worden ook landgoederen met een zorgcomponent of een vorm van verblijfsrecreatie toegestaan. Om deze functies in het landhuis te kunnen realiseren zal het landhuis uit meerdere wooneenheden moeten bestaan. Of een landgoed geschikt is voor een zorg- of verblijfsfunctie hangt onder meer af van de ontsluiting aanwezigheid van recreatiegebieden en afstand naar de woonkern. Per geval zal de gemeente daarom bekijken of dit een optie ,
is. BJZ. nu
Ruimtelijke plannen en advies 30
Landgoed Waarrecht - Haaksbergen Principeverzoek 4. 1. 5
Toetsing van het initiatief aan de Regionale spelregels voor ruimtelijke ontwikkelingen in het buitengebied van Zuidwest-Twente Het voornemen betreft de realisatie van een landhuis als onderdeel van de verdere ontwikkeling van een bestaand landgoed. Het landhuis vervult een belangrijke rol als financiële drager voor het beheer en de instandhouding van het landgoed en maakt het mogelijk om de natuur- , landschaps- en hydrologische maatregelen die binnen het gebied worden uitgevoerd , duurzaam te bekostigen. In het provinciale beleid voor landgoederen is vastgelegd dat een landhuis kan worden toegestaan wanneer het aantoonbaar bijdraagt aan de ruimtelijke kwaliteit en integraal onderdeel vormt van een toekomstbestendig landgoed. Het huidige initiatief voldoet aan die uitgangspunten. Het landgoed heeft een totale omvang van circa 82 hectare en voldoet daarmee ruim aan de kwantitatieve voorwaarden die gelden voor de realisatie van een landhuis. Zowel de minimale oppervlakte-eis als de vereiste verhouding tussen bos- en natuurpercelen en de openstelling voor publiek zijn aanwezig. Daarmee is de planologische basis om een landhuis toe te staan aanwezig. In de wijziging van het omgevingsplan kan de
noodzakelijk dubbelbestemming voor het landgoed worden opgenomen zodat de borging van de landgoedstructuur en de onderlinge samenhang van de functies juridisch wordt gegarandeerd. De precieze vormgeving situering en landschappelijke inpassing van het landhuis worden in een vervolgfase nader uitgewerkt in overleg met de betrokken partijen. ,
,
,
De ontwikkeling sluit inhoudelijk aan bij de kwalitatieve uitgangspunten van de regionale spelregels voor Zuidwest-Twente. Het ontwerp van het landhuis wordt afgestemd op de karakteristiek van het Twentse landschap. Daarbij wordt aangesloten bij bestaande maatvoering , verkavelingsstructuren en landschappelijke patronen die kenmerkend zijn voor de regio. De ontwikkeling introduceert geen nieuw of afwijkend landschapstype , maar versterkt juist de bestaande landgoedtypologie en sluit aan op de ecologische en ruimtelijke structuur die in het gebied aanwezig is. Hiermee wordt de landschappelijke identiteit van de omgeving behouden en op onderdelen zelfs versterkt. Bij de keuze voor de locatie van het landhuis is nadrukkelijk rekening gehouden met agrarische functies in de omgeving. De positionering is zodanig gekozen dat het landhuis geen beperkingen oplevert voor omliggende landbouwgronden. Ook de natuur- en watermaatregelen die op het landgoed worden uitgevoerd , zijn afgestemd op de omgeving. De hydrologische ingrepen zijn ontworpen om de natuurwaarden op het landgoed te versterken zonder negatieve gevolgen te veroorzaken voor de waterhuishouding van aangrenzende percelen. De stabiliteit van het grondwaterpeil op landbouwgronden buiten de projectlocatie blijft daarmee
