CConstaterende datHaaksbergen
Koppel je AI →
Document · PDF

Omgevingsanalyse Wonen en Zorg in Haaksbergen

Gemeenteraad 27 maart 2024, gemeente HaaksbergenBij agendapunt: Raadsvoorstel Woonzorgvisie11.326 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

In 2020 meldde CBRE dat er minstens 1.000 nieuwe locaties nodig zijn voor zorgvastgoed (NB: willen en beschikbaar krijgen, zijn overigens twee verschillende zaken). • Tegelijkertijd is momenteel sprake van enorm stijgende bouwkosten, wat woningcorporaties en zorgorganisaties voor grote dilemma’s stelt. Interessante vraag is of belegger ook dit jaar nog steeds nieuwe bouwinvesteringen aangaan? • Ouderen die willen verhuizen en een huis willen huren, kunnen dat niet altijd omdat zij hun huis niet kunnen verkopen (zeer afhankelijk per regio en prijsklasse).

Sociaal • Ouderenbond ANBO geeft in een interview op Skipr (2019) aan dat een kwart van de ouderen op dit moment willen verhuizen. Nog eens tien procent denkt aan verhuizen op een later moment. De groep die wil verhuizen is de afgelopen jaren gegroeid. Dit blijkt ook uit eerdere cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) dat het aantal 65-plussers dat wilde verhuizen steeg van 6 procent in 2009 naar 16 procent in 2015. • Ouderen lijken ook in toenemende mate behoefte te hebben aan andere woonvormen. "De 60-plussers met een verhuisbehoefte staan in verrassend hoge mate open voor een vorm van meer gemeenschappelijk wonen", zegt ANBO Slechts 20 procent van de ondervraagden zegt 'nee' op de vraag of ze dat ooit willen. De grootste groep (ruim 55 procent) zegt 'ja, onder voorwaarden': van zelfstandigheid, van gelijkgestemdheid, van privacy of van vrijheid. Een goede en passende woning cruciaal is voor een goede kwaliteit van leven. Technologisch • De technologische ontwikkelingen gaan zeer hard. Denk onder meer aan e-commerce, toezicht of zorgverlening op afstand en de opkomst van woonhuistechnologie.

Deze producten en diensten zullen enerzijds de zorg vervangen (substitutie), anderzijds huidige zorgproducten efficiënter maken en in veel gevallen de kwaliteit van dienstverlening verbeteren en/of de cliënt ertoe bijdragen dat de cliënt langer zijn zelfstandigheid en regie behouden. • Ook de ontwikkelingen wat betreft de medische technologie blijven doorgaan. Ziektes worden veel eerder ontdekt. Nieuwe bloedtests zouden veel vormen van kanker vroegtijdig kunnen detecteren, waardoor de kans op genezing beter is. Ook nemen overlevingskansen toe door nieuwe behandelmethoden. Naast dat bijvoorbeeld tumoren door technologie beter zichtbaar zijn, zijn zij ook makkelijker verwijderbaar. Dezelfde ontwikkelingen doen zich ook voor bij andere aandoeningen, waaronder alzheimer (hoewel dat laatste veel onzekerder is hoe dat zich naar de toekomst ontwikkelt). Ecologisch/Duurzaam • Er is een toenemend bewustzijn op het gebied van duurzaamheid en aandacht voor de kwaliteit van de leefomgeving. Een prettige groene, veilige en leefbare woonomgeving ondersteunt betrokkenheid en sociale cohesie in de buurt. Wanneer de leefomgeving een prettige verblijfplaats is, stimuleert dit spontane ontmoetingen tussen buurtbewoners die noodzakelijk zijn om sociale cohesie te creëren. Ook ondersteunt het de zelfredzaamheid van ouderen wanneer zij zich veilig voelen op straat en in hun buurt.