gewaarborgd. In de verdere uitwerking van het initiatief wordt een landschapsplan opgesteld door een landschapsdeskundige. In dit plan worden de ruimtelijke inpassing van het landhuis , de relatie met bestaande landschapselementen , de zichtlijnen en de gewenste versterking van gebiedskenmerken nader onderbouwd. Daarmee wordt aangetoond dat het landhuis zorgvuldig wordt ingepast en dat het initiatief bijdraagt aan zowel behoud als versterking van de landschappelijke en ecologische kwaliteiten die typerend zijn voor
Zuidwest-Twente. Op basis van de omvang van het landgoed , de versterking van natuur- en landschapswaarden , de zorgvuldige afweging ten aanzien van de omgeving en de planologische borging kan worden geconcludeerd dat de realisatie van het landhuis volledig in lijn is met de regionale spelregels voor ruimtelijke ontwikkelingen in het buitengebied van Zuidwest-Twente. De ontwikkeling vormt een logische en verantwoord ingepaste stap in de
toekomstbestendige ontwikkeling van het landgoed en levert een aantoonbare bijdrage aan de kwaliteit en identiteit van het landschap. 4. 2
KGO-beleid ‘KGO
4. 2. 1
Algemeen
–
Balansmodel’
De gemeente Haaksbergen hanteert het KGO-beleid “KGO-balansmodel” (vastgesteld mei 2016 , in werking sinds 14 oktober 2016). Dit beleid is een gemeentelijke uitwerking van de provinciale Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving (KGO) en vormt het toetsingskader voor ruimtelijke ontwikkelingen in het buitengebied die niet BJZ. nu
Ruimtelijke plannen en advies 31
Landgoed Waarrecht - Haaksbergen Principeverzoek vanzelfsprekend passen binnen het omgevingsplan of binnen bestaande stimuleringsregelingen zoals Regionale spelregels voor ruimtelijke ontwikkelingen in het buitengebied van Zuidwest-Twente. Het doel van het KGO-beleid is te borgen dat elke ontwikkeling in het buitengebied bijdraagt aan de ruimtelijke kwaliteit , aansluit bij de gebiedskenmerken en de ambities van de Structuurvisie Haaksbergen 2030. Het KGObalansmodel werkt hiervoor met: ●
een basispakket:
●
een aanvullende
landschappelijke inpassing op erfniveau ;
kwaliteitsinvestering: maatregelen in de omgeving als tegenprestatie bij nieuwe ontwikkelingsruimte. ,
Binnen dit kader moet aangetoond worden dat ontwikkeling en kwaliteitsinvestering in balans zijn. 4. 2. 2
Gemeentelijk KGO-beleid
De basis voor het gemeentelijk beleid ligt in de omgevingsvisie van de provincie Overijssel. Wij hanteren de uitgangspunten die de provincie heeft opgesteld. Bestaande gemeentelijke regelingen Regionale spelregels voor ruimtelijke ontwikkelingen in het buitengebied van Zuidwest-Twente blijven in stand. Dit zijn uitgewerkte kaders die onder paraplu van KGO vallen. Het beleid is erop gericht nieuwe economische dragers in het landelijk gebied te realiseren. Toetsing aan het omgevingsplan Om initiatieven in goede banen te leiden maken we een onderscheid. Ten eerste zijn er initiatieven die bij recht passen binnen het omgevingsplan. Deze initiatieven worden getoetst aan het omgevingsplan en elke ontwikkeling passend binnen het omgevingsplan is toegestaan.
KGO-beleid richt zich op ontwikkelingen die maatwerk vragen en binnen het huidige omgevingsplan en reeds bestaande beleidskaders niet kunnen worden opgelost. Door vaststelling van KGO-beleid wordt ruimte geboden aan diverse ontwikkelingen die de vitaliteit van het buitengebied versterken. Dit kan enerzijds worden bereikt door investeringen naar aanleiding van de aanvullende inspanning te doen in onderdelen waardoor de beleefbaarheid van het buitengebied wordt vergroot. Een voorbeeld hiervan is dat wordt geïnvesteerd in wandel- en fietspaden of in onderhoud aan bos en natuur. Maar het kan ook zijn dat landschapsontsierende bebouwing in het buitengebied wordt gesloopt. Anderzijds kan de vitaliteit worden vergroot door andersoortige ontwikkelingen (anders dan agrarisch) wel toe te staan met behulp van het KGObalansmodel als blijkt dat dit een extra economische impuls geeft aan het buitengebied. Deze ontwikkelingen moeten voldoen aan een aantal randvoorwaarden: ,
●
naar aard en omvang passend op de locatie
●
passend binnen het provinciaal- en rijksbeleid (zoals zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik)
●
passend bij de gebiedskenmerken
●
bijdragen aan het versterken van de ruimtelijke kwaliteit.
Het beleidskader geeft handvaten op welke aspecten wordt getoetst. 4. 2. 3
Toetsing van het initiatief aan het KGO-beleid ‘KGO – balansmodel’
De voorliggende ontwikkeling betreft de versterking en doorontwikkeling van een bestaand landgoed van circa 82 hectare , waarin zowel natuur- en landschapsmaatregelen als enkele nieuwe functies worden gerealiseerd. De kern van het initiatief bestaat uit het realiseren van een nieuw landhuis met ruimte voor bewoning , mantelzorg , ondergeschikte bedrijvigheid en verblijfsrecreatie , het bouwen van beheergebouwen ten behoeve van het duurzame beheer van het landgoed , het legaliseren van vier B&B-bedden in de dienstwoning en het verplaatsen van een recreatiewoning naar een locatie buiten de invloedsfeer van het windpark. Op basis van de geldende planologische- en beleidskaders is reeds vastgelegd dat het landhuis en de beheergebouwen kunnen worden toegestaan. De recreatieve toevoegingen vallen echter niet binnen een bestaand beleidskader of binnenplanse omgevingsplanactiviteit en worden daarom getoetst aan het gemeentelijke KGO-
balansmodel. BJZ. nu
Ruimtelijke plannen en advies 32
Landgoed Waarrecht - Haaksbergen Principeverzoek De Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving vormt het provinciale en gemeentelijke kader waarin ontwikkelingen in
het buitengebied uitsluitend kunnen plaatsvinden wanneer deze aantoonbaar bijdragen aan de versterking van de ruimtelijke kwaliteit. Het KGO-balansmodel van de gemeente Haaksbergen maakt daarbij onderscheid tussen de omvang en aard van de ontwikkeling enerzijds en de vereiste kwaliteitsinvestering anderzijds. Hoe meer een ontwikkeling als gebiedsvreemd wordt beschouwd of hoe groter de ruimtelijke impact is hoe steviger de tegenprestatie moet zijn om tot een evenwichtige balans te komen. Binnen dit systematisch kader worden nieuwe functies slechts mogelijk geacht wanneer deze zich verhouden tot de kwaliteit die op het landgoed wordt toegevoegd. ,
In het voorliggende initiatief is sprake van een duidelijke maatschappelijke en sociaaleconomische grondslag. Het landgoed maakt deel uit van een ecologisch hoogwaardig gebied in de directe nabijheid van Natura 2000gebieden zoals het Buurserzand en het Witte Veen. De maatregelen die binnen het landgoed worden uitgevoerd , zijn ontwikkeld in samenwerking met de provincie , het waterschap en omliggende grondeigenaren en zijn direct gericht op het verbeteren van de natuurlijke en hydrologische condities. Door landbouwgronden te extensiveren en nieuwe natuur te ontwikkelen , door hydrologisch herstel mogelijk te maken en door het realiseren van een robuuste verbinding binnen het Natuurnetwerk Nederland wordt niet alleen de ecologische kwaliteit versterkt , maar wordt tevens bijgedragen aan regionale klimaatdoelen zoals waterretentie en tegengaan van verdroging. Deze ingrepen vertegenwoordigen een grote maatschappelijke waarde en vormen een
substantieel bestanddeel van de gevraagde kwaliteitsinvestering.