• Steeds meer zorgorganisaties nemen, vanwege hun maatschappelijke taak in combinatie met stijgende energieprijzen, duurzaamheid mee in hun uitgangspunten. Dat doen ze bij verbouw- of nieuwbouwprojecten maar óók in hun bedrijfsvoering. Deze initiatieven sluiten goed aan bij het klimaatakkoord van Parijs en tevens bij de Green Deal Zorg 2.0 die in oktober 2018 is gesloten. Koepelorganisatie van de zorg, ActiZ, heeft samen met VGN en GGZ-Nederland gepresenteerd hoe door de branches tegen de Green Deal aankijken. o De branches zijn gecommitteerd aan de (inter)nationale ambitie; niet als resultaatsverplichting, maar nadrukkelijk wel als inspanningsverplichting. De nationale verplichting qua CO2 reductie kan niet zonder meer 1 op 1 overgenomen worden omdat in zorggebouwen een andere energie/warmte behoefte is, extra energievretende technologie gebruikt wordt en bovendien leveringszekerheid is vereist. o Belangrijkste boodschap was: sluit aan op de natuurlijke momenten van vervangende nieuwbouw of grootschalige renovatie. • Al het vastgoed verduurzamen is te begrotelijk voor de sector. Dat is ook niet altijd nodig, zo blijkt uit een marktverkenning van HEVO in opdracht van ABN AMRO. Door selectieve verduurzaming moet het ook mogelijk zijn dat zorgorganisaties de transitiedoelstellingen halen. Al vereist ook dat focus en ambitie.

Dat dit haalbaar moet zijn, blijkt echter ook uit de interessante artikelenreeks van het (voormalig) Kenniscentrum Wonen Zorg. Inspiratie kan worden gehaald uit de mooie praktijkvoorbeelden. Er zijn voorbeelden van zowel nieuwbouw, echter ook mooie alternatieven als het gaat om verduurzaming bij bestaande bouw. Politiek/financiering/ruimtelijk De politiek is de afgelopen jaren druk geweest met het transformeren van de verzorgingsstaat naar het sociaal domein dat vooral lokaal vorm en inhoud moet krijgen. Naast afbouw van de Wet Langdurige zorg vindt er vanuit

31

32

het kabinet tegelijkertijd een nieuwe kwaliteitsimpuls plaat, denk aan de vernieuwing binnen de verpleeghuiszorg en de aandacht voor ouderen thuis. De gevolgen worden hieronder toegelicht. • Al 20 jaar terug werd er gepleit voor het scheiden van wonen en zorg. Het voormalige en huidige kabinet heeft hier fors op ingezet Dat heeft grote consequenties omdat daarmee de zorgzwaartepakketten ZZP 1t/m 3 (en een groot deel van ZZP 4) geen recht meer hebben op verblijf in een intramurale instelling. Daarmee vervalt een stuk marktzekerheid voor zorgorganisaties. • Per 1 januari 2018 is de Normatieve Huisvestingscomponent (NHC) als integraal onderdeel opgenomen in de zzp-tarieven. De NZa maakt op dit moment nog wel onderscheid tussen de diverse onderdelen van het zzp-tarief (waaronder de NHC). Naar de toekomst wordt de NHC wel betrokken in de onderhandelingen met de zorgkantoren. Dan zal op een flinke neerwaartse bijstelling van het declarabele tarief moeten worden gerekend. • Ook verdere extramuralisering blijft een onzekere factor. Dit betreft het verder doorvoeren van het scheiden van wonen en zorg. De kans is nog steeds aanwezig dat ook de hogere zorgwaartepakketten namelijk worden geëxtramuraliseerd. Deze maatregel zal naar verwachting ook consequenties hebben voor de NHC-tarieven voor de blijvende indicaties.

Volgens verwachting komen de NHC-tarieven dichter bij een marktconforme huur te liggen, wellicht rond de aftoppingsgrens (619.01 euro per 2020). Toepassing van opslagen voor duurzaamheid, gemeenschappelijke ruimte en de hogere eisen die gesteld worden vanuit het Bouwbesluit (waaronder installaties en brandveiligheid) voor het huisvesten van minder zelfredzame personen, ligt binnen de verwachting. De verhoging van de tarieven voor de verduurzaming blijft echter onzeker. Het is wel zeker dat het een verhoging betreft. • De toenemende bezuinigingen van de overheid in de Wet Langdurige Zorg (Wlz) maakt dat er geen of beperkt vergoedingen meer zijn vanuit de landelijke overheid voor zorginfrastructuur. Er ontstaan ‘grijze gebieden’ waar geen enkele organisatie of gemeente formeel verantwoordelijk voor is, terwijl bepaalde voorzieningen wel belangrijk zijn om langer zelfstandig wonen mogelijk te maken. Er zal daarom creatief moeten worden omgegaan met diverse financieringsstromen (Wlz, zorgverzekeraar, Wmo, eigen bijdragen) en steeds vaker gezocht moeten worden naar slimme constructies in samenwerking (tussen zorgorganisaties, woningcorporaties en welzijnsorganisaties). • Het kabinet heeft met verschillende programma’s en actieplannen de ouderenzorg ferm op de agenda gezet. Zo heeft VWS voor de komende jaren extra middelen voor de verpleeghuiszorg beschikbaar gesteld.

Voor de implementatie van het kwaliteitskader is in totaal € 2,1 miljard beschikbaar. Ook de wijkverpleging heeft een eigen kwaliteitskader. • Daarnaast is er nu ook het programma Langer Thuis dat ervoor zorgt dat ouderen ook in de thuissituatie de juiste zorg krijgen en moet een nieuwe campagne in 2019 leiden tot een herwaardering van het ouder worden. Op 1 november 2018 heeft ActiZ zich bestuurlijk verbonden aan het dit plan dat door 21 landelijke partijen wordt gedragen. • Nieuwe initiatieven, zoals ook van bijvoorbeeld bewonersinitiatieven en sociale ondernemers, komen vaak moeilijk van de grond. In de meeste gevallen komt dat doordat ze de financiering niet rond krijgen. Banken, pensioenfondsen en andere investeerders staan niet te springen om geld in nieuwe woonvormen voor ouderen te steken. Zeker niet als het gaat om woningen voor ouderen met lagere en middeninkomens. Ze vinden de risico’s te groot en schatten in dat het rendement te laag is. Met de nieuwe stimuleringsregeling waarbij in 2019 164 miljoen beschikbaar is gekomen, kunnen de risico’s worden afgedekt waar de markt voor terugschrikt. • Bij de realisatie van geschikte woningen/appartementen zoeken zorgorganisaties steeds vaker de samenwerking met woningcorporaties. Sinds de nieuwe woningwet in 2015 zijn de regels voor woningcorporaties fors aangescherpt.

Voor woningcorporaties is bepaald dat minimaal 90% van de vrijkomende huurwoningen met een maandhuur onder de huurtoeslaggrens toegewezen moet worden aan de primaire doelgroep. Deze regelgeving geldt in principe ook voor zorgwoningen 2 (als deze in eigendom is van de corporatie). Bij mensen die recht hebben op huurtoeslag moeten woningcorporaties in 95% van de situaties ‘passend toewijzen’. Aan deze doelgroep mag niet meer gevraagd worden dan 619.01 euro. • De toename van de ondernemingsrisico's resulteert in een kritischere opstelling van kredietverstrekkers. Een gedegen businessplan zal steeds meer noodzakelijk zijn voor het aantrekken van toekomstige financiering en ook de eisen ten aanzien van de solvabiliteit zullen opwaarts worden bijgesteld. Een solvabiliteitseis van 20% is niet ongebruikelijk. Het sturen op kasstromen is een andere consequentie die onontkoombaar is. Het toegenomen risico zal tevens leiden tot hogere rentelasten. 2

Bij de evaluatie van de woningwet zou worden voorgesteld deze regels m.b.t. inkomenstoewijzing in mindere mate of niet voor zorgwoningen te laten gelden. Er zijn echter nog veel vragen over de uitvoerbaarheid.