De uitvoering van deze grootschalige maatregelen vereist echter ook een duurzame financiële basis. Het landhuis , in combinatie met de mogelijkheden voor mantelzorg en beperkte verblijfsrecreatie , vormt een noodzakelijke economische drager voor het beheer van de 82 hectare natuur. Daarnaast is het voor het beheer van het landgoed noodzakelijk dat er gebouwen beschikbaar zijn voor opslag van materialen , gereedschappen en productiehout , alsmede geschikte werkruimten voor het dagelijks onderhoud. De binnenplanse omgevingsplanactiviteit voorzien reeds in de realisatie van deze beheergebouwen , aangezien voor dergelijke gebouwen beleidsruimte bestaat bij een minimale omvang van 35 hectare natuur- of bosgebied. Daarmee is de noodzaak voor deze voorzieningen planologisch goed onderbouwd en beleidsmatig
geborgd. In ecologisch en landschappelijk opzicht is geen sprake van verlies van waarden. Integendeel: het initiatief leidt tot een substantiële en aantoonbare versterking van natuur , landschap en waterhuishouding. Door de omvorming van landbouwgrond naar open en opgaande natuur en door het verbeteren van de
waterhuishouding wordt een robuust samenhangend landschap ontwikkeld dat aansluit bij de gebiedsidentiteit van de gemeente Haaksbergen. De maatregelen dragen direct bij aan de provinciale ambities voor natuur en water en bevorderen de ontwikkeling van een sterke ecologische verbinding tussen het Buurserzand en het Witte Veen. Ook de landschappelijke inpassing van de nieuwe gebouwen is zorgvuldig vormgegeven en houdt rekening met de aanwezige gebiedskenmerken zichtlijnen en de ecologische betekenis van aangrenzende percelen. De verplaatsing van de bestaande recreatiewoning naar een locatie buiten de invloedsfeer van het windpark betekent bovendien een kwalitatieve verbetering voor zowel de recreatieve beleving als voor de ruimtelijke structuur van het landgoed. ,
,
Wanneer deze kwaliteitsinvesteringen worden afgezet tegen de gevraagde ontwikkelingsruimte blijkt dat de balans positief uitvalt. De legalisatie van vier B&B-bedden en de verplaatsing van de recreatiewoning betreffen
kleinschalige gebiedsvriendelijke recreatiefuncties die passen bij de identiteit van een landgoed en geen substantiële ruimtelijke druk veroorzaken. Deze vormen van recreatie versterken bovendien de recreatieve betekenis van het landgoed en dragen bij aan de lokale economie zonder dat zij strijdig zijn met de provinciale en gemeentelijke beleidsdoelen voor rust natuurbeleving en landschappelijke kwaliteit. Gezien de omvang en kwaliteit van de investeringen in natuur hydrologie en landschap kan worden geconcludeerd dat deze beperkte recreatieve toevoegingen ruim binnen de grenzen van het KGO-balansmodel blijven. ,
,
,
,
In samenhang bezien kan worden vastgesteld dat de ontwikkeling volledig in lijn is met de KGO-systematiek en het gemeentelijke KGO-balansmodel. De maatschappelijke en ecologische meerwaarde die wordt gecreëerd , is evident en substantieel. De gevraagde recreatieve functies zijn beperkt van aard , logisch ingebed in de gebiedsontwikkeling en in evenwicht met de omvang van de kwaliteitsprestatie. Daarmee is de ontwikkeling in balans met de kwaliteitsimpuls Groene Omgeving en kan deze binnen het geldende beleidskader als
aanvaardbaar worden aangemerkt. BJZ. nu
Ruimtelijke plannen en advies 33
Landgoed Waarrecht - Haaksbergen Principeverzoek
HOOFDSTUK 5
LEEFOMGEVING ASPECTEN & PARTICIPATIE
In dit hoofdstuk wordt beschreven op welke wijze bij de activiteit rekening is gehouden met diverse aspecten van de fysieke leefomgeving en de evenwichtige toedeling van functies aan locaties. De aspecten sluiten aan op en dekken de onderdelen zoals genoemd in artikel 1. 2 Omgevingswet. Daarnaast wordt in dit hoofdstuk aangegeven hoe participatie met de omgeving plaatsvindt.
5. 1
Leefomgeving aspecten
Bij het beoordelen van de leefomgevingsaspecten zijn de in de hiernavolgende tabel opgenomen aspecten van
belang. Leefomgeving aspect
Onderbouwing en consequentie
Wegverkeerslawaai
Akoestisch onderzoek wegverkeerlawaai wordt niet noodzakelijk geacht. Het projectgebied ligt in een gebied waarbij (nagenoeg) uitsluitend sprake is van verkeersluwe wegen. Dit wordt bevestigd door de geluidskaart afkomstig van de Atlas Leefomgeving. Het zoekgebied voor de woning is met een rode cirkel aangeduid.
Redelijkerwijs kan er vanuit worden gegaan dat ter plaatse van de beoogde woningen sprake is van een aanvaardbaar woonen leefklimaat inzake het leefomgeving aspect ‘wegverkeerlawaai’. Railverkeerlawaai
Akoestisch onderzoek railverkeerlawaai is niet noodzakelijk. Het projectgebied ligt niet binnen een geluidaandacht gebied van een spoorweg.
Industrielawaai
Akoestisch onderzoek industrielawaai is niet noodzakelijk. Het projectgebied ligt niet in het invloed gebied van een gezoneerd industrieterrein.
Individuele bedrijven (geluid)
In de omgeving van de beoogde woning liggen enkele agrarische bedrijven. Het gaat in alle gevallen om grondgebonden agrarische bedrijven. De daarvoor geldende richtafstanden van 30 meter voor geluid worden in alle gevallen gehaald.
Bodem
Bodemonderzoek is op de locatie van de woning en de nieuwe locatie van de recreatiewoning nodig om aan te tonen of de milieu hygiënische staat van de bodem past bij het beoogde gebruik (wonen met tuin). Mogelijk is ook aanvullend onderzoek nodig naar asbest en PFAS. Na een positief principebesluit wordt bodemonderzoek uitgevoerd. Op voorhand worden geen onoverkomelijke belemmeringen verwacht. BJZ. nu
Ruimtelijke plannen en advies 34
Landgoed Waarrecht - Haaksbergen Principeverzoek Luchtkwaliteit
Gelet
op de aard en omvang van dit voornemen wordt geconcludeerd voornemen 'niet in betekenende mate bijdraagt' aan de luchtverontreiniging.
dat voorliggend
Omgevingsveiligheid
In de directe omgeving van het projectgebied zijn geen risicovolle functies aanwezig die van invloed zijn op voorgenomen ontwikkeling. Daarnaast ziet voorgenomen ontwikkeling niet op het toevoegen van een risicovolle functie.
Geur
Veehouderijen De dichtstbijzijnde veehouderijen liggen op ten minste 200 meter van de beoogde woningen. Het gaat in alle gevallen om grondgebonden veehouderijen. Geuronderzoek wordt daarom niet noodzakelijk geacht.
Soortenbescherming
Een Quickscan natuurwaardenonderzoek is in voorliggend geval noodzakelijk. Na positief principebesluit wordt een quickscan natuurwaardenonderzoek uitgevoerd. Aandachtspunt is de te slopen (verplaatsen) recreatiewoning. Aan te bevelen is om de ecoloog mee te laten kijken en te denken bij het totaalplan voor het landgoed. Op voorhand worden geen onoverkomelijke belemmeringen verwacht.