•

•

•

•

•

Er zijn geluiden (van onder meer minister de Jonge) om de marktwerking wat meer in te perken. Minister de Jonge pleit in een artikel van Trouw nieuwe zorgaanbieders strenger te willen controleren en hij wil in elke wijk een herkenbaar team van wijkverpleegkundigen, waarbij de zorg niet meer per uur wordt gefinancierd. Ook het eerdergenoemde kabinetsprogramma ‘Langer Thuis’ pleit ervoor om op wijkniveau als één team rondom de oudere samen te werken. Via het programma Langdurige Zorg en Ondersteuning van ZonMw stelt VWS de komende jaren 3 miljoen euro per jaar beschikbaar om netwerken integrale ondersteuning en zorg voor ouderen te faciliteren, door te ontwikkelen en te borgen. De ligduur in ziekenhuizen is de afgelopen jaren decennia fors teruggelopen. Zilveren Kruis bijvoorbeeld zet vol in op krimp van het aantal ziekenhuizen. (zorgvisie 8 okt 2018). Daarbij is recent sprake van een trendbreuk: het aantal ziekenhuisopnames is voor het eerst gedaald. Ook worden steeds meer taken vanuit de tweedelijnszorg overgedragen naar de eerstelijns zorg (en van de eerstelijns weer naar de nuldelijnszorg). Laatst werd al een keer een balletje opgegooid om het meten van cholesterol mogelijk te maken bij de bibliotheek of de sportschool. Mede als gevolg van voorgaande en omdat mensen daadwerkelijk langer thuis blijven wonen is er steeds meer behoefte aan ‘tussenvoorzieningen’.

Er is steeds meer behoefte aan plaatsen waar mensen tijdelijk kunnen herstellen na een ziekenhuisopname. Ook komt het geregeld voor dat het thuis, tijdelijk, niet meer gaat. Het gaat in de kern om mensen die tijdelijk zorg met verblijf nodig hebben. Van oudsher hebben zorgorganisaties veel ervaring met kortdurende opnames, logeeropnames of spoedopnames. Naast tijdelijk verblijf neemt ook de behoefte toe aan diverse vormen van dagbesteding (van licht tot zwaar). Er is echter wel een vraag om herbezinning op dagbesteding. Dit geluid is niet eerder zo luid te horen geweest als nu. Meedoen naar vermogen, meer eigen regie, integraal deel uitmaken van de samenleving en maatwerk zijn leidraad geworden. Tot slot komt de aandacht voor preventie, waar al jarenlang het belang van in wordt gezien, nu daadwerkelijk van de grond. Landelijk is er met 70 partijen afgelopen jaar een preventie-akkoord ondertekend. Buurtzorg Nederland en zorgverzekeraar Menzis hebben bijvoorbeeld een meerjarencontract van 150 à 200 miljoen euro getekend. De looptijd is drie jaar. Ze gaan samen inzetten op preventie, e-health, buurtnetwerken en zelfredzaamheid.

33

Bijlage 2. 10 trends die de geestelijke gezondheidszorg in 2020 ingrijpend veranderen De voorgaande bijlage bevatte hoofdzakelijk de belangrijkste trends en ontwikkelingen binnen de ouderenzorg. De ontwikkelingen in andere zorgsectoren binnen langdurig verblijf staan echter ook niet stil. Met name binnen de Geestelijke Gezondheidszorg is door de ambulantisering nog sprake van forse ontwikkelingen. Een beeld van de belangrijke ontwikkelingen in deze sector: ’10 trends die de geestelijke gezondheidszorg in 2020 ingrijpend veranderen’ van Wortell.