Gebiedsbescherming
Het projectgebied ligt grotendeels binnen het NNN. De ontwikkelingen binnen het NNN moeten in nauw overleg met de provincie afgestemd worden. Het gaat dan met name om de nieuwe gebouwen binnen het NNN. Natura 2000 – gebieden liggen deels in het projectgebied. De natuurmaatregelen dragen bij aan een positieve ontwikkeling van het Natura 2000. Wel moet in beeld worden gebracht wat de gevolgen zijn ten aanzien van de aanlegfase van de natuur. Ook de gebruiksfase (woningen en recreatie) dient onderzocht te worden.
Archeologie
De gemeente Haaksbergen heeft haar archeologie beleid vertaald in het bestemmingsplan , onderdeel uitmakend van het tijdelijk deel van het omgevingsplan. Op basis hiervan kent het projectgebied deels de dubbelbestemming ‘Waarde – Lage archeologische verwachting’ en deels de dubbelbestemming ‘Waarde – middelmatige archeologische verwachting’. Archeologisch onderzoek is nodig bij bodemingrepen groter dan respectievelijk 100. 000 m 2 (laag) en 5. 000 m 2 (middelmatig) en ingrepen dieper dan 04, m. Gelet op het vorenstaande is een archeologisch onderzoek naar verwachting niet noodzakelijk. Het aspect archeologie vormt dan ook geen belemmering voor de voorgenomen ontwikkeling.
Cultuurhistorie
De voorgenomen ontwikkeling draagt door een goede ontwikkeling van het landgoed en een passend landhuis , bij aan de cultuurhistorische waarden in de omgeving. De te verplaatsen recreatiewoning betreft geen monument.
Verkeer en parkeren
Voor de woning dienen twee parkeerplaatsen op eigen terrein te worden gerealiseerd. Voor de recreatiewoning is dit één parkeerplaats. De verkeersgeneratie kan eenvoudig afgewikkeld worden via omliggende wegen. Wel dient in dat kader goed te worden gekeken naar de ontsluiting van met name de recreatiewoning , gezien de ligging.
Waterhuishouding
Gelet op het feit dat het gaat om een fysieke ontwikkeling dient er gekeken te worden naar het aspect waterhuishouding. Bij een positief besluit op dit verzoek zal een watertoets worden uitgevoerd. Gezien het feit dat het voornemen uitgaat van het realiseren van een niet risicovolle functie worden er op voorhand geen belemmeringen verwacht. Daarnaast bieden de beoogde woonpercelen voldoende ruimte voor het realiseren van waterbergingsmaatregelen waarbij het streven is om hemelwater op eigen terrein op te vangen , vast te houden en vertraagd te infiltreren , dan wel af te voeren. Bij de uitvoering van de natuurmaatregelen is het waterschap reeds betrokken. Het is aan te bevelen deze betrokkenheid te behouden.
Trillinghinder
In de nabije omgeving is geen spoorweg aanwezig. Trillinghinder is niet aan de orde.
Gezondheid
Voor dit initiatief is in dit principeverzoek zo goed mogelijk afgewogen op welke manieren de ontwikkeling invloed kan hebben en beïnvloed wordt door omliggende activiteiten zonder dat de gezondheid van de nieuwe bewoners of de omliggende bewoners negatief wordt beïnvloed. In dit principeverzoek is dit bereikt door te onderbouwen dat bij alle relevante milieuparagrafen een evenwichtige toedeling van functies aan locaties plaatsvindt. Vanuit dit oogpunt kan geredeneerd worden dat de kwaliteit van de leefomgeving door de beoogde activiteit verbetert dan wel niet (onevenredig) verslechtert. BJZ. nu
Ruimtelijke plannen en advies 35
Landgoed Waarrecht - Haaksbergen Principeverzoek
5. 2.
Participatie
Landgoed Waarrecht is een actieve participant in de ruimtelijke processen binnen Gemeente Haaksbergen en Provincie Overijssel. Daarnaast zijn er vele lokale ondernemers en vrijwilligers die een bijdrage leveren aan het beheer en ontwikkeling van het landgoed. Ondanks dat de beoogde landgoed ontwikkelingen volledig op eigen grond kunnen plaatsvinden vindt er actieve dialoog plaats met de omgeving. Enerzijds om tot een optimale inpassing van de initiatieven te komen anderzijds om dit initiatief als een hefboom te laten functioneren voor kwaliteitsimpulsen in de nabije omgeving. Zo is Landgoed Waarrecht momenteel initiatiefnemer voor een tweetal LESA onderzoeken die landgoed overstijgend zijn en wordt er gekeken naar invasieve exotenbestrijding waarbij 5 verschillende grondeigenaren betrokken zijn. Tevens dragen we bij met gebiedskennis aan een tweetal omvormingsprojecten van naast liggende grondeigenaren. ,
,
BJZ. nu
Ruimtelijke plannen en advies 36
Landgoed Waarrecht - Haaksbergen Principeverzoek
HOOFDSTUK 6
CONCLUSIE – VERZOEK
Dit principeverzoek schetst een samenhangend pakket aan maatregelen dat Landgoed Waarrecht in staat stelt zich te ontwikkelen tot een toekomstbestendig , ecologisch waardevol en recreatief aantrekkelijk landgoed. Uit de analyse blijkt dat het huidige planologische kader onvoldoende ruimte biedt om deze ontwikkelingen te realiseren. Daarom wordt de gemeente Haaksbergen verzocht medewerking te verlenen aan een buitenplanse omgevingsplanactiviteit en aan de voorbereiding van een daaropvolgende herziening van het omgevingsplan. De voorgestelde ontwikkelingen omvatten: ●
Realisatie van nieuwe natuur waaronder bossen kruidenrijke graslanden hydrologische maatregelen en inrichting conform de provinciale bossenstrategie en verbindingszone Buurserzand– ,
,
,
Witte Veen. ●
Bouw van een landhuis dat ruimte biedt aan wonen , mantelzorg en ondergeschikte recreatieve en
landgoedgerelateerde functies. ●
Realisatie van beheergebouwen (werkschuur en twee houtschuren) ten behoeve en natuurbeheer en de productie van duurzame bouwmaterialen.
van duurzaam bos-
●
Verplaatsing van de recreatiewoning naar een locatie buiten de geluidsinvloed van het beoogde Windpark Oude Buurserdijk inclusief sloop van de bestaande opstal. ,
Deze ontwikkelingen leveren een substantiële bijdrage aan: ●
ecologische versterking en robuustere natuurverbindingen ;
●
klimaatbestendige en toekomstgerichte waterhuishouding ;
●
versterking van de recreatieve kwaliteit van het buitengebied ;
●
duurzame bedrijfsvoering en beheercontinuïteit van het landgoed ;
●
landschappelijke kwaliteit en cultuurhistorische waarden.
Op basis van de beleidskaders van gemeente en provincie
– waaronder de regeling Nieuwe Landgoederen , de regionale spelregels voor Zuidwest-Twente en het gemeentelijk KGO-beleid – kan worden geconcludeerd dat de voorgestelde ontwikkeling passend is , voldoet aan de gestelde voorwaarden en leidt tot aantoonbare kwaliteitsverbetering van het buitengebied.
Daarom verzoeken initiatiefnemers de gemeente Haaksbergen om: 1.
positief te besluiten op dit principeverzoek
2.
medewerking te verlenen aan het vervolgproces richting een buitenplanse omgevingsplanactiviteit
,
,
en
3.
gezamenlijk te komen tot een herziening van het omgevingsplan waarin het integrale ontwikkelperspectief voor Landgoed Waarrecht planologisch wordt geborgd.
Met deze stappen kan het landgoed zich ontwikkelen tot een robuuste , duurzame en maatschappelijk
waardevolle eenheid binnen het landschap van Haaksbergen.
BJZ. nu
Ruimtelijke plannen en advies 37