34

1. Meer mensen doen een beroep op de ggz: Vanwege de bevolkingsgroei zullen er in absolute aantallen meer gevallen voorkomen van angst- en stemmingsstoornissen. Tegelijk zorgt de ouder wordende bevolking voor een toename van complexe problematiek en dementie. De verwachting is dat daardoor ook de zorgvraag in de geestelijke gezondheidszorg toeneemt. Verder zien we ook een groeiend beroep op de ggz door mensen met een migratieachtergrond en een zorgvraag van jongeren. Angst- en stemmingsstoornissen en burn-out-klachten komen vaker voor vanwege prestatiedruk. 2. Minder bedden, meer ambulante hulp: Preventie vanuit huisartsen en verdere ambulantisering moet zorgen dat het aantal (zwaardere) opnames in instellingen vermindert. Hierdoor komen alleen de zwaarste gevallen in de klinische zorg terecht waardoor de vraag naar hoger opgeleide professionals (niveau 6) stijgt. Er komt steeds meer op de schouders van ambulante zorg en de intramurale zorg wordt zwaarder. 3. Langere wachttijden, meer verwarde mensen op straat: De behandelcapaciteit kan de toenemende zorgvraag, en het afnemende aantal bedden niet bijbenen. De gevolgen zijn lange wachttijden, meer verwarde personen op straat, crisismeldingen en dwangopnames. 4. Betere samenwerking binnen de keten nodig De politie meldde in 2017 een recordaantal incidenten met verwarde personen.

We zien ook een stijging van het aantal het aantal acute opnames onder dwang. Tegelijk blijkt de zorg voor mensen in een psychische crisis niet toegankelijk genoeg omdat ze niet het juiste loket vinden, te lang op de juiste zorg moeten wachten of onvoldoende zorg krijgen. Een kwetsbare groep valt hierdoor tussen wal en het schip. Ggz-organisaties zullen daarom meer samenwerkingen aangaan met gemeenten, huisartsen, welzijn en sociaal werk, en het informele netwerk van cliënten. In de samenwerking en vroegsignalering spelen sociale wijkteams een belangrijke rol. 5. Nieuw: Wet verplichte ggz in 2020: Een belangrijke verandering is dat verplichte zorg ook buiten een GGZ-instelling opgelegd kan worden. In de Wvggz staat dat de cliënt voldoende invloed moet hebben tijdens de hele periode van verplichte zorg. 6. Meer regie en zelfredzaamheid: Zoals we in de gehele gezondheidszorg zien, moeten cliënten zoveel mogelijk de regie over hun leven krijgen en meer en sneller deel moeten kunnen nemen aan de samenleving. Dat betekent dat ggz-organisaties steeds meer werken vanuit een visie die gericht is op herstel. 7. Nieuwe soorten woonvormen: Mensen met psychiatrische aandoeningen blijven steeds vaker in wijken wonen. Allerlei woonvormen worden inmiddels toegepast. 8. Eenvoudiger financiering vanuit toegevoegde waarde: Zorg is effectiever als deze in samenhang en op maat wordt aangeboden.

De financiering van de Nederlandse ggz is complex. Maar liefst 6 wetten, gemeenten, zorgverzekeraars, zorgkantoren en justitie zijn hierbij betrokken. 9. Nijpend tekort aan ggz-personeel 10.Big data, robots en digitale pillen: De zorgkosten rijzen de pan uit en het personeel is schaars. Digitale technologie kan de kwaliteit van de zorg doen stijgen en tegelijk de kosten beteugelen. Daarom wordt e-health op steeds grotere schaal toegepast. Nederland is bijvoorbeeld koploper in anonieme e-health. Technologie en sensoren in huis vergroten de zelfstandigheid van cliënten.

Virtual reality vergroot de effectiviteit van behandelingen van PTSS, psychoses en angststoornissen. Ook maakt domotica een woonruimte slim en empathisch. Slimme software helpt ook bij het stellen van diagnoses door patronen te herkennen. Het programma ziet psychiatrische terugval aankomen, voordat een cliënt dit in de gaten heeft. Gebruik van (big) data helpt daarmee de effectiviteit van behandelingen en maatwerk. Tegelijk worden cliënten zelfstandiger als ze zichzelf kunnen monitoren via bijvoorbeeld smartwatches en apps. Als allerlei gegevens automatisch in dossiers worden opgeslagen, kan dit enerzijds zorg op afstand vergemakkelijken en de administratieve druk verlagen. Link: https://www.wortell.nl/media/Trendrapport-GGZ.pdf

35

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13868865/1